CConstaterende datSteenwijkerland
Koppel je AI →
Document · PDF

3.2 Bestuursrapportage voorjaar 2023 GGD IJsselland.pdf

Raadsvergadering 23 mei 2023, gemeente SteenwijkerlandBij agendapunt: Ingekomen stukken4.747 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

BESTUURSRAPPORTAGE Voorjaar 2023 GGD IJsselland Corsa G23.000324 In de Financiële verordening GGD IJsselland is opgenomen dat het dagelijks bestuur het algemeen bestuur informeert met tussentijdse rapportages over de realisatie van de programmabegroting. Deze rapportage beschrijft actuele ontwikkelingen in het lopende begrotingjaar, zowel inhoudelijk als financieel. Aangezien het algemeen bestuur de programmabegroting 2022 in juni 2021 heeft vastgesteld, is actualisatie aan het begin van het dienstjaar gewenst. 2 Inhoudsopgave Inhoudsopgave ........................................................................................................................................... 2 Algemeen beeld ......................................................................................................................................... 3 1. Beleidsbegroting ................................................................................................................................ 4 1.1 Bestuursagenda publieke gezondheid 2023-2027 ......................................................................... 4 1.1.1 Uitvoering van de agenda publieke gezondheid ............................................................................

4 1.2 Taken .............................................................................................................................................. 4 1.2.1 Monkeypox ..................................................................................................................................... 4 1.2.2 Opvang vluchtelingen uit Oekraïne ................................................................................................ 5 1.3 Middelen ........................................................................................................................................ 5 1.3.1 Pandemische paraatheid ................................................................................................................ 5 1.3.2 Indexering personeelslasten........................................................................................................... 6 1.3.3 Indexering materiele kosten ........................................................................................................... 6 2. Programma Gezondheid ..................................................................................................................... 7 2.1 Ontwikkelingen per taakveld ..........................................................................................................

7 2.1.1 Jeugdgezondheidszorg ................................................................................................................... 7 2.1.2 Infectieziektebestrijding ................................................................................................................. 8 2.1.3 Versterken gezondheid en veiligheid kwetsbare inwoners ............................................................ 9 2.1.4 Onderzoek, beleid en preventie ..................................................................................................... 9 3. Corona .............................................................................................................................................. 10 4. Financiële begroting ......................................................................................................................... 11 4.1 Autonome ontwikkelingen ........................................................................................................... 11 4.2 Treasury ........................................................................................................................................ 11 5. Paragrafen op grond van de BBV ......................................................................................................

12 5.1 Risicomanagement ....................................................................................................................... 12 5.2 Bedrijfsvoering.............................................................................................................................. 12 Bijlage 1 Het instrument Bestuursrapportage voorjaar ............................................................................. 13 Bijlage 2 Eerste begrotingswijziging 2023 ................................................................................................. 14 3 Algemeen beeld Voor u ligt de Bestuursrapportage voorjaar 2023 van GGD IJsselland. Deze bestuursrapportage beschrijft de stand van zaken, de inhoudelijke en financiële ontwikkelingen ten opzichte van de Programmabegroting 2023, die in juni 2022 is vastgesteld door het algemeen bestuur. Daarmee beoogt deze bestuursrapportage de meerjarenbegroting financieel en beleidsmatig bij te stellen naar aanleiding van actuele ontwikkelingen en de realisatie in 2022. Hoewel in de Kadernota 2024 enkele autonome ontwikkelingen zijn geschetst die ook in 2023 van invloed zijn op de exploitatie, waren we niet van plan bij deze bestuursrapportage te komen met een begrotingswijziging. Vanwege de financiële impact van de nieuwe Cao Samenwerkende Gemeentelijke Organisaties is dat nu wel noodzakelijk geworden.

In tegenstelling tot andere begrotingsjaren voeren we daarom in 2023 daarom zowel in het voorjaar als in het najaar een begrotingswijziging door. Waarbij we ons nu beperken tot het aanpassen van de loon- en prijsindexering. Daarnaast zijn er meerdere inhoudelijke ontwikkelingen die niet leiden tot actualisering van de programmabegroting. Kortheidshalve verwijzen we naar de toelichting in deze rapportage. 4 1. Beleidsbegroting 1.1 Bestuursagenda publieke gezondheid 2023-2027 1.1.1 Uitvoering van de agenda publieke gezondheid In het algemeen bestuur van 19 april 2023 wordt de nieuwe bestuursagenda vastgesteld. De agenda bouwt voort op de agenda publieke gezondheid ‘Beweging vanuit eigen regie’ waaraan de afgelopen 4 jaar is gewerkt. Het beschrijft de opgave op het gebied van publieke gezondheid in IJsselland en op welke manier we dat samen met gemeenten en partners willen gaan bewerkstelligen. De uitvoering van de bestuursagenda krijgt vorm in vijf programma’s. Een programma voor elk inhoudelijk thema zoals hieronder afgebeeld. Per programma stellen we jaarlijks een uitvoeringsplan op met concrete activiteiten en interventies. Als uitgangspunt voor het uitvoeren van de agenda hanteren we dat dit gebeurt binnen de bestaande financiële kaders, waarbij we ook inzetten op het verwerven van externe financiering.

