Woordelijk verslag besluitvormende vergadering van 6 mei 2025.pdf
Tekst van het document
Woordelijk verslag van de besluitvormende vergadering van 6 mei 2025. 01. Heropening van de vergadering. Voorzitter: Dames en heren, goedenavond en van harte welkom bij de hervatting van de besluitvormende vergadering van de gemeenteraad van Steenbergen van 17 april op dinsdagavond 6 mei 2025. Op 17 april jongstleden is na behandeling van de agendapunten 9 en 12 de vergadering door de voorzitter geschorst. Wij hervatten daarom de vergadering bij agendapunt 10 vanavond. Ik heb een afmelding ontvangen van mevrouw Feskens en van de heer Geers. Verder wil ik u meedelen dat wethouder Prent afwezig is. Namens het college zal wethouder Baali de behandeling van agendapunt 10 op zich nemen. Een oplettende kijker had hem misschien al gezien, maar ook burgemeester Van den Belt is vanavond verhinderd vanwege zijn werkbezoek aan Canada. Hiermee open ik de vergadering. 10. Krediet nieuwbouw basisschool Dinteloord. Voorzitter: Wij gaan verder, zoals gezegd, met agendapunt 10, de Krediet Nieuwbouw Basisschool Dinteloord. Vorig jaar september heeft u het Integraal Huisvestingsplan vastgesteld. Daarin heeft u de visie en volgorde van de nieuwbouw en renovatie van de scholen vastgesteld. Vanwege de staat van de schoolgebouwen van de Petrus en Paulus en de Groen van Prinstererschool moet er op korte termijn opnieuw gebouwd worden.
In het vastgestelde IHP is opgenomen dat de beide scholen samen in één gebouw ondergebracht worden. Het college vraagt u een krediet van circa € 11 miljoen beschikbaar te stellen voor de nieuwbouw van dit schoolgebouw. Over dit onderwerp zijn diverse technische vragen gesteld. Tijdens de informatieavond voor, tijdens en na de oordeelsvormende vergadering en alle vragen zijn inmiddels schriftelijk beantwoord. U treft het aan bij dit agendapunt. U heeft dit onderwerp doorgeleid als een bespreekstuk. Ik vraag aan u wie hierover vanavond het woord wil voeren. Dan geef ik allereerst het woord aan de heer Hobo. Dhr Hobo: Dank u wel, voorzitter. Het gebeurt niet veel dat ze dat doen voor mij, Jos. Dank je. Krediet nieuwbouw school Dinteloord. De Volkspartij is het volledig eens dat de Petrus en Paulusschool en de Groen van Prinstererschool in Dinteloord vervangen moeten worden door een nieuw verzamelgebouw. De nieuwe locatie, de huidige ijsbaan is ook prima, vindt de Volkspartij. Dat het snel moet gezien de huidige staat van de scholen, is ook logisch. Het college weet dat al langer en de Volkspartij begrijpt daarom niet dat er een totaal niet onderbouwd besluit genomen moet worden over een krediet van ruim € 11 miljoen. Er is geen specificatie aanwezig, er zijn geen tekeningen aanwezig. Er is geen bestek beschikbaar.
Er is geen enkel inzicht in de kosten voor bouw- en woningrijp maken van de grond. Zo hebben we gehoord en kunnen lezen. Zonder enige onderbouwing zouden wij als raad een bedrag van € 4.073 per vierkante meter ter beschikking moeten stellen. Met 2.712 vierkante meter school ruim € 11 miljoen, terwijl het landelijk gemiddelde volgens het Bouwbesluit op circa € 2.600 per vierkante meter ligt. Echter, dat blijkt regelmatig overschreden te worden vanwege de toenemende eisen. Daarom heeft men dit bedrag aangepast naar € 3.600 per
vierkante meter en dan zou het pand moeten voldoen aan de eisen van 2050. Zonder alle eerdere genoemde stukken vraagt het college dus nu al € 473 per vierkante meter meer geld aan de raad, ofwel € 1,3 miljoen. Daar blijft het niet bij, want het bouwrijp maken van de grond komt daar nog bij. Het had het college gesierd als ze had gezegd: het is een hele uitdaging, maar we streven naar € 4.000 per vierkante meter, inclusief alle bijkomende kosten. Zeker omdat het gaat om belastinggeld. Daar moet je zuinig mee omspringen. Omdat dit de eerste school wordt in een reeks, zal deze school en de kosten daarvan de basis vormen voor de andere scholen in Steenbergen. Binnen afzienbare tijd komt Kiezelrijk aan de beurt. Dan hebben we het plan in ieder geval klaar. Dan wil de Volkspartij wel precies weten hoe de piketpaaltjes staan. Bij voorkeur met een draaiboek, zodat het ook voor de volgende projecten gelijk duidelijk is en gelijkwaardig. : Wij zouden graag van het college willen weten of dat de bedoeling is, zo'n draaiboek. De Volkspartij zal niet instemmen met dit besluit en heeft een amendement gemaakt voor een startkrediet samen met Fractie Verbeek, waarmee eerst alle genoemde ontbrekende informatie kan worden uitgezocht. Het project heeft hierdoor geen vertraging.
De Volkspartij wil een startkrediet van € 500.000, zodat het college de specificaties, eventuele tekeningen, bestek en de kosten van bouwrijp maken kan uitwerken zonder dat daar tijdverlies van invloed is. Zodra alle stukken beschikbaar zijn, kan het college het benodigde krediet aan de raad wederom voorleggen. De Raad moet ten slotte op een verantwoorde manier de kaders kunnen bepalen en zonder informatie is dat onmogelijk. Zal ik gelijk het dictum maar voorlezen? Het dictum van het amendement besluit de tekst een krediet van € 11.000.048 beschikbaar te stellen voor de nieuwbouw van het schoolgebouw voor de Petrus en Paulusschool en de Groen van Prinstererschool in Dinteloord te vervangen door de tekst een krediet van € 500.000 beschikbaar te stellen om te komen tot een ontwerp en raming van de bouwkosten van de nieuwbouw van het schoolgebouw voor de Petrus en Paulusschool en de Groen van Prinstererschool in Dinteloord en gaat over tot de orde van de dag. Zoals gezegd, dit amendement wordt ingediend door de Volkspartij en Fractie Verbeek. Tot zover. Voorzitter: Een interruptie van de heer Van der Wegen. Dhr van der Wegen: Dank u wel, voorzitter.
Met het amendement van Fractie VerbeekVolkspartij heeft dat dan alleen betrekking op die € 11 miljoen plus waar we meer informatie over willen hebben? Of heeft dat ook betrekking op de grondwerving, op de kosten rijklaar maken van de bouwgrond? Wilt u dat ook zien in het onderzoek? Dank u wel, voorzitter. Voorzitter: Meneer Hobo. Dhr Hobo: Dank u wel. Ja, het liefst zien wij natuurlijk wel een specificatie wat die kosten zijn. Wij hebben begrepen dat het bouwrijp maken van de grond niet binnen die € 11
miljoen past, dat dat apart gezien moet worden, maar wij gaan nu uit van een startkapitaal van € 500.000 om ons meer informatie te gaan verschaffen zonder dat er vertraging ontstaat. Dat heeft inderdaad te maken met die € 11 miljoen waar die € 500.000 voor geschikt is. Voorzitter: Interruptie van de heer Stoeldraijer. Dhr Stoeldraijer: Voorzitter, stel dat dit niet zal leiden tot vertraging. Als we na vanavond geen besluit nemen over die € 11 miljoen en we zeggen tegen het schoolbestuur: ga aan de gang. Dan zegt u: nee, we gaan eerst nog uitzoeken wat het allemaal precies gaat kosten. Leidt dat niet tot vertraging? Kunt u dat toelichten? Voorzitter: Meneer Hobo. Dhr Hobo: Dank u wel, voorzitter. Het geld wat je nu beschikbaar stelt, daar heb je inderdaad geen vertraging bij. Een architect kost geld, maar het maken van een bestek, wat wij ook nodig hebben, kun je samen doen met de scholen. De scholen mogen bepalen hoe de school eruit moet moet gaan zien. Dus die kun je gewoon aan de slag laten gaan. Dat kost in principe geen geld. Het maken van een bestek, het uitrekenen van de kosten voor het bouwrijp maken en dat soort dingen meer, dat kost wel geld. Daar hebben we in ieder geval geld voor, kan gewoon doorlopen. Dus die twee dingen kunnen naast elkaar uitgewerkt worden.
