WBA Wijzigingsbesluit 2327695.pdf
Tekst van het document
Derde wijziging van de Gemeenschappelijke Regeling West-Brabants Archief Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente ………… Overwegende dat: de wijziging van de Wet gemeenschappelijke regelingen per 1 juli 2022, gericht op versterking van de positie van de raden, voor 1 juli 2024 een aanpassing van de gemeenschappelijke regeling vereist, de tekst van de gemeenschappelijke regeling op enkele onderdelen dient te worden geactualiseerd. Gelet op: de Wet gemeenschappelijke regelingen, de op dd mm jjjj door de gemeenteraad van ………. aan het college verleende toestemming om over te gaan tot de voorliggende derde wijziging van de Gemeenschappelijke Regeling West-Brabants Archief, B e s l u i t e n:
vast te stellen de: derde wijziging van de Gemeenschappelijke Regeling WestBrabants Archief Artikel I De Gemeenschappelijke Regeling West-Brabants Archief wordt als volgt gewijzigd:
A. In de aanhef wordt de tekst na ‘Overwegende dat:’ vervangen door:
de Wet gemeenschappelijke regelingen per 1 juli 2022 is gewijzigd waardoor de huidige gemeenschappelijke regeling aangepast moet worden; de tekst van de gemeenschappelijke regeling op enkele onderdelen dient te worden geactualiseerd. Gelet op de Wet gemeenschappelijke regelingen en de Archiefwet 1995 besluiten: De bestaande gemeenschappelijke regeling West-Brabant Archief, geldend vanaf 1 januari 2020, als volgt in gewijzigde vorm vast te stellen:
B. Er wordt een nieuw Artikel 25 ’Zienswijzeprocedure’ toegevoegd, luidend: 1. Voorafgaand aan het vaststellen van het meerjarenbeleid kunnen de raden van de deelnemende gemeenten een zienswijze als bedoeld in artikel 10, lid 7 van de wet naar voren brengen. Wensen zij geen zienwijze naar voren te brengen, dan wordt het bestuur hierover zo spoedig mogelijk geïnformeerd. 2. Voorafgaand aan het nemen van het besluit waarover de zienswijze is gegeven stelt het dagelijks bestuur de raden schriftelijk en
Pagina 1
gemotiveerd in kennis van het oordeel over de zienswijze en de eventuele conclusies die zij daaraan verbindt.
C. Er wordt een nieuw Hoofdstuk 5 ‘Burgerparticipatie’ toegevoegd met een nieuw Artikel 26 luidend: Ingezetenen van de deelnemende gemeenten en belanghebbenden worden betrokken bij projecten die betrekking hebben op de uitvoerende taken van het West-Brabants Archief.
D. In artikel 27 lid 1 en 2 wordt << benoeming >> tweemaal vervangen door << aanwijzing >>.
E. Er wordt een nieuw Hoofdstuk 9 ‘Archief van het West-Brabants Archief’ toegevoegd, met de volgende nieuwe artikelen: Archiefbeheer Artikel 35 1. De directeur is belast met de feitelijke bewaring en het beheer van deze archiefbescheiden, voor zover deze niet zijn overgebracht naar de archiefbewaarplaats. 2. Het dagelijks bestuur stelt voorschriften vast voor het beheer van de archiefbescheiden van het West-Brabants Archief, die nog niet naar de archiefbewaarplaats zijn overgebracht. Archiefbewaarplaats Artikel 36 Voor de bewaring van de over te brengen archiefbescheiden van het WestBrabants Archief wordt aangewezen de archiefbewaarplaats van het West-Brabants Archief. Toezicht Artikel 37 Met het toezicht op het beheer van de archiefbescheiden van het WestBrabants Archief, voor zover deze niet zijn overgebracht naar de archiefbewaarplaats, is belast een door de directeur ingehuurde onafhankelijke archiefinspecteur.
