CConstaterende datSteenbergen
Koppel je AI →
Document · PDF

2612996 RWB Begroting 2027.pdf

Besluitvormende Vergadering 25 juni 2026, gemeente SteenbergenBij agendapunt: 06.: Begrotingen verbonden partijen 2027.12.001 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Voorwoord voorzitter De samenwerking in Regio West-Brabant (RWB) krijgt in 2027 een ander gezicht. Vanaf 2027 worden de economische taken niet meer door RWB uitgevoerd, maar door de regio's de Baronie, Stedelijke Regio WestBrabant en Regionale Ontwikkelorganisatie REWIN B.V. De focus van RWB verschuift van beleidsrijk naar beleidsarme uitvoering en dienstverlening op het vlak van Kleinschalig Collectief Vervoer (KCV), Regioarcheologie en HR-dienstverlening vanuit het Mobiliteitscentrum (MBC). In deze begroting lichten we de financiële en beleidsmatige inzet voor 2027 toe. De begroting is opgesteld op basis van ongewijzigd beleid en de richtlijnen die door de 16 deelnemende gemeenten zijn meegegeven. De voorgenomen doorontwikkeling waarover de 16 gemeenten in 2026 besluiten, is van betekenis voor het begrotingsjaar 2027. De inwonerbijdrage van gemeenten aan de RWB zal met ingang van 1 januari 2027 dalen. We kunnen dat in deze ontwerpbegroting echter nog niet direct verwerken omdat de formele besluitvorming hierover in de 16 gemeenten nog niet heeft plaatsgevonden. Wel geven we inzicht aan de deelnemers: we benoemen welke financiële lasten direct gerelateerd zijn aan de economische onderdelen van de RWB (middelen en personele inzet). Daarmee is voor de gemeenten ook de toekomstige inwonerbijdrage duidelijk in beeld.

Nadat de besluitvorming in de gemeenten is afgerond zullen we de budgetten in onze begroting aanpassen met een begrotingswijziging.

DIENSTVERLENING DOOR RWB Onze inspanningen voor gemeenten op kleinschalig collectief vervoer, regio archeologie en HR-dienstverlening (MBC) leest u in het programma Regionale Dienstverlening. Ook in 2027 zetten deze onderdelen zich in voor een vooruitstrevende en kostenefficiënte service aan de deelnemers. Omdat RWB zich door ontwikkelt tot een primair dienstverlenende organisatie, vraagt dit om een aanpassing van de Gemeenschappelijke Regeling en onderlinge samenwerkingsafspraken. We zetten ons in om dat proces in 2027 af te ronden, zodat we vanaf 2028 een toekomstbestendige samenwerking en dienstverleningsorganisatie hebben staan. Ik wens u veel leesplezier!

Paul Depla, voorzitter Regio West-Brabant

Inhoudsopgave Organisatie van RWB en financiële uitgangspunten .....................................4 1. Programma Algemeen ......................................................................... 5 1.1 Algemene inzet op inhoud, bestuur en organisatie ................. 6 2.

Programma Nieuwe Economie ............................................................ 7 2.1 Inleiding en ontvlechting ......................................................... 7

3.

Regionale dienstverlening ................................................................... 9 3.1 Kleinschalig Collectief Vervoer ................................................. 9 3.1.1 Ontwikkeling en beheer Deeltaxi West-Brabant ...................... 9 3.1.2 Kostenbeheersing ................................................................... 10 3.1.3 Toekomstbestendig collectief vervoer .................................... 10 3.1.4 Samenwerking......................................................................... 10 3.2 Regioarcheologie en cultuurhistorie (R&C).............................. 11 3.2.1 Ondersteuning gemeenten ...................................................... 11 3.2.2 Bewustzijn, kennis en dienstverlening ..................................... 12 3.3 Mobiliteitscentrum ................................................................... 13 3.3.1 Pijler Mobiliteit......................................................................... 13 3.3.2 Pijler Leren en ontwikkelen - West-Brabant Academie ........... 14 3.3.3 Pijler Flexibele arbeidsmarkt .................................................... 15 3.3.4 Regievoering HR thema’s ......................................................... 16

4. Paragrafen ........................................................................................... 18 4.1 Weerstandsvermogen en risicobeheersing .............................. 19 4.2 Financiering .............................................................................. 22 4.3 Bedrijfsvoering .......................................................................... 22 4.4 Wet open overheid ................................................................... 24 4.5 Subsidies ................................................................................... 25 5.

6.

7.

8.

9.

Financiële Begroting ........................................................................... 26 5.1 Overzicht van baten en lasten per programma ........................ 26 5.2 Overzicht van incidentiele baten en lasten .............................. 27 5.3 Toelichting op het overzicht van baten en lasten..................... 28 De uiteenzetting van de financiële positie 2025................................. 30 6.1 Geprognosticeerde begin- en eindbalans................................. 30 6.2 Berekend EMU-saldo................................................................ 32 6.3 Verloop van de reserves ........................................................... 33 Meerjarenraming 2027-2029.............................................................. 36 7.1 Raming baten en lasten 2027 – 2029 ....................................... 36 7.2 Raming van incidentele baten en lasten 2027 – 2028 .............. 37 7.3 Toelichting meerjarenraming baten en lasten 2027 – 2029 ...... 38 De uiteenzetting van de financiële positie 2027 – 2029 ..................... 39 8.1 Geprognosticeerde begin- en eindbalans 2027 – 2029 ............ 39 8.2 Verloop EMU-saldo 2027-2028 ................................................ 41 Verloop reserves 2027 – 2028 ............................................................ 42

Bijlage 1: Overzicht baten en lasten per taakveld ...................................... 43 Bijlage 2: Bijdrage deelnemende gemeenten ............................................. 44 Bijlage 3: Bijdrage B.V. REWIN West-Brabant 2027.................................... 48 Bijlage 4: Raming bijdrage uitvoeringsgerichte taken 2027 ....................... 50 Bijlage 5: Bijdrage Kleinschalig Collectief Vervoer (KCV) ............................ 54 Bijlage 6: Inzicht in ontvlechting……………………………………………………………..56

Organisatie van RWB BESTUURLIJKE SAMENWERKING De samenwerking in West-Brabant verandert in 2027 zoals toegelicht in het voorwoord en dat vertaalt zich ook in de bestuurlijke sturing. In 2027 zal de samenwerking nog zijn basis hebben in de huidige gemeenschappelijke regeling. Voor het ‘tussenjaar’ 2027 zullen de bestuurlijke gremia ingericht worden passend bij de beleidsarme dienstverlening vanaf 2027. De sturing ziet er als volgt uit: Algemeen bestuur (AB) De 16 deelnemers vaardigen een collegelid af. Na de gemeenteraadsverkiezingen in 2026 nemen de colleges hier opnieuw besluiten over. Het algemeen bestuur stelt de inhoudelijke en financiële kaders vast.

Bestuurscommissie Kleinschalig Collectief Vervoer Bestaat uit wethouders sociaal domein en vervoer plus een vertegenwoordiger van de provincie Noord-Brabant. De bestuurscommissie organiseert o.a. het WMO-vervoer (deeltaxi) en het leerlingenvervoer bij enkele gemeenten.

Het strategisch beraad (SB) Bestaat uit de voorzitter van RWB (de burgemeester van Breda), de vicevoorzitter, tevens portefeuillehouder Middelen, Organisatie en Regionale Dienstverlening en de voorzitters van de Stedelijke Regio West-Brabant en Gemeenschappelijke Regeling de Baronie. Het strategisch beraad vormt het dagelijks bestuur.

Opdrachtgevend Beraad (OGB) (onder voorberhoud besluitvorming) Samengesteld uit gemeentesecretarissen van de aangesloten gemeenten, gemandateerd door het Strategisch Beraad. Geeft sturing aan de dienstverlening en uitvoering van de gehele RWB organisatie. De Stuurgroep Mobiliteitscentrum wordt hierin opgenomen.

1. Programma Algemeen Een aantal overkoepelende activiteiten voert RWB uit voor een goede organisatie. Deze vinden hun plek in het programma ‘Algemeen’.

1.1 Algemene inzet op inhoud, bestuur en organisatie WAT WILLEN WE BEREIKEN? RWB functioneert als een dienstverlenende organisatie voor eigenaren en partners. RWB werkt productgericht en is financieel in control.

WAT GAAN WE DAARVOOR DOEN? • Ondersteuning strategisch beraad en algemeen bestuur. • Organiseren nieuwe inrichting bestuurlijke gremia na verkiezingen. • Implementeren uitkomsten van doorontwikkeling organisatie • Meer inzet op informatiehuishoudingen -veiligheid om te voldoen aan (toenemende) wettelijke eisen. • Verdergaand implementeren van 1e, 2e- en 3e-lijnscontrole op financiële processen ten behoeve van risicobeheersing.

