CConstaterende datSteenbergen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 02. Nader natuuronderzoek.pdf

Besluitvormende Vergadering 25 september 2025, gemeente SteenbergenBij agendapunt: 12.: Bestemmingsplan Gummarushofjes.14.875 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

BESTEMMINGSPLAN GUMMARUSHOFJES

BIJLAGE 2 NADER NATUURONDERZOEK

[Geef tekst op]

www.gemeente-steenbergen.nl

Onderzoek huismus, gierzwaluw en vleermuizen, 344 woningen Stadlander

Postadres Gerrit Zegelaarstraat 1 6709 TA Wageningen

085 7737676

info@regelink.nl | www.regelink.nl

KvK 14081365 BTW NL822004379.B01 Triodosbank NL84TRIO 0390980458

Colofon

Tekst, foto's en samenstelling

Elle van Dijk & Kim Kortekaas

In opdracht van

Stadlander

Naam opdrachtgever

Jorg van de Sanden

Rapportnummer

RA22105-01

Status rapport

Concept

Datum oplevering rapport

24 januari 2023

Aantal pagina's

84

Collegiale toets

A.W. Eestermans

Wijze van citeren

Dijk van, E. en K. Kortekaas, 2023. Onderzoek huismus, gierzwaluw en vleermuizen, 344 woningen Stadlander. Rapport RA22105-01, Regelink Ecologie & Landschap, Wageningen.

Regelink Ecologie & Landschap Gerrit Zegelaarstraat 1 6709 TA Wageningen 085-7737676 info@regelink.nl www.regelink.nl Lid Netwerk Groene Bureaus

Onderzoek huismus, gierzwaluw en vleermuizen, 344 woningen Stadlander

RA22105-01

2

Inhoudsopgave Aanleiding

6

1.1 1.2

6 6

Aanleiding Doel

Plangebied en ingreep

7

2.1 2.2

7 9

Plangebied Ingreep

Werkwijze

11

3.1 3.2 3.3 3.4 3.5

11 11 11 11 12

Onderzoeksinspanning Methode huismusonderzoek Methode gierzwaluw onderzoek Methode vleermuisonderzoek Volledigheid inventarisatie

Resultaten

13

4.1 4.2

Algemeen Bijzonderheden

13 13

4.3

Deelgebied E8 Jacobsberg, Halsteren

14

4.4

Deelgebied E9 Hazenbos, Halsteren

17

4.5

Deelgebied E10 Moreelsestraat, Bergen op Zoom

20

4.6

Deelgebied E11 Koning Willem 2 straat, Bergen op Zoom

22

4.7

Deelgebied E12 Van Dedemstraat, Bergen op Zoom

24

4.8

Deelgebied E13 Vossepad, Lepelstraat

27

4.9

Deelgebied E14 Gummarusvelden, Steenbergen

30

Onderzoek huismus, gierzwaluw en vleermuizen, 344 woningen Stadlander

RA22105-01

3

4.10

Deelgebied E16 Pater Dehonlaan, Bergen op Zoom

33

Effectbepaling en toetsing aan de Wet natuurbescherming

37

5.1 5.2

37 39

Effectbepaling van de ingreep Toetsing Wet natuurbescherming

Conclusies en vervolgstappen

41

6.1 6.2

41 43

Conclusies Vervolgstappen

Bronnen

45

7.1 7.2 7.3

Literatuur Websites Project gerelateerde bronnen

45 45 45

Bijlage 1.

Foto-impressie plangebied

46

Bijlage 2.

Data veldbezoeken en onderzochte soorten + functies

48

Bijlage 3.

Deelgebied E8 – Waarnemingen gierzwaluw

57

Bijlage 4.

Deelgebied E8 – Waarnemingen huiszwaluw en spreeuw

58

Bijlage 5.

Deelgebied E8 – Waarnemingen gewone dwergvleermuis

59

Bijlage 6.

Deelgebied E8 – Waarnemingen overige vleermuizen

60

Bijlage 7.

Deelgebied E9 – Waarnemingen huismus

61

Bijlage 8.

Deelgebied E9 – Waarnemingen gierzwaluw (geen huismussen waargenomen)

62

Bijlage 9.

Deelgebied E9 – Waarnemingen huiszwaluw en spreeuw

63

Bijlage 10.

Deelgebied E9 – Waarnemingen gewone dwergvleermuis

64

Bijlage 11.

Deelgebied E9 – Waarnemingen overige vleermuizen

65

Bijlage 12.

Deelgebied E10 – Waarnemingen huismus

66

Bijlage 13.

Deelgebied E10 – Waarnemingen gewone dwergvleermuis

67

Bijlage 14.

Deelgebied E10 – Waarnemingen overige vleermuizen

68

Bijlage 15.

Deelgebied E11 – Waarnemingen gewone dwergvleermuis

69

Bijlage 16.

Deelgebied E11 – Waarnemingen overige vleermuizen

70

Bijlage 17.

Deelgebied E12 – Waarnemingen gewone dwergvleermuis

71

Bijlage 18.

Deelgebied E12 – Waarnemingen overige vleermuizen

72

Bijlage 19.

Deelgebied E13 – Waarnemingen huismus

73

Bijlage 20.

Deelgebied E13 – Waarnemingen gierzwaluw

74

Bijlage 21.

Deelgebied E13 – Waarnemingen huiszwaluw en spreeuw

75

Bijlage 22.

Deelgebied E13 – Waarnemingen gewone dwergvleermuis

76

Bijlage 23.

Deelgebied E13 – Waarnemingen overige vleermuizen

77

Bijlage 24.

Deelgebied E14 – Waarnemingen huismus

78

Bijlage 25.

Deelgebied E14 – Waarnemingen gierzwaluw

79

Onderzoek huismus, gierzwaluw en vleermuizen, 344 woningen Stadlander

RA22105-01

4

Bijlage 26.

Deelgebied E14 – Waarnemingen gewone dwergvleermuis

80

Bijlage 27.

Deelgebied E14 – Waarnemingen overige vleermuizen

81

Bijlage 28.

Deelgebied E16 – Waarnemingen gierzwaluw

82

Bijlage 29.

Deelgebied E16 – Waarnemingen gewone dwergvleermuis

83

Bijlage 30.

Deelgebied E16 – Waarnemingen overige vleermuizen

84

Onderzoek huismus, gierzwaluw en vleermuizen, 344 woningen Stadlander

RA22105-01

5

Aanleiding 1.1 Aanleiding Woningcorporatie Stadlander is voornemens 344 woningen te renoveren en te verduurzamen. Op één locatie worden woningen gesloopt en nieuwbouw gerealiseerd en op één locatie wordt een landbouwperceel met houtwal te geëxploiteerd voor nieuwbouw. In 2022 heeft Regelink Ecologie & Landschap een ecologische quickscan uitgevoerd voor dit project. Hieruit blijkt dat in het plangebied mogelijk geschikte nestlocaties en leefgebied aanwezig zijn voor huismus (Passer domesticus) en gierzwaluw (Apus apus). Daarnaast zijn er mogelijk verblijfplaatsen en foerageergebied aanwezig voor gewone dwergvleermuis (Pipistrellus pipistrellus), ruige dwergvleermuis (Pipistrellus nathusii), laatvlieger (Eptesicus serotinus), kleine dwergvleermuis (Pipistrellus pygmaeus) en gewone grootoorvleermuis (Plecotus auritus). Binnen het plangebied zijn lijnvormige elementen aanwezig, zodat vliegroutes van vleermuizen niet kunnen worden uitgesloten. Ook zijn er mogelijk verblijfplaatsen van eekhoorn (Sciurus vulgaris) en leefgebied van marterachtigen aanwezig binnen deelgebied E15 (houtwal en landbouwperceel), aan de Zoekweg in Lepelstraat. Daarom is voor deelgebied E15 apart onderzoek uitgevoerd. Dat onderzoek wordt dan ook beschreven in een ander rapport . Deelgebied E15 wordt in dit rapport verder buiten beschouwing gelaten.

Volgens artikel 1.11 van de Wet natuurbescherming 3 (zorgplicht) is het verplicht om voordat de ingreep plaatsvindt onderzoek te doen naar de aanwezigheid van beschermde flora en fauna. Er moet daarom nader onderzoek gedaan worden naar de aanwezigheid van deze soorten en de functies van het plangebied. Regelink Ecologie & Landschap heeft in opdracht van Stadlande in het plangebied dit onderzoek naar huismus, gierzwaluw, vleermuizen, eekhoorn en marterachtigen uitgevoerd. Bij het opstellen van deze rapportage is uitgegaan van de definities zoals aanwezig op de website van Regelink Ecologie & Landschap .

1.2 Doel Met dit onderzoek worden de volgende vragen beantwoord: •

Komen gierzwaluw en/of huismus voor in het plangebied?

•

Welke functies heeft het plangebied voor gierzwaluw en/of huismus?

•

Welke soorten vleermuizen komen voor in het plangebied?

•

Welke functies heeft het plangebied voor de aanwezige soorten vleermuizen?

•

Leidt de ingreep tot overtreding van de verbodsbepalingen uit de Wet natuurbescherming?

•

Welke vervolgstappen zijn nodig om overtreding van de Wet Natuurbescherming (zoveel mogelijk) te voorkomen?

