CConstaterende datSteenwijkerland
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 3 van de toelichting - ecologische quickscan.pdf

Politieke Markt 28 maart 2023, gemeente SteenwijkerlandBij agendapunt: Vaststelling bestemmingsplan Giethoorn, Jan van Nassauweg 128.119 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

QUICKSCAN SOORTENBESCHERMING Wet natuurbescherming Flora en Fauna Uitbreiding ten behoeve van verduurzaming melkveehouderij Jan van Nassauweg 12 in Giethoorn Opdrachtgever: Rensen Milieu Advies VOF Contactpersoon: de heer F Rensen Kenmerk: RENS22-01 Datum: 25 februari 2022 Opdrachtnemer: Florauna Natuuradvies Auteur: mevrouw N. Schuurmans MSc Uitbreiding ten behoeve van verduurzaming Melkveehouderij aan de Jan van Nassauweg 12 in Giethoorn, QuickScan Soortenbescherming Wet natuurbescherming(flora en fauna) Pagina 2 van 29 Aanvrager Rensen Milieu Advies VOF Markeweg 141 8398 GN Blesdijke Contactpersoon De heer F. Rensen Telefoon 06 525 46 415 E-mail info@rensenmilieu.nl Kenmerk RENS22-01 Datum 25 februari 2022 Opgesteld door Florauna natuuradvies Nicole Schuurmans Telefoon 06 555 15 199 E-mail info@florauna-natuuradvies.nl Florauna natuuradvies is niet aansprakelijk voor gevolgschade, alsmede voor schade welke voortvloeit uit toepassingen van de resultaten van werkzaamheden of andere gegevens verkregen van Florauna natuuradvies; opdrachtgever vrijwaart Florauna natuuradvies voor aanspraken van derden in verband met deze toepassing. Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd en/of openbaar worden gemaakt d.m.v.

fotokopie, microfilm of welke andere wijze dan ook, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de opdrachtgever hierboven aangegeven en Florauna natuuradvies, nog mag het zonder een dergelijke toestemming worden gebruikt voor enig ander werk dan waarvoor het is vervaardigd. Disclaimer: Deze QuickScan is een potentie -inschatting naar (beschermde) soorten die in een gebied kunnen voorkomen, in combinatie met een toetsing aan de Wet natuurbescherming. Het veldbezoek betreft een momentopname en het beoordelen van een locatie naar de aanwezigheid van (beschermde) soorten en geschikt leefgebied voor (beschermde) soorten. Indien bij werkzaamheden in de toekomst toch soorten worden aangetroffen dienen de werkzaamheden stilgelegd te worden en dien t gehandeld te w orden naar de wet - en regelgeving met betrekking tot de Wet natuurbescherming voor het onderdeel soortenbescherming. Mogelijk is het noodzakelijk om mitigerende maatregelen te treffen. Uitbreiding ten behoeve van verduurzaming Melkveehouderij aan de Jan van Nassauweg 12 in Giethoorn, QuickScan Soortenbescherming Wet natuurbescherming(flora en fauna) Pagina 3 van 29 INHOUDSOPGAVE 1. INLEIDING ..................................................................................................... 4 1.1. Het plan ................................................................................................ 4 1.2.

Het plangebied ....................................................................................... 4 1.3. Doelstelling van dit onderzoek ................................................................. 6 2. TOETSINGSKADER .......................................................................................... 7 2.1. Wet natuurbescherming .......................................................................... 7 2.2. Soortenbescherming ............................................................................... 7 2.3. Relevante overige kaders ........................................................................ 9 3. METHODE ......................................................................................................10 3.1. Bronnenonderzoek ................................................................................10 3.2. Terreinbezoek .......................................................................................10 4. RESULTATEN .................................................................................................11 4.1. Bronnenonderzoek ................................................................................11 4.2. Flora ....................................................................................................12 4.3.

Zoogdieren ...........................................................................................12 4.4. Vogels .................................................................................................15 4.5. Vissen ..................................................................................................16 4.6. Reptielen ..............................................................................................17 4.7. Amfibieën .............................................................................................17 4.8. Ongewervelden .....................................................................................17 5. SAMENVATTENDE CONCLUSIE .........................................................................19 BIJLAGE I. Bronvermelding ................................................................................21 BIJLAGE II. Uitdraai QuickScanhulp Nationale Databank Flora en Fauna ...................22 BIJLAGE III. Foto’s plangebied ..............................................................................27 Uitbreiding ten behoeve van verduurzaming Melkveehouderij aan de Jan van Nassauweg 12 in Giethoorn, QuickScan Soortenbescherming Wet natuurbescherming(flora en fauna) Pagina 4 van 29 1. INLEIDING 1.1. Het plan Aan de Jan van Nassauweg 12 in Giethoorn vindt exploitatie plaats van een melkveebedrijf.

Het voornemen op deze locatie is om de melkveehouderij om te schakelen naar een biologisch bedrijf en wil men een extra stap zetten richting meer kringlooplandbouw, minder ammoniak emissie en met een hogere toegevoegde waarde. Hierbij wil men de melk zo vers mogelijk lokaal verwerken, waardoor de keten verkort wordt, transportbewegingen worden beperkt en er meer circulair gewerkt kan worden. Om dit te kunnen realiseren is een wijziging van het bestaande bouwblok noodzakelijk om bebouwing voor de zuivelverwerking te kunnen realiseren. Deze zuivelverwerking zal gerealiseerd worden ten noorden van het huidige bouwblok. Daarnaast worden ook een nieuwe kuilplaat en een waterbassin gerealiseerd aan de oostelijke en zuidelijke zijde van het bestaande bouwblok. Figuur 1 Satellietbeeld van de huidige situatie. Het plangebied is roodomlijnd. Bron: PDOK 1.2. Het plangebied Momenteel is het huidige plangebied, met een oppervlak van 4 hectare, voor 3 hectare bestaande uit een bestaand bouwblok. De benodigde ruimte voor de uitbreiding, betreffende 1 hectare, is momenteel in gebruik als agrarisch grasland. Het voornemen is om dit grasland om te zetten naar eveneens bouwblok, waarbij sloten worden gedempt en de houtwal aan de noordelijke grens van het bestaande bouwblok wordt verplaatst naar de nieuwe grens van het voorgenomen bouwblok.

De planlocatie is in het bestemmingsplan ‘Beheersverordening Buitengebied Steenwijkerland 2014’, vastgesteld op 9 december 2014 door de gemeente Steenwijkerland, bestemd als ‘Agrarisch – Agrarisch bedrijf 1’. Binnen dit bestemmingsplan is het bouwvlak niet passend voor de voorgenomen plannen. Voor de Uitbreiding ten behoeve van verduurzaming Melkveehouderij aan de Jan van Nassauweg 12 in Giethoorn, QuickScan Soortenbescherming Wet natuurbescherming(flora en fauna) Pagina 5 van 29 uitbreidingsplannen is het dan ook noodzakelijk om het bestemmingsplan te wijzigen en het bouwvlak te vergroten op locatie. Figuur 2 Voorgenomen inrichting Licht grijze vlak: Bestaande bouwvlak Donkergrijze vlak: gewenste uitbreiding bouwvlak Uitbreiding ten behoeve van verduurzaming Melkveehouderij aan de Jan van Nassauweg 12 in Giethoorn, QuickScan Soortenbescherming Wet natuurbescherming(flora en fauna) Pagina 6 van 29 Figuur 3 Vigerend bestemmingsplan Plangebied rood omlijnd Bron: ruimtelijkeplannen.nl 1.3. Doelstelling van dit onderzoek De doelstelling van het onderzoek is tweeledig. Enerzijds wordt inzichtelijk gemaakt welke wettelijk beschermde natuurwaarden (waarschijnlijk) aanwezig zijn in het plangebied. Anderzijds worden de consequenties van deze (mogelijke) aanwezigheid voor de planontwikkeling weergegeven. Hiervoor is van belang dat de volgende vragen worden beantwoord. 1.

Welke wettelijk beschermde planten- en diersoorten komen (mogelijk) voor ter plaatse van en in de directe omgeving van het plangebied? 2. Welke te verwachten wettelijk beschermde planten- en diersoorten ondervinden negatieve effecten van het plan? 3. Hoe dient te worden omgegaan met eventuele negatieve effecten van het plan op wettelijk beschermde planten- en diersoorten, en welke vervolgstappen zijn nodig? Uitbreiding ten behoeve van verduurzaming Melkveehouderij aan de Jan van Nassauweg 12 in Giethoorn, QuickScan Soortenbescherming Wet natuurbescherming(flora en fauna) Pagina 7 van 29 2. TOETSINGSKADER 2.1. Wet natuurbescherming De Wet natuurbescherming (Wnb) vervangt de Natuurbeschermingswet 1998, de Flora- en Faunawet en de Boswet en de daarop gebaseerde uitvoeringsregelgeving. De Wnb is een vereenvoudiging ten opzichte van het voorgaande stelsel en sluit beter aan op het Europese recht en het omgevingsrecht. Binnen de Wnb zijn drie onderdelen die de voorgaande losstaande wetten vervangen; de Gebiedsbescherming, de Soortenbescherming en de Houtopstanden.

