SB Wmo beleids- en uitvoeringsplan 2023 def
Tekst van het document
Daarnaast kan er gekeken worden naar de mogelijkheid tot respijtzorg zodat de mantelzorger even ontlast wordt van de zorgtaak. Er is respijtzorg mogelijk in de vorm van het gebruik maken van vrijwilligers die bij de cliënt thuiskomen zodat de mantelzorger even tijd voor zichzelf heeft. Daarnaast is het mogelijk dat er een indicatie gesteld wordt voor dagbesteding of kortdurend verblijf om de mantelzorger te ontlasten. Ook subsidiëren we het ‘Kennisplatform Mantelzorg West-Friesland’21. Dit platform richt zich op zorg- en welzijnsorganisaties die werken voor mensen die langdurige zorg nodig hebben. Er wordt gestreefd naar een goede onderlinge samenwerking om het ondersteuningsaanbod op elkaar aan te laten sluiten en om de mantelzorgpositie te verbeteren. Het doel is dat elke (zorg)professional in Westfriesland oog heeft voor de mantelzorger en regelmatig vraagt: Hoe gaat het met u? En wat heeft u nodig om de zorg (samen) op een prettige manier te regelen en vol te houden? Mantelzorgers kunnen gebruik maken van een kennisbank en een sociale kaart. Daarnaast worden er kennis- en netwerkbijeenkomsten georganiseerd om mantelzorgers goede ondersteuning te bieden.
De Huishoudelijke Hulp Toelage (HHT) is een vorm van mantelzorgondersteuning en wordt in Stede Broec beschikbaar gesteld aan mantelzorgers, zodat zij een deel van hun huishoudelijk werk kunnen uitbesteden om overbelasting te voorkomen. Waardering van mantelzorgers vindt op dit moment plaats in de vorm van een mantelzorgcompliment, een geldbedrag wat aan het einde van het jaar wordt overgemaakt. c. Waar zetten we nog meer op in? We proberen meer mantelzorgers te bereiken. We zetten in op een goede en brede communicatie met de mantelzorger in onze gemeente. Ook willen we meer in gesprek gaan met mantelzorgers, om zicht te houden op hoe het met ze gaat. De druk op mantelzorgers zal de aankomende jaren alleen maar toenemen dus het is erg belangrijk dat we inzichtelijk hebben hoe het gaat en wat ze nodig hebben om zich te kunnen blijven inzetten als mantelzorger. 21 Kennisplatform Mantelzorg West-Friesland - KPMZ (kpmzwf.nl)
5.6 Vrijwillige inzet De vraag naar vrijwilligers neemt toe als gevolg van de verschillende maatschappelijke ontwikkelingen. Gemeente Stede Broec wil daarom zo veel mogelijk mensen stimuleren om zich vrijwillig in te zetten, en de huidige vrijwilligers zo goed mogelijk ondersteunen. a. Wat willen we bereiken? De gemeente wil de participatie van haar inwoners bevorderen. Een belangrijke vorm van participatie is vrijwilligerswerk of vrijwillige inzet. Om het mogelijk te maken dat kwetsbare mensen langer thuis kunnen blijven wonen, is vrijwillige inzet op het gebied van zorg belangrijk. Naar verwachting zal de vraag naar vrijwillige inzet op het gebied van zorg ook toenemen. Het is daarom belangrijk dat de gemeente het vrijwilligerswerk niet alleen stimuleert, maar ook faciliteert en waardeert. b. Wat doen we hier al voor? In Stede Broec zijn diverse organisaties actief die volledig draaien op de inzet van vrijwilligers. Wij steunen deze en andere vrijwilligersorganisaties door middel van subsidies. Een belangrijke partner van de gemeente op het gebied van vrijwillige inzet is het ‘Vrijwilligerspunt Westfriesland’. Ze faciliteren en ondersteunen bij het vrijwilligerswerk in Westfriesland. Ze zorgen dat vrijwilligers leuker, makkelijker en beter hun werk kunnen doen.
Daarnaast delen ze kennis, kunde en netwerk met non-profit organisaties, zodat zij effectiever vrijwilligers kunnen aantrekken, inzetten en behouden. Vrijwilligerspunt voert de maatschappelijke stage uit om jonge mensen te stimuleren voor vrijwilligerswerk. De gemeente subsidieert deze stichting. Vrijwilligerspunt en de gemeenten bepalen per jaar de speerpunten middels de prestatieafspraken, waar gedurende het jaar over wordt afgestemd zodat ook lokale ontwikkelingen kunnen worden meegenomen. Het vrijwilligerspunt werkt vanuit haar regionale rol, maar werkt lokaal waar nodig. De wens is om samen te werken en te verbinden staat centraal. Vrijwilligerspunt heeft verschillende diensten, waaronder: Bemiddeling & Hulp Dichtbij De diensten Bemiddeling en Hulp Dichtbij matchen vrijwilligers. Bij Bemiddeling is dit tussen een maatschappelijke organisaties en een vrijwilliger. Bij Hulp Dichtbij betreft het een individuele hulpvraag die wordt gematcht aan de juiste vrijwilliger. Via regionale en lokale social media, zoals lokale facebookgroepen, worden vrijwilligers gezocht. Jong Westfriesland in Actie Een dienst voor jongeren tussen 13 en 30 jaar om hen te enthousiasmeren voor vrijwilligerswerk. De jongeren kunnen uit twee trajecten kiezen: Maatschappelijke Stage of Maatschappelijke Dienst Tijd.
Deze eerste is een verplicht onderdeel van het curriculum voor jongeren binnen het voortgezet onderwijs. Maatschappelijke Dienst Tijd kent drie pijlers: je doet iets voor een ander of de samenleving, je leert daarvan iets over jezelf en over je talenten en je ontmoet andere (leeftijds-)groepen, culturen of soorten mensen. Jongeren die hun traject succesvol hebben afgesloten ontvangen een Europees erkend certificaat. Communicatie Afdeling communicatie voert niet alleen werkzaamheden uit om Vrijwilligerspunt bekendheid te geven maar wordt ook ingezet om maatschappelijke organisaties te ondersteunen in bijvoorbeeld het vinden van vrijwilligers. Er wordt hierbij gezocht naar wat lokaal nodig is. Dit gebeurt door bijvoorbeeld fondsen te koppelen aan lokale organisaties, maar ook door het aanbieden van trainingen zoals ‘Hoe werf ik vrijwilligers?’ of ‘Hoe doe ik een subsidieaanvraag?’. Het Vrijwilligerspunt heeft een goede sociale kaart en werkt hard aan nog meer naamsbekendheid.
Het aanbod van Vrijwilligerspunt is breed en aanpasbaar naar waar de behoefte vanuit de maatschappelijke partners en gemeente ligt. Er wordt in de veranderende samenleving bijvoorbeeld gekeken naar de behoefte van vrijwilligers (die steeds meer kortdurend is) maar ook naar het investeren in jongeren, om meer vrijwilligers te werven en behouden. Waardering van de vrijwilligers gebeurt op dit moment via de Westfriese Beursvloer waar elk jaar vrijwilligersattenties worden aangeboden. Ook heeft de gemeente een vrijwilligersverzekering afgesloten voor vrijwilligers, mantelzorgers en maatschappelijk stagiairs. c. Waar zetten we nog meer op in? Met betrekking tot het doen van vrijwilligerswerk stimuleren wij onze inwoners om zich in te zetten als vrijwilliger en gaan we vanuit het Vrijwilligerspunt met acties aan de slag om hier vorm aan te geven. Ook zetten we meer in op het bedanken van de inzet van de vrijwilligers door middel van de campagne ‘Bedankt vrijwilligers’ met een gelijknamige website, waar iemand door middel van een kort filmpje een vrijwilliger of vrijwilligersorganisatie kan bedanken.
5.7 Wonen en zorg Sociaal-demografische ontwikkelingen, zoals vergrijzing en meer kleine huishoudens, hebben invloed op de woning- en zorgmarkt in Nederland. De afbouw van de intramurale zorg, afbouw van voormalige verzorgingshuizen, het scheiden van wonen en zorg, de ambulantisering van de GGZ, de transformatie van Beschermd Wonen naar Beschermd Thuis, arbeidsmigratie en de huisvesting van statushouders, zorgen voor een grotere druk op de woningmarkt. Mensen ontvangen eerder en langer zorg, behandeling en begeleiding thuis. Daardoor is de vraag naar geschikte woningen toegenomen. Met name voor kwetsbare personen is het vinden van een geschikte woning lastig, omdat er onvoldoende geschikte, betaalbare woningen zijn. Bovendien zien ouderen vaak op tegen verhuizen naar een kleinere woning en kiezen ze er – soms erg laat – voor om hun woning aan te passen. Dit vraagt om een integrale woonzorgvisie, zodat vanuit verschillende beleidsterreinen naar passende oplossingen wordt gezocht. Door demografische veranderingen – toename van kleine huishoudens door vergrijzing – is er een sterke behoefte aan bijzondere woonvormen. Deze woonvorm is een tussenvorm tussen zelfstandig wonen en het wonen in een instelling. Het begrip tussenvorm kan breed opgevat worden en omvat in principe alle ondersteuningsvormen voor een combinatie van wonen en zorg thuis.
