4.1 Veiligheidsregio IJsselland - Tweede bestuursrapportage 2023 - definitief
Tekst van het document
TWEEDE BESTUURSRAPPORTAGE 2023 Januari tot en met augustus 2023 - definitief 2 Inhoudsopgave 1. Inleiding ................................ ................................ ................................ ............................. 3 Aanleiding, opdracht en gevolgde werkwijze ................................ ................................ ...... 3 2. Beleidsmatige stand van zaken begroting ................................ ................................ ......... 4 Indeling ................................ ................................ ................................ .............................. 4 Voorkomen ................................ ................................ ................................ ......................... 4 Bestrijden en Beheersen ................................ ................................ ................................ .... 9 Nieuwe ambities ................................ ................................ ................................ ............... 17 3. Bedrijfsvoering ................................ ................................ ................................ ................. 19 4. Financiële stand van zaken ................................ ................................ ............................. 24 Opvang ontheemden uit Oekraïne en Crisisnoodopvang ................................ .................
24 Incidentele begrotingswijzigingen tweede bestuursrapportage 2023 ................................ 27 Bijlagen ................................ ................................ ................................ ............................... 35 Bijlage 1: gegevens per gemeente ................................ ................................ ................... 35 Bijlage 2: oorzaken overschrijding opkomsttijden ................................ ............................. 41 3 1. Inleiding Aanleiding, opdracht en gevolgde werkwijze Elf gemeenten hebben hun taken op het gebied van brandweer en crisisbeheersing, via een gemeenschappelijke regeling, ondergebracht bij Veiligheidsregio IJsselland. Veiligheidsregio IJsselland bestrijdt incidenten waar het moet, maar beperkt nog liever risico’s waar het kan. Daarom staan wij zeven dagen per week 24 uur per dag klaar met kennis, mensen en middelen. We investeren in ons vakmanschap, in verbinding met onze partners en in een sterke interne binding met ons vak en onze collega’s. Nieuwe ontwikkelingen en risico’s in het veiligheidsdomein vragen om een flexibele invulling van onze rol. In de financiële verordening Veiligheidsregio IJsselland staat dat het dagelijks bestuur het algemeen bestuur informeert over de realisatie van de programmabegroting door middel van tussentijdse rapportages.
Deze tweede bestuursrapportage 2023 laat zien wat Veiligheidsregio IJsselland in de maanden januari tot en met augustus 2023 gedaan heeft en wat dat gekost heeft. Deze rapportage dient door het dagelijks bestuur aan het algemeen bestuur aangeboden te worden. De inrichting van deze tussentijdse rapportage sluit aan bij de indelingssystematiek van de programmabegroting. De rapportages gaan in op afwijkingen in de lasten en baten (begrotingswijzigingen) en de geleverde prestaties. Hoofdstuk 2 gaat over de beleidsmatige stand van zaken van de uitvoering van de programmabegroting. Hoofdstuk 3 gaat in op de bedrijfsvoering. Daarna volgt in hoofdstuk 4 de financiële stand van zaken van de programmabegroting. Onderdeel hiervan zijn twee verplichte overzichten, namelijk het aangepaste overzicht taakvelden en het overzicht van baten en lasten. Tot slot volgen nog enkele bijlagen. Profcheck en Veiligheidsdag Staphorst 4 2. Beleidsmatige stand van zaken begroting Indeling De inrichting van deze eerste bestuursrapportage dient volgens de financiële verordening aan te sluiten op de indelingssystematiek van de programmabegroting. De rapportage moet onder andere ingaan op afwijkingen in de geleverde inhoudelijke prestaties. Dit hoofdstuk brengt de stand van zaken in beeld. Het programma Veiligheid is verdeeld in de onderdelen ‘Voorkomen’, ‘Bestrijden en Beheersen’ en ‘Aanvullende ambities’.
Deze bestuursrapportage kent dezelfde indeling. In de begroting staat bij elk onderdeel: • Wat willen we bereiken? • Wat gaan we daarvoor doen? • De van belang zijnde prestatie-indicatoren. Dit hoofdstuk bevat per onderdeel de tekst van de begrotingsprestaties van het aandachtspunt ‘Wat gaan we daarvoor doen?’. In een tabel onder ieder onderdeel staat per prestatie-indicator wat de stand van zaken van de uitvoering van de begroting na acht maanden is. Die stand van zaken is op de volgende manier aangegeven: Er is/ zal worden voldaan aan de prestatie-indicator/ de actie is/ zal worden uitgevoerd. Het is de vraag of dit jaar voldaan wordt aan de prestatie-indicator of dat de actie uitgevoerd wordt. Er wordt dit jaar niet meer voldaan aan de prestatie-indicator/ de actie wordt niet meer uitgevoerd. De drie programma’s Veilig Leven; iedereen aan zet!, De crisis van morgen en Toekomstbestendige brandweerzorg zijn bij ‘Voorkomen’ respectievelijk ‘Bestrijden en Beheersen’ in beeld gebracht. In de bijlage zijn prestatiegegevens per gemeente opgenomen in de vorm van tabellen of staafdiagrammen. De informatie over ‘Wat gaat het kosten?’ staat in het hoofdstuk ‘Financiële stand van zaken’. Voorkomen Wat gaan we doen? We zorgen voor een overzicht van risico’s in een actueel, door het bestuur vastgesteld, regionaal risicoprofiel.
We zijn alert op nieuwe risico’s en bepalen van deze en de al bekende risico’s welke rol voor ons is weggelegd. Hierbij is een goede informatievoorziening noodzakelijk. Deze gaan we verder ontwikkelen. We investeren in netwerken om partners en inwoners bewust te maken van risico’s zodat zij, indien mogelijk, risico’s kunnen beperken. Wij adviseren provincie en gemeenten onder andere over evenementen, ruimtelijke plannen en omgevingsvergunningen (milieu, bouwen en gebruik). We houden toezicht op risicovolle bedrijven en hebben bij deze bedrijven de mogelijkheid om een bedrijfsbrandweer aan te wijzen. We leveren een actieve bijdrage aan de integrale uitvoering van de Omgevingswet, bijvoorbeeld door deelname aan de Omgevingstafel.
5 Stand van zaken na acht maanden Nr. Prestatie-indicator Bijzonderheden 1. Het regionaal risicoprofiel is volledig, actueel en door het bestuur vastgesteld. Het regionaal risicoprofiel is als onderdeel van de geactualiseerde Strategische Beleidsagenda geactualiseerd. Dit heeft geen nieuwe risico’s/ thema’s opgeleverd voor de komende periode. 2. Er vindt permanente risicomonitoring plaats en nieuwe risico’s worden besproken met partners. Zo nodig worden acties ingezet. De ontwikkeling van het Veiligheidsinformatieknoopunt (VIK) is in volle gang. Risicosignalering en monitoring is hiervan een onderdeel. Het veiligheidsbeeld is een ondersteunend middel. Dit beeld is afgelopen maanden verder ontwikkeld en is nu in één format op Oost 5-niveau en er wordt gewerkt aan één technische infrastructuur op Oost 5-niveau. Op basis van het veiligheidsbeeld worden onze partners, medewerkers en crisisfunctionarissen geïnformeerd. In het issuemanagementoverleg worden ambtelijk de keuzes gemaakt waar meer focus op nodig is. In september is gestart met de briefing van de crisisorganisatie. Op landelijk niveau wordt een nieuw format ontwikkeld waarmee continue risico’s in kaart kunnen worden gebracht, op basis waarvan in samenwerking met de partners acties kunnen worden ingezet. Dit instrument is een actualisatie van het bestaand risicoprofiel.
De eerste contouren van een cyclische risico- en crisisbeheersing worden zichtbaar. Het te verwachten effect van deze ontwikkeling is dat we steeds meer proactief kunnen reageren op risico’s en deze risico’s samen met partners kunnen verkleinen door informatie te delen en samen te werken.
