bijlage 4 Nota beantwoording zienswijzen deel 2 zienswijzen en reacties gebundeld definitief
Tekst van het document
21.1 Indieners maken bezwaar tegen het opnemen van de Kamp als locatie voor woningbouw en wijzen op de waardevolle kwaliteiten (geologie, archeologie, cultuurhistorie, recreatie & toerisme). Het is een waardevol open grootschalig landschap met herkenbare sporen van verleden. Economie prevaleert boven belevingswaarde en verstoort uitzicht. Geeft aan dat door onvoldoende overwogen grondaankopen in 2000 de gemeente nu denkt “snel en goedkoop” te kunnen bouwen op de Kamp en te voldoen aan de zelf gestelde opdracht om grote aantallen woningen te bouwen.. Verwezen wordt naar de beantwoording onder 13.1. Reactie 21 leidt niet tot wijzing van de visie. 22.1 Is verheugd te zien dat het principe water en bodem sturend onderdeel is van de visie en dat een groot deel van onze input is overgenomen. Opmerking wordt voor kennisgeving aangenomen. 22.2 Positief over de medewerking aan de Verstedelijkingsstrategie ‘Warme Harten in een klimaatadaptieve Delta’(2023). Daarmee wordt gewerkt met de ontwikkelprincipes Klimaataanpak bij de bron en nieuw helpt bestaand, die indiener ondersteunt. Opmerking wordt voor kennisgeving aangenomen. 22.3 Onderstreept het leidende principe water en bodem sturend bij de ruimtelijke keuzes gemaakt in het afwegingskader wonen en werken. Samen met het negatief advies van waterschap en Opmerking wordt voor kennisgeving aangenomen.
22 Provincie heeft dit ertoe geleid dat de locatie Eeserwold 2 in het beekdal van de Steenwijker Aa niet wordt uitgewerkt. 22.4 De te ontwikkelen bouwlocaties zijn op de hogere gronden van Steenwijk gesitueerd. Belangrijke beleidsontwikkelingen en documenten om als Steenwijk toekomst en (klimaat)bestendig te ontwikkelen hebben een plek gekregen. Opmerking wordt voor kennisgeving aangenomen. 22.5 Maakt bezwaar tegen de toelichting van water en bodem sturend (p3)1 en de kaart (p.32) “het indien nodig vergroten van gemaalcapaciteit van het gemaal Oostermeenthe” is opgenomen. Dit staat haaks op de principes van water en bodem sturend. Maatregelen op dit detailniveau horen niet in een visie. Uitgangspunt in kader van water en bodem sturend is de gemaalcapaciteit niet te vergroten, maar de ruimte in het gebied te zoeken en daarmee afwentelen op een ander gebied voorkomen. Met het verplaatsen van de sportvelden en de ontwikkeling van Oostermeenthe Zuid zou hier op basis van het principe nieuw helpt bestaand ruimte voor moeten zijn. Het bestaande gemaal is een belangrijk waterhuishoudkundig object dat onderdeel uitmaakt van het huidige watersysteem. We onderschrijven het uitgangspunt water en bodem sturend en zijn het eens met de indiener dat maatregelen op dit detailniveau niet thuishoren in een visie.
Met indiener gaan we graag nader in gesprek over het klimaat robuust inrichten van het systeem en het maken van afwegingen hierover. Er wordt een gebiedsbreed onderzoek gestart waarbij het waterschap een belangrijke partner zal zijn. Dat is ook de plek waar het capaciteitsvraagstuk aan de orde komt. Reactie 22 leidt tot gedeeltelijke aanpassing van de visie 23.1 Geeft aan dat op 4 juli jl. een zienswijze bij GS is ingediend m.b.t. het Regionaal Waterprogramma Overijssel 2026 en de Omgevingsvisie Overijssel. De ontwikkelmogelijkheden van eigendom in Beekdal Steenwijker Aa zullen worden beperkt, zo niet onmogelijk worden gemaakt. In de stadsvisie is ook een beperking van de uitbreidingsmogelijkheden van het landgoed de Woldberg opgenomen. De locatie Eeserwold 2 is in de Stadsvisie niet nader uitgewerkt. Enerzijds om dat Eeserwold 2 beperkt aansloot bij de bouwstenen opgenomen in het Afwegingskader. Anderzijds omdat de provincie Overijssel als het waterschap WDOD negatief hebben geadviseerd om op deze locatie woningbouw te ontwikkelen. Reden hiervan is dat Eeserwold 2 is gelegen in een Beekdal gebied. Uitgangspunt is dat het toevoegen van woningen in beekdalen is uitgesloten. Verwezen wordt naar de ontwerp-Omgevingsvisie waarin dit uitgangspunt is opgenomen.
23.2 Indiener stelt dat een dragende onderbouwing ontbreekt, gebaseerd op voldoende zorgvuldig onderzoek en overleg met belanghebbenden en indiener. Temeer daar met gemeente diverse De keuze om Eeserwold 2 niet verder in de Stadvisie uit te werken is in het Afwegingskader op pagina 15 nader onderbouwd. Vanwege de afstand tot voorzieningen, geen nabijheid en beperkte bereikbaarheid en het gegeven dat er sprake is van een laaggelegen gebied zijn redenen geweest dat Eeserwold beperkt aansloot bij de bouwstenen. De ontwerp-omgevingsvisie die heden ter 23 afspraken zijn gemaakt omtrent de ontwikkeling van het eigendom van de Woldberg. Refereert hierbij ook aan de zienswijze van 4 juli. inzage ligt heeft overigens als uitgangspunt dat het toevoegen van woningen in Beekdalen is uitgesloten. De huidige trend in provinciaal en gemeentelijk beleid is dat woningbouw in beekdalen als ongewenst zijn aangemerkt. Privaatrechtelijke afspraken en/of overeenkomsten uit het verleden zijn bij het maken van ruimtelijke keuzes geen relevant kader. Zie ook 23.6 23.3 Refereert aan bouwsteen 1: bouwen aan nabijheid. Het gaat om een herontwikkeling aansluitend bij het reeds gerealiseerde deel van het landgoed. En niet om het onttrekken van gronden aan een agrarische bestemming. Dit vereenvoudigt de aanpassing van het planologisch regime en impliceert een zuiniger gebruik van de ruimte.
De bouwsteen 1: bouwen aan nabijheid gaat over nabijheid tot voorzieningen. Eeserwold 2 ligt op grote afstand van stedelijk gebied en voorzieningen. 23.4 Indiener geeft aan da provincie en waterschap zullen instemmen met de realisatie van een golf- en leisurecentrum conform het huidige planologische regime. Het grondwaterpeil van -1.40/-1.50 wordt dan acceptabel geacht. Bij de beoogde woningbouw uitbreiding gaat het om een grondwaterpeil van -0.40/0.65 wat juist een positief effect heeft op het voorkomen van veenoxidatie terwijl tevens de capaciteit van het Eesermeer kan worden vergroot door het creëren van extra ruimte voor de berging van water. De toegestane functie ter plaatse is een 9-holes golfbaan. Indien binnen de daarvoor toegestane regels een golfbaan wordt aangelegd is dit vanuit het omgevingsplan toegestaan. Indien indiener wilt afwijken van de toegestane activiteiten binnen die functie zal e.e.a.. getoetst worden aan de relevante beleidstukken en regelgeving. Het te hanteren grondwaterpeil is daarbij een onderdeel van dit afwegingskader. Echter, andere onderwerpen, zoals deze in het Afwegingskader en in de ontwerp-omgevingsvisie worden besproken, maken naast het te hanteren grondwaterpeil ook onderdeel uit van een dergelijke afweging. 23.5 Indiener vindt het vreemd dat er wel positief wordt geoordeeld over een herontwikkeling van de Woltmeente-noord.
Ook dat gebied ligt in het beekdal, met een agrarische bestemming met een beschermingsrisico van 1 op 10, waardoor het planologisch regime geheel dient te worden aangepast om initiatieven voor kapitaalintensieve ontwikkelingen bijv. sportvelden en Leisure activiteiten op deze locatie mogelijk te maken. Onduidelijk is hoe door provincie en waterschap en gemeente deze initiatieven worden beoordeeld. Er worden geen woningen gebouwd in Woldmeenthe Noord. Het grenst aan de kern en is voor bewoners en is goed bereikbaar (OV, lopen, fietsen, auto). O.a om die redenen is het een kansrijke locatie voor sportvelden. Daarbij wordt rekening gehouden met de wateropgave bij die delen die lager gelegen zijn. Deze locatie ligt (ook) in het beekdal. Mogelijke wateroverlast is hier zeker een vraagstuk. In de visie is verkend hoe dit zou kunnen met o.a. extra ruimte voor de Steenwijker Aa, positionering van velden en mogelijke voorzieningen op de wat hogere delen en het benutten van waterbergend vermogen van de velden. In de verdere uitwerking moet nader blijken onder welke condities de sportvelden hier kunnen worden ingepast en welke maatregelen genomen moeten worden. Er zijn ook andere verschillen aan te duiden, zoals de verschillen in grondslag (laagveen versus dekzand), ligging t.o.v. weidevogel gebieden en waterretentiegebieden.