Onderzoek huismus, gierzwaluw en vleermuizen, 344 woningen Stadlander

RA22105-01

6

Plangebied en ingreep 2.1 Plangebied Het plangebied betreft 344 woningen en enkele opstallen verdeeld over acht deelgebieden, gelegen in Bergen op Zoom, Halsteren, Lepelstraat, en Steenbergen (zie Figuur 2). De deelgebieden liggen in de gemeenten Bergen op Zoom en Steenbergen (provincie Noord-Brabant). De begrenzing van de deelgebieden is in Figuur 3 t/m Figuur 10 weergegeven in rood. De adressen van alle woningen binnen de plangebieden zijn opgenomen in Tabel 1. Voor een uitgebreide omschrijving zie het rapport van de ecologische quickscan (van Dijk, 2022). Een impressie van het plangebied is weergegeven in Bijlage 1.

Steenbergen

E15 Lepelstraat

Halsteren

Bergen op Zoom

Figuur 2: Ligging van de negen deelgebieden (rode stippen) in Bergen op zoom, Halsteren, Lepelstraat en Steenbergen. © Dienst voor het kadaster en de openbare registers, Apeldoorn, 2022.

Onderzoek huismus, gierzwaluw en vleermuizen, 344 woningen Stadlander

RA22105-01

7

Figuur 10: Deelgebied E8 - Jacobsberg 1 t/m 8, 20 t/m 30 en 31 t/m 38) in Halsteren.

Figuur 7: Deelgebied E9 - Hazenbos 1 t/m 12 (even en oneven) en Rode Schouw 69 t/m 83 (oneven) in Halsteren.

Figuur 9: Deelgebied E10 - Moreelsestraat 16a, 16 t/m 44 en Pastoor Kuijperstraat 12g001 t/m 12g012 (bergingen) in Bergen op Zoom.

Figuur 8: Deelgebied E11 - Koning Willem 2 straat 2 t/m 36 en 1a, 1 t/m 33 in Bergen op Zoom.

Figuur 4: Deelgebied E13 - Vossepad 2 t/m 28 in Figuur 6: Deelgebied E12 - Van Dedemstraat 4 t/m 136, Burgemeester van Hasseltstraat 2 t/m 48 en 48a Lepelstraat. t/m 52a (15), Kloosterstraat 3 t/m 73 in Bergen op Zoom.

Figuur 5: Deelgebied E14 – Doktersdreefje 3 t/m 19 en Gummarusvelden 1 t/m 43 en 2 t/m 16 in Steenbergen.

Figuur 3: Deelgebied E16 - Pater Dehonlaan 2 t/m 104 in Bergen op Zoom.

Onderzoek huismus, gierzwaluw en vleermuizen, 344 woningen Stadlander

RA22105-01

8

Tabel 1. Overzicht adressen van de woningen binnen de 8 deelgebieden. Deelgebied

Straat

Huisnummers

Plaats

Aantal woningen

E8

Jacobsberg

1 t/m 8 en 20 t/m 30 en 31 t/m 38 Halsteren

27

E9

Hazenbos

1 t/m 12

Halsteren

12

Rode Schouw

69 t/m 83

Halsteren

8

Moreelsestraat

16a, 16 t/m 44

Bergen op Zoom 15

Pastoor Kuijperstraat

12g001 t/m 12g012 (garages)

Bergen op Zoom geen

E11

Koning Willem 2 straat

1a, 1 t/m 33 en 2 t/m 36

Bergen op Zoom 36

E12

Van Dedemstraat

4 t/m 136

Bergen op Zoom 67

Burg. Van Hasseltlaan

2 t/m 48 en 48a t/m 52a

Bergen op Zoom 39

Kloosterstraat

3 t/m 71 en 73

Bergen op Zoom 35

E13

Vossepad

2 t/m 28

Lepelstraat

14

E14

Doktersdreefje

3 t/m 19

Steenbergen

9

Gummarusvelden

1 t/m 43 en 2 t/m 16

Steenbergen

30

Pater Dehonlaan

2 t/m 104

Bergen op Zoom 52

E10

E16 Totaal

344

Ecotopen zijn ruimtelijke elementen binnen het plangebied, die mogelijk een functie hebben als habitat voor (beschermde) soorten. In het plangebied zijn de onderstaande ecotopen aanwezig (zie ook de foto’s van het plangebied in Bijlage 1): •

Bakstenen gebouwen met dakpannen, houten betimmering en spouwmuur;

•

Bakstenen gebouwen met plat bitumen dak en aluminium dakrand;

•

Bakstenen en houten schuurtjes met bitumen of houten dak en houten boeiboord;

•

Kleinere bomen, zonder holtes (diameter borsthoogte < 25 cm).

•

Lage, opgaande begroeiing bestaande uit struiken en kruiden;

•

Gazons, intensief beheert (kort gemaaid gras).

2.2 Ingreep Woningcorporatie Stadlander is voornemens op locaties in Lepelstraat, Halsteren, en Bergen op Zoom woningen te renoveren en te verduurzamen. Op de locatie in Steenbergen (i.e. E14) worden woningen gesloopt en nieuwbouw gerealiseerd. In Tabel 2 is per deelgebied de ingreep weergegeven. De werkzaamheden die daartoe in het plangebied plaatsvinden bestaan uit: •

Na-isolatie daken;

•

Na-isolatie spouwmuren;

•

Sloopwerkzaamheden en nieuwbouwwerkzaamheden op één locatie: in deelgebied E14, Gummarusvelden, Steenbergen;

Onderzoek huismus, gierzwaluw en vleermuizen, 344 woningen Stadlander

RA22105-01

9

•

Op twee locaties (mogelijk) bomenkap: in deelgebied E10: Moreelsestraat, Bergen op Zoom, in deelgebied E14, Gummarusvelden, Steenbergen;

De start van de werkzaamheden is gepland in de periode 2023-2024. Naar verwachting worden de werkzaamheden rond 2025-2026 beëindigd. Tabel 2. Overzicht van de ingreep per deelgebied. Deelgebied

Plaats

Aantal

Ingreep

woningen E8

Halsteren

27

Gevel en dak (verduurzaming). Geen bomenkap.

E9

Halsteren

12

Gevel en dak (verduurzaming). Geen bomenkap.

E10

Bergen op Zoom

15

Gevel en dak (verduurzaming). Mogelijk ook bomenkap.

E11

Bergen op Zoom

36

Gevel en dak (verduurzaming). Geen bomenkap.

E12

Bergen op Zoom

141

Gevel en dak (verduurzaming). Geen bomenkap.

E13

Lepelstraat

14

Gevel en dak (verduurzaming). Geen bomenkap.

E14

Steenbergen

39

Sloop/ Nieuwbouw. Mogelijk ook bomenkap.

E16

Bergen op Zoom

52

Gevel en dak (verduurzaming). Geen bomenkap.

Onderzoek huismus, gierzwaluw en vleermuizen, 344 woningen Stadlander

RA22105-01

10

Werkwijze 3.1 Onderzoeksinspanning In het voorjaar, zomer, en najaar van 2023 zijn de acht deelgebieden geïnventariseerd op de aanwezigheid van huismus, gierzwaluwen en vleermuizen. In Bijlage 2 zijn de gegevens van de veldbezoeken weergegeven in Tabel 19 en Tabel 20. Tijdens alle bezoeken waren de weersomstandigheden geschikt voor het inventariseren van vogels en vleermuizen. In de volgende paragrafen staat een toelichting op de toegepaste onderzoeksmethoden.

3.2 Methode huismusonderzoek Het onderzoek naar nestplaatsen en leefgebied van huismus is uitgevoerd volgens de richtlijnen in het Kennisdocument Huismus. Tijdens het veldbezoek is het plangebied op gehoor en op zicht (met verrekijker) geïnventariseerd. Daarbij werd gelet op geschikt foerageergebied, foeragerende dieren, vogels die met nestmateriaal of voedsel slepen en vogels die gebouwen invliegen. De inventarisaties zijn overdag uitgevoerd onder gunstige weersomstandigheden. De data van de veldbezoeken en de weersomstandigheden zijn opgenomen in Bijlage 2 (Tabel 19).

3.3 Methode gierzwaluw onderzoek Het onderzoek naar nestplaatsen van gierzwaluw is uitgevoerd volgens de richtlijnen in het Kennisdocument Gierzwaluw. Gedurende de veldbezoeken is het plangebied geïnventariseerd vanaf anderhalf- tot twee uur voor tot even na zonsondergang onder gunstige weersomstandigheden. Hierbij werd gelet op laag door het plangebied vliegende en roepende vogels, vogels die de woningen in - en uitvlogen en het geluid van roepende jongen. De data van de veldbezoeken en de weersomstandigheden zijn opgenomen in Bijlage 2 (Tabel 19).

3.4 Methode vleermuisonderzoek Tijdens de veldbezoeken zijn vleermuizen met zicht- en geluidwaarnemingen geïnventariseerd. Hierbij is een heterodyne batdetector met opname- en vertragingsfunctie (type: Pettersson D240x) gebruikt om de echolocatie die vleermuizen uitzenden hoorbaar te maken voor mensen. Met de karakteristieken van de frequentie, klank en ritme van het geluid worden verschillende vleermuizensoorten in het veld herkent. Wanneer in het veld niet met zekerheid de vleermuissoort kon worden bepaald is een geluidsopname gemaakt met een extern opnameapparaat. De geluidsopname zijn achteraf met het computerprogramma Batsound geanalyseerd, waarbij voor determinatie gebruik is gemaakt van Barataud (2020). Voor sociale geluiden van vleermuizen is gebruik gemaakt van Ross (2021). Tijdens de rondes in het kraamseizoen (15 mei t/m 15 juli 2022) en het paarseizoen (1 augustus t/m 30 september 2022) is eveneens gebruik gemaakt van een warmtebeeldcamera (FLIR Scion OTM266). Met behulp van een warmtebeeldcamera worden vleermuizen in het donker zichtbaarder. In combinatie met de visuele waarnemingen van het gedrag is de determinatie van de soort en de functie van het gebied bepaald. In de winterperiode (13 december 2022) zijn twee dagen na strenge vorst (-8 graden Celsius) de deelgebieden bezocht waar in het najaar (1 augustus t/m 30 september) massawinterzwermen is aangetroffen.

