CConstaterende datStede Broec
Koppel je AI →
Document · PDF

Raadsvoorstel Recycleplan

Commissie Grondgebiedzaken 6 december 2021, gemeente Stede BroecBij agendapunt: Recycleplan2.983 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Voorstel aan de gemeenteraad Onderwerp: Zaaknummer:

Recycleplan 2022 – 2025

Commissie: Raadsvoorstel:

6 december 2021

Portefeuillehouder: Programma:

A.A.C. Groot 6: Milieu

Karakter:

Besluitvormend

Bijlagen:

939983

21 december 2021

-

Recycleplan 2022 – 2025 (incl. bijlagen) Raadsbesluit Recycleplan 2022-2025

Voorgesteld besluit: 1. Het Recycleplan 2022 – 2025 (inclusief geplande evaluatie in 2024) vast te stellen; 2. Het recycletarief (conform scenario 3) per 1 januari 2023 te introduceren; 3. Implementatie optimalisaties per heden te starten; 4. Grof vuil ophalen tegen betaling in te voeren; 5. Krediet van € 16.500 beschikbaar te stellen voor betonputten; 6. Project- en communicatiekosten HVC te verdisconteren in DVO tarief; 7. Gemeentelijke kosten implementatie (eenmalige kosten) a raison van € 110.000 te dekken uit de egalisatievoorziening afvalstoffenheffing.

Inleiding Met het oog op de landelijke milieudoelstellingen, verschillende ontwikkelingen in de afvalmarkt en stijgende verwerkingskosten is het van belang een aantal nieuwe stappen te zetten in het afvalbeheer. De eerder door de raad vastgestelde ontwikkelrichting, doelen en uitgangspunten worden in voorliggend Recycleplan 2022 – 2025 uitgewerkt. Beoogd effect Het Recycleplan is de uitwerking van de door raad op 28 november 2019 behandelde keuzenotitie Gemeentelijk Grondstoffenplan (GGP). Doel van het voorliggende plan is afvalscheiding te verbeteren en te komen tot een betere kostenbeheersing. Hiervoor zijn drie scenario’s uitgewerkt: 1) ongewijzigd beleid, 2) optimaliseren huidige inzameling en 3) optimaliseren en invoeren recycle-tarief. In het kader van afvalscheiding en kostenbeheersing wordt geadviseerd om te kiezen voor het derde scenario: invoeren recycletarief (per keer dat de grijze bak wordt aangeboden) en optimaliseren. Het optimaliseren van de inzameling bestaat onder o.a. het verbeteren van de inzamelprestaties gft/e, grof afval tegen betaling en het verruimen openingstijden Afvalbrengstations. De raad heeft eveneens gevraagd om een scenario waarin nascheiding wordt uitgewerkt. Uit de berekening van HVC blijkt dat dit scenario leidt tot € 246.941 aan structurele hogere afvalbeheerkosten en een stijging van 30 kg per inwoner per jaar extra restafval.

Eveneens is gekeken naar de mogelijkheid om een kleine PBD container te introduceren. Inschatting is dat deze de introductie van deze container leidt tot € 20.000 aan extra kosten voor administratie en levering. Tevens zijn de gevolgen van een Ja/ja sticker onderzocht. Al hoewel de Ja/ja sticker, onder voorwaarden, niet leidt tot lagere opbrengsten voor verenigingen, leidt het systeem tot hogere afvalbeheerkosten (circa € 10.000 per jaar). Bovenstaande in acht nemende wordt geadviseerd niet over te gaan op nascheiding, het introduceren van een kleine PBD bak en het invoeren van de Ja/ja sticker. Voor meer informatie betreffende deze onderwerpen, zie hoofdstuk 7 Recycleplan. Beleidsvrijheid / -ruimte (wettelijk kader) Het Nederlandse afvalbeleid wordt in belangrijke mate bepaald door het Europese afvalbeleid. De belangrijkste Europese richtlijn op het gebied van afval is de Kaderrichtlijn Afvalstoffen (2008/98/EG). In deze richtlijn wordt het Europese raamwerk weergegeven voor het beheer van afvalstoffen en aandacht besteed aan duurzaam afvalbeheer, preventie en hergebruik.

