CConstaterende datSteenbergen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 4 Natuuronderzoek 2410509.pdf

Besluitvormende Vergadering 20 juni 2024, gemeente SteenbergenBij agendapunt: 09.: Bestemmingsplan Hoogstraat 1 Welberg.2.882 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

QUICK SCAN FLORA EN FAUNA

Hoogstraat 1, Welberg

Datum

: 24 november 2022

Rapportnummer

: 222-WHo1-nw-v1

Koolweg 64 5759 PZ Helenaveen Tel: 0493-539803 E-mail: mena@m-en-a.nl NL46 INGB 0007735427 KvK: 67445519

Project

: Quick scan flora en fauna in de omgeving Hoogstraat 1 te Welberg

Opdrachtgever

: Accent Adviseurs

Datum rapport

: 24 november 2022

Van toepassing zijnde certificaat Van toepassing zijnde protocollen Nummer certificaat

: NEN-EN-ISO 9001, 2015 : -: EC-KWA-00044

Projectleider Collegiale toets

: Dhr. Ir. W.A. van Aerle : Mevr. Ing. A. van der Vleuten

Voor akkoord: W.A. van Aerle

Voor akkoord: A. van der Vleuten

Hoogstraat 1, Welberg

M&A Omgeving BV

Inhoudsopgave Hfdst.

Titel

Blz.

1.

Inleiding

1

2. 2.1 2.2 2.3 2.4 2.5 2.6

Inventarisatie flora en fauna Algemeen Beschrijving literatuuronderzoek Natuurnetwerk Nederland Vleermuissoorten Informatie door de KNNV Beschermde natuurgebieden

2 2 3 4 4 5 5

3.

Veldonderzoek door M&A

6

4.

Potentiële natuursoorten en relatie met ontwikkeling

8

5.

Conclusie

11

Bijlagen Bijlage 1 Bijlage 2 Bijlage 3

: Situatietekening en luchtfoto : Foto’s locatie en omgeving : Natuurnetwerk Noord-Brabant

Hoogstraat 1, Welberg

M&A Omgeving BV

1. Inleiding Op 16 september 2022 is door Accent Adviseurs aan M&A Omgeving BV opdracht verleend tot het uitvoeren van een quick scan flora en fauna voor de realisatie van een woningbouwplan op percelen aan de Hoogstraat 1 te Welberg. De uitvoering van de quick scan is een eerste stap om te vermijden dat soorten verstoord of vernietigd kunnen worden bij de uitvoering van nieuwe ontwikkelingen. Met een bureauonderzoek en veldwerkonderzoeken wordt vastgesteld of er bij de plannen sprake kan zijn op overtreding van de Wet natuurbescherming, of dat deze met eenvoudige maatregelen zijn te voorkomen. Door de gemeente Steenbergen is de eis gesteld dat in verband met de sloop van de gebouwen op de locatie en de ruimtelijke procedure voor het woningbouwplan, wordt aangetoond dat er geen negatieve consequenties gelden voor de natuurwaarden in het gebied. De onderzoekslocatie is gesitueerd in de bebouwde kom van Welberg. Dit natuurwaardenonderzoek beschrijft of de plannen voor de sloop en nieuwbouw consequenties kunnen hebben voor de in het gebied aanwezige beschermde flora en fauna en met name voor jaarrond beschermde soorten. Met name Huismussen, Gierzwaluwen, uilen en vleermuizen zijn hierbij speciaal onderzocht. De luchtfoto van de locatie is weergegeven in bijlage 1.

