CConstaterende datSteenwijkerland
Koppel je AI →
Document · PDF

bijlage 10 Ruimtescan_Tuk Noord en Midden

Politieke Markt 9 december 2025, gemeente SteenwijkerlandBij agendapunt: Vaststellen Stadvisie Steenwijk "stad en landschap dichtbij"14.298 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · 65 pagina's · deel 2 van 2

Ecologisch onderzoek naar aanwezige soorten in relatie tot potentieel effect van de ontwikkeling is noodzakelijk vooruitlopend op de wijziging van het omgevingsplan. Het onderzoek heeft een maximale houdbaarheid van drie jaar. 3.4.3 Houtopstanden Bomen en bossen vallen onder houtopstanden. Vanwege de belangrijke functie in de fysieke leefomgeving is bescherming van houtopstanden een onderdeel van de Omgevingswet. Daarbij is er een belangrijk onderscheid tussen houtopstanden in of buiten stedelijk gebied. Voor bomen buiten stedelijk gebied gelden regels vanuit het Rijk, voor binnen stedelijk gebied bepaald de betreffende gemeente de regels. De knip tussen de beide gebieden is vastgelegd in de zogeheten ‘bebouwingscontour houtkap’. De grens van deze contour loopt direct langs de bestaande bebouwingsgrens van Tuk, wat betekent dat de uitbreidingslocaties voor Tuk Noord en Tuk Midden buiten stedelijk gebied liggen en dat hiermee de regels van het Rijk in het Besluit activiteiten leefomgeving gelden. Over het algemeen geldt dat de provincie (Overijssel) het bevoegd gezag is als het gaat om de omgang met houtopstanden buiten de bebouwingscontour. Zij hanteren hierbij als definitie voor houtopstanden: Een houtopstand is een groep bomen of struiken met een oppervlakte van minimaal 1000m2 of rijen van minimaal 21 bomen.

De gemeente houdt een kaart bij met alle bomen in haar bezit en beheer. Daarnaast zijn er nog bomen die op particuliere gronden staan. De delen van het plangebied van Tuk Noord waar woningbouw plaats moet gaan vinden is vrij van houtopstanden. Er staan bomen langs het spoor, langs de N334 en langs de Tukseweg. Deze blijven gespaard met de woningbouw. In Tuk Midden staat langs de Oldemarktseweg een bomenrijen van zomereiken. Daarnaast zijn alle individuele perceelsgrenzen in het plangebied ook voorzien van bomenrijen. De schetsplannen van BVR houdt rekening met ruimte voor bomenrijen en extra vergroening. Voor een logische verkaveling en ontsluiting van het gebied lijkt bomen kap noodzakelijk. Hiervoor geldt een meldingsplicht bij de provincie Overijssel en moet waarschijnlijk ook gecompenseerd worden.

40 Beschermde natuurgebieden In deze kaart is de locatie van het plangebied van Tuk in relatie tot beschermde natuurgebieden weergegeven. In de omgeving bevinden zich gebieden die onderdeel zijn van het Natuurnetwerk Nederland en Natura 2000-gebieden (gestipt vlak).

41 Bomenkaart Op de bomenkaart van de gemeente Steenwijkerland zijn alle gemeentelijke bomen in het plangebied gevisualiseerd.

42 3.5 Woon- en leefklimaat 3.5.1 Externe veiligheid Bij het inpassen van woningen op een locatie speelt externe veiligheid een belangrijke rol. Een woning wordt bestemd als een kwetsbaar gebouw. Daarom moet de gemeente zorgvuldig kijken naar risicobronnen in de omgeving. Er zijn verschillende soorten risicobronnen, denk bijvoorbeeld aan bedrijven met gevaarlijke stoffen en het vervoer (al dan niet via leidingen) hiervan, de opslag van vuurwerk, windturbines en munitieopslag. Hoe minder personen rond dergelijke activiteiten aanwezig zijn, hoe beter de veiligheidssituatie. Voldoende afstand tussen wonen en risicobronnen is daarom belangrijk. Hierbij worden verschillende risicozones in acht genomen, namelijk het plaatsgebonden risico (PR), aandachtsgebieden, explosieaandachtsgebieden en belemmeringengebieden. Op de kaart ‘externe veiligheid’ is aangegeven met welke bronnen er in het plangebied van Tuk rekening gehouden dient te worden. Dat zijn: ▪ Direct langs Tuk Noord ligt de spoorlijn tussen Zwolle en Leeuwarden. Bij de spoorlijn horen een brandaandachtsgebied, explosieaandachtsgebied en gifwolkaandachtsgebied. Aandachtsgebieden zijn gebieden waarbinnen mensen in gebouwen, zonder aanvullende maatregelen, onvoldoende beschermd kunnen zijn tegen de gevolgen van ongevallen met gevaarlijke stoffen. De aandacht zone is hier voor brand.

