Gemeente Steenwijkerland - Jaarrekening 2025 - t.b.v. Raadsbehandeling 16-06-2026
Tekst van het document
34 Begraafplaatsen en crematoria Op dit grootboek is sprake van een nadelig saldo van € 60.000. Dit saldo bestaat uit een nadeel van € 101.000 op de inkomsten en een voordeel op de uitgaven van € 41.000. De inkomsten zijn altijd lastig in te schatten. Ook verlengingen spelen hierbij een rol. Aan de uitgavenkant komt het voordeel doordat er minder is uitgegeven aan de opwaardering van de begraafplaatsen voor € 21.000 en € 21.000 minder aan groenonderhoud. Waarvan incidenteel gerealiseerd De richtlijnen schrijven voor dat in de rekening de incidentele baten en lasten moeten worden toegelicht. Deze hebben betrekking op voorzienbare en onverwachte gebeurtenissen en besluiten. In dit programma hebben deze op hoofdlijnen betrekking op: o Investeringen met een dekking uit reserves die, op grond van de regelgeving, via de exploitatie worden verantwoord (o.a. eenmalige kosten Integraal Huisvestingsplan (IHP), opwaarderen openbare ruimte, verkeersveiligheid Tukseweg, museum Steenwijk, eenmalig e lasten Dalzicht en de Burght, Vitaliteitsfonds, opwaardering begraafplaatsen etc.) tot een bedrag van per saldo € 2.059.000 o Een storting in de reserve Kernenbeleid en sport en bewegen in de algemene reserve van € 3.000 en € 68.000.
35 2.7 Financiën en dienstverlening De lasten en baten van het programma Financiën en dienstverlening11: De belangrijkste verschillen tussen de realisatie en de raming na wijziging zijn: Bestuur Dit taakveld bestaat uit de onderdelen raad en commissies, burgemeester en wethouders, representatie, bestuurlijke samenwerking, bestuursondersteuning raad (griffie) en rekenkamer. Het financiële nadeel in de rekening omvat € 874.000 en bestaat uit 4 onderdelen: 1. Pensioenoverdracht bestuurders In december 2025 zijn wij geïnformeerd over de omvang van de voorziening pensioenoverdracht. Voor de berekeningen van de omvang van de voorziening wordt gebruikgemaakt van de meest recente overlevingstabel (GBM / GBV 2018 -2023 met leeftijdsterugstelling) v an het Actuarieel Genootschap en de actuele renteontwikkelingen. De (in december gepubliceerde) rekenrente is evenals bij andere pensioen - instellingen gedaald naar 2,954% (2024: 2,325%). 11 De actuele begroting is ten opzichte van de primitieve begroting in alle programma’s hoger op zowel de baten en lasten als de mutaties in de reserves. Dit wordt veroorzaakt door nieuwe besluiten van de raad, maar met name door de restantkredieten zoals in de jaarrekening 2023 in bijlage 7 zijn opgenomen en omdat het rekeningresultaat 2023 via dit programma is verwerkt.
36 Op grond van de Algemene pensioenwet APPA -regeling hebben bestuurders de mogelijkheid om pensioenverplichtingen over te brengen naar een ander pensioenfonds. Doen zij dit niet dan betaalt de gemeente het pensioen. Wanneer wordt overgestapt naar een ander pensioenfonds, dan is een afkoopsom verschuldigd. Deze afkoopsom wordt berekend op bovenvermelde rekenmethode. Omdat de rekenrente ten opzichte van 2024 is gestegen is ter dekking van de pensioenverplichtingen op termijn een lagere voorziening nodig. Over 2024 was door dalende rente echter sprake van € 200.000 dat ten laste van de jaarrekening 2024 kwam. Over het jaar 2025 heeft echter flinke een dotatie plaatsgevonden van ruim € 418.000, vanwege de aanstaande overgang van wethouderspensioenen naar het ABP per 1 januari 2028 , waardoor wordt aangesloten op het advies van BZK. 2. Voorziening wachtgeld voormalige bestuurders Door een loonstijging, verlenging en een additionele deelnemer is er een extra storting in de voorziening van € 626.000 benodigd. 3. Betaling pensioenen voormalige bestuurders Voor pensioenbetalingen geldt hetzelfde regime als bij pensioenoverdracht. Ook hierbij wordt gebruikgemaakt van een extern opgemaakte berekening die is gebaseerd op de meest recente overlevingstabel van het Actuarieel Genootschap en de stand van bovenverme lde rekenrente.
Evenals bij de pensioenoverdracht zorgt de rekenrente voor een eenmalig financieel voordeel. Echter zorgt de dotatie van ruim € 1,4 miljoen ten behoeve van de pensioenoverdracht naar ABP per 1 januari 2028 waarmee wordt aangesloten op het advies van BZK, voor een nadeel in de rekening. 4. Personeelslasten / Fractievergoedingen De rekening presenteert een voordeel van € 30.000 Deze bestaat voor € 17.000 uit een voordeel personeelskosten burgemeesters en wethouders. De overige 13.000 betreft een voordelig saldo op fractievergoedingen. Op de personeelslasten gemeenteraad is sprake van een negatief saldo van € 29.000, waarvan € 9.000 door extra sfeer verbeterende maatregelen en € 20.000 vergoedingen raadsleden en voorzitter algemeen. Wet Normering Topinkomens (WNT) Per 1 januari 2013 is de Wet Normering bezoldiging Topfunctionarissen publieke - en semipublieke sector (WNT) ingegaan. Deze verantwoording is opgesteld op basis van de volgende op de gemeente Steenwijkerland van toepassing zijnde regelgeving: het algemene WNT-maximum. Het bezoldigingsmaximum in 2025 voor de gemeente Steenwijkerland is € 246.000 (2024 € 233.000). Het weergegeven individuele WNT -maximum is berekend naar rato van de omvang (en voor topfunctionarissen ook de duur) van het dienstverband, waarbij voor de bere kening de omvang van het dienstverband nooit groter kan zijn dan 1 fte.
Bezoldiging topfunctionarissen Onder topfunctionarissen worden verstaan: “Leidinggevende topfunctionarissen met dienstbetrekking en leidinggevende topfunctionarissen zonder dienstbetrekking vanaf de 13e maand van de functievervulling en ook degenen die op grond van hun voormalige functi e nog 4 jaar als topfunctionaris worden aangemerkt.” 37 Overige rapportageverplichtingen op grond van de WNT Naast de hierboven vermelde topfunctionarissen zijn er geen overige functionarissen met een dienstbetrekking die in 2025 een bezoldiging boven het individueel toepasselijke drempelbedrag hebben ontvangen. Burgerzaken Het saldo op het taakveld burgerzaken bedraagt € 47.000 negatief. De lasten en inkomsten uit leges voor gezondheidsverklaringen en persoonsdocumenten hebben per saldo een negatieve invloed van € 15.000. De kosten voor de verkiezingen vallen per saldo € 32.000 hoger uit. De reden hiervoor is dat er meer presentiegelden zijn betaald als gevolg van het werken in 2 diensten in plaats van 1. Er waren daarom meer vrijwilligers nodig, tegelijkertijd leidt dit ook tot hogere uitgaven voor vorming en opleiding. Beheer overige gebouwen en gronden Op dit taakveld is sprake van € 20.000 voordeel. Bij de huisartsen in Giethoorn zit een eenmalig nadeel van € 58.000 omdat er eenmalig extra diende te worden afgeschreven. Elders zijn voordelen ontstaan die groter zijn dan dit nadeel.
Grootste voordeel is een voordeel op de kosten voor onderhoud gemeentewerf. Hier was eenmalig extra budget voor aangevraagd van € 95.000, maar de kosten zijn elders geboekt. Daarnaast zijn er nog kleinere nadelen voor € 17.000.
38 Overhead De overhead bestaat uit een drietal onderdelen te weten externe communicatie, huisvesting en bedrijfsvoering. Het saldo van de post overhead 2025 sluit met een positief saldo van € 1.143.000 en is als volgt te specificeren: Het voordeel van € 37.000 op externe communicatie komt voornamelijk door een voordeling uitgevallen contract voor externe publicaties. Het nadeel van € 70.000 op huisvesting wordt met name veroorzaakt door een duurder geworden servicecontract voor het gemeentehuis. De bedrijfsvoering laat per saldo een voordeel van € 1.110.000 zien. Het voordeel op lonen/spaarverlof-RVU/(ver)koop verlof/uitkeringen/prestatiecontract/inhuur bestaat uit de volgende onderdelen: - Loonkosten van € 288.000, een afwijking van circa 0,7% op de totale loonsom; - (ver)koop van verlofuren van € 88.000. Medewerkers hebben de mogelijkheid uren te kopen of te verkopen. Hier ontstaat een voordeel t.o.v. hetgeen rekening mee is gehouden; - Uitkeringen vanwege ziekte en zwangerschappen van € 218.000. Dit is op voorhand lastig in te schatten. Binnen de begroting wordt rekening gehouden met de gemiddelden van afgelopen jaren. Ten opzichte hiervan heeft zich een voordeel voorgedaan. - Een voordeel op het prestatiecontract van € 93.000, met name omdat voor een subsidiabel project uren mochten worden opgevoerd.
