CConstaterende datSteenwijkerland
Koppel je AI →
Document · PDF

2.1 VRIJ - Tweede bestuursrapportage 2025 - definitief

Raadsvergadering 2 december 2025, gemeente SteenwijkerlandBij agendapunt: Ingekomen stukken15.412 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Ondanks de aanvullende bijdrage van 250.000 euro vanuit de deelnemende gemeentes, die in de begroting van 2025 is geëffectueerd, voorzien wij een tekort van 297.879 euro met betrekking tot de warme opleidingen. Brandweer oefenen Ondanks de toename in het aantal oefeningen voor zowel vrijwilligers als beroepspersoneel, blijft het beschikbare oefenbudget voor 2025 toereikend. Op basis van de huidige realisatiecijfers wordt zelfs een onderbesteding van 57.114 euro verwacht. Deze onderbesteding is met name toe te schrijven aan een efficiëntere organisatie van de oefeningen waarbij slimmer gebruik wordt gemaakt van interne faciliteiten en samenwerking met ketenpartners waardoor de kosten per oefening zijn afgenomen. 2e Bestuursrapportage Kosten oefenmateriaal In 2025 liggen de kosten voor oefenmateriaal 48.000 euro hoger dan geprognosticeerd in de primaire begroting. Deze overschrijding heeft meerdere oorzaken. Ten eerste is het aantal sloopbedrijven dat sloopauto’s levert voor oefeningen teruggebracht van vier naar twee, waarbij de duurdere leveranciers zijn overgebleven. Dit heeft geleid tot hogere aanschafkosten voor sloopauto’s die veelvuldig worden gebruikt bij oefeningen van de manschappen. Daarnaast zijn enkele grote, incidentele facturen van invloed op de kostenstijging.

Zo is bijvoorbeeld een schuimvormend middel aangeschaft waarmee wordt geoefend om dit later in de praktijk effectief te kunnen toepassen. Om de kosten in de toekomst beter te beheersen, onderzoekt de afdeling vakbekwaamheid momenteel de inkoopstrategie van oefenmateriaal. Hierbij wordt bekeken of het heraanbesteden van materiaal kostenbesparingen kan opleveren, zonder dat dit ten koste gaat van de kwaliteit of beschikbaarheid van het oefenmateriaal. 30 4.2.5 Automatisering & verbindingen Kostencategorie Wijzigingen 1e BERAP Wijzigingen 2e BERAP Totaal 2025 V/N 5 Automatisering & verbindingen Hogere afschrijvingslasten 32.356 - 32.356 N Hogere kosten GEO - 44.258 44.258 N Lagere kosten licenties software - -36.723 -36.723 V Totaal 32.356 7.535 39.891 N 1e Bestuursrapportage Afschrijvingslasten Doordat de begroting van Veiligheidsregio IJsselland vroegtijdig is opgesteld, is bij de budgettering van de afschrijvingslasten uitgegaan van een prognose op toekomstige vervangingsinvesteringen. In de praktijk is in het boekjaar 2024 meer geïnvesteerd in ICT- gerelateerde apparatuur dan oorspronkelijk voorzien. Dit leidt ertoe dat de afschrijvingslasten in 2025 32.356 euro hoger uitvallen dan begroot. 2e Bestuursrapportage Kosten GEO-programma De kosten voor het GEO-programma liggen 44.258 euro hoger dan begroot.

Deze overschrijding is het gevolg van hogere licentiekosten voor specifieke software die wordt gebruikt binnen het GEO-programma en de inrichting van een datawarehouse. Het datawarehouse biedt aanzienlijke voordelen voor de organisatie. Het centraliseert en structureert alle relevante gegevens waardoor informatie sneller en betrouwbaarder beschikbaar is voor analyse. Hierdoor kunnen rapportages en analyses efficiënter worden uitgevoerd en wordt de datakwaliteit verbeterd. Bovendien ondersteunt het datawarehouse de strategische besluitvorming binnen de organisatie. De overschrijding van 44.258 euro is een doelbewuste investering in een toekomstbestendig GEO-programma met hogere datakwaliteit en betrouwbaarheid. Licentiekosten In 2025 is er een vrijval van 36.723 euro in de operationele informatievoorziening. Deze vrijval wordt onder andere veroorzaakt doordat het gebruik van LiveReports is stopgezet. LiveReports is een systeem waarmee gebruikers zelf rapporten kunnen samenstellen. Voor de veiligheidsregio werd dit systeem gebruikt om gestructureerde gegevens te verzamelen over incidenten, oefeningen en operationele processen. Door het beëindigen van LiveReports zijn de bijbehorende licentie- en onderhoudskosten komen te vervallen wat heeft geleid tot deze besparing.

Risico en beheersing De snel veranderende ontwikkelingen in de IT- en automatiseringssector brengen voortdurend nieuwe eisen en noodzakelijke aanpassingen met zich mee voor de IT- omgeving van de organisatie. Dit vormt een risico voor mogelijke extra kosten die op dit moment nog niet volledig zijn voorzien, bijvoorbeeld in het kader van software-updates, licenties of de inrichting van nieuwe systemen. Dit geldt met name in het licht van de uitrol van Microsoft365 en het inrichten van een nieuwe beheerorganisatie alsmede de implementatie van moderne datamanagement- en beveiligingsoplossingen. 31 Tegelijkertijd wordt binnen de organisatie actief gestuurd op effectief beheer van software, licenties en IT-infrastructuur. Daarbij ligt een sterke focus op informatiebeveiliging, zoals het waarborgen van vertrouwelijkheid, integriteit en beschikbaarheid van gegevens en het voldoen aan geldende wet- en regelgeving (BIO & NEN). Door deze maatregelen wordt beoogd om onverwachte kosten zoveel mogelijk te beperken en tegelijkertijd de automatiseringsomgeving veilig, betrouwbaar en toekomstbestendig te houden.

