1.1 Rekenkamer - Definitief - Rapportage onderzoek leefbaarheid jongeren Enneus okt 2025
Tekst van het document
Onderzoek leefbaarheid en het voorzieningenniveau jongeren - Rekenkamer Steenwijkerland 20 Een interessante reflectie van een 19 -jarige vrouw over haar buurt: “Ik ben tevreden over waar ik woon [Steenwijk] omdat de buurt rustig is en de voorzieningen en natuur (Woldberg, sportpark) dichtbij. Ook het IC station heeft zeker grote meerwaarde. Ik mis voornamelijk leeftijdsgenoten met soortgelijke interesses (bijvoorbeeld jeugd bij hardloopgroep en bijbelstudiegroep) en bijvoorbeeld een gezellig café om koffie te drinken en een boek te lezen of te studeren.” Wanneer specifiek wordt gevraagd naar de leefbaarheid van de buurt, geven jongeren gemiddeld een 7,3. Bijna twee derde beoordeelt dit met een 7 of 8, terwijl slechts 8% een onvoldoende geeft. Vijftien procent kent zelfs een 9 of 10 toe. Er zijn hierin geen significante verschillen tussen de verschillende kernen; Steenwijk, Oldemarkt en Giethoorn krijgen allemaal een 7,3. Op de vraag of jongeren Steenwijkerland zouden aanbevelen aan andere jongvolwassenen, blijkt de Net Promotor Score met 6,5 relatief laag. Deze score valt net in het "Detractor"-bereik (< 7), wat aangeeft dat jongeren gemiddeld kritisch zijn op hun gemeente en deze niet actief aanbevelen. Tevredenheid voorzieningen Woningaanbod Wat betreft het woningaanbod is de tevredenheid laag. Jongeren geven het aanbod van huurwoningen een 5,2, een krappe onvoldoende.
Het aanbod van koopwoningen krijgt een iets hogere, maar nog steeds matige score van 5,6. Wanneer gevraagd wordt of dit woningaanbod aansluit op hun behoeften, zijn de scores nog iets lager: een 5,1 voor huurwoningen en een 5,2 voor koopwoningen. Voorzieningenniveau Over het voorzieningenniveau in de gemeente zijn de jongeren wisselend tevreden. Voorzieningen als scholen (7,2), sport (7,5) en medische zorg (7,2) worden goed gewaardeerd. Winkels (6,1), recreatie (6,3) en jongerenwerk (6,3) scoren lager. De bereikbaarheid van deze voorzieningen krijgt gemiddeld iets hogere cijfers: scholen (7,1), sport (7,4), medische zorg (7,2), recreatie (6,8), jongerenwerk (6,5), winkels (6,9) en openbaar vervoer (6,7). Vooral de bereikbaarheid per fiets (7,8) en per auto (7,9) scoort hoog. Jongeren zijn daarmee duidelijk positiever over de bereikbaarheid dan over het aanbod zelf. Bereikbaarheid Toch zijn er kritische noten, met name over het openbaar vervoer, en dan vooral over de frequentie van de busverbindingen. Zo stelt een 26 -jarige respondent uit Steenwijk dat de bereikbaarheid goed is, maar dat het qua voorzieningen “niks te bieden” heeft: Een 21 -jarige jongeman wijst op de subjectiviteit van het begrip bereikbaarheid en benadrukt dat de beleving ervan samenhangt met de afstand tot voorzieningen en de bereidheid om te reizen.
”De bereikbaarheid van Steenwijk is goed, maar qua voorzieningen heeft het niks te bieden. Het gebrek aan leuke winkels, locaties voor ontspanning of überhaupt plekken waar je naartoe kan in het weekend maakt het een saaie stad om in te wonen.” De open vraag over het verbeteren van de bereikbaarheid per fiets en auto leverde weinig nieuwe inzichten op. De meeste reacties waren juist positief over de huidige situatie.