1

Landelijk en Europees wordt er steeds meer gekeken naar mogelijkheden voor een circulaire economie. Daarmee staat het afvalbeleid in het kader van het Rijksbrede programma circulaire economie. Landelijke en internationale ontwikkelingen zorgen voor fluctuerende verwerkingskosten op de afvalmarkt. wat betekent dat er doorlopend aandacht gegeven dient te worden aan een goede balans tussen milieu, kwaliteit van dienstverlening (service) en kosten. Op 28 november 2019 heeft de raad de keuzenotitie Gemeentelijk Grondstoffenplan vastgesteld, waarin zij de koers heeft vastgesteld. Uitgangspunt is om te komen tot 100 kg restafval per inwoner per jaar. In het beleidsplan zijn de drie gevraagde scenario’s uitgewerkt, te weten 1) ongewijzigd beleid, 2) optimaliseren huidige inzameling en 3) optimaliseren en invoeren recycletarief. Met de beleidsontwikkeling binnen de gemeente wordt rekening gehouden met de landelijke beleidskaders, de afvalmarkt en de ontwikkelingen bij buurgemeenten. Opmeer en Medemblik voeren naar verwachting met ingang van 1 januari 2022 een recycle-tarief in en zetten in op vergelijkbare aanvullende maatregelen. In Drechterland ligt, gelijktijdig met voorliggend besluit, het recycle-tarief voor. In Enkhuizen moet het Afvalbeleidsplan nog worden vastgesteld en wordt gekoerst op het optimaliseren van de inzameling.

Koggenland heeft voor de eerstkomende jaren gekozen voor het optimaliseren van de inzameling. In Hoorn worden verschillende scenario’s in beeld gebracht waaronder een recycle-tarief. Argumenten Actueel beleidsplan Tot 2020 lag de verantwoordelijkheid op het afvalbeleid bij het CAW. Het vigerende afvalbeleidsplan is in regionaal verband opgesteld en gedateerd. Sinds 2020 is de gemeente zelf weer bevoegd en daarmee aan zet om een eigen afvalbeleid te ontwikkelen en vast te stellen. Met het vaststellen van het Recycleplan wordt het beleid vastgesteld voor de periode 2022-2025. In plaats van Gemeentelijke Grondstoffenplan (GGP) is voor de naam Recycleplan gekozen omdat recyclen een ingeburgerde term is en refereert aan het positieve gevolgen van afval scheiden. Invoering recycletarief leidt tot de beste resultaten In vergelijking met ongewijzigd beleid (scenario 1) en alleen optimaliseren (scenario 2), leidt invoering van het recycletarief (scenario 3) tot de beste resultaten op het gebied van terugdringen restafval en kostenbeheersing. Het recycle-tarief wordt berekend per aanbieding (dus niet op basis van kilo’s). Met het oog op de kosten en de afvalscheiding wordt nascheiding afgeraden. In onderstaande tabel staan de belangrijkste gegevens uiteengezet.

Structurele kosten Eenmalige kosten Afvalscheiding (per inwoner per jaar) Service

1. Ongewijzigd beleid €0 €0 0

Tabel 1: Doorrekening beleid 2. Optimaliseren 3. Recycletarief en optimaliseren € -34.908 € -101.683 € 69.940 € 358.500 -8.78 kg -62.51 kg

