09F. Bijlage voorstel tot vaststelling van de begroting 2023 & meerjarenraming t-m 2026 WVS - 2213488.pdf
Tekst van het document
Onderwerp: voorstel tot vaststelling van de ontwerp begroting 2023 en de meerjarenraming t/m 2026
No. 3 - 2022 Dos. 3/45 A
Aan het algemeen bestuur.
Voor u ligt de ontwerp begroting 2023 (en de meerjarenraming t/m 2026) van WVS. Deze ontwerp begroting is gebaseerd op de (voorlopige) cijfers (o.a. voorlopige Participatiebudgetten) uit de mei- en septembercirculaire van 2021. De aannames voor het jaar 2023 zullen ongetwijfeld nog wijzigen. Dit zal blijken uit de mei- en september circulaire van 2022. In verband hiermee zullen wij in het najaar van 2022 een herziene begroting 2023 presenteren. De ontwerp begroting 2023 is gebaseerd op de volgende pijlers: • een (verdere) daling van het aantal Wsw-dienstverbanden omdat a.g.v. de in werking treding van de Participatiewet geen nieuwe instroom meer plaatsvindt van Wswdienstverbanden per 1 januari 2015; • de aan de deelnemende gemeenten toe te kennen Particpatiebudgetten / Wsw 2023 waarbij er vanuit wordt gegaan dat deze budgetten volledig aan WVS zullen worden overgemaakt; in de begroting is uitgegaan van de gemiddelde rijksbijdrage SW ad € 29.475,- per arbeidsjaar (SE), inclusief de door het Rijk te verstrekken loonprijscompensatie (2 %); • het door het Rijk toe te kennen lage inkomens voordeel (LIV); dit is een financieel voordeel voor de loonkosten SW; • instroom van medewerkers / cliënten vanuit de Participatiewet (met behoud van uitkering en met loonkostensubsidie (ten behoeve van het groen), alsmede instroom van beschut werk conform de landelijke berekeningen); • een lichte
stijging van het aantal regulier personeel in verband met een gedeeltelijke vervanging vanwege de uitstroom van leidinggevend SW-kader, het feit dat de nieuwe instroom van beschut werkers is aangewezen op een intensievere begeleiding en de omvorming tot leerwerkbedrijf dat (soms) nieuwe taken met zich meebrengt; • de betaling van zogenaamde transitievergoedingen aan personeel met een private aanstelling (€ 700.000,-), voor zover men daarop wettelijk recht heeft, alsmede de toe te kennen compensatie voor transitievergoedingen die betaald worden aan werknemers die wegens langdurige ziekte uit dienst gaan (€ 650.000,-); • een stijging van de omzet / toegevoegde waarde van derden; hierbij wordt rekening gehouden met een verbetering van de door te berekenen prijzen, een (gedeeltelijk) herstel van de tijdens de Covid 19 pandemie verloren gegane individuele detacheringen en een instroom van medewerkers / cliënten vanuit de Participatiewet ten behoeve van het groen (met behoud van uitkering en met loonkostensubsidie, alsmede beschut werkers); de gemeentelijke omzet wordt constant verondersteld; • een stijging van de kosten voor arbodienstverlening met € 700.000,- op jaarbasis; door het vertrek van de beide bedrijfsartsen was WVS in 2021 gedwongen de arbodienstverlening aan te besteden; de uitbesteding van de arbodienstverlening leidt op jaarbasis tot een kostenstijging van €
700.000,-; • een zeer behoudend investeringsbeleid;
• •
voortgaande kostenbesparingen / bezuinigingen; in de begroting 2023 is ook een meerjarenraming t/m 2026 opgenomen; in deze meerjarenraming zijn de aantallen medewerkers / cliënten vanuit de Participatiewet gebaseerd op de aantallen die zijn opgenomen in de ketenbegroting (= gecomprimeerd overzicht van de begrotingen van de ISD Brabantse Wal, het Werkplein Hart van WestBrabant en WVS); wij wijzen u er op dat er sprake is van een aantal onzekere factoren, hetgeen afbreuk doet aan de reële ‘waarde’ van de meerjarenramingen.
De begroting 2023 sluit met een tekort van € 7.703.000,- (herziene begroting 2022: verlies van € 7.532.000,-). Wij wijzen u er op dat u het (negatieve) resultaat van WVS dient te beoordelen tegen het totale financiële resultaat wat in de ketensamenwerking (met het Werkplein Hart van West-Brabant en de ISD Brabantse Wal) wordt behaald. WVS heeft zich ontwikkeld tot een leerwerkbedrijf voor de ketenpartners. Mede dankzij de activiteiten die WVS voor het Werkplein en de ISD uitvoert is in 2021 in ons werkgebied een besparing (schadelastbeperking) gerealiseerd van ruim € 0,9 miljoen (2020: € 2 miljoen). In de begroting wordt uitgegaan van één bedrag aan gemeentelijke bijdrage. Het verlies in de begroting 2023 ad € 7.703.000,- zal gedekt moeten worden uit de gemeentelijke bijdragen (€ 3.770,- per geplaatste Wsw-medewerker, beschut werker en participant, zie bijlage 6 van de begroting). De stijging van de gemeentelijke bijdrage ten opzichte van 2022 blijft hiermee, conform de richtlijnen voor de begroting 2023, binnen de marge waarmee de loonvoet van de rijksoverheid stijgt. U kunt er van uit gaan dat WVS er alles aan zal doen om de verliezen zoveel mogelijk te beperken.