- Een nadeel op het spaarverlof/RVU van € 94.000 doordat er meer gestort diende te worden dan waar in de begroting rekening mee was gehouden. Ten aanzien van het spaarverlof was er sprake van een nadeel. Ten aanzien van de RVU was er sprake van een voordeel.
39 Het voordeel van € 313.000 op diensten voor derden is als volgt opgebouwd: Doorbelaste personele lasten van € 220.000 voor de brede spuk-regeling GALA. Dit is het subsidieproject Gezond Actief Leven Akkoord. Doorberekende personele lasten van € 93.000 aan de Gemeente Zwolle in verband met werkzaamheden voor het Regionaal Meld- en Coördinatie (RMC). Voor de afwikkeling van de kwestie rondom Joodse eigendommen is het geld binnen de bedrijfsvoering beschikbaar gesteld. Dit is ultimo boekjaar nog niet afgewikkeld. Het geld blijft dus over in de rekening, maar zal in 2026 alsnog worden ingezet. De kapitaallasten voor tractie en ICT zijn € 122.000 voordelig. Binnen een ander taakveld was reeds rekening gehouden met dit voordeel. Dit voordeel is conform de verwachting. Wel is hier in 2025 een inhaalslag gemaakt. Daarnaast zijn er nog overige voordelen voor in totaal € 64.000. Treasury Het resultaat op het taakveld treasury bedraagt € 70.000 positief. Deze bestaat voornamelijk uit een positief renteresultaat van € 69.000, overeenkomstig onderstaand renteschema. Rente Ingaande 2025 zijn de rentepercentages van de grondexploitatie en overig gemeentelijke investeringen verplicht aan elkaar gelijkgesteld. In de rekening 2025 is het rentepercentage, zoals besloten naar aanleiding van de perspectiefnota 2025 - 2029, 0,6% voor zowel de grondexploitatie en de algemene dienst gehanteerd.
40 Onroerende zaakbelastingen woningen / niet woningen / overige belastingen Er is sprake van een afwijking op de OZB en overige belastingen van € 336.000. Op de OZB voor woningen zit per saldo een voordeel van € 131.000. Dit voordeel bestaat uit een voordeel op de inkomsten van € 123.000 en een voordeel op de lasten voor uitvoering van de wet WOZ van € 8.000. Op de OZB voor niet woningen zit een voordeel van € 211.000. Op het gebruikersonderdeel zit een voordeel van € 81.000 en op het eigenaarsdeel € 130.000. In het kader van de wet WOZ zijn alle recreatiebedrijven in 2025 bezocht, opnieuw geïnventariseerd en g ewaardeerd. Hierdoor hebben de betreffende niet -woningen hogere WOZ-waarden gekregen. Op overige belastingen zit nog een nadeel van € 6.000. Algemene uitkering Op het taakveld Algemene uitkeringen en overige uitkeringen gemeentefonds is sprake van een positief saldo van € 934.000 ten opzichte van de actuele begroting tot en met de najaarsnota. In de primitieve begroting werd uitgegaan van € 110 miljoen aan rijksmiddelen. Gedurende het jaar is dit bedrag in totaal ruim € 8 miljoen bijgesteld in de P erspectiefnota en Najaarsnota, vooral als gevolg van de september- en decembercirculaire 2024 en de mei - en septembercirculaire 2025. Hierdoor kwam het actuele begrotingsbedrag uit op € 118 miljoen.
De werkelijke inkomsten uit het gemeentefonds bedragen uiteindelijk bijna € 119 miljoen, wat resulteert in een voordeel van € 934.000 ten opzichte van de actuele begroting. Dit wordt hoofdzakelijk verklaard door de financiële effecten van de decembercirculaire 2025 van € 700.000 en een positieve verrekening en over 2023-2025 van per saldo € 190.000. Door de ontwikkeling van de WOZ-waarden per 1 januari 2024 (peildatum 1 januari 2024) verwachten wij over 2025 een nog te ontvangen bedrag van € 65.000, welke in 2026 wordt uitbetaald. Over 2024 verwachten wij in 2026 nog € 25.000 af te rekenen. Ten opzichte van de primitieve begroting liggen de uiteindelijke inkomsten daarmee ruim € 8,9 miljoen hoger, wat een substantieel deel vormt van het positieve rekeningsaldo 2025. Overige baten en lasten (onvoorzien) Op dit taakveld is een negatief saldo van € 552.000 gerealiseerd. Er is een voordeel door een vrijval van € 226.000 van de voorziening dubieuze debiteuren. Er is een nadeel van €796.000 doordat hier nog kapitaallasten staan geraamd voor niet of later gerealiseerde investeringen. De werkelijke voordelen ten gevolge hiervan zijn zichtbaar op andere taakvelden. Deze voordelen bedragen afgerond € 500.000. In 2025 zijn meer uitgaven gedaan ten laste van investeringen ten opzichte van voorgaande jaren. De vrijval is dan ook minder dan ten opzichte van voorgaande jaren.
Daarnaast zijn er nog overige voordelen van € 18.000 . Economische promotie Dit taakveld bestaat uit forensen- en toeristenbelasting. Op dit taakveld is een negatief saldo van € 228.000 gerealiseerd.
41 In elke jaarrekening wordt een schatting opgenomen voor de te verwachten opbrengsten forensen - en toeristenbelasting over het afgelopen jaar 12. Dit is niet anders dan ander e jaren. De schatting over 2025 hebben wij gebaseerd op het niveau van 2024. Op het onderdeel forensenbelasting is een voordeel ontstaan van € 16.000. Het nadeel van € 212.000 op het onderdeel toeristenbelasting komt met name door een vermindering over voorgaande jaren. Naar aanleiding van een bezwaarschrift was het noodzakelijk een aantal aanslagen te herzien. Waarvan incidenteel gerealiseerd De richtlijnen schrijven voor dat in de rekening de incidentele baten en lasten moeten worden toegelicht. Deze hebben betrekking op voorzienbare en onverwachte gebeurtenissen en besluiten. In dit programma hebben deze op hoofdlijnen betrekking op: o Investeringen met een dekking uit reserves die, op grond van de regelgeving, via de exploitatie worden verantwoord (o.a. informatiebeveiliging, gestructureerde data, personele uitgaven kwartiermaker woningbouw, actieplan werkt, handhaving en schuldhulpverlening, corona , gedragsdeskundige, verwerking van de jaarstukken 2024 en de nota reserves en voorzieningen vaste buffer etc.) tot een bedrag van per saldo € 2,512 miljoen.
o Vrijval van de voorziening dubieuze debiteuren van € 292.000 o Dotatie van de voorziening overdracht pensioenen wethouders € 1.842.000 o Dotatie in de voorziening wachtgeld van € 626.000 o Storting in de algemene reserve vaste buffer van € 1.059.000. o Storting in de algemene reserve van € 2.000.000. o Verwerking van het jaarrekeningresultaat 2024 van € 6,4 miljoen en een onttrekking van € 150.000 uit de algemene reserve vaste buffer ten gunste van de algemene reserve vrij besteedbaar. 12 De aanslagen over 2024 worden na opgave in 2025 opgelegd.
42 2.8 Grondexploitaties De grondexploitaties zijn formeel ondergebracht onder het programma “Woningbouw” en “Werk en Economie”. Evenals in de begroting wordt, gezien het belang en impact van de grondexploitaties, in deze paragraaf afzonderlijk verantwoording afgelegd over het gevoerde beleid. In de jaarlijkse planning- & control cyclus van de gemeente Steenwijkerland worden de grondexploitaties twee keer per jaar herzien, bij de jaarrekening en de programmabegroting. Begin 2026 zijn alle lopende grondexploitaties (Bouwgrond In Exploitatie) herzien in het kader van de jaarrekening 2025. 2.8.1 Ontwikkelingen Grondexploitaties In deze paragraaf wordt ingegaan op de actuele markt - en beleidsontwikkelingen in relatie tot de grondexploitaties van de gemeente Steenwijkerland. Marktontwikkelingen In onderstaand tabel zijn de gerealiseerde grondverkopen in 2025 afgezet tegen de prognose uit de begroting. Over het boekjaar zijn minder particuliere kavels verkocht (15) dan verwacht (61). Voor bedrijventerreinen geldt dat er geen verkopen zijn geweest afwijkend van de prognose (4.092 m2). De prognose van de verwachte grondverkopen in de grondexploitaties is voor de lange termijn gebaseerd op de historische uitgifte en voor de korte termijn op opties.
