2612602 RAV Conceptbegroting 2027.pdf
Tekst van het document
concept BEGROTING 2027 RAV BRABANT MWN
INHOUDSOPGAVE INHOUDSOPGAVE .................................................................................................................. 1 INLEIDING............................................................................................................................ 2 1 BELEID .......................................................................................................................... 3 1.1 Beleidsmatige kaders: Meerjarenbeleidsplan 2026 – 2029 .............................................. 3 1.2 Beleidsmatige kaders: Kwaliteitskader Ambulancezorg 2.0 ............................................. 4 1.3 Financiële kaders ...................................................................................................... 4 1.4 Rechtmatigheidsverantwoording .................................................................................. 5 1.5 Gemeentelijke richtlijnen ............................................................................................ 5 1.6 Beleidsthema’s.......................................................................................................... 6 2 PROGRAMMA’S .............................................................................................................. 11 2.1 Meldkamer Brabant-Noord ........................................................................................
11 2.2 Meldkamer Midden- en West-Brabant ........................................................................ 12 2.3 RAV Brabant-Noord ................................................................................................. 13 2.4 RAV Midden- en West-Brabant .................................................................................. 16 2.5 Overzicht overhead ................................................................................................. 19 3 PARAGRAAF ONDERHOUD KAPITAALGOEDEREN ................................................................ 20 4 PARAGRAAF BEDRIJFSVOERING ...................................................................................... 21 4.1 Organisatie ............................................................................................................. 21 4.2 Personeel ............................................................................................................... 21 4.3 Informatievoorziening/automatisering ........................................................................ 22 4.4 Financiën ............................................................................................................... 23 4.5 Facilitaire zaken en huisvesting .................................................................................
23 4.6 Informatie- en archiefbeheer .................................................................................... 23 4.7 Indicatoren ............................................................................................................. 24 5 PARAGRAAF FINANCIERING EN TREASURY ....................................................................... 25 6 PARAGRAAF WEERSTANDSVERMOGEN EN RISICOBEHEERSING .......................................... 28 6.1 Beleid omtrent reserves en voorzieningen en risico’s ................................................... 28 6.2 Reserves en voorzieningen ....................................................................................... 28 6.3 Inventarisatie van de risico’s .................................................................................... 28 7 STAAT VAN BATEN EN LASTEN 2027 ................................................................................ 32 8 INVESTERINGSBEGROTING 2027 .................................................................................... 33
BIJLAGEN Bijlage 1 Staat van vaste activa ............................................................................................ 34 Bijlage 2 Staat van reserves en voorzieningen ........................................................................ 35 Bijlage 3 Meerjarenraming ................................................................................................... 36 Bijlage 4 Prognosebalans ..................................................................................................... 37 Bijlage 5 Exploitatierekening per afdeling .............................................................................. 38 Bijlage 6 Begroting naar taakvelden ...................................................................................... 41 Bijlage 7 Gebruikte afkortingen ............................................................................................ 42 Bijlage 8 Toelichting Kwaliteitskader Ambulancezorg 2.0 ......................................................... 45
BEGROTING 2027 RAV BRABANT MWN
pagina 1
INLEIDING Voor u ligt de begroting 2027 van de Gemeenschappelijke Regeling (GR) Regionale Ambulancevoorziening (RAV) Brabant Midden-West-Noord (MWN). De regeling omvat het werkgebied van de twee veiligheidsregio’s Midden- en West-Brabant en Brabant-Noord, en is gebaseerd op de Wet gemeenschappelijke regelingen (WGR) en de Gemeentewet. De RAV is een gemeenschappelijke regeling. Dat is een samenwerkingsverband tussen 35 gemeenten, die ervoor kozen om samen te werken op het gebied van de ambulancezorg. De RAV heeft krachtens haar gemeenschappelijke regeling tot doel het verlenen of doen verlenen van ambulancezorg. Zij tracht dit doel te bereiken met alle wettelijke toegestane middelen die daaraan naar haar mening kunnen bijdragen.
De taken van de RAV kunnen als volgt worden geformuleerd: • Het instellen en in stand houden van een Regionale Ambulancevoorziening ten behoeve van het werkgebied Midden- en West-Brabant en Brabant-Noord; • Het in stand houden van een meldkamer ambulancezorg ten behoeve van het werkgebied Midden- en West-Brabant en Brabant-Noord (hetgeen wij in ons geval doen met de RAV’en in Zeeland en Brabant-Zuidoost); • Het vaststellen en (doen) uitvoeren van het Regionaal Ambulance Plan van de regio’s Middenen West-Brabant en Brabant-Noord; • Het (doen) leveren van een bijdrage aan de Geneeskundige Hulpverlening bij Ongevallen en Rampen ten behoeve van de Veiligheidsregio Midden- en West-Brabant en de Hulpverleningsdienst Brabant-Noord. De doelstelling van de RAV is het leveren van kwalitatief hoogwaardige ambulancezorg, die waar nodig tijdig ter plaatse is en binnen de budgettaire kaders wordt gerealiseerd. Deze begroting is gebaseerd op de in het landelijk Referentiekader Spreiding & Beschikbaarheid voor de RAV Midden- en West-Brabant en de RAV Brabant-Noord opgenomen eisen ten aanzien van de spreiding van standplaatsen en te leveren paraatheid.
Op grond van deze eisen zijn prestatiecontracten gesloten met de regionale zorgverzekeraars, waarin de eisen uit het referentiekader nader zijn gespecificeerd in concrete locaties voor standplaatsen, het aantal te leveren ambulances per dagdeel en het dekkingspercentage responstijd in geval van een A1urgentie, gemeten per RAV-regio. Nadere toelichting op het Kwaliteitsmodel Ambulancezorg 2.0 en de vertaling naar deze begroting is te vinden in bijlage 8.
BEGROTING 2027 RAV BRABANT MWN
pagina 2
1 BELEID 1.1 Beleidsmatige kaders: Meerjarenbeleidsplan 2026 – 2029 Elke seconde telt. In een wereld waarin zorg steeds complexer wordt en de vraag blijft groeien, is de RAV dé constante factor in acute en planbare zorg. Wij staan vooraan in crisissituaties, maar staan ook naast je in zorg; een betrouwbare partner die handelt met daadkracht, deskundigheid en empathie. Als RAV hebben wij een bijzondere verantwoordelijkheid. We zijn niet alleen de schakel tussen patiënt en zorginstelling, maar ook een cruciale speler binnen het zorgnetwerk. We coördineren, stabiliseren en vervoeren, maar vooral: we bieden zorg, daar waar die het hardst nodig is. Dit doen we met een sterk en toegewijd team dat elke dag het verschil maakt. Onze rol gaat verder dan de ambulancezorg alleen. We anticiperen op de zorg van morgen en innoveren continu, zodat we altijd klaarstaan voor de veranderende behoeften van onze patiënten en de samenleving. We werken samen met ziekenhuizen, huisartsenposten en andere zorgpartners om de best mogelijke zorg toegankelijk te houden. Dat moeten we en dat willen we. Bij de RAV draait het om meer dan snelheid en vakmanschap. Onze kernwaarden, kartrekker, kompaan, kordaat en koersvast, vormen het fundament van ons werk.
Ze weerspiegelen wie we zijn: proactieve leiders, betrouwbare teamspelers, besluitvaardige professionals en een stabiele factor in onder andere een uitdagend veranderend zorglandschap. We staan voor aanzienlijke uitdagingen (veranderende en toenemende zorgvraag, krapte op de arbeidsmarkt) en opereren daarbij in een snel veranderende wereld. Zo hebben we te maken met zorgcoördinatie, een traject dat net is ingezet. Maar ook met (geo-) politieke uitdagingen. Enerzijds zetten we de komende vier jaar de koers door die we de afgelopen vier jaar hebben ingezet. Anderzijds brengen we bewust bepaalde sterke accenten aan; de patiënt blijft op één staan, dat is ons bestaansrecht. Tegelijkertijd ligt er een sterke focus op het goed zorgen voor bestaande werknemers en het vinden van goede nieuwe collega’s. Missie Ons bestaansrecht en overtuiging Wij bieden de beste ambulancezorg en vervoer voor onze patiënten, op de juiste plaats op het juiste moment. Dit dankzij onze innovatieve werkomgeving, uitstekende ontwikkelingsmogelijkheden en sterke teamcultuur. Visie Zo realiseren we onze missie Bij de RAV streven we naar excellent werkgeverschap om de beste ambulancezorg te kunnen leveren. We trekken de beste mensen aan en behouden hen door een werkomgeving te creëren waar iedereen zich gewaardeerd en gesteund voelt.
