CConstaterende datSteenbergen
Koppel je AI →
Document · PDF

Afval- en hemelwaterverordening 2332849.pdf

Besluitvormende Vergadering 14 december 2023, gemeente SteenbergenBij agendapunt: 17.: Afval- en hemelwaterverordening gemeente Steenbergen in het kader van de Omgevingswet3.188 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

*2332849* 2332849 De raad van de gemeente Steenbergen; gelezen het voorstel van Burgemeester en wethouders van 17 oktober 2023; gelet op: artikel(en) 10.32a Wet milieubeheer en 149 Gemeentewet; besluit vast te stellen de volgende verordening;

Afval- en hemelwaterverordening gemeente Steenbergen Verordening van de raad van de gemeente Steenbergen houdende bepalingen over het verwerken van hemelwater bij nieuwbouw en herinrichtingen en over de aansluiting van percelen op het openbaar riool (Afval- en hemelwaterverordening gemeente Steenbergen)

Afdeling 1 Algemene bepalingen Artikel 1 Begripsomschrijvingen Deze verordening verstaat onder: a. afvalwater: al het water afkomstig van een perceel, met uitzondering van hemelwater, grondwater en drainagewater; b. afvalwaterriool: het riool voor het transport van afvalwater; c. afwaterend verhard oppervlak: oppervlakte dat door aanleg van verharding leidt tot afstroming van neerslag op riolering of oppervlaktewater. Naast hoofdgebouwen worden ook bijgebouwen, inritten en overige terreinverharding beschouwd als afwaterend verhard oppervlak als ze zijn voorzien van een afvoer, die afwatert op riolering of oppervlaktewater. d. bronneringswater: grondwater, onttrokken ten behoeve van tijdelijke verlaging van de grondwaterstand; e. college: het college van burgemeester en wethouders; f. drainagewater: grondwater dat wordt afgevoerd via een stelsel van geperforeerde buizen die in de grond zijn aangebracht; g. drukriolering: het openbaar riool voor de afvoer van afvalwater waarbij het transport door het riool plaats vindt door middel van met pompinstallaties veroorzaakte druk; h. bebouwde kom: het gebied dat door aaneengesloten bebouwing overwegend een woonen verblijffunctie heeft en waarin (dus) veel mensen per oppervlakte-eenheid daadwerkelijk wonen of verblijven.

Specifiek wordt bedoeld het gebied binnen de grenzen die zijn vastgesteld op grond van artikel 20a van de Wegenverkeerswet 1994; i. gescheiden stelsel: Het openbaar riool met een buizenstelsel voor de afvoer van hemelwater en een buizenstelsel voor de afvoer van afvalwater; j. hemelwater: water dat uit de hemel valt zoals: regen, sneeuw, hagel en dauw; k. hemelwateraandachtsgebied: een gebied waar hevige regenbuien snel tot overlast leiden; l. hemelwaterberging: een voorziening voor de tijdelijke opvang van hemelwater, niet zijnde een openbaar riool in beheer bij een gemeente of een rechtspersoon die door een gemeente met het beheer is belast; m. hemelwaterbergingsgebied: een gebied waarbinnen eisen worden gesteld aan hemelwaterberging;

2332849

n. o. p. q. r.

s. t. u. v. w. x. y. z.

