CConstaterende datSteenwijkerland
Koppel je AI →
Document · PDF

4.1 Kennisnetwerk participatie en uitdaagrecht - Nota Kansen met het Uitdaagrecht

Raadsvergadering 20 oktober 2026, gemeente SteenwijkerlandBij agendapunt: Ingekomen stukken6.329 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

www.uitdaagrecht.nl Kansen met het Uitdaagrecht V oor gemeenten, provincies en waterschappen 1 Kansen met het Uitdaagrecht 2026 Voor gemeenten, provincies en waterschappen Kennisnetwerk participatie en uitdaagrecht www.uitdaagrecht.nl info@uitdaagrecht.nl Thijs Harmsen Nicole Slothouwer (eindredactie) Juli 2026 Deze notitie is gemaakt in opdracht van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten. Het Kennisnetwerk participatie en uitdaagrecht is een onafhankelijke stichting die zich richt op uitdaagrecht / participatie in samenwerking met overheden, maatschappelijke organisaties en bewoners door: ▪ Het geven van informatie over het uitdaagrecht, over overheidsparticipatie en over bewonersparticipatie. ▪ Het begeleiden van bewoners, maatschappelijke organisaties, gemeenten, waterschappen, provincies en de rijksoverheid bij participatie en bij de toepassing van het uitdaagrecht. ▪ Kennisontwikkeling en – uitwisseling, onder meer door het (laten) verrichten van onderzoek naar de mogelijkheden voor toepassing van het uitdaagrecht en participatie en door het delen van ervaringen. 2 Burgers kunnen meer initiatieven met verantwoordelijkheid voor de publieke zaak nemen, zoals in toenemende mate het geval is met het uitdaagrecht. Prof. dr.

James Kennedy Universiteitshoogleraar met als speciale opdracht community engaged learning aan de Universiteit Utrecht1 1 Burgerschap na de verzuiling: zorgen en kansen. In: Met het oog op de toekomst, Ministerie van BZK, februari 2025 3 Inhoudsopgave Samenvatting 4 1. Inleiding 5 2. Uitdaagrecht 6 2.1. Uitdaagrecht bij gemeenten, provincies en waterschappen 6 2.2. Twee varianten bij het uitdaagrecht 7 2.3. Indienen en beoordelen van uitdaagrecht-initiatieven 8 2.4. Communicatie 9 3. Ervaringen met het uitdaagrecht 10 3.1. Inleiding 10 3.2. Natuur in Friesland 10 Harlingen – Balklandpark-Noord Natuer mei de Mienskip 3.3. Funverkeer in Zuid-Limburg 13 3.4. Seringenpark Aalsmeer 14 3.5. Uitdaagrecht in dorpen en wijken 15 3.6. Uitdaagrecht en samenwerking tussen overheden 16 4. Ontwikkelkansen voor het uitdaagrecht 17 4 Samenvatting Gemeenten, provincies en waterschappen moeten in 2026 regels opstellen voor toepassing van het uitdaagrecht. Met het uitdaagrecht kunnen inwoners en maatschappelijke organisaties taken overnemen of op een vernieuwende wijze gaan uitvoeren in coproductie met de gemeente, waterschap of provincie (al dan niet met bijhorend budget). Met dit verzoek wordt een overheidsorgaan “uitgedaagd”.

De initiatiefnemers geven hierbij aan of en hoe zij het werk “beter”, “goedkoper” en/of “met meer maatschappelijk draagvlak” kunnen realiseren, in vergelijking met de reguliere aanpak door de overheid. Deze nota gaat in op: ▪ De essenties van het uitdaagrecht. ▪ De rol van het bestuur. ▪ Ervaringen en voorbeelden uit de praktijk met het uitdaagrecht bij gemeenten, provincies en waterschappen. ▪ De ontwikkelkansen bij overheden om een succes te maken van het uitdaagrecht. De samenwerking met en ervaringen van inwonersinitiatieven, maatschappelijke organisaties en ambtenaren en bestuurders van gemeenten, waterschappen en provincies zijn de basis voor deze nota. 5 1. Inleiding Inwoners meer mogelijkheden en kansen bieden om zélf invulling te geven aan hun woon- en leefomgeving. Met het uitdaagrecht2 kan dit. Het uitdaagrecht geeft inwoners en maatschappelijke initiatieven de mogelijkheid om taken van de overheid over te nemen of te gaan aansturen wanneer zij denken deze taken beter, slimmer of anders te kunnen uitvoeren. Vanaf 2027 moeten gemeenten, provincies en waterschappen het uitdaagrecht hebben ingevoerd. Door inwoners niet als consument te zien, maar als (co-)producent van hun eigen leefomgeving, krijgen zij ook eigenaarschap, betrokkenheid en vertrouwen terug.

en Deze compacte notitie laat zien wat ervoor nodig is om het uitdaagrecht in te voeren en uitdaagrechtverzoeken af te handelen. Ook gaan we in op de dagelijkse praktijk van het uitdaagrecht aan de hand van een aantal casussen: hoe verlopen deze casussen en wat zijn de succesfactoren maar ook de aandachtspunten? De notitie rondt af met een aantal ontwikkelkansen voor het uitdaagrecht. De samenwerking van het Kennisnetwerk met inwonersinitiatieven, maatschappelijke organisaties en ambtenaren en bestuurders van gemeenten, waterschappen en provincies is de basis voor deze nota. Hun ervaringen zijn hierin meegenomen. Vanwege de leesbaarheid wordt gesproken over de gemeente en het uitdaagrecht. De teksten gelden ook voor provincie en waterschap, tenzij anders wordt aangegeven. 2 We gebruiken de term uitdaagrecht; sommige overheden spraken in het verleden over “Right to Challenge” en dit betekent hetzelfde als het uitdaagrecht. 6 2. Uitdaagrecht 2.1. Uitdaagrecht bij gemeenten, provincies en waterschappen Met het uitdaagrecht kunnen inwoners of maatschappelijke partijen de gemeente (/ provincie / waterschap) verzoeken om de feitelijke uitvoering van een gemeentelijke taak over te nemen, of samen met de gemeente te gaan uitvoeren. Bijvoorbeeld omdat initiatiefnemers denken deze taak beter, goedkoper, op een vernieuwende wijze of met meer maatschappelijk draagvlak te kunnen uitvoeren.

