12A. Actualiserend bodemonderzoek loodsen Schansdijk 5 de Heen.pdf
Tekst van het document
Wematech Bodem Adviseurs B.V.
ACTUALISEREND BODEMONDERZOEK (INCLUSIEF ASBEST) “LOODSEN” SCHANSDIJK (NABIJ 5) DE HEEN
Opdrachtgever :
Gemeente Steenbergen Postbus 6 4650 AA Steenbergen
Projectnummer : Kenmerk rapport: Status rapport: Datum:
VBE-50220260 EJ50220260.R001-1 Definitief 23 juni 2022
Projectleider
Ing. H.B.C. Jansen MSc
par:
(Mede)auteur
Ing. H.B.C. Jansen MSc Ing.A.C.J. van Dijck-Oostvogels
par:
Wematech Advies Groep B.V. is gecertificeerd door KIWA volgens de gestelde criteria conform ISO-9001:2015 onder nummer KSC-K96808
Postbus 1817, 4700 BV Roosendaal . Windmolen 23, 4751 VM Oud Gastel Tel. +31 (0)165 565910 . Fax +31 (0)165 544468 . bodemadviseurs@wematech.nl . www.wematech.nl KvK 20104743 . BTW nr. NL 810303206B01 . Rabobank IBAN NL82 RABO 0102 5687 07 Algemene voorwaarden zijn gedeponeerd bij de Kamer van Koophandel
Kenmerk : Projectnummer :
EJ50220260.R001-1 VBE-50220260
SAMENVATTING In opdracht van Gemeente Steenbergen is door Wematech Bodem Adviseurs B.V. van maart tot mei 2022 gefaseerd een actualiserend bodemonderzoek (inclusief asbest) uitgevoerd ter plaatse van de twee loodsen aan de Schansdijk (nabij 5) te De Heen. Doel van het onderzoek is het verkrijgen van inzicht in de actuele bodemkwaliteit ter plaatse van de onderzoekslocatie en op basis hiervan na te gaan of de bodemkwaliteit een belemmering kan opleveren voor de voorgenomen eigendomsoverdracht. Het veldwerk is gefaseerd uitgevoerd in de periode van maart tot mei 2022. Zintuiglijke waarnemingen Bij de veldinspectie is aan de noordzijde van de oostelijke loods een hondenkooi met asbestverdacht (af)dak aangetroffen. Dit afdak is niet voorzien van een goot. Het dak watert af op een kleine klinkerverharding welke (aflopend) afwatert op onverharde grond. Op de klinkerverharding is een stukje asbesthoudend plaatmateriaal aangetroffen wat, naar alle waarschijnlijkheid, afkomstig lijkt te zijn van het asbestverdachte dak. Nabij dit hok (ook aan de achterzijde van de oostelijke loods) is een oude (losliggende en gedeeltelijk doorgeroeste) brandstoftank aanwezig. Voor zover herkend door de veldwerkers, is sprake van de aanwezigheid van Japanse Duizendknoop.
Wet bodembescherming - Oostelijke loods -Verificatie verontreiniging met minerale olie in grond en grondwater De meest verdachte laag (100 tot 200 cm-mv) is ter plaatse van boring A02 en A10 sterk respectievelijk matig verontreinigd met minerale olie. Aangezien bij A10 het onderzochte monster bestaat uit twee deelmonsters kan een sterke verontreiniging niet worden uitgesloten bij A10. Ter plaatse van de overige boringen is deze verdachte laag licht (boringen A11 en A07) of niet verontreinigd (boringen A01, A03, A06 en A12) met minerale olie. De bij het onderzoek in 2003 vastgestelde en ingekaderde sterke verontreiniging met minerale olie in de grond heeft zich enigszins verplaatst en de twee vlekken (uit onderzoek 2006) lijken samen te komen. De verontreiniging bevindt zich nog steeds onder de loods. Het grondwater van peilbuizen A02, A10 en A11 is licht verontreinigd met minerale olie. Tevens is het grondwater van peilbuis A10 licht verontreinigd met (som) xylenen, naftaleen en barium. Het grondwater van peilbuizen A03 en A12 is niet verontreinigd met minerale olie. Ook de verontreiniging met minerale olie in het grondwater lijkt zich enigszins verplaatst te hebben. De concentratie lijkt in de loop van de tijd te zijn afgenomen, wellicht door natuurlijk afbraak en/of verdunning. Er is geen sterke verontreiniging in het grondwater meer aangetroffen.
Het bij eerder onderzoek aangetroffen geval van ernstige bodemverontreiniging met minerale olie (125 m³ grond en 15 m³ grondwater) wordt thans min of meer bevestigd. Deze verontreiniging bevindt zich op diepte (100 tot 200 cm-mv) en is volledig onder een betonvloer aanwezig. Gezien de verontreiniging in 20 jaar zich slechts enigszins heeft verplaatst en niet verspreid, zijn er geen verspreidingsrisico’s aanwezig. Er bestaan derhalve voor nu en in de toekomst (bij ongewijzigd gebruik) geen directe humane of ecologische risico’s. De verwachting is dat de noordoostelijke spot (uit onderzoek 2006 en thans niet geverifieerd middels onderzoek ) ook is verminderd door natuurlijke afbraak en/of verdunning. - Zandlaag direct onder betonvloer In de circa 50 cm dikke zandlaag direct onder de betonvloer is zowel zintuiglijk als analytisch geen asbest aangetroffen. Verder is deze laag licht verontreinigd met kobalt, nikkel en PAK.
Datum: Pagina:
23 juni 2022 2 / 36
Kenmerk : Projectnummer :
EJ50220260.R001-1 VBE-50220260
- Diepere kleilaag Het “worst case” mengmonster van deze kleilaag is licht verontreinigd met arseen, koper, lood en PAK. - Spot met arseen ten noorden van loods In de onder de loods aanwezige grond nabij de eerder aantroffen beperkte arseenspot zijn in de monsters van boring 07 (60-100 cm-mv) en het mengmonster van boring 06 (50-140 cm-mv) licht verhoogde gehaltes arseen aangetroffen ten opzichte van de achtergrondwaarde. Gesteld kan worden dat de arseenspot zich niet tot onder de loods uitstrekt en dat deze met de eerder vastgestelde zeer beperkte omvang van (15 m³) nog aanwezig is. De bij eerder onderzoek aangetroffen (beperkte) spot met arseen (ca. 15 m³) bevindt zich op een diepte van 50 tot 140 cm-mv en is in de huidige situatie afgedekt met een grondlaag van 50 cm dikte, waardoor geen direct contact mogelijk is. -Oude bovengrondse brandstoftank t.p.v. noordmuur oostelijke loods In zowel de bovengrond (meest verdachte grondlaag) als in het grondwater ter plaatse van deze tank is geen verontreiniging met minerale olie aangetroffen. - Druppellijn asbestverdacht dak op hondenhok In de meest verdachte laag (0-10 cm-mv) ter plaatse van de druppellijn is zowel zintuiglijk als analytisch geen asbest aangetroffen. Tevens is de grond niet verontreinigd met PCB.
- Westelijke loods - Zandlaag direct onder betonvloer De circa 110 cm dikke zandlaag direct onder de betonvloer is niet verontreinigd en zowel zintuiglijk als analytisch is in deze laag geen asbest aangetroffen. Het grondwater van peilbuis B03 is licht verontreinigd met molybdeen en (som) xylenen. - Diepere kleilaag De onderliggende en zintuiglijk schone kleigrond is niet onderzocht op asbest. Deze kleilaag (van 50 tot minimaal 270 cm-mv) is licht verontreinigd met kobalt, koper, kwik, lood, molybdeen, nikkel, zink en PAK. Besluit bodemkwaliteit De sterk verontreinigde grond ter plaatse van de olieverontreiniging onder de vloer van de oostelijke loods en de bij een eerder onderzoek aangetroffen arseenspot aan de noordzijde van de oostelijke loods voldoet niet aan de hergebruikswaarde voor grond. De zandlaag direct onder de vloer van de oostelijke loods voldoet (indicatief) aan klasse industrie. De onderliggende kleilaag voldoet (indicatief) aan klasse industrie. De zandlaag direct onder de vloer van de westelijke loods voldoet (indicatief) aan de achtergrondwaarde. De onderliggende kleilaag voldoet indicatief aan klasse industrie voor toe te passen grond en klasse wonen voor ontvangende bodem.
Voor een formeel oordeel van de toepassingsmogelijkheden van de vrijkomende grond (hergebruik) dient voldaan te worden aan hetgeen wat beschreven staat in de Regeling en het Besluit bodemkwaliteit (aanwezigheid bodemfunctiekaart en/of AP04 onderzoek inclusief PFAS). Vooralsnog dienen voor de overtollige grond, afkomstig van de onderzoekslocatie, de eisen van het binnen de gemeente van toepassing zijnde beleid in acht genomen te worden.
