CConstaterende datSteenwijkerland
Koppel je AI →
Document · PDF

4.1 ActiZ - Handreiking Aan de slag met kansrijk partnerschap. Dienend aan jeugd en gezin.

Raadsvergadering 17 december 2024, gemeente SteenwijkerlandBij agendapunt: Ingekomen stukken19.642 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

Bij Centering Ouderschap komen ouders met hun baby’s van dezelfde leeftijd bij elkaar om de ontwikkeling van het kind en gezin te bespreken. De jeugd- verpleegkundige is hier ook bij aanwezig. Voordeel is dat per ouder en kind meer tijd en aandacht beschikbaar is om onderwerpen te behandelen en dat ouders ervaringen kunnen uitwisselen over het nieuwe ouderschap. Onderwerpen die ouders zelf willen bespreken komen aan bod en tegelijk wordt ook alle andere zorg van het consultatie- bureau zoals wegen, meten, vaccinaties, lichamelijk onderzoek en ontwikkelingsonderzoek gedaan. Effectief: versterk de sociale basis door groepsgericht werken Sociaal werk of opbouwwerk heeft bij uitstek de ervaring en knowhow om de sociale basis te versterken, inwoners te activeren en ‘zelfwerkzaamheid’ te ondersteunen, zeker in kwetsbare wijken. De JGZ is en biedt geen opbouwwerk. Wel kan de JGZ beter en meer aansluiten op het sociaalwerk of jongerenwerk door te weten wat er waar gebeurt en ook hier zichtbaar en aanwezig te zijn. Daarnaast kan de JGZ haar focus op individuele momenten van contact veel meer verschuiven naar collectieve groepsbijeenkomsten. Hiermee kunnen niet alleen meer ouders en kinderen geholpen worden, maar het draagt bij aan het versterken van netwerken en de zorgzame gemeenschap.

In groepsverband kunnen ouders ervaringen onderling uitwisselen, elkaar leren kennen en relaties aangaan. 5. Kansrijk partnerschap: de partners   30  Aan de slag met kansrijk partnerschap Dienend aan jeugd en gezin Effectief en laagdrempelig: investeer in innovatie en digitalisering Juist in zorg en welzijn voor jeugd en gezin is het zaak met volle gang te investeren in innovatie en digitalisering. De aankomende ouders en jongeren van nu zijn Generatie Z (geboren tussen 2001 en 2015). Voor generatie Z is het internet totaal vanzelfsprekend, zij kunnen zich geen leven zonder voorstellen. Deze jongeren worden ook vaak ‘digital natives’ genoemd: geboren en getogen media consumers. De nieuwste generatie Alpha, geboren tussen 2016 en 2030, gaat nog een stapje verder. Het is een groep die is geboren met in de ene hand de smartphone en de andere hand de Ipad. Digitaal is normaal en volop geïntegreerd in het dagelijkse leven door het gebruik van computerprogramma’s, apps en social media. Zowel Generatie Z als Alpha zijn of groeien op met het kunnen verkrijgen en verwerken van grote hoeveelheden digitale data op elk gewenst moment. Dus als we echt willen aansluiten bij de leefwereld van jeugdigen en gezinnen dan is er werk aan de winkel.

Het gebruik van robotisering en chatbots, beeldbellen, social media en communicatie-apps voor snel en laagdrempelig contact 24/7 zijn voorbeelden die bijdragen aan een betere aansluiting bij jeugd en gezin. De JGZ heeft tevens een belangrijke taak om een betrouwbare en toegan - kelijke informatiebron te zijn voor alle vragen op het gebied van de eigen gezondheid (middels een PGO) en gezondheidsvragen in het algemeen. Innovatie en digitalisering is ook nodig om het werk van zorgprofessionals efficiënter, slimmer en leuker te maken in tijden van veel vraag en een krappe arbeidsmarkt. Data-gedreven werken geeft mogelijkheden om goede zorg te kunnen blijven bieden met minder mensen, door bijvoorbeeld de inzet van robotisering, sensoren, chatbots. Maar ook door betere informatie te bieden aan zorgverleners en hulp bij beslissen. Met behulp van Artificiële Intelligentie en het combineren van data kan het signaleren van problemen bij jeugd nog sneller en eerder in het leven plaatsvinden. Het werken aan datavolwassenheid is hiervoor een randvoorwaarde. Tot slot vraagt effectieve zorg en welzijn voor jeugd en gezin om netwerk-brede samen- werking, waarvoor een goede elektronische gegevensuitwisseling essentieel is. De JGZ werkt samen met partners binnen een daarvoor ingerichte governance (strategisch beraad) aan verdere digitalisering en standaardisering (I-JGZ).

Gemeenten zijn wettelijk verantwoordelijk voor de uitvoering van de JGZ, wat hen een belangrijke partner maakt. Digitale assistent bij CJG Rijnmond CJG Rijnmond heeft in 2019 het ‘consultatiebureau van de toekomst’ gelanceerd in het centrum van Rotterdam. Onderdeel hiervan is innovatieve technologie – in de vorm van een app – die ouders/verzorgers en medewerkers van het consultatiebureau op een slimme manier ondersteunt. Ouders kunnen zichzelf melden bij de afsprakenzuil, hun kind zelf meten en wegen via een aan de app gekoppelde weegschaal, waarna de meet- en weeggegevens automatisch in het kind-dossier worden vastgelegd. Vervolgens kunnen ouders/verzorgers zelf een nieuwe afspraak maken via de afsprakenzuil. Lukt het niet, dan kan via de app de hulp ingeroepen worden van een medewerker. 5. Kansrijk partnerschap: de partners   31  Aan de slag met kansrijk partnerschap Dienend aan jeugd en gezin Intelligent gebruik van data Er wordt nog onvoldoende gebruik gemaakt van elkaars data of van alle data voor onderzoek, terwijl de JGZ een schat aan data heeft. Hier dient landelijk een antwoord op te komen. Artificial Intelligence kan een grote meerwaarde hebben als data op de juiste manier wordt gebruikt. Vanuit ActiZ Jeugd zijn wij dit al aan het verkennen met partijen, als onderdeel van een volgende verrijkingsslag van deze handreiking.

JGZ Positionering en zorgverkoop - Zorg voor een doordachte verkoopstrategie: neem zorginkopers mee in waar het om gaat. De JGZ is en biedt veel meer dan meten, wegen en prikken. - Laat dit zien en profileer jezelf als kernspeler in zorg en welzijn voor jeugd en gezin. Dit kan op diverse manieren en met verschillende middelen. Denk bijvoorbeeld aan het jaarlijks aanreiken van een factsheet, het organiseren van werkbezoeken voor gemeenten en stakeholders, of het organiseren van themabijeenkomsten. - Laat zien hoe je als JGZ aanbieder een professionele bedrijfsvoering voert met een minimale overhead en geef inzicht in kostprijselementen. De ontwikkeling van een benchmark kan bijdragen aan het goede gesprek over kosten en tarieven en aan een lerende, effectieve en eenduidige wijze van bedrijfsvoering. - Monitor en evalueer uitkomsten om de toegevoegde waarde van de activiteiten en begeleiding inzichtelijk te maken (effect van preventie en normaliseren). - Investeer in vernieuwing en het optimaal aansluiten bij de gemeenschap (zie 5.1) en kom met innovatieve proposities richting de zorginkoper. - Laat het belang van samenwerking zien door samen met andere aanbieders te innoveren en leg waar mogelijk een gezamenlijke propositie voor. - Voor meer tips rond zorgverkoop en verkoopstrategieën zie ook het strategische hulpmiddel voor zorgverkoop op de website van ActiZ . 5.

Kansrijk partnerschap: de partners   32  Aan de slag met kansrijk partnerschap Dienend aan jeugd en gezin Digitalisering en innovatie - Investeer in digi-vaardige professionals en blijf investeren in kennis en (digitale) innovatie. - Sluit aan bij digitale netwerken van jeugdigen en gezinnen, zoals whatsapp groepen en andere fora waar gezinnen zich bevinden om laagdrempelig beschikbaar te zijn. - Investeer in het ontsluiten van clientinformatie in een persoonlijke gezondheidsomgeving. - Deel actief kennis en innovaties en nemen deze bij bewezen effect over van andere organisaties. Op de website van TNO zijn reeds een aantal innovaties te vinden. - Ontwikkel als sector een gezamenlijke visie met ambities en uitgangspunten als basis voor verdere ontwikkelingen. Gemeenten JGZ als schakel in de beweging naar de voorkant - Investeer duurzaam in een effectieve preventieve infrastructuur: lange termijn, integraal en structureel (in plaats van projectmatig). - Investeer in de samenwerkingsrelatie met de JGZ en zie en erken de unieke rol van de JGZ als het gaat om normaliseren en preventie bij opgroeien en opvoeden. - Versterk de rol en positie van een onafhankelijke JGZ als onderdeel van preventie en het versterken van de pedagogische basis.