6 Nr. Prestatie-indicator Bijzonderheden 3. Voor alle risico’s wordt bekeken welke consequenties er zijn voor de crisisorganisatie, brandweer, interne organisatie en betrokken netwerken. Op basis hiervan worden, indien noodzakelijk, benodigde acties ingezet. Voor actuele risico’s zijn vanuit het Veiligheidsbureau in samenwerking met partners kennissessies georganiseerd. Voorbeelden hiervan zijn de kennissessies over natuurbrand en een ‘total black out’. Daarnaast maken de actuele risico’s onderdeel uit van de trainingen en oefeningen. Een voorbeeld hiervan is het incident dat eind 2022 heeft plaatsgevonden in de kliniek Veldzicht in Balkbrug. Op basis van de evaluatie zijn werkafspraken geactualiseerd en wordt er in het najaar een gezamenlijke oefening georganiseerd. In het kader van het programma ‘De crisis van morgen’ wordt in het najaar op een aantal thema’s het cyclische proces van risico- en crisisbeheersing samen met partners verder uitgewerkt. 4. Alle aanvragen van provincie en gemeenten om een advies van de veiligheidsregio worden beoordeeld (betreft onder andere evenementen, ruimtelijke plannen en omgevingsvergunningen). Afhankelijk van het ingeschatte risico wordt de aanvraag wel of niet inhoudelijk behandeld. In het tweede kwartaal zijn drie vacatures ingevuld. De nieuwe collega’s zullen nog aanvullende (bij)scholing moeten volgen.
Totdat de nieuwe collega’s volledig operationeel zijn, proberen we door externe inhuur de adviestermijnen zo goed mogelijk te halen. De afgelopen periode is er ingezet om de advisering in relatie tot de evenementen meer te koppelen aan de inzet van de crisisorganisatie. Hiermee wordt beoogd om de omslag naar de inzet van een crisisorganisatie sneller te kunnen maken. Zo worden de ROT-leden gebriefd over de grote evenementen in onze regio en maken de evenementen een vast onderdeel uit van het veiligheidsbeeld en briefing van de crisisorganisatie.
7 Nr. Prestatie-indicator Bijzonderheden 5. In ieder advies op een omgevingsvergunning is een paragraaf ‘risicogerichtheid’ opgenomen. In deze paragraaf staat een advies, aanvullend op de wettelijke regels, gericht op het verder beperken van onveilige situaties. 6. Er wordt jaarlijks toezicht gehouden bij de meest risicovolle bedrijven in de regio (de Seveso- inrichtingen), dit samen met de Omgevingsdienst Regio Nijmegen en de Nederlandse Arbeidsinspectie. Programma Veilig Leven; iedereen aan zet! In het programma Veilig Leven werkt Veiligheidsregio IJsselland aan een integrale aanpak om de zelfredzaamheid van haar inwoners te bevorderen op de volgende gebieden: • Het voorkomen van incidenten doordat bewoners zich meer bewust zijn van (on)veilige situaties in hun leefomgeving. Daarnaast weten zij wat ze zelf kunnen doen om incidenten, zoals ongevallen en branden, te voorkomen. • We willen bovendien met onze inwoners de volgende stap zetten: van bewustwording naar daadwerkelijk gedrag: veilig handelen. • Als incidenten zich toch voordoen, willen we dat inwoners weten hoe ze moeten handelen om de gevolgen van de brand en/ of het ongeval zoveel als mogelijk te beperken. Vanuit het programma ‘De crisis van morgen’ is het thema ‘Burgerkracht’ ondergebracht bij het programma Veilig Leven.
Dit thema richt zich op de vraag op welke wijze je burgers en maatschappelijke organisaties betrekt bij de voorbereiding en inzet bij een ramp en/of crisis. Binnen het risicogericht werken moeten we het programma Veilig Leven en risicocommunicatie inzetten als integrale onderdelen van onze werkwijze om juist ook onze inwoners en bedrijven te betrekken bij de voorbereiding op en inzet bij rampen en crisis. Stand van zaken na acht maanden De afgelopen acht maanden zijn verschillende acties uitgezet gericht op de doelgroep studenten. Zo is in april een bijscholing georganiseerd voor ongeveer 100 mbo-studenten van Landstede op de thema’s brandveiligheid, reanimatie en crisisbeheersing. Naast de bestaande stageopdrachten is het onderzoek naar hybride leren door Landstede-studenten bij onze organisatie vervolgd. Naar verwachting zal Veiligheidsregio IJsselland in september deelnemen aan het programma BrainBoost van Landstede, waarbij groepjes studenten werken aan diverse vraagstukken uit onze organisatie. Tot slot is de samenwerking met Landstede uitgebreid richting het Deltion college in Zwolle en Stichting brandweeropleidingen BOGO. Het doel is om samen een keuzemodule ‘Brandweer’ te ontwikkelen binnen het reguliere mbo-onderwijs. De resultaten hiervan worden verwacht in 2024.
8 In samenwerking met de politie, het team seksuele gezondheid van GGD IJsselland, Centrum Seksueel Geweld Zwolle, Wijz Welzijn en de coördinator Mensenhandel IJsselland is het nieuwe scenario ‘sexting’ ontwikkeld van #VetVeilig the game. Dit thema is in het eerste trimester van 2023 uitgewerkt en werd gelanceerd op 11 juli 2023. Samen met Vitaal en Veilig Thuis en met de politie werken we aan een nieuw kaartspel voor ouderen. Een kaartspel dat gericht is op het praten over veiligheid. Thema’s als brand, inbraak, vallen, gezondheid en digitale veiligheid passeren de revue. Naar verwachting kunnen we dit kaartspel in november presenteren op de veiligheidsdag voor ouderen in Zwolle. In samenwerking met de Oost 5-regio’s is er in februari een online koolmonoxide-campagne gestart. In hetzelfde samenwerkingsverband wordt een najaarscampagne ontwikkeld gericht op het thema ‘veilig de winter door’. Daarnaast wordt gesponsorde content via social media structureel ingezet na incidenten (bijvoorbeeld schoorsteenbranden of koolmonoxide- incidenten). In de directe omgeving, binnen een straal van één tot drie kilometer van het incident, worden specifieke brandveiligheidstips gedeeld. Er is onderzoek gedaan naar het structureel aanbieden van het lespakket ‘Brandweer op school’ en #VetVeilig the game op basisscholen in de regio.
Hieruit is gebleken dat er geïnvesteerd moet worden in personele capaciteit om dit te realiseren. De komende maanden worden de bevindingen verder uitgewerkt. Samen met politie, GGD, Rode Kruis en ambulancedienst heeft een eerste verkenning plaatsgevonden van de lespakketten die deze partijen bij scholen aanbieden. Het uiteindelijke doel is om gezondheid en veiligheid als een integraal pakket aan scholen aan te bieden. Samen met Jeugdgezondheidszorg van de GGD werken we bovendien aan een ‘veiligheidspakketje’, dat structureel aan jonge ouders aangeboden wordt via de consultatiebureaus. Hiervoor is een informatiefolder ontwikkeld: ‘jij wil toch niet dat jouw kleintje iets overkomt?’ Met Vitaal Vechtdal hebben we gesprekken gevoerd om te kijken of we onze veiligheidsboodschappen ook via hun kanalen kunnen verspreiden. Studenten van Saxion Hogeschool hebben onderzoeken uitgevoerd op het gebied van de rookmelderverplichting en samenwerking met basisscholen op het gebied van Veilig Leven. Hoewel beide onderzoeken niet als representatief beschouwd mogen worden, geven de resultaten ons wel meer inzicht over deze onderwerpen. Zo is gebleken nog niet iedereen in Deventer bewust is van de rookmelderverplichting en dat ook een deel van de inwoners bewust geen rookmelders plaatst. Ook zijn er bruikbare tips gegeven om basisscholen te benaderen voor het thema ‘Veilig Leven’.
De stijgende lijn van aanvragen om voorlichting op het gebied van brandveiligheid zette ook in het tweede trimester door. Plaatselijke belangen, Blijf Mobiel Beurs, enkele Verenigingen Van Eigenaren, personeel van een verzorgingshuis en van een camping waren enkele van de doelgroepen, om de burgerkracht op het gebied van brandveiligheid te versterken. Het thema ‘Burgerkracht’ is als onderdeel van Veilig Leven nog niet opgestart. Eerst wordt het project ‘Risicogericht werken’ in de veiligheidsregio verder uitgewerkt. Als dit goed loopt worden partners meer betrokken en zal ook het thema ‘Burgerkracht’ meer gestalte gaan krijgen. 9 Bestrijden en Beheersen Wat gaan we doen? Brandweerzorg We houden brandweerposten operationeel en paraat. Van daaruit leveren we 24 uur per dag, zeven dagen per week brandweerzorg met opgeleide en geoefende mensen (vrijwillig en beroeps) en adequaat materieel en materiaal. We bereiden ons voor op het bestrijden van branden en op hulpverlening bij ongevallen anders dan brand. Dit doen we door het aanbieden van een opleidings-, trainings- en oefenprogramma, dat jaarlijks wordt geactualiseerd. We bereiden de samenvoeging van de drie meldkamers in Oost-Nederland voor, samen met de andere veiligheidsregio’s in Gelderland en Overijssel. De samenvoeging is gepland begin 2023.
