CConstaterende datSteenwijkerland
Koppel je AI →
Document · PDF

6.0 VNG - gids, Het kind als kompas

Raadsvergadering Behandeling Perspectiefnota 30 juni 2026, gemeente SteenwijkerlandBij agendapunt: Ingekomen stukken11.811 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

20 3.5 Ontschotte samenwerking met kinderopvang, onderwijs en samenwerkingsverbanden Passend Onderwijs (SWV) De relatie tussen de domeinen jeugd, kinderopvang en onderwijs is een vanzelfsprekende. We weten dat overgangsmomenten in kinderopvang en onderwijs cruciaal voor hen zijn. En dat uitval op school vaak tot jeugdzorg leidt. Vanwege de gescheiden geldstromen voor onderwijs en jeugd ontstaan er vaak schotten tussen budgetten. Die schotten worden versterkt door het grote aantal specifieke uitkeringen (‘SPUKS’) van de rijksoverheid. De baten van een gezamenlijke inspanning komen ook niet altijd terecht bij degene die betaalt. Een goede samenwerking met kinderopvang, samenwerkingsverbanden en onderwijs helpt om geld in het belang van kinderen en jongeren effect in te zetten. Voorbeeld Business case inclusief onderwijs Het samenwerkingsverband Primair Onderwijs Amsterdam Diemen en de gemeente Amsterdam hebben een business case laten opstellen voor verschillende scenario’s voor inclusief onderwijs. Daarbij wordt ook gekeken wie investeert en waar de baten terecht komen. Zie de Samenvatting-businesscase. Wat kun je als wethouder doen? ✓ Werk met besturen van kinderopvangorganisaties, scholen en SWV Passend Onderwijs aan lokale educatieve agenda’s (LEA; zie ook de Samenwerkingsgids) en beschouw deze als een brede agenda onderwijs-jeugd.

Er zijn verplichte gespreksonderwerpen (tegengaan segregatie, voor- en vroegschoolse educatie), maar de deelnemers bepalen verder zelf wat er op de agenda staat. ✓ Je gemeente heeft een wettelijke verplichting tot de inrichting van voor- en vroegschoolse educatie. Momenteel wordt volop geëxperimenteerd met inclusieve kinderopvang. Benut de handreiking om een kinderopvangomgeving te creëren waar alle kinderen samen kunnen (op)groeien. ✓ Schoolbesturen kunnen vanuit hun budgetten investeren in programma’s tegen pesten, trainingen rondom mentale gezondheid en sociale veiligheid, verzuim- en zorgcoördinatoren. Maak met het onderwijs afspraken over een gezamenlijke basisinfrastructuur op scholen en zoek manieren om deze samen te financieren. VoorbeeldenSamenwerkingsagenda voor kinderopvang, onderwijs en jeugd De gemeente Zwijndrecht werkt met een Samenwerkingsagenda voor kinderopvang, onderwijs en jeugd. De agenda heeft als doel dat jeugd gezond en veilig kan opgroeien en wordt gedragen door organisaties die actief zijn voor jeugd, zoals kinderopvang- en onderwijsorganisaties, leerplicht/VSV, Vivera Sociaal Wijkteam, Jong JGZ, welzijnswerk, het samenwerkingsverband passend onderwijs en de gemeente. De partijen werken tien jaar samen aan drie doelen: geen langdurige thuiszitters meer, verandering in het gebruik van jeugdhulp en geen kind de regio uit voor opvang en onderwijs.

