CConstaterende datSteenwijkerland
Koppel je AI →
Document · PDF

Bestemmingsplan Onna - Onnase Doodweg 2 - Trafostation Steenwijk-Onna .pdf

Politieke Markt 22 september 2021, gemeente SteenwijkerlandBij agendapunt: Vaststellen gewijzigd bestemmingsplan Onna, Onnase Doodweg 2 - trafostation Steenwijk - Onna14.478 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Bestemmingsplan Onna - Onnase Doodweg 2 - Trafostation Steenwijk-Onna (vastgesteld) 28 Gemeente Steenwijkerland 5.3.3 Conclusie Vanuit het aspect natuur is het plan uitvoerbaar en er is sprake van een goede ruimtelijke ordening. Er is geen ontheffing of vergunning op grond van de Wet natuurbescherming noodzakelijk. Voor het kappen van bomen binnen het plangebied wordt een melding gedaan bij de Gedeputeerde Staten van de provincie Overijssel. Indien noodzakelijk wordt er ook een vergunning bij de gemeente Steenwijkerland aangevraagd. 5.4 Externe veiligheid 5.4.1 Toetsingskader Het Besluit externe veiligheid inrichtingen (Bevi) is bedoeld om mensen in de buurt van een bedrijf met gevaarlijke stoffen, of een gevaarlijke inrichting, te beschermen. Bij een omgevingsvergunning milieu of een ruimtelijk besluit rond zo'n bedrijf moet het bevoegd gezag rekening houden met veiligheidsafstanden ter bescherming van individuen (plaatsgebonden risico) en groepen personen (groepsrisico). 5.4.2 Onderzoek Voor een transformatorstation zijn er geen effecten vanuit externe veiligheid waaraan getoetst moet worden. Een transformatorstation is geen inrichting die onder het Bevi valt, dus geen risicovolle inrichting. Een transformatorstation is ook geen kwetsbaar object. In de omgeving van het transformatorstation zijn ook geen risicobronnen aanwezig.

Onderzoek, dan wel een nadere toetsing op het gebied van externe veiligheid, is dan ook niet nodig. 5.4.3 Conclusie Vanuit het aspect externe veiligheid is er sprake van een goede ruimtelijke ordening. 5.5 Cultuurhistorie en archeologie 5.5.1 Toetsingskader Op 16 januari 1992 is in Valletta (Malta) het Europees Verdrag voor de bescherming van het archeologisch erfgoed (Verdrag van Malta) ondertekend. Het Verdrag van Malta voorziet in bescherming van het Europees archeologisch erfgoed onder meer door de risico's op aantasting van dit erfgoed te beperken. De Erfgoedwet, die per 1 juli 2016 de Monumentenwet 1988 heeft vervangen, vormt het kader voor de bescherming van het cultureel erfgoed. Onder cultuurhistorie worden aanwezige archeologische waarden verstaan, maar ook overige cultuurhistorische waarden zoals historisch landschap, beschermende stads- en dorpsgezichten en monumenten. 5.5.2 Onderzoek Archeologie De gemeente Steenwijkerland beschikt over een archeologische waarden- en beleidskaart. Volgens de gemeentelijke beleidskaart ligt het plangebied in een zone met een hoge archeologische verwachting. Om de archeologische waarden te beschermen heeft het plangebied in de beheersverordening de dubbelbestemming 'Waarde - Archeologie 2' gekregen. Hieruit volgt een onderzoeksplicht voordat er gebouwd mag worden of voordat er werkzaamheden uitgevoerd mogen worden.

Door ArcheoPro is een bureaustudie en een Inventariserend Veldonderzoek Overig (IVO -O) uitgevoerd. De bureaustudie heeft als doel om op basis van beschikbare informatie te komen tot een gespecificeerd archeologisch verwachtingsmodel. Inventariserend Veldonderzoek heeft vervolgens als doel om het verwachtingsmodel te toetsen door middel van veldwaarnemingen. Aan de hand van de resultaten kan worden vastgesteld of binnen het plangebied daadwerkelijk archeologische waarden aanwezig (kunnen) zijn en of deze vervolgonderzoek vereisen. Bestemmingsplan Onna - Onnase Doodweg 2 - Trafostation Steenwijk-Onna Gemeente Steenwijkerland 29 Binnen het plangebied zijn zes boringen gezet in een dichtheid van ruim twintig boringen per hectare en is tevens een molshopenkatering uitgevoerd. Uit de resultaten van het booronderzoek blijkt dat de bodem binnen het plangebied van nature in een zone ligt waarin bodemwater in contact komt met zuurstof. De bodem binnen het plangebied is zodanig verstoord door bodemverbeteringswerkzaamheden die in de laat negentiende- of twintigste eeuw hebben plaatsgevonden dat er geen archeologische indicatoren zijn aangetroffen. Ook uit inspectie van de molshopen en het zeven van het opgeboorde zand zijn geen archeologische sporen aangetroffen. De resultaten van het onderzoek geven geen aanleiding voor archeologisch vervolgonderzoek.

Het rapport is opgenomen als Bijlage 4. Op basis van de uitkomsten van het uitgevoerde onderzoek heeft de gemeentelijk archeoloog de gronden vrijgegeven. De dubbelbestemming 'Waarde - Archeologie 2' komt hiermee te vervallen. Cultuurhistorie De provincie Overijssel beschikt over een Cultuurhistorische waardenkaart. De gemeente Steenwijkerland beschikt over een veelheid aan cultuurhistorische elementen. In de kernen ligt een groot aantal rijksmonumenten en gemeentelijke monumenten. Door de grote afstand van het plangebied tot de kernen is er geen sprake van effect op de beschermde monumenten. De Meppelerweg op 400 meter ten noordoosten van het plangebied is aangewezen als historische infrastructuur. De historische dorpskern van Steenwijk ligt op een afstand van meer dan 400 meter. In en rondom de nabije omgeving van het plangebied zijn geen cultuurhistorische waarden zoals historisch landschap, beschermde stads- en dorpsgezichten en monumenten aanwezig. 5.5.3 Conclusie Vanuit het aspect archeologie en cultuurhistorie is er sprake van een goede ruimtelijke ordening. 5.6 Overig 5.6.1 Elektrische en magnetische velden Toetsingskader Elektrische, magnetische en elektromagnetische velden komen overal voor. Bekende natuurlijke vormen zijn UV-straling (zon), infrarode straling (warme voorwerpen) en zichtbaar licht.