herinrichting: oppervlak dat afwaterend verhard oppervlak is en blijft, zoals bij renovatie, herstructurering, herbouw; IBA: een voorziening voor een Individuele Behandeling van Afvalwater waarmee afvalwater lokaal wordt gezuiverd; nieuwbouw: toename van afwaterend verhard oppervlak, zoals realisatie van nieuwe gebouwen, verhardingen of uitbreiding van bestaande gebouwen; openbaar afvalwaterriool: onderdeel van het openbaar riool dat uitsluitend bestemd is voor de afvoer en inzameling van afvalwater; openbaar riool: voorziening voor de afvoer en inzameling van afvalwater en / of hemelwater in beheer bij de gemeente of een rechtspersoon die door een gemeente met het beheer is belast, met inbegrip van de daartoe behorende rioolgemalen, persleidingen, kolk- en perceelaansluitingen en werken en installaties van overeenkomstige aard; overnamepunt: de locatie waar het particulier riool overgaat in de perceelaansluiting: overtollig water: de hoeveelheid water die de maximale capaciteit overschrijdt van de hemelwaterberging; particulier riool: de binnen de kadastrale eigendomsgrens van het aan te sluiten perceel gelegen binnen, buiten- of terrein rioolleidingen tot aan het overnamepunt; perceel: een door het Kadaster begrensd stuk grond dat toebehoort aan een eigenaar; perceelaansluiting: het riool en voorzieningen die deel uitmaken van dit riool, tussen de inlaat op het openbaar

riool en het overnamepunt op de perceelgrens; rechthebbende: de eigenaar of zakelijk gerechtigde van een perceel, dan wel diens rechtverkrijgende onder algemene of bijzondere titel; storing: onvolkomenheden in of aan een riool zoals breuk, lekkage of wortelgroei waardoor het functioneren van het riool afneemt of stopt; verstopping: een belemmering in het riool waardoor de afvoerende functie van een riool sterk afneemt of stopt;

Afdeling 2 Hemelwaterberging Artikel 2 Lozingsverbod en vereisten hemelwaterberging 1.

2.

3.

4.

Het is verboden afvloeiend hemelwater rechtstreeks te lozen in het openbaar afvalwaterriool, drukriolering of op een IBA. Het verbod geldt alleen voor nieuwbouw en herinrichting in een hemelwaterbergingsgebied of in een hemelwateraandachtsgebied. Voor nieuwbouw en herinrichting in een hemelwaterbergingsgebied waarbij het afwaterend verhard oppervlak toeneemt met 50 m2 tot 500 m2 is het verplicht om op het perceel van de nieuwbouw of herinrichting een hemelwaterberging aan te brengen en in stand te houden met een minimale capaciteit van 35 mm per m2 verharding. Voor nieuwbouw en herinrichting in een hemelwaterbergingsgebied waarbij het afwaterend verhard oppervlak toeneemt met meer dan 500 m2 is het verplicht om op het perceel van de nieuwbouw een hemelwaterberging aan te brengen en in stand te houden met een minimale capaciteit van 60 mm per m2 verharding. Voor nieuwbouw en herinrichting in een hemelwateraandachtsgebied waarbij het afwaterend verhard oppervlak toeneemt met 50 m2 tot 500 m2 is het verplicht om op het perceel van de nieuwbouw of herinrichting een hemelwaterberging aan te brengen en in stand te houden met een minimale capaciteit van 60 mm per m2 verharding. 2

2332849

5.

6. 7. 8.

9. 10.

Voor nieuwbouw en herinrichting in een hemelwateraandachtsgebied waarbij het afwaterend verhard oppervlak toeneemt met 50 m2 tot 500 m2 is het verplicht om op het perceel van de nieuwbouw of herinrichting een hemelwaterberging aan te brengen en in stand te houden met een minimale capaciteit van 70 mm per m2 verharding De hemelwaterberging dient het geborgen water geleidelijk binnen maximaal twee etmalen te infiltreren in de bodem. De hemelwaterberging moet voorzien zijn van een bovengrondse overloop naar de openbare ruimte voor de afvoer van overtollig water. Het college van burgemeester en wethouders kan ontheffing verlenen van het verbod als bedoeld in het eerste lid of van de verplichting als bedoeld in de leden 2 tot en met 5, indien het realiseren van een hemelwaterberging van voldoende capaciteit op het eigen perceel redelijkerwijs niet kan worden gevergd. Dit artikel is niet van toepassing op inrichtingen type B en C zoals bedoeld in de Wet milieubeheer. Dit artikel is niet van toepassing voor zover het Besluit activiteiten leefomgeving dan wel een omgevingsvergunning met het oog op het doelmatig beheer van afvloeiend hemelwater een lozingsroute op het vuilwaterriool voorschrijft.