Zodra men weet wat de echte kosten gaan worden - misschien is dat € 12 miljoen of € 10 miljoen - heb je geen vertraging. Daar gaat het ons om. Voorzitter: Interruptie van de heer Van Agtmaal. Dhr van Agtmaal: Dank u wel, voorzitter. Graag zou ik willen weten wat we gaan doen wanneer we weten hoeveel het gaat kosten. Met dit amendement gaan we dat eventueel aannemen. Na die vijf ton, begrijp ik dat het stil komt te liggen. Dat wij pas op de plaats gaan maken, want anders hebben we er helemaal niks aan. Dank u wel. Voorzitter: Meneer Hobo. Dhr Hobo: Dank u wel, voorzitter. We maken helemaal nergens pas op de plaats. We gaan zelfs dubbel zo hard door. Wat u zojuist heeft gehoord van meneer Stoeldraijer: we kunnen die scholen gelijk aan de gang zetten. We kunnen onze ambtenaren gelijk aan de slag laten gaan met het uitrekenen. We kunnen voor mijn part principe schetsen laten maken, zodat je daar een basis van kan leggen met die € 500.000. Dan met een meer onderbouwd budget want dat is het nu niet - naar ons toekomen en gelijk zeggen: dit gaat het ongeveer worden. Wij weten nu ook wel dat het niet bij € 11 miljoen blijft, maar dadelijk is het voor driekwart gebouwd, moet er nog een dak op. Wat gaan wij dan zeggen? We hebben nog € 2,5 miljoen nodig? Stop er maar mee? Dan maar geen dak? Daar gaat het ons om. We willen nu een beter onderbouwd bestek hebben of een beter onderbouwd
voorstel hebben, zodat we meer in die richting terechtkomen van waar we moeten gaan zijn. Dat is het principe. Voorzitter: Nog een aanvullende vraag, meneer Van Agtmaal? Dhr van Agtmaal: Dank u wel, voorzitter. Een beter onderbouwd voorstel middels een bestek en tekeningen begrijp ik helemaal, maar uiteindelijk wilt u daar iets over oordelen. Dat gaat tijd kosten. Dat gaat altijd ten koste van de planning. Volgens mij is in de beantwoording van de wethouder best duidelijk uitgelegd dat er een vijf ton voorbereidingskrediet gaat komen, de eerste tranches. Dat daarmee de architect aan het werk gezet wordt. Dat daarmee een aannemer in de hand genomen wordt. Die gaat het verder uitwerken, die gaat een prijs ervan maken. Op dat moment is het college ook nog aan de beurt, want dan komen ze terug met de uiteindelijke prijs. Volgens mij hebben we dan alles gedekt. Volgens mij is dan dit amendement overbodig. Of ziet u dat anders? Voorzitter: Meneer Hobo. Dhr Hobo: Dat zie ik niet alleen anders, er zijn meer mensen die dat anders zien. U gaat een open bedrag geven zonder enige onderbouwing van € 11 miljoen. Dan kunt u wel zeggen: ik heb € 500.000 voor de eerste tranche, maar daarna bepaalt u niets meer. U zegt nu ja en dan is het klaar. Dadelijk wordt het € 13 miljoen en dan laat u dat dak echt niet eraf. Dan gaat u zeggen: dat dak moet er nog op.
Ik wil dat graag van tevoren beter hebben. Dat is het probleem waar wij tegenaan lopen. Wij zetten de piketpaaltjes als raad en de Volkspartij houdt niet van open eind budgettering. Dat is dit duidelijk wel. Er is geen onderbouwing, er zijn geen gegevens. We kunnen nergens terugvinden waar die € 4.072 per vierkante meter vandaan komt. Dat is nu allemaal dikke duimen werk. Als ik hoor dat andere scholen nu wel voor die € 3.500- € 3.600 per vierkante meter gebouwd worden, dan willen wij als Volkspartij weten waar die € 472 extra kosten vandaan komen per vierkante meter. Dat is € 1,3 miljoen en daar ga ik niet zo mijn hand voor in het vuur steken. Daarvoor zitten wij hier in de raad om dat te bepalen. Voorzitter: Nog een aanvullende vraag, meneer Van Agtmaal? Dhr van Agtmaal: Dank u wel, voorzitter. Volgens mij staat er in het voorstel zoiets als: design and build. De aannemer wordt als een design and build partner benaderd door de LPS en de gemeente. Die gaan het ontwerp van de architect verder uitwerken. Op dat moment wordt de prijs vastgezet. Die wordt vastgezet door de aannemer. Voor dit bedrag kunnen we dit bouwen. Op dat moment zijn we nog aan de beurt. Op dat moment is de gemeente nog aan de beurt. Als er extra geld nodig is, moeten ze op dat moment komen. Voordat er ook maar iets gebouwd is. Als er minder geld nodig is, dan kunnen ze doorgaan.
Of bent u het daar niet mee eens?
Voorzitter: Meneer Hobo. Dhr Hobo: Dan ga ik u gelijk uit de droom halen. Pak vooral de tekeningen erbij van de school die hiernaast staat, kijk wat de tekeningen van de architect waren en hoe het er nu uitziet. Daar is niet met een kaasschaaf overheen gegaan om het budget omlaag te halen, maar met hamer en beitel. De tekening en wat er nu staat lijkt niet meer op elkaar. Wij willen dat zoveel mogelijk voorkomen. Je kunt zeggen: de prijs van de aannemer is. Nee, dat is die niet. Als de aannemer een prijs heeft neergelegd, gaat daar met de schaaf overheen, wordt alles weer aangepast en dat is vertragend. Dat duurt een jaar. Als wij van tevoren weten: het gaat ongeveer zoveel kosten, dan weet je precies waar je aan toe bent en is het klaar. U gaat zelf ook niet naar de garage en zegt: ik wil een nieuwe auto. Ik wil die rode daar zo, die grote. Dat u dan thuiskomt en gemaild is dat er een rekening ligt van € 120.000. Het lijkt me niet dat dat de bedoeling is, maar dat gebeurt hier nu wel. Voorzitter: Nog een aanvullende vraag, meneer Van Agtmaal? Dhr van Agtmaal: Ja, dank u wel, voorzitter. Ik weet niet of dat het bij één kan blijven. U zegt: van de gemeente en LPS moeten we een prijs gaan maken. Dat is juist niet waar dit voorstel over gaat.
Het gaat er juist over dat de LPS naar een aannemer kan gaan met tekeningen: hoeveel gaat dit kosten, aannemer, om dit helemaal te gaan bouwen? Dat moet de aannemer verder uitwerken. Inderdaad, dan gaat er een kaasschaaf overheen. Dat ligt er ook maar net aan hoe de architect het heeft ontworpen. Als de architect realistische tekeningen maakt, dan kan er zeker voor die € 11 miljoen gebouwd worden. Bent u het daar mee eens? Voorzitter: Meneer Hobo. Dhr Hobo: Nee, daar ben ik het niet mee eens. Ik wil van tevoren weten waar ik aan toe ben. Ik wil van tevoren weten wat de kosten zijn en dan kan ik ook tegen die architect zeggen: dit is het bedrag waar het voor gebouwd mag worden en dan moet er ook een dak op zitten. Voorzitter: Interruptie de heer Van Agtmaal. Dhr van Agtmaal: Ik probeer het bij de laatste te houden, voorzitter. Ik hoor wat u zegt, maar hoor ook wat ik zeg. Wanneer u nu vraagt aan de LPS om een prijs te maken, is dat in samenwerking met een architect en een aangesloten aannemer. Dat is op hetzelfde moment als wat ik tegen u zeg: dat design and build contract. Dus of we nou linksom of rechtsom zeggen, er komt straks een bedrag uit op hetzelfde moment. Wat heeft dan dit amendement als meerwaarde ten opzichte van de toezegging van de wethouder? Voorzitter: Meneer Hobo.
Dhr Hobo: Wij willen vooraf weten wat het kost en volgens mij is het niet LPS en de aannemer die de prijs bepalen. Wij zijn degene die de prijs bepalen en daar gaat het om.
Daarom willen wij die € 500.000 nu ter beschikking stellen. Laat mensen eerst uitzoeken wat globaal de kosten zijn en daarna gaan we kijken of wij het er mee eens zijn. Dat geeft geen vertraging. Het gaat in hetzelfde tempo door zoals wij nu zeggen, maar nogmaals, wij willen geen bedrag beschikbaar stellen zonder onderbouwing en die is er niet. Voorzitter: Interruptie meneer Stoeldraijer. Dhr Stoeldraijer: Voorzitter, hoe groot schat u de kans in dat dat bedrag lager wordt dan € 11 miljoen? Er wordt dan een voorbereidingskrediet gegeven van € 500.000. De LPS zoekt een architect. De architect gaat tekenen. De architect gaat berekenen wat die school gaat kosten. Die hebben natuurlijk dit papier ook allemaal gezien. Die weten dat hier € 11 miljoen voor gevoteerd wordt. Hoe groot schat u de kans in dat dat bedrag veel lager wordt dan die € 11 miljoen? Voorzitter: Meneer Hobo. Dhr Hobo: 0%. Daarom juist willen wij van tevoren weten wat het extra gaat kosten, zodat we niet voor verrassingen komen te staan. Voorzitter: Dank u wel. Het woord aan de heer Verbeek. Dhr Verbeek: Dank u wel, voorzitter. [onhoorbaar 00:34:17] verbijsterd. Nu ben ik weer verbijsterd dat we een coalitie hebben van VVD., Gewoon Lokaal! en Progressief Samen, die in hun plannen hebben staan dat ze scholen zouden bouwen drieënhalf jaar geleden.
