CConstaterende datSteenwijkerland
Koppel je AI →
Document · PDF

3.1 Veiligheidsregio - Jaarverslag en Jaarrekening 2019 - concept.pdf

Raadsvergadering 21 april 2020, gemeente SteenwijkerlandBij agendapunt: Ingekomen stukken16.761 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

1

2 In deze jaarstukken legt Veiligheidsregio IJsselland verantwoording af over de uitvoering van de begroting 2019. De jaarstukken bestaan uit de volgende onderdelen: - deel A: Jaarverslag (inclusief bijlagen) - deel B: Jaarrekening (inclusief bijlagen) In het Jaarverslag wordt aangegeven hoe de behaalde resultaten zich verhouden tot de in de programmabegroting gestelde doelen. Het Jaarverslag is verdeeld in de volgende hoofdstukken: - Programmaverantwoording - Verplichte hoofdstukken op grond van het Besluit begroting en verantwoording - Sociaal jaarverslag Deel B betreft de jaarrekening. Hierin zijn het overzicht van baten en lasten en de balans opgenomen. Er zijn binnen Veiligheidsregio IJsselland twee programma’s benoemd: Veilig leven en Toekomstbestendige brandweerzorg. Beide worden geleid door een programmamanager, die gebruik maakt van medewerkers (en budget) uit diverse teams. In het programma Veilig Leven werkt Veiligheidsregio IJsselland aan een integrale aanpak om risico’s zoveel mogelijk te beperken en de zelfredzaamheid van inwoners, instellingen en bedrijven en hun directe omgeving te stimuleren. Wat in 2019 gerealiseerd is, staat om in de programmaverantwoording in het volgend hoofdstuk.

Deze informatie is te vinden in de volgende paragrafen: - Crisisbeheersing, voorkomen, algemeen, punt 2: o stip 3: CO-campagne o stip 4: BOCK-campagne o stip 5: toolkit risicocommunicatie - Crisisbeheersing, voorkomen, GHOR, punt 3: o stip 1: training voor blinden en slechtzienden o stip 2: onderzoek thuiszorgmedewerkers - Crisisbeheersing, bestrijden, GHOR, punt 3: o plaatsing AED’s bij brandweerkazernes, trainingen levensreddend handelen/ reanimatie en eerste hulp - Brandweerzorg, voorkomen, punt 3: o voorlichting brandveiligheid, ontruimingsoefeningen, lesprogramma Brandweer op school, brandpreventieweken Het programma Toekomstbestendige brandweerzorg is risicogericht en kijkt vooruit. Het verbindt de schakels in de veiligheidsketen en maakt maatwerk mogelijk als specifieke risico’s daarom vragen. De incidentbestrijding die daarbij hoort is flexibel, aanpasbaar, deskundig en getuigt van vakmanschap. 3 Een aanvullend doel voor dit programma betreft het creëren van veiligere omstandigheden voor het personeel. Conform artikel 34b van de Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr) stuurt het dagelijks bestuur vóór 15 april de voorlopige jaarstukken aan de raden van de deelnemende gemeenten. In feite krijgen de gemeenteraden de jaarstukken ter informatie toegestuurd. Het jaar is tenslotte ten einde en aan de uitvoering en uitgaven in dat jaar is niets meer te veranderen.

De gemeenten kunnen hun burgemeesters wel punten meegeven voor de bespreking in de vergadering van het algemeen bestuur op 24 juni 2020. Waar de gemeenteraden wel expliciet wat van kunnen vinden, is de bestemming van het financieel resultaat. Conform artikel 34 lid 4 van de Wgr stuurt het dagelijks bestuur de jaarstukken binnen twee weken na vaststelling, maar in ieder geval vóór 15 juli aan gedeputeerde staten. Om deze termijn te halen, is in de gemeenschappelijke regeling Veiligheidsregio IJsselland opgenomen dat het algemeen bestuur de jaarstukken voor 1 juli vaststelt. Voor de jaarstukken 2019 zal dit op 24 juni plaatsvinden.

4 De inrichting van dit jaarverslag dient, conform de financiële verordening van Veiligheidsregio IJsselland, aan te sluiten op de indelingssystematiek van de programmabegroting. In de programmabegroting zijn twee onderdelen opgenomen: crisisbeheersing en brandweerzorg. Beide onderdelen zijn ingedeeld in de delen ‘voorkomen’ en ‘bestrijden’. Zo nodig heeft binnen die delen een verfijning plaatsgevonden. In de begroting staat van elk onderdeel wat het beleidskader is dat van toepassing is, wat de van belang zijnde ontwikkelingen zijn het antwoord op de vragen:  Welk effect bereiken we in 2019?  Wat gaan we doen om dat effect te bereiken?  Wat gaat het kosten? De rapportage dient onder andere in te gaan op afwijkingen in de geleverde prestaties. Er is voor gekozen om dezelfde opzet te hanteren als voor de eerste en tweede bestuursrapportage 201 9, zodat de documenten vergelijkbaar zijn. Dat betekent dat deze verantwoording weergeeft wat de realisatie is van het tweede aandachtspunt ‘Wat gaan we doen om dat effect te bereiken?’. Indien de prestatie achterloopt, is het opsommingsteken oranje of rood gekleurd. Bij buitengewone positieve prestaties is deze groen. Voor ‘Wat heeft het gekost?’ verwijzen wij naar deel B De jaarrekening. In het overzicht baten en lasten wordt de realisatie en eventuele afwijkingen per programma toegelicht.

5 1. We brengen de risico’s in de fysieke leefomgeving in beeld en baseren mede daarop onze operationele plannen, opleidingen en oefeningen.  De operationele plannen, zoals rampbestrijdingsplannen, zijn multidisciplinair beschikbaar gesteld, zodat bij een crisis alle relevante operationele informatie beschikbaar is.  In het risicoprofiel wordt gesproken over nieuwe thema’s, zoals cyberveiligheid en klimaatverandering. Voor deze nieuwe thema’s wordt momenteel onderzocht of planvorming noodzakelijk is en welke samenwerkingsverbanden van toepassing zijn. Dit traject heeft een doorloop tot en met het tweede kwartaal van 2020.  Er is een zienswijze ingediend op de begroting 2020 m.b.t. de risico’s van aardbevingen in het gebied van IJsselland, specifiek in de gemeenten Steenwijkerland en Hardenberg. Naar aanleiding van deze zienswijze zijn de risico’s in beeld gebracht. De uitkomsten worden in 2020 besproken met de betreffende gemeenten en dan wordt het vervolg bepaald. 2.

We verkleinen de risico’s die aan de orde zijn door: o zowel intern als extern mee te denken over veiligheidsvraagstukken; o te participeren in samenwerkingsverbanden rondom de geprioriteerde risico’s; o het aan inwoners, bedrijven en instellingen verstrekken van informatie en geven van advies over risicovolle gebeurtenissen en de te treffen veiligheidsmaatregelen; o het verstrekken van veiligheidsadviezen aan onze gemeenten in het kader van de evenementenvergunning.  In 2019 is onderzocht op welke wijze de crisisorganisatie een rol kan vervullen in de niet acute fase. Voorbeelden hiervan de samenwerking in relatie tot droogte en de boerenprotesten. Scenario’s zijn benoemd en communicatie en handelingsperspectieven zijn afgestemd. Deze werkwijze is meegenomen in de implementatie van het crisisplan 2020-2023.  Op 28 maart heeft de veiligheidsregio de Cyberconferentie What the hack (mede) georganiseerd. Doel van deze conferentie was het vergroten van de kennis omtrent dit nieuwe risico en het met elkaar in verbinding brengen van diverse partijen.  In februari en november heeft de VR in samenwerking met twee huisartsenorganisaties en de GGD, de campagne ‘sluipmoordenaar koolmonoxide’ uitgevoerd. Hierbij is met name huisartsen geadviseerd om griepverschijnselen ook te onderzoeken op mogelijke CO-vergiftiging.

Deze campagne is een voorbeeld van een integrale aanpak door brandweer en GHOR (en partners), en wordt door veel regio’s overgenomen.  Net als in 2018 hebben we samen met 9 gemeenten en de 3 noordelijke veiligheidsregio’s de BOCK-campagne gedraaid, om mensen Bewust Oplettende (veilige) Carbid Knallers te laten zijn. Thema in 2019 was de gehoorbescherming.  In nauw overleg met de gemeenten hebben we in 2019 een online toolkit risicocommunicatie ontwikkeld. In deze toolkit vind je per onderwerp (a-z) beschikbare communicatiemiddelen. Gemeenten kunnen vrij gebruik maken van alle materiaal dat hierin wordt gepubliceerd.  Ook in 2019 zijn veiligheidsadviezen verstrekt aan gemeen ten in het kader van de evenementenvergunning (zie hieronder). Het proces van multidisciplinaire advisering is aangescherpt. In het proces is een moment ingebouwd waar voorafgaand aan het evenementenseizoen overleg plaatsvindt met gemeenten over de aankomende evenementen en de bijzonderheden en verwachtingen. Een uitgebreide evaluatie van het proces vindt in 2020 plaats. 6 Prestaties die geleverd zijn aan de gemeenten A = regulier, B = aandacht, C = risicovol. De gemeente Zwolle en Kampen hebben een afdeling Toezicht brandveilig gebruik, die evenementenaanvragen A en B afhandelt. Het volgend aantal adviezen op C-evenementen is afgegeven: - Deventer: 6 adviezen - Raalte: 2 adviezen - Zwolle: 4 adviezen 1.