- Biedt ruimte om te doen wat nodig is door opgavegericht te werken in plaats van taakgericht en door afspraken te maken over passende verantwoording (zie ook H7.2). Innovatie en digitalisering - Maak middelen vrij voor innovatie en gegevensuitwisseling conform artikel 5 WPG. Zorg dat aanbieders minimaal 5%-10% van het budget kunnen alloceren voor innovatie en digitale gegevensuitwisseling. Maak hier een gezamenlijk plan voor; maximaal digitaal in denken en doen in de JGZ voor een aantal jaren. - Ontwikkel een (landelijke) database ‘’de JGZ store’’ waar innovaties in worden opgenomen en worden geregistreerd. Zodat het wiel niet opnieuw hoeft worden uitgevonden. - Stimuleer goede samenwerking en overdracht door éénheid van taal en stel de vigerende informatiestandaard verplicht in de contractering. 5. Kansrijk partnerschap: de partners   33  Aan de slag met kansrijk partnerschap Dienend aan jeugd en gezin Effectief: investeer in een Kansrijke Start Wetenschappelijk is aangetoond dat de gezondheid van een kind voor, tijdens en na de geboorte een belangrijke voorspeller blijkt te zijn van problemen – zowel fysiek als mentaal – op latere leeftijd. Kansrijke Start is een programma waarbij diverse partners binnen de geboortezorg gezinnen in kwetsbare situaties begeleiding bieden tijdens de eerste 1000 dagen van een kinderleven. Dit doen zij middels de zogeheten lokale coalities.

Een lokale coalitie Kansrijke Start is een samenwerking tussen betrokken professionals uit het sociale domein (o.a. jeugdgezondheids- zorg, welzijn, schuldhulpverlening, werk & inkomen en huisvesting) en professionals uit het medische domein (o.a. verloskundigen, gynaecologen en kraamzorg, huisartsen en de vol- wassenen GGZ). De lokale coalitie maakt gezamenlijke afspraken over het eerder bereiken van kwetsbare ouders, over signalering, doorverwijzing en over hoe begeleiding rond kwetsbare gezinnen voor en tijdens de zwangerschap en na de geboorte, verbeterd kan worden. De invulling van de lokale coalities kan per gemeente verschillen, maar binnen elke coalitie moet ruim aandacht zijn voor kennis over elkaars rol en verantwoordelijkheden. “Bij de noodzaak om zoveel mogelijk kinderen in Nederland zo’n start te geven, past een gezamenlijke aanpak die ingebed is in het bredere preventieve gezondheidsbeleid van elke gemeente” Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, Kansrijke Start, 2023 Kansrijke Start staat hiermee symbool voor een samenhangende en gecoördineerde aanpak en netwerkvorming die zo belangrijk is voor effectief en preventief gezondheidsbeleid. Afzonderlijke preventieve interventies hebben over het algemeen een relatief klein effect.

Een goed uitgedachte, samenhangende en gecoördineerde aanpak vermenigvuldigt deze kleine effecten, met een omvangrijk en duurzaam resultaat (Het groeiend jeugdzorggebruik, NJI 2019). De tijd is aangebroken om Kansrijke Start onderdeel te laten zijn van het reguliere DNA van alle partners. Aanbieders en gemeenten dragen gezamenlijk de verantwoordelijkheid om eigenaarschap te tonen en de werkwijze voort te zetten. 5. Kansrijk partnerschap: de partners   34  Aan de slag met kansrijk partnerschap Dienend aan jeugd en gezin Kansrijke Start is een goed voorbeeld van een samenhangende en gecoördineerde aanpak en netwerkvorming voor de eerste 1000 dagen van een kind en gezin. Tegelijkertijd zien we op diverse plekken initiatieven gericht op het creëren van een netwerk en gezamenlijk aanpak, denk bijvoorbeeld aan ‘De centrale zorgverlener’ rond overgewicht. Voor elk probleem een eigen aanpak? Een eigen ‘regisseur’? Zie daar de versnippering tussen diverse gecoördineerde samenhangende aanpakken. Hoe houden we het eenvoudig en efficiënt? Gemeenten - Geef Kansrijke Start een structurele plek in de begroting en reserveer hier passende middelen voor. - Informeer ouders bij de aangifte van hun kindje over de eerste 1000 dagen en alle regelingen en mogelijke ondersteuning in de gemeente.

- Zorg dat de basis op orde is in uw gemeente (beschikbaarheid en toegankelijkheid geboortezorg en kraamzorg) en ga hierover het gesprek aan met zorgverzekeraars. De basis op orde is nodig om ruimte te creëren voor goede samenwerking. - Zorg dat alle partners aan tafel zitten en aangeven hoe zij bijdragen aan een Kansrijke Start, hoe zij met andere partners samenwerken. - Zorg dat de rol van netwerkcoördinator structureel belegd wordt en het niet afhangt van personen. Koppel deze rol aan een vaste functie in plaats van een persoon. - Zet het Prenataal Huisbezoek (PHB) niet alleen in bij kwetsbare gezinnen, maar maak het beschikbaar voor alle gezinnen in uw gemeente. Alle aanstaande en kersverse ouders zijn kwetsbaar. Door het PHB alleen te richten op specifieke groepen kwets - bare gezinnen wordt de laagdrempeligheid teniet gedaan en de bereidheid van ouders te participeren minder. Verschillende gemeenten hebben het al beschikbaar voor alle gezinnen bijvoorbeeld in Kennemerland en Zwijndrecht. Rechtvaardig: gelijke kansen voor alle kinderen Het maakt in Nederland nog steeds uit waar je wieg staat of je wel of geen toegang hebt tot bepaalde effectieve preventieve interventies. Dat zou niet zo mogen zijn. Hiermee zeggen we niet dat álle kinderen altijd hetzelfde aanbod moeten krijgen. In tegendeel. Wij zijn voorstander van maatwerk en ongelijk investeren voor gelijke kansen.

Wij vinden wel dat alle effectieve interventies voor iedereen die dit nodig heeft beschikbaar moet zijn. 5. Kansrijk partnerschap: de partners   35  Aan de slag met kansrijk partnerschap Dienend aan jeugd en gezin Gemeenten - Werk als gemeenten in regionaal verband samen aan een breed basisaanbod met minimale effectieve preventieve interventies. - Spreek met elkaar af dat in alle gemeenten in de regio effectieve programma’s beschikbaar zijn, waaronder Voorzorg, Stevig Ouderschap, MAZZL, Toeleiding VVE, Nu niet zwanger (of gezond zwanger). Effectieve preventieve interventies zijn te vinden in de verschillende databanken bij NCJ , Loket Gezond Leven en NJI. - Investeer in onderzoek naar de kosteneffectiviteit van de JGZ en preventieve interventies. - Weet wat in jouw gemeente extra aandacht vraagt om kansengelijkheid te bevorderen. www.kansenkaart.nl laat zien hoe omstandigheden waarin Nederlanders opgroeien samenhangen met uitkomsten op latere leeftijd. Er wordt gekeken naar gemeente en buurt waar kinderen opgroeiden, ongeacht waar zij later zijn gaan wonen. - Laat de deskundige in samenspraak met de jeugdige en/of de ouders bepalen wat nodig is. - Bespaar kosten door deze regionale samenwerking, omdat aanbieders hun bedrijfs - voering (waaronder formatie) beter kunnen inrichten.