Actualiseren van de Programmabegroting 2023 is voor dit onderwerp niet nodig. 1.2 Taken 1.2.1 Monkeypox In mei 2022 werd monkeypox bij mensen in Europa vastgesteld, waarna dit pokkenvirus zich als snel verspreidde en ook in Nederland de kop op stak. De minister heeft vervolgens GGD’en de opdracht gegeven om de uitbraak te bestrijden en hierbij gebruik te maken van de corona infrastructuur en corona personeel. Ruim achttienduizend mensen in Nederland hebben een of meerdere vaccinaties gehaald tegen monkeypox. In het najaar van 2022 nam het aantal besmettingen sterk af, waarna besloten is de vaccinatiecampagne af te ronden in januari 2023. Voor het vergoed krijgen van de kosten vanwege werkzaamheden in januari 2023 en ook bij een eventueel vervolg in de loop van het jaar, kunnen we een beroep doen op een meerkostenregeling. De wijziging is voor het totaal van de begroting budgettair neutraal en wordt administratief verwerkt in de begrotingswijziging bij de bestuursrapportage in het najaar.

5 1.2.2 Opvang vluchtelingen uit Oekraïne De oorlog in Oekraïne duurt voort en we blijven dan ook in 2023 als GGD onze bijdrage leveren aan de ontheemden uit dit land. Voor verschillende doelgroepen voeren wij reguliere taken zoals hygiënepreventie, infectieziektepreventie en infectieziektebestrijding uit. De inspanningen die we hiervoor doen, passen deels in de wettelijke taken die we hebben en dus ook in de reguliere financiering of kunnen worden vergoed uit lopende vergoedingsregelingen voor de COVID-organisatie. Daarnaast registreren we de specifieke inspanningen, waarvoor we door het Rijk financieel worden gecompenseerd. Dit op basis van de ministeriële regeling besluit opvang ontheemden, die inmiddels is verlengd van 1 maart 2023 tot en met 31 december 2023. De kosten dienen we te declareren bij Veiligheidsregio IJsselland. Daarnaast voeren we, in lijn met de opdracht van de minister van VWS voor 2022, ook dit jaar voor de ontheemden uit Oekraïne het basistakenpakket Jeugdgezondheidszorg, het Rijksvaccinatieprogramma en het prenataal huisbezoek uit. Voor de zorg aan de in 2022 geregistreerde ontheemden hebben we al vanuit het Rijk, via een uitkering uit het gemeentefonds aan de gemeenten, een bedrag ter compensatie ontvangen. Er is echter nog geen duidelijkheid over de compensatieregeling voor 2023.

VNG is hierover in gesprek met het Ministerie van VWS en duidelijkheid hierover wordt verwacht bij de voorjaarsnota van het Rijk. Naar alle waarschijnlijkheid kunnen we al deze taken budgettair neutraal uitvoeren. Bij de bestuursrapportage in het najaar bestaat hier meer duidelijkheid over. 1.3 Middelen 1.3.1 Pandemische paraatheid Het kabinet stelt een toekomstige pandemische paraatheid voor op een nieuw en toekomstbestendig niveau. Hiervoor clustert zij de aanpak in drie grote beleidsopgaven waarop we in het kader van de pandemische paraatheid plannen tot versterking maken: 1. Versterkte publieke gezondheidszorg en infectieziektebestrijding; 2. Zorg: goed voorbereid, flexibel en opschaalbaar; 3. Versterkte leveringszekerheid en toegang tot medische producten. Binnen beleidsopgave 1 heeft het Ministerie van VWS subsidie, ook wel VIP gelden, beschikbaar gesteld voor 2023 en 2024. Deze subsidie is onderverdeeld naar vijf verschillende pijlers die voortkomen uit het adviesrapport ‘Versterking Infectieziektebestrijding en pandemische paraatheid GGD’en’ van GGD GHOR Nederland (juni 2022), te weten: 1. Kwetsbaarheden wegnemen voor pandemische paraatheid; 2. Versterken boven(regionale) monitoring en surveillance; 3. Versterken van wetenschappelijke kennisinfrastructuur IZB; 4. Samenwerken op bovenregionaal niveau; 5. Slim en versneld opleiden.