Onderzoek leefbaarheid en het voorzieningenniveau jongeren - Rekenkamer Steenwijkerland 21 Arbeidsmarkt Tot slot werd gekeken naar de arbeidsmarktperspectieven. Van de kleine groep respondenten zonder (bij)baan (12 personen) geeft 58% aan dat zij verwachten in Steenwijkerland geen passende stageplek of (bij)baan te kunnen vinden. Verhuisplannen In totaal geeft 65% van de jongeren aan van plan te zijn binnen de gemeente Steenwijkerland te blijven wonen, al verhuist een deel daarvan wel binnen de gemeente. 36% verwacht de gemeente te verlaten, vooral vanwege studie of werk (85%). Daarnaast geeft ru im een derde aan dat er te weinig te doen is in de omgeving. Slechts 11% noemt het beperkte aanbod van betaalbare woningen als belangrijkste reden om te vertrekken.
Onderzoek leefbaarheid en het voorzieningenniveau jongeren - Rekenkamer Steenwijkerland 22 Inzichten gemeentelijke organisatie De gemeentelijke organisatie van Steenwijkerland kent momenteel geen specifiek beleid ten aanzien van het voorzieningenniveau voor jongvolwassenen. Beleidsmedewerkers erkennen het belang van meer aandacht voor jongvolwassenen, maar geven aan dat gebrek aan dat de geografische spreiding van kernen, capaciteit, landelijke verplichtingen en versnippering tussen domeinen dit bemoeilijken. Er is sprake van generiek beleid voor jeugd tot 18 jaar en er wordt op samenwerking met partners in het sociaal domein , maar dit gebeurt hoofdzakelijk vraaggericht en zonder duidelijke doelstellingen. Dit beleid draagt naar alle waarschijnlijk heid bij aan leefbaarheid voor jongeren binnen de doelgroep van di t onderzoek. Jongerenparticipatie is beperkt en niet structureel in beleid verankerd. Ook de bestuurlijke visie is faciliterend en pragmatisch ingestoken. Er wordt bewust niet gestuurd op een compleet voorzieningenniveau. Beleidsmedewerkers Beleidskaders en gemeentelijke verantwoordelijkheid In gemeentelijk beleid is er niets vastgelegd om de leefbaarheid en voorzieningenniveaus voor de groep jongvolwassenen te vergroten, zo geven de gesproken beleidsmedewerkers aan. Op beleidsniveau is dit “niet of nauwelijks een onderwerp”.
Er zijn geen specifieke beleidsdoelen opgesteld ten aanzien van de beschikbaarheid van voorzieningen in ieder dorp en daarom monitort de beleidsafdeling daar ook niet op. Op dorpsniveau worden veel ad hoc activiteiten voor jongeren georganiseerd om aan te s luiten bij d e loka le behoeften. De beleidsmedewerkers leggen uit dat visie, beleid en kaders rondom leefbaarheid onder jongeren in relatie tot het voorzieningenniveau relevant zou den zijn. Daarnaast is er beh oefte aan kaders die de gemeente helpt om te bepalen waar de inzet van sociaal werk, dat zich nu focust op alle leefgebieden van de doelgroep 0-100 jaar, zich op zou moeten concentreren. Echter, men geeft aan binnen de ambtelijke organisatie onvoldoende tijd en capaciteit te hebben om dergelijk beleid op te stellen. Het implementeren van nieuwe wetten vanuit het Rijk en het handhaven en uitvoeren van bestaand beleid slurpt hun tijd op, zo geven zij aan. In sommige gevallen definieert de gemeente wel doelgroepen (vaak jongeren tot 18 jaar ), maar deze doelgroepen overlappen sle chts deels met de doelgroep uit dit onderzoek . Bovendien worden er vaak koppelingen gemaakt met andere plannen en beleidsterreinen, zoals cultuur en sport.
