5.0VNG - LOGA - Salarisbrief cao 2023.pdf
Tekst van het document
College van Arbeidszaken / VNG Nassaulaan 12 Den Haag | Postbus 30435 | 2500 GK Den Haag 070 - 373 83 93 | info@vng.nl Samenvatting Met deze brief informeren wij u over de wijzigingen van de gemeentelijke salarisbedragen per 2 januari 2023. Deze wijzigingen zijn het gevolg van het arbeidsvoorwaardenakkoord voor de Cao Gemeenten 2023 en de Cao SGO 2023. In deze brief staat de uitwerking van de afspraken over: 1. Salarismaatregelen met ingang van 2 januari 2023 a. Salarismutatie per 2 januari 2023 b. Minimumsalaris van € 14 c. Schaal A d. Onderwijzend personeel in de kunsteducatie e. Basis loongebouw vernieuwd 2. De invloed van de salarismaatregelen op uitkeringen in verband met ontslag en werkloosheid 3. De invloed van de salarismaatregelen op pensioengevend inkomen 4. De invloed van salarismaatregelen op overige groepen 5. Publicatie tekst Cao Gemeenten en Cao SGO De uitwerkingen worden opgenomen in de Cao Gemeenten en Cao SGO die vanaf 2 januari 2023 gelden. De desbetreffende artikelen vindt u in de cao’s. Zodra de cao teksten gepubliceerd worden op vng.nl, wsgo.nl en caogemeenten.nl wordt u daarover geïnformeerd. Brief aan de leden Datum 5 april 2023 Kenmerk U202300258 Lbr.
23 /012 LOGA-nr 23/02 Telefoon 070 373 83 93 Bijlage(n) Onderwerp salarisbrief cao 2023 College van Arbeidszaken / VNG Nassaulaan 12 Den Haag | Postbus 30435 | 2500 GK Den Haag 070 - 373 83 93 | info@vng.nl Geachte leden, Inleiding Met deze salarisbrief informeren wij u over de wijzigingen van de gemeentelijke salarisbedragen per 2 januari 2023. Deze wijzigingen zijn het gevolg van het principeakkoord voor de Cao Gemeenten 2023 en de Cao SGO 2023. In deze brief staat de uitwerking van de afspraken over: 1. Salarismaatregelen met ingang van 2 januari 2023 a. Salarismutatie per 2 januari 2023 b. Minimumsalaris van € 14 c. Schaal A d. Onderwijzend personeel in de kunsteducatie e. Basis loongebouw vernieuwd 2. De invloed van de salarismaatregelen op uitkeringen in verband met ontslag en werkloosheid 3. De invloed van de salarismaatregelen op pensioengevend inkomen 4. De invloed van salarismaatregelen op overige groepen 5. Publicatie tekst Cao Gemeenten en Cao SGO De uitwerking van de andere afspraken in de Cao Gemeenten 2023 en Cao SGO 2023 staat in een andere LOGA-brief, ‘nieuwe artikelen cao 2023’, die u tegelijk met deze brief ontvangt. Brief aan de leden Datum 5 april 2023 Kenmerk U202300258 Lbr. 23 /012 LOGA-nr 23/02 Telefoon 070 373 83 93 Bijlage(n) Onderwerp salarisbrief cao 2023 College voor Arbeidszaken / VNG 3/8 1.
Salarismaatregelen met ingang van 2 januari 2023 Salarismutatie per 2 januari 2023 De salaristabel van april 2022 is aangepast met de afgesproken salarismutatie van 2 ja nuari 2023 in de nieuwe cao. Allereerst is een nominale stijging van € 240 doorgevoerd en vervolgens een stijging van 2%. De nieuwe salaristabellen voor gemeenteambtenaren staan in bijlage 1 van deze brief. Minimumsalaris van €14 per uur blijft Voor de salaristabel voor gemeenteambtenaren en de salaristabel schaal A voor doelgroep Wet banenafspraak geldt dat er een salarisbodem van €14 per uur blijft gelden, net als in 2022. Dit is omgerekend naar een salarisbedrag € 2.184,- per maand op basis van een voltijdsdienstverband. Schaal A Medewerkers in schaal A die op 21 februari 2023 in dienst zijn, worden met terugwerkende kracht tot 2 januari 2023 ingeschaald in periodiek 11 van schaal A (€ 2.321). Cao partijen hebben dit afgesproken om ook voor medewerkers in schaal A een salarisverhoging te kunnen realiseren. Medewerkers die vanaf 22 februari 2023 in dienst komen en in schaal A worden ingedeeld, kunnen in een lagere periodiek worden aangenomen. De tabel staat in bijlage 1. Onderwijzend personeel in de kunsteducatie Voor onderwijzend personeel in de kunsteducatie geldt een afwijkend salarisgebouw. Voor hen geldt de salarisverhoging ook.