Hierbij is eveneens gebruik gemaakt van een warmtebeeldcamera (Pulsar Helion XP38).

Onderzoek huismus, gierzwaluw en vleermuizen, 344 woningen Stadlander

RA22105-01

11

De inventarisaties zijn postend en lopend uitgevoerd, waarbij het plangebied en het omliggende gebied meerdere keren zijn doorkruist. Tijdens alle bezoeken waren de weersomstandigheden geschikt voor het inventariseren van vleermuizen. De data van de veldbezoeken en de weersomstandigheden zijn opgenomen in Bijlage 2 (Tabel 20). Om de functies van het plangebied voor vleermuizen te onderzoeken zijn meerdere veldbezoeken uitgevoerd in verschillende periodes. In het kraamseizoen zijn de bezoeken direct vanaf zonsondergang tot twee uur na zonsondergang of vanaf twee uur voor zonsopkomst tot zonsopkomst uitgevoerd. In het paarseizoen zijn de bezoeken tussen een uur na zonsondergang en een uur voor zonsopkomst uitgevoerd, waarbij minimaal 1 bezoek rond middernacht is uitgevoerd. In deze periodes is minimaal gedurende twee uur geïnventariseerd. Om te onderzoeken of er massawinterverblijven in het plangebied is er in deelgebieden E10, E12, E13, en E16 tevens onderzoek gedaan naar middernachtzwermen waarbij twee veldbezoeken plaatsvonden rond middernacht in de periode 1 augustus t/m 10 september; ook hier is minimaal gedurende twee uur geïnventariseerd.

3.5 Volledigheid inventarisatie Het huismussen- en het gierzwaluwonderzoek is uitgevoerd conform de richtlijnen in de overeenkomstige Kennisdocumenten van BIJ12. De vleermuisinventarisatie is uitgevoerd volgens het Vleermuisprotocol 2021 zoals vastgesteld door Gegevensautoriteit Natuur. Inventarisaties zijn een steekproef gebaseerd op momentopnames. Hierdoor is het niet uit te sluiten dat soorten en functies die niet zijn waargenomen, op een ander tijdstip wel aanwezig zijn. Dit is acceptabel omdat de Wet natuurbescherming een initiatiefnemer vraagt te doen wat redelijkerwijs van hem verwacht kan worden. Met de gekozen methoden en inspanning is voldoende invulling gegeven aan artikel 1.11 (zorgplicht) van de Wet natuurbescherming. Wat betreft het onderhavige onderzoek heeft de initiatiefnemer gedaan wat redelijkerwijs van hem verwacht kan worden.

Onderzoek huismus, gierzwaluw en vleermuizen, 344 woningen Stadlander

RA22105-01

12

Resultaten 4.1 Algemeen Gedurende het onderzoek werden in en in de nabijheid van het plangebied de volgende beschermde vogelsoorten met jaarrond beschermde nesten in categorie 1 t/m 4 aangetroffen: •

Gierzwaluw;

•

Huismus;

•

Slechtvalk (Falco peregrinus);

Gedurende het onderzoek werden in en in de nabijheid van het plangebied de volgende beschermde vogelsoorten met jaarrond beschermde nesten in categorie 5 aangetroffen: •

Boomkruiper (Certhia brachydactyla);

•

Huiszwaluw (Delichon urbicum);

•

Koolmees (Parus major);

•

Pimpelmees (Cyanistes caeruleus);

•

Spreeuw (Sturnus vulgaris);

•

Torenvalk (Falco tinnunculus);

Gedurende het onderzoek werden in en in de nabijheid van het plangebied o.a. de volgende algemene vogelsoorten aangetroffen: Kauw (Coloeus monedula), Roodborst (Erithacus rubecula), Merel (Turdus merula), Tjiftjaf (Phylloscopus collybita), Zanglijster (Turdus philomelos), Zwartkop (Sylvia atricapilla); In en in de nabijheid van het plangebied de volgende vleermuissoorten aangetroffen: •

Gewone dwergvleermuis (Pipistrellus pipistrellus);

•

Ruige dwergvleermuis (Pipistrellus nathusii);

•

Laatvlieger (Eptesicus serotinus);

•

Rosse vleermuis (Nyctalus noctula);

•

Gewone grootoorvleermuis (Plecotus auritus);

•

Watervleermuis (Myotis daubentonii);

In de volgende paragrafen worden per deelgebied de waarnemingen van soorten en functies besproken. De waarnemingskaarten zijn opgenomen in Bijlage 3 t/m Bijlage 30.

4.2 Bijzonderheden Hieronder wordt kort weergegeven welke bijzonderheden in de deelgebieden zijn aangetroffen.

4.2.1 Slechtvalk Tijdens een bezoek aan het plangebied in het kader van vleermuisonderzoek is slechtvalk waargenomen bij de kerk in Steenbergen, in deelgebied E14. Hier bevindt zich een bekende broedlocatie.

4.2.2 kolonies van gewone dwergvleermuis Kraamverblijfplaatsen van gewone dwergvleermuis zijn aangetroffen in deelgebieden: E8, E12 en E14. Massawinterverblijfplaatsen van gewone dwergvleermuis zijn aangetroffen in deelgebieden: E10 en E12. Onderzoek huismus, gierzwaluw en vleermuizen, 344 woningen Stadlander

RA22105-01

13

4.3 Deelgebied E8 Jacobsberg, Halsteren Gedurende het onderzoek werden in en in de nabijheid van het deelgebied de volgende soorten aangetroffen: •

Gierzwaluw;

•

Spreeuw;

•

Gewone dwergvleermuis;

•

Ruige dwergvleermuis;

•

Laatvlieger.

4.3.1 Broedvogels Huismus In het deelgebied zijn bij de eerste en tweede inventarisatieronde geen huismussen waargenomen. Er is geen territoriaal of nestindicerend gedrag van huismussen en er zijn geen nestlocaties waargenomen in de directe omgeving. Hieruit blijkt dat dit deelgebied geen essentieel leefgebied is van huismus. Gierzwaluw Tijdens het onderzoek zijn hoog boven het deelgebied overvliegende gierzwaluwen waargenomen. Daarnaast is tijdens de veldbezoeken vastgesteld dan een grotere groep gierzwaluwen (ongeveer 20 individuen) boven en rondom het deelgebied foerageert. Ook zijn in de omgeving van het deelgebied enkele waarnemingen gedaan van lager vliegende groepjes gierzwaluwen, voornamelijk ten noordwesten van het deelgebied. Gezien het gedrag van de gierzwaluwen bevinden de nestlocaties van de waargenomen groep zich in de wijk ten noordwesten van het deelgebied. In het deelgebied zelf zijn geen aanwijzingen gevonden voor nestlocaties van gierzwaluw. Overige broedvogels In het deelgebied is op twee locaties nestindicerend gedrag waargenomen en één nestlocatie gevonden van kauw aan de Jacobsberg nr. 36. In een vogelhuisje aan de gevel van deze woning is een nest van pimpelmees aanwezig. Direct ten oosten van het deelgebied, nabij de schoorsteen van de woning aan de Jacobsberg 39 is een nestlocatie van spreeuw gevonden. De waarnemingskaart is opgenomen Bijlage 6.

4.3.2 Vleermuizen Gewone dwergvleermuis Verblijfplaatsen Er is één kraamverblijf in het deelgebied aangetroffen tijdens de eerste twee bezoeken in het kraamseizoen. De toegang bevindt zich onder de kantpannen op de oostelijke kopgevel van de woning aan de Jacobsberg 30. De vleermuizen gebruiken hier de kantpannen van de zuidelijke helft van het dak. Er zijn tijdens een extra avondtelling 36 uitvliegers waargenomen. Tijdens het derde en vierde bezoek in het kraamseizoen is hier geen activiteit waargenomen. In de omgeving van het deelgebied, aan de Jacobsberg 9 is tijdens het derde bezoek in het kraamseizoen een kraamverblijf aangetroffen. Bij de kopgevel werd rond 23:30 uur in de avond gezwermd door twee tot drie gewone dwergvleermuizen. Mogelijk is dit dezelfde kraamgroep als in de woning aan de Jacobsberg 30.

