7.1 Veiligheidsregio IJsselland - Jaarstukken 2023 VRIJ
Tekst van het document
Jaarverslag en jaarrekening 2023 2 Inhoudsopgave Inleiding ................................ ................................ ................................ ................................ 4 Opbouw document ................................ ................................ ................................ ............. 4 Procedure ................................ ................................ ................................ .......................... 4 Programmaverantwoording ................................ ................................ ................................ ... 5 Indeling ................................ ................................ ................................ .............................. 5 Wettelijke taken - Bestrijden en Beheersen ................................ ................................ ...... 12 Verplichte hoofdstukken Besluit begroting en verantwoording ................................ ............. 25 Inleiding ................................ ................................ ................................ ........................... 25 Weerstandsvermogen en risicobeheersing ................................ ................................ ...... 25 Financiële kengetallen ................................ ................................ ................................ ..... 27 Bedrijfsvoering ................................
................................ ................................ .................... 29 Financiering ................................ ................................ ................................ ........................ 36 Inleiding ................................ ................................ ................................ ........................... 36 Verbonden partijen ................................ ................................ ................................ .......... 39 Onderhoud kapitaalgoederen ................................ ................................ ........................... 42 Sociaal jaarverslag ................................ ................................ ................................ .............. 43 Personele cijfers 2023 ................................ ................................ ................................ ..... 43 Arbeidsomstandigheden ................................ ................................ ................................ . 47 Bijlagen ................................ ................................ ................................ ............................... 50 Bijlage 1: gegevens per gemeente ................................ ................................ ................... 50 Bijlage 2: oorzaken overschrijding opkomsttijden ................................ .............................
56 Overzicht van baten en lasten ................................ ................................ ............................. 57 Toelichting op het overzicht van baten en lasten in de jaarrekening ................................ . 58 Toelichting op de balans ................................ ................................ ................................ .. 67 Bijlagen wettelijk behorend tot de jaarrekening ................................ ................................ ... 80 Bijlage 1: Single Information Single Audit (SISA) ................................ ............................. 80 Bijlage 2: Overzicht taakvelden ................................ ................................ ........................ 81 Bijlage 3 Rechtmatigheidsverantwoording ................................ ................................ ....... 82 3 Bijlagen niet behorende tot de accountantscontrole ................................ ............................ 83 Bijlage 1: Langlopende leningen ................................ ................................ ...................... 83 Bijlage controleverklaring bij de jaarrekening ................................ ................................ ...... 84 4 Inleiding Elf gemeenten hebben hun taken op het gebied van brandweer en risico- en crisisbeheersing, via een gemeenschappelijke regeling, ondergebracht bij Veiligheidsregio IJsselland.
Veiligheidsregio IJsselland bestrijdt incidenten waar het moet, maar beperkt nog liever risico’s waar het kan. Daartoe staat zij zeven dagen per week 24 uur per dag klaar met kennis, mensen en middelen. Opbouw document In deze jaarstukken legt Veiligheidsregio IJsselland verantwoording af over de uitvoering van de begroting 2023. De jaarstukken bestaan uit de volgende onderdelen: − deel A: Jaarverslag (inclusief bijlagen) − deel B: Jaarrekening (inclusief bijlagen) In het jaarverslag wordt aangegeven hoe de behaalde resultaten zich verhouden tot de in de programmabegroting gestelde doelen. Het jaarverslag is verdeeld in de volgende hoofdstukken: − Programmaverantwoording − Verplichte hoofdstukken op grond van het Besluit begroting en verantwoording − Sociaal jaarverslag Deel B betreft de jaarrekening. Hierin zijn het overzicht van baten en lasten en de balans opgenomen. Procedure Conform artikel 34b van de Wet gemeenschappelijke regelingen stuurt het dagelijks bestuur vóór 15 april de voorlopige jaarstukken aan de raden van de deelnemende gemeenten. In feite krijgen de gemeenteraden de jaarstukken ter informatie toegestuurd. Het jaar is tenslotte al ten einde en aan de uitvoering en uitgaven in dat jaar is niets meer te veranderen. De gemeenten kunnen hun burgemeesters wel punten meegeven voor de bespreking in de vergadering van het algemeen bestuur op 10 juli 2024.
Waar de gemeenteraden wel expliciet wat van kunnen vinden, is de bestemming van het financieel resultaat. Conform artikel 34 lid 4 van de Wet gemeenschappelijke regelingen stuurt het dagelijks bestuur de jaarstukken binnen twee weken na vaststelling, maar in ieder geval vóór 15 juli aan gedeputeerde staten. 5 DEEL A: JAARVERSLAG Programmaverantwoording Indeling De inrichting van dit jaarverslag dient, conform de financiële verordening van Veiligheidsregio IJsselland, aan te sluiten op de indelingssystematiek van de programmabegroting. De rapportage moet onder andere ingaan op afwijkingen in de geleverde prestaties. In dit hoofdstuk gaan we hierop in. In de begroting is onderscheid gemaakt tussen de wettelijke taken en de aanvullende ambities. De wettelijke taken zijn verdeeld in ‘voorkomen’ en ‘bestrijden’. In dit jaarverslag is dezelfde indeling gehanteerd. In de begroting staat bij elk onderdeel: − Wat willen we bereiken? − Wat gaan we daarvoor doen? − De van belang zijnde prestatie-indicatoren. − Wat gaat dat kosten? In dit jaarverslag is per onderdeel de tekst opgenomen van het tweede aandachtspunt ‘Wat gaan we daarvoor doen?’. De koptekst is veranderd in ‘Wat doen we?’. In een tabel onder ieder onderdeel staat per prestatie-indicator de stand van zaken van de uitvoering van de begroting na afloop van het jaar.
De stand van zaken is op de volgende manier aangegeven: Er is voldaan aan de prestatie-indicator/ de actie is uitgevoerd. Er is deels voldaan aan de prestatie-indicator/ de actie is deels uitgevoerd. Er is niet voldaan aan de prestatie-indicator/ de actie is niet uitgevoerd. De twee programma’s ‘Veilig Leven’ en ‘Toekomstbestendige brandweerzorg’ zijn bij respectievelijk ‘Wettelijke taken – Voorkomen’ en ‘Wettelijke taken - bestrijden’ ondergebracht. In de bijlage zijn prestatiegegevens per gemeente opgenomen in de vorm van tabellen of staafdiagrammen. Voor ‘Wat heeft het gekost?’ verwijzen wij naar deel B De jaarrekening. In het overzicht baten en lasten wordt de realisatie en eventuele afwijkingen per programma toegelicht.
6 Voorkomen Wat gaan we doen? We zorgen voor een overzicht van risico’s in een actueel, door het bestuur vastgesteld, regionaal risicoprofiel. We zijn alert op nieuwe risico’s en bepalen van deze en de al bekende risico’s welke rol voor ons is weggelegd. Hierbij is een goede informatievoorziening noodzakelijk. Deze gaan we verder ontwikkelen. We investeren in netwerken om partners en inwoners bewust te maken van risico’s zodat zij, indien mogelijk, risico’s kunnen beperken. Wij adviseren provincie en gemeenten onder andere over evenementen, ruimtelijke plannen en omgevingsvergunningen (milieu, bouwen en gebruik). We houden toezicht op risicovolle bedrijven en hebben bij deze bedrijven de mogelijkheid om een bedrijfsbrandweer aan te wijzen. We leveren een actieve bijdrage aan de integrale uitvoering van de Omgevingswet, bijvoorbeeld door deelname aan de Omgevingstafel. Stand van zaken na afloop van het jaar Nr. Prestatie-indicator Bijzonderheden 1. Het regionaal risicoprofiel is volledig, actueel en door het bestuur vastgesteld. Het regionaal risicoprofiel is als onderdeel van de geactualiseerde Strategische Beleidsagenda geactualiseerd. Dit heeft geen nieuwe risico’s/ thema’s opgeleverd voor de komende periode. Daarnaast zijn we in het kader van het programma ‘de crisis van morgen’ bezig om samen met partners actuele risico’s eerder te signaleren en aan te pakken.