24 23.6 Maakt melding van de gesprekken tussen gemeente, Woldberg, en tussen gemeente en GroenLeven BV over de ontwikkeling. Gemeente heeft de inspanningsverplichting op zich genomen planologische medewerking te verlenen aan een crematorium, woningbouw resp. de aanleg van een zonnepark. Het is niet aanvaardbaar dat aan het overleg dat tot die inspanningsverplichtingen heeft geleid nu voorbij wordt gegaan en zonder betrokkenheid van indiener een keuze voor deze ontwikkeling wordt gemaakt die onevenredig de belangen van indiener aantast. Spreekt bereidheid uit nader toe te lichten en in overleg te treden over een planologische invulling van de locatie die recht doet aan haar belangen en gemaakte afspraken. Een ruimtelijke visie is een instrument binnen het publiekrecht, bedoeld om het toekomstig beleid voor de fysieke leefomgeving te schetsen. De motivering van ruimtelijke keuzes zijn gebaseerd op ruimtelijk relevante, objectieve en toetsbare gronden, zoals beleidsmatige afwegingen, maatschap- pelijke behoeften, milieueffecten, ruimtelijke kwaliteit en uitvoerbaarheid in brede zin. Privaat- rechtelijke afspraken zijn afspraken tussen partijen zonder publiekrechtelijke werking voor der- den. Ze zijn niet algemeen verbindend en kunnen geen publiek belang vertegenwoordigen. Hier- door kunnen privaatrechtelijke afspraken geen rol spelen bij het opstellen van een visie.
Reactie 23 leidt niet tot wijziging van de visie. 24.1 Persoonlijk: Ontwikkeling woningbouw Tuk Noord heeft negatieve invloed op woongenot en waarde woning. Voorgenomen ontwikkeling heeft indiener verrast, aangezien bij navraag bij koop woning in 2024 gemeente aangaf dat er geen plannen bekend zijn het gebied om te zetten naar woningbouw. Vreest dat door woningbouw de karakteristieke elementen het noordelijk deel van het heuvellandschap verloren zal gaan. Het is belangrijk dat ruimtelijke ontwikkelingen transparant en zorgvuldig worden gecommuniceerd. In 2024 waren er nog geen concrete plannen voor de ontwikkeling van de beoogde locatie. Ook op dit moment zijn die plannen er niet, maar wordt in de visie ingegaan op een mogelijke toekomstige ontwikkeling op deze locatie. Het is het mogelijk dat ruimtelijke inzichten en beleidsvoornemens in de tussentijd worden gewijzigd, bijvoorbeeld door veranderende woningbehoeften in de regio. Deze visie, in navolging van het afwegingskader, is daar een voorbeeld van. Bij verdere planvorming zal zorgvuldig worden gekeken naar ruimtelijke kwaliteit, landschappelijke inpassing en communicatie met belanghebbenden. Mocht indiener van mening zijn dat woningbouw op de beoogde locatie een negatieve impact heeft op de waarde van zijn/haar woning, dan kan indiener een verzoek om nadeelcompensatie indienen.
Dit kan pas na vaststelling van een omgevingsplan voor ontwikkeling op de beoogde locatie door de gemeenteraad. 24.2 Stelt de vraag of de gemeente zich heeft verplicht tot een ambitie waarbij koste wat kost op alle voor bebouwing geschikte locaties ook daadwerkelijk moet worden gebouwd. Indiener refereert De raad heeft het afwegingskader toekomst wonen en werken richtinggevend vastgesteld. In dit afwegingskader zijn de locaties verkend. Na raadsbesluit zijn deze locaties nader uitgewerkt (programmatisch, technisch, ruimtelijk) in de visie. Het is aan de gemeenteraad om op basis van deze uitgesproken ambitie nader te besluiten over de visie én dus de ontwikkellocaties. 25 hierbij naar kanttekeningen /risico’s raadsvoorstel “toekomst wonen en werken in Steenwijk. 24.3 Wekt indruk dat landschap dat de stad omringt wordt opgegeven en er enkel waardering is voor landschap ‘verder weg’. Geeft aan dat de in de visie genoemde groene ambities nabij Tuk niets overblijft gezien de geprojecteerde dichte bebouwing. Hoe verhoudt zich de groene en natuurinclusie manier van bouwen met het programma. Indiener twijfelt ernstig aan de te maken afweging tussen de groene ambities en de woningbouw. De vraag naar woningen en de uitbreiding van de stad aan de randen staat vaak op gespannen voet met elkaar.
In de visie is bewust benoemd dat de kwaliteiten van het landschap belangrijk zijn en de groene ambities hoog. Daarmee wordt zoveel mogelijk sturing gegeven aan de kwaliteit van de beoogde ontwikkelingen. De kenmerken van het landschap worden doorgezet in het stedenbouwkundig plan. Bij Tuk noordwest is een open coulisselandschap onderdeel van de ontwikkelingen langs de gehele noordrand. Door de bebouwde delen ondanks de hoge dichtheid zo groen mogelijk en natuurinclusief in te richten, anders dan nu met mono-agrarisch gebruik, wordt een zo aantrekkelijk mogelijk woonomgeving gecreëerd. 24.4 Ontwikkeling baart zorgen m.b.t. het glooiende landschap. Directe beleving van het glooiende landschap vanuit de bestaande wijk ontbreekt. Ontwikkeling leidt tot verlies van karakteristieke landschapselementen. Bij een goede inpassingen hoeft stedelijk ontwikkeling niet te leiden tot verlies van landschapselementen, in het stedenbouwkundige plan is behoud van de beleving van glooiing en hoogteverschil een opgave, waarbij de kanttekening dat deze beleving anders zal zijn dan de huidige maar niet hoeft te verdwijnen. Hoogteverschil en glooiing dragen ook bij aan aantrekkelijke stedenbouw. 24.5 Tuk Noordwest in beeld gekomen door principe bodem en water sturend. Of is het leidend? Vraagt n.a.v.
de analyse van hydrologie en de sponsstrategie (in te grove korrel) of bouw in de verschillende lagere of overgangsgebieden mogelijk is, gezien de mogelijke zandpakketten. In de lager gelegen gebieden is het risico op wateroverlast groot. Door woningen te bouwen op hoger gelegen gronden wordt het risico op wateroverlast beperkt en bijgedragen aan een klimaatbestendige inrichting van Steenwijk(erland). 24.6 Spreekt zich uit tegen het in de visie genoemde samenhang. Er is bij de voorgenomen ontwikkelingen in en rond Tuk geen sprake van samenhang. Het is een majeure uitbreiding zonder samenhang. Tuk wordt een Vinex achtige woonwijk, zonder dat er iets wordt gezegd over de nieuwe bijbehorende voorzieningen. In de visie wordt gesproken over de samenhang tussen ontwikkelingen en opgaven. Door de hele rand van Tuk noord tot zuid in een ontwerpopgave mee te nemen zorgen de landschappelijke kenmerken voor een samenhangende dorpsrand. De afwisseling in het coulisselandschap wordt versterkt door het toevoegen van houtwalstructuren en woonvelden. Binnen deze woonvelden is ook ruimte voor het toevoegen van voorzieningen. In welke vorm en van welke aard precies is behoudens de mogelijkheid van een school op dit niveau van de visie nog niet uitgewerkt. 24.7 Leidt tot meer verkeer op Ruxveenseweg.
