11.1 Leerplicht Jaarverslagen 2015 - 2017.pdf
Tekst van het document
1 JAARVERSLAGEN LEERPLICHT GEMEENTE STEENWIJKERLAND SCHOOLJAAR 2015-2016 2016-2017 Eenheid: Dienstverlening
2 Inhoudsopgave: Leeswijzer ........................................................................................................................................................ 3 Het schooljaar 2015-2016 en 2016-2017 ........................................................................................................ 4 Conclusies en aanbevelingen van vorig schooljaar ....................................................................................... 10 Scholen bezoeken ................................................................................................................................. 10 Passend onderwijs, Jeugdwet en Participatiewet ................................................................................. 10 Invoering nieuw leerlingen volgsysteem ............................................................................................... 10 Het schooljaar 2016-2017 ............................................................................................................................. 12 Scholen bezoeken ................................................................................................................................. 12 Regionale samenwerking ....................................................................................................................
12 Scholingsprogramma LPA, RMC, IGSD en NWG ................................................................................. 12 Thuiszitters ........................................................................................................................................... 13 Buitengewoon opsporingsambtenaar ................................................................................................ 13 Bijlage 1: Leerplicht in het wettelijk kader. ................................................................................................... 14 Bijlage 2: Leerplicht in het beleidskader Steenwijkerland. ........................................................................... 16 Bijlage 3: Acties ondernomen door leerplicht ............................................................................................... 23 Bijlage 4: Stroomschema passend onderwijs/jeugdhulp .............................................................................. 25 3 Leeswijzer Jaarlijks doet het college van burgemeester en wethouders verslag van het gevoerde leerplichtbeleid. Als gevolg van omstandigheden is het niet gelukt het verslag 2015-2016 aan te bieden aan de raad. Vandaar dat nu éénmalig het jaarverslag over 2 jaar wordt aangeleverd. In hoofdstuk 1 treft u de zaken die opvielen in het schooljaar 2015-2016 en 2016-2017.
Het daaropvolgende hoofdstuk geeft een terugblik op de conclusie en aanbevelingen van het schooljaar 2014-2015 en 2016-2017. In hoofdstuk 3 kijken we vooruit naar het volgende schooljaar en benoemen we waar extra aandacht voor zal zijn. Wilt u meer informatie over het wettelijk kader rondom de leerplichtambtenaar of zicht hebben op het hele beleidsterrein rondom jeugd, jongeren en het voorkomen van schooluitval dan verwijzen wij u naar de bijlagen 1 respectievelijk 2. In bijlage 3 treft u alle door de leerplichtambtenaren gedane acties van vrijstelling schoolbezoek tot proces-verbaal. In bijlage 4 staat het stroomschema passend onderwijs/jeugdhulp. 4 Het schooljaar 2015-2016 en 2016-2017 De primaire taak van de leerplichtambtenaar is de handhaving van en het toezicht op de Leerplichtwet. In bijlage 3 kunt u alle door de leerplichtambtenaar ondernomen acties terugvinden. In dit hoofdstuk worden de opvallende zaken extra onder de loep genomen. In Steenwijkerland zijn 36 scholen voor primair onderwijs gevestigd, één school voor speciaal basisonderwijs en 2 scholen voor regulier voortgezet onderwijs. Er is één school voor speciaal onderwijs die in Steenwijkerland twee locaties heeft: één locatie voor primair onderwijs en één locatie voor voortgezet onderwijs.
Op de peildatum 30 september 2015 zijn er in totaal 9.027 kinderen en jongeren (in de leeftijd van 0 tot 18 jaar) ingeschreven bij de gemeente Steenwijkerland. Er zijn 3.913 kinderen in de leeftijd van 5 tot en met 12. Er zijn 3.009 jongeren in de leeftijd van 13 tot 18 jaar. Op de peildatum 30 september 2016 zijn er in totaal 8.890 kinderen en jongeren (in de leeftijd van 0 tot 18 jaar) ingeschreven bij de gemeente Steenwijkerland. Er zijn 3.754 kinderen in de leeftijd van 5 tot en met 12. Er zijn 2.980 jongeren in de leeftijd van 13 tot 18 jaar. Grafiek 1: leeftijdsopbouw van in Steenwijkerland ingeschreven kinderen in de leeftijd van 0 tot 18 jaar, peildatum 30 september 2015
5 Grafiek 2: leeftijdsopbouw van Steenwijkerland ingeschreven kinderen in de leeftijd van 0 tot 18 jaar, peildatum 30 september 2016 Naar aanleiding van de ontwikkelingen vanuit de Regio om preventief te gaan werken, is eenmalig gekeken, over het schooljaar 2015-2016, waar de leerlingen uit onze gemeente naar school gaan. Ongeveer 75% van de leerplichtige leerlingen bezoekt een school binnen de gemeente Steenwijkerland. De overige leerlingen gaan naar scholen in de rest van de provincie Overijssel (met name Zwolle en Zwartsluis) of de provincies Friesland, Drenthe of Flevoland. grafiek 3: waar gaan Steenwijkerlandse leerplichtige leerlingen naar school. Steenwijkerland heeft twee leerplichtambtenaren voor in totaal 1,2 fte, waarvan één leerplichtambtenaar tevens buitengewoon opsporingsambtenaar is.
