Bijlage bij de toelichting 7.2 Bodemonderzoek .pdf
Tekst van het document
Project code : 609849 Project omschrijving : 25824-Tukseweg 136 Opdrachtgever : Grondslag Heerhugowaard Monsterreferenties 3166251 = 07 (250-350) Opgegeven bemonsteringsdatum : 03/08/2016 Ontvangstdatum opdracht : 03/08/2016 Startdatum : 03/08/2016 Monstercode : 3166251 Matrix : Grondwater Dit analyse-certificaat, inclusief voorblad en eventuele bijlage(n), mag niet anders dan in zijn geheel worden gereproduceerd. - De met een 'Q' gemerkte analyses zijn door RvA geaccrediteerd (registratienummer L086). - De met een 'S' gemerkte analyses zijn op basis van het schema AS 3000 geaccrediteerd. Opdrachtverificatiecode: MIAN-XYAK-DWXJ-PVTU Ref.: 609849_certificaat_v1 Opmerkingen m.b.t. analyses Opmerking(en) algemeen Sommatie van concentraties voor groepsparameters De sommatie is uitgevoerd volgens AS3000 paragraaf 2.5.2 en bijlage 3. Tabel 2 van 2 A N A L Y S E C E R T I F I C A A T Project code : 609849 Project omschrijving : 25824-Tukseweg 136 Opdrachtgever : Grondslag Heerhugowaard Dit analyse-certificaat, inclusief voorblad en eventuele bijlage(n), mag niet anders dan in zijn geheel worden gereproduceerd.
Opdrachtverificatiecode: MIAN-XYAK-DWXJ-PVTU Ref.: 609849_certificaat_v1 Analysemethoden in Grondwater (AS3000) AS3000 In dit analysecertificaat zijn de met 'S' gemerkte analyses uitgevoerd volgens de analysemethoden beschreven in het "Accreditatieschema Laboratoriumanalyses voor grond-, waterbodem- en grondwateronderzoek (AS SIKB 3000)". Het laboratoriumonderzoek is uitgevoerd volgens de onderstaande analysemethoden. Deze analyses zijn vastgelegd in het geldende accreditatie-certificaat met bijbehorende verrichtingenlijst L086 van Eurofins Omegam BV. Barium (Ba) : Conform AS3110 prestatieblad 3 en conform NEN-EN-ISO 17294-2 Cadmium (Cd) : Conform AS3110 prestatieblad 3 en conform NEN-EN-ISO 17294-2 Kobalt (Co) : Conform AS3110 prestatieblad 3 en conform NEN-EN-ISO 17294-2 Koper (Cu) : Conform AS3110 prestatieblad 3 en conform NEN-EN-ISO 17294-2 Kwik (Hg) niet vluchtig : Conform AS3110 prestatieblad 3 en conform NEN-EN-ISO 17294-2 Lood (Pb) : Conform AS3110 prestatieblad 3 en conform NEN-EN-ISO 17294-2 Molybdeen (Mo) : Conform AS3110 prestatieblad 3 en conform NEN-EN-ISO 17294-2 Nikkel (Ni) : Conform AS3110 prestatieblad 3 en conform NEN-EN-ISO 17294-2 Zink (Zn) : Conform AS3110 prestatieblad 3 en conform NEN-EN-ISO 17294-2 Minerale olie (florisil clean-up) : Conform AS3110 prestatieblad 5 Aromaten (BTEXXN) : Conform AS3130 prestatieblad 1 Styreen : Conform AS3130
prestatieblad 1 Chlooralifaten : Conform AS3130 prestatieblad 1 Vinylchloride : Conform AS3130 prestatieblad 1 Bijlage 1 van 1 A N A L Y S E C E R T I F I C A A T Project code : 609849 Project omschrijving : 25824-Tukseweg 136 Opdrachtgever : Grondslag Heerhugowaard Dit analyse-certificaat, inclusief voorblad en eventuele bijlage(n), mag niet anders dan in zijn geheel worden gereproduceerd. Opdrachtverificatiecode: MIAN-XYAK-DWXJ-PVTU Ref.: 609849_certificaat_v1 BIJLAGE V Verklarende woordenlijst Wet bodembescherming (Wbb): Deze wet is er vooral op gericht om in het belang van het milieu regels te stellen om bodemverontreiniging te voorkomen, te onderzoeken en te saneren. NEN-5725: Richtlijn voor gedegen vooronderzoek. Het vooronderzoek wordt uitgevoerd voorafgaand aan het feitelijke onderzoek van de bodem (= veld - en laboratoriumonderzoek). De bij het vooronderzoek verzamelde informatie dient om te komen tot een adequate invulling van het veld- en laboratoriumonderzoek en draagt bij aan de verklaring van de resultaten van het bodemonderzoek. NEN-5740: Deze norm beschrijft de werkwijze voor het opstellen van de onderzoeksstrategie bij verkennend bodemonderzoek naar de aanwezigheid van bodemverontreiniging. De norm is van toepassing op verkennend onderzoek van zowel onverdachte als verdachte locaties.