Onderzoek huismus, gierzwaluw en vleermuizen, 344 woningen Stadlander

RA22105-01

14

In de zomermaanden zijn binnen het deelgebied drie zomerverblijfplaatsen van gewone dwergvleermuis in het deelgebied aangetroffen. Buiten het deelgebied is een zomerverblijfplaats aangetroffen in een vleermuiskast. Tijdens de paarperiode zijn vijf baltsende mannetjes gewone dwergvleermuizen waargenomen. Gewone dwergvleermuizen vliegen al roepend rond om vrouwtjes naar hun paarverblijfplaats te lokken. Doordat zij hierbij door hun hele territorium vliegen is het doorgaans lastig om de exacte paarverblijfplaats te lokaliseren. Daarom is op van het waargenomen gedrag in het veld, daar waar mogelijk, de ligging van de verblijfplaats geïnterpreteerd en weergegeven op de waarnemingenkaart in Bijlage 7. Indien niet kon worden vastgesteld waar de paarverblijfplaats zich bevindt is enkel het paarterritorium weergegeven. In Tabel 3 is aangegeven waar de verblijfplaatsen zich bevinden. Foerageergebied In het deelgebied zelf zijn in het kraamseizoen gedurende alle bezoeken enkele kort (enkele minuten) foeragerende dieren waargenomen. De dieren vlogen vervolgens richting het noorden en oosten. Deze dieren waren ongeveer een half uur na zonsondergang en een kwartier voor zonsopkomst in het plangebied aanwezig.

Op grond van het beperkte aantal foeragerende dieren en de korte aanwezigheid kan gesteld worden zich in het deelgebied geen essentieel foerageergebied voor gewone dwergvleermuis bevindt. Direct ten zuiden van het deelgebied ligt een houtwal waar gedurende langere tijd twee tot vijf gewone dwergvleermuizen foerageerden. De achtertuinen van de woningen aan de Jacobsberg 20 t/m 30 en de houtwal fungeren als essentieel foerageergebied. Vliegroute(s) In het deelgebied zelf is geen gedrag waargenomen waaruit blijkt dat er een vliegroute aanwezig is. Langs bomenrijen langs de Rode Schouw, direct ten noorden van het deelgebied, zijn in het kraamseizoen steeds meerdere (1-5) passerende gewone dwergvleermuizen waargenomen van west naar oost. Deze fungeert als vliegroute. Daarnaast bevindt zich direct ten oosten van het deelgebied een vliegroute van gewone dwergvleermuis langs de gevels en daken van woningen richting een kraamverblijfplaats en foerageergebied. Vanaf een kwartier na zonsondergang zijn hier vleermuizen waargenomen welke vanuit het noordoostelijke richting naar het zuiden vlogen. Ruige dwergvleermuis Verblijfplaatsen In het deelgebied bevinden zich geen paarverblijfplaatsen van ruige dwergvleermuis. Direct ten noorden van het deelgebied, in de wijk ten noorden van de Rode Schouw, zijn twee paarverblijfplaatsen aangetroffen van ruige dwergvleermuis.

Foerageergebied en vliegroute(s) In het deelgebied is een foeragerende ruige dwergvleermuis waargenomen nabij Jacobsberg 31. Direct ten zuiden van het deelgebied zijn langs de houtwal ook enkele waarnemingen gedaan van een foeragerende ruige dwergvleermuis. Deze dieren waren gedurende korte tijd aanwezig. Gezien de locaties van de waarnemingen (aan de rand van het deelgebied met daarachter een park), de korte duur van waargenomen activiteit en de alternatieve foerageermogelijkheden in de directe omgeving zoals de Onderzoek huismus, gierzwaluw en vleermuizen, 344 woningen Stadlander

RA22105-01

15

houtwal ten zuiden van het deelgebied kan geconcludeerd worden dat het deelgebied geen essentieel foerageergebied is voor ruige dwergvleermuis. Er is geen gedrag waargenomen waaruit blijkt dat in het deelgebied vliegroutes aanwezig zijn van ruige dwergvleermuis. Laatvlieger Verblijfplaatsen Tijdens het onderzoek zijn in of nabij het deelgebied geen verblijfplaatsen aangetroffen van laatvlieger. Foerageergebied en vliegroute(s) In het deelgebied zijn in het westelijke en zuidelijke deel enkele foeragerende en verplaatsende laatvliegers waargenomen. De foeragerende dieren bleven kort aanwezig waarna deze doorvlogen richting zuid. Er zijn vier tot zes passerende dieren kort na elkaar uit noordwestelijke richting naar waargenomen vanaf en na middernacht. Er is vastgesteld dat laatvliegers vanuit het noordwesten deels over het deelgebied richting zuid vliegen en de verblijfplaats zich in de omgeving van het deelgebied bevindt. Ondanks het gericht zoeken tijdens het onderzoek is de locatie van de verblijfplaats van laatvlieger niet gevonden. In het deelgebied bevindt zich geen essentieel foerageergebied maar wel een vliegroute van laatvlieger. Waarnemingen van andere vleermuissoorten dan gewone dwergvleermuis zijn weergegeven in Bijlage 8. Tabel 3. Locaties aangetroffen functies van vleermuizen in deelgebied E8.

Adres

Soort

Aantal

Gedrag

Type

Nestlocatie/

Tijdstip

Invliegopening Jacobsberg 7

Gewone

1

uitvliegend

zomerverblijf

dwergvleermuis Opstal

Gewone

Jacobsberg 32

dwergvleermuis

Opstal

Gewone

Jacobsberg 33

dwergvleermuis

Opstal

Gewone

Jacobsberg 37

dwergvleermuis

Jacobsberg 30

Gewone

nabij

avond

schoorsteen 1

zwermend

zomerverblijf

bij regenpijp

ochtend

1

invliegend

zomerverblijf

daklijst

ochtend

1

Zwermend

Paarverblijfplaats

daklijst

avond

1

uitvliegend

kraamverblijf

zijgevel

avond

2

baltsend

paarterritorium

onbekend

avond

1

baltsend

paarterritorium

onbekend

avond

1

baltsend

paarterritorium

onbekend

avond

dwergvleermuis Jacobsberg 20-

Gewone

30, woonblok

dwergvleermuis

Jacobsberg 31-

Gewone

38, woonblok

dwergvleermuis

Jacobsberg 1-2

Gewone dwergvleermuis

Onderzoek huismus, gierzwaluw en vleermuizen, 344 woningen Stadlander

RA22105-01

16

Adres

Soort

Aantal

Gedrag

Type

Nestlocatie/

Tijdstip

Invliegopening Jacobsberg 1-8

Gewone

en 31-38,

dwergvleermuis

1

baltsend

paarterritorium

onbekend

avond

1

baltsend

paarterritorium

onbekend

avond

4

overvliegend

vliegroute

n.v.t.

avond

tussen opstallen Jacobsberg 20-

Gewone

30 achtertuinen

dwergvleermuis

Plein voor

Laatvlieger

Jacobsberg 1115

4.4 Deelgebied E9 Hazenbos, Halsteren Gedurende het onderzoek werden in en in de nabijheid van het deelgebied de volgende soorten aangetroffen: •

Huismus;

•

Gierzwaluw;

•

Spreeuw;

•

Gewone dwergvleermuis;

•

Ruige dwergvleermuis;

•

Laatvlieger;

•

Rosse vleermuis.

4.4.1 Broedvogels Huismus In het deelgebied zijn tijdens de inventarisatierondes geen huismussen waargenomen. Ten oosten van het deelgebied is territoriaal of nestindicerend gedrag van huismussen waargenomen en zijn er vijf nestlocaties gevonden. Het deelgebied zelf is geen essentieel leefgebied van de huismus maar de huizenblokken en tuinen (voornamelijk achtertuinen) ten oosten hiervan hebben wel een functie als essentieel leefgebied. Gierzwaluw Tijdens het onderzoek zijn hoog boven het deelgebied overvliegende gierzwaluwen waargenomen. De meeste gierzwaluwen vlogen richting het zuidoosten. Ook zijn in de omgeving van het deelgebied enkele waarnemingen gedaan van lager vliegende gierzwaluwen. Direct ten oosten van het deelgebied is één nestlocatie van gierzwaluw gevonden. In het deelgebied zelf zijn geen aanwijzingen gevonden voor nestlocaties van gierzwaluw. Overige broedvogels Buiten het deelgebied, nabij de schoorsteen van de woning aan de Hazenbos nr. 18 is één nestlocatie van spreeuw gevonden. Zie waarnemingskaart in Bijlage 9.

Onderzoek huismus, gierzwaluw en vleermuizen, 344 woningen Stadlander

RA22105-01

17

4.4.2 Vleermuizen Gewone dwergvleermuis Verblijfplaatsen In dit deelgebied is geen kraamverblijfplaats aangetroffen. In het deelgebied zijn wel drie zomerverblijfplaatsen van gewone dwergvleermuis aangetroffen. De locaties van deze verblijfplaatsen zijn in Tabel 4 en Bijlage 10 weergegeven. Direct ten westen van het plangebied, is een zomerverblijfplaats gevonden in het gebouw van Basisschool de Biezenhof. Tijdens de paarperiode zijn vijf roepende mannetjes gewone dwergvleermuizen waargenomen. Van de baltsende gewone dwergvleermuizen zijn de paarterritoria in kaart gebracht, waarbinnen de paarverblijfplaats aanwezig is. De territoria rond de woningen aan de Hazenbos 1 t/m 6 zijn mogelijk onderdeel van hetzelfde territorium, omdat hier slechts één dier is waargenomen. Wel bevinden de zomerverblijfplaats en paarverblijfplaats zich op verschillende adressen in dit woonblok. Ten oosten van het deelgebied zijn ook twee territoria aangetroffen van gewone dwergvleermuis. In één van de territoria is de verblijfplaats gevonden, deze bevindt zich in de schuur van Hazenbos nr. 18 (onder de daklijst). De locaties van de verblijfplaatsen en territoria zijn weergegeven in Tabel 4 en Bijlage 10. Foerageergebied en vliegroute(s) Tijdens de inventarisaties zijn in het deelgebied vier tot tien foeragerende en overvliegende gewone dwergvleermuizen waargenomen.

