6.0 Informatienota 2026 - 21 - Jaarstukken 2025 Veiligheidsregio IJsselland
Tekst van het document
Dit kengetal geeft inzicht in de mate waarin de organisatie investeringsruimte heeft, dan wel financiële terughoudendheid moet betrachten. Daarnaast zegt de netto schuldquote iets over de flexibiliteit van de begroting: naarmate de schuldenlast hoger is, neemt de druk van rente- en aflossingsverplichtingen op de exploitatie toe. De netto schuldquote weerspiegelt de omvang van de schuldenlast in verhouding tot de eigen middelen en inkomsten en fungeert daarmee als indicator voor de structurele financiële weerbaarheid. In de VNG-publicatie ‘Houdbare Gemeentefinanciën’ wordt aangegeven dat een netto schuldquote van minder dan 100% als financieel aanvaardbaar kan worden beschouwd. In 2025 is een nieuwe langlopende lening afgesloten van 4 miljoen euro bij de NWB Bank. Bij het opstellen van de programmabegroting 2025 was deze financieringsbehoefte reeds voorzien, zij het dat destijds werd uitgegaan van een lening van 3 miljoen euro. Het hogere leenbedrag heeft geleid tot een iets hogere netto schuldquote dan begroot. Waar in de begroting werd uitgegaan van een netto schuldquote van 59%, is de gerealiseerde netto schuldquote uitgekomen op 59%. Deze stijging past binnen de verwachte ontwikkeling en houdt direct verband met bewuste investeringskeuzes.
De netto schuldquote blijft daarbij structureel binnen de geldende norm en wordt in samenhang beschouwd met andere financiële kengetallen zoals de solvabiliteit en de structurele exploitatieruimte. Deze integrale benadering benadrukt dat ondanks de toename van de schuldenlast sprake blijft van een gezonde en beheersbare financiële positie. Daarnaast wordt de schuldenpositie actief gemonitord binnen het treasurybeleid, waarbij wordt gestuurd op renterisico’s, looptijden en aflossingsverplichtingen. Hierdoor blijven de financiële risico’s voor de exploitatie beheersbaar en is de organisatie in staat om zowel huidige taken als toekomstige investeringen verantwoord te financieren. College van burgemeester en wethouders - 26 mei 2026 - 2026_B&W_00382 29/109 24 Solvabiliteitsratio Het solvabiliteitsratio geeft inzicht in de mate waarin de bezittingen van de gemeenschappelijke regeling zijn gefinancierd met eigen middelen. Dit kengetal wordt berekend als het aandeel van het eigen vermogen ten opzichte van het totale vermogen. Hoe hoger dit percentage, hoe groter de financiële weerbaarheid en hoe gezonder de vermogenspositie van de organisatie. De VNG geeft als richtlijn mee dat dit percentage bij voorkeur hoger is dan 25% voor gemeenten.
De Veiligheidsregio IJsselland heeft echter maar een beperkt saldo aan eigen vermogen (reserves), omdat in de regel een positief jaarrekeningresultaat wordt teruggestort naar de gemeenten. Binnen de veiligheidsregio wordt bewust gestuurd op een stabiel en gematigd solvabiliteitsniveau. Buiten de algemene reserve en enkele bestemmingsreserves – waaronder de egalisatiereserve kapitaalslasten, de bestemmingsreserve opleidingen en vorming en de bestemmingsreserve landelijke meldkamer – past het niet binnen het vastgestelde financiële beleid om het eigen vermogen structureel te laten groeien. Het beleid is erop gericht middelen doelmatig in te zetten voor de uitvoering van taken, waardoor het solvabiliteitsratio gemiddeld rond dit niveau blijft. Bij de bepaling van het solvabiliteitsratio over 2025 is het volledige resultaat van het boekjaar meegenomen. Het solvabiliteitsratio is in 2025 gelijk gebleven ten opzichte van 2024, doordat het eigen vermogen per saldo nauwelijks is gewijzigd gedurende het boekjaar. Dit stabiele beeld wordt verklaard door een samenloop van factoren.
Enerzijds hebben onttrekkingen plaatsgevonden uit verschillende bestemmingsreserves, waaronder de egalisatiereserve voor kapitaalslasten, de bestemmingsreserve voor de vorming van de Meldkamer Oost Nederland en de bestemmingsreserve Ontwikkelingen Veiligheidsregio, die is ingezet ter compensatie van het nadeel voor gemeenten als gevolg van de herijking van de gemeentelijke bijdrage. Anderzijds heeft het resultaat over 2025 per saldo geen significante wijziging in het eigen vermogen veroorzaakt. Hierdoor blijft het solvabiliteitsratio stabiel en wordt bevestigd dat de financiële positie van de veiligheidsregio evenwichtig is met voldoende weerstandsvermogen en zonder dat sprake is van onnodige vermogensopbouw. Structurele exploitatieruimte De structurele exploitatieruimte geeft inzicht in de mate waarin de structurele lasten van de veiligheidsregio worden gedekt door structurele baten. Dit kengetal wordt bepaald door de structurele lasten, inclusief structurele toevoegingen aan reserves, af te zetten tegen de structurele baten en deze te relateren aan de totale baten. Een gezonde structurele exploitatieruimte ligt boven de 0%. Dit duidt erop dat er geen sprake is van een structureel dekkingstekort in de begroting, terwijl tegelijkertijd wordt voorkomen dat sprake is van een structureel overschot aan dekkingsmiddelen.
Voor Veiligheidsregio IJsselland is de structurele exploitatieruimte in de begroting 2025 vastgesteld op 0%. De uiteindelijke realisatie is positief uitgekomen op 1,5%. Dit verschil wordt veroorzaakt door een gunstigere realisatie van structurele baten en lasten dan vooraf geraamd. Dit laat zien dat de structurele baten en lasten in evenwicht zijn en dat sprake is van een gezonde financiële structuur zonder structurele onder- of overdekking. College van burgemeester en wethouders - 26 mei 2026 - 2026_B&W_00382 30/109 25 2.3 Bedrijfsvoering De paragraaf Bedrijfsvoering geeft inzicht in de stand van zaken van de voornemens ten aanzien van de bedrijfsvoering, zoals opgenomen in de begroting 2025. De voornemens uit de begroting staat in onderstaande tabel bij ‘prestatie-indicator’. Stand van zaken na afloop van het jaar Nr. Prestatie-indicator Bijzonderheden HRM 1. HRM - de basis op orde De basisvoorzieningen op het gebied van salarisadministratie en advies op orde houden. In de huidige arbeidsmarkt is het daarnaast van belang dat we een goed en adequaat onboardingstraject hebben voor nieuwe managers en medewerkers. De basis is op orde. We zijn ons gaan voorbereiden op de aanbesteding van ons salaris- en personeelssysteem en welk functioneel beheer daar passend bij is. Ons onboardingtraject voor managers en medewerkers staat, wordt periodiek geëvalueerd en waar nodig aangepast.
Voor de digitale ondersteuning van onboarding en W&S hebben we een ATS systeem aangeschaft. Dit systeem is in Q4 van 2025 ingericht en gaat in 2026 live. 2. HRM – aantrekkelijk werkgeverschap De juiste kennis en het inzicht van onze eigen medewerkers, onze maatschappelijke positie en de arbeidsmarkt is essentieel om een aantrekkelijke werkgever te blijven en daarbij een optimale bezetting van medewerkers te hebben. De vraagt om het structureel investeren op het gebied van talentontwikkeling, leiderschap, leren en ontwikkelen, goed werkgeverschap en diversiteit om ons doel te behalen. De afgelopen jaren hebben we samen geïnvesteerd in een methodiek (ontwikkelgerichte gesprekscyclus en vlootschouw), die in 2025 volledig doorlopen is. Organisatiebreed hebben we een eerste inzicht in de talenten, wensen en ambities van onze medewerkers. De eerste vlootschouw is geweest en heeft geleid tot gerichte ontwikkeltrajecten. Daarnaast blijven we investeren in talentontwikkeling en vitaliteit door bijvoorbeeld TMA’s af te nemen, actieve deelname aan activiteiten van Talentenregio en coaching aan te bieden. College van burgemeester en wethouders - 26 mei 2026 - 2026_B&W_00382 31/109 26 Nr. Prestatie-indicator Bijzonderheden 3. HRM – datagedreven werken Advies geven over- en aan sluiten op gewenste ontwikkelingen om mee te gaan met datagedreven werken.