Daarom zijn de gewijzigde salaristabellen toegevoegd met de salarissen voor het onderwijzend personeel in de kunsteducatie per 2 januari 2023. De afspraak van de salarisverhoging wordt verwerkt in artikel 14.6 lid 2 cao. De tabel staat in bijlage 1. Basis loongebouw vernieuwd Partijen passen de basis van het loongebouw in artikel 3.3 lid 3 cao aan per 2 januari 2023 nadat eerst de salarismutatie is doorgevoerd: ▪ in elke betreffende schaal wordt de periodiek die het dichtst onder het bedrag van € 2.184 zit — nadat de salarismutatie is doorgevoerd — gezet op € 2.184. De nieuwe periodiek van € 2.184 wordt niet geïndexeerd. De periodieken daarboven worden wel geïndexeerd met toekomstige salarisverhogingen. ▪ de periodieken die onder het bedrag van € 2.184 uitkomen, worden geschrapt. Dat zijn: o in schaal 1 periodiek 0 t/m 3 o in schaal 2 periodiek 0 en 1 o in schaal 3 periodiek 0 ▪ medewerkers die - nadat de salarismutatie is doorgevoerd op 2 januari 2023 – zouden zijn ingeschaald in periodieken van minder dan € 2.184 (die dus zijn geschrapt), worden per 2 januari 2023 formeel ingeschaald in de naast hogere periodiek boven de € 2.184. Deze medewerker krijgt op deze wijze nog een loonsverhoging. Deze extra periodiek die cao partijen hebben afgesproken, staat los van de reguliere periodiekdatum die een medewerker heeft op grond van artikel 3.4 cao.
Voorbeeld Bert Bert zit in 2022 in schaal 1 periodiek 3. Zijn periodiekdatum is 1 mei. Bert verdiende in 2022 €2.184 (periodiek 3 is €1.822, onder de € 14 in 2022). Nadat het salarisgebouw is aangepast met de salarismutatie is periodiek 3 geworden €2.103 en wordt daarmee geschrapt. Daarmee komt Bert uit op €2.184 als de nieuwe periodiek 4. Vervolgens krijgt Bert de naast hogere periodiek 5 van € College voor Arbeidszaken / VNG 4/8 2.190 op grond van de cao-afspraak. Op zijn periodiekdatum van 1 mei 2023 gaat Bert naar periodiek 6 van € 2.233. Uitbetalingsmoment De nieuwe salaristabellen gaan in per 2 januari 2023. Het LOGA adviseert werkgevers om zo spoedig mogelijk na de formele goedkeuring van het principeakkoord de reguliere salarisbetaling conform de nieuwe salaristabellen te laten plaatsvinden inclusief de nabetaling. 2. Invloed van de salarismaatregelen op uitkeringen in verband met ontslag en werkloosheid De structurele salarisstijgingen van € 240 nominaal en 2% per 2 januari 2023 werken door naar de reeds ingegane uitkeringen in verband met ontslag, arbeidsongeschiktheid in en door de dienst en werkloosheid op grond van respectievelijk hoofdstuk 7, en hoofdstuk 10 Cao Gemeenten en Cao SGO volgens de in de desbetreffende hoofdstukken beschreven indexatiesystematiek.