Voorgaande vraagt om verschillende investeringen van verschillende aard in voornamelijk de onmisbare en noodzakelijke inzet van ondersteunende teams. Hierbij gaat het onder andere om ICT en informatievoorziening (personeel en soft- en hardware) als in medewerkers (opleiden). Waarbij ook investeringen in het op orde brengen van werkprocessen niet achterwege kunnen blijven. De benodigde investeringen stemmen we af op de hiervoor door het Ministerie van VWS beschikbaar gestelde middelen. 6 De wijziging is voor het totaal van de begroting budgettair neutraal en wordt administratief verwerkt in de begrotingswijziging bij de bestuursrapportage in het najaar 2023. 1.3.2 Indexering personeelslasten Op 6 april 2023 is een nieuwe Cao Samenwerkende Gemeentelijke Organisaties (cao SGO) afgesloten. De afspraken over onder andere salaris, thuiswerkvergoeding, verlof en arbeidsongeschiktheid hebben betrekking op het jaar 2023. In de nieuwe cao is een salarisontwikkeling afgesproken van eerst per 2 januari 2023 € 240 bruto gevolgd door 2%. In de Programmabegroting 2023 is rekening gehouden met 2% loonindexatie. De in de cao afgesproken loonontwikkeling komt uit op een gemiddelde indexatie van 9,73%. Dit betekent een structureel verschil van 7,73% tussen de begrote en de werkelijke loonkosten. De totale impact van de nieuwe cao voor 2023 is berekend op € 1.800.000.

Verdeling indexering naar inkomstenstromen: • Gemeentelijke bijdrage € 1.303.000 • Aanvullende diensten € 497.000 • Totaal € 1.800.000 De indexering van de personeelslasten past niet binnen de begroting van GGD IJsselland en hierop dienen we de begroting 2023 dan ook te actualiseren met een begrotingswijziging. De totale mutatie verwerken we ook structureel in de Programmabegroting 2024. De hogere index voor personele(- en materiele) kosten dient ook doorgerekend te worden in aanvullende diensten van GGD IJsselland. Eventuele knelpunten worden in de tweede bestuursrapportage inzichtelijk gemaakt. 1.3.3 Indexering materiele kosten In de Programmabegroting 2023 zijn de materiele kosten geïndexeerd met 1,5%. Zoals ook in de Kadernota 2024 gemeld zien we dat, in tegenstelling tot andere jaren, de indexering voor 2022 en 2023 ver van de werkelijkheid is komen te staan. Uit onderstaande tabel blijkt dat in de Programmabegroting 2022 en 2023 een prijsindexering van 1,50% is toegepast, maar dat de werkelijke indexering over het jaar 2022 uitkomt op 4,10% en de voorlopige index 2023 geschat wordt op 5,90%. Dit betekent dat er, zonder correctie van de begroting 2023, een verschil van zeker 7,00% ontstaat.

Begroting Begroot Werkelijk Ruimte 2022 1,50% 4,10% 2,60% 2023 1,50% 5,90%* * Septembercirculaire 2022 BZK Hoewel de prijzen op de energiemarkt ten op zichtte van 2022 zijn gedaald, gaat het nog steeds om prijzen die sterker zijn gestegen dan de 4,10% van 2022 en de 5,90% van 2023. Ondanks de energiebesparende maatregelen voorzien wij dan ook een overschrijding van de energiekosten vanwege de gestegen tarieven. De correctie op de prijsindex en de voorziene toegenomen energielasten is totaal € 467.000 waarvan € 338.000 betrekking heeft op de gemeentelijke bijdrage. Deze correctie van € 338.000 past niet binnen de begroting van GGD IJsselland en hierop dienen we de begroting 2023 dan ook te actualiseren met een begrotingswijziging. De totale mutatie verwerken we ook structureel in de Programmabegroting 2024. 7 2. Programma Gezondheid 2.1 Ontwikkelingen per taakveld 2.1.1 Jeugdgezondheidszorg JGZ locatie van de toekomst Om onze preventieve taak goed uit te kunnen voeren en goed aan te blijven sluiten bij ouders en jongeren voor de doelgroepen 0-18 jaar, is het van belang om zowel onze fysieke locaties als onze digitale dienstverlening door te ontwikkelen.