Ook ter ondersteuning van de gewenste strategische personeelsplanning, het hebben van de juiste financiële inzichten en de verantwoording die hierbij nodig is. De ondersteuning van de systemen en functioneel beheer hierop is nog niet op het gewenste niveau. Een analyse van de huidige inrichting van het personeelssysteem laat ook zien dat een investering in functioneel beheer noodzakelijk is. De eerste stappen met SPP worden wel gezet, in combinatie met de vlootschouw. 4. HRM – organisatievermogen Met een veranderende organisatie wordt het organisatieadvies op het gebied van HRM-issues steeds meer prominent en gewenst. Deze rol is minimaal belegd in de huidige HRM bezetting en er wordt divers mee omgegaan. Hier zullen we de komende jaren met onder andere opleidingen in gaan investeren. De adviseurs zijn opgeleid en brengen dit ook in de praktijk. Bijvoorbeeld in onze wijze van het aannemen van projecten en projectmanagement of het adviseren van ons management op strategisch/ tactisch niveau. 5. HRM - Wnra Voorbereiden op de komst van de Wet normalisering rechtspositie ambtenaren. We wachten op landelijke besluitvorming over het van toepassing verklaren op de veiligheidsregio’s. Er zijn geen signalen dat dit op korte termijn gaat leiden tot een besluit. 6.
HRM – rechtspositie vrijwilligers Het vraagstuk of het verplichtend werkverband door kazernering of consignering van vrijwilligers in strijd is met Europese regelgeving, ligt inmiddels vijf jaar op de tafel van de minister van Veiligheid en Justitie. We zijn in afwachting van landelijke besluitvorming ten aanzien van dit onderwerp. Er zijn geen signalen dat dit op korte termijn gaat leiden tot een besluit. College van burgemeester en wethouders - 26 mei 2026 - 2026_B&W_00382 32/109 27 Nr. Prestatie-indicator Bijzonderheden Facilitair 7. Gebouwenbeheer Ter verbetering van de kwaliteit van de huisvesting is er behoefte aan een meerjarenplan. Om dit meerjarenplan te kunnen uitwerken, is het nodig om eenduidige uitgangspunten voor verbouw of nieuwbouw vast te stellen, waarbij sober en doelmatig het leidend principe zijn. In afstemming met de deelnemende gemeenten, wordt een normenkader voor de bouwkundige kwaliteit en een blauwdruk voor de gewenste functionaliteiten van brandweerkazernes opgesteld. Het normenkader en de blauwdruk dienen om te bepalen welke kazernes voor verbetering dan wel nieuwbouw in aanmerking komen en afzonderlijke (ver)bouwplannen worden met kostenverantwoording ter besluitvorming aan het algemeen bestuur voorgelegd. In het normenkader is aandacht voor de mate waarin duurzaamheidsmaatregelen in de (ver)bouwplannen van de kazernes worden meegenomen.
Veiligheidsregio IJsselland heeft de ambitie om op termijn een CO2-neutrale organisatie te worden De gemeenten zijn eigenaar van de gebouwen, die in gebruik zijn door de Veiligheidsregio. In 2025 wordt er antwoord gegeven op de onderzoeksvraag of dit eigenaarschap het beste bij de In 2025 is gewerkt aan het in beeld brengen van het kazernebestand. De brandweerkazernes zijn daarbij ingedeeld in drie categorieën, op basis van de urgentie van onderhoud en de noodzaak tot nieuw- of verbouw. Op basis van deze analyse is een tijdpad opgesteld voor de verbouw en nieuwbouw van brandweerkazernes. Dit tijdpad is op 24 september 2025 vastgesteld door het algemeen bestuur. De verwachting was dat in 2025 tevens antwoord zou worden gegeven op de onderzoeksvraag of de huidige eigendomsconstructie van de kazernes nog passend is. Dit onderzoek is in 2025 nog niet gestart, waardoor hierover nog geen conclusies kunnen worden getrokken. College van burgemeester en wethouders - 26 mei 2026 - 2026_B&W_00382 33/109 28 Nr. Prestatie-indicator Bijzonderheden gemeenten kan blijven, of dat overdracht aan de Veiligheidsregio tot een beter beheer van het vastgoed leidt. 8. Duurzaamheid Als veiligheidsregio willen wij het goede voorbeeld geven door onze processen te verduurzamen. Op die manier willen we een bijdrage leveren aan het zoveel mogelijk beperken van de nadelige effecten van klimaatverandering.
Hiertoe investeren we in het verder reduceren van onze CO2-uitstoot op basis van de huidige footprint. Dit raakt de hele organisatie, waarbij bedrijfsvoering een aanjagende rol heeft vanwege de raakvlakken met alle processen. In 2025 willen we doorgroeien naar niveau vier van de CO2- prestatieladder. Als eerste veiligheidsregio zijn we in 2022 (en 2023) gecertificeerd op niveau drie van de CO2-prestatieladder. In 2024 en 2025 zijn we, als eerste veiligheidsregio gecertificeerd op niveau vier. We richten ons nu ook op de CO2-uitstoot in twee ketens waar we invloed hebben. Dat zijn het realistisch oefenen en inkoop Beheer en Techniek. We hebben inmiddels 47% CO2- reductie bereikt ten opzichte van 2019. 9. Facilitaire zaken – contract- en inkoopbeleid Bij de voorziene aanbestedingen in 2025 zal duurzaamheid en SROI (Social Return on Investment) nadrukkelijk als afwegingskader worden meegenomen om duurzaam inkopen te bevorderen. College van burgemeester en wethouders - 26 mei 2026 - 2026_B&W_00382 34/109 29 Aanvullende informatie ICT De 2025 is de volledige capaciteit van team ICT ingezet voor de grootschalige migratie naar Microsoft 365. Na een intensieve voorbereidingsfase de migratie daadwerkelijk plaatsgevonden. Deze transitie markeert een belangrijke stap in de modernisering van onze digitale werkomgeving.
Zodra de basisomgeving stabiel is ingericht en de kritieke migratieactiviteiten zijn afgerond, zal de focus verschuiven naar bredere thema’s. Dit omvat zowel de doorontwikkeling van team ICT en haar dienstverlening als het oppakken van inhoudelijke innovatietrajecten binnen de organisatie. Documentaire Informatievoorziening (DIV) In 2025 is de tijd genomen om te onderzoeken in hoeverre onze DIV-organisatie nog passend is in het huidige digitale tijdperk. Er was geen structurele bezetting meer en functiebeschrijvingen en huidige taken sloten niet meer aan. Tevens zagen we steeds meer uiteenlopende taken en wet- en regelgeving tussen de VR en GGD. Zo is het besluit genomen om de DIV-functies afzonderlijk van elkaar te gaan organiseren per 1-1-2026. Uitzondering hierop is de functie applicatiebeheer Corsa en de applicatie voor archivering. Deze blijft bestaan binnen de gezamenlijke bedrijfsvoering. De applicatie Corsa is in 2025 geüpgraded naar een vernieuwde Cloud versie. Deze migratie is eind 2025 afgerond. In 2026 wordt een plan opgesteld om verdere verbeterstappen door te voeren. De migratie naar de Cloud brengt direct al voordelen met zich mee: documenten kunnen d.m.v. minder ‘klikhandelingen’ opgeslagen worden en meer handelingen zijn geautomatiseerd.
Ondersteuning Wat gaan we doen? We intensiveren de betrokkenheid van gemeenteraden door verdere invulling te geven aan de nieuwe mogelijkheden die de Wet gemeenschappelijke regelingen biedt. Dit heeft in 2025 vaste vorm gekregen door een platform te bieden waar raadseleden en de vier gemeenschappelijke regelingen elkaar periodiek treffen om invulling te geven aan die betrokkenheid. We bereiden ons voor op de wet als opvolger van de Wet veiligheidsregio’s die naar verwachting in 2026 in werking treedt, als uitwerking van de contourennota Versterking crisisbeheersing en brandweerzorg. We maken de stappen die nodig zijn om te voldoen aan wetgeving als Woo, Wep, AVG en het Besluit digitale toegankelijkheid overheid. In 2026 zal gekeken worden naar de mogelijkheden voor een nieuwe website. Hiervoor is het doel de website te laten voldoen aan alle relevante nieuwe wetgeving op dit gebied (o.a. digitale toegankelijkheid en informatieveiligheid). Daarnaast zal risico- en crisiscommunicatie meer aandacht krijgen. We richten een informatieknooppunt in dat aansluit op het landelijk informatieknooppunt. Informatie wordt met partners en overige veiligheidsregio’s gedeeld, gezamenlijk geduid en op basis van deze informatie worden risico’s ingeschat en eventuele acties bepaald.