Bij het uitdaagrecht gaat het om taken die in de gemeentelijke begroting of in het gemeentelijk beleid zijn vastgelegd en waarvan het gemeentebestuur heeft bepaald dat deze worden uitgevoerd. De gemeente behoudt bij het uitdaagrecht de eindverantwoordelijkheid en maakt afspraken met de initiatiefnemers afspraken over de manier waarop taken worden uitgevoerd. De gemeente controleert of de taken volgens de afspraken worden uitgevoerd. Het uitdaagrecht kan ook worden ingezet bij bovengemeentelijke projecten, bijvoorbeeld bij een gebiedsgerichte aanpak waarbij meerdere gemeenten samenwerken. Rol Gemeenteraad Als gekozen volksvertegenwoordigers geven de leden van de Gemeenteraad aan welke taken wel of niet kunnen worden uitgedaagd in de eigen gemeente. Dat doet de raad op de volgende manieren: ▪ Vaststellen van de kaders voor het uitdaagrecht: geldt het recht bij ‘alle’ beleidsterreinen of bij een beperkt aantal, wie kunnen gebruik maken van dit recht, de procedure, hoe weten we dat een uitdaagrecht-initiatief ook draagvlak heeft van potentieel belanghebbenden, etc. ▪ De regels voor het uitdaagrecht vastleggen in de Participatieverordening (voor 1 januari 2027).

▪ Beoordeling en besluitvorming over het uitdaagrecht-initiatief, indien nodig (beoordeling van concrete initiatieven gebeurt door het orgaan dat verantwoordelijk is voor de uitvoering van de taak en dat zal meestal het college van B&W zijn). 3 Wet Versterking participatie op decentraal niveau (2024), Memorie van Toelichting Voordelen van het uitdaagrecht zijn, o.a.: 3 ▪ Het uitdaagrecht vergroot de betrokkenheid en het eigenaarschap van inwoners en maatschappelijke partijen in de directe (leef)omgeving. ▪ Het uitdaagrecht biedt kansen voor de kwaliteit van beleid. Het uitdaagrecht maakt namelijk passend maatwerk mogelijk door kennis en inzet te benutten en kan zo leiden tot een betere uitvoering. Tegelijkertijd biedt het inwoners de kans om hun kennis over de eigen leefomgeving te benutten voor een beter plan. ▪ Het uitdaagrecht kan meer opbrengsten opleveren in termen van samenwerking en cohesie. Zo worden inwoners en maatschappelijke partijen gestimuleerd om samen aan de slag te gaan en hun netwerk te vergroten. Al met al kan dat leiden tot meer samenhang en saamhorigheid op een bepaalde plek of in een bepaalde buurt. ▪ Ook kan het uitdaagrecht leiden tot nieuwe vormen van samenwerking tussen overheden en de gemeenschap. Op die manier draagt het uitdaagrecht bij aan een veerkrachtige samenleving. 7 2.2.

Twee varianten bij het uitdaagrecht Bij het uitdaagrecht zijn er twee ‘varianten’: 1. De inwoners of maatschappelijke partijen maken afspraken met de gemeente om een taak over te nemen (bijvoorbeeld: overnemen van het onderhoud van een deel van het openbaar groen). 2. De inwoners of maatschappelijke partijen maken afspraken om een taak op een vernieuwende wijze samen met de gemeente te gaan uitvoeren (coproduceren). Initiatiefnemers en gemeente voeren de taak dan samen op een andere wijze uit (bijvoorbeeld: het onderhoud van het openbaar groen wordt op een meer ecologische manier uitgevoerd door initiatiefnemers en gemeente samen). Bij de praktijkvoorbeelden (zie hoofdstuk 3) laten we zien dat beide varianten voorkomen, soms zelfs binnen een en hetzelfde uitdaagrecht-initiatief. 4 Gemeentewet, artikel 150. Provinciewet, artikel 147. Waterschapswet, artikel 79. Twee varianten bij het uitdaagrecht De regels rondom het uitdaagrecht zijn opgenomen in de “Wet versterking participatie op decentraal niveau” (2024). Dit is de basis voor het uitdaagrecht bij gemeenten, waterschappen en provincies4. Alle decentrale overheden moeten het uitdaagrecht invoeren en bepalen zelf de spelregels en de taken waarvoor het uitdaagrecht gaat gelden. In de Memorie van Toelichting van de genoemde wet staat dat het uitdaagrecht gaat over: ▪ Het overnemen van een overheidstaak door initiatiefnemers.

▪ Afspraken maken over samenwerking tussen initiatiefnemer en overheid om een taak op een nieuwe manier te gaan uitvoeren. Overnemen van een taak Bij het uitdaagrecht kunnen inwoners of maatschappelijke partijen de gemeente verzoeken om de feitelijke uitvoering van een taak van de gemeente over te nemen, al dan niet met bijhorend budget, als zij denken deze taak beter te kunnen uitvoeren. De beschrijving ‘beter’ kan van alles inhouden, met meer maatschappelijke meerwaarde, duurzamer of efficiënter. Het uitdaagrecht is een bijzondere vorm van participatie aangezien dit niet door de overheid wordt geïnitieerd, maar inwoners en maatschappelijke partijen juist zelf een idee ontwikkelen en de overheid benaderen om dit te kunnen realiseren. Het uitdaagrecht vergroot de betrokkenheid en het eigenaarschap van inwoners en maatschappelijke partijen in de directe (leef)omgeving, biedt kansen voor de kwaliteit van beleid en kan leiden tot nieuwe vormen van samenwerking en cohesie. Op die manier draagt het uitdaagrecht bij aan een veerkrachtige samenleving.

