f SB 5 FER 14 mei 2018.docx
Tekst van het document
1. Motieven 1.1 Wat zijn de redenen en de noodzaak voor de fusie? Schoolbesturen Accrete en Op Kop willen leerlingen vanuit hun specifieke zorg- en onderwijsbehoefte het beste (onderwijs)aanbod geven door bevlogen en deskundige leerkrachten. Doordat de samenwerking tussen de Ambelt en de Burgemeester Voetelinkschool, zal leiden tot een onderwijsexpertisecentrum, kan dit specifieke aanbod nog verder in kwaliteit groeien. De scholen zijn een onmisbare voorziening voor een kwetsbare groep leerlingen. 1.2 Wat zijn de alternatieven voor fusie? Overdragen aan RENN 4 (oorspronkelijk plan) of handhaven van de oude situatie. 1.3 Zijn deze alternatieven door het bestuur onderzocht? Beide zijn onderzocht. Oude situatie: Ambelt Kiest Koers (AKK), waardoor in het kader van passend onderwijs het onderwijs wordt ingepast in de lokale situatie. Voor het onderbrengen van de Ambelt bij RENN 4 is uiteindelijk niet gekozen, omdat de optie minder goed past bij de visie “AKK” om passend onderwijs met lokale verantwoordelijkheid te realiseren. Het handhaven van de oude situatie (twee gescheiden instituten) doet afbreuk aan de kansen en mogelijkheden om juist door integratie van sbo en so een meerwaarde te creëren voor de kwaliteit van een specifiek zorg- en onderwijsaanbod voor leerlingen met een specifieke behoefte.
Het gescheiden houden staat tevens haaks op de ontwikkelingen die ook landelijk worden gestimuleerd om te komen tot vergaande samenwerking en integratie.
2 Tijdsbestek 2.1 Wat is de beoogde fusiedatum? 1 augustus 2018. 2.2 Welke onderwerpen moeten na de fusiedatum nog geregeld worden? Op hoofdlijn zijn zaken geregeld door de Werkgroepen Onderwijs, Onderwijskwaliteit, ICT, HR & Organisatie, Huisvesting en facilitaire zaken en Financiën, die sinds dit schooljaar in co-creatie zaken voorbereiden. Door de aard van onderwijsorganisaties zullen deze thema's op Het Ravelijn in ontwikkeling blijven. Na instemming van de MR’en met de fusie en overdracht van de school zal er een update gemaakt worden van het projectplan om daarmee de invulling van het onderwijsexpertisecentrum verder vorm te geven en door te ontwikkelen. 3 Doelen 3.1 Wat wil het bestuur bereiken met de fusie? Partijen beogen per 1 augustus 2018 ’t Ravelijn te integreren tot een onderwijsexpertisecentrum (sbo en sbo+) in Steenwijkerland en omgeving onder de gezamenlijke verantwoordelijkheid en aansturing van de lokale partners Stichting Op Kop en Stichting PCO Accrete, die zich daartoe hebben verenigd in Stichting Samenlevingsscholen. In het onderwijsexpertisecentrum zal worden opgenomen de Burgemeester Voetelinkschool en de SO- locatie Steenwijk van de Ambelt. 3.2 Wat zijn de gekwantificeerde doelen Het gaat om continuïteit en bestuurlijke inbedding van gespecialiseerd onderwijsaanbod, in nauwe afstemming met het reguliere basisonderwijs.
4 Effecten op diversiteit 4.1 Benoem de gevolgen van de voorgenomen fusie op de variatie van het onderwijsaanbod in de betrokken regio. De voorgenomen fusie heeft geen effect op de variatie van het onderwijsaanbod. Door de samenvoeging en integratie ontstaan er meer mogelijkheden om het onderwijsaanbod verder te versterken. Aanvullend: 1: continuïteit van sbo en so cluster-4 expertise wordt gewaarborgd. 2: het aangaan van symbiose tussen sbo en cluster 4 met mogelijkheden voor tijdelijke opvang van leerlingen uit het regulier (tussenvoorziening) onderwijs. De expertise blijft zo beschikbaar voor alle leerlingen die dit nodig hebben. 4.2 Hoe wordt gewaarborgd dat in een bepaalde regio de variatie van het onderwijsaanbod blijft bestaan of groter wordt? Het gaat hier zowel om diversiteit op het niveau van scholen als op het niveau van vestigingen. Bij dat laatste gaat het om de ‘interne keuzevrijheid’. Dit is de mogelijkheid om te kiezen uit een gevarieerd Dit is niet zozeer van toepassing. De bestaande voorzieningen worden op deze manier geborgd. De andere voorzieningen in de regio blijven bestaan, derhalve is er niet een direct effect op de keuze voor de ouders om alternatieven te kiezen. Zie verder 4.1 onderwijsaanbod binnen een bestuurlijke eenheid.
