Concept startnotitie RES West Overijssel.pdf
Tekst van het document
Startnotitie Regionale Energiestrategie West-Overijssel Concept 16 april 2019 Startnotitie RES West-Overijssel Concept 16 april 2019 2 Voorwoord 1. Aanleiding ……………………………………………………………………………….….….4 2. Waarom samenwerken aan de RES in West-Overijssel? ……………….….…..5 . 3. Scope .…………………………………………………………………………………..……....6 4. Richtinggevende uitgangspunten ………………………………………………….…. 7 5. Participatie inwoners,bedrijven raden, staten en algemene besturen ....10 6. Communicatie met inwoners ……………………………………………………….….12 7. Governance …………………………………………………………………………………..13 8. Maatschappelijke partners ……………………………………………………………..16 9. Capaciteit en financiën ……………………………………………………………...…..17 10. Tijdlijn …………………………………………………………………………………………18 Startnotitie RES West-Overijssel Concept 16 april 2019 3 Voorwoord Nederland heeft het Klimaatakkoord van Parijs ondertekend en haar doelstellingen bepaald voor 2030 (49% CO2-emissiereductie ten opzichte van 1990) en 2050 (minimaal 80-95% CO2-emissiereductie ten opzichte van 1990). Voor de uitwerking van de afspraken is een Ontwerp Nationaal Klimaatakkoord opgesteld. Aan vijf tafels zijn voorstellen ontwikkeld: industrie; gebouwde omgeving; mobiliteit; landbouw en landgebruik en elektriciteit. De voorstellen worden voorzien van een doorrekening door het Planbureau voor de Leefomgeving. Daarna neemt het Kabinet een standpunt in over de voorstellen.
Voor de decentrale overheden (provincies, gemeenten en waterschappen) is een belangrijk onderdeel van het akkoord het opstellen van Regionale Energiestrategieën in 2019. De Regionale Energiestrategie (RES) geeft een overzicht van lopende projecten, plannen en strategische keuzes voor de korte en lange termijn. De RES geeft inzicht in het realiseren van de transitie. Met een horizon van 2030 en een doorkijk naar 2050. In deze startnotitie spreken we - provincie, gemeenten en waterschappen in West-Overijssel - met elkaar af een Regionale Energiestrategie voor West- Overijssel op te stellen. Ook komen we een aantal uitgangspunten overeen. In dit proces is ruimte om maatschappelijke partners uit te nodigen voor deelname. We doen dit in een context die verandert. Transities zijn per definitie dynamisch en brengen onzekerheden met zich mee, maar ook kansen. Omdat nog steeds onderhandeld wordt over de maatregelen in het (Ontwerp voor een) Klimaatakkoord, is het op dit moment nog te vroeg om aan te geven waar de RES precies aan moet voldoen en op welke wijze deze tot stand moet komen. Dat werken we in de loop van dit jaar verder uit met elkaar. Ook het proces van uitvoering komt later aan de orde.
Daarom spreken we van een startnotitie die markeert dat de gemeenten, provincie, waterschappen, maatschappelijke partners en inwoners beginnen aan een (meerjarig) proces van samenwerking in de energietransitie gericht op 2030, met een doorkijk naar 2050. In de loop van de tijd zullen omstandigheden en inzichten wijzigen en zal ook de aanpak en de samenwerking aan verandering onderhevig zijn. Niemand kan op dit moment (voorjaar 2019) overzien wat de volledige impact zal zijn van de energietransitie op het landschap, de economie, de mobiliteit, de wijze van wonen en werken en zeker nog niet tot op het niveau van de eigen woning en woonomgeving. Juist om die reden hebben de decentrale overheden de handen ineen geslagen om tot een gezamenlijke strategie te komen. Zij zijn in staat om, samen met de inwoners, adequaat te reageren op de uitdagingen die de komende decennia op ons af komen. Startnotitie RES West-Overijssel Concept 16 april 2019 4 1. Aanleiding We hebben energiebronnen nodig om te kunnen wonen en werken. Als de gaskraan dicht gaat, willen we in West-Overijssel onze huizen duurzaam kunnen verwarmen en onze fabrieken laten draaien. Steeds meer gas- en kolencentrales sluiten. De vraag naar elektriciteit uit wind- en zonne-energie stijgt snel.