We passen ons continu aan de veranderende zorgbehoeften aan en werken nauw samen met partners om de zorg toegankelijk te houden. Ambulancezorg Onze definitie van ambulancezorg Moderne ambulancezorg is spoedeisende en niet-spoedeisende medische hulp, gericht op stabilisatie, coördinatie, triage en advies, behandeling en vervoer van patiënten naar een zorginstelling of het bieden van zorg ter plaatse.
BEGROTING 2027 RAV BRABANT MWN
pagina 3
Ambulancezorg wordt verleend door meldkamermedewerkers en ambulancepersoneel, zoals verpleegkundigen, medisch hulpverleners en chauffeurs, in zowel acute (levensbedreigende) als minder urgente situaties. Zij worden hierbij ondersteund door een bekwame en gemotiveerde groep collega’s. Ambulancezorg is dus ook zorg op afstand, waarbij meldkamermedewerkers advies geven, doorverwijzen naar de huisarts en een coördinerende rol spelen in het zorgnetwerk. 1.2 Beleidsmatige kaders: Kwaliteitskader Ambulancezorg 2.0 In 2019 zette de ambulancesector een grote stap voorwaarts met de ontwikkeling van het kwaliteitskader ambulancezorg 1.0. Niet langer werd de kwaliteit van de ambulancezorg beoordeeld op alleen de aanrijtijden. In een brede set van kwaliteitssignalen werd beschreven wat goede ambulancezorg is. Versie 2.0 is tot stand gekomen in samenwerking met een brede vertegenwoordiging van ambulancezorgprofessionals, RAV-experts, RAV-bestuurders, cliëntenvertegenwoordigers en het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS). Het kwaliteitskader 2.0 bevat 23 signalen. De set aan kwaliteitseisen is gebaseerd op de zeven pijlers van goede ambulancezorg; 1) bereikbaar en beschikbaar, 2) patiëntgericht, 3) veilig, 4) professioneel, 5) afgestemd met ketenpartners, 6) continu geëvalueerd en waar nodig verbeterd, 7) geleverd door organisaties die hun zaken op orde hebben.
Een signaal is een meetbaar element dat een aanwijzing geeft over de kwaliteit van een aspect van de ambulancezorgverlening. De signalen hebben betrekking op het volledige ambulancezorg proces; van het aannemen en beoordelen van de zorgvraag door de meldkamercentralist, de beoordeling ter plaatse en de behandeling en het vervoer van de patiënt tot en met de overdracht van de patiënt aan een andere zorgverlener. Uit de toelichting op de Regeling ambulancezorgvoorzieningen blijkt dat tijdigheid slechts een van de aspecten is van de kwaliteit van ambulancezorg. Daarom wordt in die bepaling verwezen naar het Kwaliteitskader Ambulancezorg van branchevereniging AZN. Dit is een thema waar onze RAV blijvend aandacht aan zal besteden, ook in 2027. Niet alleen in gesprekken en briefwisselingen met gemeenten, maar bijvoorbeeld ook in de verantwoording in onze prestaties richting zorgverzekeraars. 1.3 Financiële kaders In Nederland zijn zorgverzekeraars verantwoordelijk voor de inkoop van de ambulancezorg. De zorgverzekeraars beschikken hiertoe over het landelijke macrobudget dat door de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) wordt vastgesteld. Het financieringsstelsel van de ambulancezorg maakt een onderscheid tussen bekostiging en financiering.
Met bekostiging wordt het budget bedoeld zoals dat jaarlijks door zorgverzekeraars beschikbaar wordt gesteld op basis van beleidsregels die de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) vaststelt. Met financiering wordt de manier bedoeld waarop het budget via facturatie beschikbaar wordt gesteld. De minister van VWS stelt periodiek het landelijk referentiekader spreiding & beschikbaarheid vast. Hierin wordt de theoretisch benodigde ambulancecapaciteit per regio berekend, per dagdeel en met onderscheid naar dagsoort. De beschikbaarheid van ambulancezorg is één van de belangrijkste kenmerken van de ambulancezorg. Iedereen moet op elk moment van de dag kunnen rekenen op toegang tot ambulancezorg. Daarom staat deze beschikbaarheid (de capaciteit) centraal in de bekostiging. Meer of minder inzetten (de productie) is slechts heel beperkt van directe invloed op de hoogte van het beschikbare budget.
BEGROTING 2027 RAV BRABANT MWN
pagina 4
In de combinatie van enerzijds de manier van bekostiging van RAV’en en anderzijds het gegeven dat onze RAV een gemeenschappelijke regeling is, is een bijzonderheid gelegen. Waar de RAV conform de Wet gemeenschappelijke regelingen aan het begin van 2026 de begroting voor 2027 moet afronden en ter besluitvorming moet voorleggen aan de deelnemende gemeenten, wordt het daadwerkelijke budget voor 2027 eerst bekend zodra de onderhandelingen eind 2026 zijn afgerond. 1.4 Rechtmatigheidsverantwoording Met het aannemen van de Wet versterking decentrale rekenkamers is de rechtmatigheidsverantwoording een feit geworden. Vanaf boekjaar 2023 legt het dagelijks bestuur verantwoording af over rechtmatigheid door middel van de rechtmatigheidsverantwoording in de jaarrekening. De accountant zal vanaf 2023 alleen nog een getrouwheidsoordeel geven bij de jaarrekening. De rechtmatigheidsverantwoording maakt onderdeel uit van de jaarrekening en valt daarmee binnen de scope van het getrouwheidsoordeel van de accountant. De samenleving en het zorglandschap in Nederland veranderen in snel tempo. Dé uitdaging voor de toekomst is om kwaliteit, toegankelijkheid en betaalbaarheid van (acute) zorg voor iedereen te garanderen, bij een toenemende vraag naar spoedzorg en een groter wordend tekort aan zorgmedewerkers.
In september 2022 verscheen het Integraal Zorgakkoord (IZA), een samenwerkingsplan van VWS en een groot aantal zorgpartners, waarin zij afspraken vastlegden over het realiseren van meer passende, preventiegerichte, duurzame en gedigitaliseerde zorg in ons land. In vervolg daarop verscheen de Kamerbrief Beleidsagenda Toekomstbestendige Acute Zorg, waarin de minister van VWS een aantal acties presenteerde die voortbouwen op de afspraken in het IZA (Integraal Zorgakkoord), rondom de volgende drie kernpunten: Kwaliteit en toegankelijkheid van de zorg, Zorgcoördinatie en Samenwerking in de regio. Bovengenoemde publicaties bevat een aantal zaken dat van direct belang is voor de ambulancesector, zoals: acute zorg aan huis, ontwikkeling van zorgcoördinatie, bestrijden van personeelstekort, verbetering van (digitale) informatieoverdracht tussen netwerkpartners en onderzoek naar innovatieve technologische en digitale oplossingen. Dit vereist de bereidheid van alle netwerkpartners om intensief samen te werken, buiten de eigen kaders te denken en over drempels te stappen. Dit is voor de RAV Brabant MWN en haar netwerkpartners in de acute zorg samengekomen in het ROAZ-beeld en het ROAZ-plan. We gaan hierna uitgebreider in op de ontwikkelingen rondom zorgcoördinatie. 1.5 Gemeentelijke richtlijnen Van diverse deelnemende gemeenten hebben wij voor onze begroting richtlijnen meegekregen.