Wettelijk gezien blijven we als Veiligheidsregio IJsselland verantwoordelijk voor de instandhouding en het functioneren van de meldkamerfunctie voor brandweer en multidisciplinaire samenwerking. Rampenbestrijding, crisisbeheersing en GHOR We bereiden ons voor op de crises die voort kunnen komen uit de risico’s in het regionaal risicoprofiel. De noodzakelijke operationele voorbereiding voor deze mogelijke crises wordt met alle teams en organisaties die daarbij van belang zijn, afgestemd. We zijn alert op nieuwe risico’s en bepalen hierbij welke rol er voor ons is weggelegd. We houden de rampbestrijdingsplannen, die wettelijke verplicht zijn in onze regio, actueel en beoefenen deze. We volgen de ontwikkelingen in het kader van de evaluatie van de Wet veiligheidsregio’s en voeren eventuele wijzigingen door in onze crisisorganisatie. Daarnaast hebben we voldoende aandacht voor het selectieproces van piketfunctionarissen, het aanbieden van een opleidings-, trainings- en oefenprogramma en het faciliteren van de teams met de juiste middelen. De crisisorganisatie en de daarbij behorende processen worden vastgelegd in een door het algemeen bestuur vastgesteld crisisplan. In opdracht van de gemeenten coördineren wij, in het kader van de crisisbeheersing, het proces van Bevolkingszorg. We evalueren continu de werking van de crisisorganisatie.
Leerpunten uit de evaluaties worden besproken en meegenomen in de oefen- en trainingsprogramma’s. Minimaal eenmaal per jaar rapporteren we aan de Veiligheidsdirectie en het bestuur wat de belangrijkste leerpunten zijn en wat daarmee gedaan is. In crisisomstandigheden, of bij dreiging daarvan: • geven GHOR-functionarissen leiding aan de processen waar zij rechtstreeks op sturen: acute gezondheidszorg en publieke gezondheidszorg. • coördineert de GHOR de inzet van aanbieders van gezondheidszorg en vormt zij de verbinding tussen de zorgsector en de multidisciplinaire crisisorganisatie. • faciliteert de GHOR aanbieders van gezondheidszorg om, binnen hun eigen verantwoordelijkheid, keuzes te maken die het effect voor de gehele zorgketen optimaliseren. 10 Stand van zaken na acht maanden Nr. Prestatie-indicator Bijzonderheden Brandweerzorg 1. Inzet van de brandweer vindt plaats conform het nieuwe, door het algemeen bestuur vastgestelde dekkingsplan. In de eerste acht maanden van 2023 zijn er in totaal 143 meldingen geweest waarbij de opkomsttijd conform het nieuwe dekkingsplan gemeten kon worden. Dit betreft meldingen met de classificatie ‘brand gebouw’. We waren 138 keer binnen de gestelde opkomsttijd ter plaatse. Dit is een percentage van 97%.
De meldingen waarbij de gebiedsgerichte opkomsttijd overschreden zijn, waren categorie II- gebieden: woningen en gebouwen met zelfredzame personen inclusief industrie. De overschrijding van de bandbreedte (tussen de 7 en 13 minuten) zit tussen een paar seconde en maximaal twee minuten. De oorzaak van de overschrijdingen ligt veelal in verkeershinder waardoor het ook langer duurde voordat er voldoende vrijwilligers op de post waren om uit te rukken. 2. Het opleidings-, trainings- en oefenprogramma voor de brandweer is actueel en uitgevoerd. De brandweerposten oefenen weer volop volgens het reguliere oefenprogramma, waarbij dit jaar de nadruk ligt op bijscholing van de nieuwe brandweerdoctrine. Sinds 2022 heeft kennisregie nadrukkelijk aandacht gekregen, waarbij we aandachtspunten vanuit incidenten terug laten komen in oefeningen en les- en leerstof. We hebben te maken met meer uitstroom van brandweermedewerkers dan we gewend zijn. Enerzijds heeft dit te maken met leeftijd; anderzijds met de trend dat mensen zich korter committeren aan de brandweer. De werving en selectie van vrijwilligers heeft om die reden geresulteerd in twee extra klassen met manschappen (vijf i.p.v. drie) t.o.v. andere jaren. Ook voor de komende jaren voorzien we dat we een verhoogd aantal manschappen moeten gaan opleiden.
Naast manschappen zullen ook opleidingen als bevelvoerder en chauffeur om dezelfde redenen vaker
11 Nr. Prestatie-indicator Bijzonderheden gegeven moeten gaan worden. De grootste zorg hierbij is om voldoende nieuwe mensen te vinden. Het verhoogde aantal opleidingen heeft financiële effecten. Deze worden meegenomen in een breder traject waarbij gekeken wordt hoe verhoogde kosten binnen de brandweer gefinancierd kunnen worden. 3. Brandweermaterieel en materiaal wordt aangeschaft en onderhouden volgens de investeringsplanning en het onderhoudsplan. Het onderhoud en de investeringen lopen op schema. Het nieuwe operationele uniform wordt eind dit jaar uitgeleverd. 4. De alarmeringsregelingen, werkprocessen en multidisciplinaire informatievoorziening van brandweer en crisisbeheersing in de meldkamer zijn in orde. De landelijke migratie naar eOcs (het nieuwe Radiobedienings‐ en. Alarmeringssysteem) is uitgesteld. Wij zijn nu in afwachting van een nieuw implementatieplan. Sinds de overgang verlopen de alarmeringen voor de kolom Bevolkingszorg en het alarmeren van partners nog niet altijd soepel. Nationaal Meldkamersteem (NMS): de aanbesteding van NMS (opvolger van GMS) is bevroren. Dit n.a.v. een rapport van de betrokken Kamercommissie over dit project. We wachten besluitvorming verder af. Duidelijk is dat GMS langer operationeel moet blijven. 5.
Toekomstbestendige brandweerzorg De implementatie van bouwsteen ‘verplichtend karakter’, wat tot gevolg heeft dat vrijwilligers geen kazernerings- of consignatiediensten meer mogen draaien. Het één en ander hangt nog wel af van de landelijke en regionale besluitvorming hierover. De landelijke besluitvorming en uitwerking rondom de bouwsteen 1 is nog steeds in afwachting van aanpassing van landelijke wetgeving en financiële middelen vanuit het Rijk. Parallel aan het vraagstuk rondom bouwsteen 1 zijn er andere regionale vraagstukken waarvoor voorstellen worden uitgewerkt, zoals de doorontwikkeling van de uitrukorganisatie met bijzondere aandacht voor Deventer, Kampen en Zwolle. Ook is aandacht voor de oplopende kosten voor opleidingen door toegenomen verloop onder het
12 Nr. Prestatie-indicator Bijzonderheden personeel. Daarnaast worden voorstellen gedaan voor de verbetering van de kwaliteit van de brandweerkazernes, zowel bouwtechnisch, functioneel als vanwege duurzaamheid. 6. Toekomstbestendige brandweerzorg Het dekkingsplan geeft input voor de in en na 2023 te maken keuzes op het gebied van risicobeheersing/ brandveilig leven en repressieve brandweerzorg. Bij de objecten waar de opkomsttijd wordt overschreden, wordt bekeken welke risicobeheersende maatregelen genomen kunnen worden om risico’s te beperken en welke activiteiten in het kader van brandveilig leven kunnen worden ingezet om de bewustwording te verhogen. Om in Kampen aan de opkomsttijden te kunnen voldoen zijn maatregelen genomen en afspraken gemaakt met de vrijwilligers van de post. Deze afspraken zijn echter niet duurzaam omdat ze veel impact hebben op de veerkracht van de vrijwilligers brandweerpost. Hierom wordt gezocht naar duurzame alternatieve oplossingen. 7. Toekomstbestendige brandweerzorg In 2023 wordt het landelijke kader Uitruk op Maat verder geïmplementeerd. Deze vorm van flexibele uitruk wordt naar behoefte bij de posten geïmplementeerd. Tot en met eind 2022 hebben zestien posten Uitruk op Maat geïmplementeerd. In de eerste acht maanden van 2023 zijn nog eens drie posten gestart met de implementatie van Uitruk op Maat.