Elektromagnetische velden (EMV) zijn ook aanwezig bij bijvoorbeeld huishoudelijke elektrische apparaten, zoals de magnetron en de stofzuiger, en bij het transport van elektriciteit over lange afstanden (via hoogspanningsverbindingen). De sterkte van deze velden neemt sterk af wanneer de afstand tot de bron groter wordt. Er zijn geen wettelijke afstandseisen vastgesteld voor deze zwakkere magnetische velden. Voor bovengrondse hoogspanningslijnen wordt geadviseerd om kinderen niet langdurig te laten verblijven in een gebied rond bovengrondse hoogspanningslijnen waarbinnen het jaargemiddelde magneetveld hoger is dan 0,4 microtesla (uT). Langdurig wil in dit geval zeggen: gedurende minimaal een jaar met een verblijftijd van minimaal circa 14 tot 18 uur per dag. Voor transformatorstations en ondergrondse kabels is deze streefwaarde niet van toepassing. Onderzoek Door Peutz is een onderzoek uitgevoerd naar de magneetveldcontouren in de huidige situatie en in de toekomstige situatie (zie Bijlage 5). Hoewel de streefwaarde van 0,4 microtesla niet van toepassing is op transformatorstations en ondergrondse leidingen is, op grond van het voorzorgsbeginsel, de ligging van de 0,4 uT-magneetveldcontour bepaald. Bij het bepalen van de magneetveldsterkte in de toekomstige situatie is uitgegaan van de worst-case situatie. Hierbij wordt uitgegaan van de fysiek maximaal haalbare stroomsterkte.

In de praktijk zal sprake zijn van lagere stroomsterkten en daarmee lagere magneetveldsterkten. In Figuur 5.5 is de magneetveldcontour van 0,4 microtesla weergegeven in de huidige situatie en in de toekomstige situatie. Bestemmingsplan Onna - Onnase Doodweg 2 - Trafostation Steenwijk-Onna (vastgesteld) 30 Gemeente Steenwijkerland Figuur 5.5 Magneetveldcontour 0,4 uT huidige en toekomstige situatie [bron: Peutz] De afstand van de grens van het transformatorstation tot de dichtstbijzijnde woning bedraagt circa 183 meter. Andere woningen liggen op grotere afstand, zie Figuur 3.5. De woningen zijn gelegen ruim buiten de magneetveldcontour van 0,4 microtesla zowel in de huidige situatie als in de toekomstige situatie. Doordat de berekening worst-case is uitgevoerd zullen de contouren in de praktijk kleiner zijn en het grootste deel van het jaar zelfs binnen de grenzen van het terrein zijn gelegen. Conclusie Vanuit het aspect elektrische en magnetische velden is er sprake van een goede ruimtelijke ordening. 5.6.2 Waterhuishouding Toetsingskader Het klimaat verandert en zal de komende decennia grotere extremen laten zien. Voor de waterschappen is dit een belangrijke ontwikkeling. Waterbeheerders moeten niet all een meer aandacht besteden aan heftige pieken in de waterafvoer in de zomer en hogere afvoer in de winter, maar ook aan de drogere perioden daartussenin.

Maatregelen zijn nodig in het watersysteem en in de ruimtelijke ordening. Bestemmingsplan Onna - Onnase Doodweg 2 - Trafostation Steenwijk-Onna Gemeente Steenwijkerland 31 Water en ruimtelijke ordening hebben met elkaar te maken. Enerzijds is water één van de ordenende principes in de ruimtelijke ordening en kan daarmee beperkingen opleggen aan het ruimtegebruik. Anderzijds kunnen ontwikkelingen in het ruimtegebruik ongewenste effecten hebben op de waterhuishouding. Een goede afstemming tussen beide is derhalve noodzakelijk om problemen zoals wateroverlast, slechte waterkwaliteit, verdroging, etc. te voorkomen. In het kader van de Wet ruimtelijke ordening (Wro) is het verplicht ruimtelijke plannen te toetsen op water, de zogenaamde watertoets. De watertoets is geregeld in de artikelen 3.1.1 en 3.16 van het Besluit ruimtelijke ordening. De watertoets is een waarborg voor water in ruimtelijke plannen en besluiten. Onderzoek Het plangebied ligt in het beheersgebied van waterschap Drents Overijsselse Delta. Het beleid van het waterschap staat beschreven in het waterbeheerplan 2016-2021. Oppervlaktesysteem Binnen het plangebied is geen oppervlaktewater aanwezig volgens de legger van het waterschap (zie figuur 5.6). Ten noorden en oosten van het plangebied ligt een schouwsloot. De sloot staat niet op de legger van het waterschap en is geen primaire of secundaire watergang.

Dit betekent dat het waterschap niet verantwoordelijk is voor het onderhoud van de sloten. In de omgeving van het plangebied zijn geen bergingsgebieden of waterwingebieden aanwezig. Figuur 5.6 Uitsnede legger waterschap Drents Overijsselse Delta met plangebied in rood Oppervlaktewaterkwaliteit Nieuwe ontwikkelingen mogen geen verslechtering van de oppervlaktewaterkwaliteit tot gevolg hebben Doordat er gebruikt wordt gemaakt van niet-logende bouwmaterialen wordt uitspoelen van stoffen voorkomen. Uitspoelen van stoffen, en daarna veranderingen van de oppervlaktewaterkwaliteit, wordt daarmee uitgesloten. Bestemmingsplan Onna - Onnase Doodweg 2 - Trafostation Steenwijk-Onna (vastgesteld) 32 Gemeente Steenwijkerland Grondwatersysteem Het grondwatersysteem wordt beïnvloed wanneer realisatie van bebouwing zorgt voor obstructie van de grondwaterstroming (fundering) of een tijdelijke verlaging van het grondwater tijdens de aanleg van de fundatie. Afhankelijk van de uiteindelijke positionering en bijbehorende fundering dient bekeken te worden of er sprake is van tijdelijke grondwateronttrekking tijdens de bouw. Voor de (tijdelijke) bemalingen en grondwateronttrekking (mits voldaan wordt aan randvoorwaarden) geldt een meldingsplicht op basis van algemene regels van de Keur. Hemelwaterafvoer Door het plaatsen van de bebouwing wordt verhard oppervlak gecreëerd.