6 Wat in de cijfers opvalt Het aantal leerlingen dat in het schooljaar 2015-2016 gemeld werd bij leerplicht is toegenomen van 188 in het schooljaar 2014-2015 naar 226 1. In 2016-2017 zijn de meldingen bij leerplicht ook weer toegenomen ten aanzien van 2015-2016, namelijk 246 meldingen. Het betreft leerlingen in zo wel het basisonderwijs, voortgezet onderwijs, middelbaar beroepsonderwijs en speciaal onderwijs. Grafiek 5: aantal verzuimmeldingen per schooljaar 1 Het aantal van 188 betreft het aantal unieke leerlingen. Het geeft geen inzicht in het aantal keren dat een leerling door school gemeld werd. Het gebeurt dat een leerling in een schooljaar meerdere keren gemeld wordt voor verzuim.
7 Ongeveer 13 % van de meldingen betrof leerlingen die ingeschreven stonden op een school voor primair onderwijs. Ter vergelijking in het schooljaar 2014-2015 was dit ongeveer 9% van de meldingen. Voor het jaar 2016-2017 was dit 0,1 %. Een groot verschil. De reden hiervan is naar verwachting de wisselingen van directeuren in dat schooljaar. Grafiek 6: het percentage van alle verzuimmeldingen waarbij het ging om een kind jonger dan 12 jaar. Op 1 augustus 2015 (start van het nieuwe schooljaar) was er 1 leerling bekend bij de leerplichtambtenaar, die niet naar school ging zonder geldige redenen geen onderwijs kreeg en thuis zat, een zogenaamde thuiszitter 2. In de loop van het schooljaar kwam daar 1 leerling bij. Deze 2 leerlingen gingen naar scholen voor primair onderwijs. Deze leerlingen gingen na een periode van “thuiszitten” weer naar school of er werd vrijstelling verleend voor het schoolbezoek omdat behandeling eerst noodzakelijk was. Alle leerlingen waren in beeld bij hulpverlening en werden in meerdere multidisciplinaire overleggen de omstandigheden besproken. Op 1 augustus 2016 was er 1 leerling bekend bij de leerplichtambtenaar, die niet naar school ging zonder geldige redenen geen onderwijs kreeg en thuis zat, een zogenaamde thuiszitter. Voor deze leerling is een proces-verbaal opgemaakt. De leerling was in beeld bij hulpverlening en bij leerplicht.
2 Volgens de definitie van het ministerie is een thuiszitter: een leerplichtige jongere van 5 tot 16 jaar of een jongere van 16 of 17 jaar met kwalificatieplicht, die ingeschreven staat op een school of onderwijsinstelling en die zonder geldige reden meer dan vier weken verzuimt, zonder dat hij/zij ontheffing heeft van de leerplicht respectievelijk van geregeld schoolbezoek of wegens het volgen van ander onderwijs.
8 In meerdere contacten met hulpverlening en ouder zijn de omstandigheden besproken. De leerling is inmiddels verhuisd naar een andere gemeente waardoor ze bij ons uit beeld is. Tot voor 2,5 jaar geleden werd er bij luxe verzuim niet meer een waarschuwing gegeven bij een eerste keer verzuim, maar werd direct een strafrechtelijke afdoening door middel van een proces- verbaal gedaan. Inmiddels is de handleiding Strafrechtelijke Aanpak Schoolverzuim (SAS) van het Openbaar Ministerie gewijzigd in de handleiding Methodische Aanpak Schoolverzuim (MAS). Daarin is aangegeven dat bij een eerste keer luxeverzuim voor 1 dag een waarschuwing wordt gegeven. Bij meerdere dagen wordt wel een proces-verbaal opgemaakt. Het aantal processen-verbaal als het gaat om luxe verzuim (extra vakantie genoten zonder dat daar toestemming voor was) is ten opzichte van schooljaar 2015-2016 gedaald (van 9 naar 2). Deze aanpak lijkt op basis van de genoemde cijfers succesvol. Grafiek 7: aantal processen-verbaal luxe verzuim per schooljaar
9 Het aantal processen-verbaal als het gaat om relatief verzuim (op school in geschreven en zonder geldige reden verzuim) is ten opzichte van vorig schooljaar 2015-2016 gedaald in het schooljaar 2016-2017 van 16 naar 13. Bij relatief verzuim wordt in eerste instantie een waarschuwing gegeven. Bij hernieuwd verzuim kan óf een Haltverwijzing opgemaakt worden óf een proces-verbaal. Grafiek 8: aantal processen-verbaal relatief verzuim per schooljaar
10 Conclusies en aanbevelingen van vorig schooljaar In het jaarverslag over het schooljaar 2014-2015 werd aangegeven dat er voor het schooljaar 2015- 2016 extra aandacht gegeven zou worden aan de onderstaande punten (het cursief gedrukte is overgenomen uit het jaarverslag over het schooljaar 2014-2015): Scholen bezoeken Het blijft belangrijk om schooldirecteuren te bezoeken en aandacht te vragen voor de uitvoering van de Leerplichtwet. Ook in het schooljaar 2015-2016 gaan we hiermee door waarbij we extra de focus willen leggen op het verzuimprotocol in relatie tot thuiszitters en passend onderwijs. Op de Dag van de Leerplicht 2016 willen we weer een gastles gaan verzorgen op scholen voor primair onderwijs. De personeelsformatie was dit schooljaar niet volledig en er moest noodgedwongen een keuze gemaakt worden waar de uren voor ingezet werden. Dit schooljaar lag derhalve de prioriteit niet op scholenbezoek en werd er niet apart aandacht besteed aan de Dag van de Leerplicht. Passend onderwijs, Jeugdwet en Participatiewet De wettelijke wijzigingen die ingevoerd zijn zullen een grotere invloed hebben op het werk van de leerplichtambtenaar, waarbij we verwachten dat de effecten in dit schooljaar zichtbaar zullen worden. Te denken valt aan de Wet op het Passend Onderwijs, de Nieuwe Jeugdwet, Participatiewet.