Datum: Pagina:
23 juni 2022 3 / 36
Kenmerk : Projectnummer :
EJ50220260.R001-1 VBE-50220260
Toetsing hypothese Gezien de verkregen resultaten van het onderzoek wordt de gestelde hypothese "verdachte locatie" voor de oostelijke loods en directe omgeving bevestigd. De bij eerdere onderzoeken getrokken conclusie dat hier sprake is van een geval van ernstige bodemverontreiniging met minerale olie wordt bevestigd. Gezien de historie van de locatie betreft het hier, volgens de huidige wet- en regelgeving, zeer waarschijnlijk een oud geval van bodemverontreiniging. Voor de westelijke loods mag de gestelde hypothese “verdachte locatie”, gezien de geringe overschrijdingen verworpen worden. Algemeen Op basis van het historisch onderzoek, de zintuiglijke beoordeling van de grond- en grondwatermonsters en de resultaten van het chemisch-analytisch onderzoek kan gesteld worden dat bij ongewijzigd gebruik binnen de huidige functieklasse geen gebruiksbeperkingen hoeven te worden gesteld aan de onderzoekslocatie. Indien het voornemen bestaat om grondroerende werkzaamheden uit te voeren in de verontreinigde grond (onder en nabij de oostelijke loods) dan dient eerst toestemming van het bevoegd gezag te worden verkregen. Ook dient bij het aanbrengen van een bronnering ter plaatse van deze loods of directe omgeving, rekening te worden gehouden met de aangetroffen verontreinigingen.
Advies Op basis van de huidige wet- en regelgeving wordt geadviseerd om geen grondroerende werkzaamheden te verrichten nabij de aangetroffen verontreinigingen zonder instemming van het bevoegd gezag. Indien de verontreinigingen en de (drie) tanks civieltechnisch verantwoord bereikbaar zijn kan worden overwogen om de ondergrondse tanks en de verontreiniging onder de loods te verwijderen. Er geldt in principe een verwijderingsplicht voor ondergrondse tanks, zodra deze tanks bereikbaar en te verwijderen zijn. Wellicht dat de ondergrondse 3.000 liter afgewerkte olietank nog niet gereinigd is. Voor de overige 2 tanks geldt dat vermeld is dat de tanks reeds gereinigd zijn, maar de reinigingsbewijzen niet overgelegd zijn. Het is dan ook aan te bevelen om, voorafgaand aan eventuele verwijdering, alle tanks (nogmaals) te reinigen. Bij sanering kan deze te zijner tijd worden gemeld bij het bevoegd gezag. Thans geldt nog dat dit onder de Wet bodembescherming kan middel een BUS-melding of saneringsplan. Verder wordt geadviseerd door een deskundige te laten controleren of de aangetroffen begroeiing inderdaad Japanse Duizendknoop betreft en, bij bevestiging van dit vermoeden, wordt geadviseerd een plan op te stellen voor het bestrijden hiervan. De resultaten van het onderzoek vormen, met in acht neming van bovenstaande, geen belemmering om tot eigendomsoverdracht over te gaan.
Het is aan koper en verkoper om overeenstemming te krijgen omtrent de vastgestelde bodemkwaliteit en de aanpak van de aanwezige verontreiniging en tanks. Geadviseerd wordt een exemplaar van onderhavig rapport bij de notariële akte van eigendomsoverdracht te voegen.
Datum: Pagina:
23 juni 2022 4 / 36
Kenmerk : Projectnummer :
EJ50220260.R001-1 VBE-50220260
INHOUDSOPGAVE: Blz. SAMENVATTING 1.
INLEIDING
7
1.1. 1.2.
Aanleiding en doelstelling onderzoek Opbouw rapportage
7 7
2.
VOORONDERZOEK
8
2.1. 2.2. 2.1. 2.2. 2.3. 2.4. 2.5. 2.6. 2.7. 2.8.
Locatiegegevens Historie Huidige situatie en terreinverkenning Belendende percelen Bodemonderzoeken/saneringen Informatie regionale achtergrondconcentraties Geo(hydro)logie Toekomstige situatie Conclusie vooronderzoek Onderzoeksstrategie
8 8 10 10 11 13 13 14 14 15
3.
ACTUALISEREND BODEMONDERZOEK
17
3.1. 3.2. 3.3. 3.4. 3.5. 3.6. 3.7. 3.8.
Inleiding Veldwerkzaamheden BRL SIKB 2000 Laboratoriumonderzoek Bodemopbouw Zintuiglijke waarnemingen Veldmetingen Toetsing 3.8.1. Wet bodembescherming 3.8.2. Besluit bodemkwaliteit 3.9. Grond 3.10. Grondwater
17 17 17 17 19 20 21 21 21 22 23 24
4.
VERKENNEND ONDERZOEK ASBEST IN GROND
25
4.1. 4.2. 4.3. 4.4. 4.5. 4.6. 4.7. 4.8. 4.9.
Inleiding Veldwerkzaamheden Afwijkingen op BRL SIKB 2000 Laboratoriumonderzoek Bodemopbouw Zintuiglijke waarnemingen Toetsing Materiaal Grond
25 25 25 26 26 27 27 28 28
5.
BESPREKING RESULTATEN
29
5.1. 5.2. 5.3.
Zintuiglijke waarnemingen Grond Grondwater
29 29 30
6.
CONCLUSIES EN ADVIES
31
6.1. 6.2.
Conclusies Advies
31 34
Datum: Pagina:
23 juni 2022 5 / 36
Kenmerk : Projectnummer :
EJ50220260.R001-1 VBE-50220260
7.
RESTRISICO EN BETROUWBAARHEID
35
7.1. 7.2.
Restrisico Betrouwbaarheid
35 35
GERAADPLEEGDE BRONNEN BIJLAGEN: 1. Regionale en kadastrale (situatie)schets 2. Situatieschetsen met boringen, gaten, peilbuizen en verontreinigingssituaties 3. Profielbeschrijvingen grondboringen en gaten 4. Analyseresultaten grond en materiaal 5. Analyseresultaten grondwater 6. Toetsingskader grond en grondwater Wbb 7. Foto’s onderzoekslocatie 8. Toetsingskader BBk
Datum: Pagina:
23 juni 2022 6 / 36
Kenmerk : Projectnummer :
1.
EJ50220260.R001-1 VBE-50220260
INLEIDING
1.1. Aanleiding en doelstelling onderzoek In opdracht van Gemeente Steenbergen is door Wematech Bodem Adviseurs B.V. van maart tot mei 2022 gefaseerd een actualiserend bodemonderzoek (inclusief asbest) uitgevoerd ter plaatse van de twee loodsen aan de Schansdijk (nabij 5) te De Heen. In bijlage 1 is de globale ligging van het perceel aangegeven in een regionale situatieschets. Het actualiserend bodemonderzoek is uitgevoerd in verband met de voorgenomen eigendomsoverdracht van de percelen. In verband hiermee wordt een inzicht gevraagd in de actuele kwaliteit van grond en grondwater. Doel van het onderzoek is het actualiseren van de reeds in het verleden vastgestelde bodemkwaliteit ter plaatse van de onderzoekslocatie en op basis hiervan na te gaan of de bodemkwaliteit een belemmering kan opleveren voor de voorgenomen eigendomsoverdracht. Op basis van de verkregen informatie is, in overleg met de opdrachtgever, een onderzoeksprogramma opgesteld op basis van de Nederlandse Normen 5740, 5707 en NTA 5755. Deze normen beschrijven de werkwijze voor het opstellen van de onderzoeksstrategie bij uitvoering van een actualiserend bodemonderzoek naar de aanwezigheid van bodemverontreiniging (inclusief asbest). De NTA beschrijft de werkwijze voor het opstellen van de onderzoeksstrategie voor een nader onderzoek.
Als referentiekader bij de beoordeling van de resultaten worden de interventiewaarden uit de Circulaire bodemsanering per 1 juli 2013 en de (maximale) waarden uit de (wijzigingen) Regeling bodemkwaliteit gebruikt. Wematech Bodem Adviseurs B.V. werkt volgens een kwaliteitsborgingsysteem dat is gebaseerd op de NEN-EN-ISO 9001:2015 en de BRL SIKB 2000 “Veldwerk bij milieuhygiënisch bodem- en waterbodemonderzoek”. De werkzaamheden voor onderhavig onderzoek vallen binnen de reikwijdte van dit certificatieschema en worden onder certificaat uitgevoerd conform de beschreven kwaliteitseisen (protocol 2001, 2002 en 2018). De bemonstering voor bepaling van het gehalte PFAS wordt uitgevoerd conform de handreiking PFAS bemonsteren. De naleving wordt periodiek getoetst door externe auditors, onder toezicht van de Raad van Accreditatie. Verder is van belang te melden dat de te onderzoeken locatie geen eigendom is van Wematech Bodem Adviseurs B.V. dan wel gerelateerde (zuster)bedrijven. Tevens is Wematech Bodem Adviseurs onafhankelijk van de opdrachtgever en/of terreineigenaar. De wettelijke voorgeschreven functiescheiding is hiermede geborgd.
1.2. Opbouw rapportage In dit rapport wordt verslag gedaan van de uitgevoerde werkzaamheden. Het vooronderzoek, conform NEN 5725, is opgenomen in hoofdstuk 2. Vervolgens wordt in hoofdstuk 3 het actualiserend bodemonderzoek beschreven. In hoofdstuk 4 wordt het verkennend onderzoek naar asbest in grond beschreven. In hoofdstuk 5 worden de resultaten besproken en in hoofdstuk 6 zijn de conclusies en het advies opgenomen. Tot slot worden in hoofdstuk 7 het restrisico en de betrouwbaarheid van het onderzoek besproken.