In West-Overijssel nemen we als gemeenten, provincie en waterschappen onze verantwoordelijkheid om op tijd een strategie te ontwikkelen die er voor zorgt dat we in 2030 voldoende warmte beschikbaar hebben voor onze bedrijven en gebouwen. En dat we voldoende elektriciteit opwekken uit zon- en windenergie. Daarmee leveren we tegelijk een bijdrage aan de nationale doelstellingen uit het Klimaatakkoord. Onze bijdrage bestaat uit: Tafel elektriciteit bijdrage aan: “hernieuwbaar op land” (wind+zon): 35 TWh in 2030; opslag en gevolgen energie-infrastructuur. Tafel gebouwde omgeving inventarisatie van: bronnen warmte; warmtevraag; afwegingen toedeling warmtebronnen; gevolgen warmte-infrastructuur. 2020/2021 borging RES in transitievisies warmte, wijkplannen en omgevingsplannen. Startnotitie RES West-Overijssel Concept 16 april 2019 5 2. Waarom samenwerken aan de RES in West-Overijssel? Bedrijven, inwoners, overheden en maatschappelijke organisaties in West- Overijssel hebben forse ambities voor een toekomstbestendige regio. Dat blijkt o.a. uit de gemeentelijke coalitieakkoorden. Gemeenten geven daarin aan energieneutraal te willen zijn, in tijd variërend van 2023 tot 2050. Nu al nemen bedrijven, energiecoöperaties en (semi-)overheden daarvoor tal van initiatieven. Daarom, en ook om de volgende redenen, is nauwere samenwerking op West-Overijsselse schaal wenselijk.
De bestuurlijke RES-partners in West-Overijssel zijn de gemeenten Dalfsen Deventer, Hardenberg, Kampen, Olst-Wijhe, Ommen, Raalte, Staphorst, Steenwijkerland, Zwartewaterland en Zwolle, het waterschap Drents Overijsselse Delta, Waterschap Vallei en Veluwe en Waterschap Vechtstromen en de provincie Overijssel. Zij hebben - afzonderlijk van elkaar - hoge ambities voor duurzame energieopwekking en duurzame warmtevoorziening. Om de gevraagde bijdrage aan de doelen uit het Klimaatakkoord te halen, moet het tempo van planning en realisatie van de opwekking van duurzame elektriciteit op land en de warmtetransitie omhoog. Daar komt nog bij dat de energieprojecten op zich steeds omvangrijker worden. Dit alles vraagt om bundeling van kennis, financiële middelen en organisatiekracht. Het elektriciteitsnet wordt zwaarder belast door de aansluitingen van zonne- en windparken. Capaciteitsuitbreiding van het net vraagt om forse investeringen in (inter)regionaal verband, omdat het grote gebieden doorkruist, en niet ophoudt bij een gemeentegrens of regio. Een rechtvaardige verdeling van lusten en lasten staat bij alle partners hoog in het vaandel. Als we de directe omgeving zo veel mogelijk willen laten delen in de opbrengsten, is extra investeringskracht nodig. Samenwerking levert die extra investeringskracht en financiële instrumenten o.a. voor het benutten van het lokale eigendom.
De diversiteit aan mooie landschappen is karakteristiek voor West- Overijssel. Het effect van zonne- en windparken op die landschappen is groot. En daarmee ook op de beleving van het landschap van bewoners en bezoekers die niet gebonden is aan gemeentegrenzen. Daarom beschouwen we de beleving van onze landschappen op lokale èn regionale schaal. En houden daar rekening mee bij de inpassing van zonne- en windparken. Tot slot is het zaak om onze strategie voor West-Overijssel af te stemmen op die van de aangrenzende RES-regio’s. Startnotitie RES West-Overijssel Concept 16 april 2019 6 3. Scope De handleiding voor de RES laat vrij hoe breed de regio de energiestransitie wil insteken. Voorgesteld wordt de focus te leggen op opwekking op land en de warmtetransitie. We zoeken daarbij de verbinding met andere transities zoals de ontwikkeling van het landelijk gebied, klimaatadaptatie en circulaire economie. De energietransitie in mobiliteit en industrie vormt geen onderdeel van de RES. Voor zover relevant op het schaalniveau van West-Overijssel, zoeken we ook hier de samenhang. Doel is om in afstemming met maatschappelijke partners te komen tot een bestuurlijk vastgestelde RES voor West-Overijssel met daarin: het bod voor opwekking van duurzame elektriciteit; de strategie voor de warmtetransitie in de gebouwde omgeving c.q.