Deze drukte leidt tot op grotere afstand bouwen vanaf de weg, met als consequentie het opofferen van klimaatadaptatie, vergroening en wooncomfort. Met de stadsvisie bepalen we de richting voor de ontwikkeling van Steenwijk in de komende jaren. In de planfase werken we per ontwikkellocatie aan een goede balans tussen de 26 verschillende ontwerpopgaven. Nadere uitwerking/onderzoek moet uitwijzen of aanvullende maatregelen nodig zijn voor het ontwikkelen van het plangebied. 24.8 De uitgesproken groei ambitie wordt gezien als top down abstracte bestuurlijke wensdroom. Geen sprake van werkelijk bottum up. In de regio Zwolle zijn met de verstedelijkingsstrategie afspraken gemaakt op welke wijze invulling gegeven kan worden aan de opgaven op het gebied van wonen, werken, klimaat en mobiliteit. In de door de gemeenteraad vastgestelde woonagenda Steenwijkerland is de ambitie opgenomen om invulling te geven aan deze verstedelijkingsstrategie en te voorzien in de behoefte van 1.000 tot 1.500 woningen in Steenwijk. Deze hebben in het afwegingskader wonen en werken en in deze stadsvisie een plek gekregen. In het participatietraject zijn deze locaties verkend en in de periode van de ter inzage legging kan een ieder reageren. Reactie 24 leidt niet tot wijzing van de visie. 25.1 Geeft aan actief te hebben deelgenomen aan participatieproces.
Geeft aan dat er wel en niet naar de burgers is geluisterd. Inbreng heeft zichtbaar geleid tot wijzigingen in de visie. Er wordt kennis genomen van de opmerking 25.2 Niet: Er zijn veel opmerkingen gemaakt over het niet bouwen op de stuwwal. Deze ligt als warme sjaal om Steenwijk en bepaalt aangezicht. Het geologische bijzondere Drumlin Stuwwal wordt opgeofferd. De consequenties worden niet benoemd. Ligt dit gevoelig, het blijft oorverdovend stil. We begrijpen de uitgesproken zorgen over aantasting van dit gebied en de weerstand tegen woningbouw. We erkennen de waarden van het landschap. Met inachtneming van deze kwaliteiten en waarden zetten we in op een ontwikkeling tot woningbouw. Met inachtneming van de deze landschapskwaliteiten en -waarden zetten we in op een passende ontwikkeling tot woningbouw. 25.3 Niet. In het voortraject in geen antwoord gekregen op het waarom van de exponentiële groei. De antwoorden zijn procedureel, algemeen, maar niet inhoudelijk. Gevraagd wordt nogmaals naar de onderbouwing. Indiener onderbouwt een fors lagere groei op basis van CBS data (4,3% i.p.v. 23% gemeente). Stelt de vraag waarom de trend dat Steenwijk achterblijft t.o.v.. het landelijk gemiddelde wordt doorbroken. Op basis van onderzoek, o.a.
woningbehoefte onderzoek en diverse data, is in de door de gemeenteraad vastgestelde woonagenda aangeven wat de demografische ontwikkelingen er zijn en wat de lokale woonbehoefte is, zowel in aantal woningen als de type woningen. Er ligt op basis van die onderbouwing een opgave om 1735 woningen toe te voegen voor de lokale behoefte in de hele gemeente. Voor Steenwijk/Tuk is die opgave tussen de 695 en 945 woningen. In de regio Zwolle zijn afspraken gemaakt op welke wijze invulling gegeven kan worden aan opgaven voor wonen, werken, klimaat en mobiliteit. In de woonagenda is de ambitie opgenomen om invulling te geven aan deze strategie en te voorzien in de behoefte van 1000 tot 1500 woningen in Steenwijk. In de Regio Zwolle, waar Steenwijkerland deel van uit maakt, wordt uitgegaan van een (basis)opgave van minimaal 50.000 nieuw te bouwen woningen tot 2040. Dit komt deels door autonome groei, maar ook door de positie van de regio in het Stedelijk Netwerk Nederland: de 27 regio Zwolle is populair als alternatief voor de krapte op de woningmarkt in de Randstad en een aantrekkelijke plek op de schakel tussen Randstad en het noorden. Dit zien we ook terug in het woningmarktonderzoek dat we als gemeente samen met de twee grootste corporaties, recent uitvoerden.
Vanuit de Randstad is een beweging steeds verder landinwaarts en met sprongen richting grote steden om vanuit daar een overdruk op omliggende gemeenten te veroorzaken. 25.4 In verlengde daarvan vraagt indiener zich af of de bouw en groei en de consequenties daarvan werkelijk in het belang zijn van de bevolking. De voorzieningen groeien mee met de ontwikkeling van de stad. Woningbouw en voorzieningen gaan hand in hand: bij nieuwe woningen horen goede scholen, eerstelijnszorg en sport. Daarbij geldt het principe “nieuw helpt bestaand”: ook de bestaande wijken profiteren mee van de ontwikkeling, bijvoorbeeld door uitbreiding van voorzieningen, meer groen en betere verbindingen. Meer inwoners betekent ook meer draagvlak voor bestaande voorzieningen. Reactie 25 leidt niet tot wijzing van de visie. 26.1 Ongeloof over opnieuw benoemen Kamp als uitbreidingslocatie. Benadrukt opnieuw de unieke waarden. Indiener gaat uitvoerig in op de kwaliteiten en maakt bezwaar tegen de ontwikkeling: Het is onmogelijk om de unieke waarden te bewaren bij bebouwing; ook al wordt in stedenbouwkundige ontwerpen rekening gehouden met dit bijzondere gebied. Onmogelijk de genoemde waarden te herscheppen op andere plaatsen. Onmogelijk de waarden van te bewaren door andere delen van De Kamp te beschermen.
Indruk wordt gewekt dat extra woningbouw in Steenwijk noodzakelijk is om bovenregionale redenen en dat de toekomst gevaar loopt als Steenwijk niet fors groeit. De Kamp is te kostbaar om op te offeren voor de grote ambitie. Economische motieven mogen niet zwaarder wegen dan de noodzaak om zorgvuldig om te gaan met waarden. Verwezen wordt naar de beantwoording onder 13.1. De gemeenteraad heeft de ambitie uitgesproken is om 1.000 tot 1.500 woningen extra toe te voegen. In het door de raad richtinggevende vastgestelde afwegingskader wonen en werken zijn hiervoor de locaties weergegeven. 26.2 Indiener verwacht dat vanwege de unieke landschappelijke en aardkundige waarde actief wordt gezocht naar alternatieven om na zorgvuldige afweging tot de conclusie te komen dat De Kamp niet kan en mag fungeren als bouwlocatie. In het afwegingskader wonen en werken zijn alternatieven in beeld geweest. Vanuit de toepassing van een aantal ontwikkelprincipes zijn de locaties in beeld gekomen die in de visie uitgewerkt zijn. Het richtinggevende besluit van de raad over het afwegingskader stelt dat er een nader verdieping dient te komen op de in het afwegingskader genoemde verkende locaties. 28 26.3 Zogen over de onaanvaardbare hoge verkeersdruk in Zuidveen.
Het aantal verkeersbewegingen en de overlast op de Zuidveenseweg/Burgemeester Stroinkweg blijft aantoonbaar stijgen en daarmee moeilijker de voorzieningen in Steenwijk te bereiken. De problematiek wordt onaanvaardbaar vergroot door meer woningen aan de moeilijk te ontsluiten zuidkant van de stad. We begrijpen goed dat de toenemende verkeersdruk zorgen oproept. De zorgen over de huidige verkeerssituatie zijn bij ons bekend. Vanwege de groei van de stad investeren we in het bereikbaar houden van de wegen. Wij nemen de zorgen over verkeersdruk en de kwaliteit van uw woonomgeving serieus. Daarom wordt bij de uitwerking nadrukkelijk gekeken naar maatregelen om de toenemende verkeersstromen op de Schansweg -omwille van de woningbouw- in goede banen te leiden.De Schansweg is onderdeel van de ontsluitingsstructuur van Steenwijk. De huidige maximumsnelheid van 50 km/uur wordt ter hoogte van de komgrens aan de westzijde van Zuidveen tot ongeveer de Onnastraat verlaagd naar 30 km/uur. Daarnaast worden op de kruispunten Gasthuislaan/Schansweg en Meppelerweg/Schansweg rotondes gerealiseerd (zie ook achtergrond-rapport mobiliteit). De mogelijke te ontwikkelen woonwijk De Kamp staat niet ingetekend met een ontsluiting naar de Burgemeester Stroinkweg. 26.4 Indiener betreurt dat de eigen kenmerkende identiteit van Zuidveen niet wordt gewaarborgd.
