CConstaterende datSteenwijkerland
Koppel je AI →
Document · PDF

2024-01-26 Saneringsplan PFAS-verontreiniging Woningbouwlocatie Steenwijk-Zuidoost (2)

Politieke Markt 10 juni 2025, gemeente SteenwijkerlandBij agendapunt: Gewijzigde vaststelling bestemmingsplan Steenwijk Zuid Oost (fase 1)37.106 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 4

RAPPORT Saneringsplan PFAS-verontreiniging Woningbouwlocatie Steenwijk- Zuidoost Saneringsplan Steenwijk-Zuidoost Klant: Gemeente Steenwijkerland Referentie: BJ6202-MI-RP-231206-1716 Status: Definitief/01 Datum: 26 januari 2024 Projectgerelateerd 26 januari 2024 SANERINGSPLAN BJ6202-MI-RP-231206-1716 ii HASKONINGDHV NEDERLAND B.V. Koggelaan 21 8017 JN Zwolle Netherlands Mobility & Infrastructure +31 88 348 65 00 info@rhdhv.com royalhaskoningdhv.com T E W Titel document: Saneringsplan PFAS-verontreiniging Woningbouwlocatie Steenwijk-Zuidoost Sub titel: Saneringsplan Steenwijk-Zuidoost Referentie: BJ6202-MI-RP-231206-1716 Uw kenmerk Status: Definitief/01 Datum: 26 januari 2024 Projectnaam: Saneringsplan Steenwijk-Zuidoost Projectnummer: BJ6202 Auteur(s): TRA Opgesteld door: TRA Gecontroleerd door: MW Datum: 26-01-2024 Goedgekeurd door: TRA Datum: 26-01-2024 Classificatie Projectgerelateerd Behoudens andersluidende afspraken met de Opdrachtgever, mag niets uit dit document worden verveelvoudigd of openbaar gemaakt of worden gebruikt voor een ander doel dan waarvoor het document is vervaardigd. HaskoningDHV Nederland B.V. aanvaardt geen enkele verantwoordelijkheid of aansprakelijkheid voor dit document, anders dan jegens de Opdrachtgever. Let op: dit document bevat mogelijk persoonsgegevens van medewerkers van HaskoningDHV Nederland B.V..

Voordat publicatie plaatsvindt (of anderzins openbaarmaking), dient dit document te worden geanonimiseerd of dient toestemming te worden verkregen om dit document met persoonsgegevens te publiceren. Dit hoeft niet als wet- of regelgeving anonimiseren niet toestaat. Projectgerelateerd 26 januari 2024 SANERINGSPLAN BJ6202-MI-RP-231206-1716 iii Inhoud 1 Inleiding 1 2 Saneringslocatie 2 2.1 Algemene informatie 2 2.2 Historie 2 2.3 Bodemopbouw en geohydrologie 4 2.4 Verontreinigingssituatie 5 2.4.1 Bovengrond 0-0,5 m-mv 5 2.4.2 Ondergrond (0,5-1,0 m-mv) 5 2.4.3 Ondergrond (> 1,0 m-mv) 5 2.4.4 Grondwater 6 2.4.5 Resume omvang grondverontreiniging 6 2.5 Gebiedspecifiek beleid 7 2.5.1 Risicobeoordeling 7 3 Uitgangspunten sanering 8 3.1 Algemene doelstelling 8 3.2 Keuze saneringsvariant 8 3.2.1 Uitgangspunten 8 4 Grondsanering 11 4.1 Voorbereiding 11 4.2 Grondverzet 12 4.2.1 Ontgraving grond 13 4.2.1.1 Grond > RI 13 4.2.1.2 Grond < RI 13 4.2.1.3 Grondwal 13 4.2.2 Aanvulling en afwerking terrein 14 4.2.2.1 Civieltechnische herbruikbaarheid vrijkomend zand 14 4.2.2.2 Aanvullingen 14 4.2.3 Hoeveelheden 14 5 Grondwatermonitoring 16 5.1 Algemeen 16 6 Milieukundige begeleiding 17 6.1 Algemeen 17 6.2 Grondsanering 17 Projectgerelateerd 26 januari 2024 SANERINGSPLAN BJ6202-MI-RP-231206-1716 iv 6.3 Evaluatie 18 7 Wet- en regelgeving 19 7.1 Veiligheidsmaatregelen 19 7.2 Vergunningen en meldingen

19 7.3 Betrokkenen 20 7.4 Communicatie 20 8 Tijdsduur en nazorg 21 8.1 Tijdsduur 21 8.2 Nazorg en gebruiksbeperkingen 21 Bijlagen Bijlage 1. Tekeningen verontreinigingssituatie rapport Grondslag Bijlage 2. Stedenbouwkundig plan Bijlage 3. Resultaten civieltechnisch onderzoek Bijlage 4. Ontgravingstekeningen Bijlage 5. Indicatieve berekening veiligheidsklasse Bijlage 6. Grondbalans Bijlage 7. Toetsing RI wonen met tuin Projectgerelateerd 26 januari 2024 SANERINGSPLAN BJ6202-MI-RP-231206-1716 1 1 Inleiding Uit de resultaten van bodemonderzoeken is gebleken dat ter plaatse van de woningbouwlocatie Steenwijk Zuidoost, gelegen nabij de percelen Meppelerweg 101-103 te Steenwijk, sprake is van sterk verontreinigde grond met PFAS. De verontreiniging bevindt zich met name in de bovenste meter van de grond en in het grondwater. In opdracht van de gemeente Steenwijkerland is door Royal HaskoningDHV voorliggend saneringsplan opgesteld. De aanleiding voor het opstellen van het saneringsplan wordt gevormd door de voorgenomen woningbouwplannen en de impact van de financiële consequenties op de haalbaarheid van deze plannen. Voorliggend saneringsplan beschrijft de grondstromen om te komen tot een voor het bevoegd gezag acceptabele basis voor de inrichting van de locatie.

De resultaten van de eerder verrichte bodemonderzoeken en het gebiedspecifiek beleid dat voor de locatie van toepassing is, hebben als uitgangspunt gediend voor de opzet van het saneringsplan. Projectgerelateerd 26 januari 2024 SANERINGSPLAN BJ6202-MI-RP-231206-1716 2 2 Saneringslocatie 2.1 Algemene informatie De ligging van de locatie is weergegeven in afbeelding 2.1. Afbeelding 2.1: Ligging saneringslocatie In onderstaande tabel 2.1 zijn de kadastrale gegevens weergegeven. Tabel 2.1. Informatie locatie Maaiveldhoogte Variërend van 1,4 tot 3,2 m + NAP Kadastrale aanduiding Gemeente Steenwijk. Sectie C, nrs 2598, 2599, 2629, 2634, 2636, 2642, 2643, 2695, 2869, 2904, 2905, 2907, 2938, Eigenaar Gemeente Steenwijkerland / Rotij Grondontwikkeling Oost B.V. / Woonconcept 2.2 Historie De navolgend beschreven informatie is afkomstig uit het afperkend onderzoek van Grondslag. De onderzoekslocatie is vanaf 1952 tot circa 2007 in gebruik geweest voor industriële activiteiten (tapijtfabriek). Vermoedelijk zijn in het productieproces PFAS stoffen gebruikt waardoor de voormalige industriële activiteiten waarschijnlijk de oorzaak zijn van de bodemverontreiniging met PFAS. Omdat niet bekend is vanaf wanneer PFAS is toegepast in het productieproces, is her historisch onderzoek gedaan naar het moment van het ontstaan van de PFAS-verontreiniging.

Projectgerelateerd 26 januari 2024 SANERINGSPLAN BJ6202-MI-RP-231206-1716 3 In maart 2023 is door Grondslag een notitie opgesteld ‘Zorgplichtanalyse PFAS verontreiniging Meppelerweg 101-103 Steenwijk’ waarin o.a. de historie van de onderzoekslocatie is beschreven met betrekking tot PFAS. Uit het historisch onderzoek komt naar voren dat medio 1950 het bedrijf Verto, fabrikant van biezen matten, cosmomatten en (Jabo) tapijt is gestart op het perceel van de huidige onderzoekslocatie. In 1975 is de tapijtproductie van Verto overgedragen aan de gebroeders van Heugten. Heuga wordt in de jaren ’90 voorgezet door Betap (tapijtfabriek) en Crilux (tapijtververij en -drukkerij). Aan de tapijtproductie komt medio 2006 een eind en het fabriekscomplex wordt in 2007 afgebroken. In het gemeentelijk archief zijn diverse zaken, die relevant zijn voor de verontreiniging met PFAS, naar voren gekomen, namelijk dat in 1977 een proces is gestart om tot een Hinderwetvergunning te komen voor de bedrijfsactiviteiten op de locatie. Deze Hinderwetvergunning blijkt een reparatie actie te zijn. In het archief zijn ook tekeningen gevonden (uit het jaar 1978) van de aanleg van een bezink- en beluchtingsvijver. De bezinkvijver was aanwezig op de plaats waar in het bodemonderzoek van Grondslag de hoogste concentraties PFAS worden aangetroffen.