het inzichtelijk maken van beschikbare warmtebronnen en de verdeling hiervan; de benodigde infrastructuur voor energie; de uitvoeringskaders en de bijbehorende governance voor de RES. De scope van de RES wordt gevormd door de strategieën voor elektriciteits- en warmteopwekking, en de benodigde infrastructuur. De infrastructuur is een cruciaal onderdeel, dat beide strategieën verbindt. Het gaat om een integraal energiesysteem, waardoor de twee opgaven op elektriciteit en warmte niet volledig los van elkaar gezien kunnen worden. De omvang van de energietransitie heeft een groot effect op de beleving van het landschap. En er is een groot grondoppervlak nodig voor energieopwekking en de (nieuw aan te leggen) infrastructuur. Tegelijkertijd vragen ook verduurzaming van de landbouw, woningbouw, natuur, wateropgaven en tal van andere opgaven extra ruimte. In West-Overijssel streven we naar een energiestrategie die zo veel mogelijk kansen biedt voor koppeling met andere opgaven, met zo min mogelijk belemmeringen voor deze opgaven. We nemen de beleidsvorming voor die andere opgaven echter niet over. Naast het bod, de infrastructuur en de kaders voor de warmtetransitie wordt ook inzichtelijk gemaakt hoe, na vaststelling van de RES 1.0, de uitvoeringskaders en de bijbehorende governance worden vormgegeven.
De RES wordt immers na twee jaar weer herzien in een RES 2.0 en na wederom twee jaar in een RES 3.0. Om helder zicht te hebben op de uitvoering is het nodig om inzicht te bieden binnen welke kaders de RES gerealiseerd kan worden en hoe hiervoor de governance van de deelnemende bestuurlijke partijen wordt ingericht. Startnotitie RES West-Overijssel Concept 16 april 2019 7 4. Richtinggevende uitgangspunten 4,1 Integrale benadering Uitgangspunt is om zo veel mogelijk de opgaven voor de energietransitie in de regio integraal te benaderen. De voorstellen in het kader van de RES dienen zo goed mogelijk te worden onderbouwd. De RES West-Overijssel streeft naar een optimale balans tussen de vier hoekpunten in onderstaand schema. Daarbij kijken we niet alleen naar de energieopgave, maar maken een afweging in de context van de andere opgaven in de regio. Onder maatschappelijke kostenefficiency verstaan wij: kosten voor infrastructuur en daarmee de (toekomstige) betaalbaarheid van de energierekening van de burgers en bedrijven. 4.2 Vanuit lokale context trapsgewijs toewerken naar een regionaal bod Het is een gegeven dat de afzonderlijke bestuurlijke partijen in de RES West- Overijssel verschillen kennen in tempo en tijdpad in relatie tot de energietransitie. Sommigen hebben al concrete uitspraken over de ambities, anderen staan nog aan het begin.
Ook de mate waarin inwoners en maatschappelijke partners participeren in de lokale context van de energietransitie loopt uiteen. Tegelijkertijd kent de RES de ambitie om tot een gezamenlijk bod te komen. Dat is een uitdaging, zeker gezien de termijn: voor het eind van 2019 een bestuurlijk vastgesteld bod. Om die reden is gekozen om de RES West-Overijssel trapsgewijs op te bouwen volgens onderstaand schema:
Startnotitie RES West-Overijssel Concept 16 april 2019 8 Het doorlopen van stap 1 en 2 is iteratief en wordt, indien nodig, herhaald. De minimumomvang van het regionale bod (stap 3), is nu nog niet bekend. Dit zullen de RES-partners gezamenlijk bepalen tijdens dit proces. Hoe de resterende opgave verdeeld wordt (stap 4) is ook nog niet bekend. Daar stellen we in een latere fase spelregels voor vast. “Voor de vergelijkbaarheid van de regionale bijdragen voor de hernieuwbare opwek en besparing is het belangrijk dat deze optelbaar zijn. Dit is belangrijk om zicht te houden op het behalen van de overkoepelende nationale opgave uit het Klimaatakkoord. Dit betekent dat de RES als product moet voldoen aan de landelijke analyse, monitoring- en rekensystematiek zoals deze is ontwikkeld door het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL).” Na toetsing van het bod door het PBL eind 2019 / begin 2020, kan vanuit het Nationaal Programma RES een aanvullende opgave worden geformuleerd waarbij we opnieuw de bovenstaande stappen 4 en 5 moeten herhalen. 4.3 Spelregels voor lokale regie in een regionale context Enerzijds wordt de RES opgebouwd vanuit de lokale situatie en anderzijds zal vanuit het potentieel van de regio gekeken worden wat dit betekent voor de energieopgave, de ruimtelijke kwaliteit en infrastructuur.
Dit alles met aandacht voor de maatschappelijke acceptatie en maatschappelijke kostenefficiency. Juist vanwege dit spanningsveld is het nodig aan de voorkant de volgende spelregels met elkaar af te spreken: 1. De RES is gebaseerd op lokale regie in een regionaal proces van samenwerking. 2. De vastgestelde RES 1.0 is voor alle bestuurlijke partijen uitgangspunt voor de omgevingsvisie, de warmtevisie en de wijk- en omgevingsplannen. 3. Samen uit, samen thuis.