Hiermee versterken we de informatiepositie en kunnen we gemeenten sneller informeren en meenemen College van burgemeester en wethouders - 26 mei 2026 - 2026_B&W_00382 35/109 30 in de bestaande risico’s. Daarnaast willen we dat dit informatieknooppunt in de regio niet alleen beschikbaar is voor risico- en crisisbeheersing, maar ook doorontwikkeld wordt voor de brandweer en bedrijfsvoering. Voor de kantooromgeving is samen met de GGD de migratie naar Microsoft 365 uitgevoerd. Hiermee zijn we in staat om aan te sluiten op landelijke standaarden voor samenwerking. Op het gebied van informatiebeveiliging hebben we stappen gezet in 2025. Uit de landelijk gehouden audit van Secura in voorjaar 2025 blijkt een volwassenheidsniveau op de BIO- normering van 2,6. Met deze score zitten we op het landelijke gemiddelde. We volgen de landelijke ambitie om door te groeien naar BIO niveau 3 in uiterlijk 2027 en niveau 4 in uiterlijk 2029. We zijn per 1 januari 2026 van CERT overgestapt, van Northwave naar NFIR, de CERT waar het merendeel van de veiligheidsregio’s bij is aangesloten. We hebben besloten om niet aan te sluiten bij de landelijke SOC-regeling die in voorbereiding is, omdat deze niet goed aansluit bij de maatregelen die we op dit gebied al hebben getroffen. In 2025 zijn drie processen binnen de Veiligheidsregio aangewezen als vitale processen door de rijksoverheid.
Informatievoorziening is er een van. De impact op informatieveiligheid, met daarin onder andere de Cyberbeveiligingswet, wordt begin 2026 bepaald. Er komt een nieuw breedband communicatiesysteem voor de hulpdiensten. Dit systeem dient onder andere ter vervanging van het huidige C2000. Naast spraak zijn er dan ook nieuwe data- opties mogelijk zoals sensoren, telemetrie en video. Deze verbeteringen zijn in zicht maar kosten veel ontwikkeltijd. Het werkveld houdt er rekening mee dat het huidige C2000 systeem in de periode 2030-2034 wordt vervangen. De ontwikkelingen lopen en Veiligheidsregio IJsselland is via landelijke netwerken aangesloten en draagt hiermee bij aan de ontwikkeling. College van burgemeester en wethouders - 26 mei 2026 - 2026_B&W_00382 36/109 31 Stand van zaken na afloop van het jaar Nr. Prestatie-indicator Bijzonderheden 1. De betrokkenheid van raadsleden bij de gemeenschappelijke regeling Veiligheidsregio IJsselland is structureel geborgd. In 2025 hebben VR IJsselland, GGD IJsselland en OD IJsselland intensief opgetrokken om de betrokkenheid van raadsleden te doen toenemen. Er is een eerste versie van een digitaal platform opgezet, er heeft een fysieke bijeenkomst plaatsgevonden en er is afstemming over de P&C-cyclus geweest. In 2026 zal dit proces verder worden doorgezet. 2. We voldoen aan de minimale eisen van de Woo, Wep, AVG en digitale toegankelijkheid.
Woo: We voldoen aan de eerste tranche van de Woo en wachten landelijke berichtgeving af over de navolgende tranches. De voorbereidingen worden opgepakt vanuit een aparte projectgroep die valt onder het programma IV. AVG: We hebben een goede basis gelegd om toe te werken naar een acceptabel volwassenheidsniveau. Wep: We voldoen aan de Wep, maar dit dient nog structureel geborgd te worden. Digitale toegankelijkheid: De website voldoet voor 70% aan de gestelde eisen vanuit digitale toegankelijkheid. De eisen rondom digitale toegankelijkheid worden meegenomen in de ontwikkeling rondom een nieuwe website. 3. De vernieuwde website wordt ingezet voor risico- en crisiscommunicatie. Het project voor het vernieuwen van de website is in het derde kwartaal van 2025 gestart. In 2026 zal verder gekeken worden naar de mogelijkheden. Hiervoor is het doel de website te laten voldoen aan alle relevante nieuwe wetgeving op dit gebied (o.a. digitale toegankelijkheid en informatieveiligheid). Daarnaast zal risico- en College van burgemeester en wethouders - 26 mei 2026 - 2026_B&W_00382 37/109 32 Nr. Prestatie-indicator Bijzonderheden crisiscommunicatie meer aandacht krijgen 4. Het informatieknooppunt is operationeel. Het VIK is een organisatieonderdeel dat: 1. signalen over actuele en toekomstige veiligheidsrisico’s voor de regio oppikt; 2.
data over deze risico’s ontsluit, analyseert en laat duiden door inhoudelijk experts; 3. informatieproducten over deze risico’s produceert, die mensen binnen en buiten onze organisatie helpen om passende maatregelen te treffen. Inmiddels levert het VIK op alle drie de onderdelen en wordt er op alle onderdelen ook gewerkt aan verdere ontwikkeling, samenwerking en uitwisseling van informatie met partners. 5. De kantooromgeving draait operationeel op Microsoft 365. In 2025 is de migratie naar Microsoft 365 succesvol afgerond, waarmee een belangrijke stap is gezet in het moderniseren en toekomstbestendig maken van de digitale werkomgeving. De transitie is binnen planning en budget gerealiseerd, met oog voor continuïteit. Door ook de vervanging van laptops en beeldschermen mee te nemen beschikt de organisatie nu over een moderne, uniforme en stabiele werkplek die digitale samenwerking ondersteunt en een solide basis vormt voor verdere doorontwikkeling. 6. De informatiebeveiliging is versterkt tot op BIO-niveau 4. De huidige score (voorjaar 2025) qua volwassenheidsniveau is 2,6. In 2026 wordt hier verder aan gewerkt, met als einddoel volwassenheidsniveau 4 in uiterlijk 2029. Dit is conform landelijke afspraak.
Belangrijkste focuspunten zijn 1) Risicogebaseerd werken, 2) gestructureerd en planmatig werken via College van burgemeester en wethouders - 26 mei 2026 - 2026_B&W_00382 38/109 33 Nr. Prestatie-indicator Bijzonderheden het ISMS en 3) implementatie van beveiligingsmaatregelen. Dit zijn onder andere maatregelen vanuit de BIO- volwassenheidsmeting van april 2025 en diverse risicoanalyses die gedaan zullen worden. 7. Er is een start gemaakt met de inrichting van een SOC/ CERT voorziening op sectorniveau. CERT-contract met NFIR is ingegaan op 1-1-2026. We hebben besloten om niet aan te sluiten bij de landelijke SOC- regeling die in voorbereiding is, omdat deze niet goed aansluit bij de maatregelen die we op dit gebied al hebben getroffen. We werken al met o.a. Vectra.ai voor slimme monitoring en detectie. 8. We starten voorbereidend voor de uitrol van het nieuwe breedband communicatiesysteem. Het werkveld houdt er rekening mee dat het huidige C2000 systeem in de periode 2030-2034 wordt vervangen. De ontwikkelingen lopen en Veiligheidsregio IJsselland is via landelijke netwerken aangesloten en draagt hiermee bij aan de ontwikkeling. Rechtmatigheid Het dagelijks bestuur legt verantwoording af over rechtmatigheid in de jaarrekening (zie pagina 80) en in deze paragraaf over rechtmatigheid in overeenstemming met de financiële verordening Veiligheidsregio IJsselland 2025.
