21.0 Schriftelijke vragen CU - Mogelijke gevolgen besluit GS inzake PAS-uitspraken Raad v State - beantwoording 20191008.pdf
Tekst van het document
College van burgemeester en wethouders - 8 oktober 2019 - 2019_B&W_004771/5 College van burgemeester en wethouders GOEDGEKEURD Zitting van 8 oktober 2019 Dienstverlening - Leefomgeving 14 2019_B&W_00477 Nota van antwoord Vragen Christenunie over de PAS Samenstelling: Aanwezig: de heer R. Bats, Burgemeester; de heer B. Harmsma, Wethouder; mevrouw T. Jongman, Wethouder; de heer M. Scheringa, Wethouder; mevrouw T. Bijl; mevrouw J. Groot de, Secretaris Nota van antwoord Vraag en antwoord De fractie van de ChristenUnie heeft vragen gesteld over de gevolgen van de uitspraak van de Raad van State van 29 mei jl over de PAS (programmatische aanpak stikstof) voor projecten in de gemeente Steenwijkerland. In deze nota worden die vragen zoveel mogelijk beantwoord. Algemeen Zoals de fractie van de ChristenUnie zelf aangeeft is deze materie complex. Door de uitspraak van de Raad van State is onduidelijk of bepaalde ontwikkelingen al dan niet door kunnen gaan. Dit heeft niet alleen te maken met het gegeven dat het PAS-programma zelf onbruikbaar is geworden als middel om ontwikkelingsruimte te creëren. Ook de gebruikte rekenmethode om stikstofdepositie te berekenen was niet langer bruikbaar. Inmiddels is een nieuwe rekenmethode beschikbaar. De bruikbaarheid daarvan is echter beperkt. Zeker in onze gemeente die voor grote delen bestaat uit Natura 2000 gebieden.
De handleiding van de nu beschikbare Aerius-calculator geeft aan dat deze niet bruikbaar is voor emmissiepunten binnen 3 kilometer van Natura 2000. Dit houdt in dat binnen die afstand van Natura 2000 alleen kan worden gerekend aan de effecten van verkeer en de inzet van machines bij werkzaamheden. Het effect van bijvoorbeeld de uitbreiding van een agrarisch bedrijf binnen 3 kilometer van Natura 2000 kan op dit moment niet worden berekend. Van alle kanten wordt aangedrongen op een snelle uitbreiding van de mogelijkheden van de Aerius-calculator. Dit houdt in dat op dit moment van een groot aantal projecten niet helder is of sprake is van stikstofdepositie. Het aanvragen van een vergunning op grond van de Wet natuurbescherming (Wnb) voor dit aspect is momenteel voor de meeste projecten onmogelijk. Alleen wanneer wel een berekening gemaakt kan worden en de uitkomst is dat de stikstofdepositie 0,00 is of afneemt kan een project zonder meer verder. Een vergunning op grond van de Wnb is dan niet noodzakelijk. Zodra de berekening een resultaat hoger dan 0,00 oplevert is in beginsel een Wnb vergunning noodzakelijk. Vanwege het ontbreken van een toetsingskader worden die op dit moment echter niet verleend door het bevoegd gezag (de provincie). In Steenwijkerland zijn grote delen van het grondgebied aangewezen als Natura 2000 gebied.
Deze gebieden zijn bovendien naar hun aard zeer gevoelig zijn voor stikstofdepositie . Dit levert op dit moment belemmeringen op voor diverse projecten. Van woningbouwprojecten tot het uitbreiden of College van burgemeester en wethouders - 8 oktober 2019 - 2019_B&W_004772/5 vestigen van bedrijven en van het aanleggen van nieuwe infrastructuur tot het onderhoud aan bestaande infrastructuur. Op 25 september zijn de eerste aanbevelingen verschenen van het Adviescollege Stikstofproblematiek onder leiding van oud-minister Remkes. Deze aanbevelingen richten zich vooral op rijk en provincies als bevoegde gezagen en geven nadrukkelijk aan dat keuzes gemaakt moeten worden. Deze aanbevelingen bieden niet direct aanknopingspunten om voor concrete projecten de vergunningverlening weer op te pakken. Daarvoor zullen rijk en provincies eerst met uitwerkingen moeten komen. Ook dan blijven de mogelijkheden voor vergunningverlening vooralsnog beperkt. Alleen wannneer door in- of externe saldering volgens de huidige regels een positief resultaat ontstaat kunnen momenteel vergunningen worden verleend. Beantwoording van de vragen 1. Kan uw college aangeven wat voor gevolgen dit GS-besluit heeft op de diverse ontwikkelingen in Steenwijkerland? Het GS-besluit van 9 juli heeft op zichzelf geen andere gevolgen dan de uitspraak van de Raad van State van 29 mei.