In het schooljaar 2015-2016 zullen we extra alert zijn op mogelijke consequenties hiervan en daar waar nodig dit op de beleidsagenda laten zetten . Het onderwerp passend onderwijs en inzet jeugdhulp op school is dit schooljaar door middel van een aantal complexe casussen versneld onder de aandacht gekomen van diverse partijen. Met onderwijs, CJG en gemeente is, aan de hand van casuïstiek, breed ingezoomd op ieders taken en verantwoordelijkheden. Uiteindelijk heeft dit geresulteerd in onderlinge werkafspraken en is een stroomschema ontwikkeld (zie bijlage 4). Invoering nieuw leerlingen volgsysteem Op grond van de Leerplichtwet is de gemeente verantwoordelijk om er zorg voor te dragen dat er een deugdelijke leerplichtadministratie is zodat duidelijk wordt dat alle leerplichtige inwoners ingeschreven staan op een school en deze ook daadwerkelijk bezoeken dan wel dat er vrijstelling is verleend voor de inschrijvingsverplichting of schoolbezoek. Met ingang van het schooljaar 2015-2016 gaat de gemeente Steenwijkerland over op een nieuw digitaal systeem waarin de leerlingen vanaf hun 5 de levensjaar tot hun 18 de verjaardag gevolgd worden. De voordelen van het nieuwe systeem zijn dat er meer mogelijkheden zijn qua opbouw van een digitaal dossier en dat er meer informatie 11 gegenereerd kan worden dan in het oude systeem.
Vermoedelijk zal dit tot gevolg hebben dat cijfers van voorgaande jaren minder makkelijk vergelijkbaar zijn met de cijfers voor het schooljaar 2015- 2016. Per 1 augustus 2015 is het nieuwe leerlingen volgsysteem (JVS van MetaObjects) succesvol ingevoerd. De cijfers die gegeneerd zijn uit het nieuwe systeem zijn goed te vergelijken met die van het oude systeem behalve op het gebied van zorgwekkend ziekteverzuim. Zorgwekkend ziekteverzuim wordt in het nieuwe systeem niet apart geregistreerd. Onderzocht wordt hoe dit in het leerlingensysteem opgenomen kan worden. 12 Het schooljaar 2016-2017 In het schooljaar 2016-2017 zijn we verder gegaan met de handhaving van en het toezicht op de Leerplichtwet. Daarnaast hebben we extra aandacht en tijd gevraagd voor de volgende onderdelen: Scholen bezoeken Het blijft belangrijk om schooldirecteuren te bezoeken en aandacht te vragen voor de uitvoering van de Leerplichtwet. Hernieuwde kennismaking en aandacht vragen voor de uitvoering van de Leerplichtwet, waarbij we expliciet de verzuimregistratie willen bespreken, pakken we in dit schooljaar weer opnieuw op. Regionale samenwerking In de afgelopen jaren is met succes samengewerkt in de aanpak van schoolverzuim en voortijdig schoolverlaten (VSV). Samen met de partners, in het bijzonder de scholen, zijn het verzuim en voortijdig schoolverlaten in de regio IJsselvecht sterk teruggedrongen.
Een onderzoek begin 2017 bevestigt dit beeld. Tegelijkertijd laat de uitkomst zien dat er nog winst kan worden geboekt. Met het doel deze winst “te pakken” hebben de elf gemeenten in de regio IJsselvecht besloten meer regionaal te gaan samenwerken. Daarbij staan de begrippen uniformiteit, preventie en kwaliteit centraal. Dit besluit is mede genomen omdat scholen voor voortgezet (speciaal) onderwijs, praktijkonderwijs en beroepsonderwijs een regionaal voedingsgebied hebben. Deze scholen zijn gebaat bij een zoveel mogelijk gelijke behandeling van leerlingen. Door de samenwerking aan te gaan heeft iedere gemeente zich gecommitteerd aan het uitvoeren van preventieve taken leerplicht en RMC op de scholen die haar worden toegewezen. Preventief werken als regioconsulent RMC /leerplicht betekent een belangrijke en centrale rol op het terrein van preventie. Om deze rol goed en optimaal uit te kunnen voeren worden op dit moment de taken van de regioconsulent RMC/leerplicht nader uitgewerkt. Scholingsprogramma LPA, RMC, IGSD en NWG In het schooljaar 2016-2017 is aan de leerplichtambtenaren, RMC-consulenten en andere medewerkers van IGSD en Noordwestgroep een scholingsprogramma aangeboden, op het gebied van oplossingsgericht werken en ontwikkelingspsychologie. Doel is kennis vergroten en gelijktijdig kennis krijgen van elkaars werk.
Het scholingsprogramma is inmiddels afgerond en is zeker van meerwaarde geweest voor de kennis en het netwerk binnen deze organisaties. 13 Thuiszitters Scholen, hulpverlening, gemeente en leerplichtambtenaren willen thuiszitters voorkomen. Ook vanuit de landelijke brancheorganisatie, Ingrado, wordt hier extra aandacht voor gevraagd. De oorzaak van thuiszitters is een complexe problematiek, die slechts in gezamenlijkheid opgelost kan worden. In het schooljaar 2016-2017 is hier aandacht aan geven. Onder andere door deel te nemen aan bijeenkomsten die door Ingrado werden georganiseerd om specifieke deskundigheid op dit onderwerp te verkrijgen. Ook hebben wij blijvend de samenwerking opgezocht met diverse partijen die een aandeel kunnen hebben in de aanpak van thuiszitters, zoals scholen, samenwerkingsverband passend onderwijs en hulpverlening. Dit leidt tot een betere afstemming en verbinding waarbij dan de processen efficiënt worden opgepakt. Buitengewoon opsporingsambtenaar Eén van de leerplichtambtenaren heeft in dit schooljaar de opleiding buitengewoon opsporingsambtenaar gevolgd. Inmiddels heeft de leerplichtambtenaar de opleiding en beëdiging positief afgerond en is zij bevoegd proces-verbaal op te maken. 14 Bijlage 1: Leerplicht in het wettelijk kader. Leeftijd leerplichtigen Een kind is leerplichtig vanaf de maand volgend op de vijfde verjaardag.