De verwachtingen voor 2026 en verder voor wat betreft de uitgifte van kavels worden niet zozeer getemperd door de verwachte vraag maar meer door het beperkte aanbod van kavels in de diverse grondexploitaties. Naar aanleiding van achterblijvende grondverkopen is een deel van het bedrijventerrein Boterberg Zuid verhuurd als zonnepark tot 1 januari 2034. Voor deze grondexploitatie is een langere looptijd vastgesteld dan de geldende richttermijn van 5 jaar naar maximaal 10 jaar. Bij de herziening van de grondexploitaties per 1 januari 2026 is dit deel van de grondexploitatie ingerekend in de jaren 2034 tot en met 2038. In onderstaande tabel zijn de gerealiseerde grondverkopen in 2025 in een historisch perspectief geplaatst.
43 Woningbouw In 2025 is voor € 1.899.000,- aan opbrengsten gerealiseerd door verkoop van de grond onder 15 te realiseren woningbouw. In 2024 was dat € 757.000,- (5). De particuliere uitgifte loopt achter bij de prognose voor 2025. De verwachting was dat in 2025 in totaal 61 particuliere kavels zouden worden uitgegeven, dit is echter een vertekend beeld omdat 1 ontwikkelaar meerdere kavels heeft gekocht in het project Noordermaten en dit als 1 koop is geregistreerd. Daarnaast is de verkoop van kavels in het project Kornputkwartier van start gegaan maar nog geen enkele kavel is gepasseerd bij de notaris. Bedrijventerreinen Helaas ligt de verkoop van bedrijfskavels op dit moment stil. Er is nagenoeg geen voorraad meer en de ontwikkeling van nieuwe locaties laat zich door de Stikstof en netcongestie op zich wachten. (Beleids)ontwikkelingen Er zijn een aantal (beleids)ontwikkelingen die gevolgen hebben voor de financiële positie van het gemeentelijke grondbedrijf. Grondprijzenbrief 2025 De grondprijzenbrief 2026 is in december 2025 vastgesteld door het college en ter kennisname verstuurd naar de raad. De grondprijzen opgenomen in de grondprijzenbrief 2026 zijn verwerkt bij de herziening van de grondexploitaties per 1-1-2026.
De afgelopen jaren is de markt voor woningbouw enorm onder druk komen te staan door de schaarste aan bouwmaterialen, arbeidskrachten en vooral aan beschikbare (nieuwbouw)woningen. Om beter inzicht te krijgen in de actuele grondprijzen en de verschillen tussen de kernen binnen onze gemeente (voor toekomstige grondexploitaties en faciliterende woningbouw projecten ), is een marktanalyse uitgevoerd door de STEC Groep . De uitkomsten hiervan zijn verwerkt in de Grondprijzenbrief 2026. Er is gekozen voor een indeling met kernen en bandbreedtes. Dit hebben wij gedaan om beter te kunnen inspelen op de marktbehoeftes en locatie-specifieke kenmerken voor alle nieuwe projecten. We zien voor dit jaar wederom een stijging van de verkoopprijzen woningen voor zowel nieuwbouw als bestaande bouw. Het aanbod van woningen blijft beperkt waardoor de prijzen onverminderd hoog blijven. Hierdoor is er ook grote druk ontstaan op de meer betaa lbare (rij)woningen. In de huidige markt zien wij bij nieuwbouwprojecten dat de kavels steeds kleiner worden, maar ook de woningen. In de grondprijzenbrief voor dit jaar is de uitsplitsing tussen - en hoekwoning komen te vervallen. De reden hiervoor is dat de markt laat zien dat er meer overlap is tussen een hoek - en rijwoning. Eventuele differentiatie kan altijd nog plaatsvinden binnen de bandbreedtes.
Er is daarom gekozen om alleen type rijwoningen toe te passen. Kosten- en opbrengstenindexering De gemeente Steenwijkerland bekijkt (en actualiseert) ieder jaar alle actieve grondexploitaties opnieuw t.b.v. de jaarrekening. In een grondexploitatie staat wat een gebiedsontwikkeling gaat kosten en wat deze naar verwachting oplevert. Bij deze jaarlijkse herziening wordt gecontroleerd of de gebruikte aannames nog kloppen. Dat gebeurt aan de hand van vaste rekenregels, de zogenoemde parameters. Alle bedragen worden steeds omgerekend naar één vast moment, namelijk 1 januari van het betreffende jaar. Dat heet het prijspeil. De huidige budgetten zijn gebaseerd op prijspeil 1 januari 2025. 44 Omdat algemeen bekend is dat prijzen in de loop van de tijd stijgen, wordt er gerekend met kostenstijgingen. Deze stijgingen gelden voor alle toekomstige jaren. Bij een herziening van een grondexploitatie wordt eerst teruggekeken naar het afgelopen/vorige jaar. Zo wordt voor 2025 gekeken hoeveel de kosten en opbrengsten daadwerkelijk zijn gestegen. Door deze stijging toe te passen, worden de al bestaande budgetten geactualiseerd naar 31 december 2025 en daarmee op prijspeil 1 januari 2026 gezet. Na deze actualisatie wordt vooruitgekeken. Voor de jaren 2026 en 2027 wordt verwacht dat de kosten jaarlijks met 3,00 procent stijgen en vanaf 2028 met 2,50 procent.
Deze percentages zijn rekenaannames en geen harde voorspellingen/waarheden. Bij elke volge nde herziening wordt opnieuw gekeken naar de werkelijke stijgingen in een jaar en worden de cijfers daarop aangepast. Door nu al met verwachte kostenstijgingen te rekenen, voorkomt de gemeente dat projecten in de toekomst te maken krijgen met onverwacht hoge tekorten. Dit geldt vooral bij projecten van grote omvang en/of met een lange looptijd. Hetzelfde principe geldt voor de opbrengsten. Ook hierbij wordt gerekend met verwachte opbrengstenstijgingen. Deze aannames zorgen ervoor dat zowel kosten als opbrengsten realistisch worden ingeschat en dat de grondexploitaties goed beheersbaar blijven. Rekening houdend met genoemde ontwikkelingen is de kosten- en opbrengstenstijging ingerekend volgens onderstaande tabel: Projectenportefeuille Bij de jaarrekening tellen we in totaal 12 grondexploitaties. Nota Grondbeleid 2024-2028 December 2024 is de ‘Nota Grondbeleid 2024 -2028’ vastgesteld. Voor de visie op het grondbeleid en de wijze waarop het grondbeleid wordt gevoerd wordt verwezen naar deze nota. 2.8.2 Realisatie 2025 In deze sub paragraaf wordt ingegaan op de boekwaarde -ontwikkelingen en de gerealiseerde kosten en opbrengsten.
Boekwaardeontwikkeling Het geïnvesteerd vermogen (de boekwaarde) van de bouwgronden in exploitatie is toegenomen met ongeveer € 1.19 miljoen van € 4 .78 miljoen naar € 5.97 miljoen. De verschillende onderdelen worden verderop toegelicht. In onderstaande tabel treft u de berekening van de boekwaarde aan:
45 Kosten Binnen de verschillende grondexploitaties worden jaarlijks kosten gemaakt. Projecten worden bouwrijp gemaakt door het aanleggen van riolering en (bouw)wegen. Na de verkoop van kavels worden de projecten woonrijp gemaakt door het aanleggen van wegen, trotto irs en groenvoorzieningen. Daarnaast zijn er kosten voor de planontwikkeling (ambtelijke uren, onderzoeken, etc.) en beheers - en administratiekosten (doorbelasting van interne uren op het grootboek bouwgrondexploitaties algemeen). Ook wordt er rente toegerekend aan grondexploitaties op basis van het geïnvesteerd vermogen (=totale boekwaarde grondbedrijf). Hieronder worden de extra rentekosten weergegeven die in 2025 zijn gemaakt en toegelicht: Verwerving Er zijn geen gronden verworven, maar wel voor € 779.000 aan gronden ingebracht van de NIEG (Niet in exploitatie genomen gronden) voor het complex. Sloop- en saneringskosten In 2025 zijn geen sloop- en saneringskosten gemaakt. Bouw- en woonrijp maken/ Planontwikkelingskosten In de diverse projecten is in totaal voor ongeveer € 1. 898.000 aan kosten gemaakt voor bouw- en woonrijp maken en planontwikkeling. Dit heeft zowel betrekking op interne - als externe plankosten van alle plangebieden en bestaan onder meer uit kosten op het gebied van projectleiding, stedenbouw, bodemonderzoek, archeologie, engineering en planeconomie.