Dan zitten we een half jaar voor de verkiezingen en gaan we scholen bouwen. Daar zijn de mensen kritisch op. Dan hebben ze het lef om te zeggen: denkt u niet dat dat gaat vertragen? Misschien dat ze drieënhalf jaar geleden een beetje harder hadden moeten werken, dat we eerder met een plan ware gekomen. Er is nog niets gepresteerd op scholen. Er ligt nog helemaal niets. Er ligt een plan. We willen allemaal kritisch zijn en dan gaat u zeggen: jongens, vertraging, bla, bla, bla. Dan ga je zelf langzaam werken en een ander verwijten dat de school laat gebouwd wordt. Dat is wel heel vreemd. Er komt een interruptie, zie ik. Voorzitter: Ik ook. Interruptie van de heer Stoeldraijer. Dhr Stoeldraijer: Is de heer Verbeek ervan op de hoogte dat het IHP wat hier is vastgesteld al lang voor de wettelijke termijn is vastgesteld? Dus dat we hier lang mee voorop liepen. Voorzitter: Meneer Verbeek. Dhr Verbeek: Is de heer Stoeldraijer ervan op de hoogte dat je niet tot het laatste moment hoeft te wachten? Dat je ook van tevoren al die plannen voor scholen had kunnen maken. Dat je van tevoren al IHP had kunnen doen. Als een IHP op 31 december 2024 klaar moet zijn, mag je het ook in 2022 maken. Dat had eigenlijk moeten gebeuren, maar die heeft het
nagelaten. Net zoals de omgevingsvisie en noem maar op, wat er allemaal al lang had moeten zijn, maar er allemaal niet is. Wat dat betreft, is dit de coalitie van niet presteren, voorzitter. Voorzitter: Een interruptie van de heer Stoeldraijer. Dhr Stoeldraijer: Voorzitter, hebben de eerdere coalities dat dan allemaal wel gedaan? Of is het de eerste coalitie die zegt: laten we het allemaal maar eens op een rijtje zetten en uitzoeken? Voorzitter: Meneer Verbeek. Dhr Verbeek: Waarschijnlijk niet, want ik kan me nog herinneren dat een wethouder van Gewoon Lokaal! zei: ik ben visiemoe. Alleen, u voegt uzelf toe aan het rijtje van de coalities die niets gedaan hebben. Ik had gehoopt geen woorden, maar daden, dat u de coalitie zou zijn die daden gepleegd zou hebben. Helaas, u heeft ook u in laten kapselen door heel het systeem. Helaas, en daar worden de leerlingen en de mensen de dupe van, voorzitter. Bij het vaststellen van de IHP was ik wegens andere zaken afwezig. Ik moet wel zeggen: ik was nogal verbijsterd dat dat IHP hier aangenomen is. We willen hier nog wel eens vergaderen over € 10.000, € 20.000. Dan hebben we het over € 50- € 60 miljoen investeringen en daarvoor gaan we zeggen: weet je wat? Dat laten we maar over aan het college. Daar hebben we verder niks over te zeggen. Dat is toch wel zeer, zeer, zeer verbazingwekkend, voorzitter.
Als je naar dit plan kijkt: hier zitten ook wel de nodige vreemde zaken in. Toch eerst een woord van dank aan de heer Stoeldraijer. Ja, meneer Stoeldraijer, ik ben ook nog wel eens dankbaar. De heer Stoeldraijer heeft in ieder geval de moeite genomen om met de besturen in gesprek te gaan. Daar is gebleken dat andere scholen niet samen konden gaan, voorzitter. Dat betekent wel dat ik het verbijsterend vind dat volwassenen niet in staat zijn om met drie scholen in één gebouw te gaan zitten. Dat vind ik verbijsterend, voorzitter. Wat moet dat zeggen voor de leerlingen? Maar dat is hun pakkie-an. Als we kijken naar dit stuk, wordt onder andere gesproken over een verhuur aan de kinderopvang. Dat zou een € 110 verhuurprijs zijn voor de dekking van de kapitaallasten. Niet alles wat de kinderopvang betaalt, wordt doorbetaald aan de gemeente. Ik vind het verbijsterend dat wij met geld van onze inwoners een school weg gaan zetten. Die school gaat dat verhuren aan de kinderopvang en de school gaat er op verdienen. Wat mij betreft kan het niet. Of je maakt hem dekkend of je doet het niet. Het kan niet zo zijn dat een school geld gaat verdienen met het belastinggeld van onze inwoners. Dat kan per se niet, voorzitter. Bovendien, er staat in stukken een verhuur voor € 110 per vierkante meter.
Als je de zaak doorrekent en je neemt de meters en dergelijke, dan kom je op pakweg een totale kostenpost van € 12 miljoen. Dus kom ik uit op € 1 miljoen aan rentelasten. Terwijl, als je die € 12 miljoen neemt, dan kom je toch wel op die 40 jaar op een rentelast van pakweg €
3- € 3,5 miljoen. Dat zou betekenen dat hier een gat in zit van € 2,5 miljoen. We hebben nog zes van dit soort projecten te gaan, dus we schieten naar een gat van 15 miljoen. Als we deze cijfers zouden mogen geloven, voorzitter. Waarschijnlijk kan de wethouder daar antwoord op geven. Dat staat ook nog in de stukken. Er staat 29 miljoen op de bank. Daar kunnen we het uit financieren. Ik weet niet waar die opmerking vandaan komt, maar ik vraag me werkelijk af of deze coalitie van financiën weet waar ze mee bezig zijn, want volgens mij hadden wij toch echt een totaalfinanciering. Ik weet dat mensen zeiden dat de Volkspartij een lening had. Dat is niet, jongens. We hebben totaalfinanciering. We hebben nu € 29 miljoen. Dat betekent dat je gaat zeggen: die € 11 miljoen schulden gaan we apart zetten. Anders kun je dit niet inzetten. Dat is vergelijkbaar met iemand die zegt tegen zijn vrouw: ik heb € 8.000 op de bank staan en we kunnen voor € 6.000 op vakantie gaan, maar hij zegt er niet bij dat ze eind van het jaar het huis moeten laten schilderen voor € 8.000. Dat is wat hier gebeurt. Blijkbaar weet het college dat op het moment dat die scholen gebouwd kan worden, wij nog steeds geen geld hoeven bij te lenen. Wel graag van de wethouder het antwoord op de vraag: hebben we totaalfinanciering of niet? Als ze dat wel hebben, kan dit er niet instaan.
Als we dat niet hebben, moeten we excuses aanbieden aan de Volkspartij. Die heeft u teruggefloten, omdat wij totaalfinanciering hebben, voorzitter. Dan wil ik terugkomen op het amendement. Dat wordt samen ingediend met de Volkspartij. Er wordt gezegd vertraging en dergelijke. Ik begrijp het systeem niet. Uiteindelijk is het zo: als wij als wij iets gaan aanschaffen, krijgen we regelmatig als raad zaken onder embargo. Stel je voor dat de aannemer of degene die gaat leveren weet wat het gaat kosten, dat drijft de prijs op. Dan hebben we scholen en gaan we [onhoorbaar 00:40:41] zitten. Nu is dat ineens niet meer prijsopdrijvend. Die begrijp ik niet. Want laten we wel wezen, als die school voor € 11 miljoen gevoteerd wordt, dan gaat die school € 11 miljoen kosten. Punt. Waarschijnlijk nog meer, want de heer Stoeldraijer heeft gezegd: hoe groot schat u de kans dat het lager is? Ik zou willen zeggen: hoe groot schat u de kans dat het hoger wordt? In de stukken staat: als het meer kost, gaan we meer geld voteren, want we hebben beleid en dat moeten we volgen. Als we dat niet zouden voteren, zouden we ons beleid niet meer volgen. Dus die aannemer weet dat dat duurder mag worden, natuurlijk. Dus jongens, zet de sluizen maar open voor wat de scholen betreft. Het enige wat het amendement wil en zegt, is: we doen € 500.000.
Daarmee komt men met het plan wat het kost en daar gaan we verder besluiten in nemen. Gewoon zoals bij alle andere stukken, niks bijzonders. Voorzitter: Een interruptie van de heer Van Agtmaal. Dhr van Agtmaal: Dank u wel, voorzitter. Ik wilde zeggen: dan gaan we van daaruit een ander besluit nemen. Welk besluit gaan we dan nemen? Voorzitter: Meneer Verbeek.
