CConstaterende datSteenwijkerland
Koppel je AI →
Document · PDF

20.0 Afbouw Prestatiecontract - RAADSVOORSTEL.pdf

Politieke Markt 28 maart 2017, gemeente SteenwijkerlandBij agendapunt: Afbouw prestatiecontract1.257 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

1 Voorstel aan de raad Aan de gemeenteraad Gemeente Steenwijkerland Vendelweg 1 8331 XE Steenwijk Steenwijk, Nummer voorstel: Voor raadsvergadering d.d.: 11-04-2017 Agendapunt: Onderwerp: Afbouw prestatiecontract Aan de raad van de gemeente Steenwijkerland wordt voorgesteld te besluiten: Conceptbesluit: 1. het prestatiecontract te beperken tot de investeringen in gesloten huishoudingen, de grondexploitaties en de subsidiabele projecten voor zover de toegerekende uren van deze projecten subsidiabel zijn; 2. de afbouw van het prestatiecontract te realiseren in 2 jaar met een uitloop naar maximaal 4 jaar; 3. de financiële gevolgen van de afbouw integraal af te wegen bij de Perspectiefnota 2018 -2021. Samenvatting: Door gewijzigde wet- en regelgeving moeten investeringen vanaf 1 januari 2017 worden geactiveerd en moet er jaarlijks op worden afgeschreven. Dat geldt dan nu dus ook voor de component toegerekende personeelskosten die ‘mee-geactiveerd’ worden. Daarom wordt voorgesteld voor de dekking van die kosten een andere systematiek toe te passen. Het leidt niet tot extra kosten; slechts tot een andere en transparantere toerekening van de kosten aan de exploitatiebegroting en daarmee tot een juist begrotingsbeeld. Argumenten: Jaarlijks wordt een planning gemaakt van de uit te voeren projecten op basis van het door uw raad vastgestelde bestedingsplan in de begroting.

Op basis van die projecten wordt een raming gemaakt van de benodigde uren voor de uitvoering van die investeringsprojecten. De vaste systematiek voor de dekking van deze uren is dat ze door middel van een uurtarief worden doorbelast naar de diverse projecten. Dat betekent dat voor dit bedrag de kosten van verschillende projecten worde n verhoogd. De kosten van de projecten en dus ook van de toegerekende uren komen in de huidige systematiek niet direct ten laste van de exploitatiebegroting, maar ten laste van reserves en/of extra opbrengsten (bijvoorbeeld van de provincie). Deze methode van toerekening van de interne uren aan de investeringen wordt “prestatiecontract” genoemd. Met ingang van dit jaar is het niet meer toegestaan de investeringen ten laste te brengen van de reserves. Investeringen moeten in principe op de balans worden geactiveerd. Daarna wordt 2 jaarlijks op die investeringen afgeschreven. De afschrijvingslasten komen dan in de exploitatiebegroting. Door de gewijzigde wet- en regelgeving zouden dan nu ook de toegerekende personele lasten geactiveerd worden en die vervolgens in de loop der tijd (gedurende de afschrijvingsperiode) alsnog ten laste komen van de exploitatierekening.

Deze methodiek van het prestatiecontract is als gevolg van de gewijzigde wet - en regelgeving eigenlijk niet meer gewenst en wel om de volgende redenen: - het gewijzigde BBV (Besluit Begroting en Verantwoording) schrijft voor dat investeringen moeten worden geactiveerd en afgeschreven over de verwachte levensduur; - doordat vanaf nu verplicht de investeringskosten moeten worden geactiveerd wordt me t de huidige methodiek ook een deel van de jaarlijkse personele lasten geactiveerd; - de jaarlijkse lasten van de begroting geven daarom een vertekend beeld omdat deze feitelijk structureel hoger zijn en; - in de loop der jaren zal de exploitatiebegroting steeds meer belast worden door de component toegerekende personele lasten in het afschrijvingsbedrag; er is dus sprake van een verschuiving van de lasten naar de toekomst. Ter illustratie: door het ‘mee-activeren’ van de toegerekende personele lasten worden de jaarlijks te activeren investeringen voor een bedrag van bijvoorbeeld één miljoen hoger. Stel dat we die investeringen in 10 jaar zouden moeten afschrijven dan nemen in het eerste jaar de afschrijvingslasten alleen al door de toegerekende personele k osten toe met € 100.000. In het tweede jaar komt daar dan weer € 100.000 bij voor nieuwe investeringen. Na 10 jaar zijn de afschrijvingslasten opgelopen naar € 1 mln., terwijl er nog € 4,5 mln. aan kosten geactiveerd staat.