Het uitdaagrecht laat zien dat er ruimte is voor maatschappelijk initiatief waarbij zowel grote projecten – bijvoorbeeld de exploitatie van een windmolenpark – als kleine(re) initiatieven – bijvoorbeeld het beheer en onderhoud van een (dieren)park, buurthuis, sportclub of het verrichten van zorg- of welzijnstaken – betekenisvol kunnen zijn. De verantwoordelijkheid voor de taken blijft in juridische zin weliswaar bij de overheid liggen, maar de overheid betrekt bij de feitelijke uitvoering inwoners of maatschappelijke partijen. Uitdaagrecht is inclusief samenwerkingsrecht In Nederland wordt uitdaagrecht breder ingevuld dan alleen het daadwerkelijke overnemen van een taak. Een verzoek tot overname van een taak van de gemeente kan in de Nederlandse praktijk ook leiden tot afspraken over het uitvoeren van publieke taken tussen inwoners en gemeente, een zogenaamd “samenwerkingsrecht”5. Dit houdt verband met het autonome karakter van de decentrale bestuurlijke inrichting van Nederland. Daarbij heeft de gemeenteraad een centrale positie voor het agenderen van maatschappelijke thema’s en de invulling van de kaders van de uitvoering van hun taken. Het brede uitdaagrecht, waarbinnen ook het samenwerkingsrecht een plaats inneemt, past bij de lange politiek-bestuurlijke traditie van samenwerken die ons land kent.

Daarom wordt in Nederland geen specifiek onderscheid gemaakt tussen het uitdaagrecht en het samenwerkingsrecht, maar valt alles onder het begrip “uitdaagrecht”. 5 Wet Versterking participatie op decentraal niveau (2024), Memorie van Toelichting, p.5 - 6 8 2.3. Indienen en beoordelen van uitdaagrecht-initiatieven Een gemeente die samenwerking met de gemeenschap omarmt, draagt dit ook uit. Een laagdrempelig proces voor het indienen en beoordelen van uitdaagrecht-initiatieven is hierbij belangrijk: ▪ De gemeente heeft informatie beschikbaar (o.a. op de website) over het uitdaagrecht, een aanvraagformulier én de gegevens van een contactpersoon die op een eenvoudige manier te bereiken is voor initiatiefnemers (06-nummer, emailadres). ▪ De initiatiefnemers in een zo vroeg mogelijk stadium spreken. Dit gesprek tussen een contactambtenaar en de initiatiefnemers verlaagt de drempel om met een voorstel te komen. Vaak hebben initiatiefnemers wel een eerste idee, maar weten nog niet precies hoe zij dit moeten uitwerken, welke mogelijkheden er zijn en of het uitdaagrecht wel het goede instrument is om hun idee te kunnen uitvoeren. In dit gesprek kunnen de mogelijkheden van het uitdaagrecht verder worden verkend. ▪ De initiatiefnemers hun eerste idee te laten indienen.

▪ Bij een kansrijk initiatief een gesprek te laten plaatsvinden tussen initiatiefnemers en een aantal ambtenaren (zoals de contactpersoon van de gemeente, inhoudelijk betrokken ambtenaren, ambtenaren met kennis van inkoop, financiën en/of juridische aangelegenheden). In het gesprek kan door de gemeente aanvullende informatie worden verstrekt (bijvoorbeeld over de inhoud van de taak of de beschikbare financiën). Eventueel worden er afspraken gemaakt over de vervolgstappen om te komen tot een volledige aanvraag voor het uitdaagrecht-initiatief.6 ▪ De initiatiefnemers maken hun aanvraag voor het gebruik van het uitdaagrecht gereed en dienen deze formeel in. De ingediende aanvraag wordt ambtelijk bekeken en er wordt een voorstel opgesteld voor besluitvorming, waarna (meestal) B&W het besluit neemt om het uitdaagrecht-initiatief al dan niet toe te staan. 6 Zie bijvoorbeeld gemeente Rotterdam, Right to Challenge, concept-Voorjaarsnota 2024, 1e herziening, M2407-6544 - 25bo003444, 20 februari 2025 Bij de beoordeling kan o.a.

worden gekeken naar: ▪ Gaat het om een gemeentelijke taak die is vastgelegd in de begroting en/of in beleid? ▪ Is er budget beschikbaar voor de uitvoering van de betreffende taak? ▪ Geven de initiatiefnemers aan hoe de gemeentelijke taak “slimmer”, “beter”, “goedkoper”, “met meer maatschappelijk draagvlak” of op “een andere wijze” kan worden uitgevoerd (al dan niet in samenwerking met de gemeente)? ▪ Is er een maatschappelijke meerwaarde van dit initiatief en welke is dit? ▪ Hebben de initiatiefnemers enige mate van draagvlak bij betrokkenen/ belanghebbenden? ▪ Hebben de initiatiefnemers een duidelijke relatie met de gemeente? ▪ Voert de gemeente deze taak zelf uit of wordt deze taak uitbesteed? Welke ruimte is er voor een uitdaagrecht-initiatief bij een uitbestede taak? ▪ Lijken initiatiefnemers in staat om de taak zelf uit te voeren of opdracht te kunnen geven aan een derde partij (al dan niet in samenwerking met de gemeente)? Waaruit blijkt dit? Hebben zij hiervoor voldoende kennis en kan dit gebeuren met -beperkte- begeleiding vanuit de gemeente? ▪ Wat is de duur van het beoogde uitdaagrecht-initiatief? Dient er een proefperiode te worden afgesproken? Welk inzicht is er in de continuïteit die geleverd kan worden? ▪ Wat zijn de kosten voor de uitvoering? Zijn deze gelijk aan of lager dan de kosten waarvoor de taak op de huidige manier wordt uitgevoerd? Of wordt er een

andere meerwaarde bereikt waardoor het toch interessant kan zijn deze uitdaging aan te gaan, terwijl de kosten misschien wel hoger zijn? ▪ Levert het uitdaagrecht-initiatief conflicten op met het gemeentelijke aanbestedings- en inkoopbeleid, met veiligheidsvoorschriften of met de belangen van derden? Zijn er andere mogelijke conflicten met de provincie of met de samenleving? Zijn er ook bewoners, maatschappelijke organisaties of andere partijen die door dit initiatief benadeeld kunnen worden? ▪ Het uitdaagrecht-initiatief betreft niet de volgende gemeentelijke taken: taken op het gebied van veiligheid, vergunningverlening, toezicht, subsidiebeoordeling/ toekenning, interne ondersteunende taken (zoals bedrijfsvoering), personeelsbeleid en financiën. 9 2.4. Communicatie Regelmatige communicatie met de samenleving over het uitdaagrecht is van belang: inwoners en maatschappelijke organisaties kunnen op deze manier weten dat het uitdaagrecht bestaat en hoe zij hiervan gebruik kunnen maken. De communicatie kan op een passieve en actieve wijze gebeuren. Passief, door op de gemeentelijke website, informatie te geven over het uitdaagrecht (wat is het uitdaagrecht, hoe kan een aanvraag worden ingediend, welke procedure wordt dan gevolgd, een contactpersoon die informatie kan verstrekken).