De bovenwettelijke uitkeringen (arbeidsongeschiktheid in en door de dienst, reparatie -uitkering, aanvullende uitkering en na-wettelijke uitkering) op grond van de Cao Gemeenten of Cao SGO worden dus geïndexeerd. Voor de hoogte van de indexatie van de uitkeringen dient te worden uitgegaan van de procentuele stijging van de schaal en periodiek tussen 1 april 2022 en 2 januari 2023. Door de nominale stijging is dit percentage per schaal en periodiek dus verschillend. Daarom moet worden gekeken naar de schaal en de periodiek waarin de werknemer zat voorafgaand aan de start van de uitkering. Is niet meer te achterhalen in welke periodiek de medewerker zat, dan moet voor de indexatie worden gekeken naar de procentuele stijging in de 6 e periodiek van de schaal waarin de medewerker zat. De procentuele stijgingen van de 6de periodiek zijn: Schaal 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 Percentage 2% 9% 13% 13% 12% 12% 11% 10% 9% 8% Schaal 10a 11 11a 12 13 14 15 16 17 18 Percentage 8% 7% 7% 7% 6% 6% 6% 5% 5% 5% Voor schaal A geldt 6%. 3. De invloed van salarismaatregelen op pensioengevend inkomen De pensioengrondslag wordt jaarlijks per 1 januari vastgesteld volgens het ABP Pensioenreglement. Dit betekent dat de structurele salarisverhogingen van 240 euro en 2% per 2 januari 2023 per 1 januari 2024 tot het pensioengevend inkomen gerekend. Zie ook de website van ABP. 4.
Invloed van de salarismaatregelen op overige groepen Politieke ambtsdragers De salarisontwikkelingen van politieke ambtsdragers in de sector gemeenten volgen de afspraken die worden gemaakt voor de medewerkers in de Cao Rijk. De salarisontwikkelingen van werknemers in de Cao Gemeenten en Cao SGO zijn dus niet van invloed op de salarissen en onkostentoelagen van de gemeentelijke politieke ambtsdragers. College voor Arbeidszaken / VNG 5/8 Buitengewone ambtenaren burgerlijke stand (BABS) De afspraken in de cao hebben geen directe invloed op de buitengewone ambtenaren van de burgerlijke stand. De buitengewone ambtenaren van de burgerlijke stand vallen niet onder de reikwijdte van de Cao Gemeenten. Alleen als de gemeentelijke organisatie de modelarbeidsovereenkomst van de VNG voor de BABS integraal heeft overgenomen, werken de structurele salarismutaties op grond van artikel 5 van deze voorbeeldregeling wel door in de aan hen uitbetaalde vergoedingen. Zie https://vng.nl/publicaties/model-arbeidsovereenkomst-babs Flexkrachten (uitzendkrachten, payroll) De salarismaatregelen in de cao gelden ook voor uitzend- en payrollkrachten in gemeentelijke organisaties. Dit komt door afspraken in de Wet allocatie arbeidskrachten door intermediairs (WAADI) en de geldende bepaling van artikel 16 ABU-cao en artikel 16 NBBU-cao.
Voor de payrollmedewerkers is in artikel 2.6 cao afgesproken dat zij een gelijke beloning ontvangen. Zzp Zelfstandigen (zonder personeel) zijn niet in dienst bij een gemeentelijke organisatie en kunnen géén rechten ontlenen aan de salarisontwikkelingen in de cao. Met zzp’ers worden individuele afspraken gemaakt over de beloning. 5. Publicatie tekst Cao Gemeenten en Cao SGO De uitwerkingen vermeld in deze LOGA-brief worden opgenomen in de tekst van de Cao Gemeenten en Cao SGO die geldt vanaf 2 januari 2023. Zodra de cao teksten gepubliceerd worden op vng.nl, wsgo.nl en caogemeenten.nl wordt u daarover geïnformeerd. Deze ledenbrief staat ook op www.vng.nl onder brieven en op www.wsgo.nl onder publicaties. Hoogachtend, Landelijk Overleg Gemeentelijke Arbeidsvoorwaarden Janine Jongepier Secretaris