Voornamelijk in de tuinen van de woningen nabij de Rode Schouw en de houtwal langs het parkje ten zuiden van het deelgebied. Doordat de foeragerende dieren slechts gedurende enkele minuten aanwezig waren (vaak op vliegroute) kan worden gesteld dat er geen essentieel foerageergebied aanwezig is voor gewone dwergvleermuis. De bomenrijen aan de Rode Schouw direct ten noorden van het deelgebied fungeren als vliegroute van gewone dwergvleermuis. Ruige dwergvleermuis Verblijfplaatsen Tijdens het onderzoek zijn geen verblijfplaatsen van ruige dwergvleermuis aangetroffen. Foerageergebied en vliegroute(s) Tijdens het onderzoek zijn één tot twee foeragerende dieren waargenomen in het deelgebied. Eén dier foerageerde in de tuinen van de woningen aan de Rode Schouw nr. 69-83. Nabij het deelgebied, ten zuidoosten, zijn twee waarnemingen gedaan van foeragerende ruige dwergvleermuis. Gezien de aantallen en alternatieve mogelijkheden wordt geconcludeerd dat er geen essentieel foerageergebied voor ruige dwergvleermuis aanwezig is in dit deelgebied. Er zijn geen aanwijzingen voor de aanwezigheid voor vliegroutes van ruige dwergvleermuis in het deelgebied. Laatvlieger Verblijfplaatsen Tijdens het onderzoek zijn geen verblijfplaatsen van laatvlieger aangetroffen. Foerageergebied en vliegroute(s)

Onderzoek huismus, gierzwaluw en vleermuizen, 344 woningen Stadlander

RA22105-01

18

Tijdens het onderzoek zijn in het deelgebied enkele (1-4) kort foeragerende laatvliegers waargenomen waarna deze doorvlogen. Voornamelijk langs de noordzijde en zuidzijde van het deelgebied worden de bomenrijen door laatvlieger gebruikt als vliegroute. In het deelgebied zelf zijn geen aanwijzingen gevonden voor de aanwezigheid voor een vliegroute. De foeragerende dieren betrof laatvliegers die onderweg kort aan het jagen waren onderweg naar ander foerageergebied. Gezien het waargenomen gedrag en de alternatieve foerageermogelijkheden, zoals ten zuiden van het deelgebied, kan geconcludeerd worden dat er geen essentieel foerageergebied van laatvlieger aanwezig is in dit deelgebied. Rosse vleermuis Verblijfplaatsen Tijdens het onderzoek zijn geen verblijfplaatsen van rosse vleermuis aangetroffen. Foerageergebied en vliegroute(s) Tijdens de inventarisaties is steeds één overvliegende, kort foeragerende rosse vleermuis waargenomen langs de grenzen van het deelgebied. Er is geen essentieel foerageergebied en er zijn geen verblijfplaatsen van rosse vleermuis aangetroffen in of nabij het deelgebied. Waarnemingen van andere vleermuissoorten dan gewone dwergvleermuis zijn weergegeven in Bijlage 11. Tabel 4. Locaties aangetroffen functies van vleermuizen in deelgebied E9. Adres

Soort

Aantal

Gedrag

Type

Nestlocatie/

Tijdstip

Invliegopening Deelgebied

Gewone

4-7

foeragerend

Foerageergebied

n.v.t.

avond +

dwergvleermuis Hazenbos 1

Gewone

ochtend 1

uitvliegend

zomerverblijf

dwergvleermuis Hazenbos 8

Gewone

Gewone

avond

dakgoot 1

zwermend

paarverblijfplaats

dwergvleermuis Rode Schouw 73

loodslab bij

Daklijst opstal

avond

(garage) 1

uitvliegend

zomerverblijf

onbekend

avond

1

zwermend

zomerverblijf

kantpan

avond

1

baltsend

paarterritorium

onbekend

avond

1

baltsend

paarterritorium

onbekend

avond

1

baltsend

paarterritorium

onbekend

avond

1

baltsend

paarterritorium

onbekend

avond

dwergvleermuis Rode Schouw 75

Gewone dwergvleermuis

Rode Schouw 69-

Gewone

83, woonblok

dwergvleermuis

Rode Schouw 75-

Gewone

83, achterzijde bij

dwergvleermuis

opstallen en Hazenbos 1 Hazenbos 3-6,

Gewone

woonblok

dwergvleermuis

Hazenbos 7-12,

Gewone

woonblok

dwergvleermuis

Onderzoek huismus, gierzwaluw en vleermuizen, 344 woningen Stadlander

RA22105-01

19

Adres

Soort

Aantal

Gedrag

Type

Nestlocatie/

Tijdstip

Invliegopening Hazenbos 7-12,

Gewone

1

achterzijde bij

dwergvleermuis

baltsend

paarterritorium

onbekend

avond

opstallen.

4.5 Deelgebied E10 Moreelsestraat, Bergen op Zoom Gedurende het onderzoek werden in en in de nabijheid van het deelgebied de volgende soorten aangetroffen: •

Huismus;

•

Gewone dwergvleermuis;

•

Ruige dwergvleermuis;

•

Laatvlieger;

•

Rosse vleermuis.

4.5.1 Broedvogels Huismus Omdat de gebouwen in dit deelgebied een plat dak hebben zonder openingen waar broedvogels een nest kunnen hebben is hier geen onderzoek uitgevoerd naar nestlocaties van gierzwaluw en huismus. Omdat er mogelijk wel functioneel leefgebied aanwezig is voor huismus zijn er wel twee bezoeken gebracht voor huismus in het voorjaar en de zomer. Tijdens de inventarisatierondes zijn binnen dit deelgebied zoals verwacht geen nestlocaties van huismus aangetroffen. In de directe omgeving van het plangebied zijn wel elf huismusnesten gevonden en één mogelijke nestlocatie. Deze nestlocaties bevinden zich onder het dak van woningen ten westen en noorden van het plangebied. Binnen het deelgebied is functioneel leefgebied van huismus vastgesteld in de tuin aan de noordzijde van het appartementencomplex (zie ook Tabel 5. Locaties aangetroffen leefgebied van broedvogels in deelgebied E10. Daarnaast bevindt zich in tuinen en openbaar groen direct ten westen en zuidoosten van het deelgebied ook functioneel leefgebied van huismus. De waarnemingen zijn weergegeven in Bijlage 12. Tijdens het veldbezoek voor de ecologische quickscan in april 2022 zijn boven het dak van het wooncomplex twee territoriale scholeksters (roepend in vlucht, landend op het dak) waargenomen. Dit duidt op een mogelijk broedgeval van scholekster op het dak. Tabel 5.

Locaties aangetroffen leefgebied van broedvogels in deelgebied E10. Locatie

Soort

Functie

Tuin noordzijde wooncomplex

Huismus

functioneel leefgebied

Dak

Scholekster

nestlocatie

Onderzoek huismus, gierzwaluw en vleermuizen, 344 woningen Stadlander

RA22105-01

20

4.5.2 Vleermuizen Gewone dwergvleermuis Verblijfplaatsen Tijdens het onderzoek is in dit deelgebied geen kraamverblijfplaats van gewone dwergvleermuis aangetroffen. Aan de grens van het deelgebied, Pastoor Kuijperstraat 14 is een zomerverblijfplaats aangetroffen. In de wijk ten zuiden van het deelgebied zijn drie zomerverblijfplaatsen aangetroffen. Tijdens de paarperiode zijn twee roepende mannetjes gewone dwergvleermuizen waargenomen in het deelgebied en twee in de directe omgeving ervan. Tijdens het onderzoek naar massawinterverblijfplaatsen is tussen 00:00 uur en 02:00 uur zwermgedrag waargenomen aan de west- en oostgevel massawinterverblijfplaatsen gevonden. Op 13 december 2022, twee dagen na nacht met matige vorst: -6 graden Celsius, is ook zwermgedrag waargenomen ter hoogte van het dak (regenpijp) nabij de liftschacht. Hier is dus een massawinterverblijfplaats aanwezig. Foerageergebied en vliegroute(s) Tijdens het onderzoek zijn in het plangebied enkele waarnemingen gedaan van twee tot drie foeragerende gewone dwergvleermuizen gedurende enkele minuten. In de tuinen direct ten westen van het deelgebied werden binnen een half uur foeragerende gewone dwergvleermuizen waargenomen. Mogelijk ligt in het noorden van het deelgebied en ten westen (buiten het deelgebied) een vliegroute van gewone dwergvleermuis.

Gedurende het eerste uur na zonsondergang vond de meeste activiteit plaats. Het wooncomplex zelf is erg verlicht. Er zijn geen aanwijzingen voor de aanwezigheid van essentieel foerageergebied in het deelgebied. De locaties van de verblijfplaatsen en paarterritoria zijn weergegeven in Tabel 6 en Bijlage 13. Ruige dwergvleermuis Verblijfplaatsen Direct ten zuidwesten van het deelgebied is een baltsende ruige dwergvleermuis waargenomen. De paarverblijfplaats van deze vleermuis bevindt zich in de Pieter Breughelstraat 46, direct ten zuiden van het deelgebied. Foerageergebied en vliegroute(s) In de Pieter Breughelstraat, direct ten zuidwesten van het deelgebied, is een foeragerende ruige dwergvleermuis waargenomen. Er zijn geen vliegroutes aangetroffen van ruige dwergvleermuis. Laatvlieger Verblijfplaatsen Tijdens het onderzoek zijn geen verblijfplaatsen van laatvlieger aangetroffen. Foerageergebied en vliegroute(s) Tijdens de inventarisaties is telkens één laatvlieger waargenomen die kort aanwezig was in het deelgebied. Er is geen gedrag waargenomen dat duidt op de aanwezigheid van vliegroutes of essentieel foerageergebied.