Hieruit wordt duidelijk dat uiteindelijk alle toegerekende personele lasten in de loop van de tijd via de afschrijvingen gecumuleerd in de exploitatierekening gedekt gaan worden. Wij hechten grote waarde aan een transparante begroting en stellen dan ook voor de toerekening van de uren aan de investeringen die geactiveerd worden niet meer te activeren, maar direct te gaan dekken in de exploitatiebegroting. Het gaat hier om een totaalbedrag van ongeveer € 1 mln. Wel kan deze systematiek in stand blijven voor de investeringen in de gesloten huishoudingen, de grondexploitaties en de subsidiabele projecten voor zover de interne uren althans subsidiabel zijn. Hier gaat het om een totaalbedrag op jaarbasis van afgerond € 0,4 mln. De reden om de toerekening van uren te beperken tot vorengenoemde drie onderdelen is gelegen in het feit dat deze activiteiten eigen inkomsten genereren. Voorbeelden zijn bij gesloten huishoudingen, zoals riolering, dekking door de rioolheffing, bij grondexploitaties door opname in de prijs per m2 te verkopen grond en bij subsidiabele projecten door subsidiering door een externe partij van deze uren. Wijziging van de wet- en regelgeving leidt in totaliteit niet tot hogere lasten, maar wel tot structurele financiële consequenties voor de exploitatiebegroting. De reserves mogen namelijk niet langer hiervoor worden aangesproken.

Het maakt niet uit of het prestatiecontract in stand blijft of dat het wordt afgeschaft. De kosten moeten en worden in beide gevallen gedekt in de reguliere exploitatiebegroting. Door de instandhouding worden de komende jaren de kosten eerst op de balans geparkeerd. Daardoor ontstaat geen juist beeld van de jaarlijkse structurele kosten. We stellen daarom ook voor om de dekking te gaan wijzigen en deze niet ‘via een omweg in de loop der jaren’ te doen (namelijk eerst activeren en dan alsnog ten laste van de exploitatiebegroting via de afschrijvingen brengen), maar om in de exploitatiebegroting de structurele dekking te gaan 3 regelen voor een bedrag van afgerond € 1 mln. Ons streven is erop gericht om de afbouw van het prestatiecontract in twee jaar te realiseren. Mocht dit niet tot de financiële mogelijkheden behoren, dan zal een termijn van maximaal vier jaar kunnen worden gehanteerd. Het geijkte moment om nader te onderzoeken of de financiële ruimte aanwezig is in de begroting is de Perspectiefnota 2018-2021. Wij zullen daarin dan ook met nadere voorstellen komen over de hoogte en het tempo van de afbouw van het prestatiecontract. Duurzaamheid en social return n.v.t. Financiële toelichting Voor 2017 betreft het totaal toegerekende bedrag aan ureninzet structureel ca. € 1,4 mln., waarvan € 1,0 mln. aan te activeren investeringsprojecten en € 0,4 mln.

aan wel toe te rekenen activiteiten die eigen inkomsten c.q. dekking genereren. Met handhaving van de methodiek van het prestatiecontract zal in de loop der jaren de exploitatierekening voor een steeds hoger bedrag worden belast. Door de voorgestelde wijze zal de exploitatiebegroting in een aantal stappen direct worden belast voor dat bedrag en daardoor een juister beeld geven. Verplicht activeren van de investeringen betekent een toename van de kapitaallasten (afschrijvingen) en gelijktijdig zal het beroep op de reserves afnemen. In de toekomst ontstaat daardoor een versterking van het eigen vermogen. Communicatie en openbaarheid n.v.t. Bijlagen bij het voorstel Ondertekening De secretaris De waarnemend burgemeester S.S. Weistra J.H. Bats Betrokken partijen afdeling adviseur behandeld in raadscommissie OS Piet Bruinsma, tel.: 0521 538338 , email: piet.bruinsma@steenwijkerland.nl X ja, nl. nee 1 Raadsbesluit Steenwijk, Nummer: De raad van de gemeente Steenwijkerland; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van , nummer 2017/ ; b e s l u i t : 1. het prestatiecontract te beperken tot de investeringen in gesloten huishoudingen, de grondexploitaties en de subsidiabele projecten voor zover de toegerekende uren van deze projecten subsidiabel zijn; 2. de afbouw van het prestatiecontract te realiseren in 2 jaar met een uitloop naar maximaal 4 jaar ; 3.

de financiële gevolgen van de afbouw integraal af te wegen bij de Perspectiefnota 2018 -2021. De raad voornoemd, de griffier, de voorzitter, A. ten Hoff J.H. Bats

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://steenwijkerland.bestuurlijkeinformatie.nl/Document/LoadAgendaItemDocument/44dc8955-58ab-4c3e-b510-aea2813e68d1?agendaItemId=e7d42db8-6b7a-4e97-940a-1db02093bd5e