Datum: Pagina:
23 juni 2022 7 / 36
Kenmerk : Projectnummer :
2.
EJ50220260.R001-1 VBE-50220260
VOORONDERZOEK Het vooronderzoek is uitgevoerd conform de NEN5725:2017. In het vooronderzoek wordt relevante informatie verzameld om onderbouwde antwoorden te formuleren op de relevante onderzoeksvragen zoals beschreven in de norm.
2.1. Locatiegegevens De locatiegegevens van de onderzoekslocatie (afgebakend geografisch gebied) zijn opgenomen in onderstaande tabel. Tabel 2.1. Locatie gegevens Adresgegevens Kadastrale gegevens RD-coördinaten Oppervlakte percelen Oppervlakte onderzoekslocatie Eigendomssituatie
Schansdijk (nabij 5) te De Heen Gemeente: Sectie: Nummer(s): Steenbergen A 523 (ged.) en 525 (ged.) X: 80152 Y: 401743 4282 m2 362 m² (westelijke loods) 1304 m² (oostelijke loods en directe omgeving) Gemeente Steenbergen
2.2. Historie - gebruik Fort Henricus is in 1626 aangelegd ter verdediging van de haven van Steenbergen. De Schansdijk is waarschijnlijk reeds rond deze tijd of al eerder aangelegd en is op kaarten uit 1719 reeds zichtbaar. Afbeelding 2.1. Situatie 1934
Afbeelding 2.2. Situatie 1968
Afbeelding 2.3. Situatie 1998
Afbeelding 2.4, Situatie 2018
)
De onderzoekslocatie ligt direct ten zuiden van fort Henricus en behelst de loods ten westen van de woning aan de Schansdijk 5 en de loods ten oosten van de Schansdijk 5.
Datum: Pagina:
23 juni 2022 8 / 36
Kenmerk : Projectnummer :
EJ50220260.R001-1 VBE-50220260
Afgezien van het verwijderen van de oprit naar het fort en het opnieuw uitgraven van de grachten in het begin van deze eeuw lijkt, afgaande op het historisch kaartmateriaal, er in de afgelopen 50 jaar weinig in de omgeving veranderd te zijn. De op afbeelding 2.4 zichtbare westelijke loods stamt uit 1980, heeft een betonnen vloer en was bij het onderzoek in 1994 in gebruik als stallingsloods voor landbouwmachines. Op Topotijdreis is hier vanaf circa 1956 eerdere bebouwing zichtbaar. Mogelijk betreft dit dezelfde loods, maar mogelijk kan dit ook eerdere (thans niet meer aanwezige) bebouwing betreffen. Daarnaast is een bedrijfswoning uit 1930 aanwezig (Schansdijk 5) en oostelijk van deze woning is een loods, ook met betonvloer, uit 1964 aanwezig. Deze loods was in 1994 in gebruik was als werkplaats/stallingloods. Op TopoTijdreis is hier vanaf circa 1870 eerdere bebouwing zichtbaar. Het met stelconplaten verharde gedeelte ten oosten van de oostelijke loods was in 1994 in gebruik als wasplaats voor landbouwmachines en is momenteel in gebruik als opslagplaats (voor o.a. depots met suikerbieten).
Bij het onderzoek uit 1994 worden de volgende tanks (met tussen haakjes de verwacht RD-coördinaten van de ligging) genoemd: - 1 voormalige ondergrondse HBO tank (x: 80139, y: 401726) - 1 bovengrondse HBO tank van 1.500 l (x: 80162, y: 401751) - 1 ondergrondse 3000 l afgewerkte olietank (x: 80178, y: 401734) - 2 ondergrondse dieseltanks van 20.000 l (x: 80182, y: 401731) - 1 dubbelwandige bovengrondse afgewerkte olietank van 1.000 l (x: 80187, y: 401739 - 1 dubbelwandige bovengrondse gasolietank van 10.000 l (x: 80186, y: 401729) - 1 dubbelwandige bovengrondse gasolie/dieseltank van 10.000 l (x: 80199, y: 401725) Al deze bovengenoemde tanks (met uitzondering van de destijds reeds verwijderde HBO-tank) lagen in of nabij de oostelijke loods. In de provinciale omgevingsrapportage worden de in 1994 nog aanwezige tanks (in en onder de werkplaats) zeer summier benoemd en onbekend is of er tussen 1994 en nu tanks zijn verwijderd. Mogelijk zijn deze dus nog aanwezig. Wel is bekend dat de 2 ondergrondse dieseltanks (20.000 liter) zijn gecleand. Echter hiervan zijn geen bewijzen/certificaten aanwezig. Er ontbreekt informatie over de status van de 3.000 liter afgewerkte olietank. Deze tank is, voor zover nu bekend is, niet gecleand en nog steeds aanwezig. Verder was in 1996 een septictank onder de betonvloer van de oostelijke loods aanwezig.
Het is niet bekend wat de status van deze septictank is. De locatie van de vermoedelijke ligging is aangegeven in bijlage 2. Tevens was er op het oostelijke (met stelconplaten verharde) terreindeel een slibvangput met OBAS aanwezig (x: 80206, y: 401699). Het terrein werd in 1994 (vanaf 1982 of eerder) gebruikt door loonbedrijf Marcel Verbeek B.V. Rond de eeuwwisseling zijn de loonwerkactiviteiten ter plaatse gestaakt en is het terrein overgenomen door ReApp B.V., een groothandel in niet-consumentengoederen. Na het faillissement van Re-App zijn de loodsen in 2017 door de gemeente aangekocht. - asbest De loodsen grenzend aan de onderzoekslocatie hebben een asbestverdacht dak, maar wel een deugdelijke dakgoot. Er zijn derhalve geen druppellijnen aanwezig. Wel is een mogelijke puinverharding in de weg op basis van het eerder aantreffen van asbesthoudend materiaal als asbestverdacht aan te merken.
Datum: Pagina:
23 juni 2022 9 / 36
Kenmerk : Projectnummer :
EJ50220260.R001-1 VBE-50220260
- overig Voor zover bekend zijn op de locatie geen (punt)bronnen voor PFAS/GenX danwel heeft er een brand gewoed, welke geblust zou zijn met blusschuim. De locatie is bij het bevoegd gezag en/of op het bodemloket niet bekend als locatie waar mogelijk sprake is van een bodemverontreiniging, niet bekend als locatie waar bodembedreigende activiteiten hebben plaatsgevonden. De Wbb-code van de locatie is AA085100656. Uit de Indicatieve Kaart van Archeologische Waarden (IKAW) c.q. archeologische beleidskaart van de gemeente blijkt dat de locatie is gelegen in een gebied met een hoge archeologische verwachtingswaarde. De locatie maakt deel uit van Rijksmonument “Fort Henricus” (monumentennummer 526928). Voor zover bekend is liggen er op de onderzoekslocatie geen conventionele explosieven. Gezien de historie van de locatie is dit echter niet uit te sluiten.
2.1. Huidige situatie en terreinverkenning De onderzoekslocatie bestaat uit de loods ten westen van de woning aan de Schansdijk 5 (362 m²) en de loods (en directe omgeving) ten oosten van deze woning (1304 m²). Beide loodsen hebben een betonnen vloer. Onder de vloer van de oostelijke loods liggen naar alle waarschijnlijkheid nog enkele ondergrondse tanks. De ligging van de tanks zijn gebaseerd op de informatie uit de voorgaande onderzoeken. Bij de veldinspectie zijn de tanks en/of mangaten niet aangetroffen en is de ligging ook niet nader onderzocht. De loodsen hebben een asbestverdachte dakbedekking, maar omdat de daken zijn voorzien van deugdelijke goten, zijn hier geen (asbestverdachte) druppellijnen aanwezig. Wel is bij de terreinverkenning aan de achterzijde van de oostelijke loods een hondenkooi met asbestverdacht (af)dak aangetroffen. Dit afdak is niet voorzien van een goot. Het dak watert af op een kleine klinkerverharding welke (aflopend) afwatert op onverharde grond. Op de klinkerverharding is tijdens de terreininspectie een stukje asbesthoudend plaatmateriaal aangetroffen wat, naar alle waarschijnlijkheid, afkomstig lijkt te zijn van het asbestverdachte dak. Nabij dit hok (ook aan de achterzijde van de oostelijke loods) is een oude (losliggende en gedeeltelijk doorgeroeste) brandstoftank aanwezig.
Tevens is tijdens de terreininspectie nabij het hondenhok snelgroeiende bamboeachtige vegetatie aanwezig. Zeer waarschijnlijk betreft het hier Japanse Duizendknoop (zie foto’s 22 en 23).
2.2. Belendende percelen Het bodemgebruik van de omliggende percelen is als volgt: - aan de noordzijde bevindt zich Fort Henricus; - aan de oostzijde bevindt zich de een met stelconplaten verhard opslagterrein; - aan de zuidzijde bevindt zich de Schansdijk; - aan de westzijde bevindt zich de Schansdijk (openbare weg).