WAT GAAT HET KOSTEN? (bedragen x € 1.000)

Programma Algemeen

Realisatie 2025

Begroting 2026

Begroting 2027

Baten

Lasten

Saldo

Baten

Lasten

Saldo

Baten

Lasten

Saldo

Transitiebudget

-

189

-189

-

200

-200

-

200

-200

Totaal programma

-

189

-189

-

200

-200

-

200

-200

Saldo van de financieringsfunctie

164

-

164

200

-

200

200

-

200

Totaal algemene dekkingsmiddelen

164

-

164

200

-

200

200

-

200

Kosten van de overhead

1.412

1.923

-511

1.494

2.042

-548

1.570

2.145

-576

Totaal saldo baten en lasten

1.576

2.112

-536

1.694

2.242

-548

1.770

2.345

-576

49

-

49

-

-

-

-

-

-

1.625

2.112

-487

1.694

2.242

-548

1.770

2.345

-576

Algemene dekkingsmiddelen

Toevoegingen en onttrekkingen aan reserves Begroot resultaat

2. Programma Nieuwe Economie 2.1 Inleiding en ontvlechting De Strategische Agenda 2024-2028 concretiseert de overheidsbijdrage aan de ambitie van de Economic Board West-Brabant (EBWB). De EBWB is de regionale triple helix samenwerking waarin de drie O’s van ondernemers, onderwijs en overheid samenwerken. De EBWB heeft de Economische Ambitie 2030 opgesteld. Doel is: “West-Brabant is in Nederland dé voorloper in de transitie naar de nieuwe economie en is de plek voor innovatieve ondernemers die daaraan bijdragen.” In 2026 wordt de agenda van de EBWB 2027-2030 vastgesteld. De uitvoering van de O van overheid in de triple is na ontvlechting niet meer aan RWB, maar aan de Stedelijke Regio West Brabant en de Baronie. De uitvoering van de Strategische Agenda 2024-2028 van RWB eindigt eind 2026. Met het ontvlechten van de beleidsrijke economische taken, zal ook de beperkte taak Gedeeld Mobiliteit (afstemming met provincie over de OVconcessie) bij RWB komen te vervallen.

WAT GAAT HET KOSTEN? (bedragen x € 1.000)

Realisatie 2025

Begroting 2026

Begroting 2027

Programma Nieuwe economie

Baten

Lasten

Saldo

Baten

Lasten

Saldo

Baten

Lasten

Saldo

Algemeen

336

236

101

372

372

-

320

320

-

1.530

1.100

429

1.502

1.502

-

1.583

1.583

-

Projecten

826

731

95

935

935

-

935

935

-

O&O fonds

346

346

-

313

313

-

314

314

-

REWIN

2.766

2.786

-20

2.892

2.892

-

3.039

3.039

-

Totaal saldo baten en lasten

5.804

5.199

605

6.013

6.013

-

6.192

6.192

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

5.804

5.199

605

6.013

6.013

-

6.192

6.192

-

Strategische agenda

Toevoegingen en onttrekkingen aan reserves Begroot resultaat

3. Regionale dienstverlening 3.1 Kleinschalig Collectief Vervoer INLEIDING Binnen de bestuurscommissie KCV organiseren 16 gemeenten samen het deur-deur-taxivervoer voor mensen met een Wmo-indicatie. Op plaatsen of tijden waar(op) geen lijngebonden OV beschikbaar is, worden reizigers namens de provincie Noord-Brabant vervoerd van en naar OV-overstaphaltes waar een overstap op bus of trein mogelijk is.

3.1.1 Ontwikkeling en beheer Deeltaxi West-Brabant WAT WILLEN WE BEREIKEN? Beheer nieuwe vervoersovereenkomst: • Uitvoering volgens afspraken – bewaking via KPI’s. • Klanttevredenheid op niveau 8,0. Continue kwaliteitsbewaking via doorlopend KTO. • Correcte kostentoerekening. • Integratie doelgroepenvervoer onderzoeken / doorvoeren.

WAT GAAN WE DAARVOOR DOEN? • Intensieve samenwerking met gemeenten, provincie en externe ondersteuning bij beheer en ontwikkeling vervoersovereenkomst Wmo-vervoer en Bravoflexformules. • Verdere integratie leerlingenvervoer voor gemeenten die dat willen. • Contractbeheer/-management: ▪ Communicatieactiviteiten. ▪ Monitoren van vervoersprestaties. ▪ Meten van de klanttevredenheid (doorlopend). ▪ Toezicht klachtafhandeling. ▪ Behandelen van bezwaren. ▪ Financiële controle en afwikkeling. ▪ Volgen ontwikkelingen doelgroepenvervoer.

3.1.2 Kostenbeheersing WAT WILLEN WE BEREIKEN? • Gelijkblijvende kosten plus afgesproken indexeringen • Verdere verlaging uitvoeringskosten KCV • Diverse kostenbesparende opties inzetten (bijvoorbeeld verdere uitbreiding voorliggende velden, verhogen zelfredzaamheid, verbeteren processen).

WAT GAAN WE DAARVOOR DOEN? • Werkprocessen lean inrichten • Benchmarken op effecten kostenbesparende opties. • Gemeenten adviseren over individuele mogelijkheden kostenbeheersing.

3.1.3 Toekomstbestendig collectief vervoer WAT WILLEN WE BEREIKEN? • Stimuleren gebruik mobiliteitsoplossingen (bijvoorbeeld lijngebonden OV) voor ouderen, jongeren en mensen met een beperking. • Efficiënt organiseren van ander doelgroepenvervoer.

WAT GAAN WE DAARVOOR DOEN? • Leerlingen in speciaal voortgezet onderwijs via virtual reality bekend maken met het OV. • Gemeenten ondersteunen die de Voor Elkaar Pas op willen nemen als aanvullende/voorliggende voorziening. • Inzet van de mobiliteitsconsulenten vergroten door betere bekendheid. Intern verzorgen van training en netwerkbijeenkomsten. • Vindbaarheid verbeteren en actueel houden van verschillende soorten vervoer.

3.1.4 Samenwerking WAT WILLEN WE BEREIKEN? • Samen sturen op uitvoering van de vervoersovereenkomst. • Grote consensus over voorgestelde besluiten. • Bestuurders hebben inzicht in kostenontwikkeling.

WAT GAAN WE DAARVOOR DOEN? • Periodieke afstemming met regio-overstijgende organisaties ter bevordering van het doelgroepen vervoer. • Kostenramingen 2 keer herijken.

3.2 Regioarcheologie en cultuurhistorie (R&C) INLEIDING Team regioarcheologie en cultuurhistorie adviseert en ondersteunt gemeenten bij uitvoering van de wettelijke zorgplicht voor archeologie (en cultuurhistorie) op beleidsmatig- en projectniveau. Het team fungeert als kenniscentrum archeologisch erfgoed en helpt bij het uitdragen van het verhaal achter de historie. Ook stelt het team als doel om meer bewustzijn te (helpen) creëren bij WestBrabantse gemeenten en inwoners op het gebied van het culturele erfgoed.

3.2.1 Ondersteuning gemeenten WAT WILLEN WE BEREIKEN Deskundige beleids- en projectmatige ondersteuning van 10 afnemende RWB-gemeenten (en Gilze en Rijen) in hun wettelijke zorg- plicht voor het archeologisch en cultuurhistorisch erfgoed.

WAT GAAN WE DAARVOOR DOEN? Op verzoek van afnemende RWB-gemeenten ondersteunt Team R&C beleids- en projectmatig door de volgende werkzaamheden: • Adviseren op maat over de omgang met archeologie bij ruimtelijke ontwikkelingen. • Beoordelen/adviseren bij Programma’s van Eisen, rapportages, evaluatieverslagen, Plannen van Aanpak, offertes, omgevingsvergunningen, archeologisch veldonderzoek en de archeologische monumentenzorg in het algemeen. • Beleidsadvisering en begeleiding van archeologische thematische wijzigingen van omgevingsplannen. • Adviseren bij en begeleiden van het updaten van gemeentelijke archeologiekaarten en het bieden van handvatten voor het uitvoeren ervan. • Het opstellen van archeologiebeleid.

3.2.2 Bewustzijn, kennis en dienstverlening WAT WILLEN WE BEREIKEN Meer kennis en bewustzijn creëren bij RWB-gemeenten en inwoners op gebied van het archeologisch en cultuurhistorisch erfgoed.

WAT GAAN WE DAARVOOR DOEN? • Het onderhouden van de regionale richtlijnen voor archeologisch onderzoek. • Deelname aan verschillende deskundigenplatformen en symposia voor uitbreiding van netwerk en vergroting inhoudelijke kennis, ook van de omgevingswet. • Verdere inrichting GIS-omgeving voor de invulling van het Digitaal Stelsel Omgevingswet voor de gemeenten. • Onderhoud projectarchief voor de gemeenten. • Onderhoud communicatie- en informatiestroom richting RWBgemeenten en vakgenoten, maar ook op verzoek richting inwoners en heemkundekringen/archeologische verenigingen (website, Teams, STACK en op verzoek lezingen, tentoonstellingen e.d.).

3.3

Mobiliteitscentrum

INLEIDING Het Mobiliteitscentrum (MBC) streeft naar het bewegen van talenten. We zijn (kennis)partner voor leidinggevenden en HR op het gebied van arbeidsmarktvraagstukken, werken aan de invulling van posities en zetten in op ontwikkeling en behoud van talent- en kennis voor gemeenten. We helpen met het werven van talent, zowel de tijdelijke inhuur geven we vorm als de vaste vacatures. MBC investeert in de talenten van aangesloten gemeenten en verbonden partijen in de vorm van persoonlijke ontwikkeling en groei. Door de juiste mensen op de juiste functie binnen de juiste organisatie te plaatsen kunnen ambities van de toekomst worden waargemaakt. MBC zet in op duurzame inzetbaarheid van personeel binnen veranderende organisaties. Het MBC vervult als het ware de rol van ‘verlengd werkgever’ namens de aangesloten organisaties met een regionaal georganiseerde HR-functie.