Dit zijn geclusterde woonvormen en zij maken het mogelijk om zorg bij kwetsbare inwoners efficiënt te organiseren en eenzaamheid tegen te gaan. Een ander gevolg van de demografische ontwikkelingen en toenemende hulpvraag is de groei van het aantal kwetsbare mensen in de wijk. Enerzijds sluit dit aan bij de wens van veel gemeenten om te komen tot een inclusieve samenleving, anderzijds kan dit leiden tot meer maatschappelijke onrust: bij deze kwetsbare groep is de kans op bijvoorbeeld sociaal ongewenst of onbegrepen gedrag groter. Daarom moet er voldoende aandacht zijn voor de leefbaarheid in de wijk en moet er sprake zijn van goede spreiding, zodat er voldoende draagkracht in de wijken blijft. Voor ouderen of kwetsbare inwoners is hun woon- en leefsituatie bijzonder complex. Ze hebben voor wonen, hulp en ondersteuning te maken met afzonderlijke beleidsterreinen en loketten bij de gemeente. Dit geldt ook voor aanbieders en initiatiefnemers op de woon- en zorgmarkt. De verschillende werkwijzen, regelgeving en financiering zijn vaak leidend en maken het ingewikkeld om tot een aanbod of initiatief te komen. De gemeente heeft een belangrijke rol als het gaat om de opgave voor wonen, zorg en welzijn, omdat de gemeente als een van de weinige partijen verantwoordelijkheden heeft op zowel de woning- als de zorgmarkt.
Daarbij is de gemeente verantwoordelijk voor het formuleren van beleid voor de lokale woningmarkt en voor een deel van de zorg, welzijn en ondersteuning via de Wmo. De gemeente heeft hierdoor goed overzicht van de diverse partijen die op de woning- en zorgmarkt in de praktijk toch vooral los van elkaar opereren. a. Wat willen we bereiken? Binnen de gemeente willen we integraal beleid ontwikkelen op het gebied van wonen en zorg. Samenwerking tussen verschillende afdelingen is daarvoor noodzakelijk waarbij de vraag en aanbod voldoende op elkaar zijn afgestemd. b. Wat doen we hier al voor? Met de start van de ‘Taskforce Wonen & Zorg’22 in de regio onderzoeken we oplossingen voor de zorg-woonopgave. We werken daarin als Westfriese gemeenten samen met zorgaanbieders, woningcorporaties en het zorgkantoor. Wmo-adviesraden en cliëntenraden zijn hierbij ook uitgenodigd. Samenwerking is essentieel omdat de uitdagingen de individuele 22
https://www.taskforcewonenzorg.nl/nieuws/wonen-en-zorg-steeds-hoger-op-de-agenda-maar-we-zijn-er-nog-niet
organisaties te boven gaat. Dat heeft niet alleen met de omvang te maken, maar ook met onderlinge afhankelijkheden. Langer thuis wonen, ondanks iemands gezondheidsstatus, stelt eisen aan de woning en woonomgeving, onder meer de voorzieningen. Omgekeerd, voor ouderen geschikte, geclusterde woningen zijn alleen op een goede wijze te exploiteren als er voldoende (thuis)zorg voorhanden is. Dat geldt ook voor het versterken van het sociale netwerk en het werken aan een zorgzame buurt, om de druk op de formele zorg te verminderen. We betalen mee aan een gemeentebrede communicatie/bewustwordingscampagne in waarbij we onze inwoners in de leeftijd vanaf 50-60 jaar bewust te maken dat ouder worden vraagt om na te denken over de toekomstige woonbehoefte. We maken daarbij gebruik van de website: ‘Lekker blijven wonen.’23 Hierin wordt samengewerkt tussen Wonen en het sociaal domein om onze inwoners te stimuleren om na zich te beseffen dat zij ook een eigen verantwoordelijkheid hebben als het gaat om zo lang mogelijk blijven wonen in hun eigen woning. c. Waar zetten we nog meer op in? Vanuit de Taskforce Wonen&Zorg is een samenwerking opgestart specifiek voor Stede Broec, “Beter oud worden in Stede Broec”. Dit heeft als doel een duidelijke visie te ontwikkelen hoe (kwetsbare) ouderen in Stede Broec goed oud kunnen worden in 2030.
Reden hiervoor is dat geconstateerd is dat van alle Westfriese gemeenten Stede Broec het meest te maken heeft met de vergrijzing. Vanuit de Taskforce Wonen&Zorg en Beter oud worden in Stede Broec is het project Zorgzame buurt opgezet. Prognose toename aantal 80-plussers in procenten in de Westfriese gemeenten 20172040
Bron: platform 31 op basis van meest recente prognose van provincie Noord-Holland
De komende jaren zal er een nauwere samenwerking moeten komen tussen diverse afdelingen van de gemeente en met projectontwikkelaars, zorginstellingen en woningcorporaties waarbij ingespeeld wordt op de groeiende vraag naar wonen en zorg. Er moet worden bekeken hoe de bestaande woningvoorraad kan worden aangepast en op welke manier er woningen, (tussen-) woonvormen en extra instellingsplekken bij kunnen komen. Een brede blik van de gemeente is hierbij van belang. Die brede blik is alleen nog niet vanzelfsprekend vanwege de strakke scheiding tussen het fysieke domein en het sociaal domein. Wonen ‘hoort’ bij fysiek, zorg bij sociaal. Beoordelingen van woonzorginitiatieven vinden nu nog veelal plaats vanuit ruimtelijke ordening, met een juridisch planologische blik vanuit de mogelijkheden van bestemmingsplannen en vergunningen. Daardoor is er binnen dit
23
https://www.lekkerblijvenwonen.nl/
soort initiatieven nauwelijks aandacht voor de effecten op de samenleving en de woning- en zorgmarkt. Juist omdat in de praktijk de thema’s wonen en zorg nauw met elkaar zijn verbonden, kunnen deze goed in samenhang met elkaar worden beoordeeld Bij zo’n integrale woonzorgbenadering biedt een woonzorgvisie met ambitie, aanbevelingen en uitvoeringsagenda uitkomst. Hierin worden de beleidsterreinen wonen, zorg, welzijn en ruimtelijke ordening met elkaar verbonden. De woonzorgvisie geeft richting aan het beleid voor wonen en zorg, en vormt daardoor ook een afwegingskader en toetsingsinstrument waarmee de gemeente nieuwe plannen – bijvoorbeeld voor gebiedsontwikkeling – kan beoordelen. Door vervolgens vanuit de verschillende beleidsterreinen integraal uitvoering te geven aan de woonzorgopgaven kan de gemeente werken aan echt duurzame oplossingen. Vanuit de nieuwe Omgevingswet is het opstellen van een woonzorgvisie een verplichting aan de gemeenten, maar door het uitstellen van de Omgevingswet is nog niet duidelijk wanneer de Woonzorgvisie zal worden opgesteld. De komende jaren zal én moet er door projectontwikkelaars, zorginstellingen en woningcorporatiesmeer worden ingespeeld op de groeiende vraag naar wonen en zorg.
Het is aan hen om te kijken hoe de bestaande woningvoorraad kan worden aangepast en op welke manier er woningen, (tussen) woonvormen en extra instellingsplekken bij kunnen komen. Willen gemeenten tot passende oplossingen komen voor hun woonzorgopgaven, dan is het belangrijk dat zij een brede blik hebben.
5.8 Positieve gezondheid Op 1 januari 2020 bestond de bevolking van Nederland voor een groot deel uit mensen met een leeftijd tussen de 45 en 72 jaar. Dit zijn 6,4 miljoen inwoners, 37% van de bevolking. Deze mensen vormen voor het grootste deel de naoorlogse babyboom, geboren tussen 1946 en 1970. Het aantal jongeren (tot 20 jaar) is duidelijk kleiner dan het aantal dertigers en veertigers. In 2021 was de grijze druk 34 procent: op elke 65-plusser zijn er 3 mensen in de werkzame leeftijd (20 tot 65 jaar). De komende jaren zal dit nog toenemen tot bijna 50 procent, wat betekent er op elke 65-plusser nog maar twee mensen zich in de werkzame leeftijd bevinden.