Artikel 3 Gebieden 1.

Het hemelwaterbergingsgebied en de hemelwateraandachtsgebieden zijn weergegeven op de kaart behorende bij Bijlage 1. De raad kan die gebieden bij besluit wijzigen of opheffen alsmede andere gebieden aanwijzen.

Afdeling 3. Begrenzing openbaar riool Artikel 4 Begrenzing openbaar riool 1. 2.

3.

Het college is belast met de aanleg, het beheer en het onderhoud van het openbaar riool. Het college kan buizen en bijbehorende werken voor de afvoer en inzameling van afvalwater, hemelwater op niet-openbare grond aanwijzen als openbaar riool en in die situaties streven naar het aangaan van een overeenkomst met de betrokken grondeigenaar over afspraken betreffende beheer en onderhoud van die leiding. Ieder niet openbaar riool is een particulier riool.

Afdeling 4 Beheer, onderhoud en gebruik Artikel 5 Beheer, onderhoud, renovatie en vervanging 1. 2.

Het beheer en onderhoud van het openbaar riool wordt uitgevoerd door of namens de gemeente en is voor rekening van de gemeente. Bij wijziging door de gemeente van de hoogteligging van het overnamepunt of bij aanpassen van de perceelaansluiting ten gevolge van een wijziging in het openbaar riool wordt de rechthebbende hierover door de gemeente in kennis gesteld en dient de 3

2332849

3.

rechthebbende ervoor te zorgen dat het particulier riool hierop kan worden aangesloten op een zodanige wijze dat de afvoer vanuit het perceel ongehinderd plaats kan vinden. De kosten voor eventuele aanpassingen van het particuliere riool ten gevolge van hetgeen in lid 2 is gesteld komen voor rekening van de gemeente en worden vooraf door de gemeente en rechthebbende overeengekomen.

Artikel 6 Verstoppingen en storingen 1. 2.

3.

4.

5.

Bij een verstopping of storing in de riolering onderzoekt de rechthebbende of het een verstopping of een storing betreft in het particulier riool of in het openbaar riool. Indien na het in lid 1 bedoelde onderzoek blijkt dat er sprake is van een verstopping of storing in het particulier riool, dan dient de rechthebbende deze verstopping of storing zelf en op eigen kosten te verhelpen. Indien na het in lid 1 bedoelde onderzoek blijkt dat sprake is van een verstopping of storing in het openbaar riool, dan neemt de rechthebbende met overleg van bewijs contact op met de gemeente voor het uitvoeren van de werkzaamheden. Indien bij het door de gemeente verrichten van de in lid 3 bedoelde werkzaamheden wordt geconstateerd dat het probleem is veroorzaakt door onjuist gebruik, zoals bedoeld in artikel 7, dan zullen de kosten voor de werkzaamheden aan de rechthebbende in rekening worden gebracht. In geval van de in lid 3 bedoelde situatie zijn de door rechthebbende gemaakte kosten naar redelijkheid en billijkheid voor rekening van de gemeente. De rechthebbende kan de gemeente aansprakelijk stellen voor de gemaakte onderzoekskosten met overleg van bewijs van de verstopping of storing in het openbaar riool en bewijs van de gemaakte kosten.

Artikel 7 Onjuist gebruik Het is verboden om: 1. hemelwater te lozen op het openbaar afvalwaterriool en op een IBA. 2. het riool op een onjuiste manier te gebruiken. Onder onjuist gebruik wordt in ieder geval begrepen: a. het lozen van stoffen die, vanwege hun aard en samenstelling, verstoppingen in de riolering veroorzaken; b. het lozen van stoffen die, door hun aard of concentratie, de constructie van de riolering aantasten; c. het lozen van stoffen die, door de hoeveelheid, de doelmatige werking van de riolering beïnvloeden.