We zorgen voor een sterkere informatiepositie binnen het geneeskundig netwerk, waardoor we continu inspelen op risico’s en het netwerk als geheel beter kan anticiperen op mogelijk knelpunten.  In de zomerperiode had een aantal ziekenhuizen uit omliggende regio’s te maken met capaciteitsproblemen. De GHOR heeft gefaciliteerd dat er ketenbreed en regiogrensoverschrijdend informatie werd gedeeld. Dit is het resultaat van een werkwijze die in het begin van 2019 is afgesproken.  Wij houden een doorlopend geneeskundig risicobeeld bij, dat wordt gedeeld met alle geneeskundige partners en met de overige part ijen die verbonden zijn aan de veiligheidsregio. 2. We helpen en stimuleren de partners in het geneeskundig netwerk en de instellingen die 24-uurszorg leveren, om zich door goede calamiteitenplannen en een goede crisisorganisatie voor te bereiden op crisissituaties.  In IJsselland zijn zo'n 260 24-uurszorglocaties van in totaal 29 zorgorganisaties. Vanuit de GHOR vragen wij deze organisaties om: 1. informatie te delen via de applicatie GHOR4all, 2. een crisisplan te maken en actueel te houden en 3. te oefenen. Het vraagt blijvende aandacht vanuit de GHOR om de voorbereiding op crisissituaties onder de aandacht te houden. Er was in 2019 geen aanleiding om een melding te doen bij het bestuur i.v.m. een ondermaatse voorbereiding op crisissituaties. 3.

We zoeken contact met de organisaties die zich bezighouden met de problematiek van specifieke  Twee groepen blinden en slechtzienden hebben een opleiding eerste hulp afgerond. De kennis hierover hebben wij overgedragen aan de

7 doelgroepen en helpen waar dat zinvol is. belangenvereniging voor blinden en slechtzienden.  In samenwerking met zorgorganisatie IJsselheem hebben we de mogelijkheden onderzocht om via thuiszorgmedewerkers kwetsbare, thuiswonende ouderen te bereiken. Dit krijgt begin 2020 een vervolg via een training voor thuiszorgmedewerkers. Zie ook Brandweerzorg/ Voorkomen, punt 3. 4. We zoeken zoveel mogelijk de samenwerking met GHOR’en om ons heen. Daarbij steken we in op een intensievere samenwerking met in ieder geval GHOR Noord- en Oost-Gelderland.  Samenwerking met andere GHOR’en richt zich met name op de thema’s opleiden, trainen en oefenen van GHOR-functionarissen, de landelijke meldkamervoorziening / zorgcoördinatie en informatiemanagement. 1.

We werken aan een in crisisomstandigheden goed georganiseerde structuur voor leiding, coördinatie en informatiemanagement en een gecoördineerde regionale incidentbestrijding, zowel operationeel als bestuurlijk, door: o in een crisisplan uit te werken hoe deze structuur eruit ziet en dit crisisplan actueel te houden; o de juiste mensen te selecteren voor de functies van Leider CoPI, Operationeel leider en Informatiemanager (CoPI, ROT, BT) 1; o afspraken te maken over de manier van werken in en tussen de crisisteams; o deze mensen en crisisteams op te leiden, te trainen en te laten oefenen en te faciliteren in de juiste middelen; o bedrijven en instellingen te helpen om hun eigen crisisorganisatie zo goed mogelijk in te richten.  Het crisisplan 2020-2023 is in december 2019 door het algemeen bestuur vastgesteld. In dit crisisplan is er tevens aandacht voor de rol van de crisisorganisatie in de nafase van een incident, ramp of crisis.  In 2019 is een opleidingstraject ontwikkeld specifiek voor potentiele operationeel leiders. Werving heeft geleid tot tien kandidaten. Het opleidingstraject start in februari 2020 en is in juni 2020 afgerond. Daarna vindt werving plaats voor deze functie.  Alle gemeenten hebben twee keer op GBT-niveau geoefend. Uitzondering hierop is de gemeente Raalte. Zij hebben er voor gekozen om één keer een GBT-oefening te houden. 2.

We zorgen ervoor dat we de crisisteams voorbereiden op de risico’s die we van tevoren kunnen bedenken, waaronder de operationele voorbereiding op risicovolle evenementen.  In de doorontwikkeling van de crisisorganisatie is de denklijn opgenomen dat de crisisorganisatie ook bij dreigende rampen en/ of crises kan worden ingezet. Een voorbeeld hiervan is de voorbereiding op het bergen van een V1 nabij Deventer. In samenwerking met VNOG is het bergen van deze V1 in 2020 voorbereid door middel van een ROT. 3. We evalueren en leren van oefeningen en inzetten en meten het presterend vermogen van de crisisorganisatie.  Onze wijze van evalueren wordt momenteel landelijk uitgerold. Er vindt in samenwerking met de overige veiligheidsregio’s en de Inspectie Justitie en Veiligheid een constante ontwikkeling plaats van de hiervoor gebruikte app Enquirya.  In 2019 is het persoonlijk dashboard ontwikkeld die in 2020 wordt geïmplementeerd. Dit dashboard kunnen crisisfunctionarissen gebruiken voor ontwikkeling op hun persoonlijke aandachtspunten.  In januari en maart zijn 22 waarnemers opgeleid. Waarnemers evalueren tijdens multidisciplinaire oefeningen op individueel en/of teamniveau. 4. We monitoren de kwaliteit van onze crisisorganisatie permanent, door tijdens oefeningen en inzetten de operationele prestaties te meten en daar waar nodig bij te sturen.

 Evaluatiegegevens zijn gebruikt ten behoeve van kwaliteitsverbetering van inzetten en individuele prestaties. Op geanonimiseerd niveau zijn deze gegevens verstrekt aan de inspectie Justitie en Veiligheid. 1 CoPI = Commando Plaats Incident, ROT = Regionaal Operationeel Team, BT = Beleidsteam. 8 5. We leveren input aan de vorming van de landelijke meldkamerorganisatie, zodat deze zo goed mogelijk kan functioneren.  Het algemeen bestuur besloot op 6 november 2019 om het beheer van de gemeenschappelijke Meldkamer Oost-Nederland (MON) per 1 januari 2020 over te dragen aan de Politie. De gemeenschappelijke regeling MON blijft bestaan tot aan de samenvoeging van de meldkamers in Oost5 in 2022, om sturing te kunnen geven aan de meldkamer totdat definitieve samenvoeging plaatsvindt.  De veiligheidsregio’s in Oost5 hebben samen projectmatig stappen gezet om te komen tot een meldkamer veiligheidsregio’s (voor brandweer en crisisbeheersing) als onderdeel van de nieuwe Meldkamer Oost. 6. We werken nauw samen met de veiligheidsregio’s Drenthe, Flevoland, Noord- en Oost Gelderland, Gelderland-Midden en Gelderland-Zuid.  In december 2019 is in samenwerking met Veiligheidsregio Twente een grootschalige oefening georganiseerd. De gemeente Hardenberg was hierbij vanuit IJsselland betrokken. Begin 2020 wordt deze oefening geëvalueerd. 7.

We leveren een bijdrage aan de landsgrensoverschrijdende samenwerking met Duitsland, samen met de veiligheidsregio’s Twente, Drenthe en Groningen.  In dit kader zijn per veiligheidsregio twee grensliaisons benoemd die ten tijde van een crisis als contactpersoon fungeren tussen de crisisorganisaties. Deze werkwijze wordt momenteel getraind en beoefend. 8. We werken internationaal samen in een EU-subsidie programma. In 2019 organiseren we een internationale hoogwater-oefening in het kader van dit project.  Op 10 oktober 2019 vond deze oefening plaats in de brandweerkazerne van Kampen. Er werd geoefend met een nieuwe technologie van het Europese IN-PREP project: het Mixed Reality Preparedness Platform (MRPP). IN-PREP is een innovatief onderzoeksproject van het Europese programma 'Horizon 2020'. Binnen dit project werken wetenschappers, technische bedrijven, crisismanagementexperts en hulpdiensten samen om crisissamenwerking over landsgrenzen heen te verbeteren. In 2020 volgen nog twee oefeningen in het buitenland en in juni 2020 wordt het project afgesloten en geëvalueerd. GRIP-incidenten Er hebben zich elf GRIP1-incidenten en een GRIP2-incident voorgedaan in 2019. Er is een aantal GRIP-meldingen uitgegaan, die binnen een halfuur zijn ingetrokken. Hierdoor is de crisisorganisatie niet operationeel geweest. Deze meldingen zijn in onderstaand overzicht niet meegenomen. Nr.