Een belangrijk doel van aandachtsgebieden is om gemeenten bij nieuwbouwplannen rekening te laten houden met ongevallen met gevaarlijke stoffen. Als een gemeente bijvoorbeeld nieuwe woningen in een aandachtsgebied toestaat, bepaalt zij of aanvullende beschermende maatregelen nodig zijn, zoals het versterken van gebouwen of het informeren van inwoners over schuilmogelijkheden. Gemeenten moeten bij nieuwbouw in een gifwolkaandachtsgebied tenminste in de eerste 1.500 meter bepalen of er aanvullende maatregelen nodig zijn. ▪ In de omgeving van het plangebied is een gasleiding/persleiding aanwezig. De leiding volgt eerst de Hooidijk waarna deze afbuigt en evenredig langs het spoor richting het noorden ligt. Voor woningbouw op Tuk is deze gasleiding nagenoeg niet relevant; risicocontouren blijven over het algemeen ver buiten het plangebied, met uitzondering van een smalle strook in Tuk Noord waar het plangebied net een kleine overlap heeft met de PR- contour en het brandaandachtsgebied. Op de risicokaart van Nederland is te zien dat bij deze gasleiding een plaatsgebonden risicowaarde heeft van PR 10-8. Het plaatsgebonden risico is de kans per jaar dat een persoon, die altijd aanwezig is op die plaats, overlijdt door een ongeval. Een PR 10-8 waarde houdt in dat er een risico is op overlijden van een persoon van ØØn op de 100 miljoen per jaar.

Die kans is dus he el klein (het is ook de laagste categorie). Binnen deze zone mogen vanuit externe veiligheid woningen worden gerealiseerd. Daarnaast geldt dus ook voor de gasleiding een brandaandachtsgebied. Vanuit externe veiligheid is er geen principieel bezwaar tegen woningbouw in Tuk. Voor nieuwbouw in Tuk Noord, binnen het brand-, explosie- en gifwolkaandachtsgebied van het spoor, moeten mogelijk wel extra bouwvoorschriften worden voorgeschreven.

43 3.5.2 Kabels en leidingen In het plangebied liggen verschillende kabels en leidingen en om deze duidelijk in kaart te krijgen is er een KLIC-melding gedaan. Een KLIC- melding (Kabels Leidingen Informatie Centrum-melding) is een verplichte melding die gedaan moet worden voordat er gegraven gaat worden, met of zonder machine, om schade aan ondergrondse kabels en leidingen te voorkomen. De KLIC-melding wordt vaak ook gebruikt bij ruimtelijke verkenningen om te beoordelen of het eventueel benodigd is om kabels of leidingen te verleggen. Bij externe veiligheid is gesproken over de gasleiding die ten noordoosten loopt van het plangebied. Deze buisleiding is dusdanig groot dat er een PR-contour aan kleeft. Uit de KLIC-melding komen ee n aantal andere kabels en leidingen naar voren. De meeste kabels en leidingen liggen onder de wegen en woningen waardoor deze niet in de weg liggen voor de woningbouw. Een aantal andere kabels en leidingen lopen door het plangebied heen. Deze kabels en leidingen zijn de volgende: ▪ In het noordelijk deel loopt een telecommunicatieleiding van Vitens. Deze zou buiten gebruik zijn op dit moment. ▪ In Tuk midden loopt een waterleiding van Vitens. Deze is in gebruik en loopt van noord naar zuid door het plangebied heen. ▪ Aan de zuidrand van Tuk midden loopt een elektriciteitskabel van N.V. Rendo.

Deze loopt grotendeels onder de weg door en gedeeltelijk door het plangebied heen. De kabels en leidingen zullen mogelijk verlegt moeten worden wanneer het gebied ontwikkeld gaat worden. De andere kabels en leidingen in de omgeving van het plangebied zorgen niet voor een beperking. 3.5.3 Bedrijven en milieuzonering Bij de wijziging van een omgevingsplan door de gemeente moet in het belang van het beschermen van gezondheid rekening worden gehouden met hinder door geur en geluid door bedrijfsactiviteiten. D at werkt twee kanten op: (1) heeft de ruimtelijke ontwikkeling impact op gevoelige gebouwen in de omgeving en (2) worden er met de ruimtelijke ontwikkeling gevoelige gebouwen toegevoegd waarbij rekening gehouden moet worden met bestaande bedrijfsactiviteiten in de omgeving. Voor de woningbouw in Tuk moet vooral gekeken worden naar het tweede; de beoogde te bouwen woningen zijn gevoelige objecten voor geur en geluid. Binnen het omgevingsplan en bij het wijzigen of afwijken van het omgevingsplan moet sprake zijn van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties (ETFAL). Hierbij is milieuzonering ØØn van de te beschouwen aspecten. Milieuzonering zorgt voor ruimte voor milieuhinderlijke (bedrijfs-)activiteiten met behoud van bescherming van de woon- en leefomgeving. De VNG heeft in 2024 een nieuwe handreiking uitgebracht die de oude versie uit 2009 vervangt.

Omdat er nog geen omgevingsplan is vastgesteld door de gemeente Steenwijkerland wordt nog getoetst aan het voormalige bestemmingsplan, wat uit gaat van de methodiek van de VNG 2009 (met milieucategorieºn). Het is daarom van belang om de oude categorieºn te vertalen naar de nieuwe wetgeving. Hier bij gaan wij er in het geval van Tuk uit van de richtafstanden voor een rustig woongebied, omdat hierbij de grotere richtafstanden worden gebruikt (worst-case benadering). Wanneer beargumenteerd zou kunnen worden dat er sprake is van een gemengd gebied, dan zouden de richtafstanden nog verlaagd kunnen worden. De tabellen hieronder laten de vertaling van VNG-richtafstanden voor geluid en geur zien.

