CConstaterende datSteenwijkerland
Koppel je AI →
Document · PDF

Definitieve aanvulling zienswijze ontwerp-PIP De Wieden 15 juni 2020.docx

Raadsvergadering 16 juni 2020, gemeente SteenwijkerlandBij agendapunt: Reactie op ontwerp-PIP De Wieden1.950 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Gedeputeerde Staten van Provincie Overijssel t.a.v. de heer C. Ortelee O.v.v. ‘De Wieden, nummer 3887141 Postbus 10078 8000 GB Zwolle Steenwijk, 16 juni 2020 Onderwerp: Aanvulling pro forma zienswijze ontwerp-PIP De Wieden Geacht college, Hierbij maakt de gemeenteraad van de gemeente Steenwijkerland zijn zienswijze kenbaar met betrekking tot het ontwerp Provinciaal Inpassingsplan de Wieden zoals dat sinds 24 maart 2020 door u ter visie is gelegd. Op 1 april jl. heeft het college van B&W van Steenwijkerland namens de gemeenteraad een pro forma zienswijze ingediend op het ontwerp PIP De Wieden. In deze pro-forma zienswijze heeft het college aangegeven dat de raad op 26 mei 2020 zou kunnen besluiten om óf de zienswijze aan te vullen óf om deze in te trekken en u alleen een reactie of advies te sturen. Echter, na de Politieke Markt op 19 mei heeft een groot aantal fracties aangegeven een zienswijze te willen indienen vanuit de raad. Om een dergelijke zienswijze te kunnen formuleren heeft de raad de provincie gepolst of het mogelijk is de deadline voor het inleveren van een zienswijze te verlengen naar 16 juni. De provincie heeft aangegeven begrip te hebben voor het verzoek van de gemeente Steenwijkerland om de termijn te verlengen.

Vervolgens is daartoe tijdens de raadsvergadering van 26 mei 2020 een ordevoorstel ingediend en aangenomen om de besluitvorming op het ontwerp PIP De Wieden door te schuiven naar de Politieke Markt van 2 en 3 juni. De raad heeft op 16 juni 2020 een besluit genomen over het aanvullen van de pro forma zienswijze met onderstaande punten. Het ontwerp- PIP De Wieden heeft beroering binnen onze gemeente - met name bij de agrarische- en rietsector - te weeg gebracht. Wij betreuren dat zeer, vooral omdat wij overtuigd zijn van het feit dat door een aantal relatief kleine aanpassingen van de plannen veel van de weerstand vanuit de (agrarische) ondernemers, de rietsector en inwoners van de Wieden kan worden opgelost. Een verbeterde belangenafweging draagt weer bij aan een vlotter verloop van de verdere planologische procedures, waarmee vertraging wordt voorkomen. Bovendien passen deze aanpassingen ons inziens uitstekend in de intentie om in een breed samenwerkingsverband de natuur in de Natura2000-gebieden De Wieden en Weerribben te herstellen en te versterken. Om de doelstellingen te kunnen halen is het cruciaal om gedurende het gehele planproces de belangen van de verschillende belanghebbenden gedurende het gehele planproces centraal te stellen en optimaal te combineren. Van oudsher is er in het gebied van De Wieden en Weerribben namelijk sprake geweest van gebiedsparticipatie.

In 2017 is het Beheerplan Wieden Weerribben door Provinciale Staten vastgesteld. Met het voorliggende ontwerp is afgeweken van het voornoemde Beheerplan. Er is gebroken met de traditionele vorm van gebiedsparticipatie waarin provincie en alle belanghebbenden samen aan tafel zitten om wijzingen door te spreken en af te stemmen. De voorliggende afwijking van het beheerplan, die niet met alle belanghebbenden is besproken, raakt juist diegene die niet aan tafel heeft gezeten. Er is veel overleg geweest in algemene zin, maar niet specifiek over de in de Reactienota (Bijlage 15, Hoofdstuk 3, nr.1) genoemde ambtshalve wijzigingen, waardoor de bestemming Natuur verzwaard wordt. Bij deze ambtshalve wijziging zijn de consequenties voor natuur, omgeving en belanghebbenden ten onrechte niet in beeld gebracht en is er dus geen sprake van een zorgvuldige belangenafweging. Dit draagt niet bij aan het vertrouwen in de overheid. Graag zouden wij zien dat dit vertrouwen weer hersteld kan worden. Vanuit ieders verantwoordelijkheid zal hieraan gewerkt moeten worden. Het PIP vervangt de Beheerverordening. Wij zouden dan ook graag zien dat de uitgangspunten van de Beheerverordening inzake gebruiksmogelijkheden voor agrarisch gebruik en rietteelt mee worden genomen in het PIP.