Zorg in onderwijstijd In Apeldoorn werken onderwijs, gemeente en zorgpartijen samen aan integrale onderwijs-zorgarrangementen, waarbij ondersteuning zoveel mogelijk rondom het kind en binnen de dagelijkse leefomgeving wordt georganiseerd. Door vroegtijdig samen te werken en ondersteuning dichtbij school te organiseren ontstaan mogelijkheden om zwaardere en duurdere vormen van jeugdzorg te voorkomen. Deze aanpak laat zien hoe gezamenlijke investeringen in preventie bijdragen aan betere ondersteuning én aan een financieel houdbaarder stelsel. Zie ook Leidraad Zorg in Onderwijstijd | Nederlands Jeugdinstituut. 21 ✓ Alle scholen in het primair- en voortgezet onderwijs zijn aangesloten bij een regionaal samenwerkingsverband voor het aanbieden van passend onderwijs. Hiervoor krijgen scholen geld om extra ondersteuning te organiseren. Wettelijk is er een ‘Op Overeenstemming Gericht Overleg’ (OOGO) verplicht tussen het samenwerkingsverband en gemeentebestuurders binnen een regio. Benut als wethouder(s) dit OOGO om de door gemeenten gefinancierde hulp af te stemmen met het onderwijs, en wel vanuit je brede jeugdvisie. Denk aan afspraken tussen de wijkteams en zorgteams op scholen of aan intensieve jeugdhulpprogramma’s bij voorzieningen in het speciaal onderwijs. ✓ Er zijn basisafspraken gemaakt voor regionale samenwerking voor zorg en welzijn van mbo-studenten.

Ze geven mbo-scholen en gemeenten een gezamenlijk vertrekpunt om ondersteuning structureel en in samenhang te organiseren. Voorbeeld Verbinding onderwijs en arbeidsmarkt Firda is een mbo-school in Friesland en Noordelijk Flevoland, dat praktijkgerichte leerervaringen biedt en de verbinding tussen onderwijs en de arbeidsmarkt versterkt.18 Firda werkt bovendien nauw samen met bedrijven en lokale gemeenschappen om jongeren te betrekken bij projecten en activiteiten die aansluiten op hun opleiding en toekomstperspectief. Juist ook de brede persoonsvorming en talentontwikkeling van jongeren krijgen aandacht. ✓ Met oog op meer gelijke kansen biedt het Rijksprogramma School en Omgeving mogelijkheden om naast het reguliere onderwijs activiteiten aan te bieden. Vanaf 2029 is hiervoor structurele bekostiging, dat je wellicht kunt benutten. ✓ Sluit je aan bij de Gelijke Kansen Alliantie als je gemeente hiervan nog geen deel uitmaakt. Samen met scholen, onderwijsinstellingen, ouders en maatschappelijke organisaties werk je dan aan gelijke kansen in het onderwijs, zoals de inzet van de Verlengde Schooldag. VoorbeeldBrede school De Brede School in Gouda is een netwerk van scholen en andere voorzieningen op het gebied van welzijn, cultuur, sport, natuur & techniek en educatie. De Brede School heeft een aantal doelen: 1. de ontwikkelingskansen van kinderen en hun ouders te vergroten 2.

een actieve deelname van kinderen aan de samenleving te bevorderen 3. kinderen een goede ‘dagindeling’ te bieden 4. mogelijke achterstanden van kinderen weg te nemen 5. hun sociale competentie te vergroten. Per wijk geven scholen en instellingen een eigen invulling aan het concept. Een invulling op maat, die moet inspelen op de specifieke behoeften van de kinderen en hun ouders op juist déze scholen, in juist déze wijk. De grote waarde van de Brede Schoolgedachte is de meerwaarde die ontstaat door samenwerking en afstemming van het aanbod. Het betekent niet alleen het aanbieden van nieuwe activiteiten, het betekent ook dat het gaat om het anders organiseren van bestaand werk.