7+

7+

7+

4. Nascheiding € 246.941 € 14.889 + 30 kg 7+

Milieudoelen worden behaald Met het recycle-tarief ontstaat een positieve prikkel: inwoners die hun afval goed scheiden worden beloond. Daarentegen betaalt degene die minder goed scheidt een hogere heffing (de vervuiler betaalt). Met het Recycleplan willen we zo min mogelijk restafval en zoveel mogelijk materiaalhergebruik realiseren tegen zo laag mogelijke kosten. Dit sluit goed aan op onze eigen ambities met betrekking tot de circulaire economie én de doelstellingen van het programma Van Afval Naar Grondstof waarbij wordt gestreefd naar 100 kilogram per inwoner per jaar. Kostenbeheersing wordt gerealiseerd Door ontwikkeling op de afvalmarkt is de verwachting dat de afvalbeheerkosten bij voortzetting van het huidige beleid verder stijgen. Dit komt grotendeels voort uit de relatief hoge kosten voor de verwerking van

2

restafval en de daarop toegepaste verbrandingsbelasting. Met de invoering van het recycle-tarief en het toepassen van verbeteringen in de huidige inzameling wordt een tegenwicht gegeven aan deze trend. Service blijft op huidig niveau Het huidige service niveau blijft geborgd. Daarnaast krijgen inwoners direct invloed op hun afvalstoffenheffing. Beproefd systeem Bijna de helft van de Nederlandse gemeenten maakt al gebruik van een financiële prikkel in de afvalinzameling, waaronder recent ook de Noord-Hollandse gemeenten Uitgeest, Castricum en Heiloo. De effecten zijn aantoonbaar: gemeenten met een recycletarief hebben gemiddeld lagere afvalbeheerskosten en betere milieuresultaten. Met het recycletarief wordt de landelijke doel van 100 kg per inwoner per jaar gehaald. Optimalisaties leiden tot minder afval en betere kostenbeheersing Het verbeteren van de inzameling zorgt voor betere afvalscheiding en minder kosten. Hiervan is de belangrijkste wijziging de inzameling van grof afval. Het aan huis opgehaalde grof afval gaat ongescheiden in de perswagen wat ten koste gaat van het scheidingpercentage. Daarnaast brengt de inzamelroute kosten met zich mee die verdeeld worden over alle inwoners. Het betalen voor het laten ophalen van een bank of tv (€ 20 per aanbieding) is in lijn met het een recycle-tarief: alleen degene die daadwerkelijk grof afval aan huis aanbiedt betaalt.

Zelf brengen van grof afval naar het afvalbrengstation (ABS) blijft gratis. Op deze manier wordt brengen van gescheiden grof huishoudelijk afval gestimuleerd en worden minder kosten gemaakt. Om de service uit te breiden zijn de openingstijden van ABS’en verruimd. Kanttekeningen / alternatieven Neveneffecten Het toevoegen van een prijsprikkel om scheidingsresultaten te verbeteren leidt naar verwachting tot enkele neveneffecten. Uit ervaring van andere gemeenten weten we dat deze neveneffecten goed op te vangen zijn, mits er een goed beheersplan is opgesteld. In de bijlage 3 van het Recycleplan is dit beheersplan in grote lijnen opgenomen. Deze wordt verder uitgewerkt in aanloop naar de invoering. Kostendekkendheid Om tot een goede dekking te komen van de afvalbeheerkosten is een goede opbouw van de afvalstoffenheffing belangrijk. Als er te weinig dekking bestaat uit het vaste tarief kan, bij een goede respons op het recycletarief, de noodzaak ontstaan om de tarieven alsnog te verhogen. Veel gemeenten passen daarom de 80-20 regel toe, waarbij 80% van de afvalstoffenheffing uit het vastrecht bestaat en 20% uit het variabele deel. Hieronder een rekenvoorbeeld met fictieve bedragen. Grof afval ophalen tegen betaling In het Recycleplan is grof afval tegen betaling opgenomen. Deze maatregel levert naar verwachting een besparing op van € 30.151 (€ 3,26 per woonhuisaansluiting).