Datum Plaats Incident 1 18 februari Steenwijk brand appartementencomplex (anti kraak bewoning) 2 2 maart Kampen brand berg afval 3 1 juni Dalfsen brand loods pluimveebedrijf met gevaarlijke stoffen en een bio-installatie 4 19 juni Dedemsvaart brand in schuur van winkel 5 24 juni Landelijk GRIP2 KPN/ 112-storing 6 28 juni Steenwijk brand sportcentrum 7 18 juli Staphorst brand industrie 8 11 augustus Deventer vondst munitie 9 15 oktober Balkbrug brand recyclingbedrijf 10 20 oktober Deventer inrijden op terras Brink 11 6 november Kampen Gaslekkage bij middelbare school 12 21 november Zwolle brand ziekenhuis 9 1. We werken aan een in crisisomstandigheden goed georganiseerde structuur voor leiding, coördinatie en informatiemanagement binnen het geneeskundige netwerk – dit doen wij door: o de juiste mensen te selecteren voor functies in onze eigen crisisorganisatie; o deze mensen op te leiden, te trainen en te laten oefenen; o zorginstellingen te helpen om hun crisisorganisatie zo goed mogelijk in te richten.  De operationele GHOR-functionarissen hebben een competentiescan doorlopen. Op basis hiervan is met alle 25 personen individueel gesproken over de manier waarop zij nog beter kunnen worden in hun vak. De rode draad uit deze gesprekken vormt de basis voor het volgende programma voor opleiden, trainen en oefenen. 2.

We zorgen ervoor dat we onze eigen crisisorganisatie voorbereiden op de risico’s die we van tevoren kunnen bedenken.  In samenwerking met het Netwerk Acute Zorg hebben we begin september een grote ‘witte-ketenoefening’ georganiseerd, gericht op continuïteitsproblematiek tijdens een griepepidemie. Deze oefening heeft geleid tot aanscherping van de manier waarop we samenwerken (b.v. gebruik van de ROAZ-structuur) en de manier waarop we informatie delen. Dat passen we nu ook toe in de huidige coronacrisis. 3. Zoveel mogelijk mensen in onze regio leren hoe zij levensreddend moeten handelen. Om dat te bereiken maken we gebruik van organisaties die hier expertise in hebben.  We plaatsten AED’s bij vijftien brandweerkazernes. Omwonenden werden uitgenodigd voor een inloopavond waar zij kennis konden maken met reanimatie en AED. Aansluitend kon men inschrijven op een scholing reanimatie en AED, wat 133 personen hebben gedaan. Er staan nog mensen op de wachtlijst voor cursussen in 2020.  Er zijn trainingen levensreddend handelen en/of reanimatie verzorgd in Zwolle, Hardenberg, Deventer, Kampen en Steenwijk, met in totaal 868 deelnemers. Dit is inclusief 133 personen, die als gevolg van het vorige punt hebben meegedaan.  Er zijn 808 personen bereikt met voorlichtingen over eerste hulp.  Zie ook Brandweerzorg – Voorkomen, punt 3 (Veilig leven). 4.

Onze input aan de vorming van de Landelijke Meldkamerorganisatie (heet nu: Landelijke Meldkamer Samenwerking – LMS) en het zorgcoördinatiecentrum draagt bij aan een goed functionerende meldkamerorganisatie.  Op Oost-5 niveau hebben wij afspraken gemaakt tussen GHOR’en en regionale ambulancevoorzieningen (RAV’en) over de positionering in de nieuwe meldkamer. In 2020 zullen wij als gezamenlijke GHOR bijdragen aan het vormgeven van de nieuwe proces- en informatiecoördinator ambulancezorg van de RAV’en. Deze coördinator zal de link vormen tussen de multidisciplinaire meldkamer en de zorgcoördinatiecentra. 1. In samenspraak met de gemeenten selecteren van de functionarissen van het team Bevolkingszorg. De daadwerkelijke aanname gebeurt door de gemeente waar de functionaris werkt.  Het aantal vacatures is, in tegenstelling tot begin 2019, van een regulier niveau. 2. We bieden opleidingen, trainingen, oefeningen, middelen, toegang tot informatie(systemen), werkinstructies, informatiekaarten en dergelijke aan, om de leden van het team Bevolkingszorg toe te rusten op hun taak.  Met de adviseurs crisisbeheersing zijn voor Bevolkingszorg drie focuspunten afgesproken die in 2019 zijn opgepakt en nog een doorloop kent in 2020.

Focuspunten zijn kwaliteit van de crisisfunctionarissen, de positionering van Bevolkingszorg en het aanscherpen van de taken en verantwoordelijkheden van Bevolkingszorg. In 2019 is in dit kader een promotiefilm gemaakt om potentiële piketfunctionarissen te interesseren voor de taken van Bevolkingszorg. Tevens zijn er een checklist en overdrachtsdocument gemaakt.  Voor de functie van Teamleider Opvang, Verzorging & Registratie 10 is een voorstel geschreven om deze functie te formaliseren in hard piket en samen te voegen met eventueel bestaande lokale functies in het kader van opvang en verzorging. Dit voorstel is voorgelegd aan de colleges van B&W. Dit piket start 1 mei 2020. 3. We werken de processen crisiscommunicatie en nazorg nader uit en bieden specifieke opleidingen, trainingen en oefeningen aan om deze processen robuust te organiseren.  In samenwerking met de collega’s van crisiscommunicatie is een voorstel gemaakt voor een nieuw werkproces. In 2020 wordt dit werkproces verder uitgewerkt.  Doorontwikkeling van het proces nazorg vindt in 2020 plaats. 1. We maken afspraken met gemeenten over de wijze waarop de veiligheidsregio participeert in het tot stand komen van omgevingsvisies, -plannen en -vergunningen en voeren deze afspraken uit.

 Veiligheidsregio IJsselland neemt actief deel aan het Omgevingsplatform, een netwerk van gemeenten, provincie, waterschap en regionale partners. Deze samenwerking, met maandelijkse bijeenkomsten, draagt bij aan een goede informatie-uitwisseling over de implementatie van de Omgevingswet. Als resultaat worden we vroegtijdig betr okken bij initiatieven en plannen die invloed hebben op de omgevingsveiligheid.  Met de partners hebben we in IJsselland een pilot uitgevoerd i.k.v. de invoering van het Digitale Stelsel Omgevingswet. Deze pilot heeft veel praktische inzichten opgeleverd over de consequenties van de Omgevingswet op de samenwerking, de werkprocessen en de verschillende planvormen. Eén van de uitkomsten is de afspraak om ruimtelijke initiatieven tweewekelijks integraal te bespreken met de verschillende partners: de Omgevingstafel. 2. We voeren adviesgesprekken met bedrijven en inwoners waarin regels én risico’s worden behandeld.  Is gerealiseerd. Zie de prestatiegegevens ‘vooroverleg brandweer met inwoners/ bedrijven’ hieronder. 3. We richten ons met de aanpak (Brand)veilig leven op zorgvuldig gekozen risico- en kansgroepen, zoals verminderd zelfredzame ouderen en leerlingen. In 2019 voeren we daartoe een scholingscampagne uit bij 20% van de basisscholen in de regio.

Voor de aanpak Brandveilig Leven werken we intensief en professioneel samen met beïnvloeders in dat specifieke veld. In 2019 maken we afspraken met minimaal vijf organisaties die invloed hebben op onze doelgroepen verminderd zelfredzame ouderen en leerlingen.  In samenwerking met zorgaanbieder IJsselheem en hogeschool Windesheim zijn thuiszorgmedewerkers voorbereid om in Zwartsluis ouderen thuis voor te lichten over brandveiligheid. Binnen dit project is ook de Hulpkaart voor ouderen verbeterd en is de brochure ‘Veilig Leven: iedereen aan zet’ ontwikkeld. Zie ook Crisisbeheersing/ Voorkomen/ GHOR, punt 3  Samen met Salland Wonen zijn twee ontruimingsoefeningen gehouden bij wooncomplexen voor ouderen in Olst-Wijhe, om burgerhulpverlening te ‘testen’. In 2020 gaan we de evaluatiepunten verwerken in aangepaste oefeninge n in andere gemeenten.  Er zijn trainingen verzorgd voor vrijwilligers van het project Vitaal Veilig Thuis (Zwolle). In hetzelfde kader zijn in Staphorst diverse huisbezoeken bij ouderen afgelegd en is hen verteld wat zij kunnen doen om de veiligheid in huis te vergroten.  Er is voorlichting gegeven over veilig leven bij de zelfregiecentra (een ontmoetingsplek voor mensen met een psychische kwetsbaarheid, met weinig sociale contacten of een kleine beurs) in Raalte en Deventer.