- Draag bij aan de vermindering van de administratieve lasten door – gelijk aan een gezamenlijk verrijkt basispakket – ook eenzelfde verantwoordingswijze af te spreken. Meer preventie, minder jeugdzorg 5. Kansrijk partnerschap: de partners Figuur 5. Bron: Paul van der Velpen en Marit Recourt-Vollebreg   36  Aan de slag met kansrijk partnerschap Dienend aan jeugd en gezin 5.5. Het Hart voor jeugd en gezin en de verbinding met sociaal werk Voor het versterken van de sociale/pedagogische basis en gemeenschappen is sociaal werk een onmisbare schakel. Vanuit laagdrempelige ontmoetingsplekken versterkt sociaal werk bewoners en gemeenschappen of helpt zij bewoners aangehaakt te blijven bij de maatschappij. Ook helpt sociaal werk bij het oplossen van problemen in het dagelijks leven en is aanspreekpunt voor bewoners in hun buurt en op straat. Ze pakken signalen op en pakken waar nodig problemen aan op diverse gebieden van leefbaarheid en veiligheid tot eenzaamheid en radicalisering (Sociaal Werk Nederland). Vanuit het Hart voor jeugd en gezin wordt nauw samengewerkt met sociaal werk in buurten en wijken.

Effectief: weet elkaar te vinden en sluit aan op elkaar Kinder- en jongerenwerk, onderdeel van sociaal werk, focust zich op laagdrempelige contacten opbouwen en ontwikkelings- en groepsgerichte hulp bieden vanuit de leefwereld van kinderen en jongeren hetgeen een preventieve werking op de (mentale) gezondheid heeft. De hulp of activiteit bevordert gemeenschapszin (communities), verbinding met anderen, meedoen, ontstressen en normaliseren en is veelal gericht op kwetsbare jongeren in wijken en buurten. De jeugdgezondheidszorg werkt preventief en vanuit een zowel sociaal als medische blik voor alle kinderen en jongeren in Nederland. De zorg, ondersteuning en activiteiten zijn gericht op vroegtijdig signaleren en voorkomen van problemen bij kinderen en gezinnen en op het begeleiden bij vragen rond opvoeden en opgroeien, zowel individueel als collectief. Sleutelbegrippen hierbij zijn normaliseren en de-medicaliseren (gepaste zorg). Jeugdhulpverleners werken vaak probleem- en individueel gericht: er is een probleem waar hulp bij moet worden gezocht. Zowel de JGZ als de jeugdhulp kunnen aansluiten op het sociaalwerk en jongerenwerk door te weten wat er waar gebeurt (en eventueel verwijzen) en ook hier zichtbaar en aanwezig te zijn voor vragen en hulp. Met andere woorden: professionals in de jeugdgezondheidszorg, jeugdhulp en sociaal werk kunnen elkaar aanvullen en elkaar versterken.

En niet alleen binnen het jeugddomein, maar juist ook in de verbinding tussen het volwassendomein en het domein van jeugd en gezin. Een deel van de zorgen en problemen van kinderen vinden immers hun oorsprong in de problemen van hun ouders (bijvoorbeeld schulden, wonen, psychische problemen, gebrek aan sociaal kapitaal) (RVS, 2023). Het tijdig signaleren en acteren vraagt om nauwe samenwerking. Invulling geven aan deze samenwerking – startend vanuit de zorgzame buurt – vraagt elkaar beter leren kennen, weten van elkaar wat de toegevoegde waarde is en weten wie waar het beste in is. In de inspiratiebundel ‘ Samenwerken aan mentale weerbaarheid van jongeren ’ (Sociaal Werk Nederland) worden voorbeelden gegeven van hoe jongerenwerk, jeugdhulp en andere maatschappelijke partners waaronder de JGZ, elkaar versterken. De uitdaging is hoe dit type samenwerkingsvormen duurzaam in te bedden in de lokale infrastructuur van beleid en praktijk. 5. Kansrijk partnerschap: de partners   37  Aan de slag met kansrijk partnerschap Dienend aan jeugd en gezin Wíj zijn toch van het normaliseren? Wanneer onvoldoende kennis is van elkaars kennis en kunde dan bestaat het risico op versnippering, het niet optimaal gebruik maken van elkaar en ook onbegrip over ieders rol en plek in de zorg en welzijn voor jeugd en gezin.

Zo ook als het gaat om de rol en positie van partijen bij het begrip normaliseren. Want wie is nu expert op het gebied van normaliseren? Of doen we dat allemaal een beetje? Waar hebben we het eigenlijk over? Zoals ook te lezen valt in het Richtinggevend kader toegang sociaal domein (VNG, 2024) is normaliseren een containerbegrip en bestaat er nog geen gedeelde visie op. Tegelijkertijd is het een belangrijk doel in zowel de jeugdhulp, de JGZ als het sociaal werk. Het Nederlands Jeugdinstituut (NJI) onderscheidt twee doelen van normaliseren: 1) Het realiseren van een inclusieve samenleving waarin alle kinderen en jongeren mee kunnen doen. Normaliseren zorgt voor minder uitsluiting en stigmatisering en bevordert de kansengelijkheid. 2) ls middel om de inzet van specialistische hulp te verminderen en de zorgkosten te beheersen. Normaliseren zorgt er dan ook voor dat kinderen en jongeren die echt specialistische zorg nodig hebben, die ook krijgen. De JGZ heeft bij uitstek de kennis en expertise om bij te dragen aan het tweede om - schreven doel van normaliseren. Als expert op het gebied van preventie en gezond opgroeien en als enige partij die zowel medische (en dus in staat te de-medicaliseren) als sociaal pedagogische kennis bezit. Sociaal werk/opbouwwerk heeft een belangrijke rol in het eerste omschreven doel: het realiseren van een inclusieve samenleving.

Stel als gemeente samen met de partners in zorg en welzijn voor jeugd en gezin, de jeugdigen en gezinnen voorop, een visie vast over normaliseren. Wat verstaan we eronder en hoe geven we dat vorm. Voor tips zie de website van het NJI. 5. Kansrijk partnerschap: de partners   38  Aan de slag met kansrijk partnerschap Dienend aan jeugd en gezin 5.6. Het Hart voor jeugd en gezin en de verbinding met kinderopvang en onderwijs Peuterspeelzalen, kinderopvang en onderwijs zijn een belangrijke schakel in de pedagogische basis en in de ontwikkeling van kinderen en jongeren en steun voor ouders. Ook is het de plek waar kinderen en jongeren dagelijks gezien en gehoord worden. Een optimale samen - werking tussen kinderopvang en onderwijs en zorg en welzijn voor jeugd en gezin is essen - tieel voor een effectief preventiebeleid. Vanuit het Hart voor jeugd wordt ook de verbinding gemaakt met de kinderopvang en het onderwijs. Laagdrempelig: zichtbaarheid en aanwezigheid Samenwerking tussen professionals van de JGZ en de kinderopvang is nog geen vanzelf - sprekendheid in de praktijk. Juist voor jonge kinderen is preventie cruciaal om problemen op latere leeftijd te voorkomen (Ontwikkelen over de grenzen heen, AEF, 2021). De JGZ wil – als onderdeel van het Hart voor jeugd en gezin – voor ouders en kinderen meer zichtbaar en aanspreekbaar zijn op de kinderopvang.

Het is de plek waar kinderen en ouders komen en dus ook de plek waar ouders vragen over opgroeien en opvoeden laagdrempelig moeten kunnen stellen. Dit geldt ook voor scholen, zowel primair als voortgezet onderwijs. Ook dit is de plek waar kinderen, jongeren en ouders zijn en dus ook de plek waar professionals uit het Hart voor jeugd en gezin zichtbaar en toegankelijk aanwezig moeten zijn. Dit kan ook door collectieve bijeenkomsten te organiseren voor jongeren of ouders. Ook is het van belang dat vanuit het Hart voor jeugd en gezin nauw wordt samenwerkt met de professionals in de kinderopvang en het onderwijs. Zij zien de kinderen en jongeren dagelijks en zijn daarmee automatisch mede-opvoeder en onderdeel van de zo belangrijke steunomgeving voor de kinderen en ouders. Door een basale standaard aanwezigheid van professionals uit het Hart voor jeugd en gezin op scholen en in de kinderopvang kan samen gewerkt worden aan het versterken van de pedagogische kwaliteit, aan het voorkomen van medicalisering en het vroegtijdig signaleren en ook aan het tijdig acteren op problemen die veelal met eenvoudige oplossing of lichte ondersteuning kunnen worden opgelost. Hierbij kan ook meer aandacht worden gegeven aan processen en omstandigheden die voor kinderen zonder beperking heel normaal zijn maar voor kinderen met een (verstandelijke) beperking belemmerend kunnen werken.