Het dagelijks bestuur heeft beoordeeld dat er tezamen geen fouten en onduidelijkheden zijn boven de verantwoordingsgrens van 2%. Ten aanzien van rechtmatigheid is het dagelijks bestuur onder andere geïnformeerd door de accountant via de managementletter en het accountantsverslag en via de het verslag van de adviseur interne beheersing. Het verslag van de adviseur interne beheersing volgt uit de werkzaamheden volgens het controleplan over 2025. De opvolging van de bevindingen van de accountant en de adviseur interne beheersing wordt bewaakt door het management en gerapporteerd aan het dagelijks bestuur. Voorzet verantwoording bevindingen in paragraaf bedrijfsvoering Uit de interne controle, gevolgd door de accountantscontrole, zijn twee bevindingen van financiële onrechtmatigheid naar voren gekomen met een totaalbedrag van 0,91 miljoen euro waarvan 0,52 miljoen euro acceptabel is. Met betrekking tot aanbestedingen is de onrechtmatigheid 0,37 miljoen euro en met betrekking tot de begrotingsrechtmatigheid betreft dit 0,54 miljoen euro: College van burgemeester en wethouders - 26 mei 2026 - 2026_B&W_00382 39/109 34 • De licenties voor de (digitale) werkplekomgeving zijn ten onrechte niet tijdig zijn aanbesteed. Inmiddels zijn deze licenties in 2025 opnieuw aanbesteedt.
• Met betrekking tot de inhuur van personeel vanaf schaal 10 is over 2025 nog sprake van een beperkte onrechtmatigheid. De Veiligheidsregio onderzoekt welke contractvorm het beste past bij de verschillende vragen voor de inhuur van personeel vanaf schaal 10 en de veranderende arbeidsmarktomstandigheden. Klachten Er zijn dit jaar meerdere klachten ingediend die het werk van de veiligheidsregio aangaan. Eén daarvan werd ingetrokken. De meerderheid kon informeel worden afgedaan. De strekking van deze klachten was: • Eenmaal te hard rijden door een woonwijk door een brandweervrijwilliger naar de kazerne; • Eenmaal het niet voldoende vooraf aangeven van een oefening in de wijk; • Tweemaal door verschillende posten te hard varen op de brandweerboot; • Eenmaal het onnodig voeren van optische- en geluidssignalen bij een evenement/festiviteit; • Eenmaal het stoken van een klein brandje door jeugdbrandweerleden; • Eenmaal het onnodig gebruiken van excessief geweld op de voordeur bij het binnentreden; • Eenmaal een interne klacht. AVG-datalekken Datalekken worden opgenomen in het datalekkenregister van de Veiligheidsregio. Er zijn dit jaar twaalf datalekken geregistreerd. Eenmaal werd een melding aangemerkt als een potentieel datalek. Dat houdt in dat het in principe een informatiebeveiligingsincident betreft, waarvan het aannemelijk is dat dit een datalek zou worden.
De resterende elf datalekken, zagen op: • Tweemaal een papier/print verloren (intern, op de kazerne) waardoor externen (gevoelige) gegevens hebben kunnen inzien; • Tweemaal een mail verstuurd naar een onbevoegde interne ontvanger; • Eenmaal mail naar onbevoegde gestuurd, waarin persoonsgegevens zijn gedeeld met een onbetrouwbare ontvanger (niet intern, mogelijk kwaadwillend); • Viermaal waren de toegangsrechten of technische instellingen onjuist ingesteld, waardoor een collega toegang had tot documenten die vertrouwelijk waren; • Tweemaal werd een gegevensdrager verloren. Twee datalekken werden gemeld aan de Autoriteit Persoonsgegevens (hierna: AP). Eén daarvan kon worden ingetrokken: het betrof hier een gegevensdrager die verloren was en weer werd teruggevonden. Het andere datalek dat werd gemeld aan de AP betrof het teveel inzien van persoonsgegevens. Na de overgang naar MS365 werd een map zichtbaar voor een grote groep mensen, die daartoe niet bevoegd was. De map bevatte vertrouwelijke gegevens. Betrokkenen van het datalek zijn hierover formeel geïnformeerd. Eenmaal werd betrokkene (informeel) geïnformeerd over een datalek dat betrekking had op de persoonsgegevens van betrokkene. Dit houdt in dat dit uit hoofde van de AVG niet verplicht was, maar vanuit collegiaal oogpunt wel gewenst.
College van burgemeester en wethouders - 26 mei 2026 - 2026_B&W_00382 40/109 35 Tot slot hebben er vier datalekken bij leveranciers voorgedaan. Deze vallen weliswaar niet onder onze verantwoordelijkheid, maar er zijn hierbij wel gegevens van medewerkers (uit hoofde van hun functie) geraakt. Open overheid De Wet open overheid (Woo) trad op 1 mei 2022 in werking. Volgens deze wet moeten wij in de jaarverantwoording een openbaarheidsparagraaf opnemen en daarin verslag doen van de uitvoering van de wet. In 2025 heeft de veiligheidsregio zes Woo-verzoeken ontvangen. De MT’s van GGD en VRIJ vormden in mei 2022 een gezamenlijk projectteam om na te gaan en te adviseren over wat er nodig is om tot een goede in- en uitvoering van de Wet open overheid te komen, op korte en langere termijn. In mei 2024 bood het projectteam de laatste vervolg- en afrondende voorstellen aan het MT en in juni aan het DB. In 2024 zijn we aangesloten op de Woo-index. Op 1 november moest volgens de eerste tranche van de Woo de eerste categorieën actief openbaar worden gemaakt. Daaraan heeft onze veiligheidsregio voldaan. De tweede tranche stond gepland voor medio 2025. KOOP werkt aan de ontwikkeling van een dossierfunctionaliteit voor de Woo-index via een koppeling met Open Raadsinformatie (ORI). De gesprekken hierover zijn gaande en de verwachting is dat de ontwikkeling van de koppeling zeker een jaar duurt.
Het ministerie kiest er vermoedelijk voor om te wachten op deze techniek en richt zich nu op Q1 2026 voor de inwerkingtreding van de verplichte openbaarmaking van tranche twee. De overige tranches volgen mogelijk ook in 2026. Het MT en DB zijn eind 2025 geïnformeerd over de laatste stand van zaken. Verplichte beleidsindicatoren Taakveld Naam Eenheid Begroting 2025 Realisatie 2025 0. bestuur en ondersteuning Formatie FTE per 1.000 inwoners 0.53fte 0,54fte 0. bestuur en ondersteuning Bezetting FTE per 1.000 inwoners -- 0,50fte 0. bestuur en ondersteuning Apparaatskosten Kosten per inwoner € 49,19 € 46,69 0. bestuur en ondersteuning Externe inhuur Kosten als % totale loonsom + totale kosten inhuur externen 3,0% 5,7% 0. bestuur en ondersteuning Overhead % van de totale lasten 19,0% 21,6% College van burgemeester en wethouders - 26 mei 2026 - 2026_B&W_00382 41/109 36 2.4 Financiering Inleiding De kaders voor financiering zijn gebaseerd op de Wet financiering decentrale overheden (Wet Fido) en de daaruit voortvloeiende uitvoeringsregelingen waaronder artikel 212 van de Gemeentewet. Het eigen treasurybeleid van Veiligheidsregio IJsselland is vastgelegd in het treasurystatuut. In de Wet Fido is bepaald dat een financieringsparagraaf in de begroting wordt opgenomen. Ook is vastgelegd welke informatie de financieringsparagraaf dient te bevatten.
Dit zijn: • Kasgeldlimiet; • Renterisiconorm; • Liquiditeitsplanning en de financieringsbehoefte; • Rentevisie; • Rentekosten en renteopbrengsten verbonden aan de financieringsfunctie. Risicobeheer Dit onderdeel geeft een samenvatting van het (verwachte) risicoprofiel van de organisatie. Het bevat tevens de gegevens die op grond van de Wet Fido voor de toezichthouder nodig zijn waaronder de kasgeldlimiet en de renterisiconorm. Het risicobeheer is opgenomen onder de Treasury functie. De doelstelling van de treasury functie is als volgt geformuleerd: • Het beheersen van de financiële risico’s zoals renterisico’s, liquiditeitenrisico’s en • kredietrisico’s; • Het continu verzorgen van voldoende liquiditeit voor de organisatie; • Het minimaliseren van de rentekosten. Renterisicobeheer Voor het renterisicobeheer gelden de volgende criteria: • Conform de Wet FIDO wordt de kasgeldlimiet niet overschreden; • Nieuwe leningen/uitzettingen worden afgestemd op de bestaande financiële positie en de liquiditeitenplanning; • De rentetypische looptijd (periode waarvoor de rente vaststaat) en het renteniveau van de betreffende lening/uitzetting wordt zo veel mogelijk afgestemd op de actuele rentestand en de rentevisie. De renterisiconorm beperkt het renterisico op de vaste schuld.