Rente Over de boekwaarde per 1 januari van het betreffende verantwoordingsjaar wordt rente toegerekend aan de grondexploitaties. De gehanteerde rekenrente is vastgesteld op 0, 60%. De totale boekwaarde van de bouwgronden in exploitatie (BIE) per 1 januari 2024 bedraagt ongeveer € 5.65 miljoen. De toegerekende rente bedraagt in totaal over het verantwoordingsjaar € 26.000.
46 Beheers -en administratiekosten Jaarlijks worden er overheadkosten gemaakt voor het beheren en administreren van het totale grondbedrijf. Deze kosten bedroegen ongeveer € 96.000. Deze kosten worden op basis van een verdelingssystematiek doorbelast naar de verschillende grondexploitaties. De kosten worden doorbelast volgens een principe waarbij de grondexploitaties met de grootste draagkracht de meeste kosten krijgen doorbelast. De verwachting is dat de doorbelasting van uren aan de grondexploitaties in de toekomst zal afnemen door de afbouw van het prestatiecontract. Opbrengsten Er zijn binnen de verschillende grondexploitaties opbrengsten gegenereerd. Deze bestaan hoofdzakelijk uit de verkoop van gronden. In de tabel worden de opbrengsten weergegeven die zijn gegenereerd : Grondverkopen woningbouw De opbrengsten uit verkoop van grond voor woningbouw bedroegen in totaal € 1.899.000. Er is in totaal circa 10.000 m2 grond verkocht aan particulieren en projectontwikkelaars. In onderstaande tabel staat waar deze opbrengsten zijn gerealiseerd. In de tabel is tevens aangegeven voor welk type woningen de verkochte grond bestemd is. Overige opbrengsten De gerealiseerde overige opbrengst binnen woningbouw is € 305.000. Dit betreft de verkoop van grond in het project Wanneperveen voor de school De Lisdodde.
Grondverkopen bedrijventerrein Er zijn gedurende het verslaggevingsjaar geen bedrijfskavels verkocht.
47 2.8.3 Analyse grondexploitaties Resultaten grondexploitaties In deze paragraaf zijn de resultaten van de grondexploitaties gepresenteerd en ter vergelijking afgezet tegen de grondexploitaties 2024. De negatieve winsten hebben betrekking op het terugnemen van eerder genomen winsten volgens de “Methode van Percentage Of Completion”, POC-methode. Winst- en verliesnemingen Het BBV schrijft in de Notitie grondbeleid in begroting en jaarstukken 2019 een methode van winstnemen voor, namelijk de POC-methode (Percentage of Completion). Dit betekent in het kort dat de winst genomen moet worden op basis van de financiële voortgang van het project (% gerealiseerde kosten * % gerealiseerde opbrengsten * geraamde winst). Hierbij zijn reeds genomen winsten en verliezen uit de calculatie geh aald en in mindering gebracht op de berekende winst voor het verantwoordingsjaar. Tot slot zijn de projectgebonden risico’s vanuit het weerstandsvermogen in mindering gebracht, wat resulteert in de te nemen winst. Een geprognosticeerd verlies wordt direct genomen ter grootte van het verliesgevende resultaat op eindwaarde.
48 In de jaarrekening is een verliesneming van € 247.000 verwerkt en ten laste van het resultaat gebracht. Dit verlies heeft te maken met de hogere kosten voor de archeologie en bouwrijp maken voor complex 36 Kornputkwartier. De totale winstneming bij woningbouw complexen is € 321.000 Hierdoor is per saldo sprake van een positief saldo van € 74.000 en bij industrieterreinen enkel door 2 afgesloten complexen ( nr 11 en 67) per saldo € 268.000. De totale winstneming voor alle complexen bedraagt per saldo € 589.000, welke volledig is toegevoegd aan de algemene reserve vrij besteedbaar. De winstnemingen van de volgende 3 grondexploitaties hebben te maken met het feit dat deze complexen per 31 december 2025 worden afgesloten: - 68 Scheerwolde - 11 Oostermeentherand - 67 Weg van Rollecate Risicomanagement Jaarlijks wordt de omvang van het risico van alle grondexploitaties bepaald en gemonitord, op basis van de RISMAN-methode. Het risicoprofiel van alle grondexploitaties is bij de jaarrekening circa € 1,29 miljoen. Het risicoprofiel van het grondbedrijf is daarmee gelijk gebleven ten opzichte voorgaand boekjaar toen het risicoprofiel eveneens circa € 1,29 miljoen bedroeg. Het risicoprofiel van het grondbedrijf wordt tezamen met overige risico’s afgezet tegen de beschikbare weerstandscapaciteit in de Algemene reserve vaste buffer.
49 Toelichting verschillen woningbouw in exploitatie Onderstaand wordt het ‘vergelijkbaar resultaat’ van de grondexploitaties einde boekjaar vergeleken met het resultaat van de grondexploitaties over het voorgaande boekjaar. Indien het verschil in het ‘vergelijkbaar resultaat’ groter is dan € 100.000 wordt dit nader toegelicht. Hierbij worden de belangrijkste verklaringen voor het verschil gegeven. Kornputkwartier - Steenwijk De grondexploitatie ultimo boekjaar is op eindwaarde € 263.000 nadeliger in vergelijking met de grondexploitatie einde voorgaand boekjaar. De voorbereidingen voor het bouwrijp maken voor de laatste fase hebben te maken gehad met hogere kosten doordat er andere verkavelingen zijn en doordat er niet begrote archeologische onderzoeken en opgravingen zijn geweest. Alles bij elkaar opgeteld geeft dit een klein nadeel in de totale grondexploitatie van het Kornputkwartier. Noordermaten (fase 4) De grondexploitatie is einde boekjaar op eindwaarde € 372.000 voordeliger in vergelijking met de grondexploitatie einde voorgaand boekjaar. Het voordelige resultaat heeft te maken met het feit dat de meeste bouwrijp werkzaamheden zijn gedaan, en is ten opzichte van het voorgaande boekjaar door slimme aanbestedingen ook een voordeel behaald op deze kosten en de verkoop is gestart.
Wanneperveen De grondexploitatie is ultimo boekjaar op eindwaarde € 202.000 voordeliger in vergelijking met de grondexploitatie einde voorgaand boekjaar. Het voordelig resultaat heeft te maken met het feit dat alle werkzaamheden voor het bouwrijp maken zijn gestart en de grond voor de school al is verkocht ten opzichte van het voorgaande boekjaar. Mr. Z. ter Steghestraat / bedrijventerrein De grondexploitatie eind 2025 is op eindwaarde € 112.000 voordeliger in vergelijking met de grondexploitatie eind 2024. Het voordelig resultaat heeft te maken met het feit dat er een af raming in kosten en nog uit te voeren werkzaamheden heeft plaats gevonden ten opzichte van het voorgaande boekjaar. 50 2.9 Overzicht algemene dekkingsmiddelen, dividend, overhead, beleggingen en onvoorzien Over zowel de begroting als de jaarrekening dient een overzicht te worden weergegeven van: • Algemene dekkingsmiddelen • Dividend en beleggingen • Onvoorzien
51 Onvoorzien / saldo begroting Het beeld voor onvoorzien en saldo begroting ziet er als volgt uit: Overhead Jaarlijks wordt er in de begroting en rekening inzicht gegeven in het percentage overhead. Overhead zijn de lasten, na aftrek van de direct toe te rekenen lasten, die samenhangen met de sturing en ondersteuning van medewerkers in het primaire proces. In de begroting was een percentage van 12% primitief en 10% actueel vermeld. In de rekening is het percentage uitgekomen op 10% en ligt daarmee in lijn met de actuele begroting.
52 3. Toelichting op de balans 3.1 Toelichting op de vaste activa ACTIVA VASTE ACTIVA Immateriële activa Over het verslaggevingsjaar zijn kosten van onderzoek met € 158.000 toegenomen. Deze hebben betrekking op de voorbereidingskosten van beoogd toekomstige grondexploitaties Belt -Schutsloot, De Beek Steenwijkerwold, Herwijnen Tuk en Schaarkampen-Zuid. Deze kosten met een totaal van € 426.000 moeten binnen 5 jaar na activering afgeboekt of ingebracht worden in een grondexploitatie. Het is aan de gemeenteraad om hier een besluit over te nemen.