Ook voor kinderen met een beperking is preventie en mee kunnen doen op (een reguliere) school of in de wijk een belangrijke voorwaarde. 5. Kansrijk partnerschap: de partners   39  Aan de slag met kansrijk partnerschap Dienend aan jeugd en gezin Effectief: samenhangende en gecoördineerde preventie aanpak Vanuit het programma ‘Met andere ogen’ (VWS, OCW, VNG) wordt een samenhangend jeugdbeleid en een preventieve benadering nagestreefd. Met een sterke pedagogische basis kan individuele jeugdhulp in veel situaties voorkomen worden, aldus het programma. Tegelijkertijd ligt de focus in de praktijk nog heel erg op de samenwerking onderwijs en jeugdhulp/jeugdzorg. Als wij kijken vanuit het veranderende zorglandschap en de noodzaak om meer naar de voorkant toe te bewegen, dan is het een absolute must om de JGZ als natuurlijk partner te betrekken en visa versa. Wij zien een belangrijke taak voor het Hart voor jeugd en gezin om preventie op scholen te regisseren. We zien op dit moment tientallen organisaties die zich op scholen melden met preventief aanbod. Scholen zien door het bos de bomen niet meer en hebben weinig zicht op wat effectief is. De JGZ bezit bij uitstek expertise op het gebied van effectieve preventieve interventies.

In ons toekomstbeeld wordt dan ook binnen het Hart voor jeugd en gezin gekeken wat per school nodig is, op basis van kennis en expertise, de voelsprieten in de wijk, op basis van trends, wetenschap en op basis van het contact met scholen, de professionals en jeugdigen. Dit levert een veel effectievere én zuinigere inzet op, omdat alleen dat wordt gedaan wat nodig is. De preventieve infrastructuur wordt op deze manier ook structureel steviger en effectiever. MAZL De samenwerking tussen JGZ en het voorgezet onderwijs speelt een cruciale rol in het verminderen van ziekteverzuim en het bevorderen van de schoolcarrière van leerlingen. JGZ biedt preventieve zorg en vroegtijdige interventies die helpen om leerlingen gezond te houden en hun aanwezigheid op school te waarborgen. Denk bijvoorbeeld aan het bewezen effectieve programma MAZL (Meer Aandacht voor Ziekgemelde Leerlingen). MAZL is onderzocht op kosteneffectiviteit, waarbij bleek dat de opbrengst vijf keer hoger is dan de kosten. Volgens het onderzoek ‘Investeren in opvoeden en opgroeien loont’ van Dam & Prinsen (2013), levert MAZL vijf keer zoveel op als het kost. Bij leerlingen die een MAZL -consult hadden gehad bij zorgwekkend ziekteverzuim, was de omvang van het ziekteverzuim na een jaar bijna gehalveerd. In de controlegroep, die reguliere zorg kreeg, bleef de omvang van het ziekteverzuim ongeveer gelijk.

Leerlingen waarderen MAZL vanwege de basishouding van oprechte aandacht vanuit zorg door de school en de jeugdarts. Het consult met de jeugdarts is waardevol omdat het helpt bij het verantwoorden en verminderen van verzuim en omdat leerlingen waardevolle adviezen krijgen over gezondheid, leefstijl en schoolgang. 5. Kansrijk partnerschap: de partners   40  Aan de slag met kansrijk partnerschap Dienend aan jeugd en gezin Gemeenten - Biedt ruimte voor meer inzet van de JGZ op scholen en de kinderopvang gericht op het (collectief) beantwoorden van vragen en vroegtijdig signaleren van problemen van kinderen, jongeren en ouders. - Niet alle (gedrags)problemen of schooluitval zijn psychosociaal van aard, soms is sprake van medische oorzaken. De JGZ (jeugdarts en jeugdverpleegkundigen) kan een gericht en effectief plan van aanpak opstellen op basis van een brede analyse. - Zorg voor een steunsysteem en deskundigheidsbevordering voor pedagogisch medewerkers en leerkrachten gericht op normaliseren en preventie. - Positioneer de JGZ als eerste aanspreekpunt voor scholen en kinderopvang om vanuit haar laagdrempelige en brede kennis – zowel medisch als psychosociaal – te kijken wat nodig is voor kinderen, jongeren en ouders en die waar nodig schakelt met andere partners. JGZ - Laat je nadrukkelijker zien als vanzelfsprekende partner in een samenhangend jeugd- en onderwijs beleid.

- Werk aan deskundigheidsbevordering door het organiseren van leersessies voor professionals in onderwijs en kinderopvang. - Investeer in het leren kennen van elkaars taal en toegevoegde waarde. - Sluit actief aan op netwerken vanuit het programma ‘Met andere ogen’ om van elkaar te leren. Kinderopvang en onderwijs - Weet wat de JGZ te bieden heeft op het gebied van vroegtijdig signaleren en normaliseren en laat medewerkers, jongeren en ouders hierin bijstaan. - Voorkom een veelheid aan hulpverleners en aanbieders op school die ieder vanuit een eigen aanbod een bijdrage leveren. Een samenhangend plan van aanpak zorgt voor eenvoud, helderheid en effectiviteit. De JGZ kan hier een rol in vervullen. 5. Kansrijk partnerschap: de partners   41  Aan de slag met kansrijk partnerschap Dienend aan jeugd en gezin 5.7. Het Hart voor jeugd en gezin en het curatieve (medische) domein Het Hart voor jeugd en gezin heeft in ons toekomstbeeld ook een rol als eerstelijnsvoor- ziening op het gebied van medische zorg. De JGZ is van oudsher gericht op het brede pallet van ontwikkel- en opgroeivraagstukken vanuit een brede expertise op zowel het medische als sociaal pedagogische vlak. Het is dan ook vanzelfsprekend dat hier een logische verbinding ligt met het curatieve medische domein.

In een JGZ-team werkt de jeugdarts samen met de jeugdverpleegkundige, verpleegkundig specialisten en (dokters-) assistenten JGZ. Laagdrempelig en effectief: juiste zorg op de juiste plek De jeugdarts heeft brede sociaal-medische kennis van het opgroeiende kind en werkt preventief: door gerichte advisering, vroegsignalering en tijdige verwijzing wordt voorkomen dat gezondheidsproblemen ontstaan of verergeren. Hierbij analyseert de jeugdarts een gezondheidsprobleem vanuit een brede context: zowel op individueel als collectief niveau en in relatie met de sociale en fysiek leefomgeving. Meer informatie over de verschillende rollen van de jeugdarts vindt u in de visie van AJN Jeugdartsen . Vanuit de juiste zorg op de juiste plek is het niet meer dan logisch dat de jeugdarts bepaalde werkzaamheden die nu door de huisarts of kinderarts worden gedaan vervult. Het gaat dan onder andere om geprotocolleerde diagnostiek en behandeling. Denk aan de begeleiding en behandeling van huidaandoeningen, astma/luchtweginfecties, obesitas en coeliakie. Het zorgt niet alleen voor ontschotting (geen overbodige verwijzing meer nodig) maar het is ook goedkoper en klantvriendelijker voor ouder en kind. Met andere woorden: de juiste zorg op de juiste plek. Opsporen van coeliakie door de JGZ Coeliakie is een auto-immuunziekte veroorzaakt door de inname van gluten.

Ongeveer 1% van de Nederlandse bevolking heeft de ziekte coeliakie, maar slechts één op de zes mensen met deze ziekte weet dit ook. Zij lopen rond met klachten die bij coeliakie passen, maar hebben niet de goede diagnose en daarmee ook niet de goede behandeling. In samenwerking met het Leids Universitair Medisch Centrum heeft JGZ Kennemerland aangetoond dat het opsporen bij het consultatiebureau leidt tot het vinden van bijna tien keer meer kinderen met deze ziekte dan via de reguliere zorg. Ook staan ouders achter deze manier van opsporen en wordt de diagnose jaren eerder gesteld wat leidt tot het beter opvolgen van de behandeling. Daarnaast is het opsporen van coeliakie volgens deze werkwijze kosteneffectief; er worden maatschappelijke kosten en kosten in de curatieve zorg bespaard. Ondanks dit grote succes is het vinden van structurele finan - ciering, voor de voortzetting van deze manier van werken nog niet gelukt. 5. Kansrijk partnerschap: de partners   42  Aan de slag met kansrijk partnerschap Dienend aan jeugd en gezin Eenvoud en effectief: POH Jeugd vanuit Hart voor jeugd en gezin Vanuit de gedachte van een herkenbare plek en één toegang voor alle vragen over opgroeien en opvoeden, is het ook voor de hand liggend om naar de taak van de POH Jeugd te kijken. Op dit moment is deze functie ook nog wel eens onderdeel van de huisartsenzorg.