Tevens is een Hinderwetvergunning aanwezig waarin wordt vermeld dat in het productieproces gebruik wordt gemaakt van Scotchgard F396 (hulpstof). Dit betreft een water- en vuilafstotend additief waarvan nu bekend is dat het sterk PFAS (specifiek PFOS) houdend is. In 2005 is de chemische kwaliteit van de bezinkvijver onderzocht door Royal Haskoning. In het historisch onderzoek is beschreven dat het afvalwater van het verfproces na beluchting in de bezinkvijver werd geloosd op het gemeentelijk riool. In een briefrapportage van Royal Haskoning wordt besproken dat de bodem van de bezinkvijver bestaat uit een dubbele laag folie. Niet bekend is waar het effluent van de bezinkvijver op werd geloosd. Het gehele historisch onderzoek van de onderzoekslocatie wordt beschreven in het aanvullend onderzoek (Grondslag, 2023) en de notitie ‘Zorgplichtanalyse PFAS verontreiniging Meppelerweg 101-103 Steenwijk’. Op het terrein (ter plaatse van vak 3) is volgens oud kaartmateriaal (www.topotijdreis.nl) vanaf 1985 tot circa 2007 een bezinkvijver aanwezig geweest waarop productiewater is geloosd. In januari-februari en september 2022 is een verkennend en aanvullend bodemonderzoek uitgevoerd waarbij in het aanvullend onderzoek verhoogde gehaltes aan PFAS zijn aangetoond. De resultaten zijn vastgelegd in de volgende rapporten.

[1] Verkennend milieukundig bodemonderzoek en verkennend onderzoek asbest in grond Crilux locatie aan de Meppelerweg te Steenwijk, door Sigma Bouw & Milieu, 22-M-10225, d.d. 28-02-2022; [2] Aanvullend bodemonderzoek van de bovengrond op PFAS-stoffen Criluxlocatie aan de Meppelerweg te Steenwijk, door SIGMA, kenmerk: 22-M10443-02-01, d.d. 08 september 2022). De onderzoekslocatie was opgedeeld in 8 terreindelen waarvan bij 7 terreindelen de bovengrond op basis van PFAS is beoordeeld als niet toepasbaar. In de bovengrond van terreindeel 3 is een PFOS-gehalte aangetoond van 100 μg/kg ds. De exacte oorzaak van de PFAS verontreiniging is niet achterhaald. In het verleden hebben diverse bodemonderzoeken op het overige deel van de onderzoekslocatie plaatsgevonden, namelijk: [4] Nulonderzoek Meppelerweg 103 te Steenwijk, door Royal Haskoning, kenmerk: 14042.C2078.A0/- R001/SH/PVW, d.d. maart 1995. [5] Verkennend en aanvullend bodemonderzoek terrein Meppelerweg 101 te Steenwijk, door Oranjewoud, document: 15009-03033 d.d. 28 mei 1999 en 16 november 1999. [6] AP04 grondwal, door Grondslag BV, project 6023 d.d. 6 december 2001. Projectgerelateerd 26 januari 2024 SANERINGSPLAN BJ6202-MI-RP-231206-1716 4 [7] Verkennend en actualiserend bodemonderzoek Meppelerweg 101 te Steenwijk, door Oranjewoud, project: 16546-14960, d.d. 7 december 2004.

[8] Verkennend en aanvullend bodemonderzoek Meppelerweg te Steenwijk, door Royal Haskoning, rapport 9R0279.01, d.d. 24 december 2004 en 02-06-2005. [9] Verkennend bodemonderzoek Meppelerweg 103 te Steenwijk, door EcoReest, opdracht: 050208, d.d. 22-11-2005. [10] Verkennend onderzoek slib vijver, door Royal Haskoning, referentie 9S0907.01/L002/RHW/RDEVE/- Stee d.d. 26-06-2006. [11] nader onderzoek asbest, door Royal Haskoning, rapport: 9S8355, d.d. 17-07-2007. [12] verkennend onderzoek smeerkuil en silo, door Royal Haskoning, rapport 9S8355, d.d. 27-08-2007. [13] Milieukundig bodemonderzoek a/d Meppelerweg 101, 103 en 103a te Steenwijk, opdracht 605008, door MOS Grondmechanica, d.d. 31-01-2008. [14] Evaluatierapport sanering Meppelerweg 103 te Steenwijk, door Boluwa Eco Systems BV, kenmerk 08019, d.d. 08-02-2008. 2.3 Bodemopbouw en geohydrologie De gegevens met betrekking tot de bodemopbouw en geohydrologie zijn ontleend aan de beschikbare onderzoeksgegevens. Uit het onderzoek van Grondslag blijkt dat de bodemopbouw tot 17 m-mv bestaat uit zand. De grondwaterstand bevindt zich globaal op 2,5 m-mv. Uit onderzoek op een nabijgelegen locatie (Praktijkgericht saneringsonderzoek Kornputkwartier, Witteveen+Bos, 9 november 2023) blijkt dat het sterk zandige bodemprofiel reikt tot minimaal 40 m-mv op basis van een nabijgelegen boring (zie fig. 2.2.).

De freatisch grondwaterstroming is waarschijnlijk noord- tot noordoostelijk gericht, min of meer gelijk aan het in die richting aflopende maaiveld. De stroming van het diepere grondwater is waarschijnlijk zuidwestelijk gericht. Figuur 2.2 Bodemopbouw op basis van nabijgelegen boring

Projectgerelateerd 26 januari 2024 SANERINGSPLAN BJ6202-MI-RP-231206-1716 5 2.4 Verontreinigingssituatie In relatie tot de aanwezigheid van bodemverontreinigingen zijn ter plaatse van de saneringslocatie meerdere bodemonderzoeken uitgevoerd. In de volgende rapportage zijn de onderzoeksgegevens beschreven tot en met 2023: Concept-rapport aanvullend nader bodemonderzoek naar PFAS, Meppelerweg 101-103 te Steenwijk, Grondslag, 7 december 2023. Op basis van het onderzoek van Grondslag is de verontreinigingssituatie in beeld gebracht. Hierbij heeft toetsing plaatsgevonden aan de risico-index (RI), als zijnde de som van de quotiënten van concentraties en risicogrenzen. De verontreinigingssituatie, zoals vastgesteld op basis van het onderzoek van Grondslag is onderstaand samengevat, waarbij deels gebruik is gemaakt van de beschrijvingen uit genoemd rapport. Voor een gedetailleerde beschrijving wordt verwezen naar het betreffende onderzoek. Hierbij wordt dezelfde vakindeling gehanteerd zoals benoemd in genoemd rapport. 2.4.1 Bovengrond 0-0,5 m-mv Voor een situatieoverzicht van de verontreinigingssituatie wordt verwezen naar bijlage 1. De RI wordt overschreden in de bovengrond van vak 3, ten dele vak 4, vak 7 en een groot gedeelte van vak 10 vanwege de overschrijding van de risicogrenzen van PFAS mengsels (RI) dan wel het gehalte aan PFOS.

De bovengrond van de overige delen van de onderzoekslocatie is bijna in zijn geheel beoordeeld als niet Toepasbaar op basis van met name verhoogde gehaltes aan PFOS en PFOA. Enkel de bovengrond van de boringen 06, 08, 17, 20, 30, 95 en 97 voldoen aan de Achtergrondwaarde of klasse Wonen/Industrie. De oppervlakte van de sterk verontreinigde grond >RI in de eerste halve meter van de bodem bedraagt circa 7.400 m2 (grote vlek) en 630 m2 (kleinere vlek). Het gezamenlijke oppervlakte sterk verontreinigde grond bedraagt 8.030 m2. De hoeveelheid sterk verontreinigde grond >RI in deze laag wordt geraamd op 4.015 m3 / 6.625 ton. 2.4.2 Ondergrond (0,5-1,0 m-mv) Voor een situatieoverzicht van de verontreinigingssituatie wordt verwezen naar bijlage 1. In de bodemlaag (0,5 – 1,0 m-mv) wordt de RI overschreden in het gehele vak 3, vak 7.2 en 10.1. Het oppervlak van de sterke verontreiniging (>RI) in de bodemlaag 0,5 – 1,0 m-mv bedraagt ca. 5.350 m2. De hoeveelheid sterk verontreinigde grond >RI in deze laag wordt geraamd op 2.675 m3 / 4.415 ton. 2.4.3 Ondergrond (> 1,0 m-mv) In het rapport van Grondslag is voor de verontreinigingssituatie dieper dan 1,0 m-mv geen beschrijving van de omvang gegeven, vanwege het beperkte aantal uitgevoerde analyses. In de laag van 1,0-2,0 m-mv zijn slechts 6 analyses beschikbaar waarvan er 2 in vak 3 de INEV over- schrijden.

In 2 andere analyses wordt de RI overschreden. In onderliggende lagen (> 3,0 m-mv) zijn geen overschrijdingen van de INEV aangetoond. Echter het aantal boringen en analyses in deze laag is zeer beperkt. Projectgerelateerd 26 januari 2024 SANERINGSPLAN BJ6202-MI-RP-231206-1716 6 Voor een inschatting van de omvang van de sterk verontreinigde grond >INEV worden de volgende aannames gedaan:  In vak 3 is aangetoond dat de lagen dieper dan 1,0 m-mv plaatselijk zijn verontreinigd boven de INEV, daarnaast zijn in en direct rond vak 3 in de laag van 0,0-1,0 m-mv INEV-overschrijdingen aangetoond. Voor de horizontale omvang van de INEV-contour is ervan uitgegaan dat de contour rond de INEV-overschrijdingen vanaf het 0,5 m-mv tot 1,5 -mv gelijk is.  Als onderzijde van de overschrijdingen van de INEV in de grond wordt uitgegaan van een diepte van 1,5 m-mv (aangetoond tot 1,5 m-mv > INEV en 1,5-2,0 m-mv >RI en < INEV). Dit resulteert voor de ondergrond (>1,0 m-mv) in de contour die is opgenomen in bijlage 2. De totale hoeveelheid sterk verontreinigde grond >INEV in de laag >1,0 m-mv wordt op basis van de genoemde uitgangspunten gelijkgesteld aan de hoeveelheid in de laag van 0,5-1,0 m-mv. 2.4.4 Grondwater Voor een situatieoverzicht van de verontreinigingssituatie wordt verwezen naar bijlage 1. Het grondwater in vak 3 is nader onderzocht.

