20240620 Verordening selectieve toelating Steenwijkerland
Tekst van het document
Verordening selectieve toelating Steenwijkerland; Artikel 1 Begripsomschrijvingen In deze verordening wordt verstaan onder: RVV Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990; WVW Wegenverkeerswet 1994; Handhavingscamera Camera die automatisch kentekens registreert en het voldoen aan voorgeprogrammeerde regels controleert; Ontheffing Een op basis van artikel 4:81 Algemene wet bestuursrecht en artikel 149 Wegenverkeerswet door het college van burgemeester en wethouders verleende ontheffing voor de genoemde artikelen in artikel 87 RVV; Ontheffinghouder Een natuurlijke- of rechtspersoon aan wie een ontheffing als bedoeld in deze verordening is verleend; Motorvoertuig Gemotoriseerde voertuigen, inclusief bromfietsen en scooters en exclusief snorfietsen, fietsen met trapondersteuning en invalidenvoertuigen, bestemd om anders dan langs rails te worden voortbewogen. Artikel 2 Werkingssfeer Het college van burgemeester en wethouders kan, bij openbaar te maken besluit, gebieden aanwijzen en/of wijzigen, waarbinnen door handhavingscamera’s wordt toegezien op de naleving van verkeersmaatregelen die de selectieve toegang regelen. Artikel 3 Aanvraag ontheffing 1. Het college van burgemeester en wethouders kan ontheffing verlenen op grond van artikel 149 lid 1 sub d, van de WVW en artikel 87 RVV. 2.
Een ontheffing wordt aangevraagd bij het college van burgemeester en wethouders via een digitaal formulier op de website dat is ingevuld door, namens of met toestemming van de rechthebbende. 3. De aanvraag om een ontheffing wordt getoetst aan het bepaalde in deze verordening en de bijbehorende besluiten en voorschriften. 4. Een ontheffing wordt aangevraagd op kenteken. Artikel 4 Beslissingstermijn ontheffing 1. Het college van burgemeester en wethouders beslist binnen acht weken na ontvangst van een volledige aanvraag om een ontheffing. 2. Het college van burgemeester en wethouders kan besluiten de in het eerste lid genoemde termijn met maximaal acht weken te verlengen. Artikel 5 Voorschriften en beperkingen ontheffing 1. Het college van burgemeester en wethouders kan aan een ontheffing voorschriften en beperkingen verbinden die strekken tot bescherming van de verkeersveiligheid, het beschermen van weggebruikers en passagiers, het verbeteren van de leefbaarheid en bereikbaarheid van de binnenstad en de handhaving van de Wegenverkeerswet en de daarop gebaseerde besluiten. 2 2. Het college van burgemeester en wethouders kan, indien bijzondere omstandigheden dit noodzaken, aan een ontheffing beperkingen verbinden met betrekking tot de periode, het tijdvak, het gebied en de route waarvoor de ontheffing van kracht is. 3.
De ontheffinghouder is verplicht de aan de ontheffing verbonden voorschriften en beperkingen in acht te nemen. Artikel 6 Intrekken of wijzigen ontheffing 1. De ontheffing kan worden ingetrokken of gewijzigd wanneer: a. de ontheffinghouder daartoe verzoekt; b. ter verkrijging daarvan onjuiste, dan wel onvolledige gegevens zijn verstrekt; c. de aan de ontheffing verbonden voorschriften of beperkingen niet zijn of worden nagekomen; d. op grond van een verandering van de omstandigheden of inzichten, opgetreden na het verlenen van de ontheffing, moet worden aangenomen dat intrekking wordt gevorderd door het belang of de belangen ter bescherming waarvan de ontheffing is vereist en verleend; e. bij herhaling sprake is van misbruik of ander gebruik van de ontheffing, dan waarvoor deze is bedoeld; f. de ontheffinghouder niet meer woonachtig is of geen beroep of bedrijf meer uitoefent in het afgesloten gebied, waarvoor de ontheffing is verleend komt de grondslag tot het verlenen van de ontheffing te vervallen; g. de verkeersmaatregel, waarvoor de ontheffing is verleend, wordt ingetrokken of gewijzigd; h. de ontheffinghouder komt te overlijden. 2. Een ontheffing wordt niet eerder onbruikbaar dan nadat de bezwaartermijn na een besluit tot intrekking als bedoeld in het eerste lid is afgelopen. 3.
Indien er sprake is van misbruik van de ontheffing als bedoeld in lid 1 onder e, waarbij de ontheffing door het college van burgemeester en wethouders is ingetrokken, wordt gedurende het lopende jaar waarvoor de ontheffing is verleend geen nieuwe ontheffing verstrekt. Artikel 7 Handhaving a. Handhaving vindt plaats op basis van artikel 150, lid 1 en lid 2, en artikel 160 lid 1, lid 2 en lid 3 WVW en de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften. b. De handhaving wordt uitgeoefend door handhavingscamera’s, daartoe bevoegde ambtenaren en de politie. Artikel 8 Kosten De hoogte van de verschuldigde leges voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot ontheffing of het wijzigen van een ontheffing nadat deze is verleend is opgenomen in de tarieventabel van de Legesverordening van de gemeente Steenwijkerland en wordt jaarlijks geïndexeerd. Artikel 9 Nadere regels Het college van burgemeester en wethouders is bevoegd nadere regels te stellen met betrekking tot het aanvragen, het verlenen en het gebruiken van een ontheffing. 3 Artikel 10 Slot- en overgangsbepalingen Overige ontheffingen op basis van artikel 87 van het RVV, die voor de datum van inwerkingtreding van deze verordening zijn afgegeven, blijven geldig tot het verstrijken van de termijn waarvoor ze zijn afgegeven, doch uiterlijk tot 20 weken na de datum van inwerkingtreding van deze verordening.
Artikel 11 Inwerkingtreding en citeertitel 1. Deze verordening treedt in werking met ingang van 1 januari 2025. 2. Met het in werking treden van deze verordening vervalt de “Verordening selectieve toelating binnenstad Steenwijk” d.d. 2 juni 2009. 3. Deze verordening kan worden aangehaald als “Verordening selectieve toelating Steenwijkerland”.