Bij volbouwen noordelijke helling van De Kamp zal het aanzien worden bepaald door de bebouwing. Dat wordt niet voorkomen met een groenstrook op de zuidelijke helling. Het karakter van het open landschap dat de scheiding vormt tussen de stad en het dorp zal door elke vorm van bebouwing en beplanting worden vernietigd. Voor de ontwikkelingen op de Kamp wordt rekening gehouden met de kenmerken en kwaliteiten van het landschap. De zorg over aantasting van de cultuurhistorische en landschappelijke waarden van het gebied nemen we serieus.. Tegelijkertijd ligt er een grote opgave als het gaat om de woonbehoefte. Vanuit de principe bodem en water sturend is de Kamp juist een passende locatie is als het gaat om hoog en droog. Onderstaand kaartje laat zien dat vanuit de landschappelijke kenmerken zoveel mogelijk rekening wordt gehouden met de ligging van Zuidveen langs de zuidzijde van de stuwwal, op de overgang naar het veengebied. De bebouwing wordt hoofdzakelijk aan de noordzijde van de stuwwal gepositioneerd, zodat er tussen de bebouwing en Zuidveen een ruime zone overblijft voor een landschapspark. 29 Reactie 26 leidt niet tot wijzing van de visie. 27.1 Indiener blikt terug op ontstaan stichting en doelstelling en beschrijft uitvoerig de waarden van de Kamp. Landschappelijk, aardkundig, archeologisch, historisch, natuur, ecologisch/hydrologisch, belevings- en recreatieve waarden.
Deze waarden gaan verloren bij bebouwing op de Kamp. Is dan ook tegen bouwen op de Kamp. Verwezen wordt naar de beantwoording onder 13.1 27.2 Vraagt om een second opion om een aantal alternatieve locaties te onderzoeken en zorgvuldig af te wegen. - Dichtere bebouwing van het gebied ten oosten van de Ruxveenseweg, aansluitend op het geplande plan Tuk Noordwest samen met het geplande Bedrijventerrein Tuk Zuidwest(200 woningen). - Aansluitend op de renovatie van De Kleine Kamp het gebied ten zuiden van de Jan van Riebccckstraat - Het uitgestrekte nauwelijks bebouwde gebied ten oosten van de woonwijk Komputkwarder, tussen de Meppelerweg en de A32 (500-600 woningen). Met indiener zijn, vooruitlopend op het ter inzage leggen, op ambtelijk niveau gesprekken gevoerd. Ook daar is gesproken over een mogelijke second opion. We hebben breed naar locaties gekeken en op basis van een aantal ontwikkelprincipes komen de genoemde locaties als meest geschikt naar voren. Deze locaties zijn in de visie nader uitgewerkt. Reactie 27 leidt niet tot wijzing van de visie.
30 28.1 Ambitieuze visie. Het accent op de planvorming rond het mogelijk verplaatsen van ons sportpark naar een nieuwe locatie op Woldmeenthe Noord. In de basis staat Olde Veste voorzichtig positief tegenover deze plannen, maar wel met kanttekeningen. Opmerking wordt voor kennisgeving aangenomen 28.2 Als grootste voordeel van een nieuwe locatie wordt gezien: A Olde Veste is de grootste voetbalvereniging in Steenwijk Om deze belangrijke positie in sportief Steenwijk te borgen is een moderne en hoogwaardige accommodatie passend bij de groei ambitie van de gemeente en de vereniging zelf. B Een nieuwe accommodatie biedt (mogelijk) kansen om krachten te bundelen en daarmee bijvoorbeeld het aantal voetbal- verenigingen in de stad te verkleinen. Om meerdere redenen biedt dat een toekomstbestendige oplossing. De gemeente dient dan wel met deze visie in de hand het voortouw hierin te nemen. A Opmerking wordt voor kennisgeving aangenomen. B De Groene Long als sportlocatie blijft bestaan, daarnaast is Woldmeenthe in beeld als nieuwe sportvoorziening met 8,5 voetbalvelden en clubgebouw. Daarmee zijn er voldoende velden beschikbaar voor Steenwijker voetbalverenigingen. De gemeente moedigt samenwerking tussen verenigingen aan, bijvoorbeeld om vrijwilligers efficiënt in te zetten. Het is aan de verenigingen zelf om hierin keuzes te maken.
28.3 Zorgpunten: A Een mogelijke verplaatsing op korte termijn maakt een forse investering in de huidige locatie onverstandig. Snelle duidelijkheid over de haalbaarheid is noodzakelijk . Olde Veste leidt mogelijk aanzienlijke schade wanneer voor 1 december 2025 geen duidelijkheid wordt gegeven over de haalbaarheid en verzoekt om voor die datum duidelijkheid te geven over de te verwachten realisatie termijn. Daarbij ook het verzoek om medio september 2025 ons kort schriftelijk te informeren over de gemeentelijke beslisprocedure, ter ondersteuning van het verzoek tot uitstel voor het benutten van de verleende BOSA subsidie. B Het verplaatsen van onze vereniging raakt direct onze bereikbaarheid en verankering in de samenleving. Het huidige complex ligt zeer centraal en is veelal goed en veilig bereikbaar, A De zorgen zijn gedeeld en bekend. Verzoek om ondersteuning uitstel subsidie is door gemeente gehonoreerd. Op verzoek van indiener is een brief verstuurd. Pas na besluitvorming raad kan perspectief worden geboden over de ontwikkeling en de periode. Indiener is op de hoogte van de beslisprocedure. B Een verhuizing naar een andere locatie brengt veel veranderingen met zich mee. Woldmeenthe is goed bereikbaar, al zal het voor leden in het begin vast wennen zijn. We gaan tijdig met gebruikers in gesprek over de veilige toegang naar het park.
31 een belangrijk argument voor lidmaatschap. De bereikbaarheid van het nieuwe complex dient volledig gereed, veilig en praktisch zijn, vóór dat kan worden verplaatst. Zonder duidelijke afspraken is dit een groot risico voor ons ledenaantal. C Het splitsen van "voetballocaties" leidt tot onnodige hoge kosten. Er dienen meerdere voorzieningen onderhouden te worden en alle verenigingen zijn inmiddels 'zaterdag amateurs' waarmee de verschillen kleiner worden en samengaan logisch lijkt. De gemeente kan door dwingend een keuze te maken voor een nieuwe locatie daarop sturen. Verhuizen en ook investeren in andere voetballocaties in de stad is niet aanvaardbaar. D Overwogen wordt om de sportcomplexen in te bedden in een "nat-en-dras" omgeving met de rivier de Aa. Een teveel landelijke inpassing leidt mogelijk tot het gevoel van een "afgelegen sportcomplex" wat binding en veiligheid niet ten goede komt. Ervaringen elders leert dat deze natte zones met name in natte en warme periodes leidt tot veel hinder van insecten en recreëren en wonen niet aantrekkelijk maakt. C In deze stadvisie is deze keuze niet gemaakt. Vanuit een aantal ontwikkelprincipe is Oostermeenthe Zuid in beeld voor woningbouw. En daarmee de verplaatsing van de sportvelden. We gaan dan uit van twee locaties met voetbalvelden, de bestaande Groene Long en de nieuwe voorziening Woldmeenthe.
D Een sportcomplex in een groene omgeving wordt gezien als een kwaliteit, de locatie bevindt zich op relatief korte afstand van de stad waardoor er van afgelegenheid in onze optiek geen sprake is. Steenwijkerland is rijk aan water, ook in en rondom de stad Steewijk zijn diverse natte gebieden, in de wijk Woldmeenthe ligt bijvoorbeeld een uitgebreid patroon van sloten en watergangen en ook de Ruxveenseplas is een nat natuurlijk gebied. In deze gebieden is bij ons geen overmatige overlast van muggen bekend. De aanwezigheid van Insecten is daarnaast belangrijk voor het bestuiven van bloemen en planten en een belangrijke voedselbron voor diverse wilde zoogdieren, vogels, amfibieën en andere insecten zoals libelle en kevers. Een ecosysteem functioneert niet zonder insecten. 28.4 Ziet zich als grote belanghebbende graag structureel gesprekspartner in de verdere uitwerking en keuzes. Uiteraard gaan we de partijen, waaronder de indiener, die een goot belang hebben betrekken in de verdere uitwerking en het maken van keuzes. Reactie 28 leidt niet tot wijzing van de visie. 29.1 Neemt met verbazing kennis dat gemeente het vizier heeft op de Kamp, een geliefde plek met een grote emotionele waarde. De landschappelijke en natuurwaarden ervan dreigen door de voorgestelde ontwikkelingen in het gedrang te komen.
