CConstaterende datSteenwijkerland
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage aanvulling luchtkwaliteitsonderzoek.pdf

Politieke Markt 12 januari 2021, gemeente SteenwijkerlandBij agendapunt: Vaststellen gewijzigd bestemmingsplan Steenwijk - De Bult, Onderduikersweg 23.450 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Scoutingclubgebouw Johan van de Kornput te De Bult; luchtkwaliteitsonderzoek Datum 30 oktober 2020 Referentie 07097-53702-03 Bezoekadres: Stationsweg 2 8011 CZ Zwolle Postadres: Hoofdweg 70 3067 GH Rotterdam T +31 (0)88-5152505 E info@cauberghuygen.nl W http://www.cauberghuygen.nl K.V .K. 58792562 IBAN NL71RABO0112075584 Scoutingclubgebouw Johan van d e Kornput te De Bult; 07097-53702-03 luchtkwaliteitsonderzoek 30 oktober 2020 Pagina 2 Referentie 07097-53702-03 Rap porttitel Scoutingclubgebouw Johan van de Kornput te De Bult; lucht kwaliteitsonderzoek Datum 30 oktober 2020 Opdrachtgever Gemeente Steenwijkerland Postbus 162 8330 AD STEENWIJK Contactpersoon Mevrouw L. Vis Behandeld door De heer mr. ing. M.J.M. Blankvoort Mev rouw R. Gerrickens Cauberg Huygen B.V.

Be zoekadres: Stationsweg 2 8011 CZ Zwolle P ostadres: Hoofd weg 70 3067 GH Rotterdam Telefoon 088-5152505 Scoutingclubgebouw Johan van d e Kornput te De Bult; 07097-53702-03 luchtkwaliteitsonderzoek 30 oktober 2020 Pagina 3 Inhoudsopgave 1  Inleiding 4 2  Toetsingskader 5 2.1  Wet luchtkwaliteit 5 2.2  NSL 6 2.3  NIBM-bijdragen 6 2.4  Grenswaarden 6 2.5  Ministeriële regeling Beoordeling luchtkwaliteit 2007 (RBL 2007) 7 2.6  Zeezoutaftrek 8 2.7  Toepasbaarheidsbeginsel en blootstellingcriterium 8 2.8  Besluit gevoelige bestemmingen (luchtkwaliteitseisen) 8 2.9  Rekenmethode 9 2.10  Cumulatie 9 2.11  Samenvatting toetsingskader 9 3  Locatie en voornemen 10 3.1  Ligging scoutingclubgebouw 10 3.2  Voornemen 10 4  Verkeersaantrekkende werking 11 5  Berekening en resultaten 12 6  Luchtkwaliteit ter plaatse van het plangebied 13 7  Samenvatting en conclusie 15 Scoutingclubgebouw Johan van d e Kornput te De Bult; 07097-53702-03 luchtkwaliteitsonderzoek 30 oktober 2020 Pagina 4 1 Inleiding In opdracht van de gemeente Steenwijkerland heeft C auberg Huygen B.V. een lu chtkwaliteitsonderzoek uitgevoerd voor de realisatie van een scoutingclubgebouw, te De Bult. Het plan omvat de realisatie van een nieuw clubhuis met buitenterrein inclusief (fiets)parkeerplaatsen.