4.2.6 Rente Kostencategorie Wijzigingen 1e BERAP Wijzigingen 2e BERAP Totaal 2025 V/N 6 Rente Hogere rentelasten 80.315 - 80.315 N Totaal 80.315 - 80.315 N 1e Bestuursrapportage Rentelasten In 2025 is een nieuwe langlopende lening van 4 miljoen euro afgesloten ter dekking van de vervangingsinvesteringen 2024 en 2025. Deze annuïtaire lening heeft een afnemende rentelast die in 2025 en 2026 incidenteel gedekt zal worden door de vrijval van kapitaalslasten en ontvangen rentebaten. De lasten zullen in de begroting van 2027 structureel verwerkt worden in de begroting. De rentelasten van deze nieuwe lening bedragen in 2025 88.726 euro en in 2026 109.364 euro. 4.2.7 Beheerskosten Kostencategorie Wijzigingen 1e BERAP Wijzigingen 2e BERAP Totaal 2025 V/N 7 Beheerskosten Lagere kosten accountant -62.528 - -62.528 V Hogere kosten consumpties en maaltijden 59.716 - 59.716 N Hogere kosten contributies en abonnementen 49.691 -22.150 27.541 N Lagere kosten kantoorbenodigdheden - -9.251 -9.251 V Totaal 46.880 -31.401 15.479 N 1e Bestuursrapportage Accountantskosten In het kader van het jaarwerk 2024 is een transitorische post opgenomen voor het tweede deel van het honorarium van de accountantsdiensten. Dit bedrag is in het boekjaar 2025 vrijgevallen en zal conform de geldende verslaggevingsregels niet opnieuw worden opgenomen.

Hierdoor ontstaat er een incidenteel voordeel van 62.528 euro in 2025. Consumpties en maaltijden De kosten voor kantinevoorzieningen binnen de kazerne aan de Marsweg in Zwolle en de koffiefaciliteiten op de overige locaties vallen in 2025 hoger uit dan begroot. Deze stijging is voornamelijk het gevolg van prijsindexeringen door leveranciers die het tempo van de eigen indexatie van de begroting overtreffen. Daarnaast worden er in het kader van de kazernering van vrijwilligers in de brandweerkazerne van Kampen maaltijden ingekocht die niet binnen de 32 oorspronkelijke projectbegroting waren opgenomen. Deze ontwikkelingen resulteren gezamenlijk in een incidenteel tekort van 59.716 euro in het boekjaar 2025. Contributies en abonnementen De kosten voor contributies en abonnementen vallen in 2025 49.691 euro hoger uit dan oorspronkelijk begroot. Deze overschrijding is voornamelijk het gevolg van tariefstijgingen voor bestaande lidmaatschappen en abonnementen, met name op het gebied van arbodienstverlening (bedrijfsarts) en salarisverwerking. Daarnaast zijn er nieuwe samenwerkingsverbanden aangegaan waarvoor contributies verschuldigd zijn die bij het opstellen van de begroting 2025 nog niet waren voorzien. Hierdoor ontstaat een incidenteel tekort binnen deze categorie van 49.691 euro.

2e Bestuursrapportage Contributies en abonnementen In de eerste bestuursrapportage werd gemeld dat de kosten voor contributies en abonnementen in 2025 49.691 euro hoger uitvielen dan dat er aan budget beschikbaar was in de primaire begroting. In de tweede bestuursrapportage blijkt echter dat de uitgaven 22.150 euro lager uitkomen dan eerder werd verwacht. Deze bijstelling is het gevolg van een combinatie van factoren. Zo bleken de tariefstijgingen voor bestaande lidmaatschappen en abonnementen lager dan verwacht en vallen de kosten van nieuwe samenwerkingen minder hoog uit dan verwacht. Daarnaast is kritisch gekeken naar de diverse contributies en abonnementen die zijn afgesloten binnen de organisatie waarbij abonnementen die niet strikt noodzakelijk waren zijn geschrapt. Door deze maatregelen valt het incidentele tekort binnen deze categorie aanzienlijk lager uit dan in de eerste rapportage was voorzien. Kantoorbenodigdheden In 2025 liggen de kosten voor kantoorbenodigdheden 9.251 euro lager uit dan begroot. Deze besparing is het resultaat van een combinatie van maatregelen gericht op efficiënt en doelbewust gebruik van middelen. Zo is er meer sturing aangebracht op het voorraadbeheer waardoor onnodige aankopen zijn voorkomen. Daarnaast is kritisch gekeken naar de noodzaak van nieuwe bestellingen waarbij alleen essentiële benodigdheden zijn aangeschaft.

Hierdoor vallen de uitgaven voor kantoorbenodigdheden lager uit dan vooraf was voorzien. 4.2.8 Overige kosten Kostencategorie Wijzigingen 1e BERAP Wijzigingen 2e BERAP Totaal 2025 V/N 8 Overige kosten Hogere kosten duurzaamheid 27.615 - 27.615 N Hogere kosten voorziening spaarverlof 95.924 - 95.924 N Hogere algemene kosten - 39.500 39.500 N Lagere kosten Brandveilig leven - -32.193 -32.193 V Totaal 123.539 7.306 130.845 N 1e Bestuursrapportage Duurzaamheid Duurzaamheid neemt een prominente plaats in binnen Veiligheidsregio IJsselland en zij neemt haar verantwoordelijkheid om klimaatverandering tegen te gaan. Zo wordt er op verschillende manieren aandacht besteed aan duurzaamheid en worden acties uitgezet om de CO₂-uitstoot te verminderen. De organisatie was de eerste Veiligheidsregio in Nederland 33 die niveau 4 op de CO₂-prestatieladder behaalde. Om deze certificering te behouden en de verplichte audit uit te voeren, is budget benodigd. Voor de uitvoering van deze doelstellingen is dit boekjaar in totaal 57.615 euro benodigd. In de primitieve begroting was hiervoor 30.000 euro opgenomen wat leidt tot een aanvullend tekort van 27.615 euro in 2025. Voorziening spaarverlof In lijn met voorgaande jaren moet ook in 2025 rekening worden gehouden met een toename van de voorziening spaarverlof en de bijbehorende kosten.

De dotatie aan deze voorziening is gebaseerd op het aantal opgespaarde verlofuren per peildatum 30 april 2025. Het is belangrijk te benadrukken dat deze toevoeging naar verwachting in de loop van het jaar verder zal toenemen, aangezien medewerkers in de resterende maanden vermoedelijk nog extra verlofuren opsparen. De dotatie aan de voorziening spaarverlof wordt bekostigd uit het resultaat van de jaarrekening en is derhalve meegenomen in de financiële prognose over 2025. Onderstaand overzicht toont de stand van de voorziening per 30 april 2025. 2e Bestuursrapportage Algemene kosten In 2025 laten de algemene kosten een overschrijding zien van 39.500 euro ten opzichte van de oorspronkelijke begroting. Deze stijging wordt voornamelijk veroorzaakt door diverse incidentele uitgaven die noodzakelijk zijn voor het beheer en de instandhouding van de brandweerkazernes binnen de regio. Het betreft onder andere onderhouds- en servicekosten van installaties, plaagdierbestrijding, energie- en facilitaire kosten. Deze kosten zijn incidenteel van aard en hebben geen structureel karakter. Ze zijn nodig om de operationele continuïteit van de brandweerkazernes te waarborgen en om te voldoen aan de functionele eisen voor personeel en materieel.

