10.0 Het uitbreiden van een bestaande vleeskuikenstal - RAADSVOORSTEL.pdf
Tekst van het document
1 Voorstel aan de raad Aan de gemeenteraad Gemeente Steenwijkerland Vendelweg 1 8331 XE Steenwijk Steenwijk, Nummer voorstel: Voor raadsvergadering d.d.: 11-04-2017 Agendapunt: Onderwerp: Verklaring van geen bedenkingen voor het verlengen van de bestaande vleeskuikenstal op het perceel Rondebroek 1 te Kuinre Aan de raad van de gemeente Steenwijkerland wordt voorgesteld te besluiten: Conceptbesluit: 1. Een ontwerp verklaring van geen bedenkingen als bedoeld in artikel 6:5, lid 1 van het Besluit Omgevingsrecht af te geven voor het uitbreiden van de bestaande vleeskuikenstal op het perceel Rondebroek 1 te Kuinre. 2. Indien er geen zienswijzen zijn ingediend en er in de omgevingsvergunning ten opzichte van het ontwerpbesluit geen wijzigen zijn doorgevoerd de ontwerp verklaring van geen bedenkingen geldt als een definitieve verklaring van geen bedenkingen. Samenvatting: Figuur 1: bestaande situatie
3 Figuur 2: gewenste situatie (rood gearceerd) Aan de Rondebroek 1 te Kuinre bevindt zich van oudsher een melkveebedrijf met (sinds 1985) kalkoenen als intensieve neventak. Qua neventak is het bedrijf in 2008 van kalkoenen overgegaan naar vleeskuikens en tevens is het laatste decennium de melkveetak onder druk komen te staan. Ondernemer is de laatste jaren bezig geweest met zijn toekomstvisie en heeft in 2016 definitief besloten te stoppen met melkvee. Hiermee wordt de pluimveetak, op bedrijfseconomische gronden, automatisch hoofdtak. Deze hoofdactiviteit is echter planologisch in strijd met de beheersverordening Buitengebied. Hierin is voor het bedrijf in 2013 de bestaande planologische situatie, zijnde Agrarisch bedrijf met aanduiding ‘intensieve neventak’, opgenomen. Ondernemer heeft inzichtelijk gemaakt dat er sinds 2012 geen melkvee meer aanwezig i s. Feitelijk is sindsdien, en dus voorafgaand aan vaststellen van de beheersverordening, sprake van een intensieve hoofdtak op dit perceel. Voorgesteld wordt dit planologisch ook toe te staan en het strijdig gebruik op te heffen met voorliggende Wabo-procedure. Hiermee wordt de reeds jarenlang aanwezige bestaande situatie planologisch geregeld. Er is geen sprake van nieuwvestiging van een intensief bedrijf, maar van het voortzetten van een bestaande intensieve tak.
Een neventak die op bedrijfseconomische gronden hoofdtak is geworden. Niet meewerken zou leiden tot een ongewenste bedrijfsbeëindiging in strijd met het algemene beleid om, waar mogelijk, ruimte te bieden aan de (bestaande) agrarische sector / de plattelandseconomie. Hierbij dient opgemerkt te worden dat dit een dermate specifiek geval is die de kans op precedentwerking nihil is. 4 Het planologisch strijdig gebruik wordt meegenomen in de voorliggende Wabo-procedure. Deze aanvraag omgevingsvergunning behelst de uitbreiding van een bestaande pluimvees tal. De uitbreiding is noodzakelijk omdat het bedrijf enkele jaren geleden is overgestapt op een duurzamer soort kip (van plofkip naar de ‘kip van morgen’). Logisch gevolg daarvan is dat er per kip meer m2 nodig is. Om het in de bestaande milieuvergunning opgenomen aantal kippen te kunnen huisvesten is een uitbreiding nodig. De uitbreiding kan worden toegestaan omdat het bedrijf is gelegen in gebied dat zowel door gemeente als provincie is aangewezen als buitengebied waar onder voorwaarden modernisering en schaalvergroting toegestaan kan worden. De ruimtelijke onderbouwing toont aan dat aan alle voorwaarden voldaan is. Er treden geen nadelige effecten op voor omliggende bedrijven, woningen (dorp Kuinre) en de landschaps- en natuurwaarden ter plaatse.
Er is met ondernemer een landschapsplan opgesteld, dat als voorwaardelijke verplichting aan de vergunning zal worden gekoppeld. Er kan medewerking worden verleend aan het plan door het volgen van de uitgebreide voorbereidingsprocedure op grond van artikel 3.10 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo), het zogenaamd projectafwijkingsbesluit. Wij zijn van mening dat op grond van de bij de aanvraag gevoegde ruimtelijke onderbouwing er goede redenen zijn om aan bovengenoemde plan medewerking te verlene n. In het kader van de voorbereidingsprocedure stellen wij u voor een ontwerp “verklaring van geen bedenkingen” te verlenen. De verklaring van geen bedenkingen kan slechts worden verleend, indien de activiteit niet in strijd is met een goede ruimtelijke ordening en de motivering van het besluit een goede ruimtelijke onderbouwing bevat. Uit de bijgevoegde onderbouwing blijkt dat de aanvraag in overeenstemming is met een goede ruimtelijke ordening. Vervolg: Na de besluitvorming door uw raad wordt de ontwerp “verklaring van geen bedenkingen” samen met het ontwerpbesluit omgevingsvergunning voor een ieder voor een termijn van zes weken ter inzage gelegd. Tijdens deze termijn bestaat de mogelijkheid tot het indienen van zienswijzen.
Formeel gesproken dient uw raad na afloop van de terinzagelegging opnieuw te beslissen over het verlenen van de definitieve verklaring van geen bedenkingen. Indien er echter geen zienswijzen worden ingediend en het plan niet is gewijzigd, zou dit betekenen dat uw raad twee keer over het zelfde plan zou moeten beslissen zonder dat er sprake is van gewijzigde omstandigheden of inzichten. Dit is niet efficiënt en zorgt ervoor dat de proceduretijd onnodig langer wordt. Wij stellen u daarom voor om te besluiten dat – indien er geen zienswijzen zijn ingediend en er in de omgevingsvergunning ten opzicht van het ontwerpbesluit geen wijzigingen zijn doorgevoerd – de ontwerp verklaring van geen bedenkingen geldt als een definitieve verklaring van geen bedenkingen. Bijlagen bij het voorstel Ruimtelijke onderbouwing Ondertekening De secretaris De waarnemend burgemeester S.S. Weistra J.H. Bats Betrokken partijen afdeling adviseur behandeld in raadscommissie IO Jantsje Vriesema, tel.: 373, email: jantsje.vriesema@steenwijkerland.nl ja, nl. nee 1 Raadsbesluit Steenwijk, Nummer: De raad van de gemeente Steenwijkerland; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van , nummer 2012/ ; b e s l u i t : 1.
Een ontwerp verklaring van geen bedenkingen als bedoeld in artikel 6:5, lid 1 van het Besluit Omgevingsrecht af te geven voor het uitbreiden van de bestaande vleeskuikenstal op het perceel Rondebroek 1 te Kuinre. 2. Indien er geen zienswijzen zijn ingediend en er in de omgevingsvergunning ten opzichte van het ontwerpbesluit geen wijzigen zijn doorgevoerd de ontwerp verklaring van geen bedenkingen geldt als een definitieve verklaring van geen bedenkingen. De raad voornoemd, de griffier, de voorzitter, A. ten Hoff J.H. Bats