Het open en Verwezen wordt naar de beantwoording onder 13.1 32 groene karakter van deze miljardenoude stuwwal wordt onomkeerbaar aangetast. Constateert (opnieuw) dat onvoldoende rekening is voor o.a. de archeologische waarde, de natuurwaarden en biodiversiteit, het waterbeheer, de bestaande verkeersdrukte (die nu al omvangrijk is), de belangen van direct betrokkenen en inwoners (bijv. de geplande rotonde), de alternatieve locaties voor woningbouw, een samenhangende visie of lijn binnen de woningbouwstrategie, de geschiktheid van het plan voor het gebied, de schoonheid en recreatieve waarden voor de vestingstad. De enige nog natuurlijke ingang/omgeving van de stad. 29.2 Vraagt aandacht voor de problematische verkeerssituatie Gasthuislaan - Zuidveenseweg (m.n. tijdens spits en slecht weer) waardoor het oversteken of invoegen vanaf zowel de Gasthuislaan als de Zuidveenseweg bijzonder risicovol is. Spreekt zorg uit dat problemen groter worden als de RSG groter wordt (Unilocatie) . Dit heeft betrekking op huidige situatie, die bij de gemeente bekend is. In de achtergrondrapportage is hier aandacht aan geschonken en is een aantal maatregelen voorgesteld ter verbetering van de situatie, waaronder dit wegdeel in te richten als 30 km zone (GOW30). Dit wordt meegenomen in de verder uitwerking.
29.3 Onacceptabel en teleurstellend dat de inwoners nooit betrokken zijn geweest bij de planvorming, helaas is dit overigens niet verrassend meer. Wij herkennen ons niet in het beeld dat inwoners niet betrokken zouden zijn geweest bij de planvorming. In aanloop naar de Stadsvisie zijn diverse participatieactiviteiten georganiseerd, juist om inwoners, ondernemers en maatschappelijke organisaties te betrekken. Zo zijn er straathoeksessies gehouden op acht locaties in de gemeente, vonden er workshops plaats met bewonersorganisaties, ondernemers en ketenpartners, en inloopbijeenkomsten, onder andere in de Grote Kerk in Steenwijk. We realiseren ons dat niet iedere inwoner aan deze activiteiten heeft deelgenomen. Tegelijk is met deze brede aanpak beoogd om een zo representatief mogelijk beeld op te halen van wat er leeft in Steenwijk. De opgehaalde reacties en inzichten zijn samengebracht in het participatieverslag en vormden belangrijke input voor de Stadsvisie. Reactie 29 leidt niet tot wijzing van de visie. 30.1 Was niet op hoogte van plannen en spreekt verbazing uit waarom indienere niet op de hoogte is gebracht. Wil graag persoonlijk op de hoogte gehouden worden en stelt dat het nu geen schoonheidsprijs verdient. Wij begrijpen dat omwonenden verrast kunnen zijn door de opname van zoekgebieden voor woningbouw in de Stadsvisie en dat dit tot vragen kan leiden.
In aanloop naar de Stadsvisie zijn echter verschillende participatiemomenten georganiseerd, waaronder straathoeksessies op meerdere locaties, inloopbijeenkomsten en gesprekken met inwoners, plaatselijke belangen, 33 maatschappelijke organisaties en ondernemers. De opbrengsten hiervan zijn verwerkt in het participatieverslag en hebben bijgedragen aan de totstandkoming van de Stadsvisie. Benadrukt wordt dat de stadsvisie een visie is en geen uitvoeringsagenda. De visie schetst een richtinggevend toekomstbeeld en benoemt focusgebieden waar in de komende decennia mogelijk ontwikkelingen kunnen plaatsvinden. Er zijn daarmee nog geen concrete besluiten genomen over woningbouwlocaties of de uitwerking daarvan. Wanneer in de toekomst een van de zoekgebieden daadwerkelijk verder wordt onderzocht of ontwikkeld, wordt hiervoor een apart participatietraject ingericht met een eigen participatieplan. Daarbij worden omwonenden en andere belanghebbenden tijdig en persoonlijk betrokken, zodat hun zorgen, ideeën en aandachtspunten in de verdere planvorming kunnen worden meegenomen. 30.2 Plannen Tuk hebben impact op uitzicht en vrijheidsgevoel Opmerking wordt voor kennisgeving aangenomen. 30.3 Plannen zijn acceptabel. Begrijpt noodzaak woningbouw. Waardeert ingetekende groenstrook. Geeft aan dat het geen extra verkeersdruk oplevert. Opmerking wordt voor kennisgeving aangenomen.
Reactie 30 leidt niet tot wijzing van de visie. 31.1 Spreekt teleurstelling uit dat Steenakkers Oost nog steeds als zoekgebied voor een toekomstig bedrijventerrein is opgenomen. In de inloopsessies en bijeenkomsten is zorg geuit en zijn alternatieven voorgesteld. Wat is nut en noodzaak van de bijdrage tijdens de inloopsessie. Jammer dat hier weinig/tot niets zichtbaars mee is gedaan in de stadsvisie. Pleit ervoor om Steenakkers Oost te schrappen als zoekgebied voor een toekomstig bedrijventerrein. Waardering voor de indieners van de zienswijze. Al tijdens het participatietraject hebben de indieners op meerdere bijeenkomsten gepleit voor het niet realiseren van dit regionale terrein. Het is en blijft echter opgenomen als zoekgebied in het kader van de door de Regio Zwolle opgestelde Ruimtelijk Economische Bouwsteen 2040. Het gaat dan om de corridor A32 Steenwijkerland-Meppel. De exacte locatie is nog niet bekend. Samen met de gemeente Meppel wordt de haalbaarheid nader onderzocht. Daarbij wordt ook nader gekeken naar de mogelijke locaties. Het kan ook elders komen dan de Steenakkers. Het bezwaar wordt expliciet meegenomen in de regionale gesprekken. Reactie 31 leidt niet tot wijzing van de visie. 32.1 Indiener waardeert de inhoudelijke betrokkenheid bij de totstandkoming van de visie, zowel via formele participatiemomenten als via reguliere overleggen.
Indiener ziet dit als een goede basis voor verdere samenwerking. Opmerking wordt voor kennisgeving aangenomen. 32.2 Visie als kompas en integrale aanpak is de sleutel tot succes Opmerking wordt voor kennisgeving aangenomen. 34 De stadsvisie is een mooie integrale, toekomstgerichte en bruikbare visie voor Steenwijk, Tuk en Zuidveen. Zien de stadsvisie als een richtinggevend kompas voor de samenwerking tussen gemeente, corporaties en andere maatschappelijke partners. De nadruk op leefbare wijken, ruimte voor ontmoeting en vergroening sluit goed aan bij onze eigen ambities. Onderschreven wordt het belang van een samenhangende aanpak van de ruimtelijke, sociale en economische opgaven in de stad. 32.3 Het langetermijnperspectief biedt indiener houvast om duurzame keuzes te maken en te investeren in de toekomst van wonen. De visie is doordacht en sluit goed aan op andere beleidsstukken. Dragen graag bij aan het hoge ambitieniveau, echter gezien de grenzen aan mogelijkheden (financieel en personeel) graag in gesprek hoe we elkaar helpen in deze ambitie. We herkennen ons in de kwalitatieve woonambities. De focus op het vernieuwen van bestaande wijken (fysiek en sociaal) is een belangrijke stap richting leefbare en toekomstbestendige buurten. De aandacht voor een goede balans van passende woningen in de wijken sluit aan.
De voorgestelde verdeling voor de nieuwbouw (30% sociale huur, 40% middenhuur/betaalbare koop, 30% vrije sector) biedt kansen. Eens in de vier/vijf jaar laat de gemeente samen met de corporaties een woningmarktonderzoek uitvoeren. Op basis hiervan wordt de opgave voor de komende jaren inzichtelijk gemaakt. Het gaat daarbij om woningtype, (sociale) huur en koop en doelgroepen. De opgave, waar deze gaat landen en wie een daarin welke bijdrage kan leveren bespreken we gezamenlijk en dit blijven we ook doen. Dit vertalen we naar prestatieafspraken. Hierbij kijken we ook hoe we elkaar kunnen helpen om voldoende passende woningen voor onze inwoners te realiseren. 32.4 Gepleit wordt voor een gebiedsspecifieke benadering, zonder rigide toepassing, en met aandacht voor lokale context. Aandacht wordt gevraagd voor de omvang van de woningbouwopgave. Niet alle voorgestelde locaties zijn kansrijk. Realisatie vraagt om durf en duidelijke keuzes. In de stedenbouwkundige opzet, het programma en inrichting is rekening gehouden met de kwaliteiten en waarden van de diverse gebieden. De locaties zijn nader uitgewerkt en op haalbaarheid onderzocht (technisch, ruimtelijk, programmatisch). Deze uitwerking én de ontwikkelstrategie zijn input voor de keuzes.