In het grondwater van vak 3 worden PFAS-concentraties (PFOS en PFOA) boven de INEV-waarden inclusief gebruik grondwater als drinkwater (RIVM, 2021) aangetoond. De grondwaterverontreiniging is horizontaal niet geheel afgeperkt tot beneden deze INEV- waarden. In alle peilbuizen zijn gehalten PFOA boven de norm voor grondwater inclusief consumptie aangetoond, voor de norm grondwater exclusief consumptie ligt dit anders. Globaal berekend betreft het oppervlak van het grondwater verontreinigd met PFAS boven de norm voor grondwater exclusief consumptie ruim 4.350 m2. De verontreiniging is aangetoond tot op een diepte van 12 m-mv (exclusief consumptie), op 17 m-mv is de concentratie dusdanig afgenomen dat het gehalte PFOA onder de norm inclusief consump- tie ligt. Gemiddeld genomen wordt aangenomen dat de verontreiniging in het grondwater tenminste tot 17 m-mv aanwezig is. Het bodemvolume verontreinigd grondwater bedraagt dan circa 41.325 m3 voor de norm grondwater exclusief consumptie waarbij de gemiddelde grondwaterstand van 2,5 m-mv wordt gehanteerd. 2.4.5 Resume omvang grondverontreiniging In navolgende tabel is op basis van de onderzoeken van Grondslag en een interpretatie door RHDHV de omvang van de verwachtte bodemverontreiniging boven de RI en INEV weergegeven op basis van de uitgevoerde bodemonderzoeken. Hierbij is, voor de laag van 0,0-0,5 m-mv.

ervan uitgegaan dat 50% >RI is en 50% >INEV. Tabel 2.1 Verontreinigingsomvang per bodemlaag en kwaliteit Deellocatie Laag Oppervlak > RI Oppervlak > INEV Hoeveelheid >RI Hoeveelheid > INEV (m-mv) (m²) (m²) (m3 vast) (m3 vast) Bovengrond 0-0,5 m -mv 4.015 4.015 2.008 2.008 Ondergrond 0,5-1,0 m -mv 5.350 2.675 Ondergrond >1,0 m -mv 5.350 2.675 Totaal 2.008 7.358 Projectgerelateerd 26 januari 2024 SANERINGSPLAN BJ6202-MI-RP-231206-1716 7 2.5 Gebiedspecifiek beleid Door de gemeente Steenwijkerland is in december 2023 gebiedspecifiek beleid vastgesteld welke voor onderhavige plangebied van toepassing is. Dit houdt samengevat het navolgende in: - Grond met PFAS boven de RI moet worden verwijderd en afgevoerd; - Grond met PFAS onder de RI kan worden hergebruikt; - De grondwaterverontreiniging wordt niet aangepa kt, mits er geen sprake is van risico’s. De basis van dit laatste punt dient een hydrologische analyse te worden uitgevoerd / aanwezig te zijn, waarbij tenminste wordt gekeken naar de gevolgen voor de drinkwaterwinning Havelterberg van Vitens en kwetsbaar oppervlaktewater. Navolgend is hiervoor een eerste inschatting gemaakt die in een later stadium dient te worden uitgewerkt.

2.5.1 Risicobeoordeling Door TAUW is een risicobeoordeling uitgevoerd met betrekking tot de aanwezige bodemverontreiniging (Notitie risicobeoordeling bodemverontreiniging met PFAS op voormalige Crilux-locatie, TAUW, 12 december 2022). Hierin is met betrekking tot verspreidingsrisico’s geconcludeerd dat op basis van de huidige gegevens er geen sprake is van milieuhygiënische hinder, omdat er geen grondwateronttrekking in de nabijheid aanwezig is er geen aanleiding is aan te nemen dat potentieel kwetsbare objecten worden bedreigd. Naar verwachting is er geen sprake van drijf- of zaklagen en het volumecriterium voor een grote verontreiniging wordt vermoedelijk niet overschreden. In de risicobeoordeling wordt opgemerkt dat de grondwaterverontreiniging niet is afgeperkt tot beneden de INEV-waarden. Aanbevolen wordt te bevestigen, dat het volumecriterium niet wordt overschreden, door middel van afperkend grondwateronderzoek. Ter aanvulling op de uitgevoerde risicobeoordeling kan nog worden vermeld dat de locatie niet is gelegen in een grondwaterbeschermingsgebied (zie figuur 2.3) en/of intrekgebied. De drinkwaterwinning Havelterberg is gelegen op meer dan 2 km ten oosten van de locatie.

In uitgevoerd onderzoek (Praktijkgericht saneringsonderzoek Kornputkwartier, Witteveen+Bos, 9 november 2023) ter plaatse van het Kornputkwartier ((met eveneens een verontreiniging met PFAS in het grondwater), gelegen tussen de onderhavige locatie en de drinkwaterwinning, is geconcludeerd dat sprake is van een zuidwestelijk gerichte grondwaterstroming. Derhalve is er geen risico ten aanzien van de drinkwaterwinning Havelterberg. Figuur 2.3 Ligging grondwaterschermingsgebied / intrekgebied locatie Projectgerelateerd 26 januari 2024 SANERINGSPLAN BJ6202-MI-RP-231206-1716 8 3 Uitgangspunten sanering 3.1 Algemene doelstelling In verband met de aanwezige verontreinigingen met PFAS en de ontwikkeling van de locatie met woning- bouw dienen saneringsmaatregelen te worden getroffen. Hiervoor wordt een sobere en doelmatige functiegerichte aanpak beoogd. Uitgangspunt voor de saneringsaanpak is het gebiedspecifiek beleid (Nota bodembeheer Regio IJsselland, TAUW, 27 oktober 2023) dat door de gemeente Steenwijkerland is vastgesteld. Het doel van de sanering is alle sterk verontreinigde grond boven de INEV te verwijderen en is alle verontreinigde grond boven de RI (RI> 1) in de bovenste meter te verwijderen ter plaatse van gevoelig gebruik, waardoor er ten aanzien van de grond geen risico’s meer gelden in het gebied.

Vanwege de aanwezigheid van verontreinigingen met gehalten boven de interventiewaarden in het grondwater gelden er na de grondsanering gebruiksbeperkingen met betrekking tot het grondwater. 3.2 Keuze saneringsvariant Vanwege de verontreiniging met PFAS in de grond wordt uitgegaan van een sanering door middel van ontgraving tot aan de INEV-waarde voor PFAS. Daarnaast wordt in de bovenste meter de verontreinigde grond tot aan de RI verwijderd ter plaatse van gevoelig gebruik. De vrijkomende en af te voeren sterk verontreinigde grond (> INEV) is vooralsnog niet reinigbaar en dient te worden gestort. Mogelijk dat ten tijde van de uitvoering er wel reinigingstechnieken beschikbaar zijn. Dit zal op dat moment beoordeeld moeten worden. Grond boven de RI (en < INEV) dient te worden gereinigd. Overige vrijkomende veront- reinigde grond wordt herschikt binnen de locatiegrenzen voor zover mogelijk. Eventuele overtollige grond dient te worden afgevoerd, waarbij de verontreinigde grond eveneens dient te worden gereinigd indien deze is beoordeeld als niet toepasbaar. Voor het grondwater zijn geen actieve saneringsmaatregelen voorzien. Op basis van een voorlopige inschatting is er geen sprake van risico’s voor kwetsbare objecten zoals de drinkwaterwinning of opper- vlaktewater. Voor het grondwater zal alleen een monitoringsprogramma worden opgesteld.

3.2.1 Uitgangspunten Voor de verontreinigingssituatie geldt paragraaf 2.4 van dit rapport. Met betrekking tot het herschikken van verontreinigde grond is het stedenbouwkundig plan leidend. Het stedenbouwkundig plan is opgenomen in bijlage 2. Daarnaast zijn, op basis van de nota bodembeheer, de volgende uitgangspunten gedefinieerd die worden gehanteerd bij de uitwerking van de saneringsvariant: Peil - Met betrekking tot het te hanteren peil wordt uitgegaan van het huidige maaiveld. Hiervoor wordt de inmeting (DTM) van Timmermanslandmeetkunde van 17-11-2022 (kenmerk: 18227_55_I3- 4_Steenwijk Zuidoost DTM) gehanteerd. - Ontgravingen en herschikken van de grond worden gerelateerd aan het huidig maaiveld. Globaal loopt het maaiveld van zuid naar noord af, van circa 3,5 m+NAP naar 1 m+NAP. Projectgerelateerd 26 januari 2024 SANERINGSPLAN BJ6202-MI-RP-231206-1716 9 Ontgravingen verontreinigde grond - Verontreinigde grond boven de INEV wordt ontgraven, in depot gezet en afgevoerd naar een erkende verwerker. Daarnaast wordt ter plaatse van die delen van de locatie waar direct contact mogelijk is (bermen, openbaar groen, speelplaatsen, wadi’s) ontgraven tot RI tot maximaal 1 m-mv. Ook deze grond wordt afgevoerd naar een erkende verwerker. Ter plaatse van de tuinen en speelplaatsen wordt ontgraven tot de RI voor wonen met tuin1 tot maximaal 1 m-mv.