Het is op dit moment niet mogelijk om vergunningen op grond van de Wnb te verlenen voor een verhoogde stikstofdepositie. GS hebben in hun besluit van 9 juli aangegeven dat vooralsnog niet gehandhaafd wordt op gerealiseerde situaties waarbij onder de PAS-systematiek kon worden volstaan met een melding. Dit geldt echter niet voor nieuwe ontwikkelingen. Verder heeft GS besloten dat geen nieuwe vergunningen worden afgegeven voordat er helderheid is over de kaders waarbinnen dit kan. 2. Treft deze gerechtelijke uitspraak ook nieuwe woningbouw ontwikkelingen? Deze uitspraak kan ook woningbouwontwikkelingen in Steenwijkerland treffen. Zover wij nu kunnen overzien zal de ontwikkeling van een enkele woning op enige afstand van Natura 2000 gebieden niet worden beïnvloed door de huidige stikstofproblematiek. Op basis van referentieberekeningen houden wij vooralsnog een afstand van 500 meter aan. Voor alle andere (projectmatige) woningbouwontwikkelingen moet worden onderzocht welke gevolgen de ontwikkeling heeft voor stikstofdepositie. 3. Zijn er in Steenwijkerland nog lopende vergunningen, die nog effectief zijn omgezet naar uitvoering van plannen en komen daardoor vergunningen alsnog te vervallen? Wij nemen aan dat met deze vraag gedoeld wordt op lopende aanvragen voor een Wnb vergunning als gevolg van berekende stikstofdepositie. Die zijn er inderdaad.
Een beperkt aantal betreft door de gemeente zelf aangevraagde vergunningen ten behoeve van bijvoorbeeld infrastructurele werken en werkzaamheden. Daarnaast zijn er diverse particuliere initiatiefnemers die afzonderlijk van de omgevingsvergunning voor bouwen een vergunning in het kader van de Wnb hebben aangevraagd. Een exact overzicht van die aanvragen ontbreekt momenteel. Zodra dit beschikbaar is wordt dit aan uw raad toegezonden. Zover de kennis nu reikt komen al verleende vergunningen niet te vervallen. 4. Hoe gaat uw college om met de handhaving in deze? Handhaving van handelen in strijd met de Wnb is geen gemeentelijke taak. Deze ligt bij de provincie als bevoegd gezag en vergunningverlener. Wij kunnen houders van een omgevingsvergunning er slechts op wijzen dat ze in strijd met de wet handelen wanneer zij bouwen zonder Wnb vergunning als die wel vereist is. College van burgemeester en wethouders - 8 oktober 2019 - 2019_B&W_004773/5 Dit is anders wanneer een omgevingsvergunning wordt aangevraagd terwijl nog geen Wnb vergunning is aangevraagd. Wanneer wij constateren dat die wel noodzakelijk is haakt deze aan. Dit houdt in dat de Wnb vergunning dan onderdeel wordt van de omgevingsvergunningprocedure voor het bouwen. Het verlenen van die vergunning moet worden aangehouden tot de provincie een verklaring van geen bedenkingen afgeeft.