53 Materiële vaste activa Maatschappelijk nut Bedrijfsgebouwen De vermeerderingen en vermindering van € 1.570.000 heeft betrekking op renovaties van mfa’s de Burght en Dalzicht voor respectievelijk € 646.000 en € 473.000. Tot slot is het pand de Oerthe gekocht voor € 451.000.
54 Grond-, weg- & waterbouwkundige werken met maatschappelijk nut De vermeerderingen en verminderingen van € 4.488.000 miljoen hebben betrekking op investeringen in de openbare ruimte zoals in wegen, fietspaden, bruggen, herinrichting, oeververbindingen en verlichting. De verminderingen bestaan uit diverse bijdrages. De vermeerderingen en verminderingen bestaan uit: • Vervangen Noordematenbrug & Matenbrug € 1.168.000 • Sportvelden Hockey en korfbal € 728.000 • Herinrichting kop- Steenwijkerdiep en Balkeng. € 383.000 • Versterken bermen onveilige plattelandswegen € 345.000 • Openbare verlichting armaturen 2025 € 322.000 • Vervangen Keermuur buitenhaven Vollenh. € 225.000 • Openbare verlichting – masten 2021-2023 € 218.000 • Openbare verlichting masten – 2025 € 137.000 • Bidbook intercitystation aanpassingen € 115.000 • Beschoeiingen 2024 € 98.000 • Parkeerterrein Steenwijkerdiep € 78.000 • Beschoeiingen 2023 € 73.000 • Parkeren bewoners Giethoorn 2019 € 73.000 • Oeverconstructies 2025 € 69.000 • Aanleg weg en parkeerpl. Blankenham € 64.000 • Ombouwen voetpad Benthepad-Laan € 61.000 • Oeververbindingen reconstructie paden € 55.000 • Reconstructie Kalenbergerpad € 52.000 • Bruggen 2023 € 39.000 • Rijbaan, incl.
rotonde Tukseweg € 20.000 • Overige vermeerderingen/verminderingen € 165.000 Totaal € 4.488.000 Machines, apparaten en installaties met maatschappelijk nut In totaal bedragen de vermeerderingen en verminderingen per saldo € 1.539.000 en bestaan uit de installaties van de Multifunctionele centra Dalzicht en De Burght. Deze bedragen respectievelijk € 859.000 en € 680.000. Overige vaste activa met maatschappelijk nut De vermeerderingen en verminderingen van per saldo € 51.000 bestaan uit de volgende investeringen: • Verduurz De Burght bouwkundig € 50.000 • Fietsknooppunt/wandelnetwerk € 1.000 Totaal € 51.000 55 Economisch nut Dit betreft activa dat economisch verhandelbaar is en opbrengsten kan genereren. Bedrijfsgebouwen De vermeerderingen bedragen in totaal € 4.227.000. De investeringen bestaan uit: • Huisvesting huisartsen Giethoorn € 1.675.000 • Bernardschool € 1.029.000 • Unilocatie 2028 € 994.000 • IHP De Lisdodde Wanneperveen € 309.000 • Uitrukhal Brandweer Kuinre € 141.000 • Overige vermeerderingen € 79.000 Totaal € 4.227.000 Grond-, weg- & waterbouwkundige werken met economisch nut De vermeerderingen van € 127.000 hebben voor € 95.000 betrekking op de jachthavens en voor € 22.000 opKunstgrasveld Mixed Hockeyclub. Gronden en terreinen met economisch nut De vermeerdering van € 305.000 ziet toe op aankoop grond Lisdodde Wanneperveen.
Gronden en terreinen in erfpacht met economisch nut De vermeerdering bestaat uit € 87.000 burg van Ommerenweg 14 te Blokzijl. Machines, apparaten en installaties economisch nut De vermeerderingen bedragen in totaal € 830.000. De investeringen bestaan uit: • Zonnecarport De Waterwijck € 284.000 • Strooiunits € 258.000 • Grafdelfmachine € 110.000 • Vervangingsinvesteringen ICT € 77.000 • Snipperaar € 39.000 • Watertank buitenboordmotor € 24.000 • Zonnecarport parkeerplaats gemeentehuis € 24.000 • Overige investeringen € 16.000 Totaal € 832.000 Vervoersmiddelen De vermeerderingen bedragen in totaal € 498.000.
De investeringen bestaan uit: • Iveco 2023 € 115.000 • Tractor Snipperkar 2023 € 146.000 • Vijf elektrische dienstauto’s € 193.000 • Kubota M5-11 tractor 2025 € 44.000 Totaal € 498.000 56 Overige materiele vaste activa economisch nut De vermeerderingen bedragen in totaal € 711.000 De investeringen bestaan uit: • Speelvoorzieningen 2023 € 215.000 • Verduurzaming Torennest € 141.000 • Verduurzaming Dalzicht € 100.000 • Buitenzonwering gemeentehuis 2025 € 78.000 • Verduurzaming De Meenthe € 61.000 • Technische routekaart energieneutraal 2021 € 57.000 • Vervanging bewegwijzering ANWB € 20.000 • Overige investeringen € 39.000 Totaal € 711.000 Overige materiële vaste activa grondexploitatie De strategische gronden van de grondexploitaties worden op grond van de BBV voorschriften onder de materiële vaste activa opgenomen. Dit zijn gronden, die mogelijk in de toekomst in exploitatie komen, maar waarover nog geen raadsbesluit is genomen en/of daar waar nog geen plannen voor zijn. De totale boekwaarde van de strategische gronden bedraagt € 4.960.000. De toename van de boekwaarde wordt veroorzaakt door de aankoop van grond nabij de Bergweg te Tuk. Op grond van de herziene voorschriften moeten deze gronden (behalve de Schans, die is i n 2017 getaxeerd. Schaarkampen is gewaardeerd voor de aankoopwaarde) uiterlijk eind 2019 voorzien worden van een taxatie.
Deze taxatie heeft in 2018 plaatsgevonden. De opbrengstwaarde van de percelen is: • Giethoorn Noord € 429.000 76.551 m2 • Oosterbroek € 683.000 113.823 m2 • Vollenhove (Wouters) € 558.000 101.477 m2 • Belt-Schutsloot Zandbelt € 15.000 18.625 m2 • Molenkampen III € 350.000 56.400 m2 • Schaarkampen € 1.377.000 72.094 m2 • De Schans € 1.074.000 244.101 m2 • Tuk Herwijnen € 1.254.000 17.704 m2 Afronding € - 1.000 € 5.739.000 Conform de voorschriften mogen er op deze gronden geen rente en kosten meer worden bijgeschreven, aangezien deze gronden geen deel uitmaken van een actieve grondexploitatie, maar onderdeel zijn van NIEG (Niet In Exploitatie Genomen) gronden.
57 Economisch nut waarvoor een heffing kan worden geheven Alle investeringen met economisch nut, waarvoor ter bestrijding van de kosten een heffing kan worden geheven, moeten separaat in de balans tot uitdrukking gebracht worden. Dit geldt voor alle investeringen op het gebied van afval, rioleringen en begraven. Grond-, weg - & waterbouwkundige werken met economisch nut, waarvoor een heffing kan worden geheven De mutatie vermeerderingen en verminderingen van € 3.320.000 heeft betrekking op investeringen op het gebied van rioleringen en bestaat hoofdzakelijk uit: • Riolering Wetering ZO en NO 2020-2022 € 1.314.000 • Aanleggen Kruger- en Rembrandtstraat € 645.000 • Riolering aan beschoeiing € 481.000 • Vervangen gemalen € 301.000 • Vervangen gemalen 2023 € 139.000 • Afkoppelen Oostwijken 2023 € 105.000 • Afkoppelen Turfhaven € 98.000 • Riolering Conicksweg Steenwijkerwold € 86.000 • Herinrichting Stationplein € 69.000 • Riolering Jan van Riebeeckstraat 2023 € 37.000 • Overige investeringen € 46.000 Vervoermiddelen met economisch nut, waarvoor een heffing kan worden geheven De vermeerdering van € 59.000 betreft een investering in een Ford Transit Bus. Financiële vaste activa Kapitaalverstrekkingen aan deelnemingen De omvang van de kapitaalverstrekking aan deelnemingen is niet gewijzigd en bedraagt € 1.246.000.