Bij de afvoer van overtollig hemelwater moet het afstromende hemelwater ter plaatse in de bodem dan wel op het oppervlaktewater worden teruggebracht. Hemelwater mag niet versneld worden afgevoerd richting oppervlaktewater. Het waterschap hanteert voor het omgaan met hemelwater de trits ‘vasthouden – bergen – afvoeren’. Het totale transformatorstation heeft een oppervlakte van 9300 m2. Het bestaande gebouw heeft een oppervlakte van circa 232 m2. Met de uitbreiding wordt een modulair gebouw geplaatst met een oppervlakte van circa 168 m2. Overige verharding bestaat uit twee transformatoren (circa 160 m2) en de toegangswegen naar en op het terrein (circa 1000 m2). De totale verharding betreft circa 1560 m2. Hierdoor is circa 17% verhard en blijft 83% van het transformatorstation onbebouwd. Hierbij moet worden opgemerkt dat de verharding om het modulaire gebouw zal bestaan uit half-verharding. Half-verharding is waterdoorlatend waardoor regenwater kan infiltreren in de bodem. Het water wat afgevoerd moet worden is schoon hemelwater. Er is planologisch voldoende onbebouwd oppervlak op het terrein geregeld om hemelwater ter plaatse te infiltreren in de bodem. Verder zijn er voldoende mogelijkheden om schoon hemelwater af te voeren naar nabijgelegen schouwsloten.

Watertoets In het kader van de watertoets is waterschap Drents Overijsselse Delta geïnformeerd over het plan door gebruik te maken van de digitale watertoets. De watertoets is gedaan op 13 oktober 2020. Het project heeft de korte procedure van de watertoets doorlopen. Dit houdt in dat het waterschap een standaard wateradvies heeft afgegeven in de vorm van een standaard waterparagraaf. Het wateradvies is verwerkt in deze paragraaf. De bestemming en de grootte van het plan hebben een geringe invloed op de waterhuishouding in ruimtelijke zin. Conclusie Vanuit het aspect waterhuishouding is er sprake van een goede ruimtelijke ordening. 5.6.3 Bodemkwaliteit Toetsingskader Op grond van artikel 3.1.6 van het Besluit ruimtelijke ordening dient het bevoegd gezag onderzoek te verrichten naar de bestaande toestand van de bodemkwaliteit en deze te toetsen aan de wenselijke bodemkwaliteit met het oog op de toekomstige ruimtelijke ontwikkeling van het gebied. Uitgangspunt van een goede ruimtelijke ordening is dat de bodemkwaliteit geschikt is voor de beoogde bestemming en de daarin toegestane gebruiksvormen. De Wet bodembescherming (Wbb) is erop gericht bodemkwaliteit te waarborgen of te verbeteren indien nodig. De wet schrijft voor dat eenieder die de bodem verontreinigd verplicht is maatregelen te nemen om deze verontreiniging tegen te gaan.

Voor de realisatie van het bouwwerk zal grondverzet plaatsvinden, waarbij grond (en mogelijk ook asfalt en onderliggend funderingsmateriaal) wordt ontgraven, hergebruikt, toegepast en/of afgevoerd. Bij dergelijke werkzaamheden is het Besluit bodemkwaliteit (hierna: Bbk)1 van toepassing. Het Bbk bevat algemene regels voor het toepassen van grond (en bouwstoffen) en de kwaliteit van toe te passen grond (en bouwstoffen). Onderzoek Het noordelijk deel van het plangebied is in gebruik als transformatorstation. Het zuidelijk deel van het plangebied is momenteel agrarisch in gebruik. Bestemmingsplan Onna - Onnase Doodweg 2 - Trafostation Steenwijk-Onna Gemeente Steenwijkerland 33 In de omgevingsrapportage bodemverontreiniging, opgesteld door de provincie Overijssel, staat dat er voor het plangebied geen informatie is aangetroffen. Op de Bodemfunctieklassekaart 2 van de gemeente Steenwijkerland is het plangebied aangewezen als geschikt voor de functie 'overig'. Deze functie is onder andere geschikt voor landbouw/natuur. Het transformatorstation is geen bodembedreigende activiteit. In het geval van grondverzet door ontgraving en/of toepassing moet er voldaan worden aan hiervoor vastgelegde regels uit het Besluit bodemkwaliteit. Conclusie Vanuit het aspect bodemkwaliteit is er sprake van een goede ruimtelijke ordening.

5.6.4 Luchtkwaliteit Toetsingskader Op 15 november 2007 is een wettelijk stelsel voor luchtkwaliteitseisen van kracht geworden. De hoofdlijnen van deze regelgeving zijn te vinden in hoofdstuk 5, titel 5.2, van de Wet Milieubeheer. Luchtkwaliteitseisen vormen geen belemmering voor ruimtelijke ontwikkelingen indien deze voldoet aan één van deze voorwaarden:  er geen sprake is van feitelijke of dreigende overschrijding van de grenswaarde;  een project, al dan niet per saldo, niet leidt tot een verslechtering van de luchtkwaliteit;  een project 'in niet betekenende mate' bijdraagt aan de luchtverontreiniging;  een project is opgenomen in een regionaal programma van maatregelen of in het NSL, dat in werking treedt nadat de EU derogatie (toestemming) heeft verleend. Van een verslechtering van de luchtkwaliteit ‘in betekenende mate’ is sprake indien zich één van de volgende ontwikkelingen voordoet:  woningbouw: minimaal 1.500 woningen netto bij 1 ontsluitende weg of 3.000 woningen bij 2 ontsluitende wegen;  infrastructuur: minimaal 3% concentratiebijdrage (verkeerseffecten gecorrigeerd voor minder congestie);  kantoorlocaties: minimaal 100.000 m2 bruto vloeroppervlak bij 1 ontsluitende weg, 200.000 m2 bruto vloeroppervlak bij 2 ontsluitende wegen.