22 3.6 Bekostigen van jeugdbeleid Het afsluitende deel van deze gids: de financiën. In de rijksbegroting wordt het macrobudget voor het Gemeentefonds vastgesteld. Dit bedrag wordt via de Algemene Uitkering van het Gemeentefonds over gemeenten uitgekeerd op basis van een verdeelmodel. Het model kijkt naar kenmerken waarvan bekend is dat ze samenhangen met de verwachte vraag naar jeugdzorg, zoals het aantal jeugdigen in de gemeente en sociaaleconomische kenmerken. Het uitgangspunt is dat gemeenten met een grotere verwachte zorgvraag meer middelen ontvangen dan gemeenten met minder risico-indicatoren. Maar: gemeenten krijgen achteraf niet vergoed wat ze werkelijk hebben uitgegeven. Wat kun je als wethouder doen? ✓ De algemene boodschap: maak slimme combinaties van geld uit allerlei programma’s om je ambities met een brede aanpak voor gezinnen en jongeren te realiseren. Kijk naar koppelingen met andere gemeentelijke beleidsdomeinen, bijvoorbeeld een kindvriendelijke fysieke leefomgeving of gebruik van algemene voorzieningen vanuit de WMO voor jongeren. Het gaat niet altijd om extra geld, maar ook om een andere manier van (opgavegericht) werken. ✓ Vraag je ambtenaren om tijdelijke regelingen van de rijksoverheid in de gaten te houden. Zo heeft het Programma Kansrijke Start structurele financiering gekregen. We weten hoe belangrijk de eerste 1000 dagen van een kind zijn...

✓ Gemeenten krijgen de over de jaren 2027 tot en met 2029 1,5 miljard euro uit het VWS-budget ten behoeve van het sociaal domein vanuit verschillende zorgakkoorden, bijvoorbeeld het Gezond en Actief Leven Akkoord (GALA) en het Aanvullend Zorg- en Welzijnsakkoord (AZWA). Ook komt er 200 miljoen euro voor ‘doorbraakgelden’. ✓ In het AZWA zijn basisfunctionaliteiten opgenomen voor mentale gezondheid, kansrijk opgroeien en een gezonde leefstijl. Voer in je regio overleg over de aansluiting tussen je lokale ambities en de mogelijkheden in het AZWA. ✓ De Brede Regeling Combinatiefuncties is een initiatief van de rijksoverheid en is gericht op het versterken van deelname aan sport, bewegen en cultuur. De regeling biedt ruimte voor zes typen functionarissen, waaronder buurtsportcoaches. Zij verbinden sport en cultuur met andere domeinen zoals onderwijs, gezondheid, zorg en welzijn. ✓ Het huidige kabinet heeft geld gereserveerd voor een Gemeenschapsfonds om als overheden samenleving en bedrijfsleven voorzieningen te realiseren en behouden als buurthuizen, verenigingsgebouwen en dorpswinkels. ✓ Verdiep je eens in particuliere fondsen die steun verlenen aan organisaties, personen of projecten op het gebied van welzijn, cultuur, volksgezondheid, wetenschap en liefdadigheid. Zij zijn aangesloten bij FIN.

Of doe een aanvraag bij particuliere programma’s als Samen Sterker tegen Armoede van het Oranje Fonds en Nationale Nederlanden. Ook de VNG werkt samen met anderen aan sociale verbinding. ✓ Je kunt als gemeente een aanvraag indienen voor de financiering van onderzoek en ontwikkeling. Denk aan ZonMw, de Academische Werkplaatsen Transformatie Jeugd, de Werkplaatsen Sociaal Domein of de Kenniswerkplaats Pedagogische Basis. ✓ Er is heel veel gratis kennis beschikbaar bij instellingen als het Nederlands Jeugdinstituut, Divosa , Movisie en Pharos. ✓ Gelet op de inhoudelijke ambities – en de investeringen die daarvoor noodzakelijk zijn – kun je het begrotingsadvies van de VNG voor de gemeentelijke begroting volgen: Begrotingsadvies 2027-2030 | VNG. 23 3.7 Landelijke ontwikkelingen Op landelijk niveau is een aantal ontwikkelingen gaande, waarmee je tijdens jouw wethoudersperiode te maken krijgt, zoals het Toekomstscenario Jeugd- en Gezinsbescherming, de afbouw Jeugdzorg Plus, het tweede advies van de Deskundigencommissie Van Ark en het Wetsvoorstel reikwijdte. Volg de ledenbrieven van de VNG over deze thema’s en de berichtgeving op de website van de VNG. 3.8 Samenvattend Een brede aanpak voor kinderen, jongeren en gezinnen vraagt van jou ook een brede manier van kijken en acteren als het gaat om inhoudelijke en bestuurlijke koppelkansen.