In voorliggende rapportage wordt verslag gedaan van de uitgangspunten en bevindingen van het uitgevoerde luchtkwaliteitsonderzoek. Scoutingclubgebouw Johan van d e Kornput te De Bult; 07097-53702-03 luchtkwaliteitsonderzoek 30 oktober 2020 Pagina 5 2 Toetsingskader Het toetsingskader luchtkwaliteit voor onderhavig plan is vastgelegd in titel 5.2 (luchtkwaliteitseisen) van de Wm. In de navolgende paragrafen zijn de voornaamste bepalingen uit dit wettelijke kader kort toegelicht. Tevens is aangegeven hoe de relevante bepalingen uit het wettelijk kader zijn betrokken bij de uitvoering van het luchtkwaliteitsonderzoek. 2.1 Wet luchtkwaliteit Titel 5.2 (luchtkwaliteitseisen) van de gewijzigde Wm, is op 15 november 2007 in werking getreden. Deze heeft betrekking op de luchtkwaliteitseisen en vervangt het Besluit luchtkwaliteit 2005. Titel 5.2 van de Wm wordt om die reden ook wel de Wet luchtkwaliteit genoemd. De wijze waarop het aspect luchtkwaliteit in acht genomen dient te worden overeenkomstig de Wet luchtkwaliteit, is geregeld in artikel 5.16 van de wet en kan als volgt worden samengevat: - Indien aannemelijk is gemaakt dat grenswaarden niet worden overschreden bij realisatie van het pla n, vormt het aspect luchtkwaliteit geen belemmering voor de realisatie van dat plan, zelfs niet indien het voo rgenomen plan leidt tot een verslechtering van de luchtkwaliteit.

- Indien aannemelijk is gemaakt dat bij realisatie van het plan de concentra ties in de buitenlucht per saldo verbeteren of tenminste gelijk blijven, vormt het as pect luchtkwaliteit evenmin een belemmering voor de realisatie van dat plan. - Indien één of meerdere grenswaarde(n) worden over schreden bij realisatie van het plan, dan kan he t voo rgenomen plan alsnog worden gerealiseerd indien het plan niet in betekenende mate (NIBM) bijdraagt aan de concentraties van de stof waarvoor grenswaarden worden overschreden. - Indien één of meerdere grenswaarde (n) worden overschreden bij realis atie van het plan én het plan wel in betekenende mate bijdraagt aan de concentrati es van de stof waarvoor grenswaarden worden overschreden, kan het plan alsnog worden gerealisee rd indien als gevolg van positie ve effecten van het plan en/of al s gevolg van met het plan samenhang ende maatregelen de kwaliteit van de lucht (elder s) zod anig verbetert, dat per saldo geen verslechtering optreedt (dit is de zogenaamde saldobenadering).

- Indien een project genoemd of beschreven is in het Nationaal Samenwerkingsprogramma Luchtk waliteit (NSL ), of als het betrekking heeft op een daarin genoemde ontwikkeling of voorgenomen besluit dat is genoemd of beschreven in het NSL of past binnen, of in elk geval niet in strijd is met het NSL vormt het aspect luchtkwaliteit geen belemmering voor de realisatie van dat plan. De uit voeringsregels voor de hiervoor omschreven beoordelingssystematiek zijn vastgelegd in onderstaande Algemene Maatregelen van Bestuur (AMvB’s) en Ministeriële regelingen: - AMvB - NIBM-bijdragen (luchtkwaliteitseisen). - AMvB - Gevoelige bestemmingen (luchtkwaliteitseisen). - AMvB - Derogatie (luchtkwaliteitseisen). - Ministeriële regeling NIBM-bijdragen (luchtkwaliteitseisen). - Ministeriële regeling Beoordeling luchtkwaliteit 2007 (RBL 2007). - Ministeriële regeling Wijziging Regeling Beoordeling luchtkwaliteit 2007. - Ministeriële regeling Projectsaldering luchtkwaliteit 2007. Scoutingclubgebouw Johan van d e Kornput te De Bult; 07097-53702-03 luchtkwaliteitsonderzoek 30 oktober 2020 Pagina 6 2.2 NSL Het NSL is op 31 juli 2009 vastgesteld en op 1 augustus 2009 in werking getreden.