Grond > RI wordt afgevoerd naar een erkende verwerker en grond < RI wordt herschikt binnen de locatiegrenzen. - Grond >RI en <INEV wordt niet ontgraven wanneer da t niet strijdig is met de te realiseren kwaliteit zoals hierboven aangegeven; - Voor de ontgraving > RI wordt voor de bovens te meter uitgegaan van de contouren zoals weerge- geven in het rapport van Grondslag, zie hiervoor paragraaf 2.4 van dit saneringsplan. Voor de ontgraving van de grond > INEV wordt uitgegaan van de interpretatie zoals weergegeven in paragraaf 2.4. - Te ontgraven grond, met gehalten onder de RI, wo rdt herschikt binnen de locatiegrenzen. Hierbij wordt voor de bovenste meter uitgegaan van de vlekken zoals weergegeven in het rapport van Grondslag (zie par 2.4 van dit rapport). - De aan te leggen nutstracé’s worden daar waar verontreinigd ontgraven tot maximaal een diepte van 1,3 m-mv met een breedte van 1,8 meter. Deze tracés worden aangevuld met grond die voldoet aan de RI voor wonen met tuin en geen organisch stof bevat. Voor de ligging van deze tracés is nog geen ontwerp beschikbaar. De lengte en ligging van de te realiseren tracés wordt gerelateerd aan het stratenpatroon uit het stedenbouwkundig ontwerp. - Voor het cunet voor de aan te leggen riolering wordt uitgegaan van een gemiddelde ontgraving van 2,5 m-mv met een talud van 1:1 en een sleufbreedte van 0,75 m op 2,5 m-mv.

Voor de ligging is nog geen ontwerp beschikbaar. Uitgegaan wordt van ligging in het midden van het straten- patroon conform het stedenbouwkundige ontwerp. Ter plaatse van de INEV-contour wordt ervan uitgegaan dat in de laag van 1,5 tot 2,5 m-mv grond > RI vrijkomt ter plaatse van het rioolcunet. - Voor de wegen en voetpaden wordt een cunet gegrav en tot 0,5 m-mv ter plaatse van de veront- reinigde gebieden. Er wordt ervanuit gegaan dat geen verdere grondverbetering nodig is voor de cunetten. - Onder de woningen komt geen kruipruimte. V oor de benodigde ruimte voor de funderingen en vloeren wordt, ter plaatse van de verontreinigde gebieden uitgegaan van een gemiddelde ontgravingsdiepte van 0,5 m. Toepassingen - Vrijkomende grond < INEV (dus ook > RI) uit het rioolcunet kan worden teruggeplaatst indien wordt voldaan aan de voorwaarden voor tijdelijke uitname. Toepassing van grond > RI is alleen mogelijk boven de grondwaterspiegel tot een maximale diepte van 2 m-mv. Indien niet aan deze voorwaarden kan worden voldaan, dient de grond >RI te worden afgevoerd naar een erkende verwerker. - Vrijkomende verontreinigde grond (<RI) wordt t oegepast in de ontgraving van de sanering tot een hoogte die aansluit bij de dieptes voor de verschillende bestemmingen zoals genoemd in boven genoemde uitgangspunt ‘ontgravingen verontreinigde grond’.

Daarnaast kan vrijkomende grond (<RI) worden toegepast in de ontgraving van het rioolcunet in de laag tot 2 m-mv (gebiedspecifiek beleid is alleen van toepassing op de laag van 0-2 m-mv). 1 De RI voor wonen met tuin is bepaald op basis van de memo Achtergrondwaarden en risicogrenzen ten behoeve van onderbouwing Maximale Waarden PFAS voor toepassen van grond en baggerspecie (RIVM, 20 juli 2021). Hiertoe zijn de beschikbare relevante analyses getoetst aan de in de memo opgenomen risicogrenzen voor wonen met tuin. De toetsing is opgenomen in bijlage 7. De RI contour (wonen met tuin) is opgenomen op de ontgravingstekeningen in bijlage 4. Projectgerelateerd 26 januari 2024 SANERINGSPLAN BJ6202-MI-RP-231206-1716 10 Grondwal - De (deels) te ontgraven wal wordt afgevoerd na ar een verwerkingslocatie elders. Uitgangspunt hierbij is dat het klasse Industriegrond betreft. De wal wordt ontgraven tot een hoogte van 3 m boven maaiveld (nu circa 6 meter hoog). Daarnaast wordt de wal ter plaatse van een doorsteek volledig ontgraven. - De wal wordt in zijn geheel afgedekt met een laag grond met een dikte van 0,5 meter die voldoet aan klasse wonen. Waarmee een eindhoogte van 3,5 m wordt gerealiseerd. Grondwater - Voor het grondwater zijn geen actieve sanerin gsmaatregelen voorzien.

Op basis van een voor- lopige inschatting is er geen sprake van risico’s voor de drinkwaterwinning of kwetsbaar opper- vlaktewater. Hiervoor zal alleen een monitoringsprogramma worden opgesteld. - Indien het nodig is om tijdens de werkzaamheden grondwater te bemalen/onttrekken, dient het vrijkomende grondwater zoveel mogelijk in de directe nabijheid geïnfiltreerd te worden in de bodem. Uitkeuringen - Voor het uitkeuren van de ontgravingen word t uitgegaan van het BRL SIKB 6000-protocol 6001 “Milieukundige begeleiding landbodemsanering met conventionele methoden en nazorg”. - Alle af te voeren grond wordt eerst in depot gezet en indicatief gekeurd om de definitieve afzetbestemming te bepalen. - Grond welke op basis van een niet-reinigbaarheids verklaring gestort dient te worden zal AP04- gekeurd worden alvorens deze afgevoerd kan worden Projectgerelateerd 26 januari 2024 SANERINGSPLAN BJ6202-MI-RP-231206-1716 11 4 Grondsanering 4.1 Voorbereiding De grondwerkzaamheden worden uitgevoerd door een aannemer onder het certificaat van de BRL SIKB 7000 ‘Uitvoering van (water)bodemsaneringen’ in combinatie met het protocol 7001 ‘Uitvoering land- bodemsanering met conventionele methoden’. Indeling werkterrein Ter voorkoming van betreding door onbevoegden, zal het projectgebied worden afgesloten voor derden en de saneringslocaties worden afgeschermd met bouwhekken.

Het werkgebied ten behoeve van de grondsanering wordt gescheiden in een schone en verontreinigde werkzone. Vanuit de schone zone is/zijn de verontreinigde zone(s) voor bevoegden bereikbaar via een vuil/schoonunit (omkleed- en sanitaire ruimte). Binnen het saneringsgebied worden zo nodig tijdelijk een of meerdere gronddepots ingericht. Verontreinigde grond boven de RI wordt opgeslagen op een folie om vermenging met het onderliggende maaiveld te voorkomen. Om verwaaiing van stofdeeltjes en infiltratie van hemelwater te voorkomen, wordt opgeslagen verontreinigde grond afgedekt met een folie als bovenafdichting. In geval van droogte zal binnen de ontgraving eventuele verstuiving van grond- en stofdeeltjes zoveel mogelijk worden tegengegaan. De transportroute binnen het te saneren gebied wordt schoongehouden. Voordat voertuigen het werkterrein verlaten, worden deze zo nodig ontdaan van aanhangende (verontreinigde) grond. Transportroute en verwijderen begroeiing Binnen de saneringslocatie is plaatselijk sprake van struikgewas. Ten behoeve van de grondsanering/her- inrichting worden struiken/bomen gekapt en gerooid. De transportroute van af te voeren grond vindt plaats via een uitrit op de Meppelerweg in de zuidoostelijke hoek van het terrein, zodat de overlast voor omwonenden minimaal is. Bij de in- en uitrit van de saneringslocatie zal een borstelplaats worden gerealiseerd.

Kabels en leidingen Voorafgaande aan de werkzaamheden (minimaal 3 werkdagen) wordt door de aannemer een KLIC- melding verricht. Op basis van informatie tijdens voorgaande onderzoeken worden kabels en leidingen niet verwacht binnen de saneringslocaties. Ontplofbare oorlogsresten Door AVG is een vooronderzoek uitgevoerd voor de gehele gemeente Steenwijkerland (Vooronderzoek Gemeente Steenwijkerland, AVG, 8 september 2014). Hieruit blijkt dat op de locatie deels als verdacht is aangemerkt (zie onderstaande figuur 4.1). Projectgerelateerd 26 januari 2024 SANERINGSPLAN BJ6202-MI-RP-231206-1716 12 Figuur 4.1. Uitsnede CE-bodembelastingkaart. Archeologie Op de locatie is door Aeres Milieu een archeologisch onderzoek uitgevoerd (Archeologisch verkennend veldonderzoek door middel van boringen Meppelerweg (ong) te Steenwijk, Aeres, 20 mei 2022). Op basis van de resultaten is voor een deel van het plangebied vervolgonderzoek aanbevolen. In relatie tot de voorgenomen graafwerkzaamheden is vervolgonderzoek nodig. Ecologie Op basis van een ecologische quickscan (Quickscan natuurtoets woningbouw Steenwijk Zuidoost fase 1, Steenwijk, Ecogroen, 12 oktober 2022). In de quickscan wordt geconcludeerd dat er geen directe negatieve gevolgen zijn ten aanzien Natura2000-gebieden en waarden van het Natuurwerk Nederland niet worden aangetast.