En hoewel er absoluut financiële uitdagingen zijn, zijn er ook financiële mogelijkheden door met anderen op te trekken in het belang van een gedeelde doelgroep. Maak gebruik van wat er al is, breng vooral de domeinen kinderopvang, onderwijs en jeugd met elkaar in verbinding en gebruik instrumenten als contractvoorwaarden om de beweging naar de brede aanpak te ondersteunen. Gebruik de kennis die al beschikbaar is omdat steeds duidelijker wordt wat werkt en wat niet. 24 Bijlage 1: Tabel wetten Klik hier om terug te gaan naar paragraaf 1.3 Wet / wettelijk kader Gemeentelijke taak/verplichting (relevant voor sociaal-pedagogische basis) Wat betekent het voor de brede aanpak? Jeugdwet De gemeente heeft een opdracht voor preventie, vroegsignalering, toeleiding en passende ondersteuning aan jeugdigen en ouders. De gemeente moet zorgen voor een sluitende aanpak, samenhang in het aanbod en goede toegang. De brede aanpak is het fundament: laagdrempelige steun, ontmoeting, opvoed- en opgroeiondersteuning dichtbij, zodat de instroom in jeugdzorg vermindert. Wmo 2015 De gemeente moet inwoners ondersteunen bij zelfredzaamheid en participatie, het treffen van maatwerkvoorzieningen en het bevorderen van veiligheid en leefbaarheid. De Wmo ondersteunt de ‘ouderkant’ van de sociale basis: gezinssteun, mentale gezondheid, stressreductie, waardoor opvoeddruk afneemt.

Ook kun je via de Wmo algemene voorzieningen realiseren. Wet publieke gezondheid (Wpg) Gemeenten zijn verantwoordelijk voor gezondheidsbevordering, preventie en uitvoering van Jeugdgezondheidszorg (JGZ) via GGD. De GGD biedt ook monitoring (gezondheidsdata) en een lokale aanpak gezondheidsrisico’s. JGZ en preventieprogramma’s vormen een bouwsteen van de brede aanpak: vroegsignalering, gezondheidsbevordering, mentale gezondheid en verbinding met school en wijk. Leerplichtwet 1969 De gemeente moet toezicht houden op schoolinschrijving en schoolbezoek, verzuim aanpakken, en samenwerken met ouders en school. De school is een centrale vindplaats en onderdeel van de sociale en pedagogische basis. Met vroegsignalering kan verzuim en uitval worden voorkomen. Wet passend onderwijs (zorgplicht scholen) + onderwijswetgeving Hoewel de zorgplicht bij scholen ligt, hebben gemeenten een taak om samen met onderwijs partnerschappen te organiseren rond ondersteuning, preventie en thuiszitters. De brede aanpak vraagt om structurele verbinding tussen onderwijs, jeugdteams, JGZ, jongerenwerk en wijkvoorzieningen. Wet kinderopvang + VVE (voorschoolse educatie) De gemeente is verantwoordelijk voor VVE-beleid, kwaliteitsafspraken, en toezicht (via de GGD) op kinderopvang. De gemeente stimuleert toegang tot voorschoolse voorzieningen voor doelgroepkinderen.