Bron: https://www.cbs.nl/nl-nl/visualisaties/dashboard-bevolking/leeftijd/ouderen
Het toekomstige potentieel van inwoners die gebruik gaan maken van een Wmo-voorziening wordt bepaald door de huidige inwoners in de leeftijd van 50 jaar. Daarom is het van belang dat het beleid zich niet alleen richt op de huidige inwoners die gebruik maken van Wmovoorzieningen maar vooral ook op de doelgroep die over 10 tot 20 jaar mogelijkerwijs gebruik zal maken van de Wmo. Juist daarom is het belangrijk om in te zetten op positieve gezondheid van de huidige inwoners. Positieve gezondheid is een benadering binnen de gezondheidszorg die niet de ziekte, maar een betekenisvol leven van mensen centraal stelt. De nadruk ligt op de veerkracht, eigen regie en het aanpassingsvermogen van de mens en niet op de beperkingen of ziekte zelf. Gezondheid is voor de gemeente een belangrijk thema. Zeker in het kader van de transformatie in het sociaal domein, waarbij gezondheid niet alleen als doel, maar ook als middel gezien wordt: gezonde mensen kunnen gemakkelijker participeren. Het is onze aanname dat actieve mensen minder gebruik zullen (gaan) maken van Wmo-voorzieningen. a. Wat willen we bereiken? De gezondheid van inwoners bevorderen. b. Wat doen we hier al voor? De ‘Nota lokaal gezondheidsbeleid 2020-2023’ is vastgesteld door de gemeenteraad. In de nota is positieve gezondheid het uitgangspunt.
Positieve gezondheid definieert gezondheid van de inwoners in zes dimensies: lichaamsfuncties, mentaal welbevinden, zingeving, kwaliteit van leven, meedoen en dagelijks functioneren. Door het toepassen van positieve gezondheid in de uitvoering ligt de nadruk op wat een inwoner kan, in plaats van dat wat een inwoner niet meer kan. Daarnaast verschuift de focus naar gezondheid en gedrag in plaats van ziekte en zorg. Dit heeft als doel om het aanbod beter te laten aansluiten bij de vraag. Om de
gezondheid te bevorderen legt de gemeente de focus op de volgende speerpunten: roken, alcohol, drugs en (ongewenst) medicijngebruik, actieve leefstijl en gezond gewicht, psychische problemen, eenzaamheid, dementie, en de 6-Minutenzone (binnen 6 minuten hulp bij een hartstilstand). Het gezondheidsbeleid zet in op de thema’s zoals genoemd in de nota. Er zijn voor alle thema’s uitvoeringsplannen opgesteld. Het sportakkoord geeft mogelijkheden om voor moeilijk bereikbare doelgroepen activiteiten te organiseren. Ook wordt er wordt een verbinding gelegd tussen lokale zorg-, welzijn- en sportaanbieders bij het opzetten en aanbieden van sportstimuleringsactiviteiten. Hierin is afstemming op de behoefte en actualiteit van kwetsbare doelgroepen zeer belangrijk. Aanvullend wordt aansluiting gezocht bij initiatieven vanuit het sportakkoord. Dit sportakkoord wordt periodiek geactualiseerd. c. Waar zetten we nog meer op in? De uitgangspunten van positieve gezondheid sluiten aan bij de principes van de transformatie in het Sociale Domein. Hierdoor leidt vernieuwde aanpak tot mogelijkheden om gezondheid, welzijn, preventie, zorg en participatie (meer) met elkaar te verbinden. Hier willen we meer op inzetten de komende jaren.
5.9 Wmo en Jeugdhulp De gemeente ziet het als haar taak om jongeren en volwassenen voor te bereiden op hun leven in de maatschappij en hun plaats en taak daarin. Binnen de Wmo is ook aandacht voor jeugdigen. Gebleken is dat er extra aandacht nodig is voor de overgang van jeugdigen uit de Jeugdwet naar de Wmo. Het is van belang dat de jeugdigen die jeugdhulp ontvangen, bij het bereiken van 18 jarige leeftijd, indien noodzakelijk, zo snel mogelijk de juiste hulp krijgen. Het opgroeien en opvoeden valt onder de Jeugdwet. Voor het ondersteunen in de zelfredzaamheid komt de Wmo in beeld. a. Wat willen we bereiken? We willen zorgen voor een naadloze overgang van de zogenaamde 18-/18+-doelgroep. b. Wat doen we hier al voor? We zijn regionaal bezig om het beleid rondom de 18-/18+-doelgroep te optimaliseren. Ook wordt ingezet op jeugd- en jongerenwerk. Het doel van jongerenwerk is om jongeren te ondersteunen in hun ontwikkelproces naar volwassenheid. Zij hebben daarmee voornamelijk een preventieve en signalerende functie, opdat jongeren zich goed kunnen ontwikkelen en kunnen meedoen. Naast het tiener- en jongerenwerk is het ambulant jongerenwerk meer gericht op kwetsbare jongeren en jongeren die overlast veroorzaken. In de regio Westfriesland wordt gewerkt met het ‘Model soepele overgang 18-/18+’ om continuïteit van zorg en ondersteuning te waarborgen.
Om de continuïteit van deze zorg en ondersteuning te waarborgen, is het belangrijk dat gemeente en zorgaanbieders elkaar weten te vinden en afspraken maken op de leefgebieden onderwijs, werk, inkomen, zorg, veiligheid en wonen. De overgang van minder- naar meerderjarigheid blijkt een belangrijk knelpunt bij het werken aan deze ambitie. Dit komt omdat de regie (over) en (de financiering van) hulpverlening veranderen. Met het Model soepele overgang 18-18+ wordt al ruim voor de 18e verjaardag gekeken hoe hulp en ondersteuning geregeld moet worden bij het behalen van de volwassen leeftijd. Er zijn contracten voor de maatwerkvoorzieningen binnen de Jeugdwet- en Wmo. Bij de inkoop is rekening gehouden met het contracteren van aanbieders die zowel de doelgroep van de Jeugdwet als de Wmo bedienen. Begin 2023 is de website www.18instedebroec.nl gelanceerd, waar jongeren die 18 worden informatie kunnen vinden over alles wat zij moet weten nu zij voor de wet volwassen zijn. c. Waar zetten we nog meer op in? Een goede overgang van de Jeugdhulp naar Wmo ondersteuning kan alleen maar als de professionals vanuit de Jeugdhulp en de Wmo met elkaar samenwerken en vanuit een gezamenlijk belang, passend en nabij, een voorziening treffen voor een jongvolwassene, gericht op de toekomst van de jeugdige. We willen meer inzetten op de samenwerking tussen de domeinen Jeugd en Wmo.
Zorgaanbieders en gecertificeerde instellingen spelen hier ook een rol in.
5.10 Aanvullende ondersteuning voor wie dat nodig heeft Vanuit de Wmo zetten we in op maatschappelijke participatie en het vergroten van zelfredzaamheid. Mensen die een beter onderhouden sociaal netwerk hebben zijn gelukkiger, gezonder én leven langer dan mensen die dit niet hebben.24 Wij vinden het belangrijk dat iedereen zo zelfredzaam mogelijk door het leven kan gaan en regie voert over het eigen leven en huishouding. Ter ondersteuning van de zelfredzaamheid bieden we maatwerkvoorzieningen aan. a. Wat willen we bereiken? Aanvullende individuele ondersteuning bieden aan wie dat nodig heeft om zelfstandig te kunnen blijven functioneren. Het kan hierbij gaan om een maatwerkvoorziening, zoals bijvoorbeeld hulp bij het huishouden, begeleiding of een scootmobiel. b. Wat doen we hier al voor? Als een inwoner zich meldt bij de gemeente met een behoefte aan ondersteuning wordt een perspectiefplan opgesteld. In dit perspectiefplan wordt aangegeven in hoeverre de inwoner zelfstandig en zelfredzaam kan participeren in de maatschappij. Verder wordt gekeken of er mensen in de omgeving zijn die kunnen helpen, of er een algemene voorziening is waar hij gebruik van kan maken en of de inwoner aangewezen is op een individuele maatwerkvoorziening. Arrangementen en andere maatwerkvoorzieningen Inwoners kunnen in aanmerking komen voor een arrangement.