Het gaat hierbij om het creëren van laagdrempelige en aantrekkelijke uitnodigende lokale voorzieningen, ondersteunend aan de behoeften van de huidige groepen van ouders en kinderen, waarbij ouders en kinderen zelf de regie hebben. In 2023 werken we een plan met betrekking tot de JGZ-locatie van de toekomst verder uit, die we voorleggen aan het algemeen bestuur. Actualiseren van de Programmabegroting 2023 is voor deze ontwikkeling op voorhand niet nodig. Doorontwikkeling digitale dienstverlening Binnen jeugdgezondheidszorg is het (door)ontwikkelen van digitale dienstverlening een thema. Hierbij gaat het in 2023 om digitale innovaties, zoals de implementatie van het Ouderdossier, de verdere integratie van de vragenlijstenmodule ‘Jij en je Gezondheid’ op het voortgezet onderwijs en de landelijke implementatie van de Groeigids app. Veel van deze ontwikkelingen zijn landelijk geïnitieerd en hiervoor komen dan ook middelen vanuit het Rijk beschikbaar dan wel delen we de kosten met de 25 GGD’en. Vooralsnog verwachten we de kosten, uitgaande van bijdragen vanuit het Rijk, te kunnen dekken binnen de begroting. Actualiseren van de Programmabegroting 2023 is volgens de huidige inzichten niet nodig.

Gelijke kansen voor alle kinderen in IJsselland Naast het veilig en gezond opgroeien willen we ook dat alle kinderen in IJsselland gelijke kansen krijgen en willen we blijvend goed aansluiten bij ouders, jongeren én in de keten. Wij zien nu echter tussen gemeenten verschillen in het aanbod, voor wat betreft de aanvullende producten, ontstaan. Dit doet geen recht aan recht kansengelijkheid voor ouders en kinderen. In 2023 leggen we het algemeen bestuur een voorstel voor met betrekking tot het uitbreiden van het basispakket met bewezen interventies zoals Voorzorg, MAZL et cetera. Actualiseren van de Programmabegroting 2023 is voor deze ontwikkeling op voorhand niet nodig. Waardeoverdracht pensioen JGZ 0-4 Er zijn diverse overgangen van onderneming geweest (2011, 2013, 2014 en 2017) betreffende jeugdgezondheidszorg 0-4 jaar van de thuiszorgorganisaties naar GGD IJsselland. In het destijds afgesloten sociaal convenant staat de afspraak dat een collectieve overdracht van pensioen plaatsvindt, zodra dit mogelijk is vanwege de vereiste dekkingsgraad van het pensioenfonds. Recent hebben we een brief van het ABP gekregen, waarin staat dat ze de overdracht kunnen voorbereiden en dat dit gepaard kan gaan met kosten. Het gaat hierbij om de bijbetaling voor de inkoop van het pensioen.

Dit is nodig als de waarde die pensioenfonds PFZW meegeeft onvoldoende is om de waarde af te dekken die pensioenfonds ABP nodig heeft. Op dit moment vindt een juridische toets plaats: waaronder ook de beoordeling van de impact qua kosten. Er is indertijd bij de overgangen van onderneming geen reservering gedaan voor eventuele kosten voor deze collectieve overdracht omdat deze destijds als nihil waren ingeschat. Het is nog niet te voorzien welke kosten gepaard gaan met de waardeoverdracht van het pensioen. We verwachten hierover bij de bestuursrapportage in het najaar 2023 meer duidelijkheid te hebben. 8 Maternale griepvaccinatie De Gezondheidsraad heeft in 2021 geadviseerd om vrouwen die 22 weken of langer zwanger zijn uit te nodigen voor een griepvaccinatie. De griepprik verkleint de kans om griep te krijgen en om ernstig ziek te worden van de griep. Daarnaast hebben pasgeboren baby`s een hoger risico op ernstiger beloop van griep zoals ziekenhuisopname. In samenspraak met de betrokken beroepsgroepen heeft het RIVM geadviseerd om voor de uitvoering van de maternale griepvaccinatie van gezonde zwangere vrouwen de voorlichting te beleggen bij de verloskundige zorgverleners en de toediening van de vaccinatie te beleggen bij de JGZ. Hiermee wordt aangesloten bij de structuur voor de maternale kinkhoestvaccinatie. De staatssecretaris heeft dat advies overgenomen.