De Wnb ziet toe op: - het beschermen en ontwikkelen van de natuur, mede vanwege de intrinsieke waarde, en het behouden en herstellen van de biologische diversiteit; - het doelmatig beheren, gebruiken en ontwikkelen van de natuur ter vervulling van maatschappelijke functies, en - het verzekeren van een samenhangend beleid gericht op het behoud en beheer van waardevolle landschappen, vanwege hun bijdrage aan de biologische diversiteit en hun cultuurhistorische betekenis, mede ter vervulling van maatschappelijke functies. 2.2. Soortenbescherming De Soortenbescherming is het nationale wettelijke kader waarin de bepalingen van EU- richtlijnen op het gebied van bescherming van soorten zijn vertaald naar nationaal recht. Het doel van de Soortenbescherming is het in stand houden van de planten- en diersoorten die in het wild voorkomen. Hiertoe is een groot aantal plant- en diersoorten beschermd. De precieze regels die op een plan van toepassing zijn, hangen af van het type voornemen. Hieronder een beknopte algemene toelichting. Voor alle soorten geldt een zorgplicht: een ieder dient voldoende zorg in acht te nemen voor de in het wild levende planten en dieren.

Schadelijke handelingen zoals het doden, opzettelijk verontrusten, verstoren of vernietigen van dieren en hun vaste rust- en verblijfplaatsen, hun holen, nesten, eieren rapen, net als het uitgraven, plukken en vernietigen van groeiplaatsen van planten, zijn verboden. Naar mate van bescherming kan onderscheid worden gemaakt in de volgende beschermingsregimes: Wet natuurbescherming - Vogelrichtlijn Vogels nemen een bijzondere plaats in binnen de natuurwetgeving. Alle broedende vogels, hun eieren, hun vaste rust- en verblijfplaatsen én de functionele omgeving daarvan, zijn beschermd. Vogelsoorten worden onderscheiden in vijf categorieën, waarbij soorten van categorie 1 t/m 4 jaarrond beschermd zijn, en soorten van categorie 5 in principe alleen tijdens de broedperiode. Voor het verstoren van broedende vogels tijdens de broedperiode wordt geen ontheffing verleend. Voor het aantasten van broedende vogels en/of de jaarrond beschermde vaste rust- en verblijfplaatsen, geldt een zware toets, vergelijkbaar met die van de Habitatrichtlijn soorten.

Uitbreiding ten behoeve van verduurzaming Melkveehouderij aan de Jan van Nassauweg 12 in Giethoorn, QuickScan Soortenbescherming Wet natuurbescherming(flora en fauna) Pagina 8 van 29 Wet natuurbescherming - Habitatrichtlijn Alle plant- en diersoorten genoemd in bijlage IV van de Habitatrichtlijn, bijlage I of II bij het Verdrag van Bern of bijlage I bij het Verdrag van Bonn zijn beschermd. Voor deze streng beschermde soorten, geldt dat een ontheffing alleen wordt verleend als geen afbreuk wordt gedaan aan de gunstige staat van instandhouding van deze soorten, er geen andere bevredigende oplossing voor de ingreep bestaat en er sprake is van een in of bij de wet genoemd belang. Binnen deze categorie bestaat een verdere onderverdeling, waarvoor de criteria voor het verlenen van een ontheffing nog iets verschillen. Wet natuurbescherming – Andere soorten Alle in het wild levende zoogdieren, amfibieën, reptielen, vissen, dagvlinders en kevers van soorten genoemd in bijlage 1, onderdeel a van de Wnb vallen onder deze categorie. De dieren opgenomen in deze bijlagen mogen niet opzettelijk gedood of gevangen worden. Voor de andere soorten onder de Wnb geldt dat een ontheffing vereist blijft bij ruimtelijke ingrepen die negatieve effecten voor deze soorten hebben.

Een uitzondering hierop kan gemaakt worden als wordt gewerkt volgens een door de Minister van Economische Zaken goedgekeurde gedragscode. In zo’n gedragscode geeft een sector of initiatiefnemer zelf aan welke gedragslijnen men volgt om het schaden van beschermde soorten zo veel mogelijk te voorkomen. Als er volgens een goedgekeurde gedragscode gewerkt wordt, is alleen nog een ontheffing nodig voor werkzaamheden die niet conform die gedragscode (kunnen) worden uitgevoerd. Vrijstelling en ontheffing Een ruimtelijke ingreep kan gepaard gaan met negatieve effecten op planten en dieren. Alles wat schadelijk is voor beschermde soorten, is verboden. Om een ruimtelijk plan dat mogelijk negatieve effecten heeft op beschermde soorten toch tot uitvoering te mogen brengen, is een vrijstelling of een ontheffing van het Ministerie van Economische Zaken noodzakelijk. Om na te gaan of een vrijstelling of ontheffing noodzakelijk is zijn verschillende onderzoeken nodig: • met een QuickScan wordt aangetoond of er mogelijk matig of strikt beschermde soorten aanwezig zijn; • zo nodig wordt met nader onderzoek aangetoond of er schadelijke effecten op beschermde soorten zijn; Indien bij de QuickScan is aangetoond dat er geen matig of strikt beschermde soorten aanwezig zijn, dan geldt een algemene vrijstelling.

Indien wel beschermde soorten aanwezig zijn, en met nader onderzoek aangetoond is dat er schadelijke effecten op deze beschermde soorten zijn is het noodzakelijk om mitigerende of compenserende maatregelen te treffen. Indien dit kan door te werken volgens een gedragscode (goedgekeurd werkprotocol) is er vrijstelling verleend. Als nog geen gedragscode voor de specifieke situatie beschikbaar is, dient een ontheffing verkregen te worden. Om een ontheffing te kunnen verkrijgen, moet aangetoond worden dat de voorgenomen ruimtelijke ingreep geen afbreuk zal doen aan de gunstige staat van instandhouding van de aangetroffen beschermde soorten. Of, als er geen alternatief is en de ingreep een voldoende zwaarwegend belang dient (wettelijk gedefinieerd per Uitbreiding ten behoeve van verduurzaming Melkveehouderij aan de Jan van Nassauweg 12 in Giethoorn, QuickScan Soortenbescherming Wet natuurbescherming(flora en fauna) Pagina 9 van 29 bovengenoemde categorie), kan mogelijk toch ontheffing verleend worden onder voorwaarden. Een ontheffing kan worden aangevraagd bij Gedeputeerde Staten van de provincie waar de ingreep plaatsvindt.

De bosmuis, huisspitsmuis en veldmuis mogen wel opzettelijk gedood en gevangen worden, en hun vaste voortplantingsplaats of rustplaats mag opzettelijk vernield of beschadigd worden, voor zover deze dieren zich in of op gebouwen of daarbij behorende erven of roerende zaken bevinden. (Wnb Art. 3.10 lid. 3) Ook de zwarte rat, bruine rat, huismuis, de mol en exoten vallen niet onder het beschermingsregime van de Wet natuurbescherming, en mogen opzettelijk gedood en gevangen worden, en hun vaste voortplantingsplaats of rustplaats mag opzettelijk vernield of beschadigd worden. (besluit Wnb Art 3.10 lid. b1) 2.3. Relevante overige kaders Binnen de Wnb zijn naast de Soortenbescherming ook de Gebiedsbescherming en de Houtopstanden opgenomen. De Gebiedsbescherming binnen de Wnb is het nationale wettelijke kader waarin de bepalingen van EU-richtlijnen op het gebied van bescherming van gebieden zijn vertaald naar nationaal recht. Als in de nabijheid van het plangebied percelen liggen die deel uitmaken van het Natuurnetwerk Nederland (NNN, voorheen genaamd Ecologische Hoofdstructuur), of Natura 2000-gebied, zijn deze beschermd onder de Wet natuurbescherming of door landelijk, provinciaal en gemeentelijk beleid, vastgelegd in bijvoorbeeld de Verordening Ruimte of het bestemmingsplan.