Het overnemen van de inhoud van deze zienswijze is een stap in de goede richting, waardoor randvoorwaarden gesteld worden die de ruimtelijke uitwerking van de plannen zorgvuldiger en duidelijker maken. Wij verzoeken u daarom met klem onderstaande aanpassingen in (de totstandkoming van) het PIP-de Wieden door te voeren. 1. Met de rietsector in de Wieden is specifiek over de ambtshalve wijzigingen in het ontwerp PIP geen overleg geweest. De belangen van de rietsector zijn dan ook niet voldoende meegenomen. Dit is wat de gemeente Steenwijkerland betreft een omissie die hersteld dient te worden. De gebiedskennis en kunde van de riettelers in Steenwijkerland is evident en van grote waarde voor het betreffende gebied. De gemeente Steenwijkerland zet zich dan ook in voor behoud van het traditionele beroep van rietsnijders. Wij hopen dat ook de provincie zich wil blijven inzetten voor behoud van dit ambachtelijk beroep. U geeft te kennen dat u samen met inwoners en ondernemers in de Natura 2000-gebieden en in de buurt van de Natura 2000 gebieden bespreekt of het mogelijk is om de noodzakelijke herstelmaatregelen te combineren met landbouwkundig gebruik en versterking van de landbouwstructuur. Erken daarbij ook de rietsector als gesprekspartner en laat ze mee aan tafel zitten. Wij verzoeken u de Riettelersorganisaties op te nemen in de Bestuurlijke Advies Groep. 2.

De belangen van de riettelers zijn niet goed afgewogen. In het PIP wordt voor de rietteelt met aanduidingen gewerkt, terwijl de nu geldende Beheerverordening Buitengebied (2014) deze beperkingen binnen de nu geldende agrarische en natuurbestemmingen niet kent . Het gevolg daarvan is dat riettelers straks dingen niet meer kunnen doen die ze eerst wel mochten doen. Want rietteelt buiten deze aanduidingen is met het PIP ruimtelijk niet meer toegestaan. Hetzelfde geldt voor ander agrarisch gebruik van de gronden. Deze belangenafweging is niet goed gemaakt. Op het voorontwerp hebben belanghebbenden de gelegenheid gehad te reageren. Het plangebied van het ontwerp-PIP is, zoals in de toelichting van dit plan zelf wordt aangegeven, echter aanzienlijk groter dan de begrenzing van het voorontwerp. Voor deze vergroting is de belangrijke (participatie)fase van vooroverleg en inspraak overgeslagen. Veel betrokkenen is geen gelegenheid geboden om te reageren op een voorontwerp. Zo zijn tijdens het spel de spelregels eenzijdig gewijzigd en daarmee in strijd met de door de overheid voorgestane transparante werkwijze en fair play. De mogelijkheden voor de agrarische- en rietsector worden beperkt door de aanduidingen in het PIP. Zonder dat alle direct betrokkenen daarover vooraf geïnformeerd zijn of een (inspraak)reactie hebben kunnen geven. 3. Het PIP vervangt de Beheerverordening.

Wanneer de uitgangspunten van de Beheerverordening inzake gebruiksmogelijkheden voor agrarisch gebruik en rietteelt worden meegenomen in het PIP de Wieden wordt recht gedaan aan de belangen van deze groepen zonder dat dit ten koste gaat van andere belangen. 4. De in het ontwerp PIP – de Wieden voorgestelde inperking van oogstbaar riet - met als motivatie een efficiënter beheer (cyclisch maaien eens in de 3 jaar tegen halfjaarlijks maaien grasland) - is afwijkend van de huidige praktijk. Er is echter geen onderzoek naar gedaan en derhalve niet aangetoond dat dit essentieel is in het beheer voor Ruigten en zomen. Wij verzoeken u het gevraagde onderzoek alsnog uit te voeren en indien de noodzaak van deze inperking niet kan worden aangetoond, deze achterwege te laten. 5. De raad vraagt zich af of het PIP in overeenstemming is met de Wet Natuurbescherming. De externe werking van de nieuwe natuur is onvoldoende onderzocht op gevolgen voor de omgeving en bedrijven. In de omgeving zou dan minder toegestaan moeten worden als gevolg van onder meer de stikstof wetgeving. Wij roepen de provincie dan ook op om nader onderzoek te doen naar de externe werking van de nieuwe natuur. Er komt nieuwe natuur bij, wat is het gevolg voor de omgevingen en bedrijven? De belangen zijn nu niet goed af te wegen.