Afdeling 5 Aansluitverplichting en afvoereisen Artikel 8 Aansluitverplichting 1. 2.

In het geval van nieuwbouw moet het perceel worden aangesloten op het openbaar riool. Per perceel wordt er één perceelaansluiting voor afvalwater aangelegd.

4

2332849

3.

4. 5.

6.

Onverminderd het bepaalde in afdeling 2 mag hemelwater alleen worden afgevoerd op de riolering als: a. het gaat om overtollig hemelwater; b. waterbergen, infiltreren of afwateren op oppervlaktewater niet mogelijk is. Indien lozing van hemelwater op het openbaar riool plaatsvindt wordt er één perceelaansluiting voor hemelwater aangelegd. In het geval er geen openbaar riool aanwezig is, wordt in overleg met de gemeente afvalwater van het perceel op een IBA aangesloten. Hemelwater dient te worden geïnfiltreerd in de bodem of geloosd op oppervlaktewater. In afwijking van het tweede en vierde lid worden meerdere perceelaansluitingen toegestaan bij: a. appartementengebouwen; b. technische beperkingen voor of doelmatigheidsoverwegingen bij het aansluiten van grotere diameters dan 160 mm.

Artikel 9 Afvoereisen 1. 2.

3.

Bedrijfsmatig afvalwater mag worden afgevoerd naar het openbaar riool mits de samenstelling van het te lozen water overeenkomt met huishoudelijk afvalwater. In het geval van een toename van de afvoercapaciteit als gevolg van nieuwbouw moet de rechthebbende een buffervoorziening aanleggen indien uit een capaciteitsberekening blijkt dat het de goede werking van het openbaar riool belemmert. De buffervoorziening is van voldoende capaciteit en het maximale afvoerdebiet mag niet worden overschreden.

Afdeling 6 Melding Artikel 10 Meldingsplicht 1. 2. 3. 4.

Het is verboden zonder melding bronneringswater te lozen op het openbaar riool. Ten minste vier weken en maximaal zes maanden voor het begin van de werkzaamheden moet de lozing worden gemeld. De lozing van bronneringswater moet zijn van voorzien van debietmeters, zandfilters, zuiveringsinstallaties en afsluiters. Het college kan voor de start van de werkzaamheden maatwerkvoorschriften stellen met betrekking tot: a. Het tot stand brengen van de aansluiting; b. De periode waarbinnen de lozing wordt gedaan; c. De locatie waar bronneringswater wordt geloosd.

5

2332849

Afdeling 7 Aanvraag toestemming Artikel 11 Toestemming 1. 2.

3. 4.

Het is verboden zonder toestemming van het college een aansluiting van een particulier riool op het openbaar riool tot stand te brengen of te wijzigen. Bij de toestemming van het college kunnen voorschriften worden opgenomen met betrekking tot: a. Het tot stand brengen van de aansluiting; b. Het onderhoud, de renovatie en de vervanging van de aansluiting; c. Sloopwerkzaamheden op het perceel van de rechthebbende; d. Het aanleggen van een buffervoorziening in geval van een toename van de afvoercapaciteit die de goede werking van het openbaar riool belemmert. Het college besluit binnen acht weken na ontvangst van de aanvraag. Indien de rechthebbende binnen zes maanden na verlening van de toestemming tot aansluiten geen verzoek heeft gedaan de aansluiting of wijziging van de aansluiting waarop die toestemming betrekking heeft, uit te voeren, kan het college de toestemming intrekken.

Artikel 12 De aanvraag 1.

2.

De aanvraag voor een toestemming tot aansluiten wordt schriftelijk met een daartoe bestemd formulier bij het college ingediend door de rechthebbende van het aan te sluiten perceel. De aanvraag voor een aansluiting op het openbaar riool wordt slechts in behandeling genomen nadat bij de aanvraag alle in het aanvraagformulier gevraagde gegevens zijn verstrekt. Bij ontbreken van gegevens wordt de rechthebbende daarover geïnformeerd en in de gelegenheid gesteld deze gegevens binnen vier weken na kennisgeving daarvan alsnog aan te vullen.