Mocht er voor gekozen worden deze maatregelen niet in te voeren, moet rekening gehouden worden met het vervallen van deze besparing. Rekenvoorbeeld Om de afvalbeheerkosten te kunnen dekken moet de gemeente gemiddeld € 350 per woonhuisaansluiting ontvangen uit de afvalstoffenheffing. 80% van dit bedrag (€ 280) vormt het vaste deel van de heffing, welke bij elke woonhuisaansluiting in rekening wordt gebracht (onafhankelijk hoeveel afval wordt aangeboden). De resterende 20% (€ 70) vormt het flexibele gedeelte, of te wel het recycle-tarief. Ervan uitgaande dat in de nieuwe situatie een huishouden gemiddeld 10 keer per jaar de grijze container aanbiedt, wordt het flexibele gedeelte (€ 70) gedeeld door 10 aanbiedingen, waardoor het aanbieden van de restafvalbak neerkomt op € 7 per keer. Wordt de bak bijvoorbeeld maar 6 keer aangeboden, dan wordt het vaste deel (€ 280) en het flexibele deel van (6 keer € 7) € 42 in rekening gebracht. Vast plus flexibel tarief komt in dit geval uit op € 322. Wordt de grijze bak 12 keer aangeboden, dan komt dit neer op € 280 vast tarief plus € 84 flexibel tarief (12 keer € 7), dit komt uit op een totale afvalstoffenheffing van € 364. In onderstaande tabel is het rekenvoorbeeld opgenomen.

3

Tabel 2: Rekenvoorbeeld recycle-tarief* Aanbieden restafval (per jaar) 6 keer 10 keer 12 keer

Vast tarief

Flexibel tarief

Totaal

€ 280 € 280 € 280

€ 42 € 70 € 84

€ 322 € 350 € 364

* Let op, dit is een rekenvoorbeeld. De daadwerkelijke bedragen zijn afhankelijk van o.m. de afvalverwerkingstarieven. De definitieve heffing, en daarmee de verhouding tussen het vaste en flexibele deel en het maatwerk voor specifieke doelgroepen, wordt door de raad vastgesteld met de belastingverordening 2023. Autonome ontwikkelingen Kosten en opbrengsten van de afvalverwerking zijn o.a. afhankelijk van de marktvraag en de vergoedingen die beschikbaar worden gesteld vanuit de producentenverantwoordelijk. Verschillende stromen die geld kosten (grof restafval, hout, harde kunststoffen) worden duurder en opbrengsten van stromen die geld opleveren (papier, textiel en metaal) fluctueren door wisselende vraag naar secundaire grondstoffen. Ook is het succes van het systeem afhankelijk van het daadwerkelijke scheidingsgedrag van inwoners. Al hoewel de financiële voordelen beter of slechter kunnen uitvallen dan geprognosticeerd, leiden voorliggende maatregelen tot een betere kostenprestatie dan bij ongewijzigd beleid. Draagvlak Inwonersonderzoek Om een beeld te krijgen over onder welke voorwaarden inwoners positief staan tegenover een recycle-tarief heeft I&O in opdracht van de gemeente in april 2021 een inwonersenquête uitgezet onder 2500 inwoners. 55% van de respondenten geeft aan al heel goed te scheiden; 41% ziet ruimte voor verbetering.

Uit de kwalitatieve data (open vragen) blijkt dat inwoners onder meer als voordeel zien dat het systeem leidt tussen een eerlijkere verhouding tussen eenpersoons- en meerpersoonshuishoudens en grote vervuilers meer gaan betalen. Als nadeel wordt onder meer aangegeven dat het tot dumpingen in de openbare leidt en inwoners restafval in de andere afvalbakken kunnen deponeren. Op de relevante risico’s is een beheersplan gemaakt (zie bijlage 3).Daarnaast geven inwoners aan het belangrijk te vinden dat er duidelijke communicatie wordt ingezet over de hoogte en samenstelling van het tarief, inwoners geen toegang tot andermans bak moeten hebben en er heldere instructies worden gegeven over afvalscheiding. Bij het opstellen van voorliggend plan zijn de bevindingen uit het onderzoek meegenomen. Specifieke doelgroepen Met het invoeren van een recycle-tarief wordt de service op recyclebare stromen verhoogd. Op restafval wordt de service daarentegen verlaagd, met als doel een prikkel te creëren voor afvalscheiding. Voor veel inwoners is dit geen probleem, maar er zijn verschillende doelgroepen waarvoor dit lastig is. Hierbij kan bijvoorbeeld gedacht worden aan ouderen of gezinnen met kinderen in de luiers. Op basis van de ervaringen van andere gemeenten en de informatie uit bovengenoemd inwonersonderzoek wordt per doelgroep het serviceniveau voorgesteld, zie tabel 3.