Deze hebben betrekking op verstrekkingen van aandelenkapitaal aan de NV NoordWestGroep, Enexis, de Bank voor Nederlandse Gemeenten, de ROVA en een aantal kleine deelnemingen van respectievelijk € 545.000, € 408.000, € 182.000, € 66.000 en € 45.000. Leningen aan woningbouwcorporaties De omvang van de leningen aan Wetland Wonen is in 2025 met € 330.000 afgenomen tot € 3.132.000 Leningen aan deelnemingen De saldi van de uitstaande leningen per 31 december bestaan uit: • Achtergestelde lening ROVA € 1.011.000 • Enexis € 1.016.000 Totaal € 2.027.000
58 Overige langlopende leningen De overige leningen zijn leningen aan ambtenaren, de roeivereniging en Startersleningen, die via het Stimuleringsfonds Volkshuisvesting Nederland (SVn) worden verstrekt. De totale omvang bedraagt ultimo boekjaar € 7.470.000 (2024: € 4.540.000), waarvan het aandeel van de Starterslening € 4.868.000 (2024: € 4.345.000) bedraagt. Door de raad is over het verslaggevingsjaar € 500.000 (2024: 1,05 miljoen ) beschikbaar gesteld omdat het beschikbare middelen bij de SVn sterk afnamen. Daadwerkelijk is een bedrag van € 500.000 gestort om continuering mogelijk te maken. En met ingang van 2020 is het mogelijk om een duurzaamheidslening af te sluiten. Over het verslaggevingsjaar is € 27.000 afgelost. Ultimo boekjaar bedraagt de omvang van deze leningen € 177.000, (2024: € 195.000). De toename bestaat uit afgesloten leningen aan Kulturhus Giethoorn en Sportvereniging Steenwijkerwold. Tot en met 2025 is het totaalbedrag van € 4.868.000 (2024: € 4.345.000) aan verstrekte Startersleningen overeenkomstig voorschriften geactiveerd. Dit bedrag bestaat uit € 4.455.000 overdrachten aan de SVn en € 389.000 rentebijschrijvingen door renteontvang sten tot en met 2025 (t/m 2024 € 338.000) en bedroeg de rentebijschrijving minus kosten € 24.000 (2024: € 52.000).
Bij de stichting is per eind 2024 nog een bedrag van € 705.000 (eind 2024 € 724.000) beschikbaar om Startersleningen te verstrekken. 3.2 Toelichting op de vlottende activa VLOTTENDE ACTIVA Voorraden
59 Bouwgronden in exploitatie De ontwikkeling van de boekwaarde van de in exploitatie genomen gronden is als volgt: De nog te maken kosten en opbrengsten van alle complexen zijn gebaseerd op de nog uit te voeren werkzaamheden en de te verkopen gronden. De grondslag voor de lasten zijn gebaseerd op het in de programmabegroting gehanteerde kostenniveau inclusief een bijstelling zoals vermeld in paragraaf 2. 8.1. De winsten zijn berekend op basis van eindwaarde. Eind 2019 is een vaststellingsovereenkomst gesloten met de belastingdienst ten behoeve van de openingsbalans over de waarde van de grondvoorraad ter berekening van de vennootschapsbelasting plicht die van toepassing kan zijn op de grondexploitatie. Tot en met 2024 zijn de aangiftes definitief vastgesteld op nihil. Over 2025 verwachten wij geen vennootschapsbelasting behoeven te betalen.
60 Uitzettingen met een rentetypische looptijd < 1 jaar De in de balans opgenomen uitzettingen met rentetypische looptijd van < 1 jaar bedragen: De vorderingen op openbare lichamen van € 9,6 mln. hebben hoofdzakelijk betrekking op: • Een nog te ontvangen bedrag van de belastingdienst van € 9,5 miljoen (btw compensatiefonds per 1 juli 2026 over het jaar 2025). • Een nabetaling algemene uitkering 2022 van € 250.000. De omvang van de openstaande posten van debiteuren belastingen eind 2025 is ten opzichte van eind 2024 met € 1,4 miljoen 2 ton lager. Het aandeel vermakelijkheidsretributie (VMR) bedraagt ultimo 2025 € 74.000 € (2024: € 96.000). De afname is met name het gevolg van de uitspraak van de rechter dat de VMR-heffing rechtmatig is. De daling had zich in 2024 al ingezet. De vorderingen van sociale aard zijn afgenomen met € 203.000. Als gevolg hiervan is de omvang van de voorziening van dubieuze debiteuren van sociale aard gedaald met een bedrag van € 54.000 naar een bedrag van € 1.121.000 (2024 € 1.175.000).
61 Overige vorderingen: Liquide middelen Dit betreft het creditsaldo van een aantal bankrekeningen en de liquide middelen bij burgerzaken. Op een specifieke bankrekening zijn waarborgsommen gestort om definitieve inrichting van het openbaar gebied in Eeserwold af te kunnen dwingen. Deze bankrekening heeft per eind 2025, de maximale omvang van de garantstelling van € 1 miljoen bereikt. Overlopende activa De nog te ontvangen bedragen moeten afzonderlijk worden gepresenteerd in de balans, zodat duidelijk is welk deel van de vorderingen betrekking heeft op betalingen van de EU, het Rijk en andere overheden.
62 De nog te ontvangen bedragen van overige overheden bij aanvang boekjaar lopen af, per einde boekjaar is geen sprake van nog te ontvangen voorschotten van overige overheden. De nog te ontvangen rente van € 22.000 (2024: € 22.000) heeft betrekking op de rente over verstrekte geldleningen, die per ultimo boekjaar nog ontvangen dient te worden. Dit betreft de rente van de periode tussen de vervaldatum en het einde van het jaar, ook wel de transitorische rente genoemd. Vooruitbetaalde bedragen In de rekening is een bedrag van € 1.939.000 als vooruitbetaalde bedragen opgenomen. Deze bestaan voornamelijk uit de volgende onderdelen: • Voorschot Wet Sociale Werkvoorziening (WSW) € 627.000 • Meerjarige IT contracten € 562.000 • Omgevingsdienst 2026 € 494.000 • Abonnementen € 188.000 • Overig vooruitbetaalde bedragen € 68.000 Totaal € 1.939.000 Nog op te leggen aanslagen De nog op te leggen aanslagen over 2025 voor de forensenbelasting, toeristenbelasting, riool grootverbruik, de afrekening van de gescheiden inzameling en de vermakelijkheidsretributie, met een totaalbedrag van € 3.872.000 (2024: € 2.974.000), zijn onder de overlopende activa opgenomen. De specifieke bedragen per belastingsoort zijn respectievelijk € 1.203.000, € 1.464.000, € 248.000, € 580.000 en € 377.000.
63 3.3 Toelichting op de vaste passiva PASSIVA VASTE PASSIVA Eigen Vermogen & Voorzieningen De omvang van de reserves vóór resultaatbestemming bedraagt ultimo boekjaar € 56,1 miljoen (2024: € 50.9 miljoen). Dit is exclusief de door de raad beschikbaar gestelde investeringskredieten ter grootte van € 13,5 miljoen13 (2024: € 10,3 miljoen) die nog niet (volledi g) tot uitvoering zijn gekomen evenals de aanvulling van de reserve vaste buffer. In bijlage 8 wordt per reserve de mutatie weergegeven, inclusief de aard, reden en omvang . Bij verschillende bestemmingsreserves ontbreekt echter een bestedingsplan , waardoor deze in theorie niet voldoen aan het criterium van een bestemmingsreserve. In bijlage 3 wordt het totaal van de voorzieningen per voorziening weergegeven. De totale omvang bedraagt ultimo boekjaar bijna € 18,7 miljoen en kan worden opgesplitst in de volgende acht onderdelen: 1. Voorzieningen voor egalisatie van tarieven voor afvalstoffenheffing en rioolheffing. Deze he bben een omvang van € 3.738.000 (2024: € 4.460.000) Een toelichting is gegeven in de programma’s duurzaam en leefbare steden kernen. 2. De voorziening Buddenbaum ter grootte van € 1 0.000. Dit is een voorziening gevormd vanuit een legaat voor de gemeente. Bestedingen worden op initiatief van de vereniging voor Paasloër belang ten laste van de voorziening gebracht. 3.