Bekeken wordt of de overige posten ook over willen gaan tot Uitruk op Maat. 8. Toekomstbestendige brandweerzorg De verdere doorontwikkeling van brandonderzoek zal leiden tot een verhoging van de eigen vakbekwaamheid. In de eerste acht maanden van 2023 hebben achttien technische brandonderzoeken plaatsgevonden. Waar nodig zijn de uitkomsten gedeeld met de posten ter verbetering van de bekwaamheid. Rampenbestrijding, crisisbeheersing en GHOR 9. Actuele risico’s zijn afgestemd met bestuur en in samenwerking met partners heeft operationele Er vindt operationele voorbereiding plaats op de belangrijkste risico’s in het risicoprofiel. Daarnaast wordt er afgestemd over actuele risico’s.
13 Nr. Prestatie-indicator Bijzonderheden voorbereiding plaatsgevonden. Voorbeelden hiervan zijn droogte en vogelgriep. Op de bestuurdersdag is de wens geuit om ook als bestuurder meer invloed uit te kunnen oefenen op besluitvorming, op welke risico’s ligt de focus en waar ligt een actie. Dit is onderdeel van het programma ‘De crisis van morgen’. Er begint meer lijn te ontstaan in de landelijke, Oost-5 en regionale planvorming. De samenwerking op dit vlak is versterkt, waardoor er efficiënter wordt gewerkt. De planvorming is meer uitwisselbaar en ingericht op meer regio- overschrijdende incidenten. Op basis van landelijke planvorming is de operationele voorbereiding in de regio’s geüniformeerd en aangepast. Dit is bijvoorbeeld aan de orde op het gebied van cyber, ruwe aardolie en tekort aan gas. De toegenomen afstemming op planvorming leidt tot meer overlap in handelingsperspectief en samenwerking rijk – regio bij een crisis. Het zorgrisicoprofiel, dat de GHOR in samenwerking met de partners in de zorg heeft opgesteld, is gereed. 10. De rampbestrijdingsplannen die wettelijk verplicht zijn in onze regio, zijn actueel en worden beoefend. De rampbestrijdingsplannen zijn in 2022 geactualiseerd en maken onderdeel uit van het MOTO-programma. 11. Er is uitvoering gegeven aan de actiepunten vanuit de evaluatie van de Wet veiligheidsregio’s.
Deze worden vanuit het versterkingsprogramma Crisisbeheersing en Brandweerzorg (ministerie Justitie en Veiligheid) nog verder geconcretiseerd en hebben vooral betrekking op het betrekken van netwerken, informatievoorziening en het versterken van de Deze actiepunten komen in relatie tot crisisbeheersing in de regio samen in de plannen die er liggen over de BDuR- gelden, onze eigen organisatieontwikkeling en het programma ‘De crisis van morgen’. Er is op landelijk niveau een kwartiermaker crisisbeheersing aangesteld die er vooral voor gaat zorgen dat er een lijn komt in de actiepunten en beleidsplannen voor risico- en crisisbeheersing. Vanuit IJsselland zijn wij hier goed op aangesloten. Focuspunten in de
14 Nr. Prestatie-indicator Bijzonderheden coördinatie van de veiligheidsregio ten aanzien van crisisbeheersing. landelijke ontwikkelingen houden verband met de ontwikkeling van een cyclisch proces risico- en crisisbeheersing en de ontwikkeling van informatieknooppunten op landelijk en regionaal niveau. In de afgelopen maanden hebben we bekeken wat al deze ontwikkelingen betekenen voor ons organisatieconcept, zowel de harde als de zachte kant. In het najaar zal er een eerste voorstel komen voor een aantal aanpassingen in de formatie. Tegelijkertijd worden interne processen beter op elkaar aangesloten en wordt samenwerking versterkt. Dit doen we langs de inhoud en gaande wijs te leren en verder te ontwikkelen. Om invulling te geven aan de twee door het bestuur geformuleerde opdrachten zijn in het programma ‘De crisis van morgen’ de volgende projecten gestart of in voorbereiding: 1. Procesontwikkeling risicogericht werken 2. Veiligheidsinformatieknooppunt 3. Crisiscapaciteit en kwartiermakers 4. Crisiskennis in het netwerk 12. Bij (acute en niet-acute) crisissituaties is de crisisorganisatie geactiveerd en operationeel conform het crisisplan. Indien gewenst kan de veiligheidsregio ondersteunen bij incidenten anders dan een crisis zoals bedoeld in het crisisplan. Dit gebeurt na opdracht van het bestuur. Zie bijlage 1 voor alle GRIP-incidenten en inzetten van het ROT/ CoPI.
Opvallend hierbij is dat het aantal GRIP- incidenten daalt. Dit is een landelijke tendens. In het crisisplan is de afspraak gemaakt dat de crisisorganisatie betrokken kan worden bij incidenten op gemeenteniveau of dat de crisisorganisatie een rol kan spelen in de nafase op aangeven van bestuurders. Hier is tot op heden geen gebruik van gemaakt. Het aantal andersoortige incidenten komt wel steeds meer in beeld, zoals droogte, vogelgriep, vluchtelingen. Deze
15 Nr. Prestatie-indicator Bijzonderheden processen worden meer prominent, mede ook naar aanleiding van de ontwikkeling van een meer cyclisch risico- en crisisbeheersingsproces. 13. Het opleidings-, trainings- en oefenprogramma voor de crisisfunctionarissen, de Bevolkingszorg- functionarissen en de GHOR-functionarissen is actueel, uitgevoerd en in lijn met de gezamenlijke visie op leren en ontwikkelen. Er vindt een verandering plaats van vraaggericht naar behoeftegericht oefenen. Deze ontwikkeling is vastgelegd in de Visie op kwaliteit. Dit betekent dat er naast algemene opleidings- en trainingsprogramma’s meer op maat op persoon of team gekeken wordt wat de behoefte is. Dit is aan de orde bij zowel de aanstelling als crisisfunctionaris, als in de verdere loopbaan, om vakbekwaam te blijven. Daarnaast wordt de registratie verbeterd van behoeftes en ontwikkeling van benodigde competenties. Dit gebeurt via het instrument ‘persoonlijk dashboard’ dat per piketgroep wordt uitgerold. 14. Inzet van de crisisorganisatie bij rampen, crises en andere incidenten wordt in alle gevallen geëvalueerd conform het evaluatiebeleid. Leerpunten worden gerapporteerd aan de Veiligheidsdirectie en het bestuur. Alle inzetten zijn geëvalueerd en indien nodig en/of gewenst zijn leerarena’s georganiseerd.
Daarnaast is er de afgelopen periode meer aandacht geweest voor het evalueren van inzetten voorafgaand aan een eventuele GRIP. Het opstarten van een incident door het ROT is een voorbeeld waar leerpunten zijn geconstateerd. Welke partners heb ik nodig, welke organisatievorm, informatieprocessen etc. 15. De GHOR-functionarissen geven leiding aan de processen waar zij rechtstreeks op sturen: acute gezondheidszorg en publieke gezondheidszorg. Bezetting van alle groepen GHOR- functionarissen is gegarandeerd: OvDG, ACGZ, HIN, Hoofd publieke gezondheid en DPG. Samenhang operationele GHOR-organisatie en multidisciplinaire crisisorganisatie is geborgd in afspraken. Bevolkingszorg In opdracht van de gemeenten coördineren wij, in het kader van de crisisbeheersing, het proces van Bevolkingszorg. In het algemeen bestuur is akkoord gegeven op de landelijke actiepunten verwoord in het project Uniform Kwaliteitsbeleid Bevolkingszorg. Het Veiligheidsberaad heeft opdracht gegeven een landelijk kwaliteitsniveau voor bevolkingszorg inclusief crisiscommunicatie te beschrijven. Hiertoe zijn een stuur- en projectgroep Uniform Kwaliteitsniveau Bevolkingszorg in het leven geroepen.