Vanuit dit arrangement wordt huishoudelijke hulp, individuele begeleiding en/of een vorm van dagbesteding wordt aangeboden. De cliënt/inwoner stelt samen met de zorgaanbieder een plan op hoe de ondersteuning ingezet wordt. Dit is een nieuwe manier van werken waarvan we verwachten dat die effectief en doelmatig zal zijn voor onze inwoners. Andere vormen van individuele maatwerkvoorzieningen zijn bijvoorbeeld rolstoelen, scootmobielen en woningaanpassingen. Collectief vraagafhankelijk vervoer: Regiotaxi Wanneer een inwoner niet in staat is om met het reguliere openbaar vervoer te reizen en zijn vervoer ook niet op een andere manier kan regelen kan een pas voor de Regiotaxi worden toegekend. Met de Regiotaxi vindt van deur-tot-deur vervoer plaats, eventueel rolstoel gebonden. De actieradius van de Regiotaxi betreft 25 kilometer vanaf het huisadres naar een bestemming binnen de regio Westfriesland. Wanneer iemand verder weggelegen bestemmingen wil bereiken kan er een beroep worden gedaan op de reisservice van Valys. Op dit moment wordt Regiotaxi opnieuw aanbesteed voor vier jaar. Het nieuwe contract zal ingaan op 1 augustus 2023 en kan vervolgens twee keer worden verlengd.
Ondersteuning voor mensen die aannemelijke meerkosten maken Aan inwoners die langdurig aannemelijke meerkosten maken in verband met hun beperking, chronische psychische of psychosociale problemen en die een inkomen hebben onder 120% van het sociaal minimum, kunnen in aanmerking komen voor financiële tegemoetkoming van € 250,- per jaar. Dit gaat dan om toegekende voorzieningen waarbij een eigen bijdrage betaald moet worden. Wij gaan er hierbij van uit dat zij een voorziening krijgen op grond van de Wmo en dat zij daarbij ook meerkosten maken zoals bijvoorbeeld het betalen van het volledige eigen risico aan de zorgverzekeraar, het afsluiten van een aanvullende verzekering of meerkosten van andere aard. Kwijtschelding eigen bijdrage Wmo Aan inwoners met een inkomen onder 120% van het sociaal minimum wordt de eigen bijdrage Wmo niet opgelegd. De Wmo is voorziening is voor deze groep kosteloos. 24
https://www.cbs.nl/nl-nl/longread/statistische-trends/2020/geluk-en-persoonlijkheid?onepage=true
c. Waar zetten we nog meer op in? Sinds 2020 werken we volgens Resultaatgericht werken. Deze manier van werken met arrangementen heeft als doelstelling om beter maatwerk te kunnen leveren aan inwoners. Het eerste jaar is geëvalueerd en er is geconcludeerd dat de implementatie nog niet volledig is doorgevoerd en dat er verbeteringen nodig zijn. In 2023 wordt een regionale verbeteragenda opgesteld, die ook lokaal om verbeteringen vraagt. Aandacht is er o.a. voor uniforme monitoring en sturing, sturing op uniforme processen en blijven leren en ontwikkelen. Regionaal is een werkgroep gestart met de inkoopstrategie voor de komende jaren voor zowel Wmo als Jeugdhulp. Er wordt een projectleider aangesteld die het inkoopproces en de implementatie begeleidt. Hierbij zal voor de Wmo met name aandacht besteed worden aan de laatste jurisprudentie rondom het indiceren in resultaten. We letten ook op de rechtmatigheid van onze uitgaven. Regionaal hebben we contracten met onze WMO-aanbieders waar we toezicht houden op de rechtmatigheid. Op 3 maart 2022 is door alle colleges van Westfriesland besloten om het toezicht uit te breiden naar rechtmatigheidscontroles voor de Jeugdwet, waardoor we beter integraal kunnen bewaken en handelen. Concreet heeft dit geleid tot een nieuwe dienstverleningsovereenkomst vanaf 2023 en aanstellen van een extra toezichthouder.
Er kan onderzocht worden of bijvoorbeeld een ‘omgekeerde toets’ een uitkomst kan bieden in deze individuele, menselijke benadering. Bij deze manier van werken wordt gekeken wat de inwoner nodig heeft om zelfredzaam te zijn en welke voorzieningen uit welke wetten daarbij noodzakelijk zijn. Een omgekeerde manier van werken of zelfs een omgekeerde verordening kan hierbij helpen. Bij deze verordening is het mogelijk om in één keer te beslissen op aanvragen voor verschillende onderdelen uit het sociaal domein. Dit vraagt wel om een ontschotting van budgetten.
5.11 Een vangnet voor zeer kwetsbare inwoners Voor inwoners voor wie zelfredzaamheid (tijdelijk) buiten bereik ligt en niet beschikken over een eigen netwerk of financiële draagkracht bieden we een vangnet. Het gaat hier veelal om zeer kwetsbare mensen die dak- en thuisloos, zorg mijdend zijn en/of zware verslavings- en/of GGZ problematiek hebben. Over de zorg voor deze groep worden in regionaal verband afspraken gemaakt. Hoorn is hiervoor centrumgemeente en ontvangt en verdeelt de middelen hiervoor. Vanaf 2023 ontvangt elke gemeente deze middelen. Daarnaast is de Wet Verplichte GGZ (WVGGZ)25 met ingang van 2020 in werking getreden. Maatschappelijke opvang, beschermd wonen en WVGGZ Onder de Wmo 2015 moet de gemeente passende maatwerkvoorzieningen bieden aan mensen die beschermd wonen (BW) of maatschappelijke opvang (MO) nodig hebben door psychische of psychosociale problemen of omdat zij de thuissituatie hebben verlaten, al dan niet in verband met risico’s voor hun veiligheid door huiselijk geweld. De WVGGZ maakt het mogelijk dat inwoners iemand kunnen aanmelden als zij zich zorgen maken en denken dat iemand verplicht GGZ nodig heeft. a. Wat willen we bereiken? Voor Beschermd Wonen (BW) en Maatschappelijke opvang (MO) zijn ambities geformuleerd die zich richten op preventie, hersteltrajecten op maat en het versterken van zelfstandig wonen.
In de visie ‘Herstel en participatie: toekomstvisie kwetsbare inwoners regio WestFriesland 2018-2023’26 staat als hoofdopgave benoemd: het bijstaan van kwetsbare inwoners in het herstellen en versterken van de eigen regie en bij participatie aan de samenleving. In de toekomstvisie staan tien uitgangspunten genoemd. Wij bieden op basis van de WVGGZ tijdig preventief zorg en hulp aan psychisch kwetsbare inwoners. Zo voorkomen we dat de situatie uitgroeit tot een (multi-) complexe casus. b. Wat doen we hier al voor? - In 2019 hebben alle raden in de regio Westfriesland het integraal advies doordecentralisering van BW en MO Westfriesland overgenomen. Daarmee dragen aan het herstellen en versterken van kwetsbare inwoners. - In het najaar van 2018 is in opdracht van de Stuurgroep personen met verward gedrag van de Veiligheidsregio NHN gestart met het project ‘Aanpak verwarde personen met een veiligheidsrisico’. Er worden momenteel 40 casussen gevolgd via de persoonsgerichte aanpak. Hiermee zorgen we voor een sluitende ketenaanpak rondom de kwetsbare inwoners. - GGD Hollands Noorden voert de gemeentelijke taken en verantwoordelijkheden binnen de WVGGZ (verkennend onderzoek en hoorplicht) uit - We hebben sinds 2020 een gemeentelijk meldpunt voor signalen van overlast en een consulent die aandachtsfunctionaris WVGGZ is.
Zo bieden we tijdig preventief zorg en hulp aan psychisch kwetsbare inwoners. - De regionale pilot uitstroom Westfriesland is medio 2020 geëvalueerd. Daaruit komt naar voren dat er draagvlak is voor continuering van de samenwerking. c. Waar zetten we nog meer op in? De taken Beschermd Wonen en Beschermd Thuis worden in het hele land doorgedecentraliseerd, op basis van landelijk vastgestelde kaders. Waar de verantwoordelijkheid voor de uitvoering van deze taken eerder bij Hoorn als centrumgemeente lag, is de 25 26
https://wetten.overheid.nl/BWBR0040635/2022-01-01
https://regiowestfriesland.nl/sites/default/files/2018-09/Toekomstvisie%20kwetsbare%20inwoners%20regio%20WestFriesland%202018-2023.pdf
inhoudelijke verantwoordelijkheid vanaf 2022 bij de gemeenten zelf komen te liggen. Vanaf 2024 wordt ook de financiële verantwoordelijkheid aan regiogemeenten overgedragen. In Westfriesland is besloten om de taken voor Beschermd Wonen en Beschermd Thuis gezamenlijk te blijven uitvoeren (raadsbesluit doordecentralisatie 25 mei 2020). Verder ontwikkelen we een structurele samenwerkingsstructuur van gemeenten en ketenpartners uit het zorg- en veiligheidsdomein, waarbij met een persoonsgerichte aanpak gewerkt wordt. Zo zorgen we voor het bijstaan van kwetsbare inwoners in het herstellen en versterken van de eigen regie en bij participatie aan de samenleving. Daarnaast willen we blijven inzetten op de versterking van de regionale samenwerking. Afspraken worden gemaakt tussen de Westfriese gemeenten over de werkwijze van, en afstemming tussen, de regionale toegang en de lokale toegang. Verder is normalisatie ook bij de MO/BW een focuspunt; de opvang en begeleiding zou zo nabij de eigen omgeving als mogelijk (en wenselijk) moeten zijn. Dat houdt onder andere in dat we streven naar betere spreiding van passende locaties in Westfriesland en voldoende uitstroomplekken.