De voorziening voor de betaling van wachtgelden bedraagt ultimo 2025 € 567.000 (2024: € 49.000) 4. Voorzieningen van overdrachten van pensioenen en te betalen pensioenen (vanaf 1-1-2015) van voormalige bestuurders met een totale omvang van € 4.702.000 (2024: € 3.070 .000). De toename komt voornamelijk omdat is voorgesorteerd op de overdracht van de pensioenen naar het ABP. 5. De v oorziening die is ingesteld door de raad om meerjarig onderhoud van maatschappelijk vastgoed te kunnen bekostigen. Deze voorziening heeft eind 2025 een omvang van € 6.565.000 (2024: € 5.152.000). 6. De Voorziening groot onderhoud wegen heeft eind 2024 een omvang van € 1.169.000 heeft deze (2024: € 1245.000). 7. Als gemeentelijke organisatie zijn we verplicht om spaarverlof en bovenwettelijk verlof, voor zover deze niet bijdraagt aan een verplichting van gelijke omvang , in een voorziening te storten. Eind 2025 heeft deze een omvang van € 1.749.000 (2024: € 1.296.000). 13 Conform bijlage 7
64 8. De voorziening gevormd der dekking van de Regeling voor Vervroegd Uittreden (RVU) en heeft eind 2025 een omvang van € 165.000 (2024: € 145.000) In bijlage 8 worden per voorziening de mutaties naar aard, reden en omvang weergegeven. Vaste schulden met een rentetypische looptijd van > 1 jaar In 2025 is er geen gebruik gemaakt van de mogelijkheid om de rente te herzien. De aflossingen op geldleningen bedragen € 5.494.000. Hiervan heeft € 5,164 miljoen betrekking op reguliere aflossingen en € 330.000 op de door de gemeente doorgeleende leningen aan Wetland Wonen. Het totaalbedrag aan verschuldigde rente 14 in 2025 bedroeg € 992.000 (2024: € 926.000). De totale omvang van de leningen bedraagt eind 2025 € 61.778.000 (2024: € 67.272.000). Waarborgsommen worden onder vaste schulden met een rente typische looptijd van > 1 jaar opgenomen. Eind 2024 is de hoogte van het bedrag aan waarborgsommen € 1.009.000 (2023: € 1.010.000). De waarborgsommen voor Eeserwold zijn volledig voldaan en omvatten het maximum van € 1 miljoen. 14 Rente langlopende geldleningen, inclusief transitorische rente
65 3.4 Toelichting op de vlottende passiva VLOTTENDE PASSIVA Netto vlottende schulden met een rentetypische looptijd van < 1 jaar Per einde boekjaar hebben we geen kasgeldlening bij de bank afgesloten. Daarnaast staan we ten opzichte van het voorgaande boekjaar niet in het rood op de rekening voor belastingen. Het openstaande bedrag van ruim € 3,0 miljoen betreft schulden voor zorg in natura, uitkeringen aan zorginstellingen en de Participatiewet. Overlopende passiva
66 Ontvangen voorschotten van het Rijk met een specifiek bestedingsdoel Ontvangen voorschotten overige Nederlandse overheid met een specifiek bestedingsdoel
67 Nog te betalen bedragen De nog te betalen rente van ruim € 530.000 (2024: € 586.000) heeft betrekking op de per 31 december 2025 verschuldigde rente van aangetrokken geldleningen over de periode van de vervaldatum tot eind van het jaar, de zogenaamde transitorische rente. Het verloop van de vooruitontvangen bedragen:
68 3.5 Schatkistbankieren Met de invoering van het schatkistbankieren worden gemeenten verplicht om overtollige middelen aan te houden in ’s r ijksschatkist. In de praktijk houdt dit in dat saldi van bankrekeningen boven een drempelbedrag dagelijks worden overgeboekt op een bankrekening bij het Rijk. Het drempelbedrag is afhankelijk van het begrotingstotaal van de gemeente. Zodra het tegoed van de rekeningcourantrekeningen bij met name de BNG hoger is dan het drempelbedrag, wordt dit automatisch doorgesluisd naar de schatkistrekening bij het rijk. Eind 2025 is er sprake van schatkistbankieren. 3.6 Garanties Waarborgen en garanties Het in de balans opgenomen bedrag van verstrekte waarborgen aan natuurlijke - en rechtspersonen is gebaseerd op de door de gemeente ontvangen saldoverklaringen. Ten aanzien van de niet verkregen opgaven is een schatting gemaakt. Dit omdat niet alle financiële instellingen, ondanks meerdere aanmaningen, voldoen aan hun verplichting om voor 1 maart 20 25 saldoverklaringen te verstrekken.
69 Overzicht gegarandeerde leningen Niet uit de balans blijkende verplichtingen De gemeente is voor een aantal toekomstige jaren verbonden aan verschillende niet uit de balans blijkende verplichtingen. Hieronder zijn alleen de leasecontracten opgenomen. Dit omdat er geen vaste richtlijnen zijn waaraan de niet uit de balans blijkende v erplichtingen moeten voldoen. De leasecontracten zijn opgenomen omdat wij voor een periode ons contractueel hebben verplicht, waarbij wij verplicht zijn tot afname en betaling van de termijnen. Er bestaat onduidelijkheid aangezien wij veel raamovereenkomst en hebben, zonder volumeverplichtingen en het Nederlands recht geen onderscheid kent tussen raamovereenkomsten en raamcontracten terwijl Europese aanbestedingsregels dit onderscheid wel maken. In het algemeen zijn er voor verschillende lopende investeringsprojecten ( zonder hier een limitatieve opsomming op te nemen) overeenkomsten aangegaan. Voorbeelden hiervan zijn opdrachten in de grondexploitatie, investeringen in rioleringen, wegen, reconstructies en onderwijshuisvesting. Leasecontracten Afdrukapparatuur repro - en kantooromgeving: In december 2024 is een nieuwe mantelovereenkomst afgesloten met Canon Nederland N.V. voor een periode van 5 jaren, met een mogelijkheid tot verlenging van twee keer 12 maanden. De waarde bedraagt gemiddeld € 32.500 per jaar.
70 Aangegane verplichte contracten - De in 2025 afgesloten brandverzekering start vanaf 2026. De premie 2026 bedraagt € 155.500,- - WA verzekering: Ingaande 1 januari 2022 is een 3 -jarige overeenkomst afgesloten met een optie voor verlenging met 2 termijnen van 1 jaar. De premie 2026 bedraagt € 69.000. - Verzekering van werk en niet werk gerelateerde ongevallen: Deze verzekering is ingaande 1 -1-2022 afgesloten voor een periode van 2 jaar met een optie voor verlenging van 3 termijnen van 1 jaar. De jaarpremie 2025 bedraagt € 20.000. - Vrijwilligerspolis: De vrijwilligerspolis heeft een contractperiode tot en met 31 december 202 5 met een automatische verlenging van 3 jaren. De premie voor 2026 bedraagt circa € 6.100. - Transportpolis: De transportpolis heeft een contractperiode tot en met 31 december 2025 met een automatische verlenging van 1 jaar. De premie voor 2026 bedraagt € 1.050. - Fraude en beroving : De polis heeft een contractperiode tot en met 31 december 202 5 met een automatische verlenging van 1 jaar. De premie voor 2026 bedraagt € 3.000. - Bouw en montage verzekering: De polis heeft een contractperiode tot en met 31 december 2025 met een automatische verlenging van 1 jaar. De premie voor 2026 bedraagt € 21.200. - Rechtsbijstandsverzekeringen: De polis sen hebben een contractperiode tot en met 31 december 202 5 met een automatische verlenging van 3 jaren.
De premie voor 2026 bedraagt € 4.300. - Werkmateriaalverzekering : De polis sen hebben een contractperiode tot en met 31 december 202 5 met een automatische verlenging van 1 jaar. De premie voor 2026 bedraagt € 16.000. - Mobiliteitsverzekering: De polis heeft een contractperiode tot en met 31 december 202 5 met een automatische verlenging van 1 jaar. De premie voor 2025 bedraagt € 65.000. Kredietfaciliteiten Bij de BNG heeft de gemeente de mogelijkheid om maximaal € 12 miljoen debet te staan. De kredietlimiet is gesplitst in € 5 miljoen en een intradaglimiet van € 7 miljoen. Dit betekent dat bij een bedrag van € 5 miljoen of meer een extra rentevergoeding verschuldigd is aan de BNG. De kasgeldlimiet voor 2025 bedraagt € 15.192 miljoen (2024: € 13,403 miljoen). Deze limiet is vastgesteld op basis van de Wet Fido, waarbij de limiet voor kortlopende schulden 8,5% van het begrotingstotaal bedraagt. Arbeidsrechtelijke verplichtingen Door de mogelijkheid van verlofsparen heeft de commissie BBV een verplichte uitspraak gedaan, waarin is gesteld dat verlof dat niet bijdraagt aan de evenredige verdeling van het opgebouwde verlof in een voorziening moet worden opgenomen. De omvang van deze voorziening is berekend op € 1.796.000 (in 2024: € 1. 296.000). De overige verplichtingen van evenredige omvang, ter grootte van € 760.000, zijn conform de uitspraak niet verwerkt in de rekening.