Verantwoording Artikel 38 1. Een door de directeur ingehuurde onafhankelijke archiefinspecteur brengt tweejaarlijks aan het dagelijks bestuur verslag uit over het toezicht op het beheer van de archiefbescheiden van het West-Brabants Archief, die nog niet zijn overgebracht naar de archiefbewaarplaats. 2. Het dagelijks bestuur brengt jaarlijks verslag uit aan het algemeen bestuur over de uitoefening van de aan hen opgedragen zorg voor de archiefbescheiden en de uitvoering van het archiefbeheer van het WestBrabants Archief.
F. In artikel 39 ‘Toetreding’ komt de zin in het eerste lid: << Het algemeen bestuur beslist over toetreding. >> te vervallen. Aan het eerste lid wordt toegevoegd: Het besluit wordt ter kennis gebracht aan het algemeen bestuur. Het tweede lid wordt vervangen door: Aan de toetreding kunnen Pagina 2
nadere voorwaarden worden verbonden. Aan het artikel wordt een derde lid toegevoegd luidend: Toetreding geschiedt na advies van het algemeen bestuur, bij unaniem besluit van de deelnemers, onverminderd artikel 1 van de wet.
G. Artikel 40 ‘Uittreding’ wordt vervangen door de volgende bepaling: 1. Indien een deelnemer wenst uit te treden, geschiedt dit bij besluit van het daartoe bevoegde orgaan van de betreffende deelnemer. Het besluit wordt ter kennis gebracht aan het algemeen bestuur. 2. Aan de uittreding worden door het algemeen bestuur de volgende voorwaarden en gevolgen verbonden: a. De uittreding vindt plaats op 1 januari van het tweede jaar, volgend op dat waarin het besluit tot uittreding in de is bekend gemaakt. b. De uittredende deelnemer is gehouden na uittreding bij te dragen in het begrote nadelig saldo van het laatste volledige jaar van deelname. De afbouw gebeurt als volgt: In jaar 1 na uittreding: 100% van het aandeel In jaar 2 na uittreding: 80% van het aandeel In jaar 3 na uittreding: 60% van het aandeel In jaar 4 na uittreding 40% van het aandeel In jaar 5 na uittreding: 20% van het aandeel c. De uittredende deelnemer is gehouden om personeel van het WestBrabants Archief, dat boventallig is geworden door de uittreding, over te nemen. d. Tot aan de datum van de uittreding behoudt de uittredende deelnemer alle rechten en verplichtingen die verbonden zijn aan de gemeenschappelijke regeling. e. De uittredende deelnemer kan geen aanspraak maken op gevormde bestemmingsreserves. f.
Het algemeen bestuur stelt, indien noodzakelijk, aanvullende voorwaarden voor de uittreding vast en zendt deze binnen 3 maanden na ontvangst van het besluit tot uittreding aan de deelnemers. Alle deelnemers besluiten over de eventuele aanvullende voorwaarden binnen een termijn van drie maanden na de toezending door het algemeen bestuur.
H.
In artikel 41 ‘wijziging’ wordt de zinssnede <<niet zijnde toetreding>> toegevoegd na ‘worden gewijzigd’. De zinssnede << onverminderd artikel 1 van de wet.> wordt toegevoegd na ‘deze regeling’.
I.
In artikel 43 ‘Duur en evaluatie’ wordt een tweede lid toegevoegd luidend: Op verzoek van één van de deelnemers kan deze regeling eenmaal per raadsperiode worden geëvalueerd.
J.
In artikel 44 ‘citeertitel en Inwerkingtreding’ worden twee leden toegevoegd luidend: 2. De wijzigingen in deze regeling treden in werking op de dag volgend op die van de bekendmaking als bedoeld in artikel 26, derde lid, van de wet. 3. Het college van de gemeente Bergen op Zoom draagt zorg voor de bekendmaking van de regeling overeenkomstig artikel 26, eerste lid van de wet.
