CConstaterende datSteenwijkerland
Koppel je AI →
Document · PDF

6.3c Omgevingsvisie Steenwijkerland - Reactienota Omgevingsvisie - raad.pdf

Politieke Markt 6 juni 2017, gemeente SteenwijkerlandBij agendapunt: Omgevingsvisie Steenwijkerland10.127 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

De deelnemers adviseren om het begrip duurzaam meer aan de algemene principes van de Omgevingsvisie te verbinden. 10. De concrete opgave om meer dan 50 hectare zonnepanelen te realiseren wordt door de deelnemers niet begrepen. De context en onderbouwing daarvan wordt gemist. De deelnemers vinden de oplossing te concreet voor een speelveld dat zo innovatief en dynamisch is. Deelnemers onderkennen de impact van nieuwe energie op landschappelijke en stedelijke omgeving. Deze spanning moet in de Omgevingsvisie worden benoemd en is de agenda voor een gezamenlijke zoektocht naar oplossingen. De concrete inspanning kan dan als programmatische uitwerking worden gezien. 29 Kritisch constructieve reactie op de concept-omgevingsvisie Steenwijkerland “Waardevast landschap”. Door; Em. Prof Dr. F. Boekema Hoogleraar Regionale Economie en Economische Geografie Radboud Universiteit Nijmegen en Universiteit van Tilburg Woord vooraf. Met de omgevingswet wil de overheid de regels voor ruimtelijke ontwikkeling vereenvoudigen en samenvoegen. Daardoor moet het in de toekomst makkelijker worden om bouwprojecten te starten. De Crisis- en herstelwet maakt dit nu al mogelijk door bijvoorbeeld bestaande regels aan te passen. Naar verwachting treedt de omgevingswet in 2019 in werking.

Het is lovenswaardig dat de gemeente Steenwijkerland het initiatief heeft genomen om met de nieuwe Omgevingswet aan de slag te gaan en inmiddels een concept- omgevingsvisie heeft gemaakt. Daarmee geeft de gemeente Steenwijkerland een heel duidelijk signaal af dat de gemeente zeer pro-actief en serieus met deze nieuwe wet wil omgaan. Daarvoor kan op voorhand al een compliment gegeven worden. Het is echter onvermijdelijk dat daarbij ook experimentele aspecten aan bod komen en dat er nieuwe ervaring moet worden opgedaan om op een adequate manier met de nieuwe wetgeving om te kunnen gaan. Hieronder geven we een aantal kritisch constructieve bespiegelingen weer. Inleiding. De concept-omgevingsvisie is helder opgebouwd en beschreven onder de overkoepelende titel “Waardevast Landschap”. Na een korte toelichting wordt de omgevingskwaliteit toegelicht alsmede de functie van de omgevingsvisie. Ook het proces van de totstandkoming van deze visie en de ontwikkelingen en risico’s komen goed en uitgebreid aan bod. Het begrip identiteit speelt een sleutelrol in het hele document. Om de ambitie van de omgevingsvisie te kunnen waarmaken zullen de kwaliteiten optimaal benut moeten worden. Dat resulteert vervolgens in een vertaling van de visie naar concrete opgaven. Het centrale motto hierbij is “Doen waar je goed in bent”.

Met andere woorden, probeer vooral aansluiting te zoeken bij de sterke punten en de onderscheidende kwaliteiten die aanwezig zijn binnen je eigen gemeente. Tenslotte worden er handvatten en aangrijpingspunten voor programma’s en projecten gepresenteerd. 30 Evaluatie en beoordeling. In het algemeen kan gesteld worden dat de concept-omgevingsvisie behoorlijk goed is opgebouwd en waardevolle analyses en kwaliteiten beschrijft en deze weet te duiden. De identiteit krijgt naar mijn smaak ook terecht een belangrijke en prominente plaats. Tevens worden terecht de drie juiste sectoren van Steenwijkerland benoemd; de agrarische sector, de sector industrie en diensten en de zorgsector zijn voor Steenwijkerland inderdaad het meest relevant. Vervolgens kan met veel instemming worden geconstateerd dat de volgende uitgangspunten heel cruciaal zijn in deze omgevingsvisie; allereerst het adagium “Doen waar je goed in bent!” en het (zeer) realistische uitgangspunt dat in 2030 de werkelijkheid zal zijn dat Steenwijkerland vooral een belangrijke rol zal spelen als woongemeente (voor de beroepsbevolking) en dat de regio (Zwolle) van eminent belang zal worden voor de werkgelegenheid. Dit beeld loopt volledig in de pas met alle trendscenario’s waarin aangetoond wordt hoe de verhoudingen tussen platteland en kleinere gemeenten enerzijds en de grote steden en verstedelijkte regio’s anderzijds.