Situatie omgeving plangebied Tuk In de tabel hieronder is een opsomming gemaakt van de relevante functies en activiteiten in de omgeving van het plangebied van Tuk. Dit is ook gevisualiseerd in de kaart met bedrijven en milieuzonering. Ligging | Functie/activiteit | Geluid | Geur | Hoogste Noord | Dierenasiel | Zone 3 | Zone 1 | Zone 3 >100m | 30-50m | >100m Oost | Tuincentrum | Zone 1 | Zone 1 | Zone 1 30-50 m. | 30-50 m. | 30-50 m. Verwarmingsinstallateur | FM | FM | FM 0-10 m. | 0-10 m. | 0-10 m. CafØ | FM | FM | FM 0-10 m. | 0-10 m. | 0-10 m. Verdere maatschappelijke | FM | FM | FM functies | 0-10 m. | 0-10 m. | 0-10 m. Veehouderij 1X | Zone 1 | Zone 3 | Zone 3 30-50 m. | >100m | >100m Zuiden | Bedrijventerrein | Zone 3 | Zone 3 | Zone 3 >100m | >100m | >100m Bedrijventerrein | Zone 2 | Zone 2 | Zone 2 >50M | >50M | >50M Westen | Veehouderijen (o.a. met | Zone 1 | Zone 3 | Zone 3 mestbassin) | 30-50 m. | >100m | >100m Minicamping | Zone 2 | Zone 1 | Zone 2 >50M | 30-50m | >50M Bedrijf | Zone 2 | Zone 2 | Zone 2 >50M | >50M | >50M Botanische tuin | Zone 1 | Zone 3 | Zone 3 30-50 m. | >100m | >100m Agrarische bedrijven | Zone 1 | Zone 3 | Zone 3 30-50 m. | >100m | >100m Uit de beoordeling van bedrijven en milieuzonering in de omgeving blijkt dat er voor Tuk Noord mogelijk een beperking als gevolg van geluidscontouren van een dierenasiel (Steenwijkerweg 258).

Gezien het schetsplan van BVR, waarbij er vanwege de geluidscontouren van 44

45 de weg al redelijke afstand wordt aangehouden, lijkt de beperking geen invloed te hebben op de haalbaarheid van woningbouw op de locatie. Mocht er wel besloten worden om de woningbouw in Tuk Noord iets meer in noordwestelijke richting te positioneren, dan wordt het dierenasiel een aandachtspunt. Voor Tuk Midden geldt dat ØØn bedrijfsactiviteit in het bijzonder aandacht behoeft. Het betreft een veehouderij aan de Lage Egge 1, aan de overzijde van de provinciale weg. Op deze locatie is een melkveehouderij gevestigd. Aan de oostzijde van de melkveehouderij hebben zij een mestbassin. Afhankelijk van o.a. de hoeveelheid en het gebruikte substraatmateriaal moet een afstand worden aangehouden tot burgerwoningen. Dat kan oplopen tot circa 100 meter. In dat geval is er een overlap met het plangebied voor Tuk Midden. Dat is gevisualiseerd in de kaart met bedrijven en milieuzonering. In het vervolgtraject moet onderzocht worden wat de exacte afstand is tussen veehouderij aan de Lage Egge en de nieuwe woningen, of er mogelijk afspraken gemaakt kunnen worden voor het verplaatsen van het bassin en/of dat het stedenbouwkundig plan erop aangepast moet worden. Belangrijke kanttekening daarnaast: bij deze beschrijving van activiteiten met milieuzonering in de omgeving wordt alleen buiten de onderzoekgrenzen van dit rapport gekeken.

Ook binnen het plangebied (Tuk Midden) is een agrarisch bedrijf aanwezig, daarnaast worden de gronden voor agrarische doeleinden gebruikt. Wanneer besloten wordt om niet voor het gehele plangebied het omgevingsplan te wijzigen naar de activiteit ‘wonen’ (en daarmee ook het agrarische bedrijf te stoppen), dan kan het agrarische bedrijf in combinatie met agrarische gronden zorgen voor een beperking (zie ook paragraaf over spuitzones). Geitenhouderijen Bij de uitwerking van milieuzonering van bedrijven in de omgeving is niet gekeken naar geitenhouderijen; deze verdienen aparte aandacht vanwege de correlatie tussen de aanwezigheid van geitenhouderijen en het voorkomen van longontstekingen. De GGD adviseert daarom om een richtafstand van 2km te houden tussen geitenhouderijen en gevoelige functies. Binnen 2 kilometer van het plangebied van Tuk Noord en Midden liggen geen geitenhouderijen. Wel liggen er binnen die grens verschillende gemengde veehouderijen die mogelijk ook geiten houden. Op de veehouderijenkaart Nederland zijn een aantal boerderijen in de omgeving te zien die ook geiten houden. Het is niet inzichtelijk om hoeveel geiten het gaat. Daarom is het belangrijk om hier in het vervolgtraject nader onderzoek naar te doen. 3.5.4 Geluid Bij het inpassen van woningen op een locatie speelt geluid van de omgeving vaak een belangrijke rol. Een woning is een geluidgevoelig gebouw.