Dhr Verbeek: Dan nemen wij het besluit dat wij € 500.000 gaan voteren voor de school om het voorbereidingsbesluit te nemen. Die kunnen de plannen gaan maken. Die kunnen gaan kijken wat het kost. Dan komen we terug bij wat het kost. Dat is de normale gang van zaken. Voorzitter: Aanvullende vraag van de heer Van Agtmaal. Dhr van Agtmaal: Dank u wel, voorzitter. Dus we gaan nog een keer een besluit maken als we weten hoeveel dit gaat kosten? Of weten we al wat dit mag gaan kosten, € 11 miljoen? Voorzitter: Meneer Verbeek. Dhr Verbeek: Nee, dat is net het probleem. Dat weten wij niet. Dat blijkt ook uit de stukken. Dat weten we niet. Als het meer gaat kosten, dan gaan we meer voteren. Dat staat letterlijk in de stukken. We weten het niet. We hebben een norm. Wat u doet? U zegt: u gaat een huis bouwen en dat kost vier ton. Er staat een aannemer. Aannemer, kun je dat bouwen voor vijf ton? Weet je wat die aannemer zegt? Ja, natuurlijk kan ik bouwen voor vijf ton. Wat kost dat? Vijf ton. Dat is wat u doet. Geld weggooien van de gemeenschap. Voorzitter: Een vraag van de heer Van Agtmaal. Dhr van Agtmaal: Dank u wel, voorzitter. In het stuk staat inderdaad iets over meer voteren. Wanneer er extra geld nodig is, dan zal er extra geld moeten komen. Of we gaan minderen op andere zaken. Dat heb ik inderdaad ook gelezen, dat er inderdaad dan een keuze gemaakt moet worden.
Dan gaan we in tegen ons eigen beleid. Zoiets staat er. Dat is niet fijn om te lezen dat er daarmee gedreigd wordt. Aan de andere kant staat er niet dat we automatisch extra geld gaan geven. Bent u het daarmee eens? Voorzitter: Meneer Verbeek. Dhr Verbeek: Tussen de regels door staat gewoon dat we extra geld gaan geven, want er staat: als we dat niet doen, gaan we in tegen ons eigen beleid. Dat gaan we niet doen. Lees gewoon het stuk gewoon zoals het er staat. Voorzitter: Meneer Van Agtmaal. Dhr van Agtmaal: Dank u wel, voorzitter. We hoorden daarnet de heer Hobo zeggen dat er met de kaasschaaf overheen gegaan kan worden. Zonder dat wij ons eigen beleid aanraken, kan dat gebeuren. Bent u het daar mee eens? Voorzitter: Meneer Verbeek. Dhr Verbeek: Ik heb geen idee, want ik weet niet wat de kosten zijn. Dat zal moeten blijken. Vindt u het niet vreemd dat wij bij alle andere zaken zeggen: al die bedragen onder embargo en waarom bij de schulden niet? Dat begrijp ik niet. Een school is ook gewoon een instelling
die geld verdient en gemeenschapsgeld gebruikt. Alleen, bij meneer de leverancier [onhoorbaar 00:43:59] doen we het wel en bij de scholen niet. Dat begrijp ik niet. Voorzitter: Nog een aanvullende vraag, meneer Van Agtmaal? Dhr van Agtmaal: Ja, ik zal het bij de laatste houden. In dit geval is natuurlijk LPS de bouwheer. Die zal een x-bedrag gevoteerd moeten krijgen. Dat is in dit geval € 11 miljoen. Die € 11 miljoen hebben wij van tevoren in de raad als IHP vastgesteld. Dat zou nog net iets meer mogen zijn. Het is op € 11 miljoen uitgekomen. Bent u het daarmee eens? Ik snap dat u er niet was bij die bewuste vergadering en dat u dan kan zeggen: jullie hebben dat besluit genomen, maar uiteindelijk maken we dat besluit als raad, toch? Voorzitter: Meneer Verbeek. Dhr Verbeek: Uiteraard maken we dat besluit als raad. Dat heb ik altijd gezegd. Of we nou voor of tegen stemmen, dat doen we met zijn allen. We doen alles met zijn allen. Ik kan nu wel verbijsterd zijn dat dit gebeurd is. Dan denk ik: jongens, ik mag niet op vakantie gaan, want er gebeuren hier financieel de raarste dingen. Dan gaat het geld goed op. Gooi het maar over de balk, jongens. Toch? Voorzitter: Nog één vraag? Dhr van Agtmaal: Ik krijg een vraag terug. Volgens mij gooien we niks zomaar over de balk. Volgens mij zijn dit waardes die door een bureau zijn aangegeven tussen € 3.750 en € 4.100 per vierkante meter.
Daar zitten we tussenin met € 4.000. € 4.000 keer 70 als we die projectleider van onszelf meerekenen. Uiteindelijk gaat het erom: we hebben dit besluit al genomen dat het € 11 miljoen mag kosten. Volgens mij kunt u dan alleen maar zeggen: akkoord. Bent u het daarmee eens? Voorzitter: Meneer Verbeek? Dhr Verbeek: Nee. Ik ga nog meer interrupties afroepen, voorzitter. Volgens mij staat in de stukken dat de eerst komende vier jaar het IHP geldt. Als wij hier niet mee akkoord gaan en het vertraagt vier jaar, vervalt heel het IHP. Dus er zijn allerlei mogelijkheden, maar het is heel zwak om te zeggen: jongens, we hebben dat besluit genomen, hup, dat zijn onze oogkleppen en dat gaat gebeuren koste wat het kost. Dat lijkt me niet het verstandigste financieel beheer. Je moet je wel aanpassen aan de omstandigheden. Los van dat kan ik niet begrijpen dat je zegt: jongens, hier heb je € 11 miljoen, bouw er maar een school van. Dat kunnen we wel. Dat is wat we zeggen. Terwijl, normaal gesproken zou het vraag en aanbod zijn. Vooral als overheid, want als je mensen spreekt die zaken doen met overheid, die zeggen: met de ondernemer onderhandel je en de overheid betaalt. Dat is het verschil. Voorzitter: Een interruptie van de heer Stoeldraijer.
Dhr Stoeldraijer: Voorzitter, zou het niet zo kunnen zijn dat meneer Verbeek juist de sluizen openzet? Hij stelt zelf: het wordt gegarandeerd duurder dan 11 miljoen, zeker niet goedkoper. Er zijn allerlei mensen die meeluisteren. Stel je voor, we gaan doen wat de heer Verbeek voorstelt. We gaan eerst uitzoeken hoe duur dat dat gebouw gaat worden. Dan zou het zomaar kunnen zijn dat dat gebouw veel duurder gaat worden dan € 11 miljoen. Terwijl we nu een andere opzet hebben. De opzet is nu: we voteren € 11 miljoen. Het college houdt de vinger aan de pols. Iedere keer moet er verantwoording afgelegd worden over wat voor tekeningen jullie maken. Hoe ziet dat bestek eruit? Houden jullie je aan de bedragen? De zekerheid dat het niet duurder wordt dan € 11 miljoen is als we dit voorstel aannemen. Voorzitter: Meneer Verbeek. Dhr Verbeek: Voorzitter, dat is het grootste onzinverhaal wat ik ooit gehoord heb. Bovendien, u moet mij niet verwijten wat het college in het besluit zet. In het besluit staat: het kost € 11 miljoen. Als het meer wordt, gaan we erover voteren, want anders gaan we tegen ons eigen beleid. Dan komen we terug naar de raad. Het is precies wat meneer Hobo zegt. Dat kan ook niet anders. Gaat u tegenstemmen als er nog geen dak op zit? Nee, natuurlijk niet. Dan komen ze naar ons terug. Ze weten dat wij dat gaan voteren, want het staat in de stukken.
Als we hem niet doen, gaan we tegen ons eigen beleid in. Natuurlijk heel onlogisch. U moet het mij niet verwijten. U moet het uw eigen coalitie en eigen college verwijten, niet mij. Dat is omgekeerde wereld, meneer Stoeldraijer. Voorzitter, mijn punt is nogmaals, en ook van de heer Hobo van de Volkspartij: waarom doen we niet gewoon net als de rest? Het is helemaal niet dat we tegen de school zijn. Eerst die € 500.000, eerst kijken wat het kost en dan pas het volgende besluit nemen en geld beschikbaar stellen. Dat is de normale gang van zaken die we altijd gedaan hebben, die we ook zouden doen met de school. Vroeger hadden we wel eens het systeem van: zorgvuldigheid gaat voor snelheid. Dat wordt altijd gezegd, maar dat is blijkbaar ook helemaal verlaten, voorzitter. Dat is één. Dan had ik nog een motie, want het verhaal is nog verbijsterender. We gaan een school bouwen. Die kost misschien € 11 miljoen. Die zal zeker niet minder kosten. Misschien wel meer. Wie zal het zeggen? : Dat gaan we op een plaat zetten. Daar heb je grond voor nodig en we hebben geen idee wat het kost. Dat weten we echt niet. In wezen gaan we een huis bouwen. We gaan de architect inschakelen. We gaan de aannemer inschakelen. We gaan contracten afsluiten. We gaan kijken naar: zouden we het allemaal kunnen betalen? We hebben nog geen grond. Dat is wat we doen.