Ondanks deze eerste positieve evaluatie van de omgevingsvisie is er kritiek te leveren op de verdere uitwerking. Hieronder volgt een nadere uitwerking en suggesties voor aanpassingen. Kritische evaluatie In de concept-omgevingsvisie wordt gesteld dat deze bijdraagt aan het versterken van de omgevingskwaliteit. Deze kwaliteit is echter niet (goed) te meten. (met uitzondering van enkele elementen ervan). Een deel van de omgevingskwaliteit kan je slechts ervaren zoals sfeer en veiligheid. Het is de som der delen die de omgevingskwaliteit bepaalt. Deze nieuwe definitie is betekenisvol; omgevingskwaliteit is het centrale doel van het ruimtelijk handelen. Dit is een breuk met het verleden waarin het doel vaak economische groei was en deze groei geconfronteerd werd met bijvoorbeeld de randvoorwaarde erfgoed of natuur. Commentaar en suggestie; Ik denk dat het beter is als hoofddoelstelling te kiezen voor; “HET REALISEREN VAN EEN DUURZAME VITALE SOCIAAL-ECONOMISCHE ONTWIKKELING” Dit betekent dat de omgevingsvisie alle ruimtelijke randvoorwaarden moet bieden en garanderen waardoor zowel tegelijkertijd een vitale duurzame economische ontwikkeling als een vitale en duurzame sociale ontwikkeling.

Dit moet dus ook impliceren dat een dergelijke economische en sociale ontwikkeling vorm en inhoud krijgt binnen de randvoorwaarden die vanuit de natuur, energie, en de bevolkingsontwikkeling (demografische krimp, ontgroening, vergrijzing en migratie) gerealiseerd kan worden. Een groot voordeel hiervan is dat een dergelijke doelstelling is ook veel beter te meten, te 31 monitoren en te evalueren is. Hieronder volgt een voorbeeld om dit nader te illustreren en onderbouwen. Anno 2016 scoort Steenwijkerland op de economische ranglijst van alle 393 Nederlandse gemeenten op plaats no. 105 (Rapport Economische toplocaties in Nederland 2016. Bureau Louter). Zwolle scoort in deze lijst op no. 4, dus een echte topregio. Ook Meppel scoort met plaats 30 in de top van economisch sterkste gemeenten/regio’s. Aangezien deze ranglijsten ieder jaar gepubliceerd worden is heel goed te monitoren hoe de sociaal- economische positie van Steenwijkerland zich ontwikkelt op weg naar 2030. Omdat het begrip “sociaal-economisch” ook impliciet demografische ontwikkelingen (ontgroening, vergrijzing, migratie) en arbeidsmarktontwikkelingen (werkgelegenheid en werkloosheid) meeneemt is dit een goede graadmeter voor de vitaliteit van een gemeente en regio.

Over de bevolkingsontwikkeling sec (demografische krimp, vergrijzing, ontgroening en migratie) zijn eveneens van jaar tot jaar data en cijfers beschikbaar waardoor de ontwikkeling tot 2030 heel goed gevolgd kan worden. De omgevingsvisie heeft dan een veel meer toetsbaar karakter en biedt ook meer aangrijpingspunten om waar mogelijk bij te sturen. Conclusie. Steenwijkerland heeft een eerste goede poging ondernomen om op basis van de nieuwe omgevingswet tot een concept-omgevingsvisie te komen. De huidige conceptversie bevat veel waardevolle analyses en data. Ik denk echter dat de hoofddoelstelling anders geformuleerd zou moeten worden om de omgevingsvisie beter te kunnen benutten als richtsnoer/leidraad voor het (te voeren) beleid en stip op de horizon. Door de vitale en duurzame ontwikkeling als hoofddoelstelling te kiezen is het beter mogelijk om de ontwikkelingen te sturen en te monitoren. Immers zodoende zijn de gewenste beleidsmaatregelen en de beoogde effecten beter te meten en te evalueren. Met andere woorden de omgevingsvisie biedt betere handvatten en aangrijpingspunten om de gestelde doelen ook daadwerkelijk te kunnen effectueren. Tilburg/Nijmegen, Tilburg University en Radboud Universiteit Nijmegen 2 januari 2017 32 Bijlage 2 Schriftelijke zienswijzen 1. Imkervereniging Steenwijkerwold e.o. 2. Vereniging Dorpsbelangen Giethoorn 3. Drents Overijsselse Delta 4.

Bestuur Stichting Oldenhof, mede namens eigenaren landgoederen De Bult en De Eese 5. KopTop 6. K.D. van der Wal 7. K. Brinkman 8. J. van der Linde 9. B. Kuper 10. Business Club Steenwijkerland 11. GGD IJsselland 12. LTO Steenwijkerland 13. J. Bus 14. Rendo 15. A. Geluk – Bleumink 16. M. van der Vegt en T. Klein Wolterink 17. Plaatselijk Nut Wetering e.o. 18. Provincie Overijssel

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://steenwijkerland.bestuurlijkeinformatie.nl/Document/LoadAgendaItemDocument/30cbb1e7-72bc-41cd-9234-0af493e95531?agendaItemId=d9543794-fef1-4d50-9989-6f8c473741d3