Voor een aanvaardbaar woon- en leefklimaat, mag er daarom niet te veel geluid van buiten in de woning komen. Ook niet als er ramen open staan. Het is daarom van belang om het aspect geluid goed te onderzoeken bij de ontwikkeling van een woonwijk. Geluid kan van verschillende bronnen komen. Voor de locatie van Tuk zijn wegverkeer, treinverkeer en industrie als bronnen bekeken. Wegverkeer. Langs het plangebied ligt de provinciale weg N334 (80 km/u). In de geluidskaart van de Atlas leefomgeving is een inschatting gemaakt van de geluidsbelasting (Lden) van alle wegen. Daaruit blijkt

46 dat de weg voor het meeste geluidsbelasting zorgt op de locatie. De N-weg loopt langs de westelijke grens van het plangebied. Treinverkeer. Ten oosten van het plangebied ligt een treinspoor. Dit spoor zorgt in het noorden van het plangebied voor extra geluidsoverlast (cumulatief) naast de aanwezige N-weg. Het geluid door treinverkeer (Lden) is ook meegenomen in de geluidskaart. Industrie. Het zoekgebied ligt niet binnen de geluidzone van een industriegebied. Ten zuiden van de ontwikkellocaties komt mogelijk het bedrijventerrein Tuk. Dit bedrijventerrein kan een bron van geluid worden. Bij de ontwikkeling van beide gebieden moet rekening worden gehouden met de woonwijk en het bedrijventerrein. De Omgevingswet bepaalt dat binnen geluidaandachtsgebieden de geluidbelasting op een geluidgevoelig gebouw moet worden getoetst aan de in de wet opgenomen geluidnormen. Op het bepalen van het geluidaandachtsgebied zijn de bij ministeriºle regeling gestelde rege ls van toepassing. Binnen het overgangsrecht dat nu geldt, geldt voor een 30km/u weg 100 m en een 60 km/u weg 200 m vanaf de as van de weg waarbinnen akoestisch onderzoek nodig is. Dit is aan de orde voor woningbouwlocaties Tuk (Noord en Midden).

Vooruitlopend op het akoestisch onderzoek kan op basis van de gecumuleerde geluidskaart (Atlas leefomgeving) in grote lijnen worden ingeschat wat het effect van geluid op de haalbaarheid van woningbouw in Tuk is. Op de geluidskaart is te zien dat de N334 en het spoor een belangrijke bron van geluid zijn. Voor woningbouw is de (maximale) grens van 50 dB van belang; bij een lagere geluidsbelasting zou normaliter woningbouw mogelijk zijn. Binnen Tuk Noord is het geluid in het gehele plangebied boven deze 50 dB en daarmee een belangrijke beperkende factor. De contour van 55 dB rijkt tot halverwege het plangebied, terwijl grote delen ook een belasting hebben van meer dan 60 dB. Dat betekent dat het waarschijnlijk is dat er - naast het houden van afstand tot de weg zoals nu in het schetsplan is opgenomen - aanvullende maatregelen nodig zijn (in de inrichting van het landschap en/of bij de bouw van de woningen). Naar aanleiding van het uit te voeren akoestisch onderzoek moeten de maatregelen worden geformuleerd. Voor Tuk Midden geldt dat de geluidsbelasting door wegverkeer ook ver het plangebied in rijkt en dus ook beperkend werkt. Ook hier geldt daarom dat er maatregelen benodigd zullen zijn. In het schetsplan van BVR is om die reden al rekening gehouden met een geluidsscherm.

Voor woningbouw in Tuk Noord en Midden en de bijbehorende wijziging van het omgevingsplan is akoestisch onderzoek nodig. Naast stedenbouwkundige maatregelen zijn eventueel aanpassingen aan de woningen mogelijk. Dit kan bijvoorbeeld door geluidsluwe gevels, geluidsisolatie of andere technische maatregelen. Mocht het met de aanvullende maatregelen niet haalbaar zijn om de geluidsbelasting te reduceren tot de voorkeurswaarde, dan kan het college van B&W met een besluit hogere waarde een hogere geluidsbelasting dan de norm toestaan. 3.5.5 Verkeer en parkeren Het toevoegen van woningbouw in Tuk betekent ook een groei van auto- en fietsverkeer in het gebied. Dit zal ook betekenen dat het omliggende wegennet intensiever gebruikt gaat worden.

Tuk Noord en Tuk Midden worden op een andere wijze ontsloten. In de | voor parkeren bij nieuwbouwontwikkelingen en functiewijzigingen. stedenbouwkundige opzet voor Tuk Noord wordt gebruik gemaakt van | Basisgedachte is dat elke initiatiefnemer van een bouwplan of een de Tukseweg en wordt aangetakt op De Heerlijkheid, van waar het | functiewijziging zelf verantwoordelijk is voor het oplossen van zijn eigen verkeer door de kern van Tuk wordt weggeleid. Voor Tuk Midden geldt | parkeerbehoefte. Het uitgangspunt is dat een bouwplan geen extra dat deze wordt ontsloten via de Oldemarktsweg, vanaf waar het | druk op de parkeersituatie in de bestaande openbare ruimte legt. Dat linksaf kan slaan richting de provinciale weg N334 of rechtsaf richting | betekent ook dat eventuele parkeerplekken die verloren gaan worden Tuk en het centrum van Steenwijk. | gecompenseerd. In het kader van de stadsvisie voor Steenwijk is medio 2025 door | Dat laatste is voor Tuk niet het geval; er zijn op dit moment geen Goudappel Coffeng de verkeersafwikkeling van autoverkeer in de | parkeerplekken te vinden in het plangebied. Om de parkeerbehoefte te gehele stad in 2050 onderzocht. Hierbij is gekeken naar zowel | bepalen voor de woningbouw hanteert de gemeente parkeernormen.

