Totaaloverzicht technische vragen perspectiefnota 2022 aanvullend.pdf
Tekst van het document
Overzicht technische vragen VVD aanvullend Perspectiefnota 2022 Nr
Fractie
Codering
Bron
Vraagstelling
35
VVD
F – 21215-3
schriftelijk
Bladzijde 7 Reserves KK Het totaal van de reserves, ook wel eigen vermogen genoemd, daalt van 34 miljoen ultimo 2020 naar 26 miljoen ultimo 2024. Dit betekent dat in de gemeente Steenbergen de lasten hoger zijn dan de baten. Kunt U onderbouwen wat de oorzaak is van de daling van het eigen vermogen. De daling van het eigen vermogen is reeds jaren gaande, wat betekent dat het probleem structurele vormen aan gaat nemen. Waar kan ik in de perspectiefnota vinden hoe deze daling van het eigen vermogen wordt gestopt? Hoe hoog zal volgens Uw inzicht het eigen vermogen zijn in 2030? Hoe is Uw cijfermatige onderbouwing van Uw antwoord op de laatste vraag?
Poho
Afdeling
Antwoord
IO
De reserves maken onderdeel uit van de P&C Cyclus en de nota reserves en voorzieningen (laatste actualisatie in 2017). De bevoegdheid van het instellen van een reserve ligt bij de raad. De raad autoriseert de mutaties die ten gunste / ten laste van deze reserves worden gebracht bij de begroting, tussenrapportage, jaarstukken of een afzonderlijk raadsbesluit. In de begroting en jaarstukken geven we voor elke reserve aan welke verplichtingen er onder liggen. De daling van de reserves van 34 miljoen naar 26 miljoen heeft de volgende redenen: - Algemene reserve 2021-2024, -/- € 2.994.000: overloop verplichtingen 2020 naar 2021 van € 1.158.000 (besluit jaarrekening 2020), dekking tekort jaarrekening 2020 € 651.000 (besluit jaarrekening 2020), verplichtingen meerjarenbegroting 2021-2024 van € 1.095.000 (besluit begroting 2021), raadsbesluit Cromwiel € 50.000 en de claim perspectiefnota Vuelta € 40.000. - Reserve transitie Organisatie 2021-2024, -/- € 1.416.000: verplichtingen inzake de transitie van € 1.416.000, welke is vastgesteld door de raad. - Reserve economische ontwikkeling 2021-2024, € 799.000; toevoeging AFC gelden aan de reserve. - Reserve Beheer openbare ruimte 2021-2024 -/- € 2.424.000; verplichtingen omtrent openbare ruimte zoals in de meerjarenbegroting 2021-2024 (blz 149 en 150) door de raad is vastgesteld.
- Bestemmingsreserves Overige 2021-2024 -/- € 2.266.000; verplichtingen zoals in de meerjarenbegroting 2021-2024 (blz 150) door de raad is vastgesteld. Niet in de perspectiefnota 2022 maar in de meerjarenbegroting 2021-2024 (pagina 151-152) staan de structurele onttrekkingen van de reserves beschreven. Voor 2022-2024 is dat gemiddeld € 875.000 per jaar. Als dit gestopt dient te worden dan is het aan de raad om hiervoor keuzes te maken.
35a
VVD
F – 21215-3 Aanvullend
schriftelijk
In Uw antwoord gaat U over tot het herhalen van cijfers zoals deze zijn opgenomen in de KK jaarrekening, begroting en perspectiefnota, een nietszeggend antwoord. Ter vergelijking, bij een onderneming zou het eigen vermogen dalen doordat een onderneming verlies maakt. In Uw antwoord zegt U feitelijk “het eigen vermogen daalt doordat de onderneming verlies maakt”. Zoals ik al zei, een nietszeggend antwoord van U als College, want mijn vraag is: hoe komt het dat wij verlies draaien, hoe komt het dat in de gemeente Steenbergen de structurele lasten gedurende een periode van jaren hoger zijn dan de structurele baten. Want zoals U weet is het op peil houden van reserves niet een kwestie van het oppotten van geld, maar wel van er voor zorgen dat er ook in de toekomst voldoende ruimte is om (vervangings)investeringen te doen. Hierbij is de afname van de reserves een gevolg van het feit dat de uitgaven hoger zijn dan de inkomsten, en dat in de gemeente Steenbergen gedurende een reeks van jaren. Dus daarom nogmaals mijn vraag: waar zit het lek in de gemeente Steenbergen, geven wij teveel uit aan personeelskosten, geven wij teveel uit aan onderzoeken, investeren wij te veel, komt er te weinig geld binnen? Overigens is het antwoord dat U het niet weet ook een antwoord! Ik wacht Uw reactie af.