De mogelijke effecten van het plan op de specifieke kenmerken van deze gebieden moeten dan in beeld worden gebracht. De Houtopstanden binnen de Wnb geldt voor houtopstanden buiten de bebouwde kom. Binnen de houtopstanden geldt een meldingsplicht en een herplantingsplicht. Het voornaamste doel van het onderdeel houtopstanden is het instandhouden van het areaal bossen en beplantingen in Nederland. Daarmee wordt de functie van bossen en beplantingen gegarandeerd als habitat voor dieren en planten, als recreatiegebied en als groene long voor ons dichtbevolkte land. Uitbreiding ten behoeve van verduurzaming Melkveehouderij aan de Jan van Nassauweg 12 in Giethoorn, QuickScan Soortenbescherming Wet natuurbescherming(flora en fauna) Pagina 10 van 29 3. METHODE De aanwezige natuurwaarden zijn in beeld gebracht op basis van bestaande inventarisatiegegevens en een verkennend veldbezoek. 3.1. Bronnenonderzoek Ruimtelijke ordening, zoals bestemmingsplan en provinciale structuurvisie, zijn geraadpleegd op de overheidswebsite www.ruimtelijkeplannen.nl. In de Nationale Databank Flora en Fauna (NDFF) zijn waarnemingen van flora en fauna in Nederland gebundeld. De Gegevensautoriteit Natuur staat ervoor in dat alleen gevalideerde waarneming worden opgenomen.

Gegevens uit meer dan 100 databanken zijn gebundeld, waaronder die van de particuliere gegevensbeherende organisaties (Zoogdiervereniging, Vlinderstichting, etc.), provincies en terreinbeherende organisaties. De NDFF wordt dagelijks aangevuld met recente waarnemingen. Uit deze nationale databank is een overzicht opgevraagd van alle in de nabijheid van het plangebied waargenomen beschermde planten- en dierensoorten. Exacte locaties of datering van de waarnemingen zijn daarbij niet bekend. Het overzicht geeft een indicatie op welke soorten in het bijzonder gelet moet worden bij het veldbezoek. Daarnaast zijn de websites www.waarneming.nl en www.telmee.nl geraadpleegd voor achtergrondinformatie, deze gegevens zijn niet inhoudelijk voor deze QuickScan gebruikt. Een groot aantal amateurs en professionals publiceert op deze bekende websites zijn natuurwaarnemingen, die worden gecontroleerd door een validatiecommissie. Zodoende zijn de waarnemingen uit deze bronnen redelijk betrouwbaar, maar moeilijk te verifiëren. Deze waarnemingen zijn wel tot op de exacte locatie te herleiden. 3.2. Terreinbezoek Op basis van een eenmalig terreinbezoek is de geschiktheid van het plangebied voor beschermde soorten en soortgroepen beoordeeld, met bijzondere aandacht voor de vanuit het bronnenonderzoek verwachte soorten.

Het gaat hierbij om een deskundigenoordeel op basis van de fysieke gesteldheid van het terrein (biotopenonderzoek). Het terreinbezoek is uitgevoerd door mevrouw N. Kuijs- Schuurmans, ecologisch adviseur, op 21 februari 2022 waarbij gestart is om 11.45 uur bij circa 3C, continue regen en natte sneeuwval en volledig bewolkt weer. Uitbreiding ten behoeve van verduurzaming Melkveehouderij aan de Jan van Nassauweg 12 in Giethoorn, QuickScan Soortenbescherming Wet natuurbescherming(flora en fauna) Pagina 11 van 29 4. RESULTATEN 4.1. Bronnenonderzoek Beschermde gebieden Het meest nabij gelegen Natura 2000-gebied ‘Wieden’ is gelegen op circa 1.900 meter ten oosten, zuiden en westen van het plangebied. Ten noordwesten van het plangebied is het Natura 2000-gebied ‘Weerribben’ gelegen op circa 2.500 meter afstand. De afstand tot het Natuurnetwerk is ongeveer 1.900 meter en komt overeen met de grenzen van de Natura 2000-gebieden ‘Weerribben’ en ‘Wieden’. Deze beschermde gebieden zijn op dusdanige afstand gelegen dat negatieve effecten van het plan kunnen worden uitgesloten voor wat betreft verstoring door licht, geluid en trillingen. Daarnaast zijn geen effecten te verwachten voor wat betreft vernatting en verdroging.

Wel dient onderzoek naar stikstofdepositie te worden uitgevoerd om te bepalen of er een toename is in stikstofdepositie op de nabijgelegen Natura 2000- gebieden en aangewezen gevoelige Habitats. Houtopstanden Binnen het plangebied wordt de houtwal die nu grenst aan het de noordgrens van het bestaande bouwblok verplaatst. Deze houtwal is gerealiseerd in 2016-2017. Met de uitbreiding van het bouwblok kan deze houtwal hier niet blijven staan. Het voornemen is om deze houtwal dan ook te verplaatsen naar de nieuwe grens van het bouwblok in noordelijke richting. Deze houtwal zal van dezelfde omvang blijven en binnen hetzelfde kadastrale perceel (Giethoorn sectie H nummer 381). De planlocatie is gelegen buiten de bebouwde kom grenzen boswet van gemeente Steenwijkerland. Daaruit volgt dat het onderdeel houtopstanden van de Wet natuurbescherming mogelijk aan de orde is voor de voorgenomen plannen. Uitbreiding ten behoeve van verduurzaming Melkveehouderij aan de Jan van Nassauweg 12 in Giethoorn, QuickScan Soortenbescherming Wet natuurbescherming(flora en fauna) Pagina 12 van 29 Waargenomen soorten Het overzicht van alle in de nabijheid van het plangebied waargenomen beschermde planten- en dierensoorten van de NDFF is bij dit rapport gevoegd als bijlage II.

Onderstaande tabel 1 geeft een overzicht van alle beschermde soorten die op minder dan een kilometer afstand van het plangebied zijn waargenomen. Tabel 1 Beschermde soorten, waargenomen op minder dan 1 kilometer van het plangebied Soort Soortengroep Categorie bescherming Boomvalk Vogels wnb-vrl Buizerd Vogels wnb-vrl Egel Zoogdieren Gevlekte witsnuitlibel Libellen wnb-hrl Grote gele kwikstaart Vogels wnb-vrl Grote modderkruiper Vissen Haas Zoogdieren Havik Vogels wnb-vrl Huismus Vogels wnb-vrl Kerkuil Vogels wnb-vrl Ooievaar Vogels wnb-vrl Otter Zoogdieren wnb-hrl Ringslang Reptielen Roek Vogels wnb-vrl Sperwer Vogels wnb-vrl De in deze tabel genoemde soorten vormden een aandachtspunt bij het terreinbezoek. De resultaten daarvan worden hieronder per soortgroep belicht. Zie ook bijlage III voor foto’s van het plangebied. 4.2. Flora Er zijn tijdens het veldbezoek geen beschermde plantensoorten gevonden. De uitbreiding van het bouwblok vindt plaats op agrarisch grasland. Conclusie flora: Van het plan worden geen negatieve effecten op beschermde flora verwacht. Nader onderzoek of een ontheffing in het kader van de Soortenbescherming is niet noodzakelijk. 4.3. Zoogdieren Vleermuizen In de nabijheid van het plangebied zijn geen vleermuizen waargenomen. Tijdens het terreinbezoek overdag is beoordeeld of de locatie geschikt is voor vleermuizen.

Hierbij is onderscheid gemaakt in migratieroute, foerageergebied en verblijfplaats. Migratieroute: Migratieroutes zijn in het plangebied niet te verwachten. Er zijn een paar kleine korte lijnvormige elementen, zoals de bomen aan de Jan van Nassauweg en de kleine houtwal ten noorden van het plangebied. Deze vinden echter geen verdere aansluiting met de omgeving en hebben verder geen verbinding met grotere lijnvormige structuren. Voor de Uitbreiding ten behoeve van verduurzaming Melkveehouderij aan de Jan van Nassauweg 12 in Giethoorn, QuickScan Soortenbescherming Wet natuurbescherming(flora en fauna) Pagina 13 van 29 voorgenomen ingreep, bestaande uit het vergroten van het bouwvlak, realiseren van nieuwbouw en het verplaatsen van de bestaande houtwal zijn geen negatieve effecten te verwachten op migratieroutes voor vleermuizen. Verblijfplaatsen in gebouwen of bomen: Aan de bestaande bebouwing zal geen wijziging plaatsvinden. Er wordt niet gesloopt, gerenoveerd of verbouwd. Enkel zal het bestaande bouwvlak worden vergroot waar nieuwbouw gerealiseerd gaat worden. In de woning zouden potentieel verblijfplaatsen van vleermuizen aanwezig kunnen zijn. Echter zal de ingreep binnen het plangebied geen effect hebben op de staat van instandhouding van eventueel aanwezige vleermuizen in de woning.