Een uitgebreidere versie van deze tabel is te vinden in hoofdstuk 5 van het Recycleplan.

4

Tabel 3 Serviceniveau specifieke doelgroepen Doelgroep Bewoners hoogbouw Gezin met kinderen in luiers

Ouderen Inwoners met medisch afval

Sociale minima

Toekomstig serviceniveau Basisvoorzieningen op orde Bij drie of meer kinderen in de luiers is het mogelijk om afvalpas voor een ondergrondse container aan te vragen. Het recycletarief blijft van toepassing. Mogelijkheid aanvraag kleinere bak (tarief per aanbieding lager) Voor inwoners met medisch afval wordt een afvalpas voor ondergrondse container beschikbaar gesteld. Een eventuele korting wordt onderzocht en uitgewerkt in de belastingverordening. Kwijtschelding vast tarief; invulling variabel deel wordt onderzocht en voorgelegd bij de belastingverordening.

Planning, evaluatie en verantwoording In voorbereiding op voorliggend plan is door JMA (Milieu adviesbureau) een verkenning uitgevoerd naar de consequenties van de in het plan genoemde maatregelen voor de gemeentelijke organisatie en bedrijfsvoering. Gekeken is naar de benodigde middelen en capaciteit om over te gaan op het recycle-tarief. Alhoewel het als wenselijk wordt gezien de wijziging door te voeren aan het begin van het belastingjaar heeft JMA geadviseerd voldoende tijd te nemen voor de implementatie en de startdatum op 1 januari 2023 vast te stellen. Het college neemt dit advies over. Na vaststelling van voorliggend plan wordt het recycletarief voorbereid zodat deze op 1 januari 2023 van start kan gaan. De optimalisaties worden waar mogelijk z.s.m. doorgevoerd, maar niet later dan de startdatum van 1 januari 2023 zodat de basis op orde is. In de voorbereiding zal er veel aandacht uitgaan naar goede en tijdige informatievoorziening en heldere communicatie richting onze inwoners. Daarvoor is een communicatieplan op grote lijnen ontwikkeld (zie bijlage 4 Recycleplan), welke verder uitgewerkt wordt op de lokale situatie na vaststelling van het beleidsplan. Monitoring en evaluatie vinden doorlopend plaats op de verschillende criteria zoals vastgesteld in het Recycleplan (zie hoofdstuk 10).

Het is wenselijk om in de evaluatie in beeld te brengen de ervaringen in andere gemeenten qua voor/nascheiding als ook de ervaringen met zwerfafval hierin mee te nemen.

Financiën De opbrengsten en kosten van invoering van het recycle-tarief zijn op basis van de aanbieding van HVC nader doorgerekend en uitgebreid met de gemeentelijke kosten. Onderscheid wordt gemaakt tussen structurele kosten en opbrengsten (mutaties structurele uitgaven) en incidentele (eenmalige) kosten. Mutaties structurele uitgaven In tabel 4 worden de mutaties op de structurele uitgaven van de gemeente weergegeven. Verwacht wordt dat de maatregelen leiden tot een structurele besparing van € -104.683,- ten opzichte van ongewijzigd beleid (prijspeil 2021).