16 Het beoogd effect is enerzijds het leveren van input voor de nieuwe wetgeving waarin bevolkingszorg en crisiscommunicatie vaste onderdelen moeten zijn. Anderzijds werken aan het verhogen van het kwaliteitsniveau van bevolkingszorg en landelijke samenwerking. Momenteel worden deze punten uitgewerkt in een implementatieplan. Focuspunten zijn het verbeteren van de samenwerking en uitwisselbaarheid tussen regio’s en het uniformeren van opleidingen en examinering. De richting die nu wordt voorgesteld in het kader van bevolkingszorg en crisiscommunicatie sluiten aan bij de koers die we al hadden ingezet. Regionaal is er de afgelopen maanden geïnvesteerd in het opvullen van vacatures. De wisselingen op de arbeidsmarkt waren ook herkenbaar in het aantal vacatures bij Bevolkingszorg. Resultaat in samenwerking met de gemeenten is dat het aantal vacatures weer op een acceptabel niveau zit. Het opleidingsprogramma is verstevigd voor de functionarissen Bevolkingszorg en Crisiscommunicatie door meer op maat en in samenwerking met trainingen en oefeningen te verzorgen. Tot slot is er samen met de algemeen commandanten gekeken naar hun rol in de crisisorganisatie nu zij niet meer standaard deelnemen aan een ROT. Dit heeft ertoe geleid dat deze functie is samengevoegd met de HIN/ HON functie en het harde piket is ingewisseld voor een opkomst door beschikbaarheid.
17 Nieuwe ambities Wat gaan we doen? • Wij geven uitvoering aan de maatregelen die geselecteerd zijn om de CO2-uitstoot van de veiligheidsregio te verminderen. Op die manier blijven wij tevens gecertificeerd op niveau 3 van de CO2-prestatieladder. • In 2022 is, samen met de gemeenten en onze partners, een nieuwe beleidsagenda 2023 t/m 2026 opgesteld. Over de nieuwe ambities die daarin worden opgenomen, en hun beslag krijgen in 2023, wordt in de bestuursrapportages gerapporteerd. Stand van zaken na acht maanden CO2-prestatieladder De CO2-uitstoot van Veiligheidsregio IJsselland is geïnventariseerd. Deze was ruim 2.000 ton per jaar. Door een breed gedragen maatregelenpakket zijn we in staat om in 2025 de CO2-uitstoot met 50% te reduceren. Als eerste veiligheidsregio in Nederland zijn we om die reden gecertificeerd op niveau 3 (van 5) van de CO2-prestatieladder. Inmiddels zijn er diverse regio’s die ons, na onze enthousiaste verhalen, gevolgd zijn. De maatregelen worden momenteel uitgevoerd. Zo zijn we overgegaan op de afname van groene stroom en worden de vaste brandstoftanks gevuld met biodiesel. Het bericht hierover op LinkedIn is meer dan 10.000 keer gelezen. Andere regio’s kijken over onze schouder mee en verschillende zijn al gevolgd. In 2022 hebben we al een CO2-reductie van 34% bereikt.
Om het onderwerp ‘duurzaamheid’ breed aandacht te geven in de organisatie is 2023 uitgeroepen tot Jaar van de Duurzaamheid. We richten ons achtereenvolgend op de thema’s afval, mobiliteit, voeding en energie. Beleidsagenda 2023 t/m 2026 In december 2022 is de Strategische beleidsagenda 2023-2026 vastgesteld. De beschreven ambities vallen grotendeels onder de onderdelen ‘voorkomen’ en ‘bestrijden en beheersen’. Ze dienen ter versterking van het IJssellands fundament. Het risicogericht werken dient daarbij als basis van ons werk. Binnen het onderdeel ‘Voorkomen’ is het vergroten van burgerkracht binnen het programma Veilig leven een belangrijk thema. De ontwikkelingen binnen crisisbeheersing krijgen hun beslag in het programma Risico- en crisisbeheersing. Voor de doorontwikkeling van de uitrukorganisatie van de brandweer loopt in 2023 het project toekomstbestendige brandweerzorg (zie onder het onderdeel bestrijden en beheersen). Programma ‘De crisis van morgen’ Voor het versterken van crisisbeheersing en informatiemanagement zijn door het Rijk extra structurele gelden beschikbaar gesteld. Veiligheidsregio IJsselland ontvangt in 2023 en 2024 ongeveer 1,3 miljoen euro. In het dagelijks bestuur is de afspraak gemaakt dat deze in eerste instantie incidenteel worden ingezet.
Vanuit het programma ‘De crisis van morgen’ en het managementteam wordt bekeken welke structurele toekenning van gelden gewenst is. Deze wijzigingsvoorstellen volgen de reguliere processen zoals bijvoorbeeld een begrotings- en/of formatiewijzing. In de eerste maanden van 2023 zijn de extra gelden incidenteel ingezet en zijn tijdelijke functionarissen aangenomen op het gebied van informatievoorziening en crisisbeheersing. Deze functionarissen zijn nodig om ‘een been bij te trekken’ op deze gebieden. Dit was nodig omdat er achterstand in werk is ontstaan door de inzet bij de crises als COVID-19 en 18 vluchtelingen of omdat de ontwikkelingen op het gebied van crisisbeheersing en informatievoorziening hierom vragen. Het algemeen bestuur heeft de Veiligheidsregio in juli twee opdrachten gegeven: 1. Regisseer het risicogericht werken in het brede veiligheidsnetwerk 2. Organiseer het strategisch crisismanagement Met het programma ‘De crisis van morgen’ geven we invulling aan deze twee opdrachten. Ons programma bestaat uit drie onderwerpen. Hier hangen we onze projecten aan op. - Risico's in beeld: We willen weten wat er op ons afkomt, wat de risico's zijn, wat dat voor ons kan betekenen en welke partijen betrokken zijn. Het Veiligheidsinformatieknooppunt (VIK), wat op dit moment opgericht wordt, is een belangrijke manier om de risico’s in beeld te krijgen.
Samenwerking met ketenpartners is hiervoor noodzakelijk. - Risicoreductie: We willen proactief met onze partners de juiste acties bepalen om de risico’s die we in beeld hebben te verminderen. Bijvoorbeeld door de omgeving anders in te richten, meer te handhaven of een publiekscampagne te starten. - Voorbereiden incidenten: We willen op basis van benoemde risico’s goed voorbereid zijn op een inzet van de crisisorganisatie en de samenwerking met partners. Dit gaat ook over mensen, middelen, het delen van kennis en het spreken van dezelfde taal. De eerste stappen voor het concreet invullen van deze twee opdrachten worden gezet in vier deelprojecten: 1. Procesontwikkeling risicogericht werken 2. Veiligheidsinformatieknooppunt 3. Crisiscapaciteit en kwartiermakers 4. Crisiskennis in het netwerk De uitvoering van deze projecten doen wij samen onze partners. Vanuit de gemeenten Deventer, Steenwijkerland en Raalte is projectcapaciteit beschikbaar gesteld om met name op het thema crisiscapaciteit en kwartiermakers samen te ontwikkelen. De veiligheidsdirectie is betrokken en uitgebreid met drie gemeentesecretarissen op het moment dat het programma wordt besproken. Op ambtelijk niveau vindt afstemming plaats met een multidisciplinaire klankbordgroep en met de adviseurs Crisisbeheersing van de gemeenten in het Regionaal overleg Samenwerking Crisisbeheersing (RSC).
Partners worden betrokken en met hen vindt nadere afstemming plaats. Dit gebeurt nu bijvoorbeeld op het gebied van het VIK. 19 3. Bedrijfsvoering De paragraaf Bedrijfsvoering geeft inzicht in de stand van zaken van de voornemens ten aanzien van de bedrijfsvoering, zoals opgenomen in de begroting 2023. De voornemens uit de begroting staat in onderstaande tabel bij ‘prestatie-indicator’. Daarnaast is één nog niet uitgevoerde actie uit 2022 in de tabel opgenomen. Dat betreft de nieuwbouw van de brandweerkazerne in Diepenveen. Stand van zaken na acht maanden Nr. Prestatie-indicator Bijzonderheden 1. HRM - Wnra Voorbereiden op de komst van de Wet normalisering rechtspositie ambtenaren. We wachten op landelijke besluitvorming over het van toepassing verklaren op de veiligheidsregio’s. Deze besluitvorming wordt niet op korte termijn verwacht. 2. HRM – persoonlijk leiderschap We maken medewerkers bewust van de eigen rol en stimuleren om regie te nemen in werken aan je veerkracht, vitaliteit en je ontwikkeling. Dit ondersteunen we en maken we inzichtelijk door het verder optimaliseren van onze dataverwerking en werkprocessen en strategische personeelsplanning. Met de strategische personeelsplanning en de pilot van de nieuwe gesprekcyclus brengen we in kaart wat de behoeften zijn van medewerkers en organisatie nu en in de toekomst.