Verbodsbepalingen van de Wet natuurbescherming zullen dan ook niet overtreden worden met de uitbreiding van het bouwvlak en realisatie van nieuwbouw die plaatsvindt buiten de invloedsferen van potentieel aanwezige vleermuisverblijfplaatsen. Ook bomen kunnen beschikken over verblijfplaatsen van vleermuizen. De houtwal ten noorden van het bestaande bouwblok is niet geschikt als verblijfplaats. In deze houtwal staan namelijk vooral nog kleine houtige soorten met een stamdiameter van maximaal 6 tot 8 centimeter. Losse schors of geschikte holten zijn niet aanwezig en daarnaast is deze houtwal van dusdanig jonge leeftijd dat deze niet geschikt is als verblijfplaats voor vleermuizen. Negatieve effecten op de staat van instandhouding van vleermuizen in de omgeving door de verplaatsing van deze houtwal zijn niet te verwachten. Foerageergebied: Het gehele plangebied is potentieel geschikt als foerageergebied voor vleermuizen evenals de directe omgeving. Met de voorgenomen ingreep blijft voldoende geschikt foerageergebied voor de vleermuizen over binnen het plangebied. Daarnaast is in de direct omgeving ook voldoende geschikt foerageergebied aanwezig wat vergelijkbaar is met de foerageermogelijkheden binnen het plangebied. Conclusie vleermuizen: Van het plan zijn geen negatieve effecten op beschermde vleermuissoorten te verwachten.

Nader onderzoek of een ontheffing in het kader van de Wet natuurbescherming voor het onderdeel soortenbescherming is niet noodzakelijk voor de aanwezigheid van verblijfplaatsen voor vleermuizen in het plangebied. Knaagdieren In de nabijheid van het plangebied zijn geen beschermde knaagdieren waargenomen. Tijdens het veldbezoek overdag is beoordeeld of de locatie geschikt is voor de eekhoorn en andere beschermde knaagdieren. Hierbij is gekeken naar de ecologie en verspreiding van knaagdieren. Gezien de vrijwel volledig verharde situatie binnen het plangebied zijn verblijfplaatsen van knaagdieren niet te verwachten binnen het plangebied. De houtwal is nog jong en biedt onvoldoende voedsel en mogelijkheden voor verblijfplaatsen van beschermde knaagdieren. Negatieve effecten van de voorgenomen plannen op de instandhouding van knaagdieren zijn dan ook op voorhand uit te sluiten. Uitbreiding ten behoeve van verduurzaming Melkveehouderij aan de Jan van Nassauweg 12 in Giethoorn, QuickScan Soortenbescherming Wet natuurbescherming(flora en fauna) Pagina 14 van 29 Muizen In de nabijheid van het plangebied zijn geen muisachtigen waargenomen. Tijdens het veldbezoek overdag is beoordeeld of de locatie geschikt is voor deze en andere beschermde muizen. Hierbij is gekeken naar de ecologie en verspreiding van deze knaagdieren.

Binnen het plangebied zijn muisachtigen niet uit te sluiten, gezien het feit dat er binnen het plangebied voldoende schuil en voedselmogelijkheden zijn. Dit is echter op agrarisch terrein vrijwel altijd het geval. Met het oog op de voorgenomen uitbreiding van het bouwvlak is het gedeelte waar de uitbreiding gepland is onderzocht op ecologisch geschikte mogelijkheden voor verblijfplaatsen voor muisachtigen. De uitbreiding van het bouwblok vindt met name plaats op agrarisch grasland. Dit grasland is kort gemaaid. Tijdens het veldbezoek zijn in het grasland geen holen waargenomen. Daarnaast zijn de vrij steile slootkanten beoordeeld. Deze beschikken eveneens over vrij korte vegetatie en holten zijn hierin niet aangetroffen. Momenteel zijn de sloten, door de vele regenval in de afgelopen dagen, watervoerend, maar voor de rest van het jaar zijn ze grotendeels droogstaand. Eventueel beweid vee wordt ook via aangelegde waterleidingen voorzien van drinkwater, omdat de sloten geen voorziening hiervoor kunnen zijn. Tot slot is de houtwal ten noorden van het huidige bouwblok bekeken en beoordeeld. Deze houtwal is nog vrij jong, maar wel in een wat ruigere toestand. Incidenteel zouden muizen hier kunnen passeren. Holen en andere sporen die naar muisachtigen kunnen wijzen zijn niet aangetroffen in de houtwal. Vaste verblijfplaatsen kunnen dan ook op voorhand worden uitgesloten.

Marterachtigen In de nabijheid van het plangebied zijn geen marterachtigen waargenomen. Tijdens het veldbezoek overdag is beoordeeld of de locatie geschikt is voor deze en andere beschermde marterachtigen. Hierbij is gekeken naar de ecologie en verspreiding van deze marterachtigen. Binnen het plangebied van circa 4 hectare is 3 hectare een bestaand verhard bouwblok. Binnen het bestaande bouwblok vinden geen wijzigingen plaats, dit gedeelte is dan ook niet verder beoordeeld tijdens het veldbezoek. De voorgenomen uitbreidingslocatie voor het bouwblok is tijdens het veldbezoek onderzocht op aanwezigheid van sporen, zoals sleepsporen, ontlasting, krabsporen en pootafdrukken. De houtwal ten noorden van het bestaande bouwblok is in potentie geschikt als geleiding en schuilplaats voor kleine marterachtigen. Tijdens het veldbezoek zijn in en direct om de aanwezige houtwal geen sporen aangetroffen die kunnen duiden op de aanwezigheid van marterachtigen. Verblijfplaatsen van marterachtigen zijn dan ook niet te verwachten binnen het plangebied en negatieve effecten van de voorgenomen plannen op de staat van instandhouding van marterachtigen kunnen op voorhand worden uitgesloten. Overige zoogdieren In de nabijheid van het plangebied zijn de egel, haas en de otter waargenomen. Tijdens het terreinbezoek overdag is beoordeeld of de locatie geschikt is voor soorten.

Hierbij is onderscheid gemaakt in migratieroute, foerageergebied en verblijfplaats. Uitbreiding ten behoeve van verduurzaming Melkveehouderij aan de Jan van Nassauweg 12 in Giethoorn, QuickScan Soortenbescherming Wet natuurbescherming(flora en fauna) Pagina 15 van 29 Binnen het plangebied is gekeken naar de potentie voor beschermde verblijfplaatsen van overige zoogdiersoorten en de aanwezigheid van sporen die kunnen duiden op de aanwezigheid van deze soorten. Binnen het uitbreidingsvlak van de voorgenomen plannen zijn geen holen aangetroffen of plekken waar eventuele verblijfplaatsen aanwezig kunnen zijn van deze soorten. Sporen, zoals ontlasting en pootafdrukken, zijn in het uitbreidingsdeel van het plangebied niet aangetroffen. Negatieve effecten van voorgenomen plannen zijn dan ook niet te verwachten voor overige zoogdiersoorten. Incidenteel zouden bijvoorbeeld wel de haas, het konijn en de egel binnen het plangebied waargenomen kunnen worden, echter zijn verblijfplaatsen niet aanwezig. Voor de otter ontbreekt binnen en direct om het plangebied ook geschikt leefgebied, waarmee de aanwezigheid van een verblijfplaats van de otter op voorhand ook kan worden uitgesloten. Conclusie overige zoogdieren: Negatieve effecten op overige zoogdieren zijn uitgesloten. Nader onderzoek of een ontheffing soortenbescherming is niet noodzakelijk voor zoogdieren. 4.4.

Vogels Vogelsoorten met jaarrond beschermde nesten (categorie 1 t/m 4) Broedvogels waarvan de nestplaatsen jaarrond beschermd zijn, zijn in de nabijheid van het plangebied waargenomen. Het gaat om de boomvalk, buizerd, grote gele kwikstaart, havik, huismus, kerkuil, ooievaar, roek en sperwer. Gedurende het terreinonderzoek is nagegaan of het plangebied geschikt is voor deze strikt beschermde vogelsoorten. Binnen het plangebied is 75% momenteel bestaand bouwblok met verharding, een woning en agrarische bebouwing in de vorm van loodsen en stallen. Het overige deel van het plangebied bestaat uit agrarisch grasland, enkele niet jaarrond watervoerende sloten met vrij steile kanten en een kleine houtwal met jonge boompjes en struiken. Binnen het bestaande bouwblok zouden in de bebouwing vogels kunnen verblijven met jaarrond beschermde nesten. Echter zijn hier geen negatieve effecten op te verwachten met betrekking tot de voorgenomen plannen. Binnen het bestaande bouwblok vinden namelijk geen wijzigingen plaats en is nu ook al dagelijks activiteit van loaders, traktoren en andere agrarische werktuigen, evenals menselijke activiteiten zoals het voeren van het vee en overige verzorging van het vee. Hier zal tijdens en na de aanlegfase van het nieuwe bouwblok met bebouwing geen wijziging in plaatsvinden.

