CConstaterende datSteenbergen
Koppel je AI →
Document · PDF

Kostenverhaal Nota Grondbeleid BD2500748.pdf

Besluitvormende Vergadering 26 februari 2026, gemeente SteenbergenBij agendapunt: 10. : Nota Grondbeleid en kostenverhaal.1.633 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Bijlage 5 Kostenverhaal en financiële bijdragen Bij ruimtelijke ontwikkelingen speelt de aanleg van publieke voorzieningen een belangrijke rol. De aanleg van deze voorzieningen in de openbare ruimte is primair een verantwoordelijkheid van de gemeente. Private initiatiefnemers kunnen de gemeente verzoeken dergelijke voorzieningen te realiseren. Daarnaast maakt de gemeente kosten om ontwikkelingen planologisch mogelijk te maken, zoals onderzoek en planvorming. Op grond van de Omgevingswet, met name de bepalingen over kostenverhaal in afdeling 13.7, is de gemeente verplicht de kosten die samenhangen met publieke voorzieningen en planvoorbereiding te verhalen op de initiatiefnemers die daarvan profiteren. Kostenverhaal voorkomt dat de gemeenschap opdraait voor private baten en biedt tegelijkertijd ontwikkelaars duidelijkheid over de financiële kaders en spelregels waarbinnen zij hun plannen kunnen realiseren. a. Sporen van kostenverhaal De gemeente Steenbergen past drie sporen van kostenverhaal toe: 1. Kostenverhaal via overeenkomsten (privaatrechtelijk spoor) 2. Kostenverhaal via het omgevingsplan (publiekrechtelijk spoor) a1. Privaatrechtelijk spoor De voorkeursroute is het privaatrechtelijk spoor, waarbij de gemeente en initiatiefnemer een anterieure overeenkomst sluiten voordat het omgevingsplan of de omgevingsvergunning wordt vastgesteld.

In deze overeenkomst worden afspraken gemaakt over: • de verdeling van kosten en bijdragen aan bovenwijkse voorzieningen; • plankosten, fasering en kwaliteitsambities; • overdracht van gronden en zekerheidsstelling. De anterieure overeenkomst biedt ruimte voor maatwerk en kan onderwerpen bevatten die verder gaan dan de wettelijke minimumeisen, bijvoorbeeld duurzaamheid of sociale woningbouw. De gemeenteraad stelt de beleidsmatige en financiële kaders vast; het college voert deze kaders uit bij het sluiten van overeenkomsten. Wanneer geen overeenstemming wordt bereikt, kan de gemeente het kostenverhaal afdwingen via het omgevingsplan. Na vaststelling van een plan kan tevens

een posterieure overeenkomst worden gesloten, waarin afspraken worden gemaakt over financiële bijdragen of uitvoering.a2. Publiekrechtelijk spoor Indien geen overeenkomst tot stand komt, verzekert de gemeente het kostenverhaal via het omgevingsplan. In het plan worden dan regels opgenomen over de kostenverhaalsystematiek, toerekening van kosten en financiële bijdragen. Hiermee wordt het kostenverhaal juridisch geborgd en blijft de gemeente in staat kosten evenredig te verhalen. a2. Kostenverhaal via het omgevingsplan (publiekrechtelijk spoor) Als het privaatrechtelijk spoor niet tot een overeenkomst leidt, wordt het kostenverhaal publiekrechtelijk verzekerd via het omgevingsplan. In het plan kunnen kostenverhaalsregels worden opgenomen die bepalen: • welke kosten in rekening worden gebracht, • hoe deze worden toegerekend, en • op welk moment betaling plaatsvindt. Dit vangnet garandeert dat de gemeente kosten altijd kan verhalen en dat initiatieven gelijk worden behandeld. b. Toetsingscriteria De gemeente past drie kerncriteria toe bij de toerekening van kosten: • Profijt: de ontwikkeling moet aantoonbaar nut ondervinden van de getroffen voorzieningen; • Toerekenbaarheid: er moet een causaal verband bestaan tussen de ontwikkeling en de kosten; • Proportionaliteit: wanneer meerdere gebieden profiteren, worden kosten evenredig verdeeld.