De volledige leerplicht eindigt aan het einde van het schooljaar, waarin de jongere de leeftijd van 16 jaar heeft bereikt. Hierna is de jongere kwalificatieplichtig. De kwalificatieplicht eindigt, zodra de jongere de leeftijd van 18 jaar bereikt of een startkwalificatie 3 (MBO-2, HAVO- of VWO-diploma) heeft behaald. Inschrijving school De inschrijvingsplicht en de bezoekplicht staan geformuleerd in de Leerplichtwet 1969. In artikel 2 staat de essentie van de Leerplichtwet 1969: “de ouders (of feitelijke verzorgers) zijn verplicht ervoor te zorgen dat de jongere als leerling van een school is ingeschreven en deze school na inschrijving geregeld bezoekt”. Toezicht op de naleving van de wet In artikel 16 van de Leerplichtwet 1969 staat dat “naleving van deze wet is opgedragen aan burgemeester en wethouders. Zij wijzen daartoe één of meerdere ambtenaren aan”. Melden vermoedelijk ongeoorloofd schoolverzuim Op grond van artikel 21a van de Leerplichtwet 1969 moet de schooldirecteur vermoedelijk ongeoorloofd schoolverzuim melden als dit verzuim meer bedraagt dan 16 les- of praktijkuren in een periode van vier opeenvolgende lesweken. Scholen voor voortgezet onderwijs en middelbaar beroepsonderwijs melden dit verzuim bij DUO/IBG. Scholen voor basisonderwijs melden het verzuim nu nog rechtstreeks bij de leerplichtambtenaar.
Onderzoek leerplichtambtenaar In artikel 22 van de Leerplichtwet 1969 is geregeld dat de leerplichtambtenaar onderzoek moet doen naar de achtergrond van het vermoedelijke ongeoorloofd schoolverzuim. 3 De leerplicht houdt in dat kinderen vijf dagen per week naar school moeten. Kinderen zijn leerplichtig van hun vijfde tot zestiende jaar. Na de leerplicht volgt de startkwalificatieplicht (tot 18 jaar). Een jongere mag pas stoppen met school als hij of zij een diploma op tenminste niveau mbo-2, havo of vwo op zak heeft. Zo’n startkwalificatie geeft een jongere voldoende ‘bagage’ om verder te studeren of werk te vinden. 15 Jaarverslag Leerplicht Artikel 25 van de Leerplichtwet 1969 schrijft voor dat burgemeester en wethouders jaarlijks verslag uitbrengen aan de gemeenteraad. Regionale samenwerking Op grond van artikel 16 lid 4 van de Leerplichtwet 1969 en artikel 21 van de ambtsinstructie Leerplicht werkt de leerplichtambtenaar samen met collega leerplichtambtenaren in de regio. 16 Bijlage 2: Leerplicht in het beleidskader Steenwijkerland. Collegeprogramma 2014-2018 “Verantwoord anders” en Jeugdagenda Steenwijkerland 2012-2016: “JONGTALENTtelt”. De gemeente Steenwijkerland geeft in het Collegeprogramma 2014-2018 ‘Verantwoord anders’ aan dat het de kracht van haar inwoners wil bevorderen. We willen dicht bij de mensen staan en nemen de samenleving als uitgangspunt.
In de Jeugdagenda 2012-2016 maken we duidelijk dat we in het bijzonder ook de jongeren willen betrekken bij hun ontwikkeling naar een goede plek in de maatschappij. Binnen de gemeente richten we ons op het gezond en veilig opgroeien, talentontwikkeling en meedoen in de maatschappij. Hierbij sluiten we aan bij de maatregelen die de overheid neemt om een hechtere en sociale binding in de samenleving te bevorderen. Scholen hebben de opdracht gekregen hieraan bij te dragen door aandacht te geven aan actief burgerschap en sociale integratie. Leerlingen maken kennis met begrippen als democratie, participatie en identiteit. Waar sta ik voor, waar staat de ander voor en hoe werken we samen. Naast theoretische kennis draagt met name de vorming van de jongere in de praktijk bij aan de ontwikkeling tot mondige burgers, met respect voor anderen in de samenleving. De gemeente is sinds 1 januari 2015 verantwoordelijk voor de uitvoering van de Participatiewet, de Wet op de jeugdzorg en de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo). Deze drie transities zijn, samen met de invoering van Passend Onderwijs, van invloed op de aanpak van voortijdig schoolverlaten en -uitval. Vanuit de Participatiewet maakt indirect ook de aanpak jeugdwerkloosheid deel uit van onze aanpak, dit hangt immers nauw samen met schooluitval en daarmee de kansen op deelname aan de maatschappij.