Vanuit één toegang en een Hart voor jeugd en gezin zou het logisch zijn om deze functie – hoewel beschikbaar in de huisartsenpraktijk – ook vanuit het Hart voor jeugd en gezin te organise- ren. Er zijn al genoeg voorbeelden waar de JGZ of het CJG de POH Jeugd levert in de huis- artsenpraktijk (bekostigd door de gemeente). Reden voor deze aanpak is dat de nadruk op preventie en normaliseren ligt en de verbinding met de JGZ als vanzelfsprekend wordt gemaakt. Dat laatste is nodig omdat huisartsen niet altijd de JGZ als preventie en voorliggend veld goed in beeld hebben. En ook hier geldt weer dat de brede blik – zowel medisch als sociaal – uitermate belangrijk is. Gedragsproblemen zijn met regelmaat niet opvoedkundig of psycho- sociaal van aard, maar kunnen ook een medische oorzaak hebben. Met een te smalle blik wordt dit onvoldoende erkend. Gemeenten - Ga in gesprek met zorgverzekeraars hoe het Hart voor jeugd en gezin ook op het gebied van medische eerstelijnszorg in samenhang opgezet kan worden. - Gebruik de structurele financiering die door het ministerie van VWS is toegezegd aan de IZA partijen en waar gemeenten een fors deel van krijgen voor domein overstijgende samenwerking.

- Verschuif, in overleg met het veld en met zorgverzekeraars, medisch specialistische taken uit de ziekenhuizen en taken bij de huisartsen (curatie) in de leeftijd van 0-18 naar de jeugdgezondheidszorg (als onderdeel van het Hart voor jeugd en gezin). Doe dit met het oog op preventie en de juiste zorg op de juiste plek. Deze beweging wordt ook ondersteund door Jeugdarts Next Level . - Onderzoek de mogelijkheden van cofinanciering door gemeenten en zorgverzekeraars die recht doet aan het preventieve sociale domein; toegankelijk, eenvoudig, effectief. - Leer van de voorbeelden die er zijn en start een pilot. Evalueer de uitkomsten over de twee domeinen heen (curatie en basiszorg). JGZ aanbieders - Ga met gemeenten en partners (huisartsen, ziekenhuizen) in gesprek over het opzetten van pilots en de monitoring van de uitkomsten. - Onderzoek in samenwerking met zorgverzekeraars de mogelijkheden voor het creëren van een betaaltitel. 5. Kansrijk partnerschap: de partners   43  Aan de slag met kansrijk partnerschap Dienend aan jeugd en gezin Laagdrempelig: dichtbij in complexe casuïstiek Binnen de JGZ zijn jeugdartsen en artsen Maatschappij en Gezondheid (specialist) werkzaam. De rol en opleiding van de arts M+G is in ontwikkeling.

Als we kijken naar het toekomstige zorglandschap en de beweging naar de voorkant, meer in de wijk, samen met jongeren en het gezin, dan zien wij kansen in de rol van de arts M+G als equivalent van de arts ouderen- geneeskunde. De arts M+G is dan de spil in het netwerk rond complexe gezinssituaties die ontstaan door chronische aandoeningen of beperkingen. Denk bijvoorbeeld aan een kind met epilepsie. De diagnose en het instellen van de medicatie gebeurt door de neuroloog. Daarna ontstaan complexe vraagstukken rond het opgroeien en opvoeden van het kind. Kan het kind naar sport, regulier onderwijs etc. Dit geldt ook voor kinderen met een licht verstandelijke beperking, adhd, diabetes. De arts M+G of jeugdarts (bijvoorbeeld rond medicatie) adviseert dan in samenspraak met de medisch specialist de ouders en het (speciaal) onderwijs. Ook vroeggeboren baby’s vragen na ontslag uit het ziekenhuis extra zorg en ondersteuning die door de JGZ/Het hart voor jeugd en gezin begeleid kunnen worden. GO-poli in Delft en PremaTuurlijk in Rotterdam In Delft en Rotterdam werken de kinderartsen van het ziekenhuis nauw samen met de zorgprofessionals van respectievelijk JGZ ZHW en CJG Rijnmond voor passende zorg voor vroeggeboren baby’s. Hierdoor kunnen controlebezoeken bij de jeugdarts, jeugdverpleegkundige en de neonatoloog goed op elkaar worden afgestemd.

Zij delen expertise en geven ouders eenduidig advies over de zorg van hun kind. Samen kunnen zij meer doen aan preventie, problemen eerder signaleren en behandelen. Zo kunnen ze gezondheidsproblemen later in het leven van het kind voorkomen. Het zorgt voor continuïteit van zorg, de juiste zorg op de juiste plek en voor een kansrijke start voor iedereen. 5. Kansrijk partnerschap: de partners 5 rollen jeugd   44  Aan de slag met kansrijk partnerschap Dienend aan jeugd en gezin 5.8 Hart voor jeugd en gezin en het volwassendomein Eenvoud: heldere verbinding met het volwassendomein (0-100) Het Hart voor jeugd en gezin (waar preventie, gezondheid, toegang en jeugdhulp samen komt) zou wat ons betreft ook onderdeel moeten zijn van de hechte wijkverbanden waar in de Visie Eerstelijnszorg 2030 over wordt gesproken. In deze visie bevat het hechte wijkverband kernspelers zoals de huisarts, apotheek, de wijkverpleegkundige en een sociaal domein professional. Lokaal moeten deze wijkverbanden coalities vormen met ziekenhuizen, scholen, sociaal domein en bewonersinitiatieven. Deze kernspelers hebben korte lijnen met elkaar en kunnen inspelen op de specifieke behoeften van burgers en samenwerken aan vernieuwing en preventie (Visie Eerstelijn 2030). Het is een omissie als er niet een directe verbinding is met de jeugdverpleegkundige vanuit het Hart voor jeugd en gezin.

We laten ons dan wederom verleiden om schotten te creëren op plekken waar geen schotten horen te zijn. Vragen van inwoners – jeugdigen en volwassen – moeten integraal benaderd worden. In het RVS-advies ‘Kinderen uit de knel’ staat ook dat er juist in de ‘volwassendomeinen’ (wonen, schulden, inkomen) meer oog moet zijn voor huis- houdens met kinderen. Het helpt – zij het niet dat het noodzakelijk is – als er een structurele verbinding is en de kennis over toegang en ondersteuning van 0-100 binnen één team is belegd. Op die manier wordt ook invulling gegeven aan de eerder geschetste rol van de jeugdverpleegkundige als centrale zorgverlener. Samen met de wijkverpleegkundige vormt zij de spil in de wijk. Voor beide functionarissen geldt dat contact maken en een vertrouwens- relatie opbouwen een basis vaardigheid is. Vanuit die relatie én vanuit een brede expertise wordt samen met de jeugdige en het gezin gekeken naar wat helpt om het leven zo goed en normaal mogelijk te leiden met alle uitdagingen die er zijn. Samen kijken zij wat nodig is en wie daarbij aan zet is: één gezin, één plan, één regisseur. Eén team voor 0-100…? In elke gemeente wordt de inrichting van de wijkteams/lokale teams/jeugdteams/sociale teams anders ingevuld. Het Richtinggevend kader toegang sociaal domein van de VNG (2024) geeft weer wat minimaal georganiseerd moet zijn, maar laat het hoe aan gemeen- ten.

En daarmee blijft het een puzzel hoe versnippering te voorkomen en eenvoud te creëren. Eén team voor álle vragen van 0-100 jaar lijkt een effectieve oplossing, maar mede gezien de enorme verscheidenheid in gemeenten wellicht toch niet zo eenvoudig. De verbinding tussen lokale jeugdteams en volwassenen/sociale teams is echter essen - tieel. We hebben gezien wat er kan gebeuren als diverse instanties druk zijn en hun uiterste best doen voor en binnen gezinnen, maar niet weten van elkaar wat zij doen. Hoe kan een goede en passende verbinding en samenwerking georganiseerd worden? En hoe verhoudt het richtinggevend kader stevige lokale teams zich t.o.v. de Visie Eerstelijn 2030? 5. Kansrijk partnerschap: de partners   45  Aan de slag met kansrijk partnerschap Dienend aan jeugd en gezin 6. Kansrijk Partnerschap: samenwerken en grenzen verleggen In het voorgaande hoofdstuk is stilgestaan bij de rol van de verschillende partners binnen zorg en welzijn voor jeugd en gezin, de verbinding met preventie en normaliseren, de gemeenschap en de jeugdigen en het gezin zelf. In dit hoofdstuk besteden we extra aandacht aan de samenwerking over domeinen heen en wat dit van alle partners vraagt.