Niet uit de balans blijkende rechten Voorlopige verliescompensatie Vennootschapsbelasting (VPB) De verwachting is dat de gemeente de komende jaren winsten voor de Vennootschapsbelasting zal behalen. Echter deze winsten zullen eerst het opgebouwde verrekenbare verlies opsnoepen voordat de gemeente tot betaling van aangiften vennootschapsbelasting over zal gaan. Omdat de aangifte VPB 2024 definitief is opgesteld kan de gemeente nog tot een bedrag van € 2,1 miljoen toekomstige winsten compenseren. 71 Bijlagen Bijlage 1: Controleverklaring van de onafhankelijke accountant Aan: de Gemeenteraad van gemeente Steenwijkerland Verklaring betreffende de jaarrekening De verklaring w ordt rechtstreeks verzonden naar de gemeenteraad en wordt na vaststelling van de jaarstukken 2025 door B&W opgenomen en maakt onderdeel uit van de CBS bestanden. 72 Bijlage 2: Beleidsindicatoren Met ingang van de begroting en rekening 2018 moeten gemeenten op grond van het BBV een vaste set van beleidsindicatoren opnemen. De meeste van deze indicatoren zijn te vinden op www.waarstaatjegemeente.nl. In de tabel zijn de meest actuele cijfers opgenomen. Bij elk van deze indicatoren is een omschrijving en een nadere toelichting vermeld. Voor een vijftal indicatoren is geen landelijke bron beschikbaar en zijn er dus geen vergelijkingen mogelijk. Dit betreffen de volgende indicatoren: 1. Formatie 2. Bezetting 3.
Apparaatskosten 4. Externe inhuur 5. Overheadkosten\ Deze vijf indicatoren worden samengesteld uit eigen gegevens van de gemeente.
73 Bovenvermelde indicatoren worden continu bijgewerkt en hierdoor zijn er wijzigingen ten opzichte van de meest actuele resultaten op de site www.waarstaatjegemeente.nl mogelijk. De gepresenteerde uitkomsten zijn van 10 maart 2025. Door de raad is aandacht gevraagd voor vergelijkende cijfers ten opzichte van voorgaand jaar. Wij hebben dit inzichtelijk gemaakt voor de 5 indicatoren die door de gemeente moeten worden weergegeven. Voor de overige indicatoren is de vergelijking met de landelijke cijfers in stand gelaten omdat deze per jaar een andere periode kunnen omvatten en soms zelf per eenheid wijzigen.
74 Bijlage 3: Verloop reserves en Voorzieningen
75 Bijlage 4: Mutaties reserves per programma
76
77 Bijlage 5: Incidentele baten en lasten / Structurele toevoegingen en onttrekkingen aan en van reserves Gemeenten zijn verplicht om in de rekening een opgave te verstrekken van de structurele toevoegingen en onttrekkingen aan en van de reserves. Op basis van deze informatie kan de provincie Overijssel een beter inzicht krijgen of de jaarrekening mat erieel in evenwicht is. Materieel evenwicht houdt in dat structurele uitgaven door structurele inkomsten gedekt worden. Behoudens de geprognosticeerde winstverwachtingen van de grondexploitaties is er geen sprake van structurele toevoegingen en onttrekkingen aan en van reserves. Incidentele baten en lasten per programma
78
79
80
81
82 Totaal van de incidentele baten en lasten per programma
83 Structurele toevoegingen en onttrekkingen aan en van reserves Structurele toevoegingen en onttrekkingen aan en van reserves beïnvloeden het materieel evenwicht van de begroting. In de begroting zijn geen structurele onttrekkingen uit reserves opgenomen. De structurele toevoeging zijn de beoogde winsten uit de grondexploitatie. Deze opbrengsten komen niet ten gunste van het begrotingssaldo maar worden gestort in de algemene reserve vrij besteedbaar. Dit omdat de exploitatie van de gemeente anders sterk afhankelijk zou worden van de resultaten uit de grondexploitatie . De begroting heeft betrekking op de winstverwachting van de grondexploitatie . In de rekening zijn de werkelijke gerealiseerde winsten ten gunste gebracht van de Algemene reserve vrij besteedbaar.
84 Bijlage 6: Afgesloten projecten Om zo volledig mogelijk verantwoording af te leggen en de raad maximaal te informeren wordt jaarlijks een overzicht van afgesloten projecten opgenomen. Verschil moet hierbij worden gemaakt tussen geactiveerde projecten en projecten ten laste van reserves. Geactiveerde projecten Op geactiveerde projecten wordt afgeschreven hetgeen inhoudt dat het voordeel niet ten gunste van de rekening komt, maar over meerdere jaren, afhankelijk van de afschrijvingstermijnen , als lagere kapitaallasten terugkomt in de begroting 20 26 en verder. Investeringen < € 20.000 worden op grond van Financiële verordening gemeente Steenwijkerland en waarderingsgrondslagen niet als zodanig aangemerkt en komen direct ten laste van het begrotingssaldo. Projecten ten laste van reserve Bij projecten ten laste van reserves worden tekorten niet afgedekt door een hogere bijdrage van de reserve. De raad heeft de omvang van het budget beschikbaar gesteld, een eventuele overschrijding komt ten laste van het resultaat 20 24. Er kunnen twee situaties ontstaan bij het afsluiten van projecten ten laste van reserves: 1. Tekorten komen ten laste van de rekening. 2. Afgeronde projecten, met een restantkrediet, worden afgesloten. Het voordeel komt niet ten gunste van de rekening, maar de onttrekking van de reserve wordt bij afsluiten lager.
Het voordeel blijft in de reserve beschikbaar voor nieuwe door de raad goedgekeurde projecten.
85 Bijlage 7: Restantkredieten: Ten laste van reserves / Geactiveerde investeringen Bij de vaststelling van de rekening geven wij u inzicht in de nog beschikbare kredieten per eind van het jaar. In onderstaande tabel zijn alle investeringen van > € 20.000 opgenomen. Het afronden van deze beschikbare investeringen heeft gevolgen voor de omvang van de reservepositie van de gemeente. Eind 2025 bedraagt de omvang van onze reserves € 56,1 miljoen. Op basis van de door de raad beschikbaar gestelde en nog uit te voeren kredieten eind 2025 zal deze reservepositie afnemen met € 13,5 miljoen naar bijna € 42,615 miljoen. 15 Dit is exclusief de raadsbesluiten 2026 waarbij investeringen ten laste van de reserves beschikbaar zijn gesteld. 86
87 Bovenstaande investeringen komen bij vaststelling jaarrekening het volgende boekjaar weer beschikbaar.
88
89 Bovenstaande investeringen komen bij vaststelling jaarrekening het volgende boekjaar weer beschikbaar.
90 Bijlage 8: Mutaties in de reserves en voorzieningen In aanvulling op de informatie in bijlage 3 geven wij u onderstaand e informatie over de mutaties per reserve en per voorziening. Reserves:
91
92
93 Voorzieningen:
94 Bijlage 9: Bijlage Taakvelden Onderstaand treft u de lasten en baten per taakveld voor de gehele programmarekening aan.
95
96
97
98 Bijlage 10: SISA, verantwoording specifieke uitkeringen In de jaarrekening moet verantwoording worden afgelegd over de rechtmatige besteding van specifieke uitkeringen. De bijlage presenteert 31 regelingen (2024: 28) die voor de gemeente van toepassing zijn. Sinds 1 januari 2019 kunnen gemeenten, sportverenigingen en sportstichtingen de btw die hen in rekening wordt gebracht voor investeringen en exploitatiekosten in sport niet langer in aftrek brengen. Ter compensatie kunnen gemeenten gebruikmaken van de Regeling specifieke uitkering stimulering sport (SPUK). Deze regeling is voor 2024 –2025 vastgesteld en in 2025 door het Rijk aangekondigd te worden verlengd tot 1 september 2027, waarbij tevens een aanvraagperiode voor 2026 is toegevoegd . Voor de verantwoording in 2025 sluit de gemeente aan bij dezelfde systematiek als in voorgaande jaren. De declaratie is opgesteld in lijn met de gedane aanvraag en ingedeeld naar de categorieën roerend, onroerend en overig . Conform de regeling is 18% van de in aanmerking komende bestedingen verantwoord, in overeenstemming met de geldende uitkeringsvoorwaarden. Net als in 2024 bestaat er in 2025 nog steeds onzekerheid over de btw -positie van gemeentelijke sportbedrijven, doordat de Belastingdienst voor deze organisaties nog geen definitieve standpunten heeft gepubliceerd.