Onderzoek Onderhavig plan maakt een ontwikkeling mogelijk dat niet onder één van bovenstaande categorieën onder te brengen is en het is ook geen project dat beschreven staat in het NSL. Geconcludeerd kan worden dat de luchtkwaliteit niet ‘in betekenende mate’ zal verslechteren. Daarom hoeft niet nader op het aspect luchtkwaliteit te worden ingegaan. Conclusie Vanuit het aspect luchtkwaliteit is er sprake van een goede ruimtelijke ordening. Bestemmingsplan Onna - Onnase Doodweg 2 - Trafostation Steenwijk-Onna (vastgesteld) 34 Gemeente Steenwijkerland Hoofdstuk 6 Juridische planbeschrijving 6.1 Algemeen Het bestemmingsplan bestaat uit de plantoelichting, regels en verbeelding. De regels en de verbeelding vormen het juridisch bindende gedeelte van een bestemmingsplan. De verbeelding en de regels moeten altijd in samenhang worden gebruikt. De plantoelichting is bedoeld om de verbeelding en de regels te verduidelijken en om gemaakte keuzes te verantwoorden aan de hand van ruimtelijk beleid. Het bestemmingsplan "Onna - Onnase Doodweg 2 - Trafostation Steenwijk-Onna" maakt een uitbreiding van het bestaande transformatorstation mogelijk. Tevens dient het nieuwe bestemmingsplan rechtszeker, eenvoudig te begrijpen, goed toepasbaar en handhaafbaar te zijn voor de gebruiker.

Met de indeling van het bestemmingsplan zoals de naamgeving van de bestemmingen, opbouw van de regels en de weergave van op de verbeelding wordt aangesloten op landelijk geldende standaarden, onder meer Informatiemodel Ruimtelijke Ordening (IMRO2012) en de Standaard Vergelijkbare Bestemmingsplannen (SVBP2012). 6.2 Bestemmingsregels Algemeen In dit bestemmingsplan is gekozen voor een bestemmingsregeling, waarbinnen alleen datgene dat noodzakelijk is, wordt vastgelegd. Dit houdt het volgende in:  De bedrijfsbestemming, zoals opgenomen in de beheersverordening, van het bestaande transformatorstation is niet afdoende voor de nieuwe ontwikkeling. Er is daarom voor gekozen om een integraal bestemmingsplan op te stellen voor zowel het bestaande deel als de uitbreiding. Overeenkomstig de SVBP2012 is gekozen voor een bedrijfsbestemming specifiek voor een transformatorstation;  De nieuwe bestemming 'Bedrijf - Elektriciteitsvoorziening' is toegekend aan de grond die al reeds in gebruik was als transformatorstation én aan de grond waarop het transformatorstation wordt uitgebreid. Enkelbestemming en dubbelbestemming Bestemming 'Bedrijf - Transformatorstation' Ter plaatse van de bestemming zijn gebouwen en bouwwerken geen gebouwen toegestaan ten behoeve van het transformatorstation. Op het terrein is een bouwvlak opgenomen waarbinnen gebouwen gebouwd moeten worden.

Ook bouwwerken geen gebouw zijnde moeten binnen het bouwvlak gebouwd worden, met uitzondering van erfafscheidingen. Voor het bouwvlak is een maximum bebouwingspercentage en maximum bouwhoogte opgenomen. Het bouwvlak beslaat niet het volledige terrein met de bestemming 'Bedrijf - Transformatorstation' om op die manier te voorkomen dat gebouwen op de kadastrale grenzen worden gebouwd. Ook geeft het zodoende zekerheid dat er voldoende ruimte is voor landschappelijke inpassing. Dubbelbestemming 'Leiding - Hoogspanningsverbinding' De dubbelbestemming en bijhorende planregels zijn overgenomen uit de beheersverordening. Ook de 'hartlijn leiding - hoogspanningsverbinding' is overgenomen uit de beheersverordening. In tegenstelling tot de beheersverordening is de dubbelbestemming 'Leiding - Hoogspanningsverbinding' binnen het bouwvlak van de enkelbestemming 'Bedrijf - Elektriciteitsvoorziening' komen te vervallen. 6.3 Artikelgewijze toelichting bestemmingsregeling Artikel 1 Begrippen De begripsbepalingen uit artikel 1 zijn overgenomen uit de SVBP2012. Bestemmingsplan Onna - Onnase Doodweg 2 - Trafostation Steenwijk-Onna Gemeente Steenwijkerland 35 Artikel 2 Wijze van meten De wijze van meten uit artikel 2 is overgenomen uit de SVBP2012 en de beheersverordening "Buitengebied Steenwijkerland 2014".

Artikel 3 Bedrijf - Elektriciteitsvoorziening Deze bestemming is toegekend aan de grond van het huidige transformatorstation en de grond waarop het transformatorstation wordt uitgebreid. De regeling uit deze bestemming vervangt integraal de onderliggende bestemming uit de geldende beheersverordening "Buitengebied Steenwijkerland 2014". Artikel 4 Leiding - Hoogspanningsverbinding Deze bestemming is overgenomen uit de onderliggende beheersverordening "Buitengebied Steenwijkerland 2014" voor de gronden waarop de nieuwe enkelbestemming 'Bedrijf - Elektriciteitsvoorziening' is voorzien. Echter, binnen het bouwvlak van de enkelbestemming 'Bedrijf - Elektriciteitsvoorziening' is de dubbelbestemming 'Leiding - Hoogspanningsverbinding' komen te vervallen. Artikel 5 Anti-dubbeltelregel Het Bro stelt de verplichting de anti-dubbeltelregel over te nemen in het bestemmingsplan. Deze standaardbepaling heeft als doel te voorkomen dat van ruimte die in een ruimtelijk plan voor de realisering van een bepaald gebruik of functie is mogelijk gemaakt, na realisering daarvan, ten gevolge van feitelijke functie- of gebruiksverandering van het gerealiseerde, opnieuw ten tweede male zou kunnen worden gebruikgemaakt. Artikel 6 Overgangsrecht De bepalingen in artikel 6.1 en 6.2 zijn conform het Bro en SVBP2012 overgenomen.