autonome groei als groei door het toevoegen van circa 1.500 woningen | Deze verschillen per locatie (centrum, rest bebouwde kom en op verschillende locaties. EØn van die locaties is de woningbouwlocati e | buitengebied) en per type woning (koop, huur, vrijstaand, tussen, van Tuk. Uit dit onderzoek blijkt dat er mede door de woningbouw een | appartement, etc.). De parkeernorm varieert daarom van 1,0 tot 1,9 per behoorlijke extra druk ontstaat op de N334. Door een aantal specifieke | woning. Voor het buitengebied staat voor vrijstaande koop een norm verkeersmaatregelen in de stad worden negatieve gevolgen (ten | van 2,0 parkeerplaatsen per woning. opzichte van de autonome groei) echter volledig gemitigeerd. Denk hierbij aan het aanleggen van een nieuwe verbindingsweg tussen de | In Tuk Noord zijn naar verwachting 130-150 parkeerplekken benodigd, in Productieweg-Woldmeentherand, het aanleggen van een aantal | Tuk Midden zijn dat er 330-350. Het exacte aantal hangt af van keuzes rotondes (kruispunt Gagelsweg-Schansweg en Gagelsweg- | met betrekking tot het woningbouwprogramma. Middenweg), instellen van ØØnrichtingsverkeers in het centrum en het verlagen van de snelheid naar 30km/u op diverse wegen.

| 3.5.6 | Luchtkwaliteit In het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) zijn vanuit het Rijk Op het lokale schaalniveau van Tuk wordt aangeraden om in het kader | luchtkwaliteitsnormen vastgesteld waaraan ruimtelijke ontwikkelingen van de wijziging van het omgevingsplan, een verkeerskundig onderzoek | worden getoetst. De belangrijkste stoffen waarnaar wordt gekeken uit te voeren. | zijn fijnstof (PM10) en stikstofdioxide (NO2). De maximale jaargemiddelden liggen voor beide stoffen op 40 µg/m3. Aanvullend aan Parkeren | de wettelijke normen zijn er ook advieswaarden vanuit de WHO (in Een ander aandachtspunt bij woningbouw is de parkeerbehoefte die | 2021 vastgesteld). Deze liggen een stuk lager, namelijk 15 µg/m3 als het ontstaat voor bewoners en bezoekers. De gemeente Steenwijkerland | gaat om fijnstof en 10 µg/m3 bij stikstofdioxide. bepaald op basis van de nota parkeernormen 2015 de uitgangspunten 47

48 Op de luchtkwaliteitskaart van het Rijksinstituut Volksgezondheid en Milieu is te zien dat de luchtkwaliteit voor de locatie van Tuk (en heel Steenwijk) ruim voldoet aan de gestelde normen uit het Besluit kwaliteit leefomgeving en ook voldoen aan de normen zoals die worden geadviseerd vanuit de WHO. De luchtkwaliteit zorgt daarom niet voor een belemmering voor woningbouw. De luchtkwaliteit vormt geen belemmering voor de gebiedsontwikkeling binnen het plangebied. 3.5.7 Spuitzones Ter bescherming van de gewassen wordt bij landbouw veelal gewerkt met gewasbeschermingsmiddelen. Deze leveren bij winddrift een mogelijke impact op gezondheid, waardoor in het algemeen belang een minimale afstand van 50 meter wordt aangehouden vanaf agrarische gronden (waar bij recht gewassen mogen worden verbouwd) tot woon- en verblijfslocaties. Het is voor dit zoekgebied niet bekend of er wordt gewerkt met gewasbeschermingsmiddelen binnen 50 meter. Hier moet nader onderzoek naar worden gedaan. Indien dit wel het geval is zijn er drie opties: 1) De woon- en verblijfslocaties kunnen in het stedenbouwkundig plan voor Tuk buiten de spuitzone worden gepositioneerd. 2) Er kan worden overeengekomen op een deel van een agrarisch perceel niet te spuiten. In dit geval moet rekening worden gehouden met nadeelcompensatie. 3) De spuitzone kan worden verkleind door inpassing van groen.

Een struweelhaag van 3m breed en 2,4m hoog laat de zone krimpen tot 30m en een groenblijvende haag tot 20m. Het plangebied van Tuk wordt aan de west en zuidzijde omringt door agrarische gronden waarop potentieel gewasbeschermingsmiddelen gebruikt kunnen worden. De overlap met het plangebied is vanwege de provinciale weg die er nog tussen ligt relatief beperkt. In de schetsen van BVR blijft de woningbouw buiten de contouren. In Tuk Noord wordt vanwege geluid afstand gehouden tot de provinciale weg en daarmee ook tot de agrarische gronden. Datzelfde geldt voor Tuk Midden, waarbij tevens wordt overwogen om een geluidsbarriŁre te realiseren (waarmee de spuitzone verkleind wordt). De verwachting is daarom dat de regelgeving rondom spuitzones geen beperking is voor de haalbaarheid van woningbouw in Tuk. Spuitzones zorgen voor slechts een kleine beperking voor woningbouw in Tuk door de aangrenzende provinciale weg die voor een buffer zorgt tot agrarische percelen (mits na wijziging van het omgevingsplan voor het gehele plangebied geen agrarisch gebruik mogelijk wordt gemaakt). Deze kunnen met stedenbouwkundige maatregelen (meer afstand houden en/of inpassen van groen) worden gemitigeerd. 3.5.8 Netcongestie Binnen het transport van elektriciteit wordt een scheiding gemaakt tussen het hoogspanningsnet en middenspanningsnet.