Hoe logisch is dat? Dat is net zo onlogisch als heel dit plan, voorzitter. Hoe kun je akkoord gaan met een votering van € 11 miljoen als je nog niet eens weet wat die grond en dergelijke kost? Er kan misschien wel € 2 miljoen, € 3 miljoen of € 4 miljoen bij komen. Ik wil graag herinneren we het een paar maanden geleden het over het ravijnjaar hadden. Dat is iets verminderd met dank aan de regering, als ik het goed heb en ik zie de wethouder van Financiën ja knikken, maar zo goed gaat het allemaal niet, want we moeten nog € 66
miljoen investeren in scholen, aldus deze stukken. Tenminste, meneer Stoeldraijer, we moeten nog een weg aanleggen. We hebben nog een zwembad wat groot onderhoud nodig heeft. Wat gaan we dan doen? Gaan we dan een zwembad sluiten? Dan moet je ballen hebben en nu wel zeggen: we gaan het zwembad sluiten als dat nodig is, maar dat horen we allemaal niet. We krijgen alleen maar te zien wat het gaat kosten over de termijn van vier jaar. Echt een visie die langer loopt, krijgen we hier niet te zien, voorzitter. Daarmee houden we onze inwoners systematisch voor de gek. Wat mij betreft, zullen we vooraf moeten weten wat de totaalkosten zijn inzake de aankoop van de grond bouwrijp maken en dergelijke. Daar is deze motie voor. Ik zal voorlezen: waarom deze motie? De gemeente Steenbergen staat de komende jaren voor de opgave om meerdere scholen te vernieuwen dan wel te renoveren. Hiermee zijn de komende jaren tientallen miljoenen euro's gemoeid. Het is daarom belangrijk om voorafgaand aan de nieuwbouw dan wel renovatie van het schoolgebouw een zo volledig mogelijk inzicht hebben in de bouwkosten en bijkomende kosten. Op dit moment ontbreekt dit inzicht volledig. Dan zal ik het dictum voorlezen. Dat is de motie Inzicht Totaalkosten Nieuwbouw School te Dinteloord.
De raad verzoekt het college om nog dit jaar, zijnde 2025, te komen met een voorstel met daarin opgenomen een overzicht van de inzake de nieuwbouw van de Petrus en Paulusschool en de Groen van Prinstererschool te Dinteloord. Niet in de stichtingskosten opgenomen kosten voor het eventueel verwerven van grond, het bouwrijp maken, het aanpassen van de openbare ruimte en mogelijke andere kosten, alsmede een voorstel voor de dekking van deze kosten uit de begroting dan wel toekomstige begrotingen. Het had een iets beter lopende zin kunnen zijn, maar hij is wel duidelijk. Tot zover, voorzitter. Dank u wel. Voorzitter: Een interruptie van de heer Van der Wegen. Dhr van der Wegen: Dank u wel, voorzitter. Stel je voor dat het huisvestingsplan wordt aangenomen vanavond en de motie wordt ook aangenomen. Matcht dat dan nog? Of is die motie dan mosterd na de maaltijd? Dank u wel, voorzitter. Voorzitter: Meneer Verbeek. Dhr Verbeek: Dat matcht dan zeker. De motie is zeer zeker geen mosterd na de maaltijd. Als je een fatsoenlijk besluit wil nemen over deze school, zult u moeten weten wat die grond kost. Dan zult u moeten weten wat het bouwrijp maken kost. Dat weten we niet. Dan kun je wel zeggen: die € 11 miljoen, maar daar kan nog € 2, € 3, € 4 miljoen bijkomen. Als je dat niet weet, is dit in wezen een loos, risicovol besluit als je alleen besluit over de € 11 miljoen.
Voorzitter: Meneer van der Wegen. Dhr van der Wegen: Dank u wel, voorzitter. Dat begrijp ik. Alleen, stel dat het besluit vanavond genomen wordt. Dus die € 11 miljoen, daar staat een vinkje achter. Dan staat er
nog geen vinkje achter de kosten voor die gronden. Ik begrijp de motie, maar ik zou dat zelf liever verwerkt zien als amendement bijvoorbeeld, dat die voorrang krijgt op heel het verhaal van die € 11 miljoen. Zo bedoel ik het. Dank u wel, voorzitter. Voorzitter: Meneer Verbeek. Dhr Verbeek: Dat is duidelijk. Als die motie aangenomen zou worden - of wordt, ga ik vanuit, want anders ben je helemaal onverstandig bezig - ga ik ervan uit dat het college in december komt met dat ze de motie uit wil gaan voeren. Anders kunnen we hier helemaal wel vertrekken. Dank u wel, voorzitter. Voorzitter: Meneer Verbeek, dank u wel. Dan geef ik graag het woord aan de heer Van der Wegen. Dhr van der Wegen: Dank u wel, voorzitter. Het college vraagt de raad een krediet te verstrekken voor de nieuwbouw van een nieuw schoolgebouw in Dinteloord. Helaas is het beleid van onze gemeente altijd gebaseerd geweest op centjes opmaken en nooit op centjes sparen. Zo is er gedurende 2016 tot en met 2023 zomaar tussen neus en lippen door meer dan een compleet schoolgebouw opgesnoept. Ik heb het nog even teruggekeken. Om precies te zijn is er van 2016 tot 2023 maar liefst € 13.212.000 meer uitgegeven dan dat er is binnen gekomen aan: vraagteken, vraagteken, vraagteken, voorzitter. We kunnen wel klagen over het verleden, maar daarmee komt er geen nieuw schoolgebouw.
Ik bespaar u daarom deze keer mijn kijk op onze liquide middelen. Ik bespaar u mijn kijk op de € 25 miljoen lening die we nu gaan gebruiken. Ik zal daar het volgende agendapunt nog een kleine opmerking over plaatsen. Voorzitter, ook Stem0167 heeft er moeite mee dat de overige kosten niet bekend zijn. De overige kosten inmiddels besproken. Het bouwrijp maken van de grond, het aanpassen van de openbare ruimte worden pas bij verdere uitwerking van het project inzichtelijk gemaakt en pas daarna krijgt de raad daar een voorstel voor. Dus het klinkt allemaal leuk en aardig dat de gemeente nog over meer dan € 29 miljoen beschikt en daarmee dus makkelijk deze nieuwe school kan betalen, maar zolang de overige kosten niet bekend zijn, is het slechts een leuk begin. Ik wacht eerst nog de beantwoording van het college af over de ingediende moties en amendementen, de ingediende motie en amendement. Pas daarna zal ik een besluit kunnen nemen, voorzitter. Naar mijn mening passend bij het onderwerp nieuw schoolgebouw heb ik een motie meegenomen. De motie heet: Bescherm kinderen tegen radiofrequente elektromagnetische velden.
Wanneer deze motie wordt aangenomen - en die wordt natuurlijk unaniem aangenomen, omdat wij allemaal het beste voor hebben met onze kinderen - krijgt het college opdracht om met de schoolbesturen bespreekbaar te maken hoe om te gaan met de blootstelling van onze kinderen aan radiofrequente elektromagnetische velden. Hoe daarmee te komen tot een zo minimaal mogelijke blootstelling hiervan. Radiofrequente elektromagnetische velden is een mondvol en klinkt ingewikkeld.
Jip en Janneke noemden het waarschijnlijk gewoon WiFi-straling of straling van je mobieltje. Het gaat er om dat onze kinderen kunnen worden blootgesteld aan onder andere wifi straling. Natuurlijk geldt dit voor iedereen dat men kan worden blootgesteld aan elektromagnetische straling zoals radio, radar, WiFi, GSM, bluetooth, microgolven, zendmasten, maar de grote mensen kunnen hier zelf een keuze in maken. Onze kinderen echter, moeten dat schoolgebouw in. Die kinderhoofdjes zijn vele malen kwetsbaarder dan die oude koppen van ons. Eerlijk is eerlijk, zelf heb ik ook een smartphone, een tablet. Ik maak gebruik van WiFi en ik vind het helemaal geweldig als ik thuis mijn muziek met bluetooth naar mijn oude muziekinstallatie kan sturen. Het kan allemaal niet snel genoeg, maar toch stel ik de vraag: hoe gezond blijft de wereld met deze draadloze technieken? Voor velen een onvatbaar, een moeilijk, een zo niet te begrijpen thema. Waarbij ik nog wel wil opmerken dat ik vond dat de wethouder tijdens de behandeling van het IHP heel correct reageerde en bij mij geheel oprecht overkwam. Helaas, de wethouder is er niet. Persoonlijk kan ik geen dankjewel doen aan het college. Dank u wel daarvoor. Inderdaad heel lastig en duidelijk dus dat het college geen richtlijnen of adviezen hierover krijgt vanuit het RIVM of de GGD.