IO
Aan alle toekomstige mutaties die in bestemmingsreserves plaatsvinden, zijn geautoriseerd door de gemeenteraad. U heeft het over een lek in de begroting van de gemeente Steenbergen. Deze term achten wij niet passend. In de planning en control cyclus wordt in begroting en jaarstukken volledig inzicht gegeven in de stand van de bestemmingsreserves en de mutaties voor de komende jaren. Dat de reservepositie daalt komt door de methodiek die - met goedkeuring van de raad - wordt gehanteerd voor het dekken van kapitaallasten van reeds gedane investeringen. Deze methodiek past binnen de wet- en regelgeving. De toezichthouder op de gemeentelijke begroting (de Provincie), heeft met betrekking tot dit onderwerp geen opmerkingen gemaakt. Ook de accountant niet. Als er daadwerkelijk sprake was geweest van een lek, zou de toezichthouder de begroting niet goedgekeurd hebben. De methodiek waarbij kapitaallasten (structureel) worden gedekt met bestemmingsreserves (incidenteel) vraagt wel alertheid en tijdig handelen. Op het moment dat vervanging moet plaatsvinden, dan zal hierop in de meerjarenbegroting moeten worden geanticipeerd. Een eerdere analyse, uitgevoerd in 2017, heeft uitgewezen dat het gros van de vervangingen pas vanaf 2030 dient plaats te vinden.
Bij de actualisering van de reserves en voorzieningen, (verwachting eind 2021) wordt een dergelijke analyse opnieuw uitgevoerd, zodat duidelijk is welk moment we moeten bijsturen in de begroting.
36
VVD
F – 21215-4
schriftelijk
Bladzijde 13 Inrichting Klaproosveld investering € 100.000 WB U stelt dat de inrichting van het Klaproosveld een investering vergt van € 200.000. In de afgelopen oordeelsvormende vergadering heb ik namens de VVD gevraagd of er enig zicht was op de hoogte van de investering inzake de inrichting van het Klaproosveld. Hierop kreeg ik als antwoord dat dit niet bekend was, men is bezig met de consultatieronde en er is geen zicht op hetgeen het uiteindelijk gaat worden. Toch weet U in de perspectiefnota, die op het moment van mijn vraagstelling gereed was, te melden dat de investering circa € 200.000 zal bedragen. Waarom heeft U deze informatie achtergehouden in de oordeelsvormende vergadering? Hoe is de specificatie van de investering ten bedrage van € 200.000? Welke “andere” partij neemt van deze investering € 100.000 voor zijn rekening? Wat gebeurt er als er geen “andere” partij gevonden gaat worden?
WWB
Samen met o.a. de stichting Bevrijdingsmonument Welberg, dorpsraad Welberg, stichting Veteranen Steenbergen en de beheerders van het veld stellen we een programma van eisen op voor de inrichting van het klaproosveld. Op basis van dit pve vragen we een ontwerpbureau een plan te maken voor landschappelijke inrichting, inclusief begroting voor de uitvoering. Dit moet in Q4 gereed zijn. Het bedrag van € 200.000 is een ruwe schatting omdat we het ontwerp met begroting nog niet kennen maar al wel volgend jaar aan de slag willen als er een plan ligt. Cofinanciering wordt gezocht bij o.a. de provincie en fondsen. Als de dekking van het gewenste plan onverhoopt onvoldoende is, zijn we genoodzaakt het plan aan te passen.
36a
VVD
F – 21215-4 aanvullend
schriftelijk
Ik heb tevens gevraagd waarom deze informatie is achtergehouden in de oordeelsvormende WB vergadering, toen was deze informatie immers al bekend, U heeft deze vraag niet beantwoord. Graag alsnog antwoord op deze vraag.
WWB
Als u de oordeelsvormende vergadering van 9 juni jl. bedoelt, dan was hier o.a. de Jaarrekening 2020 aan de orde en niet de Perspectiefnota. Tijdens het Technisch beraad van 15 juni jl. is inzicht gegeven in de extra kosten, waaronder ook de inrichting van het Klaproosveld. Voor de Perspectiefnota hebben we een grove inschatting van de kosten gemaakt. Deze inschatting is gebaseerd op ervaringscijfers op grond van de omvang van het gebied, en uitgaande van een hoog kwaliteitsniveau. Het geraamde bedrag is een maximumbedrag dat nodig kan zijn voor de inrichting van het gebied. . We verwachten dat het plan met begroting eind van 2021 jaar beschikbaar is. Om de vaart erin te houden willen we toch alvast budget voor 2022 reserveren voor de uitvoering van het plan. Omdat er nog geen concreet plan, hebben we een grove inschatting gemaakt dat maximaal nodig kan zijn.
