CConstaterende datSteenbergen
Koppel je AI →
Document · PDF

Beantwoording toezeggingen wethouder Remery mbt bomenbeleidsplan.pdf

Besluitvormende Vergadering 29 januari 2026, gemeente SteenbergenBij agendapunt: 09.: Bomenverordening en bomenbeleidsplan.2.001 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Beantwoording toezeggingen wethouder Remery Fractie Verbeek U stelt detailvragen over de verordening. Hieronder leest u de technische beantwoording. Mocht dit niet duidelijk zijn of er aanvullende vragen zijn, dan verzoeken wij u voor de besluitvormende raadsvergadering deze vragen schriftelijk te stellen. Artikel 4 lid 2: hoe kan een particulier aantonen dat er sprake is van een groot maatschappelijk belang? De bewijslast hiervoor ligt bij de aanvrager, ook als dit een particulier is. Aantonen kan door een onderbouwde en gedocumenteerde aanvraag, waaruit blijkt dat: 1. Het belang concreet, zwaarwegend en algemeen/maatschappelijk is. 2. Het belang het belang van boombehoud overstijgt – bijvoorbeeld op het gebied van openbare veiligheid, gezondheid, leefomgeving of een aantoonbaar maatschappelijk nut. 3. Er geen redelijk alternatief bestaat – zoals verplaatsen van de boom, ontwerpaanpassing of een andere locatie. Dit moet expliciet zijn onderzocht en gemotiveerd (alternatievenafweging). 4. De maatregel proportioneel is – alleen die bomen worden gekapt die strikt noodzakelijk zijn. In de praktijk kan een particulier dit onderbouwen met bijvoorbeeld: •

een gemotiveerde schriftelijke toelichting;

•

technische of veiligheidsrapporten;

•

een alternatievenonderzoek;

•

eventueel een maatschappelijke kosten-batenanalyse of onderbouwing van publiek nut.

Het college beoordeelt uiteindelijk of deze onderbouwing voldoende is om te spreken van een “groot gemeenschappelijk belang” in de zin van de verordening. Overigens geldt ook hier de voorkeur 1. Behoud 2. Verplant 3. Herplant 4. Compensatie en wordt er eerst (gezamenlijk) gekeken naar alternatieven. Artikel 7: waarom is er een verschil tussen rechtspersonen en natuurlijke personen als het gaat om de financiële compensatieplicht? Het verschil tussen rechtspersonen en natuurlijke personen bij de financiële compensatieplicht is bewust gekozen en berust op de beginselen van evenredigheid, uitvoerbaarheid en draagkracht. Evenredigheid De monetaire boomwaarde weerspiegelt de volledige ecologische, landschappelijke en maatschappelijke waarde van een boom. Deze waarde kan, zeker bij oudere of monumentale bomen, oplopen tot tienduizenden euro’s. Het opleggen van een dergelijke financiële last aan

een particulier zou in veel gevallen onevenredig zwaar zijn ten opzichte van het individuele belang en kan leiden tot onaanvaardbare financiële consequenties. Daarom is voor natuurlijke personen gekozen voor een vast compensatiebedrag dat de waarde van een boom op redelijke wijze vertegenwoordigt, zonder dat dit leidt tot een disproportionele last. Voor rechtspersonen, die doorgaans handelen vanuit een bedrijfsmatig of projectmatig belang, is het wél evenredig om de volledige boomwaarde als uitgangspunt te nemen. Uitvoerbaarheid Het vaststellen van de monetaire boomwaarde vereist specialistische kennis, taxaties en toepassing van richtlijnen zoals die van het Norminstituut Bomen. Dit maakt de procedure complex en kostbaar. Voor particuliere aanvragen zou dit leiden tot een zware administratieve en financiële belasting, zowel voor de aanvrager als voor de gemeente. Door voor particulieren te werken met een vaste compensatietabel is de regeling transparant, voorspelbaar en eenvoudig toepasbaar. Voor rechtspersonen is een dergelijke taxatie beter uitvoerbaar en passend binnen de schaal en professionaliteit van hun activiteiten. Draagkracht Rechtspersonen beschikken in de regel over een grotere financiële draagkracht en hebben de mogelijkheid om kosten voor verplant, herplant, boomkap en compensatie mee te nemen in projectbegrotingen of exploitatiekosten.

