2023-RAAD-00090 - Verordening liggeld 2024 - RAADSBESLUIT GETEKEND
Tekst van het document
Raadsbesluit Steenwijk, 19 december 2023 Nummer: 2023-RAAD-00090 I Steenwijkerland TI De raad van de gemeente Steenwijkerland; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 14 november 2023, nummer 2023-RAAD-00090; gelet op artikel 229, eerste lid, aanhef en onderdeel a en b, van de Gemeentewet; besluit vast te stellen de volgende verordening: Verordening op de heffing en de invordering van liggeld woonschepen2024 (Verordening liggeld Steenwijkerland 2024). Artikel l Definities In deze verordening wordt verstaan onder: a. woonschip: een vaartuig dat uitsluitend of in hoofdzaak wordt gebezigd als, of te oordelen naar zijn constructie of inrichting uitsluitend of in hoofdzaak bestemd is tof dag- of nachtverblijf van een of meerdere personen; b. ligplaats: een gedeelte van een openbaar water, bestemd of geschikt om te worden ingenomen door een woonschip met bijbehorende voorzieningen; c. bijbehorende voorzieningen: zaken zonder welke het gebruik van een vaartuig als woonschip niet goed mogelijk is, zoals een bijboot een steiger en een loopplank; d. maand: een kalendermaand of een gedeelte daarvan; e. jaar: een kalenderjaar. Artikel2 Belastbaarfeit Onder de naam "liggeld" wordt een recht geheven ter zake van het hebben van een op basis van artikel 5 van de Woonschepenverordening Steenwijkerland 2009 aangewezen ligplaats voor een woonschip in gemeentelijk water.
Artikel 3 Belastineplicht 1. Belastingplichtig is de houder van de ligplaatsvergunning, bedoeld in artikel6 van de Woonschepenverordening Steenwijkerland 2009. 2. Indien met toepassing van het eerste lid geen belastingplichtige is aan te wijzen, is belastingplichtig de hoofdbewoner van het woonschip. 3. Wie de hoofdbewoner van het woonschip is wordt naar de omstandigheden beoordeeld Artikel4 Maatstaf van heffing en tarief Het liggeld wordt geheven naar de maatstaven en de tarieven opgenomen in de bij deze verordening behorende tarieventabel. Artikel5 Belastineiaar Het belastingjaar is gelijk aan het kalenderjaar Artikel 6 Wäze van heffins Het liggeld wordt geheven bij wege van aanslag Artikel 7 Ontstaan van de belastingschuld en heffing naar tijdsgelang 1,. Het recht als bedoeld in artikel 2 is verschuldigd bij het begin van het belastingjaar ol zo dit later is, bij de aanvang van de belastingplicht. 2. Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar aanvangt, is de belasting verschuldigd voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde belasting als er in dat jaar, na de aanvang van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven. 3.
Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar eindigt, bestaat aanspraak op ontheffing voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde belasting als er in dat jaar, na het einde van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven. Artikel I Termiin van betaline 1,. In afwijking van artikel g, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moet het liggeld worden betaald uiterlijk op de laatste dag van de maand volgend op de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld. 2. De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in het voorgaande lid gestelde termijn. Artikel9 Overgangsrecht De "Verordening liggeld Steenwijkerland 2023", vastgesteld bij raadsbesluit van 20 december 2022, nummer 2022-RAAD-00051, wordt ingetrokken met ingang van de in artikel 10, tweede lid, genoemde datum van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan. Artikell0 lnwerkinetredine 1. Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag na die van de bekendmaking. 2. De datum van ingang van de heffing isL januari2024. Artikel 11. Citeertitel Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening liggeld Steenwijkerland2024 Steenwijk, 19 december 2023 De raad voornoemd, griffier,