In dit kader worden vier thema’s de komende tijd opgepakt: - Twee klimaatthema’s - Energie uitval zorginstellingen - Afvalverwerkingsbedrijven De komende periode worden deze thema’s nader uitgewerkt en wordt bekeken waar sprake kan zijn van risicoreductie (risicocommunicatie, gedragsbeïnvloeding, aanpassen regelgeving etc), informatieverzameling en duiding, of van voorbereiding voor de
7 Nr. Prestatie-indicator Bijzonderheden crisisorganisatie (opleiding, planvorming). 2. Er vindt permanente risicomonitoring plaats en nieuwe risico’s worden besproken met partners. Zo nodig worden acties ingezet. De ontwikkeling van het Veiligheidsinformatieknooppunt (VIK) is in volle gang. Risicosignalering en monitoring is hiervan een onderdeel. Het veiligheidsbeeld is een ondersteunend middel. Dit beeld is afgelopen maanden verder ontwikkeld en is nu in één format op Oost 5-niveau en er wordt gewerkt aan één technische infrastructuur op Oost 5-niveau. Op basis van het veiligheidsbeeld worden onze partners, medewerkers en crisisfunctionarissen geïnformeerd. In het issuemanagementoverleg worden ambtelijk de keuzes gemaakt waar meer focus op nodig is. In september is gestart met een pilot in relatie tot de briefing van de crisisorganisatie. Deze pilot is geëvalueerd en de briefing wordt doorgezet en verder ontwikkeld op basis van de evaluatiepunten. Zo gaat bijvoorbeeld de frequentie ervan omhoog naar iedere week, en worden de leiding en coördinatie ervan meer neergelegd bij de OL en de leider CoPI. Zij bespreken dan wat zij verwachten van de crisisorganisatie op de genoemde punten. Een mooie ontwikkeling is dat er ook landelijk een briefing is georganiseerd. Deze briefing vormt de input voor de regionale briefing en het veiligheidsbeeld.
Op landelijk niveau wordt een nieuw format ontwikkeld waarmee continue risico’s in kaart kunnen
8 Nr. Prestatie-indicator Bijzonderheden worden gebracht, op basis waarvan, in samenwerking met de partners, acties kunnen worden ingezet. Dit instrument is een actualisatie van het bestaande risicoprofiel. De eerste contouren van een cyclische risico- en crisisbeheersing worden zichtbaar. Het te verwachten effect van deze ontwikkeling is dat we steeds meer proactief kunnen reageren op risico’s en deze risico’s samen met partners kunnen verkleinen door informatie te delen en samen te werken. 3. Voor alle risico’s wordt bekeken welke consequenties er zijn voor de crisisorganisatie, brandweer, interne organisatie en betrokken netwerken. Op basis hiervan worden, indien noodzakelijk, benodigde acties ingezet. Voor actuele risico’s zijn vanuit het Veiligheidsbureau in samenwerking met partners kennissessies georganiseerd. Voorbeelden hiervan zijn de kennissessies over natuurbrand en een ‘total black out’. Daarnaast maken de actuele risico’s onderdeel uit van de trainingen en oefeningen. Een voorbeeld hiervan is het incident dat eind 2022 heeft plaatsgevonden in de kliniek Veldzicht in Balkbrug. Op basis van de evaluatie zijn werkafspraken geactualiseerd en is er in het najaar een gezamenlijke oefening georganiseerd. Zie voor verdere toelichting bij punt 1.
In het kader van het programma ‘De crisis van morgen’ wordt in het najaar op een aantal thema’s het cyclische proces van risico- en crisisbeheersing samen met partners verder uitgewerkt.
9 Nr. Prestatie-indicator Bijzonderheden 4. Alle aanvragen van provincie en gemeenten om een advies van de veiligheidsregio worden beoordeeld (betreft onder andere evenementen, ruimtelijke plannen en omgevingsvergunningen). Afhankelijk van het ingeschatte risico wordt de aanvraag wel of niet inhoudelijk behandeld. In het tweede kwartaal zijn drie vacatures ingevuld. De nieuwe collega’s zullen nog aanvullende (bij)scholing moeten volgen. Totdat de nieuwe collega’s volledig operationeel zijn, proberen we door externe inhuur de adviestermijnen zo goed mogelijk te halen. De afgelopen periode is er ingezet om de advisering in relatie tot de evenementen meer te koppelen aan de inzet van de crisisorganisatie. Hiermee wordt beoogd om de omslag naar de inzet van een crisisorganisatie sneller te kunnen maken. Zo worden de ROT-leden gebriefd over de grote evenementen in onze regio en maken de evenementen een vast onderdeel uit van het veiligheidsbeeld en briefing van de crisisorganisatie. 5. In ieder advies op een omgevingsvergunning is een paragraaf ‘risicogerichtheid’ opgenomen. In deze paragraaf staat een advies, aanvullend op de wettelijke regels, gericht op het verder beperken van onveilige situaties. 6.
Er wordt jaarlijks toezicht gehouden bij de meest risicovolle bedrijven in de regio (de Seveso- inrichtingen), dit samen met de Omgevingsdienst Regio Nijmegen en de Nederlandse Arbeidsinspectie.
10 Programma Veilig Leven; iedereen aan zet! In het programma Veilig Leven werkt Veiligheidsregio IJsselland aan een integrale aanpak om de zelfredzaamheid van haar inwoners te bevorderen op de volgende gebieden: • Het voorkomen van incidenten doordat bewoners zich meer bewust zijn van (on)veilige situaties in hun leefomgeving. Daarnaast weten zij wat ze zelf kunnen doen om incidenten, zoals ongevallen en branden, te voorkomen. • We willen bovendien met onze inwoners de volgende stap zetten: van bewustwording naar daadwerkelijk gedrag: veilig handelen. • Als incidenten zich toch voordoen, willen we dat inwoners weten hoe ze moeten handelen om de gevolgen van de brand en/ of het ongeval zoveel als mogelijk te beperken. Vanuit het programma ‘De crisis van morgen’ is het thema ‘Burgerkracht’ ondergebracht bij het programma Veilig Leven. Dit thema richt zich op de vraag op welke wijze je burgers en maatschappelijke organisaties betrekt bij de voorbereiding en inzet bij een ramp en/of crisis. Binnen het risicogericht werken moeten we het programma Veilig Leven en risicocommunicatie inzetten als integrale onderdelen van onze werkwijze om juist ook onze inwoners en bedrijven te betrekken bij de voorbereiding op en inzet bij rampen en crisis.
Er is samenwerking gezocht met de partners in de veiligheidsdirectie om het merk #VetVeilig in te zetten om lespakketten aan basisscholen aan te bieden op het gebied van fysieke en sociale veiligheid. Vanuit de veiligheidsregio wordt dit gecoördineerd en is een projectleider aangetrokken. Verdere uitvoering vindt komende jaren plaats. Stand van zaken na afloop van het jaar In 2023 zijn verschillende acties uitgezet gericht op de doelgroep studenten. Zo is in april een bijscholing georganiseerd voor ongeveer honderd mbo-studenten van Landstede op de thema’s brandveiligheid, reanimatie en crisisbeheersing. Naast de bestaande stageopdrachten is het onderzoek naar hybride leren door Landstede-studenten bij onze organisatie vervolgd. Vanaf september nam Veiligheidsregio IJsselland deel aan het programma BrainBoost van Landstede, een excellence-programma waarbij groepjes studenten werken aan diverse vraagstukken uit onze organisatie. Tot slot is de samenwerking met Landstede uitgebreid richting het Deltion college in Zwolle en Stichting brandweeropleidingen BOGO. Het doel is om samen een keuzemodule ‘Brandweer’ te ontwikkelen binnen het reguliere mbo-onderwijs. Begin 2024 is de keuzemodule MBO landelijk geaccrediteerd.