Vanuit het RIVM en Ministerie van VWS bestaat de wens dat de JGZ vanaf 1 oktober 2023 de maternale griepvaccinatie uitgaat voeren in plaats van de huisarts. Op dit moment is vanuit het Ministerie van VWS nog geen informatie beschikbaar over de mutaties in financiële zin en hoe de financieringsstroom gaat verlopen. Hoe dan ook komen, indien de uitvoering bij ons wordt belegd, hiervoor middelen beschikbaar vanuit het Rijk. De wijziging is dan ook voor het totaal van de begroting budgettair neutraal en wordt administratief verwerkt in de begrotingswijziging bij de bestuursrapportage in het najaar. Actualiseren van de Programmabegroting 2023 is voor deze ontwikkeling volgens de huidige inzichten niet nodig. 2.1.2 Infectieziektebestrijding Pandemische paraatheid De coronacrisis heeft laten zien dat structurele investeringen in de infectieziektebestrijding nodig zijn. Een taak die regionaal belegd is bij de GGD’en, waarbij samenwerking tussen de GGD’en en een landelijk gecoördineerd programma noodzakelijk is om de infectieziektebestrijding toekomstbestendig te maken en pandemische paraatheid van Nederland te verbeteren.

Met de landelijke beleidsagenda Versterking infectieziektebestrijding en pandemische paraatheid GGD’en wordt de komende jaren onder andere ingezet op het beter toerusten van GGD’en, zodat kwetsbaarheden in de medisch-operationele processen op regionaal niveau worden aangepakt en een bijdrage aan de landelijk operatie geleverd kan worden. Het kabinet stelt hiervoor in 2023 en 2024 vooralsnog incidenteel middelen beschikbaar voor het wegnemen van kwetsbaarheden, versterken (boven)regionale monitoring, wetenschappelijk kennisinfrastructuur en samenwerking. Dit is een eerste stap om de meest urgente kwetsbaarheden aan te pakken vooruitlopend op de aangekondigde structurele financiering vanaf 2024 of 2025. De beschikbare subsidie per GGD voor 2023 is inmiddels aangevraagd. De wijziging is voor het totaal van de begroting budgettair neutraal en wordt administratief verwerkt in de begrotingswijziging bij de bestuursrapportage in het najaar. Screening asielzoekers op infectie TBC In het tweede kwartaal 2023 start de screening van immigranten ongeacht de leeftijd op een tuberculose infectie. Dit komt in plaats van de screening op de ziekte tuberculose. Deze verandering is arbeidsintensiever voor alle betrokken functies. Vanaf medio 2023 starten we ook met de screening van asielzoekers onder 12 jaar op tuberculose infectie.

Dit betreft een nieuwe interventie op nationaal niveau, die ook extra inzet van alle betrokken disciplines verreist. Naast dat dit meer tijd van ons vraagt, komen er kosten bij in verband met een verandering van aanbieder voor diensten rond de röntgenscreening. Dit is nodig om de vereiste kwaliteit voor de röntgenscreening te kunnen waarborgen. We gaan ervan uit dat het Rijk de middelen beschikbaar stelt die nodig zijn om te kunnen voldoen aan de gevraagde intensivering van arbeidsinzet. Actualiseren van de Programmabegroting 2023 is voor deze ontwikkeling volgens de huidige inzichten niet nodig. 9 Aanvullende Seksuele Gezondheid In tegenstelling tot eerder berichten is de ‘regeling aanvullende seksuele gezondheidszorg’ nog steeds niet komen te vervallen. Recent heeft de minister van VWS opdracht gegeven tot het uitvoeren van een toekomstverkenning. Het doel van de toekomstverkenning is om de positionering van de ASG-regeling binnen het zorgstelsel te bezien en problemen te adresseren. Naar verwachting zal de toekomstverkenning begin 2024 worden opgeleverd. Ondertussen is wel duidelijk geworden dat preventie niet meer is opgenomen in de ASG-regeling. Deze taak wordt vanaf dan gefinancierd op basis van de Wet publieke gezondheid. Voor deze taak worden, naar verluidt, middelen via een SPUK regeling naar de gemeenten overgeheveld.

Het benodigde budget voor deze taak van Seksuele Gezondheid wordt dan toegevoegd aan het gemeentefonds. Zodra meer informatie beschikbaar is over het proces en financiering van deze taak, komen wij over dit onderwerp met een voorstel aan het bestuur. Actualiseren van de Programmabegroting 2023 is voor deze ontwikkeling op voorhand niet nodig. 2.1.3 Versterken gezondheid en veiligheid kwetsbare inwoners Doordecentralisatie Beschermd Wonen De doordecentralisatie van Beschermd Wonen zou in 2023 plaats vinden, maar is uitgesteld naar 2024. Dat betekent dat niet in 2023 maar in 2024 alle gemeenten verantwoordelijk worden. Op dit moment loopt een traject waarin we samen met de acht gemeenten, die vallen onder de verantwoordelijkheid van centrumgemeente Zwolle, kijken hoe dit in de toekomst georganiseerd gaat worden. Ook de invoering van een nieuw objectief verdeelmodel was voorzien voor 2023 maar is door de ‘trage’ kabinetsformatie met minimaal een jaar uitgesteld waardoor centrumgemeenten tot minimaal 2024 verantwoordelijk blijven voor beschermd wonen. Voor 2023 zijn de acht gemeenten opnieuw een dienstverleningsovereenkomst voor het uitvoeren van de taak Beschermd Wonen overeengekomen. In de begroting 2023 is uitgegaan van het uitvoeren van de werkzaamheden voor deze taak door de GGD. Actualiseren van de begroting 2023 is voor deze ontwikkeling dan ook niet nodig.