Hierbij geldt dat de deelnemende gemeenten ook zelf kunnen bijdragen in het terugdringen van het verlies door de mogelijkheden van inbesteding optimaal te benutten en te kijken naar nog betere afstemming in de samenwerking met de deelnemende gemeenten. De uitvoering van de Participatiewet biedt bij uitstek kansen en mogelijkheden om de know how en infrastructuur van WVS optimaal te benutten (WVS inzetten als leerwerkbedrijf) en het vergroten van de kansen en mogelijkheden op betaald werk voor de mensen die zijn aangewezen op de Participatiewet. Binnen de ketensamenwerking met de ISD en het Werkplein is dit continue een punt van aandacht en wordt er volop ingezet om de ketensamenwerking zo optimaal mogelijk te maken. Zo is er intensief contact tussen partijen en wordt gekeken naar hoeveel ‘winst’ er nog te behalen is o.a. door meer kansen te benutten om mensen (bij of via WVS) in trajecten te zetten. Door hierin slim te opereren kunnen de gemeenten, de ISD Brabantse Wal, het Werkplein Hart van West-Brabant en WVS zorgen voor het behoud van vooral laaggeschoold werk voor de (grootste) doelgroep van de Participatiewet. Sedert maart 2020 is WVS geconfronteerd met de gevolgen van de Covid 19 pandemie. WVS volgt hierbij de richtlijnen op van het RIVM. Primair hierbij is de bescherming van de gezondheid van alle personen die binnen de vestigingen van WVS verblijven.
WVS heeft er voor gekozen om tijdens de pandemie, zij het met veel aanpassingen en restricties, te blijven doorwerken. De medewerkers stellen dit ook op prijs omdat op deze manier voorkomen wordt dat mensen in een sociaal isolement terecht komen. In 2021 bedroeg het totale verlies aan omzet en extra kosten als gevolg van de Covid 19 pandemie € 2,2 miljoen (2020: € 2,6 miljoen). Het is buitengewoon moeilijk om een reële inschatting te maken van de eventueel nog komende
pagina 2 van 4
(financiële) gevolgen van de pandemie. Wellicht kan hierover in het najaar (wanneer de herziene begroting 2023 wordt gepresenteerd) meer over worden gezegd. Voor een uitgebreide toelichting op de cijfers verwijzen wij u kortheidshalve naar de bijgevoegde begroting en de daarin opgenomen informatie. Voorafgaand aan de vaststelling van de begroting en meerjarenraming zullen de deelnemende gemeenten in de gelegenheid worden gesteld een zienswijze in te dienen. Voorstel Wij stellen u voor: - de ontwerp begroting 2023 en de meerjarenraming t/m 2026 vast te stellen, één en ander overeenkomstig het bijgevoegde ontwerpbesluit; - de gemeentelijke bijdrage voor het jaar 2023 vast te stellen op € 3.770,- per geplaatste Wswmedewerker, beschut werker en participant (per 1 januari 2022).
Roosendaal, 28 maart 2022.
Het dagelijks bestuur van WVS, de secretaris,
de voorzitter,
P.F.J.M. Havermans
L.G.M. van der Beek.
pagina 3 van 4
Het algemeen bestuur van WVS; gelezen het voorstel van het dagelijks bestuur dd. 28 maart 2022, no. 3 – 2022, no. 3/45 A; gelet op de gemeenschappelijke regeling WVS;
besluit:
1. de ontwerp begroting 2023 en de meerjarenraming t/m 2026 van WVS vast te stellen, overeenkomstig de gewaarmerkte bijlage; 2. de gemeentelijke bijdrage in het exploitatieresultaat van WVS op basis van de begroting 2023 van WVS vast te stellen op € 3.770,- per geplaatste Wsw-medewerker, beschut werker en participant (peildatum 1 januari 2022) (overeenkomstig de verdeelsleutel zoals die is bepaald in de gemeenschappelijke regeling); 3. te bepalen dat de gemeentelijke bijdragen door de gemeenten per maand worden betaald (uiterlijk de 15e van de maand).
Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van het algemeen bestuur van WVS op 11 juli 2022.
De secretaris,
P.F.J.M. Havermans
pagina 4 van 4
De voorzitter,