 Het lesprogramma ‘Brandweer op school’ is in totaal op 55 scholen in acht gemeenten gegeven. Hiermee is het doel voor 2019 (57 scholen) nagenoeg gehaald. Op een aantal scholen heeft de GHOR aansluitend voorlichting verzorgd over levensreddend handelen (deelname door 660 leerlingen).  Onderzocht is welke mogelijkheden (op het gebied van veilig 11 leven) samenwerking met het Regionaal Coördinatiepunt Integrale Veiligheid (RCIV) biedt. Er zijn koppelingen gelegd op het gebied van cyber en veilig buitengebied.  Er zijn oriënterende gesprekken gevoerd met Landstede, MBO-VTH, Zwolle over samenwerking op het gebied van fysieke veiligheid, b.v. stages bij brandweer en lespakket Veilig Leven voor mbo. Dit krijgt in 2020 een vervolg.  We hebben meegewerkt aan de landelijke brandpreventieweken, waarbij in 2019 het veilig opladen van apparatuur het hoofdthema was. Prestaties die geleverd zijn aan de gemeenten Algemeen: met de gemeenten zijn maatwerkafspraken gemaakt over de dienstverlening. Niet alle taken komen in de overzichten terug; een aantal taken is niet in prestatie-indicatoren uit te drukken. Aantal brandweeradviezen Omgevingsvergunning: gemeenten maken in verschillende mate gebruik van de mogelijkheid om de veiligheidsregio om advies te vragen. Olst-Wijhe heeft ervoor gekozen om ook niet-complexe adviezen door de veiligheidsregio te laten afhandelen.

Zij betalen hier een extra bedrag voor. Voor Kampen zijn wij sinds de zomer van 2019 betrokken bij advisering op bouwvergunning. Voor die periode lag de afhandeling bij de gemeente zelf. Aantal controles brandveilig gebruik: de gemeenten Kampen en Zwolle voeren dez e controles zelf uit.

12 1. We zorgen voor operationele brandweerposten: bemenst en voorzien van adequaat materieel en informatie;  De bemensing van de vrijwillige brandweerposten is een blijvend aandachtspunt, met name tijdens kantoortijden. 2. We zorgen voor operationeel leidinggevende (piket)functionarissen: getraind en voorzien van informatie.  Er zijn ontwikkelpools voor alle operationele leidinggevende piketfunctionarissen, zodat bij vertrek de opvolging geborgd is.  We hebben een systeem, genaamd LiveOp in gebruik genomen, wat de operationeel leidinggevenden ondersteunt in de informatievoorziening bij incidenten. 3. We zorgen ervoor dat we in 90% van de incidenten voldoen aan de opkomsttijden in het in 2018 geactualiseerde dekkingsplan.  In 2019 is in 80% van de incidenten voldaan aan de opkomsttijden in het dekkingsplan. Zie Bijlage 3: oorzaken overschrijding opkomsttijden.  In 2020 wordt gestart met een nieuw dekkingsplan op basis van de herziene landelijke handreiking, die eind 2019 beschikbaar is gekomen (in het kader van het landelijke project RemBrand). M.b.v. deze handreiking wordt breder naar de brandweerzorg gekeken namelijk aan de hand van snelheid, capaciteit, paraatheid en werkdruk. 4. Actuele brandrisico’s zijn inzichtelijk met behulp van een (digitaal) dynamisch brandrisicoprofiel, waarop snel geanticipeerd kan worden.

 Er vindt een doorontwikkeling van het brandrisicoprofiel plaats, door een koppeling met de uitrukgegevens. Op die manier kan Veiligheidsregio IJsselland nog gerichter interventies (controle, toezicht en voorlichting) bij objecten uitvoeren. Dit wordt naar verwachting begin 2020 aan het bestuur voorgelegd. 5. We nemen de inzichten uit de evaluatie van het landelijke kader ‘Uitruk op Maat’ mee in het programma toekomstbestendige brandweer.  Het algemeen bestuur heeft in juli besloten om, binnen het landelijk hiervoor geldende kader, ruimte te geven aan Uitruk op Maat. Twaalf posten zijn geïnteresseerd om Uitruk op Maat toe te passen 6. Er wordt een regionale visie op vrijwilligers opgesteld aan de hand van de landelijke heroverwegingen op dit vlak.  De regionale visie maakt onderdeel uit van het programma toekomstbestendige brandweerzorg (zie bijlage 1). De toekomst van vrijwilligers hangt af van de uitkomsten van de landelijke discussie over de taakdifferentiatie brandweer als gevolg van EU - regelgeving. Regionaal is er een projectteam en bestuurlijke klankbordgroep ingesteld die dit uitwerken voor IJsselland. 7. De brandweer is voorbereid op het optreden bij extreem geweld. Hiervoor is personeel getraind en is noodzakelijk materieel aangeschaft.  Regiobreed wordt in trainingen aandacht besteed aan de omgang met slachtoffers van extreem geweld.

In eerste instantie zijn alleen in de steden waar de kans om op te moeten treden bij extreem geweld het grootst is (Zwolle en Deventer) ‘medial kits’ aangeschaft. Dit is in lijn met de landelijke richtlijn terrorisme gevolgbestrijding (TGB). Begin 2020 heeft de Inspectie J&V een rapportage van een onderzoek naar de voorbereiding op hulpverlening na een terroristische aanslag gepresenteerd. Er blijken in het land veel verschillen te zijn. We gaan hier in 2020 mee verder. 13 Prestaties die geleverd zijn aan de gemeenten Totaal aantal alarmeringen betreft alle prioriteiten. Aantal (automatische) brandmeldingen betreft alleen de prioriteit 1-meldingen, aangezien deze gekoppeld zijn aan de opkomsttijden in het dekkingsplan. Hulpverleningen zijn o.a. (verkeers-)ongevallen met beknelling, het helpen bij storm- en waterschade, assistentie ambulance en het redden van dieren.

14 1. We bekostigen voor ons deel het gebouw, de ICT en de (opgeleide en getrainde) brandweercentralisten.  Gerealiseerd 2. We monitoren de uitruktijden van de brandweerposten en passen de alarmering van posten aan als de burger daarmee snellere brandweerzorg ontvangt.  Gerealiseerd 3. Bij een automatische alarmering wordt bij daarvoor van te voren bepaalde abonnees eerst de melding geverifieerd door middel van contrabellen. Daarnaast wordt een aantal nevenwerkzaamheden voor het Openbaar brandmeldsysteem uitgevoerd door centralisten. Dit bestaat onder meer uit het acteren op storingen en het behandelen van verzoeken tot testen van een installatie.  Gerealiseerd 4. In fase 4 van de samenvoeging van de meldkamers (2019) vindt implementatie plaats van maatregelen die noodzakelijk zijn voor de overgang. Harmonisatiemaatregelen worden, bij voorkeur, zo veel mogelijk al in de huidige meldkamers ingevoerd.  In november heeft het algemeen bestuur van de Meldkamer Oost-Nederland (MON) ingestemd met de overdracht van het beheer van de MON naar de politie (Landelijke Meldkamer Samenwerking) per 1 januari 2020. Deze overdracht is afgerond. Zie ook het onderdeel Crisisbeheersing, Bestrijden, Algemeen, punt 5.

15 Op grond van artikel 9 van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten dient het jaarverslag een aantal verplichte paragrafen te bevatten. Voor Veiligheidsregio IJsselland zijn dit: 1. Weerstandsvermogen en risicobeheersing 2. Bedrijfsvoering 3. Financiering 4. Verbonden partijen 5. Onderhoud kapitaalgoederen In deze paragrafen staat de verantwoording van hetgeen in de overeenkomstige paragrafen in de begroting is opgenomen. Veiligheidsregio IJsselland kenmerkt zich door risicomanagement in het primaire proces. Aan het managen van de veiligheidsrisico’s van burgers ontleent de organisatie immers haar bestaansrecht. Toch heeft de veiligheidsregio meer risico’s te managen, vooral ten aanzien van de bedrijfsvoering (bijv. ICT, HR, juridisch, kwaliteit, fraude). Op deze risico’s moet de veiligheidsregio minstens zo goed bedacht zijn om het primaire proces te laten functioneren. De risico’s die van invloed zijn op de bedrijfsvoering van Veiligheidsregio IJsselland zijn in kaart gebracht. Door inzicht in de risico ’s kan onze organisatie op een verantwoorde wijze besluiten nemen, zodat de huidige risico’s en de risico’s gerelateerd aan toekomstige ontwikkelingen in verhouding staan tot de vermogenspositie van onze organisatie. Op basis van de geïnventariseerde risico’s is het weerstandsvermogen berekend.