1

Hoogstraat 1, Welberg

M&A Omgeving BV

2. Inventarisatie flora en fauna 2.1 Algemeen In dit onderzoek zijn de huidige natuurwaarden onderzocht middels actuele literatuurgegevens. Hiervoor kan op een drietal manieren informatie worden verkregen: 1. Literatuuronderzoek door gegevens op te vragen bij het Natuurhistorisch Genootschappen, de provincie, SOVON, Vlinderstichting, RAVON, FLORON, VZZ en EIS. 2. Literatuuronderzoek middels het nemen van contact met plaatselijke natuur- en milieu instanties als IVN-afdelingen, vogelwachten, kringen van het Natuurhistorisch Genootschap etc. 3. Aanvullende hierop, het uitvoeren van een veldonderzoek. In onderhavige situatie zijn in eerste instantie stappen 1 en 3 uitgevoerd. Het opnemen met plaatselijke natuurverenigingen was ons inziens in dit geval niet noodzakelijk, daar de inventarisatie voldoende duidelijke gegevens opleverde. Algemeen doel van het onderzoek is een beeld te krijgen van de aanwezige flora en fauna. Daarbij is de nadruk gelegd op beschermde, bedreigde en schaarse soorten en soorten die specifieke milieuomstandigheden indiceren.

2

Hoogstraat 1, Welberg

M&A Omgeving BV

2.2 Literatuuronderzoek Bij het literatuuronderzoek zijn de volgende bronnen geraadpleegd; 1. Het Natuurloket (SOVON, De Vlinderstichting, RAVON, EIS Nederland, FLORON, VZZ, BLWG, NMV) 2. Ministerie EZ; Vogel- en Habitatrichtlijngebieden 3. Natuurnetwerk Nederland (natuurbeheerplan Provincie Limburg en Actieplan bedreigde soorten van Peel en Maas en Meerlo-Wanssum) 4. Wet natuurbescherming (van kracht per 1-1-2017) Vervolgens is gekeken naar de status van de waarnemingen binnen de Wet natuurbescherming (Wnb), Commissie van Bern en de Nederlandse Rode Lijst. Voor deze en een aantal extra soorten geldt het “Nee, tenzij” principe als deze soorten in het plangebied voorkomen en bij ingrepen die het leefgebied aantasten. Indien beschermde vogel- en/of zoogdiersoorten voorkomen, gelden binnen de Wet natuurbescherming bij de aanleg van een nieuwe functie in een gebied de voorwaarden van hoofdstuk 3. Hierin wordt voor soorten volgens de Habitatrichtlijn en Vogelrichtlijn het verbod om dieren te doden en verwonden, te verontrusten en de nesten, holen of andere voortplantings- of vaste verblijfplaatsen van deze dieren te verstoren, te beschadigen of weg te nemen. Dit betekent voor permanente nest- en/of verblijfplaatsen van beschermde soorten dat altijd een ontheffing van de Wnb aangevraagd dient te worden bij Gedeputeerde Staten.

Binnen het broedseizoen wordt geen ontheffing verleend voor de verstoring hiervan. Voor beschermde soorten die alleen in het broedseizoen op de locatie nestelen en/of verblijven, betekent dit dat geen bouw- en sloopwerkzaamheden kunnen worden uitgevoerd in deze periode. Over het algemeen betreft deze periode het voorjaar en begin van de zomer, globaal van 15 maart tot 15 juli. Indien binnen deze periode bouw- en / of sloopwerkzaamheden worden verricht, dan moet een ontheffing in het kader van de Wnb bij Gedeputeerde Staten worden aangevraagd.

3

Hoogstraat 1, Welberg

M&A Omgeving BV

2.3 Natuurnetwerk Nederland Natuurnetwerk Nederland (voorheen ecologische hoofdstructuur) is een netwerk van natuurgebieden en verbindingszones. Planten en dieren kunnen zich zo van het ene naar het andere gebied verplaatsen. Op plekken waar gaten in het netwerk zitten, legt de provincie nieuwe natuur aan. Ten zuiden van de onderzoekslocatie is het gebied ‘Het Oudland’ gesitueerd. Dit gebied geldt als een Natte Natuurparel. De afstand tot het beschermde natuurgebieden is ongeveer 150 meter en dit is voldoende om te garanderen dat de ontwikkeling geen relevante invloed heeft. Er zijn geen Ecologische Verbindingszones (EVZ) aanwezig in de directe omgeving. De onderzoekslocatie zelf is niet in een waardevol gebied gesitueerd. Ook zijn de gronden niet aangewezen als gewenste nieuwe natuur of te verwerven percelen in het kader van natuurbeheer.