In samenwerking met de politie, het team seksuele gezondheid van GGD IJsselland, Centrum Seksueel Geweld Zwolle, Wijz Welzijn en de coördinator Mensenhandel IJsselland is het nieuwe scenario ‘de foto’ ontwikkeld van #VetVeilig the game rond het thema ‘sexting’. Dit scenario werd gelanceerd op 11 juli 2023. Samen met Vitaal en Veilig Thuis en met de politie hebben we een nieuw kaartspel voor ouderen ontwikkel, dat is gericht op het praten over veiligheid. Thema’s als brand, inbraak, vallen, gezondheid en digitale veiligheid passeren de revue. Het spel is op 20 november gepresenteerd op de veiligheidsdag voor ouderen in de gemeente Zwolle. Begin 2024 zal het spel ook met de andere gemeenten in IJsselland worden gedeeld. 11 In samenwerking met de Oost 5-regio’s is er in februari een online koolmonoxide-campagne gestart. In hetzelfde samenwerkingsverband is een najaarscampagne ontwikkeld gericht op het thema ‘veilig, warme winter’. Daarnaast wordt gesponsorde content via social media ingezet na incidenten (bijvoorbeeld schoorsteenbranden of koolmonoxide-incidenten). In de directe omgeving, binnen een straal van één tot drie kilometer van het incident, worden specifieke brandveiligheidstips gedeeld. Op deze wijze zijn veertig boodschappen ruim 800.000 keer bekeken.
Er is onderzoek gedaan naar het structureel aanbieden van het lespakket ‘Brandweer op school’ en #VetVeilig the game op basisscholen in de regio. Hieruit is gebleken dat er geïnvesteerd moet worden in personele capaciteit om dit te realiseren. Bovendien hebben we samen met politie, GGD, Rode Kruis en ambulancedienst een eerste verkenning gedaan naar de lespakketten die deze partijen bij scholen aanbieden. Het uiteindelijke doel is om gezondheid en veiligheid als een integraal pakket aan scholen aan te bieden. Vanuit beide onderzoeken gaan we vanaf begin 2024 een coördinator basisscholen inzetten om de verbinding met basisscholen, maar ook met andere veiligheidsorganisaties die bij basisscholen hun boodschap willen brengen, vorm te geven. Samen met Jeugdgezondheidszorg van de GGD hebben we gewerkt aan een ‘veiligheidspakketje’, dat structureel aan jonge ouders aangeboden wordt via de consultatiebureaus. Hiervoor is een informatiefolder ontwikkeld: ‘jij wil toch niet dat jouw kleintje iets overkomt?’ Door middel van een pilot, die begin januari 2024 start op een drietal consultatiebureaus, gaan we meten welk effect dit pakketje heeft. Met Vitaal Vechtdal hebben we afspraken gemaakt om passende veiligheidsboodschappen ook via hun kanalen te verspreiden.
In 2023 hebben we een film laten maken over de bereikbaarheid van woongebieden en evenemententerreinen, die we in- en extern gedeeld hebben. Studenten van Saxion Hogeschool hebben onderzoeken uitgevoerd op het gebied van de rookmelderverplichting en samenwerking met basisscholen op het gebied van Veilig Leven. Hoewel beide onderzoeken niet als representatief beschouwd mogen worden, geven de resultaten ons wel meer inzicht over deze onderwerpen. Zo is gebleken nog niet iedereen in Deventer bewust is van de rookmelderverplichting en dat ook een deel van de inwoners bewust geen rookmelders plaatst. Ook zijn er bruikbare tips gegeven om basisscholen te benaderen voor het thema ‘Veilig Leven’. De stijgende lijn van aanvragen om voorlichting op het gebied van brandveiligheid zette ook in het tweede trimester door. Plaatselijke belangen, Blijf Mobiel Beurs, enkele Verenigingen Van Eigenaren, personeel van een verzorgingshuis en van een camping waren enkele van de doelgroepen, om de zelf- en samenredzaamheid op het gebied van brandveiligheid te versterken. 12 Wettelijke taken - Bestrijden en Beheersen Wat hebben we gedaan? Brandweerzorg We houden brandweerposten operationeel en paraat. Van daaruit leveren we 24 uur per dag, zeven dagen per week brandweerzorg met opgeleide en geoefende mensen (vrijwillig en beroeps) en adequaat materieel en materiaal.
We bereiden ons voor op het bestrijden van branden en op hulpverlening bij ongevallen anders dan brand. Dit doen we door het aanbieden van een opleidings-, trainings- en oefenprogramma, dat jaarlijks wordt geactualiseerd. Als Veiligheidsregio IJsselland zijn we wettelijk medeverantwoordelijk voor de meldkamerfunctie voor brandweer en multidisciplinaire samenwerking. Eind maart 2023 is de gezamenlijke meldkamer van Oost5 in Apeldoorn geopend. Rampenbestrijding, crisisbeheersing en GHOR We bereiden ons voor op de crises die voort kunnen komen uit de risico’s in het regionaal risicoprofiel. De noodzakelijke operationele voorbereiding voor deze mogelijke crises wordt met alle teams en organisaties die daarbij van belang zijn, afgestemd. We zijn alert op nieuwe risico’s en bepalen hierbij welke rol er voor ons is weggelegd. We houden de rampbestrijdingsplannen, die wettelijke verplicht zijn in onze regio, actueel en beoefenen deze. We volgen de ontwikkelingen in het kader van de evaluatie van de Wet veiligheidsregio’s en voeren eventuele wijzigingen door in onze crisisorganisatie. Daarnaast hebben we voldoende aandacht voor het selectieproces van piketfunctionarissen, het aanbieden van een opleidings-, trainings- en oefenprogramma en het faciliteren van de teams met de juiste middelen.
De crisisorganisatie en de daarbij behorende processen worden vastgelegd in een door het algemeen bestuur vastgesteld crisisplan. In opdracht van de gemeenten coördineren wij, in het kader van de crisisbeheersing, het proces van Bevolkingszorg.
13 We evalueren continu de werking van de crisisorganisatie. Leerpunten uit de evaluaties worden besproken en meegenomen in de oefen- en trainingsprogramma’s. Minimaal eenmaal per jaar rapporteren we aan de Veiligheidsdirectie en het bestuur wat de belangrijkste leerpunten zijn en wat daarmee gedaan is. In crisisomstandigheden, of bij dreiging daarvan: • geven GHOR-functionarissen leiding aan de processen waar zij rechtstreeks op sturen: acute gezondheidszorg en publieke gezondheidszorg. • coördineert de GHOR de inzet van aanbieders van gezondheidszorg en vormt zij de verbinding tussen de zorgsector en de multidisciplinaire crisisorganisatie. • faciliteert de GHOR aanbieders van gezondheidszorg om, binnen hun eigen verantwoordelijkheid, keuzes te maken die het effect voor de gehele zorgketen optimaliseren. Stand van zaken na afloop van het jaar Nr. Prestatie-indicator Bijzonderheden Brandweerzorg 1. Inzet van de brandweer vindt plaats conform het nieuwe, door het algemeen bestuur vastgestelde dekkingsplan. In 2023 zijn er in totaal 273 meldingen geweest waarbij de opkomsttijd conform het nieuwe dekkingsplan gemeten kon worden. Dit betreft meldingen met de classificatie ‘brand gebouw’. We waren 262 keer binnen de gestelde opkomsttijd ter plaatse. Dit is een percentage van 96%.
De meldingen waarbij de gebiedsgerichte opkomsttijd overschreden zijn, waren categorie II- gebieden: woningen en gebouwen met zelfredzame personen inclusief industrie. De overschrijding van de bandbreedte (tussen de 7 en 13 minuten) zit tussen een paar seconde en maximaal twee minuten. De oorzaak van de overschrijdingen ligt veelal in verkeershinder, waardoor het ook langer duurde voordat er voldoende vrijwilligers op de post waren om uit te rukken. 2. Het opleidings-, trainings- en oefenprogramma voor de brandweer is actueel en uitgevoerd. De brandweerposten oefenen volop volgens het reguliere oefenprogramma, waarbij in 2023 de nadruk lag op bijscholing van de nieuwe brandweerdoctrine. Deze bijscholing wordt medio 2024 afgerond.