In de quickscan is geen berekening met betrekking tot stikstofdepositie uitgevoerd, dit dient nog plaats te vinden. Ten aanzien van de soortbescherming is een ontheffing Wet natuurbescherming nodig voor egel, kleine marterachtigen en sleedoornpage. 4.2 Grondverzet Tijdens de grondsanering zal de verontreinigde grond worden ontgraven onder milieukundige begeleiding (zie paragraaf 5.2). Hierbij zal op basis van de beschikbare onderzoekresultaten onderscheid gemaakt worden tussen potentieel herschikbare en af te voeren verontreinigde grond. Binnen deze laatste categorie zal onderscheid worden gemaakt tussen grond die gestort moet worden (>INEV) en grond die gereinigd kan worden (grond > RI en < INEV). De uitgangspunten hiervoor zijn opgenomen in par. 3.1, navolgend is een korte samenvatting geven. Met betrekking tot de grond met concentraties aan PFAS < RI is op basis van het gebiedspecifiek beleid vrij grondverzet mogelijk. Op basis van de inrichting zijn randvoorwaarden gesteld aan de eindkwaliteit. Dit houdt in dat: - de bovenste meter van de tuinen voldoet aan RI wonen met tuin; - de bovenste meter van speelplaatsen voldoet aan RI wonen met tuin. In het stedenbouwkundig ontwerp is 1 speelplaats voorzien in de zuidoosthoek van het gebied. Ter plaatse voldoet de grond in de huidige situatie aan RI wonen met tuin.

- het nutstracé (1,8 meter breed en 1,3 meter diep) voldoet aan RI wonen met tuin; - de overige functies voldoen aan niet toepasbaar (<RI).

Projectgerelateerd 26 januari 2024 SANERINGSPLAN BJ6202-MI-RP-231206-1716 13 In navolgende paragrafen is een stappenplan uitgewerkt voor de uitvoering van de sanering / het grond- verzet. 4.2.1 Ontgraving grond 4.2.1.1 Grond > RI De grond met concentraties aan PFAS > RI bevindt zich op het noordelijk terreindeel. De bovengrond wordt tot 1,0 m-mv over een oppervlakte van ca. 8.200 m² onder toezicht van een milieukundig begeleider ontgraven. Gezien de grondwaterstand, circa 2,5 m-mv, kan deze ontgraving in den droge uitgevoerd worden. In de laag dieper dan 1 m-mv wordt de grond met concentraties boven de INEV ontgraven. Op basis van de beschikbare gegevens betreft dit de laag tot circa 1,5 m-mv, zodat ook deze ontgraving in den droge kan worden uitgevoerd. De verontreinigde grond wordt eerst op locatie in depot gezet en na keuring afgevoerd naar een erkende verwerker. 4.2.1.2 Grond < RI De ten behoeve van de herinrichting te ontgraven grond <RI wordt, onder toezicht van de milieukundige begeleider, in depot gezet. Hierbij wordt onderscheid gemaakt tussen de op basis van de uitgevoerde bodemonderzoeken vastgestelde kwaliteiten: - grond < RI en > RI wonen met tuin; - grond < RI wonen met tuin en > wonen - grond < wonen).

Grond die op basis van de bodemonderzoeken voldoet aan de bovenstaande kwaliteiten wordt eerst in depot gekeurd voordat deze wordt toegepast, dit vormt een extra borging om te voldoen aan de beoogde eindkwaliteit ter plaatse van de verschillende bestemmingen. Grond die niet in het plan kan worden hergebruikt wordt afgevoerd naar een erkende verwerker. 4.2.1.3 Grondwal De grondwal aan de west- en noordzijde van het terrein heeft een hoogte van circa 6 meter. De kwaliteit van de grond betreft klasse industrie (Indicatief onderzoek grondwal achter Meppelerweg 95 te Steenwijk, Sigma, 14 februari 2022 / Partijkeuring grond (deelpartij 2) Meppelerweg 95 te Steenwijk, Grondslag, 1 juli 2022 / Indicatief onderzoek deklaag grondwal (deelpartij 2) achter Meppelerweg 95 te Steenwijk, Sigma, 7 september 2022). In het stedebouwkundig plan is voorzien dat de grondwal maximaal 3,5 meter hoog wordt ten opzichte van het omringende maaiveld. Daarnaast wordt de grondwal aangemerkt als GBT (grootschalige bodemtoe- passing), hetgeen betekent dat deze dient te worden afgedekt met een 0,5 meter grond die voldoen aan RI wonen met tuin. Hiertoe dient de grondwal te worden ontgraven tot een hoogte van 3 meter boven maaiveld en vervolgens te worden afgedekt zodat een uiteindelijke hoogte van 3,5 m boven maaiveld wordt bereikt.

Voordat deze vrijkomende grond afgevoerd kan worden, zal deze gekeurd dienen te worden. Projectgerelateerd 26 januari 2024 SANERINGSPLAN BJ6202-MI-RP-231206-1716 14 4.2.2 Aanvulling en afwerking terrein 4.2.2.1 Civieltechnische herbruikbaarheid vrijkomend zand Door middel van het bepalen van een aantal (indicatieve) civieltechnische zeefkrommes is inzicht verkregen in herbruikbaarheid van het aanwezige zand. De resultaten van het uitgevoerde onderzoek zijn opgenomen in bijlage 3. Hierbij heeft onderzoek plaatsgevonden van de bovenste meter van het profiel. Vak 8 (met gehalten aan organisch stof > 3 mg/kg ds) en het noordelijk deel van de locatie (gehalten > RI) zijn niet in het onderzoek opgenomen. Uit de bepalingen blijkt dat alle onderzochte monsters voldoen aan “zand voor aanvulling”. Daarnaast zijn 8 van de 10 onderzochte monsters “zand voor zandbed”. Aangezien alleen de wegen, de riooltracés en nutstracés dient te voldoen aan de criteria voor “zand voor aanvulling” en “zand voor zandbed”, wordt er- van uitgegaan dat er in principe voldoende bruikbaar zand is voor diverse toepassingen. In de voorberei- ding dient hier met de grondstromen rekening mee te worden gehouden. In het kader van het onderhavige saneringsplan is bij het opstellen van de grondbalans geen onderscheid gemaakt in beide civieltechnische kwaliteiten.

4.2.2.2 Aanvullingen Nadat de (verontreinigde) grond is ontgraven wordt op een aantal locaties een signaleringsdoek aange- bracht op de putbodem om het onderscheid aan te geven tussen twee verschillende grond kwaliteiten. Dit betreffen de volgende locaties: - In de ontgravingsput van de te ontgraven INEV- contour vanaf 1 m-mv, indien bij de uitkeuring blijkt dat de kwaliteit > RI bedraagt (om het onderscheid aan te geven tussen de ondergrond > RI en de aanvulgrond < RI). - In de tuinen, indien de laag dieper dan 1 m-mv verontreinigd (>RI wonen met tuin, om het onderscheid aan te geven tussen de ondergrond en de aanvulgrond < RI wonen met tuin). - In de rioolsleuf, om het onderscheid aan te geven tussen de ondergrond en de aanvulgrond (niet toepasbaar < RI). De totale oppervlakte voor het toepassen van signaleringsdoek wordt geraamd op 5.000 m2. Voor de aanvullingen ter plaatse van de te ontgraven RI/INEV-contour en de rioolsleuf, wordt eerst gebruik gemaakt van de in de depot aanwezige niet toepasbare grond (<RI), waarna eventueel grond met een betere kwaliteit wordt hergebruikt. Hiermee wordt de hoeveelheid af te voeren niet toepasbare grond zoveel mogelijk beperkt. Voor de overige aanvullingen dient alle toe te passen grond te voldoen aan RI wonen met tuin. Aan te voeren zand en grond dient te voldoen aan de kwaliteit klasse wonen.

Vrijgekomen grond met verwachte kwaliteit RI wonen met tuin wordt voor toepassing eerst gekeurd. Per partij van maximaal 500 m³ wordt uit diverse steken (richtlijn minimaal 1 steek per 10 m³) een representatief mengmonster samengesteld. Het mengmonster wordt geanalyseerd op droge stof, organische stof, lutum en PFAS. Aan te voeren grond dient te zijn voorzien van een bewijsmiddel dat deze voldoet aan klasse wonen. 4.2.3 Hoeveelheden Een overzicht van de geraamde hoeveelheden vrijkomende en toe te passen grond is weergegeven in bijlage 6. Een samenvatting is weergegeven in tabel 4.1. (de deels af te voeren grondwal, geraamd 7.210 m3, is hierbij buiten beschouwing gelaten). Projectgerelateerd 26 januari 2024 SANERINGSPLAN BJ6202-MI-RP-231206-1716 15 Tabel 4.1: Hoeveelheden vrijkomende en toe te passen grond (in m3) > INEV >RI < INEV Niet toepasbaar < RI (< RI en > RI wonen met tuin) Toepasbaar* (RI wonen met tuin) Ontgraven 7.363 2.603 3.279 28.968 Verwerken - - 3.279 24.813 Afvoeren 7.363 2.603 - 4.156 Aanvoeren - - - 6.388 * Van deze toepasbare grond is circa 40% klasse wonen en de overige 60% alleen toepasbaar binnen het plangebied gezien de gebiedspecifieke omstandigheden voor PFAS (RI wonen met tuin).