De reactie van de wethouder toen begrijp ik dus heel goed, maar onderzoeken laten ook zien dat er duidelijk reden is voor alertheid. Opletten geblazen. Niet voor niets dat de Wereldgezondheidsorganisatie al in 2011 waarschuwde voor de gevaren van elektromagnetische straling en met name voor WiFi voor kinderen. Voorzitter: Een interruptie van de heer Stoeldraijer. Dhr Stoeldraijer: Voorzitter, meneer Van der Wegen zegt net dat het RIVM daar ook een uitspraak over gedaan heeft, maar voor zover ik weet zegt het RIVM dat er geen consistent bewijs is voor de effecten van die straling. Dus hoe komt u daarbij? Voorzitter: Meneer van der Wegen. Dhr van der Wegen: Door mezelf meer in het onderwerp te verdiepen, voorzitter. Voorzitter: Aanvullende vraag van de heer Stoeldraijer. Progressief Samen - Dhr Stoeldraijer: Zou u willen reageren op de conclusies van het RIVM? Voorzitter: Meneer van der Wegen. Dhr van der Wegen: Ik weet zo één, twee, drie niet welke conclusies het RIVM gedeeld heeft. Ik heb meerdere rapporten voorbij zien komen. Ik heb meerdere rapporten wetenschappelijk onderbouwd doorgenomen. Mijn conclusie is dat - en echt niet alleen mijn conclusie, maar zoals ik net zeg heeft de WHO al in 2011 gewaarschuwd - er reden voor
oplettendheid is. Er is reden voor voorzichtigheid. Daarom dat ik aandacht wil geven aan dit onderwerp. Dank u wel, voorzitter. Voorzitter: Interruptie van de heer Huisman. Dhr Huisman: Voorzitter, dank u wel. Het is wel zo dat we met zo'n motie flink op de proppen moeten komen. Met nationale, internationale, misschien mondiale gezondheidsonderzoeken, diensten echt overtuigend bewijs hebben. Ik heb twee vragen. Eerste concrete vraag is: heeft de heer Van der Wegen overtuigend bewijs of de schadelijke effecten van de EMV binnen de normen vallen? Want WHO en RIVM hebben geconcludeerd: als de EMV binnen de normen blijft, dan is het nooit schadelijk voor welk levend wezen. Dus waar is uw bewijs? Voorzitter: Meneer van der Wegen. Dhr van der Wegen: Voorzitter, we gaan nu terechtkomen in een discussie over normen. Ik weet niet welke normen, maar in Nederland hangt er het getal 10.000 aan en in België hangt er het getal 2.000 aan. Met die normen kunnen we alle kanten op. Als u het goed vindt, voorzitter, ga ik niet veel vragen met deze motie. Als het mij gegund wordt om mijn termijn af te maken, denk ik dat er heel veel duidelijk wordt. Voordat we in een discussie komen van welles nietes. Dank u wel, voorzitter. Voorzitter: Interruptie van de heer Huisman.
Dhr Huisman: Voorzitter, alles gehoord hebbende denk ik: op het moment dat je over de punten, komma's en cijfers gaat discussiëren en je hebt geen bewijs, is uw motie geen goed argument. Dat vind ik erg kwalijk. U doet wel een beetje angst aan. Dat is vraag één. Daar kom ik zo met mijn termijn op terug. Twee: we hebben in de raad afgesproken dat je dekking nodig hebt. Als het met geld - liquide middelen hoor ik net - gemoeid is, moet je voor dekking zorgen. Waar is de dekking in de motie? Voorzitter: Meneer van der Wegen? Dhr van der Wegen: Voorzitter, ik herhaal wat ik zojuist zei. Als mij gegund wordt om mijn verhaal hier te doen, zult u zo meteen zien dat ik in de motie netjes vermeld dat er vooralsnog geen kosten aan verbonden zijn. Dus hoef ik ook geen dekking op te zoeken. Dank u wel, voorzitter. Als u het goed vindt, ga ik weer door. Nee, nog niet helemaal. Voorzitter: Nee, nog niet. Interruptie van de heer Huisman. Dhr Huisman: Hoe komt u daarbij? Natuurlijk heeft u dekking nodig. U moet toch aluminium folie hoedjes voor de kinderen hebben? Voorzitter: Meneer van der Wegen.
Dhr van der Wegen: Voorzitter, ik ga door waar ik gebleven was. Niet voor niets kwam de Europese Gezondheidsraad in juli 2021 met een onderzoek waarin deze Europese Onderzoeksraad oordeelde dat er voldoende bewijs is voor de schade aan vruchtbaarheid ten gevolge van de mobiele telefoon in een broekzak en er zelfs mogelijk bewijs is op hersentumoren als gevolg van de stralingseffecten. Rechtstreeks naar de heer Huisman, ik weet dat het niet hoort: u vindt het bij de European Research Council. Het zijn geen onderwerpen die ik uit mijn duim zuig, meneer Huisman. Dit zijn onderwerpen waar ik me terecht ongerust over maak en daarom dat ik het aandacht geef. Sorry dat ik rechtstreeks de heer Huisman benader. Niet voor niets lijkt mij dat in 2015 in Frankrijk op alle kleuterscholen WiFi verboden werd en dat diezelfde Franse wetgeving vertelde dat WiFi uit moet staan op alle basisscholen als het niet in gebruik is. Voorzitter: Een interruptie van de heer Huisman. Dhr Huisman: Hier wachtte ik op. De reden waarom Frankrijk dit gedaan heeft, is vanwege het smartphonegebruik en dat je daar brokkelhersens van krijgt. Overigens, vanmorgen een interessant interview met een hersenarts van kinderen bij Radio 1. Luister dat gerust na. Dat is de reden waarom er geen WiFi is in scholen. Ga alsjeblieft niet aan ons lopen verkopen dat dat zo is.
Kan de heer Van der Wegen de woorden terugnemen? Dit is gewoon flauwe lariekoek. Voorzitter: Meneer van der Wegen. Dhr van der Wegen: Nee, ik ga geen woorden terugnemen, want dan zou ik eerst het verhaal weer door moeten gaan nemen wat de heer Huisman zojuist opnoemt. Daarmee komen we in de discussie welles nietes en dat probeer ik te vermijden. Nogmaals, ik probeer alleen maar aandacht te vragen voor een probleem wat voor mij niet geldt. Laat ik daar heel eerlijk in zijn. Het is een probleem wat voorkomt vanuit onder andere inwoners uit onze gemeenschap. Daarom laat ik het op de kaart zetten. Dank u wel, voorzitter. Voorzitter: Een interruptie van de heer Van Es. Dhr van Es: Dank u wel. Ik zal in mijn termijn ingaan inhoudelijk op uw motie, maar even een vraag vooraf: hoe gaat u bereiken dat die kinderen, als ze om 16.00 uur uit school komen, de rest van de dag niet aan die mobieltjes en die andere apparaten zitten? Gaat u dat die ouders opleggen? Hoe wilt u dat doen? Voorzitter: Meneer van der Wegen. Dhr van der Wegen: Dank u wel, voorzitter. Dat zou de verantwoordelijkheid zijn van de ouders zelf, neem ik aan. Ik neem aan dat ik niet de boeman moet gaan spelen voor alle ouders in de gemeente Steenbergen.
Voorzitter: Interruptie van de heer Van Es. Dhr van Es: Dat is mij duidelijk, maar ik had een andere bedoeling met die vraag. Wat ik er mee bedoel te zeggen is dat u probeert die kinderen af te houden van iets wat tot het leven behoort. Het is alsof we weer antennes op het dak gaan zetten, omdat we bang zijn om via WiFi televisie te kijken. Het is de klok terugdraaien, je krijgt het niet meer weg. Ik zal dadelijk ingaan op wat ik vind van uw zogenaamde bewijs. Voorzitter: Meneer van der Wegen. Dhr van der Wegen: Dank u wel, voorzitter. Zoals ik al meerdere malen heb gezegd: het lijkt mij dat het geen zin heeft om door te gaan op waardes, getallen en met moeilijke termen te gaan smijten. Waar ik eerlijk bij moet zeggen: dat is ook niet mijn specialisatie. Daar moet ik heel eerlijk in zijn. Ik maak mezelf ongerust. Ik hoor geluiden vanuit de samenleving. Er zijn inwoners die daar iets over te melden hebben. Er zijn ook mensen die gezondheidsklachten ervaren. Daarom dat ik het op de agenda wil zetten. Indien gewenst zouden we er een beeldvorming voor kunnen organiseren. Wellicht kunnen we onderzoekers optrommelen die ons onderbouwd komen voorlichten betreft dit thema. Ik mag hier graag mijn best voor doen, voorzitter. Terug naar de motie. Met deze motie vragen we niet veel. Eigenlijk vragen we niets.