5.12 Samenwerking met zorgverzekeraars In dit Wmo beleidsplan staat een zo integraal mogelijke werkwijze centraal. Dit geldt ook voor de samenwerking met zorgverzekeraars. Samenwerking tussen deze partijen is nodig omdat de toenemende vergrijzing, oplopende arbeidsmarkttekorten en stijgende kosten de houdbaarheid van de zorg en ondersteuning onder druk zetten, zowel in de curatieve en langdurige zorg als in het sociaal domein. De vraag naar zorg en ondersteuning neemt toe, vooral door de toename van het aantal chronisch zieken in combinatie met de vergrijzing en ontgroening. a. Wat willen we bereiken? Een zo efficiënt mogelijke samenwerking, waarin de zorgverzekeraars en de gemeente elkaar aanvullen en bijstaan waar dat nodig is. b. Wat doen we hier al voor? Er is door de gemeenten in Noord-Holland Noord en VGZ opdracht gegeven voor een een Samenwerkingsagenda 2022-2024 met daarin de belangrijkste domein overstijgende maatschappelijke opgaven in Noord-Holland Noord. In deze samenwerkingsagenda wordt uitgegaan van het gedachtengoed van de juiste zorg op de juiste plek, waarin de beweging van ziekte en zorg naar gezondheid en gedrag benadrukt.
Daarbij komen drie doelen naar voren: De stijging van de zorgkosten afremmen of zelfs doen dalen, een zo positief mogelijk effect op de gezondheid van zoveel mogelijk inwoners bereiken en de kwaliteit van de zorg zoveel mogelijk verbeteren. c. Waar zetten we nog meer op in? De bovenregionale samenwerkingsagenda wordt per gemeente geconcretiseerd en uitgevoerd. Daarnaast werken we samen met de zorgverzekeraar binnen de Taskforce wonen en zorg.
5.13 Een veilig thuis Wat willen we bereiken? Huiselijk geweld en kindermishandeling is de meest voorkomende vorm van geweld in Nederland. Deze problematiek heeft grote negatieve gevolgen voor het welzijn van de betrokken personen en voor de maatschappij in zijn geheel. Het is een hardnekkig probleem dat vaak van generatie op generatie wordt overgedragen. Om het patroon van geweld te doorbreken is een multidisciplinaire en systeemgerichte aanpak cruciaal. Dit vereist nauwe samenwerking tussen gemeenten, inwoners, hulpverlening, maatschappelijke organisaties, politie en justitie. Wat doen we hier al voor? Op het gebied van huiselijk geweld voert Veilig Thuis voor ons de wettelijke taak uit. Als zij een signaal krijgen over een onveilige situatie geeft Veilig Thuis advies en ondersteuning. , Indien nodig wordt een veiligheidsbeoordeling gemaakt, onderzoek gedaan of een overdracht naar een zorgverlener of lokale teams. Er zijn samenwerkingsafspraken tussen Veilig Thuis en Ons Stede Broec en daarnaast werkt Veilig Thuis samen met de Blijf-groep, de Raad voor de Kinderbescherming, de Integrale Crisis Dienst, de rechtbank en de politie. De medewerkers binnen Team Inzet en (de) aandachtsfunctionaris(sen) worden allen getraind in de meldcode, om huiselijk geweld zo snel mogelijk te signaleren en om veiligheid te waarborgen.
In juli 2020 is de regiovisie aanpak huiselijk geweld en kindermishandeling Noord-Holland Noord 2020-2023 gepubliceerd. In deze visie worden de actielijnen uit het landelijke programma Geweld hoort nergens thuis vertaald naar een Noord-Holland Noord visie. Dit wordt aangevuld met een visie op preventie. De actielijnen zijn Preventie, Eerder en beter in beeld, Stoppen en duurzaam oplossen en Aandacht voor specifieke groepen. De actielijn Preventie richt zich op het voorkomen van huiselijk geweld en kindermishandeling door risico’s op huiselijk geweld te signaleren en hierop te reageren. Voorlichting wordt ingezet om het probleem bespreekbaar te maken onder de algemene bevolking. Tijdens de voorlichting wordt bijvoorbeeld aandacht besteed aan sociale normen met betrekking tot het toepassen van geweld in de opvoeding en aan de risicofactoren voor huiselijk geweld en kindermishandeling. Voorbeelden van risicofactoren zijn armoede, schulden, overmatig drankgebruik of andere vormen van verslaving. In huishoudens waar deze risicofactoren aanwezig zijn, wordt tijdig ondersteuning geboden. Ook kinderen worden geïnformeerd met betrekking tot hun rechten op een veilige thuissituatie. De actielijn Eerder en beter in beeld heeft als doel huiselijk geweld zo vroeg mogelijk te signaleren en adequaat te reageren.
Het tijdig signaleren van huiselijk geweld en kindermishandeling is van belang om schade te voorkomen. Onderdeel hiervan is de Meldcode. De meldcode Huiselijk geweld en kindermishandeling helpt professionals met het signaleren en handelen bij (vermoedens van) huiselijk geweld of kindermishandeling. Een ander belangrijk onderdeel is het verminderen van handelingsverlegenheid; het doel is het voorkomen dat de professional niet handelt of weet te handelen ondanks dat er zorgen of signalen zijn over de betreffende jeugdige, volwassenen en/of oudere. Hiervoor is bewustwording nodig, vaardigheden om het geweld bespreekbaar te maken en deskundigheid over hoe te handelen. De actielijn Stoppen en duurzaam oplossen heeft als uitgangspunt het geweld zo snel mogelijk en duurzaam stoppen, schade beperken en herstel bevorderen, zodat nieuwe ontwikkelingskansen ontstaan voor de betrokkenen. Geweld wordt zo snel mogelijk gestopt, en er wordt een stabiele en duurzame veiligheid gecreëerd. Er wordt gewerkt volgens het principe ‘één gezin, één plan, één regisseur’. Professionals werken hiervoor samen op basis van wat het gezin nodig heeft. Alle gezinsleden en hun sociale netwerk zijn betrokken. Er
wordt zoveel mogelijk uitgegaan van eigen kracht en eigen regie. Het welzijn van de slachtoffers en plegers wordt over langere tijd gemonitord en er wordt voldoende aandacht besteed aan herstelzorg. Door het bieden van monitoring en herstelzorg kan recidive in de toekomst worden voorkomen. De laatste actielijn is Aandacht voor specifieke groepen. Die zich richt op extra kwetsbare groepen met specifieke problemen. Voor een aantal doelgroepen met specifieke problemen is een specifieke aanpak of specifieke expertise nodig. Het gaat om groepen die extra kwetsbaar zijn. De gemeenten in Noord Holland Noord vinden het belangrijk dat er in de aanpak van huiselijk geweld en kindermishandeling aandacht is voor en kennis is van deze kleinere en grotere doelgroepen. Dit betreft in ieder geval: -
Kinderen in kwetsbare opvoedsituaties (ouders met een verstandelijke beperking of psychische problematiek) Kinderen bij complexe scheidingen Slachtoffers van ouderenmishandeling, inclusief financiële ouderenmishandeling Slachtoffers van loverboyproblematiek en mensenhandel Mannelijke slachtoffers
Een concrete uitwerking van deze actielijn is het regionaal georganiseerde Scheidingsplein, waar veel aandacht is voor de positie van kinderen. Daarnaast wordt vanuit de doorontwikkeling van de samenwerking met gecertificeerde instellingen veel nadruk gelegd op de positie van kinderen in kwetsbare opvoedsituatie, waarbij het niet alleen gaat om verstandelijk of psychische beperkingen, maar ook om verslavingsproblematiek, verlies van baan, etc. Ook ervaringsdeskundigen worden ingezet bij o.a. Ons Stede Broec om sensitiviteit voor problematiek te verbeteren. De laatste drie doelgroepen zullen onder de aandacht worden gebracht van o.a. team Inzet door middel van voorlichtingsbijeenkomsten; deze zullen regionaal opgezet worden. Altijd wordt er samengewerkt aan drie achtereenvolgende doelen: directe veiligheid, stabiele veiligheid en herstel. Om de cirkel van geweld duurzaam te doorbreken is er eerst directe veiligheid nodig. Daarna is er ruimte om de oorzaken aan te pakken door middel van risicogestuurde zorg. Vervolgens kan er gewerkt worden aan herstel van (ontwikkelings-) schade. Dit betekent dat er in vijf fases wordt samen gewerkt namelijk: 1. Werken aan directe veiligheid met een veiligheidsplan. 2. Werken aan stabiele veiligheid met een hulpverleningsplan voor risicogestuurde zorg. 3.