14 Nr. Prestatie-indicator Bijzonderheden Kennisregie is verder uitgebouwd waarbij we aandachtspunten vanuit incidenten terug laten komen in oefeningen en les- en leerstof. We hebben te maken met meer uitstroom van brandweermedewerkers dan we gewend zijn. Enerzijds heeft dit te maken met leeftijd; anderzijds met de trend dat mensen zich korter committeren aan de brandweer. De werving en selectie van vrijwilligers heeft om die reden geresulteerd in twee extra klassen met manschappen (vijf in plaats van drie) ten opzichte van andere jaren. Ook voor de komende jaren voorzien we dat we een verhoogd aantal manschappen moeten gaan opleiden. Naast manschappen zullen ook opleidingen als bevelvoerder en chauffeur om dezelfde redenen vaker gegeven moeten gaan worden. De grootste zorg hierbij is om voldoende nieuwe mensen te vinden. Het verhoogde aantal opleidingen heeft financiële effecten. Deze worden meegenomen in een breder traject waarbij gekeken wordt hoe verhoogde kosten binnen de brandweer gefinancierd kunnen worden. Verder vergt de vernieuwing van de elektronische leeromgeving (ELO) capaciteit om dat goed in te richten. Dit is een noodzakelijk onderdeel om het opleiden en het oefenen goed te laten verlopen. Hier is in 2023 mee gestart en zal doorlopen tot in 2024 om het compleet ingericht te krijgen. 3.
Brandweermaterieel en materiaal wordt aangeschaft en onderhouden volgens de investeringsplanning en het onderhoudsplan. Het onderhoud en de investeringen lopen op schema. Het nieuwe operationele uniform is eind 2023 uitgeleverd.
15 Nr. Prestatie-indicator Bijzonderheden 4. De alarmeringsregelingen, werkprocessen en multidisciplinaire informatievoorziening van brandweer en crisisbeheersing in de meldkamer zijn in orde. In maart is de meldkamer Oost Nederland van start gegaan. In voorbereiding op deze samenvoeging zijn op het niveau van Oost 5 afspraken en werkprocessen geuniformeerd daar waar dit noodzakelijk was. Op dit moment werken deze afspraken naar behoren. Er is nog een werkgroep actief in het multi-domein om onvolkomenheden op te pakken en hier nadere afspraken over te maken. 5. Toekomstbestendige brandweerzorg De implementatie van bouwsteen ‘verplichtend karakter’, wat tot gevolg heeft dat vrijwilligers geen kazernerings- of consignatiediensten meer mogen draaien. Het één en ander hangt nog wel af van de landelijke en regionale besluitvorming hierover. De landelijke besluitvorming en uitwerking rondom de bouwsteen 1 is nog steeds in afwachting van aanpassing van landelijke wetgeving en financiële middelen vanuit het Rijk. Parallel aan het vraagstuk rondom bouwsteen 1 zijn er andere regionale vraagstukken waarvoor voorstellen worden uitgewerkt, zoals de doorontwikkeling van de uitrukorganisatie met bijzondere aandacht voor Deventer, Kampen en Zwolle. Ook is aandacht voor de oplopende kosten voor opleidingen door toegenomen verloop onder het personeel.
Daarnaast worden voorstellen gedaan voor de verbetering van de kwaliteit van de brandweerkazernes, zowel bouwtechnisch, functioneel als vanwege duurzaamheid. 6. Toekomstbestendige brandweerzorg Het dekkingsplan geeft input voor de in en na 2023 te maken keuzes op het gebied van risicobeheersing/ brandveilig leven en repressieve brandweerzorg. Bij de objecten waar de opkomsttijd wordt overschreden, wordt bekeken welke risicobeheersende maatregelen genomen kunnen worden om risico’s te beperken en welke activiteiten in het kader van brandveilig leven kunnen worden ingezet om de bewustwording te verhogen.
16 Nr. Prestatie-indicator Bijzonderheden Om in Kampen aan de opkomsttijden te kunnen voldoen zijn maatregelen genomen en afspraken gemaakt met de vrijwilligers van de post. Deze afspraken zijn echter niet duurzaam omdat ze veel impact hebben op de veerkracht van de vrijwilligers brandweerpost. Hierom wordt gezocht naar duurzame alternatieve oplossingen. 7. Toekomstbestendige brandweerzorg In 2023 wordt het landelijke kader Uitruk op Maat verder geïmplementeerd. Deze vorm van flexibele uitruk wordt naar behoefte bij de posten geïmplementeerd. Tot en met eind 2023 hebben 24 posten Uitruk op Maat geïmplementeerd. Bekeken wordt of de overige posten ook over willen gaan tot Uitruk op Maat. 8. Toekomstbestendige brandweerzorg De verdere doorontwikkeling van brandonderzoek zal leiden tot een verhoging van de eigen vakbekwaamheid. In 2023 hebben 26 technische brandonderzoeken plaatsgevonden. Waar nodig zijn de uitkomsten gedeeld met de posten ter verbetering van de bekwaamheid. Rampenbestrijding, crisisbeheersing en GHOR 9. Actuele risico’s zijn afgestemd met bestuur en in samenwerking met partners heeft operationele voorbereiding plaatsgevonden. Er vindt operationele voorbereiding plaats op de belangrijkste risico’s in het risicoprofiel. Daarnaast wordt er afgestemd over actuele risico’s. Voorbeelden hiervan zijn droogte en vogelgriep.
Op de bestuurdersdag is de wens geuit om ook als bestuurder meer invloed uit te kunnen oefenen op besluitvorming, op welke risico’s ligt de focus en waar ligt een actie. Dit is onderdeel van het programma ‘De crisis van morgen’. De samenwerking op het niveau van Oost-5 is versterkt, waardoor er efficiënter wordt gewerkt. De planvorming is meer uitwisselbaar en ingericht op meer regio-overschrijdende
17 Nr. Prestatie-indicator Bijzonderheden incidenten. Op basis van landelijke planvorming is de operationele voorbereiding in de regio’s geüniformeerd en aangepast. Dit is bijvoorbeeld aan de orde op het gebied van cyber, ruwe aardolie en tekort aan gas. De toegenomen afstemming op planvorming leidt tot meer overlap in handelingsperspectief en samenwerking rijk – regio bij een crisis. Het zorgrisicoprofiel, dat de GHOR in samenwerking met de partners in de zorg heeft opgesteld, is gereed. 10. De rampbestrijdingsplannen die wettelijk verplicht zijn in onze regio, zijn actueel en worden beoefend. De rampbestrijdingsplannen zijn in 2022 geactualiseerd en maken onderdeel uit van het MOTO-programma. 11. Er is uitvoering gegeven aan de actiepunten vanuit de evaluatie van de Wet veiligheidsregio’s. Deze worden vanuit het versterkingsprogramma Crisisbeheersing en Brandweerzorg (ministerie Justitie en Veiligheid) nog verder geconcretiseerd en hebben vooral betrekking op het betrekken van netwerken, informatievoorziening en het versterken van de coördinatie van de veiligheidsregio ten aanzien van crisisbeheersing. Deze actiepunten komen in relatie tot risico- en crisisbeheersing in de regio samen in de plannen die er liggen over de BDuR-gelden, onze eigen organisatieontwikkeling en het programma ‘De crisis van morgen’.
Er is op landelijk niveau een kwartiermaker crisisbeheersing aangesteld die er vooral voor gaat zorgen dat er een lijn komt in de actiepunten en beleidsplannen voor risico- en crisisbeheersing. Vanuit IJsselland zijn wij hier goed op aangesloten. Focuspunten in de landelijke ontwikkelingen houden verband met de ontwikkeling van een cyclisch proces risico- en crisisbeheersing en de ontwikkeling van informatieknooppunten op landelijk en regionaal niveau. Het algemeen bestuur heeft positief besloten op het aangepaste formatievoorstel. Op basis hiervan zijn
18 Nr. Prestatie-indicator Bijzonderheden voor vakbekwaamheid 2 fte aangenomen. De overige functies worden komende maanden ingevuld. Om invulling te geven aan de twee door het bestuur geformuleerde opdrachten zijn in het programma ‘De crisis van morgen’ de volgende projecten gestart of in voorbereiding: 1. Procesontwikkeling risicogericht werken 2. Veiligheidsinformatieknooppunt 3. Crisiscapaciteit en kwartiermakers 4. Crisiskennis in het netwerk 12. Bij (acute en niet-acute) crisissituaties is de crisisorganisatie geactiveerd en operationeel conform het crisisplan. Indien gewenst kan de veiligheidsregio ondersteunen bij incidenten anders dan een crisis zoals bedoeld in het crisisplan. Dit gebeurt na opdracht van het bestuur. Zie bijlage 1 voor alle GRIP-incidenten en inzetten van het ROT/ CoPI. Het is opvallend dat afgelopen jaar het aantal van zes GRIP incidenten lager is dan het gemiddelde van alle GRIP incidenten van de afgelopen jaren (gemiddeld 11x per jaar), Er is (nog) geen sprake van een structurele jaarlijkse daling van het aantal GRIP incidenten. Bij een zevental dreigende situaties heeft het ROT actief voorbereidingen getroffen en de situatie gemonitord. In het crisisplan is de afspraak gemaakt dat de crisisorganisatie betrokken kan worden bij incidenten op gemeenteniveau of dat de crisisorganisatie een rol kan spelen in de nafase op aangeven van bestuurders.