Onderzoek huismus, gierzwaluw en vleermuizen, 344 woningen Stadlander

RA22105-01

21

Rosse vleermuis Verblijfplaatsen Tijdens het onderzoek zijn geen verblijfplaatsen van rosse vleermuis aangetroffen. Foerageergebied en vliegroute(s) Tijdens het onderzoek zijn telkens 1-2 rosse vleermuizen waargenomen die net ten zuiden buiten het deelgebied aan het foerageren waren. Ook vlogen er rosse vleermuizen over het deelgebied richting het noorden. In de bossen ten zuiden van Bergen op Zoom bevindt zich ten minste een kraamkolonie van rond de 100 rosse vleermuizen in een bomenlaan. Mogelijk komen de dieren hier vandaan. Waarnemingen van andere vleermuissoorten dan gewone dwergvleermuis zijn weergegeven in Bijlage 14. Tabel 6. Locaties aangetroffen functies van vleermuizen in deelgebied E10 Adres

Soort

Aantal

Gedrag

Type

Nestlocatie/

Tijdstip

Invliegopening Pastoor Kuijperstraat 14

Gewone

1

invliegend

zomerverblijf

kantpan

ochtend

1

baltsend

paarterritorium

onbekend

avond

1

baltsend

paarterritorium

onbekend

avond

5

invliegend

massawinterverblijf

daklijst

nacht

11

zwermend

massawinterverblijf

onbekend

nacht

dwergvleermuis Moreelsestraat 16-44,

Gewone

gehele wooncomplex

dwergvleermuis

Opstallen ten noorden

Gewone

wooncomplex

dwergvleermuis

Moreelsestraat 16-44,

Gewone

westgevel

dwergvleermuis

Moreelsestraat 16-44,

Gewone

oostgevel

dwergvleermuis

4.6 Deelgebied E11 Koning Willem 2 straat, Bergen op Zoom Gedurende het onderzoek werden in en in de nabijheid van het deelgebied de volgende soorten aangetroffen: •

Gewone dwergvleermuis;

•

Ruige dwergvleermuis;

•

Laatvlieger;

•

Rosse vleermuis.

4.6.1 Broedvogels Dit deelgebied bestaat woningen zonder openingen waar huismus of gierzwaluw een nest kunnen hebben. Daarom is binnen dit deelgebied geen onderzoek uitgevoerd naar beschermde broedvogels.

4.6.2 Vleermuizen Dit deelgebied bestaat uit woningen zonder (voet)paden naar de achtertuinen, waardoor deze niet zichtbaar zijn zonder toestemming van de huiseigenaren. Zowel in het kraamseizoen als in het Onderzoek huismus, gierzwaluw en vleermuizen, 344 woningen Stadlander

RA22105-01

22

paarseizoen is daarom via Stadlander toestemming gevraagd om de achtertuinen te mogen posten (in het kraamseizoen direct vanaf zonsondergang en in het paarseizoen vanaf een uur na zonsondergang). Dit is gebeurd bij woningen aan de Koning Willem 2 straat 14, 21 en 24. Vanuit de achtertuinen kon een groot gedeelte van dit deel van het plangebied worden overzien. Gewone dwergvleermuis Verblijfplaatsen Tijdens het onderzoek zijn geen kraamverblijfplaatsen aangetroffen in dit deelgebied. Er zijn wel twee zomerverblijfplaatsen aangetroffen, in de woningen in de Koning Willem 2 straat 25 en 33. Direct ten noorden van het deelgebied is één zomerverblijfplaats waargenomen. Tijdens de paarperiode zijn in het deelgebied drie roepende mannetjes waargenomen en één paarterritorium bevindt zich geheel buiten het deelgebied. Het baltsende dier in de achtertuinen van woningen aan de Koning Willem 2 straat 17 t/m 29 vloog langs de achtergevels. Vermoedelijk bevindt de paarverblijfplaats zich op dezelfde locatie als de zomerverblijfplaats in de woning aan de Koning Willem 2 straat 25. In de directe omgeving van het plangebied zijn nog vijf paarterritoria van gewone dwergvleermuis aangetroffen. De locaties van de verblijfplaatsen en territoria zijn weergegeven in Bijlage 15 en Tabel 7.

Foerageergebied en vliegroute(s) Er zijn enkele kort foeragerende dieren en enkele overvliegende dieren waargenomen. De meeste activiteit bevond zich vermoedelijk langs de achterzijde van de woningen. Hierbij bevinden zich ook dieren die uitvlogen bij de gevonden zomerverblijfplaatsen. Een enkele uitgevlogen gewone dwergvleermuis foerageert in de achtertuinen van de woningen. Er bevindt zich geen vaste vliegroute of essentieel foerageergebied in het deelgebied. Ruige dwergvleermuis Verblijfplaatsen Tijdens het onderzoek zijn in het deelgebied geen verblijfplaatsen van ruige dwergvleermuis aangetroffen. In de wijde omgeving van het deelgebied zijn vier paarverblijfplaatsen gevonden. Deze bevinden zich in de Antwerpsestraat, Prins Bernhardstraat, en Koning Willem 1 straat. Foerageergebied en vliegroute(s) Er is tijdens het onderzoek twee keer een waarneming gedaan van ruige dwergvleermuis. Rondom het deelgebied zijn enkele foeragerende dieren waargenomen. Binnen het deelgebied bevindt zich geen essentieel foerageergebied of vliegroute van ruige dwergvleermuis. Laatvlieger Verblijfplaatsen Tijdens het onderzoek zijn geen verblijfplaatsen van laatvlieger aangetroffen. Foerageergebied en vliegroute(s) In het kraamseizoen zijn tijdens twee inventarisaties in de avond laatvliegers waargenomen, het ging steeds om een enkel foeragerend individu.

De dieren waren gedurende enkele minuten aanwezig en

Onderzoek huismus, gierzwaluw en vleermuizen, 344 woningen Stadlander

RA22105-01

23

vlogen vervolgens verder. Er is in het deelgebied geen essentieel foerageergebied aanwezig en er zijn geen vaste vliegroutes aangetroffen van laatvlieger. Rosse vleermuis Verblijfplaatsen Tijdens het onderzoek zijn geen verblijfplaatsen van rosse vleermuis aangetroffen. Foerageergebied en vliegroute(s) Tijdens het onderzoek zijn vanaf ongeveer een uur na zonsondergang één tot negen overvliegende rosse vleermuizen waargenomen. De dieren vlogen over het deelgebied vanuit het zuidoosten richting het noordwesten. In de ochtend is boven het deelgebied een rosse vleermuis waargenomen die naar het zuidwesten vloog. Er bevindt zich boven het plangebied dus een vliegroute. In de paarperiode is éénmaal een overvliegend dier waargenomen. Rosse vleermuizen maken echter geen gebruik van lijnvormige elementen voor hun navigatie, daarom heeft de bebouwing in het plangebied geen essentiële functie a ls vliegroute. Het deelgebied heeft geen functie als essentieel foerageergebied voor rosse vleermuis. Waarnemingen van andere vleermuissoorten dan gewone dwergvleermuis zijn weergegeven in Bijlage 16. Tabel 7. Locaties aangetroffen functies van vleermuizen in deelgebied E11. Adres

Soort

Aantal

Gedrag

Type

Verblijfplaats/

Tijdstip

Invliegopening Koning Willem II

Gewone

straat 25,

dwergvleermuis

1

uitvliegend

zomerverblijf

onbekend

avond

2

zwermend

zomerverblijf

onbekend

avond

1

baltsend

paarterritorium

onbekend

avond

1

baltsend

paarterritorium

onbekend

avond

1

baltsend

paarterritorium

onbekend

avond

achterzijde Koning Willem II

Gewone

straat 33

dwergvleermuis

Koning Willem II

Gewone

straat 17-29,

dwergvleermuis

achterzijde Burgemeester De

Gewone

Roocklaan 41-45

dwergvleermuis

Koning Willem II

Gewone

straat 2-16

dwergvleermuis

4.7 Deelgebied E12 Van Dedemstraat, Bergen op Zoom Gedurende het onderzoek werden in en in de nabijheid van het deelgebied de volgende soorten aangetroffen: •

Gewone dwergvleermuis;

•

Ruige dwergvleermuis;

•

Laatvlieger;

Onderzoek huismus, gierzwaluw en vleermuizen, 344 woningen Stadlander

RA22105-01

24

•

Rosse vleermuis;

•

Gewone grootoorvleermuis.

4.7.1 Broedvogels Dit deelgebied bestaat uit hoge gebouwen met platte daken zonder openingen waar broedvogels een nest kunnen hebben. Daarom is binnen dit deelgebied geen onderzoek uitgevoerd naar beschermde broedvogels. Tijdens het veldbezoek voor de ecologische quickscan in april 2022 zijn boven het dak van het wooncomplex twee territoriale scholeksters (roepend in vlucht, landend op het dak) waargenomen. Dit duidt op een mogelijk broedgeval van scholekster op het dak.

