CConstaterende datSteenwijkerland
Koppel je AI →
Document · PDF

Bloemenbuurt Steenwijk - Toelichting bijlage 7 Notitie Natuurinclusieve voorzieningen.pdf

Politieke Markt 2 juni 2020, gemeente SteenwijkerlandBij agendapunt: Vaststellen bestemmingsplan Bloemenbuurt - Steenwijk1.264 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Pagina 1 van 4 Aanleiding Woningcorporatie Woonconcept is voornemens de Acaciastraat en directe omgeving in Steenwijk te herstructure- ren. Hierbij worden bestaande woningen gesloopt en nieuwe woningen gebouwd en de omgeving opnieuw inge- richt. Adviesbureau Haver Droeze en SVP architectuur gaan de nieuwbouwplannen vormgeven. Ecogroen bv is ge- vraagd input te leveren voor natuurinclusieve gebiedsontwikkeling, zodat deze in het beginstadium zijn in te passen in de plannen. Voorliggend document geeft voorstellen van voorzieningen die vanuit de natuurwetgeving (mogelijk) verplicht zijn. Deze voorstellen zijn op basis van reeds uitgevoerde onderzoek en expert judgement gedaan, waardoor de te ge- bruiken voorzieningen en aantallen nog geheel niet vastliggen. Daarnaast is een aantal (niet verplichte) ideeën gege- ven voor groene versterking van de woonomgeving. Verplichte voorzieningen/mitigatie (voorlopig) Uit een globaal vooronderzoek (quickscan) en soortgericht onderzoek in het kader van de Wet natuurbescherming is naar voren gekomen dat er beschermde diersoorten aanwezig zijn in en rond de te slopen woningen. Er is gericht onderzoek uitgevoerd naar Sleedoornpage, Huismus, Gierzwaluw en vleermuizen. Het onderzoek naar vleermuizen en Gierzwaluw wordt eind juli 2018 afgerond.

Voorlopige onderzoeksresultaten laten zien dat nesten van Huismus en verblijfplaatsen van Gewone dwergvleermuis aanwezig zijn. Naar verwachting bevinden zich ook nestplaatsen van Gierzwaluw onder de dakpannen van de te slopen huizen. Ook kunnen er nog andere soorten vleermuizen aange- troffen worden. Sleedoornpage is in de directe omgeving waargenomen. Om de woningen te mogen slopen is een ontheffing Wet natuurbescherming vereist. Aan het verkrijgen van een ont- heffing zijn voorwaarden verbonden. Het aanbieden van permanente alternatieve voorzieningen voor beschermde soorten is één van de voorwaarden. Aan Woonconcept t.a.v. Petra Posthuma de Boer Contactpersoon Kenmerk Status Datum Harma Scholten 17451 concept 9 februari 2018 Betreft Aanbevelingen natuurinclusieve gebiedsontwikkeling Acaciastraat e.o. Steenwijk Pagina 2 van 4 Figuur 2: Voorbeeld in te metselen vleermuiskast Op basis van de voorlopige uitkomsten van het soortenonderzoek zijn in ieder geval vervangende verblijfplaatsen noodzakelijk voor Huismus en Gewone dwergvleermuis. Naar verwachting ook voor Gierzwaluw en mogelijk voor andere vleermuissoorten. Hieronder wordt per aangetroffen en te verwachte beschermde soort suggestie s gedaan voor voorzieningen. Huismus Het toepassen van een vogelvide is een eenvoudige manier om Huismus nestgelegenheid te bieden (figuur 1).

De vogelvides wor- den aan de dakvoet aangebracht en bieden per strekkende meter broedgelegenheid voor twee paartjes Huismussen (mitigatie voor het verlies van één paartje Huismus). Vogelvides worden aan de noord- of oostzijde van woningen aangebracht zodat de nestloca- ties niet te warm worden in de middagzon. Huismussen zijn kolo- niebroeders, waardoor nestgelegenheid geclusterd aangebracht wordt. Naar verwachting zijn er 25 tot 30 broedparen Huismus aanwezig in het plangebied (Heidinga 2017), waardoor circa 15 vogelvides nodig zijn. Vleermuizen Met eenvoudige maatregelen kan huisvesting van vleermuizen gerealiseerd worden. De spouwmuren zijn voor vleer- muizen als Gewone en Ruige dwergvleermuis al toegankelijk via een open stootvoeg van circa 1 à 2 cm. Van belang is dat de open stootvoegen op minimaal een halve meter onder de bovenrand van het gebouw aangebracht worden om warmteverlies en tocht te voorkomen. Daarnaast is van belang dat geen irriterend glaswol wordt toegepast in de spouwmuur. Ook zijn inbouwvoorzieningen beschikbaar. Er zijn speciaal voor vleermuizen ontworpen kasten die in de muur kunnen worden ingemetseld (figuur 2). NB: het type maatregel wat genomen kan worden voor vleermuizen is afhanke- lijk van de functie van de verblijfplaats en soortafhankelijk.