Samengevat luiden deze als volgt: 1. De RAV waarborgt onder de Wet ambulancezorgvoorzieningen de kwaliteit en continuïteit van de ambulancezorg in haar werkgebied. De ambulancezorg dient blijvend te worden uitgevoerd zonder gemeentelijke financiële bijdragen. 2. De nieuwe urgentie-indeling ambulancezorg is naar verwachting in 2027 volledig geïmplementeerd. De nieuwe indeling kent zeven in plaats van drie urgentieniveaus. De RAV verwerkt de nieuwe urgentie-indeling in haar begroting waarbij inzage in de responstijden op A0 en A1 (voorheen A1 en A2 ritten) behouden blijft. Uitgangspunt dient te zijn dat in het hele werkgebied de responstijd voor A0 ritten met niet meer dan 5% wordt overschreden (melding-aankomst meer dan 15 minuten). 3. In haar begroting geeft de RAV aan wat het Integraal Zorg Akkoord (IZA) en de landelijke Beleidsagenda Toekomstbestendige Acute Zorg van VWS betekenen voor de ambulancezorg in haar werkgebied. De beleidsagenda kent drie kernpunten: Kwaliteit en toegankelijkheid van de zorg, Zorgcoördinatie en Samenwerking in de regio.
BEGROTING 2027 RAV BRABANT MWN
pagina 5
4. In het werkgebied van de RAV liggen meerdere gemeenten die grenzen aan België. Grensoverschrijdende samenwerking is in de ambulancezorg van belang voor het bieden van snelle en effectieve hulp. De RAV geeft in haar begroting aan hoe deze samenwerking er uitziet en welke mogelijkheden zij ziet om de grensoverschrijdende samenwerking verder te optimaliseren. De RAV heeft deze richtlijnen verwerkt in deze begroting. 1.6 Beleidsthema’s Het beeld dat wij als ambulancevoorziening enkel patiënten voor acute zorg vervoeren naar het ziekenhuis, is de laatste jaren veranderd. In sommige gevallen betekent dit dat, op geplande basis, een patiënt vervoerd wordt tussen twee ziekenhuizen bijvoorbeeld. Dat wordt verzorgd door onze Midden-Complexe Ambulances (“MCA”). Dit ontzorgt de reguliere ALS-ambulances. Verder werken we ook al enige jaren met Verpleegkundig Specialisten en Physician Assistants die zelfstandig inzetbaar zijn. De komende jaren wordt functiedifferentiatie ook aan de kant van de beide Meldkamers Ambulancezorg zichtbaar. Denk hierbij aan verlengde triage, de 112-centralist en de Klinisch Coördinator. Kortom: we brengen altijd de juiste zorg naar de patiënt, waarbij we in sommige gevallen ook de patiënt naar de zorg zullen brengen. Bij de RAV Brabant Midden-West-Noord draait het om meer dan snelheid en vakmanschap.
Onze kernwaarden, kartrekker, kompaan, kordaat en koersvast, vormen het fundament van ons werk. Ze weerspiegelen wie we zijn: proactieve leiders, betrouwbare teamspelers, besluitvaardige professionals en een stabiele factor in onder andere een uitdagend veranderend zorglandschap. Alvorens in te gaan op enkele concrete initiatieven, bespreken we eerst de druk op de zorg en de uitdagingen die we voor ons zien. 1.6.1. Druk op de zorg De zorgsector staat onder toenemende druk door verschillende maatschappelijke ontwikkelingen: Vergrijzing Onze samenleving veroudert en de zorgvraag groeit. Ouderen hebben vaker en langduriger zorg nodig, wat leidt tot een stijgende druk op alle zorginstanties, inclusief de ambulancezorg. Toename sociale problematiek Psychosociale problematiek en kwetsbaarheid in de samenleving nemen toe. Dit leidt tot complexere zorgvragen en een groeiende behoefte aan multidisciplinaire zorg. In het bijzondere merken we dat er meer van ons wordt gevraagd t.a.v. onze zorg voor verwarde personen, hetgeen impact heeft op wachttijden. Steeds complexere zorgvraag Door medische vooruitgang blijven mensen met chronische aandoeningen langer leven, maar hebben ze vaak intensieve en gespecialiseerde zorg nodig. Dit vraagt om meer expertise en maatwerk binnen het acute zorgnetwerk.
Meer en langer zelfstandig wonende ouderen Ouderen blijven steeds langer thuis wonen, al dan niet met hulp van mantelzorgers. Dit leidt tot een grotere vraag naar zorg aan huis, wat de rol van de ambulancezorg verandert van enkel vervoer naar een bredere zorgverlener aan huis. Tekort aan zorgpersoneel De krapte op de arbeidsmarkt is een van de grootste uitdagingen voor de zorgsector. Het vinden en behouden van gekwalificeerd personeel wordt steeds moeilijker, terwijl de zorgvraag blijft groeien. Dit geldt niet alleen voor ons, maar ook voor onze netwerkpartners.
BEGROTING 2027 RAV BRABANT MWN
pagina 6
Technologische ontwikkelingen Innovaties zoals geavanceerde medische apparatuur, digitale communicatie en AI-gestuurde triage maken zorg in potentie efficiënter en beter. Dit vraagt om voortdurende investeringen en bijscholing, zodat onze professionals optimaal profiteren van de nieuwste technologieën. Tegelijkertijd brengt digitalisering grote uitdagingen met zich mee. Het ontwikkelen van landelijk beleid en aangepaste wetgeving kost vaak jaren, terwijl technologische ontwikkelingen snel gaan. Bovendien is zo’n 20% van de bevolking niet of nauwelijks digitaal vaardig, wat drempels creëert in de toegang tot zorg. 1.6.2. Uitdagingen De druk op de zorg leidt tot een aantal uitdagingen waarmee onze organisatie in 2027 te maken zal hebben: Goed en innovatief werkgeverschap De RAV zal moeten investeren in goed en innovatief werkgeverschap. Om de continuïteit en kwaliteit van zorg te waarborgen, moeten we verder kijken dan de traditionele aanpak. We investeren in goed werkgeverschap en loopbaanontwikkeling, maar verkennen ook innovatieve oplossingen.
Denk hierbij aan: (i) het slimmer organiseren van zorg, bijvoorbeeld door technologische ondersteuning of functiedifferentiatie; (ii) het ontwikkelen van combifuncties, waarin professionals ervaring opdoen in zowel de acute zorg als het ziekenhuis; en (iii) het intensiveren van de samenwerking met opleidingsinstituten en netwerkpartners om de instroom en doorstroom van zorgprofessionals te vergroten. Materiaal en middelen We investeren in technologische innovaties en efficiëntere werkprocessen om onze mensen optimaal te ondersteunen. Dit helpt de impact van het personeelstekort te verzachten en verhoogt de veiligheid en effectiviteit van zorgverlening. Kennis en vaardigheden Door de snelle ontwikkelingen in de zorgsector is continue scholing noodzakelijk. Nieuwe triagesystemen, AI-toepassingen en functiedifferentiatie vragen om specialistische kennis op alle niveaus, van zorgverleners en centralisten tot ICT en facilitair beheer. Focus op onze kerntaak De veranderende rol van ambulancezorg in het zorgnetwerk vraagt om een balans tussen innovatie en onze fundamentele opdracht: het leveren van hoogwaardige ambulancezorg. Daarom blijven we onszelf de vraag stellen: hoe draagt elke nieuwe ontwikkeling bij aan de kwaliteit en toegankelijkheid van onze zorg? We zorgen ervoor dat vernieuwing altijd in dienst staat van betere patiëntenzorg.