Met het van kracht worden van het NSL hoeven (op grond van artike l 5.16 tweede lid onder d van de Wm) projecten die herkenbaar en representatief zijn opgenomen in het NS L, niet meer getoetst te worden aan grenswaarden. Voor de onderbouwing van de luchtkwaliteitsaspecten t en aanzien van dergelijk NS L-projecten kan worden volstaan met een verwijzing naar het NSL en is géén luch tkwaliteitsonderzoek nodig. Een actueel overzicht van de NSL-projecten kan worden geraadpleegd via www.nsl-monitoring.nl. Volledigheidshalve wordt opgemerkt dat het onderhavige plan, geen NSL-project betreft. 2.3 NIBM-bijdragen In de AMvB Niet-in-betekenende-mate-bijdragen (NIBM- bijdragen) is geregeld tot welke bijdrage aan de concentraties sprake is van een NIBM-bijdrage . Ingevolge de AMvB NIBM-bijdragen bedraagt de NIBM-grens 3% van de grenswaarde voor de jaar gemiddelde concentratie. Voor de luchtkwaliteit maatgevende stofparameters NO 2 en PM 10 komt dit overeen met een bijdrage aan de jaargemiddelde concentraties van 1,2 µg/m 3. Voor projecten die een NIBM-bijdrage leveren aan de concentraties luchtverontreinigende stoffen kan besluitvorming plaa tsvinden zonder dat toetsi ng aan de grenswaarden uit de Wm plaatsvindt.

2.4 Grenswaarden In bijlage II van de Wm (luchtkwaliteitseisen) zijn voor de volgende parameters grenswaarden voor de concentratie in de buitenlucht opgenomen: - stikstofdioxide (NO2): jaargemiddelde; uurgemiddelde; daarbij zijn 18 overschrijdingen per jaar toegestaan; - stikstofoxide (NO x): jaargemiddel de; - fijnstof (PM10): jaargemiddel de; daggemiddelde; daarbij zijn 35 overschrijdingen per jaar toegestaan; - zeer fijnstof (PM 2,5): jaargemiddel de; - ben zeen (C6H6): jaargemiddel de; - zwaveldio xide (SO2): jaargemiddelde; aantal overschrijdingen 24-uurgemiddelde; - lood (Pb): jaargemiddelde; - koolmonoxide (CO): 98-percentiel (8 uur). Scoutingclubgebouw Johan van d e Kornput te De Bult; 07097-53702-03 luchtkwaliteitsonderzoek 30 oktober 2020 Pagina 7 Uit metingen van het Landelijk Meetnet Luchtkwaliteit en berekeningen van het Milieu en Natuur Planbureau blijkt dat aan de grenswaarden voor zwaveldioxide, lood, koolmonoxide en benzeen al geruime tijd in (nagenoeg) geheel Nederland wordt voldaan. 1 Ook gezien vanuit de nieuwe ontwikkeling, realisatie van een scoutingclubgebouw, is geen relevante bijdrage te verwachten aan andere st offen dan fijnstof en NO 2.2 In het voorliggende onderzoek is de analyse van de luchtkwaliteit derhalve beperkt tot fijnstof en NO2.

In tabel 2.1 zijn de grenswaarden voor de parameters (zeer) fijnstof en NO 2 weergegeven zoals die gelden voor de onderhavige projectlocatie. Tabel 2.1: Grenswaarden voor (zeer) fijnstof en NO 2 Stof Norm 2020 en later NO2 Grenswaarde (jaargemiddelde in µg/m³) 40 PM10 Grenswaarde (jaargemiddelde in µg/m³) 40 Grenswaarde (aantal dagen per jaar dat de 24-uurgemiddeldeconcentratie boven de 50 µg/m³ mag liggen) 35 PM2,5 Grenswaarde (jaargemiddelde in µg/m³) 25 2.5 Ministeriële regeling Beoordeling luchtkwaliteit 2007 (RBL 2007) De Ministeriële regeling RBL 2007 is sinds 15 november 2007 van kracht en vervangt onder andere de Meetregeling luchtkwaliteit 2005 en het Meet- en rekenvoorschrift bevoegdheden luchtkwaliteit. In de RBL 2007 zijn algemene regels opgenomen voor de wijze waarop de gevolgen voor de luchtkwaliteit van toekomstige ontwikkelingen berekend dienen te worden. Na de inwerkingtreding van de RBL 2007 zijn diverse rekentechnische onderdelen van de regeling aangepast op voortschrijdende wetenschappelijke inzichten. Hiernavolgend wordt met de RBL 2007 de regeling bedoeld, zoals die geldt op het moment van uitvoeren van het voorliggende onderzoek.