Een bestemmingswijziging van agrarisch naar natuur heeft consequenties voor allerlei ontwikkelingen. Bijvoorbeeld voor woningbouw, scholen, dorpen, inwoners en ondernemers. 6. De raad verzoekt de in de PIP de Wieden de gronden (met bestemming nieuwe natuur) niet automatisch door te schuiven aan de tbo’s. Maar regel bij voorkeur het beheer rechtstreeks via langdurige contracten met geïnteresseerde en gekwalificeerde riettelers en /of agrarische bedrijven. 7. In het ontwerpplan wordt gesteld dat schadeloosstelling maatwerk is en dus voor iedereen anders is. Dit zorgt voor veel onduidelijkheid en geeft geen inzicht in de gehanteerde spelregels. De gemeenteraad stelt dan ook voor om aan de voorkant van het proces duidelijkheid te geven over schadeloosstelling en waardevermindering. De spelregels dienen aan de voorkant helder te zijn, waarbij een onderscheid in drie scenario’s aangebracht kan worden. Te weten: Planschade en / of nadeelcompensatie in bedrijfsvoering Planschade en / of nadeelcompensatie in ontwikkeling Planschade en / of nadeelcompensatie als een ondernemer wil stoppen en moet verkopen Een schadeanalyse die vooraf vastgesteld wordt, zal aan de voorkant helder inzicht bieden aan alle betrokkenen bij het proces van schadeloosstelling.

Daarnaast stellen we voor om in de spelregels vast te leggen dat u maximaal gaat inzetten op vrijwilligheid en onteigening als allerlaatste middel in zult zetten. Wij verzoeken u genoemde voorstellen over te nemen. 8. Door het ontbreken van een schadeanalyse is onduidelijk wat de omvang van de financiële begrenzing is. Als er veel schade gaat ontstaan, is het plan voor de provincie dan nog wel haalbaar? Daarnaast is ons onduidelijk waar het door de provincie gehanteerde overgangsrecht van twee jaar op gebaseerd is. Overheidsregels op dit vlak zijn vastgelegd in de Wet Ruimtelijke Ordening. Op welke grondslag wordt door de provincie afgeweken van de gebruikelijke overheidsregels? Het overgangsrecht wordt hierdoor in algemene zin ingekort en dat heeft een ongewenst en negatief effect op de belangen van de belanghebbenden. De raad verzoekt u uw beslissing omtrent het afwijkende overgangsrecht te herzien en aan te sluiten bij het wettelijke overgangsrecht. 9. De raad verzoekt u de vrijgekomen stikstofruimte zoals omschreven in het ontwerp PIP behouden voor de agrarische sector en / of inwoners in Steenwijkerland. En om de ontstane N-ruimte door het staken van melkveehouderij activiteiten te benutten voor het halen van doelen voor de landbouw. Dit vanuit de gedachte ‘lusten en lasten’ evenredig verdelen. 10.

De vernatting (plas-dras) van diverse percelen zal ongetwijfeld het aantal ganzen (fors) en zwanen in de nabij gelegen landbouwgebieden doen toenemen. Met alle gewasschade van dien voor de eigenaren. Gemeente pleit met de agrarische sector voor een schadeanalyse en maatregelen om de mogelijk toenemende schade te compenseren. 11. De switch in beleid van weidevogels naar moerasvogels in het ontwerp PIP is opmerkelijk te noemen. Zonder overleg en nadere motivatie wordt eenzijdig voor deze beleidswijziging gekozen. Er is zelfs geen sprake van een wetenschappelijke onderbouwing voor deze nieuwe koers. Nog los van het feit dat dit een demotiverende werking op tal van huidige weidevogelbeheerders zal hebben, zal ook de populatie weidevogels verder afnemen. En dit zal vervolgens ook effecten hebben op roofvogels en andere diersoorten. Wat zijn de financiële gevolgen van het stopzetten van het beleid tot behoud van weidevogels? In de afgelopen jaren is veel subsidie gestoken in dit beleid. Dit zal een maatschappelijke en financiële discussie tot stand brengen. Wij pleiten dan ook voor het terugdraaien van deze koerswijziging. Naast bovenstaande zienswijze wil de gemeente Steenwijkerland de provincie graag de volgende twee verzoeken voorleggen: 12. Wij verzoeken u in het PIP meetbare doelen op te nemen waardoor concrete sturing mogelijk wordt.

Benoem niet alleen aantal dieren of planten per ha, maar verbind ook consequenties aan het niet halen van de gestelde doelen en ga hierover in gesprek met betrokken gebiedspartners. Het zou mogelijk moeten zijn om concreet te sturen op andere methoden om de natuurdoelen te bereiken juist door specifiek omschreven agrarisch (mede)gebruik c.q. beheer. 13. Als laatste wil de gemeente Steenwijkerland pleiten voor het zichtbaar maken van 460 hectare natuur. Te denken valt aan het vergroten van de toegankelijkheid van het gebied voor publiek door bijvoorbeeld de aanleg van fiets- en wandelpaden. Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 16 juni 2020, De raad voornoemd, de griffier, de voorzitter, A.ten Hoff J.H. Bats

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://steenwijkerland.bestuurlijkeinformatie.nl/Document/LoadAgendaItemDocument/ca73918f-04d3-414c-ad75-a32d5b53c2fd?agendaItemId=c4e62f91-0b05-43f6-89be-814a488bf136