Van idee naar actie Innovaties en verbeteringen dreigen soms verloren te gaan in de waan van de dag. Om dit te voorkomen, versterken we onze interne processen zodat: goede ideeën niet alleen worden bedacht, maar ook daadwerkelijk worden uitgevoerd; initiatieven duurzaam worden geborgd binnen de organisatie; en medewerkers structureel betrokken worden bij verbeterprocessen. 1.6.3. Drie hoofdthema’s Gelet op de ontwikkelingen en uitdagingen die voor ons staan, zullen we ook in 2027 blijven werken aan de drie hoofdthema’s: ‘A Great Place to Work’ Naar verwachting houden de uitdagingen op de arbeidsmarkt voorlopig nog aan. In ons nieuwe meerjarenbeleid zullen we dan ook aandacht besteden hieraan. Hoe blijven we een goede plek om te werken voor onze huidige collega’s, en hoe zijn we aantrekkelijk voor een nieuwe generatie medewerkers? Een positieve werkomgeving draagt bij aan de tevredenheid en het welzijn van medewerkers, wat op zijn beurt de kwaliteit van de zorg die zij leveren kan verbeteren. Een organisatie die wordt gezien als ‘a great place to work’ kan talent aantrekken en behouden. Voor de (acute) zorg is dat extra van belang, omdat zorg mensenwerk is. Een positieve werkomgeving
BEGROTING 2027 RAV BRABANT MWN
pagina 7
draagt bij aan motivatie en productiviteit, en daarmee uiteindelijk aan betere patiëntenzorg. Kortom, het streven naar ‘a great place to work’ is niet alleen gunstig voor de medewerkers van de RAV, maar ook voor de patiënten die zij bedienen. Het is een investering in de mensen die de zorg verlenen, wat uiteindelijk leidt tot een betere zorgverlening. Netwerksamenwerking De ontwikkelingen rondom zorgcoördinatie vergen van alle zorgaanbieders in onze regio dat we optimaal gaan samenwerken als partner in het zorgnetwerk. Van een keten van zorgaanbieders waar de patiënt doorheen laveert, naar een netwerk van acute zorgaanbieders waarin de patiënt centraal staat. Ketenpartners binnen de zorg worden dan ook netwerkpartners. Voor de RAV is dit ook van belang, aangezien in de acute zorg veel verschillende partijen betrokken zijn bij de zorg voor patiënten. Denk hierbij aan ziekenhuizen, huisartsen, specialisten en andere zorgverleners zoals de GGZ. Een effectieve samenwerking tussen deze partijen kan de kwaliteit en efficiëntie van de zorg verbeteren. Door samen te werken in een netwerk, kunnen deze partijen informatie en middelen delen, wat kan leiden tot betere coördinatie van de zorg. Bovendien kan samenwerking bijdragen aan innovatie en continue verbetering in de zorg.
Door samen te werken, kunnen partijen van elkaar leren, best practices delen, en gezamenlijk oplossingen ontwikkelen voor gemeenschappelijke uitdagingen. Kortom, netwerksamenwerking is niet alleen belangrijk voor de efficiëntie en effectiviteit van de zorg die de RAV levert, maar ook voor de tevredenheid van de patiënten en de continue verbetering en innovatie in de zorg. Het is een cruciaal onderdeel van het streven naar kwaliteit in de acute zorg. Uiteindelijk draagt het bij aan een zo’n optimaal mogelijke aanwending van onze schaarse, gezamenlijke middelen. Organisatieontwikkeling Dit is een belangrijk onderwerp voor de RAV. Zowel de eigen interne organisatie (sterke groei en managementwisselingen), als de buitenwereld (veranderende zorgvraag / sector, invloed van technologie, krappe arbeidsmarkt) is sterk veranderd de afgelopen tijd. Deze verandering zet zich bovendien voort. De RAV past haar organisatie en haar processen hierop aan, met als doel de interne en externe samenwerking te verbeteren. Dit is nodig om de patiënt duurzaam de beste zorg op de juiste plek en het juiste moment te kunnen bieden. Het stelt de RAV ook in staat om effectief te reageren op veranderingen in de gezondheidszorgsector, zoals nieuwe technologieën, veranderende patiëntbehoeften en beleidswijzigingen.
Kortom, organisatieontwikkeling is niet alleen belangrijk voor de groei en het succes van de RAV, maar ook voor het waarborgen van de kwaliteit en effectiviteit van de zorg die zij levert. 1.6.4. Wat mogen patiënten van ons verwachten? De RAV stelt de patiënt centraal: optimale waardecreatie voor de patiënt is ons streven. We leveren mobiele zorg: de juiste ambulancezorg, op het juiste moment, op de juiste plaats en door de juiste hulpverlener. Dit betekent dat we in ieder geval de zorg naar de patiënt brengen, en waar nodig ook de patiënt naar de zorg. Door zorg- en functiedifferentiatie is deze zorg steeds beter afgestemd op de vraag van de patiënt. Kwaliteit en evaluatie van zorg De RAV heeft de kwaliteit van zorg hoog in het vaandel staan. Wat ook essentieel is voor de kwaliteit van zorg is het evalueren van de geleverde zorg. Sinds 2015 vindt intercollegiale zorgevaluatiebegeleiding (ZEB) plaats. Via ZEB wordt het handelen van onze ambulanceverpleegkundigen en medisch hulpverleners geëvalueerd door middel van een methodiek, die afkomstig is uit de luchtvaart en inmiddels zeer effectief is gebleken. In 2019 is de methodiek uitgebreid naar het handelen van ambulancechauffeurs. Naar verwachting zal ZEB de komende jaren breder worden uitgerold binnen onze organisatie.
BEGROTING 2027 RAV BRABANT MWN
pagina 8
Juiste zorg op de juiste plek We benoemden het hiervoor al; de grote gedachte achter zorgcoördinatie is dat het leveren van collectieve inspanningen om de juiste zorg op de juiste plek te kunnen bieden, de zorg in het geheel kan worden ontlast. We verwachten dat in 2027 meerdere initiatieven en pilots hiertoe hun vruchten zullen hebben afgeworpen en volledig zijn geïmplementeerd. Denk hierbij aan de Klinisch Coördinator op de meldkamers en verlengde triage. Prestaties en paraatheid op orde Alle inspanningen omtrent zorgcoördinatie en ‘de juiste zorg op de juiste plek’, hebben tot doel om te komen tot een efficiënter stelsel waarin de spoedambulance niet altijd een patiënt ophaalt om hem of haar te vervoeren naar het ziekenhuis. In sommige gevallen kan de patiënt van het ambulancepersoneel ook de goede zorg thuis ontvangen en hoeft deze niet vervoerd te worden. Ook kan tijdens de triage blijken dat de zorgvraag bijvoorbeeld bij de huisartsen- of verpleegzorg thuis hoort (“ombuigen”). Dit alles laat onverlet dat een aanzienlijk deel van onze capaciteit ook in 2027 nog zal moeten worden aangewend voor de “klassieke” ambulance spoedzorg. We blijven ons ervoor inspannen dat we voldoen aan de inspanningsplicht om 95% van de ritten binnen 15 minuten (A0) of 17 minuten (A1) te rijden.
Ook willen we met de beschikbare groep medewerkers op een verantwoorde manier zoveel mogelijk auto’s op de weg houden. Kort gezegd: de paraatheid moet op orde en zo blijven. Daar zetten we in 2026 al stappen voor. Die zullen in 2027 worden voortgezet en uitgebreid. 1.6.5. Wat mogen (toekomstige) collega’s van ons verwachten? Mede gelet op de druk op de zorg en haar personeel, blijft de pressie op bestaand en nieuw personeel een belangrijke uitdaging voor de komende jaren. Dit is naar verwachting in 2027 nog niet opgelost. Het behouden van enthousiaste en bekwame medewerkers en het werven van nieuw talent zijn daarom topprioriteiten in ons beleid. We willen een platte organisatie blijven, maar met onze groeiende omvang vraagt dat om extra duidelijkheid. Het vraagt van de organisatie om constant duidelijk te blijven communiceren over besluiten en keuzes. Het vraagt van collega’s om kritisch en opbouwend te blijven, om vragen te stellen. 1.6.6. Wat mogen netwerkpartners van elkaar verwachten? Naar verwachting zijn in 2027 de eerste stappen gezet in de samenwerking op zorgcoördinatiegebied in de drie regio’s waarin wij actief zijn (West-Brabant, Midden-Brabant en Noord-Oost-Brabant). Netwerkpartners weten elkaar te vinden en werken intensief samen.
Gegevensuitwisseling is bovendien goed ingeregeld, waarbij wij ook denken aan de uitwisseling van ideeën en meldingen, ter optimalisatie van de samenwerking en de (acute) zorg in ons werkgebied. Aan onze zijde hebben wij een goede basis gelegd voor verlengde triage. We gaan ervan uit dat verlengde triage werkend is binnen ons hele werkgebied. We streven ernaar dat de Klinisch Coördinator volledig ingebed is binnen onze beide meldkamers. Ook gaan we ervan uit dat een aanvullend triagesysteem is geïmplementeerd. 1.6.7. Wat mag de maatschappij van ons verwachten? Naast de zorg voor de patiënt die bij ons op de eerste plaats staat, voelen wij ook een grote verantwoordelijkheid ten opzichte van de maatschappij. Wij zijn een publieke organisatie en gaan efficiënt en verantwoord om met de middelen die aan ons zijn toevertrouwd. Daarnaast dragen wij graag bij om samen met onze partners in het acute zorgnetwerk te onderzoeken hoe de bereikbaarheid, betaalbaarheid en kwaliteit van de acute zorg in de toekomst voor iedereen behouden blijft. Dit is een grote maatschappelijke uitdaging, die alleen in samenwerking met alle betrokkenen het hoofd kan worden geboden. Een ander thema dat ons de komende jaren zal bezig houden, betreft de 72-uurscontinuïteit.