Om ervoor te zorgen dat jongeren niet uitvallen werkt de gemeente samen met het onderwijs, de instellingen verenigd in het CJG, organisaties betrokken bij de Wmo en de IGSD Steenwijkerland- Westerveld. Samen moeten we ervoor zorgen dat jongeren met het behalen van een startkwalificatie een goede basis krijgen voor een plek in de maatschappij. Daarom doen we er alles aan om jongeren op school te houden of door leer-werktrajecten hen een kans op een geslaagde toekomst te geven. Voor jongeren voor wie een startkwalificatie niet haalbaar is, zorgen we in gezamenlijkheid voor maatwerktrajecten. 17 In dit kader zijn alle jongeren in beeld en worden op een traject gezet met als doel het verkrijgen van werk, het volgen van een opleiding of het hebben van een startkwalificatie. De leerplichttaak is daarbij gesitueerd in het handhaven van de Leerplichtwet, het terugdringen van voortijdig schoolverlaten en het verminderen en voorkomen van schoolverzuim van jongeren voor zover zij nog leerplichtig of kwalificatieplichtig zijn (dus tot hun 18 de verjaardag). De leerplichtambtenaar werkt voor deze jongeren samen met het Centrum voor Jeugd en Gezin, het basisonderwijs, het voortgezet onderwijs, het middelbaar beroepsonderwijs en het jongerenloket, waar de trajectbegeleiding van voortijdig schoolverlaters vanaf 18 jaar plaatsvindt (Wiedenmodel).
Centrum voor Jeugd en Gezin, Jeugdhulp en Passend Onderwijs. Per 1 januari 2015 is de Jeugdwet van kracht. Dit maakt dat de gemeente Steenwijkerland verantwoordelijk is voor jeugdhulp 4. De organisaties die samenwerken vanuit het Centrum voor Jeugd en Gezin (CJG) bieden lichte ondersteuning en beantwoorden voor zover mogelijk opvoedings- en opgroeivragen. Wanneer hulp buiten het gezin en het eigen netwerk nodig is en lichte ondersteuning niet voldoende is, kan er een verzoek tot jeugdhulp worden ingediend bij de gemeente. Tijdens de verslagperiode vormt het CJG de toegang tot de Jeugdhulp (stelt het plan op en voert het casushouderschap uit). Het college heeft besloten de toegangsfunctie per 1 januari 2017 bij de gemeente onder te brengen (net als bij de Wmo). De gemeente toetst het plan en geeft de beschikking af wanneer meer hulp nodig heeft. De gemeente is dan verantwoordelijk voor de financiering van de jeugdhulp en werkt in dit verband samen met de tien andere gemeenten in de regio IJsselland. Het CJG organiseert in samenwerking met andere organisaties ook activiteiten in het kader van preventie en voorlichting, bijvoorbeeld in samenwerking met de school een themabijeenkomst voor ouders over “het tienerbrein” of met kinderen over “pesten”.
De plaatsen waar kinderen en ouders komen in het dagelijks leven zijn ook de plekken waar opvoedthema’s, signalen bij kinderen en vragen over opvoeden aan de orde kunnen komen. De scholen zijn daarbij belangrijk. Het CJG heeft contactpersonen geregeld voor iedere school, zodat de lijnen kort zijn en men elkaar goed leert kennen. Aandacht voor een goede zorgstructuur en verbinding tussen de scholen (passend onderwijs) en CJG (jeugdbeleid/jeugdhulp) is belangrijk. In het LEA (gemeente en onderwijs en voorscholen: Lokale educatieve agenda) vindt bestuurlijke afstemming plaats over het passend onderwijs en het jeugdbeleid. Wanneer zich in de praktijk vraagstukken voordoen die opgelost moeten worden, dan pakken betrokkenen dit met elkaar op. Dit moet de integrale aanpak rondom kinderen bevorderen. 4 Jeugdhulp die tot 1 januari 2015 geboden werd voor: jeugdzorg, kinderen met een licht verstandelijke beperking en jGGZ-zorg. 18 Onderdeel van de bestaande zorgstructuur en waar leerplichtambtenaren verbinding mee hebben zijn: • Kind in de Kern (scholen voor primair onderwijs) • ZAT’s (vo- en MBO-scholen) • Multidisciplinair overleg CJG op casusniveau (po-, vo- en MBO-scholen) Kind in de Kern Basisscholen, voorschoolse voorzieningen, jeugdgezondheidszorg en gemeente hebben de basis gelegd voor Kind in de Kern (KiK) voor de leeftijdsgroep 0-12 jaar.
Het is een schakel tussen de jeugd- en onderwijszorg. Samen met opvoeders bespreken interne begeleiders en jeugdverpleegkundige of een andere CJG contactpersoon in klein verband het gedrag van ‘hun’ kinderen wanneer dat nodig is. Vaak gaat het om problemen thuis of op school die leiden tot verzuim of haperende leerprestaties. Het is daarbij belangrijk dat problemen niet blijven sudderen en escaleren, maar direct worden opgepakt met als doel eerst met elkaar te kijken of het kind weer op de rit kan worden gezet binnen de vertrouwde omgeving en te voorkomen dat het kind onnodig de hulpverlening inrolt. KiK is gericht op het probleemoplossend vermogen van kind, opvoeders en school op een laagdrempelige manier. Afhankelijk van de vragen en problemen die zich voordoen kan leerplicht hierbij ingeschakeld worden. Hierover zijn afspraken gemaakt tussen leerplicht en KiK /het CJG en de scholen. KiK bestaat op alle basisscholen en in de voorschoolse opvang in Steenwijkerland. Zorgadviesteam De leerplichtambtenaren hebben zitting in het Zorgadviesteam (ZAT) op de scholen voor voortgezet onderwijs binnen de gemeentegrenzen. Het ZAT is multidisciplinair en bestaat onder andere uit de afdelingsleiders van de school, een arts of verpleegkundige van de GGD, schoolmaatschappelijk werkers van Zorggroep Oude en Nieuwe Land, soms ook een orthopedagoog en altijd de leerplichtambtenaar.