Voor degenen die minder digitaal vaardig zijn kan de informatie ook bekend gemaakt worden via andere media- uitingen (regionale en lokale media). Actief, door het uitdaagrecht steeds als een van de participatiemogelijkheden te benoemen bij die taken waarvan de gemeente weet dat de kans groot is dat bewoners en maatschappelijke partijen in de uitvoering een rol willen spelen. Daarnaast is het bij de informatievoorziening richting samenleving ook van belang om te melden welke uitdaagrecht-initiatieven er zijn binnengekomen, welke uitdaagrecht-initiatieven er al lopen (en hoe inwoners contact kunnen leggen met de initiatiefnemers) en de ervaringen van uitdaagrecht- initiatieven te delen met inwoners en maatschappelijke organisaties (maar ook binnen de ambtelijke organisatie en met het gemeentebestuur). 10 3. Ervaringen bij overheden 3.1. Inleiding Diverse overheden hebben al ervaring opgedaan met het uitdaagrecht. Want inwoners gebruiken het uitdaagrecht regelmatig om zelf invulling te geven aan de leefbaarheid in hun eigen dorp of wijk.

Van het beheren van een wijkcentrum (zoals in Amstelveen), behoud van welzijnsvoorzieningen in hun dorp (Ooststellingwerf), het maken en uitvoeren van plannen voor energiebesparing (bijvoorbeeld in Zundert en in Hilvarenbeek), het beheren van sportaccommodaties (zoals een sporthal in Utrecht en een voetbalcomplex in Vaesrade, Zuid-Limburg), schoonhouden van de buurt (in Gouda, in Rotterdam en in Amsterdam), het herinrichten van een straat (Rotterdam) tot het beheren of ontwikkelen van groen in de wijk (in Leidschendam-Voorburg) . We laten een aantal trajecten zien uit de praktijk van gemeenten, provincies en waterschappen en sluiten af met de leerpunten uit deze ervaringen. 3.2. Natuur in Friesland In de provincie Friesland zijn diverse uitdaagrecht-initiatieven in uitvoering of al afgerond. Harlingen – Balklandpark-Noord De gemeente Harlingen is in 2018 gestart met herontwikkeling langs de Friese zeedijk: het Westerzeedijkgebied. Dit gebied ontwikkelt zich tot een recreatief gebied voor zowel inwoners van Harlingen als voor toeristen. Onderdeel van dit gebied is het aanleggen van het nieuwe Balklandpark- Noord. Na een aantal inspraakrondes met de gemeente realiseren inwoners van Harlingen zich dat het participatieniveau in de ontwikkeling van het Balklandpark-Noord zou blijven hangen op “informeren en consulteren”.

De inwoners willen echter meer: hun ambities zijn om het gebied te transformeren tot een ecologisch stadspark waar ‘biodiversiteit en beleving’ centraal staan. Daarom gebruikt de bewonerswerkgroep het uitdaagrecht: de werkgroep wil zélf een plan maken voor een park voor mens en natuur, waar beleving en educatie centraal staan, gecombineerd met sport- en speelfaciliteiten. Met het uitdaagrecht krijgt de werkgroep de ruimte van het gemeentebestuur om een eigen plan te maken (binnen een aantal financiële en ontwerpkaders die door de gemeente Harlingen zijn gesteld). Begin 2021 stemmen B&W in met het plan van de bewonerswerkgroep. Inmiddels is het Balklandpark-Noord aangelegd, vrijwel conform de ideeën van de inwoners, en officieel geopend in 2025. Het park heeft een aantal “specials” gekregen om de natuurkwaliteit en de belevingswaarde te vergroten, zoals poelen voor amfibieën en vogels, houtwallen/takkenrillen en insectenhotels. Ook staan er 28 soorten bomen. De bewonerswerkgroep is opgegaan in Stichting Ecologisch Stadspark Harlingen. Bewoners blijven betrokken bij het beheer van het park: elke derde zondag van de maand helpen vrijwilligers mee om het park aantrekkelijk te houden voor dieren, planten en mensen. 11 Naast het ontwerpen en aanleggen van een park, zijn er in Friesland uitdaagrecht-initiatieven van heel verschillende schaal.

Van het schoonhouden van wateren met sup-planken in Grou en omgeving tot en met Natuer mei de Mienskip. Natuer mei de Mienskip: 80 miljoen voor natuur Natuer mei de Mienskip (“natuur met de samenleving”) is het eerste provinciale uitdaagrecht-initiatief in Nederland. Van de provincie Friesland mag íedereen uitdagen, óók commerciële organisaties en zelfs andere overheden (waterschap, gemeenten). Voor Friesland is niet van belang wie er uitdaagt, maar is het oogmerk van die uitdaging cruciaal: het bieden van maatschappelijke meerwaarde. In 2018 dagen diverse maatschappelijke organisaties de provincie Friesland uit: LTO-Noord, Staatsbosbeheer, Natuurmonumenten, It Fryske Gea, de provinciale milieufederatie, biologische boeren, Wetterskip Fryslân, Boer en Natuur, Collectief Particuliere Natuurbeheerders en Federatie Particulier Grondbezit. Aanleiding voor dit uitdaagrecht-initiatief is een dreigende bezuiniging op het provinciale budget voor natuurontwikkeling. Dit kan ertoe leiden dat het onzeker is bij agrariërs of hun grond in de komende jaren een natuurbestemming krijgt en dat leidt tot toenemende onzekerheid. De initiatiefnemers willen de aanleg van het Natuurnetwerk Nederland versnellen met 1000 hectares inrichting van natuur en 500 hectares functiewijziging van agrarisch naar natuur. Hiermee is een investering gemoeid van circa 80 miljoen euro.