Brandveilig Leven Onder het programma Brandveilig Leven vallen activiteiten die gericht zijn op het vergroten van de veiligheid in de leefomgeving en het bevorderen van zelfredzaamheid van burgers. Voorbeelden hiervan zijn voorlichtingsactiviteiten op scholen, huisbezoeken, horecabezoeken en brandveiligheidscontroles. Met deze activiteiten worden burgers geïnformeerd over brandveilig gedrag zodat zij beter voorbereid zijn en weten welke maatregelen zij zelf kunnen nemen. In 2025 wordt een besparing van 32.193 euro gerealiseerd binnen deze kostencategorie. Deze besparing is het gevolg van een tijdelijke aanpassing van de uitvoering waarbij een deel van de activiteiten in afwachting van een herbeoordeling van het programma is opgeschort. Deze aanpak stelt de organisatie in staat de beschikbare middelen efficiënt te benutten, terwijl de kernfunctie van het programma – het vergroten van bewustzijn, kennis en zelfredzaamheid – gewaarborgd blijft. Voorziening Spaarverlof Aantal uren Kosten voorziening in €’s 2024 (stand per 31-12-2024) 11.721 566.988 2025 (stand per 30-04-2025) 13.289 662.912 (Voorlopige) toevoeging aan voorziening 2025 94.924 34 Voorziening spaarverlof In de tweede bestuursrapportage bedraagt de (voorlopige) toevoeging aan de voorziening spaarverlof in 2025 65.368 euro.

Dit ligt lager dan de aanvankelijk geraamde toevoeging van 94.924 euro, zoals opgenomen in de eerste bestuursrapportage. De daling is voornamelijk het gevolg van het vertrek van een medewerker met een relatief hoog aantal gespaarde uren, waardoor de verplichtingen binnen de voorziening per 31 augustus zijn afgenomen. Er wordt geen aanpassing van de voorlopige toevoeging doorgevoerd, aangezien verwacht wordt dat gedurende de resterende maanden van het jaar nog aanvullende uren – bijvoorbeeld uit overuren of aangekochte uren – aan de voorziening zullen worden toegevoegd. Het verschil tussen de huidige voorlopige toevoeging van 65.368 euro en de eerder geraamde 94.924 euro blijft daarmee noodzakelijk om de verwachte toekomstige toevoegingen te dekken. 4.2.9 Baten Kostencategorie Wijzigingen 1e BERAP Wijzigingen 2e BERAP Totaal 2025 V/N 9a Baten Hogere rentebaten -101.836 - -101.836 V Hogere opbrengsten detacheringen -69.704 -36.554 -106.258 V Hogere opbrengsten verkopen materieel - -30.341 -30.341 V Hogere opbrengsten verzekeringen - -33.165 -33.165 V Hogere opbrengsten AGS piket - -68.787 -68.787 V Hogere opbrengsten UWV - -19.874 -19.874 V Totaal -171.539 -188.721 -360.260 V 1e Bestuursrapportage Hogere rentebaten Als gevolg van een positief saldo op onze lopende schatkistrekening bij de BNG Bank, ontvangen we ieder kwartaal renteopbrengsten.

De verwachte renteopbrengsten voor het jaar 2025, gebaseerd op het liquiditeitsverloop, bedragen 101.836 euro. De hoogte van de renteontvangsten zal gedurende het jaar nauwlettend worden gemonitord, gezien de grillige aard van de rentestanden en de variabiliteit van het saldo op de rekening als gevolg van tussentijdse vervangingsinvesteringen. Hogere opbrengsten detacheringen Een aantal medewerkers van de Veiligheidsregio IJsselland wordt gedetacheerd bij externe werkgevers, waarvoor we een vergoeding ontvangen ter hoogte van de werkelijke loonkosten. De totale verwachte opbrengsten van deze detacheringen bedragen 69.704 euro voor het jaar 2025. Voorziening Spaarverlof Aantal uren Kosten voorziening in €’s 2024 (stand per 31-12-2024) 11.721 566.988 2025 (stand per 31-08-2025) 12.889 632.356 (Voorlopige) toevoeging aan voorziening 2025 65.368 35 2e Bestuursrapportage Hogere opbrengsten detacheringen Ten opzichte van de eerste bestuursrapportage zijn de opbrengsten uit detacheringen verder toegenomen met 36.554 euro. Dit wordt verklaard door een uitbreiding van het aantal medewerkers dat tijdelijk werkzaamheden verricht bij externe organisaties, zoals gemeenten of ketenpartners. Voor deze detacheringen worden de loonkosten volledig doorbelast aan de ontvangende organisaties inclusief werkgeverslasten en een kleine opslag voor overhead.

Daarmee wordt niet alleen kostendekkend gewerkt, maar wordt tevens een positieve bijdrage geleverd aan het resultaat van de veiligheidsregio. Voor 2025 worden de incidentele opbrengsten uit detacheringen geraamd op 106.258 euro. Hogere opbrengsten verkopen materieel In 2025 zijn extra opbrengsten gegenereerd uit de verkoop van materieel dat buiten gebruik is gesteld binnen de organisatie. Het gaat hierbij om afgeschreven voertuigen waaronder tankautospuiten, hulpverleningsvoertuigen en haakarmbakken. Door een omvangrijke vervangingsronde van voertuigen is meer materieel afgestoten dan waarmee in de primaire begroting rekening was gehouden. Daarmee is een aanvullende opbrengst van 30.341 euro gerealiseerd ten opzichte van hetgeen in de primaire begroting was opgenomen. Het betreft een incidenteel voordeel, dat samenhangt met het vervangingsprogramma, die geen structurele doorwerking kent naar toekomstige jaren. Hogere opbrengsten verzekeringen In de loop van 2025 zijn diverse verzekeringsuitkeringen ontvangen naar aanleiding van schades aan voertuigen en gebouwen. Deze uitkeringen vergoeden (een deel van) de gemaakte herstel- en vervangingskosten. De opbrengsten bedragen in totaal 33.165 euro.