Dergelijke verklaringen worden op dit moment niet afgegeven. 5. Is er een actieve (ambtelijke – bestuurlijke) houding richting Provincie Overijssel hoe in de situatie van Natura 2000 gebieden Weerribben – Wieden oplossingen binnen de nieuwe PAS-systematiek kunnen worden gebruikt? Hoe actief acteert hier de gemeente? Wij voeren regelmatig (ambtelijk) overleg met de provincie over deze materie. Feit is echter ook dat het huidige 'slot' op de mogelijkheden vooral bepaald wordt door landelijke ontwikkelingen. De gezamenlijke provincies en het rijk trekken samen op bij het bedenken van oplossingen. De gemeenten zijn via de VNG in dit overleg vertegenwoordigd. Een belangrijk kader voor het bedenken van een aanpak is het advies van het eerder genoemde adviescollege Remkes. De eerste aanbevelingen van deze commissie zijn op 25 september verschenen. In de loop van oktober of november komen de rijksoverheid en de gezamenlijke provincies met concrete stappen op grond van die aanbevelingen. Zo lang die niet beschikbaar zijn is een juridisch sluitende oplossing niet altijd mogelijk. Wel kan in overleg met de provincie in sommige urgente gevallen tot een praktische aanpak worden gekomen. Dit betreft vooral (dringend) noodzakelijk onderhoud aan infrastructuur. Het is nog maar de vraag of een nieuwe PAS-systematiek ontwikkeld gaat worden.
Hierover zal het definitieve advies van de adviescollege stikstofproblematiek helderheid moeten verschaffen. Dit advies wordt in mei 2020 verwacht. Het adviescollege heeft in zijn eerste aanbevelingen alleen in algemene termen mogelijke zoekrichtingen aangegeven. 6. Hoe gaat het college de raad meenemen in deze complexe materie? Kan dat via een werkvergadering bijvoorbeeld? Naast de beantwoording van deze vragen is een adviesnota voor het college in voorbereiding over hoe zo praktisch mogelijk met deze problematiek kan worden omgegaan. Het lijkt ons goed deze materie tijdens een werkvergadering met uw raad te bespreken aan de hand van deze notitie. Wij verwachten dat deze notitie op korte termijn aan ons college wordt aangeboden. De (landelijke) ontwikkelingen gaan echter snel en kunnen ook aanleiding zijn voor enige vertraging. 7. Is uw college voornemens de ondernemers (organisaties als LTO, Business Club e.a.) en inwoners te informeren als er duidelijkheid komt over de PAS? Definitieve duidelijkheid over de aanpak van het stikstofprobleem is op korte termijn niet te verwachten. Wel is het college voornemens om binnen afzienbare termijn onze inwoners en ondernemers te informeren over de stand van zaken. Daarbij wordt ingegaan op de gevolgen van deze problematiek en hoe wij daar als gemeentebestuur mee om zullen gaan.
Informatievoorziening snel na de eerder genoemde werkvergadering achten wij het meest aangewezen moment. 8. De gerechtelijke uitspraak inzake het gebruik van de PAS ( afgeven van een natuurvergunning en / of een omgevingsvergunning) heeft ook gevolgen schat onze fractie in voor de keuzemogelijkheid van een initiatiefnemer om de ecologische toets gelijktijdig aan te laten haken bij de omgevingsvergunning c.q. dit los te koppelen. Kunt u aangeven hoe de gemeente Steenwijkerland dit momenteel adviseert aan initiatiefnemers? De uitspraak heeft niet direct invloed op de mogelijkheid om te kiezen voor aanhaken of loskoppelen. Wel nemen we in de praktijk waar dat sommige initiatiefnemers er voor kiezen om strategische College van burgemeester en wethouders - 8 oktober 2019 - 2019_B&W_004774/5 redenen omgevingsvergunning en natuurvergunning los te koppelen. Door eerst een natuurvergunning aan te vragen bij de provincie haakt deze niet aan bij de omgevingsvergunning. Dit maakt dat de omgevingsvergunning volgens de reguliere procedure snel kan worden verleend en niet wacht op het natuurdeel. De initiatiefnemer heeft dan snel de beschikking over een omgevingsvergunning. De keuze om dan zonder natuurvergunning wel te bouwen ligt bij de initiatiefnemer.