Ook de scholen buiten de gemeentegrenzen hebben een ZAT. In het ZAT worden jongeren besproken over wie de school zich zorgen maakt. De reden daarvan is heel divers. Soms gaat het om leerachterstanden, soms om gedragsproblematiek of om problemen thuis die zijn weerslag hebben op school of schoolverzuim. In het ZAT worden vervolgacties besproken en later weer teruggekoppeld. De leerplichtambtenaar die zitting heeft in het ZAT, koppelt noodzakelijke informatie terug, indien van toepassing, aan de leerplichtambtenaar van de woongemeente van de leerling. Ook bij de VO scholen is overigens een ontwikkeling ontstaan gericht op: meer in gesprek met kinderen/jongeren en eventueel ouders (vorm van KiK maar dan heet het niet zo) door inzet van schoolmaatschappelijk werk, ipv praten over kinderen/jongeren. 19 Multidisciplinair overleg (MDO) op casusniveau Wat de zorgstructuur betreft is geconstateerd dat het soms beter werkt als er een klein multidisciplinair overleg (MDO) georganiseerd wordt rondom een specifieke casus. Partijen die betrokken zijn bij een situatie worden bijeengeroepen en maken samen met ouders/ opvoeders en zo mogelijk het kind zelf een plan van aanpak. Wanneer nodig schuift ook de leerplichtambtenaar aan bij dit overleg.
Sluitende aanpak Wiedenmodel/Jongerenloket in het kader van voorkomen van schooluitval Hoe werken we in Steenwijkerland? Sinds 2009 werken we in Steenwijkerland met het Wiedenmodel/jongerenloket. Het Wiedenmodel is een sluitende aanpak van de gemeente Steenwijkerland om schooluitval te voorkomen voor jongeren van 11-27 jaar. Het model is ontwikkeld in samenwerking met de intergemeentelijke sociale dienst (IGSD), leerplicht, UWV en RMC. De kracht is de integrale samenwerking tussen de genoemde partijen met behoud van ieders eigen verantwoordelijkheid voor de werkprocessen. Jongeren zonder startkwalificatie worden zoveel mogelijk toegeleid tot het (ver)volgen van een opleiding. Voor jongeren met een startkwalificatie sturen we aan op structurele uitstroom door middel van maatwerktrajecten en helpen we zo jeugdwerkloosheid te voorkomen. De lijnen zijn kort en de overdracht is warm. Het doel is het versterken van persoonlijk succes van de leerling in de (nieuwe) opleiding, het voorkomen van onnodige studievertraging en het verkleinen van het uitvalrisico. Er is continue aandacht voor de integrale benadering – ook met de andere partijen in het sociaal domein – en er worden oplossingen gezocht die passen bij de mogelijkheden van de jongeren. Specifieke doelgroepen. Sinds 1 januari 2015 zijn binnen het Wiedenmodel twee interventies uitgewerkt voor specifieke doelgroepen namelijk: a.
Interventie kwetsbare jongeren (voorheen harde kern jongeren) en b. de interventie voor jongeren met een arbeidsbeperking (voorheen Wajong en Pro-Vso jongeren). 20 a. Interventie kwetsbare jongeren Doel van deze interventie is om jongeren toe te leiden naar leren, werken of leerwerkbaan. Het gaan om jongeren die: - thuis zitten; jongeren die niets doen, maar waarbij wel de potentie aanwezig in om in de actieve stand te komen/in beweging gezet te kunnen worden. - stappen vooruit kunnen maken op de zelfredzaamheidsmatrix (ZRM), waarbij minimaal stappen te behalen zijn in leer(werk)baan; BBL, stage, werkervaringsplaats, leerbedrijf, betaalde baan. - in de leeftijd zijn van 16 tot 27 jaar. - uitvallen op meer dan 1 domein/kenmerk (ZRM) jongeren, die niets doen, geen hulpverlening is gestart, niet werken, geen opleiding volgen en/of geen uitkering hebben. De aanpak is belegd binnen de bestaande structuur van de sluitende aanpak Wiedenmodel/jongerenloket. Het is een succesvol project. De stand van zaken per 1 juli 2016 is dat er in totaal 13 jongeren met ernstige problematiek gestart zijn en van deze 13 jongeren er 5 opgenomen zijn in beschermd wonen en 4 jongeren op dit moment worden begeleid door de hulpverlening. De interventie kwetsbare jongeren is zo ver gevorderd en voorbereid dat deze geborgd is binnen de bestaande structuur van de sluitende aanpak Wiedenmodel/Jongerenloket.
b. Interventie voor jongeren met een arbeidsbeperking. De gemeente Steenwijkerland is sinds januari 2015 verantwoordelijk voor de uitvoering van de Participatiewet., met als doel dat jongeren en gezinnen meer in hun eigen kracht worden gezet. Jongeren worden eerder en beter worden ondersteund op school, thuis in de wijk, zodat zij op hun eigen zelfredzame niveau meedoen aan het sociale, maatschappelijke en economische verkeer. De focus ligt op de jongeren met een arbeidsbeperking (voorheen Wajong en Pro-Vso jongeren) om hen op een passende manier toe te leiden naar een volwaardige plaats in de maatschappij. Voor deze jongeren is er met de invoering van de Participatiewet veel veranderd. Jongeren die nog geen 18 jaar zijn en wel kunnen werken, komen niet meer in de Wajong. En er is 21 geen doorstroom meer mogelijk naar de sociale werkvoorziening. Dit geldt alleen nog voor jongeren met een volledige arbeidsbeperking. Zij hebben recht op Wajong. De verantwoordelijkheid van de gemeente Steenwijkerland is een sluitende aanpak voor de jongeren met een arbeidsbeperking in een kwetsbare positie om hen toe te leiden naar werk. Samen met onze partners RSG Pro, IGSD en Ambelt (locatie Steenwijk) maken wij voor hen het verschil. De jongere staat centraal. We kijken naar de ondersteuningsvraag en leefomgeving om zo de jongere in zijn kracht te zetten.