32.5 Klimaat en energietransitie De ambitie om in 2045 aardgasvrij te zijn, roept vragen op over haalbaarheid, betaalbaarheid en netwerkcapaciteit. Stelt het opstellen van een realistisch stappenplan voor om deze ambitie In samenwerking met netbeheerders en woningcorporaties werken wij op dit moment aan het opstellen van het warmteprogramma. In het vervolgtraject wordt een uitvoeringsprogramma opgesteld, waarin het benodigde stappenplan een belangrijke plaats krijgt. Ook daarin zoeken we nadrukkelijk de samenwerking om samen te komen tot slimme, kostenefficiënte keuzes en 35 concreet te toetsen. Zet zich graag samen met de gemeente in voor natuur inclusief, klimaatadaptief en biobased bouwen, met oog voor de 3-30-300-regel. Daarbij wordt gepleit voor slimme, kostenefficiënte keuzes en een gezamenlijke leerhouding. oplossingen die bijdragen aan een duurzame, klimaatadaptieve en toekomstbestendige leefomgeving. 32.6 De vertaling van de gemeentelijke visie wonen, welzijn en zorg en het gezamenlijke woningmarktonderzoek naar een volkshuisvestelijk programma biedt kansen voor versterking van de uitvoeringskracht. Een duidelijke koppeling met de stadsvisie is daarbij essentieel.
Ook is het essentieel om de ambities voor Steenwijk, Tuk en Zuidveen in balans te zien met de opgaven in andere kernen van de gemeente De Visie wonen, zorg en welzijn en het gezamenlijk woningmarktonderzoek, waarbij ook is gekeken naar de bovenregionale opgave, worden vertaald in het Volkshuisvestelijk programma. De opgave gaat, deels, landen op locaties die in de stadsvisie genoemd zijn. We vinden het van belang dat niet alleen in Steenwijk gebouwd wordt, maar dat ook in overige kernen ruimte is voor inbreiding, dan wel uitbreiding. Het woningmarktonderzoek geeft ook duidelijk aan waar de behoefte ligt in heel Steenwijkerland. Hier maakt de gemeente, rekening houdend met ook andere opgaven en kansen die er zijn, een afweging ook in de fasering. Reactie 31 leidt niet tot wijzing van de visie. 33.1 Indiener waardeert de uitnodiging om mee te denken in de participatie die tot nu toe heeft plaatsgevonden en brengt met deze zienswijze enkele punten onder de aandacht. Opmerking wordt voor kennisgeving aangenomen. 33.2 Gemist worden duidelijke keuzes en prioriteiten en roept op om moedige en strategische beslissingen te nemen, met name als het gaat om economie, bedrijventerreinen en duurzaamheid Steenwijk staat voor een grote opgave. De stad groeit met 5.000 inwoners. Dat is op de schaal van Steenwijk een forse groei.
Het gaat om meer dan het vinden van geschikte locaties om te bouwen voor wonen en werken. Het is een integrale aanpak met forse investeringen in bereikbaarheid, mobiliteit en duurzaamheid. De keuzes en prioriteiten zijn uiteengezet in de ontwikkelstrategie. Op basis van een aantal criteria geeft dit een strategische planning weer. 33.3 Bedrijventerreinen en economie A De opgenomen 12 hectare nieuw bedrijventerrein is onvoldoende, zeker richting 2050. De behoefte overstijgt dit ruimschoots. Bovendien biedt dit onvoldoende ruimte voor groei, schuifruimte of clustering van bedrijven. A Het terrein voor de lokale behoefte is gebaseerd op de met de provincie Overijssel gemaakte bestuurlijke afspraken werklocaties. We verzilveren hiermee deze afspraken. Wij begrijpen de zorg over de ruimtebehoefte in de toekomst. De bestuurlijke afspraken kennen een looptijd t/m 2026. In de nieuw te maken afspraken nemen wij deze zorg mee. Wij betrekken de indiener graag bij deze te maken bestuurlijk afspraken. De aandacht voor schuifruimte is terecht. Zonder nieuw terrein is er geen schuifruimte. 36 B De nieuwe bedrijventerreinen sluiten niet aan bij de diversiteit van onze lokale bedrijven. Ondernemers in hogere milieucategorieën en bedrijven die geen zichtlocatie nodig hebben, vallen buiten de boot. Dit belemmert uitbreiding en kan leiden tot vertrek van bedrijven.
De ontwikkeling van een regionaal bedrijventerrein bij de A32 lijkt minder geschikt voor de lokale vraag. Wij pleiten voor: - Minimaal 20 hectare extra bedrijventerrein op termijn. - Uitbreiding van Groot Verlaat, inclusief ruimte voor zwaardere milieucategorieën. - Actief grondbeleid. Clustering en concentratie van functies om synergie en efficiënt ruimtegebruik te bevorderen en om waar nodig ook bestaande terreinen te kunnen revitaliseren. B Het regionale terrein A32 is openomen in de Ruimtelijk Economische Bouwsteen 2040 van de Regio Zwolle en geeft o.a. een ruimtelijk antwoord op de grootschaligheid. In samenwerking met Meppel is een eerste profiel opgesteld. Het gaat daarbij om een mix van lokale en (boven)regionale bedrijvigheid in de sectoren industrie, logistiek/groothandel en bouw/installatie. Een profiel dat aansluit op economische structuur: hoog innovatieve productiebedrijven (plastics, voeding en machines). Tevens biedt deze ontwikkeling juist de gezochte schuifruimte voor (lokale) bedrijven die willen doorgroeien en geeft daarmee ruimte op (bestaande) bedrijventerreinen. Daarbij hoort ook het behoud van de hogere milieucategorie. Deze en de overige bedrijventerreinen zijn opgenomen in het toekomstbeeld bedrijventerreinen. Dit beeld stellen we samen met indiener op. Daar gaat het ook over profilering van de van de terreinen, het juiste bedrijf op de juiste plek.
Verwezen wordt naar de beantwoording onder 33.3 A. De mogelijkheden voor de realisatie van een bedrijventerrein ten westen van Groot Verlaat zijn vanwege de vele beperkingen vanuit natuur uitgesloten (o.a. Natura 2000 gebied, veenweide gebied). De kaarten met daarop de beperkingen kan de indiener inzien bij de gemeente. Op 18 december 2024 heeft de gemeenteraad de nota Grondbeleid 2024-2028 vastgesteld. Belangrijk verschil t.o.v. het eerder beleid is dat het basisuitgangspunt ‘faciliterend grondbeleid tenzij, gewijzigd is in "De komende jaren voert de gemeente Situationeel grondbeleid zodat er vrijheid is om per situatie het grondbeleid (actief dan wel faciliterend) toe te passen dat het meest geschikt is voor de beoogde situatie rekening houdend met o.a. volkshuisvestelijke en/of economische redenen. We zijn het eens met indiener om efficiënt ruimtegebruik op bestaande terreinen te bevorderen en waar nodig overgaan tot revitalisering. Het traject toekomstbeeld bedrijventerreinen, waar indiener bij betrokken is, maakt dit inzichtelijk. 37 33.4 Energietransitie en hoogspanningslocatie: A Er moet meer ambitie zijn voor grootschalige duurzame energieopwekking. Gepleit wordt voor het creëren van energiehubs, waarbij opwekking plaatsvindt op plekken waar ook het verbruik zit. Neem de mogelijkheid voor windenergie op bedrijventerreinen expliciet op.
B De ambitie om in 2045 als gemeente aardgasvrij te zijn vraagt om aanvullende grootschalige opwek en opslag van energie. Niet alleen op korte termijn, maar aanvullende locaties vanaf 2030. Grootschalige opwek en opslag legt een additioneel beslag op de ruimte. Geef aan wat de visie is waar dat zou moeten komen. Spreekt voorkeur uit om opwek en opslag zo dicht mogelijk bij het verbruik te plannen. C De beoogde hoogspanningslocatie van ca. 4,5 ha moet in onze ogen expliciet worden gekoppeld aan gebieden met grootschalige opwek én verbruik, zoals op bedrijventerreinen het geval is. Dit voorkomt versnippering en maakt energiehubs mogelijk. In de uitbreiding van Groot Verlaat ligt hier een unieke kans. D Bedrijventerreinen bieden bij uitstek kansen om lokaal duurzame energie op te wekken en te gebruiken. Neem dit als expliciete ambitie op en maak daarnaast ruimte voor nieuwe grootverbruikaansluitingen, A Het ondersteunen van energyhubs en het verbinden van opwek en verbruik bij bedrijventerreinen met behulp van windenergie is al opgenomen in de stadsvisie. B In de nabije omgeving van Steenwijk zijn enkele locaties aangegeven waar we mogelijkheden zien voor vergroting van het aandeel duurzame energie opwekking: Eeserwold, langs de A32, op bedrijventerreinen en op daken in heel Steenwijk.