Particulieren hebben deze mogelijkheden doorgaans niet. Een compensatieplicht gebaseerd op de volledige boomwaarde kan voor hen financieel onhaalbaar zijn en zelfs leiden tot problematische situaties. Het vaste compensatiebedrag houdt rekening met deze beperktere draagkracht, terwijl tegelijkertijd wordt geborgd dat de gemeente over voldoende middelen beschikt om nieuwe bomen aan te planten via het bomenfonds. Aanvullend is van belang te benadrukken dat financiële compensatie slechts in uitzonderlijke situaties wordt toegepast. In het beleid geldt herplant als uitgangspunt en gaat de herplantplicht altijd vóór de compensatieplicht. Alleen wanneer herplant aantoonbaar niet of slechts gedeeltelijk mogelijk is, of wanneer na verloop van tijd blijkt dat het boomkroonvolume onvoldoende is hersteld, wordt financiële compensatie opgelegd. Daardoor is compensatie in geld in de praktijk zelden aan de orde en fungeert deze vooral als sluitstuk om het verlies aan bomen en boomwaarde alsnog te herstellen via het gemeentelijk bomenfonds. Artikel 5 lid 4: is de termijn van 10 dagen om een mededeling te doen niet erg kort? Er kunnen immers omstandigheden zijn waardoor een inwoner hiertoe niet in staat is.

In artikel 5 lid 4 van de Bomenverordening gemeente Steenbergen is vastgelegd dat een eigenaar of rechthebbende van een boom die op de bomenlijst of kaart staat, het college binnen 10 dagen schriftelijk moet informeren wanneer een boom (gedeeltelijk) teniet is gegaan. En onmiddellijk bij dreiging daarvan. De termijn van 10 dagen is bewust gekozen. Tijdige melding is noodzakelijk om het college in staat te stellen de oorzaak vast te stellen, veiligheidsrisico’s te beoordelen en zo nodig maatregelen te treffen voor instandhouding, herplant of handhaving. Daarbij gaat het uitsluitend om een meldplicht en niet om een uitgebreide aanvraag, waardoor de verplichting laagdrempelig is. Artikel 8: is de bepaling dat alleen ambtenaren snoeiwerk mogen verrichten niet tegen de wet?

Het is juridisch toegestaan om op basis van het eigendomsrecht van de gemeente regels te stellen ter bescherming van gemeentelijke eigendommen. Een belangrijke nuance op deze vraag is dat dit gaat om gemeentelijke bomen en niet voor bomen van derden. Daarnaast: •

Het gaat er niet om dat uitsluitend personen met de formele status van “ambtenaar” mogen snoeien.

•

In de praktijk vallen hieronder ook: o

door de gemeente ingehuurde aannemers;

o

boomverzorgers die in opdracht en onder verantwoordelijkheid van het college werken.

Zolang het snoeiwerk plaatsvindt namens de gemeente en onder haar regie, is er geen sprake van strijd met wetgeving. VVD U stelt detailvragen. Hieronder leest u de technische beantwoording. Mocht dit niet duidelijk zijn of er aanvullende vragen zijn, dan verzoeken wij u voor de besluitvormende raadsvergadering deze vragen schriftelijk te stellen. De wethouder zegt toe na te gaan hoe de ambitie in het bomenbeleidsplan zich verhoudt ten opzichte van de wettelijke verplichting. Hierbij is specifiek gevraagd hoe ver dit beleidsplan zich bevindt boven de ondergrens van de wettelijk verplichting. De geldende wettelijke kaders, waaronder de Omgevingswet (met de algemene zorgplicht voor natuur) en de Europese Natuurherstelverordening, bevatten vooral open normen en resultaatsverplichtingen. Voor stedelijk groen gaat het daarbij nadrukkelijk om het stoppen van verdere achteruitgang en het minimaal behouden van het bestaande boomkroonvolume in 2030, met een verplichting tot verbetering richting 2050. Deze wetgeving schrijft niet voor hóe gemeenten dit moeten organiseren, maar legt wel vast dát deze resultaten gehaald moeten worden. Met het bomenbeleidsplan en de bomenverordening geeft de gemeente concreet invulling aan deze wettelijke ondergrens.