4.7.2 Vleermuizen Gewone dwergvleermuis Verblijfplaatsen In de zomerperiode zijn veel waarnemingen gedaan van twee tot drie zwermende gewone dwergvleermuizen en in totaal zes tot tien in- en uitvliegende dieren aan de noordzijde van de binnenplaats van het gebouw. Dit betreft vermoedelijk een kleinere kraamverblijfplaats met meerdere inen uitvliegopeningen, want bij een avondtelling zijn langs deze gehele gevel slechts tien uitvliegers geteld. Toegang tot deze verblijfplaats bieden de vele tientallen open stootvoegen, maar op een enkele plek wordt ook de ruimte tussen de gevel en daklijst gebruikt door vleermuizen. In de paarperiode zijn in het deelgebied in totaal drie paarverblijfplaatsen aangetroffen van gewone dwergvleermuis. Daarnaast bevinden zich op drie locaties in dezelfde gevel jaarrond gebruikte verblijfplaatsen met functies voor kraam-, zomer- en (massa)winterverblijfplaats. Het gaat hier om verblijfplaatsen met toegang via ruimte tussen de gevel en kozijnen, dakrand en via open stootvoegen. Hier zijn tijdens het middernachtzwermonderzoek op verschillende plekken langs de gevel in totaal tien tot twintig zwermende vleermuizen gezien. Dit betekent dat hier tenminste een massawinterverblijfplaats aanwezig is van vermoedelijk vele tientallen dieren. De vleermuizen tikten op verschillende plekken aan bij de stootvoegen langs de gevel.

Enkele van deze vleermuizen kropen via verschillende open stootvoegen de spouwmuur in. Op 13 december 2022, twee dagen na nacht met matige vorst: -6 graden Celsius, zijn ook enkele individuen zwermend langs dezelfde oostgevel (binnenplaats) waargenomen. Een tweede bevestiging dat hier een massawinterverblijfplaats aanwezig is. Verblijfplaatsen en territoria zijn weergegeven in Tabel 8 en Bijlage 17. In totaal zijn er in de gebouwen drie zomer-/paarverblijfplaatsen, drie zomer-/kraam-/winterverblijfplaatsen een zomerverblijfplaats en een paarverblijfplaats aangetroffen. Foerageergebied en vliegroute(s) Tijdens het onderzoek zijn steeds zes tot acht gewone dwergvleermuizen waargenomen langs of boven het dak van het gebouw. De vleermuizen die vermoedelijk vanuit de gevonden zomerverblijfplaatsen in de zuidelijke gevel van het gebouw kwamen vlogen richting het zuidoosten en zuidwesten. In het deelgebied werd slecht gedurende enkele minuten gefoerageerd. Boven het schoolplein gedurende iets langere tijd. Vanwege de korte duur van het foerageren kan worden gesteld dat er geen essentieel foerageergebied

Onderzoek huismus, gierzwaluw en vleermuizen, 344 woningen Stadlander

RA22105-01

25

aanwezig is in het deelgebied. De dieren vlogen langs de gevels en boven het dak, maar er was geen sprake van een duidelijke vliegroute. Ruige vleermuis Verblijfplaatsen, foerageergebied en vliegroute(s) Tijdens het onderzoek zijn in het deelgebied geen waarnemingen gedaan van ruige vleermuis. Er zijn dus geen verblijfplaatsen aangetroffen van ruige dwergvleermuis. Ten zuiden van het deelgebied zijn enkele waarnemingen gedaan van een baltsende ruige dwergvleermuis. Hier is ook een paarverblijf gevon den. Ten noordwesten van het deelgebied is een baltsende ruige dwergvleermuis waargenomen, de baltsroep kwam van grotere afstand dus het dier bevond zich op ruime afstand van het deelgebied. Tijdens het onderzoek zijn in het deelgebied geen foeragerende of passerende ruige dwergvleermuizen waargenomen. Het deelgebied heeft daarom geen essentiële functies voor ruige dwergvleermuis. Laatvlieger Verblijfplaatsen, foerageergebied en vliegroute(s) In het deelgebied zijn geen waarnemingen gedaan van laatvlieger. Ten zuiden en zuidoosten ervan is drie keer een foeragerende laatvlieger waargenomen. Het deelgebied heeft daarom geen essentiële functies voor laatvlieger. Rosse vleermuis Verblijfplaatsen, foerageergebied en vliegroute(s) Tijdens het onderzoek zijn op drie avonden 1-2 foeragerende rosse vleermuizen waargenomen. Deze dieren waren kort aanwezig en vlogen daarna verder.

Er zijn geen aanwijzingen gevonden voor de aanwezigheid van foerageergebied, vaste vliegroutes of verblijfplaatsen van rosse vleermuis in het deelgebied. Gewone grootoorvleermuis Verblijfplaatsen, foerageergebied en vliegroute(s) Tijdens het onderzoek is een gewone grootoorvleermuis waargenomen. Het dier is in vlucht waargenomen boven de binnenplaats en daarbij éénmaal gehoord. Er zijn geen verblijfplaatsen, foerageergebied of vliegroutes aangetroffen in het deelgebied van gewone grootoorvleermuis. Waarnemingen van andere vleermuissoorten dan gewone dwergvleermuis zijn weergegeven in Bijlage 18. Tabel 8. Locaties aangetroffen functies van vleermuizen in deelgebied E12. Locatie

Soort

Aantal

Gedrag

Type

Verblijf-

Tijdstip

plaats Binnenplaats

Gewone

gevel noord

dwergvleermuis

3e, 4e etage trappen links

1-7

Zwermend/

kraam-/

spouwmuur

Avond +

in- en

zomer-/

diverse

ochtend

uitvliegend

winterverblijf

plekken

plaats

/ daklijst/ raamkozijn

Onderzoek huismus, gierzwaluw en vleermuizen, 344 woningen Stadlander

RA22105-01

26

Locatie

Soort

Aantal

Gedrag

Type

Verblijf-

Tijdstip

plaats Binnenplaats

Gewone

gevel noord

dwergvleermuis

1-4

3e, 4e, 5e etage

zwermend/

kraam-/

spouwmuur

Avond +

in- en

zomer-/

diverse

ochtend

uitvliegend

winterverblijf

plekken/

plaats

daklijst/

trappen rechts

raamkozijn Binnenplaats

Gewone

gevel noord

dwergvleermuis

kraam-/

spouwmuur

Avond +

zomer-/

diverse

ochtend

boven dak

winterverblijf

plekken

trappen rechts

plaats

Binnenplaats

Gewone

gevel noord

dwergvleermuis

1-7

1-2

zwermend

Zwermend

zomer-/

spouwmuur

Avond +

+ baltsend

paarverblijf

zwermend/

Zomer-/

stootvoeg

Avond +

baltsend

paarverblijf

onder dak

ochtend

ochtend

lage deel Binnenplaats

Gewone

gevel zuidoost

dwergvleermuis

1

5e etage

galerij bij deur

Straatzijde Van

Gewone

Dedemstraat

dwergvleermuis

1-2

zwermend

Zomer-/

Raamkozijn

avond

paarverblijf

trappenhuis Straatzijde

Gewone

Hoek Van

dwergvleermuis

1-2

invliegend

zomerverblijf

spouwmuur

ochtend

1-2

zwermend

paarverblijf

raamkozijn

avond

Dedemstraat – Van Hasseltstraat Straatzijde

Gewone

kopgevel zuid

dwergvleermuis

Van Dedemstraat

4.8 Deelgebied E13 Vossepad, Lepelstraat Gedurende het onderzoek werden in en in de nabijheid van het deelgebied de volgende soorten aangetroffen: •

Huismus;

•

Gierzwaluw;

•

Huiszwaluw;

•

Spreeuw;

•

Gewone dwergvleermuis;

•

Ruige dwergvleermuis;

•

Laatvlieger;

•

Rosse vleermuis;

Onderzoek huismus, gierzwaluw en vleermuizen, 344 woningen Stadlander

RA22105-01

27

4.8.1 Broedvogels Tijdens de inventarisatierondes zijn binnen dit deelgebied twee nesten van gierzwaluw en twee nestlocaties van spreeuw aangetroffen. In Tabel 9 staan de adressen en locaties van de nesten weergegeven. Er zijn geen waarnemingen gedaan van huismus in het deelgebied. Boven het deelgebied en in de omgeving, ten zuiden en oosten, zijn overvliegende gierzwaluwen waargenomen (groep van zeven tot tien individuen). In de omgeving van het deelgebied (ten zuiden en westen) zijn vijftien nestlocaties van huismus, twee nestlocaties van gierzwaluw gevonden (ten zuiden), zes nestlocaties van huiszwaluw gevonden (ten westen), en één nestlocatie van spreeuw gevonden (ten westen). De waarnemingen zijn weergegeven in Bijlage 19, Bijlage 20 en Bijlage 21. Tabel 9. Nestlocaties broedvogels deelgebied E13. Adres

Soort

Gedrag

Nestlocatie/ Invliegopening

Vossepad 26

Gierzwaluw

invliegend

kopgevel zuidwestelijke deel van gebouw, via nokpan.

