Raadsvoorstel instellen commissie onderzoek geloofsbrieven RD2200073.pdf
Tekst van het document
*RD2200073* RD2200073
Raadsvergadering 29 maart 2022
Agendanummer:
Onderwerp: Instelling commissie onderzoek geloofsbrieven voor de toelating van raadsleden.
Steenbergen; 21 maart 2022
Aan de raad, 1. Inleiding Bij de benoeming van nieuwe leden van de gemeenteraad stelt de raad een commissie in, bestaande uit drie leden van de zittende raad. Deze commissie onderzoekt de geloofsbrieven en de daarop betrekking hebbende stukken van de nieuw te benomen leden. De Kieswet stelt regels over het onderzoek van de geloofsbrieven en het onderzoek van het proces-verbaal van het centraal stembureau (artikel V 4 Kieswet). Bij de gemeenteraadsverkiezingen op 16 maart 2022 heeft de raad in oude samenstelling tot en met dinsdag 29 maart 2022 de tijd voor het onderzoek van de geloofsbrieven. Dit volgt uit artikel C 4, tweede lid, Kieswet en artikel 1b Tijdelijke wet verkiezingen covid-19). De commissie brengt na haar onderzoek van de geloofsbrieven verslag uit aan de raad en doet daarbij een voorstel voor een besluit. 2. Achtergrond In gevolge artikel V1 van de Kieswet zijn de kandidaten, die door voorkeursstemmen of door opvolging op de kandidatenlijst, op 21 maart na de vaststelling van het verkiezingsuitslag door de voorzitter van het centraal stembureau benoemd tot raadslid. De benoemde kandidaat heeft vervolgens de keuze om zijn of haar benoeming al dan niet te accepteren. In deze procedure, zoals bedoeld in artikel V2, heeft mevrouw E.M.J. Prent aangegeven haar benoeming niet aan te nemen.
Na kennisgeving van niet aannemen van de benoeming is de vrijgevallen positie toebedeeld aan de eerstvolgende op de kandidatenlijst, zoals bedoeld in artikel W1 van de Kieswet. Voor deze positie komt de heer C.W. van Agtmaal in aanmerking. Hij heeft aangegeven deze benoeming wel te accepteren. De gemeenteraad is verantwoordelijk voor het onderzoek naar de geloofsbrieven van de kandidaatraadsleden. Hiertoe dient de raad een commissie onderzoek geloofsbrieven in te stellen. Deze commissie onderzoekt of de kandidaat raadsleden voldoen aan de voorwaarden die de gemeentewet (GW) stelt aan het raadlidmaatschap. 3. Wettelijk kader De gemeentewet (Gw) artikel 12 lid 1 geeft aan: 'De leden van de raad maken openbaar welke andere functies dan het lidmaatschap van de raad zij vervullen'.
Daarnaast geeft de Kieswet een aantal zaken met betrekking tot het onderzoek van de geloofsbrieven aan. Artikel V4 van de Kieswet (KW) geeft aan: 1. Het vertegenwoordigend orgaan waarvoor de verkiezing is geschied, onderzoekt de geloofsbrief onverwijld en beslist of de benoemde als lid van dat orgaan wordt toegelaten. Daarbij gaat het na, of de benoemde aan de vereisten voor het lidmaatschap voldoet en geen met het lidmaatschap onverenigbare betrekking vervult, en beslist het de geschillen welke met betrekking tot de geloofsbrief of de verkiezing zelf rijzen. Indien de benoemde voor de eerste samenkomst van het nieuw gekozen orgaan de voor het lidmaatschap vereiste leeftijd zal hebben bereikt, wordt daarmee bij het nemen van de beslissing rekening gehouden. De wijze waarop het onderzoek van de geloofsbrieven van de leden van de Tweede, onderscheidenlijk van de Eerste Kamer geschiedt, wordt geregeld in het reglement van orde van de desbetreffende kamer. 2. Het onderzoek van de geloofsbrief strekt zich niet uit tot de geldigheid van de kandidatenlijsten en van de lijstverbindingen. 3. Betreft het de toelating van degene die is benoemd in een tussentijds opengevallen plaats, dan strekt het onderzoek zich niet uit tot punten die het verloop van de verkiezing of de vaststelling van de uitslag betreffen. 4.
Ten behoeve van het onderzoek, bedoeld in het eerste lid, kan het vertegenwoordigend orgaan tot een nieuwe opneming van stembiljetten, zowel uit alle als uit een of meer stembureaus of provincies, besluiten. De burgemeester of het centraal stembureau, voor zover die de desbetreffende stembiljetten onder zich heeft, onderscheidenlijk de voorzitter van het centraal stembureau voor de verkiezing van de leden van de Eerste Kamer, doet deze op verzoek van het vertegenwoordigend orgaan onverwijld naar dat orgaan overbrengen. Na ontvangst van de stembiljetten gaat het vertegenwoordigend orgaan onmiddellijk tot de opneming over. Het is bevoegd daartoe de verzegelde pakken te openen en de inhoud te vergelijken met de processen-verbaal van de stembureaus. Bij deze opneming zijn de artikelen N 5, N 8 en N 9 van overeenkomstige toepassing. 5. Ten behoeve van het onderzoek, bedoeld in het eerste lid, is het vertegenwoordigend orgaan tevens bevoegd de verzegelde pakken, bedoeld in artikel N 2, te openen. De burgemeester die de desbetreffende pakken onder zich heeft, doet deze op verzoek van het vertegenwoordigend orgaan onverwijld naar dat orgaan overbrengen. Na beëindiging van het onderzoek worden de bescheiden uit de geopende pakken opnieuw ingepakt en verzegeld op de in artikel N 2 voorgeschreven wijze.
Om de geloofsbrieven van de kandidaat leden te beoordelen wordt voorgesteld hiertoe een commissie onderzoek geloofsbrieven in te stellen. Voor deze commissie worden leden voorgedragen die door eigen keuze of door de uitkomst van de verkiezingsuitslag niet terugkomen in de nieuwe samenstelling van de raad.
2
Voorgesteld om voor deze commissie te benoemen de heren A.F.C.J. van Elzakker, J.W. Huijbregts en de heer J.A.P. Veraart. De commissie komt in de dagen voorafgaand van de afscheidnemende raadsvergadering van 29 maart bijeen voor de beoordeling van de geloofsbrieven van de kandidaten die op 30 maart in de raadsvergadering formeel toegelaten worden tot de gemeenteraad. Na het besluit van de raad op 29 maart zal de commissie het commissierapport ondertekenen en aan de raad voordragen. 4. Voorstel Aan de gemeenteraad wordt voorgesteld een commissie in te stellen voor het onderzoeken van de geloofsbrieven voor de installatie van de leden van de gemeenteraad van Steenbergen bestaande uit de heren A.F.C.J. van Elzakker, J.W. Huijbregts en J.A.P. Veraart. Hoogachtend, de griffier,
de voorzitter,
R.A.J. Defilet, MA
R.P. van den Belt, MBA
3