De belangrijkste punten uit de regeling zijn hieronder samengevat: - Het Ministerie van Infrastructuur en Milieu (I&M) verstrekt elk jaar generieke gegevens (onder ande re achte rgrondconcentraties, dubbeltellingcorrecties, em issiefactoren en meteor ologische gegevens) die gebruikt worden bij het uitvoeren van berekeningen. - Het berekenen van de luchtkwaliteit gebeurt à pr iori volgens de standaard rekenmethoden. Er wordt daarbij onderscheid gemaakt tussen het berekenen van de luchtkwaliteit langs wegen in een stedelijke omgeving (methode 1), langs wegen in een open omgeving (methode 2) en in de nabijheid van inrichtingen (methode 3). - Andere generieke gegevens of re kenmethoden mogen, mits goed gemotiveerd en met goedkeuring van het Ministerie I&M eveneens worden gebruikt voor het bepalen van de gevolgen voor de luchtk waliteit bij toekom stige ontwikkelingen. 1 Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM), Jaaroverzicht Luchtkwaliteit 2012, RIVM Rapport 680704023/2013, 2013. 2 De concentraties PM 10 en PM2,5 hangen sterk samen.

In de praktijk blijkt dan ook dat als aan de grenswaarden voor PM10 wordt voldaan, ook de grenswaarde van PM 2,5 wordt nageleefd (bron: http://www.infomil.nl/onderwerpen/klimaat- lucht/luchtkwaliteit/thema'/stoffen/artikel/ ).3 http://www.who.int/mediacentre/factsheets/fs313/en/ Scoutingclubgebouw Johan van d e Kornput te De Bult; 07097-53702-03 luchtkwaliteitsonderzoek 30 oktober 2020 Pagina 8 2.6 Zeezoutaftre k In de RBL 2007 is vastgelegd met welke getalswaarde de concentraties PM 10 moet worden verminderd om te corrigeren voor de aanwezigheid van (niet schadelij ke) stoffen met een natuurlijke oorsprong. Vooralsnog vindt deze correctie enkel plaats voor de aanwezigheid van zeezout. De correctie op het aantal overschrijdingsdagen is prov incie-afhankelijk en is voor de provincie Overijssel vastgesteld op 2 overschrijdingsdagen. De correctie op de jaargemiddelde concentratie is in de RBL 2007 per gemeente vastgelegd en bedraagt voor het onderhavige projectgebied 2 μg/m³. 2.7 Toepasbaarheidsbeginsel en blootstellingcriterium Volgens de Wet luchtkwaliteit wordt de luchtkwaliteit overal beoordeeld met uitzondering van locaties die vallen onder het zogenaamde toepasbaarheidsbeginsel.

Het toepasbaarheidsbeginsel is opgenomen in artikel 5.19 tweede lid van de Wet luchtkwaliteit en houdt in dat de luchtkwaliteit niet wordt beoordeeld op: - Locaties die zich bevinden in gebieden waart oe leden van het publiek geen toegang heb ben en waar geen vaste bewoning is, zoals akkerland. - Op bedrijfsterreinen of terreinen van industriële inrichtingen, waarop alle relevante bepalingen inzake gezondheid en veiligheid op het werk gelden. - Op de rijbaan van wegen en op de middenberm van wegen, tenzij voetgangers normaliter toegang tot de middenberm hebben. Voor het berekenen van de luchtkwaliteit op locaties die niet zijn uitgezonderd op basis van het toepasbaarheidsbeginsel geldt verder, kort gezegd, dat ter plaatse van de rekenpunten sprake moet zijn van significante blootstelling van mensen. Dit volgt uit het blootstellingcriterium dat is opgenomen in de RBL 2007. Voorts worden nog enkele specifieke voorwaarden gesteld waaraan toetslocaties dienen te voldoen bij de beoordeling van luchtkwaliteit nabij wegen en inrichtingen: - Beoordelingslocaties bevinden zich op ten minste 25 meter van de rand van grote kruisingen en op niet meer dan 10 meter van de wegrand. - Beoordelingslocaties nabij wegen leiden tot gemeten en of berekende concentraties die representatief zijn voor de luchtkwaliteit langs een straatsegment van ten minste 100 meter.