Veiligheidsregio IJsselland heeft door de coronacrisis ook vergaande maatregelen genomen ter voorkoming van verspreiding en bescherming van de medewerkers. Samen zorgen we ervoor dat we onze rol in de crisis goed kunnen invullen én dat we ons reguliere werk zo veel mogelijk blijven doen waar dat kan. Eventuele financiële consequenties zijn nu nog niet in te schatten. Er is een risicoprofiel opgesteld om de risico’s van onze organisatie in kaart te brengen. Uit de inventarisatie zijn vanuit de verschillende teams risico’s in beeld gebracht met een mogelijk financieel gevolg, die van belang zijn. In het navolgende overzicht zijn de tien risico’s gepresenteerd met de meeste invloed op de hoogte van de benodigde weerstandscapaciteit. In 2021 wordt opnieuw een risico-inventarisatie gedaan. 16 Nr. Risico gebeurtenis Kans Maximaal financieel gevolg 1 Grootschalige/langdurige inzet waarvan de kosten boven het hiervoor geraamde bedrag komen en geen compensatie plaatsvindt. 10% € 1.500.000 2 Rente wordt hoger dan waarmee we in de begroting rekening hebben gehouden. 30% € 500.000 3 Fiscale controle van de Belastingdienst (boete). 30% € 500.000 4 Bericht stijging van pensioenpremie nadat begroting is vastgesteld. 50% € 190.000 5 Datalek van geregistreerde gegevens (privacygevoelig of vertrouwelijk).

50% € 250.000 6 Reserve transitie meldkamer blijkt onvoldoende om de hogere kosten die daaruit voortvloeien te kunnen opvangen. 50% € 250.000 7 Het Veiligheidsberaad neemt besluiten met financiële en personele gevolgen voor Veiligheidsregio IJsselland. 70% € 100.000 8 Minder aanbieders voor oefentrajecten op de markt waardoor inschrijvingen bij aanbestedingen hoger uitvallen dan verwacht. 9 Wijzigingen in beleid of financiering van de Rijksoverheid. 50% € 100.000 10 Complexiteit Europese aanbestedingen. 50% € 100.000 Op basis van alle risico’s met bijbehorende inschatting is een analyse gemaakt van het benodigde weerstandsvermogen voor Veiligheidsregio IJsselland. Hiervoor is de simulatiemethodiek Monte- Carlo gebruikt. In de eerste plaats heeft dit geleid tot uitspraken over de mate van zekerheid dat het beschikbare weerstandsvermogen voldoende is om de risico’s op te vangen. Daarnaast geeft deze analyse antwoord op de vraag welke risico’s het meest bepalend zijn in de bepaling van de aan te houden risicovoorziening. Het terugdringen van deze risico’s heeft het grootste effect. Veiligheidsregio IJsselland heeft op dit moment een beschikbaar weerstandsvermogen (reserve) van één miljoen euro.

Het algemeen bestuur heeft in het voorjaar van 2017 besloten om vooralsnog met de huidige beschikbare reserve/ weerstandscapaciteit van één miljoen euro te volstaan in plaats van 17 de berekende 1,18 miljoen euro. De eventuele aanpassing van de hoogte van de aan te houden reserve/ weerstandscapaciteit is aan de orde als uit de praktijk blijkt dat dat nodig is. Als gemeenschappelijke regelingen is het verplicht om een uniforme basisset financiële kengetallen op te nemen. Hieronder een overzicht van de kengetallen, die voor Veiligheidsregio IJssell and van toepassing zijn. Kengetallen 2018 Rekening 2018 Begroting 2019 Rekening 2019 Netto schuldquote 56% 64% 52% Solvabiliteitsratio 14% 11% 15% Structurele exploitatieruimte 0% 0% 0% De andere ratio’s (die verplicht zijn voorgeschreven conform BBV) zijn niet opgenomen in verband met het niet van toepassing zijn op Veiligheidsregio IJsselland. Het kengetal netto schuldquote, ook wel bekend als de netto-schuld als aandeel van de inkomsten, zegt het meest over de financiële vermogenspositie van de gemeenschappelijke regeling. De netto schuldquote geeft aan of de gemeenschappelijke regeling investeringsruimte heeft of juist op zijn tellen moet passen. Daarnaast zegt het kengetal ook wat over de flexibiliteit van de begroting. Hoe hoger de schuld, hoe hoger de netto schuldquote.

De netto schuldquote weerspiegelt het niveau van de schuldenlast van de gemeenschappelijke regeling ten opzichte van de eigen middelen en geeft een indicatie van de druk van de rentelasten en de aflossingen o p de exploitatie. In de VNG- uitgave ‘Houdbare Gemeentefinanciën’ is aangegeven dat wanneer de schuld lager is dan de jaaromzet (100%) dit als voldoende kan worden bestempeld. Dit is met 52% het geval bij Veiligheidsregio IJsselland. De netto schuldquote is voor 2019 iets lager ten opzichte van 2018 door het aflossen van twee langlopende leningen. De solvabiliteitsratio geeft de mate aan waarmee de bezittingen zijn betaald met eigen middelen. Hoe hoger de verhouding eigen vermogen ten opzichte van het totale vermogen, hoe gezonder de gemeenschappelijke regeling. Wanneer wij het solvabiliteitspercentage afzetten tegen vergelijkbare veiligheidsregio’s kan worden gesteld dat Veiligheidsregio IJsselland met 1 5% een laag solvabiliteitspercentage heeft. Buiten een algemene reserve en enkele bestemmingsreserves (egalisatie kapitaalslasten, opleidingen en vorming landelijke meldkamer) ligt het niet in de lijn om het eigen vermogen te verhogen, zodat de ratio gemiddeld op dit niveau blijft. Hierbij merken wij op dat het volledige resultaat 2019 is meegenomen in het solvabiliteitspercentage voor 2019.

De solvabiliteitsratio is voor 2019 hoger ten opzichte van 2018 door toename van het eigen vermogen. Dit wordt veroorzaakt door onder andere een storting in de reserve transitie meldkamer vanuit het jaarrekeningresultaat 2018.. Voor de beoordeling van de financiële positie is het ook van belang te kijken naar de structurele baten en structurele lasten. Structurele baten zijn bijvoorbeeld de gemeentelijke bijdrage en de 18 rijksbijdrage. Dit kengetal geeft aan hoe groot de structurele exploitatieruimte is, doordat wordt gekeken naar de structurele baten en structurele lasten en deze worden vergeleken met de totale baten. Het percentage voor Veiligheidsregio IJsselland ligt op 0%. Voor een mogelijke structurele tegenvaller in de toekomst zullen wij de deelnemende gemeente een voorstel doen hoe deze financieel te dekken. Om de zelfredzaamheid van inwoners te stimuleren, zijn AED’s bij vijftien brandweerkazernes geplaatst. Zie hiertoe de programmaverantwoording, Crisisbeheersing, Bestrijden, GHOR. Duurzaamheidsonderzoeken voor kazerne Deventer en Zwolle zijn opgestart. Onduidelijkheid hierbij is of de verhuurder (gemeente) of de gebruiker (veiligheidsregio) de duurzaamheidsmaatregelen moet financieren. We proberen dit te combineren met acties die voortkomen uit de Risico Inventarisaties en Evaluaties (RI&E’s).

We combineren het waar mogelijk met meerjarenonderhoud om het zo kosteneffectief mogelijk uit te voeren. Elke medewerker heeft in 2019 een training ‘Wat ik je nog wilde zeggen’ gevolgd. Deze training draagt bij aan het vergroten van de aanspreekcultuur binnen onze organisatie. Daarnaast is er structureel aandacht voor het vergroten van het persoonlijk leiderschap en het blijvend leren en ontwikkelen. Diverse teams zijn gestart met teamontwikkeltrajecten. VR Academy ontwikkelt zich eveneens, op basis van de behoeften van de teams. Het leiderschapsontwikkeltraject in 2019 stond in het teken van het betekenis geven aan de kernwaarden, in combinatie met de ontwikkelopgaven vanuit de strategische beleidsagenda. Daarnaast is er volop aandacht voor de doorontwikkeling va n E-HRM, waardoor processen efficiënter worden uitgevoerd. Vlak voor de zomer is het Generatiepact ingevoerd. Met dit instrument dragen we bij aan een verhoogde duurzame inzetbaarheid voor onze medewerkers. Tevens bieden we ruimte om jonge medewerkers in te laten stromen. Er is een werkgroep gestart die structureel aandacht besteed aan het veilig stellen van de beschikbaarheid, integriteit en vertrouwelijkheid van digitale en niet-digitale informatie. De werkgroep voert acties uit aan de hand van een actielijst, gebaseerd op de normen voor informatiebeveiliging en de aanbevelingen van de accountant.