Startnotitie RES West-Overijssel Concept 16 april 2019 9 4. Voor het geval we het niet met elkaar eens kunnen worden, stellen we een escalatiemodel vast. 5. We spreken elkaar aan op ieders bijdrage aan de RES waarin gezocht wordt naar een weging tussen lasten en lusten die recht doet aan de kwaliteiten van West-Overijssel. Met het uitgangspunt lokale regie in een regionale context wordt bedoeld dat de RES zo veel mogelijk wil aansluiten op wat er aan lokale kansen en mogelijkheden is of wordt ontwikkeld. Met de kanttekening dat het geen vrijblijvend proces is. Het begrip “Samen uit, samen thuis” vraagt van alle deelnemende bestuurlijke partijen dat zij zich, op basis van een vastgestelde startnotitie, committeren aan het proces van vorming van een RES die ook mede het uitgangspunt vormt voor de uitwerking in de instrumenten die lokaal de kaders bepalen voor ontwikkelingen op het gebied van ruimte en energie. Dit betekent ook dat er een weging plaats gaat vinden tussen “lusten en lasten” in relatie tot ieders bijdrage aan de RES die niet alleen recht doet aan de lokale context maar ook aan de kwaliteiten van West- Overijssel als geheel. Desondanks is het voorstelbaar dat er een situatie ontstaat waarin de bestuurlijke partners in de RES het niet met elkaar eens kunnen worden. Daarom is het nodig om aan de voorkant met elkaar af te spreken hoe in zo’n situatie geëscaleerd wordt.
4.4 Bestuurlijk proces Een volgend belangrijk uitgangspunt is dat iedere bestuurlijke partner in de RES een eigen context heeft als het gaat om de energietransitie. Daarom kiezen we voor een bestuurlijk proces dat gestuurd kan worden door de verschillende portefeuillehouders. Dit vraagt om lokaal maatwerk. Het is aan de betreffende portefeuillehouder resp. het College en/of Dagelijks Bestuur om te bepalen op welke wijze de RES besproken wordt in de gemeenteraad, provinciale staten of algemeen bestuur van het waterschap. Het besluitvormingsproces kent drie momenten die gezamenlijk worden doorlopen: 1. “de startnotitie”: vast te stellen door raden, staten en algemeen besturen in relatie tot bestaand energiebeleid; 2. “het bod”: samenhangend regionaal bod trapsgewijs opgebouwd uit de lokaal (vastgestelde) energieplannen vast te stellen door raden, staten en algemeen besturen; 3. “de RES 1.0”: vast te stellen door raden, staten en algemeen besturen. De concepten voor de documenten 1, 2 en 3 worden door het Bestuurlijk Platform Energietransitie West-Overijssel vastgesteld en doorgeleid naar de besluitvormende organen van de bestuurlijke partners in de RES. Startnotitie RES West-Overijssel Concept 16 april 2019 10 5. Participatie inwoners, bedrijven, raden, staten en algemeen besturen Het proces van participatie in de RES zal zich werkendeweg ontwikkelen.
We maken bij participatie een onderscheid tussen: participatie van de RES-partners en participatie van inwoners en bedrijven. Daarnaast zijn er twee fases te onderscheiden. In fase 1 gaat het om het ontwikkelen en vaststellen van een gezamenlijk bod als bijdrage aan de landelijke doelstelling. In fase 2 gaat het om het daadwerkelijk invullen en realiseren van de RES 1.0. In deze startnotitie beperken wij ons tot fase 1. A. Voor RES-partners geldt voor fase 1 een samenwerkende stijl. Inzet is om - op basis van de (afzonderlijke en gezamenlijke) doelen op het gebied van energie, duurzaamheid en ruimte - te komen tot een gedeeld bod voor de regio als geheel. Tijdens de fase tot aan het eindbod medio 2020 hanteren wij als overheid en trekker van het proces een consultatieve stijl en geven hiermee de samenleving de mogelijkheid om de rol van adviseur te nemen en/of als toeschouwer mee te doen in het proces om tot een eindbod te komen. Doel van deze participatie is bewustwording creëren van het proces van de RES West-Overijssel. Hierbij zal bijzondere aandacht worden gegeven aan de rol van de gemeenteraden, provinciale staten en algemeen besturen van de waterschappen. Het is een flinke opgave om het gezamenlijke proces af te stemmen op de individuele bestuurlijke processen. Aan de ene kant is die dynamiek onvermijdelijk en onderdeel van het democratisch proces.