41
VVD
F – 21215-9
schriftelijk
Bladzijde 44 afname inhuur ten gunste van vaste formatie KK Betreffende inhuur bedroeg in 2020 € 1.600.000. Volgends mededeling van het College is deze inhuur voor een bedrag van eveneens € 1.600.000 omgezet in vast personeel. Hoeveel personeelsleden zijn voor dit bedrag aangenomen? Hoeveel bedroeg het aantal personeelsleden exclusief de buitendienst in respectievelijk 2018, 2019, 2020 en 2021? Wat is/wordt er uitgegeven aan salarissen exclusief de buitendienst in respectievelijk 2018, 2019, 2020 en 2021? Zullen deze aantallen/uitgaven stijgen in respectievelijk 2022, 2023, 2024 en 2025, en zo ja, in welke mate?
IO
Gesteld wordt dat "deze inhuur voor een bedrag van eveneens € 1.600.000 omgezet in vast personeel". Dit is niet juist. Tijdens de informatieavond is toegelicht dat het bedrag dat betaald is aan inhuur voor ca. de helft inzet op vaste formatieruimte betreft. Het verloop, exclusief de buitendienst, van het aantal fte (bezetting) is als volgt: 2018: 148 2019: 153 2020: 162 2021: 169 (stand juni 2021) Het verloop, exclusief de buitendienst, van salariskosten is als volgt: werkelijk 2018: € 8,8 miljoen, werkelijk 2019: € 8,5 miljoen, werkelijk 2020: € 9,5 miljoen, werkelijke cijfers over 2021 zijn nog niet bekend; begroting 2021: € 11,5 miljoen De bedoeling is dat de formatie binnen de budgetten blijft voor 2022 tot en met 2025, met dien verstande dat voor rechtmatigheid en privacy 1,5 fte aanvullende structurele capaciteit gevraagd is (zie pag. 5 van de perspectiefnota).
Overzicht technische vragen VVD aanvullend Perspectiefnota 2022 Nr
Fractie
Codering
Bron
Vraagstelling
Afdeling
Antwoord
41a
VVD
F – 21215-9 aanvullend
schriftelijk
In Uw antwoord geeft U aan dat mijn conclusie niet juist is, slechts de helft van de inhuur is KK omgezet in vast personeel. Blijkbaar heeft U mijn vraag niet goed gelezen, mijn vraag gaat namelijk specifiek over de inhuur ten gunste van de vaste formatie, wat onderdeel uitmaakt van de totale inhuur. U wekt met Uw antwoord de indruk dat de inhuur “slechts” € 1.600.000 bedroeg waarvan de helft oftewel € 800.000 is omgezet in vast personeel. Echter, op bladzijde 111 van de jaarrekening staat dat de inhuur over 2020 € 3.200.000 bedroeg waarvan € 1.600.000 ten behoeve van vacatureruimte. Daarom graag nadere toelichting wat er onjuist is aan mijn constatering dat de inhuur ten gunste van de vaste informatie € 1.600.000 bedroeg, welk bedrag volledig is omgezet in vast personeel, dan wel het verzoek Uw foutieve conclusie in te trekken.
Poho
IO
In de vraagstelling wordt de indruk gewekt dat er een bedrag van €1.600.000 aan inhuur al is omgezet in vast personeel. Dat is nog niet het geval. Bedoeld wordt dat een bedrag van ca. €1.600.000 aan inhuur valt binnen de financiële ruimte die beschikbaar is voor vaste formatie. Onderstaand is de verdeling weergegeven, zoals toegelicht tijdens het technisch beraad van 15 juni jl. en eerder tijdens de informatieavond inzake de monitor organisatieontwikkeling op 29 maart jl., : inhuur algemeen:
€ 483.211 inhuur t.b.v. projecten: € 759.792 inhuur t.b.v. vacatureruimte: € 1.633.661 inhuur i.v.m. ziekteverzuim: € 181.602 inhuur extra capaciteit: € 162.764 TOTAAL: € 3.221.030
42
VVD
F – 21215-10
schriftelijk
Bladzijde 49 vervangingsinvesteringen KK Voor investeringen worden bestemmingsreserves gevormd ter dekking van toekomstige afschrijvingen. Voor welke van de in de perspectiefnota opgenomen investeringen worden bestemmingsreserves gevormd? Wat zijn Uw overwegingen om voor bepaalde investeringen wel of niet een dergelijke bestemmingsreserves te vormen?
IO
Het verloop van de verschillende reserves, dus inclusief de bestemmingsreserves, zijn in de meerjarenbegroting 2021-2024 toegelicht in de staat van reserves vanaf blz 149. De vervangingsreserves die in de bijlage 1 van de perspectiefnota 2022 staan vermeld zijn de standen die in de meerjarenbegroting 2021-2024 (blz 162-164) door de raad zijn vastgesteld inclusief de aanpassingen van de investeringen van het vGRP.