Deze criteria waarborgen dat de kostenverdeling transparant, evenwichtig en juridisch houdbaar is. Ze zijn leidend bij zowel privaatrechtelijk als publiekrechtelijk kostenverhaal. c. Categorieën voorzieningen en toerekening De gemeente Steenbergen maakt bij het bepalen van de toerekening van kosten onderscheid tussen vijf categorieën voorzieningen. Dit onderscheid bepaalt op welke wijze de kosten worden toegerekend: • Categorie 1: voorzieningen binnen een exploitatiegebied die uitsluitend ten dienste

•

•

•

•

staan van dat gebied; de kosten zijn volledig toerekenbaar aan dat exploitatiegebied. Categorie 2: voorzieningen buiten een exploitatiegebied maar alleen ten dienste van dat gebied; ook deze kosten zijn volledig toerekenbaar aan het exploitatiegebied. Categorie 3: voorzieningen binnen of buiten een exploitatiegebied die tevens dienen voor andere gebieden of bestaand stedelijk gebied; dit zijn de zogenoemde bovenwijkse voorzieningen, waarvan de kosten worden toegerekend op basis van profijt, toerekenbaarheid en proportionaliteit. Categorie 4: bovenplanse kosten of vereveningsbijdragen die niet direct betrekking hebben op voorzieningen, maar voortkomen uit beleidsdoelen in de Omgevingsvisie (zoals kwaliteit, duurzaamheid of leefomgeving); toerekening vindt eveneens plaats op basis van profijt, toerekenbaarheid en proportionaliteit. Categorie 5: voorzieningen buiten een exploitatiegebied waarvan de kosten uitsluitend via een bijdrage ruimtelijke ontwikkeling kunnen worden verkregen; deze bijdrage wordt overeengekomen in de anterieure fase en toegevoegd aan de Reserve Ruimtelijke Ontwikkeling.

Voor categorie 5 kan de gemeente bijdragen vragen bij onder meer woningbouwen bedrijventerreinontwikkeling (per m² uitgeefbaar gebied), windenergieprojecten (kwaliteitsverbetering van het landschap, per MW opgesteld vermogen) en zonneparken (eenmalige bijdrage per MW opgesteld vermogen). De systematiek en tarieven geactualiseerd op basis van programma’s en financiële kaders.

worden periodiek de gemeentelijke

d. Plankosten Naast de kosten van fysieke voorzieningen verhaalt de gemeente ook de plankosten. Dit zijn de kosten voor planvoorbereiding, onderzoeken, participatie en planologische procedures. De hoogte van de verhaalbare plankosten wordt bepaald volgens de Regeling plankosten Omgevingswet (Omgevingsregeling, hoofdstuk 13) en berekend met de landelijke plankostenscan. Deze scan geeft het minimale bedrag dat de gemeente in rekening moet brengen om de eigen

inzet te dekken. Bij anterieur kostenverhaal wordt dit bedrag vastgelegd in de overeenkomst; bij publiekrechtelijk kostenverhaal wordt het normatief toegepast via het omgevingsplan. e. Betaling, zekerheidstelling en indexatie Kostenverhaal is pas geborgd wanneer betaling of zekerheid daarover is vastgelegd. De wijze van betaling wordt afgestemd op de aard en omvang van de ontwikkeling. In de regel vindt betaling plaats bij: • het verlenen van de omgevingsvergunning, • de levering van grond, of • een ander logisch moment binnen de ontwikkeling. De gemeente kan een zekerheidsstelling vragen, bijvoorbeeld in de vorm van een bankgarantie, waarborgsom of concerngarantie. De hoogte en vorm zijn proportioneel aan het financiële belang van de gemeente en worden vastgelegd in de overeenkomst. Alle bijdragen worden geïndexeerd op basis van de prijsontwikkeling van relevante kostencomponenten (GWW, bouwkosten, CPI). Voor bovenwijkse bijdragen geldt een jaarlijkse herijking om marktconformiteit en juridische houdbaarheid te waarborgen. f. Transparantie en verantwoording Het college is verantwoordelijk voor de uitvoering van het kostenverhaal en legt hierover jaarlijks verantwoording af in de paragraaf grondbeleid. Daarin worden opgenomen: • het aantal gesloten overeenkomsten; • de ontvangen en nog te ontvangen bijdragen; • de besteding van middelen aan bovenwijkse voorzieningen.

De gemeenteraad stelt de kaders via de begroting, de Nota Grondbeleid en de jaarlijkse actualisatie van financiële spelregels. Alle overeenkomsten worden gesloten volgens de beginselen van openbaarheid, gelijke kansen en marktconformiteit, conform het Didam-arrest. g. Samenhang met grondbeleid Kostenverhaal is onlosmakelijk verbonden met de rol die de gemeente inneemt bij gebiedsontwikkeling:

•

•

Bij actief grondbeleid maakt het kostenverhaal onderdeel uit van de gemeentelijke grondexploitatie; Bij faciliterend grondbeleid wordt het vastgelegd in overeenkomsten met derden.

Door kostenverhaal, financiële bijdragen en risicobeheersing in samenhang toe te passen, blijft het grondbeleid van Steenbergen toekomstbestendig, uitvoerbaar en in lijn met de Omgevingswet.

Bijlage 6 Financiële bijdragen aan bovenwijkse voorzieningen De gemeente Steenbergen voert richtinggevend grondbeleid. Dat betekent dat wij bij ruimtelijke ontwikkelingen niet alleen kijken naar het directe plangebied, maar ook naar de bredere samenhang van voorzieningen, infrastructuur en kwaliteit van de leefomgeving. Ontwikkelingen dragen bij aan maatschappelijke doelen en hebben tegelijk invloed op de druk op bovenwijkse voorzieningen.