We vragen slechts om het thema radiofrequente elektromagnetische velden aandacht te geven bij de schoolbesturen en om reacties hierop terug te koppelen bij de gemeenteraad. Dus zoveel vragen we niet. Voorzitter: Een interruptie van de heer Verbeek. Dhr Verbeek: Dank u wel, voorzitter. Meneer van der Wegen vraagt om met de scholen in overleg te gaan om te komen tot. Dat is natuurlijk heel wat anders. Dan ga je in overleg met de scholen en zou je graag willen dat de scholen iets zouden doen. Als je zegt: om de scholen te adviseren of iets dergelijks, maar wij hebben geen zeggenschap als gemeente in wat de scholen doen. Dus ook niet om te komen tot. Voorzitter: Meneer van der Wegen. Dhr van der Wegen: Voorzitter, we hebben de laatste keer met de behandeling van IHP van de wethouder begrepen dat het college geen adviezen krijgt en geen handreikingen van het RIVM. Dus het college kan ook niets doen. Het college kan niet zeggen tegen een school: jullie moeten dit of dat. Jullie moeten aluminium hoedjes op zetten. Dat kan een school niet doen. Men kan wel tijdens het gesprek met het schoolbestuur vragen: hoe kijken jullie tegen dit thema aan? Dat is hetgene wat ik probeer te bereiken. Gewoon dat men erover praat. Dank u wel, voorzitter. Voorzitter: Interruptie van de heer Verbeek.
Dhr Verbeek: Akkoord, duidelijk. Alleen, dan zou ik liever zien van: om bijvoorbeeld in overleg te treden. Om te komen tot heeft een heel andere duiding dan dit verhaal. Voorzitter: Meneer van der Wegen. Dhr van der Wegen: Mag ik een vraag terugstellen aan de heer Verbeek? Voorzitter: Nee. Dhr van der Wegen: Hoe zou ik dat in het vat moeten gieten dan? Voorzitter, ik heb de motie nog niet voorgelezen. Dus ik stel voor - met uw goedvinden - dat ik de motie, het verzoek voorlees. Ik hoop dat we nog een kleine schorsing krijgen. Anders ga ik die nog vragen tussendoor. Ik ga in ieder geval met meneer Verbeek overleggen in hoeverre dat ik de motie aan kan passen om steun te krijgen. Dank u wel. Verzoekt het college om nog in 2025 in overleg te gaan met de in onze gemeente actief zijnde schoolbesturen om te komen tot een zo minimaal mogelijke blootstelling aan radiofrequente elektromagnetische velden van onze schoolgaande kinderen. Minimaal eenmaal per jaar dit thema mee te nemen in de overleggen met de schoolbesturen en daarna dit specifieke thema steeds terug te koppelen met de gemeenteraad. Zoals ik al zei, voorzitter: het is vragen om het minimale, maar vragen om de aandacht bij de schoolbesturen en ik hoop ook bij de ouders. Dank u wel, voorzitter. Voorzitter: Dank u wel. Dan geef ik graag het woord aan de heer Van Es van de VVD. Dhr van Es: Dank u wel.
In de oordeelsvormende vergadering, toen we hier over dat IHP spraken, heeft de VVD al aangegeven daar in principe voor te zijn, maar we hebben wel een aantal aandachtspunten en wensen kenbaar gemaakt. Ik moet zeggen: daar hebben wij althans naar tevredenheid antwoord op gekregen. Ik som ze nog kort op. Eén, we kunnen dit krediet beschouwen als een soort bouwdepot. Dat betekent dat alleen bedragen worden uitgekeerd per bouwfase. Twee, het krediet is taakstellend en de gemeente bewaakt eventuele overschrijding. Drie, extra investeringen die bedoeld zijn om de latere exploitatiekosten te verminderen zijn voor rekening van LPS. Tot slot, de raad zal na afronding van iedere bouwfase worden geïnformeerd. Wij vinden dit een verantwoorde en je zou kunnen zeggen volwassen manier van financieren. Dus we gaan akkoord. Dan hebben we het amendement en de motie. Ik zou willen voorstellen om daarop te reageren na het oordeel van de wethouder. Daar zou ik eerst kennis van willen nemen. Voorzitter: Een interruptie van de heer Verbeek. Dhr Verbeek: Voorzitter, de heer Van Es zegt: een volwassen manier van begroten. Dat is weer zo'n dooddoener waarmee je mensen in de hoek zet, maar dat is de heer Van Es zijn
pakkie-an. Betekent dat dat alle andere voorstellen allemaal onvolwassen zijn? Hoe moet ik dat zien? Dhr van Es: Ik begrijp uw vraag niet, sorry. Fractie Verbeek - Dhr Verbeek: U noemt dit een volwassen manier van begroten, dus er zijn blijkbaar ook onvolwassen manieren van begroten. Wat vindt u dan de onvolwassen manier van begroten? Als wij bijvoorbeeld een trekker aanschaffen [crosstalk 01:10:29]. Dhr van Es: Ik vind dit een woordenspelletje. Ik heb er geen antwoord op. Dhr Verbeek: Voorzitter, ik ben aan het woord, dacht ik. De heer Van dat een noemt een woordenspelletje. Hij begint met die woorden. Er zijn blijkbaar ook onvolwassen manieren van begroten, dus dan wil ik graag weten welke dat zijn. Anders is het een loze opmerking. Voorzitter: Meneer van Es. Dhr van Es: Een onvolwassen manier van begroten zou bijvoorbeeld zijn, nu verzin ik het ter plekke: alstublieft, wij maken morgen € 11 miljoen aan u over, veel succes. Dat doen wij natuurlijk niet. Ik bedoelde met volwassen dat je het vertrouwen geeft aan LPF in dit geval, die overigens blijk hebben gegeven van kennis en vaardigheid op het gebied van het neerzetten van scholen, van bibliotheken. Ze hebben daar de mensen voor in dienst. In die zin bedoelde ik het woord volwassen. Voorzitter: Meneer Verbeek, een interruptie.
Dhr Verbeek: Ik zou tegen meneer Van Es willen zeggen: weet u wat het probleem is? Natuurlijk stellen we die [onhoorbaar 01:11:26] niet beschikbaar. Dat is weer zo'n flauwe opmerking. Natuurlijk, dat doet niemand. Dat gaat in termijnen. Het gaat om het traject daarvoor. Wat ik straks zei, die aannemer. U gaat een huis bouwen van vier ton en u zegt: aannemer, ik heb vijf ton beschikbaar. Kun je het daarvoor bouwen? Natuurlijk. Wat gaat het kosten? Vijf ton. Dat gaat ook in een bouwdepot, wordt ook niet gelijk uitgekeerd. Dus dat past ook helemaal in uw verhaal. Alleen, als je het secuur doet, kom je op vier ton uit. Als je het op een andere manier doet. Alleen, dat willen ze niet horen, want we zijn allemaal zo goed in stelling gebracht met dit plan. Voorzitter: Meneer van Es. Dhr van Es: Eigenlijk komen we dan uit op het amendement en de motie, de twee. Ik zei al: ik wil daar pas op reageren als we gehoord hebben wat de wethouder daarover oordeelt. Dus geef me even die tijd. Overigens, ik vind het vervelend om iedere keer als ik een woord gebruikt dat u niet bevalt, dat dan een dooddoener te noemen of een flauw antwoord. Ik vind het een beetje onzin. Ik doe mijn best om helder te zijn in wat wij vinden.
Voorzitter: Een interruptie nog van de heer Huisman. Dhr Huisman: Voorzitter, dank u wel. Ik heb geluisterd naar het betoog van de heer Van Es. Hij somde op wat er in de oordeelsvormende vergadering ter sprake kwam. Vragen beantwoord, wensen kenbaar gemaakt. Die zijn ook beantwoord. Ik wil teruggaan naar het derde of vierde punt. Daar stond: op het moment dat er niet genoeg geld is, dan betaalt de LPS. Klopt dat? Heb ik dat goed verstaan? Voorzitter: Meneer van Es. Dhr van Es: Zoals ik het interpreteer aan de hand van het stuk, staat daar: wanneer extra investeringen worden gedaan met als doel om de latere exploitatiekosten te verlagen, dan zijn die investeringskosten ten laste van het schoolbestuur, van LPS. Zo heb ik hem geïnterpreteerd. Voorzitter: Aanvullende vraag van de heer Huisman. Dhr Huisman: Ja, maar dat is een beetje een goed nieuwsshow. Ik noem het mooie voorbeeld van het dak. 80-90% is klaar. Het dak moet gemaakt worden, dus dat zijn geen extra wensen van LPS. Dan betalen wij dat. Is daar de VVD ook van op de hoogte? Voorzitter: Meneer van Es. Dhr van Es: Het is geen mooi weershow. Ik vertaal gewoon wat er in het stuk staat. Dat heb ik niet verzonnen. Het staat er gewoon. Dat vinden wij een belangrijk stukje tekst. Dat soort investeringen die boven doen wat je normaliter zou moeten doen uitgaan met als doel om op lange termijn exploitatiekosten te verlagen.