Voortbouwend op onze basisstructuur: de sluitende aanpak voortijdig schoolverlaten Wiedenmodel/Jongerenloket. De opdracht van de werkgroep was om te komen tot een werkwijze en afspraken hoe deze nieuwe groep jongeren met een arbeidsbeperking binnen de sluitende aanpak Wiedenmodel/jongerenloket het beste begeleid kunnen worden naar een plek op de arbeidsmarkt. We hebben een manier van werken bedacht: pionierend, werkend vanuit de praktijk en bottom-up om deze nieuwe groep jongeren met een arbeidsbeperking te ondersteunen. Met resultaat: het is gelukt om deze jongeren integraal onder te brengen bij het jongerenloket IGSD als onderdeel van de sluitende aanpak voortijdig schoolverlaten Wiedenmodel/Jongerenloket, om de jongere de beste begeleiding te geven in de doorgaande lijn van onderwijs naar werk. Komend jaar vindt doorontwikkeling en uitvoering van de beide interventies plaats. Resultaten die gehaald moeten worden zijn benoemd en de aanpak wordt uitgevoerd volgens de werkwijze en opzet zoals beschreven in de notities. Doorlopende leerlijn jongeren 18-/18+ Met de meeste jongeren die achttien jaar worden gaat het goed. Ze hebben een stabiel leven en ervaren weinig problemen. Ze kunnen terugvallen op hun ouders en vrienden als ze hulp nodig hebben. Maar zoals uit de vorenstaande interventies al blijkt, is dit niet voor alle jongeren vanzelfsprekend.
Er is een groep jongeren die kwetsbaar is en tussen wal en schip kan vallen, omdat ze er veelal alleen voor staan. Sinds de invoering van de Jeugdwet en de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 zijn gemeenten verantwoordelijk voor de zorg voor jeugdigen en (jong)volwassenen. Hierdoor zou het makkelijker zijn om de continuïteit van zorg voor deze jongeren na hun achttiende te organiseren. In de praktijk blijkt dit weerbarstiger dan in theorie. Het ontbreekt vaak aan een doorlopende lijn van aanbod en financiering van 18-/+ ondersteuning en zorg. Maar ook een goede voorbereiding op zelfstandigheid van deze kwetsbare jongeren en aanwezigheid van een steunend sociaal netwerk zijn knelpunten. 22 De komende periode wordt er in het kader van voorkomen schooluitval nog steviger ingezet op de overgang van 18- naar 18+. Meerjarenbeleidsplan VSV regio IJsselvecht 2017-2021 Steenwijkerland is één van de gemeenten die onder de regio IJsselvecht valt voor wat betreft voortijdig schoolverlaten. Op dit moment wordt gewerkt aan het nieuwe meerjarenbeleidsplan 2017/2021. De basis vormt de actualisering, de regio analyse en het nieuwe VSV programma (richt zich op schooluitval), de huidige samenwerking met arbeidsmarkt en het zorg/sociaal domein.
23 Bijlage 3: Acties ondernomen door leerplicht Acties leerplicht vanaf schooljaar 2013-2014 2013 -2014 2014 -2015 2015 - 2016 2016 - 2017 Extra verlof/bijzondere omstandigheden 4 4 0 0 -waarvan toegekend 4 4 - - -waarvan afgewezen 0 0 - - Extra vakantieverlof 2 0 0 0 -waarvan toegekend 1 - - - -waarvan afgewezen 1 - - - Vrijstelling art 3 -a (vervangende leerplicht) 0 0 0 0 Vrijstelling art 5 onder a (lichamelijke of psychische belemmeringen) 9 7 11 12 Vrijstelling art 5 onder b (bezwaar tegen de richting van het onderwijs) 3 3 3 3 Vrijstelling art 5 onder c (onderwijs in het buitenland) 0 1 2 2 Vrijstelling art 15 (vervallen, nu artikel 11,g - vrijstelling van het geregeld schoolbezoek) 4 12 6 7 -waarvan ingeschreven nieuwe opleiding volgend schooljaar 3 8 4 6 -aan het werk / tijdelijk werk / vrijwilligerswerk 4 7 1 5 -waarvan deelname hulpverleningstraject 0 2 1 2 Ongeoorloofd schoolverzuim, inclusief zorgwekkend ziekteverzuim 196 188 226 246 24 -waarvan jonger dan 12 jaar 23 16 30 4 “Thuiszitters” 4 6 2 1 HALT -meldingen 4 5 8 2 Proces -verbaal 17 30 25 15 -waarvan absoluut verzuim (geen inschrijving op een school) 0 0 0 0 -waarvan luxe verzuim 7 14 9 2 -waarvan relatief verzuim 10 16 16 13 Niet ingeschreven op een school 1 1 0 1 -waarvan in hulpverleningstraject 1 1 - 1 Aantal leerplichtige leerlingen dat besproken werd in MDO’s waarbij LPA betrokken 12 15 41 5 49 5 Het
verschil in aantal ten opzichte van vorige schooljaren is te verklaren door de invoering van het nieuwe leerlingenvolgsysteem. Geregistreerd wordt of er een MDO heeft plaatsgevonden. In het verleden werd er onderscheidt gemaakt of dit een MDO was wat onder verantwoordelijkheid van de proces coördinator jeugd. In het nieuwe systeem wordt ook een MDO onder verantwoordelijkheid van school of CJG meegeteld. 25 Bijlage 4: Stroomschema passend onderwijs/jeugdhulp Proces De casuïstiek op scholen waarbij inzet jeugdhulp op school/onder schooltijd gevraagd wordt, gaat om zeer complexe vraagstukken en komen incidenteel voor. Om de ondersteunings- en/of zorgbehoefte te bepalen, worden deze complexe vraagstukken vanuit verschillende standpunten bekeken, voordat het leidt tot een daadwerkelijke aanvraag jeugdhulp van ouders bij gemeente. Wie moeten betrokken worden? • Onderwijs, veelal S(B)O school • Afdelingscoördinator Samenwerkingsverband (SWV ) • Toegangsmedewerker CJG (vallen per 1-1-2017 onder gemeente) • Leerplichtambtenaar (bij dergelijke complexe casuïstiek dreigt ook geregeld (gedeeltelijke) schooluitval) • Ouders (let wel, op het moment dat het een verantwoordelijkheidsdiscussie betreft tussen onderwijs en jeugdhulp, is het niet handig om ouders niet bij deze discussie te betrekken) Afhankelijk van de casus kan het ook nodig zijn om andere partijen hierbij te betrekken.