Het voorbeeld dat is weergegeven in figuur 2 (keramische kast) is een geschikte mitigatie-optie voor vrijwel alle vleermuisfuncties. In de najaarsronde van het vleermuisonderzoek is één verblijfplaats aangetrof- fen. Naar verwachting zijn maximaal 4 verblijfplaatsen aanwezig. Uitgaande van 2 keramische kasten per verblijfplaats, zijn 8 vervangende voorzieningen nodig. Figuur 1: Vogelvide

Pagina 3 van 4 Figuur 3: Voorbeeld geïntegreerde nestruimte Gierzwaluw in gootbetimmering. Gierzwaluw Nestruimten voor Gierzwaluw kunnen eenvoudig geïnte- greerd worden in overstekken van kopgevels van woningen of gootbetimmeringen (figuur 3). Ook het inmetselen van neststenen is een goede optie in kop- en zijgevels (figuur 4). Deze dienen op minimaal drie meter hoogte geplaatst te worden. Onder de aangebrachte nestgelegenheid is een ob- stakelvrije uit- en aanvliegruimte nodig. Er kunnen dus bij- voorbeeld geen bomen voor geplant worden. Het onderzoek naar Gierzwaluw moet nog uitgevoerd worden. Op basis van onze ervaring verwachten we dat er maximaal 20 broedparen aanwezig zijn (één broedpaar per kopgevel). Als compensatie voor één verloren gaande nest- locatie van Gierzwaluw, zijn vijf vervangende voorzieningen nodig. Dit komt neer op 100 nieuwe voorzieningen. Aanbevelingen voor groene versterking Naast de bovenstaande verplichte voorzieningen zijn hieronder een aantal tips en ideeën beschreven voor voorzie- ningen die de omgeving aantrekkelijker maken voor flora en fauna en daardoor bijdragen aan een hogere biodiversi- teit en tevens de belevingswaarde voor mensen. • Gebruik zoveel mogelijk gebiedseigen en inheemse beplanting. Voorbeelden van geschikte beplanting zijn Slee- doorn, Wilde kardinaalsmuts, Tweestijlige meidoorn en Zomereik.

Zorg hierbij voor variatie in de beplanting, zo- als verschil in bloeiperiode, variatie in gelaagdheid/hoogte (opbouw van kruidenrijke vegetatie-heesters-bomen) en locatie van de beplanting. Een breed scala aan soorten bevorderd de biodiversiteit. Zo geeft een mantelzoom van lage beplanting en opgaande struiken aan de zuidrand (i.v.m. zonlicht en warmte) luwe warme plekken die voor insecten erg belangrijk kunnen zijn. Rommelige hoekjes met laag struikgewas of kruidenachtige ruigte zor- gen voor soorten als Egel en vogels voedsel en schuilmogelijkheden. • In Steenwijk is een grote populatie van de beschermde Sleedoornpage bekend. Het aanplanten van Sleedoorn als waardplant voor deze zeldzame dagvlinder biedt een gunstige bijdrage aan de lokale populatie. • Huismus neemt graag een zandbad. Hiervoor zijn droge, zandige plekken nodig (zandbak voor spelende kinderen is al voldoende). Omdat ze op de grond kwetsbaar zijn, is van belang dat ze dichtbij de zandige plekken ook dek- king vinden in de vorm van dichte of wintergroene (stekel)struiken als Vuurdoorn, Haagbeuk, Liguster en overja- rige klimop. • Pas zoveel mogelijk bestaande bomen in. Oudere bomen hebben een hoge natuurwaarde en zorgen gelijk voor schuilgelegenheid en voedsel. Figuur 4: Neststeen Gierzwaluw. Pagina 4 van 4 • Maak een wadi (ondiepe laagte waarin regenwater wordt opgevangen).

Dit kan in allerlei soorten en maten en kan eenvoudig gecombineerd worden met beplanting. Wanneer in het laagste deel een grote ondiepe betonnen bak wordt gemaakt die bijna altijd water voert, kan deze prima dienen als amfibieënvijver en bad- en drinkwater voor vogels. Een dergelijk systeem ontlast tevens het riool. • Breng zo weinig mogelijk verharding aan: ‘tegels eruit, groen erin’. Dit zorgt er ook voor dat bij hevige regenval het water snel de bodem in kan zakken. Hierdoor wordt tevens het riool ontlast. • Plaats een bijenhotel of metsel deze in voor solitaire bijensoorten. In ons land komen zeker 300 soorten solitaire bijen voor. De vrouwtjes van soli- taire bijen hebben wel angels, maar kunnen mensen niet steken. Ze leven, in tegenstelling tot de honingbij en hommels, niet in een kolonie. Solitaire bijen leven onopvallend en omdat ze nooit overlast veroorzaken, kent vrij- wel niemand ze. Toch zijn deze dieren, net als de honingbij, van buitenge- woon groot belang voor de natuur, onder andere omdat ze bloemen be- stuiven. Daarnaast worden ze gegeten door andere dieren zoals zangvo- gels. Houtblokken waarin gangen geboord zijn, vormen ideale nestplaat- sen voor vele soorten bijen, zoals metsel- en klokjesbijen. Andere soorten kunnen terecht in bundels riet, bamboe of blokken leem.

Door een brede variatie aan nestgelegenheden aan te bieden in een houten frame wordt een zogenaamd ‘bijenhotel’ gecreëerd (zie figuur 5). • Maakt een pluktuin met bessenstruiken, appel-, peren- en walnotenbo- men en hazelaars. Leuk voor de bewoners en op de grond gevallen fruit wordt gebruikt als voedsel voor kleinere zoogdieren, vogels en insecten. Figuur 5: Voorbeeld voor een bijenhotel op palen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://steenwijkerland.bestuurlijkeinformatie.nl/Document/LoadAgendaItemDocument/7836fdd1-00a3-449c-a5a7-98bd46331069?agendaItemId=70db32b4-6e81-484e-a579-b8d82d9db46a