Door bomen en boomstructuren met aantoonbare waarde en een relevant boomkroonvolume te beschermen, wordt geborgd dat het totale boomkroonvolume in 2030 minimaal gelijk blijft. Zonder deze bescherming zou kap van waardevolle bomen (zowel op gemeentelijke gronden als op gronden van derden) grotendeels ongehinderd mogelijk zijn. Dat zou ertoe kunnen leiden dat het totale boomkroonvolume afneemt, waardoor de gemeente niet kan aantonen dat zij voldoet aan de verplichtingen uit de Natuurherstelverordening. De bescherming is daarbij bewust ingericht. Voor monumentale bomen (Klasse I) gaat het om individuele bomen met een uitzonderlijke waarde. Deze bescherming wordt uitsluitend op aanvraag van of in overleg met de eigenaar zelf toegekend. Daarmee blijft de bescherming van Klasse I beperkt tot situaties waarin eigenaren hier expliciet voor kiezen en is geen sprake van een generieke verplichting voor particuliere eigenaren. Voor Klasse II gaat het om waardevolle boomstructuren en -linten die een substantiële bijdrage leveren aan het totale boomkroonvolume en de ruimtelijke en ecologische samenhang. Het gaat

dus om groepen bomen. Deze structuren komen ook voor op gronden van derden, maar bevinden zich grotendeels op terreinen van professionele terreinbeheerders, zoals woningcorporaties, instellingen en andere beheerders van grotere groengebieden. Juist deze structuren zijn van belang om op gebiedsniveau grip te houden op het boomkroonvolume en om te kunnen voldoen aan de wettelijke resultaatsverplichtingen richting 2030 en 2050. De bescherming van bomen en boomstructuren op gronden van derden is daarmee geen extra beleidswens, maar een noodzakelijke randvoorwaarde om aan de wettelijke ondergrens te voldoen. Een aanzienlijk deel van het boomkroonvolume bevindt zich immers buiten gemeentelijke eigendommen. Zonder een actueel beleidsplan en een juridische verankering in de verordening ontbreekt een toetsings- en handhavingskader, waardoor ongecontroleerde kap kan plaatsvinden en de gemeente het behoud van het boomkroonvolume niet kan garanderen. Fractie Feskens, VVD U stelt detailvragen. Hieronder leest u de technische beantwoording. Mocht dit niet duidelijk zijn of er aanvullende vragen zijn, dan verzoeken wij u voor de besluitvormende raadsvergadering deze vragen schriftelijk te stellen. De wethouder zegt toe na te gaan of dat het mogelijk is om bezwaar in te dienen tegen de monumentale status van een boom.