2.4 Vleermuissoorten De meest voorkomende soorten in Nederland volgens de ‘Verspreidingsatlas vleermuizen’, maar ook in het betreffende gebied, zijn de Bruine Grootoorvleermuis, de Gewone Dwergvleermuis en de Ruige Dwergvleermuis. Verder komen in de regio de Laatvlieger, Rosse Vleermuis en Baardvleermuis veelvuldig voor in de bebouwde omgeving.

Gewone Dwergvleermuis

Bruine Grootoorvleermuis

4

Hoogstraat 1, Welberg

M&A Omgeving BV

De vleermuissoorten hebben een divers leefgebied (bossen, begroeide landschappen, nabij open water etc.). Vleermuizen hebben hun habitat (winter-, kraam-, zomer- en paar-verblijfplaatsen) vaak in bebouwing, bomen of opgaande gewassen. Foerageergebieden en vlieg-/migratieroutes zijn afhankelijk van landschappelijke kenmerken zoals water, lijnvormige landschapselementen (kust, dijken, duinen, rivierdalen en waterpartijen) en kleinschalige groenelementen (parken, kleine bossen). Mogelijke verblijfplaatsen van de zoogdieren zijn gebouwen, bomen, grotten, groeves, kelders, bruggen, tunnels of andere objecten met ruimte.

2.5 Informatie door het KNNV Bij het KNNV te Zeist, Koninklijke Nederlandse Natuurhistorische Vereniging, een vereniging voor veldbiologie, is navraag gedaan over informatie met betrekking tot natuurdata over de locatie Hoogstraat 1 in Welberg. Uit dit telefonisch contact is duidelijk geworden dat de vereniging van de omgeving geen nadere natuurinformatie heeft.

2.6 Beschermde natuurgebieden 2.6.1 Vogel- en Habitatrichtlijngebieden Via het ministerie van EZ zijn de Vogel- en Habitatrichtlijnkaarten beschouwd en hieruit kan worden geconcludeerd dat er geen Natura 2000 gebieden aanwezig zijn in de verre omgeving. De ontwikkelingen op de percelen hebben gezien de afstand tot Natura 2000 gebieden geen invloed op beschermde natuurgebieden.

5

Hoogstraat 1, Welberg

M&A Omgeving BV

3. Veldonderzoek door M&A Op 20 september 2022 zijn veldonderzoeken uitgevoerd op de onderzoekslocatie, door W.A. van Aerle. De heer van Aerle heeft deskundigheid op het gebied van flora en fauna en in het bijzonder in inheemse zoogdieren en broedvogels. De buitentemperatuur bedroeg op 20 september 2022 (van 7.00 uur tot 9.00 uur) ongeveer 17 °C, luchtvochtigheid 50% en 5/8 bewolkingsgraad. De buitentemperatuur bedroeg in de avond (van 19.00 tot 22.30 uur) ongeveer 15 °C, luchtvochtigheid 60% en 4/8 bewolkingsgraad. Tijdens de veldbezoeken is gekeken naar flora en fauna. Daarbij is rondom de bebouwing rastermatig het gebied verkend. De milieuhinder (geluid, geur, luchtkwaliteit, licht etc.), door de sloop van de bebouwing en latere nieuwbouw van woningen in het gebied aan de Hoogstraat 1 te Welberg, zal reeds op een afstand van 100 meter minimaal zijn. Eventuele natuurwaarden op grotere afstand zullen geen enkele invloed meer ondervinden van de werkzaamheden.