3.3.1 Pijler Mobiliteit WAT WILLEN WE BEREIKEN? • Mobiliteit van medewerkers van aangesloten organisaties bevorderen. • Medewerkers en (oud-)bestuurders helpen in het vinden van een passende werkplek. • Medewerkers hebben inzicht in hun ontwikkelmogelijkheden en worden ondersteund in hun sollicitatieproces. • Talenten van medewerkers van aangesloten organisaties zijn in beeld. • Werkgeluk en het kunnen omgaan met werkdruk.

WAT GAAN WE DAARVOOR DOEN? • Matches vinden op (tijdelijke) vacatures, klussen en projecten. • Bieden van loopbaanadvies, mobiliteitsadvies, coaching op persoonlijke ontwikkeling, coaching omgaan met stress, ontwikkelassessments en selectie-assessments, zowel individueel als in groepen door gecertificeerde onafhankelijke coaches. Hierbij richten we ons op ambtenaren en wethouders. • Begeleiden van arbeidsmarktbemiddeling voor regionale kandidaten. • Organiseren en implementeren van Europese aanbestedingen voor vacature-invulling. • Ondersteuning van verbonden organisaties bij de invulling van vacatures en begeleiding in het wervingsproces.

3.3.2 Pijler Leren en ontwikkelen - West-Brabant Academie WAT WILLEN WE BEREIKEN? • De expertise van individuele medewerkers/organisaties op het gebied van leren & ontwikkelen (L&O) is regionaal verbonden in een leer- en ontwikkelnetwerk. • Voorzien in een structureel, regionaal aanbod van interne opleidingen, trainingen en ontwikkelkansen. • Een bijdrage leveren aan het binden en boeien van de medewerkers van onze aangesloten organisaties.

WAT GAAN WE DAARVOOR DOEN? • Ontwikkelen van leerlijnen, mede in combinatie met strategische partners. • Organiseren van (online) trainingen, workshops, zowel met open inschrijving als in company. • Het organiseren van een L&O netwerk, bestaande uit collega’s uit de regio. • Uitbreiding en positionering regionaal Learning Experience Platform (LXP), inclusief inkoopvoordeel voor gemeenten. • Er is een structureel, regionaal aanbod van interne opleidingen en trainingen. Deze leveren een bijdrage aan het binden en boeien van de medewerkers en hun duurzame inzetbaarheid.

3.3.3 Pijler Flexibele arbeidsmarkt Flex West-Brabant WAT WILLEN WE BEREIKEN? • Door proactief te faciliteren in het gehele proces huren klanten doeltreffend, doelmatig en rechtmatig tijdelijk personeel in. • Alle aangesloten partijen zijn hiermee in staat regie te voeren op externe inhuur van tijdelijk personeel. • Doelmatige en rechtmatige inkoopprocessen.

Flexpool WAT WILLEN WE BEREIKEN? • Talenten aantrekken en behouden voor de regio. • Bevorderen (zij)instroom van (jong) talent in de deelnemende organisaties. • Faciliteren in een regionaal flexibel loopbaan pad voor jonge en ervaren medewerkers. • Flexibele, kwalitatieve inzet leveren aan aangesloten organisaties door de inzet van talenten • Onderlinge kruisbestuiving tussen de professionals en organisaties zodat kennis behouden blijft in de regio. • Inperken van externe inhuur in de regio. Bevorderen van interne flexibilisering van arbeid.

Begroting 2025

WAT GAAN WE DAARVOOR DOEN? • Management Systeem (VMS) en flexibele arbeid mantelpartijen) • De service die geleverd wordt aan de deelnemende partijen door de Inhuurdesk gebeurt op basis van afgestemd maat- werk d.m.v. vastgestelde dienstverleningsmodellen • Adviseren en informeren van aangesloten partijen over wetswijzigingen en ontwikkelingen in de (flexibele) arbeidsmarkt.

WAT GAAN WE DAARVOOR DOEN? • Het realiseren van een keten van flexibele regionale inzet van junior tot senior. • Flexibele en slimme ondersteuning aan deelnemende organisaties door de inzet van talent op tijdelijke projecten door deze vorm van ‘verlengd werkgeverschap’. • Capaciteit van de flexpools laten aansluiten bij de behoefte vanuit de arbeidsmarktkrapte, blijkens analyse uit inhuurdesk, vacatures en vanuit de regio. • Ontwikkelen van deskundigheid van flexibel inzetbare professionals en waar mogelijk en wenselijk doorstroom bij aangesloten organisaties realiseren.

27

3.3.4 Regievoering HR thema’s WAT WILLEN WE BEREIKEN? • Regionale samenwerking op HR-thema’s vergroten. • Samenbrengen van de regionale kennis, kunde en capaciteit voor synergie en efficiëntie. • Aanjagen en implementeren van de regionale HR-visie, inclusief speerpunten van beleid die regionaal zijn bepaald door de HR-professionals van onze aangesloten organisaties. • Regievoering op de regionale HR-projecten die voortvloeien uit de regionale speerpunten. • Trends, ontwikkelingen en behoeften uit de regio vertalen naar regionale speerpunten en diensten ten behoeve van aangesloten organisaties • Vanuit draagvlak gezamenlijke koers bepalen die richting vormend is voor de uitvoering van de verschillende pijlers. • Organisatie van de HR-stuurgroep en een strategisch HRprofessionals-netwerk.

Begroting 2025

WAT GAAN WE DAARVOOR DOEN? • Aanjagen van de regionale HR-visie (en bijbehorende projecten), inclusief speerpunten van beleid die regionaal zijn bepaald door de HR-professionals van onze aangesloten organisaties. De dienstverlening ontwikkelt hierin mee. • Regievoering op de regionale HR-projecten die voortvloeien uit de regionale speerpunten. • Organisatie van bijeenkomsten van de HR-stuurgroep en het strategisch HR-professionals-netwerk. • Het aangaan en onderhouden van regionale en landelijke arbeidsmarktnetwerken. • Publicatie kennisartikelen/video’s.

WAT GAAT HET KOSTEN? (bedragen x € 1.000)

Programma Regionale dienstverlening KCV Regioarcheologie

Realisatie 2025

Begroting 2026

Begroting 2027

Baten

Lasten

Saldo

Baten

Lasten

Saldo

Baten

Lasten

Saldo

11.714

11.574

140

13.375

13.400

-25

12.867

12.867

-

323

266

57

354

302

52

364

309

54

Mobiliteitscentrum

-

- Algemeen

1.281

1.214

67

1.188

1.169

19

1.398

1.378

20

- Flexpool

2.624

2.598

26

4.329

4.146

183

4.661

4.469

192

- Flex West-Brabant

3.484

3.312

172

3.375

3.081

294

3.581

3.272

309

Totaal saldo baten en lasten

19.426

18.965

461

22.621

22.099

523

22.871

22.295

576

-

50

50

25

461

22.671

573

22.896

Toevoegingen en onttrekkingen aan reserves Begroot resultaat

Begroting 2025

19.426

18.965

22.099

25 22.295

601

4. Paragrafen 4.1 Weerstandsvermogen en risicobeheersing 4.2 Financiering 4.3. Bedrijfsvoering 4.3. Wet open overheid 4.5. Subsidies Het ‘Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten’ schrijft voor om bepaalde paragrafen op te nemen in de jaarstukken. De paragrafen die niet van toepassing zijn voor RWB worden niet beschreven. Vanwege de subsidiestromen bij RWB is ervoor gekozen om hier wel de niet-verplichte paragraaf Subsidies toe te voegen.

Begroting 2025

4.1 Weerstandsvermogen en risicobeheersing In deze paragraaf wordt de financiële positie van RWB beschreven. WEERSTANDSVERMOGEN Het algemeen bestuur van RWB stelde op 3 juli 2025 de Nota reserves en voorzieningen 2025 vast. Hiermee ligt vast hoe RWB met de instelling van reserves omgaat, risico’s financieel vertaald en wat de maximale hoogte is van reserves met een bufferfunctie die tezamen het weerstandsvermogen of -capaciteit vormen . Onder weerstandscapaciteit verstaan we de middelen en mogelijkheden die RWB heeft om onverwachte, niet-begrote kosten te kunnen dekken. Om te beoordelen of deze capaciteit voldoende is, wordt het ratio weerstandsvermogen berekend: ratio weerstandsvermogen = beschikbare weerstandscapaciteit/risicowaarde. Om de ratio voor het weerstandsvermogen te kunnen beoordelen wordt gebruik gemaakt van een waarderingstabel die in samenwerking tussen het Nederlands Adviesbureau voor Risicomanagement (NAR) en de Universiteit van Twente tot stand is gekomen. Waarderingscijfer A B C D E F

Begroting 2025

Ratio weerstandsvermogen >2 1,4 < x < 2,0 1,0 < x < 1,4 0,8 < x < 1,0 0,6 < x < 0,8 < 0,6

Betekenis Uitstekend Ruim voldoende Voldoende Matig Onvoldoende Ruim onvoldoende

RWB houdt als aanvaardbaar ratio weerstandsvermogen 1,0 aan. Dit volstaat omdat de deelnemende gemeenten financieel garant staan. Naast een algemene reserve zijn er voor een de onderdelen van RWB, met instemming van het algemeen bestuur, reserves gevormd als weerstandscapaciteit. Deze splitsing is gewenst omdat verschillende onderdelen van RWB diensten verlenen aan minder of meer partijen dan de 16 deelnemende gemeenten. Uitgangspunt van RWB is dat de onderdelen moeten zorgen voor een gezonde businesscase. En daar hoort ook een buffer bij om tegenvallers op te vangen. De totale buffercapaciteit die bij RWB aanwezig is bedraagt echter niet meer dan 8% van de begrote lasten en onttrekkingen uit de reserves, zoals opgeschreven is in de Nota Verbonden Partijen. Op basis van een geactualiseerde berekening van risicobedragen en de daarop geënte baseerde plafondbedragen, bedraagt de maximale buffercapaciteit minder dan 4%.