Om te voldoen aan wet- en regelgeving en om adequaat te kunnen inspelen op de actuele risico’s, is het van belang om bestaand beleid te updaten en aan te vullen, zodat we als organisatie beter gewapend zijn tegen verstoringen van de zorgcontinuïteit bij grootschalige incidenten en crises.
BEGROTING 2027 RAV BRABANT MWN
pagina 9
Financieel Sinds de oprichting van onze Gemeenschappelijke Regeling in 2005 werken wij met een begroting die volledig is gedekt door het aan ons toegekende budget vanuit de zorgverzekeraars en hebben wij geen financiële bijdrage van de deelnemende gemeenten nodig gehad. De RAV is een financieel gezonde organisatie, die efficiënt en verantwoord omgaat met publieke middelen. Ook in 2027 wordt geen gemeentelijke bijdrage gevraagd. Duurzaamheid & MVO Onze organisatie is verweven met duurzaamheid. Onze RAV verwacht twee nieuwe vestigingen op te leveren in 2027. Naast gebruiksgemak voor onze rijdienst en moderne voorzieningen voor onze kantoorcollega’s, staan eisen rondom duurzaamheid hierbij hoog in het vaandel. Verder wordt de verdere verduurzaming van ons wagenpark verkend. Denk hierbij aan de elektrificatie van de ambulances. Hierbij staan voor uitdagingen wat betreft een goede laadinfrastructuur. Daarnaast kijken we naar de voetafdruk van medewerkers, zoals woon-werkverkeer en verplaatsingen tussen vestigingen. Gezien ons uitgestrekte werkgebied is dit een uitdagende, maar noodzakelijke stap. Tot slot bereiden we ons voor op de groeiende eisen rondom duurzaamheid, zoals de Corporate Sustainability Reporting Directive (CSRD). Duurzaamheid is voor ons kortom geen losse ambitie, maar een integraal onderdeel van onze strategie.
BEGROTING 2027 RAV BRABANT MWN
pagina 10
2 PROGRAMMA’S De RAV Brabant Midden-West-Noord heeft één programma, namelijk onderscheidt een viertal deelprogramma’s: Meldkameractiviteiten in de regio Brabant-Noord Meldkameractiviteiten in de regio Midden- en West-Brabant Ambulancehulpverlening in de regio Brabant-Noord Ambulancehulpverlening in de regio Midden- en West-Brabant
Ambulancezorg
en
In dit hoofdstuk wordt per deelprogramma uiteengezet wat de RAV Brabant Midden-West-Noord in 2027 wil bereiken, wat we hiervoor gaan doen en wat dit gaat kosten. Uitgangspunt hierbij zijn kwalitatief hoogwaardige ambulancezorg, optimale spreiding en beschikbaarheid en bedrijfsvoering binnen budgettaire kaders. 2.1
Meldkamer Brabant-Noord
2.1.1 Wat willen we bereiken? •
Best passende zorg voor de patiënt Het efficiënt en zorgvuldig afhandelen van de meldingen die binnenkomen op de meldkamer ambulancezorg. Verbetering van de kwaliteit van zorg door een juiste indicatiestelling en urgentiebepaling.
•
Behouden van het niveau van de ACE-status op het triagesysteem ProQA De MKA Brabant-Noord behaalde in september 2016 de ACE-status. Een van de prestatieindicatoren om te monitoren of het gewenste niveau gehandhaafd blijft, is de nalevingsscore.
•
Optimale spreiding en beschikbaarheid Het optimaal inzetten van de beschikbare ambulances door de meldkamer. De aansturing door de meldkamer heeft direct effect op de overschrijdingspercentages van het spoedvervoer. Hiervoor beschikken wij over het softwarepakket ‘Seconds’, dat in 2027 volledig is ingeburgerd in onze organisatie. Deze software ondersteunt de MKA in het realiseren van optimale spreiding en beschikbaarheid.
•
Verlengde triage In 2025 en 2026 is en wordt hard gewerkt aan het implementeren van diverse initiatieven die te maken hebben met verlengde triage. Door aan de meldkamerzijde “slimmer” te triëren kunnen we nog effectievere en efficiëntere ambulancezorg verlenen. Denk hierbij aan de inzet van de Klinisch Coördinator (die bijvoorbeeld kan beeldbellen), maar bijvoorbeeld ook aan een nieuw softwarepakket voor verlengde triage.
2.1.2 Wat gaan we hiervoor doen? •
Zorgcoördinatie De RAV blijft zich de komende tijd inspannen om bij te dragen aan de implementatie van zorgcoördinatievoorzieningen binnen de drie zorgcoördinatieregio’s in ons werkgebied, zowel in AZN-verband als in overlegvormen met de netwerkpartners in de acute zorg en in samenwerking met de RAV van Brabant-Zuidoost.
BEGROTING 2027 RAV BRABANT MWN
pagina 11
•
Verpleegkundig specialist/Physician Assistant op de meldkamer Zoals zorgcoördinatie zich richt op de best passende zorg voor de patiënt op het niveau van de verschillende hulpverleners, kan de inzet van de VS en PA op de meldkamer aan dat doel bijdragen op het niveau van de ambulancezorg. Door hun specifieke expertise te gebruiken bij de diagnosestelling op de meldkamer, kan gerichter worden bepaald welke van de verschillende ‘smaken’ binnen onze gedifferentieerde ambulancezorg het beste aansluit bij de zorgvraag van de patiënt.
2.1.3 Wat gaat het kosten? Product
MKA Brabant-Noord 2.2
Lasten
2.606.000
inkomsten
Overige
Nza
inkomsten
2.552.000
4.000
Totaal resultaat excl. overhead -50.000
Meldkamer Midden- en West-Brabant
2.2.1 Wat willen we bereiken? •
Best passende zorg voor de patiënt Het efficiënt en zorgvuldig afhandelen van de meldingen die binnenkomen op de meldkamer ambulancezorg. Verbetering van de kwaliteit van zorg door een juiste indicatiestelling en urgentiebepaling.
•
Behouden van het niveau van de ACE-status op het triagesysteem ProQA De MKA Brabant-Noord behaalde in september 2016 de ACE-status. Een van de prestatieindicatoren om te monitoren of het gewenste niveau gehandhaafd blijft, is de nalevingsscore.
•
Optimale spreiding en beschikbaarheid Het optimaal inzetten van de beschikbare ambulances door de meldkamer. De aansturing door de meldkamer heeft direct effect op de overschrijdingspercentages van het spoedvervoer. Hiervoor beschikken wij over het softwarepakket ‘Seconds’, dat in 2027 volledig is ingeburgerd in onze organisatie. Deze software ondersteunt de MKA in het realiseren van optimale spreiding en beschikbaarheid.
•
Verlengde triage In 2025 en 2026 is en wordt hard gewerkt aan het implementeren van diverse initiatieven die te maken hebben met verlengde triage. Door aan de meldkamerzijde “slimmer” te triëren kunnen we nog effectievere en efficiëntere ambulancezorg verlenen. Denk hierbij aan de inzet van de Klinisch Coördinator (die bijvoorbeeld kan beeldbellen), maar bijvoorbeeld ook aan een nieuw softwarepakket voor verlengde triage.
2.2.2 Wat gaan we hiervoor doen? •
Zorgcoördinatie De RAV blijft zich de komende tijd inspannen om bij te dragen aan de implementatie van zorgcoördinatievoorzieningen binnen de drie zorgcoördinatieregio’s in ons werkgebied, zowel in AZN-verband als in overlegvormen met de netwerkpartners in de acute zorg.