Broedvogelsoorten Tijdens de veldonderzoeken op 20 september zijn een aantal inheemse soorten (Vinken, Huismussen, Roodborst, Groenling, Koolmezen, Merels) waargenomen. Tijdens het veldonderzoek in de dagperiode zijn geen verblijfplaatsen / nesten van jaarrond beschermde soorten zoals bijvoorbeeld Huismussen, Gierzwaluwen of uilen waargenomen. In de bebouwing zijn de mogelijke locaties voor nesten (onderzijde dak en aansluiting daken en wanden) onderzocht middels een camera (Novascope). Hierbij is niets aangetroffen. De spouwmuurontluchtingen zijn afgedicht met roosters en de openingen tussen wanden en dak zijn afgedicht. Bij de inventarisatie is ook speciale aandacht besteed aan andere kenmerken van broedende vogelsoorten, zoals uitwerpselen en achtergelaten nestmateriaal. Er zijn in of rondom de bebouwing geen sporen van verblijf van fauna aangetroffen. Het is mogelijk dat deze wel in de omgeving foerageren, maar de vogels ondervinden hierbij geen verstoring door de sloop en de nieuwbouw.

6

Hoogstraat 1, Welberg

M&A Omgeving BV

Vleermuizen Bij het veldbezoek is met name speciaal gelet op de aanwezigheid van verblijfplaatsen voor vleermuizen. Deze zijn echter niet aangetroffen in de woning, bijgebouwen en loodsen op de locatie. Bij de veldbezoeken op 20 september 2022 in de avondperiode (op wisselende plaatsen van 19.00 uur tot ongeveer 22.30 uur) is gebruik gemaakt van een vleermuisdetector van het type Baton en een laptop met BatScan-software voor het herkennen van vleermuisspectra. Met de detector zijn ter plaatse van de onderzoekslocatie geen waarnemingen van vleermuissoorten gedaan. In de omgeving (voornamelijk woningen) zijn eveneens geen waarnemingen gedaan van rondvliegende vleermuizen. Andere hulpmiddelen, zoals een mistnetonderzoek of boomcamera, zijn niet toegepast omdat met onderhavig onderzoek reeds voldoende informatie is verkregen over de aanwezigheid van vleermuizen. Overige soorten Voor de overige soorten is met name gelet op zoogdieren en marterachtigen, zoals de steenmarter, bunzing en hermelijn. Er zijn geen sluip- of vraatsporen aangetroffen van deze soorten. De kans dat deze zullen worden aangetroffen zijn als klein te beschouwen. De bebouwing leent zich namelijk minder als verblijfplaats voor deze soorten, gezien het feit dat de gebouwen voor deze soorten hermetisch gesloten zijn en er geen verbinding van natuurroutes voor deze soorten aanwezig zijn in de omgeving.

7

Hoogstraat 1, Welberg

M&A Omgeving BV

4. Potentiële natuursoorten en relatie met ontwikkeling De fysieke ontwikkeling ter plaatse betreft de sloop van de woning met bijgebouwen en de loodsen op de onderzoekslocatie. Het aantal verkeersontwikkelingen zal door de werkzaamheden toenemen. De emissie van geluid, geur of stof zal door de nieuwe ontwikkeling ruimschoots binnen de te stellen normering blijven. Per natuursoort zal worden aangegeven wat de invloed van de ontwikkeling is op de mogelijk voorkomende natuursoorten zal zijn. Flora Tijdens het veldbezoek zijn geen beschermde soorten planten aangetroffen. Er is dus geen invloed van de ontwikkeling hierop. Vogels Uit de bevindingen van het veldbezoek blijkt dat het onderzoeksgebied geschikt is als onderdeel van het foerageergebied. Er is weinig begroeiing aanwezig op de locatie, zodat broedplaatsen hier niet mogelijk zijn. Er zijn tijdens het veldonderzoek een aantal inheemse soorten waargenomen. Er zijn in de gebouwen op de locatie geen broed- / verblijfplaatsen aanwezig. Omdat bij de inventarisatie geen schaarse of bedreigde soorten zijn waargenomen, is het niet waarschijnlijk dat verstoring optreedt bij de sloop- en bouwwerkzaamheden. Door het onderzoek kan met zekerheid worden gesteld dat Huismussen en Gierzwaluwen de locatie niet gebruiken als verblijfplaats. Er zijn geen uilen of verblijfplaatsen aangetroffen in de bebouwing.