Aan de andere kant is het ook van belang dat de bestuursorganen zich ervan bewust zijn dat de RES-partners naar een gezamenlijk eindbod toewerken. B. Voor participatie van inwoners en bedrijven maken we minimaal gebruik van inwoners die al georganiseerd zijn in lokale en/of regionale (maatschappelijke) organisaties. In de governance van de RES hebben we hiervoor een adviesgroep opgenomen waar deze organisaties zich kunnen laten vertegenwoordigen. Zie verder onder 7. Voor overige inwoners en lokale bedrijven geldt dat participatie afhankelijk is van de fase van de eigen planvorming van de gemeente in het kader van duurzaamheid en energietransitie en de keuze van de gemeente hoe en in welke mate inwoners hierbij betrokken worden. Daarbij is er steeds een duidelijke link met de RES en de participatie onder A. Het primaat voor participatie met inwoners ligt bij de gemeenten. Zij organiseren het participatieproces met de eigen inwoners en bedrijven. De eerste stappen om de gezamenlijkheid van de RES West-Overijssel te benadrukken worden vormgegeven in onderstaande acties, bijeenkomsten of inspanningen. We onderscheiden hierin twee sporen, namelijk het spoor in Startnotitie RES West-Overijssel Concept 16 april 2019 11 elke gemeente afzonderlijk en een tweede spoor dat uitgaat van gezamenlijkheid in de regio West-Overijssel.
Spoor 1: binnen elke gemeente april 2019 Op aanvraag een informatiebijeenkomst beleggen/ geven door de RES-organisatie om de raden kennis te laten maken met de RES West-Overijssel. Aangeven bijeenkomst in mei 2019 in spoor 2. Elke gemeente de algemene presentatie verstrekken, zodat de interne communicatie over inhoud en vorm van de RES (deels) gelijk is. juni 2019 Verstrekken beeldverslag van de gezamenlijke bijeenkomst aan de raad, zodat raadsleden kennis kunnen nemen van wat besproken is en de sfeer van de gezamenlijke bijeenkomst. In september samen verder. daarna Steeds in een volgende gezamenlijke stap de brug slaan tussen het gezamenlijke en het lokale, en dit ook transparant met de samenleving delen. Binnen communicatiespoor dit ook inrichten vanuit West- Overijssel. Spoor 2: Energieregio West-Overijssel mei 2019 Bijeenkomst/oploop staten, raden en AB en bestuursleden netwerkbedrijven in Zwolle. Samen starten met de RES West-Overijssel. Doel is inzicht in proces als geheel en gegeven kaders. Publicatie in alle lokale bladen met de centrale boodschap van het proces en de belofte van x aantal RES bijeenkomsten. september 2019 Tweede bijeenkomst RES voor zelfde groep als mei 2019. Doel is inzicht in eerste cijfers en opgave en op weg naar het eerste bod in december.
eind november 2019 Gezamenlijk communicatiemiddel aan staten, raden, AB en samenleving over de opgave West-Overijssel, het waarom van het eerste bod en de vervolgstappen. daarna Steeds voorafgaand aan een beslismoment een gezamenlijke bijeenkomst beleggen om de mogelijkheid van afstemming te faciliteren en de ervaringen met de transitie tussen de stakeholders te blijven delen. We gaan als energieregio samen centraal communiceren, waarbij er naast de standaard ook ruimte is voor de eigen lokale verbanden. Hierdoor kan iedereen het eigen uitvoeringstempo bepalen met lokale autonomie, maar is er daarnaast wel sprake van een gezamenlijk verhaal naar de inwoners binnen de energieregio. Startnotitie RES West-Overijssel Concept 16 april 2019 12 6. Communicatie inwoners De energietransitie is een opgave van ons allemaal. Dat dit in de samenleving (nog) niet overal zo gevoeld wordt, vraagt allereerst om kennisoverdracht en het delen van de urgentie. Inzet op de energietransitie is hard nodig. De manier waarop wij op dit moment voorzien in onze energiebehoefte leidt op termijn tot schaarste aan grondstoffen en tot grote milieuproblemen. Mede door de klimaatverandering beseffen we bovendien dat dit ook risico’s met zich meebrengt voor onze veiligheid en gezondheid.
Bewustwording en het gevoel van eigenaarschap dragen bij aan de maatschappelijke acceptatie en daarmee - zeker als kans gezien wordt om lokale initiatieven en wensen verder te brengen - aan versnelling op de energie-opgave. De RES gaat duidelijk maken dat de energietransitie een belangrijke impact krijgt op het wonen en leven in West-Overijssel. In deze fase van de RES is nog niet exact duidelijk te maken welke concrete gevolgen de energietransitie heeft voor de inwoners. Het is een strategie, nog geen uitvoeringsplan. Uitgangspunt is daarom dat we de RES inpassen in de lokale communicatie rond de energietransitie/duurzaamheid. Deze lokale insteek wordt wel regionaal intensief ondersteund met een kernboodschap, informatie enz. De nadruk ligt daarbij op bewustwording en informatie over het proces, zodat inwoners niet verrast worden door besluitvorming over de RES. We spreken dan ook niet zozeer over het creëren van draagvlak; de nadruk ligt op acceptatie van deze stap in de energietransitie. We streven op langere termijn naar versterking van de participatie van inwoners in de energietransitie in de lokale context. Daarbij komen zaken aan de orde als (mede-)eigenaarschap en betrokkenheid in concrete uitvoering van projecten voor duurzame opwek en warmtetransitie. Een belangrijk aspect voor inwoners is of de maatregelen die in de energietransitie c.q.