De wethouder gaat hierbij tevens na of dat het mogelijk is om bomenbezitters pro-actief te informeren over hun recht op bezwaar. Een boom kan alleen de monumentale status (klasse I) krijgen wanneer deze door de eigenaar zelf wordt aangemeld en op eigen grond staat. De eigenaar is daarmee vooraf betrokken en op de hoogte van zowel de status als de gevolgen daarvan, waaronder de beschermingsregels en de vergunningsplicht. Tegen het besluit tot aanwijzing als monumentale boom staat vervolgens bezwaar open conform de Algemene wet bestuursrecht. Voor bomen die worden ingedeeld in klasse II (beschermde groenelementen) geldt een andere systematiek. Deze indeling vindt niet plaats op individuele aanvraag, maar is een directe uitwerking van het nog vast te stellen bomenbeleid. Op basis van objectieve criteria en data (zoals ecologische verbindingen, boomkroonvolume, landschappelijke structuren en biodiversiteitswaarde) worden deze bomen en structuren aangewezen. Een voorafgaande melding is hierbij niet altijd mogelijk of wenselijk, omdat het gaat om samenhangende structuren en beleidsmatige keuzes die direct werking krijgen op het moment dat het bomenbeleidsplan en de bijbehorende verordening worden vastgesteld. Het betreft bovendien een groot aantal bomen en groenelementen op grote delen van onze gemeente, waardoor individuele voorafgaande kennisgeving praktisch niet uitvoerbaar is.

Eigenaren en beheerders worden wél actief geïnformeerd over de aanwijzing en wat deze bescherming in de praktijk betekent. Het merendeel van deze groenelementen bevindt zich bovendien op gronden van overheden en terreinbeheerders. Deze bescherming is noodzakelijk om ecologische verbindingen in stand te houden, ongecontroleerde kap te voorkomen en te kunnen voldoen aan de wettelijke verplichtingen, waaronder het behoud van boomkroonvolume en het stoppen van achteruitgang van stedelijk groen. Zonder aanwijzing van bomen op gronden van derden verliezen we controle over onze wettelijke verplichting en verliezen een groot deel van de bomen in deze gemeente hun bescherming. Een bescherming die voor een groot deel overigens met de huidige verordening ook al van toepassing is.

Tegen zowel de monumentale status als de indeling in klasse II kan bezwaar worden gemaakt. Bij een bezwaar wordt beoordeeld of de boom of het groenelement voldoet aan de vastgestelde criteria voor bescherming. Volkspartij U stelt detailvragen. Hieronder leest u de technische beantwoording. Mocht dit niet duidelijk zijn of er aanvullende vragen zijn, dan verzoeken wij u voor de besluitvormende raadsvergadering deze vragen schriftelijk te stellen. De wethouder zegt toe de technische vragen van de heer Kouwen over het bomenbeleidsplan schriftelijk te beantwoorden. De vragen zijn: - Wat heeft het ontwikkelen van dit voorstel tot nu toe gekost? Kosten en uren hiermee gemoeid zijn? Zijn hierbij ook externe kosten gemaakt? De ontwikkeling van dit voorstel is grotendeels uitgevoerd binnen de reguliere werkzaamheden van de betrokken (juridische) beleids- en beheermedewerkers. Deze inzet vond plaats als onderdeel van de dagelijkse werkzaamheden en is daarom niet afzonderlijk in uren geregistreerd. Naast deze interne inzet zijn externe kosten gemaakt voor specialistische ondersteuning bij het opstellen van het bomenbeleidsplan, het uitvoeringsprogramma en het in beeld brengen van de lijsten voor beschermde bomen in Klasse I en II. Deze werkzaamheden zijn in 2025 uitgevoerd door NLAdviseurs en hebben geleid tot een totale kostenpost van € 32.469, -.

- Waarom zijn de kosten voor het externe onderzoek niet meegenomen met de begroting 2026? Wat komt er nog meer aan begrotingswijzigingen naar de raad toe dit kwartaal? De kosten die opgenomen zijn in het uitvoeringsprogramma zijn niet meegenomen in de begroting 2026, omdat het uitvoeringsprogramma in december 2025 is opgeleverd. Op dat moment was de begroting 2026 al opgesteld en vastgesteld, waardoor verwerking daarin niet meer mogelijk was. Voor het uitvoeringsprogramma worden op dit moment geen aanvullende begrotingswijzigingen verwacht. Er is dan ook geen voornemen om hierover dit kwartaal nog verdere begrotingswijzigingen aan de raad voor te leggen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://raad.gemeente-steenbergen.nl/api/v1/meetings/1824/documents/22165