De organisaties willen een nieuwe vorm van natuurontwikkeling toepassen, waarbij de “eindbeheerder” een belangrijke rol krijgt. De gemeenschappelijke belangen van de maatschappelijke organisaties in Natuer mei de Mienskip zijn: ▪ Het voorkomen van onzekerheden voor agrariërs over de natuurontwikkeling en daarmee de toekomstmogelijkheden voor hun bedrijf. ▪ Het behouden van gronddynamiek van aan- en verkoop van gronden. ▪ Het willen blijven investeren in het landelijk gebied. ▪ Voorkomen dat afwaardering van gronden gaat plaatsvinden, met negatieve gevolgen voor (agrarische) grondeigenaren. ▪ Natuurontwikkeling en deze ontwikkeling gaan zien als onderdeel van de agrarische bedrijfsvoering. ▪ Een grotere rol voor de eindgebruikers (“Eindbeheerder Centraal”): ook agrariërs, ondernemers en anderen moeten een kans krijgen om mee te werken aan de natuurontwikkeling, naast de reguliere terreinbeherende organisaties als Natuurmonumenten, Staatsbosbeheer en het provinciaal landschap It Fryske Gea. ▪ De initiatiefnemers willen samenwerken met de provincie bij de doorontwikkeling van deze vernieuwende aanpak: uitdaagrecht in samenwerking met de provincie Friesland en het waterschap Friesland.

7 College van Gedeputeerde Staten van Fryslân (22 maart 2019), brief aan Provinciale Staten van Fryslân, “Brief van de Natuer mei de Mienskip partners over Right to Challenge in partnerschap” De ‘toekomstdroom’ van Natuer mei de Mienskip is om een provincie Friesland te hebben, waarin de natuur robuust en toekomstbestendig is, met logische verbindingen tussen de natuurgebieden, waar het rijk is aan planten en dieren, waar alle Friezen en bezoekers van kunnen genieten, waar ruimte is voor de boer om te boeren en de boer een goede prijs krijgt voor zijn producten. De uitwerking en beoordeling van het initiatief van Natuer mei de Mienskip heeft geruime tijd geduurd, mede omdat het uitdaagrecht nieuw was voor de provinciale organisatie. Ook de initiatiefnemers moesten hun ideeën nog verder ontwikkelen en toetsen aan de mogelijkheden van de provincie. Daarna is een goede samenwerking op gang gekomen tussen initiatiefnemers en de provincie. Provinciale Staten van Friesland hebben ingestemd met een periode van twee jaar t/m 2021 om de vernieuwende aanpak in de praktijk te gaan testen. “Deze samenwerking leverde veel inzichten op. Vooral tussen landbouw- en natuurorganisaties en de particuliere grondeigenaren, maar ook tussen de Provincie en de Natuer mei de Mienskip-partners.

De Natuer mei de Mienskip-partners komen tot het inzicht dat een intensieve samenwerking met de Provincie tot een beter eindresultaat leidt. (…). Een vorm waarbij de Natuer mei de Mienskip-partners en de Provincie gezamenlijk optrekken. Oftewel: Right to Challenge in partnerschap.”7 Na de proefperiode van 2019 t/m 2021 is Natuer mei de Mienskip geëvalueerd door het Kennisnetwerk voor participatie en uitdaagrecht (i.s.m. onder andere de Wageningen University & Research, de Unie van Waterschappen en het ministerie van BZK). Uit de evaluatie blijkt dat het merendeel van de beoogde ambities naar verwachting bereikt kan worden met deze nieuwe werkwijze. 12 Op basis van de evaluatie van het Kennisnetwerk voor participatie en uitdaagrecht en het voorstel voor een vervolg van de maatschappelijke partijen, hebben Provinciale Staten van Friesland in 2022 ingestemd met de voortgang van dit traject en uitbreiding van de capaciteit om te werken aan de natuurontwikkeling, in ieder geval tot en met 2027.8 Dit betekent dat de maatschappelijke partijen met hun nieuwe aanpak met meer menskracht invulling kunnen geven aan de realisatie van het Natuurnetwerk Nederland in Friesland en samen met de provincie zorgen voor een goede besluitvorming via GS. Zo komt er ruimte voor natuurontwikkeling, in combinatie met veranderingen in de landbouw en in coproductie met betrokkenen uit de diverse gebieden.

In 2026 heeft Natuer mei de Mienskip een speciaal loket geopend (“Natuer op eigen Grûn”) om meer particulieren en agrariërs te ondersteunen die aan de slag willen met de ontwikkeling van eigen natuur. Het loket wil faciliteren van ‘idee tot uitvoering’: verkennen wat mogelijk is op de grond, overzicht geven van relevante subsidies en regelingen, adviseren over het integreren van natuur in de bedrijfsvoering, verbindingen leggen met deskundigen en met lokale partners. 8 Voor meer informatie over het onderzoek en het vervolg: www.uitdaagrecht.nl/nieuws, “Friesland: verder met uitdaagrecht-initiatief voor landbouw en natuur”. De maatschappelijke partijen worden voor hun werkzaamheden in het traject van Natuer mei de Mienskip betaald door de provincie. (N.b.: deze aanpak is ook terug te vinden in het Coalitieakkoord 2026-2030 van het kabinet Jetten om boeren die gebiedsprocessen begeleiden daarvoor een vergoeding te gaan geven). De verwachting is dat in 2027 circa 75% van de 1000 hectares ingericht zal zijn als natuur en circa 40% van de 500 hectares zal zijn gewijzigd van de functie agrarisch naar natuur. Daarnaast is er zicht op 17 miljoen euro aan fondsenwerving voor de natuurontwikkeling.

Aandachtspunten voor de ontwikkeling van natuur in Friesland in het algemeen (dus los van het uitdaagrecht-initiatief Natuer mei de Mienskip) zijn: “grondhonger” (agrariërs hebben grond nodig en zijn daardoor minder happig om mee te helpen aan natuurontwikkeling), subsidiëring van natuur (deze is soms voor agrariërs minder aantrekkelijk dan agrarisch landschapsbeheer) en een krappe arbeidsmarkt (moeite om de juiste mensen te kunnen inzetten). Voor het traject Natuur mei de Mienskip speelt ook mee het waarborgen van continuïteit binnen het samenwerkingsverband van de elf organisaties.9 9 Provinciale Staten Friesland, Informerende bijeenkomst Midterm Review Natuurnetwerk Nederland, 12 maart 2025 13 3.3. Funverkeer in Zuid-Limburg Bewonersstichting “Verkeersleefbaar Heuvelland” heeft de gemeente Eijsden-Margraten (Zuid- Limburg) uitgedaagd om verkeersonderzoek op een nieuwe manier te gaan uitvoeren. De gemeente heeft dit voorstel bekeken en het overleg met de stichting heeft geleid tot een samenwerkingsovereenkomst. Doel is dat inwoners en gemeente samen zoeken naar nieuwe methoden om de verkeersdrukte en verkeersoverlast (m.n. geluidsoverlast) te beperken. De bewonersstichting voert daarom een bewonersenquête uit, meet de verkeershinder van het “funverkeer” in de Limburgse heuvels en maakt samen met inwoners voorstellen voor een betere verkeersleefbaarheid.