Datum: Pagina:
23 juni 2022 10 / 36
Kenmerk : Projectnummer :
EJ50220260.R001-1 VBE-50220260
2.3. Bodemonderzoeken/saneringen - eerdere bodemonderzoeken locatie In 1996 is door Adviesbureau Wematech B.V. een verkennend bodemonderzoek (nulsituatie) uitgevoerd ter plaatse van het bedrijfsterrein aan de Schansdijk 65 te Steenbergen. Het onderzoek betrof de kadastrale percelen A267, A333, A486 en E474. Bij de veldwerkzaamheden werden zowel in de grond als in het grondwater olie-/rottingsgeuren waargenomen. Ter plaatse van de ondergrondse tank nabij de woning werd in het grondwater een licht verhoogd gehalte minerale olie aangetroffen. Ter plaatse van de ondergrondse tank en de pompeilanden in de werkplaats (loods uit 1962) werden in de grond en het grondwater sterk verhoogd gehaltes minerale olie aangetroffen. Ter plaatse van de tankinstallaties aan de oostzijde van de loods, de bovengrondse HBO tank, de wasplaats met OBAS, de ondergrondse dieseltank, en de voormalige HBO-tank werden licht verhoogde gehaltes minerale olie aangetroffen. Ter plaatse van de stallingsloods werden slechts licht verhoogde gehaltes gemeten. Ter plaatse van de nissenhut werd bij peilbuis 115 en 116 een sterke verontreiniging van het grondwater met arseen aangetroffen. Voor een volledig inzicht in de resultaten wordt kortheidshalve verwezen naar de rapportage [Adviesbureau Wematech B.V., projectnummer:VBN-960219/II, d.d. 10 april 1997].
Naar aanleiding van de resultaten van het onderzoek door Wematech heeft Inventerra in 2003 ter plaatse van perceel 486 (de loods uit 1964) een nader bodemonderzoek uitgevoerd. Geconcludeerd werd dat ter plaatse circa 125 m³ grond en circa 15 m³ grondwater sterk verontreinigd was met minerale olie. De interventiewaarde contouren van de aangetroffen verontreinigingen zijn in bijlage 2 van onderhavig rapport opgenomen. Het betrof een ernstig, doch niet urgent, geval van bodemverontreiniging. De in 1996 aangetroffen sterke verontreiniging van het grondwater met arseen werd bij dat onderzoek niet meer aangetroffen. Voor een volledig inzicht in de resultaten wordt kortheidshalve verwezen naar de rapportage [Inventerra Milieuadviesbureau, kenmerk rapport: 03-2023-R01PD, d.d. d.d. 29 augustus 2003]. Bovenstaande onderzoeken zijn in 2004 door BSB-zuid beoordeeld. Geconcludeerd werd dat de aangetroffen lichte verontreinigingen in grond en grondwater niet verder onderzocht behoefden te worden. De aangetroffen matige tot sterke verontreiniging in de werkplaats/stallingloods diende nog verder ingekaderd te worden. Tevens diende hiervan de actuele humane, ecologische en verspreidingsrisico’s te worden vastgesteld. Gesteld werd dat dat de grond ter plaatse van de HBO tank ten noorden van de stallingloods/werkplaats niet onderzocht was.
Zintuiglijk werd in de grond ter plaatse van de voormalige ondergrondse tank ten zuiden van de loods wel een lichte oliegeur waargenomen. In het grondwater zijn echter slechts lichte verontreinigingen met minerale olie, benzenen en/of xylenen aangetroffen. Verder onderzoek ter plaatse werd derhalve niet noodzakelijk geacht. Verzocht werd een aanvullend onderzoek uit te voeren. Voor een volledig inzicht wordt kortheidshalve verwezen naar de brief [BSB-zuid, kenmerk MG/AV/K041676/K-20-018345-000, d.d.10 augustus 2004]. In 2006 is vervolgens door Oranjewoud een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd ter plaatse van de HBO tank ten noorden van de loods en directe omgeving. Geconcludeerd werd dat zowel de grond als het grondwater ter plaatse van deze tank niet verontreinigd was met minerale olie. Wel bleek dat ten oosten van deze tank circa 15 m³ (puinhoudende) grond sterk verontreinigd was met arseen. Aangezien deze aanname echter slechts op de resultaten van een boring was gebaseerd en de spot niet onder het pand was ingekaderd, kon het volume echter ook lager zijn. De interventiewaarde contour is opgenomen in bijlage 2 van onderhavig rapport. Het grondwater was licht verontreinigd met zware metalen en (som)xylenen. Voor een volledig inzicht in de resultaten wordt kortheidshalve verwezen naar de rapportage [Oranjewoud B.V., kenmerk rapport: 159758, maart 2006].
Datum: Pagina:
23 juni 2022 11 / 36
Kenmerk : Projectnummer :
EJ50220260.R001-1 VBE-50220260
- eerdere bodemonderzoeken omgeving Door Rasenberg Milieutechniek B.V. is in 2002 een verkennend bodemonderzoek (nulsituatie) uitgevoerd ter plaatse van het terrein aan de West Havendijk te Steenbergen. Dit terrein ligt ten zuiden van onderhavige locatie aan de andere zijde van de snelweg. Het nulsituatie bodemonderzoek is uitgevoerd ten behoeve van de bepaling van de huidige milieuhygiënische bodemkwaliteit van zowel grond als grondwater op bovengenoemde locatie in verband met de geplande eigendomsoverdracht van het terrein. Geconcludeerd werd dat de zintuiglijk schone toplaag (0-0,8 m-mv), licht verontreinigd was met PAK en minerale olie. De zwak tot sterk puinhoudende toplaag (0-0,7 m-mv) was licht verontreinigd met minerale olie en licht tot sterk verontreinigd met PAK. De zintuiglijk schone ondergrond (0,9-4,6 m-mv) was niet verontreinigd, uitgezonderd een zeer plaatselijke licht verontreinigd met PAK in de bodemlaag (1,0-1,8 m-mv). De toplaag (0-0,8 m-mv) ter plaatse van de voormalige ondergrondse tank was licht verontreinigd met minerale olie. De ondergrond (1,2-2,5 m-mv) ter plaatse van de voormalige ondergrondse tank was niet verontreinigd. Het grondwater op de locatie was slechts plaatselijk licht verontreinigd met zink en chroom.
Kortheidshalve wordt voor een volledig inzicht in resultaten van het onderzoek verwezen naar de rapportage [Rasenberg Milieutechniek B.V., rapportnummer: VB/01Li050448/80420, d.d. 6 mei 2002]. In de periode oktober 2020 t/m februari 2021 is door Wematech Bodem Adviseurs B.V. een gecombineerd verkennend en nader bodemonderzoek, een indicatief onderzoek funderingsmateriaal en een verhardingsonderzoek uitgevoerd ter plaatse van het gebied aan de West-Havendijk ong. te Steenbergen. Bij de veldwerkzaamheden werden in de grond op de oorspronkelijke kleilaag een ophooglaag met bijmengingen (deels baksteenpuin en deels slakken) aangetroffen. Naar verwachting is de grond over een oppervlakte van circa 1000 m2 sterk verontreinigd is met PAK in een laagdikte van 0,50,7 m, de verontreinigde laag bevond zich onder de slakkenlaag op een diepte variërend van 0,1 tot 1,5 mmv. Er is derhalve op de locatie een bodemvolume van 500-700 m3 grond sterk verontreinigd met PAK. Aangezien het volumecriterium van 25 m3 sterk verontreinigde grond werd overschreden, is hier sprake van een geval van ernstige bodemverontreiniging. De mengmonsters van de meest verdachte laag ter plaatse van de voormalige ondergrondse tanks op het middenterrein, waren niet verontreinigd met olieproducten. De overige grond was niet verontreinigd en het grondwater was licht verontreinigd met nikkel en som xylenen.
Voor een volledig inzicht in de resultaten (o.a. van het hier besproken funderingsmateriaal en de verharding) wordt kortheidshalve verwezen naar de rapportage [Wematech Bodem Adviseurs B. V. projectnummer: VBB-50200488, kenmerk rapport PB50200488-R001-0, d.d. 4 mei 2021]. In verband met de herontwikkeling van de locatie is in de periode van november 2021 tot en met februari 2022 door Wematech Bodem Adviseurs B.V. een gecombineerd onderzoek uitgevoerd ter plaatse van de woning (nr 5) en het buitenterrein aan de Schansdijk te Steenbergen. Onder de (plaatselijk teerhoudende) asfaltverharding van de Schansdijk werd een puinfundering bestaande uit grind, baksteen en stenen in wisselende samenstelling, met plaatselijk sporen aardewerk, resten sintels en asbesthoudend plaatmateriaal aangetroffen. Tevens werd er een zintuiglijke verontreiniging van deze laag met minerale olie waargenomen. Na analyse bleek het asbestgehalte in het puin plaatselijk de restconcentratienorm van 100 mg/kgds te overschrijden. De grond/puinlaag ter plaatse bleek tot 1,5 m-mv en over een oppervlak van 450 m² sterk verontreinigd te zijn met minerale olie. Het grondwater ter plaatse bleek niet verontreinigd te zijn. De grond en het grondwater ter plaatse van de resterende locatie (woning Schansdijk 5 en met stelconplaten verharde opslagterrein waren niet tot slecht licht verontreinigd.