Deze wettelijke norm bepaalt dat maximaal 20% van de totale omvang van de begroting in aanmerking mag komen voor aflossing of renteherziening. In de uitvoeringsregeling Financiering decentrale overheden zijn 2 modelstaten opgenomen om de risico’s in beeld te brengen te weten: • Berekening kasgeldlimiet (model A); • Renterisiconorm (model B). College van burgemeester en wethouders - 26 mei 2026 - 2026_B&W_00382 42/109 37 Berekening kasgeldlimiet en bepaling financieringspositie 2025 De kasgeldlimiet stelt grenzen aan de omvang van de financiering door middel van kort vermogen (looptijd korter dan 1 jaar). Voor gemeenschappelijke regelingen bedraagt de kasgeldlimiet 8,2% van de totale begrotingsomvang. Een gemeenschappelijke regeling mag twee kwartalen achter elkaar deze limiet overschrijden. Het gaat bij de kasgeldlimiet om het beperken van renterisico’s op de korte schuld (korter dan een jaar). Korte schuld is bedoeld voor het financieren van lopende uitgaven. Daarom wordt de kasgeldlimiet gekoppeld aan het begrotingstotaal, dat wil zeggen de totale lasten van de begroting inclusief tegelijkertijd met de begroting vastgestelde begrotingswijzigingen. In de praktijk is dat de begroting zoals die naar de toezichthouder wordt gezonden.
Als, naar het oordeel van de toezichthouder, de begroting doelbewust is opgeblazen, dan kan de toezichthouder maatregelen nemen om het totaal te corrigeren. De kasgeldlimiet voor Veiligheidsregio IJsselland bedraagt 8,2% van 55,8 miljoen euro = 4,58 miljoen euro. Tot aan deze limiet kan kort (looptijd < 1 jaar) worden geleend. In 2025 zijn er geen kortlopende leningen afgesloten. Hier volgt een totaaloverzicht van het jaar 2025 van de modelstaten per kwartaal. Kwartaal Gemiddelde vlottende schuld Gemiddelde vlottende middelen Netto vlottend tekort (+) of overschot van middelen (-) Kasgeldlimiet Ruimte (-) of overschrijding (+) 1e kwartaal 0 5.053.436 -5.053.436 4.579.278 -9.632.714 2e kwartaal 0 3.424.518 -3.424.518 4.579.278 -8.003.796 3e kwartaal 0 3.332.398 -3.332.398 4.579.278 -7.911.676 4e kwartaal 0 2.802.333 -2.802.333 4.579.278 -7.381.611 Wanneer meer dan twee achtereenvolgende kwartalen de kasgeldlimiet wordt overschreden, moet de toezichthouder (provincie) hiervan op de hoogte worden gesteld. Uit bovenstaand overzicht blijkt dat de kasgeldlimiet niet meer dan twee achtereenvolgende kwartalen is overschreden in het boekjaar 2025. Renterisiconorm De renterisiconorm heeft als doel het renterisico bij herfinanciering te beperken. Door berekening van de renterisiconorm verkrijgen wij inzicht in de omvang van de schuld waarover in enig jaar renterisico’s worden gelopen.
De renterisiconorm is gebaseerd op het begrotingstotaal en schrijft voor hoeveel maximaal geleend (herfinanciering) mag worden voor een periode langer dan een jaar. De renterisiconorm bedraagt 20% van het begrotingstotaal. In 2025 is er een langlopende leningen afgesloten bij de NWB Bank ter hoogte van 4 miljoen euro. Over deze lening dient in april 2026 de eerste aflossing plaats te vinden van 266.667 euro. In onderstaand overzicht wordt de renterisiconorm voor de Veiligheidsregio IJsselland voor 2025 weergegeven: College van burgemeester en wethouders - 26 mei 2026 - 2026_B&W_00382 43/109 38 Model B 2025 (bedragen x € 1.000) 1. Renteherzieningen/ herfinanciering - 2. Aflossingen 267 3. Renterisico (1+2) 267 4. Renterisiconorm 11.169 5a. Ruimte onder renterisiconorm (4>3) 10.902 5b. Overschrijding renterisiconorm (3>4) - 4a. Begrotingstotaal 55.845 4b. Percentage regeling 20% 4. Renterisiconorm 11.169 Uit bovenstaand tabel blijkt dat het bedrag aan langlopende leningen, waarover de Veiligheidsregio IJsselland een renterisico loopt, ruimschoots binnen de wettelijke norm (volgens de wet FIDO) blijft. Liquiditeitsplanning en financieringsbehoefte De liquiditeitspositie wordt maandelijks opgemaakt. Op basis hiervan wordt de samenstelling van de financiering bepaald.
Met betrekking tot de lasten wordt de liquiditeitspositie bepaald door de uitgaven ten behoeve van de exploitatie en de investeringen. De exploitatie uitgaven zijn min of meer gelijkmatig over het jaar verdeeld. Maar door de toename van materieel en kapitaalgoederen en de tijdelijke overname van een deel van de brandweerkazernes en -posten heeft Veiligheidsregio IJsselland een financieringsbehoefte. Dit leidt tot omvangrijke uitgaande kasstromen waardoor het aantrekken van leningen noodzakelijk was en is. Bepaling financieringsbehoefte 2025: Boekwaarde investeringen € 40.796.830 Reserves en voorzieningen € 5.672.776 Langlopende leningen € 34.466.667 € 40.139.443 Overschot aan financieringsmiddelen € -657.387 Uit het overzicht blijkt dat we per einde 2025 beschikken over een overschot aan financieringsmiddelen van €657.387 (in 2024 was dit €1.183.475). In 2025 is een groot deel van de uitgestelde investeringen gerealiseerd. Om deze investeringen te kunnen financieren, is in 2025 een aanvullende langlopende lening van €4.000.000 afgesloten. Voor de vervangingsinvesteringen die in 2026 en de daaropvolgende jaren uitgevoerd zullen worden is aanvullende financiering noodzakelijk om dit te kunnen financieren.
Met betrekking tot de baten wordt de liquiditeitspositie met name bepaald door de gemeentelijke bijdragen en de rijksbijdrage Brede Doeluitkering Rampenbestrijding (BDuR) uitkeringen. De gemeentelijke bijdragen worden maandelijks gefactureerd en de BDuR uitkeringen worden per kwartaal uitbetaald. College van burgemeester en wethouders - 26 mei 2026 - 2026_B&W_00382 44/109 39 Renterevisie In de begroting 2025 is uitgegaan van de daadwerkelijke rente op de bestaande langlopende leningen. In de loop van 2025 is een aanvullende langlopende lening aangetrokken, die is afgesloten ná het opstellen van de primaire begroting. De hiermee samenhangende rentelasten zijn verwerkt via een begrotingswijziging in de eerste tussentijdse bestuursrapportage van 2025 en opgenomen in de gewijzigde begroting. De aantrekking van deze lening heeft geleid tot hogere rentelasten. Tegelijkertijd zijn echter ook extra renteopbrengsten uit schatkistbankieren gerealiseerd, doordat geplande investeringen zijn uitgesteld en grotendeels pas in 2026 tot besteding komen. Hierdoor bleef tijdelijk meer liquide middelen beschikbaar, wat een positief effect had op de renteopbrengsten. Voor de begroting 2026 worden de rentelasten van de nieuwe lening incidenteel verwerkt en via de tussentijdse bestuursrapportages gemeld. De structurele verwerking van deze hogere rentelasten vindt plaats in de begroting 2027.
Alle wijzigingen zijn conform de geldende regelgeving tijdig gerapporteerd via begrotingswijzigingen in de tussentijdse bestuursrapportages. Over reserves en voorzieningen is geen rente berekend. Per saldo resulteert dit in een positief renteresultaat op het taakveld treasury over 2025 van 123.573 euro. In de onderstaande tabel is het renteschema voor 2025 opgenomen. Renteschema 2025 a. De externe rentelasten over de korte en lange financiering € 584.591 b. De externe rentebaten (rekeningcourant en schatkistbankieren) -/- € 123.573 Totaal door te rekenen externe rente € 461.018 c. De rente die aan de grondexploitatie moet worden doorberekend. -/- € - De rente van projectfinanciering die aan het betreffende taakveld moet worden toegerekend -/- € - -/- € - Saldo door te rekenen externe rente € 461.018 d1. Rente over eigen vermogen € - d2. Rente over voorzieningen (gewaardeerd op contante waarde) € - De aan taakvelden (programma's inclusief overzicht Overhead) toe te rekenen rente € 461.018 e. De werkelijk aan taakvelden (programma's inclusief overzicht Overhead) toegerekende rente (renteomslag) -/- € 584.591 f.