Het betreft de algemene en wettelijk voorschreven regeling voor het overgangsrecht voor met dit bestemmingsplan strijdige bouwwerken en strijdig gebruik. Artikel 7 Slotregel De slotregel is conform het Bro en SVBP2012 overgenomen en behoeft geen nadere toelichting. Bestemmingsplan Onna - Onnase Doodweg 2 - Trafostation Steenwijk-Onna (vastgesteld) 36 Gemeente Steenwijkerland Hoofdstuk 7 Economische uitvoerbaarheid 7.1 Kostenverhaal Krachtens de Wro, waarin in afdeling 6.4 bepalingen zijn opgenomen betreffende de grondexploitatie, geldt de verplichting tot kostenverhaal in de gevallen die zijn aangewezen in het Bro. Op grond van het Bro is kostenverhaal verplicht in geval van:  de bouw van een of meer woningen en hoofdgebouwen;  uitbreidingen van gebouwen met ten minste 1.000 m2 of met een of meer woningen;  de verbouwing van een of meer aaneengesloten gebouwen die voor andere doeleinden in gebruik of ingericht waren voor woondoeleinden, mits ten minste 10 woningen worden gerealiseerd,  een of meer aaneengesloten gebouwen die voor andere doeleinden in gebruik of ingericht waren bij ingebruikname voor detailhandel, dienstverlening, kantoor of horecadoeleinden, mits de cumulatieve oppervlakte ten minste 1.500 m2 bedraagt;  de bouw van kassen met een oppervlakte van ten minste 1.000 m2.

Het voorliggende bestemmingsplan voorziet in de realisatie van een modulair gebouw en de daarbij behorende voorzieningen. Aangezien hiermee geen sprake is van de bouw van een hoofdgebouw zoals bedoeld in artikel 6.2.1. sub b van het Bro, is kostenverhaal niet verplicht. 7.2 Planschade Bij ruimtelijke ontwikkelingen kan planschade ontstaan. De Wro voorziet in een regeling voor vergoeding van planschade. Op basis van artikel 6.1 Wro wordt aan degene die in de vorm van een inkomensderving of een vermindering van de waarde van een onroerende zaak schade lijdt of zal lijden als gevolg van de wijziging, herziening of afwijking van het bestemmingsplan, tegemoet gekomen, wanneer de schade redelijkerwijs niet voor rekening van de aanvrager behoort te blijven en voor zover de tegemoetkoming niet anderszins is verzekerd. Eventuele planschadekosten komen voor rekening van de initiatiefnemer. Er zal een planschadeovereenkomst worden afgeslote n. 7.3 Financiële uitvoerbaarheid Het project wordt gefinancierd door de initiatiefnemer. De investeringen die daarvoor nodig zijn worden eveneens gedragen door de initiatiefnemer.

Bestemmingsplan Onna - Onnase Doodweg 2 - Trafostation Steenwijk-Onna Gemeente Steenwijkerland 37 Hoofdstuk 8 Maatschappelijke uitvoerbaarheid 8.1 Inleiding Een hoofdstuk maatschappelijke uitvoerbaarheid heeft als doel aan te tonen dat er voor een ruimtelijk plan maatschappelijk draagvlak is. Om te voldoen aan de maatschappelijke uitvoerbaarheid wordt inzicht gegeven in op welke wijze draagvlak is gecreëerd, inspraak is verleend of anderszins de omgeving is geïnformeerd en betrokken bij de planvorming en welke partijen zijn betrokken. 8.2 Contact met omwonenden Er heeft door Enexis veelvuldig contact plaatsgevonden met de werkgroep Zonna. Enexis heeft de werkgroep geïnformeerd over de plannen. Door de werkgroep zijn per mail vragen gesteld die vervolgens door Enexis zijn beantwoord. Verder heeft er op 7 oktober 2020 een informatiebijeenkomst plaatsgevonden in het buurthuis van Onna. De kennisgeving van de informatiebijeenkomst is gepubliceerd in het Zonna journaal en gedeeld met omwonenden van het transformatorstation. In twee aparte sessies zijn omwonenden middels een presentatie geïnformeerd over de voorgenomen plannen voor de uitbreiding van het transformatorstation Steenwijk Onna. In totaal waren circa 35 mensen aanwezig tijdens de informatie-avond. Tijdens de avond was er de mogelijkheid tot het stellen van vragen.

Niet alle vragen konden tijdens de avond worden beantwoord. Na de informatie-avond is de gegeven presentantie per mail gedeeld met de aanwezigen. De vragen die niet direct konden worden beantwoord zijn in de verstuurde presentatie wel beantwoord. 8.3 Ter visie legging Het ontwerpbestemmingsplan heeft gedurende een periode van zes weken ter inzage gelegen. Gedurende deze termijn is aan een ieder de gelegenheid geboden een zienswijze in te dienen. Er zijn gedurende deze periode twee zienswijzen ingediend. Een samenvatting van de zienswijzen en bijbehorende beantwoording is te vinden in Bijlage 7. De zienswijzen hebben geleid tot enkele aanpassingen van het bestemmingsplan ten opzichte van het ontwerp. Ook is er sprake van ambtshalve wijzigingen. De voornaamste wijzigingen van ontwerp naar vaststelling van het bestemmingsplan betreffen:  tekstuele aanpassingen in de toelichting;  het aanpassen van het landschappelijk inpassingsplan;  het wijzigen van de naam van de enkelbestemming in 'Bedrijf - Elektriciteitsvoorziening'. In onderstaande tabel zijn de belangrijkste wijzigingen opgenomen. Na het doorvoeren van de wijzigingen is door TenneT per mail de zienswijze ingetrokken.