- Beoordelingslocaties op industrieterreinen leiden tot gemeten en of berekende concentraties die representatief zijn voor een gebied van ten minste 250 meter bij 250 meter. 2.8 Besluit gevoelige bestem mingen (luchtkwaliteitseisen) Een scoutingclubgebouw is geen gevoelige bestemming als bedoeld in voormeld Besluit. Naar aanleiding van zienswijzen van omwonenden is in dit onderzoek aandacht besteed aan de luchtkwaliteit ter plaatse. De landelijke regelgeving heeft exclusief betrekking op rijkswegen en provinciale wegen. Bij het landelijke Besluit speelt de concentratie luchtverontreinigende stoffen een rol: een gevoelige bestemming is in principe volgens dit Besluit niet mogelijk indien sprake is van een overschrijding of dreigende overschrijding van grenswaarden. Zoals navolgend zal blijken is geen sprake van een overschrijding of drei gende overschrijding van grenswaarden, zodat het Besluit geen belemmering vormt voor de planontwikkeling. Scoutingclubgebouw Johan van d e Kornput te De Bult; 07097-53702-03 luchtkwaliteitsonderzoek 30 oktober 2020 Pagina 9 2.9 Rekenmethode De concentraties zijn berekend met de door Infomil bes chikbaar gestelde NIBM tool versie augustus 2020, op basis van Rekenmethode 1 (RBL 2007). Het grote voordeel van deze NIBM rekentool is dat slechts een beperkt aantal invoergegevens nodig is.

Alleen het extra aantal voertuigbewegingen en het aandeel vrachtverkeer worden ingevoerd. Voor de overige invo ergegevens is in de tool uitgegaan van worst-case omstandigheden. Met beperkte invoergegevens kan dus worden vastgesteld of de effecten NIBM zijn. 2.10 Cumulatie Op grond van artikel 5 Besluit NIBM kan aandacht worden gevraagd voor de mogelijke gevolgen van lokale cumulatie door meerdere NIBM projecten in het kader van de anticumulatiebepaling. Indien in de directe nabijheid (tot ten hoogste 1 km vanaf de grens van de locatie), ontwikkelingen zijn voorzien die gebruik maken of zullen maken van dezelfde ont sluitingsinfrastructuur is inzicht noodzakelijk in de cumulatie van beide plannen. Vooralsnog wordt geen rekening gehouden met cumulatie omdat van andere projecten niet is gebleken. 2.11 Samenvatting toetsingskader Vanwege de aard en omvang van de verkeersaantrekken de werking van de scouting, zal in dit kader de concentratiebijdragen van PM10 en NO2 worden bepaald vanwege de verkeersaantrekkende werking van het plan. De berekende bijdragen zijn aansluitend getoetst aan de toegestane bijdrage aan de jaargemiddelde concentraties van 1,2 µg/m³. Voor projecten di e een NIBM-bijdrage leveren aan de concentraties luchtverontreinigende stoffen kan besluitvorming plaa tsvinden zonder dat toetsi ng aan de grenswaarden uit de Wm plaatsvindt.

Nader onderzoek kan dan formeel achterwege blijven. Scoutingclubgebouw Johan van d e Kornput te De Bult; 07097-53702-03 luchtkwaliteitsonderzoek 30 oktober 2020 Pagina 10 3 Locatie en voornemen 3.1 Ligging scoutingclubgebouw Het plangebied betreft een deel van het perceel Onderduikersweg 2 te De Bult. Het perceel heeft een oppervlakte van 9.282 m2. De begrenzing is afgestemd op de kadastrale grenzen. Het plangebied is gelegen op circa 100 meter ten noorden van de A32. Aan de noord-, oost- en zuidoostzijde zijn woningen van derden gelegen op een minimale afstand van circa 60 meter. De ligging en begrenzing van het plangebied zijn weergegeven in afbeelding 1. Afbeelding 1: Ligging plangebied (a fbeelding is noordgericht) 3.2 Voorne men In het midden van de projectlocatie (aangegeven met de gestreepte lijn in afbeelding 1) zal een clubgebouw worden gerealiseerd, rondom het gebouw is ruimte voor buitenactiviteiten en aan de oostzijde, direct naast de oprit, zijn veertien parkeerplaatsen voorzien. In een standaard week vinden op de locatie enkel activiteiten plaats op vrijdagavond en zaterdagmiddag. Scoutingclubgebouw Johan van d e Kornput te De Bult; 07097-53702-03 luchtkwaliteitsonderzoek 30 oktober 2020 Pagina 11 4 Verkeersaantrekkende werking De te realiseren maatschappelijke functie - Scouting op deze locatie heeft een zekere verkeersaantrekkende werking.