Hoewel deze baten incidenteel van aard zijn en direct samenhangen met de gemelde schadegevallen, dienen ze conform de voorschriften van het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) afzonderlijk als baten te worden verantwoord. De bijbehorende herstel- en vervangingskosten zijn verantwoord binnen de betreffende kostencategorieën in deze bestuursrapportage. Hogere opbrengsten AGS piket De Veiligheidsregio IJsselland vervult het AGS-piket (Adviseurs Gevaarlijke Stoffen) zowel voor de eigen regio als voor de Veiligheidsregio Twente. Voor deze inzet wordt een vergoeding ontvangen. In de tweede bestuursrapportage zijn naast de baten over 2025 ook de baten over 2024 verwerkt, die destijds niet zijn verantwoord. Dit leidt gezamenlijk tot een aanvullende opbrengst van 68.787 euro. De ontvangen vergoedingen voorzien in een belangrijke bijdrage aan de dekking van de personele- en opleidingskosten die nodig zijn voor zowel de uitvoering van het AGS-piket als de duurzame instandhouding van de AGS- capaciteit binnen de regio. Hogere opbrengsten UWV Er is sprake van een incidenteel financieel voordeel van 19.874 euro als gevolg van ontvangen uitkeringen vanuit het UWV. Deze uitkeringen zijn specifiek toe te schrijven aan lopende regelingen met name in verband met medewerkers die met zwangerschapsverlof zijn gegaan.

Voor deze medewerkers ontvangt de Veiligheidsregio IJsselland een vergoeding vanuit het UWV wat heeft geleid tot het hiervoor genoemde voordeel van 19.874 euro. 36 4.2.10 Algemene dekkingsmiddelen Kostencategorie Wijzigingen 1e BERAP Wijzigingen 2e BERAP Totaal 2025 V/N 10 Algemene dekkingsmiddelen Hogere ontvangsten BDuR -1.013.345 -507.268 -1.520.613 V Totaal -1.013.345 -507.268 -1.520.613 V 1e Bestuursrapportage Hogere ontvangsten BDuR-bijdrage De gecorrigeerde rijksbijdrage (BDuR) voor het jaar 2025 valt hoger uit dan eerder geraamd in de primitieve begroting 2025, zoals opgenomen in de decembercirculaire 2023. Dit positieve verschil is voornamelijk het gevolg van toegekende loon- en prijscompensaties, die aanzienlijk hoger uitvallen dan in voorgaande jaren als gevolg van de gestegen inflatie in de afgelopen periode (587.722 euro). Daarnaast heeft Veiligheidsregio IJsselland aanvullende rijksbijdragen ontvangen ten behoeve van het versterken van de crisisbeheersing (246.423 euro) en de informatievoorziening (179.200 euro). Deze extra middelen zijn bedoeld ter ondersteuning van structurele opgaven binnen deze domeinen. De invulling van deze extra middelen is reeds besproken in paragraaf 4.1.

2e Bestuursrapportage In het kader van een loon- en prijsbijstelling van de BDuR-uitkering over 2025 wordt een aanvullende bijdrage van 307.268 euro ontvangen vanuit het ministerie van Veiligheid en Justitie. Hiervan wordt 71.014 euro toegekend als loon- en prijsbijstelling voor de extra BDuR-middelen die zijn verkregen voor het versterken van de crisisbeheersing en informatievoorziening. Het resterende bedrag van 236.254 euro wordt toegewezen aan de reguliere BDuR-gelden voor de uitvoering van de wettelijke taken. De ontvangen loon- en prijstelling van de BDuR is hoger dan voorgaande jaren vanwege de inflatie in de afgelopen jaren die door middel van deze bijdrage wordt gecompenseerd. Daarnaast heeft de Veiligheidsregio een aanvullende bijdrage van 200.000 euro ontvangen vanuit het Ministerie van Justitie en Veiligheid voor het versterken van de regionale weerbaarheid. Deze bijdrage maakt onderdeel uit van een landelijk budget van 5 miljoen euro waarmee alle veiligheidsregio’s gezamenlijk maatregelen kunnen treffen in het kader van weerbaarheid zoals de inrichting van noodsteunpunten. De verdere invulling van deze middelen hangt af van een kabinetsbrief waarin het Rijk de prioriteiten en concrete uitvoering vastlegt.

Belangrijk is dat deze middelen uitsluitend geoormerkt zijn voor het bevorderen van de weerbaarheid binnen de regio en niet dienen ter compensatie van de BDuR-korting of voor het bekostigen van wettelijke taken. 4.2.11 Investeringen In de onderstaande tabel is een overzicht opgenomen van de investeringen per investeringscategorie in het boekjaar 2025. In de programmabegroting 2025 heeft het algemeen bestuur een totaalbedrag van 6.915.577 euro aan investeringen vastgesteld en goedgekeurd. Daarnaast zijn er nog niet-bestede investeringskredieten uit 2024, ter hoogte van 3.097.888 euro, doorgeschoven naar het boekjaar 2025. Het algemeen bestuur heeft dit besluit genomen bij de vaststelling van de jaarstukken 2024 waarbij is bepaald dat deze middelen in 2025 beschikbaar blijven voor het verrichten van investeringen. De verdeling van de doorgeschoven kredieten is opgenomen in de onderstaande tabel. 37 Tijdens de uitvoering van de investeringsplanning is echter gebleken dat aanvullende middelen noodzakelijk zijn. Het betreft met name extra benodigd investeringskrediet voor vervangingsinvesteringen in vervoersmiddelen waaronder investeringen in reguliere tankautospuiten en in tankautospuiten van het type 4x4 CCFM. Voor deze investeringen is in 2025 een aanvullend investeringskrediet van 4.261.598 euro benodigd.

De noodzaak voor dit aanvullende krediet vloeit voort uit eerdere verschuivingen in de investeringsplanning over de jaren 2025–2026. Bij de verwerking hiervan is in de investeringsbegroting 2025 per abuis te weinig krediet opgenomen. Concreet gaat het om een tekort van 2.915.000 euro voor de reguliere tankautospuiten. Het resterende deel van het tekort, 1.346.598 euro, wordt naar voren gehaald uit de investeringsbegroting 2026. Het beschikbaar stellen van het extra investeringskrediet is noodzakelijk om de vervangingsopgave conform planning uit te kunnen voeren en de kwaliteit van het materieel op peil te houden. Daarmee wordt geborgd dat de organisatie kan blijven voldoen aan de eisen die aan brandweerzorg worden gesteld. Cumulatief leidt dit tot een gewijzigde investeringsbegroting voor 2025 van 14.275.063 euro. Hoewel dit een aanzienlijke verhoging ten opzichte van de oorspronkelijke begroting betekent, heeft dit geen gevolgen voor de kapitaalslasten in 2026. De oplevering van de voertuigen vindt namelijk pas in 2026 plaats. Conform de systematiek starten de kapitaalslasten daarom in 2027 zoals ook voorzien in de oorspronkelijke meerjarenplanning. Een verhoging van de gemeentelijke bijdrage in 2026 is daarmee niet aan de orde. Tegelijkertijd is tijdens de uitvoering gebleken dat enkele andere projecten meer tijd vergen dan eerder voorzien.