Bestemmingsplan Onna - Onnase Doodweg 2 - Trafostation Steenwijk-Onna (vastgesteld) 38 Gemeente Steenwijkerland Tabel 8.1 Staat van wijzigingen Algemeen 1 Versienummer van het bestemmingsplan wordt gewijzigd van ontwerp (ON01) naar definitief (VA01) 2 Het 'Vaststellingsbesluit' wordt toegevoegd aan het bestemmingsplan Toelichting 1 Paragraaf 4.2: er is een nadere toelichting gegeven op de positie van het gebouw en de tweede in- en uitrit. wijziging naar aanleiding van zienswijze 2 Paragraaf 4.3: is aangepast naar aanleiding van wijzigingen in het landschappelijk ontwerp. wijziging naar aanleiding van zienswijze 3 Hoofdstuk 8: deze tabel met de 'staat van wijzigingen' is toegevoegd ambtshalve wijziging Bijlagen bij toelichting 1 Bijlage 6: het landschappelijk inpassingsplan is aangepast wijziging naar aanleiding van zienswijze 2 Bijlage 7: zienswijzennota is toegevoegd ambtshalve wijziging Regels 1 Artikel 1, onder 1.17: het begrip 'elektriciteitsvoorziening' is opgenomen. Navolgende begrippen zijn hernummerd.

wijziging naar aanleiding van zienswijze 2 Artikel 3: de enkelbestemming 'Bedrijf - Transformatorstation' is aangepast naar 'Bedrijf - Elektriciteitsvoorziening' wijziging naar aanleiding van zienswijze 3 Artikel 3: aan de bestemmingsomschrijving is 'een schakeltuin' toegevoegd wijziging naar aanleiding van zienswijze Verbeelding 1 Tekstuele wijziging: 'Bedrijf - Transformatorstation' is aangepast naar 'Bedrijf - Elektriciteitsvoorziening' wijziging naar aanleiding van zienswijze 2 De dubbelbestemming ‘Leiding – Hoogspanningsverbinding’ is binnen het bouwvlak van ‘Bedrijf – Elektriciteitsvoorziening’ komen te vervallen wijziging naar aanleiding van zienswijze Bestemmingsplan Onna - Onnase Doodweg 2 - Trafostation Steenwijk-Onna Gemeente Steenwijkerland 39 Bestemmingsplan Onna - Onnase Doodweg 2 - Trafostation Steenwijk-Onna (vastgesteld) 40 Gemeente Steenwijkerland Bijlagen bij toelichting Bestemmingsplan Onna - Onnase Doodweg 2 - Trafostation Steenwijk-Onna Gemeente Steenwijkerland 41 Bijlage 1 Geluidonderzoek Bestemmingsplan Onna - Onnase Doodweg 2 - Trafostation Steenwijk-Onna (vastgesteld) 42 Gemeente Steenwijkerland Bijlage 2 Natuuronderzoek Bestemmingsplan Onna - Onnase Doodweg 2 - Trafostation Steenwijk-Onna Gemeente Steenwijkerland 43 Bijlage 3 AERIUS-berekening Bestemmingsplan Onna - Onnase Doodweg 2 - Trafostation Steenwijk-Onna (vastgesteld) 44 Gemeente

Steenwijkerland Bijlage 4 Archeologisch onderzoek Bestemmingsplan Onna - Onnase Doodweg 2 - Trafostation Steenwijk-Onna Gemeente Steenwijkerland 45 Bijlage 5 Onderzoek magneetveldcontouren Bestemmingsplan Onna - Onnase Doodweg 2 - Trafostation Steenwijk-Onna (vastgesteld) 46 Gemeente Steenwijkerland Bijlage 6 Landschappelijke inpassing Bestemmingsplan Onna - Onnase Doodweg 2 - Trafostation Steenwijk-Onna Gemeente Steenwijkerland 47 Bijlage 7 Zienswijzennota Bestemmingsplan Onna - Onnase Doodweg 2 - Trafostation Steenwijk-Onna (vastgesteld) 48 Gemeente Steenwijkerland Regels Bestemmingsplan Onna - Onnase Doodweg 2 - Trafostation Steenwijk-Onna Gemeente Steenwijkerland 49 Hoofdstuk 1 Inleidende regels Artikel 1 Begrippen In dit plan wordt verstaan onder: 1.1 plan: het bestemmingsplan "Onna - Onnase Doodweg 2 - Trafostation Steenwijk-Onna" met identificatienummer NL.IMRO.1708.ONNtrafostationBP-VA01 van de gemeente Steenwijkerland; 1.2 bestemmingsplan: de geometrisch bepaalde planobjecten met de bijbehorende regels; 1.3 aanduiding: een geometrisch bepaald vlak of figuur, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels regels worden gesteld ten aanzien van het gebruik en/of het bebouwen van dez e gronden; 1.4 aanduidingsgrens: de grens van een aanduiding indien het een vlak betreft; 1.5 ander bouwwerk: een bouwwerk, geen gebouw zijnde, waaronder silo's, tanks en kranen

(niet zijnde hei - en funderingsmachines); 1.6 archeologische waarde: de aan een gebied toegekende waarde in verband met de in dat gebied voorkomende overblijfselen uit oude tijden; 1.7 bebouwing: één of meer gebouwen en/of bouwwerken geen gebouwen zijnde; 1.8 bestemmingsgrens: de grens van een bestemmingsvlak; 1.9 bestemmingsvlak: een geometrisch bepaald vlak met eenzelfde bestemming; 1.10 bevoegd gezag: bevoegd gezag zoals bedoeld in de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, tenzij de Elektriciteitswet 1998 anders bepaalt; 1.11 bouwen: het plaatsen, het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen en het vergroten van een bouwwerk; 1.12 bouwperceel: een aaneengesloten stuk grond, waarop ingevolge de regels een zelfstandige, bij elkaar behorende bebouwing is toegelaten; 1.13 bouwperceelgrens: een grens van een bouwperceel; Bestemmingsplan Onna - Onnase Doodweg 2 - Trafostation Steenwijk-Onna (vastgesteld) 50 Gemeente Steenwijkerland 1.14 bouwvlak: een geometrisch bepaald vlak, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels bepaalde gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde, zijn toegelaten; 1.15 bouwwerk: een bouwkundige constructie van enige omvang die direct en duurzaam met de aarde is verbonden; 1.16 duurzame energievoorziening: voorziening ten behoeve van het opwekken van energie uit duurzame energiebronnen zoals windkracht, waterkracht en