Mobiliteit wordt steeds vaker gestimuleerd en uitgevoerd. Met de huidige middelen maken we inzichtelijk hoe ons personeelsbestand is opgebouwd en waar de risico’s zitten. Met het houden van interviews en tweede loopbaanbeleid weten we steeds beter wat de wensen en behoeften zijn van ons personeel aan ontwikkelmogelijkheden. 3. HRM – talentontwikkeling We willen ieders talent in beeld hebben en we stimuleren om deze te ontwikkelen, zowel in het belang van de medewerker, als in het belang van de organisatie. Met het trainingsplatform VR Academy richten we ons onverminderd op de ontwikkeling van medewerkers en leidinggevenden. Via een zogenaamde vlootschouw voor leidinggevenden en de gesprekcyclus is er gericht gewerkt aan leiderschapsontwikkeling. Hierbij wordt het gedragsprofiel op basis van de kernwaarden gehanteerd. Daarnaast ontwikkelen we leiderschap in het werk door extra aandacht voor managementvaardigheden bij bijvoorbeeld het arbobeleid waar we van verzuim naar veerkracht gaan. Met het onlangs
20 Nr. Prestatie-indicator Bijzonderheden vastgestelde beleid op Talent in Beeld verbinden we de nieuwe methode voor de gesprekscyclus met de vlootschouw zodat we optimaal gebruik kunnen maken van ons talent in de toekomst. 4. HRM - duurzame inzetbaarheid We willen iedere medewerker in staat stellen om vanuit eigen regie zo gezond en vitaal mogelijk zijn werk te laten doen. Onze visie op positief gezond werkgeverschap en de begeleiding vanuit HRM, de leidinggevenden en de arbodienst zijn erop ingericht om de medewerker hierin juist te faciliteren. De afgelopen maanden hebben we te maken met een hoger ziekteverzuim dan vorig jaar. Er is een plan van aanpak ziekteverzuim, wat uitgevoerd wordt om het ziekteverzuim naar beneden te brengen. Onderdeel daarvan is een training die gegeven gaat worden aan de leidinggevenden. Daarnaast is het verzuimprotocol praktischer gemaakt. We hebben extra moeten investeren in de relatie met de arbodienst door veel wisselingen in onze contactpersonen. Dit is helaas binnen de sector door de huidige arbeidsmarkt niet ongewoon. 5. Facilitaire zaken - gebouwen Wegwerken van achterstallig onderhoud aan de gebouwen (in samenwerking met de gemeenten). Op dit moment doen we per locatie een conditiemeting om de staat van het onderhoud in beeld te krijgen, hetgeen zich zal vertalen in geactualiseerde (huurdersdeel) onderhoudsplanningen.
Deze worden afgestemd met de gemeenten en waar mogelijk gecombineerd met het verhuurdersonderhoud. Verder is een Vastgoedplan 2023-2028 uitgewerkt met als doel om in overleg met de betreffende gemeenten de meest achterstallige kazernes aan te pakken middels renovatie, waarbij in enkele gevallen nieuwbouw de beste optie is. Dit op basis van bestuurlijke instemming met de betreffende projectplannen.
21 Nr. Prestatie-indicator Bijzonderheden 6. Facilitaire zaken - inkoopbeleid Implementatie van de verbeterslag die in 2022 op het gebied van contract- en inkoopbeleid gemaakt is. In het contractbeleid heeft niet alleen de termijnbewaking aandacht, maar ook het (proactief) beheer van contracten. In het inkoopbeleid hebben de thema’s duurzaamheid en lokaal inkopen extra aandacht. Ook zijn de aanbevelingen van de accountant in de Managementletter 2021, voor wat betreft de borging van de rechtmatigheid van ons inkoopproces, opgevolgd. Het inkoopbeleid is op 5 april 2023 vastgesteld door het dagelijks bestuur. Vanaf 2023 worden periodiek analyses en controles met betrekking tot rechtmatigheid op het inkoopproces uitgevoerd. Eventuele bevindingen worden gerapporteerd. 7. Facilitaire Zaken - verzekeringen Veiligheidsregio IJsselland gaat deelnemen aan twee onderdelen van de landelijke samenwerking op het gebied van ongevallenverzekeringen voor medewerkers, namelijk aan de Stichting Risicobeheer Veiligheidsregio’s en de Stichting Waarborgfonds Veiligheidsregio’s. Het algemeen bestuur stemde op 22 juni 2022 in met de deelname aan beide stichtingen. De raden van de deelnemende gemeenten zijn vooraf geraadpleegd over de deelname. Daaruit zijn geen wensen of bedenkingen naar voren gekomen. 8. Facilitaire zaken - kazerne Opleveren van de nieuwe kazerne in Diepenveen (gemeente Deventer).
Naar verwachting wordt de kazerne kort na de zomer van 2023 opgeleverd en in gebruik genomen. 9. Informatieveiligheid Wij besteden aandacht aan informatieveiligheid. Het BIO-niveau is van 0,9 naar 1,4 gegaan. Dit is lager dan het streefniveau van 2.0 voor 2022- 2023. Er zijn diverse beleidsdocumenten en procesbeschrijvingen in voorbereiding. Inmiddels is de invoering van tweestapsverificatie in de afrondende fase. Dit gaat substantieel bijdragen aan een hoger BIO-niveau. Implementatietrajecten vragen veel tijd waardoor we niet gewenste voortgang kunnen boeken.
22 Stand van zaken na acht maanden In samenwerking met de GGD zijn we gestart met een projectopdracht ‘Versterking bedrijfsvoering’. Deze opdracht moet ertoe leiden dat er meer samenhang en gezamenlijke focus komt in de uitvoering van de bedrijfsvoeringstaken die voor beide organisaties worden uitgevoerd. Beide MT’s zijn in gesprek met de bedrijfsvoeringsteams over het verbeteren van de samenwerking tussen VR en GGD en tussen de vier teams. Concreet gaat het over de inrichting van de processen en de onderlinge samenhang, cultuuraspecten en governance. Eind van het jaar ligt er een plan om stapsgewijs de gewenste verbeterstappen tot resultaat te brengen. HRM Als veiligheidsregio merken we dat het steeds meer moeite kost om nieuwe medewerkers te vinden ter invulling van vacatures in de organisatie. Dit als gevolg van krapte in de arbeidsmarkt. Daarnaast zijn er ook meer vacatures. Deze situatie is minder aan de orde bij het vinden van brandweerpersoneel, alhoewel er hier ook wel minder reacties komen op vacatures. Daarnaast was er veel extra werk door de langdurige crisissituaties zoals de oorlog in Oekraïne en de vluchtelingenproblematiek. I&A De digitale ontwikkelingen gaan in een enorm tempo en dat stelt steeds meer eisen aan onze organisatie. De behoefte van gebruikers verandert en neemt toe, wat effect heeft op het ICT-landschap.
Tegelijkertijd neemt ook de complexiteit rondom informatieveiligheid toe. Daarom is het van belang dat I&A zich verder ontwikkelt naar een volwassener beheersorganisatie. De afgelopen tijd is gebruikt om in kaart te brengen wat daarvoor nodig is. Aan hand van verschillende bouwstenen, waar de komende tijd de focus op ligt, brengen we de basis van I&A op orde en verstevigen we dit. Informatiemanagement Op diverse onderdelen binnen informatiemanagement hebben we vorderingen gemaakt. Zo investeren we nog steeds flink in informatieveiligheid, onder andere door de invoering van tweefactorauthenticatie (2FA). Daarnaast is er structurele afstemming over digitale kwetsbaarheden, wat resulteert in het vroegtijdig kunnen signaleringen en handelen. De extra capaciteit (vanuit de BDuR-gelden) op informatiemanagement is ingevuld. De functies informatiespecialist, data engineer en privacy officer versterken het gehele informatiemanagementproces. Ondanks dat op het gebied van informatieveiligheid stappen worden gezet, maken we niet de gewenste voortgang. Dit heeft te maken met het tempo waarin basisvoorzieningen worden ingericht en doordat de structurele borging van processen achterloopt. Facilitaire Zaken In 2022 is ons werkproces zo ingericht dat prestatieverklaringen (lees leveringsbewijzen) gekoppeld worden aan elke bestelopdracht van goederen en de bijbehorende facturen.