Binnen diverse investeringscategorieën – machines, ICT en brandveiligheidsvoorzieningen – zijn investeringen doorgeschoven naar 2026. Redenen hiervoor zijn onder meer dat de voorbereiding en aanbesteding van bepaalde projecten extra tijd vragen, dat in 2025 prioriteit moest worden gegeven aan andere meer urgente investeringen, of dat projecten afhankelijk zijn van externe ontwikkelingen. Deze verschuivingen leiden ertoe dat een deel van het in 2025 beschikbare krediet pas in 2026 wordt benut waarmee in de kapitaalslasten van 2026 een voordeel ontstaat waarover in de eerste bestuursrapportage in 2026 zal worden gerapporteerd.

Investeringscategorie Begroting 2025 Krediet vanuit 2024 Aanvullend investerings- krediet 2025 Gewijzigde begroting 2025 Krediet naar 2026 Totaal krediet 2025 Bedrijfsgebouwen 229.994 0 0 229.994 0 229.994 Grond en terreinen 0 80.428 0 0 0 0 Vervoersmiddelen 3.946.000 1.134.450 4.261.598* 9.342.048 1.227.201 8.114.847 Machines, apparaten en installaties 24.000 0 0 24.000 24.000 0 ICT 350.000 1.607.600 0 1.957.600 770.600 1.187.000 Brandveiligheids- voorzieningen 2.365.583 275.410 0 2.640.993 837.648 1.803.345 Oefenen 0 0 0 0 0 Jeugdbrandweer 0 0 0 0 0 Totaal 6.915.577 3.097.888 4.261.598 14.275.063 2.859.449 11.415.614 * Extra benodigd investeringskrediet: 2.915.000 euro Naar voren gehaald investeringskrediet 2026 1.346.598 euro Totaal 4.261.598 euro 38 Specificatie aanvullend benodigd investeringskrediet 2025 Investering Categorie Begroting 2025 Prognose Mutatie Toelichting 10x Tankautospuit 2026 Vervoersmiddelen 0 3.709.598 3.709.958 Investering naar voren gehaald vanuit 2026 4x Tankautospuit 4x4 CCFM 2026 Vervoersmiddelen 0 552.000 552.000 Investering naar voren gehaald vanuit 2026 Totaal 0 4.261.598 4.261.598 Vervoersmiddelen 10x Tankautospuit In de meerjareninvesteringsbegroting 2025–2026 was gepland dat in totaal 15 tankautospuiten vervangen zouden worden, verdeeld over twee jaar: vijf voertuigen in 2025 en tien voertuigen in 2026.

Tijdens de uitvoering van deze vervangingsronde is echter besloten om direct met de bouw van alle 15 voertuigen te starten. De oplevering van de voertuigen vindt volledig in 2026 plaats, maar voor de tien voertuigen die oorspronkelijk in 2026 gepland stonden, moet reeds in 2025 70% van de bouwkosten worden betaald. Concreet betekent dit dat in 2025 aanvullend investeringskrediet nodig is (3.709.598 euro): 1. 2.915.000 euro aan extra krediet dat in de oorspronkelijke begrotingen ontbrak; en 2. 794.598 euro dat al wel in 2026 was begroot, maar in 2025 nodig blijkt, omdat de voertuigen eerder in aanbouw zijn genomen. Hoewel deze aanpassing de kasstromen in 2025 beïnvloedt, heeft dit geen gevolgen voor de kapitaalslasten of de gemeentelijke bijdragen in 2025 en 2026. De kapitaalslasten starten zoals gepland in 2027 wanneer de voertuigen in gebruik worden genomen. Door deze vervroegde uitvoering wordt de vervangingsopgave conform planning uitgevoerd en blijft de kwaliteit van het materieel gewaarborgd zodat de Veiligheidsregio IJsselland kan blijven voldoen aan de gestelde eisen voor brandweerzorg. 4x Tankautospuit 4x4 CCFM Voor de investering in de tankautospuiten 4x4 CCFM geldt een situatie die vergelijkbaar is met die van de overige tankautospuiten. Oorspronkelijk was de vervanging van de vier voertuigen gepland en goedgekeurd in de investeringsbegroting van 2026.

Om te waarborgen dat de oplevering in 2026 kan plaatsvinden, is de bouw echter al in 2025 gestart. Hierdoor dient in 2025 30% van de bouwsom (4 x 138.000 euro = 552.000 euro) te worden voldaan, conform de voortgang van het project. Hiertoe is het investeringskrediet van 2026 gedeeltelijk naar 2025 overgeheveld, zodat de geplande investeringen tijdig kunnen starten. Ook voor de kapitaalslasten van dit type voertuig heeft dit geen gevolgen; deze beginnen, zoals oorspronkelijk gepland, pas in de begroting van 2027. De vervroegde start van de bouw beïnvloedt daarmee uitsluitend de liquiditeitsplanning, niet de financiële impact voor de gemeentes in 2025 en/of 2026. Specificatie investeringskrediet naar 2026 Investeringscategorie Investerings- krediet 2025 Realisatie Nog Verwacht Mee naar 2026 Bedrijfsgebouwen 229.994 199.108 30.886 0 Vervoersmiddelen 9.342.048 2.735.421 4.458.619 1.227.201 Machines, apparaten en installaties 24.000 0 0 24.000 ICT 1.957.600 1.043.378 15.109 770.600 Brandveiligheidsvoorzieningen 2.640.993 926.966 574.677 837.648 Totaal 14.275.063 4.904.873 5.079.291 2.859.485 39 Bedrijfsgebouwen Van het totale investeringskrediet van 229.994 euro is reeds 199.108 euro gerealiseerd waarbij nog een bedrag wordt verwacht van 30.886 euro. Er wordt geen investeringskrediet voor bedrijfsgebouwen doorgeschoven naar 2026.