Geadviseerd werd om ter plaatse van het wegtracé een nader onderzoek naar asbest in puin uit te voeren. Tevens werd geadviseerd om een nader onderzoek naar de omvang van de olieverontreiniging uit te voeren. Voor een volledig inzicht in de resultaten wordt kortheidshalve verwezen naar de rapportage [Wematech Bodem Adviseurs B.V., projectnummer: CRT-50210637, kenmerk rapport: EJ50210637.R001-0, d.d. 17 maart 2022]. - eerdere saneringen locatie Voor zover bekend is zijn ter plaatse van de onderzoekslocatie geen saneringen uitgevoerd.
Datum: Pagina:
23 juni 2022 12 / 36
Kenmerk : Projectnummer :
EJ50220260.R001-1 VBE-50220260
- eerdere saneringen omgeving Uit de provinciale bodemrapportage valt op te maken dat in verband met de aanleg van een kabeltracé ter plaatse van de openbare weg nabij de oostelijke loods in 2016 circa 1 m³ asbesthoudende grond tijdelijk is uitgeplaatst. Deze werkzaamheden zijn uitgevoerd onder een BUS-melding (ingediend door Antea). De grond is teruggeplaatst en de locatie is opnieuw bestraat. De locatie ligt in de weg circa 5 m ten zuidwesten van de zuidwesthoek van de grote loods uit 1962 (x: 80144, y: 401733).
2.4. Informatie regionale achtergrondconcentraties Er is bij de gemeente en de provincie informatie beschikbaar over mogelijk regionaal verhoogde achtergrondconcentraties in het grondwater op en nabij de locatie. Op basis van de bestudeerde onderzoeksgegevens blijkt dat regionaal verhoogde concentraties zware metalen in het grondwater worden gemeten zonder dat hiervoor een duidelijke bron van verontreiniging is aan te wijzen. De locatie is volgens de gemeentelijke bodemkwaliteitskaart gelegen in de kwaliteitszone achtergrondwaarde met als bodemfunctieklasse landbouw/natuur.
2.5. Geo(hydro)logie Regionale geologie De regionale geohydrologische bodemopbouw is afgeleid van de gegevens van de Geologische Dienst Nederland, DINOloket en het Actueel Hoogtebestand Nederland. De regionale bodemopbouw is tot circa 224 m-mv weergegeven in tabel 2.3. De hoogte ligging van het maaiveld ter plaatse van de onderzoekslocatie betreft circa 1,5 m+NAP. Tabel 2.2. Regionale geologie Tabel 2.2. Regionale geologie Diepte (m-mv) Tot -5,9
Formatienaam
Samenstelling
Kenmerk
Holocene afzetting
Deklaag
5,9-16
Waalre
16-35
Peize en Waalre
35-41
Waalre
41-70
Peize en Waalre
70-96
Maassluis
96-105
Oosterhout
105-183
Oosterhout
183-224
Breda
Complexe eenheid, bestaande uit een afwisseling van zandige klei, midden en fijn zand, klei en veen en een weinig grof zand Kleiige eenheid, hoofdzakelijk bestaande uit zandige klei, klei en midden zand, weinig veen, fijn en grof zand en een spoor grind Zandige eenheid, hoofdzakelijk bestaande uit midden en grof zand, met weinig zandige klei, fijn zand en grind en een spoor klei en veen Kleiige eenheid, hoofdzakelijk bestaande uit zandige klei, klei en midden zand, met weinig veen, fijn en grof zand en een spoor grind Zandige eenheid, hoofdzakelijk bestaande uit midden en grof zand, met weinig zandige klei, fijn zand en grind en een spoor klei en veen Zandige eenheid, hoofdzakelijk bestaande uit midden en grof zand, met weinig klei, zandige klei, fijn zand en schelpen en een spoor bruinkool en grind Kleiige eenheid, hoofdzakelijk bestaande uit zandige klei, midden zand en klei, weinig fijn zand en een spoor bruinkool, grof zand en schelpen Zandige eenheid, hoofdzakelijk bestaande uit midden en fijn zand en schelpen, met weinig kleiig zand en grof zand en een spoor klei, glauconietzand, grind en kalksteen Zandige eenheid, hoofdzakelijk bestaande uit midden en fijn zand en kleiig zand, met weinig grof zand en glauconietzand en een spoor klei, bruinkool, grind en schelpen
Datum: Pagina:
Scheidende laag Watervoerend pakket Scheidende laag Watervoerend pakket
Scheidende laag Watervoerend pakket
23 juni 2022 13 / 36
Kenmerk : Projectnummer :
EJ50220260.R001-1 VBE-50220260
Lokale ondiepe bodemopbouw Aan de hand van eerder uitgevoerde grondboringen op en/of nabij de locatie kan een globale beschrijving van de bodemopbouw worden gegeven. Deze globale beschrijving wordt weergegeven in de volgende tabel. Tabel 2.3. Globale beschrijving lokale bodemopbouw Traject (cm-mv) 0-100 100-200
Grondsoort Zand Klei
Grondwaterstroming De globale horizontale stroming van het freatisch grondwater zal onder invloed staan van het nabij gelegen oppervlaktewater (Steenbergsche Haven) en is waarschijnlijk noordoostelijk gericht. Grondwaterstand Op basis van de voorhanden zijnde gegevens is een grondwaterstand van circa 1,0 m-mv te verwachten. Grondwateronttrekkingen Op basis van de PMV Noord-Brabant kan worden gesteld dat de locatie niet binnen een beschermingszone van een waterwingebied ligt. Verder vinden er geen geregistreerde grondwateronttrekkingen plaats in de directe omgeving.
2.6. Toekomstige situatie De opdrachtgever is voornemens de locatie te verkopen.
2.7. Conclusie vooronderzoek Er is op basis van het vooronderzoek en de terreinverkenning voorafgaande aan het onderzoek informatie verkregen om te concluderen dat ter plaatse van de onderzoekslocatie de volgende onderdelen nog nader onderzocht moeten worden: 1. Een verificatie van de in 2003 reeds volledig ingekaderde verontreiniging met minerale olie in grond en grondwater is gewenst. Het betreft de verificatie van het geval van verontreiniging. Een verificatie van de beperkte noordoostelijke spot valt buiten de scope van onderhavig onderzoek. 2. Tevens is (gezien de verouderde onderzoeken) een actualisatie van de bodemsituatie buiten deze spots gewenst. 3. De opdrachtgever wenst inzicht in het asbestgehalte van de grond onder de betonvloeren. 4. Bij de terreinverkenning is aan de achterzijde van de oostelijke loods een hondenkooi met golfplaten dak aangetroffen. Op het maaiveld aangetroffen materiaal, (zeer waarschijnlijk) afkomstig van dit dak, bleek bij na analyse (zie bijlage 4) asbesthoudend bleek te zijn. Inzicht in de bodemkwaliteit ter plaatse van de druppellijn (inclusief PCB) is gewenst. 5. Nabij de hondenkooi is een oude afgekoppelde en doorgeroeste tank aanwezig. Waarschijnlijk is dit de in 2006 door Oranjewoud onderzochte tank. 6. In 2006 is een beperkte spot met arseen in de (puinhoudende) grond aan de noordzijde van de oostelijke loods aangetroffen.
In de bewuste rapportage is echter aangegeven dat niet bekend is of deze verontreiniging zich ook onder de loods bevindt.