Denk hierbij aan een instelling of een zorgverlener die er al bij jongere/gezin bij betrokken is. Deze groep betrokkenen: 1. maken de ondersteunings- en/of zorgbehoefte (rekening houdend met context waarin een kind opgroeit) inzichtelijk: • Welke omgevingsfactoren (o.a. thuissituatie, netwerk) zijn helpend of belemmerend voor de ontwikkeling van het kind en welke interventies zijn hierop gewenst? • Welke vaardigheden heeft dit kind nodig om aan het onderwijs te kunnen deelnemen? • Welke vaardigheden heeft dit kind nog meer nodig om te kunnen opgroeien tot een zelfredzame volwassene? • Als wij niet verwachten dat het kind zich deze vaardigheden zonder extra ondersteuning/zorg eigen zal maken, welke ondersteuning/zorg heeft dit kind dan nodig om zich vaardigheden eigen te maken? (toezicht, begeleiding, verzorging, …) • Binnen welke termijn denken we dat het kind zich deze vaardigheden -met de juiste ondersteuning/zorg- eigen kan maken? 2. komen tot een plan: aan welke doelen werken we de komende periode met elkaar? Wanneer evalueren we en met wie? 3. bespreken wie welk deel van de ondersteuning levert/betaalt (ouders, school, gemeente, eventueel zorgverzekeraar of WLZ). Hulpmiddel hierbij is het stroomschema dat als bijlage is toegevoegd. 26 Vervolgens wordt dit als input gebruikt voor het gezinsplan/aanvraag van ouders bij gemeente.
Gemeente gaat discussie over casus niet intern opnieuw voeren. Het plan gaat het proces in en eventuele bedenkingen/opmerkingen worden niet meer op casusniveau gevoerd, maar kunnen zo nodig op ander niveau besproken worden met diverse partijen in het kader van evaluatie en doorontwikkeling. overleg toegang, school, SWV, leerplicht, ouders ondersteunings- en /of zorgbehoefte thuis en op school inzichtelijk maken → gezamenlijk plan. ouders doen aanvraag jeugdhulp bij gemeente gemeente geeft beschikking jeugdhulp af Eventuele opmerkingen gemeente voor volgende casuïstiek 27 Inhoudelijke lijn Bij een kind met een grote ondersteunings- en/of zorgbehoefte, moet gekeken worden of het kind wel op de juiste school6 zit. Van een S(B)O school mag meer ondersteuning verwacht worden dan van een reguliere school.
Welk ondersteuning kan door SWV geboden worden? Wat kan redelijkerwijs niet van het SWV verwacht worden? Uitgangspunten hierbij: • Wij willen geen thuiszitters • Inzet van jeugdhulp onder schooltijd gebeurt in incidentele gevallen • Wij bekijken de ondersteunings- en zorgbehoefte thuis en op school integraal • Jeugdhulp en onderwijsondersteuning worden gericht ingezet voor het bereiken van concrete doelen • Het houden toezicht en begeleiden van leerlingen met leer- of gedragsproblemen op school is primair verantwoordelijkheid van het onderwijs • School is een groepsgebeuren: alhoewel jeugdhulp op individueel niveau aangevraagd en toegekend wordt, moet dit wel zo efficiënt mogelijk worden georganiseerd. Dit kan betekenen dat zorg geclusterd wordt • Bij een structurele ondersteunings- en/of zorgbehoefte wordt nadrukkelijk gekeken of het kind op de juiste plek zit Lange termijn De casuïstiek waar het hier om gaat is zeer complex en iedere casus is uniek. Met deze procesafspraken en uitgangspunten moeten wij in staat zijn om individuele voorkomende casuïstiek vorm te geven en inzicht te krijgen in de materie. Voor de langere termijn kan dit als input dienen om de zorg en ondersteuning op het grensvlak opnieuw vorm te geven (transformatie-agenda).
Wellicht dat bijvoorbeeld gezamenlijke gefinancierde en innovatieve voorzieningen een antwoord kunnen zijn op de individuele vraagstukken, waar we nu tegen aan lopen. 6 Scholen werken aan schoolondersteuningsprofielen, die kunnen hierbij behulpzaam zijn. 28