Tabel 4: Mutaties structurele uitgaven gemeente Mutaties kosten HVC € -87.566 Mutaties kosten/inkomsten derden € -68.905 Mutaties kosten gemeente € 52.000 Totaal € -104.471 (€ 11,29 per wha) In het voorliggende plan zijn een aantal extra ondergrondse voorzien. HVC draagt de kapitaallasten voor de container, de gemeente voor de betonputten. Voor de betonputten wordt de raad gevraagd een krediet beschikbaar te stellen van € 16.500. De afschrijving is meegenomen in de berekening. De hieruit voortvloeiende kapitaallasten van € 2.000 komen ten laste van het budget Afvalinzameling in de begroting. Eenmalige kosten Om het recycle-tarief in te voeren worden een aantal eenmalige kosten gemaakt voor o.a. projectleiding, communicatie en aanpassing bedrijfsvoering. In tabel 5 staan de verwachte kosten opgenomen. Deze kosten zijn onder voorbehoud van het gelijktijdig overgaan op het recycle-tarief in Drechterland

5

(raadsbehandeling voorzien in december ’21), waardoor bij implementatie synergievoordelen worden behaald bij de SED organisatie. HVC verwacht € 147.593,- in rekening te brengen voor communicatie- en projectkosten. De gemeente verwacht eenmalig € 110.000,- extra kosten te maken voor onder meer het aanpassen van de administratie en extra handhaving en toezicht. De totale eenmalige kosten worden geschat op € 257.593,-. Voor verdere specificatie, zie Recycleplan hoofdstuk 9. Voorgesteld wordt om de eenmalige project- en communicatiekosten HVC (€ 147,593) te verdisconteren in het DVO tarief (5 jaar) en de gemeentelijke eenmalige kosten van € 110.000 te dekken uit de egalisatievoorziening afvalstoffenheffing. In tabel 6 is de versleuteling in het DVO tarief opgenomen. Met het verdisconteren komt het voordeel de eerste 5 jaar uit op € 7,85 per wha. Tabel 5: Totaal eenmalige kosten Eenmalige projectkosten HVC € 147.593 Eenmalige projectkosten gemeente € 110.000 Totaal € 257.593

Tabel 6: Versleuteling project- en communicatie kosten HVC Totaal Structurele Structurele Totaal Incidentele besparing besparing structurele kosten DVO kosten DVO besparing kosten per Wha. Geen versleuteling € 257.593 € -156.471 € -16,91 € -104.471 Versleuteling 5 jaar € 110.000 € -124.624 € -13,47 € -72.624

Totaal structurele besparing per wha € -11,29 € -7,85

Eenmalige kosten zonder synergievoordeel Wanneer Drechterland besluit geen recycle-tarief in te voeren, gaat Stede Broec als individuele gemeente over op het recycle-tarief, waarmee het synergievoordeel vervalt. De eenmalige kosten komen in dit geval neer op € 333.500. In tabel 7 zijn de verschillende posten voor deze situatie opgenomen. In dit geval wordt eveneens geadviseerd om de eenmalige projectkosten HVC (€ 193.000) te verdisconteren in het DVO tarief en de eenmalige gemeentelijke kosten (€ 140.500) te dekken uit de egalisatievoorziening. De versleuteling is opgenomen in tabel 8. Voor verdere specificatie, zie Recycleplan hoofdstuk 9. Tabel 7: Totaal eenmalige kosten zonder synergievoordelen Eenmalige projectkosten HVC € 193.000 Eenmalige projectkosten gemeente € 140.500 Totaal € 333.500

Tabel 8: Versleuteling project- en communicatie kosten HVC Totaal Structurele Structurele Totaal Incidentele besparing besparing structurele kosten DVO kosten DVO besparing kosten per Wha. Geen versleuteling € 333.500 € -156.471 € -16,91 € -104.471 Versleuteling 5 jaar € 140.500 € -114.817 € -12,41 € -62.817

Totaal structurele besparing per wha € -11,29 € -6.79

Bovenkarspel, 23 november 2021 Burgemeester en wethouders van Stede Broec De secretaris, De burgemeester,

A. Huisman

R.A.P. Wortelboer

6

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10837112/1