“Funverkeer” is volgens de stichting het verkeer dat van de Limburgse wegen in de heuvels gebruik maakt omwille van “het plezier van het rijden” (zoals groepen motorrijders, toertochten met antieke auto’s, etc.). Voor de bewonersenquête in 2025 van de bewonersstichting hebben 670 inwoners van Eijsden- Margraten een inbreng geleverd. Hieruit blijkt dat 68% van de deelnemers de verkeersleefbaarheid als ‘slecht tot zeer slecht’ ervaart (met name geluidsoverlast door “funverkeer”). De stichting voert ook geluidsmetingen en verkeerstellingen uit om de beleving van de geluidhinder te onderbouwen met data. Er hangen op meerdere plekken in de gemeente microfoons en camera’s bij inwoners. Op basis van de metingen komen er eind 2026 voorstellen voor vermindering van de verkeershinder, in nauwe samenspraak met de inwoners. Vervolgens kan de gemeente Eijsden- Margraten bepalen of en hoe de voorstellen uitgevoerd gaan worden. De bewonersstichting gaat binnen dit uitdaagrecht-initiatief tevens voorstellen doen voor het verkeersbeleid om de hinder van het “funverkeer” in de gemeente te verminderen: welk beleid kan de gemeente gaan voeren voor minder verkeershinder? Deze voorstellen worden voorgelegd aan inwoners en vervolgens aan de gemeente aangeboden. Locaties waar inwoners verkeershinder ervaren 14 3.4.

Seringenpark Aalsmeer Wat in 2011 begon met het verzoek tot het terugplaatsen van bankjes, leidde tot een totale renovatie van het Seringenpark in de gemeente Aalsmeer en beheer door inwoners. “Sinds 2020 staat dankzij het uitdaagrecht een vakbekwaam hovenier aan het roer en bestaat een stabiele situatie bij het onderhoud van het park. De ‘Stichting Behoud Seringenpark Aalsmeer’ hoopt samen met hovenier en vrijwilligers het voortbestaan van het unieke gemeentelijk monument te waarborgen.”10 Het Seringenpark is in 1951 speciaal aangelegd om de vele variëteiten van seringen te tonen. Thans zijn er meer dan 130 variëteiten. Maar seringen vragen om een specifiek en deskundig onderhoud. Bewoners trokken daarom regelmatig aan de bel bij de gemeente. Eerst over de rommel en kapotte bankjes, later ook met zorg over het onderhoud van de seringenstruiken. Dit initiatief kent 3 fasen: ▪ Inwoners zetten zich in voor het park, omdat zij zich ergeren aan rommel en schade in het park. De gemeente wijst het park aan als gemeentelijk groenmonument. ▪ Uitdaagrecht in coproductie met de gemeente Aalsmeer: in 2020 dienen de bewoners een uitdaagrecht-verzoek in om de seringen en het park beter te gaan onderhouden. Het resultaat is een nieuwe vorm van samenwerking tussen gemeente en inwoners. De inwoners selecteren een geschikte hovenier en maken plannen voor verbetering van het park.

De gemeente blijft formeel opdrachtgever van de hovenier en beheert het onderhoudsbudget. Jaarlijks controleert de gemeente het onderhoud van het park. ▪ De Stichting Behoud Seringenpark Aalsmeer is opgericht en dient een uitdaagrecht-voorstel in om het beheer van het park over te nemen van de gemeente, inclusief de financiën en de aansturing van de hovenier. Sindsdien voert de stichting het parkbeheer zelf uit. De gemeente controleert en stemt jaarlijks af met de stichting. In mei 2026 bestond het park 75 jaar. Burgemeester Oude Kotte van de gemeente Aalsmeer bij de jubileumbijeenkomst: "Het uitdaagrecht is zelden zo goed tot zijn recht gekomen als in het Seringenpark." De burgemeester ontving van de inwoners een nieuwe Seringen variant, die ook is geplaatst in het park: de “Burgemeester Oude Kotte sering”. Het Kennisnetwerk participatie en uitdaagrecht heeft de gemeente Aalsmeer en de bewoners ondersteund tijdens de diverse fasen van dit uitdaagrecht-initiatief. 10 https://seringenpark-aalsmeer.nl/over-ons-copy/ 15 3.5. Uitdaagrecht in dorpen en wijken Uitdaagrecht wordt ook regelmatig ingezet om de plannen te maken voor de toekomstige inrichting van een dorp of een wijk. Zoals in Rotterdam voor vergroening van een straat van meer dan 1 kilometer lengte en bij het doorontwikkelen van wijken in Groningen. Of bij dorpen en bedrijventerreinen in Zeeland.

In de gemeente Schouwen-Duiveland worden voor de diverse dorpen plannen gemaakt voor de toekomst: hoe kan ieder dorp zich ontwikkelen en inspelen op nieuwe mogelijkheden? De inwoners van Sirjansland gebruiken het uitdaagrecht om hun eigen dorpsplan te maken: “Met de komst van het “uitdaagrecht” ontstaat de mogelijkheid voor de bewoners van Sirjansland om zelf het dorpsplan op te gaan stellen. Dit, en het verbeteren van de openbare ruimte, wordt in juni 2019 door de gemeente toegekend.” Centrale vraag in dit uitdaagrecht-initiatief: hoe zien de inwoners het dorp voor zich in 2040? Na de honorering van het uitdaagrecht hebben inwoners budget gekregen om zelf de volgende activiteiten uit te voeren: ▪ Een inwonersenquête over de toekomst van het dorp. ▪ Opstellen van een SWOT-analyse. ▪ Inloopavonden organiseren over “wonen en werken, “openbare ruimte”, “energie” en “leefbaarheid”. ▪ Opstellen van het conceptdorpsplan. ▪ Huis-aan-huis verspreiden van het conceptplan om alle inwoners de gelegenheid te geven hun inbreng te leveren. ▪ Het definitieve dorpsplan aanbieden aan de gemeente met als belangrijkste thema’s: o (Duurzame) bedrijvigheid. o Behoud en ontwikkeling van maatschappelijke voorzieningen, o.a. dorpshuis en het ontwikkelen van een sociaal hulpnetwerk. o Wonen voor diverse doelgroepen, m.n. jongeren moeten een kans hebben om in het dorp te (blijven) wonen.