Voorbeelden die genoemd worden zijn de gemeentelijke taken vanuit de Lokaal Educatieve Agenda als het gaat om het tegengaan van onderwijsachterstanden of de Regeling Cultuureducatie Overijssel waarbij vanuit de provincie duurzaam cultuuronderwijs wordt gestimuleerd. Zo stelt de gemeente s amen met de provincie Overijssel subsidie beschikbaar voor een cultuureducatief programma voor de leeftijdsgroep van 4 tot en met 12 jaar. De gemeente heeft geen subsidierelatie met het voortgezet onderwijs, maar de wens bestaat wel om doorlopende leerlijnen voor kunst en cultuur te ontwikkelen met het basis - en voortgezet onderwijs. Ook ondersteunt de gemeente cultuureducatieve projecten speciaal voor jongeren in de leeftijd van 12 tot en met 27 jaar. Ook vanuit diverse sportakkoorden worden doelgroepen op basis van leeftijd gedefinieerd, zoals het programma Jong Leren Bewegen of het programma Vitale Sport verenigingen, dat wordt aangeboden in alle sportverenigingen in de gemeente. Deze programma’s zijn echter gericht op kinderen tot 12 jaar. De beleidsmedewerker sport stelt dan ook dat de doelgroep 16 -27 jaar eigenlijk buiten schot blijft : “vanuit het veld middels inspraaksessies bleek dat jongeren tussen 16-27 jaar niet belangrijk genoeg gevonden werden en dan mis je soms de aanleiding om iets te kunnen doen.
Partners Sociaal Werk en buursportcoaches geven signalen dat we met deze doelgroep eigenlijk helemaal niets doen”. Al met al kan worden ge steld dat er beleidsmatig wel aandacht is voor jongeren tot 18 jaar, maar dat de doelgroep er binnen 16- tot 27-jarigen alleen beleidsmatige prioriteit gegeven wordt aan kwetsbare jongeren . Als er al specifieke aandacht voor leeftijdsgroepen is komt dit eerder voort uit gemeentelijk of regionaal beleid en, uitgezonder d beleid voor kwetsb are jonger en, niet omdat het Rijk dit voorschrijft, zo benadrukken de Onderzoek leefbaarheid en het voorzieningenniveau jongeren - Rekenkamer Steenwijkerland 23 beleidsmedewerkers. Bovendien komt de roep voor doelstellingen en houvast niet alleen vanuit beleidsmedewerkers, maar ook vanuit maatschappelijke organisaties. Die kloppen wel eens bij de gemeente op de deur dat er scherpe keuzes gemaakt moeten worden, ook t.a.v. toegang tot voorzieningen in bepaalde gebieden in de gemeente. Voorzieningenaanbod en knelpunten De beleidsmedewerker sport stelt dat a anbod van sportverenigingen erg groot is in de gemeente , maar dat de diversiteit in het type sportaanbod wel beperkt is. Hij geeft tevens aan dat buurtsportcoaches maatwerk bieden, maar dat voor jongeren tussen de 12 en 18 jaar niet heel veel gedaan wordt.
Tevens geeft hij aan dat de gemeente meelift met diverse provinciale initiatieven, zoals Wereldmeiden e n Wereldgozers 31. De beleidsmedewerker denkt na over het schrijven van een brede Sport en Beweegnota, maar deze staat pas op de agenda voor 2026. Wat betreft Zorg en ondersteuning wordt wel getracht een dekkend zorgaanbod te contracteren in de regio IJsselland, maar een lokaal dekkend zorgaanbod (in ieder dorp specialistische jeugdhulp bijv.) is een onmogelijke opgave. De beleidsmedewerker geeft aan dat zij geen structurele signalen krijgen vanuit het sociaal werk dat er een tekort zou zijn aan voorzieningen of aanbod in de dorpen. Het sociaal werk vraagt de gemeente wel om prioritering binnen de gemeentelijke opdracht richting sociaal werk, die op di t moment de leeftijdsgroep 0 -100 jaar beslaat. Het Akkoord Samen voor Ryan, dat geldt voor kinderen 0-18 jaar, zet in om professionals van welzijn en onderwijs met elkaar te verbinden, bijv. een maatschappelijk werker koppelen aan een school die de ouders en leraren kent. Dan gaat het meer om het sluiten van een net rondom jeugd zodat zij de zorg en ondersteuning krijgen die zij nodig hebben. Het creëren van netwerken van professionals uit diverse domeinen faciliteert ook de toegang tot zorg en ondersteuning van jongeren die dat nodig hebben.