Een voorstel voor de mogelijke inzet van crisisexperts is in voorbereiding. 13. Het opleidings-, trainings- en oefenprogramma voor de crisisfunctionarissen, de Bevolkingszorg- functionarissen en de GHOR-functionarissen is Er vindt een verandering plaats van vraaggericht naar behoeftegericht oefenen. Deze ontwikkeling is vastgelegd in de Visie op kwaliteit. Dit betekent dat er naast algemene opleidings- en trainingsprogramma’s
19 Nr. Prestatie-indicator Bijzonderheden actueel, uitgevoerd en in lijn met de gezamenlijke visie op leren en ontwikkelen. meer op maat op persoon of team gekeken wordt wat de behoefte is. Dit is aan de orde bij zowel de aanstelling als crisisfunctionaris, als in de verdere loopbaan, om vakbekwaam te blijven. Daarnaast wordt de registratie verbeterd van behoeftes en ontwikkeling van benodigde competenties. Dit gebeurt via het instrument ‘persoonlijk dashboard’ dat per piketgroep wordt uitgerold. 14. Inzet van de crisisorganisatie bij rampen, crises en andere incidenten wordt in alle gevallen geëvalueerd conform het evaluatiebeleid. Leerpunten worden gerapporteerd aan de Veiligheidsdirectie en het bestuur. Alle inzetten zijn geëvalueerd en indien nodig en/of gewenst zijn leerarena’s georganiseerd. Daarnaast is er de afgelopen periode meer aandacht geweest voor het evalueren van inzetten voorafgaand aan een eventuele GRIP. Het opstarten van een incident door het ROT is een voorbeeld waar leerpunten zijn geconstateerd. 15. De GHOR-functionarissen geven leiding aan de processen waar zij rechtstreeks op sturen: acute gezondheidszorg en publieke gezondheidszorg. Bezetting van alle groepen GHOR- functionarissen is gegarandeerd: OvDG, ACGZ, HIN, Hoofd publieke gezondheid en DPG.
De samenhang tussen de operationele GHOR-organisatie en de multidisciplinaire crisisorganisatie is geborgd in afspraken. In 2023 zijn 37 keer GHOR- functionarissen ingezet bij incidenten en gebeurtenissen met impact in de omgeving. Coördinatie opvang vluchtelingen (Oekraïners, statushouders, asielzoekers) Tijdens de afbouwfase van de coronacrisis, in het eerste kwartaal van 2022, kondigde de volgende crisis zich aan. Na het uitbreken van de oorlog in de Oekraïne en het op gang komen van een enorme stroom ontheemden richting de rest van Europa en ook Nederland is aan alle veiligheidsregio’s gevraagd om de organisatie van de opvang van de ontheemden te coördineren. Binnen twee weken dienden 1.000 opvangplekken gerealiseerd te zijn. Op een iets langere termijn moesten 2.000 opvangplekken per veiligheidsregio gerealiseerd zijn. Sinds 24 juni 2022 is er een inspanningsverplichting voor ruim 3.000 plekken in IJsselland.
20 Ook in 2023 is er in samenwerking met de gemeenten gewerkt aan de opvang van zowel Oekraïners als vluchtelingen uit andere landen. De veiligheidsregio IJsselland heeft deze opvang gecoördineerd. Vanaf 2024 is de regionale coördinatie belegd bij de gemeente Deventer. De programmaorganisatie bestond deels uit externe inhuur. Deze inhuur en de extra inzet van medewerkers van de veiligheidsregio worden financieel gecompenseerd door het Rijk. Voor de extra taak op het gebied van opvang Oekraïners heeft het Rijk een Specifieke Uitkering (SPUK) in het leven geroepen voor 2022 en 2023. Op basis van gerealiseerde en geraamde uitgaven is een begroting aangeleverd bij het Rijk. Deze bleef ruimschoots binnen het door het Rijk beschikbaar gestelde budget. Bevolkingszorg In opdracht van de gemeenten coördineren wij, in het kader van de crisisbeheersing, het proces van Bevolkingszorg. In het algemeen bestuur is akkoord gegeven op de landelijke actiepunten verwoord in het project Uniform Kwaliteitsbeleid Bevolkingszorg. Het Veiligheidsberaad heeft opdracht gegeven een landelijk kwaliteitsniveau voor bevolkingszorg inclusief crisiscommunicatie te beschrijven. Hiertoe zijn een stuur- en projectgroep Uniform Kwaliteitsniveau Bevolkingszorg in het leven geroepen.
Het beoogd effect is enerzijds het leveren van input voor de nieuwe wetgeving waarin bevolkingszorg en crisiscommunicatie vaste onderdelen moeten zijn. Anderzijds is het beoogde effect om te werken aan het verhogen van het kwaliteitsniveau van bevolkingszorg en landelijke samenwerking. Deze punten zijn uitgewerkt in een implementatieplan. Focuspunten zijn het verbeteren van de samenwerking en uitwisselbaarheid tussen regio’s en het uniformeren van opleidingen en examinering. De richting die nu wordt voorgesteld in het kader van bevolkingszorg en crisiscommunicatie sluiten aan bij de koers die we al hadden ingezet. Regionaal is er de afgelopen maanden geïnvesteerd in het opvullen van vacatures. De wisselingen op de arbeidsmarkt waren ook herkenbaar in het aantal vacatures bij Bevolkingszorg. Het resultaat van de samenwerking met de gemeenten is dat het aantal vacatures weer op een acceptabel niveau zit. Het opleidingsprogramma is verstevigd voor de functionarissen Bevolkingszorg en Crisiscommunicatie door meer op maat en in samenwerking met trainingen en oefeningen te verzorgen. Er is samen met de algemeen commandanten gekeken naar hun rol in de crisisorganisatie, nu zij niet meer standaard deelnemen aan een ROT. Dit heeft ertoe geleid dat deze functie is samengevoegd met de HIN/HON functie en het harde piket is ingewisseld voor een opkomst door beschikbaarheid.
Tot slot is er samen met de adviseurs crisisbeheersing van gemeenten een plan opgesteld om de kwaliteit van de officieren van dienst bevolkingszorg te borgen, dan wel te verbeteren. Deze functie is cruciaal voor of tijdens een GRIP incident.
21 In de primitieve begroting is een totaalbudget voor Bevolkingszorg opgenomen van 331.468 euro. De gemeentelijke bijdrage voor Bevolkingszorg bedroeg in 2023 158.079 euro. Uit deze bijdrage worden in eerste instantie de toelagen voor piket- en wachtdiensten betaald. Vervolgens wordt uit het resterende deel van de bijdrage een deel van de kosten voor het opleiden, trainen en oefenen van de medewerkers van de afdeling Bevolkingszorg betaald alsmede een deel van de kosten voor regie en netwerk. Per saldo heeft Bevolkingszorg een resultaat behaald van 31.390 euro. Primitieve begroting Wijzigingen begroting Definitieve begroting Realisatie Saldo N/V Toelagen (piket/wachtdienst) 136.354 0 136.354 107.596 -28.758 V Opleiden, trainen en oefenen 89.135 0 89.135 53.887 -35.248 V Regie en netwerk 22.819 0 22.819 53.936 31.117 N Doorberekening programma 220.155 0 220.155 220.155 - - Overige kosten 21.084 0 21.084 22.583 1.499 N Gemeentelijke bijdrage -158.079 0 -158.079 -158.079 - - Totaal 331.468 0 331.468 300.078 -31.390 V 22 Nieuwe ambities Wat gaan we doen? • Wij geven uitvoering aan de maatregelen die geselecteerd zijn om de CO2-uitstoot van de veiligheidsregio te verminderen. Op die manier blijven wij tevens gecertificeerd op niveau 3 van de CO2-prestatieladder. • In 2022 is, samen met de gemeenten en onze partners, een nieuwe beleidsagenda 2023 t/m 2026 opgesteld.
