CConstaterende datSteenwijkerland
Koppel je AI →
Document · PDF

2. Bouwsteen Ruimtelijke kwaliteit.pdf

Politieke Markt 19 mei 2020, gemeente SteenwijkerlandBij agendapunt: Concept Regionale Energiestrategie 'Naar een opgewekt West- Overijssel`1.445 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

DATUM: 2 april 2020 VERSIE: 3.0 AUTEURS: Fleur Schilt, Bouwien ten Bokum, Tim Vredeveld. BOUWSTEEN RUIMTELIJKE KWALITEIT reswestoverijssel .nl Een nieuwe – en zichtbare - laag in onze leefomgeving Ruimte is waar het samenkomt In de bouwsteen Elektriciteit is beschreven hoe groot de kwantitatieve energieopgave is in West-Overijssel. Het doel van onze regio is om ook in kwalitatieve zin flinke stappen te zetten. Daarover gaat deze bouwsteen. In 2050 draait Overijssel op hernieuwbare energie. Energiewinning uit zon en wind is niet meer weg te denken uit onze leefomgeving. De omslag naar hernieuwbare energie heeft grote invloed in de wijze waarop we onze leefomgeving gebruiken en beleven. Het is een toevoeging van een nieuwe ‘laag’ in onze stedelijke en landschappelijke gebieden die qua schaal anders is dan we gewend zijn. Als het lukt om op een goede wijze om te gaan met de uitvoering van de energietransitie, dan zullen we in 2030 de regio West-Overijssel nog steeds herkennen, koesteren en ons ermee verbonden voelen. Het grote verschil is dat we in de tussentijd een flinke omslag hebben gemaakt naar een schoner energiesysteem. Ruimtelijke kwaliteit, West-Overijssel is een regio met een gevarieerde stedelijke en landelijke leefomgeving.

Van de Weerribben in het noordwesten tot de landgoederen in het Vechtdal en van de uiterwaarden van de I Jssel tot de veenontginningen in Hardenberg. Stuk voor stuk plekken en gebieden waar het fijn is om te wonen, te werken en te ontspannen. Iedere inwoner van West-Overijssel kan benoemen wat hij of zij fijn vindt aan haar directe leefomgeving. En ook hoe volgens hem of haar de leefomgeving er in de toekomst uitziet. Dat gesp rek gaat over ruimtelijke kwaliteit en raakt het dagelijkse leven van mensen. Proces: Eén van de vier hoekpunten van het afwegingskwadrant is ‘ruimtelijke kwaliteit’. Vanaf het startmoment van de RES staat dit onderwerp in West-Overijssel op de agenda. In de fase tot de concept-RES is het hoekpunt voornamelijk door de gemeenten toegepast. Op het regionale schaalniveau zijn we gekomen tot algemene ontwerpprincipes die de kapstok vormen voor de concept-RES – om vervolgens verder uit te werken en op het regionale schaalniveau toe te passen richting de RES 1.0. reswestoverijssel .nl ‘RUIMTELIJKE KWALITEIT’ HANTEERBAAR MAKEN IN HET LICHT VAN DE ENERGIETRANSITIE Ruimtelijke kwaliteit is een begrip waarover veel verschillende beelden bestaan. Vaak gaat het gesprek erover of iets ‘mooi’ is. Door de beperking tot ‘mooi’ missen we veel mogelijkheden om waarde toe te voegen in onze leefomgeving.

In plaats daarvan zou het er bij ruimtelijke kwaliteit over moeten gaan of het ‘goed’ is. Is de ruimtelijke oplossing waarvoor gekozen is functioneel (gebruikswaarde), mooi (belevingswaarde) en toekomstbestendig (toekomstwaarde)? Om het begrip ‘ruimtelijke kwaliteit’ hanteerbaar te maken, onderscheiden we de volgende driedeling:  Gebruikswaarde: Functionaliteit gaat over het nut en de noodzaak van een zonneveld of een windmolen in combinatie met gebruik van de eigenschappen van het gebied. Denk bijvoorbeeld aan het combineren van onderling versterkende functies, zoals de teelt van agrarische producten én de opwek van hernieuwbare energie op eenzelfde perceel.  Belevingswaarde: Dat wat ‘mooi’ is, is een beleving: het gaat over beeldkwaliteit en het gevoel dat opgeroepen wordt bij (toekomstige) gebruikers. Denk bijvoorbeeld aan de aandacht voor cultuurhistorische waarde en identiteit van de gebouwde en ongebouwde omgeving en landschappelijke diversiteit. De energietransitie – met daarin de opwek van zonne- en windenergie kan belevingswaarde toevoegen aan delen van onze leefomgeving. Als de ruimtelijke inpassing of ruimtelijke samenhang onvoldoende is, leidt dit tot verstoring van de belevingswaarde.  Toekomstwaarde: Toekomstbestendigheid gaat om het vermogen om ruimtelijke gevolgen van veranderende omstandigheden op te vangen.