5 Effecten op keuzevrijheid 5.1 Welke keuze hebben leerlingen en hun ouders uit scholen van een bepaalde richting of pedagogisch- didactische aanpak in het voedingsgebied na de beoogde fusie? In welk opzicht verandert de huidige keuze door de beoogde fusie? Door de fusie is er geen verandering in de huidige keuze in het voedingsgebied. 5.2 Wat zijn de effecten op de spreiding en omvang van de rechtspersonen en scholen in het voedingsgebied? Benoem daarbij zowel de voor- en nadelige gevolgen van de voorgenomen fusie. In Stichting Samenlevingsscholen bundelen Stichting Accrete en Stichting Op Kop de krachten. Zij zijn de grootste schoolbesturen/rechtspersonen voor primair onderwijs in de regio. Middels de betrokkenheid van het Samenwerkingsverband 2203 blijven ook de andere schoolbesturen/rechtspersonen betrokken bij de doorontwikkeling van het expertisecentrum. Het voordeel is continuïteit van thuisnabij onderwijs voor leerlingen met een extra ondersteuningsbehoefte (in een periode met leerlingenkrimp) en er zijn geen nadelen. 5.3 Wat zijn de effecten op de onderwijskundige en bestuurlijke diversiteit van het onderwijsaanbod in het voedingsgebied? Benoem daarbij zowel de voor- en nadelige gevolgen van de voorgenomen fusie. De onderwijskundige diversiteit staat niet ter discussie.
We blijven immers werken aan het beste (onderwijs)aanbod voor leerlingen met een specifieke onderwijs- en zorgbehoefte (zie ook 1.1). Met de waarborgen voor de algemene toegankelijkheid en het respecteren van de kernwaarden van zowel openbaar onderwijs als protestants-christelijk onderwijs is ook op dit punt de (bestuurlijke) diversiteit gewaarborgd (zie ook 5.2). In het voedingsgebied hebben verevening en krimp grote invloed. De fusie voorkomt verschraling van het onderwijsaanbod in de directe omgeving, waardoor de keuzevrijheid in de eigen regio voor ouders blijft gewaarborgd. 5.4 Welke maatregelen worden genomen om eventuele nadelen van de voorgenomen fusie tegen te gaan? Met oog op de keuzevrijheid zijn geen nadelen vastgesteld. 6 Kosten en baten 6.1 Welke financiële kosten en baten zullen er zijn? Financiële duurzaamheid is het uitgangspunt. Op basis van de berekeningen van de werkgroep financiën kan geconstateerd worden dat er in de huidige exploitatie geen sprake is van financiële knelpunten. Het toekomstperspectief (o.a. het verwachte) bedrijfsresultaat geeft vertrouwen. Er is voldoende ruimte om investeringsplannen te financieren. Er is (meer dan) voldoende weerstandsvermogen aanwezig. Het samenwerkingsverband heeft zich garant gesteld voor de aanvullende middelen t.b.v. de so-leerlingen.
Daarnaast loopt de experiment-aanvraag die bij honorering garanties geeft voor de continuïteit van de huidige financiering. Zie verder Bijlage 9 van de Eindrapportage van de werkgroep “financiën”. 6.2 Is de continuïteit voldoende gewaarborgd? Ja. Er zijn sluitende afspraken gemaakt met het SWV PO 2203. Zie verder 6.1 6.3 Wat zijn de risico’s? Er zijn geen risico’s die anders zijn dan de risico’s die er in relatie tot de situaties geschetst onder 1.2 van deze fusie- effectrapportage zouden zijn. Dan gaat het met name om leerlingenaantallen en aanpassingen in de financiering. Door de samenvoeging in het expertisecentrum ontstaat een robuustere voorziening die beter in staat zal zijn om onverwachte ontwikkelingen te tackelen. 6.4 Welke niet-financiële kosten en baten zal de fusie opleveren? Het grote voordeel van de fusie is continuïteit van thuisnabij onderwijs voor leerlingen met een extra ondersteuningsbehoefte in nauwe samenwerking met het regulier basisonderwijs. De gekozen constructie maakt een sterke verwevenheid met het regulier onderwijs mogelijk en zal deze op termijn kunnen versterken. 7 Effecten op personeel, leerlingen en ouders 7.1 Wat zijn de gevolgen voor de voorzieningen? Met de samenvoeging van so en sbo ontstaat er een situatie waarbij het geheel meer is dan de som der delen.