zonlicht, mest en biomassa. Onder duurzame energievoorzieni ng wordt onder meer verstaan windmolens, -turbines en -wokkels, zonnecollectoren en -panelen; 1.17 elektriciteitsvoorziening: alle gebouwen, bouwwerken en bijbehorende voorzieningen die een functie hebben in het proces van transport, transformatie en distributie van elektrische energie; 1.18 fundering: de ondersteuningsconstructie, welke geheel of gedeeltelijk ondergronds ligt, waarop het gebouw of bouwwerk geplaatst wordt; 1.19 gebouw: elk bouwwerk, dat een voor mensen toegankelijke overdekte, geheel of gedeeltelijke met wanden omsloten ruimte vormt; 1.20 kunstwerken: bouwwerken ten behoeve van verkeersdoeleinden, zoals viaducten, alsmede bouwwerken ten behoeve van de waterhuishouding, zoals dammen, duikers, sluizen, beschoeiingen, remmingswerken, niet zijnde steigers; 1.21 maaiveld: de hoogte van het afgewerkte terrein ter plaatse van een gebouw of bouwwerk, al dan niet na ophoging van de gronden; 1.22 overig bouwwerk: een bouwkundige constructie van enige omvang, geen pand zijnde, die direct en duurz aam met de aarde is verbonden; 1.23 parkeervoorziening: gelegenheid tot parkeren ten behoeve van motorvoertuigen, met uitzondering van garages; 1.24 peil: a. voor gebouwen die onmiddellijk aan de openbare weg grenzen: de hoogte van die weg; b.

in andere gevallen en voor bouwwerken, geen gebouwen zijnde: de gemiddelde hoogte van het aansluitende afgewerkte maaiveld, op het tijdstip van inwerkingtreding van dit plan; 1.25 waterhuishoudkundige voorzieningen: voorzieningen die nodig zijn ten behoeve van een goede wateraanvoer, waterafvoer, waterberging, hemelwaterinfiltratie, en waterkwaliteit. Hierbij kan worden gedacht aan duikers, stuwen, infiltratievoorzieningen, gemalen, inlaten, et cetera; Bestemmingsplan Onna - Onnase Doodweg 2 - Trafostation Steenwijk-Onna Gemeente Steenwijkerland 51 Artikel 2 Wijze van meten Bij de toepassing van deze regels wordt als volgt gemeten: 2.1 de afstand tot de zijdelingse bouwperceelgrens tussen de zijdelingse grenzen van een bouwperceel en enig punt van het op dat bouwperceel voorkomend (hoofd-)gebouw, waar die afstand het kortst is. 2.2 het bebouwingspercentage het percentage van een bouwperceel dat met gebouwen mag worden bebouwd. Voor zover op de kaart bouwgrenzen zijn aangegeven wordt het bebouwingspercentage berekend over het gebied binnen de bouwgrenzen. 2.3 de bouwhoogte van een bouwwerk vanaf het peil tot aan het hoogste punt van een gebouw of van een bouwwerk, geen gebouw zijnde, met uitzondering van ondergeschikte bouwonderdelen, zoals schoorstenen, antennes, bliksemafleiders en naar de aard daarmee gelijk te stellen bouwonderdelen.

2.4 de lengte, breedte en diepte van een bouwwerk de buitenwerks tussen de buitenzijde van de gevels en/of het hart van de scheidingsmuren gemeten grootste afstand. 2.5 de oppervlakte van een bouwwerk tussen de buitenwerkse gevelvlakken en/of het hart van de scheidingsmuren, neerwaarts geprojecteerd op het gemiddelde niveau van het afgewerkte bouwterrein ter plaatse van het bouwwerk. Bestemmingsplan Onna - Onnase Doodweg 2 - Trafostation Steenwijk-Onna (vastgesteld) 52 Gemeente Steenwijkerland Hoofdstuk 2 Bestemmingsregels Artikel 3 Bedrijf - Elektriciteitsvoorziening 3.1 Bestemmingsomschrijving De voor 'Bedrijf - Elektriciteitsvoorziening' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. (gebouwde) elektriciteitsvoorzieningen ten behoeve van de energievoorziening; b. een schakeltuin; c. kunstwerken, alsmede voorzieningen ten behoeve van de bediening van kunstwerken; d. ontsluitings- en parkeervoorzieningen; e. onderhoudswegen; f. gebouwen en bouwwerken, geen gebouw zijnde; g. groenvoorzieningen. 3.2 Bouwregels 3.2.1 Gebouwen Voor het bouwen van gebouwen gelden de volgende bepalingen: a. gebouwen mogen uitsluitend binnen het bouwvlak gebouwd worden; b. het maximale bebouwingspercentage voor gebouwen bedraagt het op de verbeelding ter plaatse van de aanduiding 'maximum bebouwingspercentage' aangegeven bebouwingspercentage; c. de maximale bouwhoogte van gebouwen bedraagt 5 meter.

3.2.2 Bouwwerken, geen gebouw zijnde Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouw zijnde gelden de volgende bepalingen: a. bouwwerken, geen gebouw zijnde, die noodzakelijk zijn voor de aanleg en instandhouding van het in artikel 3.1 bedoelde transformatorstation mogen uitsluitend binnen het bouwvlak gebouwd worden, met uitzondering van: 1. overige bouwwerken, geen gebouw zijnde, zoals erfscheidingen, mogen buiten het bouwvlak gebouwd worden. b. voor bouwwerken, geen gebouw zijnde, geldt geen maximum bebouwingspercentage; c. de maximale bouwhoogte van bouwwerken, geen gebouw zijnde, bedraagt 15 meter, met dien verstande dat de maximale bouwhoogte voor bliksemafleiders 20 meter bedraagt, met uitzondering van: 1. erfafscheidingen waarvoor de maximale bouwhoogte 3 meter bedraagt. Bestemmingsplan Onna - Onnase Doodweg 2 - Trafostation Steenwijk-Onna Gemeente Steenwijkerland 53 Artikel 4 Leiding - Hoogspanningsverbinding 4.1 Bestemmingsomschrijving De voor 'Leiding - Hoogspanningsverbinding' aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemming(en), mede bestemd voor een bovengrondse hoogspanningsverbindi ng en de daarbij behorende voorzieningen, met de hartlijn van de leiding uitsluitend ter plaatse van de aanduiding 'hartlijn leiding - hoogspanningsverbinding'.