Het hoogspanningsnet wordt onderhouden door Tennet en transporteert elektriciteit vanaf 110.000 volt. Grote energieverbruikers en zware industrie worden meestal direct aan het hoogspanningsnet aangesloten. Het middenspanningsnet in Steenwijk wordt onderhouden door RENDO.

49 In het document ‘’Netbewuste Nieuwbouw’’, wat mede opgesteld is door Netbeheer Nederland, worden 7 kernprinicipes benoemd omtrent netbewuste (woning)bouw. Deze principes zijn met name gericht op het ontlasten van het middenspanningsnet door lokale consumptie te stimuleren en vraag en piekbelasting te verminderen. 1. Gebiedsaanpkak: Het integreren van bouw en energie- infrastructuur op gebiedsniveau door het samenwerken van netbeheerders, gemeenten en projectontwikkelaars.’ 2. Warmte: Collectieve warmteoplossingen zoals warmtenetten en het beperken van piekbelasting door slimme aansturing en buffervaten. 3. Elektrisch laden: het aantal auto’s in een gebied verminderen en het stimuleren van laden buiten daluren met slimme laadpunten om piekbelasting te voorkomen. 4. Duurzame lokale opwek: directe consumptie van zonne-energie. Het terug leveren van energie beperken. 5. Koude: Passieve koeling door de oriºntatie van gebouwen en zonwering. 6. Opslag: Het stimuleren van thermische en elektrische opslag, zoals wijkbatterijen en warmtebuffers, als middel tegen congestie 7. Slimme sturing: Pieken vermijden door het integreren van technologische innovatie (slimme meters en algoritmes). Hoogspanningsnet In heel Overijssel is sprake van netcongestie op het hoogspanningsnet, er is of te veel vraag of te veel aanbod aan stroom.

Als gevolg hiervan kunnen er geen nieuwe aansluitingen op het hoogspanningsnet worden gerealiseerd, of zijn de wachttijden hiervan er erg lang. Ook de gemeente Steenwijkerland kampt hiermee. Hierbij moet rekening gehouden worden met een wachttijd van minstens 1 jaar. Ook kunnen er geen zonneparken en windmolens aangesloten worden op het net. Dit geldt voor het gehele plangebied. Volgens de pMIEK (provinciaal Meerjarenprogramma Infrastructuur, Energie en Klimaat) Overijssel heeft uitbreiding van het hoogspanningsnet in Steenwijk geen prioriteit in vergelijking met andere uitbreidingen. Het congestiemanagement onderzoek Overijssel van TenneT geeft aan dat grootverbruikers in de gemeente Steenwijkerland pas in 2035 aangesloten kunnen worden aan het hoogspanningsnet. Hierdoor kunnen grootgebruikers rekenen op een wachttijd van minimaal een jaar. Per 1 oktober 2024 hebben bedrijven en instellingen die werk doen met maatschappelijk belang voorrang op de wachtlijst voor nieuwe aansluitingen. Dit geldt met name voor zorginstellingen, veiligheidsdiensten en onderwijs. Middenspanningsnet Echter is ook te zien dat op het middenspanningsnet in het gehele gebied in en rondom Steenwijk voor zowel afname als teruglevering ruimte op het net is. Woonwijken worden aangesloten aan het middenspanningsnet, waar in Steenwijk nog geen sprake is van netcongestie.

RENDO geeft aan verzoeken voor nieuwe aansluitingen binnen 26-52 weken te verwerken. De snelheid van de aansluitingsverwerking hangt af van verschillende complexiteitsfactoren, zoals technische aansluitmogelijkheid, grondeigenschap en uitvoeringscomplexiteit. Ondanks de wachttijd maakt de beschikbaarheid op het middenspanningsnet Steenwijk tot een geschikte locatie voor het realiseren van woningbouwprojecten. Bij realisatie is het echter wel van belang om de bouwstenen uit ‘Netbewuste Woningbouw’ mee te nemen om de druk van het plangebied op het middenspanningsnet te verlagen.

50 Ook hoogbouw en elektrificatie van de woonwijk is tot op bepaalde hoogte te realiseren in Tuk. Een aanzienlijk deel van de woningen kan voorzien worden van een laadpaal en warmtepomp zonder dat het middenspanningsnet te zwaar belast wordt. Echter is dit niet mogelijk op volledige wijkschaal. Steenwijk is in tegenstelling tot een groot deel van de provincie Overijssel, een geschikte bouwlocatie omdat het middenspanningsnet nog niet te maken heeft met congestie. Netbewust Bouwen houdt de druk op het middenspanningsnet laag. Er zit wel een beperking op de hoeveelheid woningen die volledig geºlektrificeerd kunnen worden.