In het uitbreidingsdeel van het plangebied zijn geen jaarrond beschermde nesten van vogels te verwachten. Dit deel is namelijk grotendeels bestaand uit agrarisch grasland waar geen geschikte nestmogelijkheden zijn voor vogels met jaarrond beschermde nesten. Voor wat betreft eventueel foerageergebied is dit kleine deel overeenkomstig met de directe omgeving waardoor met betrekking tot foerageergedrag van vogels met jaarrond beschermde nesten geen negatief effect op de staat van instandhouding te verwachten is. Uitbreiding ten behoeve van verduurzaming Melkveehouderij aan de Jan van Nassauweg 12 in Giethoorn, QuickScan Soortenbescherming Wet natuurbescherming(flora en fauna) Pagina 16 van 29 De houtwal, welke voor de uitvoering van de plannen, die richting het noorden verplaatst zal worden naar de nieuwe grens van het gewenste bouwvlak, bied mogelijk schuilgelegenheid voor kleinere jaarrond beschermde vogels zoals de huismus. Echter zijn in de directe omgeving meer opgaande groene elementen aanwezig, zoals bomen langs de Jan van Nassaulaan, de voortuin bij de bedrijfswoning en tuinen en houtwallen bij agrarische bedrijven in de directe omgeving. Nesten (ook oude nesten) zijn in de te verplaatsen houtwal niet aangetroffen. Negatieve effecten van de verplaatsing van deze houtwal zijn dan ook niet te verwachten.

Vogelsoorten met beschermde nesten (categorie 5) Daarnaast kan het zijn dat er nesten aanwezig zijn van vogels waarvan het nest jaarrond beschermd is als er weinig of geen vervangende nestplaatsen in de omgeving aanwezig zijn. Gezien de directe omgeving van het plangebied, welke eveneens bestaat uit agrarische bedrijven met diverse houtwallen, zijn echter geen negatieve effecten te verwachten voor categorie 5 vogels, omdat er voldoende uitwijkmogelijkheden zijn voor deze vogelsoorten naar de directe omgeving. Vogelsoorten en bescherming tijdens het broedseizoen Het voorkomen van nesten van algemene broedvogels, die beschermd zijn wanneer ze in gebruik zijn, is mogelijk in de struiken en boompjes in de houtwal ten noorden van het bestaande bouwblok. In verband met het voorkomen van verstoring van nesten van deze algemene broedvogels wordt aangeraden om te zijner tijd, in de aanlegfase, te werken buiten het broedseizoen (grofweg 15 maart -15 juli) of op een manier waarbij vogels niet aan broeden beginnen in de directe nabijheid van het plangebied. Op deze manier kan zonder nader onderzoek, mitigatie of compensatie worden voorkomen dat verbodsbepalingen van de Soortenbescherming worden overtreden. Conclusie vogels: Gelet op de in het plangebied aanwezige biotopen zijn negatieve effecten op vogelsoorten uitgesloten.

Nader onderzoek of een ontheffing Wet natuurbescherming soortenbescherming is niet noodzakelijk voor jaarrond beschermde nesten. Voor beschermde nesten van vogels (categorie 5) kan aangenomen worden dat hier geen negatief effect optreed, omdat in de directe omgeving voldoende vergelijkbaar leefgebied aanwezig is. Onder de Soortenbescherming zijn alle bewoonde vogelnesten beschermd, ongeacht het tijdstip van het jaar. Het is daarom aan te raden om te werken buiten het broedseizoen van de meeste algemene vogels (grofweg 15 maart -15 juli) of op een manier waarbij vogels in de directe nabijheid niet aan broeden beginnen. Werkzaamheden binnen het broedseizoen zijn mogelijk indien door een deskundige is vastgesteld dat er geen bewoonde vogelnesten zijn, of indien is vastgesteld dat met het werken volgens een goedgekeurd werkprotocol, geen nesten van broedvogels worden verstoord. Een dergelijk ecologisch werkprotocol dient te zijn opgesteld door een ter zake deskundige en vervolgens goedgekeurd te zijn door het bevoegd gezag. 4.5. Vissen In de nabijheid van het plangebied is de grote modderkruiper waargenomen. Binnen het plangebied zijn enkele sloten aanwezig. Deze sloten zijn tijdens het veldbezoek watervoerend door de vele regenval in de dagen voorafgaand en tijdens het veldbezoek.

Echter zijn gedurende het jaar deze sloten droogstaand en dient ook het vee wat beweid Uitbreiding ten behoeve van verduurzaming Melkveehouderij aan de Jan van Nassauweg 12 in Giethoorn, QuickScan Soortenbescherming Wet natuurbescherming(flora en fauna) Pagina 17 van 29 wordt via waterleidingen voorzien te worden van vers drinkwater. Bij gebrek aan watervoerende elementen die jaarrond watervoerend zijn is het voorkomen van vissen in het plangebied uitgesloten. 4.6. Reptielen Beschermde reptielen zijn in de nabijheid van het plangebied waargenomen. Het gaat om de ringslang. Gedurende het terreinonderzoek is nagegaan of het plangebied geschikt is voor deze strikt beschermde soort. Reptielen komen over het algemeen voor in specifieke habitats met dicht begroeide gebieden, zoals (vochtige) heide, veen, schraal grasland, open plekken in bossen en rijk begroeide bosranden. Ook in wegbermen, dijktaluds, hagen en houtwallen kunnen reptielen voorkomen. De ringslang heeft een duidelijke voorkeur voor vochtige terreinen met structuurrijke overgangen. Op de planlocatie zelf is geen geschikt habitat aanwezig voor de reptielen. Het plangebied is 75% verhard en bebouwd. Het overige deel bestaat uit agrarisch grasland, een paar sloten en een kleine houtwal.

De houtwal kan wel als leefgebied dienen, maar is van kleine omvang en het ontbreken van overige voor reptielen geschikte elementen niet geschikt als optimaal leefgebied voor reptielen. Negatieve effecten van de voorgenomen plannen zijn dan ook op voorhand uit te sluiten. Conclusie reptielen: Gelet op de in het plangebied aanwezige biotopen zijn negatieve effecten op reptielen uitgesloten. Nader onderzoek is niet noodzakelijk. 4.7. Amfibieën In de nabijheid van het plangebied zijn geen beschermde amfibieën waargenomen. Tijdens het veldbezoek is het plangebied wel beoordeeld op geschiktheid voor strikt beschermde soorten amfibieën. In het plangebied zijn een aantal sloten aanwezig langs het agrarisch grasland. Deze sloten beschikken over kort gemaaide slootkanten welke vrij steil zijn. Daarnaast zijn deze sloten grotendeels droogstaand. Tijdens het veldbezoek waren deze sloten watervoerend door de vele regenval de dagen voorafgaand en tijdens het veldbezoek. Doordat deze sloten grotendeels droogstaand zijn ontbreekt geschikt voortplantingswater voor amfibieën. Hooguit enkele algemene soorten, zoals bijvoorbeeld bruine kikker en gewone pad, zouden het plangebied kunnen gebruiken als landbiotoop.

Echter is het gebruik van het plangebied als landbiotoop niet waarschijnlijk door de aanwezigheid agrarisch grasland en verharding van het bestaande bouwblok wat het minder geschikt maakt als leefgebied. Conclusie amfibieën: Gelet op de in het plangebied aanwezige biotopen zijn negatieve effecten op amfibieën uitgesloten. 4.8. Ongewervelden Libellen In de nabijheid van het plangebied is de gevlekte witsnuitlibel waargenomen. Tijdens het veldbezoek is de locatie beoordeeld op aanwezigheid van geschikt leefgebied voor deze Uitbreiding ten behoeve van verduurzaming Melkveehouderij aan de Jan van Nassauweg 12 in Giethoorn, QuickScan Soortenbescherming Wet natuurbescherming(flora en fauna) Pagina 18 van 29 soort. In het plangebied komen geen voedselarme wateren voor die geschikt zijn als voortplantingswater voor beschermde libellen. De aanwezigheid van essentieel leefgebied voor beschermde libellen kan daarom redelijkerwijs worden uitgesloten. Dagvlinders In de directe omgeving van het plangebied zijn geen beschermde dagvlinders waargenomen. Negatieve effecten van voorgenomen plannen zijn ook redelijkerwijs uit te sluiten door de ligging van het plangebied en het ontbreken van geschikte flora die als waardplant voor dagvlinders kunnen dienen.