42a
VVD
F – 21215-10 aanvullend
schriftelijk
Uw antwoord is op geen enkele wijze een antwoord op mijn vraag. Graag ontvang ik alsnog een serieus antwoord op deze vraag.
IO
Zoals u weet is de perspectiefnota een document op hoofdlijnen. Voor de vervangingsinvesteringen wordt ervan uitgegaan dat in de dekking kan worden voorzien door vrijval van bestaande kapitaallasten dan wel de inzet van bestemmingsreserves. De technische vertaalslag wordt pas gemaakt bij het opstellen van de begroting.
VVD
Aanvullend
schriftelijk
Bladzijde 13 Extra inzet implementatie gebiedsontwikkeling € 325.000 KK U vermeld dat de kosten van deze inzet variëren van € 325.000 tot € 486.000. In de raadsvergaderingen heeft U het altijd over het voorzichtigheidsprincipe. Dit betekent dat de gemeente kosten neemt zodra deze worden verwacht en opbrengsten pas verantwoord wanneer deze zijn gerealiseerd. Bij een consistente uitvoering van Uw woorden zou er dus € 486.000 als te verwachten kosten worden opgenomen in de perspectiefnota. Desalniettemin neemt U in deze perspectiefnota een bedrag op van slechts € 325.000. Wat is Uw reden om in deze perspectiefnota Uw voorzichtigheidsprincipe niet toe te passen?
BCO
In de perspectiefnota is inderdaad vermeld dat tijdelijk extra capaciteit/expertise nodig is om de komende jaren de implementatiekracht van de organisatie te vergroten voor het concretiseren van de gebiedsplannen. Als deze inzet uiteindelijk gekoppeld kan worden aan een concrete grondexploitatie, kan de inhuurcapaciteit als voorinvestering uit de stelpost bekostigd worden. De huidige inschatting is dat voor de komende 2 jaar ca. € 325.000 tot € 486.000 per jaar nodig zal zijn, afhankelijk van tempo en externe samenwerkingsverbanden. Indien uitgegaan wordt van minder inzet vanuit externe partijen en min of meer alle plannen tegelijk voorbereiden, zal naar schatting € 486.000 nodig zijn. Vooralsnog zijn we uitgegaan van een bepaalde inzet van externe partijen / ontwikkelaars en gefaseerde voorbereiding van plannen, waardoor naar schatting € 325.000 toereikend zal zijn. Indien de raad het college de opdracht geeft om thans alle gebieden in voorbereiding te nemen, zal € 486.000 benodigd zijn.
VVD
Aanvullend
schriftelijk
De wethouder zegt toe een nadere toelichting te doen toekomen over de werkzaamheden van de wijkteams en hierbij een kosten/baten analyse bij te geven.
WZ
Wij kunnen geen baten aangeven, het betreft hier vooral uitvoering van wettelijke taken. De kosten vindt u terug in programma 1 Mens en Samenleving.
Antwoord: De kosten van de wijkteams betreffen de personele lasten van o.a. de Wmo-consulenten en Jeugdprofessionals. Ook worden hier de doorbelaste personele lasten in deze post opgenomen. Er zit ook deels een component subsidie in aan WZTG voor de manager en voor 2020 waren is daar een klein deel maatwerkbudget opgenomen. Met dit maatwerkbudget zijn nieuwe disciplines in Vraagwijzer ingezet waarmee wij een pilot opgestart hebben. De resultaten van deze pilot zijn nog niet bekend, maar de eerste bevindingen zijn erg positief. Als wij de resultaten van de pilot hebben dan delen wij die natuurlijk graag met u. De eerste positieve bevindingen geven aan dat we op de goede weg zijn en dat als de resultaten zich zo positief blijven ontwikkelen wij daar graag uitbreiding aan willen geven. Vorig jaar hadden we graag het hele jaar door de pilot inzet nieuwe disciplines Vraagwijzer gedraaid, maar door de Coronacrisis is dit project pas in september 2020 van start gegaan. Verder bent u bekend met de dienstverlening van Vraagwijzer; onze inwoners kunnen hier met al hun vragen op het sociaal domein terecht. We bieden hier een luisterend oor naar alle vragen en hebben daar onlangs in het cliëntervaringsonderzoek Wmo weer een mooie 8,5 voor ontvangen.
U zegde toe hierbij een kosten/bate analyse te geven, zijnde een overzicht wat de werkzaamheden van de wijkteams kosten aan geld en wat de wijkteams opleveren aan geld. Dit overzicht heeft U tot op heden niet gegeven. Graag ontvang ik alsnog dit overzicht.
KK
KK