RISICO’S RWB loopt op verschillende onderdelen risico’s. Welke dit zijn en wat de omvang daarvan is wordt weergeven in het volgende overzicht. Programma

Risico

Kans

Risicobedrag (€ x 1.000)

Bedrijfsvoering

Vertrek sleutelfiguren

Gemiddeld

110

Bedrijfsvoering

CEO-fraude

Zeer klein

75

Bedrijfsvoering

ICT-beveiliging & Cybercrime Klein

50

Nieuwe Economie (SA)

Langdurige ziekte / Welzijn

Groot

140

Nieuwe Economie (SA)

Fraude bij O&O-fonds subsidie

Zeer klein

50

Nieuwe Economie (SA)

Niet voldoen aan subsidievereisten

Zeer klein

40

Nieuwe Economie (SA)

Stranded costs (Website/Contracten)

Groot

15

Nieuwe Economie (SA)

Cofinanciering Regio Deal

Klein

80

KCV

Vertrek sleutelfiguren

Gemiddeld

110

KCV

Aanbestedingsrisico

Klein

40

Klein

75

Zeer klein

35

KCV Regioarcheologie

Continuiteitsrisico vervoerder Terugval in vraag vanuit gemeenten

Regioarcheologie

Langdurig ziekte

Klein

50

MBC (Algemeen)

Langdurige ziektes

Zeer klein

133

MBC (Algemeen)

Grote leverancier (Careernet) Klein valt om

26

MBC (Flex West-Brabant)

Schending privacywet (AVG)

Klein

10

MBC (Flex West-Brabant)

Leverancier (Netive) valt om

Klein

31

MBC (Flex West-Brabant)

Hacking software (Netive)

Klein

36

MBC (Flex West-Brabant)

Hoge kosten juridische geschillen

Zeer klein

60

MBC (flexpool)

Geen vraag naar interne inhuur

Zeer klein

264

MBC (flexpool)

Langdurige ziektes

Zeer klein

Totaal

Begroting 2025

146 1.576

Toelichting Vertrek sleutelfiguren door reorganisatie-onzekerheid. Misbruik bevoegdheden. Kwetsbaarheid ICT-Beveiliging waardoor Reorganisatie-onzekerheid Risico op onjuiste aanvragen of misbruik van middelen door derden. Risico op terugvordering van ontvangen subsidies (o.a. Regio Deal). Kosten voor middelen die inhoudelijk niet meer aansluiten op de nieuwe koers. Risico dat partners hun aandeel niet leveren voor de Regiodeal Vertrek sleutelfiguren door reorganisatie-onzekerheid. Juridische procedures tijdens aanbestedingstrajecten. Dat de vervoerder niet meer is, en er nieuwe vervoerder moet gezocht Risico op terugval in vraag vanuit gemeenten. Noodzaak tot inhuur bij uitval van capaciteit. Financiële impact van verzuim binnen de MBC Algemeen.

Bedrijfsvoering

235

Ratio weerstands- Beoordeling vermogen 200 0,9 matig

Nieuwe Economie (SA)

325

110

0,3 ruim onvoldoende

KCV

225

85

0,4 onvoldoende

Onderdeel

Totaal risicobedrag

Weerstandscapaciteit

Regioarcheologie

85

100

1,2 voldoende

MBC (Algemeen)

159

170

1,1 voldoende

MBC (Flex West-Brabant)

137

-

-

MBC (Flexpool)

410

248

0,6 matig

Totaal

1.576

913

0,6 onvoldoende

ruim onvoldoende

Risico’s op totaal RWB (Bedrijfsvoering) Hier spelen uiteenlopende risico’s, de grootste hebben te maken met uitval of vertrek van personeel (de noodzaak om tijdelijk duurder externen in te moeten huren) en de kans op kosten van hacks op de algemene ICT-voorzieningen. De totale omvang van de risico’s op deze onderdelen bedraagt afgerond € 235.000. Risico’s op Nieuwe economie Hier gaat het ook om mogelijke kosten in de personele sfeer. Daar- naast om mogelijke risico’s bij de subsidiestromen. Het risicobedrag is afgerond € 325.000. Per 2027 bevat de reserve ook dit bedrag.

Continuïteitsrisico bij faillissement van cruciale dienstverlener. Boetes of claims door onjuiste verwerking van persoonsgegevens. Impact op de inhuurdesk bij uitval van de softwareleverancier. Risico op datalekken of systeemuitval bij de softwarepartner. Noodzaak tot externe juridische inhuur bij complexe leveranciersconflicten. Mismatch waarbij consultants in de pool niet geplaatst kunnen worden. Risico op loondoorbetaling bij ziekte binnen de consultants-pool.

Risico’s op Kleinschalig Collectief Vervoer (KCV) De grootste risico’s bij KCV betreffen aanbestedingen en vertrek van personeel. De omvang van de risico’s bedraagt € 225.000.

Risico’s op Regioarcheologie Het grootste risico op dit onderdeel is uitval van personeel en een grotere vraag waarvoor extern ingehuurd moet worden. Het risicobedrag is € 85.000.

Risico’s op MBC (Flex West-Brabant) Binnen dit onderdeel van MBC worden Europese aanbestedingen uitgevoerd en is er risico op problemen met de specifieke ICT-systemen het totale risicobedrag bedraagt € 137.000.

Risico’s op Mobiliteitscentrum (MBC) Hier kan sprake zijn van extra personele kosten en kosten door lagere declarabiliteit. Het risicobedrag is € 159.000.

Risico’s op MBC (Flexpool) Bij het onderdeel Flexpools (de pool van consulenten) is het risico gelegen in uitval van personeel door (langdurige) ziekte, wat leidt tot bijkomende kosten. Daarnaast is de kans aanwezig dat het aanbod niet goed aansluit op de vraag en leidt tot verminderde inzetbaarheid. Beide risico’s worden als zeer klein ingeschat, maar door de omvang van de pool leidt dit tot een (aanwezig) risicobedrag van € 417.000.

Begroting 2025

FINANCIËLE KENGETALLEN Financiële kengetallen zijn getallen die de gezondheid van de organisatie weergeven. Hieronder bespreken we de drie relevante kengetallen van RWB: Netto schuldquote Kengetal Netto schuldquote

Structurele exploitatieruimte Verslag 2025

Begroting 2026

-5,75%

Begroting 2027

-3,02%

-5,46%

Dit kengetal geeft een indicatie van de hoogte van de schuld in relatie tot de baten van RWB. De Vereniging van Nederlandse Gemeenten geeft aan dat als dit percentage boven de 130% uitkomt, de organisatie in de gevarenzone zit. Een percentage van -3,04% is gezond. Solvabiliteitsratio Kengetal Solvabiliteitsratio

Verslag 2025 15%

Begroting 2026

Begroting 2027

12%

15%

Dit kengetal geeft aan in hoeverre RWB in staat is aan haar financiële verplichtingen te voldoen. Hoe hoger de solvabiliteit hoe beter.

Begroting 2025

Kengetal Structurele exploitatieruimte

Verslag 2025 -2,48%

Begroting 2026

Begroting 2027

0,00%

-0,65%

Dit kengetal geeft aan hoe groot de structurele exploitatieruimte is. Een negatief percentage betekent dat de structurele baten niet toereikend zijn om de structurele lasten te dekken

4.2 Financiering In deze paragraaf wordt ingegaan op hoe RWB omgaat met zijn financieringsrisico’s. KASGELDLIMIET De kasgeldlimiet is het maximale bedrag waarmee een financieringstekort met een kortlopende lening gefinancierd mag worden (Wet fido). De tabel hieronder geeft de kasgeldlimiet voor 2027 weer. Kasgeldlimiet

4.3 Bedrijfsvoering Deze paragraaf gaat in op de belangrijkste ontwikkelingen en de stand van zaken binnen de bedrijfsvoering van RWB.

2027

Begrotingstotaal

30,8 miljoen

Toegestane kasgeldlimiet (8,2%)

2,5 miljoen

RWB ontvangt veel van zijn inkomsten vooruit. Hierdoor heeft RWB geen financieringstekort. RENTERISICONORM De renterisiconorm beperkt het renterisico op de vaste schuld. De norm bepaalt dat de jaarlijkse verplichte aflossing en de rente niet meer mogen bedragen dan 20% van het begrotingstotaal. RWB heeft geen leningen, waardoor een overschrijding van deze norm niet aan de orde is. LIQUIDITEITSPLANNING/FINANCIERINGSBEHOEFTE De jaarlijkse lasten worden gefinancierd door de jaarlijkse bijdragen van gemeenten, provincie en derden. Bij tijdige ontvangst van deze bijdragen, zorgt RWB ervoor dat er geen liquiditeitsprobleem ontstaat.