Voor leveringen van diensten dient dit in de komende periode op dezelfde wijze te worden ingericht. Hiermee wordt grotendeels voldaan aan een belangrijke aanwijzing van de accountant in relatie tot de rechtmatigheid van onze bestedingen. Financiën Afgelopen perioden zijn vorderingen gemaakt om de werkprocessen te verteren en te borgen. Het proces verloopt door ziektegevallen minder snel dan vooraf gepland. Het begin van het jaar heeft in het teken gestaan van stabiliseren en de komende tijd zal gericht zijn op optimaliseren en borgen van de processen. Vanaf halverwege dit jaar is de frequentie van (financiële) verantwoording verhoogd om het actuele inzicht in cijfers te vergroten. 23 Verder zijn HRM en Financiën gestart met het project ‘sturen op uren’ wat gericht is op de vervanging van het urenregistratiesysteem en is vanuit de interne beheersing gestart met een nieuwe werkplanning om te komen tot een rechtmatigheidsverklaring over 2023. Sfeerbeelden van Bedrijfsvoering 24 4. Financiële stand van zaken In dit hoofdstuk zal de financiële stand van zaken worden besproken. Dit hoofdstuk is opgedeeld in twee afzonderlijke onderdelen: 1. Financiële stand van zaken met betrekking tot de baten en lasten voor de opvang van ontheemden uit Oekraïne, de crisisnoodopvanglocaties en versterken crisisbeheersing en informatiemanagement. 2.
Incidentele begrotingswijzigingen tweede bestuursrapportage 2023. Opvang ontheemden uit Oekraïne en Crisisnoodopvang De oorlog in Oekraïne en de sterke toestroom van vluchtelingen naar Nederland heeft ook in 2023 zijn weerslag op de veiligheidsregio. De veiligheidsregio vervult namens de deelnemende gemeentes een coördinerende rol bij het in goede banen leiden van deze crisis. Tot 31 maart 2023 lag de Royal Crown in Genemuiden ten behoeve van de opvang van ontheemden uit Oekraïne en overige vluchtelingen. Vanaf 1 april heeft de veiligheidsregio geen eigen opvangplekken meer en vervult het enkel haar coördinerende rol. Per 1 januari 2024 zal de veiligheidsregio haar coördinerende taken binnen deze projecten overdragen aan één van de deelnemende gemeentes. Ontheemden Oekraïne/ Programma Vluchtelingen Op 12 juli 2023 is door het algemeen bestuur de begroting voor de opvang van ontheemden uit Oekraïne voor de tweede helft van 2023 vastgesteld. De veiligheidsregio heeft deze begroting op 25 juli 2023 aangeleverd bij het ministerie van Justitie en Veiligheid die verantwoordelijk is gesteld voor het vergoeden van de kosten voor de opvang van ontheemden. Op 4 augustus is de begroting goedgekeurd door het ministerie waarna het geld is ontvangen. De vergoeding voor de opvang van ontheemden loopt buiten de reguliere begroting van de gemeentes en de Rijksbijdrage (BDuR) om.
De totale begrote kosten voor dit jaar bedragen € 1.505.000,-. Tot op heden zijn de kosten voor de leden van het kernteam afkomstig uit de deelnemende gemeentes nog niet gedeclareerd en ten laste gebracht van dit budget. Hierdoor is de verwachting dat de kosten in de loop van de tweede helft van 2023 zullen oplopen. Het aan ons ter beschikking gestelde budget van € 1.505.000,- zal volledig worden ingezet ten behoeve van de opvang van ontheemden uit Oekraïne. Een eventueel tekort binnen dit budget zal worden aangevuld vanuit het ministerie van Veiligheid en Justitie en zal niet worden ondergebracht bij de deelnemende gemeentes.
Omschrijving Begroting 1e helft 2023 Begroting 2e helft 2023 Begroting totaal Lasten 2023 Saldo 2023 Regionaal Programmamanager 75.000 75.000 150.000 100.310 49.690 Regionaal Programmasecretaris 90.000 100.000 190.000 61.756 128.244 Overig kernteam 100.000 150.000 250.000 108.754 141.246 RCVS 200.000 125.000 325.000 180.867 144.133 Inhoudelijke aanspreekpunten (werk/zorg/onderwijs) 50.000 50.000 100.000 10.354 89.646 Staffuncties (Financiën, JZ, HR) 125.000 100.000 225.000 69.768 155.232 Communicatiekosten 15.000 15.000 30.000 36.400 -6.400 IPW doorbraakmethode 0 25000 25.000 0 25.000 Overige personeelskosten 50.000 50.000 100.000 0 100.000 Totaal personeelskosten 705.000 690.000 1.395.000 568.209 826.791 25 Doorbelasting gebruik faciliteiten 30.000 30.000 60.000 16.585 43.415 Medische kosten/Regionale Zorgpost 50.000 0 50.000 2.281 47.719 Totaal 785.000 720.000 1.505.000 587.075 917.925 Crisisnoodopvang Voor de veiligheidsregio zijn de activiteiten met betrekking tot de crisisnoodopvang ondergebracht in het programma Vluchtelingen die hiervoor aan de orde is gekomen. Vanaf het moment dat het contract met de Royal Crown ten einde kwam zijn de kosten grotendeels ondergebracht in één programma Vluchtelingen.
De veiligheidsregio ontvangt op declaratiebasis de gemaakte kosten van het Centraal Orgaan opvang Asielzoekers (COA) en deze vergoeding loopt buiten de gemeentelijke bijdrage en de Rijksbijdrage om. Deze declaratie over de periode januari tot en met april ad. € 581.488,- is ontvangen. De declaratie over de periode mei tot en met augustus ad. € 22.518,- is ingediend bij het COA. Omschrijving Saldo 2023 Inhuur derden 27.223 Huur gebouwen en terreinen 539.277 Goederen huisvesting 15.521 Afvalverwerking 14.515 ICT-abonnementen 22.518 Totale lasten 619.055 Totale baten (COA) 619.055 Saldo 2023 0 Versterken crisisbeheersing en informatiemanagement Voor het versterken van crisisbeheersing en informatiemanagement worden er, oplopend van 2023 tot en met 2026, door het Rijk structureel extra gelden beschikbaar gesteld. Voor 2023 en 2024 worden deze gelden verdeeld volgens een vastgestelde methodiek. De verdeling van de opbouw extra middelen voor 2025 en 2026 staat nog niet vast in verband met nog te formuleren bestedingsplannen. De toewijzing voor 2023 en 2024 zijn via de eerste bestuursrapportage 2023 structureel verwerkt in de begroting 2023 en 2024.
Structureel extra rijksbijdrage 2023 2024 2025 2026 Opbouw versterking crisisbeheersing 774.926 960.234 960.234 960.234 Opbouw versterking informatievoorziening 515.200 638.400 638.400 638.400 Totaal 1.290.126 1.598.634 1.598.634 1.598.634 26 Zoals beschreven in het programma ‘De crisis van morgen’ zijn de extra gelden ingezet en zijn tijdelijke functionarissen aangenomen op het gebied van informatievoorziening en crisisbeheersing. Onderstaand is de incidentele uitnutting van de extra BDuR-gelden 2023 weergegeven. De incidentele onderschrijding wordt met name veroorzaakt door de langere doorlooptijd van de formatieve invulling. Omschrijving Bedrag 2023 Kosten versterking Crisisbeheersing 245.000 Kosten versterking Informatiemanagement 555.000 Totale incidentele lasten 2023 800.000 Structureel extra rijksbijdrage 2023 1.290.000 Saldo -490.000 27 Incidentele begrotingswijzigingen tweede bestuursrapportage 2023 Dit hoofdstuk geeft een beeld van de financiële uitvoering van de begroting en van de financiële positie in het lopende jaar. Verder bevat het een doorkijk naar het eind van 2023. Nadat het algemeen bestuur deze tweede bestuursrapportage heeft vastgesteld worden de financiële wijzigingen incidenteel samen met een aantal (budget neutrale) administratieve wijzigingen via een begrotingswijziging verwerkt in de begroting 2023.