Projectgerelateerd 26 januari 2024 SANERINGSPLAN BJ6202-MI-RP-231206-1716 16 5 Grondwatermonitoring 5.1 Algemeen Voor het grondwater geldt als uitgangspunt dat geen actieve saneringsmaatregelen zijn voorzien. Op basis van een voorlopige inschatting is er geen sprake van risico’s voor kwetsbare objecten (de drink- waterwinning of kwetsbaar oppervlaktewater). Afperking van de INEV-contour is echter nog wel nodig. Op basis van deze uitgangspunten is in het kader van onderhavig saneringsplan een monitoringprogramma opgesteld. De beschikbare peilbuizen bevinden zich allen in het brongebied. De verontreiniging is vastgesteld tot een diepte van 17 m-mv. Op basis van een verdere afperking en/of modellering zullen monitoringspeilbuizen worden geplaatst om aan te tonen dat er geen kwetsbare objecten worden bereikt en dat de verontreini- ging niet verder verspreidt dan de nog nader in beeld te brengen INEV-contour. In tabel 5.1 is een voor- lopige inschatting gegeven van de monitoring. De grondwatermonsters worden geanalyseerd op PFAS. De grondwatermonitoring is in principe langdurig, vooralsnog wordt uitgegaan van 30 jaar. Voor de moni- toringsfrequentie wordt uitgegaan van 5-jaarlijks.

Echter wanneer in deze periode uit de monitoring reeds blijkt dat de verontreiniging stabiel is (geen toenamen meer in de monitoringsfilters of zelfs krimpende pluim) kan overwogen worden de monitoring eerder te beëindigen of te extensiveren. Gesteld wordt dat hiervan sprake is wanneer uit drie achtereenvolgende monitoringsrondes blijkt dat geen sprake meer is van een stijgende trend. Tabel 5.1: Monitoringspeilbuizen met actiewaarden Monitoringsfilter Filterstelling (m- mv) Controledoel monitoring Acties / opmerking Op de grens (stroomafwaarts) van bronlocatie 1 peilbuis 4-5 9-10 15-16 19-20 24-25 Controle verspreiding vracht vanuit bron naar pluimgebied. Bij gelijkblijvende of dalende concentraties onderbouwing dat verontreiniging stabiel wordt. Eerste deel grondwaterverontreiniging, betreft gebied met verhoogde concentraties direct achter bronlocatie 3 peilbuizen 5-6 9-10 15-16 19-20 24-25 Bewaking verspreiding vracht vanuit bron naar pluim. Bij gelijkblijvende of dalende concentraties onderbouwing dat verontreiniging stabiel wordt. Middengebied grondwaterverontreiniging, met sterk verhoogde waarden 3 peilbuizen 5-6 9-10 15-16 19-20 24-25 Controle verspreiding vracht naar pluim en bewaking verspreiding in de breedte van de pluim Bij gelijkblijvende of dalende concentraties onderbouwing dat verontreiniging stabiel wordt.

Front/pluim grondwaterverontreiniging 3 peilbuizen 5-6 9-10 15-16 19-20 24-25 Controle/bewaking verspreiding Projectgerelateerd 26 januari 2024 SANERINGSPLAN BJ6202-MI-RP-231206-1716 17 6 Milieukundige begeleiding 6.1 Algemeen De milieukundige begeleidingswerkzaamheden worden uitgevoerd onder certificaat van de BRL SIKB 6000 ‘Milieukundige begeleiding van (water-)bodemsaneringen, ingrepen in de waterbodem en nazorg’ in combinatie met protocol 6001 ‘Milieukundige begeleiding landbodemsanering met conventionele methoden en nazorg’. Alle graafwerkzaamheden in het kader van de grondsanering / herschikking vinden plaats onder toezicht van een milieukundig begeleider. De werkzaamheden met betrekking tot het benodigde grondwerk binnen de saneringslocatie worden dagelijks gerapporteerd in een logboek. Het logboek is tijdens de uitvoering van de werkzaamheden digitaal beschikbaar. 6.2 Grondsanering Toezicht en registratie Voorafgaande aan en tijdens de graafwerkzaamheden zullen door de milieukundig begeleider de ont- gravingsgrenzen worden aangegeven. Binnen de ontgravingscontour vindt een laagsgewijze ontgraving plaatsvinden tot een diepte van circa 1,5 m -mv. In bijlage 4 zijn de ontgravingsgrenzen en –diepten weergegeven. Op basis van de analyseresultaten van controlemonsters, uitgangspunten en randvoorwaarden van de sanering wordt de ontgraving al dan niet doorgezet.

Gedurende de grondsanering worden de ontgravings- grenzen en –diepten van de sanering ingemeten. Tijdens de graafwerkzaamheden wordt toegezien op selectieve ontgraving van verontreinigde grond boven en onder de terugsaneerwaarde. De vrijkomende grondstromen worden op aanwijzing van de milieukundige begeleider in tijdelijke depots geplaatst. Controlebemonsteringen Na het ontgraven van de verontreinigde grond wordt de ontgraving uitgekeurd. Hierbij worden de putbodems van de ontgraving bemonsterd ter vaststelling van de ontgravingsgrenzen op basis van de terugsaneerwaarde (INEV/RI). De milieukundige processturing en verificatie wordt uitgevoerd conform protocol 6001 voor niet mobiele verontreiniging. De werkzaamheden worden uitgevoerd door een erkend bodemintermediair conform de BRL SIKB 6000. De putbodems en -wanden worden uitgekeurd op PFAS (incl. op droge stof, organische stof, lutum) In tabel 5.2 is de monsternamestrategie weergegeven voor respectievelijk niet mobiele verontreinigingen / mobiele niet vluchtige verontreinigingen Alle afzonderlijke controlemonsters worden, op basis van het gemeten humus- en lutumgehalte in het monster, getoetst aan de terugsaneerwaarde (INEV/RI).

Projectgerelateerd 26 januari 2024 SANERINGSPLAN BJ6202-MI-RP-231206-1716 18 Tabel 5.2: Bemonsteringsrichtlijn niet mobiele / mobiele niet vluchtige verontreinigingen Niet mobiele verontreiniging / Niet-vluchtige verontreinigingen Putbodem • per 100 m2 ontgravingsvlak;. • analyse van een mengmonster samengesteld uit minimaal 10 gutssteken; • indien het oppervlak kleiner is dan 100 m2 dan is het aantal steken proportioneel kleiner met het oppervlak, met een minimum van 5 gutssteken; • bemonstering per te onderscheiden bodemtextuur Putwanden • per 50 m2 ontgravingsvlak met een maximale verticale laagdikte van 1 meter; • analyse van een mengmonster samengesteld uit minimaal 10 gutssteken; • indien het oppervlak kleiner is dan 50 m2 dan is het aantal steken proportioneel met het oppervlak, met een minimum van 5 gutssteken; • bemonstering per te onderscheiden bodemtextuur. Aanvulling bij bemonstering mobiele niet vluchtige verontreiniging: • separate bemonstering boven en onder gemiddeld hoogste grondwaterstand bemonstering per te onderscheiden bodemtextuur Steekdiepte 0,1-0,3 m achter het ontgraven oppervlak. Ter beoordeling van de afzetbestemming worden depots indicatief gekeurd door de milieukundig begeleider. Per partij van maximaal 500 m³ wordt uit diverse steken (richtlijn minimaal 1 steek per 10 m³) een representatief mengmonster samengesteld.

Het mengmonster wordt geanalyseerd op droge stof, organische stof, lutum en PFAS. Grond die op basis van deze indicatieve keuring als te storten grond wordt aangeduid, zal voordat deze kan worden afgevoerd worden samengevoegd in grotere partijen en worden gekeurd met een formele partijkeuring (AP04) alvorens deze grond kan worden gestort. De chemische analyses op de grond(meng)monsters worden uitgevoerd door een laboratorium onder accreditatie volgens AS3000 “Laboratoriumanalyses voor milieu hygiënisch bodemonderzoek”. 6.3 Evaluatie Ter instemming van het bevoegd gezag wordt van de uitgevoerde grondsanering een saneringsverslag opgesteld. De door de milieukundig begeleider verzamelde analyseresultaten, meetgegevens en rele- vante aantekeningen worden verwerkt ter vastlegging van op welke wijze de saneringsdoelstelling (eind- resultaat) is bereikt. De inhoud van het evaluatierapport dient te voldoen aan de door het bevoegd gezag gestelde eisen. Projectgerelateerd 26 januari 2024 SANERINGSPLAN BJ6202-MI-RP-231206-1716 19 7 Wet- en regelgeving 7.1 Veiligheidsmaatregelen Gezien de aard, mate en situering van de verontreinigingen, worden tijdens de werkzaamheden voor de omgeving geen risico’s met betrekking tot de volksgezondheid en het milieu verwacht. Eventuele stofvorming en/of geuroverlast dient zoveel als mogelijk te worden voorkomen.

