CConstaterende datSteenwijkerland
Koppel je AI →
Document · PDF

13.0 VNG - Wet harmonisatie kinderopvang en peuterspeelzaalwerk.pdf

Raadsvergadering 19 september 2017, gemeente SteenwijkerlandBij agendapunt: Ingekomen stukken1.529 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

U201700503 PROD Vereniging van Nederlandse Gemeenten Nassaulaan 12 Den Haag | Postbus 30435 | 2500 GK Den Haag 070 - 373 83 93 | info@vng.nl Samenvatting De Wet harmonisatie kinderopvang en peuterspeelzaalwerk en de Wet innovatie en kwaliteit kinderopvang zijn op 30 mei jongstleden aangenomen door de Eerste Kamer. De inwerkingtreding van beide wetten is 1 januari 2018. De Wet harmonisatie kinderopvang en peuterspeelzaalwerk heeft gevolgen voor de rol van de gemeenten in het voorschoolse stelsel en als gevolg daarvan mogelijk voor de subsidierelatie met voorschoolse voorzieningen. In deze ledenbrief leest u wat de Wet harmonisatie kinderopvang en peuterspeelzaalwerk voor u als gemeente gaat betekenen. Brief aan de leden T.a.v. het college en de raad Datum 3 augustus 2017 Ons kenmerk ECSD/U201700503 Lbr. 17/042 Telefoon (070) 373 8393 Bijlage(n) - Onderwerp Wet harmonisatie kinderopvang en peuterspeelzaalwerk U201700503 PROD Vereniging van Nederlandse Gemeenten Nassaulaan 12 Den Haag | Postbus 30435 | 2500 GK Den Haag 070 - 373 83 93 | info@vng.nl Geacht college en gemeenteraad, De Wet harmonisatie kinderopvang en peuterspeelzaalwerk en de Wet innovatie en kwaliteit kinderopvang zijn aangenomen en gepubliceerd in het Staatsblad (Stb. 2017, 251 en 252). Beide wetten treden in werking op 1 januari 2018.

Met deze brief wil ik u op de hoogte brengen wat de Wet harmonisatie kinderopvang en peuterspeelzaalwerk voor u als gemeente gaat betekenen. Inhoud Wet harmonisatie kinderopvang en peuterspeelzaalwerk Peuterspeelzaalwerk onder definitie kinderopvang De Wet harmonisatie kinderopvang en peuterspeelzaalwerk regelt dat peuterspeelzaalwerk onder de definitie van kinderopvang wordt gebracht. Het onderscheid tussen peuterspeelzalen en kinderdagverblijven verdwijnt. Daarnaast zijn er op grond van de Wet innovatie en kwaliteit kinderopvang nieuwe kwaliteitseisen die voor alle kinderdagverblijven gaan gelden. Voor meer informatie over de komende wetswijzigingen verwijs ik u naar de website www.veranderingenkinderopvang.nl. Per 1 januari 2018 worden alle resterende peuterspeelzalen door de Dienst Uitvoering Onderwijs (DUO) automatisch omgezet tot kinderdagverblijven in het Landelijk Register Kinderopvang. Aan de leden Datum 3 augustus 2017 Ons kenmerk ECSD/U201700503 Lbr. 17/042 Telefoon (070) 373 8393 Bijlage(n) - Onderwerp Wet harmonisatie kinderopvang en peuterspeelzaalwerk Vereniging van Nederlandse Gemeenten 3/5 Ouders van wie de kinderen nu naar de peuterspeelzaal gaan,1 kunnen daardoor ook recht krijgen op kinderopvangtoeslag. Veel peuterspeelzalen hebben zich al omgevormd tot kinderdagverblijf. Mogelijk is dit in uw gemeente ook al het geval.

Deze brief is met name bedoeld voor gemeenten waar nog steeds peuterspeelzalen in het Landelijk Register Kinderopvang en Peuterspeelzalen geregistreerd zijn. Welke wijzigingen zijn voor gemeenten relevant? 1. De rol van de gemeente verandert. 2. Beschikbaar budget gemeentefonds. 3. Peuters van ouders zonder recht op kinderopvangtoeslag. 4. Omzetting van peuterspeelzalen naar kinderdagverblijven. 5. Aanvragen kinderopvangtoeslag door (werkende) ouders. 1. Rol van de gemeente De rol van de gemeente verandert, doordat straks een grotere groep ouders in aanmerking komt voor kinderopvangtoeslag. Dit betekent dat de gemeente niet meer (of in mindere mate) voor deze groep een financieel toegankelijk voorschools aanbod hoeft te verzorgen. De gemeente blijft wel verantwoordelijk voor de voor- en vroegschoolse educatie (VVE) voor doelgroepkinderen en voor het aanbod voor peuters waarvan de ouders niet in aanmerking komen voor kinderopvangtoeslag. Bij de vormgeving van uw beleid is het verstandig om tijdig in overleg te treden met de peuterspeelzalen in uw gemeente. Het is voor beide partijen belangrijk om de subsidierelatie zorgvuldig af te bouwen en/of te veranderen.