Artikel 13 Weigering van de toestemming 1.

2.

Een toestemming tot aansluiting kan slechts worden geweigerd indien de aansluiting van het particulier riool op het openbaar riool of wijziging van de aansluiting vanwege technische, juridische of milieuhygiënische redenen bezwaarlijk is. Aansluiting van het particulier riool op het openbaar riool of wijziging van die aansluiting is in ieder geval bezwaarlijk indien: a. Het openbaar riool ter plaatse niet over voldoende capaciteit beschikt om de hoeveelheid te lozen vloeistoffen te kunnen afvoeren; b. Het een lozing van afvalwater betreft dat door aard, concentratie en of samenstelling de goede werking van het openbaar riool kan belemmeren of de constructie aan kan tasten. c. Een omgevingsvergunning voor het aan te sluiten bouwwerk op het perceel is geweigerd; d. De gevraagde aansluiting een samengevoegde voorziening betreft, terwijl een gescheiden openbaar riool aanwezig is; 6

2332849

e. De gevraagde aansluiting een lozing voor afvalwater betreft, waarvoor krachtens de geldende milieuwetgeving een vergunning benodigd is, maar niet is verleend, of niet aan de geldende algemene regels is voldaan;

Afdeling 8 Aansluiting Artikel 14 Voorwaarden aansluiten op openbaar riool Het particulier riool voldoet aan de volgende voorwaarden: 1. De leidingen voldoen aan de eisen gesteld in de normbladen en/of KOMO-keur. 2. De kleuren van de leidingen bij nieuwbouw zijn: a. Bruin voor afvalwater (DWA) b. Groen voor hemelwater (HWA) 3. De sleuf of sleuven waarin de riolering op eigen terrein is gelegd, worden pas gedicht nadat de leiding(en) door de behandelend ambtenaar van de gemeente is of zijn gecontroleerd en toestemming heeft gegeven tot het dichten. 4. Binnen 0,5 meter vanuit de erfgrens op particulier terrein dient een controleput geplaatst worden, die direct vanaf maaiveld toegankelijk is. Wanneer dat niet mogelijk is, plaatst de gemeente in de openbare grond op kosten van de aanvrager een ontstoppingsstuk. 5. Het bouwwerk op het perceel dient glas en waterdicht te zijn voordat de aansluiting tot stand komt; 6. Het aan te sluiten particulier riool dient aanwezig te zijn conform de aanvraag van de aansluiting en de daarop verleende toestemming.

Artikel 15 Uitvoering 1. 2.

3.

De rechthebbende aan wie toestemming voor een aansluiting op het openbaar riool is verleend kan de gemeente verzoeken de perceelaansluiting aan te leggen of te wijzigen. Bij het verzoek tot aansluiting dienen in ieder geval de volgende gegevens door de rechthebbende te worden doorgegeven: a. de naam en het woonadres van de rechthebbende; b. de door de rechthebbende gewenste datum van uitvoering. De uitvoering van de aanleg of wijziging van de perceelaansluiting, inclusief de aansluiting van het particulier riool op de perceelaansluiting, vindt plaats door of vanwege de gemeente.

Artikel 16 Kosten 1. 2.

Voor de aanvraag voor een aansluiting op het openbaar riool, zoals bedoeld in artikel 12, brengt de gemeente kosten in rekening. Conform artikel 16 lid 1 brengt de gemeente de volgende bedragen in rekening: - aansluiting met een diameter van 125 mm waarbij de afstand tussen de erfscheiding en het hoofdriool minder dan 10 meter bedraagt : € 659 - aansluiting met een diameter van 160 mm waarbij de afstand tussen de erfscheiding en het hoofdriool minder dan 10 meter bedraagt : € 731 7

2332849

3. 4.

5.

