5.0 VNG - Reparatie derde jaar WW.pdf
Tekst van het document
U201700977 PROD College van Arbeidszaken / VNG Nassaulaan 12 Den Haag | Postbus 30435 | 2500 GK Den Haag 070 - 373 83 93 | info@vng.nl Samenvatting Deze LOGA-brief betreft de reparatie van het derde jaar WW. Bij de invoering van dit hoofdstuk 10c CAR-UWO middels de LOGA-brief van 20 november 2017 met kenmerk TAZ / 201700897 is gebleken dat de bepalingen in hoofdstuk 10c CAR over de werkingssfeer en de werknemerspremie niet volledig zijn. De artikelen 10c:1 en 10c:7 CAR worden om deze reden aangepast en in deze LOGA-brief besproken. De CAR- wijzigingen staan in de bijlage bij deze brief. De CAR-artikelen treden op 1 januari 2018 in werking tegelijkertijd met hoofdstuk 10c CAR. Brief aan de leden T.a.v. het college en de raad Datum 18 december 2017 Ons kenmerk TAZ/U201700977 Lbr. 17/081 CvA/LOGA 17/17 Telefoon (070) 373 8393 Bijlage(n) 1 1 Onderwerp Reparatie derde jaar WW(2) 1 U201700977 PROD College van Arbeidszaken / VNG Nassaulaan 12 Den Haag | Postbus 30435 | 2500 GK Den Haag 070 - 373 83 93 | info@vng.nl Geacht college en gemeenteraad, Deze LOGA-brief over de reparatie van het derde jaar WW betreft twee aanvullingen van bepalingen in hoofdstuk 10c van de CAR (Reparatie-uitkering bij werkloosheid).
Bij de invoering van dit hoofdstuk 10c CAR middels de LOGA-brief van 20 november 2017 met kenmerk TAZ / 201700897 is gebleken dat de bepalingen omtrent de werkingssfeer en de werknemerspremie niet volledig zijn. De artikelen 10c:1 en 10c:7 CAR worden om deze reden aangepast en in deze LOGA - brief besproken. De CAR-wijzigingen staan in de bijlage bij deze brief. Werkingssfeer In artikel 10c:1 CAR is in de werkingssfeer geregeld dat hoofdstuk 10c CAR van toepassing is o p de ambtenaar die recht heeft op een uitkering op grond van de Werkloosheidswet of van wie de uitkering op grond van de Werkloosheidswet is geëindigd, maar die op grond van de Werkloosheidswet zoals die gold op 31 december 2015 nog recht op een uitkering zou hebben gehad. Het aanvankelijke artikel 10c:1 CAR kan zodanig worden geïnterpreteerd dat artikel 10c:7 CAR alleen geldt voor de (ex)-medewerkers die onder de werkingssfeer van hoofdstuk 10c CAR vallen. Deze interpretatie is onjuist. Daarom is besloten om artikel 10c:1 CAR te wijzigen en artikel 10c:7 CAR van de werkingssfeer uit te zonderen. Hiermee wordt verduidelijkt dat de heffingsbevoegdheid van het college om een werknemerspremie te heffen voor de reparatie-uitkering geldt voor álle werknemers die onder de reikwijdte van de CAR vallen en nog niet de AOW-gerechtigde leeftijd hebben bereikt.