Begroting 2025

RENTEKOSTEN EN RENTEKOPBRENGSTEN RWB heeft geen aangetrokken, verstrekte leningen, investeringen en/of grondexploitaties. Daaraan gerelateerde rentelasten en/of baten zijn voor RWB niet van toepassing.

PERSONEEL Onderdeel Overhead

9,8

Algemeen

2,3

Strategische Agenda

10,3

Kleinschalig Collectief Vervoer (KCV)

1,8

Regioarcheologie

2,6

Mobiliteitscentrum (MBC)

6,7

Flex West-Brabant

10,5

Flexpool

34,9

Totaal

78,9

4.4 Wet open overheid Per 1 mei 2022 is de Wet open overheid (Woo) gedeeltelijk in werking getreden. Deze vervangt de Wet openbaarheid van bestuur (Wob). Overheden hebben zowel een passieve als actieve informatieplicht. Vanuit het Rijk zal fasegewijs duidelijkheid verschaft worden over de onderscheiden categorieën waarbij sprake is van een actieve informatieplicht. Vooruitlopend daarop heeft RWB zich aangemeld bij de Woo-index en vanaf 2024 is daarin aangegeven welke informatie op de RWB-website te vinden is.

Begroting 2025

4.5 Subsidies De subsidies van RWB zijn alle onderdeel van de ontvlechting van economische taken en zullen in lijn met de besluitvorming hierover worden overgedragen naar de organisatie die vanaf 2027 voor de uitvoering aan de lat staat. ONDERZOEK EN ONTWIKKELFONDS (O&O) Aanjagen, ontwikkelen en initiëren van projecten die goed zijn voor West-Brabant en de regio op de kaart zetten. Dat doet het O&O-fonds. Subsidie kan worden aangevraagd door rechtspersonen, zowel privaat als publiek die in West-Brabant gevestigd zijn. Indien de subsidieaanvrager een private partij betreft, moet sprake zijn van samenwerking met minimaal een andere partij. Samenwerking in triple-helix verband wordt aangemoedigd. Het subsidieplafond (subsidiepot) wordt jaarlijks bepaald op basis van de bijdrage van de deelnemende gemeenten en de vrijval definitieve beschikte projecten. Het saldo van het subsidieplafond op 31 december van het jaar wordt teruggestort naar de deelnemende gemeenten.

Begroting 2025

SUBSIDIEREGELING REWIN De economische ontwikkelmaatschappij B.V. REWIN West-Brabant is in 1986 opgericht door de overheid, en de overheden zijn als aandeelhouder formeel eigenaar van B.V. REWIN. Jaarlijks wordt er aan REWIN een bijdrage verstrekt die bedoeld is voor (een deel van) de kosten die REWIN maakt voor de uitvoering van haar activiteiten. In 2023 is er voor deze bijdrage een nieuwe subsidieovereenkomst overeengekomen tussen RWB en REWIN. Deze overeenkomst heeft een looptijd van 1 januari 2024 tot 31 december 2027. REGIODEAL WEST-BRABANTS WELVAREN In 2024 kregen we het goede nieuws dat er vanuit het Rijk € 15 mln beschikbaar wordt gesteld voor de regio deal. Dit bedrag komt binnen bij de centrumgemeente Breda die hierin optreed als kassier. De middelen worden vanuit daar volgens afspraken verdeeld over de verschillende penvoerders van onderdelen van de deal. Het deel dat RWB ontvangt (bijna € 1 miljoen per jaar) is in deze begroting verwerkt

5. Financiële Begroting 5.1 Overzicht van baten en lasten per programma Onderstaande tabel geeft een totaaloverzicht gegeven van alle programma’s.

(bedra gen x € 1.000)

Programma: Algemeen

Realisatie 2025

Algemeen* Strategische agenda

Begroting 2027

Baten

Lasten

Saldo

Baten

Lasten

Saldo

Baten

Lasten

Saldo

-

189

-189

-

200

-200

-

200

-200

189

-189

200

-200

200

-200

5.804

5.199

605

5.641

5.641

-

6.192

6.192

-

336

236

101

372

372

-

320

320

-

Transitiebudget Nieuwe economie

Begroting 2026

1.530

1.100

429

1.502

1.502

-

1.583

1.583

-

Projecten

826

731

95

935

935

-

935

935

-

O&O fonds

346

346

-

313

313

-

314

314

-

REWIN

2.766

2.786

-20

2.892

2.892

-

3.039

3.039

-

Regionale dienstverlening

19.426

18.965

461

22.621

22.099

523

22.871

22.295

576

KCV

11.714

11.574

140

13.375

13.400

-25

12.867

12.867

-

323

266

57

354

302

52

364

309

54

- Algemeen

1.281

1.214

67

1.188

1.169

19

1.398

1.378

20

- Flexpool

2.624

2.598

26

4.329

4.146

183

4.661

4.469

192

- Flex West-Brabant

3.484

3.312

172

3.375

3.081

294

3.581

3.272

309

Totaal programma's

25.230

24.353

877

28.262

27.940

323

29.063

28.687

376

Saldo van de financieringsfunctie

164

-

164

200

200

200

-

200

Totaal algemene dekkingsmiddelen

164

-

164

200

-

200

200

-

200

Kosten van de overhead

1.412

1.923

-511

1.494

2.042

-548

1.570

2.145

-576

Totaal saldo van baten en lasten

26.806

26.276

530

29.957

29.982

-25

30.833

30.833

-

49

-

49

25

-

25

-

-

-

26.855

26.276

579

29.982

29.982

-

30.833

30.833

-

Regioarcheologie Mobiliteitscentrum

Algemene dekkingsmiddelen

Toevoegingen en onttrekkingen aan reserves Begroot resultaat

Begroting 2025

5.2 Overzicht van incidentele baten en lasten Voor inzicht in het structurele evenwicht wordt hier het overzicht van incidentele baten en lasten weergegeven. (bedragen x € 1.000)

Inc identele baten en lasten 2 0 2 7 Programma Algemeen

Baten

Lasten

Saldo

-

200

-200

- Projecten: Regiodeal

935

935

-

Totaal incidentele baten en lasten

935

1.135

-200

Incidentele mutaties in reserve

-

-

-

935

1.135

-200

Totaal structurele baten en lasten

29.898

29.698

200

Begroot resultaat

30.833

30.833

-

- Transitiebudget Programma Nieuwe Economie

Saldo van incidentele baten en lasten en reservesmutaties

Begroting 2025

5.3 Toelichting op het overzicht van baten en lasten Gronden van raming De raming is gebaseerd op ongewijzigd beleid. Voor de raming van de loon- en prijsontwikkeling zijn de indexeringen van het centraal plan bureau zoals opgenomen in de septembercirculaire gemeentefonds 2024 gehanteerd. Voor de begroting 2027 zijn dit: Prijsindex: 2,4% Loonindex: 3,8% Voor de vervoerskosten op deelprogramma Kleinschalig Collectief Vervoer is rekening gehouden met de branchegerichte NEA-index. Wijziging rubricering Bij deze begroting is voor het inzicht van de economische activiteiten, de algemene werkzaamheden wat tot begroting 2026 onder programma algemeen viel onder programma nieuwe economie begroot.

Toelichting van baten en lasten per programma Algemeen

Transitiebudget In 2027 is een transitiebudget van € 200.000 beschikbaar. Dit is bedoeld voor de eenmalige, extra kosten voor de doorontwikkeling van de RWB-organisatie. Overhead Overhead is gedefinieerd als: alle kosten die samenhangen met de sturing en ondersteuning van de medewerkers in het primaire proces. Op hoofdlijnen betreft dit de volgende kosten: − Huisvesting en facilitaire zaken − Directeur, directie- en bestuursadvisering − Financiën, P&O, Inkoop, Communicatie, Juridische zaken, Informatievoorziening en Automatisering − Secretariaat en managementondersteuning Een groot deel van deze kosten valt binnen de dienstverleningsovereenkomst die RWB heeft afgesloten met gemeente Etten-Leur. Een deel van de lasten die toe te rekenen zijn aan regioarcheologie en het Mobiliteitscentrum worden gedekt vanuit de baten op dat deelprogramma.

Begroting 2025

Algemene dekkingsmiddelen Op basis van het de liquiditeitsprognose, verwachten we structureel een rentebaat van € 200.000. De rentebaat is afhankelijk van de Euri bor rentestand, de verwachting is dat de rentestand zal dalen. In deze begroting is er geen rekening gehouden met deze verwachting.

Regionale dienstverlening

Nieuwe economie

Regioarcheologie De inzet van regioarcheologie wordt in 2027 doorbelast aan de afnemers tegen een tarief per product. Niet deelnemende gemeenten betalen een opslag van 20% op dit tarief. Het positief saldo is ter dekking van de overheadkosten die toe te rekenen zijn aan regioarcheologie.