Ten zuiden van de onderzoekslocatie is een verlaten uilenkast aangetroffen. Er zijn in of rondom de gebouwen geen sporen van verblijf van fauna aangetroffen. Het is mogelijk dat deze wel in de omgeving foerageren, maar de vogels ondervinden hierbij geen verstoring door de sloop en de latere nieuwbouw van woningen. In de nieuwe situatie zullen geen foerageermogelijkheden verdwijnen. Ook in de omgeving blijven ruimschoots voldoende verblijfsmogelijkheden over voor fauna, zodat de invloed op de vogels buiten het broedseizoen te verwaarlozen is. Door de realisatie van een woningbouwplan, wordt ook ruimschoots aandacht besteed aan het aanbrengen van voldoende groen.

8

Hoogstraat 1, Welberg

M&A Omgeving BV

Zoogdieren Uit de bevindingen van het veldbezoek blijkt dat het onderzoeksgebied, vanwege de ruime mate van bebouwing en verharding, niet geschikt is voor grondgebonden zoogdieren. Tijdens het veldbezoek zijn geen sporen aangetroffen van beschermde zoogdieren. Rondom het plangebied zijn geen sporen of mogelijk verblijfplaatsen aangetroffen van vleermuizen. De bebouwing is hierop degelijk onderzocht. Het is wel mogelijk dat het gebied wordt gebruikt als foerageergebied. De werkzaamheden tijdens de sloop en nieuwbouw zullen dus geen verstoring betekenen van eventueel vleermuizen. Ook hiervoor geldt dat er voldoende mogelijkheden in de directe omgeving resteren, zodat de invloed van de ontwikkeling op genoemde soorten als klein beschouwd kan worden. Ook van marterachtigen zoals de Bunzing, Hermelijn en Steenmarter zijn geen sporen aangetroffen. In de omgeving kunnen deze bijvoorbeeld voor foerageactiviteiten wel voorkomen, maar de sloop- en nieuwbouw zullen hiervoor geen verstoring betekenen. Reptielen en amfibieën Uit de bevindingen van het veldbezoek blijkt dat de omgeving van het onderzoeksgebied niet geschikt is als onderdeel van het leefgebied van zowel reptielen als amfibieën. De voorwaarde hiervoor is de aanwezigheid van water in de onmiddellijke nabijheid en dat is hier niet het geval.

Voor reptielen die op droge gronden habiteren is het perceel en omgeving minder geschikt, vanwege het feit dat het open gedeelte van de locatie regelmatig wordt bewerkt (maaien). Vlinders en libellen Uit de bevindingen van het veldbezoek blijkt dat het onderzoeksperceel zelf minder geschikt is als onderdeel van het leefgebied van zowel vlinders als libellen, vanwege het ontbreken van waadplanten op het perceel. In de omgeving van het onderzoeksgebied is wel een juiste biotoop voor vlinders en libellen aanwezig. Tijdens het veldbezoek zijn geen soorten geconstateerd.

9

Hoogstraat 1, Welberg

M&A Omgeving BV

Mieren en kevers of overige ongewervelden Uit de bevindingen van het veldbezoek blijkt dat het onderzoeksgebied niet geschikt is voor beschermde soorten kevers, omdat er geen geschikte biotopen aanwezig zijn. Voor het voorkomen van beschermde soorten mieren is de aanwezigheid van open naaldbossen een voorwaarde. Tijdens het veldbezoek zijn geen soorten geconstateerd. Ook hier geldt dat de ontwikkeling op het perceel geen invloed heeft op de aanwezigheid van mieren, kevers of overige ongewervelden in het gebied. Vissen Uit de bevindingen van het veldbezoek blijkt dat in de omgeving van het onderzoeksgebied geen vissen kunnen voorkomen, omdat er geen water in de directe nabijheid aanwezig is.