De beleidsmedewerker cultuur stipte aan dat er onvoldoende zicht is op wat jongeren beweegt, wat er speelt onder de jeugd en waar zij precies behoefte aan hebben. Het huidige gebrek aan inzicht wordt als een “blinde vlek” gezien. Hij stelt dat de behoeften op d it moment in kaart worden gebracht en dat als dat gebeur d is, dat de volgende stap is na te denken om beleid door te ontwikkelen. Culturele broedplaatsen kunnen goede plekken zijn om behoeften van de doelgroep op te halen en in kaart te brengen. Gebiedsgericht en doelgroepgericht werken Ook geven de beleidsmedewerkers te kennen dat zij als gemeente graag gebiedsgericht willen werken en zien ze daar de meerwaarde van in, maar dat dat een combinatie van gebieds - en leeftijdsgericht werken praktisch niet mogelijk en zelfs onwenselijk is. Ze leggen uit dat voor deze groep jongvolwassenen tussen de 16-27 jaar dat zou vragen om een verregaande verfijnde aanpak, zo stelt de beleidsmedewerker Onderwijs en Zorg, dat “eigenlijk niet behapbaar is voor een gemeente als de onze.” Ze geven aan dat het heel belangrijk is dat voorzieningen juist niet alleen beschikbaar zijn voor specifieke leeftijdsgroepen, maar benadrukken juist de toegevoegde waarde van gebiedsgericht werken voor alle leeftijdsgroepen in een dorp: “aan een corso wer ken mensen van jong tot oud, van 6 tot 96 jaar.
Dat leidt juist tot sociale cohesie.” De beleidsmedewerker Onderwijs en Zorg wilt wel benadrukken dat de uitvoeringspartners van de gemeente wel degelijk gebiedsgericht werken, maar dat zij als gemeente daar geen sturing op hebben – de keuze waarop wordt gestuurd ligt volledig bij de uitvo eringsorganisatie en/of gebiedsteams . Vanuit beleid zou gebiedsgericht werken prioriteit moeten krijgen boven doelgroep- of leeftijdsgericht werken. 31 Wereldgozers en Wereldmeiden zijn projecten in het kader van het Actieprogramma Maatschappelijke Diensttijd van de Rijksoverheid. Onderzoek leefbaarheid en het voorzieningenniveau jongeren - Rekenkamer Steenwijkerland 24 Participatie van jongeren De Jongeren Actie Raad (JAR) is een platform om jeugdige inwoners (“jongerenambassadeurs”) van de gemeente te betrekken bij beleid. Zij kan de gemeenteraad van gevraagd en ongevraagd advies voorzien en onderzoekt wat er onder jongeren leeft in de gemeente. De JAR wordt ondersteund door sociaal werk De Kop . Beleidsmedewerkers hebben onvoldoende in het vizier voor welke leeftijdsgroepen deelnemen aan de JAR en op welke beleidsterreinen zij advies kunnen uitbrengen. Wel stellen zij dat jongerenparticipatie op zich geen doel is binnen jeugdbeleid maar een middel om het gemeentelijk beleid , waaronder jeugdb eleid, te bevorderen . Inwonerparticipatie is in feite een apart beleidsdoel.
Uit het interview wordt wel duidelijk dat er incidenteel consultatie plaatsvindt onder jongeren, maar dit is geen structureel onderdeel van beleidsvorming. Samenwerking in de regio Op het gebied van sport noemt de beleidsmedewerker van Steenwijkerland voorbeelden van schaalvoordelen, zoals provinciale verenigingsloketten voor sportverenigingen die bestuurlijke vragen hebben. Ook in de cultuurregio Zwolle staat een degelijke ambtelijk e en bestuurlijke organisatie waardoor sneller geschakeld kan worden met de provincie Overijssel en lobbyen wordt gefaciliteerd richting het Rijk. De gemeente is zowel ambtelijk als bestuurlijk goed vertegenwoordigd in de cultuurregio Zwolle. De beleidsmedewerkers kijken positief naar regionale samenwerking. De basis van beleid moet de leefwereld van inwoners zijn en moet dus lokaal en dichtbij inwoners georganiseerd worden. De Regiodeals worden “prachtig” genoemd vanwege de financiële slagkracht . Regionale afstemming kan ook in een gemeente als Steenwijkerland nuttig zijn, waar inwoners door geografische spreiding sneller georiënteerd zijn op nabijgelegen kernen van andere gemeenten. Er wordt ook beaamd dat leefbaarheid kan worden bevorderd door mobiliteit in regionale samenwerkingen te adresseren. Portefeuillehouder Algemeen beeld leefbaarheid De portefeuillehouder erkent dat het niet vanzelfsprekend is dat alle jongeren volledig in beeld zijn.