Datum: Pagina:
23 juni 2022 14 / 36
Kenmerk : Projectnummer :
EJ50220260.R001-1 VBE-50220260
2.8. Onderzoeksstrategie Actualiserend bodemonderzoek In tabel 2.4 wordt een overzicht gegeven van de gehanteerde onderzoeksstrategie. Tabel 2.4. Overzicht onderzoeksstrategie #
1 + 6
2
2
Norm: Verharstrategie ding Oostelijke loods NTA 5755** Beton
NEN 5740 VED-HE+ Westelijke loods NEN5740: Beton VED-HE+
Veldwerk
7 boringen tot 2 m-mv 5 boringen met peilbuis filterstelling 200 tot 300 cm-mv*
3 boringen tot 0,5 m-mv 1 boring tot 0,5 m-gws (max 2 m) 1 boring met peilbuis
Aantal analyses (vlgs AS3000) grond
grondwater
5 minerale olie/H laag 1 tot 2 m-mv 1 PFAS (30) verontreinigde laag 1 arseen/L/H inpandige boring nabij spot (bodemlaag 0,5 tot 1,4 m-mv) 3 standaardpakket bg 1 standaardpakket og
4 minerale olie
2 standaardpakket bg 1 standaardpakket og
1 standaardpakket
1 standaardpakket
Oude brandstoftank NEN 5740 Onver2 boringen tot 0,5 m-mv 1 minerale olie/H bg 1 minerale olie VEP hard 1 boring met peilbuis * 1 in kern interventiewaardecontour 2003, 4 inkaderende peilbuizen rond interventiewaardecontour 2003 ** gezien het een verificatie/actualisatie van een reeds bekende en ingekaderde verontreiniging betreft is voor dit onderzoek geen conceptueel model opgesteld. 5
Het standaardpakket voor landbodem en grond bestaat uit de volgende parameters: • 9 metalen: barium (Ba), cadmium (Cd), kobalt (Co), koper (Cu), kwik (Hg), lood (Pb), molybdeen (Mo), nikkel (Ni), zink (Zn); • PAK (10 VROM); • PCB (7); • minerale olie; • lutum- en humusgehalte. • Het standaardpakket voor grondwater bestaat uit de volgende parameters: • 9 metalen: barium (Ba), cadmium (Cd), kobalt (Co), koper (Cu), kwik (Hg), lood (Pb), molybdeen (Mo), nikkel (Ni), zink (Zn); • VAK (vluchtige aromatische koolwaterstoffen); benzeen, tolueen, ethylbenzeen, som-xylenen (som o, m, p), styreen en naftaleen; • VOCl (vluchtige gehalogeneerde koolwaterstoffen): vinylchloride, 1,1-dichlooretheen, dichloormethaan, trans-1,2-dichlooretheen, cis -1,2-dichlooretheen, som 1,2-dichlooretheen, 1,1dichloorethaan, chloroform, 1,1,1-trichloorethaan, tetrachloormethaan, 1,2 dichloorethaan, trichlooretheen, 1,2-dichloorpropaan, 1,1-dichloorpropaan, 1,3-dichloorpropaan, som dichloorpropanen, 1,1,2-trichloorethaan, tetrachlooretheen en bromoform; • minerale olie (GC). De geleidbaarheid, zuurgraad en troebelheid van het grondwater worden tijdens het bemonsteren van het grondwater bepaald.
Datum: Pagina:
23 juni 2022 15 / 36
Kenmerk : Projectnummer :
EJ50220260.R001-1 VBE-50220260
Verkennend onderzoek asbest in grond - Fase 1 Maaiveldinspectie Voorafgaand aan de werkzaamheden ter plaatse van de druppellijn zal het maaiveld van de locatie visueel geïnspecteerd worden door een deskundig asbestonderzoeker volgens 6.2 uit de NEN5707. In verband met de aanwezigheid van een betonvloer in de beide schuren wordt een maaiveldinspectie hier niet zinvol geacht. De inspectie kan plaatsvinden onder de volgende weersomstandigheden: - bij droog weer: geen regen (> 10 mm), hagel of sneeuw; - bij daglicht (geen schemering); - bij helder weer (geen mist); het zicht moet minimaal 100 meter bedragen. Bij uitvoering van de veldinspectie dient rekening gehouden te worden met de inspectie-efficiëntie. Hieronder worden de richtpercentages voor grond gegevens, waarbij uitgegaan is van droog en helder weer en een deskundig onderzoeker. Tabel 2.5. Inspectie efficiëntie Type grond Zand
Conditie toplaag Droog, los en geen vegetatie Vochtig, vastgereden en/of matige vegetatie Droog, los en geen vegetatie Vochtig, vastgereden en/of matige vegetatie
Klei/leem en veen
Inspectie-efficiëntie 90-100 % 70-90 % 70-90 % 50-70 %
Bij de interpretatie van de gegevens dient rekening gehouden te worden met deze efficiëntie-percentages. - Fase 2 Na uitvoering van de maaiveldinspectie (enkel van toepassing ter plaatse van de druppellijn ter plaatse van het hondenhok) wordt het onderstaande onderzoek verricht. Mochten er bij de maaiveldinspectie asbestverdachte materialen worden aangetroffen, dan zal waar nodig nader onderzoek asbest plaatsvinden Tabel 2.6. Overzicht onderzoeksstrategie asbestonderzoek #
Deellocatie
3
Oostelijke loods
3
Westelijke loods
4
Druppellijn
Norm: strategie
NEN5707: 6.4.5 NEN5707: 6.4.5 Afgeleid NEN5707: 6.4.4
Verharding
Aantal gaten
Beton
tot 0,5 m-mv van min. 0,3x0,3 m 6
en tot ongeroerde grond met max 2 m-mv 1
Aantal analyses Grond NEN5898 1
Beton
2
1
1
Onverhard
2 gaten tot 10 cm-mv
2
1+1 PCB
De uit de gaten vrijkomende grond wordt uitgeharkt met een hark met maaswijdte van 20 mm. Het materiaal > 20 mm wordt geïnspecteerd op de aanwezigheid van asbestverdacht materiaal. Uitgangspunt is dat na uitharken alle asbestverdachte materialen > 20 mm zijn verwijderd. De mengmonsters worden samengesteld uit grond welke nog over een zeef van 20 mm wordt gebracht (fractie < 20 mm). Asbestverdachte materialen (> 20 mm) worden per gat en per laag van maximaal 50 cm bemonsterd (materiaalverzamelmonster).
Datum: Pagina:
23 juni 2022 16 / 36
Kenmerk : Projectnummer :
3.
EJ50220260.R001-1 VBE-50220260
ACTUALISEREND BODEMONDERZOEK
3.1. Inleiding Voor het onderzoeksprogramma zijn de richtlijnen van de Nederlandse Norm 5740 en de NTA5755 als uitgangspunt gehanteerd. Het bodemonderzoek heeft betrekking op het terrein zoals dat in bijlage 2 is weergegeven. De veldwerkzaamheden worden uitgevoerd volgens de protocollen 2001 en 2002 behorende bij de BRL SIKB 2000 en de handreiking PFAS bemonsteren.
3.2. Veldwerkzaamheden Voordat met het veldwerk is begonnen, is een terreinverkenning verricht en is het maaiveld van het terrein visueel gecontroleerd op mogelijke verontreinigingen als gevolg van o.a. illegale lozingen en/of stortingen (bijv. afgewerkte olie, gevaarlijk afval, asbestverdachte materialen e.d.). Tijdens deze controle zijn geen bijzonderheden aangetroffen. Ten aanzien van de inspectie voor asbest dient opgemerkt te worden dat hier voldoende aandacht aan is besteed doch deze inspectie is (met uitzondering van de onderzochte druppellijn (zie hoofdstuk 4) niet overeenkomstig de voorschriften in de NEN5707 uitgevoerd. Tevens is, naar inschatting van de veldwerkers, Japanse Duizendknoop aanwezig. De gegevens van de uitvoering van het veldwerk is aangegeven in tabel 3.1. Tabel 3.1. Overzicht uitgevoerde veldwerkzaamheden en veldwerkers Omschrijving Protocol Datum Plaatsen grondboringen 2001 31-03-2022
Plaatsen peilbuizen
2001
04-05-2022 31-03-2022
Bemonsteren peilbuizen (inclusief veldmetingen grondwater)
2002
04-05-2022
Erkende veldwerker(s) C.A.L. Mol, J.R. Flanagan, J.F.J.L. van Overveld en D. Frishert (ass.) C.A.L. Mol en J.R. Flanagan C.A.L. Mol, J.R. Flanagan en D. Frishert (ass.) C.A.L. Mol en J.R. Flanagan
De profielen van de uitgevoerde grondboringen zijn beschreven en de opgeboorde grond is zintuiglijk beoordeeld. De profielbeschrijvingen van de grondboringen zijn opgenomen in bijlage 3. De grond is bemonsterd per traject van maximaal 50 cm. De situering van de boorplaatsen en de peilbuizen is aangegeven in bijlage 2. Foto’s van de onderzoekslocatie zijn opgenomen in bijlage 7.
3.3. BRL SIKB 2000 Bij de uitvoering van de veldwerkzaamheden is niet afgeweken van de protocollen 2001 en 2002 behorende bij de BRL SIKB 2000.
3.4. Laboratoriumonderzoek De verzamelde grond- en grondwatermonsters zijn zo spoedig mogelijk na monsterneming aangeboden aan het laboratorium met RvA accreditatie SGS Environmental Analytics B.V. te Rotterdam, waar conservering en analyse volgens de AS3000 heeft plaatsgevonden.
Datum: Pagina:
23 juni 2022 17 / 36
Kenmerk : Projectnummer :
EJ50220260.R001-1 VBE-50220260
- grond Het laboratorium is verzocht mengmonsters samen te stellen en deze mengmonsters en individuele grondmonsters te analyseren volgens tabel 3.2. In afwijking van de normen is besloten om ter verificatie van de olieverontreiniging in de oostelijke loods mengmonsters van 2 lagen samen te stellen om zo in een laag van maximaal 1 meter de mate van verontreiniging te bepalen. Uiteraard wordt rekening gehouden met gelijke grondsoort en waarneming. De analysecertificaten van de grondmengmonsters zijn opgenomen in bijlage 4. Tabel 3.2. (Meng)monsters grond MengDeelmonsters monster Oostelijke loods MMA01 A03 (22-60) A10 (21-50) A11 (21-60) A12 (13-40) A01 (74-124) A01 (124-174)
Motivatie
Analysepakket
Algemene kwaliteit bovengrond
Standaardpakket incl. lu/os
Verificatie in 2003 vastgestelde contour olieverontreiniging A02 (50-100) A02 (100-150) Verificatie in 2003 vastgestelde contour olieverontreiniging A02 (150-200) Verificatie in 2003 vastgestelde contour olieverontreiniging (verticale inkadering) A03 (100-150) A03 (150-200) Verificatie in 2003 vastgestelde contour olieverontreiniging A06 (50-100) A06 (100-140) Verificatie in 2003 vastgestelde contour olieverontreiniging A07 (60-100) Verificatie in 2003 vastgestelde contour olieverontreiniging A07 (100-150) Verificatie in 2003 vastgestelde contour olieverontreiniging A10 (100-150) A10 (150-200) Verificatie in 2003 vastgestelde contour olieverontreiniging A11 (100-150) A11 (150-200) Verificatie in 2003 vastgestelde contour olieverontreiniging A12 (100-150) A12 (150-200) Verificatie in 2003 vastgestelde contour olieverontreiniging MMPFAS1 A03 (100-150) A03 (150-200) Gehalte PFAS in grond t.b.v.