Dat die extra investeringen ten laste gaan van [onhoorbaar 01:13:54]. Dat vind ik een normale zaak, maar wel goed dat dat hier vermeld staat. Voorzitter: Aanvullende vraag van meneer Huisman. Dhr Huisman: Mijn complimenten voor het ontwijken van deze vraag. Ik vind het echt heel knap hoe dat gedaan wordt, maar mijn vraag is nog steeds: op het moment van de 80%, dat het dak er nog op zit, de LPS naar ons toe komt, het geld op is en we nog € 2- € 3 miljoen moeten, wat heeft dan de VVD voor opmerking? Zegt u: nee, u had het daarmee moeten doen? Of: we trekken de beurs en hier is het geld? Ik doe er gelijk een verboden woord in: dat zien we dan wel. Dat ken ik van de VVD. Ik wil het graag vanavond, nu weten. Voorzitter: Meneer van Es. Dhr van Es: Dat ken ik van de VVD. Dat is ook de dooddoener van de avond. Dus het wordt een avond met dooddoeners. Dat voorbeeld dat u gaf van dat dak. Het geld is uitgegeven. Er zit geen dak op. Dat heeft niets te maken met dat zinnetje wat ik noemde. Wat ik noemde,
ging over investeringen die er bovenuit gaan met als doel de exploitatiekosten te verlagen. Dat heeft niks met het dak te maken. Voorzitter: Meneer Huisman. Dhr Huisman: Voorzitter, snapt u mijn vraag? Ik zie u ja knikken. Voorzitter, ik ga niet meer over dat punt drie. Dat was voor mij een haakje om te vragen aan de VVD: wat als? Dat is een hele belangrijke. Wat als het dak nog niet op het schoolgebouw staat en het geld is op? Wat gaat de VVD dan doen? Voorzitter: Meneer van Es. Dhr van Es: De vraag is hoe groot je dat risico inschat. Wij hebben het vertrouwen erin dat, doordat je gefaseerd te werk gaat en als raad bij iedere fase geïnformeerd wordt over de voortgang, ook in financiële zin, je zo'n risico - want het dak is nogal wat, dat is beeldspraak tijdig ziet aankomen en je tijdig kunt bijsturen. Zoals je dat bij alle goed geleide projecten zou kunnen doen. Daar zit onze grote zorg niet zozeer. Voorzitter: Meneer Huisman. Dhr Huisman: Dan vrees ik dat ik een grote zorg ga maken bij de VVD. Op het moment dat je gaat bijsturen, is dat politieke taal voor: we gaan inboeten op ons eigen beleid wat we hebben afgesproken, het beleid en andere documenten. Dat kan toch niet de bedoeling zijn, voorzitter? Voorzitter: Meneer van Es.
Dhr van Es: Voorzitter, dan zou ik aan de heer Huisman willen vragen: hoe zou u dat risico willen vermijden? Dhr Huisman: Voorzitter, even een punt van orde. Hij blijft mijn vraag ontwijken. Ik vind het erg vervelend. Ook onvolwassen boekhouding, onvolwassen gedrag. Voorzitter, ik heb liever niet dat een interrupt een tegenvraag gaat stellen. Erg flauw van u, voorzitter. Voorzitter: Ofwel een interruptie van de heer Hobo. Dhr Hobo: Dank u wel, voorzitter. Als ik goed geluisterd heb, geeft meneer Van Es zelf al aan dat hij de lead kwijt is. Op het moment dat er een dak op moet en er moet € 3 of € 4 miljoen extra bij, krijg je inderdaad het antwoord: dat zien we dan wel. Dat dak moet erop. Dat is nu juist hetgeen waarom wij beginnen met die € 500.000, dat wij van tevoren willen weten wat ongeveer die kosten zijn. Of dat € 10,5 miljoen is of € 11,5 miljoen, dat doet niet ter zake. Het gaat om wat u zelf aangeeft. We willen niet voor verrassingen komen te staan. U geeft de lead uit handen en dat zijn we gewend inmiddels. Bent u het daarmee eens?
Voorzitter: Meneer van Es. Dhr van Es: Dat we dat gewend zijn niet, maar ik begrijp uw redenering. Ik begrijp ook wat u met de motie bedoelt. Geef mij de tijd om te luisteren naar hoe de wethouder er dadelijk op reageert. Dan kom ik daar in tweede termijn op terug. Het is in ieder geval helder. Dat wil niet zeggen dat ik het eens ben, maar ik snap het. Ik ga door. Tenslotte wil ik wel ingaan op de motie van Stem0167 over die elektromagnetische velden. Niet al te lang, maar ik wil er graag feitelijk op ingaan. Het is zo dat we inmiddels al 30 jaar gebruik maken van mobiele telefoons. Al 30 jaar. In 1995 begon het zo'n beetje. Elk moment van de dag, op dit moment, lopen er vijf miljard mensen in de wereld met een smartphone of tablet rond. Die zitten ermee te chatten en naar rare filmpjes op TikTok te kijken en ander ongerief. In die 30 jaar - ik heb dat nagetrokken - zijn er in totaal 150 wetenschappelijke onderzoeken gedaan naar mogelijke schadelijke effecten. 150 wetenschappelijke onderzoeken en niet één keer is daar ook maar iets van gebleken. Er is dus in 30 jaar tijd bij vijf miljard mensen nooit een geval van hersenschade aangetoond. Sterker nog, misschien heeft u dat meegekregen: eind vorig jaar heeft de Wereldgezondheidsorganisatie, de WHO, van de Verenigde Naties al die 150 onderzoeken die in 30 jaar zijn gedaan zelf nog eens kritisch onderzocht.
Een soort onderzoek naar de onderzoeken. De vragen daarbij waren: is er gebruik gemaakt van de goede data? Zijn de juiste wetenschappelijke standaards en methoden gebruikt? Waren de onderzoekers objectief en onafhankelijk? Het antwoord op al die vragen was: ja. Anders gezegd, die 150 wetenschappelijke onderzoeken waren correcte wetenschappelijke onderzoeken en er is niets uit gebleken. Wij vinden het dan ook een spookverhaal. Het is typisch weer - ik bedoel dat niet tegen u persoonlijk - zo'n voorbeeld van ongefundeerde angst die ons wordt aangepraat uit de wereld waar je nogal wat complotten tegenkomt. Wij vinden het wetenschappelijke onzin en ik vind ook dat we ons als raad verre moeten houden van dit soort zaken, willen we nog serieus worden genomen door onze inwoners. Daarom is de VVD tegen de motie. Voorzitter: Interruptie van de heer Hobo. Dhr Hobo: Dank u wel, voorzitter. Ik vind het heel frappant dat de VVD de EU belachelijk maakt. Nederland, Denemarken en Zweden zijn de enige landen die deze wetgeving niet volgen. De rest van Europa doet dat namelijk wel. Op advies van de EU, omdat radio elektromagnetische straling wel degelijk gevaarlijk is volgens de EU. Afgaand op een rapport van de WHO. U kunt het volgen op internet. Ik kan de link naar u doorsturen. Nederland, eigenwijs als dat het is, is de enige die geen wetgeving heeft hieromtrent. Voorzitter: Meneer van Es.
Dhr van Es: Ik heb dat onderzoek niet paraat wat u hier noemt. Ik noem alleen die 150 onderzoeken die niets uitwijzen. Wat je wel vaak hoort, en ik weet niet of u in die richting dacht, is dat er gezegd wordt: we kunnen niet bewijzen dat het niet zo is. Dat klopt. Je kunt
alleen maar bewijzen dat iets wel zo is, maar dat vind ik geen overtuigend argument. Er is geen hard bewijs dat straling - zeker WiFi, want dat is zwakker dan je normale signaal als je buiten belt - zo schadelijk is. Nogmaals: 30 jaar, 5 miljard wereldburgers. Geen geval van schade. Dus wij wijzen de motie af. Voorzitter: Meneer van Es, dank u wel. Dan geef ik graag het woord aan de heer Huisman. Dhr Huisman: Voorzitter, dank voor het woord. Vandaag staan wij op een belangrijk moment in de besluitvorming over de nieuwbouw van de basisscholen in Dinteloord. Voor ons staat de inhoudelijke noodzaak helemaal buiten kijf. De huidige gebouwen zijn tientallen jaren oud - ik meen uit 1950 - en niet langer toekomstbestendig. Het samenbrengen van twee basisscholen en een kinderopvang in één modern, duurzaam gebouw heeft hele grote meerwaarde, maar voorzitter, wat er vandaag ook op onze raadstafel ligt, is iets fundamentelers. Namelijk: hoe worden wij als raad betrokken? Hoe kunnen wij onze controlerende functie vervullen? Is dit college bereid om die rol serieus te nemen? Voorzitter, voordat ik naar mijn eerste onderwerp ga - dat zijn er nogal wat - hebben wij een interessante discussie gehoord over de eerste twee insprekers. Daar waren ook wat interrupties. Dat was een goede discussie, maar mijn volgende punt is een punt wat eigenlijk daarvoor zit.