De gemeente richt zich via gebiedsgericht werken en in samenwerking met welzijnspartners op het ondersteunen van jongeren die het moeilijk hebben. Er wor dt niet gestreefd naar volledig dekkend zicht of aanbod voor alle jongeren: normaliseren is het uitgangspunt, niet elke jongere heeft hulp of extra voorzieningen nodig. Voorzieningen en gebiedsgericht werken De portefeuillehouder noemt specifieke voorzieningen zoals poppodium De Buze en het bloemencorso in Vollenhove als voorbeelden van culturele participatie. Voor kernen waar dergelijke voorzieningen ontbreken, zoals Oldemarkt en Kuinre, wordt gedacht aan jon gerenhokken of keten. Er is echter geen systematische inventarisatie of programmatische aanpak gericht op voorzieningen per kern. Gebiedsspreekuren en samenwerking met plaatselijk belang en welzijnspartners moeten dit gaandeweg beter in beeld brengen. De portefeuillehouder is positief over de samenwerking met Sociaal Werk De Kop. Deze organisatie heeft volgens hem een goed beeld van de gemeente en weet wat er speelt in verschillende kernen en dorpen. Tegelijk erkent hij dat het onrealistisch is te streven naar volledig zicht op alle jongeren of hun behoeften. Rol van de gemeente De gemeente kiest bewust voor een faciliterende rol. Jongeren worden geacht in principe zelf- of samenredzaam te zijn. De gemeente ondersteunt waar nodig en stelt regels.
Er is bewust gekozen om niet voor iedere jongere een voorziening of maatwerktraject in te richten. De nadruk ligt bewust op preventie en het voorliggend veld. Naast inzet op gemeentelijk niveau wordt er door Steenwijkerland ook samengewerkt in de regio om leefbaarheid onder jongeren te verbeteren. De portefeuillehouder wijst op de aansluiting bij de Regiodeal Zwolle, waarin onder meer gewerkt wordt aan brede welvaart, talentontwikkeling en behoud van Onderzoek leefbaarheid en het voorzieningenniveau jongeren - Rekenkamer Steenwijkerland 25 jongeren voor de regio. Regionale samenwerking moet bijdragen aan voorzieningen op het gebied van cultuur, arbeidsmarkt en mobiliteit. Onderzoek leefbaarheid en het voorzieningenniveau jongeren - Rekenkamer Steenwijkerland 26 Monitoring en prioritering Er is geen specifiek monitoringinstrument voor de leefbaarheid van jongeren. Monitoring gebeurt vooral via CBS- data. Daarnaast krijgt de gemeente incidenteel signalen uit het werkveld. Jaarlijks worden prioriteiten met partners afgestemd. Hier zijn geen prestatie-indicatoren aan gekoppeld. De portefeuillehouder onderkent dat jongeren na het voortgezet onderwijs wegens gebrek aan vervolgvoorzieningen en woonaanbod wegtrekken uit de gemeente .