het Klimaatakkoord worden genomen door de samenleving opgebracht kunnen worden. Dit maakt dat het financiële aspect naast de inhoudelijke afweging een rol zal spelen in het keuzeproces. In de communicatie zijn de gegevens die uit de landelijke doorrekening van het Klimaatakkoord komen van groot belang. Startnotitie RES West-Overijssel Concept 16 april 2019 13 7. Governance Uitgangspunt in de aansturing van en besluitvorming over de RES West- Overijssel is dat enerzijds alle betrokkenen maximaal input kunnen leveren voor de strategie en anderzijds de RES een bestuurlijke verantwoordelijkheid van de decentrale overheden is. Daarom is de organisatie van de RES zo ingericht dat de besluitvorming over de concepten in het kader van de RES plaatsvindt in het Bestuurlijk Platform Energietransitie West-Overijssel. Hierin zijn alle gemeenten in West-Overijssel, de provincie Overijssel en de waterschappen vertegenwoordigd, aangevuld met de netbeheerders in een adviserende rol. Het bestuurlijk platform stelt het bod en de RES 1.0 in de vorm van een concept besluit vast. Het besluit over “het bod” van de RES wordt door de Colleges van B&W, Gedeputeerde Staten en Dagelijks Bestuur van de Waterschappen voorgelegd aan resp. de gemeenteraden, Provinciale Staten en algemeen besturen. Het bod wordt aan het landelijke programma RES aangeboden door de voorzitter van de stuurgroep.
De uiteindelijke bevoegdheid om in te stemmen met de definitieve RES 1.0 ligt bij de gemeenteraden, Provinciale Staten, en de Algemene Besturen van de waterschappen in West-Overijssel. De besluitvorming in het bestuurlijk platform wordt voorbereid door de Stuurgroep RES West-Overijssel, waarin naast een aantal bestuurders van de gemeenten, de gedeputeerde met portefeuille Energie van de provincie en één bestuurder namens de waterschappen en één bestuurder namens de netbeheerders zitting hebben. De stuurgroep wordt aangevuld met een
Startnotitie RES West-Overijssel Concept 16 april 2019 14 bestuurder van de maatschappelijke organisaties namens de adviesgroep RES West-Overijssel (zie punt 8). De primaire taak van de stuurgroep is om te zorgen voor een goed besluitvormingsproces. De voorzitter van de stuurgroep zal de RES West-Overijssel vertegenwoordigen in de landelijke overleggen over de RES. De stuurgroep wordt hierin ondersteund door de kerngroep RES West- Overijssel die tot taak heeft om op proces en inhoud de RES, op basis van de door de stuurgroep opgestelde opdrachten en kaders, voor te bereiden. De kerngroep RES wordt voorgezeten door de procesbegeleider RES West- Overijssel en bestaat verder uit de trekkers van de thematafels, aangevuld met enkele gemeenten en een ambtelijke vertegenwoordiging van de adviesgroep en netbeheerders. De kerngroep legt concepten voor aan het Ambtelijk platform Energietransitie West-Overijssel en vraagt over de belangrijke voorstellen advies aan de adviesgroep. Hierbij gaat het minimaal om de concepten voor de startnotitie, “het bod” en de de RES 1.0 Het ambtelijk platform toetst de voorstellen van de kerngroep op effectiviteit en haalbaarheid en geeft aan of en op welke wijze rekening wordt gehouden met het advies van de adviesgroep. De kerngroep verwerkt de besluiten van het ambtelijk platform en bereidt vergaderingen van de stuurgroep voor.