o Inrichting van de openbare ruimte met meer groen en aanpassingen van de wegen. o Duurzame energieopwekking. o Ontwikkeling van de natuur in en rondom het dorp. 11 Gemeente Schouwen-Duiveland, Uitvoering Dorpsplan Sirjansland, zaaknummer 454959, 3 augustus 2021 De gemeenteraad van Schouwen-Duiveland besluit om medewerking te verlenen aan de uitvoering van het Dorpsplan Sirjansland van de inwoners en stelt hiervoor budgetten ter beschikking.11 Stap- voor-stap wordt het Dorpsplan uitgevoerd. (zie ook www.uitdaagrecht.nl/nieuws “NOS filmt initiatieven met het uitdaagrecht” over het Dorpsplan van Sirjansland). De Rekenkamer van Schouwen-Duiveland heeft het uitdaagrecht onderzocht en concludeert12: ▪ Binnen de samenleving is interesse om taken over te nemen van de gemeente. In het kader van het uitdaagrecht zijn verschillende initiatieven ontwikkeld en uitgevoerd. ▪ De experimenten uitdaagrecht zijn geëvalueerd en besproken in de gemeenteraad. De conclusie van de Rekenkamer is dat de ervaringen en resultaten van de experimenten positief zijn, voor initiatiefnemers en gemeente, en dat de gemeente het uitdaagrecht mogelijk maakt voor alle inwoners. Ervaringen met het uitdaagrecht in Schouwen-Duiveland 12 Rekenkamer Schouwen-Duiveland, Schouwen-Duiveland dat zijn we samen, 2022

16 3.6. Uitdaagrecht en samenwerking tussen overheden Uitdaagrecht-initiatieven vragen soms om afstemming en samenwerking tussen initiatiefnemers en diverse overheden. Zoals in Zuidoost Drenthe in de omgeving van Emmen. De Natuurwerkgroep Oranjedorp wil de ecologische kwaliteit van de openbare ruimte verbeteren en daagt de gemeente Emmen uit: hoe kan de ecologische kwaliteit in de komende jaren verbeterd worden, in nauwe samenwerking tussen inwoners, agrariërs en de betrokken overheden? De Natuurwerkgroep Oranjedorp wil met zowel de gemeente Emmen, de provincie Drenthe als het waterschap Vechtstromen concrete afspraken maken hoe er effectief samengewerkt kan worden aan het vergroten van biodiversiteit in Oranjedorp e.o.. Het uitdaagrecht biedt de mogelijkheid om samen met inwoners, agrariërs en de overheden een meerjarig beheerplan te maken. Het beheerplan bestaat diverse onderdelen: ▪ Analyse van het landschap. ▪ Inventarisatie van knelpunten en kansen voor ecologisch beheer. ▪ Streefbeelden en beheerpakketten voor het openbaar groen. ▪ Afstemming en samenwerking tussen inwoners, agrariërs en overheden. ▪ De financiële en organisatorische gevolgen voor de periode t/m 2040. De Natuurwerkgroep Oranjedorp krijgt met deze werkwijze medezeggenschap in het beheer van het openbaar groen.

Om de ecologische verbeteringen te realiseren, gaan betrokkenen uit van een samenwerking van minimaal vijf jaren voor ecologisch groenbeheer in en rondom het dorp. Naast het beheer van de openbare ruimte willen de initiatiefnemers ook gaan werken aan verbeteringen van de ecologische verbindingen tussen verschillende, versnipperende natuurgebieden, zoals natuurgebied Bargerveen en natuurgebieden rondom Emmen. Voor het beheerplan zijn inwoners en agrariërs meermalen geconsulteerd door de Natuurwerkgroep en hebben hun inbreng kunnen leveren op de conceptplannen. Ook zijn Landschapsbeheer Drenthe en Agrarisch Natuur Drenthe betrokken. De definitieve besluitvorming is nog niet afgerond bij de overheden. N2000 gebieden en gewenst ecologisch verbindingennetwerk bij Emmen Wensen en ideeën van inwoners en agrariërs (2024) 17 4. Ontwikkelkansen voor het uitdaagrecht Uit de ervaringen met het uitdaagrecht blijkt dat inwoners op zeer verschillende manieren gebruik maken van het uitdaagrecht. Elk uitdaagrecht-initiatief kent een eigen aanpak. Toch kunnen er een aantal gemeenschappelijke ontwikkelkansen uit de ervaringen met het uitdaagrecht worden onderscheiden voor het bestuur, voor de ambtelijke organisatie en voor het uitdaagrecht in het algemeen. ▪ Bestuur 1.

Kaders stellen Het bestuur dient helder aan te geven welke taken kunnen worden uitgedaagd? De wetgever laat hiervoor voldoende ruimte aan de decentrale overheden. Het heeft de voorkeur om ruimte te bieden aan zoveel mogelijk taken die kunnen worden uitgedaagd. Immers: het is van tevoren niet te bepalen waar inwoners wel of niet gebruik willen maken van het uitdaagrecht. De kaders van het uitdaagrecht kunnen worden vastgelegd in een beleidsnota uitdaagrecht en moeten eind 2026 juridisch worden verankerd in de participatieverordening. De praktijk leert dat colleges van B&W en Gemeenteraden goed geïnformeerd moeten worden over wat het uitdaagrecht is, de praktijkervaringen en wat hun rol is voor een goede besluitvorming over uitdaagrecht-initiatieven. 2.Overnemen of in samenwerking uitvoeren Een uitdaagrecht-initiatief blijkt in de praktijk niet uitsluitend te gaan over het “feitelijk overnemen van een overheidstaak”. Een uitdaagrecht-initiatief leidt regelmatig tot een nieuwe vorm van samenwerking tussen inwoners, maatschappelijke partijen en de overheid. Beide varianten van het uitdaagrecht dienen opgenomen te worden in de participatieverordening (conform de wet), maar ook worden gecommuniceerd binnen de overheid en met geïnteresseerden in de samenleving. 3.