Tegelijk leeft het onderwerp volgens de portefeuillehouder niet zozeer in de raad , afgezien van enkele aanpalende thema’s als middelengebruik en verslaving. Onderzoek leefbaarheid en het voorzieningenniveau jongeren - Rekenkamer Steenwijkerland 27 Inzichten maatschappelijke organisaties Sociaal Werk De Kop en Cultuur Klik werken vanuit een vraaggerichte en talentontwikkelende visie, maar ervaren in de praktijk belemmeringen door beperkte capaciteit en gebrek aan regie vanuit de gemeente. Het aanbod voor jongeren is vooral incidenteel en b eperkt. Dit terwijl de behoefte aan structurele voorzieningen, zoals een jongerenontmoetingscentrum, nadrukkelijk wordt gesignaleerd. De Kop heeft door het beperkte bereik van jongerenwerkers weinig zicht op behoeften van de doelgroep in buitengebieden. Beide organisaties pleiten voor een duidelijke gemeentelijke visie op jongerenbeleid en betere samenwerking om structureel en aantrekkelijk aanbod voor jongeren mogelijk te maken. Huidig aanbod en werkwijze Sociaal Werk De Kop en Cultuur Klik geven aan vanuit een integrale visie te werken . Deze visie is gericht op versterking van eigen kracht en talentontwikkeling bij jongeren. De werkwijze is vraaggericht, waarbij activiteiten vooral tot stand komen door signalering vanuit jongeren en in samenwerking met jongeren.
Sociaal Werk De Kop is met twee jongerenwerkers actief in het voortgezet onderwijs en ambulant op straat en hangplekken. Het huidige aanbod is echter beperkt en incidenteel, bestaande uit activiteiten zoals inloopspreekuren, het opzoeken van hanggroepen, meidengroepen en schooltrainingen. De jongerenwerker van De Kop geeft aan een goed beeld te hebben van de behoefte van jongeren in de gemeente. Vanwege een capaciteitsgebrek bestaat er wel een mogelijke blinde vlek voor de behoefte van jongeren die buiten de meer stedelijke kernen wonen. Beide organisaties signaleren een gemis aan structurele voorzieningen voor jongeren in Steenwijkerland. Jongerenwerkers geven aan vooral brandjes te blussen in plaats van preventief te werken, mede door een tekort aan uren en capaciteit. Zo is er een concrete behoefte aan een jongerenontmoetingscentrum. Met name in Steenwijk, waar de problemen met jongeren zich concentreren, is deze behoefte groot. In het buitengebied lijken zich minder problemen voor te doen, maar is er ook weinig zicht op de behoeften van jongeren. Dit komt door de beperkte capaciteit van de jongerenwerkers van De Kop. Cultuur Klik: belemmeringen in samenwerking en uitvoering Cultuur Klik ziet kansen om culturele activiteiten voor jongeren op te zetten, maar eerdere pogingen strandden vanwege onduidelijkheid over wie binnen de gemeente het initiatief moet nemen.
De gesprekspartner van Cultuur Klik geeft aan al concrete plannen op te hebben gesteld , maar dat projecten niet van de grond komen omdat een bestuurlijk akkoord en regie vanuit de gemeente ontbreken. Het huidige aanbod van Cultuur Klik is volgens de gesprekspartner ‘basaal’ te noemen, waarbij alle activiteiten incidentee l worden georganiseerd. Er bestaat de wens om een meer structureel aanbod vorm te geven, al dan niet in samenwerking met andere organisaties. Geografische bereikbaarheid aanbod De geografische bereikbaarheid van voorzieningen wordt door de gesprekspartners minder als knelpunt ervaren: jongeren zijn bereid te reizen als het aanbod aantrekkelijk genoeg is. De uitdaging zit meer in het creëren van een aantrekkelijk, structureel aanbod. Onderzoek leefbaarheid en het voorzieningenniveau jongeren - Rekenkamer Steenwijkerland 28 Samenwerking en visie op jongerenbeleid Er is behoefte aan meer samenwerking tussen organisaties, maar tijdgebrek en negatieve ervaringen met jongeren belemmeren dit. De jongerenwerker van De Kop wijt dit aan een gebrek aan socialisatie bij jongeren door de coronacrisis. Daardoor hebben jongeren volgens de jongerenwerker binnen de gemeente een negatief imago, wat hun positie en kansen om betrokken te worden bij initiatieven sc haadt.