Over de nieuwe ambities die daarin worden opgenomen, en hun beslag krijgen in 2023, wordt in de bestuursrapportages gerapporteerd. Stand van zaken na afloop van het jaar CO2-prestatieladder In 2021 is besloten om het duurzaamheidsbeleid binnen Veiligheidsregio IJsselland vorm te geven door gebruik te maken van de CO2-prestatieladder. Het daarbij geformuleerde doel was het bereiken van 50% CO2-reductie in 2025. De methode werkt met vijf treden, waarop een organisatie gecertificeerd kan worden. Veiligheidsregio IJsselland is in 2022 en 2023, als eerste veiligheidsregio, gecertificeerd op niveau 3 van deze ladder. Inmiddels zijn er diverse regio’s die ons, na onze enthousiaste verhalen, gevolgd zijn. De maatregelen, waarvoor gekozen is om het doel te bereiken, worden momenteel uitgevoerd. Zo zijn we overgegaan op de afname van groene stroom en worden de vaste brandstoftanks gevuld met biodiesel. Het bericht hierover op LinkedIn is meer dan 10.000 keer gelezen. Andere regio’s kijken over onze schouder mee en verschillende zijn al gevolgd. In 2022 hebben we al een CO2-reductie van 34% bereikt. Momenteel wordt de uitstoot van heel 2023 geïnventariseerd en wordt berekend welke reductie we bereikt hebben. In het eerste half jaar van 2023 hebben we 604 ton CO2 uitgestoten ten opzichte van 781 ton CO2 in de eerste helft van 2022.
We zijn dus op de goede weg! Om het onderwerp ‘duurzaamheid’ breed aandacht te geven in de organisatie was 2023 uitgeroepen tot Jaar van de Duurzaamheid. We hebben ons achtereenvolgend gericht op de thema’s afval, mobiliteit, voeding en energie. Via ideeënbussen op de vier hoofdkazernes en een mailadres zijn ideeën bij medewerkers opgehaald. Dit leverde bijna honderd ideeën op, waarvan we zoveel mogelijk hebben proberen uit te voeren. Daarnaast is voor elk thema een interessante lunchlezing georganiseerd. Beleidsagenda 2023 t/m 2026 In december 2022 is de Strategische beleidsagenda 2023-2026 vastgesteld. De beschreven ambities vallen grotendeels onder de onderdelen ‘voorkomen’ en ‘bestrijden en beheersen’. Ze dienen ter versterking van het IJssellands fundament. Het risicogericht werken dient daarbij als basis van ons werk.
23 Binnen het onderdeel ‘Voorkomen’ is het vergroten van burgerkracht binnen het programma Veilig leven een belangrijk thema. De ontwikkelingen binnen crisisbeheersing krijgen hun beslag in het programma Risico- en crisisbeheersing. Voor de doorontwikkeling van de uitrukorganisatie van de brandweer liep in 2023 het project toekomstbestendige brandweerzorg (zie onder het onderdeel bestrijden en beheersen). Programma ‘De crisis van morgen’ Voor het versterken van risico – en crisisbeheersing en informatiemanagement zijn door het Rijk extra structurele gelden beschikbaar gesteld. Veiligheidsregio IJsselland ontvangt in 2023 en 2024 ongeveer 1,3 miljoen euro. In het dagelijks bestuur is de afspraak gemaakt dat deze in eerste instantie incidenteel worden ingezet. Vanuit het programma ‘De crisis van morgen’ en het managementteam is en wordt bekeken welke structurele toekenning van gelden gewenst is. Deze wijzigingsvoorstellen volgen de reguliere processen zoals bijvoorbeeld een begrotings- en/of formatiewijzing. In de eerste maanden van 2023 zijn de extra gelden incidenteel ingezet en zijn tijdelijke functionarissen aangenomen op het gebied van informatievoorziening en crisisbeheersing. Deze functionarissen zijn nodig om ‘een been bij te trekken’ op deze gebieden.
Dit was nodig omdat er achterstand in werk is ontstaan door de inzet bij de crises als COVID-19 en vluchtelingen of omdat de ontwikkelingen op het gebied van crisisbeheersing en informatievoorziening hierom vragen. Het algemeen bestuur heeft de Veiligheidsregio in juli twee opdrachten gegeven: 1. Regisseer het risicogericht werken in het brede veiligheidsnetwerk 2. Organiseer het strategisch crisismanagement Met het programma ‘De crisis van morgen’ geven we invulling aan deze twee opdrachten. Ons programma bestaat uit drie onderwerpen. Hier hangen we onze projecten aan op. - Risico's in beeld: We willen weten wat er op ons afkomt, wat de risico's zijn, wat dat voor ons kan betekenen en welke partijen betrokken zijn. Het Veiligheidsinformatieknooppunt (VIK), wat op dit moment opgericht wordt, is een belangrijke manier om de risico’s in beeld te krijgen. Samenwerking met ketenpartners is hiervoor noodzakelijk. - Risicoreductie: We willen proactief met onze partners de juiste acties bepalen om de risico’s die we in beeld hebben te verminderen. Bijvoorbeeld door de omgeving anders in te richten, meer te handhaven of een publiekscampagne te starten. - Voorbereiden incidenten: We willen op basis van benoemde risico’s goed voorbereid zijn op een inzet van de crisisorganisatie en de samenwerking met partners.
Dit gaat ook over mensen, middelen, het delen van kennis en het spreken van dezelfde taal. De eerste stappen voor het concreet invullen van deze twee opdrachten worden gezet in vier deelprojecten: 1. Procesontwikkeling risicogericht werken 2. Veiligheidsinformatieknooppunt 24 3. Crisiscapaciteit en kwartiermakers 4. Crisiskennis in het netwerk De uitvoering van deze projecten doen wij samen onze partners. Vanuit de gemeenten Deventer, Steenwijkerland en Raalte is projectcapaciteit beschikbaar gesteld om met name op het thema crisiscapaciteit en kwartiermakers samen te ontwikkelen. De veiligheidsdirectie is betrokken en er is een kopgroep samengesteld met drie gemeentesecretarissen om hen ook voldoende te betrekken bij de ontwikkelingen. Op ambtelijk niveau vindt afstemming plaats met een multidisciplinaire klankbordgroep en met de adviseurs Crisisbeheersing van de gemeenten in het Regionaal overleg Samenwerking Crisisbeheersing (RSC). Partners worden betrokken en met hen vindt nadere afstemming plaats. Dit gebeurt nu bijvoorbeeld op het gebied van het VIK.
25 Verplichte hoofdstukken Besluit begroting en verantwoording Inleiding Op grond van artikel 9 van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten dient het jaarverslag een aantal verplichte paragrafen te bevatten. Voor Veiligheidsregio IJsselland zijn dit: 1. Weerstandsvermogen en risicobeheersing 2. Bedrijfsvoering 3. Financiering 4. Verbonden partijen 5. Onderhoud kapitaalgoederen In deze paragrafen staat de verantwoording van hetgeen in de overeenkomstige paragrafen in de begroting is opgenomen. Weerstandsvermogen en risicobeheersing Veiligheidsregio IJsselland kenmerkt zich door risicomanagement in het primaire proces. Aan het managen van de veiligheidsrisico’s van burgers ontleent de organisatie immers haar bestaansrecht. Toch heeft de veiligheidsregio meer risico’s te managen, vooral ten aanzien van de bedrijfsvoering (bijvoorbeeld ICT, HR, juridisch, kwaliteit, fraude). Op deze risico’s moet de veiligheidsregio minstens zo goed bedacht zijn om het primaire proces te laten functioneren. De risico’s die van invloed zijn op de bedrijfsvoering van Veiligheidsregio IJsselland zijn in kaart gebracht. Door inzicht in de risico’s kan onze organisatie op een verantwoorde wijze besluiten nemen, zodat de huidige risico’s en de risico’s gerelateerd aan toekomstige ontwikkelingen in verhouding staan tot de vermogenspositie van onze organisatie.