Verbetering van de zorgaanpak en het aanbieden van handelingsperspectief aan de politie (inzet bij de politie vanuit de piketdienst) Inzet vanuit team VIA in de vorm van een piketdienst is voor de politie noodzakelijk om passende zorg te bieden en onnodig politie inzet te voorkomen. De kosten voor deze piketdienst bedragen structureel circa € 30.000,-. Team VIA is in afwachting van instemming op het voorstel met financiële dekking door centrumgemeente Zwolle. Indien centrumgemeente Zwolle akkoord gaat met het vergoeden van de kosten, zijn de wijzigingen voor het totaal van de begroting budgettair neutraal en verwerken we deze administratief in de begrotingswijziging bij de bestuursrapportage in het najaar. 2.1.4 Onderzoek, beleid en preventie Toename verzoek om advies bij Milieu en Gezondheid De invoering van de nieuwe Omgevingswet is voor de vijfde keer uitgesteld, nu naar 1 januari 2024. We voorzien, mede vanwege de invoering van deze wet, structurele toename van de vraag naar milieukundige advisering vanuit onze organisatie. Nu neemt het aantal vragen al toe vanwege de steeds grotere druk op het milieu en de leefomgeving en daarmee de bedreiging voor de gezondheid.

In het algemeen bestuur van 9 maart 2023 is afgesproken om in de loop van 2023 te komen met een notitie over wat de Omgevingswet betekent voor de inzet van de GGD en niet vooruitlopend hierop al aanvullende middelen beschikbaar te stellen. Actualiseren van de begroting 2023 is voor deze ontwikkeling dan ook op voorhand niet nodig. 10 3. Corona In de Wet publieke gezondheid is vastgelegd dat de minister in geval van een pandemie de GGD opdrachten kan geven in het kader van het bestrijden en beheersen van de pandemie. Vanuit die verantwoordelijk heeft de minister de GGD gevraagd om grootschalig te testen, bron- en contactonderzoeken uit te voeren en te vaccineren. Sinds begin 2020 is de GGD begonnen met het grootschalig testen en het uitvoeren van bron- en contactonderzoeken (BCO). Vanaf januari 2021 heeft de GGD de belangrijke taak van het vaccineren erbij gekregen. De GGD is in de coronaperiode enorm uitgebreid en ook weer afgeschaald qua personeel. Er is gebruik gemaakt van veel inhuurkrachten. Niet alleen voor het bemensen van de test- en vaccinatielocaties, maar ook voor het managen van de organisatie en de ondersteuning van bedrijfsvoering (HRM, ICT, facilitaire zaken, logistiek, financiën, communicatie, juridische zaken).

We hebben naast test- en vaccinatielocaties in alle gemeenten, voor zolang als het nodig was in verband met de omvang van het testen en vaccineren, ook extra kantoorruimte gehuurd. In 2022 werden projectteams Corona van de GGD omgebogen naar een corona-organisatie, die op basis van processen het testen, BCO en vaccineren uitvoerde. Een flexibele organisatie die kan meebewegen met de inzet die nodig is. De omvang van de inzet kan nog steeds fluctueren. De teams Infectieziektebestrijding en KCC waren verweven met de crisisorganisatie. Deze teams zijn weer ontvlochten uit de corona-organisatie. Het onderdeel BCO wordt per 1 april 2023 uit de corona organisatie ontvlochten en maakt dan weer deel uit van Infectieziektebestrijding De minister van VWS heeft in oktober 2022 alle GGD’en de opdracht gegeven om de coronabestrijding tot en met juni 2023 voort te zetten. Hieronder vallen onder andere het aanbieden en uitvoeren van de noodzakelijke testen en vaccinaties. Indien nodig, bijvoorbeeld bij een nieuwe vaccinatieronde of het stoppen met testen bij de GGD, moet hiervoor flexibel kunnen worden op- en afgeschaald. Het verloop van het virus en de besluiten en consequenties die dit met zich meebrengt, bepalen hoe de invulling en duur van deze opdracht er uiteindelijk uit gaan zien.