K. In de Algemene toelichting komt de zin << Vanwege de toetreding van de colleges van de gemeenten Bergen op Zoom, Roosendaal, Steenbergen en Pagina 3
Woensdrecht tot de regeling en de uittreding van het waterschap Brabantse Delta, was het noodzakelijk om de regeling aan te passen. >> te vervallen. De zin << Bovendien is per 1 januari 2015>> wordt vervangen door <<Per 1 juli 2022>>.
L. In artikel 9 Artikelsgewijze toelichting wordt achter ‘overgedragen’ toegevoegd: ‘(lees: gedelegeerde)’.
M. In artikel 14 lid 1 sub d Artikelsgewijze toelichting wordt <<te benoemen>> vervangen door <<aan te wijzen>>.
N. In artikel 19-24 Artikelsgewijze toelichting wordt de volgende tekst verwijderd: “Er zou voor gekozen kunnen worden om in de regeling ook nog bepalingen op te nemen met betrekking tot de inlichtingen- en verantwoordingsplicht van de voorzitter jegens zijn eigen college en raad en jegens het algemeen bestuur. Omdat dit niet wettelijk noodzakelijk is en de voorzitter daarnaast ook deel uitmaakt van het dagelijks en algemeen bestuur waarvoor deze verplichtingen wel zijn opgenomen in de regeling, is besloten hier vanaf te zien.”. Aan de bepaling wordt de volgende tekst toegevoegd: “De gewijzigde Wet gemeenschappelijke regelingen benadrukt de actieve informatieplicht van het bestuur van de gemeenschappelijke regeling. Dit houdt in dat zowel het algemeen bestuur, het dagelijks bestuur als de voorzitter van de gemeenschappelijke regeling alle inlichtingen aan de raden verstrekken die de raden nodig hebben voor de uitoefening van hun taken. Dit geldt tevens voor het lid van het algemeen bestuur dat het college heeft aangewezen. De informatieverstrekking dient bij voorkeur via de digitale weg plaats te vinden.”
O. Er wordt een nieuw artikel 26 Artikelsgewijze toelichting toegevoegd luidend: Burgerparticipatie vindt over het algemeen plaats via online enquêtes.
P. In artikel 27-28 Artikelsgewijze toelichting wordt <<benoemd>> tweemaal vervangen door <<aangewezen>> en <<benoeming>> vervangen door <<aanwijzing>>. Daarnaast wordt << Ambtenarenwet >> vervangen door <<boek 7 van het Burgerlijk Wetboek>>.
Q. Aan artikel 39 Artikelsgewijze toelichting worden artikel 40 en 41 toegevoegd in de titel. Na de laatste zin wordt de volgende tekst toegevoegd: De gemeenteraden moeten de mogelijkheid krijgen een zienswijze naar voren te brengen bij toetreding, uittreding en wijziging van de gemeenschappelijke regeling. Dit betekent dat in al deze gevallen het ontwerpbesluit aan de raden gestuurd moet worden. De raden kunnen hun zienswijzen over het ontwerpbesluit binnen acht weken na ontvangst naar voren brengen. Wensen zij dit niet te doen, dan brengen zij B&W hierover zo spoedig mogelijk op de hoogte. De regeling kan pas worden getroffen (lees: wijzigen, toe- of uittreden) na verkregen toestemming van de raden. Deze toestemming kan echter slechts worden onthouden wegens strijd met het recht of het algemeen belang.
Artikel II Slotbepalingen Pagina 4
A. Deze wijziging treedt in werking met ingang van de dag na bekendmaking in het gemeenteblad van Bergen op Zoom B. Het besluit wordt aangehaald als ‘Derde wijziging van de Gemeenschappelijke Regeling West-Brabants Archief’.
<naam gemeente>,
<datum collegebesluit>
gemeentesecretaris
burgemeester
Pagina 5