Evenementen en communicatie Kosten van evenementen en communicatie gericht op de inhoudelijke agenda. Deze zijn gericht op verbinden, netwerken, lobby- en relatiebeheer het informeren, verkrijgen van positieve houding en het actief betrekken van stakeholders. Strategische agenda De baten en lasten van de structurele bezetting (10,33 fte) en werkbudget voor uitvoering van het actieprogramma. Projecten Hier staan kosten en baten van projecten die met behulp van subsidies worden uitgevoerd. In verband met de Regio Deal West-Brabants Welvaren ramen we jaarlijks € 935.000 aan middelen. O&O fonds Onder het programma strategische agenda staan de baten en lasten van de subsidieregeling Onderzoek & Ontwikkelfonds. Er wordt door de deelnemende gemeenten 43 cent per inwoner bijgedragen aan het Onderzoek & Ontwikkelfonds. Met een totaal inwoner- aantal van 730.425 is de bijdrage vanuit de gemeenten voor 2027 € 314.083. B.V. REWIN West-Brabant De ontvangen bijdragen van de 16 gemeenten en de subsidie aan B.V. REWIN West-Brabant. Begroting 2025

Kleinschalig Collectief Vervoer (KCV) De bureaukosten voor het uitvoeren van KCV en vervoerslasten voor de gemeenten en provincie zijn hier opgenomen.

Mobiliteitscentrum (MBC) Algemeen Hier zijn de baten en lasten voor uitvoering van de algemene dienstverlening onder andere loopbaanadvies, leren en ontwikkelen van het MBC opgenomen. Flexpool Hier zijn de baten en lasten van de consultants opgenomen. Bij deze begroting wordt rekening gehouden met een pool van 32,7 fte. Flex West-Brabant Voor de uitvoering van Flex West-Brabant, ontvangen wij van de leveranciers 2,5% van de inhuuromzet die via dit platform loopt. In de voorgaande jaren zien we een toename van de omzet. Bij deze begroting houden we rekening met een totaalomzet inhuur binnen de regio van 135 miljoen euro. Het positieve saldo is de bijdrage van MBCaan de overheadkosten.

6. De uiteenzetting van de financiële positie 2027 6.1

Geprognosticeerde begin- en eindbalans

Activa (bedragen x € 1.000)

31 december 2027 31 december 2026

VASTE ACTIVA Investeringen met een economisch nut

18

20

Totaal materiële vaste activa

18

20

TOTAAL VASTE ACTIVA

18

20

Vorderingen op openbare lichamen

1.003

1.003

Overige vorderingen Uitzetting in 's Rijks schatkist met een rentetypische looptijd korter dan één jaar Totaal uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar

1.272

1.274

5.800

5.800

8.075

8.077

Bank- en girosaldi

111

111

Totaal liquide middelen

111

111

VLOTTENDE ACTIVA

De voors chotbedra gen di e onts taa n door voorfi na nci eri ng op ui tkeri ngen met een s peci fi ek bes tedi ngs doel , nog te ontva ngen va n: - overi ge Nederl a nds e overhei ds l i cha men

-

-

Nog te ontvangen bedragen Vooruitbetaalde bedragen

225 2.478

225 2.478

Totaal overlopende activa

2.703

2.703

TOTAAL VLOTTENDE ACTIVA

10.889

10.891

TOTAAL ACTIVA

10.907

10.911

Begroting 2025

Passiva (in duizenden euro's)

31 december 2027 31 december 2026

VASTE PASSIVA Bestemmingsreserves

1.506

1.506

1.506

1.506

48

48

1.554

1.554

Overige schulden

1.286

1.286

Totaal netto-vlottende schulden

1.286

1.286

Nog te betalen bedragen

3.879

3.883

Van Europese of Nederlandse overheidslichamen ontvangen, nog te besteden specifieke uitkeringen

3.036

3.036

Overige vooruitontvangen bedragen

1.152

1.152

Totaal overlopende passiva

8.067

8.071

TOTAAL VLOTTENDE PASSIVA

9.353

9.357

TOTAAL PASSIVA

10.907

10.911

Rekeningsaldo Totaal eigen vermogen Voorzieningen TOTAAL VASTE PASSIVA VLOTTENDE PASSIVA

Begroting 2025

6.2 Berekend EMU-Saldo Het EMU-saldo (Economische en Monetaire Unie) is een in Europees verband gehanteerd en gedefinieerd macro-economisch begrip. Het kan worden omschreven als het verschil tussen de inkomsten en uitgaven van de overheid (collectieve sector).Op basis van het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) nemen we in de begroting een berekening van het EMU-saldo op over het vorige begrotingsjaar, het begrotingsjaar en het jaar volgend op het begrotingsjaar. Het EMU-saldo van de RWB ziet er in de begroting 2027 als volgt uit: bedragen (x € 1.000) Exploitatiesaldo vóór toevoeging aan c.q. onttrekking uit reserves (zie BBV, 1 artikel 17c) 2 Afschrijvingen ten laste van de exploitatie 3 Bruto dotaties aan de post voorzieningen ten laste van de exploitatie Investeringen in (im)materiële vaste activa die op de balans worden 4 geactiveerd Baten uit bijdragen van andere overheden, de Europese Unie en overigen, die 5 niet op de exploitatie zijn verantwoord en niet al in mindering zijn gebracht bij post 4 Desinvesteringen in (im)materiële vaste activa: 6 Baten uit desinvesteringen in (im)materiële vaste activa (tegen verkoopprijs), voor zover niet op exploitatie verantwoord Aankoop van grond en de uitgaven aan bouw-, woonrijp maken e.d.

(alleen 7 transacties met derden die niet op de exploitatie staan) Baten bouwgrondexploitatie: 8 Baten voorzover transacties niet op exploitatie verantwoord Lasten op balanspost Voorzieningen voorzover deze transacties met derden 9 betreffen Lasten ivm transacties met derden, die niet via de onder post 1 genoemde exploitatie lopen, maar rechtstreeks ten laste van de reserves (inclusief 10 fondsen en dergelijke) worden gebracht en die nog niet vallen onder één van bovenstaande posten 11 Verkoop van effecten: a Gaat u effecten verkopen? (ja/nee) b Zo ja wat is bij verkoop de verwachte boekwinst op de exploitatie? Berekend EMU-saldo

Begroting 2025

Begroting 2026 Begroting 2027 Begroting 2028 -25

-

200

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-25

-

200

6.3 Verloop van de reserves Onderstaand verloop van de reserves en voorzieningen is gebaseerd op de resultaatbestemming van 2025. Hiermee wordt de meest actuele prognose van de reservepositie voor 2027 in beeld gebracht, dit onder voorbehoud van definitieve vaststelling van de jaarstukken 2025 resultaatbestemming 2025, door het Algemeen Bestuur.

Staat reserves Saldo 1 januari 2027

Toevoegingen

Onttrekkingen

Saldo 31 december 2027

Algemene reserve

200

-

-

200

Totaal Algemene reserve

200

-

-

200

Reserve Strategische agenda

110

-

-

110

Reserve frictiebudget economische ontvlechting (nieuw)

361

-

-

361

Reserve Regiodeal (nieuw)

117

-

-

117

Reserve KCV

60

-

-

60

Reserve aanbesteding vervoerder (nieuw)

140

-

-

140

Reserve Regioarcheologie

100

-

-

100

Reserve Mobiliteitscentrum

170

-

-

170

Reserve Flexpools

248

-

-

248

Totaal bestemmingsreserves

1.306

-

-

1.306

Totaal reserves

1.506

-

-

1.506

(bedragen x € 1.000) Algemene reserve

Bestemmingsreserves

Begroting 2025

Onderbouwing reserves: ALGEMENE RESERVE RWB

Functie:

Bestedingsfunctie voor subsidieprojecten

Jaar vorming:

2025

Jaar opheffing:

n.v.t.

Maximale omvang:

€ 117.000

Maximale omvang:

€ 200.000

Bestemming:

Projectkosten voor de subsidieprojecten binnen

Regiodeal

Regiodeal. RESERVE STRATEGISCHE AGENDA Jaar vorming:

2025

Jaar opheffing:

n.v.t.

Functie:

Bufferfunctie voor onderdeel strategische agenda

Maximale omvang:

€ 110.000

Bestemming:

Weerstandscapaciteit om onverwachte kosten op te vangen.

RESERVE KLEINSCHALIG COLLECTIEF VERVOER Jaar vorming:

2012

Jaar opheffing:

n.v.t.

Functie:

Bufferfunctie / bestedingsfunctie voor onderdeel KCV

Maximale omvang:

€ 80.000

Bestemming:

Weerstandscapaciteit om onverwachte kosten op te vangen. Dekking voor lasten waar geen structurele

RESERVE FRICTIEBUDGET ECONOMISCHE ONTVLECHTING Jaar vorming:

2026

Jaar opheffing:

n.n.b.

Functie:

Dekking lasten als gevolg van de economische

dekking voor is, zoals kosten voor aanbesteding van vervoerscontract.

ontvlechting Maximale omvang:

€ 361.000

RESERVE AANBESTEDING VERVOERDER

Bestemming:

Opvangen lasten als gevolg van de economische

Jaar vorming:

2026

ontvlechting

Jaar opheffing:

n.v.t.

Functie:

Bestedingsfunctie voor aanbesteding vervoerder

Maximale omvang:

€ 250.000

Bestemming:

Bestedingen met betrekking tot aanbesteding

RESERVE REGIODEAL Jaar vorming:

2026

Jaar opheffing:

2029

Begroting 2025

van vervoerder.