•
Verpleegkundig specialist/Physician Assistant op de meldkamer Zoals zorgcoördinatie zich richt op de best passende zorg voor de patiënt op het niveau van de verschillende hulpverleners, kan de inzet van de VS en PA op de meldkamer aan dat doel bijdragen op het niveau van de ambulancezorg. Door hun specifieke expertise te gebruiken bij de diagnosestelling op de meldkamer, kan gerichter worden bepaald welke van de
BEGROTING 2027 RAV BRABANT MWN
pagina 12
verschillende ‘smaken’ binnen onze gedifferentieerde ambulancezorg het beste aansluit bij de zorgvraag van de patiënt. 2.2.3 Wat gaat het kosten? Product
MKA Midden- en West Brabant 2.3
Lasten
3.972.000
inkomsten
Overige
Nza
inkomsten
4.047.000
30.000
Totaal resultaat excl. overhead 105.000
RAV Brabant-Noord
2.3.1 Wat willen we bereiken? •
Optimaliseren patiëntveiligheid en verhogen van de kwaliteit van zorg In het kader van de zorgevaluatie (ZEB) worden hulpverleningen sinds 2017 onder vastgestelde thema’s systematisch via collegiale intervisie besproken. Essentiële gegevens worden vastgelegd in een database. In 2027 hebben we nog steeds als doelstelling dat elke ambulanceverpleegkundige minstens 1x per jaar een fysiek ZEB-gesprek heeft waarbij een hulpverlening wordt geëvalueerd.
•
De beste passende zorg voor de patiënt De zorgvraag van de patiënt staat centraal. Dit betekent dat vervoer alleen plaatsvindt als dat strikt nodig is, en dat het soms beter is om de juiste zorg ter plaatse te leveren. We maken een weloverwogen afweging om óf de zorg naar de patiënt te brengen óf de patiënt naar de zorg. Was er voorheen altijd een intentie tot vervoer, nu verschuift het accent langzaam naar acute mobiele zorg zonder vervoer. Dit vergt uitbreiding van het zorgaanbod binnen de ambulancehulpverlening in de vorm van zorgdifferentiatie. We doen dit op verschillende manieren. De inzet van Verpleegkundig Specialisten (VS) en Physician Assistants (PA) in het primair proces is daar één van. Deze groep heeft meer mogelijkheden en expertise in diagnosestelling, en meer bevoegdheden in behandeling van de patiënt. Een andere manier om beter aan te kunnen sluiten op de zorgvraag van de patiënt is onze divisie middencomplex ambulancevervoer (MCA). Na een aantal jaren van voorbereiding, werving en (bij)scholing is sprake van één volwaardig MCA-team in Noord.
•
Realiseren van prestatieafspraken De RAV Brabant-Noord heeft de ambitie om in 2027, onder normale omstandigheden, bij minimaal 95% van de hulpverleningen met urgentie A0 binnen 15 minuten na melding ter plaatse te zijn en bij urgentie A2 binnen 30 minuten. Ook streven we ernaar dat 80% van het B2-vervoer wordt gereden door de MCA. Hiervoor is het nodig dat paraatheid conform het actuele referentiekader spreiding en beschikbaarheid wordt geleverd. Voorwaarde daarbij is dat de formatie ambulanceverpleegkundigen op het benodigde niveau gebracht kan worden, en dat er geen sprake is van afwijkende omstandigheden. Tot slot streven we ernaar om een of meer kwaliteitssignalen toe te voegen aan de prestatieafspraken.
•
Voldoen aan de WAV-vereisten De RAV spant zich in om te blijven voldoen aan de eisen van de Wet Ambulancezorgvoorzieningen. Belangrijk hierbij is om de bedrijfsvoering binnen de budgettaire kaders te houden van de vigerende bekostigingssystematiek.
BEGROTING 2027 RAV BRABANT MWN
pagina 13
2.3.2 Wat gaan we hiervoor doen? •
Voortzetten ZEB-traject verpleegkundigen In 2027 willen we ervoor zorgen dat het aantal zorgevaluatiebegeleiders op peil blijft, én bewaken dat zij in staat worden gesteld om de voor ZEB bestemde tijd daadwerkelijk in te zetten, zodat het gestelde doel (1 fysiek ZEB-gesprek per ambulanceverpleegkundige per jaar) wordt behaald.
•
Evaluatie van zorg met de patiënt De RAV Brabant MWN heeft een instrument ontwikkeld om de geleverde zorg rechtstreeks, één op één, met de betreffende patiënt te evalueren. De focus ligt hierbij op het mobiele zorgconsult (voorheen Eerste Hulp, Geen Vervoer). In plaats van de patiënt naar het ziekenhuis te vervoeren wordt deze thuis geholpen, al dan niet in afstemming met de huisarts. Het evaluatie-instrument is in het voorjaar van 2023 geïmplementeerd en de doelstelling is om in 2027 met minimaal 150 patiënten telefonisch te evalueren en met minimaal 300 patiënten via een ingevuld antwoordkaartje. Deze aantallen gelden voor ons gehele werkgebied.
•
Zorgdifferentiatie Om de geleverde ambulancezorg optimaal aan te laten sluiten bij de zorgvraag van de patiënt, realiseren wij de komende jaren differentiatie, door verschillende niveaus van de ambulancezorg te bieden. Naast het reguliere ambulancevoer leveren we ook middencomplexe ambulancezorg en zetten we verpleegkundig specialisten en physician assistants in het primaire proces van ambulancezorg in.
•
Functiedifferentiatie Zorgdifferentiatie vereist functiedifferentiatie. Voor de verschillende niveaus van ambulancezorg is verschillende expertise nodig. Een belangrijke rol is weggelegd voor de groep verpleegkundig specialisten en physician assistants. De complexere zorgvraag van de patiënt heeft aanvullende expertise nodig. VS en PA passen goed in dit profiel omdat zij meer kennis hebben en meer handelingen zelfstandig mogen uitvoeren.
•
Paraatheid versus personeelstekort In 2027 is het streven om de paraatheid te leveren conform het referentiekader Spreiding & Beschikbaarheid, onder voorwaarde dat de formatie ambulanceverpleegkundigen op het gewenste niveau kan worden gebracht. De RAV voert een actief en aantrekkelijk wervingsbeleid en een loopbaanbeleid waarin aandacht is voor functiedifferentiatie en ontwikkelingsmogelijkheden. Daarnaast is er inzet van BMH (bachelor medische hulpverlening), en leiden wij zelf op tot ambulanceverpleegkundige en -chauffeur binnen onze CZO-geaccrediteerde interne opleiding. 2027
2026
2025
2024
aantal aantal aantal aantal
32.000 15.000 17.000 64.000
34.000 16.000 16.000 66.000
34.000 15.000 5.000 54.000
36.000 16.000 12.000 64.000
Prestatie-indicatoren tijd waarbinnen 95% van de A0-ritten ter plaatse is min tijd waarbinnen 95% van de A1-ritten ter plaatse is min tijd waarbinnen 95% van de A2-ritten ter plaatse is min B2 door MCA gereden % elke verpleegkundige 1x fysiek ZEB-gesprek % evaluatie mobiel zorgconsult met patiënt telefonisch aantal evaluatie mobiel zorgconsult met patiënt via kaartje aantal
0:15:00 0:17:00 0:30:00 80% 100% 150 300
0:15:00 0:17:00 0:30:00 80% 100% 100 250
0:15:00 0:17:00 0:30:00 80% 100% 100 250
0:15:00 0:30:00 100% -
Productie Declarabele ritten Mobiel zorgconsult (EHGV-ritten) Niet-declarabele ritten Totaal ritten
BEGROTING 2027 RAV BRABANT MWN
pagina 14
Ritten naar urgentie Urgentie A0/A1 Urgentie A2 Urgentie B1/B2 Overig Totaal ritten
Toelichting Declarabele rit
aantal aantal aantal aantal aantal
24.000 14.000 9.000 17.000 64.000
26.000 15.000 9.000 16.000 66.000
26.000 19.000 9.000 0 54.000
27.000 27.000 10.000 0 64.000
Ambulancerit in opdracht van de MKA, waarbij vervoer voor de patiënt geïndiceerd is.
Mobiel zorgconsult
Een mobiel zorgconsult is een rit die wordt uitgevoerd met de intentie tot hulpverlening en of vervoer waarbij vervoer na onderzoek van de patiënt niet nodig blijkt te zijn, maar wel ter plaatse zorg wordt verleend. Voorheen werden deze ritten EHGV (Eerste Hulp Geen Vervoer) genoemd.
Niet-declarabele rit
Rit die niet gedeclareerd wordt; dit kan een voorwaardenscheppende, een loze rit of een afgebroken rit zijn.