51 Externe veiligheid Op deze kaart zijn elementen die van belang zijn in het kader van externe veiligheid gevisualiseerd. Langs het plangebied loopt een persleiding (gas). Daarbij horen een PR-contour (10-8) en een brandaandachtsgebied. Daarnaast is er de spoorlijn met een brandaandachtsgebied (gestreept), explosieaandachtsgebied en gifwolkaandachtsgebied.

52 Bedrijven en milieuzonering Op deze kaart zijn nabijgelegen bedrijven en omliggende gronden en bijbehorende milieuzonering in de omgeving van Tuk getoond. Het gaat om bedrijven en gronden met een milieucontour van 10 meter, 50 meter, 100 meter en 200 meter.

53 Geluidskaart Op deze kaart wordt globaal gevisualiseerd hoeveel geluid (in dB per etmaal (Lden)) verschillende bronnen bij elkaar opgeteld veroorzaken. Het gaat hier om het gemiddelde geluidsniveau per jaar van wegverkeer, treinverkeer, vliegtuigen, industrie en windturbines.

54 Luchtkwaliteit Op deze kaart is gevisualiseerd hoeveel stikstofdioxide (NO2) er gemiddeld in de lucht zat in Nederland in 2023. Met blauwtinten wordt aangegeven waar de luchtkwaliteit voldoet aan de normen uit het Bkl en WHO. In geeltinten zijn overschrijdingen van de geadviseerde normen van de WHO aangegeven, maar voldoet de lucht aan het Bkl.

55 Spuitzones Op deze kaart zijn vanuit de agrarische gronden (waarop potentieel gewassen kunnen worden verbouwd) rondom het plangebied van Tuk een buffer van 50 meter geprojecteerd.

56 Capaciteitskaart regionale netbeheerders (afname) Op deze kaart is regionaal gevisualiseerd in hoeverre er ruimte is voor afname van het middenspanningsnet (van regionale netbeheerders). Er wordt onderscheid gemaakt tussen gebieden waar transportcapaciteit beschikbaar is zonder wachtrij (wit), transportcapaciteit beperkt beschikbaar zonder wachtrij, in onderzoek met wachtrij en tekort aan transportcapaciteit met wachtrij.

57 Hoofdstuk 4 Sterkte-zwakte analyse

58 4. Sterkte-zwakte analyse De locatie is getoetst op de in deze scan genoemde onderwerpen en aan de zes bouwstenen uit het afwegingskader wonen en werken Steenwijk 2040. Grootste locatie specifieke sterktes en kansen ▪ De locatie ligt gunstig wat betreft nabijheid van voorzieningen van het centrum en het station op fietsafstand. ▪ De ontsluiting van Tuk Midden sluit aan via de Oldemarktseweg op de N334. ▪ De hoge ligging is gunstig in relatie tot water en bodem gestuurd bouwen. Grootste locatie specifieke zwaktes en bedreigingen ▪ In de nabije omgeving is een mestbassin (Tuk Midden) en een dierenasiel (Tuk Noord). Dit heeft invloed op de hindercirkels waarbuiten gebouwd mag worden. ▪ De ontsluiting van Tuk Noord wordt afgewikkeld via het dorp Tuk. Algemene risico’s ▪ Elke ontwikkeling kent een risico op maatschappelijke weerstand met risico op bezwaar en beroep. ▪ De investeringscapaciteit van met name de woningbouwcorporaties voor het sociale segment kan beperkend zijn. ▪ Stikstofdepositie een momenteel risico voor elk bouwproject in Nederland, dus ook in Tuk. Financiºl e kansen en risico’s De financiºle haalbaarheid is separaat uitgewerkt, gerelateerd a an de ontwerpen uit de visie. Dit ontwerp kan nog bijgesteld worden wat dan invloed zal hebben op het financiºle resultaat.

59

60 Bijlage(n)

61 Bijlage 1 – Benodigde onderzoeken bij de ontwikkeling Thema  Onderzoeken Tuk Woningbouw Doel  Verplicht / aanbevolen Toelichting  Urgentie Archeologie & cultuurhistorie Archeologisch bureauonderzoek Aanwezigheid van archeologische waarden vaststellen op basis van historische gegevens. Verplicht Benodigd voor de wijziging van het omgevingsplan. Middel Archeologisch veldonderzoek Aanwezigheid van archeologische waarden vaststellen op basis van veldonderzoek en/of proefsleuven. Mogelijk benodigd Mogelijk benodigd wanneer uit archeologisch bureauonderzoek blijkt dat er een reºle kans bestaat dat archeologische waarden (sporen, objecten of structuren) in de bodem aanwezig zijn en deze kunnen worden verstoord. Laag Cultuurhistorisch onderzoek Inventariseren van cultuurhistorische waarden in de omgeving Verplicht Benodigd voor de uitwerking van het stedenbouwkundig- en inrichtingsplan voor de woningbouw en in een later stadium voor wijziging van het omgevingsplan. Hoog Bodem (Verkennend en/of nader) Bodemonderzoek Vaststellen of bodemkwaliteit (evt. verontreiniging) geschikt is voor activiteit wonen Verplicht  Voor ruimtelijke plannen en vergunningaanvragen (NEN 5740, 5707); in het kader van de wijziging van het omgevingsplan uitvoeren.