Werken aan herstel van de ontwikkeling van de individuele gezinsleden met herstelplannen voor trauma-geïnformeerde en herstelgerichte zorg. 4. Werken aan stabilisatie door het evalueren en bijstellen van eerder gestelde doelen. 5. Werken aan het leren omgaan met terugval met een toekomstplan. c. Waar zetten we nog meer op in? We blijven doorgaan met het uitvoeren van de samenwerkingsagenda.
6. Evaluatie Dit beleidskader geldt vanaf 2023 en beschrijft het beleid voor de komende jaren. Elke twee jaar wordt verslag gedaan in hoeverre de in dit plan genoemde ambities zijn gerealiseerd of moeten worden geactualiseerd. Mochten er ontwikkelingen zijn die tussentijds aanpassing of aanscherping vragen van dit beleidskader, dan zullen wij het beleidskader bijstellen.
7. Financiële beheersbaarheid van de Wmo-uitgaven We willen zorgen voor een inclusieve samenleving, een vitale gemeenschap en passende ondersteuning voor inwoners die het nodig hebben. Maar de kosten van de Wmo maatwerkvoorzieningen stijgen en zullen waarschijnlijk niet binnen afzienbare tijd afnemen. De Rijksbijdrage stijgt niet mee met onze kosten. Dit vraagt om maatregelen om de kosten beheersbaar te houden. De Wmo is een open-eind-regeling: wanneer iemand recht heeft op ondersteuning, mag de gemeente de verstrekking feitelijk niet weigeren. Door de landelijke ontwikkelingen zoals bijvoorbeeld vergrijzing, is het aannemelijk dat we de komende jaren meer geld uitgeven aan Wmo-arrangementen. We proberen deze kosten echter zo veel mogelijk te beperken, bijvoorbeeld door te investeren in preventie. De netto lasten van het sociaal domein zijn voor gemeenten afgelopen jaren flink gestegen. De lastenstijging heeft verschillende oorzaken. Enerzijds maken meer inwoners gebruik van maatschappelijke ondersteuning, onder andere als gevolg van de invoering van het abonnementstarief en vergrijzing. Anderzijds stijgen de lasten van de zorg zelf ook. De VNG heeft in een miniprognose27 het gemiddelde beroep op de Wmo in vijf jaar uitgevraagd bij enkele gemeenten. Die lijn is doorgetrokken naar de toekomst en vermenigvuldigd met de gemiddelde kosten per cliënt.
Dat laat een verwachte stijging van Wmo-kosten van ongeveer 7% per jaar. We zien de afgelopen jaren een toename van de uitgaven van maatwerkvoorzieningen binnen de Wmo in Stede Broec. De uitgaven vanaf 2018 zijn in vergelijking met de uitgaven in 2022 gestegen met ruim €1.975.000, hoofdzakelijk veroorzaakt door stijgende uitgaven op de arrangementen. Werkelijk
Werkelijk
Werkelijk
Werkelijk
Begroot
Werkelijk t/m
Prognose
2018
2019***
2020
2021**** 9.000
2022
14-02-23*****
3.949.700
-
2022 -
3.719.778
3.870.000 10.000
Maatwerkcontracten Arrangementen*
1.861.000
2.241.000
2.791.000
3.320.000
Financiële tegemoetkoming
20.000
9.000
12.000
8.500
12.200
9.500
Huishoudelijke hulp toelage
15.000
22.000
28.000
28.000
28.700
22.528
25.000
Rolstoelvoorzieningen
163.000
193.000
203.000
150.000
202.100
141.827
150.000
3.000
12.000
18.000
31.000
20.200
12.288
15.000
Verblijf tijdelijk
0
0
0
15.500
-
23.095
25.000
Vervoersvoorzieningen
179.000
260.000
180.000
184.500
200.500
224.901
220.000
Woonvoorzieningen
178.000
164.000
153.000
150.500
167.100
240.185
155.000
2.419.000
2.901.000
3.385.000
3.897.000
4.580.500
4.394.102
4.470.000
Vervoersdiensten**
*Om de jaren 2018 t/m 2021 met elkaar te kunnen vergelijken, zijn de categorieën Wmo voorzieningen uit de oude inkoop die in de nieuwe inkoop in een arrangement zouden zitten samengevoegd en onder arrangementen weergegeven. ** Vervoersdiensten is een nieuwe hoofdgroep en dit zijn de vervoersindicaties van en naar de dagbesteding. Tot 2021 waren deze kosten deels onderdeel van de oude producten die nu onder een arrangement vallen en deels onderdeel van de vervoersvoorzieningen. *** Per jaar zijn de uitgaven weergegeven die op dat jaar betrekking hebben gehad. De lasten die in 2019 zijn betaald over 2018 zijn in de kolom 2018 opgenomen. **** Naar aanleiding van de jaarrekeningcontrole / productieverantwoordingen zijn de cijfers 2021 aangepast t.o.v. de prognose uit de 4e kwartaalrapportage 2021. ***** De werkelijke kosten in 2022, voor zover bekend tot 14 februari 2023. Deze kosten zouden nog hoger kunnen uitvallen door declaraties van aanbieders die na deze datum worden ontvangen
27
VNG (2020), De gevolgen van vergrijzing in Nederland voor gemeenten: Een prognose
7.1 Investeren in preventie Omdat de stijgende uitgaven vooral worden veroorzaakt door arrangementen, is het belangrijk om in te zetten op preventie zodat deze stijging zo veel mogelijk kan worden gedempt. Investeren in preventie kan leiden tot minder druk op de maatwerkvoorzieningen. Het is echter moeilijk om goed te meten welke preventieve maatregelen daadwerkelijk leiden tot minder druk op maatwerkvoorzieningen en wat deze preventieve maatregelen dus uiteindelijk besparen. Er zijn veel variabelen en daarnaast zijn de effecten vaak pas op langere termijn zichtbaar. Meer datagestuurd werken kan hierbij helpen, maar dat vraagt ook om een investering. Hieronder is te zien welke preventieve activiteiten we gaan uitvoeren. Veel van deze preventieve activiteiten kosten niet direct geld, maar vooral ambtelijke capaciteit. Ook hanteren we in sommige gevallen een andere werkwijze, en proberen we op die manier kosten te besparen. Voorbeelden hiervan zijn de werkwijze rondom positieve gezondheid en het inzetten op meer samenwerking tussen de domeinen Jeugd en Wmo. -
Investeren in een goede basisstructuur van voorzieningen, verenigingen en ontmoeting Investeren in mantelzorg Investeren in vrijwilligers Investeren in positieve gezondheid Investeren in een goede overgang van 18- naar 18+ jaar Investeren in voldoende geschikte woningen Investeren in toegankelijke kernen en gebouwen
7.2 Rekening houden met stijgende kosten Ontwikkelingen zoals vergrijzing zal de vraag naar Wmo voorzieningen doen stijgen. We zullen in de P&C cyclus rekening moeten houden met deze kosten.
7.3 Niet meer uitvoeren van de bovenwettelijke regelingen Een van de sturingsmogelijkheden is dat de gemeente alleen de wettelijke taken van de Wmo uitvoert. Dit betekent concreet dat onderstaande regelingen/voorzieningen niet meer worden uitgevoerd. - Kwijtschelding eigen bijdrage Wmo voor minima De eigen bijdrage voor de Wmo bedraagt €19,- per maand. Voor inwoners met minder inkomen dan 120% van de bijstandsnorm wordt deze eigen bijdrage kwijtgescholden. - Financiële tegemoetkoming meerkosten voor minima met een chronische ziekte. Inwoners met een chronische ziekte hebben meer kosten, bijvoorbeeld energiekosten omdat zij door hun ziekte in een warme omgeving moeten zijn, of aan wegwerpartikelen zoals verband of incontinentiemateriaal. Inwoners met minder inkomen dan 120% van de bijstandsnorm krijgt hiervoor een financiële tegemoetkoming van €250,- per jaar. - De huishoudelijke hulp toelage (HHT) voor mantelzorgers. Mantelzorgers krijgen een HHT zodat zij een deel van hun huishoudelijk werk kunnen uitbesteden om overbelasting te voorkomen. De kosten en begroting van de jaren 2020, 2021, 2022 en 2023, en dus de mogelijke besparing, zijn weergegeven in onderstaande tabel.