In het nieuwe beleid zullen keuzes gemaakt moeten worden over de aard van het aanbod van de voorschoolse voorziening door oude of nieuwe aanbieders, de toegankelijkheid voor groepen, de hoogte van de ouderbijdrage en de vorm van de financiering. Het is raadzaam om met name de juridische mogelijkheden van het subsidierecht en het aanbestedingsrecht te onderzoeken. Sociaal Werk Nederland heeft een publicatie staatssteun, aanbestedings- en subsidierecht laten opstellen die de juridische mogelijkheden voor de gemeente schetst en kan helpen bij het maken van de keuzes. Daarnaast verschijnt binnenkort een nieuwe modelverordening van de VNG die u als leidraad kunt gebruiken voor het maken van financiële afspraken met de kinderdagverblijven. 2. Beschikbaar budget gemeentefonds. Alle ouders die voldoen aan de wettelijke eisen voor kinderopvangtoeslag kunnen straks kinderopvangtoeslag aanvragen bij de Belastingdienst voor een tot kinderdagverblijf omgevormde peuterspeelzaal. Dit levert een besparing op voor gemeenten, omdat zij voor deze ouders geen voorschools aanbod meer hoeven te realiseren. De geschatte kosten die het Rijk van de gemeente hiermee overneemt, zijn in totaal ongeveer € 40 miljoen per jaar.

Zoals de meicirculaire 2016 aangeeft, vervalt de Decentralisatie-uitkering Versterking Peuterspeelzaalwerk daarom op de inwerkingtredingsdatum van de Wet harmonisatie kinderopvang en peuterspeelzaalwerk (1 januari 2018) en zal de hieraan verbonden € 35 miljoen uit het gemeentefonds worden genomen. 3. Peuters van ouders zonder recht op kinderopvangtoeslag Gemeenten behouden een belangrijke rol bij het kortdurend voorschools aanbod en voor de VVE. Daarvoor stellen gemeenten zelf budget beschikbaar. De gemeenten blijven ook na de harmonisatie verantwoordelijk voor het bekostigen van voorschoolse voorzieningen voor peuters waarvan de ouders geen recht hebben op kinderopvangtoeslag. 1 Ouders komen in aanmerking voor kinderopvangtoeslag als beide ouders (of een alleenstaande ouder) werken, een traject naar werk volgen of studeren. Zie www.toeslagen.nl voor de precieze voorwaarden. Vereniging van Nederlandse Gemeenten 4/5 In 2016 zijn bestuurlijke afspraken gemaakt tussen de minister van SZW en de VNG om ervoor te zorgen dat alle ouders van peuters die nog geen gebruik maken van een voorschoolse voorziening een aanbod voor deelname krijgen van de gemeente.

In het gemeentefonds zijn extra middelen beschikbaar gesteld om de gemeenten te ondersteunen om óók de peuters te bereiken die nu niet naar een voorschoolse voorziening gaan en waarvan de ouders geen recht hebben op kinderopvangtoeslag. Het kabinet heeft in de meicirculaire 2016 aangegeven dat vanaf 2016 € 10 miljoen extra beschikbaar wordt gesteld aan gemeenten via een decentralisatie-uitkering in het gemeentefonds. Deze extra middelen lopen stapsgewijs op met € 10 miljoen per jaar, tot € 60 miljoen structureel in 2021. Er wordt om de 2 jaar een monitor uitgevoerd om te onderzoeken hoeveel peuters bereikt worden door de gemeenten door deze extra financiële middelen en welke inspanningen gemeenten daarvoor doen. De eerste monitor vindt in 2017 plaats. Uw gemeente is hiervoor inmiddels benaderd door Buitenhek Management & Consult. 4. Omzetting van peuterspeelzalen naar kinderdagverblijven, LRK Na de inwerkingtreding van de Wet harmonisatie kinderopvang en peuterspeelzaalwerk verandert de naam van het Landelijk Register Kinderopvang en Peuterspeelzalen (LRKP) in Landelijk Register Kinderopvang (LRK).