Als de initiatiefnemer direct een omgevingsvergunning voor het bouwen aanvraagt en wij oordelen dat ook een natuurvergunning nodig is haakt deze aan. De procedure wordt dan automatisch een uitgebreide en de omgevingsvergunning kan pas worden verleend als de provincie aangeeft daar op grond van natuurbelangen geen bezwaar tegen te hebben. Wij adviseren initiatiefnemers niet actief over deze keuze, maar geven wel aan dat het bouwen op grond van een omgevingsvergunning zonder verleende natuurvergunning voor risico van de aanvrager is. 9. Kunt u aangeven welke verleende vergunningen volgens deze gerechtelijke uitspraak aangemerkt kunnen worden als onherroepelijk als het gaat om situaties in Steenwijkerland en het gaat om omvangrijke projecten? Zoals aangegeven wordt momenteel gewerkt aan een dergelijk overzicht. Daarbij gaat het niet alleen om verleende en onherroepelijke vergunningen. Wij achten het belangrijker om een overzicht te krijgen van lopende procedures die geraakt kunnen worden door deze problematiek. Projecten die beschikken over een onherroepelijke vergunning kunnen verder. Wanneer dergelijke overzichten beschikbaar komen worden die met uw raad gedeeld. Groeperingen die nauw betrokken waren bij het beroep waarop de 29 mei uitspraak betrekking heeft lijken ook bestaande vergunningen ter discussie te willen stellen.
Het gaat daarbij in eerste instantie om projecten met een zeer grote invloed op stikstofdepositie zoals kolencentrales. Projecten van een dergelijke schaal en omvang doen zich in Steenwijkerland niet voor. Vervolg Zodra in het college besluitvorming heeft plaatsgevonden over de notitie met daarin een advies over de inhoudelijk te volgen strategie zal in overleg met de griffie worden gekomen tot het organiseren van een werkvergadering van de raad om dit onderwerp nader met elkaar te bespreken. Bijlagen 1. Schriftelijke vragen CU - Mogelijke gevolgen besluit GS inzake PAS-uitspraken Raad v State.pdf VRAGEN MOGELIJKE GEVOLGEN BESLUIT GS VAN 09-07-2019. 10-09-2019. De hoogste bestuursrechter heeft op 29-05-2019 beslist dat het Programma Aanpak Stikstof (PAS) niet gebruikt mag worden als basis om toestemming te verlenen voor activiteiten die leiden tot een stikstoftoename in of nabij Natura 2000 gebieden als Weerribben en Wieden. Op 9 juli j.l. heeft GS van Overijssel besloten om landelijke afspraken te bekrachtigen. Dat heeft gevolgen voor de vergunningverlening van onze gemeente Steenwijkerland, voor onze handhaving en voor het nieuwe beleid in de toekomst. Een zeer complexe materie wordt nog ingewikkelder! De ChristenUnie heeft hierover diverse vragen aan het College. 1.
Kan uw College aangeven wat voor gevolgen dit GS-besluit heeft op de diverse ontwikkelingen in Steenwijkerland? 2. Treft deze gerechtelijke uitspraak ook nieuwe woningbouw ontwikkelingen? 3. Zijn er in Steenwijkerland nog lopende vergunningen, die nog effectief zijn omgezet naar uitvoering van plannen en komen daardoor vergunningen alsnog te vervallen? 4. Hoe gaat uw College om met de handhaving in deze? 5. Is er een actieve (ambtelijke – bestuurlijke) houding richting Provincie Overijssel hoe in de situatie van Natura 2000 gebieden Weerribben – Wieden oplossingen binnen de nieuwe PAS- systematiek kunnen worden gebruikt? Hoe actief acteert hier de gemeente? 6. Hoe gaat het College de Raad meenemen in deze complexe materie? Kan dat via een werkvergadering bijvoorbeeld? 7. Is uw College voornemens de ondernemers (organisaties als LTO, Business Club e.a.) en inwoners te informeren als er duidelijkheid komt over de PAS? 8. De gerechtelijke uitspraak inzake het gebruik van de PAS ( afgeven van een natuurvergunning en / of een omgevingsvergunning) heeft ook gevolgen schat onze fractie in voor de keuzemogelijkheid van een initiatiefnemer om de ecologische toets gelijktijdig aan te laten haken bij de omgevingsvergunning c.q. dit los te koppelen. Kunt U aangeven hoe de gemeente Steenwijkerland dit momenteel adviseert aan initiatiefnemers? 9.
Kunt u aangeven welke verleende vergunningen volgens deze gerechtelijke uitspraak aangemerkt kunnen worden als onherroepelijk als het gaat om situaties in Steenwijkerland en het gaat om omvangrijke projecten? Wij dienen deze vragen in conform artikel 39 van Reglement van Orde. Met vriendelijke groet, Namens de ChristenUnie Steenwijkerland, Henk Boxum. College van burgemeester en wethouders - 8 oktober 2019 - 2019_B&W_004775/5