Overige ongewervelden Tijdens het veldbezoek is eveneens beoordeeld of het plangebied en dan met name het uitbreidingsdeel hiervan geschikt is als leefgebied voor overige ongewervelde dieren. Het uitbreidingsdeel beschikt echter niet over een habitat wat geschikt kan zijn als leefgebied voor beschermde ongewervelde dieren, omdat het agrarisch grasland betreft wat kort gemaaid is. Hier is voor ongewervelden weinig ecologische waarde en deze dieren zijn dan op voorhand uit te sluiten binnen het plangebied. Conclusie ongewervelden: Gelet op de in het plangebied aanwezige biotopen zijn negatieve effecten op ongewervelden uitgesloten. Nader onderzoek is niet noodzakelijk. Uitbreiding ten behoeve van verduurzaming Melkveehouderij aan de Jan van Nassauweg 12 in Giethoorn, QuickScan Soortenbescherming Wet natuurbescherming(flora en fauna) Pagina 19 van 29 5. SAMENVATTENDE CONCLUSIE Aan de Jan van Nassauweg 12 in Giethoorn vindt exploitatie plaats van een melkveebedrijf. Het voornemen op deze locatie is om de melkveehouderij om te schakelen naar een biologisch bedrijf en wil men een extra stap zetten richting meer kringlooplandbouw, minder ammoniak emissie en met een hogere toegevoegde waarde. Hierbij wil men de melk zo vers mogelijk lokaal verwerken, waardoor de keten verkort wordt, transportbewegingen worden beperkt en er meer circulair gewerkt kan worden.

Om dit te kunnen realiseren is een wijziging van het bestaande bouwblok noodzakelijk om bebouwing voor de zuivelverwerking te kunnen realiseren. De planlocatie is in het bestemmingsplan ‘Beheersverordening Buitengebied Steenwijkerland 2014’, vastgesteld op 9 december 2014 door de gemeente Steenwijkerland, bestemd als ‘Agrarisch – Agrarisch bedrijf 1’. Binnen dit bestemmingsplan is het bouwvlak niet passend voor de voorgenomen plannen. Voor de uitbreidingsplannen is het dan ook noodzakelijk om het bestemmingsplan te wijzigen en het bouwvlak te vergroten op locatie. Dit plan zou kunnen samengaan met effecten op beschermde planten- en dieren. In dat kader is dit verkennend onderzoek uitgevoerd naar het voorkomen van beschermde flora en fauna. Het meest nabij gelegen Natura 2000-gebied ‘Wieden’ is gelegen op circa 1.900 meter ten oosten, zuiden en westen van het plangebied. Ten noordwesten van het plangebied is het Natura 2000-gebied ‘Weerribben’ gelegen op circa 2.500 meter afstand. De afstand tot het Natuurnetwerk is ongeveer 1.900 meter en komt overeen met de grenzen van de Natura 2000-gebieden ‘Weerribben’ en ‘Wieden’. Deze beschermde gebieden zijn op dusdanige afstand gelegen dat negatieve effecten van het plan kunnen worden uitgesloten voor wat betreft verstoring door licht, geluid en trillingen.

Daarnaast zijn geen effecten te verwachten voor wat betreft vernatting en verdroging. Wel dient onderzoek naar stikstofdepositie te worden uitgevoerd om te bepalen of er een toename is in stikstofdepositie op de nabijgelegen Natura 2000- gebieden en aangewezen gevoelige Habitats. Binnen het plangebied wordt de houtwal die nu grenst aan het de noordgrens van het bestaande bouwblok verplaatst. Deze houtwal is gerealiseerd in 2016-2017. Met de uitbreiding van het bouwblok kan deze houtwal hier niet blijven staan. De planlocatie is gelegen buiten de bebouwde kom grenzen boswet van gemeente Steenwijkerland. Daaruit volgt dat het onderdeel houtopstanden van de Wet natuurbescherming mogelijk aan de orde is voor de voorgenomen plannen. Conclusies Soortenbescherming: Binnen de Soortenbescherming zijn alle bewoonde vogelnesten beschermd. Het is aan te raden om te werken buiten het broedseizoen van de meeste vogels (grofweg 15 maart - Uitbreiding ten behoeve van verduurzaming Melkveehouderij aan de Jan van Nassauweg 12 in Giethoorn, QuickScan Soortenbescherming Wet natuurbescherming(flora en fauna) Pagina 20 van 29 15 juli), of te werken op een manier waarbij vogels in de directe omgeving niet aan broeden beginnen.

Op deze manier kan zonder nader onderzoek, mitigatie of compensatie worden voorkomen dat verbodsbepalingen van de Soortenbescherming worden overtreden voor wat betreft algemene vogelsoorten. Werkzaamheden binnen het broedseizoen zijn mogelijk indien is vastgesteld dat er, met het werken volgens een werkprotocol, geen nesten van broedvogels worden verstoord. Zo’n werkprotocol dient te worden opgesteld door een ter zake deskundige, en te worden goedgekeurd door het bevoegd gezag. Ook zijn werkzaamheden binnen het broedseizoen mogelijk zonder werkprotocol, indien ter plaatse door een deskundige wordt vastgesteld dat er geen bewoonde vogelnesten aanwezig zijn. Een ontheffing is dan niet noodzakelijk. Nader onderzoek of een ontheffing Soortenbescherming is niet noodzakelijk gebleken voor voor de voorgenomen plannen. In het uitbreidingsdeel van het plangebied waar de bouwblokvergroting gewenst is, beschikt niet over geschikt habitat voor beschermde flora en fauna. Vaste rust- en verblijfplaatsen van beschermde soorten zijn niet te verwachten binnen dit deel van het plangebied. De algemene zorgplicht is onverminderd van toepassing. In de nabijheid waargenomen beschermde soorten, zijn bij het terreinbezoek niet waargenomen binnen het plangebied en geschikt habitat ontbreekt. De bestemmingsplanwijziging zelf heeft verder geen negatieve invloed op de mogelijk aanwezige soorten.

Pas bij de uitvoer van de voorgenomen werkzaamheden is het noodzakelijk dat bekend is wat de exacte functie van beschermde soorten is en dient indien noodzakelijk een ontheffing te zijn verleend. Uitbreiding ten behoeve van verduurzaming Melkveehouderij aan de Jan van Nassauweg 12 in Giethoorn, QuickScan Soortenbescherming Wet natuurbescherming(flora en fauna) Pagina 21 van 29 BIJLAGE I. Bronvermelding Gebieden: www.ruimtelijkeplannen.nl Bestemmingsplan ‘Beheersverordening Buitengebied Steenwijkerland 2014’, vastgesteld op 9 december 2014 door de gemeente Steenwijkerland Verordening ruimte Waarnemingen: www.ndff.nl www.waarneming.nl www.telmee.nl Soorteninformatie: www.sovon.nl www.ravon.nl www.floron.nl www.vogelbescherming.nl www.zoogdiervereniging.nl www.rvo.nl www.vlindernet.nl Atlas van de Nederlandse Zoogdieren Uitbreiding ten behoeve van verduurzaming Melkveehouderij aan de Jan van Nassauweg 12 in Giethoorn, QuickScan Soortenbescherming Wet natuurbescherming(flora en fauna) Pagina 22 van 29 BIJLAGE II.