Ook opwek van windenergie is aangegeven: “bij bedrijventerreinen en een gebied voor windenergie in het grensgebied van Meppel en Steenwijkerland.” Bij windenergie is de provincie Bevoegd Gezag en is de gemeente gehouden aan de randvoorwaarden die de provincie stelt voor realisatie van zon- en windprojecten. C Voor een nieuw hoogspanningsstation in of bij Steenwijk voert Tennet momenteel een locatiestudie uit. Daarin worden meerdere locaties beoordeeld op technische, ruimtelijke en andere aspecten. Situering van het nieuwe hoogspanningsstation op of aansluitend aan een bedrijventerrein lijkt voor de hand liggend. Nog afgezien van de beperkte mogelijkheden voor uitbreiding van Groot Verlaat gezien de natuur- en ecologische waarden van dit gebied, ligt dit ongunstig ten opzichte van de toevoerende kabelverbinding vanuit Meppel. Een nieuw hoogspanningsstation (dat een zeer groot gedeelte van de gemeente Steenwijkerland en een heel gedeelte van de gemeente Westerveld bedient) op of nabij het geplande regionale bedrijventerrein tussen Steenwijk en Meppel lijkt op dit moment een logischer keuze. D De ambitie om op bedrijventerreinen lokaal duurzame energie op te wekken en te gebruiken onderschrijven we en hebben we benoemd bij de ambities Energietransitie. De netbeheerders werken aan netversterking zodat er weer ruimte komt voor nieuwe grootverbruikaansluitingen.
We ondersteunen de netbeheerders zo goed mogelijk bij deze taak. 38 33.5 Wonen en leefbaarheid: Positief over de forse woningbouwopgave en de spreiding over verschillende doelgroepen. Nieuwe woonlocaties goed verbinden met werklocaties en voorzieningen. M.n. kansen voor meer woningen in de Spoorzone (hoogbouw) nabij de mobiliteitshub en direct naast voorzieningen. De ambitie van 150 woningen in de Spoorzone is te beperkt. Gepleit wordt om de lat (veel) hoger te leggen. Ziet liever alleen wonen in voormalige LTSgebouw, en geen combinatie met werken. We erkennen het belang van een goede verbinding van de verschillende woonlocaties met de werklocaties. In de visie worden aanzetten gegeven. Deze zullen na vaststelling nader worden uitgewerkt. De spoorzone én het daarin gelegen LTS gebouw lenen zich m.n. voor woningbouw. Nadere uitwerking zal duidelijk maken of en zo ja onder welke condities een toename van het woningbouwprogramma mogelijk is (ook hoogbouw). Dit signaal is ook vanuit de gemeenteraad gekomen en nemen wij bij de uitwerking ter harte. In de nadere uitwerking zal ook blijken wat de verdeling van de invulling wordt van het LTS gebouw. Reactie 33 leidt niet tot wijzing van de visie. 34.1 Volgens de visie wordt de Schansweg gewijzigd van 50 naar 30km/u. Het gaat ook over het kruisen van fietsverkeer vanuit scholen met deze druk bereden weg.
Is er onderzocht waarom de waterinfriltratiezone niet als buffer aangelegd wordt richting de omwonenden ten zuiden van de Kamp? Dit biedt opties om bijvoorbeeld een fietsbrug of -tunnel vanaf de steeg vanaf de Driestoel en vanaf de unilocatie van de RSG aan leggen. Hulpdiensten liggen in de nabijheid van de schansweg. Hoe wordt verhoging van aanrijtijd bestreden, als er i wegversmallingen en drempels komen? Hulpdiensten en aanrijtijden zullen vanzelfsprekend worden meegenomen in de uitwerking van de maatregelen. Hulpdiensten hoeven zich in noodsituaties niet aan de snelheidslimiet te houden. Bij de inrichting van de Schansweg wordt met de hulpdiensten afgestemd, zodat de aanrijtijden binnen de geldende normen blijven. In de visie is bewust gekozen om (een deel van) de Schansweg opnieuw in te richten als 30 km/u-weg. Bij deze weginrichting horen gelijkvloerse oversteekvoorzieningen, die bijdragen aan de herkenbaarheid en uitstraling van een 30 km/u- gebied en de verkeersbeleving van weggebruikers. Vanwege de kosten kunnen niet alle oversteken over de schansweg ongelijkvloers worden aangelegd. Mede omdat er al een onderdoorgang op circa 150 meter van deze steeg is het niet realistisch om hier nog een fietstunnel voor te stellen. De waterinfiltratiezone is aangelegd aan de noordzijde van de Schansweg, omdat dit het laagstgelegen deel is waar het water van nature naartoe stroomt.
34.2 Steenwijkerland zal voor ongeveer 338 opvangplekken moeten zorgen. Als het aantal benodigde opvangplekken stijgt zullen er dus o4ok meer opvangplekken nodig zijn. De stadsvisie voorziet hier niet in. Gaat gemeente er vanuit dat het geen opvangplekken meer zal hoeven realiseren in de toekomst? Of wordt er verwacht dat veel statushouders / asielzoekers terugkeren? Op dit moment is onze opgave op grond van de Spreidingswet de opvang van 221 asielzoekers. Dit aantal kan in de toekomst veranderen. De zoektocht naar geschikte opvanglocaties is niet eenvoudig. De gemeenteraad heeft het COA aangeboden het Fletcher Hotel in te zetten voor de opvang van circa 80 kansrijke asielzoekers en statushouders, voor maximaal vijf jaar. Wij blijven kijken naar nieuwe mogelijkheden voor opvanglocaties. Mocht daartoe aanleiding zijn dan betrekken wij deze zoektocht in de verdere uitwerking van de visie. 34.3 Op dit moment is de woningmarkt behoorlijk oververhit. Wat is de interpretatie van betaalbaar wonen volgens het advies? Betaalbaar voor de randstad? Betaalbaar voor jongeren uit Steenwijk? En in Het klopt dat druk op de woningmarkt hoog blijft. Op basis van het woningmarktonderzoek dat we dit jaar samen met de corporaties Wetland Wonen en Woonconcept lieten uitvoeren, bepalen we een lokale betaalbaarheidsgrens. Dit komt terug in het Volkshuisvestingsprogramma.
Hierbij welke bedragen mogen er dan worden gedacht? Tussen de 2,5 en 4 | valt te denken aan verschillende categorieën betaalbaar: goedkoop, betaalbaar laag en betaalbaar ton, tussen de 4 en 6 ton, of wellicht hoger. | hoog. Betaalbaar hoog is dan in lijn met de landelijke betaalbaarheidsgrens. 34.4 | Hoe wordt de langetermijnvisie van 2050 beschermd tegen korte | De stadsvisie is een visie op hoofdlijnen. Het spreekt een ambitie uit en geeft een koers op termijn beslissingen van wisselende gemeentebesturen? Een visie | hoofdlijnen. Deze wordt mede op basis van de ontwikkelstrategie, (wat doen we wanneer) nader tot 2050 overspant meerdere collegeperiodes. Welke mechanismen | uitgewerkt in concrete projecten en activiteiten. Het staat toekomstige gemeenteraden vrij om – in of borging zijn ingebouwd om te voorkomen dat kernelementen | het licht van nieuwe inzichten of veranderende omstandigheden – andere keuzes te maken. van deze integrale visie, zoals de investeringen in groen of de autoluwe binnenstad, worden teruggedraaid of uitgehold door toekomstige gemeenteraden die wellicht andere keuzes maken? 34.5 | Hoe realistisch is de ontwikkeling van een nieuw, innovatief | Netcongestie is zeker een aandachtspunt dat van invloed kan zijn op de ontwikkelingen.