Alle peuterspeelzalen die op de datum van inwerkingtreding van de Wet harmonisatie kinderopvang en peuterspeelzaalwerk nog in het LRKP geregistreerd staan, zullen door de Dienst Uitvoering Onderwijs (DUO) op die datum automatisch worden omgezet in een voorziening van het type kinderdagverblijf. Vanaf deze datum moeten deze voorzieningen ook voldoen aan de kwaliteitseisen voor kinderdagverblijven. Via overgangsrecht is het mogelijk gemaakt om toezicht en handhaving op de voorziening te continueren. U dient in 2018 een definitieve beschikking af te geven voor deze omgezette voorzieningen, waarin u een besluit neemt over de toestemming tot exploitatie van deze voorziening als kinderdagverblijf. De VNG, GGD GHOR Nederland en DUO informeren de gemeenten en GGD’en over de gevolgen van de Wet harmonisatie kinderopvang en peuterspeelzaalwerk voor registratie, toezicht en handhaving. Hiervoor is een gezamenlijke handreiking opgesteld, die via het gemeenteforum en Kennisnet ontsloten is. 5. Aanvragen kinderopvangtoeslag door (werkende) ouders De werkende ouders die bij de tot kinderdagverblijf omgevormde peuterspeelzalen in aanmerking komen voor kinderopvangtoeslag, zullen hun aanvraag tijdig moeten indienen bij de Belastingdienst. Voor deze aanvraag hebben de ouders het LRKP-nummer nodig van het toekomstige kinderdagverblijf.

De LRKP-nummers van de toekomstige kinderdagverblijven zullen vanaf 1 november zichtbaar zijn in het LRKP bij de gegevens van de peuterspeelzalen. De ouders kunnen dus vanaf 1 november een aanvraag indienen. Als de ouders vóór 15 november 2017 kinderopvangtoeslag aanvragen, dan kunnen zij in principe in december 2017 kinderopvangtoeslag krijgen voor de maand januari 2018. Samenloop gemeentelijke middelen en kinderopvangtoeslag Het kan voorkomen dat een ouder zowel in aanmerking komt voor kinderopvangtoeslag als voor een gemeentelijke bijdrage (met name in het geval van voorschoolse educatie). Het is belangrijk om te voorkomen dat ouders kinderopvangtoeslag verkeerd aanvragen. Ouders kunnen geen kinderopvangtoeslag aanvragen over de uren die de gemeente volledig financiert vanuit de voorschoolse educatie. Als de ouder deze uren wel meeneemt in zijn aanvraag, dan kan hij te maken krijgen met een terugvordering. Ook moet de ouder een correct tarief doorgeven aan de Belastingdienst. De kinderdagverblijven zullen in het contract met de ouders duidelijk moeten aangeven over welke uren en voor welke tarieven de ouders kinderopvangtoeslag kunnen aanvragen. Het kinderdagverblijf heeft meestal namelijk ook de informatie hoeveel gemeentelijke middelen de ouder al krijgt.

Het is wenselijk dat u als gemeente afspraken maakt met het kinderdagverblijf hoe zij in de overeenkomst en in informatie naar ouders hiermee omgaan (bijvoorbeeld in de subsidievoorwaarden), om er zoveel mogelijk voor te zorgen dat de ouder een correcte aanvraag voor kinderopvangtoeslag kan doen. Vereniging van Nederlandse Gemeenten 5/5 Heeft u nog vragen? Op de websites www.vng.nl, www.sociaalwerknederland.nl en www.veranderingenkinderopvang.nl kunt u nadere informatie vinden over de komende wetswijzigingen en voorbeelden hoe andere gemeenten dit proces hebben aangepakt. Wanneer u verdere vragen heeft over de gevolgen voor uw gemeente kunt u contact opnemen met de VNG. Hoogachtend, Vereniging van Nederlandse Gemeenten J. Kriens Algemeen Directeur

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://steenwijkerland.bestuurlijkeinformatie.nl/Document/LoadAgendaItemDocument/c38c3311-e0b2-47de-9729-13dbed358bfe?agendaItemId=8504a287-19c7-438a-8537-768d625aaecd