Voor het bepalen van de te nemen maatregelen bij de geldende veiligheidsklasse, dient de (hogere veiligheidskundige (HVK-er) van de) aannemer gebruik te maken van de CROW-publicatie 400 ‘Werken in of met verontreinigde bodem’. In bijlage 5 is een eerste indicatieve bepaling van de veiligheidsklasse op basis van de CROW 400. De voorlopige veiligheidsklasse “Rood-niet vluchtig”. De HVK’er van de aannemer zal voor de start van de sanering de definitieve veiligheidsklassen en bijbehorende maatregelen vast dienen te stellen. 7.2 Vergunningen en meldingen Ten aanzien van de te treffen saneringsmaatregelen zijn de onderstaande vergunningen en meldingen van toepassing. Instemming saneringsplan In het kader van het overgangsrecht Wet bodembescherming wordt bij de Omgevingsdienst IJsselland om instemming gevraagd op voorliggend saneringsplan. Meldingen start, einde en afwijking Conform de beschikking instemming saneringsplan overgangsrecht Wet Bodembescherming dienen de start en einde van de saneringsuitvoering op locatie, alsmede eventuele afwijkingen ten opzichte van het saneringsplan, voortijdig te worden gemeld bij de OD IJsselland. Ontheffing natuurbescherming In het kader van de Wet natuurbescherming wordt bij de Provincie Overijssel een ontheffing aangevraagd voor de uitvoering van de saneringswerkzaamheden.

Kapvergunning bomen Bij de gemeente Steenwijkerland (Omgevingsloket) wordt een omgevingsvergunning aangevraagd voor het kappen van bomen binnen de grenzen van de saneringslocatie. Archeologie Met de gemeente Steenwijkerland dient in relatie tot de voorgenomen graafwerkzaamheden, te worden afgestemd welk vervolgonderzoek nodig is. Projectgerelateerd 26 januari 2024 SANERINGSPLAN BJ6202-MI-RP-231206-1716 20 7.3 Betrokkenen In het kader van de saneringswerkzaamheden zijn de volgende instanties bij het project betrokken: Opdrachtgever: Gemeente Steenwijkerland Milieukundige begeleiding: Nog niet bekend Aannemer: Nog niet bekend Bevoegd gezag: Provincie Overijssel Overgangsrecht Wet Bodembescherming Wet natuurbescherming Bevoegd gezag: Gemeente Steenwijkerland Archeologie Handhaving bodemsanering: OD IJsselland 7.4 Communicatie Middels brieven en berichtgeving in plaatselijke nieuwsbladen worden direct betrokkenen en nabij wonenden door of namens de opdrachtgever geïnformeerd over de uitvoering en eventuele tijdelijke beperkingen met betrekking tot de saneringswerkzaamheden. Tijdens de werkzaamheden kunnen belanghebbenden met specifiek vragen of zaken over de uitvoering zich wenden tot de aannemer.

Projectgerelateerd 26 januari 2024 SANERINGSPLAN BJ6202-MI-RP-231206-1716 21 8 Tijdsduur en nazorg 8.1 Tijdsduur De tijdsduur van uitvoering van werkzaamheden is in eerste instantie afhankelijk van de inzet van de hoeveelheid materiaal en materieel. Inclusief voorbereiding en afwerking wordt de totale doorlooptijd van uit te voeren saneringsmaatregelen (grondverzet) vooralsnog gesteld op circa 37 weken. De uitvoering vindt naar verwachting plaats in 2025. 8.2 Nazorg en ge bruiksbeperkingen Na uitvoering van de sanering blijven in grond en grondwater verhoogde concentraties aan PFAS achter. Ten aanzien hiervan zijn er bij het bodemgebruik geen onaanvaardbare risico’s die aanleiding geven tot actieve beheers- of nazorgmaatregelen. In relatie tot de restverontreinigingen dient echter veiligheidshalve rekening te worden gehouden met gebruiksbeperkingen. De volgende gebruiksbeperkingen worden voorzien:  Het is niet toegestaan om zonder instemming va n het bevoegd gezag te graven in de verontreinigde grond en deze af te voeren of te hergebruiken;  Op of nabij het geval van bodemverontreiniging mag geen grondwater onttrokken worden zonder schriftelijke instemming van het bevoegd gezag op grond van de Wet bodembescherming. Het gebruik of het contact met het verontreinigd grondwater kan mogelijk onaanvaardbare risico's met zich meebrengen.

Onttrekking kan tevens als gevolg hebben dat de grondwaterverontreiniging zich op ongewenste wijze verspreidt.  Terreineigenaren en -gebruikers dienen de monitoringspeilbuizen in stand te houden. De hiervoor aanwezige voorzieningen (peilbuizen) evenals de toegang tot deze voorzieningen dient met de eigenaar/gebruiker van het terrein te worden geregeld.  Ter voorkoming van mogelijke risico’s dient een eventuele gebruikswijziging van de locatie te worden gemeld aan het bevoegd gezag. Projectgerelateerd 26 januari 2024 SANERINGSPLAN BJ6202-MI-RP-231206-1716 22 Bijlage 1: Tekeningen verontreinigingssituatie rapport Grondslag 38 8 10 7 4 5 6 9 11 2 1 12 116 115 114 113 112 111 109 107 108 106 105 104 103 102 101 110 81 11 82 80 79 78 97 96 95 94 93 92 90 91 10 09 66 04 01 02 03 67 07 05 08 06 18 17 68 12 83 13 14 69 19 20 24 21 15 84 16 22 23 65 27 25 26 29 30 31 28 32 39 42 85 61 59 51 53 55 57 56 46 45 54 52 5041 64 63 37 48 58 43 44 60 75 74 62 70 73 72 71 76 77 De van der Schuerenstraat Duymaer van Twiststraat Kallenkoterallee Kallenkoterallee Kallenkoterallee Dr. Dreesstraat Dr. Dreesstraat Ir. Luteijnstraat Ir.

Lute 4 9 10 8 8 1 10 6 2 11 6 12 5 3 2 4 3 7 1 14 13 15 12 16 5 17 80A 8278 76A 76 78A 80 74 82A 117 127A123119 131129121 127125 18 2 3g/1 3g/2 3g/3 20 3g/4 14 16 12 44 8 11g/2 2 6 45 6 10 11g/4 11g/1 47 11g/3 49 3 51 4143 45 3541 37 5 9 3943 1 11 3 7 137 86 102 92 96 98 84 88A88 100 104 108 94 86A 90 106 De van der Schuerenstraat Schansweg Meppelerweg Meppelerweg Duymaer van Twiststraat Kallenkoterallee Kallenkoterallee Kallenkoterallee Kallenkoterallee Dr. Dreesstraat Dr. Dreesstraat Dennenallee Ir. Luteijnstraat Ir. Lute 93A 4 9 10 8 8 1 10 6 2 11 6 12 5 3 2 4 3 7 1 14 13 15 12 16 5 17 80A 72 8278 76A 76 78A 80 95 3 74 82A 117 127A123119 1313 129121 127125115 18 2 3g/1 3g/2 3g/3 20 3g/4 14 16 12 44 8 11g/2 2 6 45 6 10 105 11g/4 11g/1 47 11g/3 49 3 51 4143 45 35 143 41 37 145 147 5 9 149141 3943 1 11 3 7 143A 137 110 103B 86 102 107 92 107A 107B 96 98 84 88A88 100 104 108 94 86A 90 106 105t 112 95 3 12 16 117 80A 4 72 9 10 8 82 5 17 8 1 10 78 127A123119 6 2 131 93A 3 129 11 76A 6121 127 76 78A 12 5 3 2 125 80 4 115 82A 3 7 1 14 13 74 15 105t 88 100 104 108 94 86A 90 106 105 103B 86 47 107 107A 107B 84 5 9 49 4143 1 11 45 3 7 18 2 3g/1 45 110 35 143 3g/2 11g/4 41 102 3g/337 11g/1 20 92 145 112 3g/4 96 14 98 147 11g/3 16 12 88A 44 149 137 141 3 8 11g/2 39 2 43 6 6 10 143A 51 Kallenkoterallee Kallenkoterallee Kallenkoterallee Kallenkoterallee Duymaer van Twiststraat De van der

Schuerenstraat Schansweg Meppelerweg Meppelerweg Dennenallee Dr. Dreesstraat Dr. Dreesstraat Ir. Luteijnstraat Ir. Lute 8 10 3 7 4 5 6 9 11 2 1 12 301 302 304 303 305 306 307 308 201 202 Legenda - boorpunt - boorpunt met peilbuis - perceelsgrens - onderzoekslocatie Project: Project nummer: Opdrachtgever: Kamerik Nijverheidsweg 7, 3471 GZ Tel: 0348-402103 Fax: 0348-402703 Galileistraat 69, 1704 SE Tel: 072-5729457 Fax: 072-5721744 Heerhugowaard Oevers 16, 8331 VC Tel: 0521-521924 Fax: 0521-521928 Steenwijk Bestandsnaam:Getekend: Schaal: Formaat: Datum : (gem. Woerden) Bouwfund Meppelerweg 95 te Steenwijk 35824-4 1:7500 7,5 15 22,5 30 m 35824-4tek.dwgJTE 05-10-2023 BOORPUNTENKAART A1 N Overzichtskaart - vakverdeling12 P:\30000-39999\35800-35899\35824\35824-4 Afperkend onderzoek PFAS\kaart\35824-4tek1.dwg 38 8 10 7 4 5 6 9 11 2 1 12 116 115 114 113 112 111 109 107 108 106 105 104 103 102 101 110 81 11 82 80 79 78 97 96 95 94 93 92 90 91 10 09 66 04 01 02 03 67 07 05 08 06 18 17 68 12 83 13 14 69 19 20 24 21 15 84 16 22 23 65 27 25 26 29 30 31 28 32 39 42 85 61 59 51 53 55 57 56 46 45 54 52 5041 64 63 37 48 58 43 44 60 75 74 62 70 73 72 71 76 77 De van der Schuerenstraat Duymaer van Twiststraat Kallenkoterallee Kallenkoterallee Kallenkoterallee Dr. Dreesstraat Dr. Dreesstraat Ir. Luteijnstraat Ir.