Eenvoud: Ga van individuele opgaven naar één gezamenlijke lokale opgave De gewenste samenhang, eenvoud en samenwerking in zorg en welzijn voor jeugd en gezin begint bij een gezamenlijke lokale opgave voor alle partners in het domein van jeugd en gezin. Nu worden alle partners afzonderlijk van elkaar, ieder voor een stukje, veelal overlappend en zonder duidelijke en gezamenlijke visie en opgave gecontracteerd. Gemeenten hebben niet altijd meer in beeld wie waarvoor aan zet is en dat maakt onder meer dat organisaties en professionals over elkaar heen buitelen. Alle partners in zorg en welzijn voor jeugd en gezin, inclusief de gemeente, hebben en belangrijke rol om de gezamenlijke opgave in co-creatie met elkaar vorm te geven. De rol van de gemeente is hierin de netwerkregisseur. De gemeente moet sturen op het, in dialoog met alle partners en inwoners, helder krijgen van de belangrijkste lokale opgaven. Aanbieders zullen op hun beurt helder moeten formuleren wat hun meerwaarde is in deze gezamenlijke opgave en hoe zij samenwerken met andere partners. Wanneer voegt men waarde toe en wanneer is de ander beter in staat om iets te doen. Het vraagt loslaten van het eigen belang, de ego en de georganiseerde veiligheid. Maar ook tijd en middelen om elkaar te leren kennen, elkaar te leren waarderen en om de verschillen tussen aanbieders in taal en benade- ringswijze te overbruggen.

Die samenwerking moet proactief worden georganiseerd. 6. Kansrijk Partnerschap: samenwerken en grenzen verleggen   46  Aan de slag met kansrijk partnerschap Dienend aan jeugd en gezin Aanbieders in zorg en welzijn voor jeugd en gezin - De aanbieder geeft helder weer aan welke maatschappelijke opgave zij werkt en welke partners zij daarbij nodig heeft. - Aanbieders beschrijven in een gedeelde visie hoe zij gezamenlijk aan de opgave werken. - Bestuurders versterken de samenwerking door het belang in- en extern uit te dragen en vertalen de visie naar de uitvoeringspraktijk. - Aanbieders evalueren, monitoren en sturen systematisch bij met samenwerkings - partners en stakeholders op basis van vooraf gemaakte afspraken over beoogde resultaten. - Zie voor meer tips ook de gespreksleidraad ‘ Aandacht voor samenwerken ’, Toezicht Sociaal Domein, juni 2024. - Vervul de rol van netwerkregisseur en breng partijen actief bij elkaar. - Stel een lokale “grondwet Jeugd” op met maximaal vijf concrete afspraken en heldere doelen waar alle aanbieders in zorg en welzijn voor jeugd en gezin zich aan committeren. - Zorg voor continuïteit en beleg deze rol niet bij een persoon, maar als structureel onderdeel van een functie. - Neem het komen tot gedeelde visie met heldere samenwerkingsafspraken op als verplichting in de contractering.

- Zorg voor voldoende ruimte in tijd en middelen voor activiteiten zoals samenwerken, innoveren en leren van elkaar. - Creëer een budget vanuit en voor het stimuleren van samenwerking over schotten heen (Jeugdwet, WPG, WMO, Onderwijs, ZVW). Ga hierover ook in gesprek met zorgverzekeraars om een domeinoverstijgend ‘grijs’ budget te creëren (vanuit beide domeinen geld voor een gezamenlijk budget). - Zorg dat je als gemeente overzicht behoudt op al het aanbod voor jeugd en gezin in de gemeente om versnippering te voorkomen en alle partners te betrekken bij de gezamenlijke lokale opgave. - Vervul zelf de rol als opdrachtgever en financier. We zien een toenemende tendens waarbij ‘hoofdaannemers’ de rol van de gemeente in het contracteren overnemen en andere (kleinere) partijen moeten contracteren middels onderaannemerschap. Contractering is een vak apart. Laat ieder in zijn kracht. - Heb oog voor de kleinere aanbieders die in deze processen vermorzeld kunnen worden. Kleine aanbieders kunnen veel betekenen op het gebied van innovatie. 6. Kansrijk Partnerschap: samenwerken en grenzen verleggen   47  Aan de slag met kansrijk partnerschap Dienend aan jeugd en gezin Effectief: investeren in verbinding is investeren in mensen Professionals zijn in de vorige decennia (vanuit het ‘ego-systeem’) primair opgeleid om een specifieke deskundigheid in te zetten.

Waarbij het volgen van richtlijnen en protocollen, het afvinken van lijstjes en het beperken van risico’s gemeengoed is geworden. Inmiddels zijn de verwachtingen die we hebben van professionals in de zorg aan het veranderen. Zij krijgen een grotere rol in de organisatie van zorg en meer zeggenschap en leiderschap. We verwachten dat zij inspelen op de veranderende en diverse behoeften van de doelgroep. Dat zij nog veel meer dan zij al doen samenwerken met andere partners en met informele initiatieven en met elkaar de vraag durven stellen: wat kun jij betekenen en wat kan ik betekenen. Zorgprofes- sionals moeten aan de ene kant durven loslaten als anderen in het netwerk het beter kunnen of hulp niet meer nodig is en aan de andere kant durven vasthouden en niet loslaten als dat nodig is. Het vraagt met andere woorden: grensverleggende hulpverleners. Grensverleggend omdat grenzen altijd zullen bestaan. Grenzen in de vorm van financierings- stromen, grenzen in de vorm van protocollen en standaarden. Het hebben van standaarden en regels is nodig, het biedt houvast en duidelijkheid. Maar de kunst is – zoals Albers & Kruiter (2022) aangeven – om te laveren tussen regels en ruimte. Zij noemen dit ook wel de ‘praktisch wijze professional’. Deze beweging is groter dan we tot nu toe hebben gekend.

Niet alleen in het stelsel, maar ook voor professionals werkzaam in de zorg, onderwijs en ondersteuning voor jeugd en gezin. Inhoud geven aan hun professionele identiteit is onder - werp van een historische en maatschappelijke ontwikkeling. Bestuurders in zorg, welzijn, onderwijs en bij gemeenten hebben de essentiële taak om hulpverleners hierin bij te staan door hen structureel ruimte te bieden in hun werkagenda om zich te bewegen in relevante netwerken en te investeren in integrale samenwerking, maar ook door hen te scholen en zelf het goede voorbeeld te geven. Wicked Skills Academie, Yunio Bij Yunio is een academie opgericht die zich richt op het ontwikkelen van medewerkers met echte “Wicked Skills”. Professionals die de moed hebben om grenzen te verkennen en te doorbreken. Ze nemen verantwoordelijkheid en blijven vasthouden aan hun doel, net als ‘terriërs’ (zoals men dat bij Yunio noemt), maar doen dit met een scherp bewust - zijn van de complexiteit van hun omgeving. In plaats van alleen zorg te verlenen, streven ze naar het versterken van zelfredzaamheid en bouwen ze doelbewust samenwerkings - netwerken. Deze netwerken dienen het bredere belang van jeugdigen en gezinnen, waarbij professionals navigeren door de onvoorspelbare en vaak chaotische dynamiek van hun vakgebied. 6.