De gemeente hanteert een verdeelsystematiek die is gebaseerd op de volgende uitgangspunten: • Kosten worden toegerekend aan alle gebieden die profijt hebben van de voorziening. • Dubbeltellingen worden voorkomen. • De toerekening gebeurt op basis van een meetbare eenheid (zoals bruto vloeroppervlak, woningen of hectares).

Financiële bijdragen aan bovenwijkse voorzieningen zorgen voor een evenwichtige verdeling van kosten tussen gemeente en initiatiefnemers. Deze bijdragen worden toegepast wanneer een ontwikkeling profijt heeft van voorzieningen die buiten het eigen plangebied liggen, zoals hoofdwegen, waterberging, groenstructuren of maatschappelijke voorzieningen.

De verdeelsleutel wordt periodiek geactualiseerd op basis van nieuwe gegevens over programma, kosten en gebruik. Zo blijft de systematiek actueel en juridisch houdbaar.

a. Beleidsuitgangspunt Het uitgangspunt is dat initiatiefnemers bijdragen naar rato van het profijt, gebruik en belang van de voorziening. Hiermee wordt voldaan aan de eisen van evenredigheid en transparantie uit de Omgevingswet. De bijdragen zijn niet bedoeld om winst te genereren, maar om kosten eerlijk te verdelen tussen alle ontwikkelingen die gebruikmaken van dezelfde voorzieningen. Financiële bijdragen kunnen zowel via overeenkomsten worden vastgelegd als via kostenverhaalsregels in het omgevingsplan. In alle gevallen geldt dat er een ruimtelijk-functioneel verband moet bestaan tussen de ontwikkeling en de bovenwijkse voorziening. b. Toepassingskaders De gemeente bepaalt bij iedere ontwikkeling of en in welke mate een financiële bijdrage aan bovenwijkse voorzieningen passend is. Daarbij worden drie vragen gehanteerd: 1. Is er een ruimtelijk verband tussen de ontwikkeling en de voorziening? 2. Is er aantoonbaar profijt of gebruik van de voorziening? 3. Is de bijdrage proportioneel ten opzichte van de omvang van de ontwikkeling? Wanneer op alle drie vragen positief wordt geantwoord, kan de bijdrage worden opgenomen in de anterieure overeenkomst of als onderdeel van het kostenverhaal via het omgevingsplan. c. Verdeelsystematiek

De berekeningen worden vastgelegd in een bovenwijkse voorzieningenlijst die onderdeel vormt van de paragraaf grondbeleid. Daarin wordt ook aangegeven welke bijdragen zijn ontvangen, besteed of nog openstaan. d. Bepaling van kosten Bij het bepalen van de hoogte van de bijdrage worden uitsluitend kosten meegenomen die in redelijke mate samenhangen met de ontwikkeling. Het gaat om kosten voor: • Aanleg van hoofdwegen en fietsverbindingen. • Waterberging en klimaatadaptieve maatregelen. • Groen- en recreatiestructuren. • Maatschappelijke voorzieningen en nutsinfrastructuur. • Plan- en apparaatskosten die rechtstreeks verband houden met de voorziening. Kosten voor beheer, onderhoud en exploitatie vallen buiten de grondexploitatie en worden niet verhaald. e. Indexatie en actualisatie Financiële bijdragen worden jaarlijks geïndexeerd volgens de kostencategorie waartoe zij behoren, zoals GWW-index of bouwkostenindex. De tarieven worden geactualiseerd bij de vaststelling van de begroting en opgenomen in de grondprijzenbrief. Hiermee blijft het kostenverhaal transparant en voorspelbaar voor initiatiefnemers. f. Rapportage en verantwoording Het college legt jaarlijks in de paragraaf grondbeleid verantwoording af over de ontvangsten, bestedingen en openstaande verplichtingen ten aanzien van bovenwijkse voorzieningen. De gemeenteraad houdt toezicht via de begroting en de jaarrekening.

Door deze werkwijze blijft inzichtelijk welke investeringen zijn gedaan, hoe deze zijn gefinancierd en hoe de verdeling tussen publieke en private bijdragen is toegepast. g. Beleidsmatige samenhang Financiële bijdragen aan bovenwijkse voorzieningen staan niet op zichzelf. Ze dragen bij aan de realisatie van de ambities uit de Omgevingsvisie en de programmatische doelen van de gemeente. Door deze bijdragen te koppelen aan ruimtelijke kwaliteit en maatschappelijke opgaven, blijft het grondbeleid van Steenbergen toekomstgericht, uitlegbaar en in balans tussen publieke en private belangen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://raad.gemeente-steenbergen.nl/api/v1/meetings/1830/documents/22252