Het centrale serverpark wordt momenteel vernieuwd. Op vrijwel alle locaties is, conform planning, de werkplekhardware vervangen. Eveneens zijn de audiovisuele middelen op de diverse posten vernieuwd. De contracten voor mobiele telefonie en printvoorzieningen zijn vernieuwd. De applicatie LiveOp (informatie tijdens een incident) is geïmplementeerd. 19 Het nieuwe financiële systeem is verder uitgebouwd en toegankelijk gemaakt. De implementatie van een nieuwe versie vindt medio 2020 plaats. De uitvoering van de impactanalyse hiervan is gereed. Het elektronisch factureren met E-invoice is geïmplementeerd. Daardoor is het facturatieproces efficiënter en voldoen we aan de wettelijke verplichtingen. Met betrekking tot de opmerkingen in de Managementletter zijn, op het gebied van rechtmatigheid, al enkele aanpassingen gedaan en enkele werkprocessen herijkt, zoals de processen ‘Aanmaak crediteuren’, ‘Kas’, ‘Betalingen’ en ‘Treasury’. Dit krijgt een vervolg in 2020. Taakveld Naam Eenheid Indicator 0. bestuur en ondersteuning Formatie FTE per 1.000 inwoners 0,54 0. bestuur en ondersteuning Bezetting FTE per 1.000 inwoners 0,51 0. bestuur en ondersteuning Apparaatskosten Kosten per inwoner € 37,63 0. bestuur en ondersteuning Externe inhuur Kosten als % totale loonsom + totale kosten inhuur externen 7,2% 0.

bestuur en ondersteuning Overhead % van de totale lasten 18,6% De kaders voor financiering zijn gebaseerd op de ‘Wet Financiering Decentrale Overheden’ (FIDO) en de daaruit voortvloeiende uitvoeringsregelingen. Het eigen treasurybeleid van Veiligheidsregio IJsselland is vastgelegd in het treasurystatuut. In de wet FIDO is bepaald dat een financieringsparagraaf in de begroting wordt o pgenomen. Ook is vastgelegd welke informatie de financieringsparagraaf dient te bevatten. Dit zijn de: • het kasgeldlimiet; • de renterisiconorm; • de liquiditeitsplanning en de financieringsbehoefte; • de rentevisie; • de rentekosten en renteopbrengsten verbonden aan de financieringsfunctie. De organisatie probeert zoveel mogelijk met kort geld te financieren. Door adequaat de renteontwikkelingen te blijven volgen kan optimaal gebruik worden gemaakt van de huidige lage 20 rentepercentages, waarbij de kasgeldlimiet per kwartaal niet wordt overschreden. De kasgeldlimiet voor gemeenschappelijke regelingen bedraagt 8,2%. De kasgeldlimiet voor Veiligheidsregio IJsselland bedraagt 0,082 * 44,2 miljoen euro = 3,6 miljoen euro. Tot aan deze limiet kan kort (looptijd < 1 jaar) worden geleend. In 2019 hebben wij geen kasgeldleningen aangetrokken. Hier volgt een totaaloverzicht van het jaar 2019 van de modelstaten per kwartaal.

Kwartaal Gemiddelde vlottende schuld Gemiddelde vlottende middelen netto vlottend tekort (+) of Overschot middelen (-) Kasgeldlimiet Ruimte (-) of overschrijding (+) 1e kwartaal € - € 5.829.980 € -5.829.980 € 3.624.545 € -9.454.525 2e kwartaal € - € 6.851.820 € -6.851.820 € 3.624.545 € -10.476.365 3e kwartaal € - € 6.983.558 € -6.983.558 € 3.624.545 € -10.608.103 4e kwartaal € - € 7.551.913 € -7.551.913 € 3.624.545 € -11.176.458 Als meer dan twee achtereenvolgende kwartalen de kasgeldlimiet wordt overschreden, moet de toezichthouder (provincie) hiervan op de hoogte worden gesteld. Uit bovenstaand overzicht blijkt dat de kasgeldlimiet niet meer dan twee achtereenvolgende kwartalen wordt overschreden. Door berekening van de renterisiconorm verkrijgen wij inzicht in de omvang van de schuld waarover in enig jaar renterisico’s worden gelopen. De renterisiconorm is gebaseerd op het begrotingstotaal en schrijft voor hoeveel maximaal geleend (herfinanciering) mag worden voor een periode langer dan één jaar. De renterisiconorm bedraagt 20% van het begrotingstotaal. Hierbij de ingevulde modelstaat voor de berekening van het renterisiconorm. Modelstaat B W 2019 1. Renteherzieningen/ herfinanciering € - 2. Aflossingen * 3. Renterisico (1+2) € - 4. Renterisiconorm € 8.892.168 5a. Ruimte onder renterisiconorm (4>3) € 8.892.168 5b.

Overschrijding renterisiconorm (3>4) € - 4a Begrotingstotaal € 44.460.838 4b Percentage regeling 20% 4. Renterisiconorm € 8.892.168 21 * Dit is exclusief de aflossingen van de gemeentelijke leningen m.b.t. de overname van de kazernes. Met deze aflossing vervalt ook de boekwaarde van de kazernes en gaan de kazernes weer gehuurd worden. Er vindt dus geen herfinanciering plaats. € 1.573.199 In 2019 heeft de veiligheidsregio geen langlopende lening afgesloten en wordt dus voldaan aan de renterisiconorm. Door de toename van materieel en kapitaalgoederen en de tijdelijke overname van een deel van de jonge brandweerkazernes en -posten heeft Veiligheidsregio IJsselland een financieringsbehoefte. Dit leidt tot omvangrijke uitgaande kasstromen waardoor het aantrekken van leningen noodzakelijk was en is. Bepaling financieringsbehoefte 2019: Boekwaarde investeringen € 28.607.458 Reserves en voorzieningen € 5.616.324 Langlopende geldleningen € 25.589.540 € 31.205.865 Overschot aan financieringsmiddelen € -2.598.406 Uit het overzicht blijkt dat wij een overschot aan financieringsmiddelen hebben van ruim 2,5 miljoen euro. Uit onze liquiditeitsplanning over 2019 was de verwachting dat wij meer geld nodig hadden. Door uitstel van de (vervangings)investeringen is een overschot aan financieringsmiddelen.

Voor de rentelasten van deze langlopende lening is structurele dekking aanwezig in de programmabegroting. Voor de tijdelijke overname van de brandweerkazernes is per 1 januari 2014 in totaal 28,9 miljoen euro geleend van verschillende gemeenten. Bij het aantrekken van deze leningen voor de huisvesting is de looptijd van de lening per gebouw aangesloten op de resterende herzieningstermijn (herzieningstermijn is maximaal tien jaar). In 2019 zijn er twee kazernes overgedragen aan de gemeenten, namelijk kazerne Wesepe en Zwartsluis. In de begroting 2019 zijn wij uitgegaan van 2,5% rente voor bestaand en nieuw aan te trekken materieel en 3,5% voor het tijdelijk overnemen van een aantal gebouwen. In 2019 zijn er geen extra leningen aangetrokken door uitstel van investeringen. Dit heeft rentevoordelen opgeleverd en zijn via begrotingswijzigingen in de tussentijdse bestuursrapportages gerapporteerd. Over de reserves en voorzieningen wordt/is geen rente berekend. 22 De opbrengst uit de financieringsfunctie is de creditrente in rekeningcourant (schatki stbankieren). In 2019 hebben wij geen rentebedrag ontvangen voor het rekeningsaldo bij de schatkist. In deze paragraaf geven wij inzicht in ‘derde rechtspersonen’ waarmee Veiligheidsregio IJsselland een bestuurlijke en financiële band heeft. Deze band is er door participatie in een vennootschap of deelneming in een stichting.

