CConstaterende datSteenwijkerland
Koppel je AI →
Document · PDF

Beantwoording technische vragen D66 P.M. 3 april 2018.docx

Raadsvergadering 24 april 2018, gemeente SteenwijkerlandBij agendapunt: Vaststellen bestemmingsplan 'Leiweg 7 Steenwijkerwold'369 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Er waren tijdens de Politieke markt twee vragen van D’66, de tweede op de avond al onderhands beantwoord door de wethouder, maar hierbij ook dit antwoord ook voor de hele raad: Vraag 1: of de interpretatie van D66 klopt dat er in de tekst staat dat een bedrijf als deze pas rendabel is bij 39.000 dieren, welk aantal ‘bovengemiddeld’ genoemd wordt en dat het betreffende bedrijf momenteel ‘gemiddeld’ is. Waaruit het risico gelezen kan worden dat er op den duur toch een aanvraag voor een hoger aantal te houden dieren verwacht kan worden. Klopt deze lezing? De interpretatie onjuist, er staat niet in de tekst dat het bedrijf pas rendabel is bij 39.000 dieren. Er staat dat het bedrijf zowel op maatschappelijk verantwoorde als op bedrijfseconomisch rendabele wijze dieren wenst te houden om te voorzien in een veilige productie van humane voeding. Dat staat los van het aantal te houden dieren. De gebruikte benamingen zijn het gevolg van de begrippen welke gehanteerd worden voor de bedrijfsomvang- en type volgens de NSO-typering. Volgens dit systeem wordt gerekend met Standaardopbrengst en Standaardverdiencapaciteit. De bedrijfsomvang van een bedrijf wordt gemeten in Standaardopbrengst (SO). Voor elke gewas- en diersoort uit de Landbouwtelling is een SO-norm berekend, die de opbrengsten per eenheid weergeeft die onder normale omstandigheden op jaarbasis behaald worden.

De bedrijfsomvang wordt berekend als een sommatie van alle eenheden van de producten maal hun SO- norm. Vanwege de omschakeling naar het 1 ster principe en de daarmee behorende bedrijfsvoering is er een schaalvergroting (ruimte) nodig om dezelfde bedrijfsomvang te behouden. Het aantal vergunde dieren blijft gelijk. Dat betekent niet dat het in de toekomst noodzakelijk is om het aantal te houden dieren te verhogen zoals als risico is aangegeven. Ten aanzien van vraag 2: Waar ligt de grens voor intensieve bedrijven inzake de IPPC, dwz vanaf welke aantallen gaan er nog veel zwaardere eisen gelden? Het antwoord is dat dit ligt bij 40 000 stuks. Zie ook deze link: https://www.infomil.nl/onderwerpen/landbouw/systematiek/houden-dieren-obm/tabel- aantallen/ de bovengrens van 40.000 volgt aldus uit de aanhef van artikel 2.2a Bor. Zie linkje. We hopen hiermee de vragen voldoende beantwoord te hebben.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://steenwijkerland.bestuurlijkeinformatie.nl/Document/LoadAgendaItemDocument/cfa6916a-6e24-4d18-a3bd-e1e46afcd926?agendaItemId=ba049fc2-1674-4201-ba15-d2cd9eb95170