Aan de leden Datum 18 december 2017 Ons kenmerk TAZ/U201700977 Lbr. 17/081 Cva/LOGA 17/17 Telefoon (070) 373 8393 Bijlage(n) 1 Onderwerp Reparatie derde jaar WW(2) College voor Arbeidszaken / VNG 3/5 Premie Artikel 10c:7 CAR regelt de bevoegdheid van de werkgever om een werknemerspremie te heffen voor de reparatie-uitkering, maar in het derde lid was het artikelnummer onbedoeld weggevallen. In artikel 10c:7 CAR is het betreffende artikelnummer van de Wet financiering sociale verzekeringen (Wfsv) toegevoegd. De werknemerspremie wordt geheven van medewerkers die de AOW - gerechtigde leeftijd nog niet hebben bereikt tot het maximum-premieloon bedoeld in artikel 17 van de Wet financiering sociale verzekeringen. Einde uitkering bij ziekte In de LOGA-brief van 20 november 2017 met kenmerk TAZ / 201700897 is aangegeven dat de aanvullende uitkering als bedoeld in hoofdstuk 10d onmiddellijk eindigt bij arbeidsongeschiktheid door ziekte. Deze juridische uitleg is onjuist. Middels deze LOGA-brief wordt aangegeven dat de aanvullende uitkering is gekoppeld aan het recht op de werkloosheidsuitkering. Deze koppeling betekent dat de aanvullende uitkering eindigt wanneer de ambtenaar gedurende 13 weken arbeidsongeschikt is door ziekte. Inwerkingtreding De gewijzigde CAR-artikelen treden in werking op 1 januari 2018. Op dezelfde datum treedt op hoofdstuk 10c CAR in werking.
College voor Arbeidszaken / VNG 4/5 Rechtskrachtbepaling Op grond van de statuten van de VNG en het reglement van het CvA zijn gemeenten gehouden om uitvoering te geven aan de in het LOGA overeengekomen CAR-bepalingen en de nadien overeengekomen wijzigingen daarvan. Voor gemeenten die bij de UWO zijn aangesloten, geldt dat eveneens voor de zogenoemde UWO-bepalingen. De CAR en de UWO zijn geen CAO in de zin van de Wet op de collectieve arbeidsovereenkomst, waardoor overeengekomen wijzigingen niet rechtstreeks doorwerken in de aanstelling van individuele ambtenaren. Op grond van artikel 125 Ambtenarenwet en artikel 160 Gemeentewet is het college verplicht, respectievelijk bevoegd, voor gemeenteambtenaren een lokale arbeidsvoorwaarden - en rechtspositieregeling vast te stellen in de vorm van een algemeen verbindend voorschrift. Op grond van artikel 107e Gemeentewet heeft de raad deze bevoegdheid voor de griffie. De gemeentelijke rechtspositieregeling is een algemeen verbindend voorschrift. Artikel 139 Gemeentewet bepaalt dat besluiten, die algemeen verbindende voorschriften inhouden, pas verbinden wanneer zij op de juiste manier zijn bekendgemaakt. Sinds 1 januari 2014 dient dit te geschieden door vermelding in een elektronisch en algemeen toegankelijk gemeenteblad, overeenkomstig de ‘Regeling elektronische bekendmaking en beschikbaarstelling regelgeving decentrale overheden’.
Hoogachtend, Landelijk Overleg Gemeentelijke Arbeidsvoorwaarden Mw. mr. S. Pijpstra secretaris Deze ledenbrief staat ook op www.vng.nl onder brieven.
College voor Arbeidszaken / VNG 5/5 Bijlage bij LOGA-brief TAZ/U201700977 Bijlage CAR teksten A. Artikel 10c:1 wordt gewijzigd en komt te luiden: 1. Dit hoofdstuk is van toepassing op de ambtenaar die recht heeft op een uitkering op grond van de Werkloosheidswet of van wie de uitkering op grond van de Werkloosheidswet is geëindigd, maar die op grond van de Werkloosheidswet zoals die gold op 31 december 2015 nog recht op een uitkering zou hebben gehad. 2. In afwijking van lid 1 van dit artikel, is artikel 10c:7 van toepassing op de ambtenaar in de zin van artikel 1:1 lid 1, onderdeel a. B. Artikel 10c:7 wordt gewijzigd en komt te luiden: 1. Het college heft vanaf 1 januari 2018 maandelijks een werknemerspremie op het bruto salaris van de ambtenaar die de AOW-gerechtigde leeftijd nog niet heeft bereikt. 2. De hoogte van de premie is vastgesteld 0,1% van het salaris en de toegekende salaristoelage(n). De hoogte van de premie kan jaarlijks worden bijgesteld . 3. De heffingsgrondslag is gemaximeerd tot het maximum-premieloon bedoeld in artikel 17 van de Wet financiering sociale verzekeringen.