Met een bestuurlijk belang bedoelen we een zetel in het bestuur van een deelneming of stemrecht. Met een financieel belang bedoelen wij dat Veiligheidsregio IJsselland middelen ter beschikking heeft gesteld en die zal verliezen bij faillissement van de verbonden p artij en/of als financiële problemen bij de verbonden partij op Veiligheidsregio IJsselland kunnen worden verhaald. Van een financieel belang is ook sprake als Veiligheidsregio IJsselland bij liquidatie van een derde rechtspersoon middelen uitgekeerd kan krijgen. Doelstelling Stichting Brandweeropleidingen BOGO ontwikkelt en verzorgt brandweeropleidingen in opdracht van zes veiligheidsregio’s. Door het onderwijs continu te blijven ontwikkelen, draagt Stichting BOGO bij aan een vakbekwame brandweer binnen de veiligheidsregio’s Flevoland, IJsselland, Twente, Noord- en Oost-Gelderland, Gelderland-Midden en Gelderland-Zuid. a. De externe rentelasten over de korte en lange financiering 525.885€ b. De externe rentebaten -/- -€ Totaal door te rekenen externe rente 525.885€ c. De rente die aan de grondexploitatie moet worden doorberekend. -/- -€ De rente van projectfinanciering die aan het betreffende taakveld moet worden toegerekend -/- -€ -/- -€ Saldo door te rekenen externe rente 525.885€ d1. Rente over eigen vermogen -€ d2.

Rente over voorzieningen (gewaardeerd op contante waarde) -€ De aan taakvelden (programma's inclusief overzicht Overhead) toe te rekenen rente 525.885€ e. De werkelijk aan taakvelden (programma's inclusief overzicht Overhead) toegerekende rente (renteomslag) -/- 525.885€ f. Renteresultaat op het taakveld treasury -€ Renteschema 23 Bestuurlijk en financieel belang Het algemeen bestuur van de stichting bestaat uit drie burgemeesters en de zes regionaal commandanten/ directeuren van de aangesloten veiligheidsregio’s . Het stichtingsbestuur benoemt de bestuursleden. Na liquidatie van de stichting komt het aanwezig batig saldo ter beschikking van de de elnemende samenwerkingsverbanden. Veiligheidsregio IJsselland staat niet garant voor de eventuele tekorten van Stichting BOGO. Mate van beïnvloedbaarheid in bedrijfsvoering Een beperkte mate van beïnvloedbaarheid in de bedrijfsvoering is mogelijk via de tw ee leden in het algemeen bestuur. Risicoanalyse Stichting BOGO is een verbonden partij met eigen rechtspersoonlijkheid en zonder overwegende zeggenschap. De veiligheidsregio betaalt niet een jaarlijkse bijdrage, maar neemt diensten (cursussen) af. De eventuele onrechtmatige transacties door Stichting BOGO werken niet door naar de veiligheidsregio.

Doelstelling Het bestuur van Veiligheidsregio IJsselland heeft volgens artikel 35 van de Wet veiligheidsregio’s de beschikking over een gemeenschappelijke meldkamer, die is ingesteld en in stand wordt gehouden door het bestuur ten behoeve van de brandweertaak, de geneeskundige hulpverlening, het ambulancevervoer en de politietaak. Met dien verstande dat de nationale politie zorg draa gt voor het in stand houden van de meldkamer politie, als onderdeel van de meldkamer en de vergunninghouder van de ambulancezorg voor de ambulancezorg. Per 1 oktober 2010 is de gemeenschappelijke regeling MON van kracht. De meldkamer is gevestigd in Apeldo orn en het bestuur van de gemeenschappelijke regeling is gevestigd in Zwolle. Bestuurlijk en financieel belang Het bestuur van Veiligheidsregio IJsselland is verantwoordelijk voor de multidisciplinaire meldkamer en de alarmcentrale van de brandweer. Het bestuur van de gemeenschappelijke regeling MON voert het beheer van de meldkamerfaciliteiten. De kosten voor de exploitatie worden op basis van een begroting (en nacalculatie) gedeclareerd bij Veiligheidsregio IJsselland. Mate van beïnvloedbaarheid in bedrijfsvoering Een beperkte mate van beïnvloedbaarheid in de bedrijfsvoering is mogelijk via de leden in het bestuur. Risicoanalyse De MON is een verbonden partij met eigen rechtspersoonlijkheid.

De veiligheidsregio betaalt jaarlijks een financiële bijdrage. De MON heeft geen reserves die kunnen dienen als buffer of dekking voor tegenvallers. Daarentegen hebben de deelnemers afgesproken dat de meldkamer te allen tijde over voldoende middelen beschikt om aan zijn verplichtingen te voldoen. Dit is vastgelegd in d e 24 gemeenschappelijke regeling MON. De eventuele onrechtmatige transacties door de MON werken niet door naar de veiligheidsregio. Met uitzondering van de gebouwen die jonger zijn dan tien jaar wordt de huisvesting gehuurd van de elf gemeenten. De huurprijs wordt gebaseerd op de kostprijs voor de gemeenten. Op basis van de begrotingen van de gemeenten zijn de volledige huisvestingskosten in beeld gebracht inclusief de kosten voor groot onderhoud. Het groot onderhoud voor alle brandweerkazernes wordt uitgevoerd door de gemeentelijke vastgoedonderdelen. De kosten van dit groot onderhoud zijn in de nulmeting in beeld gebracht en maken naast de gemiddelde kapitaallasten deel uit van de huurprijzen. Bij de nog vier brandweerkazernes die vanaf 2014 in tijdelijk eigendom zijn van Veiligheidsregio IJsselland wordt het gemiddelde bedrag van het meerjarig groot onderhoudsplan gehanteerd als vergoeding aan de gemeente.

Binnen Veiligheidsregio IJsselland is het team Beheer & Techniek belast met het beheer en het onderhoud van al het rijdend materieel en de bijbehorende materialen. In de nog jonge organisatie wordt continu gewerkt aan efficiencyverbeteringen op dit gebied, waarbij telkenmale de balans moet worden gezocht tussen betrokkenheid van vrijwilligers in brandweerkazernes en de nodige zakelijkheid vanuit de organisatie.

25 In de volgende tabel zijn de formatie en de bezetting weergegeven van het jaar 2019. In dit overzicht zijn de medewerkers die op inhuurbasis een bijdrage hebben geleverd aan onze organisatie niet meegenomen. In het jaar 2019 hebben we gemiddeld 18 flexkrachten (uitzendkrachten en detacheringen) ingeleend. De kosten voor medewerkers die afgelopen jaar op inhuurbasis werkzaamheden hebben verricht zijn financieel gedekt uit de niet ingevulde vacatureruimte. Team 31-12-2019 FTE Formatie 31-12-2019 FTE Bezetting Overbezetting (-)/ vacature ruimte (+) 31-12-2019 Directie & staf + flexibele schil 14 3 11 Team GHOR 8 8,12 -0,12 Team HRM 14,68 14,54 0,14 Team Veiligheidsbureau 7,49 8,62 -1,13 Team Risicobeheersing 28,34 27,69 0,65 Brandweerzorg 92,8 91,75 1,05 Team I&A 14 13 1 Team Facilitair 15,5 12,95 2,55 Team Incidentbestrijding 17,2 16,90 0,30 Meldkamer 7,6 4,78 2,82 Team Vakbekwaamheid 17,18 18,50 -0,39 Team Beheer en Techniek 18,11 18,50 -0,39 Staf en Beleid 13,77 13,29 0,48 Team Financiën 13 9,51 3,49 281,67 260,32 21,35 Het personeelsbestand bestond op 31 december 2019 uit 284 (beroeps)medewerkers ten opzichte van 290 op 31 december 2018 (exclusief 14 medewerkers die gebruik maken van de FLO -regeling).

Het gaat om: * 268 medewerkers met een vaste aanstelling voor onbepaalde tijd; * 15 medewerkers met een tijdelijke aanstelling voor bepaalde tijd; * 1 medewerker met een tijdelijke aanstelling voor onbepaalde tijd. 26 Beroepsmedewerkers Team Aantal 1-1- 2019 Aantal 31-12- 2019 Aantal Instroom Uitstroom Directie & staf + flexibele schil 5 2 -3 0 3 Team GHOR 9 10 +1 1 0 Team HRM 17 17 0 2 2 Team Veiligheidsbureau 15 14 -1 2 3 Team Risicobeheersing 29 29 0 1 1 Brandweerzorg 91 94 +3 8 5 Team I&A 13 13 0 0 0 Team Facilitair 19 17 -2 1 3 Team Incidentbestrijding 18 18 0 0 0 Meldkamer 6 5 -1 0 1 Team vakbekwaamheid 20 19 -1 0 1 Team beheer en techniek 20 19 -1 0 1 Staf en Beleid 13 14 +1 3 2 Team Financiën 13 10 -3 0 3 288 281 Vrijwilligers (repressief en niet repressief) Afdeling Aantal op 1-1-2019 instroom uitstroom Aantal op 31-12-2019 Balkbrug 14 3 2 15 Bathmen 27 1 2 26 Bergentheim 13 2 15 Dalfsen 34 2 4 32 De Krim 14 1 13 Dedemsvaart 25 4 4 25 Deventer 34 5 5 34 Diepenveen 22 2 4 20 Genemuiden 26 5 21 Giethoorn 17 3 1 19 Gramsbergen 15 15 27 Afdeling Aantal op 1-1-2019 instroom uitstroom Aantal op 31-12-2019 Hardenberg 43 2 2 43 Hasselt 21 1 1 21 Heeten 15 1 1 15 Heino 19 2 21 IJsselmuiden 22 1 1 22 Kampen 47 3 2 48 Kuinre 15 15 Lemelerveld 23 1 22 Luttenberg 14 1 15 Nieuwleusen 21 4 2 23 Oldemarkt 18 1 17 Olst 18 1 2 17 Ommen 31 1 1 31 Raalte 24 1 23 Slagharen 14 3 17