Vervoersmiddelen Voor vervoersmiddelen is in totaal een krediet van 9.342.048 euro beschikbaar gesteld waarvan tot op heden 2.735.421 euro is gerealiseerd. Voor de resterende investeringen in 2025 wordt nog een bedrag van 4.458.619 euro verwacht. Daarnaast wordt er voor een totaalbedrag van 1.127.201 euro aan investeringskrediet doorgeschoven naar 2026. Dit betreft onder andere de vijf tankautospuiten waarvan in 2025 reeds 70% van de bouwsom is betaald terwijl de resterende 30% pas in 2026 benodigd zal zijn. Verder wordt voor de aanschaf van acht dienstauto’s een investeringskrediet van 432.000 euro doorgeschoven naar 2026. Deze verschuiving houdt verband met het feit dat in 2025 prioriteit is gegeven aan andere urgente projecten, waardoor de aanschaf van deze voertuigen is uitgesteld. Machines Van het beschikbare krediet van 24.000 euro is tot op heden nog geen realisatie geboekt. Gezien de huidige stand van zaken is de verwachting dat er in 2025 geen investeringen meer zullen plaatsvinden binnen deze categorie. Het volledige investeringskrediet wordt daarom doorgeschoven naar 2026 voor de aanschaf van twee nieuwe heftrucks. ICT Het beschikbare investeringskrediet voor ICT-investeringen in 2025 bedraagt 1.957.600 euro waarvan tot op heden 1.043.378 euro is gerealiseerd.

Een belangrijke investering in 2025 betrof de aanschaf van nieuwe laptops ter waarde van 849.005 euro, noodzakelijk voor de overgang naar MS365. Daarnaast zijn voor alle locaties nieuwe beeldschermen aangeschaft (93.545 euro) en nieuwe dockingstations (100.828 euro). De implementatie van MS365 is inmiddels afgerond en de organisatie is bezig met de inrichting van de beheerorganisatie. Daarnaast gaan de ontwikkelingen binnen het ICT-domein razendsnel, met name op het gebied van kunstmatige intelligentie en informatieveiligheid. Om tijdig op deze ontwikkelingen in te kunnen inspelen is het van belang dat het resterende investeringskrediet van 770.600 euro beschikbaar blijft binnen deze investeringscategorie voor 2026 en verder. Dit biedt de organisatie de mogelijkheid om te blijven investeren in noodzakelijke innovaties en beveiligingsmaatregelen en daarmee de continuïteit en betrouwbaarheid van de digitale werkomgeving te waarborgen. Brandveiligheidsvoorzieningen Voor brandveiligheidsvoorzieningen is in 2025 een investeringskrediet van 2.640.993 euro beschikbaar gesteld. Tot op heden is hiervan 926.966 euro gerealiseerd en wordt naar verwachting nog 574.677 euro in 2025 besteed. Het resterende bedrag van 837.648 euro wordt doorgeschoven naar 2026.

Dit investeringskrediet wordt in 2026 onder andere ingezet voor de bepakking van de nieuwe tankautospuiten (383.236 euro), de aanschaf van een ultra-hogedrukspuit (110.000 euro), een onderwaterdrone (130.000 euro) en nieuwe back- upapparatuur voor het C2000-netwerk (120.922 euro). Deze investeringen zijn van belang om de paraatheid en de kwaliteit van de brandweerzorg te versterken en tegelijkertijd te kunnen blijven voldoen aan de steeds hogere eisen op het gebied van veiligheid en technologie. 40 Investering Categorie Begroting 2025 Prognose Krediet naar 2026 5x Tankautospuit 2025 Vervoersmiddelen 2.650.000 1.854.799 795.201 4x Dienstauto Vervoersmiddelen 216.000 0 216.000 4x Auto algemeen Vervoersmiddelen 216.000 0 216.000 1x Heftruck Zwolle Noord Machines 12.000 0 12.000 1x Heftruck Raalte Machines 12.000 0 12.000 Thin Cliënt ICT 15.000 0 15.000 Switches Overige ICT 57.500 0 57.500 Storage Nimble Uitbreiding ICT 50.800 0 50.800 Smartboards vergaderlocaties ICT 56.300 0 56.300 Sharepoint - Softeware ICT 7.800 0 7.800 Sharepoint - Server ICT 5.200 0 5.200 Sharepoint - Licenties vrijwilligers ICT 120.000 0 120.000 Sharepoint - Applicatie ICT 54.600 0 54.600 Multimedia Brandweerkazernes ICT 35.500 0 35.500 Backup Software ICT 42.900 0 42.900 Innovatie ICT ICT 325.000 0 325.000 UHD (ultra hoge druk) Brandveiligheidsvoorzieningen 110.000 0 110.000 Standaard bepakking TS’en

Brandveiligheidsvoorzieningen 383.236 0 383.236 ROV (onderwaterdrone) Brandveiligheidsvoorzieningen 130.000 0 130.000 Quaestor Hardenberg Brandveiligheidsvoorzieningen 32.670 0 32.670 Duikhorloges Zwolle/Deventer Brandveiligheidsvoorzieningen 10.000 0 10.000 2x Compressoren Zwolle Brandveiligheidsvoorzieningen 50.820 0 50.820 Backup apparatuur C2000 Brandveiligheidsvoorzieningen 120.922 0 120.922 Totaal 4.714.248 1.854.799 2.859.449 4.3 Gewijzigde financiële overzichten 4.3.1 Overzicht baten en lasten Omschrijving Baten 2025 Lasten 2025 Saldo 2025 Risico- en crisisbestrijding -310.388 7.078.107 6.767.720 Brandweerzorg -561.556 35.500.176 34.938.621 Algemene dekkingsmiddelen: Gemeentelijke bijdrage -44.252.789 0 -44.252.789 Rijksbijdrage -9.183.428 0 -9.183.428 Overhead -3.167.436 14.449.957 11.282.520 Heffing VPB 0 0 0 Bedrag onvoorzien 0 0 0 Saldo van baten en lasten -57.475.596 57.028.241 -447.356 Toevoeging/onttrekking aan de reserve programma Veiligheid -294.190 0 -294.190 Toevoeging/onttrekking aan de reserves algemene dekkingsmiddelen -48.159 0 -48.159 Resultaat -57.817.945 57.028.241 -789.705 41 4.3.2 Overzicht taakvelden Jaar 2025 Baten Lasten Saldo 0.1 Bestuur -20.000 82.172 62.172 0.4 Overhead -3.065.600 14.369.642 11.304.041 0.5 Treasury -101.836 80.315 -21.521 0.8 Overige baten en lasten 0 -5.245 -5.245 0.9 Vennootschapsbelasting 0 0 0 0.10 Mutaties reserves