Denk bijvoorbeeld aan het openhouden van toekomstige ontwikkelmogelijkheden voor bijvoorbeeld mobiliteit, natuur, wonen of nieuwe energiebronnen of energiedragers. Onderstaande figuur geeft een schematisch inzicht in de verschillende waarden die ruimtelijke kwaliteit mede bepalen. Bron: https://www.researchgate.net/figure/Figuur-1-Waardedimensies-duurzame- ruimtelijke-kwaliteit-Het-onderzoek-van-Hooimeijer-et_fig2_281837771 reswestoverijssel .nl Uitgangspunten voor ontwerpprincipes Om ‘het bod’ goed ruimtelijk te vertalen is het wenselijk om te komen tot ontwerpprincipes. Dit zijn uitspraken die richtinggevend zijn in de wijze waarop de regio en de gemeenten invulling kunnen geven aan de boogde energiedoelstelling. De volgende drie uitgangspunten vinden grotendeels hun oorsprong in de Nationale Omgevingsvisie (NOVI). In de aanloop naar de RES 1.0 vertalen we ze - waar mogelijk gebiedsgericht – tot concrete en richtinggevende ontwerpprincipes: 1. Het combineren van opgaven en meervoudig ruimtegebruik  Zuinig en zorgvuldig ruimtegebruik is uitgangspunt. Daaronder verstaan we bijvoorbeeld, zonnepanelen op daken, parkeerplaatsen of op waterberging en windmolens langs infrastructuur.  Meervoudig ruimtegebruik gaat voor enkelvoudig gebruik.

 We gebruiken de energieopwekking als hefboom voor andere opgaven zoals extensivering van de landbouw, klimaatadaptatie en natuurontwikkeling. 2. Aansluiten bij gebiedsspecifieke kenmerken  Kenmerken en identiteit van het gebied zijn dan het uitgangspunt.  De optimale balans tussen ontwikkeling en bescherming verschilt van gebied tot gebied. Aan de orde komen daarbij onder andere landschapstypologie, leefbaarheid, belevingswaarde, natuurontwikkeling, erfgoed en milieu. 3. Efficiënt koppelen van vraag en aanbod  Het ruimtelijk combineren van opwek, opslag en afzet maakt een efficiënt en compact distributie - en infrastructuurnetwerk van energie mogelijk.  We onderzoeken in welke gebieden dat kansrijk is. Daarbij houden we rekening met de verstedelijkingsopgave van wonen en bedrijvigheid. reswestoverijssel .nl Ontwerpprincipes, ONTWERPPRINCIPE 1: COMBINEREN VAN OPGAVEN EN MEERVOUDIG RUIMTEGEBRUIK De omslag naar hernieuwbare energie vraagt om een flinke hoeveelheid beschikbare ruimte. Hetzelfde geld t voor andere transities, zoals ruimte voor meer extensieve landbouw, woningbouw en ruimte voor bedrijvigheid. Beschikbare ruimte is echter beperkt. Daarom verdient het de voorkeur om ruimte meervoudig te gebruiken. Zonnepanelen op daken en parkeerplaatsen zijn – naast een logische koppeling – een belangrijk onderdeel van maatschappelijke acceptatie.