Renteresultaat op het taakveld treasury € 123.573 College van burgemeester en wethouders - 26 mei 2026 - 2026_B&W_00382 45/109 40 2.5 Verbonden partijen Met het inzetten van verbonden partijen kunnen we bijdragen aan het realiseren van de doelstellingen van Veiligheidsregio IJsselland. Het deelnemen in een verbonden partij kan ook risico’s met zich meebrengen. Dit laatste is een belangrijke reden geweest om in het Besluit begroting en verantwoording (BBV) de verplichting op te nemen om de bijdrage/ het risico van verbonden partijen te melden in een afzonderlijke paragraaf van zowel de begroting als de jaarstukken. Een verbonden partij is een publiekrechtelijke of privaatrechtelijke organisatie waarin we zowel een bestuurlijk als een risicodragend financieel belang hebben. Een bestuurlijk belang is in deze context zeggenschap in de vorm van vertegenwoordiging in het bestuur of het hebben van stemrecht. Een risicodragend financieel belang wil zeggen dat we verlies kunnen lijden bij een eventueel faillissement van de verbonden partij en/of aansprakelijk kunnen worden gehouden voor een bepaald bedrag als de verbonden partij haar verplichtingen niet nakomt.
De Commissie BBV beveelt aan om, vanwege het maatschappelijke of algemene belang en de mogelijke risico’s, ook organisaties op te nemen in de paragraaf verbonden partijen indien: - formeel juridisch geen sprake is van een verbonden partij door het ontbreken van een financieel belang, zoals gedefinieerd in het BBV, maar er wel sprake is van een structurele bekostiging in overwegende mate van (de activiteiten van) een organisatie via één of meer geldstromen (begrotingsfinanciering, subsidie en overeenkomst van opdracht) én een bestuurlijke belang. Hieronder zijn vier partijen genoemd, die gezien kunnen worden als verbonden partijen van Veiligheidsregio IJsselland. Gezamenlijke meldkamerfunctie van Brandweer/Multidisciplinaire Samenwerking Doelstelling Gezamenlijke uitvoering van de wettelijke meldkamerfunctie en –taken voor de brandweer, de rampenbestrijding, de crisisbeheersing en de geneeskundige hulpverlening door de 5 veiligheidsregio’s in Oost-Nederland. De gezamenlijke meldkamerfunctie van Brandweer/Multi (MKBM), een zelfstandig onderdeel van de MKON in Apeldoorn, valt onder de verantwoordelijkheid van de vijf veiligheidsregio’s in Oost-Nederland. Zoals de Wet veiligheidsregio’s aangeeft hebben deze regio’s in 2023 hun afspraken over de meldkamersamenwerking vastgelegd in een bestuurlijk convenant.
Bestuurlijk en financieel belang De besturen van de vijf veiligheidsregio’s worden voor het beheer van de MKBM vertegenwoordigd door een bestuursraad, samengesteld uit de portefeuillehouders meldkamer. In het convenant is afgesproken welke onderwerpen in de bestuursraad aan de orde komen en welke worden voorgelegd aan de besturen van de afzonderlijke veiligheidsregio’s voor besluitvorming. College van burgemeester en wethouders - 26 mei 2026 - 2026_B&W_00382 46/109 41 De kosten van het takenpakket volgens de eigen begroting MKBM worden gezamenlijk door de partijen gedragen op basis van de verdeelsleutel, die is vastgesteld door de besturen van de veiligheidsregio’s. Deze verdeelsleutel ondergaat geen jaarlijkse wijziging. Risico Geen bijzondere risico's. Financiële gevolgen voor de deelnemende veiligheidsregio’s waarvoor niet reeds afspraken over de bekostiging gemaakt zijn, worden via het directieberaad en de bestuursraad aangeboden aan de besturen van de deelnemende veiligheidsregio’s. Ontwikkeling van het Eigen- en Vreemd vermogen Geen gegevens beschikbaar. Stichting Brandweeropleidingen Gelderland Overijssel (Stichting BOGO) Doelstelling Het ontwikkelen en verzorgen van opleidingen, oefeningen en trainingen van brandweermedewerkers in opdracht van zes veiligheidsregio’s, onder andere Veiligheidsregio IJsselland, op niet commerciële/ marktgerichte basis.
Stichting BOGO is gevestigd in Hattem. Bestuurlijk en financieel belang Veiligheidsregio IJsselland heeft een bestuurlijk belang in Stichting BOGO. Er is sprake van zeggenschap en stemrecht door de vertegenwoordiging in het bestuur. De commandant brandweer/ directeur VRIJ heeft zitting in het bestuur van de BOGO. Hij is benoemd op voordracht van het bestuur van Veiligheidsregio IJsselland. Formeel heeft de veiligheidsregio geen financieel belang, zoals gedefinieerd in het BBV, in de Stichting BOGO. Veiligheidsregio IJsselland doet namelijk alleen betalingen aan de stichting voor afgesproken tegenprestaties. Formeel juridisch is Stichting BOGO daardoor voor de veiligheidsregio geen verbonden partij. Maar wat dit betreft volgen wij de aanbeveling van de Commissie BBV, genoemd in de inleiding, op en blijven wij Stichting BOGO opnemen in de paragraaf Verbonden partijen. Risico Als veiligheidsregio nemen we van de BOGO opleidingen af op basis van instroom en doorontwikkeling van beroepsbrandweerlieden/ brandweervrijwilligers. Sinds enkele jaren factureert en ontvangt de BOGO de hele bedragen voorafgaand aan de opleidingen. Mocht de BOGO in financiële problemen komen dan kunnen de vooruitbetalingen voor de veiligheidsregio wel een risico opleveren als de afgesproken opleidingen niet of beperkt doorgaan en terugbetaling aan de veiligheidsregio niet mogelijk is.
Het risico is klein omdat de Stichting BOGO een gedegen financieel beheer voert, vertegenwoordigers van de veiligheidsregio’s en drie gemeenten het bestuur vormen en omdat de zes veiligheidsregio’s geen andere financiële banden met de BOGO hebben dan alleen die van opdrachtgevers. Ontwikkeling van het Eigen- en Vreemd vermogen Geen gegevens beschikbaar. College van burgemeester en wethouders - 26 mei 2026 - 2026_B&W_00382 47/109 42 Werkgevers Vereniging Samenwerkende Veiligheidsregio’s (WVSV) Doelstelling De landelijke Werkgeversvereniging Samenwerkende Veiligheidsregio’s (WVSV) heeft tot doel het namens de veiligheidsregio’s, als gezamenlijke werkgeversorganisatie, voeren van onderhandelingen en sluiten van collectieve arbeidsovereenkomsten en arbeidsvoorwaardenovereenkomsten met werknemersorganisaties ten behoeve van het personeel van de veiligheidsregio’s. Bestuurlijk en financieel belang Veiligheidsregio IJsselland heeft een bestuurlijk belang in de WVSV. Volgens de statuten van de vereniging is de voorzitter van het algemeen bestuur van Veiligheidsregio IJsselland afgevaardigde naar de algemene vergadering van de WVSV. Een lid van het algemeen bestuur (de waarnemend voorzitter) is plaatsvervangend lid van die algemene vergadering. De kosten van de vereniging worden gedekt uit de contributiegelden.
Voor haar lidmaatschap is de veiligheidsregio per verenigingsjaar een contributie verschuldigd, waarvan de hoogte elk jaar door de algemene vergadering wordt vastgesteld. De contributie vormt geen risicodragend financieel belang in de zin van het BBV. De veiligheidsregio’s kunnen ook niet aansprakelijk worden gehouden voor een bepaald bedrag als de WVSV haar verplichtingen niet nakomt. De WVSV is daarmee geen verbonden partij, zoals omschreven in het BBV. Risico Geen bijzondere risico's. Ontwikkeling van het Eigen- en Vreemd vermogen WVSV (bedragen x 1000 euro) 2025 2024 Eigen vermogen 441 232 Vreemd vermogen 582 181 Balanstotaal 1.023 413 Nederlands Instituut Publieke Veiligheid (NIPV) Doelstelling Het Nederlands Instituut Publieke Veiligheid is ingesteld door de Wet veiligheidsregio’s en heeft wettelijke taken op het gebied van de brandweerzorg, de rampenbestrijding, de crisisbeheersing en de geneeskundige hulpverlening. Daarnaast voert het NIPV werkzaamheden uit in opdracht van en voor een of meer veiligheidsregio’s. Bestuurlijk en financieel belang Het NIPV heeft een algemeen bestuur, dat bestaat uit de voorzitters van de veiligheidsregio’s gezamenlijk. Daarmee heeft Veiligheidsregio IJsselland een bestuurlijk belang in het NIPV.