Kostencategorieën Gewijzigde structurele begroting 2023 1e BERAP 2023 2e BERAP 2023 Totaal 2023 V/ N Gewijzigde begroting 2023 1 Personeelskosten 30.656.460 -198.669 -490.000 -688.669 V 29.967.791 2 Huisvestingskosten 5.839.118 204.746 150.000 354.746 N 6.193.864 3 Brandweermaterieel 6.016.512 -210.610 0 -210.610 V 5.805.902 4 Opleiden & Oefenen 2.786.419 501.169 -35.000 466.169 N 3.252.588 5 Automatisering & verbindingen 2.205.368 -30.000 0 -30.000 V 2.175.368 6 Rente 277.223 208.850 -75.000 133.850 N 411.073 7 Beheerskosten 1.163.254 0 0 0 - 1.163.254 8 Overige kosten 1.652.902 -6.281 0 -6.861 V 1.646.621 Totaal lasten 50.597.256 469.205 -450.000 19.205 N 50.616.461 9a Baten -356.012 -32.300 -10.700 -43.000 V -399.012 9b Bijdrage GGD -2.847.832 0 0 0 - -2.847.832 10 Algemene dekkingsmiddelen -46.913.498 -356.479 -335.575 -692.054 V -47.605.552 Totaal baten -50.117.342 -388.779 -346.275 -735.054 V -50.852.396 Saldo baten en lasten 479.914 80.426 -796.275 -715.849 V -235.935 Toevoeging aan reserves 50.876 0 0 0 - 50.876 Onttrekking aan reserves -530.790 -100.000 0 -100.000 V -630.790 Resultaat 2023 0 -19.574 -796.275 -815.849 V -815.849 28 Toelichting incidentele afwijkingen Personeelskosten Kostencategorie Wijzigingen 1e BERAP Wijzigingen 2e BERAP Totaal V/N 1 Personeelskosten Vrijval loonsom beroepsmedewerkers -384.500 - -384.500 V Vrijval extra rijksbijdrage
Crisisbeheersing - -400.000 -400.000 V Vrijval extra rijksbijdrage Informatievoorziening - -90.000 -90.000 V Hogere kosten inhuur derden 185.831 - 185.831 N Totaal -198.669 -490.000 -688.669 V 1e Bestuursrapportage Ruimte in de loonsom beroepsmedewerkers We verwachten aan het eind van het jaar circa € 384.500,- over te houden op de loonsom beroepsmedewerkers (excl. bedrijfsvoering). Deels is dit het effect van gemiddeld drie vacatures waarvan de invulling is vertraagd. In de praktijk zitten niet alle salarissen in het maximum van de schaal, mede door instroom van nieuwe medewerkers. Vervolgens wordt er verspreid over de organisatie gebruik gemaakt van het generatiepact wat eveneens leidt tot een vrijval van de loonsom. Door de hiervoor genoemde oorzaken zit in dit deel van de loonsom incidentele ruimte. Hogere kosten inhuur derden Bedrijfsvoering (Gemene Rekening) heeft op dit moment aantal vacatures welke door de krappe arbeidsmarkt tijdelijk zijn opgevuld met externe capaciteit. Rekening houdende met de vrijval loonsom verwachten we voor het aandeel Veiligheidsregio IJsselland een nadeel van ca. € 186.000,-. 2e Bestuursrapportage Zoals voorgaand beschreven verwachten we incidenteel € 490.000,- over te houden op de structurele extra rijksbijdrage 2023. Dit wordt met name veroorzaakt door de langere doorlooptijd van de formatieve invulling.
Huisvestingskosten Kostencategorie Wijzigingen 1e BERAP Wijzigingen 2e BERAP Totaal V/N 2 Huisvestingskosten Hogere energielasten 300.000 150.000 450.000 N Huurkosten 97.036 - 97.036 N Afschrijvingslasten -192.290 - -192.290 V Totaal 204.746 150.000 354.746 N 29 1e Bestuursrapportage Energielasten Hoewel de tarieven dalen verwachten we mede ook door de onzekerheid een nadeel van circa € 300.000,-. Huurkosten Door het hoge CPI inflatiecijfer (voorstel tot uniforme incidentele vaststelling op 6,5% voor 2023) verwachten wij een nadeel van ca. € 97.000,-. Door de index-nacalculatiemethodiek verwachten wij dit de komende jaren in te lopen. Afschrijvingslasten Deze incidentele vrijval van circa € 192.000,- komt voort uit de terug levering van twee kazernes tijdelijke eigendom in 2022. De jaarlijkse afschrijvingslasten zijn ook in 2023 mee gecalculeerd. 2e Bestuursrapportage Ondanks de dalende prijzen zijn deze toch nog fors hoger dan begroot. Hierdoor ontstaat nog een extra nadeel van circa € 150.000,-. Het team Facilitair is bezig zich te beraden op de te volgen strategie om te komen tot nieuwe contractafspraken.
Brandweermaterieel Kostencategorie Wijzigingen 1e BERAP Wijzigingen 2e BERAP Totaal V/N 3 Brandweermaterieel Hogere brandstofkosten 185.000 - 185.000 N Afschrijvingslasten -395.610 - -395.610 V Totaal -210.610 - -210.610 V 1e Bestuursrapportage Brandstofkosten Net als de energietarieven zijn ook de brandstoftarieven dalende, maar nog op een hoog prijspeil. In Deventer en Zwolle is overgegaan op een nieuw type dieselbrandstof (HVO = Hydrotreated Vegetable Oil = biodiesel). Hiervan zien we dat de prijs aan het verdubbelen is. In het geheel verwachten hierdoor een nadeel van circa 185.000 euro. Afschrijvingslasten Door het vroegtijdig opstellen van de begroting van Veiligheidsregio IJsselland moet er voor de budgettering van de afschrijvingslasten uit worden gegaan van een prognose op nog toekomstige vervangingsinvesteringen. Bij het doorschuiven van vervangingsinvesteringen naar het volgende begrotingsjaar ontstaat een incidenteel voordeel. Het doorschuiven van investeringskredieten proberen we tot een minimum te beperken, door direct na het vaststellen van de kredieten in het volgende begrotingsjaar te beginnen met voorbereiden en bestellen van het materieel en materiaal.
30 Opleiden & oefenen Kostencategorie Wijzigingen 1e BERAP Wijzigingen 2e BERAP Totaal V/N 4 Opleiden en oefenen Vrijval opleidingskosten persoonlijke ontwikkeling -150.000 -35.000 -185.000 V Hogere kosten warme opleidingen 651.169 - 651.169 N Totaal 501.169 -35.000 466.169 N 1e Bestuursrapportage Opleidingen persoonlijke ontwikkeling beroepsmedewerkers Gebaseerd op de realisatie van de eerste vier maanden en de startdatums van opleidingen verwachten we circa € 150.000,- over te houden. Warme opleidingen De overschrijding op warme opleidingen komt door het starten van meer opleidingsklassen 2022/2023 (60 in plaats van 36 opleidingsplekken) voor nieuwe brandwachten. Deze hoeveelheden zijn nodig om de posten op sterkte te houden. Door de toenemende uitstroom is dit ook een zorg voor de komende jaren. Daarnaast heeft de uitstroom ook doorwerking op de hoeveelheid opleidingen voor bevelvoerders en brandweerchauffeurs. Het verloop binnen de beroepsuitrukdienst leidt tot fors hogere kosten duikopleidingen. 2e Bestuursrapportage Gebaseerd op de realisatie van de eerste acht maanden en de startdatums van opleidingen verwachten we circa € 35.000,- extra over te houden.
Automatisering & verbindingen Kostencategorie Wijzigingen 1e BERAP Wijzigingen 2e BERAP Totaal V/N 5 Automatisering & verbindingen Vrijval kosten infrastructuur -30.000 - -30.000 V Totaal -30.000 - -30.000 V 1e Bestuursrapportage Kosten infrastructuur Deze kosten laten de laatste jaren een onderschrijding zien. Door de overgang van aparte aanbieders van telefonie en verbindingen naar all-in-one aanbieders is de vrijval verder toegenomen. De structurele vrijval kan worden ingezet voor de eventueel toekomstige oplopende kosten automatisering. Risico De ontwikkelingen in de IT-wereld gaan razendsnel en zorgen steeds voor nieuwe inzichten en noodzakelijke aanpassingen in onze IT-omgeving. Dit kan de komende tijd leiden tot, nu nog niet te voorziene, extra kosten. 31 Rente Kostencategorie Wijzigingen 1e BERAP Wijzigingen 2e BERAP Totaal V/N 6 Rente Hogere rentelasten langlopende leningen 208.850 -75.000 133.850 N Totaal 208.850 -75.000 133.850 N 1e Bestuursrapportage In 2022 is een nieuwe langlopende lening van 9 miljoen euro afgesloten ter dekking van de vervangingsinvesteringen 2022. Deze lening geeft een structurele last van € 120.150,- en wordt in 2022 en 2023 incidenteel gedekt door de vrijval kapitaalslasten en in 2024 structureel verwerkt in de begroting. In 2023 is een lang lopende lening van 4 miljoen afgesloten ter dekking van de vervangingsinvesteringen 2023.