A10 (100-150) A10 (150-200) mogelijke afvoer verontreinigde A11 (100-150) A11 (150-200) grond naar verwerker A12 (100-150) A12 (150-200) A07 (60-100) Gehalte arseen onder loods nabij uitpandige arseenspot MMA02 Kwaliteit “worst case” grond in A06 (50-100) A06 (100-140) kleilaag Westelijke loods MMB01 B01 (14-64) B02 (12-30) Algemene kwaliteit bovengrond B03 (12-62) MMB02 B04 (12-62) B05 (12-62) Algemene kwaliteit bovengrond MMB03 B02 (30-80) B02 (80-110) Algemene kwaliteit ondergrond Oude bovengrondse brandstoftank MMC01 C01 (0-50) C02 (0-50) Kwaliteit meest op C03 (0-50) olieverontreiniging verdachte grondlaag Druppellijn asbestverdacht dak GD01+GD02 GD01 (0-10) GD02 (0-10)
Gehalte PCB t.p.v. druppellijn
Datum: Pagina:
Minerale olie/H Minerale olie/H Minerale olie/H Minerale olie/H Minerale olie/H Minerale olie/H Minerale olie/H Minerale olie/H Minerale olie/H Minerale olie/H PFAS (30) advieslijst 12 juli
As+lu/os Standaardpakket incl. lu/os + As + Cr Standaardpakket incl. lu/os Standaardpakket incl. lu/os Standaardpakket incl. lu/os Minerale olie/H
PCB/H
23 juni 2022 18 / 36
Kenmerk : Projectnummer :
EJ50220260.R001-1 VBE-50220260
- grondwater Het laboratorium is verzocht de aangeboden grondwatermonsters te analyseren volgens tabel 3.3. De analysecertificaten zijn opgenomen in bijlage 5. Tabel 3.3. Grondwatermonsters Peilbuis Filterdiepte Motivatie (cm-mv) Oostelijke loods A02 180-280 Verificatie in 2003 vastgestelde contour olieverontreiniging A03 170-270 Verificatie in 2003 vastgestelde contour olieverontreiniging A10 170-270 Algemene kwaliteit grondwater A11 170-270 Verificatie in 2003 vastgestelde contour olieverontreiniging A12 170-270 Verificatie in 2003 vastgestelde contour olieverontreiniging Westelijke loods B03 210-310 Algemene kwaliteit grondwater Oude bovengrondse brandstoftank C02 170-270 Vaststellen mogelijke verontreiniging grondwater
Analysepakket
Minerale olie Minerale olie Standaardpakket Minerale olie Minerale olie Standaardpakket Minerale olie
3.5. Bodemopbouw Aan de hand van de uitgevoerde grondboringen kan een globale beschrijving van de bodemopbouw worden gegeven. Deze globale beschrijving wordt weergegeven in de volgende tabel. Tabel 3.4. Globale beschrijving lokale bodemopbouw Traject (cm-mv) Grondsoort Oostelijke loods 0-23 Beton 23-65 Zwak siltig matig fijn zand 65-200 Matig tot sterk zandig niet tot matig silitg klei, plaatselijk zwak kleihoudend matig slitig matig fijn zand 200-270 Sterk zandhoudend sterk siltig klei Westelijke loods 0-13 Beton 13-120 Zwak kleihoudend niet tot zwak humeus zwak siltig matig fijn zand 120-260 Niet tot zwak zandhoudend matig siltig klei 260-310 Sterk siltig klei Uitpandig 0-50 Niet tot matig humeus zwak zandig klei 50-150 Zwak siltig matig fijn zand met brokken klei 150-270 Matig zandig klei
De beschrijvingen van de bodemprofielen zijn opgenomen in bijlage 3.
Datum: Pagina:
23 juni 2022 19 / 36
Kenmerk : Projectnummer :
EJ50220260.R001-1 VBE-50220260
3.6. Zintuiglijke waarnemingen Bij de uitgevoerde grondboringen en het bemonsteren van het grondwater zijn op basis van zintuiglijke beoordeling onderstaande relevante bijzonderheden en/of afwijkingen aangetroffen. Tabel 3.5. Overzicht bijzonderheden/afwijkingen Boring-/ Traject Bijzonderheden/afwijkingen peilbuisnummer (cm-mv) Oostelijke loods A01 24-74 Sporen baksteen A02 50-100 Zwakke olie-water reactie 100-200 Zwakke olie-water reactie A03 22-60 Zwakke olie-water reactie 60-100 Zwakke olie-water reactie 100-150 Zwakke olie-water reactie, sporen baksteen 150-200 Zwakke olie-water reactie 200-250 Zwakke olie-water reactie A06 50-100 Geen olie-water reactie, sporen baksteen, resten kolen 100-140 Zwakke olie-water reactie, matig baksteenhoudend, resten kolen 140 Gestaakt op puin A06A 60 Gestaakt op puin A07 60-100 Matig baksteenhoudend A10 21-50 Zwakke olie water-reactie 50-100 Zwakke olie-water reactie, sporen baksteen 100-150 Zwakke olie-water reactie, sporen baksteen 150-240 Matige olie-water reactie 240-270 Zwakke olie-water reactie A11 21-60 Zwakke olie-water reactie 60-100 Zwakke olie-water reactie 100-150 Matige olie-water reactie 150-270 Zwakke olie-water reactie A12 13-40 Zwakke olie-water reactie, matig baksteen-, beton- en steenhoudend 40-70 Uiterst baksteenhoudend 70-100 Zwakke olie-water reactie 100-150 Zwakke olie-water reactie Westelijke loods B02 30-110 Sporen
baksteen Uitpandig A09 0-30 Resten baksteen 80-180 Sporen baksteen 180 Gestaakt op puin
Datum: Pagina:
23 juni 2022 20 / 36
Kenmerk : Projectnummer :
EJ50220260.R001-1 VBE-50220260
3.7. Veldmetingen In de onderstaande tabel zijn de veldmetingen van het grondwater opgenomen. Tabel 3.6. Veldmetingen grondwater Peilbuis Filterdiepte Grondwaterstand (cm-mv) (cm-mv) Oostelijke loods A02 180-280 143 A03 170-270 126 A10 170-270 126 A11 170-270 130 A12 170-270 124 Westelijke loods B03 210-310 176 Oude bovengrondse brandstoftank C02 170-270 134
Zuurgraad (pH)
EC (µS/cm)
Troebelheid (FNU)
6,1 6,5 6,2 6,5 6,6
1220 1330 2520 920 520
78 29,9 29,4 14,2 21,7
6,6
1200
42,2
6,8
1140
417
3.8. Toetsing 3.8.1. Wet bodembescherming De analyseresultaten van de grond worden beoordeeld aan de hand van de achtergrondwaarden uit bijlage B van de (wijzigingen) Regeling bodemkwaliteit en de interventiewaarden uit de Circulaire bodemsanering per 1 juli 2013. De analyseresultaten van het grondwater worden beoordeeld aan de hand van de streef- en interventiewaarden uit de Circulaire bodemsanering per 1 juli 2013. De betekenis van de normwaarden is als volgt: Achtergrondwaarden: geven het niveau aan voor een goede bodemkwaliteit, waarvoor geldt dat er geen sprake is van belasting door lokale verontreinigingsbronnen. Streefwaarden:
geven het niveau aan waarbij sprake is van duurzame bodemkwaliteit. De streefwaarden (S) geven het uiteindelijk te bereiken kwaliteitsniveau van het grondwater aan.
Interventiewaarden:
geven het niveau aan wanneer de functionele eigenschappen, die de bodem heeft voor mens, dier en plant ernstig bedreigd/aangetast zijn, of dreigen te worden verminderd.
Bij gevallen van bodemverontreiniging, waarbij de interventiewaarden niet worden overschreden, wordt door het bepalen van de index van de gemeten concentratie van de betreffende parameter(s) ten opzichte van de achtergrond- en interventiewaarde van deze component(en) nagegaan of nader onderzoek naar de ernst en omvang van de verontreiniging nodig kan zijn (bij index > 0,5). De berekening van de index vindt als volgt plaats: Index = (GW - AW) / (I - AW) Waarin: GW AW I
= gestandaardiseerde waarde = achtergrondwaarde = interventiewaarde
Bij de beoordeling van de kwaliteit van de bodem worden de gemeten gehalten middels een bodemtypecorrectie omgerekend naar standaardbodem. De wijze van omrekening is beschreven in bijlage G onderdeel III van de Regeling bodemkwaliteit.