RESERVE MOBILITEITSCENTRUM RESERVE REGIOARCHEOLOGIE

Jaar vorming:

2019

Jaar vorming:

2021

Jaar opheffing:

n.v.t.

Jaar opheffing:

n.v.t.

Functie:

Bufferfunctie voor onderdeel MBC algemeen.

Functie:

Bufferfunctie voor onderdeel regioarcheologie.

Maximale omvang:

Maximale omvang:

€ 100.000

€ 170.000

Bestemming:

Weerstandscapaciteit om onverwachte kosten op te vangen.

Bestemming:

Weerstandscapaciteit om onverwachte kosten op te vangen.

RESERVE FLEXPOOL Jaar vorming:

2018

Jaar opheffing:

n.v.t.

Functie:

Bufferfunctie voor onderdeel flexpool.

Maximale omvang:

€ 340.000

Bestemming:

Weerstandscapaciteit om onverwachte kosten op te vangen.

Begroting 2025

7. Meerjarenraming 2027-2029 7.1 Raming baten en lasten 2027 – 2029

(bedra gen x € 1.000)

Programma:

Begroting 2028

Begroting 2029

Begroting 2030

Baten

Lasten

Saldo

Baten

Lasten

Saldo

Baten

Lasten

Algemeen

-

-

-

-

-

-

-

-

-

Transitiebudget

-

-

-

-

-

-

-

-

-

6.393

6.393

-

6.616

6.616

-

5.914

5.914

-

332

332

-

346

346

-

359

359

-

1.644

1.644

-

1.712

1.712

-

1.782

1.782

-

Projecten

935

935

-

935

935

-

-

-

-

O&O fonds

314

314

-

314

314

-

314

314

-

Nieuwe economie Algemeen Strategische agenda

Saldo

REWIN

3.167

3.167

-

3.309

3.309

-

3.458

3.458

-

Regionale dienstverlening

23.768

23.171

596

24.645

24.026

619

25.633

24.990

643

KCV

13.478

13.478

-

14.043

14.043

-

14.707

14.707

-

379

322

56

395

337

59

413

352

61

Regioarcheologie Mobiliteitscentrum - Algemeen

1.398

1.377

21

1.398

1.376

22

1.398

1.375

23

- Flexpool

4.854

4.655

199

5.069

4.862

206

5.293

5.079

214

- Flex West-Brabant

3.659

3.339

320

3.740

3.408

332

3.822

3.477

345

Totaal programma's

30.160

29.564

596

31.261

30.642

619

31.547

30.904

643

200

200

200

200

-

200

200

-

200

200

Algemene dekkingsmiddelen Saldo van de financieringsfunctie

200

Totaal algemene dekkingsmiddelen

200

200

-

200

Kosten van de overhead

1.626

2.222

-596

1.688

2.307

-619

1.753

2.395

-643

Totaal saldo van baten en lasten

31.986

31.786

200

33.149

32.949

200

33.499

33.299

200

31.986

31.786

200

33.149

32.949

200

33.499

33.299

200

Toevoegingen en onttrekkingen aan reserves Begroot resultaat

Begroting 2025

-

-

-

7.2 Raming van incidentele baten en lasten 2027 – 2028 Inc identele baten en lasten 2 0 2 8 Programma Nieuwe Economie

Baten

Lasten

Saldo

- Projecten: Regiodeal

935

935

-

Totaal incidentele baten en lasten

935

935

-

935

935

-

Incidentele mutaties in reserve Saldo van incidentele baten en lasten en reservesmutaties

-

Totaal structurele baten en lasten

31.051

30.851

200

Begroot resultaat

31.986

31.786

200

Baten

Lasten

Saldo

- Projecten: Regiodeal

935

935

-

Totaal incidentele baten en lasten

935

935

-

Inc identele baten en lasten 2 0 2 9 Programma Nieuwe Economie

Incidentele mutaties in reserve Saldo van incidentele baten en lasten en reservesmutaties

935

935

-

Totaal structurele baten en lasten

32.214

32.014

200

Begroot resultaat

33.149

32.949

200

Baten

Lasten

Saldo

-

-

-

Inc identele baten en lasten 2 0 3 0 Programma Nieuwe Economie

Totaal incidentele baten en lasten Incidentele mutaties in reserve Saldo van incidentele baten en lasten en reservesmutaties

-

-

-

Totaal structurele baten en lasten

33.499

33.299

200

Begroot resultaat

33.499

33.299

200

Begroting 2025

7.3 Toelichting op meerjarenraming baten en lasten 2028 – 2030 Gronden van raming De raming is gebaseerd op ongewijzigd beleid. Voor de raming van loon- en prijsontwikkeling zijn de indexeringen van het Centraal Plan Bureau gehanteerd zoals opgenomen in de septembercirculaire gemeentefonds 2025. Voor de raming 2028 – 2030 zijn dit:

Prijsindex Loonindex

2028

2029

2030

2,2% 4,2%

2,2% 4,5%

2,2% 4,5%

Voor de vervoerskosten op deelprogramma Kleinschalig Collectief Vervoer is rekening gehouden met de branchegerichte NEA-index.

Begroting 2025

8. De uiteenzetting van de financiële positie 2028 – 2030 8.1 Geprognosticeerde begin- en eindbalans 2028 – 2030 Activa (bedragen x € 1.000)

31 december 2028

1 januari 2028

31 december 2029

1 januari 2029

31 december 2030

1 januari 2030

Investeringen met een economisch nut Totaal materiële vaste activa

16 16

18 18

14 14

16 16

12 12

14 14

TOTAAL VASTE ACTIVA

16

18

14

16

12

14

1.003 1.272

1.003 1.272

1.003 1.272

1.003 1.272

1.003 1.272

1.003 1.272

5.800

5.800

5.800

5.800

5.800

5.800

8.075

8.075

8.075

8.075

8.075

8.075

111 111

111 111

111 111

111 111

111 111

111 111

VASTE ACTIVA

VLOTTENDE ACTIVA Vorderingen op openbare lichamen Overige vorderingen Uitzetting in 's Rijks schatkist met een rentetypische looptijd korter dan één jaar Totaal uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar Bank- en girosaldi Totaal liquide middelen De voors chotbedra gen di e onts taa n door voorfi na nci eri ng op ui tkeri ngen met een s peci fi ek bes tedi ngs doel , nog te ontva ngen va n: - overi ge Nederl a nds e overhei ds l i cha men

Nog te ontvangen bedragen Vooruitbetaalde bedragen e. Rekening courantverhouding met het Rijk (Schatkistbankieren) Totaal overlopende activa

225 2.478

225 2.478

225 2.478

225 2.478

225 2.478

225 2.478

2.703

2.703

2.703

2.703

2.703

2.703

TOTAAL VLOTTENDE ACTIVA

10.889

10.889

10.889

10.889

10.889

10.889

TOTAAL ACTIVA

10.905

10.907

10.903

10.905

10.901

10.903

Begroting 2025

Passiva (bedragen x € 1.000)

31 december 2028

1 januari 2028

31 december 2029

1 januari 2029

31 december 2030

1 januari 2030

1.506 1.506

1.506 1.506

1.506 1.506

1.506 1.506

1.506 1.506

1.506 1.506

48

48

48

48

48

48

1.554

1.554

1.554

1.554

1.554

1.554

Overige schulden Totaal netto-vlottende schulden

1.286 1.286

1.286 1.286

1.286 1.286

1.286 1.286

1.286 1.286

1.286 1.286

Nog te betalen bedragen Van Europese of Nederlandse overheidslichamen ontvangen, nog te besteden specifieke uitkeringen Overige vooruitontvangen bedragen Totaal overlopende passiva

3.877

3.879

3.875

3.877

3.873

3.875

3.036

3.036

3.036

3.036

3.036

3.036

1.152 8.065

1.152 8.067

1.152 8.063

1.152 8.065

1.152 8.061

1.152 8.063

TOTAAL VLOTTENDE PASSIVA

9.351

9.353

9.349

9.351

9.347

9.349

TOTAAL PASSIVA

10.905

10.907

10.903

10.905

10.901

10.903

VASTE PASSIVA Bestemmingsreserves Rekeningsaldo Totaal eigen vermogen Voorzieningen TOTAAL VASTE PASSIVA VLOTTENDE PASSIVA

Begroting 2025

8.2 Verloop EMU-saldo 2028-2030 Het EMU-saldo (Economische en Monetaire Unie) is een in Europees verband gehanteerd en gedefinieerd macro-economisch begrip. Het kan worden omschreven als het verschil tussen de inkomsten en uitgaven van de overheid (collectieve sector). Op basis van het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) nemen we in meerjarenraming het verloop van het EMU-saldo op over drie opvolgende begrotingsjaren. Het EMU-saldo van de RWB voor de begrotingjaren 2028 – 2030 ziet er als volgt uit: bedragen (x € 1.000) Raming 2028 Raming 2029 Raming 2030 Exploitatiesaldo vóór toevoeging aan c.q. onttrekking uit reserves (zie BBV, 200 200 200 artikel 17c) 2 Afschrijvingen ten laste van de exploitatie 3 Bruto dotaties aan de post voorzieningen ten laste van de exploitatie Investeringen in (im)materiële vaste activa die op de balans worden 4 geactiveerd Baten uit bijdragen van andere overheden, de Europese Unie en overigen, die 5 niet op de exploitatie zijn verantwoord en niet al in mindering zijn gebracht bij post 4 Desinvesteringen in (im)materiële vaste activa: 6 Baten uit desinvesteringen in (im)materiële vaste activa (tegen verkoopprijs), voor zover niet op exploitatie verantwoord Aankoop van grond en de uitgaven aan bouw-, woonrijp maken e.d.