10

Hoogstraat 1, Welberg

M&A Omgeving BV

5. Conclusie De uitvoering van de quick scan is een eerste stap om te vermijden dat soorten verstoord of vernietigd kunnen worden bij de uitvoering van nieuwe ontwikkelingen. Met een bureauonderzoek en veldwerkonderzoeken wordt vastgesteld of er bij de plannen sprake kan zijn op overtreding van de Wet natuurbescherming, of dat deze met eenvoudige maatregelen zijn te voorkomen. Door het literatuuronderzoek van de inventarisatie is aangetoond dat het mogelijk is dat in het gebied beschermde flora of fauna (voornamelijk vleermuizen, broed- en wintervogels) voor kunnen komen. In de nabijheid van het perceel zijn tijdens de veldbezoeken in september 2022 echter geen waarnemingen gedaan van schaarse soorten. Ook rondom het perceel zijn bij de inventarisaties geen waarnemingen gedaan van beschermde soorten. Hierbij is met name gecontroleerd op jaarrond beschermde soorten (waaronder Huismussen, Gierzwaluwen, uilen en vleermuisssoorten). De veldonderzoeken, uitgevoerd in de dag- en avondperiode van 20 september 2022, zijn buiten het broedvogelseizoen uitgevoerd. Daarom is er speciale aandacht besteed aan andere kenmerken van broedende vogelsoorten. Onder andere uitwerpselen van broedvogelsoorten en hun kuikens, achtergebleven nestmaterialen, vraatsporen en uitwerpselen zijn kenmerken waarop speciaal is gelet. Het veldonderzoek kan daarom als vrij uitvoerig worden beschouwd.

Bij de inventarisatie is ook aandacht besteed aan verblijfplaatsen van vleermuizen en nestkasten en -mogelijkheden in het gebied. Bij de inventarisatie van de vleermuizen is extra aandacht besteed aan mestsporen, keutels en vraatsporen. De kieren en openingen in de gebouwen zijn onderzocht met een camera (Novascope) en hierbij zijn geen aanwijzingen aangetroffen voor verblijfplaatsen van fauna. Met de vleermuisdetector zijn geen uitvliegende vleermuizen vanaf de bebouwing en de omgeving geconstateerd. De afstanden tot de ecologische verbindingszones en waardevolle natuurgebieden zijn voldoende groot om te kunnen stellen dat de ontwikkelingen in het plangebied een positieve invloed zullen hebben op deze gebieden. Bij de realisatie van het woningbouwplan wordt namelijk ruimschoots aandacht besteed aan de aanleg van groen en mogelijkheden voor verblijfplaatsen voor broedvogels en vleermuizen.

11

Hoogstraat 1, Welberg

M&A Omgeving BV

Door de nieuwbouw van de woningen wordt het karakter van het gebied beïnvloed. Er verdwijnen echter geen verblijfs- of broedmogelijkheden. Bij de werkzaamheden dient niettemin aandacht te worden besteed aan eventuele verstoring van natuurwaarden in het algemeen. Door extra zorg hieraan de besteden tijdens de bouwwerkzaamheden, wordt vermeden dat de dieren hiervan teveel hinder zullen ondervinden. Op grond van deze inventarisatie gelden er geen belemmeringen voor de plannen op grond van de natuurwaarden. Met zekerheid kan gesteld worden dat er geen verblijfplaats in en rondom de bebouwing op de locatie aanwezig zijn voor alle fauna.

12

Hoogstraat 1, Welberg

M&A Omgeving BV

Bijlage 1 : Situatietekening en luchtfoto

Hoogstraat 1, Welberg

M&A Omgeving BV

Bijlage 2 : Foto’s locatie en omgeving

Hoogstraat 1, Welberg

M&A Omgeving BV

Bijlage 3 : Natuurnetwerk Noord-Brabant

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://raad.gemeente-steenbergen.nl/api/v1/meetings/1714/documents/19899