- alle overige afwijkende afsluitingen zullen de werkelijke kosten in rekening worden gebracht. Hiervoor stelt de gemeente een begroting op, die voorafgaand aan de aanleg aan de aanvrager of rechthebbende wordt voorgelegd. Voor het lozen van bronneringswater wordt een bedrag in rekening gebracht dat voorafgaand aan de uitvoering aan de aanvrager wordt voorgelegd. Het college kan niet worden gehouden tot feitelijke aanleg van de perceelaansluiting over te gaan, voordat de rechthebbende zich schriftelijk akkoord heeft verklaard met de kosten van de aanleg van de perceelaansluiting en de over die kosten verschuldigde omzetbelasting. De kosten voor de aanleg van de perceelaansluiting kunnen niet meer in rekening worden gebracht indien deze reeds op andere wijze op de rechthebbende worden of zijn verhaald.

Afdeling 9 Overgangs- en slotbepalingen Artikel 17 Hardheidsclausule Het college kan van de bepalingen in deze verordening afwijken voor zover toepassing, gelet op het belang dat deze regeling beoogd te beschermen, zal leiden tot een onbillijkheid van overwegende aard.

Artikel 18 Toezicht Met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens deze verordening zijn belast de bij besluit van het college dan wel door het college aan te wijzen personen.

Artikel 19 Voorschriften 1.

2.

Aan een ontheffing, een melding en een toestemming tot aansluiten, als bedoeld in deze verordening, kunnen voorschriften en beperkingen worden verbonden. Deze voorschriften en beperkingen strekken slechts tot bescherming van het belang of de belangen in verband waarmee de ontheffing, melding of toestemming tot aansluiten is vereist. Degene aan wie een ontheffing, melding of toestemming tot aansluiten is verleend, is verplicht de daaraan verbonden voorschriften en beperkingen na te leven.

Artikel 20 Overgangsrecht 1. 2. 3.

De aanvragen tot aansluiting of wijziging van een aansluiting die voor de datum van inwerkingtreding zijn ingediend vallen niet onder deze verordening. Bij strijdigheid van deze verordening met bepalingen in overeenkomsten gesloten tussen de gemeente en de rechthebbende, prevaleert het bepaalde in de overeenkomsten. Op aansluitingen van een particulier riool op het openbaar riool, die op het moment van de inwerkingtreding van deze verordening krachtens de tot dan toe geldende regelgeving

8

2332849

4.

en voorschriften reeds zijn aangelegd, zijn de bepalingen van deze verordening van toepassing. Op tenders en ontwikkelovereenkomsten die binnen zes weken na inwerkingtreding van de verordening zijn afgesloten, zijn de bepalingen van deze verordening van toepassing.

Artikel 21 Strafbepalingen Overtreding van het bepaalde bij of krachtens deze verordening wordt gestraft met hechtenis van ten hoogste drie maanden of geldboete van de tweede categorie en kan bovendien worden gestraft met openbaarmaking van de rechterlijke uitspraak.

Artikel 22 Inwerkingtreding 1. 2.

Deze verordening treedt in werking op de dag na de datum van bekendmaking, behoudens artikel 2, tiende lid Artikel 2, tiende lid treedt in werking op de dag dat de Omgevingswet in werking treedt.

Artikel 23 Inwerkingtreding Omgevingswet 1.

2.

De navolgende artikelen komen te vervallen op de dag dat de Omgevingswet in werking treedt: a. artikel 2, negende lid, en b. artikel 3 De navolgende artikelen komen te vervallen op de dag dat de Omgevingswet in werking treedt voor zover die betrekking hebben op bepaalde in Afdeling 2: a. artikel 18, b. artikel 19, c. artikel 21, en d. artikel 24.

Steenbergen, 26 oktober 2023 De raad voornoemd, De voorzitter,

De griffier,

9

2332849

Bijlage 1

10

2332849

11

2332849

12

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://raad.gemeente-steenbergen.nl/api/v1/meetings/1664/documents/19165