De voorstellen voor de RES worden inhoudelijk voorbereid door de thematafels Elektriciteit en Warmte waarin naast de gemeenten, provincie, waterschappen en netbeheerders, maatschappelijke organisaties hun inbreng hebben. Door betrokkenen actief uit te nodigen en door middel van het organiseren van bijvoobeeld werkateliers worden de voorstellen met een brede inbreng van de bestuurlijke en maatschappelijke partners in de RES ontwikkeld. De RES West-Overijssel staat niet op zichzelf. In de bepaling van “het bod” en de uiteindelijke RES 1.0 zal afstemming plaatsvinden met aanpalende regio’s in Drenthe, Flevoland en Gelderland en natuurlijk ook met de Energiestrategie Twente. Tevens zal afstemming gezocht worden met de (economische) regio’s zoals Cleantech en de regio Zwolle. Naast het bod op de drie elementen van de RES (Elektriciteit, Warmte en Infrastructuur) is het noodzakelijk om aan te geven hoe de governance er uit komt te zien in de uitvoeringsfase van de RES 1.0 Met andere woorden op welke wijze vindt de (regionale en/of lokale) sturing plaats nadat de RES 1.0 is vastgesteld. 7.1 Escalatiemodel Het streven is gericht op besluitvorming waarin alle partijen zich kunnen vinden. Ondanks de zorgvuldige voorbereiding kan het voorkomen dat bestuurlijke partijen zich niet kunnen vinden in de RES. Vanuit de spelregel “Samen uit, samen thuis” is terugtrekken uit de RES geen optie.
Daarom is een escalatiemodel nodig dat vooraf wordt vastgesteld. De handreiking RES die door de decentrale overheden is vastgesteld, biedt hiervoor een voorzet. Hierin wordt de rol van de stuurgroep cruciaal. De stuurgroep kan de deelnemende bestuurlijke partijen aanspreken op hun bijdrage en om een toelichting vragen op hun bijdrage aan de RES en de onderbouwing daarvan. Ook kan de voorzitter van de stuurgroep in landelijk verband de bemiddeling inroepen van het landelijk programmabureau en/of overleggen met de Startnotitie RES West-Overijssel Concept 16 april 2019 15 voorzitters van de aanpalende RES-sen. Bij de totstandkoming van het bod is geen sprake van formeel interbestuurlijk toezicht, waardoor het escalatiemiddel tijdens het proces “het goede gesprek” zal zijn. De concept RES West-Overijssel is gebaseerd op een aanpak die aansluit op regionale en lokale ambities. Tegelijkertijd is bekend dat het Rijk uitgaat van een compleet landelijk bod van 35 TWh. Uitgangspunt bij de RES West- Overijssel is dat er één realistisch bod namens de elf gemeenten in West- Overijssel, de waterschappen en de provincie komt. Indien het bod van de regio West-Overijssel te laag blijft en/of bepaalde gemeenten onvoldoende willen bijdragen, naar de mening van een ruime meerderheid van het bestuurlijk platform, wordt in de volgende stappen toegewerkt naar een definitief besluit: A.
De stuurgroep spant zich maximaal in om tot een breed gedragen besluit te komen van alle bestuurlijke partners in de RES en hiertoe een voorstel voor te leggen aan het Bestuurlijk platform Energietransitie West- Overijssel. B. Mocht er desalniettemin geen overeenstemming worden bereikt en de betreffende gemeente(n) bij het standpunt blijven dat door de ruime meerderheid van het platform als onvoldoende wordt beoordeeld, dan zal de provincie haar sturingskracht inzetten1. Deze sturingskracht wordt opgebouwd vanuit de voorkantsamenwerking (praten, confronteren en aanspreken) en kan uiteindelijk leiden tot een aan gemeente(n) toegewezen aandeel in het regionale bod. C. Als ook stap B. niet leidt tot overeenstemming met de betreffende gemeente(n) wordt de keuze voorgelegd aan het Nationaal Programma RES en in het verlengde daarvan het Rijk dat dan definitief de knoop doorhakt. 1 In het escalatiemodel willen de bestuurlijke partners de bestuursfilosofie vasthouden dat men er samen uit wil komen wat de bijdrage wordt vanuit de RES en ieders aandeel daarbinnen. Het primaat van de besluitvorming ligt bij de gemeenteraden, provinciale staten en algemene besturen van de waterschappen.
Tegelijk erkennen de gemeenten en waterschappen de bijzondere positie van de provincie in het huis van Thorbecke en het inzetten van sturingskracht van de provincie betekent dan ook dat de provincie doorzettingsmacht heeft als naar haar oordeel er onvoldoende wordt bijgedragen in de RES. Startnotitie RES West-Overijssel Concept 16 april 2019 16 8. Maatschappelijke partners Uitgangspunt in de vorming van de RES West-Overijssel is dat de bestuur- lijke partners samen met maatschappelijke organisaties tot strategische keuzes komen. Voorgesteld wordt om een adviesgroep te vormen die gevraagd en ongevraagd advies kan uitbrengen over de (tussen-)producten, het concept bod en de concept RES 1.0. Om te voorkomen dat hiervoor geheel nieuwe overlegstructuren moeten worden opgezet, is het voorstel om zo veel mogelijk aan te sluiten bij de maatschappelijke partners die vertegenwoordigd zijn in de Bestuurlijk Kerngroep van de Alliantie Nieuwe Energie Overijssel: VNO-NCW-MKB Midden, Bio-Energiecluster Oost-Nederland, Natuur en Milieu Overijssel (mede namens de lokale energie-initiatieven en terreinbeherende organisaties) en Salland Wonen (namens de woningcorporaties). Zij worden uitgenodigd om een adviesgroep voor de RES te vormen. De adviesgroep kan op haar beurt een ambtelijk vertegenwoordiger aanwijzen voor in de kerngroep en een bestuurlijk vertegenwoordiger voor in de stuurgroep.