Financiële tegemoetkoming meerkosten HHT voor mantelzorgers Kwijtschelding eigen bijdrage voor minima
2020
2021
2022
€29.500
€9.750 €28.600 €68.400
€10.500 €21.000 €84.360
2023 (begroot) €12.661
Bron: eigen gegevens
7.4 Anders werken Het vraagt van alle partijen om anders te kijken naar de interpretatie van de Wmo. - De gemeente kan strenger aan de poort zijn. Maar dit vraagt wel de aanwezigheid van voorliggende voorzieningen om naar te verwijzen. - Inwoners zelf voorzieningen laten treffen voor hun ouderdom. Bewustwording bij inwoners dat de gemeente niet langer alle ouderdomsvoorzieningen kan financieren moet hoger. Een voorbeeld hiervan is de campagne en website Lekker blijven wonen. - De samenwerking met de medische wereld moet gericht zijn op het gezamenlijk doel van gezonde inwoners. Dat we nu zijn begonnen met Welzijn op Recept is daar een goede start van. - Mogelijk hardere keuzes maken worden over de rol van de gemeente en waar die stopt. - Besluiten over bouwen en wonen moeten meer in samenhang worden gezien met de aanwezige of nodige voorzieningen. Hier wordt ook op ingezet vanuit de Taskforce Wonen en Zorg.
8. Uitvoeringsplan In het beleidsplan is besproken welke koers wij de aankomende jaren willen varen op het gebied van de Wmo. Dit beleidsplan werkt als kapstok, waaraan we verschillende activiteiten kunnen ophangen die bijdragen om de doelen uit het beleidsplan te behalen. Deze activiteiten worden uiteengezet in dit uitvoeringsplan. Veel van de activiteiten worden nu al uitgevoerd, een paar staan op de agenda voor de komende jaren. Alle genoemde activiteiten worden ook benoemd en (kort) beschreven in het beleidsplan, meer informatie is te vinden in het betreffende hoofdstuk. Naast bovengenoemde lopende zaken en activiteiten, zijn er nog veel verschillende andere mogelijkheden om doelen uit het beleidsplan te behalen. Een aantal andere mogelijkheden zijn uiteengezet in het initiatievenplan. Deze initiatieven kunnen we in de komende jaren implementeren, om daarmee verdere verbeteringen door te voeren en om de doelstellingen uit het Wmo beleidsplan nog beter en sneller te behalen. Daarnaast spelen we met deze aanvullende initiatieven in op nieuwe ontwikkelingen en (ernstigere) problematiek. De initiatieven variëren van licht tot zwaar, van een korte tot een langere doorlooptijd, van operationeel tot strategisch, van meer individueel tot collectief en van makkelijk implementeerbaar tot meer ingrijpend.
De komende jaren kunnen deze initiatieven verdeeld over de tijd worden ingezet om de gestelde doelen te behalen. Er zullen keuzes gemaakt moeten worden over welke initiatieven als eerst worden ingezet, welke later, en welke naast elkaar worden ingezet. Er kan ook voor worden gekozen om dit in samenspraak met de gemeente Drechterland en Enkhuizen te doen. Als blijkt dat een bepaald initiatief in een bepaalde gemeente goed werkt, kan ervoor worden gekozen om dit initiatief ook in een andere gemeente in te zetten. Het is aan het college om een keuze te maken welke initiatieven zij wanneer willen implementeren, met de input en het advies van de raad. Er wordt nu nog geen keuze gemaakt voor initiatieven. De initiatieven zijn nu beknopt uitgeschreven, als er door het college en de raad voor een initiatief wordt gekozen, zal er een uitgebreid projectplan worden geschreven en hieruit volgt het aanvullende uitvoeringsplan. Op basis van nieuwe ontwikkelingen of inzichten kunnen de huidige initiatieven worden aangepast en/of nieuwe initiatieven worden toegevoegd.
Inclusie Doel: Activiteiten en voorzieningen zijn zoveel mogelijk toegankelijk voor alle inwoners We werken samen met de werkgroep Toegankelijkheid van de Wmo- Doorlopend adviesraad Stede Broec We maken gebruik van een richtlijn Fysieke toegankelijkheid Doorlopend openbare ruimte en richtlijn Fysieke toegankelijkheid gebouwen We ontwikkelen een Lokale Inclusie Agenda28 Gestart, 2023
28
In de bijlage zijn er nog geen initiatieven voor de doelstelling Inclusie opgenomen, omdat wij hiervoor uitkomsten van de Lokale inclusie agenda willen afwachten. Zodra het mogelijk is, laten wij de uitkomsten onderdeel uitmaken van uitvoeringsplan.
Ons Stede Broec Doel: Een samenleving waarin iedereen meetelt en meedoet We financieren stichting Ons Stede Broec, die preventieve activiteiten aanbiedt die bijdragen aan het eerder opsporen en behandelen van hulpvragen van inwoners
Doorlopend
Een sterke basis Doel: Versterken van de sociaal-culturele basis infrastructuur om de zelfredzaamheid van inwoners te versterken We faciliteren (door middel van subsidie) maatschappelijke voorzieningen en activiteiten op het gebied van sport, jeugd, cultuur, educatie of maatschappelijk welzijn We zetten in op het eerder signaleren en tegengaan van eenzaamheid Wijkfunctionaris Op de rit Welzijn op recept
We willen een dementievriendelijke gemeente worden
Doorlopend
Doorlopend Gestart in 2021 als pilot, verlengd Gestart in 2022, na evaluatie verder uitrollen 2023 e.v.
Clientondersteuning Doel: Inwoners met een hulpvraag kunnen zich laten bijstaan door onafhankelijke clientondersteuning We financieren verschillende aanbieders die zich richten op specifieke doelgroepen zodat elke cliënt een ondersteuner kan vinden die bij hem past We creëren meer bekendheid rondom onafhankelijke clientondersteuning
Doorlopend
2023 e.v.
Mantelzorgondersteuning Doel: Mantelzorgers in beeld hebben zodat we ze kunnen ondersteunen en inzet van mantelzorgers ondersteunen en waarderen We bieden mantelzorgondersteuning door o.a. een mantelzorgcoach, respijtmedewerker en lotgenotencontact We subsidiëren het Kennisplatform Mantelzorg West-Friesland We bieden een Huishoudelijke Hulp Toelage We bieden jaarlijks een mantelzorgcompliment We zetten in op het bereiken van nog meer mantelzorgers door goede en brede communicatie om met mantelzorgers in gesprek te gaan
Doorlopend Doorlopend Doorlopend Doorlopend 2023 e.v.
Vrijwillige inzet Doel: Vrijwilligerswerk stimuleren, faciliteren en waarderen We steunen organisaties die volledig draaien op de inzet van vrijwilligers d.m.v. subsidies We subsidiëren Vrijwilligerspunt Westfriesland We hebben een Bedankt vrijwilligers campagne We gaan vanuit Vrijwilligerspunt aan de slag om inwoners te stimuleren zich in te zetten als vrijwilliger
Doorlopend Doorlopend Doorlopend 2022 e.v.
Wonen en zorg Doel: Een integraal beleid ontwikkelen op het gebied van wonen en zorg We nemen actief deel aan de taskforce Wonen & Zorg Westfriesland We betalen mee aan de campagne en website Lekker blijven wonen We gaan een woonzorgvisie ontwikkelen
Gestart 2022 Gestart 2021, doorlopend Vanaf 2023
Positieve gezondheid Doel: Activiteiten en voorzieningen zijn zoveel mogelijk toegankelijk voor alle inwoners Door de hele organisatie wordt het gedachtegoed van positieve Doorlopend gezondheid gehanteerd We stellen subsidie beschikbaar aan aanbieders van activiteiten voor Doorlopend kwetsbare doelgroepen We willen meer inzetten op mogelijkheden om gezondheid, welzijn, 2023 e.v. preventie, zorg en participatie (meer) met elkaar te verbinden
Wmo en Jeugdhulp Doel: Een naadloze overgang van de zogenaamde 18-/18+ doelgroep In de regio wordt gewerkt met het Model soepele overgang 18-/18+ om continuïteit van zorg en ondersteuning te waarborgen Praktijk, voortzetten van huidig beleid We willen meer inzetten op de samenwerking tussen de domeinen Jeugd en Wmo
Doorlopend
2023 e.v.