-342.349 0 -342.349 0.11 Resultaat van de rekening baten en lasten 0 0 0 1.1 Crisisbeheersing en brandweer -54.288.160 42.228.928 -12.059.232 2.1 Verkeer en vervoer 0 272.429 272.429 8.3 Wonen en bouwen 0 0 0 -57.817.945 57.028.241 -789.705 4.3.3 Specificatie taakveld overhead (0.4) Jaar 2025 Baten Lasten Saldo Bedrijfsvoering -2.995.156 8.682.136 5.686.980 Directie -10.000 1.269.164 1.259.164 Bestuur & Organisatie 0 465.123 465.123 Communicatie -19.118 801.010 781.892 Informatievoorziening -41.326 1.282.549 1.241.223 Managers 0 1.488.449 1.488.449 Management ondersteuning 0 381.211 381.211 -3.065.600 14.369.642 11.304.041 42 5. Bijlage 1: gegevens per gemeente Algemeen: met de gemeenten zijn maatwerkafspraken gemaakt over de dienstverlening. Niet alle taken komen in de overzichten terug, aangezien een aantal taken niet in prestatie- indicatoren uit te drukken is. Adviezen op A en B evenementen * Cijfers van enkele gemeenten vallen nu lager uit dan in de eerste bestuursrapportage, aangezien in de vorige rapportage meerdaagse evenementen per dag zijn meegeteld, dat is in deze rapportage gecorrigeerd. De A- en B-evenementen zijn de lichtere evenementen. De gemeente Kampen en Zwolle verzorgen zelf de advisering op de A- en B-evenementen. Olst-Wijhe en Deventer werkt niet in LiveEvents, maar voor Deventer wordt wel advies gegeven bij B-evenementen.

Van januari tot en met augustus 2025 waren er dertien grote C-evenementen waar advies is gegeven: één in Dalfsen, vier in Deventer, drie in Raalte, en vijf in Zwolle. GRIP-incidenten Er hebben zich van januari tot en met augustus 2025 vijf GRIP1-incidenten voorgedaan. Zie onderstaand overzicht. Er is driemaal (voorbereidend) ROT (Regionaal Operationeel Team) geformeerd in deze periode. Nr. Datum GRIP Plaats Incident Evaluatie 1 27-01-2025 1 Hasselt Brand bij palletbedrijf Infographic brandweer 2 19-02-2025 1 Heetveld Brand in fabriekshal Rapport 3 09-03-2025 1 Balkbrug Brand bij recyclingsbedrijf Rapport 4 10-08-2025 1 Rouveen Eenzijdig ongeval op de A28: personenauto te water Rapport 0 10 20 30 40 50 60 43 Nr. Datum GRIP Plaats Incident Evaluatie 5 22-08-2025 1 Deventer Flatbrand, ontruiming van drie verdiepingen Rapport (Voorbereidende) ROT’s Nr. Datum Plaats Incident Evaluatie 1 13-06-2025 Zwolle Afgelaste halve marathon Infographic brandweer 2 25-06-2025 Landelijk Odido-storing Rapport 3 01-08-2025 Landelijk Odido-storing Rapport Aantal incidenten per gemeente In onderstaand overzicht staat het totaal aantal unieke incidenten binnen onze regio. Het betreft hier incidenten waarvoor een brandweerinzet heeft plaatsgevonden, ongeacht de post, eenheid of type inzet. Ieder incident wordt eenmalig geteld, ongeacht het aantal eenheden dat is uitgerukt.

Gemeente Alarm Brand Dienstverle ning leefmilieu Ongeval Totaal Dalfsen 15 30 13 13 15 86 Deventer 47 170 125 47 26 415 Hardenberg 34 92 48 26 24 224 Kampen 23 72 57 31 22 205 Olst-Wijhe 6 23 21 8 10 68 Ommen 13 34 7 8 8 70 Raalte 8 42 34 18 15 117 Staphorst 5 38 11 5 8 67 Steenwijkerl and 18 97 48 22 29 214 Zwartewate rland 9 55 25 8 8 105 Zwolle 56 222 132 70 42 522 Eindtotaal 234 875 521 256 207 2093 44 Uitrukken per brandweerpost In dit overzicht staan de uitrukken per post bij een uniek incident. In dit overzicht worden piketfuncties (zoals AGS, OVD) uitgesloten. Op het moment dat een post met meer dan één voertuig aanwezig is bij een incident, dan wordt dit als één unieke uitruk geteld. Alarm: betreft automatische brandmeldingen. Dienstverlening: betreft onder andere de assistentie van de ambulancedienst, het redden van dieren, het opheffen van liftopsluitingen en het reinigen van het wegdek. Leefmilieu: betreft onder andere om assistentie bij storm- en waterschade.

Gemeente Alarm Brand Dienstve rlening leefmilieu Ongeval Totaal Dalfsen Dalfsen 9 22 4 1 6 42 Lemelerveld 5 14 7 6 5 37 Nieuwleusen 6 28 5 5 3 47 Deventer Bathmen 7 12 7 9 4 39 Deventer 41 182 147 42 45 457 Diepenveen 23 16 6 3 48 Hardenberg Balkbrug 4 18 3 8 5 38 Bergentheim 2 25 10 1 4 42 De Krim 17 6 1 24 Dedemsvaart 5 21 6 7 5 44 Gramsbergen 4 8 7 4 3 26 Hardenberg 23 51 25 8 10 117 Slagharen 20 9 2 3 34 Kampen IJsselmuiden 3 24 15 8 4 54 Kampen 17 80 52 19 20 188 Olst-Wijhe Olst 6 11 10 5 4 36 Welsum 1 1 1 3 45 Gemeente Alarm Brand Dienstve rlening leefmilieu Ongeval Totaal Wesepe 23 5 2 4 34 Wijhe 24 9 2 6 41 Ommen Ommen 7 40 5 4 5 61 Raalte Heeten 1 10 7 5 3 26 Heino 1 22 7 6 2 38 Luttenberg 4 9 4 4 4 25 Raalte 5 16 17 3 8 49 Staphorst Staphorst 6 35 13 1 8 63 Steenwijkerland Giethoorn 3 31 10 5 6 55 Kuinre 21 4 1 26 Oldemarkt 2 33 2 1 4 42 Ossenzijl 1 1 Steenwijk 12 76 28 12 15 143 Vollenhove 2 32 11 2 12 59 Zwartewaterland Genemuiden 3 25 9 3 3 43 Hasselt 6 39 18 3 6 72 Zwartsluis 1 29 7 3 2 42 Zwolle Reserve 2 1 1 3 Zwolle Noord Beroeps 38 167 68 38 45 356 Zwolle Noord Vrijwillig 5 1 6 Zwolle Zuid Beroeps 17 138 109 45 38 347 46 Duiding incidenten en uitrukken Wanneer we de cijfers over de eerste acht maanden van 2025 vergelijken met 2024 dan zien we een trend op de volgende thema’s: - Over de hele linie is het aantal incidenten in de Veiligheidsregio gelijk gebleven