Het combineren van opgaven in dezelfde ruimte leidt tot efficiënter ruimtegebruik en bevordert creatieve oplossingen. Een deel van de opbrengsten van energieopwek kan geïnvesteerd worden in brede gebiedsontwikkeling. Ten slotte kan het combineren van opgaven de maatschappelijke acceptatie voor energieopwek vergroten, doordat er ook andere doelen aangepakt worden. Voor de volgende onderwerpen is (of wordt de komende periode) in beeld gebracht waar ze zich afspelen en in welke mate dat het geval is: - Bodemdaling van veenweide gebieden - Behoefte aan natuurontwikkeling en het vergroten van biodiversiteit - De transitie naar een meer extensieve landbouw - Behoefte aan extra berging en opslag van zoet water - Woningbouw- en verstedelijkingsopgave in groeigebieden Ontwerpprincipe 1 bestaat uit de volgende elementen:  Zuinig en zorgvuldig ruimtegebruik is uitgangspunt. Daaronder verstaan we bijvoorbeeld, zonnepanelen op daken, parkeerplaatsen of op waterberging en windmolens langs infrastructuur.  Meervoudig ruimtegebruik gaat voor enkelvoudig gebruik.  We gebruiken de energieopwekking als hefboom voor andere opgaven zoals extensivering van de landbouw, klimaatadaptatie en natuurontwikkeling.

reswestoverijssel .nl ONTWERPPRINCIPE 2: AANSLUITEN BIJ GEBIEDSSPECIFIEKE KENMERKEN In de fase naar de RES 1.0 wordt gezamenlijk naar de gebiedskenmerken gekeken op een lokale en regionale schaal. We doen die uitwerking voor zowel situaties waarbij sprake is van inpassing en ook voor situaties waarbij transformatie tot de mogelijkheden behoort. Ingrediënten ter inspiratie voor die uitwerking zijn onder andere de Catalogus Gebiedskenmerken Overijssel en de studie ‘Energie-opwekking in de landschappen van Overijssel (HNS, 2019)’. ONTWERPPRINCIPE 3: VRAAG EN AANBOD ZO DICHT MOGELIJK BIJ ELKAAR Tot nu toe is er in West-Overijssel in beperkte mate met de regionale ruimtelijke bril gekeken naar het combineren van vraag- en aanbod. in de aanloop tot de RES 1.0 onderzoeken we het efficiënt combineren van vraag- en aanbod van energie op de regionale schaal. Denk daarbij bijvoorbeeld aan het opwekken van energie op bedrijventerreinen en aangrenzende stadsranden. Ontwerpprincipe 2 bestaat uit de volgende elementen:  Kenmerken en identiteit van het gebied zijn het uitgangspunt.  De optimale balans tussen ontwikkeling en bescherming verschilt van gebied tot gebied. Aan de orde komen daarbij onder andere landschapstypologie, leefbaarheid, belevingswaarde, natuurontwikkeling, erfgoed en milieu.

Ontwerpprincipe 3 bestaat uit de volgende elementen:  Het ruimtelijk combineren van opwek, opslag en afzet maakt een efficiënt en compact distributie - en infrastructuurnetwerk van energie mogelijk.  We onderzoeken in welke gebieden dat kansrijk is. Daarbij houden we rekening met de verstedelijki ngsopgave van wonen en bedrijvigheid. reswestoverijssel .nl Onderweg naar de RES 1.0, In het proces tot de RES 1.0 zetten we de volgende stappen om het hoekpunt ruimtelijke kwaliteit verder uit te werken: 1. Het uitwerken van richtinggevende ontwerpprincipes zodat deze vertaald kunnen worden in provinciale en gemeentelijke omgevingsvisies. Waar nodig met een gebiedsgerichte uitwerking. 2. Op (sub-)regionale/ lokale schaal toepassen van de ruimtelijke ontwerpprincipes op het bod voor elektriciteit uit de concept-RES. Dit kan in de fase naar RES 1.0 of naar RES 2.0 leiden tot een andere verhouding tussen de categorieën zon op dak, windenergie en zon op veld. 3. Samenwerking zoeken met omgevingsvisies van provincie en gemeenten om te zorgen voor een integrale visie op energieopwekking in relatie tot andere opgaven (en ook andersom).

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://steenwijkerland.bestuurlijkeinformatie.nl/Document/LoadAgendaItemDocument/fedbb943-beab-4c01-986b-64c9e3c7567f?agendaItemId=8ec6d3b5-98cc-44ef-8a3b-442101d51977