Normaliter vinden enkel activiteiten in het weekend plaats, op de vrijdagavond en zaterdagmiddag. In onderhavig onderzoek worden de voertuigbewegingen van deze twee dagen bij elkaar opgeteld. Zo wordt uitgegaan van de situatie waarbij de meeste voertu igbewegingen in één etmaal plaatsvinden, namelijk 136 voertuigbewegingen. De verkeersaantrekkende werking is gebaseerd op 14 geplande parkeerplaatsen, die uitgaande van de worst-case benadering, circa 10 maal per etmaal gevuld worden, over het algemeen gaat het hierbij om kortstondige bezoeken om kinderen te brengen of halen. Scoutingclubgebouw Johan van d e Kornput te De Bult; 07097-53702-03 luchtkwaliteitsonderzoek 30 oktober 2020 Pagina 12 5 Berekening en resultaten De berekeningen zijn gemaakt voor het jaar 2020. Dit betreft een worst-case benadering. Immers, uit gegevens van Grootschalige Concentratiekaarten Nederland blijkt dat sprake is van een afname van de concentraties luchtverontreinigende stoffen. Als in 2020 wordt voldaan aan grenswaarden wordt in de daaropvolgende jaren ook voldaan. Navolgend zijn de berekeningen en resultaten weergegeven.

Worst-case berekening voor de bijdrage van het extra verkeer als gevolg van een plan op de luchtkwaliteit Jaar van planrealisatie 2020 Extra verkeer als gevolg van het plan Extra voertuigbewegingen (weekdaggemiddelde) 136 Aandeel vrachtverkeer 0,0% Maximale bijdrage extra verkeer NO2 in μg/m3 0,11 PM10 in μg/m3 0,02 Grens voor "Niet In Betekenende Mate" in μg/m3 1,2 Conclusie De bijdrage van het extra verkeer is niet in betekenende mate; geen nader onderzoek nodig Uit de rekenresultaten volgt dat de ontwikkeling leidt tot een niet-in-betekenende-mate bijdrage aan de lokale luchtkwaliteit. Uit het voornoemde volgt dat op basis van artikel 5.16, eerste lid, onder c, Wet milieubeheer, het aspect luchtkwaliteit geen belemmering vormt voor de ontwikkeling van het plan. Scoutingclubgebouw Johan van d e Kornput te De Bult; 07097-53702-03 luchtkwaliteitsonderzoek 30 oktober 2020 Pagina 13 6 Luchtkwaliteit ter plaatse van het plangebied In het kader van het Nationaal Samenwerkingsprogramma Luchtkwaliteit (NSL) is een instrument ontwikkeld waarmee voor elke regio in Nederland wordt berekend en gemonitord wanneer en tegen welke beleidsinspanning aan de nationale grenswaarden kan word en voldaan. Dit instrument, de Monitoringstool, is in opdracht van het Ministerie van Infrastructuur en Milieu tot stand gekomen en is in samenwerking met gemeentelijke en provinciale overheden ontwikkeld.