Vossepad 24

Gierzwaluw

invliegend

via dakrand

Vossepad 2

Spreeuw

bezet nest

via uitsparing muur

Vossepad 26

Spreeuw

uitvliegend

via nokpan

4.8.2 Vleermuizen Gewone dwergvleermuis Verblijfplaatsen In en nabij het deelgebied zijn geen kraamverblijfplaatsen aangetroffen. Tijdens het onderzoek zijn twee zomerverblijfplaatsen aangetroffen. Bij de noordwestgevel van het gebouw aan de noordwestzijde zijn in de ochtend twee waarnemingen gedaan van dieren die via vier verschillende kantpannen naar binnen kropen. Het betreft locaties links en rechts van de schoorsteen. Tijdens een volgend veldbezoek zijn bij deze gevel op dezelfde locatie twee uitvliegende dieren waargenomen. In tabel 10 en Bijlage 22 zijn de locaties van de zomerverblijfplaatsen weergegeven. In de directe omgeving van het deelgebied zijn vijf zomerverblijfplaatsen van gewone dwergvleermuis aangetroffen, vier daarvan bevinden zich ten oosten van het deelgebied. Tijdens het onderzoek zijn in het deelgebied twee paarterritoria gevonden van gewone dwergvleermuis en een van ruige dwergvleermuis. Het gaat om verschillende territoria omdat op bepaalde locaties tegelijkertijd twee dieren werden gehoord. Het gaat om twee paarverblijfplaatsen van gewone dwergvleermuis in het wooncomplex en een deel van het territorium van ruige dwergvleermuis. Het territorium van de ruige dwergvleermuis grotendeels in de achtertuin van de woning en concentreerde zich rond een schuurtje in de achtertuin van de woning aan de Vagevuur 84.

Langs de woningen aan de Kerkstraat ten oosten van het deelgebied werd ook langs de gevels gebaltst. Rond de woningen aan de Vossepad 5 t/m 15 werd ook gebaltst door een gewone dwergvleermuis. Hier bevindt zich ten minste een paarverblijfplaats, mogelijk op dezelfde locatie als de zomerverblijfplaats. Zie Tabel 10 (voor de

Onderzoek huismus, gierzwaluw en vleermuizen, 344 woningen Stadlander

RA22105-01

28

waarnemingen binnen het deelgebied) en Bijlage 22 voor de ligging van deze paarterritoria. In het deelgebied is tijdens het onderzoek geen massawinterverblijfplaats gevonden. Foerageergebied en vliegroute(s) Tijdens het onderzoek zijn voornamelijk nabij de noordwesthoek van het gebouw gedurende meerdere momenten van enkele minuten foeragerende gewone dwergvleermuizen waargenomen. Deze dieren kwamen vanuit noordwestelijke richting aanvliegen, bleven even rondcirkelen in het deelgebied en vlogen daarna door richting het zuiden. Hierdoor kan redelijkerwijs kan worden aangenomen dat deze dieren doorvlogen naar hun eigenlijke foerageergebieden en dat het deelgebied geen functie heeft als foerageergebied voor gewone dwergvleermuizen. Hier (noordwestzijde) van het deelgebied bevindt zich wel een vliegroute van gewone dwergvleermuis. Het is daarom ook logisch dat hier meerdere vleermuizen in de buurt baltsen en dat er verblijfplaatsen aanwezig zijn. De eerste waarnemingen van overvliegende vleermuizen die gebruik maakten van deze vliegroute werden gedaan vanaf een half uur na zonsondergang.

4.8.3 Overige vleermuissoorten Ruige dwergvleermuis Verblijfplaatsen In de directe omgeving van het deelgebied zijn in totaal drie paarverblijfplaatsen van ruige dwergvleermuis gevonden. In het oosten zit op dezelfde locatie een zomerverblijfplaats. Dat het dier baltst bij de gevel van het wooncomplex is logisch vanwege de vliegroute die erlangs loopt. Foerageergebied en vliegroute(s) Tijdens het eerste veldbezoek in augustus is bij de noordwestelijke hoek van het gebouw in het deelgebied is één keer kort een foeragerende ruige dwergvleermuis waargenomen. Dit was binnen het eerste half uur van veldbezoek. In september is op deze locatie een baltsende ruige dwergvleermuis in vlucht waargenomen. Het dier vloog gedurende meerdere minuten baltsend langs een deel van de westgevel van het gebouw, maar concentreerde zich rond een schuurtje enkele meters buiten het deelgebied. Daardoor is het waarschijnlijk dat het dier hier huist of mogelijk van de verblijfplaats in de woning aan de Vagevuur 39. Laatvlieger Verblijfplaatsen Tijdens het onderzoek zijn geen verblijfplaatsen aangetroffen van laatvlieger. Foerageergebied en vliegroute(s) In het deelgebied is één waarneming gedaan van een overvliegende laatvlieger. In de directe omgeving van het deelgebied is nog een overvliegende laatvlieger waargenomen. Het deelgebied heeft geen essentiële functies voor laatvlieger.

Rosse vleermuis Verblijfplaatsen Tijdens het onderzoek zijn geen verblijfplaatsen aangetroffen van rosse vleermuis.

Onderzoek huismus, gierzwaluw en vleermuizen, 344 woningen Stadlander

RA22105-01

29

Foerageergebied en vliegroute(s) In het deelgebied is één waarneming gedaan van een overvliegende rosse vleermuis. In de directe omgeving van het deelgebied is nog enkele keren een waarneming gedaan van een overvliegende rosse vleermuis. Het deelgebied heeft geen essentiële functies voor rosse vleermuis. Waarnemingen van andere vleermuissoorten dan gewone dwergvleermuis zijn weergegeven in Bijlage 23. Tabel 10. Locaties aangetroffen functies van vleermuizen in deelgebied E13 Locatie

Soort

Aantal

Gedrag

Type

Verblijfplaats/

Tijdstip

Invliegopening Kopgevel

Gewone

west

dwergvleermuis

Kopgevel

Gewone

west

dwergvleermuis

Kopgevel

Gewone

zuid

dwergvleermuis

Gevel west

Ruige

en tuin

dwergvleermuis

2-4

uitvliegend/

zomerverblijf

avond/

invliegend

ochtend

1

baltsend

paarverblijf

kantpan

avond

1

baltsend

paarverblijf

kantpan

avond

1

baltsend

territorium

Schuur tuin

avond

buiten het

particulier Gevel west

kantpan

plangebied Gewone

5-10

overvliegend

vliegroute

n.v.t.

avond

dwergvleermuis

4.9 Deelgebied E14 Gummarusvelden, Steenbergen Gedurende het onderzoek werden in en in de nabijheid van het deelgebied de volgende soorten aangetroffen: •

Huismus;

•

Gierzwaluw;

•

Slechtvalk;

•

Torenvalk;

•

Gewone dwergvleermuis;

•

Ruige dwergvleermuis;

•

Laatvlieger;

•

Watervleermuis;

4.9.1 Broedvogels Huismus Tijdens de inventarisaties zijn er geen nestlocaties van broedvogels in het deelgebied aangetroffen. In de omgeving zijn achttien nesten en zes mogelijke nestlocaties van huismus gevonden, voornamelijk ten zuidoosten en noordwesten van het plangebied.

Onderzoek huismus, gierzwaluw en vleermuizen, 344 woningen Stadlander

RA22105-01

30

Gierzwaluw In het deelgebied zijn enkele overvliegende gierzwaluwen en enkele aanwezige hoogvliegende groepjes gierzwaluwen waargenomen. Daarnaast bevonden zich rondom het deelgebied twee groepen gierzwaluwen van zeven tot tien individuen. In totaal zijn er acht nesten van gierzwaluw in de nabije omgeving gevonden, twee ten noorden en zes aan de zuidoostzijde. Daarnaast is er nestindicerend gedrag waargenomen op zeven locaties ten zuiden en één ten noorden van het deelgebied. Ook is er op de Sint-Gummaruskerk één slechtvalk waargenomen en ten zuiden van het deelgebied één overvliegende torenvalk. Waarnemingskaarten zijn opgenomen in Bijlage 24 en Bijlage 25.

4.9.2 Vleermuizen Gewone dwergvleermuis Verblijfplaatsen Bij Gummarusvelden 8 is een kraamverblijfplaats aangetroffen. Hier zijn tijdens een avondbezoek vanaf zonsondergang 36 gewone dwergvleermuizen geteld. De dieren kwamen uit open stootvoegen aan de voorzijde van de woning. Tijdens een ochtendveldbezoek is ook één zwermend dier gezien die aan de voorzijde van deze woning de daklijst aantikte. De vleermuizen kunnen hier dus via verschillende openingen in de spouwmuur kruipen. Er zijn geen zomerverblijfplaatsen van gewone dwergvleermuis in het deelgebied aangetroffen. Wel bevinden zich twee zomerverblijfplaatsen aan de Nieuwstad 20 en 24 ten westen van het deelgebied. In de paarperiode zijn in het deelgebied in totaal vijf paarterritoria van gewone dwergvleermuis aangetroffen. Daarnaast zijn er directe omgeving van het deelgebied nog drie paarterritoria vastgesteld en op grotere afstand nog enkele baltsende dieren aangetroffen. Zie Tabel 11 en Bijlage 26 voor de locatie van de verblijfplaatsen en paarterritoria. Foerageergebied en vliegroute Tijdens de veldbezoeken zijn geen langdurig foeragerende vleermuizen waargenomen. Er zijn steeds drie tot vier foeragerende dieren gezien en/of gehoord. Echter waren deze slechts hooguit gedurende enkele minuten aanwezig. Dat is te verklaren doordat de gevels en achtertuinen onderdeel uitmaken van een vliegroute.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://raad.gemeente-steenbergen.nl/api/v1/meetings/1812/documents/21625