Zo is recent het (zelf)test- en isolatieadvies voor het algemene publiek afgeschaft en is besloten wel (re)vaccinatie te blijven handhaven maar komt er geen grootschalige voorjaarscampagne. Naar verwachting worden de taken van de corona-organisatie die overblijven in 2023 weer in de reguliere organisatie geïntegreerd. Voor de financiering van de extra kosten voor de GGD is de zogenaamde meerkostenregeling afgesproken. Hierin ligt vast dat het Ministerie van VWS de werkelijke extra kosten voor de GGD rechtstreeks aan de GGD vergoed. De regeling is gecontinueerd tot en met 30 juni 2023. De totale uitgaven voor corona waren in 2022 € 39,1 miljoen. Ongeveer 65% van deze kosten betreft personele kosten. Op basis van de kaders en spelregels van de meerkostenregeling kunnen we ervan uitgaan dat het ministerie de extra kosten volledig vergoedt en dat er geen specifieke corona uitgaven ten laste van de deelnemende gemeenten komen. Hierbij wordt uiteraard een beroep gedaan op het zo verantwoord mogelijk omgaan met geld. Alle inzet voor corona is budgettair neutraal. 11 4. Financiële begroting De bestuursrapportage voorjaar 2023 heeft als doel het bijstellen van de meerjarenbegroting (financieel en beleidsmatig) naar aanleiding van actuele ontwikkelingen en de realisatie in 2022.

Uitgangspunt is het voeren van een gezond financieel beleid binnen een structureel sluitende begroting en voldoende weerstandvermogen om financiële risico’s op te vangen. In het najaar van 2023 wordt de begroting bijgesteld op basis van de feitelijke ontwikkeling in de kosten zoals deze zich voordoen in 2023. Dan komen we ook terug op de structurele autonome ontwikkelingen anders dan de loon- en prijsindexering, die we op basis van de Kadernota 2024 begroten voor 2024 en die zonder incidentele meevallers mogelijk ook in 2023 tot kostenoverschrijding leiden. In het najaar bestaat ook meer duidelijkheid over de opdrachten voor COVID-19 en Monkeypox voor de overige maanden van 2023. Ook verwachten we dan meer duidelijkheid over de financiering voor jeugdgezondheidszorg aan de ontheemden uit Oekraïne. Daarnaast dient de hogere index voor personele- en materiele kosten ook doorgerekend te worden in de aanvullende diensten van GGD IJsselland. De eventuele knelpunten als gevolg hiervan worden in de tweede bestuursrapportage inzichtelijk gemaakt. De overige ontwikkelingen die in deze bestuursrapportage worden genoemd leiden vooralsnog niet tot een aanpassing van de begroting van de GGD of althans niet tot een verhoging van de algemene bijdrage gemeenten. De autonome ontwikkelingen samengevat in de volgende paragraaf maken het nu nodig de begroting 2023 te wijzigen.

4.1 Autonome ontwikkelingen Primitieve begroting 2023 € 29.376.000 • Indexering personeelslasten € 1.303.000 • Indexering prijzen 2022 en 2023 € 338.000 Totaal € 1.641.000 ___________ Bijgestelde begroting 2023 € 31.017.000 De autonome ontwikkelingen zorgen voor een aanpassing van de gemeentelijke bijdragen van € 1.641.000. 4.2 Treasury De autonome ontwikkelingen volgens paragraaf 4.1 zijn van dusdanige omvang deze niet vanuit de bestaande liquide middelen gefinancierd kunnen worden. Ter overbrugging van de periode tussen hogere uitgave en de aanvullende inkomsten uit de gewijzigde begroting dienen wij een kortlopende financiering aan te trekken. Wij schatten in dat een kasgeldlening van € 1.000.000 nodig is voor een periode van circa 3 maanden. 12 5. Paragrafen op grond van de BBV 5.1 Risicomanagement In de Programmabegroting 2023 is het weerstandsvermogen bepaald. Uitgangspunt is dat de mate waarin financiële tegenvallers voor de organisatie kunnen worden opgevangen ‘voldoende’ is. Dat vereist een ratio van het weerstandsvermogen in de bandbreedte tussen 1 en 1,4. Gelet op de verhouding tussen de beschikbare en de benodigde weerstandscapaciteit kwam de ratio van het weerstandsvermogen voor 2023 toen uit op 1,09. Omdat er in 2022 geen beroep is gedaan op de algemene reserve, is de beschikbare weerstandscapaciteit voor 2023 onveranderd.

