Controle op fractievergoedingen 2020.doc
Tekst van het document
Controle op fractievergoedingen 2020 De raad heeft in lijn met de eerdere proef uit 2017, afwijkend van de verordening, een kascommissie benoemd in de raadsvergadering van 30 maart 2021 voor de controle van de fractievergoedingen over het jaar 2020. Mevrouw A. Makken, de heer H. Ruitenberg en de heer G. Vinke hebben als lid van de kascommissie de controle van de fractievergoeding over 2020 uitgevoerd. De kascommissie heeft op 28 april 2021 een eerste controle uitgevoerd. Naar aanleiding van deze controle zijn een aantal verhelderende vragen gesteld aan de fractiepenningmeesters. De kascommissie is vervolgens op 2 september 2021 weer bijeengekomen en middels een laatste informatie opvraag heeft de kascommissie op 13 december 2021 kunnen vaststellen dat de goedgekeurde uitgaven rechtmatig besteed zijn. Ook de interne organisatie heeft een steekproef uitgevoerd. Hierbij zijn geen onregelmatigheden aangetroffen. In onderstaande rapportage worden de bevindingen van de kascommissie en een aantal aanbevelingen weergegeven. Bevindingen BGL: Onderbouwde kosten zijn € 5365,20. Daarvan is € 4657,74 goedgekeurd. De verstrekte vergoeding bedraagt € 5.000,-. Er is een reserve opgebouwd van € 1500.-. Totale goedgekeurde kosten zijn 4657,74 € 5.000,- (ontvangen bedrag 2020) + € 1500,- (reserve) -/- € 4657,74 (goedgekeurde kosten) -/- €1500 (reserve 2021) = 342,26.
Er dient € 342,26 te worden teruggestort. D66: Onderbouwde kosten zijn € 524,38. Daarvan is € 524,38 goedgekeurd. De verstrekte vergoeding bedraagt € 2500,-. Er is een reserve opgebouwd van € 750,-. Totaal goedgekeurde kosten zijn € 524,38. € 2500,- (ontvangen bedrag 2020) + € 750,- (reserve ) -/- € 524,38 (goedgekeurde kosten) -/- € 750,- (reserve 2021) = € 1975,62. Er dient € 1975,62 terug te worden gestort. VVD: Onderbouwde kosten zijn € 1115,02. Daarvan is € 969,52 goedgekeurd. De verstrekte vergoeding bedraagt € 4000,-. Er is een reserve opgebouwd van € 1200,00 Totaal goedgekeurde kosten zijn € 1115,02. € 4000,- (ontvangen bedrag 2020) + € 1.200,- (reserve) -/- € 969,52 (goedgekeurde kosten) - /- € 1.200 (reserve 2021) = € 3030,48. Er dient € 3030,48 terug te worden gestort. CDA: Onderbouwde kosten zijn € 2651,39. Daarvan is € 2651,39 goedgekeurd. De verstrekte vergoeding bedraagt € 4.000,-. Er is een reserve opgebouwd van € 1.200,-. Totaal goedgekeurde kosten zijn € 2651,39. € 4.000,- (ontvangen bedrag 2020) + € 1.200,- (reserve) -/- € 2651,39 (goedgekeurde kosten) -/- € 1.200,- (reserve 2021) = € 1348,61. Er dient € 1348,61 terug te worden gestort. CPB: Onderbouwde kosten zijn € 4408,76. Daarvan is € 4408,76 goedgekeurd. De verstrekte vergoeding bedraagt € 3500,-. Er is geen reserve opgebouwd. Totaal goedgekeurde kosten zijn € 4408,76.
€ 3500,- (ontvangen bedrag 2020) + € 0,00 (reserve) -/- € 4408,76 (goedgekeurde kosten) -/- € 0,- (reserve 2021) = - € 908,76. Er is meer uitgegeven dan de reeds verstrekte vergoeding. Er vindt geen terugvordering plaats. PvdA: Onderbouwde kosten zijn € 778,80. Daarvan is € 778,80 goedgekeurd. De verstrekte vergoeding bedraagt € 4.500,-. Er is een reserve opgebouwd van € 1350,00. Totaal goedgekeurde kosten zijn € 778,80. € 4.500,- (ontvangen bedrag 2020) + € 1.350 (reserve) -/- € 778,80 (goedgekeurde kosten) -/- € 1.350 (reserve 2021) = € 3721,20. Er dient € 3721,20 terug te worden gestort. CU: Onderbouwde kosten zijn € 1129,40. Daarvan is € 1129,40 goedgekeurd. De verstrekte vergoeding bedraagt € 3.000,-. Er is een reserve van € 900,00 opgebouwd. Totaal goedgekeurde kosten zijn € 1129,40 € 3.000,- (ontvangen bedrag 2020) + € 900,- (reserve) -/- € 1129,40 (goedgekeurde kosten) -/- € 900,- (reserve 2021) = 1870,60 Er dient € 1870,60 terug te worden gestort. GL: Onderbouwde kosten zijn € 2023,05. Daarvan is € 2023,05 goedgekeurd. De verstrekte vergoeding bedraagt € 3000,-. Er is geen reserve opgebouwd. Totaal goedgekeurde kosten zijn € 2023,05. € 3000,- (ontvangen bedrag 2020) + € 900,- (reserve) -/- € 2023,05 (goedgekeurde kosten) -/- € 900,- (reserve 2021) = 976,95. Er dient € 976,95 terug te worden gestort.
Aanbevelingen •Lever de verantwoording digitaal en uiterlijk drie maanden na het sluiten van het kalenderjaar aan. •Maak gebruik van het format voor de aanlevering van het kostenoverzicht. Voor de onkostenvergoeding wordt met een nieuwe verordening een tweede format ingebracht. •Hanteer een afzonderlijke bankrekening voor het fractiebudget . •Vaste onkostenvergoeding aan steunfractieleden voor enkel fractievergaderingen (max € 15,- per fractievergadering) per persoon en per datum aanduiden. •De kascommissie ziet dat er vrijwilligersvergoedingen worden uitgekeerd aan steunfractieleden bovenop hun onkostenvergoedingen. Hoewel dit reglementair toegestaan is, acht de kascommissie deze gang van zaken niet wenselijk. Zeker wanneer het gaat om vrijwilligersvergoedingen voor bestuursfuncties. Opmerking in algemene zin: In 2018 zijn vergoedingen in de vorm van een vast bedrag zijn boven de 1.500 per jaar belast als er geen aantoonbare kosten tegenover staan. Als de vrijwilliger dit bedrag niet overschrijdt, hoeft de vergoeding niet aan de belastingdienst door te worden gegeven en hoeft er geen loonheffing ingehouden of afgedragen worden. Vrijwilligers die boven dit bedrag uit komen, moeten deze inkomsten doorgeven aan de belastingdienst en mogelijk ook loonbelasting betalen. Deze bedragen worden elk jaar opnieuw vastgesteld.
In 2019 en 2020 mocht de vergoeding (bij 22 jaar of ouder) niet meer zijn dan € 1.700 per jaar. Voor 2021 is dit bedrag € 1.800 per jaar.