Kansrijk Partnerschap: samenwerken en grenzen verleggen   48  Aan de slag met kansrijk partnerschap Dienend aan jeugd en gezin Effectief: doorbreek defensieve routines Samenwerken, over grenzen heen werken, nieuwe werkwijzen, anders denken, anders doen, maatwerk bieden, transformatie. Het leidt altijd tot doorbreken van “defensieve routines” (Kruiter et al, 2023). Of het nu gaat om het afwijken van protocollen en richtlijnen in het belang van de klant, om het samenwerken met informele zorg of lokale netwerken of het vrijmaken van financiële middelen voor buurtinitiatieven. Er is altijd wel een wet of regel die stelt dat het niet kan, niet mag, niet voldoet aan gestelde criteria of dat het te duur is en iemand die deze wet of regels gebruikt om niet te hoeven veranderen. Dit gebeurt niet bewust. In tegendeel het gebeurt routinematig en vaak het meest in de top van de organi- satie (Kruiter et al.) Hoe kom je uit de kramp van uitvoering versus beleid en hoe ga je echt gezamenlijk leren, reflecteren en productief redeneren. In het boek “Mag niet bestaat niet” van het Instituut voor Publieke Waarden beschrijven Kruiter, Albers en Meiberg hoe je defensief gedrag in organisaties kunt doorbreken. Zij adviseren een afwegingskader te ontwikkelen met de organisatie, het team of een samenwerkingsverband of bij tijdgebrek de waardendriehoek van de Doorbraakmethode te gebruiken.

Een afwegingskader helpt het goede gesprek aan te gaan en onderbouwde keuzes te maken vanuit waarden die als collectief (organisatie, samenwerkingsverband, partnerschap) belangrijk worden ervaren. Een afwegingskader is een mooi instrument om uit defensieve routines te komen of te voorkomen erin te belanden en te stagneren. Tegelijkertijd is het inherent aan transformatie dat het een zoektocht is en op momenten pijn doet en angst en chaos met zich meebrengt. De X-curve laat dit mooi zien. Transformatie vraagt een lange adem. Figuur 6. Bron: Toolkit voor de X-curve – systeemverandering ontleed 6. Kansrijk Partnerschap: samenwerken en grenzen verleggen   49  Aan de slag met kansrijk partnerschap Dienend aan jeugd en gezin Aanbieders in zorg en welzijn voor jeugd en gezin - Zie, erken en waardeer grensverleggende professionals. - Geef professionals een x-percentage (bijvoorbeeld 5%) van hun werktijd per week de ruimte om met andere organisaties aan de slag te gaan. Die ruimte ontstaat als je met elkaar helder maakt wat doen we nog wel, wat doen we niet en wat doen we anders. - Laat professionals duurzaam leren en zorg voor een veilig klimaat en ‘rugdekking’. Fouten maken mag. - Ontwikkel een afwegingskader gebaseerd op waarden in plaats van alleen protocollen. Voorbeeld: ‘kwaliteit’ conform protocollen is niet hetzelfde als ‘doen wat goed is’.

Gemeenten - Biedt zorgorganisaties ruimte om te leren door de inzet van ‘leergeld’: een budget om te experimenteren, zonder verantwoordingslast, fouten maken mag. - Biedt ruimte voor werkzaamheden die horen bij de transformatie zoals samenwerking met andere organisaties en aansluiten bij de gemeenschap. - Ontwikkel een afwegingskader gebaseerd op waarden in plaats van alleen op wet- en regelgeving. Voorbeeld: rechtmatigheid is niet hetzelfde als rechtvaardigheid. - Laat uw ambtenaren ook duurzaam leren; hoe stuur je als gemeente op een effectieve manier die recht doet aan maatwerk en doen wat goed is. - Pas je verantwoordingssystematiek hierop aan (zie ook H7.2). 6. Kansrijk Partnerschap: samenwerken en grenzen verleggen   50  Aan de slag met kansrijk partnerschap Dienend aan jeugd en gezin 7 . De gemeente als financier en opdrachtgever In dit hoofdstuk gaan we nader in op een aantal belangrijke elementen in de rol van de gemeente als financier en opdrachtgever. Allemaal gericht op eenvoud en effectiviteit. Want als we blijven doen wat we deden krijgen we wat we kregen. En dat is nu juist wat we niet willen. Het vraagt naast de tips die we in voorgaande hoofdstukken meegaven ook een paar meer rigoureuzere keuzes. 7.1.

Passende financiering en contractering Eenvoud: Beweeg budget mee naar de voorkant Een beweging naar de voorkant dichtbij mensen en gemeenschappen en met een focus op preventie en normaliseren kan alleen maar wanneer ook de middelen meebewegen naar de voorkant. Alleen dan kan duurzaam geïnvesteerd worden in preventie. Ga hier- over in gesprek met de gemeenteraad. Laat zien in beelden, cijfers en ervaringsverhalen wat preventie oplevert en durf hiervoor te gaan staan. Natuurlijk kennen we allemaal de preventieparadox: je ziet niet wat je voorkomt. En we weten allemaal dat de kosten voor de baten uitgaan en de baten vaak ook nog ergens anders terecht komen. Deze dood - doeners houden ons gevangen in een systeem waarin de zorg alleen maar exponentieel blijft groeien. Durf dit te doorbreken en maak dappere keuzes. Het moet anders. Dit vraagt lef en leiderschap. Eenvoud: Kies voor een lumpsum financiering Voorkom dat met het bewegen naar de voorkant ook alle lasten, zoals een vergevorderde regeldruk en ongebreidelde controle en verantwoording uit het curatieve en sociale domein meebewegen naar de voorkant. De decentralisaties hadden als doel te komen tot meer eenvoud, maar niets is minder waar. Eerlijke kansen en gezond leven vragen om een integrale aanpak en om ruimte voor aanbieders om te doen wat goed en nodig is.

Het vraagt vergaande samenwerking en over grenzen heen organiseren en verbinden. Een focus op een p x q financiering stimuleert organisaties vooral hun ‘eigen stuk’ en alleen datgene te leveren wat afgesproken is. Bij een vergevorderde regeldruk en controle wordt vooral gekeken naar waar iemand recht op heeft en niet wat rechtvaardig is. Kies daarom voor eenvoud en een simpele manier van financiering die ruimte laat voor doen wat goed is en werken over grenzen heen. Kies dus voor een vorm van lumpsum finan - ciering en monitor en evalueer wat met het geld wordt gedaan. 7. De gemeente als financier en opdrachtgever   51  Aan de slag met kansrijk partnerschap Dienend aan jeugd en gezin Effectief: Stuur op inzicht in kosten en tarieven Natuurlijk is er meer nodig dan een pot geld en kijk maar wat je ermee doet. Om doel - matig in te kunnen kopen én onderbouwd keuzes te kunnen maken in het (her)verdelen van middelen voor zorg en welzijn voor jeugd en gezin is het raadzaam te sturen op de ontwikkeling van een rekentool (jeugdhulp en JGZ) zoals de rekentool WMO-tarieven. De rekentool helpt partijen het gesprek over kosten en tarieven te voeren langs een transparante structuur en draagt bij aan een doelmatige uitvoering van jeugdhulp en jeugdgezondheid.

Stuur tevens op een benchmark van overheadskosten in het publieke domein zodat organisaties van elkaar leren en geld niet onnodig wordt besteed aan overhead, maar aan de reguliere zorg. Ook in de jeugdgezondheidszorg moet er meer een eenduidig inzicht komen in de gemiddelde kosten per kind. Dit draagt bij aan een lerende, effectieve en eenduidige wijze van bedrijfsvoering. Eenvoud: Zorg voor meerjarige financiering Geef lange termijn steun en zekerheid. Meerjarige financiering biedt zorgaanbieders meer financiële zekerheid, waardoor ze gemakkelijker investeringen of innovaties door kunnen voeren. Vraag jezelf als gemeente af of het nodig is en wat het oplevert om steeds nieuwe projecten op te starten of steeds nieuwe aanvragen te laten schrijven voor bewezen programma’s. Ook in de governance (aansturing en verantwoording) van de JGZ binnen het publieke domein is continuïteit belangrijk voor lange termijn focus en ambities (Hiemstra de Vries, 2024). Veel zinvoller is het om continue in gesprek te blijven over kwaliteit en tussentijdse aanpassingen waar nodig. 7.