Vanuit Sociaal Werk De Kop wordt aangedrongen op een gemeentelijke visie op jongerenbeleid, gericht op het beter luisteren naar hun behoeften en het investeren in aantrekkelijk aanbod. Onderzoek leefbaarheid en het voorzieningenniveau jongeren - Rekenkamer Steenwijkerland 29 Bijlage 1 | Onderzoeksopzet Theoretisch kader Voor het bestuderen van de leefbaarheid van de gemeentelijke dienstverlening hanteren wij een thematische indeling die de verschillende onderdelen uiteenzet (zie visualisatie). Dit model is gebaseerd op de theorie realistisch evalueren van Pawson en Tilley (1997). De vormgeving van leefbaarheid begint bij het beleid, dat bepaalt hoe de uitvoering zou moeten verlopen. De uitvoering leidt tot een resultaat dat vervolgens weer leidt tot mogelijke wijzigingen in het beleid, enzovoorts. Dit proces wordt afgezet tegen de (lokale) context waarin het zich afspeelt. Zo is het bijvoorbeeld relevant om te kijken naar de lokale factoren en ontwikkelingen die van invloed zijn op de leefbaarheid, zoals demografische ontwikkelingen. Een analyse van de gemeentelijke context is van belang om het beleid te duiden en te komen tot passende aanbevelingen die zijn toegespitst op de gemeente Steenwijkerland. Tot slot is er gekeken hoe de gemeente binnen de huidige en toekomstige afspraken sturing kan geven aan leefbaarheid.
Toegepaste dataverzamelingsmethoden Om antwoord te geven op de onderzoeksvraag zoals beschreven in hoofdstuk 1 is er gebruik gemaakt van de volgende methoden: + Deskresearch – analyse van openbare gegevensbronnen (bijvoorbeeld waarstaatjegemeente, CBS) en wetenschappelijke en grijze literatuur rondom jeugd en leefbaarheid + Documentstudie – geanalyseerde documenten omvatten onder andere beleids- en visiedocumentatie en monitorings- en sturingsinformatie + Interviews en groepsgesprekken – kwalitatieve dataverzameling onder de gemeentelijk portefeuillehouder, betrokken gemeentelijk beleidsmedewerkers en een afvaardiging van maatschappelijke organisaties binnen sport & cultuur en zorg & welzijn + Enquête – kwantitatief-georiënteerd vragenlijstonderzoek onder jongeren Kanttekeningen bij volledigheid Bij dit onderzoek is gestreefd naar een zo volledig mogelijk beeld van het gemeentelijk beleid en de uitvoeringspraktijk ten aanzien van leefbaarheid en voorzieningenniveau voor jongeren van 16 tot 27 jaar. In de praktijk is echter gebleken dat de dataverz ameling niet op alle onderdelen kon worden uitgevoerd zoals vooraf was beoogd. Hierdoor ontbreekt op cruciale punten verdiepende of actuele informatie van of over belangrijke actoren binnen het aandachtsgebied van het onderzoek.
Concreet gaat dit om de volgende zaken: + Sluitende documentstudie + Afzonderlijke interviews met meerdere maatschappelijke organisaties uit de categorie ‘zorg en welzijn’ en ‘sport en cultuur’ + Interview met een afvaardiging van het bedrijfsleven + Werksessie met de gemeenteraad (heeft op initiatief van de rekenkamer niet plaatsgevonden) + Kwalitatieve verdieping van de onderzoeksresultaten met jongeren in de vorm van focusgroepen
Onderzoek leefbaarheid en het voorzieningenniveau jongeren - Rekenkamer Steenwijkerland 30 De bevindingen in dit rapport zijn derhalve gebaseerd op de bronnen die wel beschikbaar waren op het moment van onderzoek. We achten het van belang deze beperking expliciet te benoemen, zodat de resultaten en conclusies in de juiste context worden geplaatst. De voorzitter van de Rekenkamer heeft gesprekken over het verloop van dit onderzoek gevoerd met het presidium en de gemeentesecretaris . In de gesprekken is besproken dat het onderzoek in de ogen van de Rekenkamer te lang heeft geduurd. Ook is de les getrokken dat in toekomstige onderzoeken explicieter opgenomen zal worden dat interviews desgewenst ook in de avonduren kunnen plaatsvinden, mede vanwege de beperkte respons die nu op sommige onderdelen is gerealiseerd. Onderzoek leefbaarheid en het voorzieningenniveau jongeren - Rekenkamer Steenwijkerland 31 Bijlage 2 | Leeftijdscategorieën jongeren De leeftijdscategorie 16 tot en met 27 jaar is enorm breed en in deze periode verandert er ontzettend veel in een mensenleven. Daarom stellen wij voor verschillende levensfasen te onderscheiden. Dit is enerzijds relevant op het gebied van wet - en regelgeving, deze verandert namelijk mee naar gelang iemand ouder wordt in deze fase. Dit zien we terug op het gebied van onderwijs, werk en inkomen, zorg, ondersteuning en veiligheid.