Middel Geotechnisch onderzoek (sonderingen) Inzicht in opbouw bodem, draagkracht ondergrond voor fundering Verplicht  Uitvoeren na vaststelling van het omgevingsplan en vooruitlopend op de aanvraag van de bouwvergunningen, optioneel bij ontwikkelende/bouwende partijen. Laag Water Waterhuishoudkundig onderzoek/Watertoets Inzicht in grondwater, afwatering, effecten op waterbeheer Verplicht  In het kader van de verdere uitwerking van het stedenbouwkundig plan en het inrichtingsplan uitvoeren om met het waterschap tot overeenstemming te komen over randvoorwaarden met betrekking tot waterbeheer. Hoog

62 Woon- en leefklimaat Geluidsonderzoek Toetsing plan aan normen geluidhinder (weg/spoor/industrie) Verplicht  Benodigd voor de wijziging van het omgevingsplan voor geluidsgevoelige gebouwen zoals woningen (op grond van art. 5.10 Ow, art. 4.8-4.15 Bkl). Middel Luchtkwaliteitsonderzoek Toetsing aan normen voor fijnstof/NO₂, invloed van ontwikkeling op omgeving en vice versa (externe/interne werking) Aanbevolen Niet verplicht, maar in het kader van zorgvuldige afweging kwaliteit leefomgeving wel aanbevolen (op grond van art. 5.10 Ow, art. 5.4-5.6 Bkl). Laag Locatiespecifiek onderzoek spuitzones Onderzoek naar invloed van gebruik van gewasbescherming op gevoelige objecten (woningen) en eventuele mitigerende maatregelen Verplicht Benodigd voor de wijziging van het Omgevingsplan. Middel Externe veiligheid Beoordelen of nieuwe gevoelige objecten (woningen) voldoende beschermd zijn tegen risico’s van gevaarlijke stoffen of risicovolle activiteiten in de omgeving Verplicht Benodigd voor de wijziging van het Omgevingsplan, ook nodig voor het benoemen van specifieke voorwaarden bij de verlening van bouwvergunningen in een later stadium. Middel Verkeersonderzoek Effect op verkeersveiligheid, doorstroming, parkeren Aanbevolen Benodigd voor de wijziging van het Omgevingsplan, ook nodig om uitkomsten goed mee te nemen in de uitwerking van het stedenbouwkundig plan en het inrichtingsplan.

Middel Verkennend NGE-onderzoek Inzicht in de (potentiºle) aanwezigheid van ontplofbare oorlogsresten in het plangebied Aanbevolen Eerst historisch vooronderzoek en als blijkt dat de aanwezigheid niet is uitgesloten dan detectieonderzoek. Dat laatste wordt niet verwacht. Benodigd voor de wijziging van het Omgevingsplan. Niet verplicht volgens de Omgevingswet, maar in het kader van de zorgplicht wel wenselijk om dit uit te sluiten. Laag

63 Ecologie Ecologische quickscan Inzicht in (potentiºle) effecten op beschermde soorten, soortenbescherming Verplicht  Benodigd voor de wijziging van het omgevingsplan en voor vergunningsaanvragen (maximale houdbaarheid van het onderzoek is 3 jaar). MIddel Ecologische voortoets (incl. Aerius-berekening en hydrologisch deel) Inzicht in (potentiºle) effecten op beschermde natuurgebieden, gebiedsbescherming Verplicht  Benodigd voor de wijziging van het omgevingsplan, maar in verband met impact op haalbaarheid (met name stikstof-effecten) op woningbouw essentieel om op korte termijn uit te voeren. NB: belangrijk dat onderzoek bij vaststelling gebaseerd is op meest actuele Aerius-model. Hoog Passende beoordeling Inzicht in potentiºle significante negatieve gevolgen voor Natura 2000- gebieden Mogelijk benodigd Benodigd wanneer uit de hiervoor beschreven ecologische voortoets blijkt dat negatieve gevolgen op Natura 2000-gebieden niet uitgesloten kunnen worden. De verwachting is dat dit onderzoek zeker benodigd gaat zijn voor de woningbouwontwikkeling (art. 8.80 Omgevingswet). Middel Milieueffecten Plan-MER Inzicht en strategische afweging over potentiºle significante milieu-effecten Mogelijk benodigd Benodigd wanneer voor de woningbouwontwikkeling ook een Passende Beoordeling opgesteld moet worden (art 16.32, lid 1, sub b, Omgevingswet).

Middel Project-mer-beoordeling Inzicht in potentiºle significante negatieve milieueffecten als een gevolg van definitieve plan Verplicht  Op grond van het Besluit milieueffectrapportage geldt voor stedelijke ontwikkelingsprojecten dat de milieueffecten in beeld gebracht moeten worden (Bijlage 2, onderdeel D, categorie D11.2). Voor ontwikkelingen kleiner dan 2.000 woningen en <100 hectare geldt een m.e.r.-beoordelingsplicht. Middel

Ruimtewerk Thorbeckegracht 39 8011 VN Zwolle 038 425 43 21 info@ruimtewerk.nl

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Paginanummers tellen de pagina's van het PDF, niet de nummers die op de pagina's gedrukt staan. Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://steenwijkerland.bestuurlijkeinformatie.nl/Document/LoadAgendaItemDocument/bf198f63-0861-4766-a7aa-874863d7e07a?agendaItemId=010ac8d2-e21a-486d-bc3b-183313163d65