waarbij 2024 onder het gemiddelde ligt over de afgelopen jaren. - De incidenten ‘alarm’ laten een lichte daling zien van tien procent. - De incidenten ‘brand’ zijn gestegen met 20 procent naar 875 incidenten o De buitenbranden zijn gestegen met bijna 50 procent naar 317 incidenten. Voor zowel bosschage als afval is de brandweer vaker uitgerukt. o Ook de natuurbranden zijn gestegen van zes in 2024 naar 29 incidenten in 2025. o De gebouw branden laten een stijging zien van 30 procent naar 285 incidenten. Deze stijging is toe te wijden aan de keet/schuurtje naar 33 incidenten, gezondheidszorg naar 24 incidenten en industrie/agrarisch naar 40 incidenten. - De dienstverlening laat een lichte stijging zien met vijf procent naar 521 incidenten. Met name het afhijsen van slachtoffers laat een stijging zien van circa 20 procent. - De incidenten op het gebied van leefmilieu zijn met 20 procent gedaald omdat zich geen grootschalige wateroverlast en beperkte stormschade heeft plaatsgevonden. - De incidenten ongevallen kennen een afname van tien procent naar 207 incidenten. 47 6. Bijlage 2: oorzaken overschrijding opkomsttijden In januari t/m augustus 2025 is in 98,95 procent van de uitrukken voldaan aan de normtijden uit het dekkingsplan. In 1,05 procent van de incidenten wordt de opkomsttijd dus overschreden.

De opkomsttijd bestaat uit de verwerkingstijd op de meldkamer, de uitruktijd (de tijd tussen alarmering en het uitrukken van het brandweervoertuig) en de aanrijtijd (de tijd tussen het wegrijden uit de post en de aankomst op de incidentlocatie). De overschrijdingen doen zich zowel voor bij de verwerking, het uitrukken en het aanrijden. Hieronder worden de oorzaken hiervan kort benoemd. Oorzaken overschrijding tijdens het verwerken van de melding Bij automatische brandmeldingen wordt niet direct een brandweervoertuig gealarmeerd, maar wordt eerst door de meldkamer contact opgenomen met het desbetreffende bedrijf om te checken of er daadwerkelijk sprake is van brand. Aangezien er bij deze meldingen in circa 95 procent van de gevallen niet daadwerkelijk brand is, neemt het aantal nodeloze uitrukken hiermee significant af. Dit nabellen bij automatische meldingen zorgt echter wel voor langere opkomsttijden, indien het wel nodig is dat de brandweer ter plaatse komt. Het nabellen duurt namelijk maximaal twee minuten voordat er wordt door gealarmeerd. Oorzaken overschrijdingen tijdens het uitrukken Het zijn vooral vrijwillige posten die de uitruktijden overschrijden (en niet de posten met beroeps-brandweer). Dat is natuurlijk niet zo vreemd, aangezien de uitruktijden van vrijwilligers grilliger zijn doordat zij niet op de post verblijven.

Afhankelijk van het tijdstip van de melding moeten zij eerst van hun huis, werk of een andere locatie komen. De uitruktijd is hiermee grilliger van aard. Oorzaken overschrijdingen tijdens het aanrijden De oorzaken van overschrijdingen op het gebied van het aanrijden komen door onder andere het tijdstip van de melding in relatie tot de verkeersdrukte. Maar ook weersinvloeden hebben effect op de aanrijtijd. Ook kan het bij met name beroepsposten voorkomen dat het brandweervoertuig wat gealarmeerd wordt zich niet in de post bevindt. Dit is aan de orde wanneer het voertuig vertrekt vanaf een andere incidentlocatie, binnen het gebied aan het oefenen is of niet beschikbaar is. Dit laatste kan zich bijvoorbeeld voordoen als het brandweervoertuig al ingezet is bij een ander incident, waardoor een brandweervoertuig van een andere post, met een langere aanrijtijd, gealarmeerd moet worden. Ontwikkelingen Om te voldoen aan de opkomsttijden zoals die zijn gesteld in het bestuurlijk vastgestelde dekkingsplan lopen verschillende verbeterprojecten. Zoals projecten om het aantal nodeloze meldingen terug te dringen en het project ‘Uitruk op maat’. 48 7.

Bijlage 3: Meldingen ongevallen – gevaarlijke situaties De aantallen: Er zijn vergeleken met voorgaande perioden geen significante stijgingen of dalingen te zien in het aantal (bijna) ongevalsmeldingen in het AMS systeem in de eerste acht maanden van 2025. De daadwerkelijke ongevallen komt uit op 29 en de ‘bijna’ ongevallen op zeven. Dit terwijl vanuit veiligheidskundige statistieken de verwachting is dat de hoeveelheid bijna ongevallen tienmaal hoger ligt. Dit kan een indicatie zijn dat niet alle (bijna) ongevallen worden gemeld. De meerderheid van de meldingen komt vanuit de beroepsposten. De Aandachtsvelden: Uitgaande van de meldingen in het AMS is te zien dat dat nog 22 procent van de ongevallen betrekking heeft op de afhandeling van incidenten en dat ruim 55 procent betrekking heeft op geoefend worden en geoefend blijven. Op incident-niveau vallen hier twee punten op:  In opleidingen/trainingen met betrekking tot fitheid/team building is te zien dat enthousiasme meermaals de overhand neemt ten opzichte van beheersbaarheid;  Vanuit opleiding/training vanuit is te zien dat ‘realistisch oefenen’ sterk is ontwikkeld. Realistisch oefenen houdt ook in dat een oefening niet 100 procent controleerbaar is. Omstandigheden veranderen en een scenario is niet met één druk op een knop te beëindigen.

Wanner gekeken wordt naar de ‘mindset’ van de cursist, is deze zich niet altijd bewust dat de opleiding gevolgd wordt in een omgeving met realistische risico’s en gevaren. Een eenduidig veiligheidsprotocol op basis van risico- inventarisaties en eenduidig rollen voor veiligheidsfunctionarissen is niet uniform geïmplementeerd op de diverse oefencentra en locaties. Situaties (bijna) ongevallen 0 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 Inzet Oefening Opleiding Werkplaats PPMO Sporten Overig

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://steenwijkerland.bestuurlijkeinformatie.nl/Document/LoadAgendaItemDocument/7d59fd63-6465-4ef5-8064-76a388c98983?agendaItemId=d7a9e213-1c9c-4944-81f2-bcd78610c0ad