Uitdaagrecht monitoren Het bestuur kan een rol krijgen in de regelmatige monitoring van de uitvoering van het uitdaagrecht: wordt er gebruik gemaakt van het uitdaagrecht, hoe vindt de communicatie plaats met de samenleving over dit recht, wat zijn de (maatschappelijke) resultaten en de doorontwikkeling van het uitdaagrecht?13 13 Zie bijvoorbeeld de toezegging aan de Gemeenteraad van Rotterdam om uitdaagrecht “duidelijker en vollediger” te laten terugkomen in de P&C cyclus, Gemeente Rotterdam, Commissie Zorg en Cultuur, 11 september 2025 ▪ Ambtelijke organisatie 4. Denk vanuit kansen en mogelijkheden Een uitdaagrecht-initiatief is vaak een nieuw idee, vraagt om enig maatwerk en om afstemming en samenwerking tussen initiatiefnemers en ambtelijke bureaucratie.

Het is van belang om dan steeds te denken vanuit mogelijkheden en kansen, in plaats van belemmeringen en regeltjes, zoals: o Er komt een uitdaagrecht-initiatief, maar het werk is al aanbesteed? Kunnen we het gesprek organiseren tussen initiatiefnemers en uitvoerders, om te zien wat er dan nog wél mogelijk is om de ideeën van de inwoners te realiseren? En kunnen we hierover afspraken maken? o De kosten van een uitdaagrecht-initiatief zijn hoger dan de Europese drempelwaarde van overheidsopdrachten? Wat zijn de mogelijkheden van maatschappelijk aanbesteden of een aanbestedingstraject waarbij toch de ambities van de initiatiefnemers worden gerealiseerd? 14 De praktijkvoorbeelden van het uitdaagrecht leren dat er meer mogelijk is dan vooraf vaak wordt gedacht. Denken en werken vanuit kansen en mogelijkheden is dan essentieel en dat vraagt ruimte, creativiteit en meedenken van een ambtelijke bureaucratie. 5. Afdelingen informeren Het is van belang om diverse afdelingen van een overheidsorganisatie goed te informeren over de mogelijkheden van het uitdaagrecht. Een goede informatievoorziening helpt om uitdaagrecht-initiatieven te gaan herkennen en adequaat af te handelen. Bij de informatievoorziening gaat het om: o Herkennen wat een potentieel uitdaagrecht-initiatief is.

o Te bespreken dat het uitdaagrecht in de praktijk kan leiden tot een andere rol van ambtenaren (niet zelf uitvoeren, maar coachen en begeleiden) o Met betrokken ambtenaren te bespreken wat de meerwaarde van een uitdaagrecht-initiatief voor de samenleving kan zijn vanuit een houding van “Ja, …. mits…”. o Hoe om te gaan met (inkoop- en aanbestedings-)regels bij de uitvoering van een uitdaagrecht-initiatief. Als ambtenaren bekend zijn met het uitdaagrecht, versnelt dit de bespreking, beoordeling en afhandeling van uitdaagrecht-initiatieven en verbetert dit de integrale samenwerking binnen een gemeente. 14 Zie Juridisch leaflet Maatschappelijk Aanbesteden, Ministerie van BZK, 2015. En: Handreiking Burgerinitiatieven en het aanbestedingsrecht, Programma Democratie in Actie 18 6. Procedure Met betrokkenen uit de ambtelijke organisatie is het van belang te werken aan een transparante procedure voor het bespreken, indienen, beoordelen en afhandelen van een uitdaagrecht-initiatief. Deze kan aansluiten op al lopende procedures voor de afhandeling van andere inwonersinitiatieven. 7. Lerende organisatie Voor het opdoen van ervaring met het uitdaagrecht is tijd nodig en regelmatige evaluatie of de beoogde werkwijze bij uitdaagrecht-initiatieven in de praktijk ook werkt.

Het is daarom van belang om betrokken medewerkers de ruimte bieden samen te leren met de initiatiefnemers, om op basis van de praktijkervaringen het uitdaagrecht verder te ontwikkelen. ▪ Algemeen 8. Communicatie Continu communicatie vanuit overheden met de samenleving over het uitdaagrecht is noodzakelijk. Het uitdaagrecht is immers een nieuw en een vaak nog onbekend instrument voor geïnteresseerden uit de samenleving. De praktijk in de afgelopen jaren leert dat communicatie nog onregelmatig gebeurt. Ook is het uitdaagrecht niet makkelijk terug te vinden op overheidswebsites, zo is de ervaring bij initiatiefnemers. Minimale communicatie is: o Op de website aangeven wat het uitdaagrecht is, waar meer informatie gekregen kan worden en hoe initiatieven kunnen worden ingediend. o In lokale media regelmatig aandacht besteden aan uitdaagrecht (en aan andere participatiemogelijkheden). o De voortgang van uitdaagrecht-initiatieven te communiceren, zowel naar betrokkenen uit de samenleving als naar ambtenaren en bestuurders van overheden. o Successen en leerpunten uitdragen, mede als inspiratie voor inwoners en maatschappelijke organisaties. 9.

Maatschappelijk draagvlak En tenslotte het punt van het draagvlak bij inwoners en andere belanghebbenden: heeft een initiatief voldoende steun van omwonenden / belanghebbenden? Per aanvraag is het gewenst na te gaan of er enige mate van draagvlak is. Dat kunnen initiatiefnemers zelf doen, maar ook de overheid kan nagaan of er maatschappelijke steun is door in de lokale media bekend te maken dat er een voorstel voor een uitdaagrecht-initiatief is binnengekomen en inwoners de kans te geven hierop te reageren.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://steenwijkerland.bestuurlijkeinformatie.nl/Document/LoadAgendaItemDocument/1f5d4169-d667-44f1-9907-97faf85b6a5c?agendaItemId=53d70ee7-8623-44b4-b71b-d1ac1641679f