(alleen 7 transacties met derden die niet op de exploitatie staan) Baten bouwgrondexploitatie: 8 Baten voorzover transacties niet op exploitatie verantwoord Lasten op balanspost Voorzieningen voorzover deze transacties met derden 9 betreffen Lasten ivm transacties met derden, die niet via de onder post 1 genoemde exploitatie lopen, maar rechtstreeks ten laste van de reserves (inclusief 10 fondsen en dergelijke) worden gebracht en die nog niet vallen onder één van bovenstaande posten 11 Verkoop van effecten: a Gaat u effecten verkopen? (ja/nee) b Zo ja wat is bij verkoop de verwachte boekwinst op de exploitatie? Berekend EMU-saldo 200 200 200 1

Begroting 2025

9. Verloop reserves 2028 – 2030 Staat reserves (bedragen x € 1.000) Algemene reserve Algemene reserve Totaal Algemene reserve Bestemmingsreserves Reserve Strategische agenda Reserve frictiebudget economische ontvlechting (nieuw) Reserve Regiodeal (nieuw) Reserve KCV Reserve aanbesteding vervoerder (nieuw) Reserve Regioarcheologie Reserve Mobiliteitscentrum Reserve Flexpools Totaal bestemmingsreserves Totaal reserves

Begroting 2025

Saldo 1 januari 2028

Toevoegingen

Onttrekkingen

Saldo 31 december 2028

200 200

-

-

200 200

110 361 117 60 140 100 170 248 1.306 1.506

-

-

110 361 117 60 140 100 170 248 1.306 1.506

Staat reserves (bedragen x € 1.000) Algemene reserve Algemene reserve Totaal Algemene reserve Bestemmingsreserves Reserve Strategische agenda Reserve frictiebudget economische ontvlechting (nieuw) Reserve Regiodeal (nieuw) Reserve KCV Reserve aanbesteding vervoerder (nieuw) Reserve Regioarcheologie Reserve Mobiliteitscentrum Reserve Flexpools Totaal bestemmingsreserves Totaal reserves

Saldo 1 januari 2029

Toevoegingen

Onttrekkingen

Saldo 31 december 2029

200 200

-

-

200 200

110 361 117 60 140 100 170 248 1.306 1.506

-

-

110 361 117 60 140 100 170 248 1.306 1.506

Saldo 1 januari 2030

Toevoegingen

Onttrekkingen

Saldo 31 december 2030

200 200

-

-

200 200

110 361 117 60 140 100 170 248 1.306 1.506

-

-

110 361 117 60 140 100 170 248 1.306 1.506

Staat reserves (bedragen x € 1.000) Algemene reserve Algemene reserve Totaal Algemene reserve Bestemmingsreserves Reserve Strategische agenda Reserve frictiebudget economische ontvlechting (nieuw) Reserve Regiodeal (nieuw) Reserve KCV Reserve aanbesteding vervoerder (nieuw) Reserve Regioarcheologie Reserve Mobiliteitscentrum Reserve Flexpools Totaal bestemmingsreserves Totaal reserves

Toelichting verloop reserves 2028 – 2030 Meerjarig is het de verwachting dat de reserves stabiel blijven. De reserves Strategische Agenda en Regio Deal hebben betrekking op de ontvlechting, en zullen per 1-1-2027 ook terugvloeien naar de deelnemers.

Begroting 2025

Bijlage 1: Overzicht baten en lasten per taakveld Voor een betere vergelijking van organisaties wordt hieronder de begrote baten en lasten per taakveld weergegeven. Taakveld (bedragen x € 1.000)

Baten

Lasten

-

200

0.4 Overhead

1.570

2.145

0.5 Treasury

200

-

9.640

9.119

-

-

3.1 Economische ontwikkeling

3.153

3.153

3.3 Bedrijvenloket en bedrijfsregelingen

3.039

3.039

364

309

12.867

12.867

30.833

30.833

0 Bestuur en ondersteuning 0.1 Bestuur

0.8 Overige baten en lasten 0.10 Mutaties reserves Economie

5 Sport, cultuur en recreatie 5.5 Cultureel erfgoed 6 Sociaal domein 6.6 Maatwerkvoorzieningen (WMO) Saldo van baten en lasten op de taakvelden

Begroting 2025

Bijlage 2: Bijdrage deelnemende gemeenten BIJDRAGE APPARAATKOSTEN 2027 De bijdrage apparaatskosten 2027 wordt conform de Gemeenschappelijke Regeling Regio West-Brabant verdeeld op basis van inwoneraantal per 1 januari 2025.

2026 Gemeente

2027

Inwoneraantal Bedrag per inwoner

Bijdrage apparaats kosten

Verschil

Inwoneraantal Bedrag per inwoner

Bijdrage apparaats kosten

Inwoneraantal Bedrag per inwoner

Bijdrage apparaats kosten

Al phen-Cha a m

10.455

4,63

48.431

10.539

4,76

50.116

84

0,12

1.685

Al tena

58.277

4,63

269.960

58.726

4,76

279.259

449

0,12

9.299

Ba a rl e-Na s s a u

7.076

4,63

32.779

7.205

4,76

34.262

129

0,12

1.483

Bergen op Zoom

69.694

4,63

322.848

70.194

4,76

333.792

500

0,12

10.945

Breda

188.078

4,63

871.244

188.779

4,76

897.698

701

0,12

26.453

Dri mmel en

28.192

4,63

130.595

28.295

4,76

134.551

103

0,12

3.955

Etten-Leur

45.237

4,63

209.554

45.457

4,76

216.161

220

0,12

6.607

Geertrui denberg

22.060

4,63

102.190

21.944

4,76

104.350

-116

0,12

2.160

Ha l derberge

31.183

4,63

144.451

31.347

4,76

149.064

164

0,12

4.613

Moerdi jk

38.091

4,63

176.451

38.273

4,76

181.999

182

0,12

5.548

Oos terhout

57.924

4,63

268.325

58.380

4,76

277.613

456

0,12

9.289

Roos enda a l

77.559

4,63

359.281

77.721

4,76

369.585

162

0,12

10.304

Rucphen

23.920

4,63

110.806

23.995

4,76

114.103

75

0,12

3.297

Steenbergen

24.476

4,63

113.382

24.567

4,76

116.823

91

0,12

3.441

Woens drecht

22.208

4,63

102.875

22.194

4,76

105.539

-14

0,12

2.663

Zundert

22.553

4,63

104.474

22.809

4,76

108.463

256

0,12

3.990

Totaal

726.983

4,63

3.367.645

730.425

4,76

3.473.378

3.442

0,12

105.733

Begroting 2025

RAMING BIJDRAGE APPARAATSKOSTEN 2028 – 2030

Inwoneraantal per Gemeente 1/1/2025 10.539 Alphen-Chaam 58.726 Altena

2028

2029

2030

51.983

54.042

56.188

289.661

301.137

313.095

7.205 Baarle-Nassau

35.538

36.946

38.413

70.194 Bergen op Zoom

346.226

359.943

374.236

188.779 Breda

931.137

968.028

1.006.468

28.295 Drimmelen

139.563

145.092

150.854

45.457 Etten-Leur

224.213

233.096

242.352

21.944 Geertruidenberg

108.237

112.525

116.994

31.347 Halderberge

154.617

160.742

167.125

38.273 Moerdijk

188.779

196.258

204.051

58.380 Oosterhout

287.955

299.363

311.251

77.721 Roosendaal

383.353

398.540

414.366

23.995 Rucphen

118.353

123.042

127.928

24.567 Steenbergen

121.175

125.976

130.978

22.194 Woensdrecht

109.470

113.807

118.326

22.809 Zundert

112.504

116.961

121.605

730.425 Totaal

3.602.763

3.745.499

3.894.231

Begroting 2025

BIJDRAGE ONDERZOEK EN ONTWIKKELFONDS 2027 Vanwege de bezuinigingstaakstelling wordt er vanaf 2026 22 cent per inwoner minder bijgedragen aan het Onderzoek en Ontwikkelfonds. Het restant per 31 december wordt teruggestort aan de deelnemende gemeenten. Dit budget vervalt bij RWB na de ontvlechting.

2026 Gemeente

2027

Inwoneraantal Bedrag per inwoner Bijdrage O&O fonds

Verschil

Inwoneraantal Bedrag per inwoner Bijdrage O&O fonds

Inwoneraantal Bedrag per inwoner Bijdrage O&O fonds

Al phen-Cha a m

10.455

0,43

4.496

10.539

0,43

4.532

84

-

36

Al tena

58.277

0,43

25.059

58.726

0,43

25.252

449

-

193

Ba a rl e-Na s s a u

7.076

0,43

3.043

7.205

0,43

3.098

129

-

55

Bergen op Zoom

69.694

0,43

29.968

70.194

0,43

30.183

500

-

215

Breda

188.078

0,43

80.874

188.779

0,43

81.175

701

-

301

Dri mmel en

28.192

0,43

12.123

28.295

0,43

12.167

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://raad.gemeente-steenbergen.nl/api/v1/meetings/1845/documents/22689