Voor een crisis als COVID-19 is, conform ons risicomanagement, geen bedrag opgenomen in de benodigde weerstandscapaciteit. Aangezien de meerkostenregeling ook van toepassing is op het eerste halfjaar 2023 en er overleg plaatsvindt over vervolgfinanciering voor de periode daarna, kunnen we er, ook gelet op de ervaring in de afgelopen drie jaren, met enige zekerheid vanuit gaan dat het risico op ongedekte extra kosten voor het uitvoeren van COVID-19 gerelateerde taken nihil is. We voorzien voor dit jaar echter nog steeds risico’s en worden geconfronteerd met kosten die niet vallen onder de meerkostenregeling. Anders dan in 2020 en 2021 kunnen we in 2023 niet de eventuele mindere inkomsten binnen de meerkostenregeling van VWS opvoeren. Hierdoor kan net als in 2022 een tekort op het product Reizigerszorg, als gevolg van COVID-19, ontstaan. Daarnaast bestaat er onzekerheid over de mate waarin we gecompenseerd gaan worden in de afbouwfase van en na afloop van de coronacrisis. Onduidelijkheid en onzekerheid bestaat er over doorlopende verplichtingen inzake huisvestingskosten en personeelskosten in de afbouwfase en na de crisis. Voor het kunnen afdekken van deze en andere onvoorziene en ongedekte kosten, vanwege de coronacrisis, is € 299.000,- gereserveerd.

5.2 Bedrijfsvoering GGD IJsselland wordt voor haar bedrijfsvoering voor het grootste deel ondersteund door de afdeling Bedrijfsvoering die hiërarchisch valt onder Veiligheidsregio IJsselland. De (financiële) basis voor de samenwerking vormt de ‘Overeenkomst voor gemene rekening’. Daarin zijn voor de afzonderlijke kostenonderdelen die in de overeenkomst zijn benoemd verdelingspercentages berekend. De kosten binnen de gemene rekening worden gemiddeld voor 56% toegerekend aan de Veiligheidsregio en voor 44% aan de GGD. De bepalingen in de huidige samenwerkingsovereenkomst zijn onveranderd toegepast voor het opstellen van de begroting 2023. 13 Bijlage 1 Het instrument Bestuursrapportage voorjaar De begroting (2023) van GGD IJsselland - vastgesteld in juni 2022 - is beleidsarm opgesteld, d.w.z. op basis van wat in eerdere jaren is geautoriseerd. Deze voorjaarsbestuursrapportage geeft zowel inhoudelijk als financieel een ‘update’ van de begroting 2023. Besluitvorming over de voorjaarsbestuursrapportage 2023 vindt plaats in het algemeen bestuur. Begrotingswijzigingen die hieruit voortvloeien worden ook aan de gemeenteraden toegezonden zodat zij hierover hun zienswijze kunnen uitbrengen. De plaats van de voorjaarsbestuursrapportage in de P&C cyclus van de GGD is weergegeven in onderstaand figuur.

Figuur 1 Planning- en controlcyclus GGD IJsselland 14 Bijlage 2 Eerste begrotingswijziging 2023 Omschrijving (bedrag * € 1.000) Primitieve begroting Wijziging Na wijziging Lasten Programma Publieke gezondheid Reguliere taken 23.106 1.291 24.397 subtotaal 23.106 1.291 24.397 Service en Samenwerken Reguliere taken 189 10 199 subtotaal 189 10 199 Algemene lasten en dekkingsmiddelen Exploitatie kosten/overhead 5.878 340 6.218 Onvoorzien 152 152 Resultaat kostenplaatsen Storting reserve 51 51 Exploitatie resultaat Subtotaal 6.081 340 6.421 Totaal 29.376 1.641 31.017 Omschrijving (bedrag * € 1.000) Primitieve begroting Wijziging Na wijziging Baten Programma Publieke gezondheid Gemeentelijke bijdrage 14.986 1.291 16.277 Financiering o.b.v. DVO 3.264 3.264 Projectfinanciering 939 939 Rijksbijdragen 961 961 Financiering via klanttarief 2.651 2.651 Overige financiering 305 305 subtotaal 23.106 1.291 24.397 Service en Samenwerken Bijdrage gemeente 189 10 199 Overige inkomsten subtotaal 189 10 199 Algemene lasten en dekkingsmiddelen Bijdrage gemeente 6.081 340 6.421 Overige inkomsten Onttrekking reserve Exploitatie resultaat subtotaal 6.081 340 6.421 29.376 1.641 31.017

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://steenwijkerland.bestuurlijkeinformatie.nl/Document/LoadAgendaItemDocument/59ec5163-acc1-4a87-99c3-148645e5bfae?agendaItemId=9b2fe19b-262b-43a6-8618-824cadd903d8