Urgentie A0
Directe inzet met grootst mogelijke spoed
Urgentie A1
Directe inzet met spoed
Urgentie A2
Zo spoedig mogelijke inzet
Urgentie B1
Geplande inzet op bepaald tijdstip, hoogcomplexe zorgvraag
Urgentie B2
Geplande inzet op bepaald tijdstip, midden-/laagcomplexe zorgvraag
MCA
Middencomplex ambulancevervoer
Productie
De prognose van het aantal declarabele meldingen voor de begroting 2027 is gebaseerd op de productie van voorgaande jaren.
2.3.3 Wat gaat het kosten? Product
RAV Brabant-Noord
BEGROTING 2027 RAV BRABANT MWN
Lasten
inkomsten
Overige
Nza
inkomsten
Totaal resultaat excl. overhead
2.096.000
6.114.000
32.593.000 36.611.000
pagina 15
2.4
RAV Midden- en West-Brabant
2.4.1 Wat willen we bereiken? •
Optimaliseren patiëntveiligheid en verhogen van de kwaliteit van zorg In het kader van de zorgevaluatie (ZEB) worden hulpverleningen sinds 2017 onder vastgestelde thema’s systematisch via collegiale intervisie besproken. Essentiële gegevens worden vastgelegd in een database. In 2027 hebben we nog steeds als doelstelling dat elke ambulanceverpleegkundige minstens 1x per jaar een fysiek ZEB-gesprek heeft waarbij een hulpverlening wordt geëvalueerd.
•
De beste passende zorg voor de patiënt De zorgvraag van de patiënt staat centraal. Dit betekent dat vervoer alleen plaatsvindt als dat strikt nodig is, en dat het soms beter is om de juiste zorg ter plaatse te leveren. We maken een weloverwogen afweging om óf de zorg naar de patiënt te brengen óf de patiënt naar de zorg. Was er voorheen altijd een intentie tot vervoer, nu verschuift het accent langzaam naar acute mobiele zorg zonder vervoer. Dit vergt uitbreiding van het zorgaanbod binnen de ambulancehulpverlening in de vorm van zorgdifferentiatie. We doen dit op verschillende manieren. De inzet van Verpleegkundig Specialisten (VS) en Physician Assistants (PA) in het primair proces is daar één van. Deze groep heeft meer mogelijkheden en expertise in diagnosestelling, en meer bevoegdheden in behandeling van de patiënt. Een andere manier om beter aan te kunnen sluiten op de zorgvraag van de patiënt is onze divisie middencomplex ambulancevervoer (MCA). Na een aantal jaren van voorbereiding, werving en (bij)scholing is in 2025 sprake van twee volwaardige MCA-teams die samen het ambulancevervoer verzorgen in de categorie laag- en middencomplex vervoer.
•
Realiseren van prestatieafspraken De RAV Brabant-Noord heeft de ambitie om in 2027, onder normale omstandigheden, bij minimaal 95% van de hulpverleningen met urgentie A0 binnen 15 minuten na melding ter plaatse te zijn en bij urgentie A2 binnen 30 minuten. Ook streven we ernaar dat 80% van het B2-vervoer wordt gereden door de MCA. Hiervoor is het nodig dat paraatheid conform het actuele referentiekader spreiding en beschikbaarheid wordt geleverd. Voorwaarde daarbij is dat de formatie ambulanceverpleegkundigen op het benodigde niveau gebracht kan worden, en dat er geen sprake is van afwijkende omstandigheden. Tot slot streven we ernaar om een of meer kwaliteitssignalen toe te voegen aan de prestatieafspraken.
•
Voldoen aan de WAV-vereisten De RAV spant zich in om te blijven voldoen aan de eisen van de Wet Ambulancezorgvoorzieningen. Belangrijk hierbij is om de bedrijfsvoering binnen de budgettaire kaders te houden van de vigerende bekostigingssystematiek.
2.4.2 Wat gaan we hiervoor doen? •
Voortzetten ZEB-traject verpleegkundigen In 2027 willen we ervoor zorgen dat het aantal zorgevaluatiebegeleiders op peil blijft, én bewaken dat zij in staat worden gesteld om de voor ZEB bestemde tijd daadwerkelijk in te zetten, zodat het gestelde doel (1 fysiek ZEB-gesprek per ambulanceverpleegkundige per jaar) wordt behaald.
•
Evaluatie van zorg met de patiënt De RAV Brabant MWN heeft een instrument ontwikkeld om de geleverde zorg rechtstreeks, één op één, met de betreffende patiënt te evalueren. De focus ligt hierbij op het mobiele zorgconsult (voorheen Eerste Hulp, Geen Vervoer). In plaats van de patiënt naar het ziekenhuis te vervoeren wordt deze thuis geholpen, al dan niet in afstemming met de huisarts. Het evaluatie-instrument is in het voorjaar van 2023 geïmplementeerd en de doelstelling is om in 2027 met minimaal 150 patiënten telefonisch te evalueren en met
BEGROTING 2027 RAV BRABANT MWN
pagina 16
minimaal 300 patiënten via een ingevuld antwoordkaartje. Deze aantallen gelden voor ons gehele werkgebied. •
Zorgdifferentiatie Om de geleverde ambulancezorg optimaal aan te laten sluiten bij de zorgvraag van de patiënt, realiseren wij de komende jaren differentiatie, door verschillende niveaus van de ambulancezorg te bieden. Naast het reguliere ambulancevoer leveren we ook middencomplexe ambulancezorg en zetten we verpleegkundig specialisten en physician assistants in het primaire proces van ambulancezorg in.
•
Functiedifferentiatie Zorgdifferentiatie vereist functiedifferentiatie. Voor de verschillende niveaus van ambulancezorg is verschillende expertise nodig. Een belangrijke rol is weggelegd voor de groep verpleegkundig specialisten en physician assistants. De complexere zorgvraag van de patiënt heeft aanvullende expertise nodig. VS en PA passen goed in dit profiel omdat zij meer kennis hebben en meer handelingen zelfstandig mogen uitvoeren.
•
Paraatheid versus personeelstekort In 2027 is het streven om de paraatheid te leveren conform het referentiekader Spreiding & Beschikbaarheid, onder voorwaarde dat de formatie ambulanceverpleegkundigen op het gewenste niveau kan worden gebracht. De RAV voert een actief en aantrekkelijk wervingsbeleid en een loopbaanbeleid waarin aandacht is voor functiedifferentiatie en ontwikkelingsmogelijkheden. Daarnaast is er inzet van BMH (bachelor medische hulpverlening), en leiden wij zelf op tot ambulanceverpleegkundige en -chauffeur binnen onze CZO-geaccrediteerde interne opleiding.
2027
2026
2025
2024
aantal aantal aantal aantal
62.000 27.000 45.000 134.000
68.000 30.000 47.000 145.000
70.000 28.000 10.000 108.000
73.000 27.000 25.000 125.000
Prestatie-indicatoren tijd waarbinnen 95% van de A0-ritten ter plaatse is tijd waarbinnen 95% van de A1-ritten ter plaatse is tijd waarbinnen 95% van de A2-ritten ter plaatse is B2 door MCA gereden elke verpleegkundige 1x fysiek ZEB-gesprek evaluatie mobiel zorgconsult met patiënt telefonisch evaluatie mobiel zorgconsult met patiënt via kaartje
min min min % % aantal aantal
0:15:00 0:17:00 0:30:00 90% 100% 150 300
0:15:00 0:17:00 0:30:00 90% 100% 100 250
0:15:00 0:17:00 0:30:00 90% 100% 100 250
0:15:00 0:30:00 100% -
Ritten naar urgentie Urgentie A0/A1 Urgentie A2 Urgentie B1/B2 Overig Totaal ritten
aantal aantal aantal aantal aantal
45.000 25.000 20.000 44.000 134.000
50.000 28.000 20.000 47.000 145.000
53.000 35.000 20.000 0 108.000
55.000 48.000 22.000 0 125.000
Productie Declarabele ritten Mobiel zorgconsult (EHGV-ritten) Niet-declarabele ritten Totaal ritten
BEGROTING 2027 RAV BRABANT MWN
pagina 17
Toelichting Declarabele rit
Ambulancerit in opdracht van de MKA, waarbij vervoer voor de patiënt geïndiceerd is.