Staphorst 24 2 22 Steenwijk 25 1 2 24 Team incidentbestrijding (STH + AGS) 5 3 2 6 Team risicobeheersing II 1 1 Team vakbekwaamheid (Kerninstructeurs) 23 1 1 23 Vollenhove 17 2 1 18 Welsum 17 17 Wesepe 18 1 19 Wijhe 19 3 16 Zwartsluis 16 1 2 15 Zwolle 70 3 8 65 821 54 64 811 1-1-2019 instroom uitstroom 31-12-2019 NB: Een aantal vrijwilligers is inzetbaar bij meerdere posten. In het overzicht wordt de vrijwilliger maar 1 keer geteld. Op 31 december 2018 waren er 813 vrijwilligers in dienst. Het aantal vrijwilligers is ten opzichte van 2018 dus gedaald met twee collega’s. In het jaar 2019 is er nog geen sprake geweest van onderbezetting op de posten. Voor de komende jaren voorzien we wel een capaciteitsvraagstuk bij sommige posten. In de werving en selectie wordt hier extra aandacht aan besteed om de capaciteit op sterkte te houden. 28 Stagiaires Als overheidsorganisatie bieden wij ook de mogelijkheden om te leren. In het jaar 2019 hebben wij tien stagiaires mogen verwelkomen:  2 Team Veiligheidsbureau  3 Team I&A  1 Team HRM  3 Staf en Beleid  1 Team Facilitair Het gemiddelde ziekteverzuim binnen Veiligheidsregio IJsselland bedroeg 3,89% in 2019. Voor de derde keer op rij zien we een verlaging van het ziekteverzuimpercentage binnen onze organisatie. Het landelijk gemiddelde van de laatste drie kwartalen in 2019 ligt op 5,4%.

Het verzuimpercentage van het vierde kwartaal 2019 is door het CBS nog niet gepubliceerd. Verzuimpercentage Verzuimpercentage Veiligheidsregio IJsselland CBS Landelijk gemiddelde Openbaar bestuur en overheidsdiensten 2016 5,36% 5,3% 2017 4,77% 5,3% 2018 4,24% 5,6% 2019 3,89% 5,4% (excl. laatste kwartaal) In deze paragraaf volgt een overzicht van activiteiten die in 2019 binnen Veiligheidsregio IJsselland op het gebied van arbeidsomstandigheden hebben plaatsgevonden. Ongevallen en incidenten Melden van ongevallen is sinds een nieuwe meldingsknop op het beginscherm van het intranet in gebruik is genomen, laagdrempelig geworden. Medewerkers worden ook gestimuleerd om incidenten en bijna-ongevallen te melden. In het verleden werd dit minder snel gedaan. In 2019 zijn er 38 verschillende gevaarlijke situaties, ongevallen en bijna-ongevallen gemeld bij de Arbo-medewerker. Het gaat om de volgende incidenten:  11 Incidenten tijdens oefenactiviteiten van de brandweer;  9 tijdens operationeel optreden van brandweer;  7 tijdens kantooractiviteiten;  3 tijdens brandweeropleiding;  2 tijdens PPMO-activiteiten;  1 tijdens sportactiviteiten;  1 tijdens logistieke activiteiten; 29  4 op het gebied van overige omstandigheden. Deze meldingen zijn opgeslagen in de persoonsdossiers van de betrokkenen.

Tevens zijn er acties uitgezet naar aanleiding van incidenten die daar aanleiding voor hebben gegeven. Dit heeft onder andere geresulteerd in het verbeteren van procedures, werkmethodes en te chniek zodat ongevallen in de toekomst kunnen worden voorkomen of beperkt. Arbo Management Systeem Om te kunnen leren van incidenten is begin 2019 gekeken of het melden van ongevallen onder eigen personeel verbeterd kon worden. Hiervoor is gekeken naar het laagdrempelig maken van het meldingsproces. Door verschillende gremia vanuit Veiligheidsregio IJsselland is besloten om het Arbo Management Systeem in huis te halen. Dit systeem kan naast de registratie van ongevallen ook gebruikt worden voor de borging van de RI&E. Dit systeem is in de loop van 2019 ingericht en in gebruik genomen. Medewerkers kunnen via een meldingsknop op de intranetpagina eenvoudig een melding maken van een ongeval, bijna-ongeval, gevaarlijke situatie of ongewenste omgangsvorm. Zo krijgen wij beter inzicht in de gevaren van het werk en kunnen deze worden verbeterd zodat alle medewerkers veiliger en gezonder kunnen werken. Meldingen gevaarlijke stoffen Dit jaar zijn de blootstellingen aan gevaarlijke stoffen weer meegenomen. In 2019 zij n elf personen in aanraking gekomen met gevaarlijke stoffen bij twee verschillende incidenten. De gemelde situaties gaven geen aanleiding om de Inspecteur van SZW in te schakelen.

Deze incidenten zijn wel teruggekoppeld met diverse gremia in het Arboplatform. Arbodienst Net zoals voorgaand jaar is er in 2019 structureel overleg geweest tussen de bedrijfsarts, leidinggevenden en HRM-medewerkers in de vorm van een sociaal medisch team (SMT). Het doel van het SMT is dat deze actoren per individuele situatie kunnen deelnemen aan het overleg om duurzame inzetbaarheid van de medewerkers te bevorderen. Indien noodzakelijk vindt maatwerk plaats. Medewerkers kunnen ook zelfstandig contact opnemen met de Arbodienst. Ongewenst gedrag Gevolgen van ongewenste omgangsvormen kunnen een enorme impact hebben op medewerkers en in bijzondere situaties op de omgeving en de organisatie. Medewerkers kunnen gebruik maken van een speciaal opgeleide vertrouwenspersoon, gefaciliteerd door de Arbodien st. De werkzaamheden van de vertrouwenspersoon bestaan uit de eerste emotionele opvang, hulp aan de betrokken medewerker, advisering voor een plan van aanpak, ondersteuning bij het realiseren van de gewenste aanpak, eventuele doorverwijzingen en nazorg. In 2019 is er twee keer gebruik gemaakt van de vertrouwenspersoon. Er zijn geen meldingen ongewenst gedrag gedaan. Veilige publieke taak (agressie & geweld) In het afgelopen jaar is geen melding gedaan van agressie en geweld, ook niet tijdens de jaarwisseling.

Arbo-Programma Veilig & Gezond In 2017 is het Arbo-platform samengesteld, om in ieder geval alle Arbo-gerelateerde werkzaamheden bij elkaar te brengen. In 2018 heeft dit platform hard gewerkt aan een programmatische aanpak van alle in te schatten werkzaamheden en in november is het programmaplan door het managementteam vastgesteld. 30 Het programma streeft een tweetal doelen na:  Veiliger werken, met minder onveilige situaties en minder incidenten;  Het stimuleren van een gezonder leven, om mede daarmee een meer duurzame inzet van onze medewerkers te realiseren. Concrete activiteiten die in het licht van het programma in 2019 plaatsvonden en bijdragen aan het realiseren van de strategische doelen: Algemeen  Het programma ‘Veilig & Gezond’ is medio juni/juli geëvalueerd en nieuwe speerpunten zijn benoemd. Veiliger werken, met minder onveilige situaties en minder incidenten;  De contacten met het landelijke platform Arbeidsveiligheid zijn onderhouden;  In 2019 hebben we geparticipeerd in een pilot ‘gedragsinterventie’ van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. Samen met de regio Midden West Brabant zijn interventies ontwikkeld, om veiliger en gezonder met ademluchtapparatuur om te gaan. In 2020 zullen de uitkomsten waar mogelijk worden geïmplementeerd in de gehele repressieve organisatie.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://steenwijkerland.bestuurlijkeinformatie.nl/Document/LoadAgendaItemDocument/4cfe8e01-a23d-4b90-869e-a210d7de5b26?agendaItemId=abc78c80-58c8-49e7-9e68-143cf822f3a5