In die zin zijn er voor ouders, leerlingen en personeel van de afzonderlijke voorzieningen vooral voordelen. Natuurlijk zullen er vanuit de samenvoeging veranderingen optreden. Die zullen vooral organisatorisch van aard zijn. Doel is echter het goede te behouden en de kansen en mogelijkheden m.b.t. (groei van) kwaliteit te benutten. De gevolgen zijn dat de school voor sbo en so-4 verder gaan in symbiose. De effecten voor het personeel zijn nauwkeurig onderzocht en gemonitord. Er is een aanstellingsgarantie voor het personeel bij het bestuur van herkomst (Op Kop). De overstap naar de Stichting Samenlevingsscholen is met ieder individueel personeelslid besproken, waarbij zij een eigen afweging heeft kunnen maken en realiseren. De gesprekken daartoe zijn in april 2018 afgerond door de directeur Connie Kok. De leerlingen en ouders hebben de garantie op een thuisnabije voorziening. In plaats van schaalverkleining en risico op versnippering is er nu een gegarandeerde plaats in een gespecialiseerd onderwijsexpertisecentrum. In de nieuwe onderwijssetting kunnen leerlingen meer leren van elkaar doordat ze elkaar leren kennen. De heterogeniteit zal ontstaan vanuit veilige uitdaging zodat voor alle leerlingen (en hun ouders) een optimale onderwijssituatie kan ontstaan.
7.2 Welke effecten verwacht het bestuur op het schoolklimaat, de betrokkenheid van ouders bij de school en de betrokkenheid van het personeel bij de school? In het lopende schooljaar zijn voorbereidingen getroffen in de scholen die steeds meer werken als één team met een gezamenlijk schoolklimaat, waarbij rust, structuur en ruimte de uitgangspunten zijn. De kernwaarden respect, veiligheid en verantwoordelijkheid zijn de basis voor het pedagogisch handelen voor het personeel en daarmee voor het samenwerken met ouders. 7.3 Wat zijn de gevolgen voor de arbeidsvoorwaarden, het personeelsbeleid en de medezeggenschap? Alle medewerkers krijgen met behoud van rechten en plichten een nieuwe aanstelling bij Stichting Samenlevingsscholen. Salaris en werktijdfactor zijn in de overgang gegarandeerd. In de formatie is voldoende ruimte om alle medewerkers in vaste dienst op te nemen. In de financiering is voldoende budget om deze formatie ook te betalen. Daarnaast is er ruimte om de formatie uit te breiden. De directie heeft de ruimte gekregen om de personele wensen kenbaar te maken. De cao blijft leidend. Medewerkers blijven aangesloten bij het ABP. M.b.t. de medezeggenschap: Bij instemming met het fusiebesluit zal worden gestreefd naar 1 MR voor het gehele onderwijsexpertisecentrum. Dat zal de samenhang, integratie en synergie in de medezeggenschap t.b.v.
een sterk onderwijs- expertisecentrum versterken. Zowel voor ouders als voor medewerkers. M.b.t. de directievoering: Bij het vertrek van Rita Lorkeers (directeur Burg. Voetelinkschool) is in samenspraak met de verschillende geledingen van de Ambelt en de Burg. Voetelinkschool voor een tijdelijke invulling van de directievoering gekozen. De eindverantwoordelijkheid ligt bij Connie Kok en Natasja de Graaf functioneert als aanspreekpunt voor de Burg. Voetelinkschool. Daarnaast speelt Citha Breedveld vanuit de Ambelt een ondersteunende rol. Dit alles tot volle tevredenheid. Er zijn mooie stappen gezet op weg naar onderwijscentrum ‘t Ravelijn. Tegelijkertijd is afgesproken dat niemand aan deze situatie tot 1-8- 2018 rechten kan ontlenen. Inmiddels heeft het bestuur vooruitgekeken naar de invulling van de directievoering per 1-8-2018. Oorspronkelijk ging het bestuur uit van een eenhoofdige leiding. Met de aanwezigheid van directeuren Connie Kok en Rita Lorkeers vond het bestuur het logisch om hen beiden een directierol te geven. Met het vertrek van Rita Lorkeers keert het bestuur terug bij haar oorspronkelijke gedachte van een eenhoofdige leiding. Het bestuur wil ConnieKok en beide teams de ruimte geven om een managementteam te formeren, dat ondersteunend aan en onder verantwoordelijkheid van de directeur functioneert. Het bestuur denkt aan leerkrachten met extra taken (niveau LC).