Mobiel zorgconsult
Een mobiel zorgconsult is een rit die wordt uitgevoerd met de intentie tot hulpverlening en of vervoer waarbij vervoer na onderzoek van de patiënt niet nodig blijkt te zijn, maar wel ter plaatse zorg wordt verleend. Voorheen werden deze ritten EHGV (Eerste Hulp Geen Vervoer) genoemd.
Niet-declarabele rit
Rit die niet gedeclareerd wordt; dit kan een voorwaardenscheppende, een loze rit of een afgebroken rit zijn.
Urgentie A0
Directe inzet met grootst mogelijke spoed
Urgentie A1
Directe inzet met spoed
Urgentie A2
Zo spoedig mogelijke inzet
Urgentie B1
Geplande inzet op bepaald tijdstip, hoogcomplexe zorgvraag
Urgentie B2
Geplande inzet op bepaald tijdstip, midden-/laagcomplexe zorgvraag
MCA
Middencomplex ambulancevervoer
Productie
De prognose van het aantal declarabele meldingen voor de begroting 2027 is gebaseerd op de productie van voorgaande jaren.
2.4.3 Wat gaat het kosten? Product
RAV Midden- en West Brabant
BEGROTING 2027 RAV BRABANT MWN
Lasten
inkomsten
Overige
Nza
inkomsten
Totaal resultaat excl. overhead
3.744.000
9.779.000
57.612.000 63.647.000
pagina 18
2.5
Overzicht overhead
Het BBV schrijft voor dat we de overhead van de RAV begroten op een centrale begrotingspost: het ’overzicht overhead’. In deze begrotingspost zijn de automatiseringskosten, huisvestingskosten en diverse materiële overheadlasten (drukwerk, opleidingskosten etc.) opgenomen. Daarnaast zijn de personele lasten opgenomen van die functies die we op grond van de ’notitie overhead’ van de commissie BBV kwalificeren als overhead. Niet alle functies die we bij de RAV kennen, zijn specifiek in deze notitie genoemd. Voor de indeling zoals gehanteerd, hebben we dus een aantal pleitbare aannames moeten doen, die zijn afgestemd met materiedeskundigen. Om inzichtelijk te maken waar de overhead uit bestaat, is deze verdeeld in vier onderdelen:
Overzicht overhead
real. 2025
begr 2026
begr 2027
Huisvesting/automatisering
366.934
516.000
506.216
Uitbestede bedrijfsvoering aan HSC
2.193.473
2.397.356
2.785.722
Personeel
10.783.122
11.657.502
11.831.346
overig
855.361
912.657
824.716
Totaal
14.198.890
15.483.515
15.948.000
De begrote overhead van 2026 is conform de begrotingswijziging 2026, die op 9 juli 2026 zal worden voorgelegd aan het Algemeen Bestuur van de RAV. In 2027 bedraagt de overhead 14,1 % van de totale kosten.
BEGROTING 2027 RAV BRABANT MWN
pagina 19
3 PARAGRAAF ONDERHOUD KAPITAALGOEDEREN Onderhoud kapitaalgoederen Het belangrijkste doel van het (groot) onderhoud is kapitaalverlies te voorkomen en de gebouwen en installaties in zodanige (bouw)technische staat te houden, dat de gebruiksmogelijkheden gewaarborgd zijn. Hiervoor is een meerjarenonderhoudsplanning (MJOP) opgesteld, welke jaarlijks wordt bijgesteld. De basis voor de MJOP wordt gevormd door een conditiemeting van het gebouw. Deze conditiemeting wordt door gecertificeerde inspecteurs uitgevoerd voor alle locaties, dit conform de eisen van NEN 2767. Hierbij maakt men gebruik van de elementencoderingen gebaseerd op de NLSFB codering. De NL-SFB codering heeft zich in Nederland ontwikkeld tot de standaard op het gebied van elementgerichte classificaties. De NEN 2767 waarborgt een uniforme en kwalitatieve meting. De MJOP is een richtlijn voor uitvoering van onderhoud met een raming van de kosten en wordt jaarlijks opgenomen in de begroting. Jaarlijks worden de opgenomen activiteiten volgens planning uitgevoerd. Gesteld kan worden dat al het vastgoed zich in goede conditie bevindt. De gegevens in het MJOP worden steeds aangevuld met gegevens vanuit de praktijk. Dit geschiedt naar aanleiding van de jaarlijkse eigen visuele inspectie, en/of op basis van ervaringscijfers van daadwerkelijke uitvoering. Dit is een continu proces.
De visuele inspectie conform de NEN 2767 wordt, voor de panden in eigendom, periodiek (elke 4 jaar) herhaald en kan ook aanpassingen in het MJOP tot gevolg hebben. EED (Energy Efficiency Directive) Op basis van Europese regelgeving hebben we als RAV een verplichting om maatschappelijk verantwoord te ondernemen en een duurzaamheids- en energiebeleid te hebben. Dit heeft tot gevolg dat we afgelopen jaren diverse investeringen op dit gebied uitgevoerd hebben. In huur- en eigendomspanden zijn investeringen gedaan om de bouwkundige schil te verbeteren, LEDverlichting aan te brengen en zonnepanelen te plaatsen waar dit technisch mogelijk was. Bij vervangingsvraagstukken wordt steeds bekeken welke energiebesparende maatregelen mogelijk zijn. Ook bij de ontwikkeling van de nieuwbouwpanden staat duurzaamheid en energiebeleid bovenaan. Zo worden deze locaties full electric (warmtepomp) en komt er geen gas-aansluiting. Komende jaren staan in het teken van regulier (en storings-) onderhoud op alle locaties en het verder verduurzamen in het kader van de EED/energielabels. Ook worden er komende jaren, door de groei van de organisatie, nog een aantal nieuwe locaties ontwikkeld, waarbij duurzaamheid en energiebeleid hoog in het vaandel staan.
BEGROTING 2027 RAV BRABANT MWN
pagina 20
4 PARAGRAAF BEDRIJFSVOERING Onder bedrijfsvoering wordt verstaan: alle ondersteunende activiteiten die nodig zijn om de doelstellingen van de RAV te realiseren. De bedrijfsvoering draagt daarmee bij aan een efficiënte en effectieve organisatie van het proces ambulancezorg. Naast de bedrijfsvoering die binnen de RAVspecifiek is georganiseerd, zoals HR, Facilitaire zaken, control, planning, communicatie, kwaliteit, wagenpark, voertuig ICT en opleiding worden de taken salarisadministratie, financiën, inkoop, DIV en automatisering door de RAV ingekocht bij Hét Service Centrum (HSC). Hoewel het management van het HSC ten aanzien van deze functies een afgeleide bevoegdheid en verantwoordelijkheid heeft, is bewustwording en kennis van de omgeving waarbinnen de RAV zijn taken uitvoert noodzakelijk. Hét Service Centrum verzorgt voor GGD West-Brabant, GGD Hart voor Brabant, de RAV Brabant Midden-West-Noord en de GGD Noord- en Oost-Gelderland een aantal ondersteunende diensten (financiën, AO/IC, salarisadministratie, DIV, inkoop, automatisering en informatisering en met name beheer van het netwerk en kantoorautomatisering). Hét Service Centrum is geen aparte organisatie, maar het resultaat van een brede samenwerking. 4.1 Organisatie De organisatie moet het werken van geschikte en gemotiveerde mensen aan processen en producten adequaat faciliteren.
De structuur volgt de strategie van de organisatie en is dienend aan sturing en samenwerking. Een slagvaardig managementteam, ondersteund door een professionele staf, met onderscheidend leiderschap vormt daarbij de basis. Door aan deze voorwaarden te voldoen kan de RAV zich handhaven binnen het topsegment van de RAV-organisaties en de maatstafconcurrentie binnen de ambulancezorg het hoofd bieden. Op basis van deze uitgangspunten ontwikkelt de organisatie zich op een aantal aspecten: Zij kenmerkt zich door haar medewerkers te prikkelen, uit te dagen en verantwoordelijkheid te laten nemen voor de eigen ontwikkeling; Er is ruimte voor innovatie; De organisatie is in control; Ontwikkeling van expertise vindt voornamelijk plaats door het zoeken van regionale en landelijke samenwerking. 4.2