Anderzijds kan de gemeente ook beter tegemoet komen aan de wensen en eisen van j ongvolwassenen als de brede leeftijdsgroep verder uitgesplitst wordt naar subdoelgroepen (zie uitkomsten van de vragenlijst). Hieronder volgt een overzicht32: 16-17 jaar 18-20 jaar 21-23 jaar 23-27 jaar Onderwijs Leerplichtwet PO WVO WEB WEC WOW WVO en WEB: PO WHO RMC / WEC WVO en WEB: WHO RMC WHO Ondersteuning en hulp Preventieve gezondheidszorg WPG Zvw WPG Zvw WPG Zvw WPG Zvw Maatschappelijke en psychosociale ondersteuning Jeugdwet Wmo 2015 Wmo 2015 Wmo 2015 Wmo 2015 Preventie Jeugdwet Wmo 2015 Zvw Wmo 2015 Zvw Wmo 2015 Zvw Wmo 2015 Jeugdhulp Jeugdwet Jeugdwet: verlengde jeugdhulp Jeugdwet: verlengde jeugdhulp Ggz Jeugdwet Zvw Zvw Zvw Somatische zorg Zvw Zvw Zvw Zvw Langdurige zorg Wlz Wlz Wlz Wlz Werk en inkomen Werk Burgerlijk wetboek Arbeidstijdenwet Burgerlijk wetboek Participatiewet Burgerlijk wetboek Participatiewet Burgerlijk wetboek Participatiewet Inkomen Wet Minimumloon Wet Minimumloon Wet Stufi WSHO Participatiewet Wet Minimumloon Wet Stufi WSHO Participatiewet Wet Minimumloon Wet Stufi WSHO Participatiewet Wonen Woonplaats Burgerlijk wetboek Begeleiding bij wonen Jeugdwet Wmo 2015 Wmo 2015 Wmo 2015 Veiligheid Bescherming Jeugdwet (gedwongen kader) Burgerlijk wetboek (mentorschap, bewindvoering en curatele) Burgerlijk wetboek (mentorschap, bewindvoering en curatele) Burgerlijk wetboek
(mentorschap, bewindvoering en curatele) Maatregelen en straffen Jeugdstrafrecht of Adolescentenstrafrecht Jeugdstrafrecht of Adolescentenstrafrecht Jeugdstrafrecht of Adolescentenstrafrecht Strafrecht voor volwassenen Reclassering Jeugdreclassering Reclassering voor volwassenen Jeugdreclassering Reclassering voor volwassenen Jeugdreclassering Reclassering voor volwassenen Reclassering voor volwassenen 32 Vereniging van Nederlandse Gemeenten (2016): Van 18-min naar 18-plus. Handreiking voor gemeenten bij de overgang van jeugd naar volwassenheid. Rapportage i.s.m. het Nederlands Jeugd Instituut Uw contactpersoon Wiebe Dam – w.dam@enneus.nl Hoofdkantoor Groningen Schweitzerlaan 4 9728 NS Groningen Postbus 473 9700 AL Groningen Kantoor Utrecht Graadt van Roggenweg 328-334 3531 AH Utrecht T. 050 – 711 52 55 info@enneus.nl www.enneus.nl