Facilitering kan voor een stuk uit de formatie komen en voor een deel vanuit het taakbeleid van betrokkenen. Aan Connie Kok en de teams de vraag om aan een en ander richting te geven. Denk aan deelgebieden als “onderwijs”, “zorg” en/of “organisatie”. Aansluitend zouden medewerkers hierop kunnen solliciteren. Deze denkrichting heeft het bestuur teruggelegd bij beide Mr’en. De Mr’en hebben positief gereageerd op deze denkrichting. De formele procedure zal binnenkort starten. Er zijn dus geen gevolgen t.a.v. arbeidsvoorwaarden en personeelsbeleid in deze. De medezeggenschap wordt versterkt doordat een overzichtelijke situatie ontstaat voor het onderwijsexpertisecentrum onder de verantwoordelijkheid van de Stichting Samenlevingsscholen. 7.4 Wat zijn de gevolgen voor betrokkenheid van leerlingen, hun motivatie en hun mogelijkheden voor medezeggenschap? In de samenwerking (zie ook 7.2) wordt gestreefd naar symbiose. Leerlingen leren met en van elkaar, waar mogelijk. En vanuit veilige uitdaging. Dit zijn de pijlers voor betrokkenheid, motivatie en eigenaarschap. 7.5 Wat zijn de gevolgen voor de betrokkenheid van ouders? Ouders zijn gedurende dit schooljaar betrokken bij ontwikkelingen d.m.v. de Medezeggenschapsraden, een gezamenlijke spreekavond en maandelijks een gezamenlijke nieuwsbrief.
Zie ook 7.3 8 Communicatie en evaluatie 8.1 Op welke manieren en via welke kanalen worden de belanghebbenden betrokken bij het fusieproces? 1: Alle medewerkers van ’t Ravelijn met een benoeming krijgen dezelfde informatie. Er wordt gewerkt in co-creatie. Over de voortgang vanuit stuurgroep gaat informatie via de regiegroep naar alle geledingen. Team: voortgang nav stuurgroep, gezamenlijke weeknieuws op vrijdagmiddag, zakelijke Ravelijn-app (niet in weekend), agendapunt in elke teamvergadering: voortgang Ravelijn. 2: MR: voortgang uit de stuurgroep, regiegroep, schoolzaken volgens wettelijke bepalingen door directeur. 3: Nieuwsbrief ouders: gelijke tekst voor alle ouders, vanaf 1 maart 2018 1 gezamenlijke nieuwsbrief. Zelfde powerpoint op ouderavond beide scholen. 4: Leerlingen: georganiseerde ontmoetingsmomenten en samenwerking (bijv. Nav idee van de werkgroep onderwijs en teamontwikkeldagen), frequentie in overleg met team. 5: Externen: er is een voorlichtingsavond georganiseerd in april voor alle betrokkenen in het werkveld. 8.2 Wanneer en hoe wordt geëvalueerd of de doelen van de fusie zijn bereikt? De plannen worden tussentijds geëvalueerd door de stuurgroep en de regiegroep, samen met de projectleider. Alle vragen vanuit de MR-en zijn samengebracht in het projectplan en deze worden uitgewerkt in diverse werkgroepen.
Eind mei 2018 wordt de eindrapportage opgeleverd, met daarin aangegeven welke doelen van de fusie zijn bereikt. Ook wordt dan vermeld welke doelen verder ontwikkeld gaan worden (zie ook 2.2 van dit rapport). 8.3 Wanneer en hoe wordt geëvalueerd wat de effecten (vooral op de punten van spreiding, omvang, variëteit en keuzevrijheid) zijn? Per 1-08-2018 zal gestreefd worden naar 1 MR voor het Onderwijsexpertisecentrum. Daarnaast zal er een GMR voor Stichting Samenlevingsscholen worden ingesteld (wettelijk verplicht) waarin de medezeggenschap op het niveau van de stichting invulling krijgt. In deze GMR worden ouders en medewerkers van zowel de Lisdodde als ’t Ravelijn vertegenwoordigd. Zie ook 7.3 en 7.5. van deze rapportage. Er zal sprake zijn van een continue proces van evaluatie en doorontwikkeling. Dat zal in samenspraak met en tussen bestuur, directie, team en MR plaatsvinden. Deze evaluatie zal plaatsvinden in overleg met de betrokken Zie ook punt 5 van dit rapport. 9 Advies burgemeester en wethouders 9.1 Wat is het advies van het college van B en W over de fusie? Op 24 april 2018 heeft het college van B en W schriftelijk te kennen gegeven dat zij de samenvoeging van harte ondersteunt (zie bijlage). Toelichting Algemeen Dit formulier is bijlage 2 bij de Regeling en beleidsregels fusietoets in het onderwijs.