Datum: Pagina:
23 juni 2022 21 / 36
Kenmerk : Projectnummer :
EJ50220260.R001-1 VBE-50220260
De achtergrond-, streef- en interventiewaarden voor de grond en het grondwater zijn opgenomen in de toetsingstabellen bijgevoegd als bijlage 6. Opgemerkt dient te worden dat de interventiewaarde voor barium alleen geldt voor die situaties waarbij duidelijk sprake is van antropogene verontreiniging.
3.8.2. Besluit bodemkwaliteit Bij hergebruik van grond dient, naast de kwaliteit van de toe te passen grond, rekening gehouden te worden met zowel de kwaliteit als de functie van de ontvangende bodem. De analyseresultaten van een onderzoek worden, voor de beoordeling van de ontvangende bodem alsook voor de toepassing, beoordeeld aan de hand van de maximale waarden (aangeduid met M) uit bijlage B van de (wijzigingen) Regeling bodemkwaliteit. Grond die als achtergrondwaarden grond (AW) is geclassificeerd, is vrij toepasbaar. Volgens het Besluit bodemkwaliteit mag er een keuze gemaakt worden, afhankelijk per gemeente, betreffende het toetsingskader voor gebiedsgeneriek en/of gebiedsspecifiek beleid zoals beschreven in onderstaande tabel. Tabel 3.7. Overzicht generiek- en gebiedsspecifiek beleid Bodemfunctieklassen (Generiek beleid) Wonen Industrie Achtergrondwaarden
Bodemfuncties (Gebiedsspecifiek beleid) Wonen met tuin Plaatsen waar kinderen spelen Groen en natuurwaarden Ander groen, bebouwing, industrie en infra Moestuinen en volkstuinen Natuur Landbouw
Voor de indeling van de bodemklasse van de grond (ontvangende bodem en toe te passen grond) wordt de volgende terminologie gebruikt: - Achtergrondwaarden (AW): Grond met concentraties tot de achtergrondwaarden. - Wonen (W): Grond met een samenstelling tot de maximale waarden van de klasse wonen en groter dan de achtergrondwaarden. - Industrie (In): Grond met een samenstelling tot de maximale waarden van de klasse industrie en groter dan de maximale waarden voor de klasse wonen. - Grond waarvan nuttige toepassing niet is toegestaan: Grond met een samenstelling boven de maximale waarden van de klasse industrie. Afhankelijk van de stof is de maximale waarde van klasse industrie over het algemeen gelijk aan de interventiewaarde voor die stof. Bij de beoordeling van de gemeten gehaltes worden de rekenregels zoals opgenomen in hoofdstuk 4 van de Regeling bodemkwaliteit gebruikt. De toetsing van de grond is opgenomen in bijlage 8.
Datum: Pagina:
23 juni 2022 22 / 36
Kenmerk : Projectnummer :
EJ50220260.R001-1 VBE-50220260
3.9. Grond In de onderstaande tabel zijn de parameters opgenomen die de achtergrondwaarde (AW) overschrijden. Tevens is de toetsing voor de Wbb en de Bbk opgenomen in de tabel. Tabel 3.8. Overschrijdingstabel grond Mengmonster
Deelmonsters
Oostelijke loods MMA01 A03 (22-60) A10 (21-50) A11 (21-60) A12 (13-40) A01 (74-124) A01 (124-174) A02 (50-100) A02 (100-150) A02 (150-200) -
-
A03 (100-150) A03 (150-200) A06 (50-100) A06 (100-140) A07 (60-100)
-
A07 (100-150)
-
A10 (100-150) A10 (150-200) A11 (100-150) A11 (150-200) A12 (100-150) A12 (150-200)
-
MMA02
A06 (50-100) A06 (100-140)
Westelijke loods MMB01 B01 (14-64) B02 (12-30) B03 (12-62) MMB02 B04 (12-62) B05 (12-62) MMB03 B02 (30-80) B02 (80-110)
Parameters > AW en ≤ > index 0,5 index 0,5 en ≤ I
>I
Conclusie Wbb
Conclusie Bbk toepassing van bodem
Conclusie Bbk ontvangende bodem
Kobalt, nikkel, PAK
-
-
Licht verontreinigd
Klasse industrie
Klasse industrie
-
-
-
n.v.t.
n.v.t.
-
-
n.v.t.
n.v.t.
Minerale olie
-
Minerale olie -
n.v.t.
n.v.t.
-
-
-
n.v.t.
n.v.t.
-
-
-
n.v.t.
n.v.t.
Minerale olie en arseen Minerale olie
-
-
n.v.t.
n.v.t.
-
-
n.v.t.
n.v.t.
-
-
n.v.t.
n.v.t.
Minerale olie
Minerale olie -
n.v.t.
n.v.t.
-
-
-
n.v.t.
n.v.t.
Arseen, koper, lood, PAK
-
-
Niet verontreinigd Sterk verontreinigd Licht verontreinigd Niet verontreinigd Niet verontreinigd Licht verontreinigd Licht verontreinigd Matig verontreinigd Licht verontreinigd Niet verontreinigd Licht verontreinigd
Klasse industrie
Klasse industrie
-
-
-
Niet verontreinigd
Achtergrond waarde
Achtergrond waarde
-
-
-
Niet verontreinigd Licht verontreinigd
Achtergrond waarde Klasse industrie
Achtergrond waarde Klasse wonen
-
-
Niet verontreinigd
n.v.t.
n.v.t.
-
-
Niet verontreinigd
n.v.t.
n.v.t.
Kobalt, koper, kwik, lood, molybdeen, nikkel, zink, PAK Oude bovengrondse brandstoftank MMC01 C01 (0-50) C02 (0-50) C03 (0-50) Druppellijn asbestverdacht dak GD01+GD02 GD01 (0-10) GD02 (0-10)
-
Datum: Pagina:
23 juni 2022 23 / 36
Kenmerk : Projectnummer :
EJ50220260.R001-1 VBE-50220260
3.10. Grondwater In de onderstaande tabel zijn de parameters opgenomen die de streefwaarde (S) overschrijden. Tevens is de toetsing voor de Wbb opgenomen in de tabel. Tabel 3.9. Overschrijdingstabel grondwater Peilbuisnummer
Filterdiepte (cm-mv)
Oostelijke loods A02 180-280 A03 170-270 A10 170-270 A11 A12
170-270 170-270
Parameters > S en ≤ index 0,5
Minerale olie Minerale olie, (som) xylenen, naftaleen, barium Minerale olie -
Conclusie Wbb > index 0,5 en ≤I
>I
-
-
Licht verontreinigd Niet verontreinigd Licht verontreinigd
-
-
Licht verontreinigd Niet verontreinigd
Westelijke loods B03* 210-310
Molybdeen, Licht verontreinigd (som) xylenen Oude bovengrondse brandstoftank C02 170-270 Niet verontreinigd * Het monster was per abuis in eerste instantie enkel op minerale olie geanalyseerd. Na constatering van deze omissie is het monster vervolgens op het standaard AS3000 pakket geanalyseerd.
Datum: Pagina:
23 juni 2022 24 / 36
Kenmerk : Projectnummer :
4.
EJ50220260.R001-1 VBE-50220260
VERKENNEND ONDERZOEK ASBEST IN GROND
4.1. Inleiding Voor het onderzoeksprogramma zijn de richtlijnen van de Nederlandse Norm 5707 als uitgangspunt gehanteerd. Het bodemonderzoek heeft betrekking op het terrein zoals dat in bijlage 2 is weergegeven. De veldwerkzaamheden worden uitgevoerd volgens protocol 2018 behorende bij de BRL SIKB 2000.
4.2. Veldwerkzaamheden De gegevens van de uitvoering van het veldwerk is aangegeven in tabel 3.1. Tabel 4.1. Overzicht uitgevoerde veldwerkzaamheden en veldwerkers Omschrijving Protocol Datum Maaiveldinspectie 2018 31-03-2022 Monsterneming van asbest in bodem
2018
Erkende veldwerker(s) C.A.L. Mol, J.R. Flanagan en J.F.J.L. van Overveld C.A.L. Mol, J.R. Flanagan en J.F.J.L. van Overveld C.A.L. Mol en J.R. Flanagan
31-03-2022 04-05-2022
De gaten in de betonvloeren van de loodsen zijn geboord door een betonboorder. Het opgegraven materiaal is per laag uitgeharkt op 20 mm. Vervolgens is het bemonsterde deel van het materiaal gezeefd over een zeef met maaswijdte 20 mm. Het opgegraven materiaal (> 20 mm) is zintuiglijk beoordeeld op de aanwezigheid van asbest. De profielen van de gaten zijn beschreven en vrijkomende materiaal is zintuiglijk beoordeeld. De beschrijvingen van de gaten zijn in bijlage 3 weergegeven. De situering van de gaten zijn aangegeven in bijlage 2. Foto’s van de gaten zijn opgenomen in bijlage 7.