De bijdrage van Veiligheidsregio IJsselland voor collectieve en individuele dienstverlening van het NIPV bedraagt circa 380.000 euro per jaar waar een directe tegenprestatie College van burgemeester en wethouders - 26 mei 2026 - 2026_B&W_00382 48/109 43 tegenover staat. Formeel heeft de veiligheidsregio geen financieel belang, zoals gedefinieerd in het BBV, in het NIPV omdat de veiligheidsregio alleen betalingen doet aan het NIPV voor afgesproken tegenprestaties. Formeel juridisch is het NIPV daardoor voor de veiligheidsregio geen verbonden partij. We volgen echter wel de aanbeveling van de Commissie BBV, genoemd in de inleiding, op en blijven het NIPV opnemen in de paragraaf Verbonden partijen. Risico Het risico is nihil. Het NIPV is een publiekrechtelijk rechtspersoon, net als gemeenten en veiligheidsregio’s. Daarbij is het NIPV een zelfstandig bestuursorgaan en kunnen zij geen beroep op de veiligheidsregio doen ingeval van financiële problemen.
Ontwikkeling van het Eigen- en Vreemd vermogen NIPV (bedragen x 1000 euro) 2025 2024 Eigen vermogen 13.937 16.603 Vreemd vermogen 56.386 60.272 Balanstotaal 70.323 76.875 College van burgemeester en wethouders - 26 mei 2026 - 2026_B&W_00382 49/109 44 2.6 Onderhoud kapitaalgoederen In artikel 12 van het BBV wordt aangegeven wat de beleidskaders zijn voor het onderhoud van kapitaalgoederen, de financiële consequenties en de vertaling van deze consequenties in de begroting. We beschikken over een aanzienlijke omvang kapitaalgoederen. Met het onderhoud van de kapitaalgoederen is een substantieel deel van de begroting gemoeid. Deze kapitaalgoederen bestaan voor een groot deel uit voertuigen en materieel. Gebouwen Voor de kazernes zijn met de gemeenten afspraken gemaakt over het onderhoud van het gebruikersdeel. Hiervoor wordt gebruik gemaakt van demarcatielijsten en meerjarige onderhoudsplannen (MJOP). De kazernes worden gehuurd van de elf gemeenten. De huurprijs wordt gebaseerd op de kostprijs. Op basis van de begrotingen van de gemeenten zijn de volledige huisvestingskosten in beeld gebracht inclusief de kosten voor groot onderhoud. Het groot onderhoud voor alle brandweerkazernes wordt uitgevoerd door de gemeentelijke vastgoedonderdelen.
De kosten van dit groot onderhoud zijn in de nulmeting in beeld gebracht en maken naast de gemiddelde kapitaallasten deel uit van de huurprijzen. Materieel Veiligheidsregio IJsselland beschikt over een omvangrijke vloot aan voertuigen en operationeel materieel. Het team Beheer & Techniek is verantwoordelijk voor het beheer, het onderhoud en de inzetbaarheid van al het rijdend materieel en de daarbij behorende materialen. Hiermee wordt geborgd dat de operationele eenheden te allen tijde veilig, betrouwbaar en adequaat kunnen optreden. Binnen dit taakveld wordt continu gewerkt aan efficiency- en kwaliteitsverbeteringen in het beheer en onderhoud. Daarbij wordt steeds gezocht naar een zorgvuldige balans tussen enerzijds de betrokkenheid en praktische kennis van vrijwilligers binnen de brandweerkazernes en anderzijds de noodzakelijke professionaliteit en zakelijkheid vanuit de organisatie. College van burgemeester en wethouders - 26 mei 2026 - 2026_B&W_00382 50/109 45 2.7 Openbaarheid Veiligheidsregio IJsselland hecht groot belang aan openbaarheid, transparantie en een goede informatievoorziening richting inwoners, bestuurders en samenwerkingspartners. In lijn met artikel 3.1 van de Wet open overheid (Woo) wordt actief gewerkt aan het uit eigen beweging openbaar maken van informatie, voor zover deze openbaar kan worden verstrekt.
Een groot deel van de bestuurlijke en beleidsmatige informatie is reeds openbaar beschikbaar via de website van Veiligheidsregio IJsselland. Dit betreft onder meer vergaderstukken en besluiten van het algemeen bestuur, documenten uit de planning- en controlcyclus, het Crisisplan en overige relevante beleids- en verantwoordingsstukken. Hiermee wordt invulling gegeven aan de actieve openbaarmakingsplicht zoals bedoeld in artikel 3.3 van de Woo. Voor de informatiecategorieën waarvoor de actieve openbaarmaking gefaseerd wordt ingevoerd, zoals vastgelegd in artikel 3.3a van de Woo, volgt Veiligheidsregio IJsselland de landelijke implementatiestappen en geldende termijnen. Daarnaast biedt Veiligheidsregio IJsselland belanghebbenden de mogelijkheid om informatie op te vragen via een Woo-verzoek, overeenkomstig de bepalingen in hoofdstuk 4 van de Wet open overheid. Woo-verzoeken worden zorgvuldig, tijdig en volgens de wettelijke procedures behandeld, waarbij een belangenafweging plaatsvindt tussen openbaarheid en de bescherming van belangen zoals privacy, veiligheid en bedrijfsgevoelige informatie. De uitvoering van het beleid rondom open overheid is nader toegelicht onder het kopje ‘Wet open overheid’. Door zowel actieve als passieve openbaarmaking draagt Veiligheidsregio IJsselland bij aan een transparante overheid en een versterking van het vertrouwen in het openbaar bestuur.
College van burgemeester en wethouders - 26 mei 2026 - 2026_B&W_00382 51/109 46 3. Sociaal jaarverslag 3.1 Personele cijfers 2025 Formatie en bezetting beroepsmedewerkers in 2025 In 2025 was de totale formatieve ruimte 293,10 fte en de totale bezetting (beroepsmedewerkers met een vaste of tijdelijke aanstelling) 282,94 fte. In absolute aantallen van medewerkers kan de volgende vergelijking met 2024 worden gemaakt: Tijdelijke inhuur (ZZP’ers, uitzendkrachten, expertise, detacheringen) zijn niet meegenomen in de telling. In totaal gaat het om 42 medewerkers die in 2025 tijdelijk zijn ingehuurd. Er waren 22 medewerkers in dienst met buitengewoon verlof vanuit het FLO-overgangsrecht. Bezetting vrijwilligers in 2025 In december 2025 waren er in totaal 813 vrijwilligers in dienst, waarvan 73 vrijwilligers een niet repressieve aanstelling hadden. In absolute aantallen van medewerkers kan de volgende vergelijking met 2024 gemaakt worden: College van burgemeester en wethouders - 26 mei 2026 - 2026_B&W_00382 52/109 47 In en uitdienst Beroepsmedewerkers In 2025 zijn er 33 beroepsmedewerkers ingestroomd, waarvan zes manschappen bij de 24-uursdienst van Deventer en Zwolle. Vier van deze manschappen zijn ingestroomd als aspirant. In 2025 zijn er 32 beroepsmedewerkers uitgestroomd, waarvan vier in de 24- uursdienst van Zwolle en Deventer.