College voor Arbeidszaken / VNG 6/8 Bijlage 1 Bij salarisbrief van 5 april 2023 Salaristabel artikel 3.3 lid 3 cao per 2 januari 2023 periodiek Schaal 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 0 2184 2184 2295 2545 2878 3167 3396 1 2184 2197 2259 2388 2642 2984 3291 3543 2 2184 2211 2280 2351 2482 2739 3091 3416 3689 3 2195 2286 2363 2443 2576 2836 3198 3540 3836 4 2184 2255 2361 2446 2535 2669 2933 3304 3665 3983 5 2190 2314 2436 2530 2626 2763 3030 3411 3789 4130 6 2233 2373 2511 2613 2718 2855 3127 3519 3914 4276 7 2276 2433 2586 2697 2809 2949 3224 3625 4039 4423 8 2320 2492 2661 2780 2901 3042 3321 3732 4163 4570 9 2363 2552 2736 2863 2993 3136 3418 3839 4288 4717 10 2406 2611 2811 2947 3084 3229 3515 3945 4412 4863 11 2450 2671 2886 3030 3176 3323 3612 4052 4537 5009 periodiek Schaal 10A 11 11A 12 13 14 15 16 17 18 0 3719 4020 4400 4781 5309 5625 6030 6439 7099 7843 1 3869 4176 4557 4937 5462 5810 6244 6688 7368 8132 2 4019 4332 4713 5091 5616 5995 6457 6937 7636 8420 3 4170 4489 4868 5245 5768 6179 6671 7186 7905 8709 4 4320 4645 5024 5398 5921 6364 6885 7435 8173 8997 5 4471 4801 5177 5551 6074 6549 7098 7684 8442 9286 6 4621 4958 5330 5703 6228 6734 7312 7933 8710 9574 7 4771 5112 5484 5857 6381 6919 7526 8182 8979 9863 8 4921 5265 5637 6010 6534 7105 7740 8430 9247 10152 9 5071 5418 5789 6163 6687 7289 7953 8680 9516 10441 10 5218 5572 5942 6316 6840 7474 8167 8929 9784 10729 11 5366
5725 6096 6470 6993 7659 8381 9178 10053 11018 College voor Arbeidszaken / VNG 7/8 Artikel 14.6 lid 2 Salarisschalen kunstzinnige vorming per 2 januari 2023 Ervaringsjaar/ periodiek 5 6 7 8 9 10 Aanloopbedrag 1 2326 2369 2414 2471 2768 3195 Aanloopbedrag 2 0 2471 2537 2616 2912 3333 Aanloopbedrag 3 0 0 0 2768 3053 3480 0 2414 2616 2694 2912 3195 3557 1 2471 2694 2768 2984 3265 3645 2 2537 2768 2842 3053 3333 3725 3 2616 2842 2912 3122 3406 3795 4 2694 2912 2984 3195 3480 3871 5 2768 2984 3053 3265 3557 3948 6 2842 3053 3122 3333 3645 4021 7 2912 3122 3195 3406 3725 4088 8 2984 3195 3265 3480 3795 4155 9 3053 3265 3333 3557 3871 4223 10 3122 3333 3406 3645 3948 4292 11 0 3406 3480 3725 4021 4368 12 0 0 3557 3795 4088 4443 13 0 0 3645 3871 4155 4512 14 0 0 3725 3948 4223 4578 15 0 0 3795 4021 4292 4642 Uitloopbedrag 1 3265 3557 3948 4223 4443 4779 Uitloopbedrag 2 0 3725 4088 4443 4578 4921 Uitloopbedrag 3 0 0 0 4578 4713 5072 College voor Arbeidszaken / VNG 8/8 Artikel 3.3 lid 4 cao Salarisschaal A per 1 januari 2023 Periodiek Percentage van het WML Schaal A (100-120% WML) * 0 100,00% € 1.934,40 1 101,80% € 1.969,22 2 103,60% € 2.004,04 3 105,50% € 2.040,79 4 107,30% € 2.075,61 5 109,10% € 2.110,43 6 110,90% € 2.145,25 7 112,70% € 2.180,07 8 114,50% € 2.214,89 9 116,40% € 2.251,64 10 118,20% € 2.286,46 11 120,00% € 2.321,28 *De uitwerking van schaal A in de cao-tekst blijft
alleen het percentage van het WML. De genoemde bedragen in de 3de kolom wijzigen met de wijziging van het wettelijke minimumloon en worden niet opgenomen in de cao-tekst. De rode bedragen zitten onder de cao-bodem van € 14 per uur. Met vriendelijke groet,