Uit de openbare versie van de Monitoringstool volgt dat de jaargemiddelde concentraties (zeer) fijnstof en NO2 op korte afstand van de A32, lager zijn dan de gestelde grenswaarde van 40 μg/m³ voor de jaargemiddelde concentraties van fijnstof en NO 2 en de grenswaarde van 25 μg/m³ voor de jaargemiddelde concentratie van zeer fijnstof. Dit geldt zowel voor he t jaar 2020 als voor de prognose voor het jaar 2030. In de afbeeldingen 2 en 3 zijn de voornoemde situaties weergegeven. Afbeelding 2: Concentratie luchtverontreinigende stoffen, jaar: 2020 Scoutingclubgebouw Johan van d e Kornput te De Bult; 07097-53702-03 luchtkwaliteitsonderzoek 30 oktober 2020 Pagina 14 Afbeelding 3: Concentratie luchtverontreinigende stoffen, jaar: 2030 Aange zien op korte afstand van de A32 wordt voldaan aan de grenswaarden, zullen de concentraties ter plaatse van het plangebied eveneens onder de grenswaarden liggen. Tenslotte is het volgende van belang. In algemene zin geldt dat op plekken waar ruimschoots aan de grenswaarden uit bijlage II van de Wm wordt voldaan, negatieve gezondheidseffecten niet te verwachten zijn.

Dat in onderhavige situatie negatieve gezondheids effecten zijn uitgesloten, blijkt uit het feit dat de heersende concentraties NO2, PM10 en PM2,5 ruim lager zijn dan de advieswaarden voor de jaargemiddelde concentraties NO 2, PM 10 en PM 2,5 van respectievelijk 40 µg/m 3, 20 µg/m 3 en 10 µg/m 3 van de Wereld GezondheidsOrganisatie (WHO).3 3 http://www.who.int/mediacentre/factsheets/fs313/en/ Scoutingclubgebouw Johan van d e Kornput te De Bult; 07097-53702-03 luchtkwaliteitsonderzoek 30 oktober 2020 Pagina 15 7 Samenvatting en conclusie In opdracht van de gemeente Steenwijkerland heeft C auberg Huygen B.V. een lu chtkwaliteitsonderzoek uitgevoerd voor de realisatie van een Scoutingclubgebouw aan de Onderduikerweg 2 te De Bult. Het plan omvat de realisatie van een Scoutingclub gebouw voor de Scoutinggroep Johan van den Kornput, deze bestaat uit het clubgebouw en buitenruimten inclusief (fiets)parkeerplaatsen. Vanwege de aard en omvang van de verkeersaantrekkende werking van de scouting, zijn in dit onderzoek de concentratiebijdragen van PM 10 en NO 2 bepaald vanwege de verkeersaantrekkende werking van het plan. De berekende bijdragen zijn aansluitend getoetst aan de toegestane bijdrage aan de jaargemiddelde concentraties van 1,2 µg/m³. Uit de rekenresultaten volgt dat de ontwikkeling leidt tot een niet-in-betekenende-mate bijdrage aan de lokale luchtkwaliteit.

Uit het voornoemde volgt dat op basis van artikel 5.16, eerste lid, onder c, Wet milieubeheer, het aspect luchtkwaliteit geen belemmering vormt voor de ontwikkeling van het plan. Ook is inzicht gegeven in de heersende achtergrondconcentraties. Uit de openbare versie van de Monitoringstool volgt dat de jaargemiddelde concentraties (zeer) fijnstof en NO 2 op korte afstand van de A32, lager zijn dan de gestelde grenswaarde van 40 μg/m³ voor de jaargemiddelde concentraties van fijnstof en NO2 en de grenswaarde van 25 μ g/m³ voor de jaargemiddelde concentratie van zeer fijnstof. Dit geldt zowel voor het jaar 2020 als voor de prognose voor het jaar 2030. Tenslotte blijkt dat de heersende concentraties NO 2, PM10 en PM 2,5 ruim lager zijn dan de advieswaarden voor de jaargemiddelde concentraties NO 2, PM 10 en PM 2,5 van respectievelijk 40 µg/m 3, 20 µg/m 3 en 10 µg/m 3 van de Wereld GezondheidsOrganisatie (WHO). Negatieve gezondheidseffecten zijn daarmee uitgesloten. Cauberg Huygen B.V. De heer mr. ing. M.J.M. Blankvoort Senior adviseur

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://steenwijkerland.bestuurlijkeinformatie.nl/Document/LoadAgendaItemDocument/da51cc43-d91d-432d-a802-66be9f9ba1ca?agendaItemId=418b1f2d-c2df-4bed-9b21-ae8e48905af6