Vrijwilligers (repressief en niet repressief) In het najaar van 2024 is er, zoals elk najaar, een grote wervingscampagne opgestart voor nieuwe vrijwilligers. Na de infodagen, selectiedagen, assessments en een keuringen zijn circa 60 aspiranten per 1 april 2025 aangesteld en starten in de loop van het jaar met hun opleiding van twee jaar. Dit verklaart de jaarlijkse piek in april. College van burgemeester en wethouders - 26 mei 2026 - 2026_B&W_00382 53/109 48 Stagiaires In 2025 hebben 18 studenten stagegelopen bij onze organisatie. Ziekteverzuim Het verzuimpercentage van de Veiligheidsregio IJsselland bedroeg 4,02 procent in 2025 ten opzichte van 4,92 procent in 2024. College van burgemeester en wethouders - 26 mei 2026 - 2026_B&W_00382 54/109 49 Verdeling in leeftijd en man/vrouw Beroepsmedewerkers met een vaste of tijdelijke aanstelling in 2025: Vrijwilligers (repressief en niet repressief) met een vaste of tijdelijke aanstelling in 2025: College van burgemeester en wethouders - 26 mei 2026 - 2026_B&W_00382 55/109 50 3.2 Arbeidsomstandigheden In deze paragraaf worden activiteiten toegelicht die in 2025 binnen Veiligheidsregio IJsselland op het gebied van arbeidsomstandigheden hebben plaatsgevonden. Op het gebied van arbeidsomstandigheden bevinden we ons in de fase waarin we (succesvol) reactief acteren op ongewenste situaties.
Daarnaast is er de wens om de stap te kunnen maken preventief te handelen en zo risico’s in onze werkzaamheden te voorkomen. Hiervoor is het nodig dat informatie/data op het gebied van Arbo & veiligheid centraal in kaart wordt gebracht en het management op basis van ‘leading indicators’ kan sturen. In 2025 stonden we voor de uitdaging hoe we dit binnen onze organisatie vorm kunnen geven. Ongevallen en incidenten In 2025 zijn er 53 meldingen van (bijna) ongevallen binnengekomen. In onderstaande afbeelding is hier een overzicht van te zien. Opvallend is dat 75 procent van de meldingen betrekking heeft op oefensituaties en op sportactiviteiten. Meldingen met betrekking tot de inzet bij incident vormen slechts een klein deel van de meldingen. Er is een eerste aanzet gedaan om het thema ‘veiligheid in vakbekwaam worden en blijven’ op een structurele manier in te bouwen. Hierbij worden vooraf veiligheidsrisico’s en processen op zowel de oefenlocaties als in de oefenprogramma’s op een structurele manier ingebouwd om op die wijze het aantal incidenten te verminderen. De opvolging van deze stappen heeft nodige aandacht en prioriteitsstelling in 2026. Hiervoor kan de methodische werkwijze ontwikkeld en geïmplementeerd op het thema duiken als standaard worden genomen in de werkprocessen van andere soorten incidenten.
Tijdens een inzet van het veetakel-team van de post Hasselt in Genemuiden is de Noodprocedure Brandweer afgekondigd, doordat één van de ingezette manschappen dermate in de problemen kwam in een gierkelder en daarbij de ademlucht opraakte. De Nederlandse Arbeidsinspectie is over het incident geïnformeerd en een intern ongevalsonderzoek is afgerond. College van burgemeester en wethouders - 26 mei 2026 - 2026_B&W_00382 56/109 51 Warme RI&E In 2024 werd na een traject van enkele jaren “de warme RI&E” afgesloten. De warme RI&E is een instrument vanuit brandweer Nederland, waarin aan de hand van een aantal thema’s risico’s en de risicobeleving door de manschappen voor een standaard inzet in kaart worden gebracht. Vanuit de RI&E is een plan van aanpak opgesteld met daarin de aandachtsgebieden. De invulling en opvolging van deze acties is belegd in de “Rode Organisatie” middels een plan van aanpak, die in 2025 tot uitvoer is gebracht. De evaluatie van dit plan van aanpak wordt begeleid door afdeling Incident Bestrijding. Positief gezond werkgeverschap Veiligheidsregio IJsselland hecht er vanuit de visie op gezondheid veel waarde aan dat medewerkers gedurende hun hele loopbaan gezond en vitaal hun werk kunnen blijven doen.
Om hieraan bij te dragen wordt er sinds januari 2022 samengewerkt met arbodienst Rienks, die het gedachtegoed van positieve gezondheid onderschrijft, waarbij gezondheid gezien wordt als meer dan alleen de afwezigheid van ziekte. Daarnaast zijn projecten doorontwikkeld die indirect bijdragen aan vitaal en gezond werken. Een voorbeeld hiervan is de ontwikkelgerichte gesprekscyclus als onderdeel van ons talent- en mobiliteitsbeleid (Talent in Beeld). Deze vorm van gesprekken over ontwikkeling sluit aan bij de visie op positief gezond werkgeverschap en talentontwikkeling. De ontwikkelgerichte gesprekscyclus is erop gericht om de duurzame inzetbaarheid en eigenaarschap van medewerkers te versterken. De cyclus is flexibel en integreert continue feedback en zelfreflectie vanuit een positieve lading. Het is het doel dat medewerkers meer eigen regie nemen en doelgericht werken aan hun eigen ontwikkeling en werk. Daarnaast is er gewerkt aan het opstellen van gedragsprofielen voor leidinggevenden, met daarbij ook specifiek aandacht voor de kwaliteiten en eigenschappen die nodig zijn om medewerkers te kunnen faciliteren in de eigen regie op gezondheid. Ongewenst gedrag Gevolgen van ongewenste omgangsvormen kunnen een enorme impact hebben op medewerkers en in bijzondere situaties op de omgeving en de organisatie.
Medewerkers kunnen gebruik maken van een speciaal opgeleide vertrouwenspersoon, gefaciliteerd door de organisatie (via OnzeCoach). In 2025 zijn een aantal meldingen binnengekomen bij de vertrouwenspersoon en zijn ook enkele vervolg acties/onderzoeken opgestart en uitgevoerd. Veilige publieke taak (agressie & geweld) Helaas is bekend dat ook medewerkers van de Veiligheidsregio in de uitvoering van hun taken tegen agressie aanlopen. In hoeverre dit “als onderdeel van het werk” wordt ervaren en niet als exceptionele te melden incident verdient aandacht. Die aandacht wordt enerzijds bestuurlijk gegeven, waarbij bijvoorbeeld een aantal burgemeesters op oudjaarnacht persoonlijk de hulpverleners benaderen. Anderzijds wordt vanuit de organisatie aandacht besteed aan de mogelijkheid om aangifte te doen volgens protocol “agressie geweld publieke taak”. In 2025 is geen melding gedaan met betrekking tot dit thema. College van burgemeester en wethouders - 26 mei 2026 - 2026_B&W_00382 57/109 52 Bijlage 1: gegevens per gemeente Algemeen: met de gemeenten zijn maatwerkafspraken gemaakt over de dienstverlening. Niet alle taken komen in de overzichten terug, aangezien een aantal taken niet in prestatie- indicatoren uit te drukken is. Adviezen op A en B evenementen De A- en B-evenementen zijn de lichtere evenementen.
De gemeente Kampen en Zwolle verzorgen zelf de advisering op de A- en B-evenementen. Olst-Wijhe en Deventer werkt niet in LiveEvents, maar voor Deventer wordt wel advies gegeven bij B-evenementen. In 2025 waren veertien grote C-evenementen waar advies is gegeven: één in Dalfsen, vijf in Deventer, drie in Raalte, en vijf in Zwolle. GRIP-incidenten Er hebben zich in 2025 vijf GRIP1-incidenten voorgedaan. Zie onderstaand overzicht. Er is driemaal (voorbereidend) ROT (Regionaal Operationeel Team) geformeerd in deze periode. Nr. Datu m GRI P Plaats Incident Evaluatie 1 27-01- 2025 1 Hasselt Brand bij palletbedrijf Infographic brandweer 2 19-02- 2025 1 Heetveld Brand in fabriekshal Rapport 3 09-03- 2025 1 Balkbrug Brand bij recyclingbedr ijf Rapport 4 10-08- 2025 1 Rouveen Eenzijdig ongeval op de A28: Rapport 0 20 40 60 80 100 120 College van burgemeester en wethouders - 26 mei 2026 - 2026_B&W_00382 58/109 53 Nr. Datu m GRI P Plaats Incident Evaluatie personenauto te water 5 22-08- 2025 1 Deventer Flatbrand, ontruiming van drie verdiepingen Rapport (Voorbereidende) ROT’s N r. Datu m Plaats Incident Evaluatie 1 13-06- 2025 Zwolle Afgelaste halve marathon Infographic brandweer 2 25-06- 2025 Landelijk Odido-storing Rapport 3 01-08- 2025 Landelijk Odido-storing Rapport Aantal incidenten per gemeente In onderstaand overzicht staat het totaal aantal unieke incidenten binnen onze regio.