Daarnaast zijn er wellicht andere maatschappelijke partijen die graag nauw betrokken willen worden bij de vorming van de RES en toe willen treden tot de adviesgroep. Zij kunnen hiertoe een verzoek indienen bij de Stuurgroep RES die kan besluiten dit voor te leggen aan de adviesgroep. Deelnemen aan de adviesgroep vraagt meedenken en een constructieve houding ten aanzien van de opgave van de RES. Naast deze formele betrokkenheid van de maatschappelijke organisaties bij de vorming van de RES kunnen zij aangeven een bijdrage te willen leveren aan de werkateliers die door de thematafels worden georganiseerd. De rol van het bedrijfsleven verschilt van die van andere maatschappelijke partners. Het bedrijfsleven is immers verantwoordelijk voor het grootste deel van het energieverbruik. Naast het maatschappelijke belang heeft het bedrijfsleven ook een direct economisch belang. In het beschreven proces zal hier nader aandacht aan worden gegeven. Dit geldt ook voor de rol die provincie en gemeenten willen en kunnen vervullen in de financiering van de noodzakelijke investeringen. Dit wordt meegenomen in het tezijnertijd uit te brengen bod. Startnotitie RES West-Overijssel Concept 16 april 2019 17 9. Capaciteit en financiën Door het Nationaal Programma RES wordt gewerkt aan een voorstel voor de financiële ondersteuning van de regio’s voor drie jaar.
In het Ontwerp Klimaatakkoord zijn hiervoor middelen vrijgemaakt. Vooruitlopend daarop heeft de provincie Overijssel middelen beschikbaar gesteld voor een procesbegeleider en bijkomende kosten per RES regio. Voor de gemeenten, waterschappen en netbeheerders geldt dat zij vanuit de bestaande capaciteit mensen en middelen hebben moeten inzetten voor de ontwikkeling van de RES. Nu de startnotitie RES West-Overijssel gereed is, komt een volgende fase waarin afspraken over de inzet van capaciteit noodzakelijk zijn. De volgende inzet wordt nodig geacht: Provincie stelt beschikbaar: procesbegeleider, drie dagen per week; projectsecretaris, drie dagen per week; strateeg energie, twee dagen per week; strateeg ruimte, twee dagen per week; communicatieadviseur. Gemeenten stellen beschikbaar (per gemeente): ambtenaar “energie & duurzaamheid”, één dag per week; + incidenteel inzet andere disciplines van gemeenten (160 uur). Voor de trekkers van de thematafels en de deelnemers aan de kerngroep zal wellicht gelden dat er een groter tijdsbeslag wordt gevraagd. Zodra het Nationaal Programma RES met een voorstel komt, volgt een nader verdeelvoorstel voor de regio. In maart wordt een initiële begroting voor 2019 voor de RES West-Overijssel opgesteld. Startnotitie RES West-Overijssel Concept 16 april 2019 18 10.
Tijdlijn De termijnen in de RES zijn mede afhankelijk van de voortgang en ondertekening van het Klimaatakkoord. De meest recente inschatting is dat het Klimaatakkoord nog voor 1 juli 2019 ondertekend wordt. Uitgangspunt in het Nationaal Programma RES is dat zes maanden na ondertekening van het Klimaatakkoord de regio’s hun bod aanbieden aan het nationaal programma. Dit betekent dat er voor 1 januari 2020 een bod komt te liggen uit alle regio’s. Dit bod wordt beoordeeld en doorgerekend door het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL). Deze beoordeling leidt tot goedkeuring van het bod of tot nadere aanwijzingen en/of een verzoek tot een hoger bod. Dit laatste met name als het gaat om de hernieuwbare opwek van elektriciteit op land. De regio heeft dan tot 12 maanden na ondertekening van het Klimaatakkoord de tijd om te komen tot een definitieve vaststelling van de RES 1.0. Vanaf 2020 gaan de gemeenten en de provincie de RES borgen in de omgevingsvisie en de omgevingsplannen. In 2021 zijn alle gemeenten verplicht om een warmtetransitieplan vast te stellen.