Op basis van de geïnventariseerde risico’s is het weerstandsvermogen berekend. Risicoprofiel Er is een risicoprofiel opgesteld om de risico’s van onze organisatie in kaart te brengen. In deze inventarisatie zijn vanuit de verschillende teams risico’s aangedragen met een mogelijk belangrijk financieel gevolg. In het navolgende overzicht zijn de tien risico’s gepresenteerd met de meeste invloed op de hoogte van de benodigde weerstandscapaciteit. In 2024 wordt opnieuw een risico-inventarisatie uitgevoerd. 26 Nr. Risico gebeurtenis Kans Maximaal financieel gevolg 1 Grootschalige/langdurige inzet waarvan de kosten boven het hiervoor geraamde bedrag komen en geen compensatie plaatsvindt. 10% € 1.500.000 2 Rente wordt hoger dan waarmee we in de begroting rekening hebben gehouden. 30% € 500.000 3 Fiscale controle van de Belastingdienst (boete). 30% € 500.000 4 Bericht stijging van pensioenpremie nadat begroting is vastgesteld. 50% € 190.000 5 Data-lek van geregistreerde gegevens (privacygevoelig of vertrouwelijk). 50% € 250.000 6 Reserve transitie meldkamer blijkt onvoldoende om de hogere kosten die daaruit voortvloeien te kunnen opvangen. 50% € 250.000 7 Het Veiligheidsberaad neemt besluiten met financiële en personele gevolgen voor Veiligheidsregio IJsselland.
70% € 100.000 8 Minder aanbieders voor oefentrajecten op de markt waardoor inschrijvingen bij aanbestedingen hoger uitvallen dan verwacht. 9 Wijzigingen in beleid of financiering van de Rijksoverheid. 50% € 100.000 10 Complexiteit Europese aanbestedingen. 50% € 100.000 Weerstandsvermogen Op basis van alle risico’s met bijbehorende inschatting is een analyse gemaakt van het benodigde weerstandsvermogen voor Veiligheidsregio IJsselland. Hiervoor is de simulatiemethodiek Monte-Carlo gebruikt. In de eerste plaats heeft dit geleid tot uitspraken over de mate van zekerheid dat het beschikbare weerstandsvermogen voldoende is om de risico’s op te vangen. Daarnaast geeft deze analyse antwoord op de vraag welke risico’s het meest bepalend zijn in de bepaling van de aan te houden risicovoorziening. Het terugdringen van deze risico’s heeft het grootste effect. Veiligheidsregio IJsselland heeft op dit moment een beschikbaar weerstandsvermogen (algemene reserve) van één miljoen euro. Het algemeen bestuur heeft in het voorjaar van 2017 besloten om vooralsnog met de huidige beschikbare algemene reserve/ weerstandscapaciteit van één miljoen euro te volstaan in plaats van de berekende 1,18 miljoen euro. De eventuele aanpassing van de hoogte van de aan te houden algemene reserve/ weerstandscapaciteit is aan de orde als uit de praktijk blijkt dat dat nodig is.
27 Financiële kengetallen Als gemeenschappelijke regelingen is het verplicht om een uniforme basisset financiële kengetallen op te nemen. Hieronder een overzicht van de kengetallen, die voor Veiligheidsregio IJsselland van toepassing zijn. Kengetallen 2022 Rekening 2022 Begroting 2023 Rekening 2023 Netto schuldquote 58% 66% 55% Solvabiliteitsratio 14% 13% 12% Structurele exploitatieruimte 0% 0% 0% De andere ratio’s (die verplicht zijn voorgeschreven conform BBV) zijn niet opgenomen in verband met het niet van toepassing zijn op Veiligheidsregio IJsselland. Netto schuldquote Het kengetal netto schuldquote, ook wel bekend als de netto-schuld als aandeel van de inkomsten, zegt het meest over de financiële vermogenspositie van de gemeenschappelijke regeling. De netto schuldquote geeft aan of de gemeenschappelijke regeling investeringsruimte heeft of juist op zijn tellen moet passen. Daarnaast zegt het kengetal ook wat over de flexibiliteit van de begroting. Hoe hoger de schuld, hoe hoger de netto schuldquote. De netto schuldquote weerspiegelt het niveau van de schuldenlast van de gemeenschappelijke regeling ten opzichte van de eigen middelen en geeft een indicatie van de druk van de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie.
In de VNG- uitgave ‘Houdbare Gemeentefinanciën’ is aangegeven dat wanneer de schuld lager is dan de jaaromzet (100%) dit als voldoende kan worden bestempeld. Dit is met 55% het geval bij Veiligheidsregio IJsselland. In 2023 is er een nieuwe langlopende lening van 4.000.000 euro afgesloten. Solvabiliteitsratio De solvabiliteitsratio geeft de mate aan waarmee de bezittingen zijn betaald met eigen middelen. Hoe hoger de verhouding eigen vermogen ten opzichte van het totale vermogen, hoe gezonder de gemeenschappelijke regeling. Buiten een algemene reserve en enkele bestemmingsreserves (egalisatie kapitaalslasten, opleidingen en vorming landelijke meldkamer) ligt het niet in de lijn om het eigen vermogen te verhogen, zodat de ratio gemiddeld op dit niveau blijft. Hierbij merken wij op dat het volledige resultaat 2023 is meegenomen in het solvabiliteitspercentage voor 2023. De solvabiliteitsratio is voor 2023 ten opzichte van 2022 iets lager door de afname van het eigen vermogen. Dit wordt veroorzaakt door de onttrekkingen uit de egalisatiereserves (kapitaalslasten en opleiden & oefenen) de bestemmingsreserve vorming Meldkamer Oost Nederland (incidentele meerkosten gedurende 3 jaar afbouwend) en de bestemmingsreserve Ontwikkeling VR (compensatie nadeelgemeente herijking gemeentelijke bijdrage gedurende 3 jaar afbouwend).
Structurele exploitatieruimte Voor de beoordeling van de financiële positie is het ook van belang te kijken naar de structurele baten en structurele lasten. Structurele baten zijn bijvoorbeeld de gemeentelijke 28 bijdrage en de rijksbijdrage. Dit kengetal geeft aan hoe groot de structurele exploitatieruimte is, doordat wordt gekeken naar de structurele baten en structurele lasten en deze worden vergeleken met de totale baten. Het percentage voor Veiligheidsregio IJsselland ligt op 0%. Voor een mogelijke structurele tegenvaller in de toekomst zullen wij de deelnemende gemeente een voorstel doen hoe deze financieel te dekken. 29 Bedrijfsvoering De paragraaf Bedrijfsvoering geeft inzicht in de stand van zaken van de voornemens ten aanzien van de bedrijfsvoering, zoals opgenomen in de begroting 2023. De voornemens uit de begroting staat in onderstaande tabel bij ‘prestatie-indicator’. Stand van zaken na afloop van het jaar Nr. Prestatie-indicator Bijzonderheden 1. HRM - Wnra Voorbereiden op de komst van de Wet normalisering rechtspositie ambtenaren. We wachten op landelijke besluitvorming over het van toepassing verklaren op de veiligheidsregio’s. Deze besluitvorming wordt niet op korte termijn verwacht. 2. HRM – persoonlijk leiderschap We maken medewerkers bewust van de eigen rol en stimuleren om regie te nemen in werken aan je veerkracht, vitaliteit en je ontwikkeling.