Standaard NEN analysepakket grond en grondwater Boven- en ondergrond Grondwater Metalen (barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, lood, molybdeen, nikkel, zink) * * Polycyclische Aromatische Koolwaterstoffen (PAK) * Polychloorbifenylen (PCB) * Minerale olie * * Vluchtige aromaten (BTEXSN) * Vluchtige chlooralifaten (VOCl) * m-mv: diepte in meter minus maaiveld pH en EC: zuurgraad en Geleidingsvermogen NTU: de eenheid waarin troebelheid (van onder andere) water wordt uitgedrukt. Conform het Kwaliteitshandboek van Grondslag wordt de troebelheid in afwijking van de NEN5744:2011 direct bij terugkomst op kantoor gemeten in plaats van in het veld. In het Kwaliteitshandboek is hiervoor de motivatie opgenomen. Streefwaarde: deze waarde geeft voor grondwater aan wat het ijkpunt is voor de milieukwaliteit op de lange termijn, uitgaande van Verwaarloosbare Risico’s voor het ecosysteem Achtergrondwaarde: deze waarde is voor grond vastgesteld op basis van de gehalten zoals die voorkomen in de bodem van natuur- en landbouwgronden in Nederland die niet zijn belast door lokale verontreinigingsbronnen. Interventiewaarde: Is de waarde die het kwaliteitsniveau aangeeft, waarop de functionele eigenschappen van de bodem, voor mens, dier en plant ernstig zijn verminderd of dreigen tot worden verminderd.
T-waarde (tussenwaarde): Is voor grondwater gelijk aan (streefwaarde+interventiewaarde)/2 en voor grond gelijk aan (achtergrondwaarde+interventiewaarde)/2. Overschrijding van de T -waarde geeft aan dat er mogelijk een aanvullend/nader onderzoek nodig is. Maximale Waarde wonen (MWw): deze waarde geeft de bovengrens aan van de kwaliteit die nodig is om de bodem blijvend geschikt te houden voor de functie ‘wonen’. Maximale Waarde industrie (MWi): deze waarde geeft de bovengrens aan van de kwaliteit die nodig is om de bodem blijvend geschikt te houden voor de functie ‘industrie’. Gebruikte afkortingen van stoffen: Ba Barium Olie Minerale olie Cd Cadmium VAK Vluchtige Aromatische Koolwaterstoffen Co Kobalt B Benzeen Cu Koper T Tolueen Hg Kwik E Ethylbenzeen Pb Lood X Xylenen Mo Molybdeen S Styreen Ni Nikkel Naft. Naftaleen Zn Zink VOCl Vluchtige Organochloorverbindingen PAK Polycyclische Aromatische Koolwaterstoffen PCB Polychloorbifenylen Oer: een inspoelingslaag van sesqui -oxiden (aluminium- en ijzeroxiden) boven de hoogste grondwaterstand. De oxiden zijn afkomstig van hoger gelegen bodemhorizonten. Oer is vaak harder dan het bodemmateriaal zelf. Gley: (oranje-bruine) ijzer-/roestvlekken die worden gevormd als gevolg van een fluctuerende grondwaterstand. Gley komt, in tegenstelling tot oer, niet voor in hardere brokjes maar uit zich voornamelijk in kleurverschil.
1 Conserveringstermijnen: In enkele gevallen kan analyse van een monster niet plaats vinden binnen een vastgestelde conserveringstermijn. Voorbeelden zijn het uitsplitsen van mengmonsters en het gefaseerd analyseren van monsters bij nader onderzoek. Overschrijding van de conserveringstermi jn leidt tot een opmerking in de bijlagen bij een analysecertificaat. De maximale conserveringstermijn is stofafhankelijk. Voor enkele vluchtige verbinden (aromaten, naftaleen) geldt een termijn van 4 dagen. Voor droge stof en minerale olie bedraagt de ter mijn 7 dagen. Overige stoffen hebben een langere conserveringstermijn (PAK 14 dagen, organische stof 28 dagen, zware metalen 6 maanden). Conserveringstermijnen zijn opgesteld in SIKB-protocol 3001 (versie 3, september 2009). De conserveringstermijn is vastgesteld op de periode waarbinnen de standaardafwijking van het meetresultaat niet meer dan 2,5 of 5 % bedraagt (afhankelijk van het monstertype). Analyse op droge stof vindt bij elke grondanalyse plaats. Overschrijding van een conserveringstermijn vindt derhalve veelal plaats op basis van deze parameter (termijn 7 dagen). Omegam Laboratoria heeft eigen onderzoek verricht naar de conserveringstermijn van droge stof (rapportage juni 2007, verricht conform NEN -ISO 11465 en gevalideerd op basis van SIKB projec t 55).
Uit het rapport blijkt dat de gehaltes droge stof bij een conserveringstermijn van tenminste 42 dagen niet afnemen. Overschrijding van een conserveringstermijn bedraagt over het algemeen niet meer dan enkele dagen. In die tijd worden de monsters altijd koel en donker bewaard. Gezien de geringe standaardafwijking van 2,5 of 5 % waarop een conserveringstermijn is gedefinieerd, wordt gesteld dat een meetresultaat bij een geringe overschrijding van de conserveringstermijn, ook slechts in geringe mate kan afwijken van het daadwerkelijke gehalte op het moment van monstername. 2