Kinderopvang en VVE zijn kernonderdelen van de brede aanpak voor 0–4: ontwikkelkansen, vroegsignalering en opvoedsteun. 25 Bijlage 1: Tabel wetten Wet / wettelijk kader Gemeentelijke taak/verplichting (relevant voor sociaal-pedagogische basis) Wat betekent het voor de brede aanpak? Participatiewet Gemeente moet ondersteuning bieden bij inkomen, participatie en re-integratie. Voor jongeren: begeleiding naar werk/opleiding (vooral 18+). Voor gezinnen: armoedebestrijding en inkomenszekerheid. Bestaanszekerheid is een randvoorwaarde voor gezond en veilig opgroeien. Voor zowel ouders als jeugdigen. Wet gemeentelijke schuldhulpverlening (Wgs) De gemeente moet schuldhulpverlening organiseren. Ook toegankelijkheid, vroegsignalering en preventie zijn verplichtingen. Gezinnen krijgen steun, waardoor jeugdigen meer ontwikkelkansen hebben. RMC-wetgeving (Regionale Meld- en Coördinatiefunctie) / aanpak VSV Gemeenten hebben de verantwoordelijkheid om voortijdig schoolverlaten te voorkomen en jongeren tot 23 jaar zonder startkwalificatie te begeleiden naar onderwijs/werk. De aanpak biedt jongeren steunpunten, coaching, participatie en perspectief. Door jeugdwerk, school en wijk te verbinden kan VSV preventiever worden aangepakt.

Onderwijshuisvesting Gemeenten moeten zorgen voor adequate huisvesting voor scholen: nieuwbouw, uitbreiding, eerste inrichting en tijdelijke huisvesting Een pedagogische basis wordt versterkt door passende onderwijshuisvesting of IKC-ontwikkeling. Huisvestingswet 2014 + lokaal woonbeleid De gemeente stelt regels voor woonruimteverdeling, urgentie en huisvesting kwetsbare groepen. Gemeenten moeten zorgen voor voldoende aanbod en passende huisvesting (inclusief dakloosheidspreventie). Stabiliteit in wonen is een randvoorwaarde voor gezond en veilig opgroeien. Wet inburgering Gemeenten zijn verantwoordelijk voor het begeleiden van inburgeraard naar taal, werk en participatie Ook voor nieuwkomers is een goede sociale en pedagogische basis cruciaal. Gemeentewet / APV (openbare orde & veiligheid) De gemeente is verantwoordelijk voor veiligheid en leefbaarheid. Dit gaat ook over inclusief beleid rond overlast, jeugdgroepen, openbare ruimte en handhaving. Ruimte voor jeugdigen door veilige ontmoetingsplekken en bijvoorbeeld speeltuinen. AVG / privacywetgeving (in samenhang met Jeugdwet/Wmo) De gemeente moet persoonsgegevens zorgvuldig verwerken en gegevensdeling rechtmatig organiseren. Samenwerking vereist duidelijke afspraken en waarborgen. Samenwerking tussen partners lukt alleen met veilige, duidelijke afspraken voor gegevensdeling en signalering tussen o.a.

school, JGZ, stevige lokale teams en gemeente. Klik hier om terug te gaan naar paragraaf 1.3 26 Bijlage 2: Checklist Klik hier om terug te gaan naar paragraaf 1.5 Inzicht in de lokale situatie: gemeente en op wijk- of kernniveau Een agenda moet gebaseerd zijn op feiten én ervaringen: • Demografische gegevens • Armoedecijfers, gezondheidsdata, schooluitval, veiligheid • Signalen van professionals • Ervaringen van ouders en jongeren (bijv. via panels, interviews, wijkgesprekken) Data zijn cruciaal en kunnen door verschillende samenwerkingspartners worden aangeleverd, los van de informatie waarover je gemeente kan beschikken. Denk hierbij aan de GGD, de politie, de welzijnsorganisatie, de lokale teams, de jeugdmonitor van het CBS. In navolging op kennis over de opgaven op wijkniveau is het van belang een sociale kaart of krachtkaart te maken: een overzicht van de inwonerinitiatieven. Een breed netwerk van partners Voor een lokale brede agenda voor jeugd en gezinnen heb je samenwerking met partners nodig: • Kinderopvang en peuteropvang • Onderwijs (PO, VO, MBO) • Jeugdgezondheidszorg (GGD) • Lokale teams • Sport, cultuur en welzijn • Woningcorporaties • Ouders en jongeren zelf! De kracht zit in het samen formuleren van een gedeelde visie en ambitie, niet in het achteraf ophalen van input: beleid maak je samen en niet vanuit het gemeentehuis.