Dit ondersteunen we en maken we inzichtelijk door het verder optimaliseren van onze dataverwerking en werkprocessen en strategische personeelsplanning. Met onze visie en beleid op Talent in Beeld, waar ook onze nieuwe gesprekscylus onder valt, brengen we in kaart wat de behoeften zijn van medewerkers en de organisatie nu en in de toekomst. Mobiliteit wordt hiermee gestimuleerd, ondersteund en uitgevoerd. Met de huidige middelen maken we inzichtelijk hoe ons personeelsbestand is opgebouwd en waar de risico’s zitten. Met het houden van interviews en tweede loopbaanbeleid weten we steeds beter wat de wensen en behoeften zijn van ons personeel aan ontwikkelmogelijkheden. 3. HRM – talentontwikkeling We willen ieders talent in beeld hebben en we stimuleren om deze te ontwikkelen, zowel in het belang van de medewerker, als in het belang van de organisatie. Met het trainingsplatform VR Academy richten we ons onverminderd op de ontwikkeling van medewerkers en leidinggevenden. Via Talent in Beeld wordt er gericht gewerkt aan talentontwikkeling. Hierbij wordt het gedragsprofiel op basis van de kernwaarden gehanteerd. Met deze methode verbinden we ook de gesprekscyclus met de vlootschouw zodat we optimaal gebruik kunnen maken van ons talent in de toekomst. Daarnaast ontwikkelen we het daarbij
30 Nr. Prestatie-indicator Bijzonderheden behorende leiderschap door trainingen en opleidingen op maat aan te bieden, onder andere op het gebied van managementvaardigheden, talentontwikkeling, arbobeleid en nazorg bij incidenten. 4. HRM - duurzame inzetbaarheid We willen iedere medewerker in staat stellen om vanuit eigen regie zo gezond en vitaal mogelijk zijn werk te laten doen. Onze visie op positief gezond werkgeverschap en de begeleiding vanuit HRM, de leidinggevenden en de arbodienst zijn erop ingericht om de medewerker hierin juist te faciliteren. Er is een plan van aanpak ziekteverzuim, wat uitgevoerd wordt om het ziekteverzuim naar beneden te brengen. Onderdeel daarvan is een training die gegeven is aan de leidinggevenden. Daarnaast is het inzetbaarheidsprotoool (verzuimprotocol) praktischer gemaakt. We hebben extra moeten investeren in de relatie met de arbodienst door veel wisselingen in onze contactpersonen. Dit is helaas binnen de sector door de huidige arbeidsmarkt niet ongewoon. We voeren daarnaast geleidelijk onze visie uit naar positief gezond werkgeverschap, waarbij we focussen op inzetbaarheid en wat wel kan in plaats van ziekte en werken we meer vanuit preventie. Ook hebben we een bijdrage bij de nieuwe vorm van nazorg waar we meer structureel PTSS willen voorkomen. 5.
Facilitaire zaken - gebouwen Wegwerken van achterstallig onderhoud aan de gebouwen (in samenwerking met de gemeenten). Het reguliere beheer is op orde, maar het planmatige en beleidsmatige beheer wordt nu uitgewerkt en zal in 2023 aan het bestuur verder worden voorgelegd middels een Normenkader en Blauwdruk IJssellandse Kazerne en daarna een geactualiseerd MJOP en
31 Nr. Prestatie-indicator Bijzonderheden MJIP met als slotstuk de discussie over eigenaarschap van kazernes. 6. Facilitaire zaken - inkoopbeleid Implementatie van de verbeterslag die in 2022 op het gebied van contract- en inkoopbeleid gemaakt is. In het contractbeleid heeft niet alleen de termijnbewaking aandacht, maar ook het (proactief) beheer van contracten. In het inkoopbeleid hebben de thema’s duurzaamheid en lokaal inkopen extra aandacht. Ook zijn de aanbevelingen van de accountant in de Managementletter 2021, voor wat betreft de borging van de rechtmatigheid van ons inkoopproces, opgevolgd. Het inkoopbeleid is op 5 april 2023 vastgesteld door het dagelijks bestuur. Vanaf 2023 worden periodiek analyses en controles met betrekking tot rechtmatigheid op het inkoopproces uitgevoerd. Eventuele bevindingen worden gerapporteerd. 7. Facilitaire Zaken - verzekeringen Veiligheidsregio IJsselland gaat deelnemen aan twee onderdelen van de landelijke samenwerking op het gebied van ongevallenverzekeringen voor medewerkers, namelijk aan de Stichting Risicobeheer Veiligheidsregio’s en de Stichting Waarborgfonds Veiligheidsregio’s. Het algemeen bestuur stemde op 22 juni 2022 in met de deelname aan beide stichtingen. De raden van de deelnemende gemeenten zijn vooraf geraadpleegd over de deelname. Daaruit zijn geen wensen of bedenkingen naar voren gekomen.
De beide landelijke stichtingen zijn in 2022 en 2023 opgericht en gestart met hun activiteiten. In december 2023 stelde het dagelijks bestuur de landelijk voorbereide Regeling aanspraken na dienstongevallen vast. Deze trad in werking op 1 januari 2024. Met deze nieuwe regeling is de afhandeling van schade bij dienstongevallen goed geregeld en voor alle veiligheidsregio’s hetzelfde.
32 Nr. Prestatie-indicator Bijzonderheden 9. Informatieveiligheid Wij besteden aandacht aan informatieveiligheid. De expertise die is binnengehaald helpt ons om ontwikkelingen op digitalisering en automatisering ook op een juiste en veilige manier te kunnen aanbieden. Op het gebied van informatieveiligheid is inmiddels de tweefactorauthenticatie (grotendeels) geïmplementeerd en onze informatiespecialisten zijn nauw betrokken bij de landelijke ontwikkelingen van het landelijke KCR2 en binnen Oost5 bij de Informatie Gestuurde Veiligheid. Implementatietrajecten vragen veel tijd waardoor we niet gewenste voortgang kunnen boeken. Stand van zaken na afloop van het jaar In samenwerking met de GGD zijn we in 2023 gestart met een projectopdracht ‘Versterking bedrijfsvoering’. Deze opdracht moet ertoe leiden dat er meer samenhang en gezamenlijke focus komt in de uitvoering van de bedrijfsvoeringstaken die voor beide organisaties worden uitgevoerd. Beide MT’s zijn in gesprek met de bedrijfsvoeringsteams over het verbeteren van de samenwerking tussen VR en GGD en tussen de vier teams. Concreet gaat het over de inrichting van de processen en de onderlinge samenhang, cultuuraspecten en governance. In 2023 zijn alle bouwstenen verzameld om de bedrijfsvoering voor de Veiligheidsregio en de GGD gezamenlijk te versterken.
In 2024 krijgt dit verder vorm door nieuwe samenwerkingsafspraken vast te leggen voor de gezamenlijke bedrijfsvoering. HRM Het afgelopen jaar hebben we geïnvesteerd in onze arbeidsmarktcommunicatie en weten we onze maatschappelijke rol beter te benutten in onze uitingen. Ook weten we per functie specifieker en beter sociale media in te zetten. We hebben nog steeds te maken met krapte op de arbeidsmarkt en dat zal de komende jaren niet veranderen. De krapte speelt vooral bij bepaalde functies zoals de financiële adviseur, en is minder aan de orde bij het vinden van brandweerpersoneel, alhoewel er hier ook wel minder reacties komen op vacatures. Daarnaast was er veel extra werk door de langdurige crisissituaties zoals de oorlog in Oekraïne en de vluchtelingenproblematiek. Met de ervaringen van dit jaar en met de inzet van een recruiter denken we dat we hier goed op in kunnen blijven spelen in de toekomst.
33 I&A De digitale ontwikkelingen gaan in een enorm tempo en dat stelt steeds meer eisen aan onze organisatie. De behoefte van gebruikers verandert en neemt toe, wat effect heeft op het ICT-landschap. Tegelijkertijd neemt ook de complexiteit rondom informatieveiligheid toe. Daarom is het van belang dat I&A zich verder ontwikkelt naar een volwassener beheersorganisatie. De afgelopen tijd is gebruikt om in kaart te brengen wat daarvoor nodig is. Aan hand van verschillende bouwstenen, waar de komende tijd de focus op ligt, brengen we de basis van I&A op orde en verstevigen we dit. Informatiemanagement De ontwikkelingen op informatievoorziening gaan in een razend tempo. Hierop is afgelopen jaar de benodigde versterking voor georganiseerd om enerzijds een basis te leggen (BIO, AVG, archief- wetgeving) en anderzijds de ontwikkel vraagstukken te kunnen behappen. De extra capaciteit (vanuit de BDuR-gelden) op informatievoorziening zijn ingevuld. De functies informatiespecialist, data engineer en privacy officer versterken het gehele informatiemanagementproces. Digitalisering kent veel mogelijkheden, en tegelijkertijd echter ook veel valkuilen. De expertise die is binnengehaald helpt ons om ontwikkelingen op digitalisering en automatisering ook op een juiste en veilige manier te kunnen aanbieden.