De gemeente als financier en opdrachtgever   52  Aan de slag met kansrijk partnerschap Dienend aan jeugd en gezin Transformatiegerichte contractering in de zorg (NZA) De NZA heeft een Whitepaper Transformatiegerichte contractering in de Zorg geschreven om zorgverzekeraars en zorgaanbieders die met elkaar een sterke en duurzame samen - werkingsrelatie willen ontwikkelen te helpen en te inspireren, gericht op het realiseren van gezamenlijke regionale transformatieopgaven. De whitepaper biedt een (theoretische) duiding en een overzicht van uitgangspunten van de verschillende contracteermodellen, die als basis kan dienen om de samenwerkingsrelatie verder vorm te geven. Ook kan deze paper gebruikt worden bij de vormgeving van de samenwerking tussen zorgaanbieders en de gelijkgerichtheid tussen zorgverzekeraars bij impactvolle transformaties. Hoewel geschreven voor zorgverzekeraars zijn de theorieën en adviezen goed te vertalen naar de relatie tussen gemeenten en zorgaanbieders in zorg en welzijn voor jeugd en gezin, gezien de transformatie waar ook wij voor staan. De NZa geeft daarover zelf aan: het dient ter inspiratie voor alle zorgaanbieders, zorgverzekeraars en overige zorgpartijen die met elkaar een strategische samenwerkingsrelatie (partnership) gericht op het realiseren van transformatieopgaven willen aangaan.

Belangrijke elementen uit het whitepaper die aansluiten bij de eerdere tips rond passende contractering: - Het relationele contracteermodel heeft de meeste potentie om complexe opgaven te realiseren. - Bij relationele contracteermodellen wordt de transformatie naar passende zorg gerealiseerd via een duurzame en sterke samenwerkingsrelatie (partnership) tussen zorgverzekeraar en zorgaanbieder. Niet de financiële afspraken staan centraal, maar de gemeenschappelijk visie en doelen. - De gedachte bij dit relationele contracteermodel is dat beide partijen de risico’s samen dragen en daarmee ook verantwoordelijk zijn voor elkaars succes. Bij een transfor - matiegericht contract kan het niet zo zijn dat slechts een van de partij succesvol is. Het contract is gericht op ‘win-win’ (en inclusief de cliënt eigenlijk ‘win-win-win’). De gecreëerde waarde en verliezen worden onderling eerlijk verdeeld. - Een ander kenmerk van een transformatiegericht contract is de lange contractduur. Om transformaties te realiseren en ook investeringen te laten ‘renderen’ is een lange contractduur noodzakelijk. Ook vragen de doelen van de strategische samenwerking vaak om actief transformatie- en innovatiemanagement. In de Whitepaper worden verder handvatten gegeven hoe – in vijf stappen – te komen tot een transformatiegericht contract. 7.

De gemeente als financier en opdrachtgever   53  Aan de slag met kansrijk partnerschap Dienend aan jeugd en gezin 7 .2. Sturen op kwaliteit en passende verantwoording Eenvoud: Stuur opgavegericht in plaats van taakgericht Een focus op individueel bereik en een onesizefitsall-benadering is al lang niet meer toereikend. Maatwerk moet de nieuwe norm worden. Het gaat in zorg en welzijn voor jeugd en gezin veel meer om laagdrempelige toegang en doen wat goed is. Soms betekent dit in gesprek gaan met andere partners om de zorg en welzijn voor jeugd en gezin goed op elkaar af te stemmen. Een andere keer betekent dit zichtbaar zijn in een gemeenschap van inwoners of meer tijd besteden aan bepaalde groepen via groepsgerichte activiteiten. Dit sluit aan bij het eerder beschreven Landelijk Professioneel Kader (H 5.4) binnen de JGZ. Dit vraagt sturing en verantwoording die hierbij aansluit. Geef vertrouwen aan zorgprofessionals en laat de uitvoering aan hen in samenspraak met de jeugdige(n) en het gezin: het wat en het hoe is aan hen. Eenvoud: Zorg voor betekenisvolle verantwoording Bij meer opgave gericht werken en doen wat nodig is past het verantwoorden en afrekenen op bijvoorbeeld het aantal momenten van contact of afrekenen op vaccinatiebereik niet. Immers, het zegt niets over de kwaliteit en wat in het moment van contact bereikt is.

Het gaat veel meer om continue leren en verbeteren en het voeren van het goede gesprek. Wat willen we bereiken, wie doet wat en welk verantwoordingsinstrument hoort daarbij. De Raad voor Volksgezondheid en Samenleving schreef in haar advies ‘Blijk van ver - trouwen. Anders verantwoorden voor goede zorg’ (2019) ook al dat de verantwoording in het sociaal domein veel meer ten dienste moet staan van betere zorg en koos daarbij voor een ander vertrekpunt: Zorgprofessionals en bestuurders moeten het initiatief nemen voor andere vormen van verantwoording. Daarbij kan worden gedacht aan team- reflectie, visitatie en het in kaart brengen van cliëntervaringen. Sluit hier als gemeente op aan en kies voor eenvoudige en betekenisvolle verantwoording. Eenvoud en betekenisvol: Tellen én vertellen Verhalen spreken meer tot de verbeelding dan cijfers. Naast ‘tellen’ is daarom ook ruimte voor ‘vertellen’ nodig om een goed zicht te krijgen op de dagelijkse praktijk van de geleverde zorg en ondersteuning. Kwaliteit gaat om leren en verbeteren. Wat heeft de geboden hulp daadwerkelijk opgeleverd in de beleving van de mensen om wie het gaat? Hoe kunnen gemeenten deze verhalen ook met elkaar duiden en zo van elkaar leren. En hoe kunnen professionals en organisaties van elkaar leren? De dialoogtafel is een middel dat kan worden ingezet om professionals duurzaam te laten leren van elkaar.

In plaats van vinkjes zetten en een papieren werkelijkheid gaan zij middels de dialoog- tafel met elkaar (tussen organisaties) in gesprek over thema’s die er toe doen. Voor meer informatie bekijk het filmpje van de eerste dialoogtafel van JGZ ZHW en Icare. 7. De gemeente als financier en opdrachtgever   54  Aan de slag met kansrijk partnerschap Dienend aan jeugd en gezin Eenvoud en effectief: een weloverwogen bestuurlijke opdracht Maak bij de keuze voor een governancestructuur en de wijze van contractering een goed en breed afgewogen keuze die uitgaat van zowel kosten, kwaliteit en wat het betekent voor jeugdigen en gezinnen. Criteria die hierin meegenomen dienen te worden: doel- matige sturing, continuïteit, innovatief vermogen, nabijheid in het netwerk, passende schaalgrootte, wendbaarheid van de organisatie, financiële consequenties (Hiemstra de Vries, 2024). Betrek ook je gemeenteraad bij de keuze voor de governance en de bestuurlijke opdracht. 7. De gemeente als financier en opdrachtgever   55  Aan de slag met kansrijk partnerschap Dienend aan jeugd en gezin 8. Bijlagen 3 Betreft middelen die door het Rijk als algemene uitkering in het Gemeentefonds worden gestort en zijn dus niet geoormerkt. 8.1.

Wettelijke kaders JGZ en budgetten In 2022 werd €6,5 miljard euro uitgegeven aan de jeugdzorg ten opzichte van 126 miljard aan de totale gezondheidszorg in Nederland (Stand van de jeugdzorg, 2024). De jeugdzorg beslaat dus slechts een fractie van het geld dat aan de totale gezondheidszorg wordt uitgegeven: 5,2% van de totale gezondheidszorg. In 2022 werden hiervoor 467.000 jongeren geholpen met een of meerdere vormen van jeugdzorg ( CBS, 2023). Het budget dat door het Rijk in het gemeentefonds wordt gestort voor de JGZ bedraagt circa 713 miljoen euro 3. Dit betreft het budget voor de uitvoering van het Basispakket, RVP en PHB en beslaat circa 0,56% ten opzichte van de totale gezondheidszorguitgaven (2022). Ondanks deze beperkte uitgaven ziet de JGZ vrijwel alle (circa 98%) kinderen en gezinnen in Nederland. Begin 2022 telde Nederland 3,3 miljoen minderjarigen ( Jeugdmonitor, 2023). In 2023 waren er ruim 1,8 miljoen gezinnen met een kind onder de 18 jaar (NJI, 2024 ). Bovengenoemde uitgaven aan de JGZ is exclusief de uitgaven voor de preventieve maat- werk activiteiten uitgevoerd door de JGZ en vallend onder de jeugdwet. Deze verschillen sterk per gemeente. De schatting is dat dit gemiddeld 10% van de omzet van een JGZ aanbieder behelst. Dit betekent dat ongeveer 79 miljoen euro wordt uitgegeven voor preventieve interventies uitgevoerd door de JGZ.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://steenwijkerland.bestuurlijkeinformatie.nl/Document/LoadAgendaItemDocument/2246566b-b122-4668-b25a-c896986b64ee?agendaItemId=86f9e6c3-0ab7-432c-8877-b7c3893e0e9b