Het meest kansrijk is te starten met een ‘coalition of the willing’. Ga ook uit van de kracht van inwoners, gemeenschappen, informele netwerken en vooral de jongeren zelf. Het maakt nogal uit of je inwoners, ouders en jeugdigen slechts als ontvangers van ondersteuning ziet, óf dat je hen ook actief betrekt vanuit hun eigen ideeën en mogelijkheden. Prioriteiten en thema’s Belangrijk is dat het aantal thema’s beperkt blijft, zodat focus behouden wordt. Een preventieve aanpak voor jeugd en gezinnen bevat een meer- jarenagenda en niet alles hoeft (en kan!) tegelijkertijd bij de kop worden gepakt. De thema’s kunnen gebaseerd worden op de lokale kenmerken, die van een wijk of de Nationale Jeugdstrategie. Ook kan worden gekozen voor een algemene opgave zoals ‘mentale weerbaarheid’. Maak de thema’s wel concreet, gebaseerd op cijfers en analyse, en zorg ervoor dat er een gemeenschappelijk beeld is bij de opgave bij de partners met wie je de agenda maakt.. Concrete doelen en acties Om te voorkomen dat het bij intenties blijft is het per thema belangrijk vast te stellen: • Wat willen we bereiken? • Welke acties zijn nodig? • Wie is verantwoordelijk? • Hoe meten we voortgang? Governance en samenwerking Een agenda werkt alleen als de samenwerking duurzaam is georganiseerd.

Daarvoor zijn werkafspraken nodig op basis van de volgende vragen: • Hoe worden besluiten genomen? • Wie bewaakt de voortgang? • Hoe worden professionele en niet-professionele partners betrokken? • Hoe worden ouders en jongeren structureel betrokken? 27 Bijlage 2: Checklist Meerjarenplanning en flexibiliteit Een koerswijziging en doorontwikkeling zijn niet van de ene op de andere dag gerealiseerd. Ook zijn veel gemeenten al op de goede weg. Uitgangspunten voor een meerjarig programma: • Een horizon van 3 (liever nog meer!) bestuursperioden is wenselijk • Jaarlijkse actualisatie op basis van nieuwe data en ervaringen • Ruimte om bij te sturen als omstandigheden veranderen of als er onverwachte neveneffecten optreden Monitoring en evaluatie Om te weten te komen of je op de goede weg bent, is het nodig het volgende vast te leggen en te organiseren: • Indicatoren per thema: stel deze samen met alle betrokkenen op die aan een maatschappelijk doel willen werken. En durf daarbij ook ongebruikelijke doelen te formuleren, zoals ‘verbeteren van cohesie in de wijk’ • Periodieke rapportages • Reflectiemomenten met samenwerkingspartners en inwoners Klik hier om terug te gaan naar paragraaf 1.5 28 Colofon Datum: juni 2026 Auteur: Cathalijne Dortmans m.m.v. Bert Roes, Lindy Peijnenburg, Rienk Janssens Opdrachtgever en copyright: VNG Contac:t info@vng.nl

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://steenwijkerland.bestuurlijkeinformatie.nl/Document/LoadAgendaItemDocument/bc42e402-0a87-4997-846a-ec08eb359c42?agendaItemId=406d4ab4-47cc-4713-91c2-4c8337e2cda5