Uitdraai QuickScanhulp Nationale Databank Flora en Fauna Soort Soortengroep Categorie bescherming Afstand tot plangebied Boomvalk Vogels wnb-vrl 0 - 1 km Buizerd Vogels wnb-vrl 0 - 1 km Egel Zoogdieren 0 - 1 km Gevlekte witsnuitlibel Libellen wnb-hrl 0 - 1 km Grote gele kwikstaart Vogels wnb-vrl 0 - 1 km Grote modderkruiper Vissen 0 - 1 km Haas Zoogdieren 0 - 1 km Havik Vogels wnb-vrl 0 - 1 km Huismus Vogels wnb-vrl 0 - 1 km Kerkuil Vogels wnb-vrl 0 - 1 km Ooievaar Vogels wnb-vrl 0 - 1 km Otter Zoogdieren wnb-hrl 0 - 1 km Ringslang Reptielen 0 - 1 km Roek Vogels wnb-vrl 0 - 1 km Sperwer Vogels wnb-vrl 0 - 1 km Aardbeivlinder Dagvlinders 1 - 5 km Bastaardkikker Amfibieën 1 - 5 km Boommarter Zoogdieren 1 - 5 km Bunzing Zoogdieren 1 - 5 km Das Zoogdieren 1 - 5 km Eekhoorn Zoogdieren 1 - 5 km Geel schorpioenmos Mossen wnb-hrl 1 - 5 km Gestreepte waterroofkever Kevers wnb-hrl 1 - 5 km Gevlekte glanslibel Libellen 1 - 5 km Gewone dwergvleermuis Zoogdieren wnb-hrl 1 - 5 km Gewone grootoorvleermuis Zoogdieren wnb-hrl 1 - 5 km Gierzwaluw Vogels wnb-vrl 1 - 5 km Groene glazenmaker Libellen wnb-hrl 1 - 5 km Groenknolorchis Vaatplanten wnb-hrl 1 - 5 km Grote vos Dagvlinders 1 - 5 km Grote vuurvlinder Dagvlinders wnb-hrl 1 - 5 km Grote weerschijnvlinder Dagvlinders 1 - 5 km Heikikker Amfibieën wnb-hrl 1 - 5 km Hermelijn Zoogdieren 1 - 5 km Kempense heidelibel Libellen 1 - 5 km Knolspirea

Vaatplanten 1 - 5 km Konijn Zoogdieren 1 - 5 km Laatvlieger Zoogdieren wnb-hrl 1 - 5 km Levendbarende hagedis Reptielen 1 - 5 km Noordse winterjuffer Libellen wnb-hrl 1 - 5 km Poelkikker Amfibieën wnb-hrl 1 - 5 km Ransuil Vogels wnb-vrl 1 - 5 km Rosse vleermuis Zoogdieren wnb-hrl 1 - 5 km Rosse woelmuis Zoogdieren 1 - 5 km Ruige dwergvleermuis Zoogdieren wnb-hrl 1 - 5 km Sierlijke witsnuitlibel Libellen wnb-hrl 1 - 5 km Slechtvalk Vogels wnb-vrl 1 - 5 km Sleedoornpage Dagvlinders 1 - 5 km Steenmarter Zoogdieren 1 - 5 km Steenuil Vogels wnb-vrl 1 - 5 km Uitbreiding ten behoeve van verduurzaming Melkveehouderij aan de Jan van Nassauweg 12 in Giethoorn, QuickScan Soortenbescherming Wet natuurbescherming(flora en fauna) Pagina 23 van 29 Soort Soortengroep Categorie bescherming Afstand tot plangebied Waterspitsmuis Zoogdieren 1 - 5 km Wespendief Vogels wnb-vrl 1 - 5 km Wezel Zoogdieren 1 - 5 km Zilveren maan Dagvlinders 1 - 5 km Zwarte wouw Vogels wnb-vrl 1 - 5 km Adder Reptielen 5 - 10 km Baardvleermuis / Brandts vleermuis Zoogdieren wnb-hrl 5 - 10 km Bever Zoogdieren wnb-hrl 5 - 10 km Boomkikker Amfibieën wnb-hrl 5 - 10 km Damhert Zoogdieren 5 - 10 km Donkere waterjuffer Libellen 5 - 10 km Franjestaart Zoogdieren wnb-hrl 5 - 10 km Gewone/Kleine/Ruige dwergvleermuis Zoogdieren wnb-hrl 5 - 10 km Hazelworm Reptielen 5 - 10 km Kamsalamander Amfibieën wnb-hrl 5 - 10 km Kartuizer anjer

Vaatplanten 5 - 10 km Korensla Vaatplanten 5 - 10 km Myoot (soort onbekend) Zoogdieren wnb-hrl 5 - 10 km Noordzeehouting Vissen wnb-hrl 5 - 10 km Oehoe Vogels wnb-vrl 5 - 10 km Platte schijfhoren Weekdieren wnb-hrl 5 - 10 km Rugstreeppad Amfibieën wnb-hrl 5 - 10 km Watervleermuis Zoogdieren wnb-hrl 5 - 10 km Wezel/Hermelijn Zoogdieren 5 - 10 km Wolfskers Vaatplanten 5 - 10 km Alpenwatersalamander Amfibieën 10 - 25 km Baardvleermuis Zoogdieren wnb-hrl 10 - 25 km Beekrombout Libellen 10 - 25 km Blaasvaren Vaatplanten 10 - 25 km Bosvleermuis Zoogdieren wnb-hrl 10 - 25 km Brave hendrik Vaatplanten 10 - 25 km Brede geelgerande waterroofkever Geleedpotigen wnb-hrl 10 - 25 km Dennenorchis Vaatplanten 10 - 25 km Drijvende waterweegbree Vaatplanten wnb-hrl 10 - 25 km Edelhert Zoogdieren 10 - 25 km Eikelmuis Zoogdieren 10 - 25 km Geelbuikvuurpad Amfibieën wnb-hrl 10 - 25 km Gentiaanblauwtje Dagvlinders 10 - 25 km Gewone/Grijze grootoorvleermuis Zoogdieren wnb-hrl 10 - 25 km Gewone/Kleine dwergvleermuis Zoogdieren wnb-hrl 10 - 25 km Gladde slang Reptielen wnb-hrl 10 - 25 km Grijze zeehond Zoogdieren 10 - 25 km Groot spiegelklokje Vaatplanten 10 - 25 km Grote bosaardbei Vaatplanten 10 - 25 km Grote bosmuis Zoogdieren 10 - 25 km Kleine dwergvleermuis Zoogdieren wnb-hrl 10 - 25 km Kleine ijsvogelvlinder Dagvlinders 10 - 25 km Kluwenklokje Vaatplanten 10 - 25 km Uitbreiding ten behoeve van

verduurzaming Melkveehouderij aan de Jan van Nassauweg 12 in Giethoorn, QuickScan Soortenbescherming Wet natuurbescherming(flora en fauna) Pagina 24 van 29 Soort Soortengroep Categorie bescherming Afstand tot plangebied Knoflookpad Amfibieën wnb-hrl 10 - 25 km Knollathyrus Vaatplanten 10 - 25 km Kommavlinder Dagvlinders 10 - 25 km Kwabaal Vissen 10 - 25 km Meervleermuis Zoogdieren wnb-hrl 10 - 25 km Muurbloem Vaatplanten 10 - 25 km Muurhagedis Reptielen wnb-hrl 10 - 25 km Oostelijke witsnuitlibel Libellen wnb-hrl 10 - 25 km Rivierrombout Libellen wnb-hrl 10 - 25 km Roggelelie Vaatplanten 10 - 25 km Rozenkransje Vaatplanten 10 - 25 km Ruw parelzaad Vaatplanten 10 - 25 km Smalle raai Vaatplanten 10 - 25 km Stofzaad Vaatplanten 10 - 25 km Tengere distel Vaatplanten 10 - 25 km Teunisbloempijlstaart Nachtvlinders wnb-hrl 10 - 25 km Tweekleurige vleermuis Zoogdieren wnb-hrl 10 - 25 km Veenbesblauwtje Dagvlinders 10 - 25 km Vinpootsalamander Amfibieën 10 - 25 km Vroedmeesterpad Amfibieën wnb-hrl 10 - 25 km Wilde ridderspoor Vaatplanten 10 - 25 km Wilde weit Vaatplanten 10 - 25 km Wild zwijn Zoogdieren 10 - 25 km Wolf Zoogdieren wnb-hrl 10 - 25 km Zandhagedis Reptielen wnb-hrl 10 - 25 km Akkerogentroost Vaatplanten 25 - 50 km Bechsteins vleermuis Zoogdieren wnb-hrl 25 - 50 km Beekprik Vissen 25 - 50 km Bergnachtorchis Vaatplanten 25 - 50 km Bokkenorchis Vaatplanten 25 - 50 km