4.2 Bouwregels 4.2.1 Algemeen Op de voor 'Leiding - Hoogspanningsverbinding' aangewezen gronden mogen geen gebouwen worden gebouwd. 4.2.2 Bouwwerken, geen gebouw zijnde Op de voor 'Leiding - Hoogspanningsverbinding' aangewezen gronden mogen uitsluitend worden gebouwd, bouwwerken, geen gebouw zijnde, die noodzakelijk zijn voor de aanleg en instandhouding van de in artikel 4.1 bedoelde hoogspanningsverbinding, met dien verstande dat: a. de bouwhoogte van bouwwerken, geen gebouw zijnde, maximaal 3,00 meter bedraagt, met uitzondering van: 1. masten ten behoeve van de in artikel 4.1 bedoelde hoogspanningsverbinding, waarvan de bouwhoogte maximaal 40,00 meter bedraagt. 4.3 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden 4.3.1 Vergunningplicht Het is verboden op of in de voor 'Leiding - Hoogspanningsverbinding' aangewezen gronden zonder of in afwijking van omgevingsvergunning van het bevoegd gezag de volgende werken, geen bouwwerk zijnde, en/of werkzaamheden uit te voeren en/of te laten uitvoeren: a. het aanbrengen van hoog opgroeiende beplantingen en bomen; b. het aanleggen van andere kabels en leidingen dan de in artikel 4.1 bedoelde hoogspanningsverbindingen en het aanbrengen van daarmee verband houdende constructies, installaties of apparatuur.

4.3.2 Uitzonderingen Het verbod als bedoeld in artikel 4.3.1 is niet van toepassing op: a. normale onderhoudswerkzaamheden; b. werken of werkzaamheden in het kader van het normale bodemgebruik; c. werken of werkzaamheden, welke op het tijdstip van inwerkingtreding van de beheersverordening in uitvoering zijn dan wel krachtens een voor dat tijdstip aangevraagde (omgevings)vergunning/ontheffing mogen worden uitgevoerd. 4.3.3 Toepassingscriteria De omgevingsvergunning voor het uitvoeren van werken en werkzaamheden als bedoeld in artikel 4.3.1 kan alleen worden verleend indien: door die werken of werkzaamheden, dan wel door de daarvan hetzij direct hetzij indirect te verwachten gevolgen het doelmatig functioneren van de in artikel 4.1 bedoelde hoogspanningsverbinding niet wordt aangetast; d. daarover vooraf advies wordt ingewonnen bij de beheerder van de leiding. Bestemmingsplan Onna - Onnase Doodweg 2 - Trafostation Steenwijk-Onna (vastgesteld) 54 Gemeente Steenwijkerland Hoofdstuk 3 Algemene regels Artikel 5 Anti-dubbeltelregel Grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing.

Bestemmingsplan Onna - Onnase Doodweg 2 - Trafostation Steenwijk-Onna Gemeente Steenwijkerland 55 Hoofdstuk 4 Overgangs- en slotregels Artikel 6 Overgangsrecht 6.1 Overgangsrecht bouwwerken a. een bouwwerk dat op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan aanwezig of in uitvoering is, dan wel gebouwd kan worden krachtens een omgevingsvergunning voor het bouwen, en afwijkt van het plan, mag, mits deze afwijking naar aard en omvang niet wordt vergroot: 1. gedeeltelijk worden vernieuwd of veranderd; 2. na het tenietgaan ten gevolge van een calamiteit geheel worden vernieuwd of veranderd, mits de aanvraag van de omgevingsvergunning voor het bouwen wordt gedaan binnen twee jaar na de dag waarop het bouwwerk is teniet gegaan; b. het bevoegd gezag kan eenmalig in afwijking van dit lid onder a een omgevingsvergunning verlenen voor het vergroten van de inhoud van een bouwwerk als bedoeld in dit lid onder a met maximaal 10%; c. dit lid onder a is niet van toepassing op bouwwerken die weliswaar bestaan op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan, maar zijn gebouwd zonder vergunning en in strijd met het daarvoor geldende plan, daaronder begrepen de overgangsbepaling van dat plan. 6.2 Overgangsrecht gebruik a. het gebruik van grond en bouwwerken dat bestond op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan en hiermee in strijd is, mag worden voortgezet; b.

het is verboden het met het bestemmingsplan strijdige gebruik, bedoeld in dit lid onder a, te veranderen of te laten veranderen in een ander met dat plan strijdig gebruik, tenzij door deze verandering de afwijking naar aard en omvang wordt verkleind; c. indien het gebruik, bedoeld in dit lid onder a, na het tijdstip van de inwerkingtreding van het plan voor een periode langer dan een jaar wordt onderbroken, is het verboden dit gebruik daarna te hervatten of te laten hervatten; d. het eerste lid is niet van toepassing op het gebruik dat reeds in strijd was met het voorheen geldende bestemmingsplan, daaronder begrepen de overgangsbepalingen van dat plan. Bestemmingsplan Onna - Onnase Doodweg 2 - Trafostation Steenwijk-Onna (vastgesteld) 56 Gemeente Steenwijkerland Artikel 7 Slotregel Deze regels worden aangehaald als: “Regels van het bestemmingsplan Onna - Onnase Doodweg 2 - Trafostation Steenwijk-Onna”. Bestemmingsplan Onna - Onnase Doodweg 2 - Trafostation Steenwijk-Onna Gemeente Steenwijkerland 57 Bestemmingsplan Onna - Onnase Doodweg 2 - Trafostation Steenwijk-Onna (vastgesteld) 58 Gemeente Steenwijkerland Vaststellingsbesluit Bestemmingsplan Onna - Onnase Doodweg 2 - Trafostation Steenwijk-Onna Gemeente Steenwijkerland 59 Eindnoten 1. Besluit van 22 november 2007, houdende regels inzake de kwaliteit van de bodem (Besluit bodemkwaliteit) 2.

Bodemkwaliteitskaart Regio IJsselland, 30 januari 2013

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://steenwijkerland.bestuurlijkeinformatie.nl/Document/LoadAgendaItemDocument/b3295215-30da-4449-8c48-7090cab470ad?agendaItemId=322d23b4-ecdf-4706-9b26-c0ea05d7b141