Lute 4 9 10 8 8 1 10 6 2 11 6 12 5 3 2 4 3 7 1 14 13 15 12 16 5 17 80A 8278 76A 76 78A 80 74 82A 117 127A123119 131129121 127125 18 2 3g/1 3g/2 3g/3 20 3g/4 14 16 12 44 8 11g/2 2 6 45 6 10 11g/4 11g/1 47 11g/3 49 3 51 4143 45 3541 37 5 9 3943 1 11 3 7 137 86 102 92 96 98 84 88A88 100 104 108 94 86A 90 106 De van der Schuerenstraat Schansweg Meppelerweg Meppelerweg Duymaer van Twiststraat Kallenkoterallee Kallenkoterallee Kallenkoterallee Kallenkoterallee Dr. Dreesstraat Dr. Dreesstraat Dennenallee Ir. Luteijnstraat Ir. Lute 93A 4 9 10 8 8 1 10 6 2 11 6 12 5 3 2 4 3 7 1 14 13 15 12 16 5 17 80A 72 8278 76A 76 78A 80 95 3 74 82A 117 127A123119 1313 129121 127125115 18 2 3g/1 3g/2 3g/3 20 3g/4 14 16 12 44 8 11g/2 2 6 45 6 10 105 11g/4 11g/1 47 11g/3 49 3 51 4143 45 35 143 41 37 145 147 5 9 149141 3943 1 11 3 7 143A 137 110 103B 86 102 107 92 107A 107B 96 98 84 88A88 100 104 108 94 86A 90 106 105t 112 95 3 12 16 117 80A 4 72 9 10 8 82 5 17 8 1 10 78 127A123119 6 2 131 93A 3 129 11 76A 6121 127 76 78A 12 5 3 2 125 80 4 115 82A 3 7 1 14 13 74 15 105t 88 100 104 108 94 86A 90 106 105 103B 86 47 107 107A 107B 84 5 9 49 4143 1 11 45 3 7 18 2 3g/1 45 110 35 143 3g/2 11g/4 41 102 3g/337 11g/1 20 92 145 112 3g/4 96 14 98 147 11g/3 16 12 88A 44 149 137 141 3 8 11g/2 39 2 43 6 6 10 143A 51 Kallenkoterallee Kallenkoterallee Kallenkoterallee Kallenkoterallee Duymaer van Twiststraat De van der

Schuerenstraat Schansweg Meppelerweg Meppelerweg Dennenallee Dr. Dreesstraat Dr. Dreesstraat Ir. Luteijnstraat Ir. Lute 8 10 3 7 4 5 6 9 11 2 1 12 301 302 304 303 305 306 307 308 201 202 Legenda - boorpunt - boorpunt met peilbuis - perceelsgrens - onderzoekslocatie Project: Project nummer: Opdrachtgever: Kamerik Nijverheidsweg 7, 3471 GZ Tel: 0348-402103 Fax: 0348-402703 Galileistraat 69, 1704 SE Tel: 072-5729457 Fax: 072-5721744 Heerhugowaard Oevers 16, 8331 VC Tel: 0521-521924 Fax: 0521-521928 Steenwijk Bestandsnaam:Getekend: Schaal: Formaat: Datum : (gem. Woerden) Bouwfund Meppelerweg 95 te Steenwijk 35824-4 1:7500 7,5 15 22,5 30 m 35824-4tek.dwgJTE 05-10-2023 A1 N Overzichtskaart - vakverdeling12 HERGEBRUIKSMOGELIJK- HEDEN GROND MET BETREKKING TOT PFAS - Niet Toepasbaar - klasse wonen/industrie - achtergrondwaarde Toetsing op basis van Handelingskader BODEMLAAG0,0-0,5 M-MV P:\30000-39999\35800-35899\35824\35824-4 Afperkend onderzoek PFAS\kaart\35824-4tek1.dwg 38 8 10 7 4 5 6 9 11 2 1 12 116 115 114 113 112 111 109 107 108 106 105 104 103 102 101 110 81 11 82 80 79 78 97 96 95 94 93 92 90 91 10 09 66 04 01 02 03 67 07 05 08 06 18 17 68 12 83 13 14 69 19 20 24 21 15 84 16 22 23 65 27 25 26 29 30 31 28 32 39 42 85 61 59 51 53 55 57 56 46 45 54 52 5041 64 63 37 48 58 43 44 60 75 74 62 70 73 72 71 76 77 De van der Schuerenstraat Duymaer van Twiststraat Kallenkoterallee

Kallenkoterallee Kallenkoterallee Dr. Dreesstraat Dr. Dreesstraat Ir. Luteijnstraat Ir. Lute 4 9 10 8 8 1 10 6 2 11 6 12 5 3 2 4 3 7 1 14 13 15 12 16 5 17 80A 8278 76A 76 78A 80 74 82A 117 127A123119 131129121 127125 18 2 3g/1 3g/2 3g/3 20 3g/4 14 16 12 44 8 11g/2 2 6 45 6 10 11g/4 11g/1 47 11g/3 49 3 51 4143 45 3541 37 5 9 3943 1 11 3 7 137 86 102 92 96 98 84 88A88 100 104 108 94 86A 90 106 De van der Schuerenstraat Schansweg Meppelerweg Meppelerweg Duymaer van Twiststraat Kallenkoterallee Kallenkoterallee Kallenkoterallee Kallenkoterallee Dr. Dreesstraat Dr. Dreesstraat Dennenallee Ir. Luteijnstraat Ir.

Lute 93A 4 9 10 8 8 1 10 6 2 11 6 12 5 3 2 4 3 7 1 14 13 15 12 16 5 17 80A 72 8278 76A 76 78A 80 95 3 74 82A 117 127A123119 1313 129121 127125115 18 2 3g/1 3g/2 3g/3 20 3g/4 14 16 12 44 8 11g/2 2 6 45 6 10 105 11g/4 11g/1 47 11g/3 49 3 51 4143 45 35 143 41 37 145 147 5 9 149141 3943 1 11 3 7 143A 137 110 103B 86 102 107 92 107A 107B 96 98 84 88A88 100 104 108 94 86A 90 106 105t 112 95 3 12 16 117 80A 4 72 9 10 8 82 5 17 8 1 10 78 127A123119 6 2 131 93A 3 129 11 76A 6121 127 76 78A 12 5 3 2 125 80 4 115 82A 3 7 1 14 13 74 15 105t 88 100 104 108 94 86A 90 106 105 103B 86 47 107 107A 107B 84 5 9 49 4143 1 11 45 3 7 18 2 3g/1 45 110 35 143 3g/2 11g/4 41 102 3g/337 11g/1 20 92 145 112 3g/4 96 14 98 147 11g/3 16 12 88A 44 149 137 141 3 8 11g/2 39 2 43 6 6 10 143A 51 Kallenkoterallee Kallenkoterallee Kallenkoterallee Kallenkoterallee Duymaer van Twiststraat De van der Schuerenstraat Schansweg Meppelerweg Meppelerweg Dennenallee Dr. Dreesstraat Dr. Dreesstraat Ir. Luteijnstraat Ir.

Lute 8 10 3 7 4 5 6 9 11 2 1 12 301 302 304 303 305 306 307 308 201 202 Legenda - boorpunt - boorpunt met peilbuis - perceelsgrens - onderzoekslocatie Project: Project nummer: Opdrachtgever: Kamerik Nijverheidsweg 7, 3471 GZ Tel: 0348-402103 Fax: 0348-402703 Galileistraat 69, 1704 SE Tel: 072-5729457 Fax: 072-5721744 Heerhugowaard Oevers 16, 8331 VC Tel: 0521-521924 Fax: 0521-521928 Steenwijk Bestandsnaam:Getekend: Schaal: Formaat: Datum : (gem. Woerden) Bouwfund Meppelerweg 95 te Steenwijk 35824-4 1:7500 7,5 15 22,5 30 m 35824-4tek.dwgJTE 05-10-2023 A1 N Overzichtskaart - vakverdeling12 HERGEBRUIKSMOGELIJK- HEDEN GROND MET BETREKKING TOT PFAS - Niet Toepasbaar - klasse wonen/industrie - achtergrondwaarde Toetsing op basis van Handelingskader BODEMLAAG0,5-1,0 M-MV P:\30000-39999\35800-35899\35824\35824-4 Afperkend onderzoek PFAS\kaart\35824-4tek1.dwg 38 116 115 114 113 112 111 109 107 108 106 105 104 103 102 101 110 81 11 82 80 79 78 97 96 95 94 93 92 90 91 10 09 66 04 01 02 03 67 07 05 08 06 18 17 68 12 83 13 14 69 19 20 24 21 15 84 16 22 23 65 27 25 26 29 30 31 28 32 39 42 85 61 59 51 53 55 57 56 46 45 54 52 5041 64 63 37 48 58 43 44 60 75 74 62 70 73 72 71 76 77 De van der Schuerenstraat Duymaer van Twiststraat Kallenkoterallee Kallenkoterallee Kallenkoterallee Dr. Dreesstraat Dr. Dreesstraat Ir. Luteijnstraat Ir.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://steenwijkerland.bestuurlijkeinformatie.nl/Document/LoadAgendaItemDocument/759bbd8c-ab8f-4a05-a07f-f2c49862f71a?agendaItemId=27bc6c93-cb15-4efa-a664-579a70643b57