Bosparelmoervlinder Dagvlinders 25 - 50 km Brandts vleermuis Zoogdieren wnb-hrl 25 - 50 km Bruinvis Zoogdieren wnb-hrl 25 - 50 km Dreps Vaatplanten 25 - 50 km Elrits Vissen 25 - 50 km Getande veldsla Vaatplanten 25 - 50 km Gewone zeehond Zoogdieren 25 - 50 km Glad biggenkruid Vaatplanten 25 - 50 km Grote leeuwenklauw Vaatplanten 25 - 50 km Hoogveenglanslibel Libellen 25 - 50 km Iepenpage Dagvlinders 25 - 50 km Kleine schorseneer Vaatplanten 25 - 50 km Kruipend moerasscherm Vaatplanten wnb-hrl 25 - 50 km Kruiptijm Vaatplanten 25 - 50 km Laatvlieger / Tweekleurige vleermuis Zoogdieren wnb-hrl 25 - 50 km Liggende ereprijs Vaatplanten 25 - 50 km Noordse woelmuis Zoogdieren wnb-hrl 25 - 50 km Rood peperboompje Vaatplanten 25 - 50 km Rosse / Bosvleermuis Zoogdieren wnb-hrl 25 - 50 km Schubvaren Vaatplanten 25 - 50 km Stijve wolfsmelk Vaatplanten 25 - 50 km Tweekleurige bosspitsmuis Zoogdieren 25 - 50 km Uitbreiding ten behoeve van verduurzaming Melkveehouderij aan de Jan van Nassauweg 12 in Giethoorn, QuickScan Soortenbescherming Wet natuurbescherming(flora en fauna) Pagina 25 van 29 Soort Soortengroep Categorie bescherming Afstand tot plangebied Veenbesparelmoervlinder Dagvlinders 25 - 50 km Veenbloembies Vaatplanten 25 - 50 km Veenhooibeestje Dagvlinders 25 - 50 km Veldspitsmuis Zoogdieren 25 - 50 km Vliegend hert Kevers 25 - 50 km Vroege ereprijs Vaatplanten 25 - 50 km

Vuursalamander Amfibieën 25 - 50 km Wilde averuit Vaatplanten 25 - 50 km Zweedse kornoelje Vaatplanten 25 - 50 km Akkerboterbloem Vaatplanten 50 - 100 km Akkerdoornzaad Vaatplanten 50 - 100 km Beekdonderpad Vissen 50 - 100 km Blauw guichelheil Vaatplanten 50 - 100 km Bosbeekjuffer Libellen 50 - 100 km Bosdravik Vaatplanten 50 - 100 km Brede wolfsmelk Vaatplanten 50 - 100 km Breed wollegras Vaatplanten 50 - 100 km Bruine eikenpage Dagvlinders 50 - 100 km Bruinrode wespenorchis Vaatplanten 50 - 100 km Bultrug Zoogdieren wnb-hrl 50 - 100 km Duinparelmoervlinder Dagvlinders 50 - 100 km Dwergvinvis Zoogdieren wnb-hrl 50 - 100 km Europese rivierkreeft Geleedpotigen 50 - 100 km Geplooide vrouwenmantel Vaatplanten 50 - 100 km Gestreepte dolfijn Zoogdieren wnb-hrl 50 - 100 km Gevlekt zonneroosje Vaatplanten 50 - 100 km Gewone dolfijn Zoogdieren wnb-hrl 50 - 100 km Gewone spitssnuitdolfijn Zoogdieren wnb-hrl 50 - 100 km Gewone vinvis Zoogdieren wnb-hrl 50 - 100 km Griend Zoogdieren wnb-hrl 50 - 100 km Groensteel Vaatplanten 50 - 100 km Grote parelmoervlinder Dagvlinders 50 - 100 km Honingorchis Vaatplanten 50 - 100 km Kleine heivlinder Dagvlinders 50 - 100 km Kleine vlotvaren Vaatplanten wnb-hrl 50 - 100 km Kleine wolfsmelk Vaatplanten 50 - 100 km Kranskarwij Vaatplanten 50 - 100 km Lange zonnedauw Vaatplanten 50 - 100 km Naakte lathyrus Vaatplanten 50 - 100 km Naaldenkervel Vaatplanten

50 - 100 km Ondergrondse woelmuis Zoogdieren 50 - 100 km Pijlscheefkelk Vaatplanten 50 - 100 km Potvis Zoogdieren wnb-hrl 50 - 100 km Rosse / Bos- / Tweekleurige vleermuis / Laatvlieger Zoogdieren wnb-hrl 50 - 100 km Scherpkruid Vaatplanten 50 - 100 km Speerwaterjuffer Libellen 50 - 100 km Spiegeldikkopje Dagvlinders 50 - 100 km Spits havikskruid Vaatplanten 50 - 100 km Steenbraam Vaatplanten 50 - 100 km Tengere veldmuur Vaatplanten 50 - 100 km Tuimelaar Zoogdieren wnb-hrl 50 - 100 km Vale vleermuis Zoogdieren wnb-hrl 50 - 100 km Uitbreiding ten behoeve van verduurzaming Melkveehouderij aan de Jan van Nassauweg 12 in Giethoorn, QuickScan Soortenbescherming Wet natuurbescherming(flora en fauna) Pagina 26 van 29 Soort Soortengroep Categorie bescherming Afstand tot plangebied Veldparelmoervlinder Dagvlinders 50 - 100 km Vermiljoenkever Geleedpotigen wnb-hrl 50 - 100 km Walrus Zoogdieren wnb-hrl 50 - 100 km Witsnuitdolfijn Zoogdieren wnb-hrl 50 - 100 km Zandwolfsmelk Vaatplanten 50 - 100 km Berggamander Vaatplanten 100 - 250 km Bosboterbloem Vaatplanten 100 - 250 km Bruin dikkopje Dagvlinders 100 - 250 km Butskop Zoogdieren wnb-hrl 100 - 250 km Dikkopschildpad Reptielen wnb-hrl 100 - 250 km Donker pimpernelblauwtje Dagvlinders wnb-hrl 100 - 250 km Echte gamander (subsp.

germanicum) Vaatplanten 100 - 250 km Franjegentiaan Vaatplanten 100 - 250 km Gaffellibel Libellen wnb-hrl 100 - 250 km Geelgroene wespenorchis Vaatplanten 100 - 250 km Gestippelde alver Vissen 100 - 250 km Gewone bronlibel Libellen 100 - 250 km Gladde zegge Vaatplanten 100 - 250 km Grijze grootoorvleermuis Zoogdieren wnb-hrl 100 - 250 km Groene nachtorchis Vaatplanten 100 - 250 km Hamster Zoogdieren wnb-hrl 100 - 250 km Hazelmuis Zoogdieren wnb-hrl 100 - 250 km Ingekorven vleermuis Zoogdieren wnb-hrl 100 - 250 km Juchtleerkever Kevers wnb-hrl 100 - 250 km Kalkboterbloem Vaatplanten 100 - 250 km Kalketrip Vaatplanten 100 - 250 km Karwijselie Vaatplanten 100 - 250 km Kemps zeeschildpad Reptielen wnb-hrl 100 - 250 km Kleine ereprijs Vaatplanten 100 - 250 km Lederschildpad Reptielen wnb-hrl 100 - 250 km Moerasgamander Vaatplanten 100 - 250 km Mopsvleermuis Zoogdieren wnb-hrl 100 - 250 km Pimpernelblauwtje Dagvlinders wnb-hrl 100 - 250 km Schubzegge Vaatplanten 100 - 250 km Tonghaarmuts Mossen wnb-hrl 100 - 250 km Trosgamander Vaatplanten 100 - 250 km Vliegenorchis Vaatplanten 100 - 250 km Water-/Meervleermuis Zoogdieren wnb-hrl 100 - 250 km Wilde kat Zoogdieren wnb-hrl 100 - 250 km Witflankdolfijn Zoogdieren wnb-hrl 100 - 250 km Zinkviooltje Vaatplanten 100 - 250 km Uitbreiding ten behoeve van verduurzaming Melkveehouderij aan de Jan van Nassauweg 12 in Giethoorn, QuickScan

Soortenbescherming Wet natuurbescherming(flora en fauna) Pagina 27 van 29 BIJLAGE III. Foto’s plangebied Houtwal en sloot ten noorden van bestaande bouwblok: Agrarisch grasland ten noorden van het bestaande bouwblok waar uitbreiding gewenst is: Uitbreiding ten behoeve van verduurzaming Melkveehouderij aan de Jan van Nassauweg 12 in Giethoorn, QuickScan Soortenbescherming Wet natuurbescherming(flora en fauna) Pagina 28 van 29 Houtwal ten noorden van het bestaande bouwblok: Uitbreiding ten behoeve van verduurzaming Melkveehouderij aan de Jan van Nassauweg 12 in Giethoorn, QuickScan Soortenbescherming Wet natuurbescherming(flora en fauna) Pagina 29 van 29 Oostelijke deel bestaande bouwblok met daarachter agrarisch grasland waar uitbreiding bouwblok eveneens gewenst is:

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://steenwijkerland.bestuurlijkeinformatie.nl/Document/LoadAgendaItemDocument/952a41ee-f7f1-4603-a9e3-4df5e18baf31?agendaItemId=323bf4ca-5087-467b-884b-84124bb66341