De bedrijventerrein (Tuk) als het stroomnet tot zeker 2034 “op slot' zit? | scope van de visie gaat verder dan 2035 en gaat in op gewenste ontwikkelingen tot en met 2050. Erkend wordt dat er tot circa 2034 geen nieuwe | In de visie is aangegeven dat het hier gaat om kleine bedrijvigheid. Kleinere bedrijven hebben grootverbruikaansluitingen op het elektriciteitsnet mogelijk zijn | niet altijd een grootverbruikaansluiting nodig. We kijken bewust naar netbewust ontwikkelen vanwege netcongestie. Welke oplossingen worden voorzien om te | van het bedrijventerrein. Denk hierbij aan groepstransport overeenkomst of oplossingen achter garanderen dat de beoogde innovatieve bedrijven zich hier | de meter (batterij opslag of andere ontwikkelingen). daadwerkelijk kunnen vestigen en operationeel kunnen zijn? 34.6 | Waar en hoe worden de15 tot 27 woonwagenstandplaatsen | De visie beschrijft de behoefte die voortkomt uit het behoefteonderzoek dat begin 2025 is ruimtelijk en sociaal ingepast? De visie blijft echter volledig in het | afgerond. Op basis van het onderzoek wordt beleid gemaakt. Het beleid geeft richting aan de ongewisse op het benoemen van focusgebieden na. Welke criteria | uitbreidingsvraag.
Uit het behoefteonderzoek is duidelijk gebleken dat de vraag naar worden gehanteerd voor het kiezen van deze locaties en welke | woonwagens en standplaatsen hoofdzakelijk in en nabij Steenwijk is. Zowel in de koop als strategie wordt gevolgd om een goede sociale integratie met de | huursector. De behoefte wordt op meerdere locaties ingevuld. Dit versterkt de sociale integratie. omwonenden te bevorderen? | Locaties zullen altijd goed ruimtelijk inpasbaar zijn met een goed woon- en leefklimaat. Het fysiek en sociaal beheer van de locaties is een samenwerking tussen gemeente en woningcorporaties Woonconcept en Wetland Wonen. 34.7 | Wie is verantwoordelijk voor de hogere onderhoudskosten van de | De stadsvisie is een visie op hoofdlijnen. In deze fase is nog niet bekend hoe het beheer en nieuwe, klimaatadaptieve groen- en waterstructuren? Een meer | onderhoud wordt geregeld en het effect ervan op de onderhoudskosten. Dat geldt ook voor het natuurlijke inrichting vraagt vaak om ander en intensiever beheer. | vraagstuk over de dekking. In de verdere uitwerking van de plannen komen deze onderwerpen Is er een sluitende financiële paragraaf voor het beheer en | aan de orde.
onderhoud van deze nieuwe structuren op de lange termijn? Wat is 39 40 hierin de rol en de financiële bijdrage van het Waterschap? Moet hier dan ook rekening worden gehouden met een (forse) verhoging van de gemeentelijke belastingen? En zo ja, met welke percentages? 34.8 Hoe wordt de landschappelijke en visuele impact van een hoge P+R parkeergarage aan de noordzijde van spoor geminimaliseerd? Er wordt gesproken van 4 bouwlagen. Kan er een bouwlaag gewonnen worden door een verdieping ondergronds aan te leggen? Om zo het aanzicht van Steenwijk nog minder te verhinderen? En zijn Wadi's nodig als het parkeerdek in zijn geheel wordt verlengd met afwatering naar het riool? De visie is op hoofdlijnen. In de uitwerking zal dit vraagstuk zeker mee worden genomen. De stadsvisie geeft richting aan hoe Steenwijk zich tot 2050 kan ontwikkelen. Dit is bewust keuze, omdat nader onderzoek uit moet wijzen hoe de plannen er uiteindelijk definitief uit moeten komen te zien. Reactie 34 leidt niet tot wijzing van de visie. 35.1 Het rapport spreekt grote ambities uit, realiteitszin wordt gemist (uitwerking scenario’s, fasering) Bijvoorbeeld t.a.v. de groei van woningbouw. Welk factoren zijn van invloed dat de groei in Steenwijk achterblijft en welke oplossingen worden voorgesteld. De stadsvisie is een document op hooflijnen. Indiener wijst terecht op de realiteitszin.
Er is s een ontwikkelstrategie opgesteld, en een aantal ruimtescans. Deze zijn van belang bij de uitwerking. Wij kunnen de demografische ontwikkelingen niet sturen, maar wel op inspelen. Naast het bouwen voor de lokale vraag zetten we in deze stadsvisie in op de bouw van 1.000 tot 1.500 woningen extra, ofwel een toename van ongeveer 5.000 inwoners. We reageren op overdruk en voeren eens in de 4 à 5 jaar een woningmarktonderzoek uit. 35.2 Is benieuwd naar data over de verwachte wijziging in verkeersstromen. M.n. hoe verkeer, komend vanuit het zuiden A32/Meppel dat richting Noordoostpolder wil (N333) om/door Steenwijk zal rijden. Wordt de omweg via afslag Steenwijk-Noord genomen, of gaat dit verkeer via de Schansweg of evt. binnendoor gekozen via Nijeveen of via de Gasthuisdijk en de Burgemeester G.W. Stroïnkweg door Zuidveen naar de N333. Routes zijn aangeduid als ‘snelfietsroutes’ terwijl in de praktijk zelfs vrachtverkeer gebruik maakt van die (sluip)route. Ideeën om dit verder te ontmoedigen hebben we niet aangetroffen. De Schansweg blijft onderdeel uitmaken van de ontsluitingsstructuur rond Steenwijk. De snelheid vanaf de komgrens aan de westzijde van Zuidveen tot ongeveer de Onnastraat wordt verlaagd naar 30 km/u. Op de kruispunten Gasthuisstraat/Schansweg en Meppelerweg/ Schansweg worden rotondes gerealiseerd.
We verwachten dat deze maatregelen effect hebben op de aantrekkelijkheid van de Schansweg als sluiproute vanaf de A32 Steenwijk Zuid richting Blokzijl/Emmeloord. We ontvangen regelmatig kritische vragen over de snelheden op en lawaai door het gebruik van de Schansweg als sluiproute. De stadsvisie is wel de plek om perspectief te bieden. Na vaststelling van de plannen moet nader onderzoek uitwijzen of aanvullende maatregelen nodig zijn om regionale verkeersstromen verder te beïnvloeden. 35.3 Om begrijpelijke redenen is er belangstelling om woningen te realiseren op de Kamp. Logisch, gezien de grondpositie van de Het ontwikkelen van het ‘overblijvende gat’ tussen de nieuwe woonwijk en Zuidveen is niet in beeld. Sterker nog: Er is, vanwege de karakteristiek van de Kamp, juist gekozen voor het open 41 gemeente. Bewoners Zuidveen zien dat opmerkingen over de eerdere impressie/schets van de woningbouwideeën zijn meegenomen in de nieuwe schets (geen bebouwing op het hoogste punt en hogere bebouwing niet aan de buitenranden). Hoe wordt geborgd dat op termijn niet alsnog het overblijvende ‘gat’ tussen de nieuwe woonwijk en de lintbebouwing van Zuidveen alsnog wordt bebouwd? Wat is de visie voor het vervolg. houden van dit deel en vrij te houden van bebouwing. Hiermee wordt de afstand bewaard tot Zuidveen en blijft het omgeven door een groen landschap.
Reactie 35 leidt niet tot wijzing van de visie. 36.1 Complimenten voor de brede aanpak en de ambitie die uit het document spreekt. Doet wel een suggestie voor aanvulling: Indiener valt op dat er weinig aandacht voor impact van licht en geluid is. Vraagt daarvoor gemotiveerd aandacht en benoemt voor licht en geluid inspirerende vragen. Terecht punt die in de uitwerking verder meegenomen wordt. De aspecten licht en geluid zijn milieuaspecten zijn vastgelegd in vigerende wet- en regelgeving zoals de Omgevingswet, Besluit kwaliteit leefomgeving en het Besluit bouwwerken leefomgeving. E.e.a. wordt ook geregeld in het omgevingsplan van de gemeente. De stadvisie is daar niet de plek voor. Mocht de uitwerking daar aanleiding toe geven dan wordt het omgevingsplan hierop aangepast. Reactie 36 leidt niet tot wijzing van de visie. 37.1 Spreekt zich uit tegen het bouwen op de Kamp, omdat dit onomkeerbare aantasting betekent van een eeuwenoud cultuurhistorisch landschap. Op basis van een aantal ontwikkelprincipes (vanuit de verstedelijkingsstrategie) is het een unieke en kansrijke locatie voor woningbouw (de hoge ligging, de nabijheid binnenstad/voorzieningen, de eigendomssituatie). We begrijpen de uitgesproken zorgen over aantasting van dit gebied en de weerstand tegen woningbouw. We erkennen de waarden van het landschap.