Aanvullende ondersteuning voor wie dat nodig heeft Doel: Aanvullende individuele ondersteuning bieden aan wie dat nodig heeft om zelfstandig te kunnen blijven functioneren We bieden arrangementen en andere maatwerkvoorzieningen We bieden collectief vraagafhankelijk vervoer: Regiotaxi We bieden de regeling Ondersteuning voor mensen die aannemelijke meerkosten maken We zijn onderdeel van een werkgroep voor de inkoopstrategie voor Wmo en Jeugdhulp
Doorlopend Doorlopend Doorlopend 2023
We voeren een inkomensafhankelijke eigen bijdrage in voor huishoudelijke hulp We voeren de regionale verbeteragenda uit Ons Stede Broec heeft de pilot “versterken eerste lijn” gestart
2025 Vanaf 2023 2022- 2023
Een vangnet voor dak- en thuislozen Doel: Het bijstaan van kwetsbare inwoners in het herstellen en versterken van de eigen regie en bij participatie aan de samenleving GGD Hollands Noorden voert de gemeentelijke taken en Doorlopend verantwoordelijkheden binnen de WVGGZ (verkennend onderzoek en hoorplicht) uit We hebben sinds 2020 een gemeentelijk meldpunt voor signalen van Doorlopend overlast en een consulent die aandachtsfunctionaris WVGGZ is. Zo bieden we tijdig preventief zorg en hulp aan psychisch kwetsbare inwoners.
Samenwerking met zorgverzekeraars Doel: Een zo efficiënt mogelijke samenwerking, waarin de zorgverzekeraars en de gemeente elkaar aanvullen en bijstaan waar dat nodig is We hebben opdracht gegeven voor de samenwerkingsagenda We werken samen in de Taskforce wonen en zorg Verdere concretisering en uitvoering van de Samenwerkingsagenda gemeenten Noord-Holland Noord en VGZ
2022 2022 e.v. 2022 e.v.
Een veilig thuis Doel: Een multidisciplinaire en systeemgerichte aanpak van huiselijk geweld en kindermishandeling We voeren de actielijnen uit de regiovisie aanpak huiselijk geweld en kindermishandeling Noord-Holland Noord uit We trainen medewerkers aandachtsfunctionaris(sen) in de meldcode We blijven doorgaan met de uitvoering van de regiovisie
t/m 2023 2022 e.v. t/m 2023
Bijlage. Initiatievenplan 1. Sporten met QR code 2. Doorstroomsupporter 3. Pilot met ‘Eigen plan’ als onafhankelijke clientondersteuning 4. Nieuw beleidsveld 16-27 jarigen 5. Stop het stapelen 6. Pilot Algemene voorziening huishoudelijke hulp 7. ‘Reablement’ 8. Omgekeerde toets sociaal domein (Stimulansz) 9. ‘Dagbesteding’ voor mensen met een lichte vorm van dementie 10. Mantelzorg-middag 11. Valpreventie trainingen 12. Sportpas
Sporten met QR code 1 Toelichting Sporten met een QR code kan mensen motiveren om meer te gaan bewegen. Sporten met een QR-code houdt in dat er een beweegroute is uitgezet, waarlangs paaltjes met QR-codes staan. De gebruiker wandelt of hardloopt de route, en bij het scannen van een QR-code komt er een lichamelijke oefening tevoorschijn die de gebruiker kan uitvoeren. 2 Doelstelling(en) Positieve gezondheid: De gezondheid van de huidige inwoners bevorderen. 3 Verwachte resultaten Inwoners gaan meer bewegen, waardoor zij gezonder worden. 4 Baten Gezonde mensen kunnen gemakkelijker participeren, en we verwachten dat actieve mensen minder gebruik zullen (gaan) maken van Wmo-voorzieningen. 5 Randvoorwaarden Er moet een goede locatie worden gevonden voor het inrichten van de beweegroute. 6 Partners Sportservice, lokale sportverenigingen, recreatieschap, QR-fit. 7 Kosten en/of capaciteit QR-fit is de organisatie die dit beweegconcept heeft ontwikkeld, om het door hen te laten uitvoeren kost tussen de €9.000,- en €12.000,-, afhankelijk van het aantal QR-codes op de route. De prijzen van de QR-FIT pakketten zijn voor het gebruik van jaar 1. Doordat QR-FIT een blijvend doorontwikkelde dienst is, worden de daaropvolgende jaren licentiekosten berekend voor het gebruik en de doorontwikkeling van deze dienst.
QR-FIT biedt verschillende licentievormen aan waaronder een vrij eenvoudige licentievorm met alleen gebruik en doorontwikkeling van de app, inzicht in gebruiksresultaten en licentieprijs van de producten. Maar ook uitgebreide licentievormen met jaarlijks onderhoud, jaarlijks terugkerende promotie of een ‘all-in’ licentievorm waar al deze onderdelen in terugkomen. De licentiekosten variëren van €140,- tot €295,- per maand, excl. BTW (prijzen 2022). Mogelijk kan het opzetten van sporten met een QR-code door de gemeente zelf worden gedaan. Dit kan worden onderzocht. 8 Risico’s Omdat de QR-codes zich in de openbare ruimte bevinden, bestaat er een risico op vandalisme. 9 Overige relevante informatie N.v.t.
Doorstroomsupporter 1 Toelichting Door de krapte op de huizenmarkt is goede doorstroming belangrijk. Soms komt het voor dat ouderen wel wíllen verhuizen, maar dat zij door alle bomen het bos niet meer zien en het daardoor niet aandurven. Een doorstroomsupporter kan daarbij helpen. Deze komt langs om op een rustiger manier te helpen met het inpakken van alle spullen. Omdat oudere mensen vaak al langere tijd, soms al 50 jaar, in één huis wonen, hebben zij in de loop der tijd veel verzameld. Een doorstroomsupporter gaat samen met de oudere alle spullen langs, om uit te zoeken en in te pakken. Ook zien ouderen vaak op tegen alle administratieve wijzigingen die moeten worden gedaan, zoals het afsluiten van abonnementen en het doorgeven van adreswijzigingen. Ook hier kan de doorstroomsupporter bij helpen, bijvoorbeeld door middel van een checklist die zij samen afwerken. In het “programma wonen en zorg voor ouderen” van het Ministerie van VWS van november 2022 staat dat ouderen erover nadenken te verhuizen, maar hier belemmeringen in zien. Wanneer de belemmeringen opgeheven kunnen worden, stromen zij door naar een kleinere, geschikte woning. 2 Doelstelling(en) Een sterke basis: Het versterken van de sociaal-culturele basis infrastructuur om de zelfredzaamheid van inwoners te versterken. Daarnaast raakt dit initiatief ook het onderwerp Wonen en Zorg.
3 Verwachte resultaten Mensen verhuizen eerder naar een toekomstbestendige woning, waardoor de doorstroom op de woningmarkt wordt bevorderd en maken zij ruimte voor gezinnen. De kleinere woningen behoeven doorgaans weinig of geen aanpassingen wanneer zich lichamelijke ongemakken voor beginnen te doen doordat zij bijvoorbeeld gelijkvloers en drempelvrij zijn. 4 Baten Als inwoners sneller doorstromen naar een toekomstbestendige woning, worden er mogelijk minder vergoedingen voor woningaanpassingen aangevraagd. 5 Randvoorwaarden Er moeten geschikte woningen beschikbaar zijn waar de ouderen naartoe kunnen doorstromen. Vrijwilligers moeten zich aanmelden als inpakmaatje. Ook moet de vrijwilligersactiviteit worden onder gebracht bij een organisatie, die zorgt voor de begeleiding van de vrijwilligers. vrijwilligersorganisatie. 6 Partners De inpakmaatjes zijn vrijwilligers. Consulenten kunnen helpen met het creëren van bekendheid en het in beeld brengen van mensen die een inpakmaatje kunnen gebruiken. Daarnaast moet worden samengewerkt met een organisatie die de vrijwilligersbegeleiding op zich kan nemen. Het vrijwilligerspunt kan helpen met het vinden van vrijwilligers. 7 Kosten en/of capaciteit Inpakmaatjes krijgen een vrijwilligersvergoeding van maximaal € 5,00 per uur, tot een maximum van € 180 per maand en tot een maximum van € 1.800 per jaar.